Pubers heb je in soorten en maten, de lastigste zijn de exemplaren, die niet kunnen praten. Heks helpt een man om zijn gezicht en zijn hond te redden. Mijn hondje is gehoorzaam geboren, daar heb ik echt geluk mee!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zaterdag fiets ik aan het begin van de avond de stad uit. VikThor draaft naast de fiets. Hij is jarig geweest afgelopen week. Vier jaar zijn voorbij gevlogen. Mijn ventje is volwassen. Hij loopt als een kieviet op zijn bionische poot. Het gaat goed met hem. We zijn onderweg naar het Valkenburgermeertje. Mijn waterrat gaat lekker zwemmen!

Eenmaal de stad uit koelt het een paar graden af. Het is net te doen in mijn knalrode 90s jurkje met schoudervullingen en bolerojasje met cowboyflappen. Gelukkig heb ik een jas in mijn tas. Zo’n synthetisch plofmodel. Opvouwbaar, praktisch en warm.

Ik heb ook mijn portemonnaie bij me. Ik ben van plan iets te gaan eten op een foodtruckterras. Beetje genieten van het leven. Afgelopen week op het strand gedineerd. Om VikThors verjaardag te vieren. Hij kreeg ook iets lekkers.

De ergste Coronatoestanden zijn voorbij. De besmettingsgraad is aanmerkelijk teruggelopen. Iedereen heeft weer als een gek zijn oude leventje opgepakt. Mijn leventje was nauwelijks veranderd door de lock down. Ik zit nog steeds het hele weekend in mijn eentje te koekeloeren. Toch ben ik blij, dat het ergste gevaar geweken is.

Voor veel mensen is Corona echt helemaal voorbij. Of ze geloven er niet in. Het is een hoax. Zo word ik een maand terug bijna omhelst door een oude bekende. Ik ben totaal overrompeld. We zoenen elkaar normaal gesproken nooit!

‘Zullen we even een paar BOA’s gek maken voor 800 euro?’ roept ze, terwijl ze met wijd uitgespreide armen op me af rent. Ik snap aanvankelijk niet wat ze bedoelt. Glazig roep ik ‘Nee, ik heb een auto-immuunziekte, niet doen!’ Net op tijd. Anderhalve meter van me af stopt ze.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Doe je bij de jaarlijkse griep ook zo moeilijk?’ vraagt ze streng. Ik voel een heel verhaal aankomen over de onzinnigheid van deze pandemie-hoax. Snel maak ik me uit de voeten.

En ja, bij de jaarlijkse griep ben ik ook als de dood. Ook daar word ik erg ziek van. En langdurig ook vooral. Ik ben maanden uit de roulatie na een ouderwetse griepaanval. Zo’n virus, waar ik de voorgangers van voorbij heb zien komen. Waardoor ik toch een zekere weerstand heb opgebouwd tegen de nieuwe variant.

Dat kan ik van Corona niet zeggen. Ik vrees, dat mijn systeem daar een hele dobber aan zal hebben.

‘Het is weg,’ fluistert iemand me onlangs samenzweerderig toe. Ik kijk niet begrijpend. ‘Het is weg,’ en als ik nog niet snap wat er bedoeld wordt, ‘De Corona. Het is weg.’

Ja. Voor nu. Let op mijn woorden, binnenkort terug van weggeweest. Als ik zo naar de overvolle ‘Haarlemmerstraat een kilometer koopplezier’ kijk.

Maar ik ga wel met veel meer plezier over straat nu de zaken er beter voor staan. Ik mijd drukke plekken nog steeds als de pest. Maar ik raak niet meer in paniek van al die hardlopers. Die zijn overigens niet meer zo talrijk in het straatbeeld aanwezig als tijdens de crisis. Goddank.

Bij het Valkenburgermeertje gooi ik eindeloos balletjes het water in voor mijn ADHD hondje. Hij rent, zwemt, sprint, apporteert……Ook speelt hij met andere hondjes. Een Berner Sennen van 6 maanden. En een Labrador van dezelfde leeftijd.

Ik raak aan de praat met een leuke dame met twee kleine hondjes. De kleinste windhond, die ik ooit gezien heb. Een Italiaans model. Meer voor de sier, dan voor de sport. Vroeger had ze een Heidewachtel. ‘Ook een geweldige ADHDer, net als jouw hondje….’ verzucht ze vol heimwee.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De man met de labrador is doorgelopen. Zijn hond is het water in gesprongen en zit nu achter een stel meerkoeten aan. Hij is al een flink stuk uit de kant geraakt. ‘Hij is em kwijt,’ zeggen de dame en ik tegen elkaar. We kennen het verschijnsel. Je hond raakt in een andere modus en je bereikt hem niet meer met je stem…..

Even later staat iedereen ingespannen te kijken naar de dolgedraaide labrador. Hij is intussen bijna halverwege het idioot diepe meer terecht gekomen. Hij gaat maar door met zwemmen, maar je ziet lichte paniek bij het dier. De man loopt gewoon verder! Alsof zijn hond niet in de problemen is geraakt!

‘Vast zijn eerste hond,’ denk ik bij mezelf, ‘Hij leest zijn dier nog niet…’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik ga die man helpen, straks verzuipt dat beest nog…’ Heks springt op haar elektrische fiets. Ik scheur langs het water naar de man toe. Zonodig kan ik in een vloek en een zucht aan de andere kant van het meer geraken. Mocht het dier daar terecht komen. Voorlopig zwemt hij rondjes in het midden van het meer.

‘Kan ik u helpen?’ De man is blij, dat iemand hem wil helpen. Maar waarmee? Hij ziet er uit alsof hij geen idee heeft wat hij zou kunnen doen. ‘Als ik u was sprong ik in het water en zwom zo snel mogelijk naar mijn hond. Al kan hij u maar horen…. Hij is in paniek en als hij moe wordt kan hij zo verdrinken….’ Het dier is pas een half jaar oud. Een zwemmende baby.

Nog voor ik ben uitgesproken trekt de man zijn shirt en schoenen uit. Hij drukt zijn telefoon in mijn hand. Of ik er even op wil letten. Dan springt hij het water in en begint richting zijn hond te zwemmen. Dat beest is intussen een kolere end weg geraakt. Vol spanning kijken alle andere hondenbezitters toe.

Als hij zijn hond uiteindelijk bereikt gaat het dier expres de andere kant op zwemmen. De teringlijer. Vast midden in zijn eerste puberperiode….. De man krijgt het nu moeilijk. Hij heeft geen riem bij zich, die ligt voor me op de grond. Hij kan zijn hond dus niet aanlijnen en dwingen om met hem mee terug te zwemmen. Ik zie hem worstelen om zelf boven te blijven.

Misschien had ik er zelf in moeten springen, sta ik te dubben. Heks is altijd een uitstekend langeafstandzwemster geweest……

Uiteindelijk begint de man alleen terug te zwemmen. De hond komt gelukkig een tiental meters achter hem aan. Zwemt weer even de andere kant op. Komt toch weer naar zijn baasje toe…. Het duurt een hele tijd in mijn beleving, maar dan komt eerst het baasje aan wal. En pas later zijn hond, die er direct weer vandoor gaat. De ellendige puber.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Arme man. Kletsnat en ijskoud en erg geschrokken zo te zien. Goddank krijgt hij de hond even later te pakken. Die gaat voorlopig aan de  lijn. ‘Dank u wel voor uw hulp,’ stamelt hij, terwijl hij zijn droge shirt over zijn natte bast stroopt. Hij is gelukkig met de auto, want het is nu echt best fris geworden. Een bries vanuit zee jaagt kippenvel op mijn armen.

‘Ik was even bang dat ik het zelf niet zou redden,’ prevelt de man. Hij is van slag. Misschien niet zo’n goede zwemmer. Oh, wat voelt hij zich ellendig. Misschien ook in zijn hemd staan met al die getuigen van dit drama. Letterlijk en figuurlijk.

Pas veel later, eenmaal veilig thuis, dringt de ernst van de situatie tot me door. ‘Goed, dat je zo’n radar hebt voor dit soort zaken, Heks,’ prevel ik voor me uit, ‘Dat je direct in actie bent gekomen. Niet alleen hebt staan kijken en commentaar hebt staan leveren, zoals de rest van de toeschouwers……’

‘Je hebt die man geholpen om zijn hond te redden. Dat heeft hij toch maar voor elkaar gebokst. De tragische held! Het had wel eens heel ellendig kunnen aflopen allemaal…’

En die zotte hond? Hopelijk is hij ook flink geschrokken. Laat hij het de volgende keer uit zijn kop. Maar ik reken er niet op. Het baasje zal een volgende keer veel eerder moeten ingrijpen, als hij weer achter vogels aan gaat jagen. Anticiperen. Het gedrag van zijn klierige pubertje lezen. Daar heb ik meer vertrouwen in…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

Goed nieuws, fantastisch nieuws! En meer van hetzelfde….. Bij de beesten af. Heks dwaalt door de wonderlijk wereld ontstaan na het uitbreken van dat kleine gekroonde ziekmakende levensbedreigende dode deeltje. Gevaar alom in ons veilige kikkerlandje. Niet alleen van het virus…..De doorgaans vreedzaam kwakende kikkers zijn boos, kwaad, nijdig en agressief!

Vandaag ga ik met VikThor naar de orthopeed. Er wordt een foto van zijn geopereerde poot gemaakt. Het is alweer ruim vier maanden geleden, dat hij onder het mes is gegaan. De ellende met de openstaande wond is ook alweer pakweg twee maanden voorbij.

Hij loopt als een kievit en doet ouderwets bommetjes de gracht in. Heks maakt zich dan ook niet al teveel zorgen. Het zal wel loslopen met dat pootje. Ik ben alleen razend benieuwd naar de pré operatief ontstane artrose. Is het erger geworden? Hoe ziet het er van binnen allemaal uit nu?

Ik ben vroeg uit de veren, voor mijn doen. Ik heb dan ook geslapen vannacht! Uitzonderlijk! En heerlijk! Met een kopje koffie, een geroosterd broodje en een cocktailtje van pijnstillers kom ik langzaam bij mijn positieven. Lekker, ik heb alle tijd. De ochtend duurt een eeuwigheid.

Dan toch nog haasten de stad uit. De opgebroken stad. De dunne darm van de Hooigracht doorworstelen, peralstiek bewegend als een constipatieve drol. Met samengeknepen billetjes, omdat ik wellicht te laat ga komen? Zover komt het niet.

Bij de Lammenschans de stad uit. Tweebaans de bocht om en dan ritsen naar de overgebleven baan. Heks wil invoegen, maar de achterop komende vrachtwagen geeft snel gas. Veel gas. Hij rijdt me bijna van de sokken. Die enorme auto vol alcoholvrij BUD bier. De chauffeur is geen reclame voor het merk, met zijn bezopen acties.

Ik sta op de rem, net op tijd. Kom met de schrik vrij. De auto die na me komt ook. Ik rijd achter de gevaarlijk opererende vrachtwagen en noteer het nummer. Bezopen Zuipschuit- Dronken Debiel- psychisch slechts 01 jaar oud! En dat mag dan achter het stuur!  Het had helemaal verkeerd kunnen aflopen!

Even later sta ik naast de idioot voor het stoplicht……..

In Rijswijk zijn ze geweldig tevreden. Terwijl mijn grote vriend op de foto gaat en wordt onderzocht wacht Heks in de auto. Vanwege het Coronavirus. De arts komt hoogstpersoonlijk op de stoep voor de praktijk verslag doen van zijn bevindingen. Het gaat goed!

Het bot is gevormd om het implantaat en heeft zich gehecht. Er is geen spoor meer te vinden van mogelijke ontstekingen. De artrose is stabiel, er is geen wild bot meer ontstaan op de verkeerde plekken. Hij loopt er geweldig op…..

“Hij belast allebei de achterpoten evenredig. Er is geen verschil te voelen!’

De dierenarts ziet er opgelucht uit. Alsof hij niet kan geloven dat dit dramatisch begonnen verhaal zo’n goed einde heeft gekregen. Ik ben er intussen natuurlijk aan gewend. Ik zie mijn ventje al maandenlang probleemloos dansen op zijn nieuwe pootje. We spelen alweer spelletjes met de bal.

‘Hebt u hem nog zien hinken sinds de operatie?’ Slechts 1 keertje gedurende een minuut. Zelfs als we flink op stap zijn geweest loopt hij naar huis als een tierelier. Het gaat goed. VikThor is genezen. ‘Ik hoop u nooit meer te zien,’ verzucht de dierenarts. ‘Tot nooit weerziens!’ roept Heks blij terug.

Dan tuf ik op mijn gemak weer terug naar Leiden. De weg is aardig vol met auto’s. Er is weinig te merken van het fenomeen thuiswerkers in thuisisolatie. Nederland is massaal onderweg.

In Leiden geef ik mijn hondje nog een extra rondje. Dit nadat ik bijna bewusteloos ben geraakt van een stiekem door hem gelaten gluipwind. Zo’n echte instinker. De auto trekt vacuüm van ellende. Ik parkeer langs de Singel.

Zo loop ik dan te slenteren langs het water. VikThor is direct in zijn element. Er komt een man met een klein spierwit lieftallig kuttenlikkertje. Haar lieftalligheid verdwijnt zodra mijn blafbeest verschijnt. Keffend stort ze zich op mijn hond. Die haar negeert. En gewoon verder loopt.

Heks moet lachen. ‘Zo, wat een gevaarlijke hond,’ grap ik opgewekt. Direct krijg ik een grote bek van de man. ‘Man, ik maak een geintje,’ komt me te staan op dat hij me te lijf wil. Ik krijg de raarste dingen naar mijn verbijsterde hoofd. Vuilbekkend kijkt de hangsnor me aan. Dreigend. Zijn levensgevaarlijke hondje keffend naast hem aan een touwachtige riempje.

Ik loop snel door, voor ik een hijs krijg. ‘Je zult er maar mee getrouwd zijn!’ griezel ik bij mezelf. Want reken maar dat hij een wijfie onder de plak heeft zitten ergens. Waarschijnlijk in een achterafstraatje hier in de buurt.

Op televisie zie ik, dat BOA’s sinds de Coronacrisis met 40% meer geweld tegen hen te maken krijgt. En er was al sprake van idioot veel geweld tegen deze doorgaans impopulaire groep medemensen. Ik ben dus niet de enige, die dagelijks mijn mannetje moet staan om zonder kleerscheuren over straat te gaan in deze gekke tijd.

Heks krijgt medelijden met de BOA’s. Ook ik baal echt wel van hen, als ze me voor iets onnozels op de bon willen slingeren. Fietsen in de berm van de Singel bijvoorbeeld. Doe ik wel eens op een slechte dag met mijn zeik-lijf.

Maar tegenwoordig ben ik vooral blij met dit vlijtige betweterige volkje. Ze beschermen de hersenloze zorgeloze jeugd tegen zichzelf. Ze behoeden de kwetsbaren voor overmatige blootstelling aan asocialen. Ze ontruimen winkelstraten en slingeren feestende studenten op de bon. Zonder hen hield niemand zich meer aan enige regel…..

Later in de middag, tijdens een uitlaatronde, zie ik honderdtwintig volwassen mensen intensief sporten op het grote hondenveld in het Leidse Hout. Hutje mutje liggen ze lekker te hijgen en te zwoegen. Boven het veld hangt een dampige wolk zichtbare inspanning. Geen Boa te zien helaas. Heks kan er dus ook niet terecht met haar hondje.

Een stukje verderop liggen de sportvelden er verlaten bij. Ik zou liever zien, dat deze volwassen hersenlozen daar hun besmettelijke fysieke verrichtingen zouden doen. Helaas, helaas. Dat mag niet volgens de regeltjes.

Gelukkig kan mijn hondje weer lopen als de beste tegenwoordig. Ik ben niet meer afhankelijk van een uitlaatplek in dit park. Ik lijn hem dus maar weer aan en verlaat het Hout. Op mijn gemak fiets ik richting Warmond. Langs de Haarlemmertrekvaart peddel ik weer naar huis. VikThor doet onderweg een paar vervaarlijke bommetjes zo de vaart in.

Slingerend om joggers en een incidentele racefietser kom ik weer terug in de altijd drukke stad. Mijn geliefde kleine stad vol agressieve bange stadsgenoten. Waar iemand je voor je bek slaat alleen al omdat je naar de persoon kijkt. ‘Hek wat fan juh an dan?’

Ja, mijn stadje aan de wRwRijn, Rwijn, Rwijn……..

 

Ik sprokkel flinters geluk bij elkaar. De tijden zijn zwaar, voor heel veel mensen. Ik ben niet de enige, die het me anders zou wensen. Wie wordt er niet gek van verdriet, als je zo lang vrijwel niemand ziet? Heks hakt al jaren met dit bijltje, maar ook ik wil intussen een teiltje…….

Dinsdagavond repeteren we met het koor. Online. Mijn maatje Anna kan niet mee doen, want zij heeft geen internet. Noch een computer, mobiele telefoon of tablet. Heks doet nog wat pogingen toch iets te regelen, maar zonder succes. Ik heb ook niet de puf. Red het maar net om zelf acte de présence te geven.

Om kwart voor acht is iedereen online. Mijn blik dwaalt langs de galerij met gezichten. Mijn koorleden. Ik zie mijn maatjes en we zwaaien naar elkaar. Wat leuk! Dan gaan we al beginnen.

Eerst zingen we in. Onze dirigent doet de gebruikelijke oefeningen met ons. Ik zie mijn koorleden verwoed gymnastieken voor de webcam. Heks probeert mee te doen, maar mijn schouders zijn vastgeroest de afgelopen maanden. De sessie bij de fysiotherapeut heeft me vooral pijnlijk bewust gemaakt van het probleem. Opgelost is het geenszins.

Heks doet lekker voor spek en bonen mee. Mijn stem is ook niet om over naar huis te schrijven. Geplaagd als ik word door eeuwige keelpijn. Knarsend en knersend kras ik mee. Gelukkig staan de microfoons uit. Niemand kan de ander beluisteren. Behalve onze voorzitter. Ik hoop maar, dat hij niks heeft gehoord.

De sessie is afgelopen. Nu gaat de dirigent oefenen met de sopranen. Heks wacht een half uurtje. Legt de partituur klaar. Ik heb hem net pas uit de verpakking gehaald. Het requiem van Faure, een lievelingscomponist van Heks. Ik zal ‘a prima vista’ moeten zingen vanavond. Over anderhalf jaar is het concert.

Om even over half negen log ik weer in middels een speciale link voor ons alten. Het is sowieso erg leuk om al die bekende gezichten te zien. We beginnen direct te lachen en te zwaaien naar elkaar. Vervolgens zingen we het zesde deel van het requiem van achter naar voren door. Onze dirigent werkt altijd achterstevoren. Een heerlijke dwarse aanpak. Effectief ook. Heks houdt er van.

Dan is het alweer 9 uur. De tijd is voorbijgevlogen. ‘Dag,’ roepen we naar elkaar. Weer veel gezwaai. En plop, alle gezichten weer weg. Meuh. Veel te snel.

Toch ben ik van dit minimale contact enorm bijgetrokken. Weer eventjes onder de mensen. Leuke mensen. Niet de asociale idioten op straat, waar ik momenteel zo’n moeite mee heb. De hijgende joggers en racefietsers. Mensen, die expres proberen me te infecteren. Althans, daar heeft hun gedrag veel van weg.

Zo word ik woensdagavond fietsend langs de Stevenshof achtervolgd door een jogger. Ik hoor hem zwaar hijgen vlak achter mijn fiets. Als ik harder ga rijden, gaat ook het tempo van de gestoorde sportfanaat omhoog. ‘Ga weg, man, met je gehijg in mijn nek,’ roep ik over mijn schouder. De man is me gevaarlijk dicht genaderd.

Ik zet mijn fiets op stand vijf. Snoeihard ga ik ervandoor met een galopperend hondje naast me. De man blijft vastklampen. Hij probeert het gat dicht te lopen. Met succes aanvankelijk. Hij krijgt er lol in om die vrouw met mondkap de stuipen op het lijf te jagen. Pas als ik op de pedalen ga staan raak ik hem kwijt.

Uitgeput laat hij zijn tempo terugvallen tot nul. Hijgend klapt hij voorover na deze geweldige trainingsinspanning. Heks stopt nu ook. Een flink stuk verderop. Draait zich om. Geeft hem de middelvinger. De gek.

Dit incident is nog niets vergeleken met wat me een paar dagen later overkomt. Een stelletje mafkezen weigert ruimte te maken op het fietspad voor tegenligger Heks. Breeduit nemen ze het hele pad in beslag. Heks wordt in de berm geduwd.

Dan lachen ze me eerst uitgebreid uit en schelden me vervolgens uit voor hoer. De zoveelste keer, dat me dat overkomt tijdens deze crisis. Het is blijkbaar een normaal scheldwoord geworden…..

‘Hoerenlopers,’ roep ik dan maar terug, als ik honderd meter verderop ben. Een paar minuten later hijgt zo’n hoerenloper plotseling in mijn nek. Een halfnaakte dronkelap komt verhaal halen. Hij heeft alleen een boxer aan onder een puisterige edoch gespierde borstkas.

‘Dat zeg je niet tegen me, wat denk je wel,’ de vent is ziedend over mijn reactie op hun gescheld. Heks geeft direct een grote bek terug. Temeer omdat hij begint te dreigen me van mijn fiets af te trekken en mijn kop eens goed te verbouwen…..

Zijn grote knuisten klauwen naar mijn schouder. Zijn lelijke kaalgeschoren kneiter vertrekt van nijd. Bijna krijgt hij me te pakken…….

Ik zet mijn fiets op stand vijf en grabbel tegelijkertijd naar de dummy van VikThor, die aan mijn stuur bengelt. Ik krijg het rotding zo snel niet los, maar maak er alvast een zwaaiende beweging mee. De idioot krimpt in elkaar.

Hij denkt waarschijnlijk dat het een taser is of iets dergelijks. Ongetwijfeld misleid door het alcoholpercentage in zijn bloed. Ik sluit ook het gebruik van steroïden niet uit, gezien zijn spiermassa. En puisten. En agressie.

Plotseling in paniek keert hij zijn fiets en gaat er als een haas van door!

Heks komt met de schrik vrij. Blij, dat hij me niet te pakken heeft gekregen. Hij graaide al naar mijn arm. Ik voelde al een regen slagen op mijn gezicht neerdalen. Ik ken deze vorm van agressie. Ik heb het al heel vaak over me heen gekregen.

‘Heel nonchalant met Corona omgaan duidt ook op extreme angst,’ beweert de zoveelste deskundige in een televisieprogramma, net als ik langs zap, ‘Heel veel mensen zijn zo bang, dat ze het gevaar ontkennen. Dan is er ook nog de narcistische groep medemensen, die zich echt misdragen. Dat zijn bijvoorbeeld de studenten, die ‘Fuck Corona feestjes’ geven. Heel vervelend als je er naast woont.’

Op een pleintje Heks in de buurt is ook regelmatig een dergelijk feestje aan de gang. Bijna elk weekend. Er wordt dan geen muziek gedraaid, om de politie die misleiden. Maar het betreffende pand zit duidelijk vol narcistische malloten. Het is piepklein, afstand houden behoort niet tot de mogelijkheden.

Ook dichterbij is iemand bezig met stiekeme feestjes. Zonder muziek. Wel hoorbaar zijn allemaal nachtelijke discussies en lachsalvo’s. Ik negeer het maar. Wel vervelend, als zulke lieden massaal dronken door het portiek lopen.

Zo torpedeert een klein deel van de bevolking, het meest angstige in combinatie met de rasnarcissen, de oprechte inspanningen van het merendeel om dit virus de deur uit te werken. We zullen dus nog wel een tijdje online moeten repeteren met mijn koor vol mensen in de risicogroep.

Afgelopen week zie ik naast de fysiotherapeut ook mijn acupuncturist. Het is maanden geleden, dat hij me nog eens geniepig heeft geprikt.

Twee keer een klein half uur met het koor, een martelsessie met de fysio en een speldenkussenimpersonatie verder voel ik me toch ietsjes beter. ‘Ik hou mezelf aan mijn oren boven de ellende uit. Als een theekopje boven een afwasteil vol smerig water. Afvalwater van anderen…..’ somber ik opgewekt tegen de Don.

Je moet het uiteindelijk zelf doen. Ja, Heks heeft de pech, dat ze altijd overal de schuld van krijgt. Zondebok ga in je hok. Zelfs in deze ellendige tijd heeft iemand me met een natte dweil in het gezicht geslagen. Meermalen. Keihard. En dan ben ik de kwaaie pier.

Een gevecht, dat ik nooit ga winnen. Ik ben niet doortrapt, vilein en gemeen genoeg. Ik lieg en bedrieg niet. Een echte überbitch worden wil maar niet lukken. Gewenste haargroei op mijn tanden houdt geen stand. Ik ben en blijf een push over. Een deurmat. Een onderspitdelver.

Misschien moet ik er maar blij om zijn. Een naarling zijn lijkt me niet fijn. Dus moet ik het doen met druppeltjes hier en daar op de gloeiende plaat. Een lieve bos bloemen naast al die haat.

Vorige week staat mijn zus op de stoep. Met die bos bloemen. Precies op een heel chaotisch moment. Waardoor ook weer van alles in de soep is gelopen.

Wat kan het schelen, troep in mijn soep? Heks pakt het moment met beide handen aan. Het lost niks op, dat hoeft ook niet. Als alles zo gemakkelijk op te lossen was, had ik het wel gedaan intussen.

Maar ik word er wel blij van!

Zondag komt Steenvrouw plotseling op de koffie. Een paar meter uit elkaar zitten we te klessebessen op mijn balkon. Een onverwacht genoegen. Een heerlijk halfuurtje.

Ik sprokkel flinters geluk bij elkaar. De tijden zijn zwaar, voor heel veel mensen. Ik ben niet de enige, die het me anders zou wensen. Wie wordt er niet gek van verdriet, als je zo lang vrijwel niemand ziet?

Laat gaan die schapen, de slaapwandelaars, die wakend slapen, word wakker en gooi je kont tegen de krib. Krijg je vervolgens de pip? Dat is hip. Heel hip.  Heks vrolijkt zichzelf op.

De boom die wordt hoe langer hoe dikker, de boom die wordt hoe langer hoe dikker…….

Mensen zijn schapen. Slaapwandelend lopen we elkaar na te apen. We denken individuen te zijn, vooral hier in het ‘vrije westen’, maar niets is minder waar. We zijn in elkaar. Bestaan louter dankzij elkaar. Het afgescheiden zelf is een illusie. Een illusie, waarvoor we bereid zijn te moorden. Onze naasten te laten creperen.

We zijn op aarde om te leren. Toch? Het is hier toch 1 grote leerschool? Maar waar is dan de juf? De meester? En waarom leren we nooit eens echt wat? Waarom zijn de thema’s uit de literatuur en filosofie van duizenden jaren geleden nog steeds actueel? Waarom staat het reptielenbrein met stip op nummer 1 in ons hoofd?

Een pandemie. Iedereen ziek. Of bang om ziek te worden. Of ziek geweest. Of dood. Het virus ziet echt geen verschil tussen de ene mens en de andere. Een Chinees of een Italiaan? Allebei erg lekker. Een Fransman of een Amerikaan? Beetje dik en vlezig, die laatste, maar dat staat het virus juist wel aan. Hoe vleziger het lijf, hoe meer cellen om te infecteren……

De eenheidsworst, die wij mensen uiteindelijk zijn, gaat eerst massaal WC-papier kopen. Overal ter wereld. In elke cultuur. Elk mens is bang, dat hij zijn kont niet kan afvegen. Behalve Indonesische mensen. Voor hen gaat dit vliegertje niet op. Zij wassen hun poepgat na elk toiletbezoek. Wel zo hygiënisch.

Uitzonderingen bevestigen de regel.

Na het massale gehamster van toiletpapier wereldwijd beginnen mensen zich zorgen te maken of er nog wel wat te schijten valt nu de hele wereld tot stilstand komt. Een run op de supermarkten volgt. In elk getroffen land. In elke cultuur. Toiletpapier is niet meer te krijgen, maar bruine bonen in blik nog volop. Kapucijners ook. En daar schijt je geweldig van. De schappen worden leeggeroofd.

Een paar weken later staan de kranten weer vol van het fenomeen verstopt riool. Mensen zijn massaal meer water gaan gebruiken. Willen ze ook meer piesen? Is dat het geval? De verstoppingen komen in elk geval door enorme hoeveelheden wegwerphandschoenen, ontsmettingsdoekjes, mondmaskers……..

De opmerkelijkste spullen worden in het Zoetermeerse riool gevonden: telefoons, kunstgebitten, kattenbakkorrels, condooms en nog veel meer. Door de coronacrisis verstopt het ondergrondse stelsel vooral door keukenpapier en ontsmettingsdoekjes.

De grote menselijke eenheidsworst, die zichzelf allemaal unieke kwaliteiten toedicht, is wat ie is: Een eenheidsworst. Een verdeelde eenheidsworst weliswaar. Niemand binnen dit worstelvelletje is het met iemand eens. Er wordt gelobbyd en gekonkelefoest. Er worden pactjes gesloten in de gelederen van de worst. Men beweert bij hoog en bij laag geen gewone worst te zijn.

Nee, een Leidse knakworst. Of een Rotterdamse rookworst. Of een Zwitserse uitgedroogde bergworst. Of een Spaanse chorizo…..

Het zal Heks een worst zijn, maar de eenheidsworst verzet zich tegen zichzelf. Zoveel is me wel duidelijk.

Er gaat veel energie verloren in dit proces om eigenwijs en uniek te zijn. Eigenschappen, die ik op zich zeer kan waarderen. Het is alleen volstrekt doorgeschoten, onze neiging afgescheiden te opereren. En daar plukken we dan nu de wrange vruchten van….

De wereld is van glas geworden tijdens de Corona crisis. Alle motieven worden transparant. Grote wereldleiders staan te stumperen als de kleine kinderen, die ze zijn. Open en bloot. Heks lacht zich nog eens dood.

Tranen met tuiten, als Trump voorstelt om iedereen in te spuiten met WC eend. Zijn geniale  oplossing van het pandemie probleem past op zich wel bij deze crisis vol WC papier en rioolverstoppingen. Het lost ook zeker iets op, waarschijnlijk het verband in je bloed.

Het verbaast me dat hij ons niet heeft opgeroepen om massaal aan de drank te gaan. Alcohol doodt ook virusdeeltje op oppervlakten. En met het innemen van drank zijn we goed bekend op de wereld. De bijwerkingen en gevaren zijn uitgebreid onderzocht. Je kunt het dus direct inzetten. Het zou de economie ook nog eens een flinke boost geven.

Als je daarnaast ook probeert verlicht te geraken van binnen, zoals hij adviseert, zit je misschien het best in een klooster van Shambala. Daar mag alcohol gedronken worden in combinatie met pogingen tot verlichting.

Heks heeft het meest last van het alleen zijn. Niet louter gedurende deze crisis. Het probleem bestaat al langer. Ik krijg mijn sociale leven maar niet op de rit vanuit mijn bed.

Misschien moet ik het eens in de prostitutie proberen. Ik ben wel ruim over de datum, maar er schijnt vraag te zijn naar ouwe taarten…..

Alle gekheid op een stokje. Een toverstokje. Daar past veel gekheid op….. Misschien wordt het tijd om eens toe te geven, dat we massaproducten zijn, wij mensen. Als we onszelf willen overleven, moeten we uit gaan van het geheel.

Iedereen zijn succesvolle maakbare bestaantje met een groot huis, bedienden, vijf auto’s en omdat je geld hebt mag je grabbelen en graaien op seksueel gebied? Dat gaat em toch niet worden. Spuit je dan maar in met een flinke lik chloor.

Wat bezielt mensen om allemaal de hoofdprijs te willen? Waarom rennen we nog steeds massaal achter onze hebzucht aan?

Vragen, vragen. Een antwoord heb ik niet. Wel een plaatje. In mijn hoofd. Van een schaap, die dwars tegen de kudde in stribbelt, vast een zwart exemplaar. ‘I beg your pardon,’ prevelt het schaap beleefd.

De kudde dromt en masse richting afgrond. De voorste schapen tuimelen al achter elkaar naar beneden, een wisse dood tegemoet.

Ik heb dit plaatje veertig jaar geleden in Avignon gezien. In een etalage van een winkel, die dicht was. Wat een raak beeld, ik ben het nooit vergeten.

Laat gaan die schapen, de slaapwandelaars, die wakend slapen, word wakker en gooi je kont tegen de krib. Krijg je vervolgens de pip? Dat is hip. Heel hip.

Heks is alleen en koud en moe. Haar hongerige huid is aan aanraking toe. Toe aan geliefden, die om me geven. Toe aan een vervuld bestaan. Aan echt leven…… Ik vraag niet veel, slechts een klein beetje. Een flinter genade op mijn brood. En een leven voor de dood. Samen met een paar lieve mensen. Misschien wat nuttig tijdverdrijf? Iemand met wie ik verblijf? Dat is alles wat ik me kan wensen. 

Wat me het meest choqueert rondom de pandemie is dat het vrijwel niets verandert in mijn luizige leventje. Zie ik normaal al vrijwel niemand? Nu zie ik vrijwel niemand. Heb ik al jaren enorme huidhonger? Nu heb ik enorme huidhonger. Gedragen mensen zich al jaren asociaal ten aanzien van mijn ziekte? Nu gedragen mensen zich uitermate asociaal ten aanzien van mijn ziekte.

Heks heeft huildagen. Ontmoedigd kom ik thuis na weer een frustrerende wandeling door de winkelende mensenmassa’s. Grote omtrekkende bewegingen om de gevaarlijke hijgende joggers en racefietsers heen.

Die denderen overigens niets ziend en nietsontziend dwars door alles en iedereen heen! Niets kan hen afbrengen van hun duivelse pad op weg naar een goddelijk lichaam.

Soms roep ik ‘ANDERHALVE METER,’ tegen een paar naast elkaar razende racefietsers. Tegenliggers. Die me ongeveer de sloot in duwen, zoveel ruimte nemen ze naast elkaar in op het smalle fietspad.  ‘We wonen bij elkaar in huis,’ roepen de randdebielen. Waarschijnlijk studenten in een studentenhuis.

Heks woont niet bij hen in huis. Dat vertel ik hen ook. Glazige koeienblikken. Uit onpeilbaar domme koppen. Waarin geen kwartje valt. Terwijl er toch genoeg ruimte in is. Ruimte voor wel duizend kwartjes……

Ze laten ook alles maar toe aan de universiteit tegenwoordig. Zelfs mensen met ernstige hersenverweking blijkt hier maar weer uit. Grote holle vaten op een getraind lichaam. Een operatief reptielenbrein in combinatie met een inactieve frontale kwab. Laatste verstoken van enige vorm van spiegelcellen.

‘Waar haal je je levensvreugde uit, Heks?’ vraagt iemand me vanmorgen. Ik zit met mijn mond vol tanden. Het koor ligt stil. We gaan wel online oefenen. Binnenkort. Een half uurtje.

Vrienden zie ik niet. Sommigen wil ik ook niet zien, want die gaan hele rare dingen zeggen als ik zo down ben. Dingen waar ik me niet echt beter van ga voelen.

Waar haal ik mijn levensvreugde uit? Deze Heks, die dat als de beste kan. Die uit een uitgeknepen citroentje van een gebeurtenis nog iets positiefs weet te destilleren. Die dat al jaren doet. Die niets meemaakt en daar toch iets van maakt. Die, die…..

De Heks valt stil. En als ze al niet stil valt, dan wordt ze wel monddood gemaakt.

Waar haal ik mijn levensvreugde uit?

Niet zoals voorheen uit mijn wandelingen in de natuur. Waar ik elk moment bijna omver wordt gelopen door hijgende en puffende asocialen. Niet uit het schrijven van dit blog, waar mensen zich op alle mogelijke manieren tegenaan bemoeien tegenwoordig. Ik mag dit niet vinden, ik mag dat niet schrijven. Niet uit vrienden, die ik zie noch spreek.

‘Ga ik het nog volhouden allemaal?’ vraag ik me vanmorgen af. Want ik zit aan mijn grens. Mijn lichaam is enorm achteruit gedenderd, zo zonder fysiotherapie en accupunctuur. Mijn depressie is helemaal terug van bijna niet weggeweest. Zodra ik begin te huilen is het einde zoek.

Ik krijg medelijden met mijn hondje. Een paar keer per dag wandelen en dat is het dan. Ik doe wel spelletjes, maar ik ben zelf zo moe. Te moe om te slapen. Kwakkel de nacht door. Slapeloos. Licht dommelend. Alle ME klachten worden erger. Mijn lijf staat stijf van de pijn.

Vanavond voor het eerst in tijden weer naar de fysiotherapeut. Heks vindt het doodeng. Maar er zijn behoorlijk wat maatregelen getroffen, dus het is kiezen tussen twee kwaden. Veranderen in een pijnlijke wandelende kwarktaart of Corona oplopen op de behandeltafel…..

Somberdesomber. Lekker blog is dit. Toverrecepten voor een vrolijk leven…..

Heks is alleen en koud en moe. Haar hongerige huid is aan aanraking toe. Toe aan geliefden, die om me geven. Toe aan een vervuld bestaan. Aan echt leven.

Helaas overleef ik matig in de marge. En ik mag er niet over klagen. Vooral niet over klagen. Niet klagen maar dragen.

Ga zelf maar eens vijfendertig jaar je fysiek zwaar klote voelen. Altijd. Ook als je een leuke dag hebt. Word zelf maar eens systematisch voor gek verklaard met je ingebeelde ziekte. Terwijl je doodziek bent. Raak zelf maar eens alles kwijt. En nog eens. En nog eens.

Ga zelf maar eens naar al die ongevraagde domme adviezen zitten luisteren. Laat je zelf maar eens veroordelen door mensen, die nog nooit iets hebben meegemaakt. Je kent ze wel, mensen met zo’n maakbaar leventje.

Misschien is het goed, dit gehuil. Dit gejammer. Dit er doorheen zitten.

Kom me niet aan met troostende woorden. Ik kan ze niet horen. Het zegt me echt niets.

Ik zit al vijfendertig jaar grotendeels in thuisisolatie. Een opleving hier en daar nagelaten.

‘Het komt omdat je zo negatief bent, Heks. Daardoor wordt je ziekte steeds erger. Je wilt gewoon niet beter worden. Het is een schuurpapiertje van het leven, je ziekte. Wat doe je allemaal om je klachten in stand te houden? Als je maar genoeg in engelen of weet ik wat, God, Jezus, Mozes, Maria, Waterstraal gelooft, dan genees je wel. Je moet al je trauma’s verwerken. Dan word je vanzelf beter. Het is de straf voor een ander leven. Heb je wel eens aan orthomoleculaire voedingssupplementen gedacht? In de lente is het zo weer allemaal voorbij. De zomer komt eraan. Dan zal het beter gaan……’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zeg dit soort dingen niet. Tenzij je prijs stelt op een flinke opstopper. Want liet ik me vroeger zonder morren beledigen en veroordelen, liet ik zogenaamd wijze mensen hun goddelijke gang gaan met hun spirituele wijsheden en manische geverklaar van mijn leven…… Het positivistische geweld……Ik ben er klaar mee.

Ik vraag niet veel, slechts een klein beetje.  Een flinter genade op mijn brood. En een leven voor de dood. Samen met een paar lieve mensen. Misschien wat nuttig tijdverdrijf? Iemand met wie ik verblijf? Dat is alles wat ik me kan wensen.

‘Ook anderhalve meter afstand is niet veilig…’

Anderhalve meter echt niet genoeg in geval van hijgende hardlopers/doodlopers en gekken op een racefiets.

Nieuw onderzoek: onzichtbare spuugwolkjes blijven achter in de lucht tijdens het hardlopen

Hier en nu, kukeleku! Momenten van genade. Heks slaat zichzelf gade. Tussen de fossielen. Wat doet me dankbaar knielen? Mijn levende hart. Kloppend. Bonzend. Waarin geen leugen woont. Wel woede, maar daar wordt aan gewerkt….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Vandaag is vandaag. Ik ben niet van gisteren. Vandaag is de vraag: Wat voor’n dag is het vandaag? Een goede dag of een kwaaie? Ik zal er niet omheen draaien.

Vandaag is goed. Omdat het van me moet.

Gisterenmiddag fiets ik met mijn hondje. Ik blijf in de stad met mijn ventje, want hij is gewond. Zondagavond knipt Heks een stuk van zijn oor af. Alles onder het bloed. Verbluft kijk ik naar het piepkleine verbandschaartje in mijn hand. Heb ik daar nu gewoon mee in dat oor zitten knippen?

En waarom piepte mijn kereltje niet? Waarom trok hij zijn koppie niet weg? Waarom gaf hij helemaal geen sjoege? Ja, nu. Nu ik aan zijn gewonde oor zit. Nu vindt hij het niet meer leuk!

Ik check de afgeknipte klitten op vleesresten en bloed. Niets te vinden. Zowel het afgeknipte haar als het schaartje zijn brandschoon. Ik kijk nog eens naar VikThors’ grote flapoor.

Ja, er zit een rauw open randje precies op de plek van de kleine vouw in het oor. Een kaarsrechte rand. Als afgeknipt met een reuzenschaar.

Ik dep het bloed zo goed en kwaad als het gaat. Daarna volgt de magische honingzalf. Ik hang de bijendoek op zijn bench…..

De volgende morgen knip ik nog wat kleverige klitjes weg van de rand. Er komt nog een stukje rauwe open huid vrij. Weer een bloedbad.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Geen vleesresten of andere tekenen, die erop duiden, dat ik stukken van mijn hond af knip. Intussen ben ik er achter, dat er al een verwonding moet hebben gezeten. Het moet recent gebeurd zijn, wat ik heb onlangs zijn oren nog helemaal nagelopen.

Om dat wondje is haar gaan klitten. Door al het zwemmen is de ontstane infectie wellicht verergerd. De boel is binnenin die klit gaan broeien.

Dat heb je met klitten. Voor je het weet gaan ze een eigen leven leiden. Ik mag nog blij zijn, dat het oor niet zwanger is geworden…..

Vandaag wordt er niet gezwommen. Heks blijft dus in de stad. Sinds ik onlangs ben onder geniest door een studente, heb ik mijn heilig voornemen om geen Corona op te lopen laten varen. Het is niet te doen.

Fiets ik overal volledig bemondkapt rond en word ik bijvoorbeeld besmet in mijn eigen straat. Als ik mijn hoofd uit het raam steek om mijn kat te roepen of iets dergelijks. Zal je zien en beleven.

Heks fietst dus weer af en toe zonder die kap. Als het echt rustig is buiten bijvoorbeeld. Zodra er gevaar dreigt zet ik dat ding weer op. Gunstig bijverschijnsel is, dat mensen niet meer expres in mijn anderhalvemetercirkel komen. Om te provoceren. Ook het gehoest richting Heks is aanmerkelijk minder. Al een paar dagen niet voor hoer uitgescholden.

Mondkapjes maken mensen agressief. Hier in Nederland dan. In andere landen hebben mensen er veel profijt van. Maar hier ben je een asociale gek, als je zo’n ding op je kop zet. En dat zal je weten ook!

Dit alles ondersteund door de adviezen van de deskundigen van de RIVM. Die alleen maar zeggen, dat het dragen ervan niet helpt en dat het zelfs gevaarlijk is, ja echt, omdat er een chronisch tekort aan die lullige lapjes is. Wat ik dan weer niet begrijp.

Als je zoveel ingewikkelde complexe beademingsapparatuur kunt regelen, er zijn zelfs studenten op gezet hier ter lande, die in een paar weken een geheel nieuw ontwerp hebben afgeleverd, moeten een paar miljoen supersimpele mondkapjes toch ook wel lukken? Zet daar eens een paar studenten op. Of een stelletje handige ZZPers, die dolgraag een opdracht willen.

Maar nee, hier worden je landgenoten dus kwaad als je met zo’n ding de straat op gaat.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Bij ons op de universiteit is op een gegeven moment een schrijven rond gegaan,’ een vriendin vertelt, dat de Aziatische studenten op het Erasmus ook tegen dit soort asociaal gedrag aanlopen, als ze hun mondkapjes dragen. ‘Echt heel vreemd, Heks, maar het gebeurt hier ook. Men heeft toen verzocht om op te houden die mensen hierop af te rekenen.’

Ach, mondkapje is mijn nieuwe stokpaardje. Een narcist met een mondkapje! Twee stokpaardjes in 1. Of een stokpaardje op een stokpaardje.

Terwijl ik zo fiets ontdek ik een heerlijk plekje uit de wind, in de zon, aan het water. Niemand in de buurt, want het is bij een universiteitsgebouw. En die zijn allemaal dicht.

‘Ontdek je plekje,’ hum ik in mezelf. Denkend aan klitten. In oren weliswaar. Maar toch.

Dan verdwijnt de zon achter de Universiteit Bibliotheek. Dat grote gebouw vol fossielen. Naast eeuwenoude manuscripten ook levende  menselijke, bibliofiele exemplaren. En natuurlijk de eindeloze hoeveelheden millennia oude kleine slakkenhuizen in het overvloedige marmer door het hele gebouw.

Ik ben intussen helemaal in het nu aanbeland. Rustig peddel ik verder langs de Singel. We komen bij het Plantsoen. Daar woonde vroeger een tante van me. Met haar dochter, een nakomertje met Down. Heks was gek op dat meisje. We speelden samen tijdens familiefeestjes.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

We gooiden eindeloos over met een bal. Of we maakten samen een mooie puzzel. Jeetje, wat lang geleden. Ik ben die tak van de familie volledig uit het oog verloren.

Ik ben opgehouden om naar allerlei ellendeprogramma’s te kijken. Ik kijk zelfs niet naar de persconferentie. Dat gaat dan weer wat ver. Ik zie nog wel eens iets. Over de olie bijvoorbeeld. Dat je in de Verenigde Staten fors geld toe krijgt als je een vat koopt.

Dus de oliemarkt stort in. De fossiele brandstof, waar de Noordpool voor moet wijken. De smeltende kap, waaronder nog meer olie verstopt zit. Is het erg? Ja, voor een heleboel rijke oliestinkers is dit een ramp. Maar voor Moedertje Aarde is het een kans.

Er zijn al jaren alternatieven voor dit kleffe goedje. Gewoon water bijvoorbeeld. Ik hoorde twintig jaar geleden verhalen over een man op de Filipijnen, die zijn auto op water liet rijden. Hij heeft zijn uitvinding niet overleefd. Niet dat de auto ontploft is. Welnee. De man is op raadselachtige wijze aan zijn eind gekomen. Of verdwenen.

Broodje aap? Wie weet.

Feit is, dat de olie industrie niet op dit soort alternatieven zit te wachten. Als olie niet meer gewenst is zijn hun bronnen niets meer waard. Ook de hele industrie eromheen is dan niet meer nodig. De aandeelhouders krijgen geen woekerwinsten meer. Kortom: Net als de woekerhandel in tulpenbollen in de 17e eeuw loopt deze industrie kans in no time te verdwijnen.

Oh, zit ik toch weer iets ergens van te vinden. Had me nog zo voorgenomen dat vandaag nu eens niet te doen.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de Trump Foundation, die hulp wil van Trump.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik fiets verder. Helemaal hier en nu nu. Ja nu. Een zeemeeuw valt VikThor aan. Hij zal wel een nest hebben in de buurt. Mijn witte hondje wordt vaak aangezien voor een soortgenoot van hen, lijkt het. Ik kan me niet herinneren, dat Ysbrandt vroeger ooit door een meeuw is aangevallen. Met VikThor vliegen ze hele enden mee. Schreeuwend en krijsend.

Ik strijk neer in de berm. Hier is nog zeker een uur zon. Ik heb een flesje ‘coconut juice’ bij me. Geen melk, maar echt het sap uit de klapper. Terwijl ik lekker zit te tekenen, scharrelt VikThor om me heen. Soms komt er een hondje langs en dan spelen ze eventjes.

Een Labradoedel raakt helemaal verliefd op mijn ventje. Ze spelen en spelen. Het baasje kijkt vertederd. Later komt hij speciaal nog eventjes terug met zijn hondje. Is het voor zijn beest? Of heb ik nu ouderwets sjans? ‘Ze vindt hem helemaal leuk!’ glimt de man. De leuke man.

Hier en nu. Me niet gek laten maken. Voorzichtig blijven, dat wel. Maar ook………

LEVEN.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zonnige zondag met veel wind. Heks vindt een kind. In haar eentje. Ik draag eendje in Haar handen. Voorzichtig door een moddersloot. Blijft hij leven? Gaat hij dood? Ik zal jou geschenken geven, watergodin. Laat hem in leven…..

Zondag eind van de middag fietst Heks de stad uit. Haar kleine hondje draaft naast haar. Kletsnat van een lekker bad in de Singel. Er staat een fris windje. De zon schijnt stralend, maar toch weerhoudt dit verplaatsen van lucht mensen om massaal de natuur in te gaan.  Ook de doodlopers en wielerfreaks zijn op 1 hand te tellen. Heerlijk!

Het is zo rustig, dat ik mijn mondkapje aan de wilgen hang. Bij het Valkenburgermeertje laat ik mijn varkentje lekker zwemmen. Hij stort zich keer op keer met overgave het water in. Op zoek naar dat balletje. Dat geweldige fantastische balletje……

Na een tijdje heb ik wel zin om weer naar huis te gaan. De energie is minimaal. Ik moet dat hele end nog terug. Ik kijk mijn monster aan. Lok-oogjes. Verleidersblik. Speels smeken…. Liedje van verlangen. ‘Nog eventjes, Vrouw, nog even stukje de polder in……?!’

Ik kan zijn smeekbede niet weerstaan. Even later zijn we weer onderweg. Naar ons bankje. Midden op een groot stuk weiland. Links en rechts sloten, bossages, eilandjes, het meertje op de achtergrond…..

Het is geweldig rustig. Heks gaat lekker zitten tekenen. Ik heb mijn tablet bij me. Al snel ben ik verdiept in mijn werk.

Ik zit al een hele tijd rustig te tekenen, mijn hondje scharrelend om me heen, als er plotseling enorm tumult ontstaat op een twintigtal meters afstand. Een eend zit geweldig te krijsen. Ik kijk op. Vikthor ook. Een paar kleine eendjes scharrelen verschrikt door het hoge gras. De moeder luid snaterend op een afstandje…. Wat is er gebeurd?

Dan een uit de kluiten gewassen herder en een klein fel kuttenlikkertje. Ze storten zich -opnieuw- op de eendjes. Heks krijst nu ook. VikTHor zit inmiddels aangelijnd toe te kijken hoe zijn Vrouw achter de honden aanjaagt.

De eigenaresse is een grote ongeïnteresseerde griet. Gehuld in een massief huispak van Roy Donders. Haar honden terug roepen? Ho maar. ‘Houd je honden even bij je, er lopen hier allemaal kleine eendjes…’ alsof Heks Spaans spreekt.

Dan, terwijl ze passeert, alle ontredderde eendjes liggen intussen alweer in de sloot met moeders, ‘Daar zit er ook nog ergens eentje tussen de spoorrails.’

Paniekerig begin ik langs de rail van de oude stoomtrein te rennen. Op zoek naar dat kleintje. Een heel stuk verderop vind ik het schatje. Suffig zit hij tegen een rail aangedrukt. Op een veld, waar menig hond loopt rond te jakkeren op dit tijdstip. Hem laten zitten is geen optie.

Zo loop ik dan met mijn kleine schat naar de sloot. Ik zet het beestje tussen de andere eendjes. Opgelost!

Maar, oh jee.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De nog immer paniekerig moeder gaat er snel van door met de rest van het grut. Mijn kleintje belandt aan de overkant van de sloot in het riet. Aan de kant van een eilandje. Bibberend. Alleen.

Heks jaagt langs de sloot om te zorgen dat de moeders, ik zie meerdere vrouwtjeseenden nu, allemaal luid snaterend, langs het eenzame kleintje gaan zwemmen. Hopelijk sluit hij zich vanzelf weer aan.

Maar nee. Ze zwemmen hem zo voorbij. Het kleintje verroert zich niet. Kut.

Ik begin het nu toch benauwd te krijgen. Die kleine moet weg daar uit dat donkere stuk riet. Ik probeer met een lange stok het diertje naar me toe te harken. Lukt niet. Nog een langere stok, een boomstam eigenlijk….., werkt ook niet. Alle andere eenden zijn intussen foetsie. Zelfs geen kleintje meer te bekennen ook. Behalve mijn schatje.

Op een afstandje volgt VikThor mijn verrichtingen met grote belangstelling. Wat is ze toch allemaal aan het doen, de Vrouw? Waarom trekt ze in godsnaam haar broek uit?

Heks springt in haar onderbroek in de moddersloot. Hij is veel dieper dan ik dacht. Ik waad door de zachte blubber naar de overkant. De onderkant van mijn spijkerhemd en spinnentrui worden ook nat nu. Ik vis het eenzame eendje uit het riet. Behoedzaam waad ik terug. Stap met een paar pikzwarte benen weer op het droge. Met mijn schat voorzichtig tegen me aan.

Terwijl ik het eendje in een fietstas parkeer, poets ik mijn benen een beetje schoon. Ik kleed me weer aan. Jeetje, wat een actie. Maar wat nu? Ik heb beloofd dit beestje te redden. Ik overweeg al om hem mee naar huis te nemen. Naar 7 monsters van katten……

Ik haal het eendje weer tevoorschijn en houdt het een hele tijd in mijn zachte handen.  Subtiele energie stroomt rondom het diertje en omhult het met een veld van liefde en veiligheid. De rust keert weer in zijn kleine lijfje. Na een tijd kijkt het beestje me gis aan. Zijn snaveltje tikt tegen mijn hand.

Dan plotseling: De eend met kroost zit weer in de sloot, waar het allemaal begon! Met de andere kleintjes. Ik sluip met mijn schat dichterbij. Ik ga nog 1 keertje proberen om het dier bij zijn moeder terug te plaatsen. Daar is hij toch veel beter af, dan bij mij.

Ik zet hem in het water. Snel peddelt hij weer terug naar de oever. Richting Heks! De moeder blijft op afstand. Ze heeft hoegenaamd geen interesse voor de kleine en moet al helemaal niks hebben van mensen…..

Heks trekt zich terug van de sloot. Nu is het een kwestie van afwachten. Komt het nog goed met dit eendje en zijn familie? Of is hij verstoten? Of is het eigenlijk een jong van een hele andere moedereend?

De moeder vliegt op en voegt zich bij de andere kleintjes, die intussen en heel end verderop  ronddobberen. Mijn kleine vriend zie ik niet meer. Hij lijkt spoorloos verdwenen te zijn. Een hele tijd draal ik nog op de plaats, waar ik hem liet gaan. Hij laat zich niet meer zien……

‘Ha Heks, wat leuk, dat je voor mijn verjaardag belt,’ Blonde Buurman belt me die avond terug, nadat ik hem ’s middags in paniek heb gebeld met allemaal eendenvragen. Hij is expert op het gebied van vogels en met name ook eenden. De achtertuin van zijn ouderlijk huis zat altijd helemaal vol met die beestjes.

‘We hebben ook weleens een geredde zwaan in huis gehad,’ vertelt hij me op een goede dag, ‘Maar die werd wel erg groot. En hij vertrouwde mensen en honden en dat laatste is hem uiteindelijk fataal geworden….’

‘Oh, ben je jarig? Gefeliciteerd!’ Heks zingt direct een paar liedjes voor haar oude vriend. Wat een geluk, dat ik hem op zijn verjaardag bel. Niet dat ik er aan gedacht had. Heks ia heel slecht in verjaardagen. Ik kan alleen die van mezelf onthouden.. …..

Dan vertel ik hem over Bertje, het kleine eendje, dat misschien ergens in een sloot zit te verpieteren in zijn eentje. ‘Jeetje, Buurman, had ik hem net toch mee naar huis moeten nemen?’

‘Die moedereenden zorgen heel slecht voor hun kroost. Ze tellen echt niet of ze allemaal aanwezig zijn. Er worden er ook regelmatig een paar opgegeten door een grote snoek. Ze houdt het niet bij. De eendjes zelf moeten zorgen, dat ze in haar buurt blijven…..’

‘Ze sprokkelen ook al vanaf dag 1 hun eten bij elkaar. Dus hij kan wat dat betreft voor zichzelf zorgen. En wat ook nog wel eens gebeurt, is dat ze gewoon achter een andere moeder gaan aanzwemmen…..’

‘Wat die kleintjes ook doen, is onder water duiken als er gevaar is. Ze verstoppen zich in het riet en steken dan alleen hun snaveltje als een soort snorkeltje boven het water uit. Ze kunnen dat een hele tijd volhouden…..’

Heks begrijpt nu eindelijk, waar dat kleine eendje gebleven is, nadat ik hem de laatste keer in het water heb gezet. Daarom kon ik hem niet meer vinden….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

’s Avonds draag ik de kleine in Haar handen. We waden door de nachtelijke sloot. Huiswaarts. Richting moeder, broertjes en zusjes. Op de hoek een Snoek. Hoofd groot en vervaarlijk. Een watergodin trekt aan mijn benen, waarom dit hapje laten gaan?

Omdat ik haar draag in Haar handen. Omdat ik het die kleine heb beloofd. Tegen het snoekenhoofd. Tegen de lange sliertige haren. Om mijn benen geslagen. Verstrikt. Vertraagd. Nauwelijks vooruit nu, de bocht om, we zijn er bijna…..

‘Ik zing voor je, ik breng je een geschenk. Morgen of overmorgen, maar zeker deze week. Een munt, een blinkende munt, laat mijn kleintje gaan. Een glanzende echte munt voor jou. KOMT ER AAN…’

Dan voel ik ontspanning. Verandering in de lucht. Mijn benen weer losgeraakt uit wuivende groene haren. Ik draag een eendje in Haar handen. Voorzichtig door een moddersloot. Blijft hij leven? Gaat hij dood? Ik zal jou geschenken geven, watergodin. Laat hem in leven…..

Ik hou van mijn. Tegen de klippen op. Ik bent zo lief. Ik zet mijn wereld op zijn kop. Wiens kop? Dat wil je wel weten. Mijn eigenste kop gaat over de kop! Niet meer vergeten! En kop op! En: ‘Schilder me, Heks, laat de beelden komen. Ik waak in je dromen. Je voelt je geveld, uitgeteld, maar het beste moet nog komen…..’

Hoe is het met je eed, Heks? Doe je er iets mee? Ben je bezig? En wat doe je dan? Hoe werkt dat, zo’n eed? En geloof je het nu zelf helemaal allemaal? Vragen, vragen.

Heks zit weer in de zon op haar balkon. Helaas is het weer lekker weer vandaag. Gisteren heerlijk in de regen gefietst met mijn hondje, zonder hierbij gehinderd te worden door allerlei hardlopers en fietsers. De absolute asocialen van het Corona tijdperk. Verslaafd aan het zo snel mogelijk van A naar B jakkeren. Op een paar dure sportschoenen of een onbetaalbare fiets.

Zonder daarbij rekening te houden met wat er op hun pad komt. Ze lopen desnoods dwars door je heen. Afgelopen week kwam er een tegenligger met een minachtende uitdrukking op het gezicht met zijn racefiets recht op Heks af. Alleen maar omdat ik ruimte vroeg om te passeren.

Hij nam met zijn wielrenmaatje, gezellig naast elkaar stoempend, het halve fietspad in beslag en vond dit provocerende gedrag het juiste antwoord op mijn verzoek.

Ik heb hem uiteindelijk een lel met een dummy van VikThor gegeven. Net voordat hij mij kon raken! Gisteren alleen maar uitgescholden door drie dikke jonge Moslima’s, die met zijn drieën op het fietspad liepen te wandelen. Kamerbreed naast elkaar. Met achterwerken waar Kim Kardashian jaloers op zou zijn.

Mijn verzoek om me te laten passeren levert een scheldpartij van jewelste op. Heks moet haar bek houden. Me dit en me dat. ‘Hoer’, schreeuwt de meest ordinaire van het stel tot slot, ‘Vieze lelijke dikke ouwe hoer!’

Een paar jongens met dezelfde etnische achtergrond lopen een stukje verderop. Ook midden op het fietspad. Zij maken ruim baan voor Heks. Grote glimlach. ‘Dat kan toch echt niet, mevrouw, u daarvoor uitschelden,’ zegt 1 van de knapen. De schat maakt het weer een beetje goed.

‘Het is al de tweede keer, dat ik zo wordt behandeld door dames met hoofddoek. Binnen een week! Ik weet, dat de meeste moslimmeisjes keurig thuis zitten te studeren. Maar als ze ordi zijn, dan zijn ze het ook goed. Mijn God,’ verzucht ik later tegen de Don. Wat mankeert die meiden?

Vanmorgen zit ik dan huilend voor de televisie. Een tearjerker film van jewelste brengt een stroom tranen op gang. Ik heb ook nog eens heel slecht geslapen. Wat verbrokkelde uurtjes bij elkaar gesprokkeld en daar moet ik het dan mee doen. Ik weet me met mezelf geen raad. Hier zit ik dan. In mijn eentje op een flatje. Met een lijf wat niet wil. In dit Corona-tijdperk.

Mijn kleine universum op zijn kop. Alleen. Alleen. Met een depressie van heb ik jou daar op de loer. Die morrelt al jaren aan mijn bestaan. Mijn overgrote woede is in feite een manier om niet inert bedlegerig te geraken. Zonder mijn woede had ik het niet gered.

Eindelijk kom ik op een punt, dat ik mijn eigen gevoelens en gedachten mag hebben. Voorheen had ik ze natuurlijk ook wel. Maar privé. Achter de voordeur. Zodra er mensen aan te pas kwamen, met name mensen die me lief zijn, raakte ik al snel in de verdunning.

Iets, dat me ook nu nog wel gebeurt, hoewel ik er helemaal niet meer tegen kan. Dat gedrag van mezelf. Pleasen en bevestigen. De ander voorop zetten. Alles om de lieve vrede te bewaren…..

Dan heb ik ook nog eens moeite met mijn nieuwe gedaante. Ik voel me er niet echt beter bij. Soms verlang ik zelfs terug naar die ouwe gezellige deurmat. De lieve pleaser. De positieveling. De eeuwige lieveling.

Ik kan intussen ook steeds beter zien, hoe dat proces van verdunning in zijn werk gaat. Hoe ik de eerste vijfendertig jaren van mijn leven op eieren heb gelopen. Hoe ik uiteindelijk toch zo’n belangrijke dierbare teleur heb gesteld. Hoe mijn moeder me dat nooit heeft vergeven. Ik was van haar. En niet van mezelf.

Een fenomeen, dat je vaker ziet bij moeders en dochters. Ik in elk geval wel. Sinds mijn ogen open zijn gegaan. Er is zelfs een televisieprogramma over gemaakt.Een hele serie afleveringen! Waar ik bijna niet naar kan kijken. ‘sMothered‘.

De ondraaglijke pijn om te worden afgerekend op wie je werkelijk bent. En het enorme verdriet, dat je blijkbaar niet goed bent zoals je bent. De schrik om de woede van mensen, omdat je het niet met hen eens bent. De diepe wond in Heks. Op haar veertiende is ze begonnen met helemaal haar bek te houden. Uit lijfsbehoud.

Total shut down.

Heks lijkt dan wel zo mondig en strijdbaar, maarrrrr……..

Ik heb paralel aan mijn leven geleefd. Steeds gericht op die ander. Conflictvermijdend. Sussend. Begrijpend. ‘Achterlijk loyaal’ zoals Peter van der Hurk het noemt.

Elke avond weer uren bezig om de boel van binnen weer op orde te brengen. Pogen om tussen mezelf en mijn bezette zelf overeenstemming te bereiken.

Het helpt ook niet mee, dat ik vannacht weer snotverkouden was. Na de niesbui van iemand, op slechts een paar meter afstand van Heks,  ben ik er niet gerust op, wat zich in lijn lijf afspeelt. Ik druppel Colloïdaal Zilver in mijn neusgaten. Gorgel met hetzelfde spul. Het zou moeten helpen tegen dit virus.

Er zit een tenenkrommende folder bij de grote fles, die ik heb aangeschaft. Het is, dat ik dit antivirale middel ken uit het AIDS-tijdperk. Het is dat ik weet, dat het geen gebakken lucht is, dit middeltje. Afgaande op de uitermate arrogant opgestelde bijgesloten brochure had ik de fles zo het raam uit gekeild….

En de Zwarte Dame dan, je eed? Dit is allemaal meer van hetzelfde gejammer, Heks. Over je onbegrepen bestaantje…..

Op televisie zie ik een man van het Leger Des Heils. Schiet me maar lek in welk programma. Ik zap langs en blijf hangen. De man vertelt wat hij voor zijn getroebleerde medemens probeert te doen.

‘Ik probeer het met hen uit te houden,’ Het is een ongelofelijke schat van een kerel, ‘Ik heb ontdekt, dat dat het allerbelangrijkste toch is om naar iemand te luisteren. Echt luisteren! Dat valt soms niet mee. Je moet het uithouden. Niet gelijk met een oplossing komen, dat werkt averechts. Heel soms ga ik hiermee nog in de fout, maar oplossingen aandragen werkt voor geen meter.’

Het met elkaar uithouden. Zonder oordeel gewoon luisteren, naar wat er in de ander leeft. Dus niet de ander dwingen om iets te zeggen of voelen, wat niet van die persoon is. Of het probleem eventjes te verklaren en op te lossen. Of roepen, dat heb ik ook en het gesprek te kapen…….

Holding Space is de term in de psychologie voor dit verschijnsel. Thich Nhat Hanh noemt het deep listening. Niks terug zeggen. Niet reageren. Vooral niet jouw persoonlijke mening er lekker overheen sproeien…….

In Plumvillage wordt altijd enorm geoefend met deze manier van naar elkaar luisteren tijden het dagelijks ‘dharma delen’. Je ‘darmen delen’ grapten we hier vaak over. Your gut.

Ook in deze kloostergemeenschap vinden mensen het vaak moeilijk om alleen te luisteren. Heks heeft, na het delen over haar leven met die rare ziekte, echt wel mensen over zich heen gekregen, die me direct een oplossing aanreikten.

In de vorm van hele dure behandelingen in verre oorden. Waarbij geen enkele garantie wordt geboden, dat je ook daadwerkelijk geneest. Menigeen voelt zich na alle aandacht van een set behandelaars veel beter na een tijdje. Maar je hoort zelden iets over de langetermijneffecten. Of die er zijn. Genezen doen die mensen in elk geval niet.

Zo jammer, want het doet het effect van deze benadering, het met iemand uithouden, deep listening, te niet. Je houdt er een juist enorm kutgevoel aan over.

Heks is ook wel eens enorm opgeknapt van haar kwaal. Ook ik dacht toen, dat het kwam doordat ik zo mijn best deed. Door het dieet, de accupunctuur. De paranormale behandelingen, het feit, dat ik mijn leven drastisch had omgegooid…..

Ik dacht dat het belangrijk was om te denken, dat ik werkelijk genezen was. Ik heb dat een ook jaren volgehouden, terwijl ik ondertussen nog vrij veel last had van mijn kwaal. Maar ik werkte weer. Ik deed weer een beetje mee. Dus weg met het idee van die ingebeelde ziekte…….

Maar de ziekte heeft met nederig gemaakt. Door keihard terug te komen. Door niet meer te reageren op het ‘mijn gloeiende best doen’. Ik ben tegenwoordig voornamelijk bezig om er binnen de mogelijkheden iets van te maken. Daarom doet het zo ontzettend zeer, als ik me weer moet verdedigen, dat ik nog steeds niet op wonderbaarlijke wijze genezen ben……

‘Heks, je moet je nooit meer verdedigen. Daarmee geef je heel veel macht aan hele domme mensen…’ drukte Peter van der Hurk me jaren geleden alweer op het hart.

Dus ik ga me dan ook niet verdedigen, voor alle woede, waar ik de laatste jaren tegenaan ben gelopen in mezelf. Mijn woede heeft me gered. Het heeft dat kleine cirkeltje doen ontstaan , waarop ik kan staan. Met mijn eigen gevoelens en gedachten. Waar jullie het absoluut mee oneens mogen zijn. Maar ze zijn wel ‘Van Mijn’.

Heks moet lachen. Die tekst wilde een grote liefde van me op zijn enorme buik laten tatoeëren. Nadat hij dertig kilo was aangekomen door de antidepressiva. Ja, humor moet ons redden!

Ik brandt een kaarsje en een geuroffer voor de Torenvrouwe. Als ik wil gaan schelden roep ik haar naam. Het valt me eerst niet eens op. Pas na een paar dagen begint het me te dagen. Durf ik ook hier haar steun in te vragen.

‘Schilder me, Heks, laat de beelden komen. Ik waak in je dromen. Je voelt je geveld, uitgeteld, maar het beste moet nog komen…..’

 

 

 

 

Mozes, Maria, waterstraal, alleen vlees eten is toch niet normaal? Dit dieet is niet voor de armen, ook laat het onze planeet nog meer opwarmen. Heks met je gekke en dwarse verhalen, laat je je hiertoe overhalen? Ja, ik denk het wel. Reken maar van yes. Als ik er beter van word…… En geen koffie, geen alcohol, veel vaak vasten….. Daar is Moedertje Aarde weer heel blij mee!

Heks fietst door het Leidse Hout. Met grote moeite ontwijk ik de hijgende joggers links en rechts. Die plaag van de dag van vandaag. Die horde hollende ellendelingen, die bossen, parken, alsmede de Leides Singels onveilig maken met hun amechtige gepuf. Hierin bijgestaan door een legertje gestoorde wielrenners.

Als ik zo’n zwaar zwetende wielrenner tegenkom op een smal fietspad zorg ik ervoor dat hij niet op dertig centimeter van me voorbij kan scheuren. Breeduit versper ik hem de weg. Hij moet wel stoppen, tenzij hij een frisse duik wil nemen in een vaart.

De spijtoptant in zijn achterhaalde wielerkleding, waarin zijn valhelmpje mooi wordt geaccentueerd, kijkt me verbijsterd aan. ‘U moet minstens 20 meter afstand houden, volgens recente aanbevelingen, wat doet u op zo’n smal fietspaadje?’

Mensen, die normaal gesproken nooit een stap de natuur in zetten, bevolken nu elke strook groen, die er maar te vinden is. Zelfs de Singel raakt overvol tijdens het mooie weer. Hordes studenten zitten er te picknicken. Een paar meter uit elkaar, dat wel.

Maar vaak weer wel een halve meter van de openbare weg. Op die manier is Heks een keertje onder geniest door een snipverkouden exemplaar. Ik fietste langs met mijn hondje. Het is alweer bijna een week geleden, dus het zal geen Corona geweest zijn……

Mijn uitlaatrondes met VikThor frustreren me enorm. Waar ik normaal gigantisch op knap van een uurtje in de frisse natuur, nu eindigen mijn uitstapjes vaak voortijdig, omdat ik letterlijk geen kant op kan hier in de drukke stad, de overvolle parken, zonder een overload aan onwelkome vreemde asem over me heen te krijgen.

Ik kan al die joggers letterlijk niet luchten. Koop een loopband! Ga touwtje springen op je balkon! Of ren met z’n allen om een voetbalveld en besmet elkaar dan lekker. Maar laat ons met rust. De risicogroep. De mensen voor wie een minuscuul virusdeeltje fataal kan zijn.

Heks is dan ook blij, dat het weer koud is. Ik zou een gat in de lucht springen, als het het hele voorjaar miezert en plenst. Een koud windje erbij en een beetje nachtvorst aan de grond af en toe….. Een flinke plensbui elk uur…… Alles om al die sportende  gekken hun huis weer in te jagen.

Geloof me, Heks houdt ook van sport. Ik heb ook hard gelopen en met een racefiets door de duinen gejaagd. Ik ken de onrust in je lijf, waar een robbetje sporten het antwoord op is. Ik heb tot een paar jaar geleden altijd nog stevig gezwommen om mijn conditie op peil te houden. Ook Heks mist het sporten, hoewel het eigenlijk niet meer gaat.

Maar doe het niet.

We missen allemaal wel iets deze dagen. Je gaat niet dood van een tijdje niet sporten. Maar ik misschien wel van jouw gesport. Bedenk dat maar eens goed, als je weer als een ongeleid projectiel alles op je razende weg onder hijgt.

Recent onderzoek toont ook aan, dat je zelf meer gevaar loopt door dit gedrag. Je longen staan veel verder open, als je hardloopt. Een buitenkansje voor een verdwaald virusdeeltje!  Misschien dat dat je kan weerhouden om als een dwaas rennend over de straten te gaan……

Heks is iets interessants op het spoor gekomen. Afgelopen weekend zie ik een controversieel interview op een buitenlandse zender. Ik meen CNN. Een beeldschone jongedame, Mikhaila Peterson, wordt geïnterviewd over haar aparte levensstijl.

De dame in kwestie volgt een bizar dieet. Bizar voor de meeste mensen dan. Niet voor de gemiddelde carnivoor. Mikhaila eet uitsluitend vlees. Drie keer per dag. Gekookt, gebakken, geroosterd. Daarbij drinkt ze koolzuurhoudend bronwater met zout.

Nou ja, als je dat nu lekker vindt…..

De vrouw kijkt schuw in de camera, terwijl ze haar verhaal doet. Lastige vragen beantwoordt. ‘Vertrouw niet op de wetenschap, die hebben echt niet altijd gelijk. Doe zelf onderzoek. Luister vooral naar je eigen lichaam….’ De hele wetenschappelijke wereld is al over haar heen gevallen.

Als ik dat dieet ga volgen, vallen er geheid ook veel mensen over me heen. Heks moet zich nu al regelmatig verantwoorden bij deze en gene, dat ze niet vegetarisch eet. En dat ook niet van plan is. Ik zou nog eerder op prana gaan leven, dan vegetariër worden, denk ik. Niet omdat ik er op tegen ben. Nee, het vegetarische dieet bekomt mijn lichaam niet. Ik heb het wel geprobeerd, maar opknappen, ho maar. Integendeel……

Mikhaila doet ook regelmatig vastenkuren. Ze gebruikt dan uitsluitend wat zout water. Heks heeft jarenlang om de zoveel maanden gevast. Soms wel 8 kuren van 10 dagen per jaar. Niemand kon het volgen, dat gedrag, maar het waren de enige periodes, dat ik me wat beter voelde.

Na een dag of vijf kwam de omslag. Ik kreeg dan volop energie en begon normaal te slapen. Mijn maag/darmstelsel kwam tot rust….. De mist verdween uit mijn hoofd. Heks beweerde indertijd ziek te worden van eten. Want zodra ik weer voedsel in mezelf begon te stoppen ging het mis. In no time was ik weer terug bij mijn landerige af.

Helaas moet je af en toe eten. Tenzij je op prana gaat leven, maar dat werd me dan toch te gortig. Ik wil met de aarde verbonden blijven. Daar is Heks veel aan gelegen.

Je begrijpt dus, dat ik dit interview met grote belangstelling volg. Vorige week kreeg ik nog een goedbedoeld bericht van een dierbaar iemand, die zelf genezen is van iets akeligs, om vooral ook te blijven proberen om te genezen van mijn kwaal. Het is deze persoon gelukt om met behulp van engelenenergie helemaal beter te worden. Een wonder is geschied en ik ben blij voor mijn medemens.

Helaas is dit voor Heks niet weggelegd. Ik ben bij de beste genezers ter wereld geweest , geloof me. Ik heb de korsten op mijn nederige knietjes gebeden. Ik heb gesmeekt, gevloekt (ofwel achterstevoren gebeden), diëten gevolgd, een complete orthomoleculaire apotheek aangeschaft…… Mezelf erbij neergelegd. Weer iets nieuws uitgeprobeerd……

Zulke berichten maken me dan ook tevens heel verdrietig. Een wonder krijg je niet op afroep. Genezen is een kwestie van enorme mazzel.

Mikhaila Peterson heeft een leven van onverklaarbare kwalen en ellende achter de rug, als ze ook een gegeven moment het heft in eigen hand neemt. Ze is al op jonge leeftijd een paar gewrichten kwijt geraakt aan artrose (!), heeft jarenlang zwaar aan de antidepressiva gezeten, altijd doodmoe….. een waslijst aan akelige kwalen…. Op haar 21e is ze al helemaal naar de klote.

En nu, een zestal jaar later, heeft ze dus nergens meer last van. Sinds ze drie keer per dag een tartaartje eet. Zoals mijn kat Snuitje, die is daar ook enorm van opgeknapt. Maar oh iedewiedewoppie! De hele goedgemeenschap valt hierover, terwijl wanhopige mensen in haar voetsporen ook overgaan op dit vleesdieet. Met succes!

©Toverheks.com

©Toverheks.com, Snuitje is heel tevreden met het Leeuwendieet!

Heks voelt een klik van herkenning met dit verhaal. De klachten. Onverklaarbaar. M’n hele lichaam ontregeld. Waardoor? Stel dat iedereen schelp- en schaaldieren at bij wijze van dagelijks brood. Dan zouden er ook mensen strontziek worden van iets zo heel gewoons…. De vergelijking gaat een beetje mank, maar toch: Wat weten we nu helemaal van het menselijk lichaam? Meer niet dan wel!

Zou ik soms gewoon allergisch zijn voor groente en fruit? Kan mijn lichaam, naast niks met gluten en zuivel, ook geen bal met dit soort voedingsmiddelen? Mis ik de enzymatische afstelling om dit soort voedsel fatsoenlijk te kunnen verteren? Zou ik ook enorm opknappen van zo’n door een koe ‘voorverteerd’ biefstukje? Of een portie orgaanvlees?

Midden in de nacht besluit ik om het eens te gaan proberen. Maar eerst die voorraad groente opeten. Ik ben juist zo’n fan van groenvoer. Maar stel, dat het werkt. Zou je het er voor overhebben, Heks? Alleen nog maar vlees op het menu? En hoe rijm je dat met de opwarming van de aarde en Thays aandachtsoefeningen?

Eerst maar eens verder uitzoeken. Dan eens kijken of het voor mij werkt. En dan….dan….

Heks suizebolt van de plannetjes. Bij het idee weer energie die krijgen. Weer helemaal gezond in de rondte te springen. Geen pijn meer, weer zo sterk als een beer. Wat zal ik allemaal eens gaan doen?

Joggen! Hardlopen door bos en veld. Langs de Singel! Een racefiets kopen en door de duinen scheuren! 😉 Schaatsen ook! Gelukkig heb ik mijn elfstedentocht-lidmaatschap nog niet opgezegd. Ik was het vast van plan afgelopen jaar. Het vertrouwen te kunnen genezen helemaal opgegeven.

Ik heb het toch niet opgezegd op een onbewaakt moment? Nee, nee, ik weet zeker, bijna zeker, dat ik nog lid ben……

Als ik beter ben hang ik mijn zeurkous aan de wilgen. Ik pak mijn toverstokje weer op. Ga enorm veel schrijven en tekenen. Boeken vol. En ook zingen! Ik neem aan, dat ik dan ook van die eeuwige keelpijn verlost ben, dus mijn oude vertrouwde 3,5 octaaf terug krijg…….

Toneelspelen ook! En dansen. Ja, dansen! Dat heb ik echt gemist.

Heks loopt op de zaken vooruit. Maar het is mij in elk geval duidelijk, dat het geen onwil is van dit heksjes, dat ze nog steeds niet genezen is. Noch is het een straf van wie dan ook om me wat dan ook duidelijk te maken. Dus God, Godin, als je me iets duidelijk wilt maken, zeg het dan gewoon. Een wazig mistig hoofd helpt niet bepaald mee in dit opzicht.

Vannacht uren in een boek zitten lezen. Kwam gisteren over de post. Cadeautje van een stervende vriendin. Ze heeft het speciaal voor haar dierbaren vanuit het engels vertaald. Een enorme klus, want er staat veel filosofische en natuurkundige theorie in. En waar gaat het boek over? Over Jezus en………… Maria Magdalena!!!!!!

 

 

Pasen was naadje. Overal dode kuikens in Huize Heks en ik moest ook nog op eieren lopen. Heks zit met open mond voor de televisie, het journaal notabene. Geen suf praatprogramma met die eindeloze stoet inderhaast opgetrommelde deskundigen…. Nee, het gewone journaal brengt al weer genoeg om je over op te winden. Ik wind me niet op. Ik laat het afglijden. Alle kritiek, aanvallen en commentaar op mijn persoontje. Alle bizarre taferelen op televisie. Heks keert terug naar de kern van de zaak. Haar innerlijk kuikentje. Die valt nog wel te redden….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks zit met open mond voor de televisie.  ‘The story in the New York Times was a total fake, it’s a fake newspaper and they write fake stories………. ‘ de lelijke oude man met een geblondeerde zwabber op zijn kop murmelt er nog iets achteraan in de trant van, dat mensen die verhalen alleen maar lezen, omdat het over hem gaat. Hij, de geweldige president van de Verenigde Staten. Klinkt lekker narcistisch….

Aan een narcist heb je niets in geval van nood. Die zijn alleen bezig met er zelf zo goed mogelijk op te staan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Dan richt die uitermate belangrijke malafide mafkees zich tot een journaliste. Iemand van de pers, die een vraag stelt. Komt overal op de wereld voor. Niet echt iets vreemds aan. De reactie van de notoire gek is echter stuitend. Het is niet de eerste keer, dat Heks getuige is van dit fenomeen: De president van de Verenigde Staten, die iedereen, die het niet met hem eens is onbeschoft schoffeert.

Een gaslightende idioot aan het hoofd van zo’n groot land tijdens deze pandemie. Nou ja. Idioten genoeg op de wereld. En vaak ook nog aan het hoofd van een groot land.  ‘It’s so disgraceful, the way you said it’ mekkert die dikke blonde adult baby tussen zijn opgespoten pruillipjes door, ‘You know you are a fake, you know that. Your whole network (CNN?), the way you cover it is fake….’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Gisteren heeft hij de arts, die hem terzijde staat al door het stof doen kruipen, omdat de goede man in alle eerlijkheid had gezegd, dat de te laat genomen maatregelen veel mensen het leven hebben gekost….. Iets, dat iedereen over de gehele wereld met eigen ogen heeft kunnen zien……

Trump, zo heet die stumper, voor het geval je dit over een paar jaar leest, wanneer niemand die vervloekte naam nog wil uitspreken, heeft ook nog de afgelopen week een flinke som gemeenschapsgeld uitgegeven aan een promotiefilmpje over zichzelf.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Al zijn foute uitspraken over de pandemie, zijn volstrekt bagataliseren van het gevaar, zijn geroep, dat het op wonderbaarlijke wijze zou verdwijnen zodra de zon zou gaan schijnen, zijn verlangen om met pasen de boel weer lekker open te gooien, zijn aanvankelijke gestook, dat het een hoax was….. alsmede zijn negeren van de feiten is uit het filmpje gelaten: De president van de VS heeft de zaken vanaf het begin fantastisch aangepakt is de boodschap.

Huh? Meuh?

Hebben die Amerikanen dan stront in hun ogen? Zien ze dan werkelijk niet, hoe ziekelijk gestoord die gek is? Het is godbetert een democratie, dat land. Men heeft die man gekozen. Iets, dat ik nooit heb begrepen. En hij wordt wellicht herkozen, we gaan het zien en beleven.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Corona maakt de wereld doorzichtig als glas. Althans voor Heks. In het licht van de pandemie wordt alles en iedereen schandalig zichtbaar. Heks kijkt zo min mogelijk naar de televisie de afgelopen week. Om mezelf niet te kwellen met dat glazen gekkenhuis. Waarin iedereen met beschuldigende vingertjes naar elkaar zit te wijzen en niemand in zijn eigen spiegel kijkt.

Maar dit is het journaal. Ik moet toch iets zien om op de hoogte te blijven….

Pasen is naadje. Heks heeft veel te veel eten in huis gehaald. Genoeg groenten voor een maand. Maar ik kan niemand op het eten uitnodigen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik trek een knalgeel jurkje aan. Zet een geel eierdopachtige hoedje op mijn eierkopje. Knalgele tulpen staan her en der op de keukentafel. Op de rand van de vazen parmantige kuikentjes. Overal van die leuke kuikentjes. Heks doet haar best.

Helaas heb ik een kat, die tulpen onthoofdt. Als grote gele eieren liggen de koppen  op paasmorgen verspreid door de kamer. Maar ook de kuikentjes zijn grotendeels verdwenen. Wat gek? Gebeurt dit echt of is het fake nieuws? Probeer ik jullie wijs te maken, dat die kuikentjes een eigen leven zijn gaan leiden in Huize Heks?

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Dat ze van de keukentafel zijn gesprongen, op de vlucht voor zo’n gevaarlijke kat wellicht?

Gedurende het gehele paasweekend vind ik in huis gemolesteerde kuikentjes. In de douche, onder het zitbad. Onder de keukentafel. Op de bank. Midden in woonkamer op het kleed. Zelfs op de drempel van de slaapkamer…… Zielige hoopjes geel met soms nog een eenzaam starend oogje of geknakt sneu snaveltje. Kleine oranje pootjes stekend uit een plukje verfromfraaid geel dons……

Pasen is schraal en kaal. Ik zie de Grote Vriendelijke Reus eventjes van een afstandje. We kletsen gezellig bij. Het is fijn om hem even te zien. Ik bel met de Don. We hebben elkaar echt niks te melden. Ik wandel met een vriendin en onze hondjes. Een paar meter tussen ons in en een mondkapje. Op Heks’ mond uiteraard.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Opeens weer bijna ruzie. Over de aanpak van de crisis hier in Nederland. Over de RIVM. Heks kan niet tegen het gelieg over mondkapjes. Dat die dingen nergens goed voor zouden zijn. Tenzij je in de zorg werkzaam bent.

Maar nee. Dat is allemaal niet waar. Opnieuw krijg ik een veeg uit de pan van iemand. ‘Ik ben wetenschapper,. Het is wetenschappelijk bewezen allemaal……De RIVM heeft in alles gelijk. Ik geloof alles wat ze zeggen. Want het zijn wetenschappers, net als ik.’

Sta ik toch weer van te kijken, van die uitval. Mond vol tanden. Geen zin in ruzie, ik kan er niet meer tegen. Loop op eieren de ronde uit.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Juist als wetenschapper zou je natuurlijk je bedenkingen kunnen hebben bij allerlei wetenschappelijke beweringen.

Ik heb lang genoeg in de wetenschappelijke wereld rond gelopen om te weten, dat er heel veel domme fouten worden gemaakt door wetenschappers. Dat ze doorgaans bewijzen, wat ze al denken. Dat ze menen te zien, wat ze willen zien. Niet eens expres, maar volgens het principe van de kwantummechanica. Dat er ook nog eens maar weinig oorspronkelijk wordt gedacht.

En waarom krijg ik de wind van voren? Waarom word ik gekleineerd? We verschillen van mening en is dat nu zo erg?

Heks is moe. Tweede paasdag lig ik volstrekt gestrekt. Overal pijn, zo ziek als een hond.  Ik zit er doorheen. De laatste weken zijn er verschillende mensen op mijn nek gesprongen over uiteenlopende zaken. Meest dames. Soms zeer terecht. Soms totaal onterecht. Soms ook zomaar.

Intussen zit ik zorgmijdend in mijn dooie eentje mijn pijn uit. Mijn thuiszorg komt telkens niet opdagen en laat ook niet weten waarom.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik draag een mondkapje voor mijn medemensen, die dingen helpen voornamelijk om anderen niet te besmetten, maar mensen spugen expres naar me. Of ze hoesten overdreven, terwijl ze hardlopend hun bacillen mijn kant op rochelen.

Een klodder spuug op de stoep op een meter afstand van waar ik fiets is ook al gebeurd. En als klap op de vuurpijl ben ik vorige week door een studente, die meende met haar zieke kop op de stoep in het zonnetje te moeten gaan zitten, onder geniest. Bizar gedrag.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Goed, dat je een mondkapje om hebt,’ zegt de op en top Thaise dame van het Thaise afhaalrestaurant, ‘Mensen worden heel boos op ons, omdat wij er eentje dragen…. Ze zouden blij moeten zijn! Maar nee, we worden regelmatig uitgescholden door onze klanten. Nederlanders zijn knettergek!’

Ik wil zo graag het goede zien. Hoe deze crisis ons mensheid loutert en opstuwt naar grote compassievolle hoogten.

Een keertje applaudisseren voor de zorg is een druppel op een gloeiende plaat. Eerlijk gezegd ergert het me, in het licht van al die bezuinigingen van de afgelopen jaren, om politici dit te zien doen. Om al die mensen, wiens reet het zal roesten hoe er is bezuinigd in de zorg recentelijk, de loftrompet te zien steken.

©Toverheks.com

‘Ze klappen zo hard, omdat ze bang zijn zelf geen plekje op de IC te kunnen bemachtigen als ze ziek worden…’ somber ik tegen de vriendin met wie ik steeds woorden krijg over het RIVM. Hier zijn we het in elk geval over eens. ‘Ik erger me gek,’ beaamt ze.

Ik weet, dat mensen in de zorg blij zijn met het applaus. Blij met de bloemetjes en complimenten. Eindelijk krijgen ze erkenning. Voor zo lang het duurt, denk ik er dan achteraan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com, Portaal levert ook een bijdrage…….

Mensen in de zorg, in de vuurlinie. Die zelf vaak ziek worden. Het zelf soms niet overleven. Niks veilig achter de geraniums, maar met de neus vooraan. In de boter! Zonder de juiste beschermingsmiddelen vaak. Er blijft een enorm tekort op dat gebied. Gek toch.

Zo moeilijk is het toch niet om mondkapjes te maken?

Studenten, die een beademingsapparaat in elkaar zetten binnen 3 weken. Met alle onderdelen hier ter lande vervaardigd. Kijk, Heks, er gebeuren geweldige dingen. Die gasten hadden ook verwoed joggend een wolk virussen kunnen verspreiden. Of al voetballend op de openbare weg, zoals de studenten hier om de hoek plegen te doen. Maar nee, ze helpen ons uit de brand.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Pasen was naadje. Overal dode kuikens in Huize Heks en ik moest ook nog op eieren lopen. Heks zit op haar hulp te wachten, die weer eens niet komt opdagen. De thuishulp, waar ze als de dood voor is. Verplicht krijgt hij een mondkapje voor. Deze superverspreider uit de zorg.

Recent onderzoek heeft uitgewezen, dat het overgrote deel van de besmetting in de provincie Groningen mensen werkzaam in de zorg betreft!

De overbelaste thuiszorg. Waar ze nog steeds zonder enige vorm van bescherming van huishouden naar huishouden hoppen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

©Toverheks.com

©Toverheks.com

©Toverheks.com