Drie oktober 2018. Heks viert het alsof haar leven ervan af hangt. En misschien is dat ook wel zo. Wellicht werkt al die hutspot louterend. Worden met de darmgassen kwade geesten uitgedreven….. Ik heb in ieder geval een topavond. In goed gezelschap. Op een oude vertrouwde plek.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Dwrwie oktobew komt er weer aan. Voorafgaand lig ik wekenlang gestrekt. Dan is het opeens bijna drie oktober. Leids Ontzet. Vorig jaar heb ik het niet verder gebracht dan over de feestelijke warenmarkt lopen op de dag zelf. In mijn eentje. Niks aan. De speciale avond vooraf aan drie oktober zat ik uitgeput in mijn huis te luisteren naar het kabaal van een feestende stad.

Dus dit jaar kan ik het natuurlijk helemaal vergeten. Met al die virussen in mijn lijf. En de algehele malaise van een goeie dip in mijn ‘genezingsproces’ van alweer dertig jaar. Een proces, dat nooit heeft uitgeblonken in effectiviteit. Laat staan duurzaamheid. Een tijdelijke opleving op zijn hoogst. Niets bestendigs. Niets maakbaar bestaan.

De Don meldt zich een week van tevoren. ‘Ik kom naar Leiden.’ Oeps. Dan moet ik snel uit de kreukels komen, anders wordt dat niks. Ik zet alles in op ontkreukelen. Ik houd mijn gemak. Ik probeer positieve gedachtes te produceren tegen de snotklippen op.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik heb het leven lief,’ bijvoorbeeld. Dat resoneert goed met mijn binnenkant. En het klinkt gezelliger dan ‘Ik haat mijn leven, ik haat die ziekte, ik heb de pest aan alles en iedereen, die me altijd laten stikken….. Bladiebla….’

‘De kunst is om overal ja tegen te zeggen,’ aldus een heksenvriendinnetje van Heks. Ze zegt het op een moment, dat ik werkelijk niet zit te wachten op dit soort wijsheden, maar evenzogoed heeft ze wel een punt. De kracht van JA. Ik heb er zelfs een boek over staan. Geen doorkomen aan…..

De Don zegt af. Het gaat niet lukken door externe omstandigheden. Heks spreekt af met Trui. ‘Laten we saampjes de stad in gaan.’ Ik ga een poging doen om de dag tevoren hutspot te koken. Met mijn fenomenale klapstuk. ‘Als het lukt, kom dan eten….’

De Don meldt zich weer. Hij komt toch. De externe omstandigheden zijn veranderd. Steenvrouw heb ik intussen ook uitgenodigd. Dat wordt een gezellige boel.

Op maandag kook ik inderdaad ons lokale bevrijdingsgerecht. Er staat voor een weeshuis klapstuk in de oven. Een gigantische pan hutspot maakt het compleet. De Don belt. Hij gaat toch niet komen. Als hij echter hoort over de hutspot met klapstuk besluit hij toch te komen.

Dinsdag 2 oktober ben ik nog steeds op de been. De Don belt af. Het gaat toch niet lukken om die hele reis om de wereld van Groningen naar Leiden voor elkaar te boksen. Jammer! Nu blijven alleen de meisjes over.

Om 6 uur komen mijn vriendinnen. We gaan aan de wijn. Heks ook. Ik heb mijn blauwe knoop in de wilgen gehangen voor dit evenement. Hips dus.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Tegen achten staan we te schreeuwen bij de Taptoe. De zoon van Steenvrouw loopt mee. Zijn marching band staat tien minuten voor onze neus te toeteren en nog hebben we hem niet ontdekt. ‘Misschien ligt hij wel dronken in bed,’ grapt zijn moeder. Sinds kort is zoonlief het huis uit. Ze heeft geen idee meer wat hij allemaal uitspookt……

Dan gaan we naar de WW. Hier gaat de zoon van Ernst spelen met zijn band. Net als zijn vader vroeger. ‘Het begint om 9 uur,’ aldus de Don. Hij heeft het weer van iemand anders gehoord. Steenvrouw is intussen naar huis. Zij zit alweer aan haar tax qua festiviteiten.

In de WW is het uitermate rustig. De band is nog onderweg en gaat niet eerder spelen dan half 11. Meuh. Het is maar de vraag of ik dat ga halen.

Trui en Heks lopen een rondje door de stad. We drinken nog wat. Dat helpt altijd enorm om het iets langer vol te houden in mijn geval. Deze ongezonde vorm van zelfmedicatie. De volgende dag zal blijken dat het toch niet zo’n goed idee is.

Pas tegen middernacht is het bandje volop aan het spelen. Te laat, doordat ze de stad niet door konden komen. Heks heeft een plaatstje helemaal vooraan. Ik heb zelfs een kruk weten te annexeren, dus ik hoef niet de hele tijd te staan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Op het hoogtepunt dans ik salsa met een oude vriend. Hij smijt me vanouds de tent door. Ik heb genoeg gedronken om geen last te hebben van pijntjes en krampen. Ook merk ik niks van uit de kom ploppende gewrichten. Ontspannen zwier ik in het rond. Hoera. Ik voel me net een normaal mens.

Daarna zitten we op het terras met de kids van Trui en hun vrienden te klessebessen. Ik krijg het ene na het andere verhaal naar mijn kop. Eigenlijk hoor ik nu in bed te liggen. Ik vraag me af hoe ik in godsnaam naar huis moet komen. Ik ben zo moe als een hond. Dan gaat lopen normaal gesproken al moeilijk. De boel blokkeert. Mijn lijf gaat op slot. Mijn onderdanen veranderen in stokjes…..

Gelukkig heb ik Trui bij me. Er gaat nog een oude vriend van haar mee. Gedrieën zwabberdezwieren we naar Huize Heks. Daar warmen we nog een lekkere pan hutspot op. De vriend laat mijn hondje uit. Wij zijgen neer in de keuken.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De volgende dag heb ik een vreselijke kater. Zoals ongeveer elke ochtend, alleen deze keer is het mede van de drank. Ik heb er dan ook vrede mee. Er staat een geweldige avond tegenover.

Drie oktober blijft Heks in haar holletje. Op wat grote uitlaatrondes met VikThor na. Zo zie ik onderweg nog de wagens van de optocht klaarstaan. Een marching band speelt me van de sokken op de Singel. Overal zitten clubjes bejaarden klaar op hun tuinstoelen……

s ‘Avonds wordt de sfeer in de stad grimmiger. Kroegen braken stomdronken mensen uit. Regelrecht Heks’ steeg in…… Ik steek mijn hoofd uit het raam om te zien of de kust veilig is voor een hondenronde. Een groezelige jongeman houdt verwoed zijn bescheiden penis vast, terwijl hij leunend tegen de deurpost net naast de brievenbus van de buren pist.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik ga gewoon wrijden hoowr!’ lalt verderop een zwaar bezopen gast tegen zijn vrienden. Hij valt steeds om. Ze sjorren hem weer overeind. ‘Maarwrwrw ik ken nog best zelf rwijden hoow! Geef godvewdomme mij autosleutels trwug!’ klauwt hij woedend om zich heen.

Zijn vrienden zijn gelukkig verstandig. Ze geven hem een flinke klap voor zijn kanis. Daarna heeft hij niet meer zoveel praatjes……..

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ziek, zwak en misselijk gaat ook vervelen. Ben je er zelf al flauw van: Anderen raken hun aandacht echt in no time kwijt. Tenzij ze zelf iets mankeren. Dan is het andere koek. Helaas is er over ME weinig te melden. Je gaat er niet dood aan en het is onzichtbaar. Zelfs als je als een levend lijk tegen een dijk geplakt in het zonnetje zit te vegeteren, net onder je steen vandaan, is de aandoening niet te traceren. Wel zet mijn kwaal de deur open voor het verhaal van de ander. Een wonderbaarlijk bijverschijnsel.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Jezelf aan je haren uit je eigen moeras trekken. Dat is de kunst voor deze amoebe. Een flinke schop onder mijn gammele kont. Niet al te hard natuurlijk, anders vliegt alles uit de kom. Eens goed lachen om mezelf zou ook geen kwaad kunnen. Mezelf eens flink op de korrel nemen is misschien wel een idee! Figuurlijk dan. Niet letterlijk.

De laatste paar dagen krabbel ik langzaam op uit mijn griep-snot-rochelwolk. Ik trek extra veel kleren aan en ga maar weer fietsen met VikThor. Zoals elke dag. Ook ten tijde van die verrekte snotwolken. Ik zoek plekjes uit de wind en in de zon om onder het genot van een kopje thee wat tijd stuk te slaan. Als een reptiel drink ik de zonnestralen in.

Onder mijn kille steen vandaan gekropen.

Op weg naar huis koel ik weer af helaas. Weer binnen achter de geraniums moet ik drie uur in bed opwarmen. Ik kan mezelf niet op temperatuur houden momenteel. Handen en voeten hangen als ijspegels aan mijn looie lijf. Pas als de boel weer doorbloed raakt ga ik eten klaarmaken voor de beestjes.

En voor mezelf. Eenmaal weer warm krijg ik trek. Uitrusten om te kunnen eten. Apart ook. De meeste mensen rusten na het eten uit.

Als ik nog wat puf heb bij thuiskomst neem ik een gloeiend hete douche. Dan warm ik veel sneller op. Maar soms hou ik dan weer geen energie over om de beestjes eten te geven. Krijgen ze pas om middernacht wat te bikken. Schiet ik er zelf helemaal bij in. Keuzes, keuzes……

Dus.

IMG_0294 2

Heks zit in het zonnetje op het dijkje bij het Joppe. VikThor springt sloot in, sloot uit. Hij speelt met alle hondjes, die voorbijkomen. Heks gooit ook af en toe een balletje of een dummy. Maar ik maak ook tekeningetjes op mijn tablet. Heerlijk is het hier. Indian Summer, my favorite!

De opmerking van een vriendin ‘Als je niet ziek was geworden, zou je misschien ook een heel ongelukkig leven hebben….’ spookt weer door mijn hoofd. Alles aan die zin klopt niet. Het is onzin. Ik heb helemaal geen ongelukkig leven. Het is misschien niet het gemakkelijkste en meest glorieuze bestaan, maar ik ken elke dag momenten van puur geluk. En dat heb ik altijd gehad.

Ook als kind was ik kampioen pareltjes waarnemen. De diamantjes zien glinsteren in de shit. Of wat ik aanzag voor diamantjes……

Toegegeven, ik maakte overal een mooi verhaal van, ik zag de shit voor het gemak over het hoofd, maar dat vermogen geluk aan te raken heeft me altijd gered. Mijn grote hart heeft ook mezelf verwarmd.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Maar om mijn leven nu weg te zetten als een volstrekt ongelukkige aangelegenheid, dat gaat me te ver! Alsof geluk een kwestie is van wat je allemaal in de schoot geworpen krijgt! Gelukkig is dat niet zo. Anders kon ik echt wel inpakken met mijn handeltje.

Ik ken mensen, die alles bezitten: Een goede gezondheid, een mooie villa of boerderette, een lieve partner, schatten van kinderen, een geweldige carrière, fantastische ouders, toegewijde familieleden……

En nog is het niet goed! Altijd klagen. Jaloerse opmerkingen richting Heks. Schiet mij maar lek waarom. Oh wacht, iemand zegt het zelfs recht in mijn gezicht. ‘Jij had vroeger al zo’n prachtig figuurtje, daar ben ik altijd jaloers op geweest. Nee, niet jaloers. Nee, nee, uhuhuhhuh…’

En ook: ‘Vrouwen, die hun meisjesfiguur hebben gehouden zijn nooit echt vrouw geworden!’ uit dezelfde mond. Bij wijze van diepe spirituele wijsheid. Ja, echt waar! Zo werd het gebracht.

Leuk om te horen als je kinderwens door allerlei medische ellende net is getorpedeerd. Daar zit je dan echt op te wachten uit de mond van een zelfbenoemde vriendin. Die alles heeft. En altijd zeurt.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een ongelukkig leven heeft dus niks te maken met je zegeningen. Want de meest gezegende mensen gunnen een ander het licht in de ogen niet en je kunt me niet wijsmaken dat een gelukkig mens een ander niks gunt.

Een ander alles gunnen. Dat is rijkom. En dat lukt me nog steeds aardig. Op een enkele uitzondering na dan. Heks is niet heilig. Er zijn een paar zielen, die wat mij betreft de Rambam kunnen krijgen. Dat zou eens goed voor hen zijn, een paar maanden de volstrekte vliegende Rambam. Krijgen ze misschien een beetje begrip voor mijn lullige lot.

Ik zit aan een dijkje op een bankje in de namiddagzon. Langzaam warm ik weer een beetje op. ‘Ben jij dat, Heks?’ vraagt een voorbijgangster. Ik kan niet zien wie het is door dat laagstaande zonnetje. ‘Ik herken je niet direct met die zonnebril. Kletsklets, bladiebla,,,’

Het is een lid van mijn koor. Ze zit aan de overkant tussen de sopranen. We kijken altijd recht in elkaars gezicht. ‘Ik ben al een paar weken ziek,’ rasp ik vriendelijk terug, ‘Ik heb ME, dus ik val wel eens een paar maanden weg.’ Ik ben al weken niet op het koor geweest……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het blijkt dat de dame tegenover me in gekregen tijd leeft. Jeetje! Dat wist ik helemaal niet! Ze heeft net een fatale ziekte overleefd. Volledig hersteld. Opnieuw gekregen en weer overleeft. Heks krijgt het hele verhaal te horen. Hoe een Chinese kruidenarts haar er steeds weer bovenop hielp!

‘Wat zit ik dan te zeuren,’ schiet het door me heen. Ik ga tenslotte niet direct dood aan mijn kwaal. Ik word dan wel regulier totaal niet behandeld en ook allerlei alternatieve behandelingen helpen me er volstrekt niet bovenop, maar ik blijf wel min of meer vanzelf zo’n beetje in leven. Vegeteren vaak…..

‘Gek toch, gaat het toch direct weer over die ander,’ realiseer ik me ook opeens, ‘Ik heb vertelt dat ik ME heb en hop: De ander doet haar verhaal. Zo gaat het eigenlijk altijd.’ Mijn lijden aan die vage kwaal geeft blijkbaar eenieder het recht zijn eigen medische doopceel te lichten.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Hoe kwamen we nu op mijn ziekte en gang door de medische molen?’ vraagt mijn gesprekspartner zich ook verbaasd af. Ze is die ME alweer vergeten.

‘Ik moet gaan, mijn man heeft het eten klaar. Ik zing nog in een ander koor. Daar ga ik straks heen. En ik tennis. En ik wandel veel……’ straalt mijn koorgenoot,  ‘ja, in mijn medisch dossier staat bovenaan: Medisch wondertje!’

Geweldig natuurlijk. Genezen is een wonder. Geen kwestie van je best doen of willen. Zoals hordes gezonde mensen oordelen. Genade is het. Een godsgeschenk!

Heks wil ook een wondertje. Medisch wil maar niet lukken, dan maar iets anders.

Ik koop een staatslot. ‘Laat ik die prijs winnen van 10.000 euro per maand, Godin. Dat zou enorm schelen. Ben ik van allerlei hopeloos gedoe af. Eindelijk verlost van een zekere narcist. Kan ik mezelf ergens grondig laten behandelen. Huur ik iemand in m mijn huis op te ruimen. Koop ik een nieuwe bank. Een chaise longue. Ga ik een maandje naar Plum, om nieuwe energie op te doen….’

Vrijdagavond bel ik in een opwelling een Plumfamilielid in Frankrijk. Ze woont in de Pyreneeën. We kletsen bijna een uur. Het is zo heerlijk om elkaar te horen. Ik ben echt teveel alleen.

IMG_0293 3

 

 

 

 

 

Perfecte balans, een dans op grote hoogte. Op het smalle koord….. Heks kijkt gefascineerd naar een rooie dare devil, Philippe Petit. Vertolkt door Gordon-Levitt in de film ‘The Walk’. Wat een lef heeft die man! En wat een passie! Een oud verhaal opnieuw verfilmd. En terecht! De kunst van het lopen kan niet genoeg onder de aandacht worden gebracht! Het is van levensbelang! Herinneren hoe te lopen kan ons redden van onszelf!

Heks heeft het koud. Heks kan niet slapen. Dus kijk ik TV. Ik val midden in een film over Philippe Petit, de legendarische koorddanser. De kleine roodharige Fransman, die op 7 augustus 1974 45 minuten heen en weer dartelde op het dunne koord gespannen tussen  ‘The Twin Towers’.

Op 400 meter boven de grond! Maar liefst 8 keer stak hij de 61 meter tussen de gebouwen over. Hij knielde even neer en bracht een groet aan het koord, de torens, de hele stad….. Hij ging zelfs eventjes liggen. Hij draaide pirouettes. Keek op zijn gemak naar beneden…… En ga zo maar door!

Heks zit gefascineerd te kijken. Ik heb al eerder iets over de man gehoord, gezien of gelezen. Maar nooit zo uitgebreid. De film ‘The Walk’ vertelt het hele verhaal. Redelijk waarheidsgetrouw weet ik intussen na een klein onderzoek online.

Op jonge leeftijd krijgt Petit in de wachtkamer van de tandarts een foto van de in aanbouw zijnde Twin Towers onder ogen. Op de foto zijn ze echter al af. Hij voelt direct hoe die torens hem roepen. Hem en zijn koord!

Dus scheurt hij de afbeelding gewiekst uit het magazine en verlaat het pand. Zijn afspraak bij de smoelsmid laat hij zitten. Hij heeft wel iets anders aan zijn hoofd!

Vanaf dat moment begint hij zich voor te bereiden op zijn ‘coup’. Hij verzamelt mensen om zich heen, oefent zich een ongeluk op het hoge koord, probeert sponsors te vinden, vliegt op en neer naar New York, doet onderzoek ter plekke vermomd als bouwvakker, journalist, gehandicapte, kantoorklerk…. Zeker zes jaar is hij hiermee bezig. In de film is dat veel korter.

In de film zijn wel meer dingen anders. Zo valt hij tijdens zijn eerste optreden omlaag in een ondiep meertje. In de werkelijkheid is Petit nooit gevallen tijdens een performance. Slechts 1 keertje tijdens een repetitie. Maar dan loopt hij ook rustig met iemand op zijn nek heen en weer te paraderen.

Heks zit ademloos te kijken. Helemaal opgezogen in het verhaal. Ik volg zijn droom met hem. Net als zijn vriendinnetje Annie. Zij steunt hem door dik en dun. Dit is ook niet helemaal waar lees ik ergens online.

Ze kreeg af en toe de rambam van die vent. In de werkelijkheid mislukt een eerste poging om deze stunt uit te voeren. Zij zit dan in Frankrijk. Ver weg. Op zijn verzoek komt ze uiteindelijk toch. Hij heeft haar nodig. ‘Zijn leven vrat me helemaal op…’ aldus Annie.

Elders beweren boze tongen, dat Petit na zijn magische optreden en arrestatie seks had met 1 van de toeschouwers van het spektakel….. De roem steeg hem direct naar het hoofd. Maar misschien had je in die tijd ook al fake nieuws in de Verenigde Staten. Erg belangrijk is het ook niet. Behalve dan voor Annie. Die kwam er dan weer bekaaid af.

Het is een spannende film. Zelfs al ken ik de afloop. Toch kan ik me niet losmaken van het oplopende stressniveau. Tegen de tijd, dat die kleine gezegende gek zijn grote oversteek begint zit ik werkelijk te griezelen voor de buis. Ik durf bijna niet te kijken.

Dat hebben ze toch maar goed verfilmd! Je ziet er niks van dat de acteur maar een paar meter boven de grond loopt te stunten! Je maag draait echt om! En ik ben niet bang op een keukentrap of lange ladder! Maar dit! Het idee alleen al!

‘Doe niet zo raar, Heks,’ maar nee. Pas als ik er nog een keertje opnieuw naar kijk kan ik er echt van genieten. Maar ja, ik ben het ook niet gewend, dat gedans op een stuk touw. Hoog boven de vaste grond. Ons Moedertje Aarde.

Philippe Petit is van een geheel andere categorie. Extreme hoogten lijken geen vat op hem te hebben. Op het koord komt hij tot leven.

Zo noemt hij het ook: Hij waagt niet zijn leven, maar beleeft het juist. ‘Not death-defying, but life-affirming!’ ‘Hij is altijd enorm druk, echt manisch. Maar zodra hij op het koord stapt komt er iets over hem…’ aldus 1 van zijn vrienden.

Het is wat sporters zeggen over momenten, dat ze top presteren. Of zangers. Het is wat mensen zoeken, als ze mediteren. Het is wat Boeddhisten 1 smaak noemen. Wat Gurdjieff herinneren noemt….. Dit volledig in het moment zijn. Helemaal aanwezig.

Het is het mooiste wat er is.

‘Volg je dromen,’ geeft de film je nadrukkelijk als boodschap mee. Ja, ammehoela! Dat is dan weer lekker. Dan moet je wel dromen hebben. En de mogelijkheid om ze te volgen. De energie om ze na te jagen om maar eens mee te beginnen……

Heks kijkt filmpjes over de echte Philippe Petit, waarin hij te zien is als jongeman, tijdens  repetities en een paar andere stunts. Het is inderdaad ongelofelijk. De man is volstrekt thuis op het hoge koord. Zijn hele lichaam ontspannen danst hij heen en weer. Knielt, gaat liggen, neemt iemand op zijn rug……

Ik bekijk foto’s van zijn gang tussen de Twins in aanbouw. Die indrukwekkende bouwwerken, die er niet meer zijn. Er is helaas geen filmmateriaal van zijn ‘coup’. Jammer, jammer. In deze tijd niet meer voorstelbaar. Het huidige tijdperk, waar men zelfs dodelijke verkeersongevallen online plaatst.

‘Het is eigenlijk de kunst van het lopen. Iets dat we allemaal ooit leren. Maar dan geperfectioneerd…..’ glimt Petit ergens in een interview. Ja! Dat is wat me zo fascineert! Het is de kunst van het lopen. In perfecte balans.

En op die grote hoogte kom je dan vanzelf helemaal in het nu terecht. Op de grond kan dat ook. Vraag maar aan Thich Nhat Hanh!

Eenzaamheid grijpt me bij de kladden. Vouwt zich in een wurggreep om mijn kwetsbare keel. Opent visioenen van vallen en onderkoelen. Ten onder gaan zonder vangnet. Een cel buiten een lichaam kan niet overleven. Een outcast. Een verstotene.

©Toverheks.com,

©Toverheks.com,

Heks is eenzaam. Hele dagen en vooral nachten sla ik in mijn uppie stuk. Met een lam pijnlijk lijf. Na de euforie van een kleine maand in Plumvillage ben ik weer helemaal terug bij af. Helemaal?

Het lijkt er op. Maar het is niet zo. Ik ben intussen lid van de Blauwe Knoop en ik ben opnieuw toegetreden tot de Leidse Sangha. Helaas merk ik totaal geen verschil met mijn leventje voor deze heugelijke feiten.

Nog steeds sta ik ’s morgens op met een zware kater. En de Sangha is met enige regelmaat geen haalbare kaart. Ben ik de hele dag bezig om genoeg energie over te houden om er heen te gaan en lig ik evenzogoed helemaal om voordat ik de deur uit ben.

Of ik ga wel, maar kan het nauwelijks volhouden om op de grond te zitten. Of op een stoel.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het koor is ook weer begonnen. Die avonden bijwonen lukt me iets beter, omdat we halverwege een pauze hebben. Tevens leidt het samen zingen enorm af van mijn pijnlichaam. Door het zingen gaat mijn cortisolniveau omhoog, waardoor ik me veel beter ga voelen. Ik ga er doorgaans vloekend naar toe, maar op de terugweg zit ik altijd luidkeels te zingen!

Zing een lied
Laat de buren maar lullen, jouw opera in de douche is absoluut de moeite waard. Een studie, gepubliceerd in het Journal of Behavioral Medicine laat zien dat door hardop zingen je cortisolniveau (cortisol is een hormoon dat stress veroorzaakt) daalt en dat de productie van oxytocin omhoog gaat, dat er voor zorgt dat je relaxt.

Op het koor ben ik eventjes niet ziek. Althans, ik ben er niet mee bezig. Ik vermijd dan wel het inzingen met alle gymnastiekoefeningen. Tevens zit ik de gehele avond op mijn stoel vastgeplakt, waar anderen zich uitputten in opstaan en weer gaan zitten……

Donderdagavond wil ik naar de Sangha. Ik red het maar net om ook daadwerkelijk te gaan. VikThor krijgt een miezerige uitlaatronde. De arme schat. Even voor achten schuif ik het kapelletje van Verbum Dei binnen. Ik giet een kop thee naar binnen, wissel drie woorden met de anderen. Dan klinkt de bel. We gaan beginnen.

Tijdens het mediteren zwabberen mijn gedachten alle kanten op. Sombere zware gedachten. Over hoe alleen ik me voel. Hoe ik de pest heb gekregen aan bepaalde dierbaren. Ja, ik weet het: Het klinkt tegenstrijdig.

En dat is het ook. Het lukt me niet meer om liefde te genereren tot in het oneindige, terwijl ik tegelijkertijd in de bek gescheten word door dezelfde mensen, die ik tracht lief te hebben. Waarom doe ik zoveel moeite? En slaat het ergens op? Denken aan degenen die me kwellen genereert op dit moment alleen maar woede.

©Toverheks.com,

©Toverheks.com,

En wanhoop.

Ik zie mezelf van een flat springen met mijn hoofd naar beneden. Of voor een trein. Dingen, die ik nooit ga doen. Maar mijn voorstellingsvermogen trekt zich daar niets van aan.  ‘In de sneeuw zitten en langzaam onderkoeld raken,’ tipt mijn kikkergeest me opeens. Dat klinkt best aantrekkelijk voor dit Elfstedenlid. Beter nog dan naar Engeland zwemmen.

Het zorgt voor een zachte dood. Je dooft als het ware uit. En je schijnt prachtige visioenen te krijgen op de valreep.

Ons klimaat is daar echter niet naar. Dus ik zal het moeten volhouden. Ook al zit ik veel te veel alleen. Voel ik me ontzettend eenzaam. Heeft bijna geen hond in de gaten hoe de zaken er voor staan in mijn lullige leventje.

Na het mediteren bekijken we een video. Sister Gina houdt een heel verhaal over ‘right livelihood’, maar ik kan me er niet op concentreren. Ze tekent schema’s op een bord. Verbind het ene begrip met het andere. Right thinking, right action, right dit, right dat…….

Heks voelt zich hondsberoerd. Haar schouders hangen uit de kom, dus zitten is een crime. Tijdens de loopmeditatie ben ik niet vooruit te branden en ook de video pakt me niet. Dikke machteloze tranen prikken achter mijn ogen.

Tijdens het dharma-delen over de video neem ik uiteindelijk het woord. Ik vertel over mijn ziekte. Over de eenzaamheid. Hoe ik op zie tegen de winter. Met de korte dagen, de rondwarende virussen, het opgesloten zijn in mijn huis. In mijn lijf.

Over mijn disfunctionele familie. Over hoe mijn demente moeder me niet meer wil zien. Alsof ik iets verkeerd heb gedaan! De omgekeerde wereld! Het intense verdriet hierover…..

Ik weet ook niet waarom ik erover praat. Het lost niks op. ‘Ik ben een paar keer niet geweest en dat heeft een reden….’ begin ik haspelend.

Bij het afscheid pakt iemand me even beet. Een ander maakt een praatje. Een derde zegt iets liefs. Ik krijg een fijne mail van weer iemand anders. Mijn delen lost misschien niks op, maar ik word wel gezien. En dat is al heel wat.

Op weg naar huis druppen tranen langs mijn wangen. Ik huil en huil. De bevroren vijver in mijn borstkas ontdooit.  De sluizen gaan helemaal open. En ook de dagen erna blijf ik maar janken. Wat een verdriet.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Verdriet over een verloren leven. Een leven, dat spaak is gelopen. Zonder dat iemand het in de gaten heeft.

‘Jij bent mijn meest getalenteerde kind, maar je doet er helemaal niets mee,’ zei mijn moeder altijd, toen ze nog goed bij de pinken was. Ik had toen al jaren ME. Om me op bizarre wijze een hart onder de riem te steken? Om me nog eens extra onderuit te halen? Wat ze er ook mee voor ogen had, het getuigt niet bepaald van begrip voor mijn conditie..

‘We hebben allemaal wel eens wat,’ roept een zus van me altijd, zodra dit onderwerp ter sprake komt. Ik vermijd dit gespreksonderwerp dus maar met haar. Een andere zus zong me een paar jaar geleden vrolijk toe samen met haar dochter, tijdens een weekend uit met de familie.

Heks moest alle zeilen bijzetten om überhaupt acte de présence te geven tijdens dat uitje. Maanden erna was ik nog totaal van slag door de enorme inspanning. Maar wat zongen zij voor mij? Een liedje van Brigitte Kaandorp! ‘Ik heb een heel zwaar leven, heel zwaar. Ik heb een heel zwaar leven, echt waar. Moeilijk, moeilijk, moeilijk…..’

©Toverheks.com,

©Toverheks.com,

Ik haat dat lied natuurlijk. En die Kaandorp vind ik ook helemaal niks. Dat begrijp je ook wel.

Moeder en dochter zongen samen het hele lied uit. En nog eens. Bij wijze van toegift. Gierend van de lach. Deze twee gelovige christenvrouwen. Is uitlachen soms een vorm van empathie? Hoe moet ik dit interpreteren?

Ik krijg dus al jaren de raarste dingen naar mijn kop, zodra het over mijn ziek zijn gaat. ‘Je wilt gewoonweg niet beter worden,’ bijvoorbeeld. Huh? Ja echt.

Ook zijn er mensen, die van geen geklaag willen horen. Zo lang Heks positieve praatjes produceert is het goed. Maar als ik probeer te delen, wat er echt in me leeft zijn de rapen gaar. Dat mag ik niet voelen. Ik moet sterk zijn. En blij met een dooie mus.

En als ik dat niet voor elkaar krijg lig ik er uit. Zie ik iemand een hele tijd niet. Tot het me weer lukt om lekker positief te doen. Of tot zo iemand me ergens voor nodig heeft. Om lekker positief te doen bijvoorbeeld………

©Toverheks.com,

©Toverheks.com,

Het komt ook voor, dat zo’n persoon tegen mij aan gaat klagen. Zijn ze opeens zelf ziek, zwak of misselijk. Zitten ze opeens zelf thuis achter de geraniums te koekeloeren. Rekenen ze op mijn begrip. For the time being, want zodra ze zijn herstelt is het weer uit met de pret.

Het is dan ook een verademing om vanavond op de Sangha mijn hortende verhaal te doen. Hierna kan ik niets meer zeggen. Laat staan iemand aankijken. Gek genoeg schaam ik me ook een beetje. En ik ben bang, dat mensen me allemaal tips gaan geven. Of met oplossingen aan zullen komen. Of de boel gaan relativeren…….

Niets van dit al. Er wordt gewoon geluisterd.

Het effect is dramatisch. Al op weg naar huis voel ik hoe ik weer zacht word vanbinnen. Hoe de verbinding met de Sangha me ontdooit. Je kunt niet zonder anderen……

En ook al huil ik de dagen erna de ogen uit mijn hoofd, toch heb ik het gevoel op de goede weg te zitten. Ik wil ergens bijhoren. Ik wil niet altijd alleen zijn. Heks heeft mensen nodig, die echt van haar houden. Niet alleen als het hen uitkomt. En ook niet alleen als Heks positieve praat uitslaat…..

Want ik heb een heel zwaar leven. En het is moeilijk. Veel moeilijker dan de gemiddelde mens zich kan voorstellen.

Kun jij je voorstellen, dat je ELKE dag doodziek opstaat? En dat al dertig jaar lang? En dat je maar een fractie van de energie te besteden hebt van wat je nu te besteden hebt? Maar dat je wel ALLES met die energie moet doen?

Altijd pijn. Altijd van slag. Altijd griep. Altijd je lijf op tilt. Altijd doodmoe……..

©Toverheks.com

©Toverheks.com

ME is een ernstige multi systeem ziekte, waarvan niemand nog weet hoe het ontstaat. Laat staan dat er een geneesmiddel is. Omdat de patiënten louter overlijden door zelfdoding word er weinig onderzoek naar gedaan. Kortom: Je gaat er niet dood aan. Je verandert in een levend lijk!

Het is een godswonder, dat ik nog altijd een hart vol liefde heb. Dat er zo weinig voor nodig is om weer liefde te voelen voor mijn medemensen. Zelfs als ze me pijn doen.

Want houden van heeft niks te maken met hoe mensen zich naar jou toe gedragen.

Houden van is een vermogen van het hart. En als je hart liefheeft, maakt het object van die liefde niet meer uit. Zelfs al zingen ze nare liedjes voor je. Of geven ze je louter dooddoeners cadeau…… Een functionerend hart weet er wel raad mee.

‘Om te functioneren heeft mijn hart jullie nodig. Draag me in jullie hart, asjeblieft..’ stamel ik tegen de Sangha. Ik kan het niet alleen. In mijn eentje verander ik in een bitter boos wijf, die van flats wil springen. En daar wordt niemand beter van.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

 

 

 

Help! Handhaving! Zondagmorgen nog voor ik mijn ogen goed open heb is het weer raak! Heks heeft het aan de stok met zo’n draak. Het komt nog net niet tot een bon, maar het scheelt niet veel. Redelijkheid, tact en onderhandelen? Zinloos is mijn ervaring. Je maakt je nog het beste snel uit de voeten!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zondagmorgen fiets ik met mijn hondje door de steeg. Het is rustig in de stad en al helemaal in dit kleine achterafstraatje. VikThor draaft opgewekt naast de fiets. Hier en daar deponeert hij een plasje tegen een paaltje of boom. De straat is opgebroken, dus ik loods hem snel langs verleidelijke hopen zand.

Een drolletjes leggen op zo’n heuveltje is natuurlijk het summum. Voor mijn hondje dan. Niet voor de stratenmakers, die morgen weer met dat zand gaan knutselen. Voor hen is het zielig……

Alhoewel niet iedereen mijn mening deelt. Ik ken een dame, die het liefst hoogstpersoonlijk zo’n drol zou draaien en achterlaten voor een zekere stratenmaker……..

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Aan het eind van de steeg staat een busje fout geparkeerd. Midden op straat! ‘Goh,’ denk ik nog, ‘Wat een rare plek om je bolide achter te laten.’ Dan zie ik dat het een handhaaf-busje is. Een handhaaf-mannetje en wijfje lopen door de steeg te paraderen. Met ernstige en belangrijke smoelwerken waggelen ze richting het Elizabeth Gasthuishof.

‘Snel m’n hond aanlijnen, voordat die kwibussen me zien,’ schiet het door me heen. Want ook al is er geen sterveling op straat en staan ze zelf fout geparkeerd, handhavers zijn notoir gestoorde idioten. Ze denken niet na, maar voeren bevelen uit. En Befehl ist Befehl! Waar ken ik dat ook alweer van?

Helaas ben ik te laat. Ze hebben mijn dartele hondje al gezien. Gelukkig ben ik wel al zeker twintig meter bij hen vandaan gefietst, dus kunnen ze me niet in de kraag vatten. Noch zijn ze in staat om met hun logge lijven snel genoeg in mijn richting te bewegen. Ik bevind me al bijna buiten gehoorsafstand.

Evenzogoed begint het reutje te schreeuwen, dat ik mijn hond los heb lopen. Alsof ik dat niet weet!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Snel lijn ik VikThor aan. Gelukkig luistert mijn hondje uitermate goed naar zijn baasje. Binnen twee seconden staat hij naast me met zijn snoet geheven voor zijn gentle leader. Het blauwe mannetje in de steeg staat nog steeds te schreeuwen, terwijl ik me uitput in vriendelijke antwoorden.

‘Ik weet het. We lopen net de deur uit. Kijk, hij is al aangelijnd, mijnheer,’ roep ik opgewekt, ‘Koekepeer’, denk ik er achteraan. ‘Ja, als je het zo goed weet, weet je ook hoeveel boete hierop staat,’ brult het ventje op ruzieachtige toon. Geen idee, maar het is vast een exorbitant hoog bedrag.

‘Ik moet hier wegwezen, want voor je het weet heb ik die prent in mijn klep,’ zeg ik tegen mezelf. Dit gesprek gaat in elk geval helemaal de verkeerde kant op.

Heks fietst met haar hondje aan de riem vliegensvlug de staat uit. Ik roep nog sussend iets over mijn schouder, zodat ik niet kan verstaan wat de leiperd in uniform intussen staat te bazelen. Misschien sommeert hij me om stokstijf stil te staan? Geen idee! 😉

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik rijd een stukje tegen het verkeer in, je mag hier wel fietsen, zodat ze me niet kunnen volgen met hun suffe busje. Daarna peddel ik richting Leidse Hout. De stad uit. Weg bij die hopeloze ordehandhavers.

Achter me hoor ik nog wat kabaal, maar zodra ik de straat uit ben is het gevaar geweken. Mooi. Het is al de tweede bijna bon van deze maand. Fietsen in de berm van de Singel heeft me ook al eens in de problemen gebracht.

Toen had ik te maken met twee agenten. Altijd heel wat beter om mee te dealen. Die blijven gewoon beleefd en voeren een normaal gesprek. Maar ook toen moest ik verbaal op eieren lopen…….

Ja, het is toch wat. Automobilisten en fietsers rijden me dagdagelijks al SMSend bijna van de sokken; Dat vind niemand erg. Maar een loslopende hond in een opgebroken steeg is genoeg voor een vette prent.

Vooral als je je net als Heks geweldig hebt opgedoft met een leuke outfit en een kek hoedje. Ik zag werkelijk de stoom uit de oren komen van die handhaver in zijn apenpakkie. Mijn uiterlijk werkt als een lap op een stier in zo’n geval. Ieder ander zouden ze laten wegkomen met een klein vergrijp. Maar Heks is altijd de klos.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik breng maar eventjes de onterechte bon voor het aan de verkeerde kant de straat inrijden op weg naar een koorrepetitie in herinnering. 150 euro maar liefst, waar alle andere leden van het koor er van afkwamen met een waarschuwing!

Het verbodsbord was onzichtbaar geplaatst en een ander verkeersbord waren ze vergeten weg te halen. De boete werd dan ook kwijtgescholden door de rechter, maar ik moest toch 50 euro betalen. Huh? Ja, echt.

Voorkomen is beter dan betalen. Als ik in de verte apenpakkies ontwaar fiets ik sowieso direct een stukkie om. Zo ook afgelopen week. Ik kar weer eens lekker door de berm van de Singel als er plotseling een verdacht busje langzaam naast me gaat rijden en vervolgens stopt iets verderop. Hij staat op een hele rare plek geparkeerd, dus het zal wel weer zo’n handhavertje zijn.

Snel neem ik een toeristische route via de rechtenfaculteit. Heks neemt geen enkel risico. De hele week heb ik al last van geüniformeerde mannen en vrouwen. Het lijkt wel een vloek. Misschien moet ik gewoon verkering nemen met een corrupte politieman. Kan hij al mijn toekomstige bonnen uit het systeem wegpoetsen………..

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks voelt zich niet geliefd. Het zal ieders reet roesten of ik besta of niet. ‘Ik wil dood,’ ligt in mijn mond bestorven. ‘Ik meen het niet, hoor,’ roep ik er altijd achteraan. Maar het is natuurlijk onzin. Er zijn best veel mensen, die van me houden. Alleen zie ik hen zelden. Ik zie sowieso niet veel mensen. Behalve als ik met het hondje wandel. Dus ga ik op zoek naar een geliefde. Alsof die voor het oprapen liggen!!!!

Ik voel me niet geliefd. Al enige tijd. Vooral in het weekend tussen vrijdagmiddag 14.00 tot maandagavond 18.00. Als ik niemand zie. En al helemaal als het me niet lukt om naar de kerk te gaan. Ik weet dat het onzin is. Ik weet dat er bosjes mensen zielsveel van me houden. En ik weet ook waar dit gevoel vandaan komt.

Maar toch voel ik het.

Geen wonder dat ik plotseling druk ben op datingsites. Voornamelijk met me inschrijven. Ik probeer verschillende dingen uit. Zoals Bumble. Een app, waarin alleen vrouwen het initiatief kunnen nemen, zodat je niet direct de lul van een wildvreemde kerel verbaal in je maag gesplitst krijgt.

Een andere grappige app is Happn. Hierin komen alleen kandidaten in beeld, die je pad hebben gekruist. Het is ongelofelijk hoeveel mensen je tegenkomt op 1 dag. Vooral als je vergeet een leeftijdsparameter mee te geven.

Mannen van 18 tot 80 melden zich. En tot mijn verbijstering krijg ik stapels post van piepjonge gasten. Ook al heb ik intussen aangegeven op de app daar geen interesse in te hebben.

Maar goed, ik weet ook dat er hordes jonge mannen op ouwe lijken van vrouwen vallen. Wij zijn zo lekker ervaren en vrij naar het schijnt. Heks met haar jeugdige uiterlijk doet het erg goed bij de jeugd.

Maar het is niet bepaald wat ik zoek. Ik wil een geliefde. Ik wil me geliefd voelen. Ik wil nog eens echt een keertje knallen met iemand. In een baan om de aarde. Eke dag.

Vandaag meld ik me aan voor een online Sangha. Mijn plannetjes om zelf zoiets op te zetten voor ME-patiënten en andere kneusjes staan nog in de parkeerstand. Ik ben veel te lamlendig momenteel om veel voor elkaar te krijgen. En ik voel met niet geliefd. Dat kost ook energie.

Dagelijks moet ik mezelf moed inpraten. Om niet op te geven. Om niet de godganse dag te roepen dat ik dood wil. Om nu eindelijk eens los te laten wat toch al nooit echt met me samen is gegaan. Om niet meer zo verdrietig te worden van het onvermogen van mijn achterban om me lief te hebben.

Ik stuit op een advertentie in een krantje van iemands eigen bedrijf en ben opeens jaloers. Een gevoel waar ik me altijd met hand en tand tegen verzet, want waarom een ander iets misgunnen, maar nu onderzoek ik het voor de verandering.

Waarom lukt het de grootste idioot om een bedrijf uit de grond te stampen en mag ik slechts marginaal existeren? Hoe is het mogelijk, dat de persoon, die mij zo’n dertig jaar geleden hoogstpersoonlijk publiekelijk voor gek verklaarde toen ik mijn eenzame spirituele pad op ging, nu zelf mensen op dat pad probeert te zetten? Die figuur heeft me meermalen enorm gekwetst en nu werpt datzelfde mens zich op als goeroe.

En naar mij luistert niemand……

Gelukkig maar.

Heks voelt zich niet geliefd. Ik doe niet mee. Ik sta aan de zijlijn. En hoe ik mezelf er ook van probeer te overtuigen, dat ik nuttig en zinvol bezig ben in deze wereld, een paar eenzame uitgerangeerde weken en ik ben weer terug bij af.

Doodziek opstaan en de hele dag bezig zijn om uit de kreukels te komen is weer aan de orde van de dag. Maar vandaag schijnt de zon. Zometeen ga ik lekker op stap met VikThor. Mijn arme viervoetige vriend.

Want hoewel ik elk spatje beschikbare energie in mijn hondje stop, komt het beestje bij vlagen toch ernstig aandacht tekort. Lig ik bewusteloos te wachten op betere tijden. Lukt het me net om een flinke ronde met hem te rijden op mijn onvolprezen elektrische vouwfiets. Nou ja. Altijd nog beter dan niets.

 

Eartha Kitt heeft pit. Voor tien zo te zien. Ze is al geruime tijd niet meer onder ons, maar nog steeds weet ze mensen te raken met haar ZIJN. Haar wezenlijke wezen. ‘I fall in love with myself and I want someone to share it with me!’

Afgelopen weekend stuurt de Don me een leuk filmpje van een interview met Eartha Kitt, waar ik helemaal vrolijk van word. De vrouw komt me vaag bekend voor. En alhoewel ik weinig van Eartha weet bevalt alles aan haar me. Haar naam. Haar eigenwijze uitspraken. Haar felle kattenkopje.

‘I want to be evil, I wanna be bad‘ zingt ze als jong meisje opgewekt in de camera. Lang, lang geleden. ‘Wat een lekker recalcitrant type,’ denkt Heks blij. En al snel ben ik verdiept in haar biografie. Ik snor haar fanclub op. Bekijk filmpjes op YouTube. Grasduin door oude foto’s……..

En alles wat ik ontdek maakt me gelukkig. Hoe ze bijvoorbeeld in de jaren zestig tijdens een ontvangst op het Witte Huis de boel op zijn kop zet met uitspraken, waarin ze hoogstpersoonlijk de oorlog in Vietnam veroordeelt.

Ze kan daarna overigens wel inpakken met haar handel. De CIA zit haar direct op de hielen. De FBI hijgt in haar nek. Vanaf dat moment wordt ze nergens meer voor uitgenodigd. Laat staan, dat ze werk aangeboden krijgt…… Ze verhuist dus maar naar Londen…….

Ik kijk naar haar pittige gezicht. Ze lijkt inderdaad wel wat op een kat. Volgens velen was ze de beste Catwoman ooit, want ja: Daar ken ik haar van! Ze heeft die rol gespeeld in de Batmanfilms van de jaren zestig.

Nu Heks weer aan het daten is (althans: Ik doe pogingen daartoe…), kan ze wel een opsteker gebruiken! Want vrolijk word je er niet van. Het gedoe met mannen. Ik zou ook kunnen zeggen het goede met de andere sekse. En in veel opzichten gaat dat ook op. Is het voor mannen ook bijzonder veel gedoe met die vrouwen.

‘Ik weet dat veel mannen erg oversekst op jullie dames reageren, maar vrouwen kunnen er ook wat van, hoor,’ schrijft een aardige baardige man me op Tinder. Hij is niet moeders mooiste en moet het naar eigen zeggen hebben van zijn goede verhaal. Maar het gros van de vrouwen reageert daar dan weer volstrekt platvloers op. Beweert hij.

Iets dat veel andere kerels op dit medium dan weer helemaal niet erg zouden vinden, dunkt me. De getrouwde schuinsmarcheerders. De gebonden scheve schaatsers. Die denken dan dat alle dames zo in elkaar steken. Als ze al denken. Het is niet bepaald de bloem der natie, die hier opereert.

Alhoewel: Mijn allereerste vriendje ben ik alweer tegen gekomen. Net als vorig jaar op Paiq. En dat is absoluut een bloem, een tropische verrassing. Maar ook hij heeft nog geen leuke dame aan zijn bloemige haak geslagen het afgelopen jaar. Ondanks zijn bijzonder gezonde geestelijke, lichamelijke en financiële staat.

Het is dus niet zo gemakkelijk allemaal op de relatiemarkt. Waar we elkaar keuren als waren we een stuk vee. Waar verliefdheid ver te zoeken is, laat staan liefde. En ik kan mijn gebrek aan succes in deze natuurlijk wijten aan mijn matige fysiek, maar ook als ik zo gezond was als een vis zou het moeilijk zijn……

Terwijl ik naar Eartha luister, ik heb intussen de uitgebreide versie van het betreffende interview opgezocht, realiseer ik me dat ik altijd compromissen heb gesloten. Al heel jong liet ik niet het achterste van mijn tong zien. Was er een deel van me daardoor niet beschikbaar. Hield ik mijn ware wezen succesvol verborgen.

Behalve misschien in de wittebroodsweken van mijn eerste echte relatie. Die zoete gelukkige periode met mijn jeugdliefde. Die zalige tijd voordat de realiteit ons sneaky inhaalde en keihard tegen de vlakte sloeg. Heks kreeg een oplawaai van het leven, die ze jarenlang niet te boven kwam.

En Eartha? Ik denk dat ze door schade en schande wijs is geworden. Ik spit in haar verleden en zie, dat ze op jonge leeftijd allemaal spannende affaires had met beroemde mannen. Waaronder volgens sommigen Orson Welles, die haar ‘the most exciting woman in the world’ noemt.

Maar ze trouwt met een degelijke aan pijnstillers verslaafde Vietnam veteraan. Misschien wilde ze een normaal leven? Of was dit een poging om haar onbekende blanke vader toch een plek in haar leven te geven. Een afwezige vader en een junk zijn toch zeker te weten een match in wat ze bij je oproepen?

‘Misbruikte mensen kenmerken zich allemaal door hun trots,’ zegt mijn homeopaat onlangs tegen me. En trots is ze, deze Eartha. Kom bij haar niet aan met lulverhalen. Geen slappehapperdepap voor deze dame. ‘Why? Why?’ zegt ze verontwaardigd in de camera als het om compromis in de liefde gaat.

Om dan heel zacht te vervolgen ‘I am in love with myself and I want someone to share it with me. I want someone to share me with me …..’

Ik denk dat ik dat maar op Tinder ga zetten.

 

MiAUAUAUAUAUW! ME AU AU AU AU AU! De panter heeft zich weer eens in de nesten gewerkt. Het is altijd wat met de dolende ridder. Is het niet dit, dan is het weer dat. Heks heeft haar handen vol aan dit geliefde monster. Terwijl mijn bankrekening er op leegloopt!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een paar weken geleden ben ik de panter weer eens kwijt. Ik heb direct een naar gevoel en al na een dag loop ik uitgebreid te roepen in de buurt. Begrijp me goed, het beest is wel vaker op stap. Dagenlang soms. Hele weken, maanden ben ik hem kwijt geweest.

Meestal maak ik me geen zorgen, maar als er iets mis is voel ik het direct. Zo ook nu. Waar zit mijn monster?

Na een uitgebreide zoekronde ’s avonds laat zie ik hem bij thuiskomst voor de voordeur zitten. Maar als hij me in het oog krijgt kruipt hij weg. Komt weer naar me toe. Loopt weg. Komt, loopt weg, komt toch……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ha gekke ridder van me,’ zing ik hem zachtjes toe, terwijl ik hem over zijn koppie aai, ‘He, wat is dit? Je staart is raar. Hij lijkt wel gebroken….’ Terwijl ik mijn hand langs zijn hele lijf laat glijden voel ik een rare knik aan de basis van zijn lange staart. Jeetje. Die heeft ergens tussen klem gezeten. Dit heb ik nog nooit eerder gevoeld.

Ik neem mijn schat mee naar binnen, alwaar hij de gehele nacht bovenop mijn buik ligt. Hij zoekt steun, want zijn arme staart doet echt pijn. Dat is goed te merken. De volgende dag gaan we naar de dierenarts.

Die geeft ons een sterke pijnstiller mee. ‘Het is niet gebroken, maar er zit wel een werveltje helemaal scheef. Ik doe er verder niets aan. Met een paar dagen voelt hij zich veel beter.’ Geen dure röntgenfoto gelukkig. ‘Nergens voor nodig,’ zegt de man.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Nou, dat was dan je zevende leven. Of was het pas het zesde? Ik ben de tel kwijt, mafkees,’ mopper ik zachtjes tegen hem op de terugweg. Mijn avontuurlijke boerenridderkater heeft altijd wat. En ondanks het feit, dat hij toch ook een dagje ouder wordt is hij nog steeds uitermate uithuizig. De ellendeling.

Ik houd hem een paar dagen binnen. Altijd een hele heisa, want meneer wil niet binnen blijven. Hij wil de hort op. De buurt verkennen, de nachtburgemeester uithangen, achter de muizen aan!

Na vier/vijf dagen laat ik hem maar weer naar buiten. Hij is behoorlijk opgeknapt, maar de knik is een blijvertje lijkt het.

Vorige week is meneer koekepeer weer eens onvindbaar. Al dagen hebben we ruzie. Hij komt binnen, eet zijn eten op en staat dan aan 1 stuk door te schreeuwen, dat hij weer naar buiten wil. Van nog wat extra brokjes wil hij niks weten. Hij eet alleen nog maar blikvoer lijkt het!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De laatste dagen wilde hij zelfs niet meer mee naar binnen. Moest ik hem achterna rennen en vangen. Met een grote tegenstribbelende zwarte kater onder mijn arm de trap oplopen.  Hem stevig vasthouden tot we binnen waren, omdat hij em anders direct weer zou smeren. Wat heeft die kat toch?

Nu is hij dus al twee dagen pleite. Pas de derde dag zie ik hem van een muur via mijn auto, die verderop in de steeg geparkeerd staat, op straat springen. En ook nu krijg ik hem slechts met moeite mee naar binnen. Waar hij dan weer wel aanvalt op zijn eten: Hij is uitgehongerd!

‘Wat heb je toch, gekke kat?’ Heks houdt hele verhalen tegen haar schatje. Hij kijkt me serieus aan. Opnieuw valt het me op dat hij er anders uitziet. Maar waar ik er een paar dagen geleden nog niet de vinger op kon leggen, zie ik nu plotseling hoe zijn kop aan 1 kant is opgezwollen tot enorme proporties.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zijn linkeroog zit zelfs een beetje dichtgedrukt. De zwelling is pijnlijk. En plotseling heel groot geworden. ‘Waarschijnlijk een abces,’ concludeert Heks. Deze ridderkater zal wel weer een potje gevochten hebben…..

Zo zit ik zondagmorgen weer bij de dierenarts. Mijn goedkope tuincentrum-arts is helaas niet beschikbaar, dus ik zit bij een peperdure collega. De rekening is nog net niet zo erg als eentje, die ik ooit eens op een zaterdagavond laat heb opgelopen, maar het is evenzogoed een rib uit mijn lijf.

Hiervoor krijg ik wel een consult met een enorm lekker ding. Ik heb mijn ogen nog niet helemaal open, maar dit zie ik dan toch wel. ‘Het is waarschijnlijk een abces, daar gaan we de medicatie op inzetten. Helaas kan ik het niet openmaken, dat geeft namelijk vaak verlichting. Maar met een goeie dosis antibiotica en een stevige pijnstiller voelt hij zich met een paar dagen veel beter….’

Zo ligt mijn panter dan in de grote bench. Met zijn eigen kattenbak, lekker voer en een bak water. Het is de enige manier om ervoor te zorgen, dat hij em niet smeert. Ooit sprong hij met een drain in zijn lijf en een kap om zijn kop uit het slaapkamerraam op de eerste verdieping. Daar draait meneer zijn poot niet voor om.

Soms jammert hij erbarmelijk. Soms laat ik hem er een paar uur uit. Hij heeft een kuur van tien dagen en die moet hij afmaken. Twee keer per dag een pil.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Op dag drie jammert hij wel erg hard. Nog maar een keertje naar de dierenarts dan. Ik zie intussen ook een rare pek onder zijn oog verschijnen.

Zodra ik hem bij de dokter op de behandeltafel zet, springt het abces open. Bloederige stinkpus vliegt ons om de oren. De wond wordt grondig nagespoeld met een jodiumverdunning. ‘De rest geneest vanzelf. Katten hebben een geweldig vermogen om abcessen zelf te lijf te gaan,’ stelt de dierenarts me gerust.

Hij moet nog een paar dagen binnen blijven, om de antibioticakuur af te maken. Het is nog eventjes afzien voor me. Maar de schat voelt zich al veel beter!

Maar wat ben ik blij, dat hij ook dit weer overleeft. Mijn kanjer. Mijn grote zwarte schaduw. Mijn stoere panter. Mijn geliefde ridder Ferguut.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

 

Heks valt van haar fiets. Bont en blauw spoed ik me huiswaarts om eens een lekker potje te grienen. Heks weent om bloemen in de knop gebroken. Om stilletjes naar de knoppen gaan door een onzichtbare ziekte. Telkens uit je eigen as herrijzen is niet te doen. Ik ben een Heks, niks Feniks.

Vanmorgen lazert Heks hardhandig van haar fiets. Precies op de plek, waar een paar agentjes me gisteren sommeerden om niet te fietsen. In de berm van de Singel. Ik heb me een hele dag kapot geërgerd aan hun bemoeizieke actie. Kwestie van ouwe baardige pik en piepjong blond huppeltje. Ouwe probeert indruk te maken op Huppeltje. Ten koste van Heks.

Maar misschien had die ouwe toch gelijk. Is dit niet de aangewezen plek om te fietsen. Hoewel ik hier nog nooit eerder onderuit ben gegaan. Het is de allereerste keer. Wellicht heeft het gezeik van die politieagent mijn fietsvaardigheden aangetast.

Onzekerheid is een ernstige kwaal. Het ligt aan de basis van menige val. Soms is de suggestie dat je waarschijnlijk zult vallen al genoeg om flink onderuit te gaan. Of niet? Is dit weer een pittig geval van Psychologie van de Koude Grond? Een veel bedreven vak. Vooral door psychologen.

Blauwe plekken vallen als gaten in mijn benen, een schaafwond prijkt rossig op mijn knie en zelfs mijn rug krijgt een gevoelige por van mijn stuur. Ik lig machteloos verstrengeld in onvermurwbaar staal. Tranen prikken achter mijn ogen. Een veel te grote vloed. Ik moet snel maken dat ik thuis kom.

Vanmorgen lees ik een heel verhaal over Cognitieve therapie en ME. Hoe schadelijk is dé therapie die ME/CVS-patiënten wordt aangeraden? Mijn god. Zijn ze daar nu nog over bezig? Wanneer houdt het nu eens op? Waneer gaan wetenschappers nu eens hun werk doen en ontdekken wat ME is en hoe het wordt veroorzaakt? Wanneer krijgen we nu eens medicatie tegen deze ernstig invaliderende multi-systeemziekte?

Heks kan nog geen deuk in een pakje boter slaan, maar dat komt omdat ze niet beter wil worden. Vindt men. Het feit, dat ik me van dag tot dag moeizaam door de dag ploeter interesseert bijna niemand. Elke dag opstaan met een stevige kater zonder de lol van uitgaan en lekker dronken worden. Overal pijn in je donder. Een hoofd dat het te pas en te onpas opgeeft. En moe, moe, moe. Zo moe.

‘Zou je niet eens voedingssupplementen gaan slikken?’ durft iemand onlangs te suggereren. Wagonladingen heb ik geslikt. En het helpt geen bal. Ik ben volstrekt slikmoe.

‘Ik ken een therapie, waarbij ze je anders laten omgaan met stress. Ik ben er enorm van opgeknapt!!’ maakt een ander er zich er vanaf.  Na een weekend samen mediteren, waarin Heks heeft aangegeven niet van dit soort aanbevelingen gediend te zijn. Aan dovemansoren natuurlijk!

Dit volstrekt gezond ogende mens slaapt beter na die peperdure therapie. Van drie dagen achter elkaar. Met therapeuten, die met zijn vijven op je nek springen. Ze voelt zich veel beter na al die aandacht, dus het helpt. En aangezien je tegen een ME patiënt alles maar mag zeggen word ik er weer eens mee om de oren geslagen. Niet voor het eerst.

En helaas ook niet voor het laatst.

Ik moet er werkelijk niet aan denken. Maar ik moet me dus wel verdedigen, dat ik dat niet wil. Net zoals ik me moet verdedigen, dat ik nog steeds niet beter ben. ‘Ze wil gewoon niet beter worden,’ wrijft een vroegere vriendin het er jaren geleden in. Ze praat over een andere ME patiënt, maar het gaat natuurlijk ook over mij …..

De dame in kwestie verzorgt beroepsmatig zo’n hopeloze MEer, die in een soort verpleeginstelling is beland. Het mens ligt half bewusteloos met sondevoeding in haar neus in een pot in bed te schijten. ‘Ze is strontchagrijnig, niet te kort,’ moppert de vriendin.  Ja, vind je het gek?

Het is een wijdverbreid misverstand, dat je beter wordt omdat je het wilt. Voornamelijk beweerd door mensen, die nooit wat mankeren. De maakbare mens. Geschetst door onmensen.

In die zin vind ik Maarten van der Weijden een verademing. Dit icoon van de strijd tegen kanker bestrijdt ten zeerste, dat je beter wordt omdat je je best doet. Hijzelf heeft gewoon het geluk gehad, dat de behandeling aansloeg. Terwijl hij lui in bed lag te liggen. Velen hebben dit geluk niet. Kankerpatiënten vallen nog steeds bij bosjes. En daar wil hij iets aan doen: Hij gaat 200 kilometer zwemmen.

Fantastisch natuurlijk. Heks ligt een heel weekend aan de televisie gekluisterd in bed. Ik blijf tot vier/vijf uur s nachts wakker. Wat een kerel! En dan de elfstedentocht. De Tocht der Tochten. Een afstand, die Heks zo graag eens op de schaats zou afleggen. Ik ben nog steeds lid van de vereniging. Voor het geval er een medicijn tegen ME wordt gevonden.

IK WIL DUS WEL DEGELIJK BETER WORDEN. IK WIL ZELFS DE 11-STEDENTOCHT SCHAATSEN. IK HEB DUS GEEN BEWEGINGSANGST. OF WAT DE HEREN DOKTOREN TOCH ALLEMAAL VOOR EEN ONZIN BEWEREN……

Als ik reëel ben acht ik de kans dat een ME patiënt ten bate van onderzoek naar deze ziekte de 11 Stedentocht bijvoorbeeld op zijn tandvlees gaat afleggen nihil. Actie voeren is sowieso niet aan ons besteed. Veel te vermoeiend.

Vanmorgen sta ik doodziek op. Verschrikkelijke hoofdpijn en zo misselijk als een kat. Uitzonderlijk? Niet bepaald. Maar geen mens, die het in de gaten heeft. ‘Wat zie je er goed uit,’ hoor ik iedere dag. Sommige idioten zijn zelfs jaloers op mijn looks. Bizar.

Eindeloos een niet erkende ziekte hebben holt je uit. De eenzaamheid is niet te filmen. En toch moet je vrolijk zijn tegen je medemensen, anders hou je je klachten in stand. Je moet positief zijn. Daar word je beter van. Niet dus.

Ik breng het eventjes niet op.

Het ergste is het als ik me een projectje ga voelen. Als mensen goede daden doen, door eventjes aandacht aan me te besteden. Heks moet dan wel positief reageren natuurlijk. Een beetje zeuren is er niet bij, want de projectleider wil wel een lekker gevoel over houden aan zijn of haar projectje……

Maar goed. Er gebeuren ook echt leuke dingen in mijn leven. Schelden lost niks op. Ik moet door.

Zo ben ik onlangs toch weer suikertante geworden. Mijn vriendin Joy heeft een wolk van een dochter gekregen! Heks gaat regelmatig even baby’tje knuffelen en snuffelen. Ze ruikt naar de hemel. Meiregen en engeltjes. Ze is ook zo ontzettend knap! En heeeeeeeeel lief.