‘Werk ohne Autor,’ gaat er in als koek. Het is een prachtige film, die je niet los laat. De zaal zit stampvol en dat heeft mijns inziens een reden. Niet de voor de hand liggende, het kunstzinnige gehalte van de film, maar een meer triviale.

Zaterdag ga ik naar een film ‘Werk ohne Autor’ van Florian Henckel von Donnersmarck. Alweer zo’n prachtige film. Net als ‘Cold War’ van Pawel Pawlikowsk, een zeer indrukwekkende film die ik onlangs zag. In het land van herkomst vinden ze het overigens helemaal niks, die eerstgenoemde film. Veel te Duits.

Ook de man, Gerhard Richter,  die model stond voor de hoofdrol, de film is grotendeels gebaseerd op het verhaal van zijn leven, is not amused. Hoewel hij aanvankelijk alle medewerking verleende aan de regisseur, wil hij er nu niks meer mee te maken hebben.

Gerhard Richter

‘ Volgens dagblad Trouw:

De film reduceert Richters leven tot een drama waarin alles met alles samenhangt. Waarin de deportatie van zijn tante voer is voor zijn latere artistieke doorbraak. Het is misschien verleidelijk om het leven zo te zien maar het is ook misleidend. En pijnlijk. Het suggereert dat alles nut kan hebben en misschien wel moet hebben. En dat is zeer zeker niet zo.’

De buren mogen dan niet echt blij zijn met deze film, Umberto Tan is het wel. Uitgebreid zit hij er afgelopen vrijdag over te behangen in dat hopeloze programma DWDD. Hij is tafelheer vanavond. Mathijs van Nieuwkerk verbleekt enigszins naast hem. En dat bedoel ik niet louter letterlijk.

De acteur

‘Ja, ik moest dus met mijn dochter naar zo’n hopeloze filmhuisfilm, getver en bleghh, drie uur lang zou het gaan duren….’ begint Umberto, terwijl hij zijn ogen naar het plafond draait. Iedereen kreunt begrijpend. Ja, zo’n verantwoorde verrekte filmhuisfilm. Jek.

‘Maar ik moet zeggen, dat ik blij ben dat ik ben geweest. Zo’n bijzondere film, bladiebla….’ breit hij een heel ander staartje aan zijn verhaal. Het publiek raakt in vervoering. Dit moet een geweldige film zijn. Umberto zegt het.

‘Goh, dat is die film, waar ik eigenlijk vanmiddag met Trui heen zou gaan,’ bedenkt Heks zich. Ik zapp langs De Wereld Draait Door en pik net deze informatie op. Snel wegwezen nu, voordat van Nieuwkerk weer aan het woord komt.

Zodoende ga ik alsnog een dag later naar deze fantastische film. Want dat is het. De zaal zit na Umberto’s lyrische recensie bomvol. Heks schuift op ongeveer het allerlaatste lege plekje midden in de zaal. Op de beste plek.

Nee, er zijn nog twee losstaande plekjes vrij in onze rij. En nu moeten we allemaal doorschuiven, zodat een paar laatkomers alsnog naast elkaar kunnen zitten. De mensen om me heen beginnen geweldig te mopperen. Maar de laatkomers houden vol. Krampachtig grimlachend.

Zuchtend plukt iedereen jassen, tassen, drankjes, mutsen, sjaals, minuscule hondjes en wat er niet nog meer mee naar binnen is gesmokkeld, onder hun stoel vandaan. We schuiven op. Nu zit ik net niet in het midden. Maar ik ben wel van een enorm blokhoofd verlost in de rij voor me.

Hoera. Zo’n hoofd is funest voor schele Heks. Mijn ene oog loert dan verplicht naar dat gigantische hoofd voor me en mijn andere oog dwaalt verloren door de ruimte. Loens als ik eigenlijk ben, kan ik alleen focussen als beide ogen meedoen.

‘U realiseert zich toch wel, dat u nu nu achter een monumentaal hoofd terecht komt?’ heb ik het piepkleine kindvrouwtje naast me nog fluisterend gewaarschuwd. Het grote hoofd draait zich verontwaardigd om. ‘Hij kan er natuurlijk ook niks aan doen,’ fluister ik schijnheilig verder. Dat grote hoofd heeft werkelijk fenomenale oren.

Aan de andere kant naast me zit een wildvreemde vrouw. Ze is ook alleen gekomen. ‘Mijn hele entourage ligt in bed met griep,’ vertrouwt ze me toe. Dan begint de film.

Drie uur in zo’n filmhuisstoel is voorwaar geen pretje met een pijnlijf als het mijne. Met lange stelten als de mijne. Maar vanavond heb ik nergens last van. Af en toe vouw ik mijn benen middels een ingewikkelde procedure de andere kant op, maar niets kan me afleiden van het witte doek.

Waar van alles op te zien is. Een heel levensverhaal. Een zwarte bladzijde uit de geschiedenis van Duitsland. De tweede wereldoorlog, de koude oorlog, het ijzeren gordijn… het komt allemaal voorbij. Met als leidmotief kunst.

Het is pauze voordat ik het in de gaten heb. En even later is de film alweer voorbij. Prachtige film. Hij blijft me echt bij.

De echte tante

Maar goed. Als het over jezelf gaat is het natuurlijk een ander verhaal.

Ze zullen maar een film modelleren naar jouw leven. Jou allerlei uitspraken in de mond leggen. Ideeën ventileren middels de mond van het op jou gebaseerde karakter….. Ja, lijkt mij ook niks. Ik snap wel dat de betreffende kunstenaar hier niets mee kan achteraf.

Ik zoek de man op op het wereldwijde web. Vroeger zou het me de grootste moeite kosten om iets over Gerhard Richter te vinden. Moest je naar de bibliotheek. En dan weten hoe daar te zoeken. Nu toets je de naam van de man in en hop. Binnen een kwartier weet je alles.

Zo vind ik de originele schilderijen, waar die in de film op gebaseerd zijn. ‘Oh, daarom is die man zo nijdig over die film,’ realiseer ik me opeens. De filmdoeken halen het niet bij het origineel.

De filmtante

Ik kijk naar een documentaire over de kunstenaar met daarin een uitgebreid interview. De film is niet helemaal uit de lucht gegrepen. Een groot deel van het verhaal is waar. Maar de regisseur heeft er een mooi verhaal van gemaakt. Een samenhangend geheel. Dus pleegt de vader van de man zelfmoord bijvoorbeeld.

Door een artikel in de Berlijnse krant Der Tagesspiegel van 22 augustus 2004 werd een tragisch feit uit Richters’ familiegeschiedenis bekend. Achtergrond vormde het boek van Jürgen Schreiber: Ein Maler aus Deutschland. Richters’ tante Marianne werd in 1945 door doktoren van het naziregime vermoord. Eén van de medeverantwoordelijken was Prof. Dr. Heinrich Eufinger, die later zijn schoonvader werd. Beiden werden door Richter meerdere keren geportretteerd, zonder dat Richter zelf de hele geschiedenis kende.

Heks is blij met haar Cinnevillepas. Wat heerlijk om weer naar van die vreselijk verantwoorde filmhuisfilms te gaan. Om achteraf na te denken, omdat het je bij blijft.

‘Je komt er ook leuke mensen tegen,’ zeg ik later tegen de Don. Het is zo. Behalve vanavond dan. Want veel DWDD-kijkers. Maar doorgaans is het publiek heel goed te nassen. Je gaat nu eenmaal niet voor de ‘lang leve de lol’ naar zo’n hopeloze zware filmhuismovie. Je moet echt wel van het fenomeen film houden.

Zelfportret van Gerhard Richter

 

Uit de analen van Pleegzuster Bloedwijn: Bloed aan de paal! Echt niet normaal. Maar waar komt het vandaan? VikThor hinkepinkt verdacht achter me aan. Gewonde hond in Huize Heks.

Donderdagavond tegen elven kom ik thuis uit de bioscoop. Ik vlei me in mijn enorme leunstoel. Daar zit ik een uurtje amechtig bij te komen van hoegenaamd niets, maar dat is nu eenmaal de gang van zaken bij mensen met ME.

Dan schiet ik een jas aan en vis een riem van de kapstok. ‘Kom op Vikkeldebikkel. We gaan een wandeltje doen….’ Wat is dat beest extreem sloom vanavond. Hij is wel eventjes uit zijn luie stoel gekomen om me te begroeten, maar verder heb ik hem niet gehoord.

Normaal gesproken staat hij al lang voor mijn neus te stuiteren met een balletje. Maar vanavond dus niet. ‘Misschien is hij gewoon nog slaperig,’ denk ik bij mezelf, terwijl ik me omdraai. Waar blijft hij nou?

Hinkepinkend kom mijn varkentje de gang in gestrompeld. Heks’ mond zakt wagenwijd open. Wat krijgen we nu? Mijn schatje is gewond! En het moet verrekte zeer doen, want het is een ongelofelijke bikkel. Hij laat pas iets merken als het echt foute boel is!

Snel neem ik hem in de houdgreep en draai zijn rechterachterpoot naar het licht. Zet een bril op mijn neus. Zie bloed op mijn handen. Op de grond. Nauwelijks waarneembaar op die donkere houten vloer….. Hij bloedt als een rund!

 ©Toverheks.com

©Toverheks.com

Aanvankelijk kan ik nauwelijks een verwonding vinden. Hij vindt het niet lekker dat ik hem bepotel, maar laat het zich toch goeiig welgevallen. Dan piept hij een beetje en tot mijn schrik zie ik dat er een kussentje van zijn voetje helemaal los zit. Je kunt het openklappen als een pedaalemmer. Mijn maag draait om.

Oh, wat ziet dat er afschuwelijk uit. Het is intussen een uurtje of 1 ’s nachts. Een beetje laat voor de dierenarts. Bovendien heeft hechten al geen zin meer. Dat moet je binnen een paar uur na het oplopen van de verwonding doen.

Ik maak de wond provisorisch schoon en plak er een flinke pleister op. Met daaroverheen een paar plastic poepzakjes. Eerst maar even naar buiten. Het is smerig nat waterkoud druipweer. VikThor hinkepinkt door de steeg. Doet een plasje hier. Eentje daar. Kijkt eens achterom of we al naar huis gaan…..

Thuisgekomen stop ik zijn pijnlijke pootje in een bak lauwwarm water. Ik spoel de wond grondig uit en druppel er vervolgens een halve fles Betadine overheen. Nu is het zaak om het geheel goed in te pakken, zonder de bloedsomloop af te knellen. Ik heb allerlei verbandgaas tevoorschijn getoverd en zit lekker te knutselen.

‘Dat heb je helemaal niet gek gedaan,’ zegt de dierenarts de volgende ochtend. Ze scheert zorgvuldig de haartjes om het zooltje weg. Dan plakt ze met wondlijm de zool weer aan de voet. ‘Groot kans, dat het zooltje helemaal afsterft trouwens. Hechten heeft over het algemeen weinig zin op deze plek…..’

‘Laat het verband maar een paar dagen zitten,’ vervolgt ze als de poot helemaal is ingepakt. De volgende ochtend echter ligt het verband opeens op de grond. Ik pak de poot opnieuw in. ’s Middags tijdens een wandeling ligt het er opeens weer af. En het voetflapje zit weer los……….

 ©Toverheks.com

©Toverheks.com

En dan ben ik opeens spinnijdig. ‘Kolerehond, doe dan ook eens rustig,’ scheld ik op mijn grote vriend. Als een haas loop ik terug naar de auto met een geïmproviseerd verband om VikThor’s poot. Thuisgekomen was ik zijn voetje uitgebreid in een emmer met sodawater. Weer moet er een een wagonlading Betadine op de wond.

Maar waar zijn die verrekte verbandmiddelen? Waar is de bijenzalf? Waar is die Betadine? Waar zijn de stukken elastisch tape? Ik kan helemaal niets meer vinden. Ik kijk op alle relevante plekken, maar de hele set spulletjes is op miraculeuze wijze verdwenen.

Ik ga dus maar naar de drogist om nieuwe verbandgaasjes en Betadine te kopen. Er komt nog steeds stoom uit mijn oren. Op wie ben ik nu eigenlijk kwaad? Ja, raad eens, op wie denk je?

Op mezelf. Ik ben met enige regelmaat een ongelofelijke halve zool. En daar heeft die zool van mijn hondje onder te lijden. ‘Bescherm je hondje tegen zichzelf, loop hem aan de lijn voorlopig,’ raadt de Don me gisteravond nog aan. En dat was ik eventjes vergeten. Ik liet TrekThor een kort moment los en toen ging het mis…..

‘Ik ga steeds meer op een zeker iemand lijken,’ denk ik somber. Die persoon kon ongelofelijk zijn eigen frustratie op je botvieren. Als hij een slechte bui had, zocht hij geheid een object om die woede op te richten. En Heks was regelmatig de klos. Ik was bovendien een sublieme boksbal. Zwijgend keek ik hem recht aan terwijl hij uit zijn plaat stond te gaan. Olie op het vuur natuurlijk……

 ©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Gelukkig scheld ik alleen maar. Iemand in elkaar rammen is mij vreemd. En ik maak het altijd goed,’ vergoelijk ik mijn boze bui achteraf. Ik zit lekker te knuffelen met mijn hondje. Zijn pootje zit weer keurig in het verband. Wat het gaat worden met dat flapje, geen idee. Maar de wond is in elk geval weer schoon……

Heks is gewoon doodmoe. Ik ben al twee dagen in touw als Pleegzuster Bloedwijn. En ik ben natuurlijk sowieso al moe zonder er iets voor te hoeven doen. En dan ben ik ook nog eens moe omdat ik meer doe. Leuke dingen weliswaar, maar er is dan minder van mijn toch al beperkte energie over.

Als ik moe word word ik bloedlink. Vermoeidheid haalt alle filters weg, dus er komen dan opeens schrikbarende ongefilterde teksten uit mijn heksenbek. Die blebberen dan maar zo’n beetje om me heen. Ik schrik er zelf ook van. Goddank heb ik geen publiek, maar evenzogoed schaam ik me achteraf dood.

Gelukkig is mijn hondje zeer vergevingsgezind. Hij legt zijn zachte snoet in mijn schoot en laat zich lekker achter zijn flappers kriebelen. Wat is het toch een schatje. Mijn ADHD hondje. Mijn grote kleine vriend.

 ©Toverheks.com

©Toverheks.com

De volgende ochtend pak ik zijn verkeerde pootje in. Mijn monster ligt zo te friemelen dat ik me in de poot vergis ergens halverwege de ingreep. Mijn armen zijn ook helemaal naar de kloten door het in bedwang houden van mijn ventje bij de dierenarts. Schouders uit de kom, rib uit de kom, spierpijn……..

VikThor is ook zo sterk. Afgelopen week trekt hij een twee keer zo grote Duitse Staande Langhaar over het grote veld in het Leidse Hout. ‘Vikkie, je bent aan het winnen,’ roepen de omstanders verbluft. En ja, het is zo. De reus legt het af tegen mijn kleine blafbeest. Het is geen gezicht. Iedereen schiet in de lach!

Dus kun je nagaan waar ik de afgelopen dagen mee te maken heb. Waar mijn arme armen mee te maken hebben gehad……

 

 

Narrige Hofnar, narcistische narigheid, knorrige heksjes, knokige kniezers, kniezende kleuters? God houdt van iedereen. Ook van mij! Heks kan er met haar pet niet bij. Zelfs niet met mijn toverhoed. Maar het geeft moed, dit inzicht. Moed aan wanhopigen!

‘Heks, het valt toch wel mee dat chronisch slechte humeur van jou?’ Steenvrouw kijkt me nieuwsgierig aan. We zitten gezellig te dineren in mijn kleurige maar verre van keurige heksenkeukentje ergens in de laatste weken van het oude jaar.

Het gesprek gaat over al die woede, waar ik mee te dealen heb gehad de laatste jaren. We liggen dubbel van de lach, omdat ik het niet kan laten er de draak mee te steken.

Mijn machteloze eenzame scheldkanonnades richting vervelende voorouders, voormalige vermeende vrienden, stomme toevallige voorbijgangers en tegenwerkende trage voorwerpen hebben al bewezen weinig nut te hebben. En volgens sommige medemensen word ik daar nou zo ontzettend moe van. Niet van de ME.

‘Je hebt gelijk, lieve schat, ik bedacht me ook laatst, dat ik van nature helemaal geen kwaad wijf ben. Ik betrap mezelf praktisch elke dag op een goed humeur. Zit ik weer met een stralend gezicht op mijn vouwfiets. Geniet ik enorm van mijn gekke hondje. Moet ik schaterlachen om medemensen. Maak ik met iedereen een opgeruimd praatje. Raak ik vertederd door een klein kind. Of een donzige pup….’

Goddank.

‘Ik realiseer me ook maar regelmatig dat het goddelijke van alles en iedereen houdt. Zelfs van iemand als Adolf Hitler. Zag laatst een documentaire over die griezel: Zijn modus operandi indertijd is overigens identiek aan wat Trump nu uithaalt in de VS…..  Fake news, minderheidsgroepen verketteren en ga zo maar door. Allebei narcisten natuurlijk. Enorm interessant programma!’

‘Dus God houdt ook van dat grote dwarse lelijke kind dat de Verenigde Staten bestuurt. Koning, nar en narcist tegelijk. Van mij houden zal dan ook wel lukken….’

Het dringt langzamerhand tot me door, dat ik helemaal niet zo’n razende troela ben als ik steeds beweer. De grondtoon van mijn leven is nog altijd zacht. Ik spring alleen sinds een jaar of vijf uit mijn vel in bepaalde situaties. In plaats van datzelfde huidje duur te verkopen. Aan de eerste beste charlatan.

Na een leven lang slikken en pikken ben ik begonnen met het stellen van grenzen. Aanvankelijk op een manier van ik gooi iemand door de voordeur naar buiten en met een zielig gezichtje komt dezelfde figuur door de achterdeur weer naar binnen geslopen. Maar sinds een jaar of drie lukt het me beter om ongewenste entiteiten echt buiten mijn heksendeur te houden.

Helaas voel ik me er helemaal niet beter door. ‘Als je toegeeft en het iemand toch weer naar de zin maakt, ook al gaat dat ten koste van jezelf, ben je in elk geval een toffe peer. Of een goed mens. Of een echte lieverd……’ beweer ik tegen de Don afgelopen weekend. Ja, het is zo.

Mensen teleurstellen levert weinig positiefs op in eerste instantie. Pas na een hele tijd blijkt het toch wel fijn te zijn als bepaalde mensen niet meer bovenop je lip zitten te zuigen. Ze blijken ook gewoon door te leven zonder jouw niet aflatende aandacht. Tevens is jouw plek in dat leven intussen met het grootste gemak opgevuld door iemand anders met vergelijkbare kwaliteiten. Geen mens is nu eenmaal onmisbaar.

‘Het allermoeilijkste is om jezelf te zien. Dat laatste tijd lukt het me eindelijk om mijn kant van het verhaal in beeld te krijgen. Hoe het niet stellen van grenzen zeer uitnodigend werkt op allerlei lieden, die graag grensoverschrijdend opereren. Hoe  jarenlang mijn mond houden als ik me gekwetst voelde in de hand heeft gewerkt dat mensen geen rekening met me houden. Hoe…., hoe…….’

Mijn geklaag is mosterd na een moeizame maaltijd. Sommige klaagzangen liggen me gestaag al zo’n vijfenvijftig jaar zwaar op de maag. Of vijfendertig. Of vijftien. Of vijf…… Maar nooit kort. Ik dien mijn publiek zelden direct van repliek. Als ik het al eens doe is het hooguit een morsige meevaller.

Dus Heks ziet eindelijk zichzelf. Het is zover. Na jarenlang de ander begrijp ik nu eindelijk iets van mijn eigen aandeel in het geheel. Een geheel zonder winnaars en verliezers. Dat hele idee, dat we moeten winnen en de beste moeten zijn is echt volledig achterhaald.

En zoals altijd loopt de werkelijkheid achter de feiten aan. Je kunt geen TV programma zien of iemand moet weer iets winnen. Of de beste zijn. Liefst allebei. Zelfs het opzetten van een ideale samenleving voltrekt zich middels een uiterst competitief traject. Treurig.

Maar goed, dat is misschien een beetje een stokpaardje van me aan het worden.

Heks heeft natuurlijk veel te veel tijd om na te denken. Ik sla hele dagen stuk in mijn eentje. En dat al jarenlang. Ik heb een hoofd, dat geneigd is te denken. Filosoferen is 1 van mijn overlevingsstrategieën. De Don heeft er ook last van. Samen kunnen we urenlang reflecteren op ons bestaan.

‘We zijn toch ook wel een soort moderne hofnar,’ grapt de Don. Heks hoopt het. De ouderwetse nar mocht echt alles zeggen aan het hof. Dingen waar bij ieder ander de doodstraf op stond kraamde zo’n nar zonder enig gevaar voor eigen leven uit. Luidkeels. Het was bij de wet verboden om hem ervoor te straffen….

Misschien was ik alleen maar een beetje te narrig de laatste jaren. De keerzijde van mijn vrolijke noot. De laatste weken heb ik om de haverklap weer de leukste ontmoetingen en gesprekken. Zomaar uit het blinde niets. Zoals in de tijd toen iedereen mijn partner was. Voordat ik  me bewust werd van narcisten en psychopaten. Voordat ik hen hiervan begon uit te sluiten.

Het goddelijke sluit niemand buiten. Het goddelijke omvat alles. Goed en kwaad betekenen niet meer dan slechts links en rechts in die eeuwige optiek. De gulden middenweg bewandelen is de kunst. Ik mag misschien wel in mijn handjes knijpen, dat ik mijn keerzijde heb leren kennen. Me ermee heb vereenzelvigd.

Wellicht ben ik tegenwoordig veel beter te nassen dan in mijn jaren als heilige boon. En zoals je weet: Heilig boontje, loont niet, maar komt om zijn loontje.

‘Heksiedroppie, lieve zotteklapperke,’ noemde mijn dode verloofde me indertijd. Toen hij nog onder ons was. Ja: Een zot zijn. Swiebertje. Malle Mietje. Het is me een eer en genoegen. En het is ook de moeite waard: Een dag niet gelachen…….

Heks is veel liever een nar, dan een narcist!

Een nar of hofnar is de officiële grappenmaker aan het hof van een vorst of bij een rederijkerskamer. Vooral in de Middeleeuwen was de hofnar populair, maar in de loop van de 18e eeuw verdween deze aan de meeste hoven.

Een nar was soms iemand die door afwijkende geestelijke of lichamelijke eigenschappen (mismaakt; ‘geestelijk beperkt’) onbewust de spotlust opwekte, soms een intellectueel die bewust spotte en politieke invloed had. Sommige talen onderscheiden beide figuren, zoals in het Engels (buffoon versus jester).

De nar kleedde zich vaak in een voor hem gemaakt pak, voorzien van zogenaamde narrenbellen. Soms droeg hij een staf, narrestok, zotskolf of Marot. De nar had een bijzondere sociale positie. Enerzijds wekte hij de indruk onderaan de sociale ladder te staan, anderzijds was hij in de positie leden en gasten van het hof te doorgronden en hen voor de gek te houden. Hij kon ingaan tegen de heersende opvattingen, zonder dat hij ervoor gestraft werd. In die zin had hij juist een hoge sociale status.

In de Orde van de Dwazen was de geborduurde nar op de kleding een herkenningsteken.

Tegenwoordig speelt de nar in Nederland nog een rol tijdens carnaval, hij staat dan Prins Carnaval bij.

Eartha Kitt heeft pit. Voor tien zo te zien. Ze is al geruime tijd niet meer onder ons, maar nog steeds weet ze mensen te raken met haar ZIJN. Haar wezenlijke wezen. ‘I fall in love with myself and I want someone to share it with me!’

Afgelopen weekend stuurt de Don me een leuk filmpje van een interview met Eartha Kitt, waar ik helemaal vrolijk van word. De vrouw komt me vaag bekend voor. En alhoewel ik weinig van Eartha weet bevalt alles aan haar me. Haar naam. Haar eigenwijze uitspraken. Haar felle kattenkopje.

‘I want to be evil, I wanna be bad‘ zingt ze als jong meisje opgewekt in de camera. Lang, lang geleden. ‘Wat een lekker recalcitrant type,’ denkt Heks blij. En al snel ben ik verdiept in haar biografie. Ik snor haar fanclub op. Bekijk filmpjes op YouTube. Grasduin door oude foto’s……..

En alles wat ik ontdek maakt me gelukkig. Hoe ze bijvoorbeeld in de jaren zestig tijdens een ontvangst op het Witte Huis de boel op zijn kop zet met uitspraken, waarin ze hoogstpersoonlijk de oorlog in Vietnam veroordeelt.

Ze kan daarna overigens wel inpakken met haar handel. De CIA zit haar direct op de hielen. De FBI hijgt in haar nek. Vanaf dat moment wordt ze nergens meer voor uitgenodigd. Laat staan, dat ze werk aangeboden krijgt…… Ze verhuist dus maar naar Londen…….

Ik kijk naar haar pittige gezicht. Ze lijkt inderdaad wel wat op een kat. Volgens velen was ze de beste Catwoman ooit, want ja: Daar ken ik haar van! Ze heeft die rol gespeeld in de Batmanfilms van de jaren zestig.

Nu Heks weer aan het daten is (althans: Ik doe pogingen daartoe…), kan ze wel een opsteker gebruiken! Want vrolijk word je er niet van. Het gedoe met mannen. Ik zou ook kunnen zeggen het goede met de andere sekse. En in veel opzichten gaat dat ook op. Is het voor mannen ook bijzonder veel gedoe met die vrouwen.

‘Ik weet dat veel mannen erg oversekst op jullie dames reageren, maar vrouwen kunnen er ook wat van, hoor,’ schrijft een aardige baardige man me op Tinder. Hij is niet moeders mooiste en moet het naar eigen zeggen hebben van zijn goede verhaal. Maar het gros van de vrouwen reageert daar dan weer volstrekt platvloers op. Beweert hij.

Iets dat veel andere kerels op dit medium dan weer helemaal niet erg zouden vinden, dunkt me. De getrouwde schuinsmarcheerders. De gebonden scheve schaatsers. Die denken dan dat alle dames zo in elkaar steken. Als ze al denken. Het is niet bepaald de bloem der natie, die hier opereert.

Alhoewel: Mijn allereerste vriendje ben ik alweer tegen gekomen. Net als vorig jaar op Paiq. En dat is absoluut een bloem, een tropische verrassing. Maar ook hij heeft nog geen leuke dame aan zijn bloemige haak geslagen het afgelopen jaar. Ondanks zijn bijzonder gezonde geestelijke, lichamelijke en financiële staat.

Het is dus niet zo gemakkelijk allemaal op de relatiemarkt. Waar we elkaar keuren als waren we een stuk vee. Waar verliefdheid ver te zoeken is, laat staan liefde. En ik kan mijn gebrek aan succes in deze natuurlijk wijten aan mijn matige fysiek, maar ook als ik zo gezond was als een vis zou het moeilijk zijn……

Terwijl ik naar Eartha luister, ik heb intussen de uitgebreide versie van het betreffende interview opgezocht, realiseer ik me dat ik altijd compromissen heb gesloten. Al heel jong liet ik niet het achterste van mijn tong zien. Was er een deel van me daardoor niet beschikbaar. Hield ik mijn ware wezen succesvol verborgen.

Behalve misschien in de wittebroodsweken van mijn eerste echte relatie. Die zoete gelukkige periode met mijn jeugdliefde. Die zalige tijd voordat de realiteit ons sneaky inhaalde en keihard tegen de vlakte sloeg. Heks kreeg een oplawaai van het leven, die ze jarenlang niet te boven kwam.

En Eartha? Ik denk dat ze door schade en schande wijs is geworden. Ik spit in haar verleden en zie, dat ze op jonge leeftijd allemaal spannende affaires had met beroemde mannen. Waaronder volgens sommigen Orson Welles, die haar ‘the most exciting woman in the world’ noemt.

Maar ze trouwt met een degelijke aan pijnstillers verslaafde Vietnam veteraan. Misschien wilde ze een normaal leven? Of was dit een poging om haar onbekende blanke vader toch een plek in haar leven te geven. Een afwezige vader en een junk zijn toch zeker te weten een match in wat ze bij je oproepen?

‘Misbruikte mensen kenmerken zich allemaal door hun trots,’ zegt mijn homeopaat onlangs tegen me. En trots is ze, deze Eartha. Kom bij haar niet aan met lulverhalen. Geen slappehapperdepap voor deze dame. ‘Why? Why?’ zegt ze verontwaardigd in de camera als het om compromis in de liefde gaat.

Om dan heel zacht te vervolgen ‘I am in love with myself and I want someone to share it with me. I want someone to share me with me …..’

Ik denk dat ik dat maar op Tinder ga zetten.

 

Moord is gestoord. Doodslag helpt veel goeds om zeep….. Van een bloedbad knapt niemand op en je handen in onschuld wassen is dan allang geen optie meer. Heb je bloed aan je handen? Dat wast het water van de zee niet meer af. Waarom gaan mensen niet weg? Waarom laten ze niet los? Waarom wraak? Respectloos iemands leven nemen? Heks kijkt naar de verkeerde televisieprogramma’s. Ze zit echt teveel alleen.

 

Vannacht kijk ik ouderwets naar allemaal enge programma’s op ID. Maanden heb ik deze griezelzender links laten liggen, maar opeens stop ik mijn bewustzijn weer vol met verhalen over hoe mensen elkaar letterlijk het licht in de ogen niet gunnen.

De ene enge moord na de andere komt voorbij. Geld, macht, seks….. De motieven vallen zonder uitzondering binnen dit spectrum. De dader is heel vaak een bekende. Meestal een partner of familielid.

Het is sowieso niet ongebruikelijk dat een iemand zijn of haar hele clan uitmoordt. Of dat broers en zusters een pact aangaan om een zwart schaap of rijke suikertante uit de weg te ruimen. Of hun onuitstaanbare stiefvader.

En dan die levensverzekeringen…… Ook hier ter lande worden er regelmatig mensen om die reden door hun partner of tante Truus om zeep geholpen. Neem nooit zo’n verzekering! Je bent je leven niet meer zeker!

Heks kan al niet slapen en deze beelden helpen nu niet bepaald mee. ‘Rare mensen toch, om iemand in te huren om hun ex af te knallen.’ verzucht ik in mezelf. Het zijn meestal de bullies die dit doen. De pestkopen. De treiterbakken. De mensen, die zich in de relatie al meermalen misdragen hebben.

Het vereist blijkbaar een bepaalde persoonlijkheid of beter gezegd persoonlijkheidsstoornis om tot deze daden te komen. En Heks weet intussen als geen ander hoe die stoornissen heten.

Maar dat vliegertje gaat niet altijd op. Het zijn niet zonder uitzondering de narcisten en psychopaten, die toeslaan. Soms doen mensen plotseling iets gewelddadigs, omdat ze knappen. Omdat er iets kapot is gegaan vanbinnen.

Omdat ze niet meer zijn, die ze eigenlijk zijn. Murw geslagen door hun ex. Geplet in het geweld van een disfunctioneel gezin. Geknakt door het leven. Kapot gemaakt door een psychopaat.

‘Waarom nemen ze geen afstand? Waarom gaat iemand niet weg?’ Heks schudt haar hoofd. Ja, waarom?

Ook het verschil in strafmaat blijft me verbazen. Soms is iemand na een paar jaar alweer op vrije voeten, nadat hij hoogstpersoonlijk meerdere vrouwen heeft ontvoerd, verkracht en vermoord. Maar een ander zit decennia in de bak, omdat hij niet direct de politie heeft gebeld, toen zijn broer zijn schoonfamilie elimineerde.

Ze waren allebei strontlazarus, maar de ene was aan het moorden geslagen, omdat hij zin had in seks met het minderjarige zusje van zijn ex en de ander zat gewoon in de auto te suffen.

‘Kijk niet naar die ellendige zender, Heks,’ maan ik mezelf. Wat is dat toch? Steeds als ik de hik krijg van mijn eigen achtergrond ga ik kijken naar dit soort afschuwelijke televisieprogramma’s. Alsof ik iets of iemand wil bezweren. Maar wat of wie?

Of probeer ik mezelf ervan te doordringen, dat dit soort dingen bestaat. Dat mensen voor wat geld, macht of slechte seks over lijken gaan. Dat ik blij mag zijn, dat niemand in mijn omgeving dat ooit heeft gedaan.

Of zoek ik een verklaring voor de gebeurtenissen in mijn leven, waar ik geen vat op heb? Probeer ik de vinger te leggen op gedrag, dat ik niet begrijp? Dat me in wezen vreemd is? Probeer ik te achterhalen, wat mensen bezield om ten koste van anderen te leven? Probeer ik het onmogelijke? Verklaren wat mensen drijft tot dit soort wandaden?

Ik moet echt zorgen meer onder de mensen te zijn. Heks zit alweer sinds woensdagmorgen alleen. Met een flinke knuppel in mijn hoenderhok. Heks heeft enorm veel behoefte aan aandacht. Krijgen wel te verstaan. Ik wil mijn verhaal kwijt.

Ik heb sinds woensdagmorgen een piepjong meisje van de thuiszorg gesproken, ze heeft een paar uur lopen stofzuigen, dus een goed gesprek was het niet.

Ik heb met de doktersassistente gebabbeld, terwijl ze een paar injecties mijn kont in joeg. Ik heb mijn fysiotherapeut uitgewisseld, terwijl ze me systematisch martelde. Dit levert natuurlijk geen geweldige gesprekken op allemaal.

En ik heb de Don aan de lijn gehad, maar die belde ’s morgens vroeg. Toen ik nog helemaal in de kreukels zat. Stijf als een plank. Toen ik nog niet kon bewegen, laat staan praten. Want: Stampende hoofdpijn. Misselijk.

Ik moet hier iets op verzinnen. Maar wat? Ik probeer dit probleem al dertig jaar op te lossen. Helaas heb ik gewoonweg de energie niet om erop uit te gaan. Vaak heb ik niet eens de energie om iemand te bellen. Het gebrek aan energie breekt me dagelijks op. Het went nooit.

Maar mijn uitputting heeft ook positieve kanten:

Heks is ook echt te moe om wie dan ook te vermoorden. Laat staan een moord te beramen. Ik heb er echt de kracht niet voor. En dat is natuurlijk goed nieuws.

VADER VERMOORDT ZOONTJE (1) OM LEVENSVERZEKERING OP TE STRIJKEN

 

 

 

 

Zichtbaar zijn of onzichtbaar. Dat is de vraag vandaag. Doe ik mijn magische Harry Pottermantel aan? Geen idee natuurlijk of het me leuk zal staan. Je veld inkrimpen of uitbreiden? Het is zo oud als de weg naar Kralingen. Het is van alle tijden…….

‘Heks, ik zag je vanmorgen door de eetzaal glijden: Je was min of meer onzichtbaar. Hoe doe je dat?’ Mijn Joodse familielid de dharmateacher kijkt me verwachtingsvol aan. Haar ogen twinkelen. Ze heeft haar vesica piscis bepaald niet in haar achterhoofd zitten.

‘Ik trek mijn veld in,’ mijn antwoord is simpel, ‘In de ochtend voel ik me altijd super belabberd. Dus dan ben ik liever onzichtbaar.’ We grijnzen naar elkaar. ‘Volgens mij weet jij ook heel goed hoe je je veld moet uitbreiden,’ grapt ze vrolijk terug.

Het is zo. Als ik goeie zin heb vult mijn veld met het grootste gemak een voetbalstadion. Mijn veld is geenszins anders daarin dan jouw veld. Of het veld van Sinterklaas.

Daarom is de ene Klaas de andere niet. Niet iedereen is bedreven in het manipuleren van zijn energetische veld. Een grijze muis met een mijter is niet genoeg voor een geslaagde intocht.

Oh jee. Nu ben ik over Sinterklaas begonnen. Een heikel onderwerp. Snel vergeten maar weer.

Andere familieleden zijn om ons heen komen staan. Dit vinden ze toch wel een interessant praatje. ‘Het werkt een beetje zoals die onzichtbaarheidsmantel van Harry Potter,’ ginnegap ik opgewekt. Dat gaat erin als koek. En het is niet eens gelogen!

‘Ik zal je uitleggen hoe je altijd beeldschoon kunt zijn als je er zin in hebt,’ zegt Heks jaren geleden tegen een logerend nichtje. Ze is overigens al een plaatje. Maar enorm onzeker helaas.

Het meisje is reuze benieuwd, maar het antwoord valt haar dan weer tegen. Heks heeft het over velden en de Godin in je laten dansen. Het beste schoonheidsmiddeltje dat er bestaat!

‘Jij bent gewoon mooi als je er zin in hebt,’ de foute Algerijn is het ook opgevallen. Dit wanproduct van mijn liefdesleven heeft me dan toch een prachtig compliment gegeven! Want het is zo. Ik kan eruit zien als een ouwe gymschoen en tien minuten later oog ik als een model met mijn veranderde veld.

De Don kan het ook heel goed. Het aanbrengen van lagen parfum en het uitdijen van zijn energieveld gaan hand in hand. Een mooi pak erbij om het af te maken. Zijden stropdas als focuspunt……

Als wij samen op stap gaan hebben we dan ook veel bekijks. Vorige zomer liepen we langs de artiestenuitgang van de Schouwburg. Een medewerker kwam naar buiten en viel bijna flauw van verbazing op het plaveisel.

‘Ik heb toch echt veel voorbij zien komen, echt wel. En ik ben dus wat gewend. En om die artiesten met hun enorme ego kijk je bepaald niet heen. Dus. Maar wat heb ik nu aan mijn fiets hangen? Wat is dit? De koning en de koningin van Sheba soms? Nog nooit zoiets gezien hier in de straat…….’

Ik fiets dagelijks langs hetzelfde punt, maar met ingetrokken veld. De man herkent me dus niet eens.

‘Ik herkende je niet, Heks,’ hoor ik dan ook regelmatig als ik incognito mijn hond uitlaat, ‘Zeker omdat je geen hoed ophebt…’ of iets dergelijks volgt er dan. ‘Ja, dat zal het zijn,’ laat ik iedereen in de waan: Ik heb gewoon mijn veld verkleind……

Kletspraat over velden is maar aan weinigen besteed. Aan mijn familielid uit Jeruzalem bijvoorbeeld. Van wie ik vermoed, dat zij dat kunstje ook prima kan……..

Heks en Hawk. Het gouden duo. Mijn hoogbejaarde aanbidder leert me hoe een man een vrouw het hof hoort te maken. Met bosjes bloemen, complimentjes en vooral: Vrolijke vriendschap. Deze man van de dag, van het uur, beleeft elke minuut intens. ‘We gaan er een geweldige zomer van maken, Heks. Maar ik wil wel met je mee op vakantie….!’ :-)

‘Heks, ben je er klaar voor? Kom je nog morgen?’ Hawk’s opgewekte stem toetert in mijn oor, ‘Om kwart over twee staat de salade klaar, hoor! Wil je ook nog koffie van te voren? Je zegt het maar, hoor. Your wish is my command!’

We spreken tegenwoordig een kwartiertje later af, zodat ik zeker op tijd ben. Hawk raakt behoorlijk ontregeld als ik niet stipt op het afgesproken tijdstip op de stoep sta. Eén van de weinige dingen, die ik aan zijn leeftijd zou kunnen wijten. Maar misschien is hij wel altijd een punctuele man geweest.

De deur staat al op een kiertje, als ik mijn fiets met kar voor het huis parkeer. ‘Kom binnen Heks,’ Hawk staat met een schort voor in zijn kleine keukentje te zwoegen op de wekelijkse salade,  ‘Mi casa es su casa, dat je het maar weet. Alles hier is speciaal voor jou, ik heb zelfs een speciale keukenmachine gekocht voor jouw salade. Allemaal speciaal en alleen voor jou, ik ook,’ ratelt hij vrolijk verder.

Naturel cougar van 91

‘Oh Heks,’ hij omhelst me hartelijk, ‘Wat ben ik blij om je weer te zien. Als ik die ondeugende kop van je maar eventjes kan zien. Kom, dan maak ik lekker een kopje koffie voor je. Heb je je melk meegenomen?’ De koffie staat al klaar in zo’n klein potje met stenen filter, waar Heks ook een hele verzameling van herbergt.

Terwijl mijn vriend melk kookt loop ik zijn enorme tuin in. Even checken hoe alles erbij staat. Hawk voegt zich bij me. ‘Kijk, hier staan hyacinten en hier. Steeds zeven bij elkaar. Dat is mijn getal. Ik ben ook op de zevende van de zevende met mijn vrouw getrouwd…..’ We slenteren over het grasveld naar de prachtige stenen vijver.

Deze opgespoten cougar is zeker 83

‘Ik moet em schoonmaken, Heks. Er zitten prachtige waterlelies in….’ Helaas kan ik hem daarbij niet helpen. Veel te zwaar natuurlijk. Maar een beetje wieden op een zonnige dag……. ‘Binnenkort kunnen we buiten zitten, Heks. Misschien volgende week al. En dan bloeit alles hier, zo prachtig. Ik heb al die bollen speciaal voor jou gepoot. Echt waar. Nog voor ik je kende, Heks. In november. Haha. Alles voor jou!’

Hawks eindeloze liefdesverklaring gaat maar door, terwijl ik hem opgewekt uitlach. ‘Oh, Heks, ik zal je zo missen als je naar Frankrijk gaat. Echt. Zie ik nu al tegen op. Een maand zonder jouw ondeugende kop. Zonder hoedjes en gekke bekken. Weet je wat? Ik ga mee! Lijkt je dat geen goed idee?’

Deze cougar werkt sinds haar 66ste als erotisch danseres. Ze is nu ergens in de tachtig en heeft het nog steeds reuze druk met haar werk.

‘Haha, Hawk, ik vind het best, maar je komt wel in een mannenklooster terecht, bij de monniken. Jij mag echt niet bij de nonnetjes…’ Dat idee bevalt hem geenszins. ‘Ben je gek, we kunnen toch wel een kamer naast elkaar nemen?’ Hij laat zich niet zo gemakkelijk uit het veld slaan. Het hele concept van een retraite lijkt hem totaal te ontgaan. Mijn oude vriend associeert Frankrijk eerder met het delen van een goed glas wijn!

Ik zit hem lekker uit te lachen. Mafkees. ‘Ach, ik ben ook maar veel alleen, Heks. Ik ga je echt missen! En ik heb ook zoveel vragen aan je. Echt, ik wil van alles weten. Bijvoorbeeld: Kun jij magnetiseren? Ik ben ooit wel eens bij een kerel geweest, die beweerde dat te kunnen. Een ongelofelijke alcoholist. Meneer Huppeldepup. Ken je hem?’

Zo praten we plotseling over heksige zaken. Ik leg hem het verschil uit tussen magnetiseren en wat ik precies doe. Mijn oude vriend springt op en zwaait met zijn armen door de lucht alsof hij iemand afstrijkt. ‘Kijk zo deed die man. Ja, ik voelde wel iets. Van heinde en verre kwamen ze naar die man toe….’

Hawk vraagt vervolgens mijn hulp voor een medisch probleem. ‘Zou je me willen behandelen?’ Maar natuurlijk. Snel maak ik een paar foto’s van hem. ‘Ik behandel je op afstand. Dat werkt perfect. Je bent toch wel door de medische molen geweest?’ Jazeker. Wat dat betreft is alles in orde.

Nadat ik mijn enorme bord salade met perfect gekookte eitjes heb opgesmikkeld gaan we op stap. ‘Dat bord wordt steeds voller, Hawk,’ beschuldig ik hem. Maar ik verwen hem ook. Met soepjes en toetjes. En vandaag een lekker stuk zelfgemaakte pittige pompoencake met gembermuntsaus. Mijn bezorgdheid dat het te heet zou zijn voor hem is volstrekt ongegrond.

Hawk gaat met zijn auto Charlie halen. De eigengereide Dalmatiër. ‘Laten we afspreken bij het Theehuis. Dan drinken we een half glas wijn, Heks, voordat we gaan wandelen.’

In het Leidse Hout zit ik geruime tijd op mijn vriend te wachten. Hij zit vast vast in het verkeer. ‘Oh, wacht je op Hawk?’ roept een dame enthousiast, ‘Dat is toch zo’n leuke man, hij is een beroemdheid hier in het Theehuis. Mijn dochter vertelde me dat hij al zesennegentig is. Haha. Ongelofelijk. Ik ben ook al tweeënzeventig hoor,’ verbijstert ze me vervolgens.

Mijn god, alweer zo’n supervieve bejaarde. Met stekeltjeshaar, hippe bril en een lekker make upje. Misschien iets voor Hawk? Alhoewel….Hij heeft een zoon van haar leeftijd! En ook prakkiseert Hawk er niet over om werk te maken van een andere vrouw dan Heks…..

🙂

Even later duikt Hawk op. Charlie en VikTor zijn ook dolblij om elkaar te zien. In de uitspanning delen we traditiegetrouw een glas rode wijn, terwijl de hondjes aan onze voeten stoeien. De dames van de bediening leggen ons extreem in de watten. Hawk heeft een ware popsterrenstatus hier!

Aan een ander tafeltje zit de psychiater dit tafereeltje nijdig te observeren. Wat heeft die Hawk wat hij niet heeft? En gaat hij nu ook al op vakantie met Heks? Hij wil er eigenlijk het zijne van weten. Maar hij heeft ook nieuws. Een oude vriend van Heks is vorige week plotseling overleden.

‘We gaan dinsdag zuipen in de Burcht bij wijze van eerbetoon, je moet echt ook komen!’

‘God, als ik de pijp uit ga, laat ze dan asjeblieft iets anders verzinnen als eerbetoon,’ bid ik inwendig. Maar ja. Het is natuurlijk wel de ultieme hommage aan een zuipschuit. Heks gaat er echter niet heen. Ik was niet erg op hem gesteld. Daarbij: Het is iemand uit een ander tijdperk. Een afgesloten era. Van het close harmony koortje dat we een tijdje met elkaar hadden is de helft intussen al dood……

Naast ons tafeltje zit een ouder echtpaar vertederd naar ons te kijken. Vooral als ze horen hoe oud onze Hawk nu eigenlijk is. ‘Ach ja, ik weet het,’ charmeert hij de mensen de tent uit, ‘Ik ben een man van de dag…….’

‘Van het uur,’ gooit hij er een schepje bovenop. En het is zo. Ik begrijp opeens zijn haast om enorm te genieten. Zijn ongeduld om allemaal leuke dingen te doen met Heks.

We lopen nog een uitgebreide ronde met de hondjes door het langzaam uitbottende Hout. ‘Wat een heerlijke middag, Hawk,’ zoen ik hem op beide wangen bij het afscheid. ‘Dag Heks,’ zwaait mijn makker, ‘Adios, adios!’

’s Avonds zie ik een gek televisieprogramma over jongemannen, die op oude vrouwen vallen: Shock Doc. 50 Shades of granny!  Jongens van begin twintig, die op negentigjarigen duiken. Er gaat een wereld voor me open.

Opeens krijg ik meer begrip voor de enthousiaste reacties in het verleden op datingsites van jongens, die mijn kleinzoon kunnen zijn. Die hebben vast ook een dergelijk trauma opgelopen. Want de boys in het programma hebben zonder uitzondering op jonge leeftijd een oude pedofiele taart over zich heen gekregen. Misbruik dus.

‘Ik zou willen, dat ik op vrouwen van mijn eigen leeftijd viel, mijn vrienden lachen me uit. Het gaat echter niet. Ik voel niets voor hen. Maar ik wil zo graag normaal zijn. Kinderen krijgen, een gezin stichten…… En dat kan allemaal niet,’ zegt de beeldschone Octavio. Op zijn veertiende ontmaagd door een veertigjarige. Of iets dergelijks.

De dames op leeftijd zijn maar wat blij met de viriele jongemannen. ‘Mannen van mijn leeftijd zijn volstrekt uitgeblust en halfdood,’ beweert een volledig verbouwde cougar met flapperende schaamlippen in haar gezicht boven een te strakgetrokken kippennek. Een naturel negentigjarige beweert enthousiast nog nooit een glijmiddel te hebben gebruikt. ‘Heb ik echt niet nodig….’ grijnst ze ondeugend, terwijl ze een pannenlap haakt.

Ach ja. Het houdt nooit op. ‘Pas als de laatste nagel in je kist is geslagen, Heks, dat is wat Gerda altijd zei,’ citeert De Don zijn tweede moeder.

Heks denkt aan Hawk. Nou, daar zit ook nog genoeg leven in! Deze man van de dag. Van het uur. Mijn fijne drukke springlevende nieuwe vriend. We gaan er een heerlijke zomer van maken!

 

 

 

Nee is nee is best OK. En wie niet horen wil moet maar voelen. Heks mijmert over het vreemde fenomeen dat mijn neen zelden wordt verstehen. Wat in iemands kop zit kun je nooit weten. Soms is het een tumor. Soms tegen beter weten volharden in je plannetjes. Ook al kun je dat gevoeglijk vergeten……

‘Zal ik je eens lekker masseren?’ vraagt Hawk voor de zoveelste keer. En opnieuw leg ik hem uit, dat ik er geen behoefte aan heb, dat het niet gaat gebeuren. Nooit. Maar ik word er wel een beetje flauw van. Hij heeft er duidelijk zijn zinnen op gezet. ‘Ik heb een lastig lijf, Hawk. Ik word met enige regelmaat gemarteld door een heel team fysiotherapeuten. En daar laat ik het bij.’

En ik heb er sowieso geen behoefte aan. Ik weet heel goed wie ik wel aan mijn lijf wil hebben…….

Grenzen, grenzen en nog eens grenzen stellen. Bewaken. Hanteren. Iets dat me van nature niet goed afgaat. Maar door schade en schande wijs geworden stop ik er nu veel meer energie in. Het gaat me niet meer gebeuren, dat ik voor nare verrassingen kom te staan. Zoals die keer jaren geleden, dat een oude man zich stiekempjes uitkleedde in mijn woonkamer, terwijl hij geacht werd een fles wijn open te maken.

Heks gaf intussen de katten eventjes eten. In de keuken. Toen ik me weer bij hem wilde voegen zat hij spiernaakt op mijn Perzische tapijtje met zijn dikke oude mannenbillen. Om me vanuit die positie onverhoeds te bespringen. Met veel moeite heb ik zijn rimpelige maar sterke lijf, hij was beeldhouwer, de deur uitgewerkt.

Hij heeft me nog weken gestalkt, maar opeens was hij dood. De man bleek door een hersentumor enigszins ontremd te zijn geraakt. Ik heb het hem dus maar vergeven, maar vergeten ben ik het niet.

Heel soms, als ik zijn fallische beelden her en der hier in de stad zie staan, krijg ik nog wel eens de aanvechting om er eentje om te zagen. Met een plasmasnijder moet het lukken!

Hawk en Heks hebben het altijd heel gezellig. En dat wil ik natuurlijk graag zo houden. Samen een hapje eten of een half glas wijn delen, even lekker met de hondjes lopen, een bosje bloemen voor mij en een potje jam voor hem……. Nu zitten we weer heerlijk in een strandtent uit te rusten van een wandeling. Allemaal ontzettend gezellig! Maar masseren is geen optie.

‘Mijn ex, Bot Not, zei altijd dat mensen niet naar me luisteren, door de manier waarop ik dingen zeg,’ vertel ik Don, die die tobbende botterik ook heel goed gekend heeft, ‘Volgens hem had ik het helemaal aan mezelf te danken dat iedereen altijd en eeuwig over mijn grenzen walst.’

De Don wordt kwaad. ‘Wat een onzin, Heks, als je toch duidelijk iets tegen iemand zegt en die persoon luistert niet naar je, dan is het gewoon een eikel.’ Hij heeft gelijk. Die botte narcist uit mijn verleden liet me inderdaad altijd kletsen. En dan gaf hij mij daarvan ook nog de schuld! Narcist eigen.

En niet alleen hij. Mensen, die ik duidelijk maakte dat ik geen zin had in hun hopeloze vreemdgangersverhalen bijvoorbeeld, duwden die onverkwikkelijke geschiedenissen vervolgens even zo hard door mijn strot.

Of ik wees zo respectvol mogelijk iemand af, die graag een relatie met Heks wilde, om er vervolgens achter te komen, dat die persoon zo ongeveer dacht dat ik intussen wel eens verliefd op hem was. Waarop ik weer afwees. Wat dan weer heel anders werd geïnterpreteerd. En dat dan vijfentwintig keer achter elkaar. Met verschillende kandidaten.

En zo kan ik wel tien miljoen voorbeelden geven, waarin mijn stemgeluid werd versleten voor gezaag. Of achtergrondgeruis. Of waar mensen iets heel anders meenden te verstaan, dan dat er werd gezegd. Ja is nee. En nee is ja.

Ik ben niet de enige met dit probleem. Hele volksstammen denken dat nee ja betekent. Of ze vinden dat dat zou moeten……

‘Je weet nooit wat er in iemands kop omgaat, dat is de grootste les, die het leven me geleerd heeft,’ hoorde ik ooit een spiritueel leraar op televisie verkondigen. En het is waar. Je weet het niet.

Het kan heel goed zijn dat Hawks aanbod om me eens lekker te masseren heel onschuldig is. Ik ken hem nog niet goed genoeg om dat te beoordelen of in te schatten.

Maar ook in dat geval zie ik er geen heil in. Er zijn genoeg andere dingen, die ik graag met hem deel. Maar masseren bewaar ik voor mijn nieuwe lief. Mijn aanstaande. Die nogal op zich laat wachten…….

Ik hoop dat hij het een beetje in zijn vingers heeft!

 

 

 

Mijn huis is stil, de stad is stil, hart klopt; Lucht is vol bloemengeur….

de liefde is wederzijds

Tanneke houdt van orchideeën

Vanmorgen werd ik wakker gebeld door de dochter van Tanneke. Het ging plotseling weer heel slecht met haar. In feite is er weinig reden tot hoop op herstel. Ik was ten alle tijden welkom werd me gezegd. Aanvankelijk leek het me beter om niet te gaan, ik wilde de familie niet voor de voeten lopen.

hun vorm is hulde aan moeder aarde, de Godin

Het zijn heftige bloemen….

Vanmiddag besloot ik toch een ruikertje langs te brengen. Mijn bloemenbuurvrouw van de mooiste winkel van Leiden, Fiori, maakte een geurig boeketje met papaver, tuba rosa, jasmijn en roos. En een Zeeuws knoopje als fragiel ornament.

grillig ook

frêle vormen

Tot mijn verbazing was Tanneke min of meer bij kennis. Ze pakte mijn hand met opmerkelijk veel kracht.  We hielden elkaars handen stevig vast.  Zo hebben we wat tijd doorgebracht. Het was moeilijk me los te maken. Heel raar. Ik had een afspraak bij de fysiotherapeut. Leven gaat soms keihard door.

transformatie

Kleurige schoonheid

Vanavond even gebeld met de Don. Wij delen altijd elkaars ups en downs. Hij had gelukkig leuk nieuws! Zo is deze dag voorbij gegleden, als een droom. Onwerkelijk. En ook waarachtiger dan het ‘echte leven’. Er brandt een kaarsje voor mijn vriendin. Het huis is stil, de stad is stil. Het verhaal van deze dag is uit.

zo mooi

Samen spelend