Per ardua ad astra: ‘Je mag er zijn, Heks, echt. Ook jij hoort erbij. Bij de mensheid. Misschien ben je in eigen kringen niet welkom. Misschien vergeten mensen je voor het gemak. Maar voor mij hoor je erbij,’ zeg ik tegen mezelf. Ik ben mijn eigen beste vriendin. Mijn eigen zuster, moeder en vader. Ik ben mijn eigen licht op mijn pad. Een dikke pad. Vol wratten en met magisch spuug.

Heks kijkt de zoveelste talentenjacht op de buis. ‘We want more’ heeft net weer een ander concept dan ‘The Voice of Holland’ of ‘Holland’s Got Talent’. Het duizelt me af en toe van alle op elkaar gelijkende televisieprogramma’s. De meesten hiervan vind ik niet om aan te zien. Lawaaierig tot op het bot en strontvervelende juryleden….. Maar ‘We want more’ mag zich verheugen in mijn aandacht. Heks neemt de programma’s op. Hoef ik niet naar die hopeloze reclames te kijken.

Zo zit ik dan gisteren een stuk of vier programma’s achter elkaar te bekijken. Het is de laatste dag van een ijskoud en ook eenzaam paasweekend. Ik heb geen levend wezen gezien, behalve mijn huisdieren. Ik voel me al weken niet jofel. Halfzacht en doodmoe. Het weer werkt ook niet mee. Dus hop: Voor de TV.

Het ontroert me, deze stoet muzikale medelanders, die hun kunstje vertonen. Goeie hemeltje, wat een talent zit er tussen! Het valt nog niet mee om je kop boven het maaiveld uit te steken. Maar de 1 na de ander doet het. Heks zit zachtjes te huilen van ontroering. Het raakt me. Zoveel hoopvolle mensen. Piepkleine kinderen, die de sterren van de hemel zingen. Ouders, die hun kinderen dragen in hun talent. Hartverwarmend. Tranen druppen gestaag omlaag.

Bijna alle deelnemers hebben een verhaal. Ze hebben flink tegenslag gehad in de vorm van een ellendige ziekte bijvoorbeeld…. Prachtig en ontroerend om te zien, dat ondanks die tegenslag, of misschien juist dankzij, deze mensen iets fantastisch neerzetten!

Heks is echt te veel alleen. Ik ben toe aan geliefden om me heen. Helaas zijn er veel dierbaren afgevallen de afgelopen jaren. De veranderingen in mezelf hebben veel relaties onmogelijk gemaakt. Op zich goed. De manier, waarop ik me in allerlei bochten wrong om het iedereen naar de zin te maken, moest maar eens afgelopen zijn.

Maar het is wel erg stilletjes. Vooral nu Corona opnieuw heeft huisgehouden in mijn sociale contacten. Belde een jaar geleden mensen me soms plotseling op om te vragen of ik het volhield tijdens de lockdown, momenteel boeit net vrijwel niemand meer hoe ik me er doorheen sla.

Ik ben het gewend. Ik hak al 35 jaar met dit bijltje. Het meest choquerende tijdens de eerste lockdown vond ik het gegeven, dat het voor mij in feite weinig veranderde. Mijn stomme ziekte houdt me al jaren gevangen in een klein cirkeltje. Natuurlijk probeer ik dat isolement altijd te doorbreken, met matig succes. Ook voor de pandemie lag ik regelmatig maanden eenzaam gestrekt. Zag ik bijna niemand in dit soort periodes. Moest ik het in mijn eentje uitzoeken.

Nadat een BMW zich total loss reed in mijn heksennekje ben ik bijvoorbeeld een jaar helemaal van het padje geweest. Niemand, die het in de gaten had! Verbijsterend, maar waar.

Ik lag natuurlijk daarvoor al omver. Dit gaf ook problemen bij de afhandeling. Aanvankelijk wilden ze me vrijwel niets uitkeren. ‘U mankeert al van alles,’ was het argument. Die whiplash kan er ook nog wel bij…..

Dus, dus.

Ik kijk naar ‘We want more’ en laat een traantje of tig. Niks mis mee op zich. Die grote waterplas in mijn borstkas loopt over. Ik ben eigenlijk blij, dat mijn gevoel zich meldt. Doodmoe van al die woede.

De juryleden van het programma zijn ook redelijk te pruimen. Maar de leukste medewerkster aan de show is toch wel Britt Dekker. Tranen met tuiten, maar dan van de lach. Wat is het toch een ongelofelijk leuk mens. Met haar heerlijke prachtige haakneus. ‘Nooit wat aan doen, Britt!’

Zoals gewoonlijk slaat ze een hele hoop onzin uit. Recht voor zijn raap. Die vrouw is echt geniaal clownesk. En ze is stapelgek op dieren! Heks geniet van deze verfrissende verschijning tussen alle doorgewinterde BNers.

Sinds mijn intakegesprek met mijn nieuwe therapeut voel ik me wiebelig. Mijn gevoelens zijn grondig overhoop geharkt. Een paar dingen, die ze zei zijn enorm binnen gekomen. ‘Waarom gaat jouw familie zo met je om?’ bijvoorbeeld. Een vraag waar geen antwoord op is. Ik heb die mensen niks misdaan, behalve bestaan.

Patronen, die je eindeloos herhaalt. Ook met vrienden. Heks wordt altijd overal uitgekotst. Of vergeten.

‘Je mag er zijn, Heks, echt. Ook jij hoort erbij. Bij de mensheid. Misschien ben je in eigen kringen niet welkom. Misschien vergeten mensen je voor het gemak. Maar voor mij hoor je erbij,’ zeg ik tegen mezelf. Ik ben mijn eigen beste vriendin. Mijn eigen zuster, moeder en vader. Ik ben mijn eigen licht op mijn pad. Een dikke pad. Vol wratten en met magisch spuug.

Ik heb het geluk, dat ik gelukkig kan zijn met niets. Momenten van genade, elke dag. Hoe het licht valt bijvoorbeeld, Heks kan echt de zon in het water zien schijnen. Een onbevangen kind, dat tegen me begint te praten, kan me eindeloos gelukkig maken. Mijn dierenvrienden en hun gekke capriolen. Tegenslag mag. Het maakt me sterk.