Vandaag zing ik geen liedjes, ik ben te laat begonnen. Vandaag een beetje zonnen. Mijn toet en mijn tietjes. Het gaat nog wel wat duren, die thuisisolatie. Dat krijg je met zo’n stronteigenwijze keur der natie. Leiden loopt vol gekken, ze bezetten de terrassen. Moeten weer verkassen. Van de BOA’s. Ze vertrekken. Maar niet voor lang. Wees maar niet bang. Corona kan verrekken.

Vanmorgen word ik vroeg wakker. Waarvan? Geen idee. Een geluidje. Of is het Snuitje? Mijn 17 jaar oude katje. Nog steeds in leven tegen alle verwachtingen in. Met behulp van een kwart tartaartje van de ambachtelijke slager elke dag. En een kwart tabletje Mitrazapine om de zoveel dagen.

Door die pilletjes gaat ze keihard miauwen. Soms. Niet altijd. Midden in de nacht ook. Vlak naast mijn oor. Maar vanmorgen is het niet mijn intussen stekeblinde plaaggeest, die me wekt. Ik ben gewoon uitgeslapen. Een unicum. Na een ongelofelijk brakke nacht weliswaar.

Eigenlijk moet ik nu de online Matthäus Passion inzingen, maar de link is me veel te laat toegestuurd. In plaats van vorige week kreeg ik em pas gisteren. Het is nogal ingewikkeld allemaal. Je moet zus en zo en goed opletten, dat je de bestanden van de juiste benaming voorziet. Je moet het hupperdepup op die manier uploaden. Het duizelt Heks.

Dus besluit ik gisterenavond het maar te laten zitten. Om nu om vijf uur op te staan om met een stem als een cirkelzaag al die koralen uit mijn strot te persen lijkt me niet plezierig.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Leuk project, maar te kort dag voor Heks. Vooral nu ik niet de juiste informatie heb gekregen vorige week. Ik zie mezelf maar als donateur van de Schone Kunsten. Zo sponsor ik ook nog de bioscopen. De culturele sector krijgt harde klappen, want ze zijn volstrekt overbodig natuurlijk: Niet bepaald een vitaal beroep, als je wilt overleven van een dodelijk virus.

Maar het zijn wel de vitamientjes van een vreugdevol bestaan, al die creatieve uitingen. Schoonheid heeft Heks altijd getroost. Mooie poëzie heeft me bijvoorbeeld door een zware pubertijd heen geholpen. En ook nu zie je dat er veel troost uit gaat van alle creatieve initiatieven links en rechts. Deze online Matthäus is er eentje van.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Maar ook allerlei initiatieven om thuisgeïsoleerde medemensen een hart onder de riem te steken getuigen vaak van enorme creativiteit en vindingrijkheid.

‘Ik heb mijn buurman van 93 opgebeld, Heks, we hebben wel anderhalf uur aan de telefoon gezeten, wat een leuke man!’ vertelt de Don me vorige week, ‘Zondag wordt het mooi weer. Ik heb hem uitgenodigd op de borrel….. Op het balkon!!!! Hij op de zijne en ik op de mijne….’

Een groot succes. Buurman krijgt een lekkere haring van de Don. Daar is hij blij mee! Hij zit al weken alleen binnen. Deze afleiding is zeer welkom. Ze kletsen honderduit.

Heks is best jaloers. Ik heb weinig leuke buren in de buurt.  Behalve een lieverd direct naast me, maar die zie of spreek ik zelden.

De bovenbuurman heeft hij mijn computer water gegeven vorige week. Mijn geschreeuw dat niet alleen zijn planten nat werden negeerde hij voor het gemak.

De computer heeft het overleefd. ik heb hem direct droog gemaakt en in veiligheid gebracht. Heks was er snel bij en goddank niet net eventjes in de keuken aan het rommelen of iets dergelijks.

Gelukkig heb ik mijn online-retraite van Thich Nhat Hanh nog. Daar kan ik zo lang over doen als ik wil en dat is meer iets voor Heks. Snelle acties onder hoge druk krijg ik niet meer voor elkaar. Maar lekker langzaamaan in en uit ademen….. Dat zal wel gaan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Wat zijn we gezegend,’ zeggen de Don en Heks tegen elkaar aan de telefoon. We bellen elke dag met elkaar. Vanuit onze mooie huisjes. Met een eigen douche en toilet. Een keuken en een paar slaapkamers. Thuisisolatie is prima te doen in ons kikkerlandje.

Soms hebben we elkaar niets te melden. We maken natuurlijk geen zak mee. Maar doorgaans kletsen we elkaar de oren van het hoofd. Met verhalen uit de oude doos. Of we filosoferen over het leven. Momenteel is ook de politiek regelmatig aan de beurt.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Je hebt helemaal gelijk, Heks,’ zegt de Don dan. Als ik weer eens mopper op het hopeloze beleid of het asociale gedraag van hardlopers. Maar we zijn het er intussen ook over eens, dat onze premier zo gek nog niet is. Hij houdt zich staande. Zegt niet al te gekke dingen. En de stomme fouten, die hij heeft gemaakt bij de aanvang van de crisis, worden werkelijk in elk land gemaakt.

Een echte fan zal ik nooit worden. Daarvoor ben ik teveel een ouwe socialist. Maar toch petje af. Het lijkt me een kutvak. Dat vinden politici zelf meestal niet. Ze genieten ervan om iets in de melk te brokkelen. Wat dan ook. Als ze maar lekker kunnen brokkelen. Ook zitten er veel narcisten tussen. Vooral op hoge posities…..

Kijk naar wat er in de Verenigde Staten gebeurt.  Daar wordt de bevolking systematisch gegaslight door hun psychopathische leider. Dat kan je er dan echt bij gebruiken, bij alle ellende.

Het zal nog wel eventjes gaan duren allemaal. In Parijs zijn de hordes hardlopers aan banden gelegd, ook hier ben ik jaloers op. Heks baant zich dagelijks door een menigte kwijlebabbels op loopschoenen. Ook loopt de stad met het mooie weer vol dagjesmensen…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com, Mamma zwaan

Soms zou ik willen, dat de Nederlanders volksaard niet zo antiautoritair was. Dat handhavers mensen massaal naar binnen konden drijven. Als schapen. Makke schapen.

Maar ja, dan kon ik ook niet meer lekker fietsen met mijn hondje. ‘Ik slinger tegenwoordig met een dummy van VikThor als mensen geen afstand houden. Als ze niet opzij gaan krijgen ze een knal….’ vertrouw ik de Don toe. Hij ligt in een deuk, ‘Ik zie het voor me Heks.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com, Pappa zwaan

‘De meeste mensen moeten er om lachen. Ze begrijpen de boodschap. Op die manier houd ik ook die gekken op racefietsen in bedwang. Die gaan door muren en beton, puffend en hijgend. Dwars door alles heen. Maar die woest slingerende knaloranje dummy schrikt ze toch af!’ grinnik ik er achteraan.

Het wordt wel steeds lastiger om veilig met VikThor op stap te gaan, want nu zit ook de berm van de Singel vol met picknickende studenten. De rest van dit studentikoze volkje zit breeduit uitgestald op de stoepen van hun overvolle huizen in de binnenstad. Precies zoals Heks vroeger met haar huisgenoten. Met kratten bier en flessen wijn…… Als toeschouwers op een tribune. Wij Leienaars hebben ongewild publiek.

©Toverheks.com

Wij vormden echter geen gevaar door met z’n allen op die stoep te zitten. Er was nog geen Corona. Wij kregen indertijd met aids te maken, maar dat liep je niet op de stoep zittend op…….

Al die mensen, die de straat op gaan…… Het wachten is op de volgende piekervaring van dit virus, een nieuw dieptepunt voor de IC….. Olé,olé! 

Nee, we zijn er nog niet.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks mijmert voor de televisie. Elfstedenkoorts tijdens hittegolf. Mijn held, Maarten van der Weijden, levert een topprestatie. Zomaar. Omdat hij genezen is van kanker en anderen niet….. Helaas is een opgekalefaterde ME-patiënt niet de aangewezen persoon om dit kunstje te evenaren. Wie oh wie gaat er voor zorgen, dat wij ook eens worden behandeld voor deze ernstige invaliderende ziekte? Heks wordt weer overal weggestuurd momenteel…….

De mussen vallen van het dak, maar Heks ligt in bed voor de televisie. Doodmoe na een dagje op stap met de heksenschool. Grafheuveltjestoertocht. Dodenwegwezenexcursie. Heerlijk!

Lekker in bed dus. Met dit weer. Helemaal niet erg: Maarten van der Weijden is aan zijn laatste kilometers bezig. Mijn held. Heks is dol op deze enorme vriendelijke zwemreus. Vorig jaar heb ik twee nachten aan de televisie gekluisterd met de man meegeleefd.

Baalde met hem mee, dat hij moest stoppen. Dacht direct stiekem dat hij vast weer een poging zou gaan doen. Dat zit in zijn karakter. Het karakter van een duursporter. Mijn slag sporters……

Ik ben ook nog speciaal dol op deze man, omdat ik jaren geleden op dit blog over hem schreef en hij schreef terug! Een superleuke reactie ook nog. Echt een hele aardige gast.

En dan ben ik stapeldol op de elfstedentocht. Zelf al jaren lid van de elfstedenvereniging. Nog steeds, ondanks ME. Ik heb namelijk nog steeds de stille hoop, dat er een geneesmiddel voor deze kloteziekte wordt gevonden.

Helaas krijg je geen ME-patiënt zo gek om zijn leven te wagen met een dergelijke monsterprestatie. Ze zijn überhaupt al te moe om helemaal naar Friesland af te reizen. Laat staan, dat ze ook maar 1 Fries stadje hadden weten te bereiken.

Niemand wil ook voor ons iets dergelijks op touw zetten. Je gaat zo’n groep notoire aanstellers toch niet lopen steunen. Een pak op hun flikker moeten ze krijgen. Die luie donders. Die verfoeide aandachtsvragers. Die verdraaide teringlijers. Een schop onder hun kont, hup, zo zelf het Friese water in. Dat zal ze leren!

Het is dus ook dubbel, mijn gevoel als ik naar dit spektakel kijk. Mensen gooiden een tijdje geleden massaal emmers ijswater over hun hoofd voor ALS. Een groot succes. Vrienden gingen mij zelfs hun grappige filmpjes sturen. Maar op mijn verzoek mee te doen aan de natte dweil in je gezicht voor ME heeft nooit iemand gehoor gegeven!

Wel krijg ik nog met enige regelmaat een natte dweil in mijn gezicht. Door de diverse behandelaars.

Zo ben ik al sinds november bezig om ergens voor langere tijd therapie te krijgen. Ik spring tegen de muren op, sinds ik heb ontdekt, dat mijn moeder me een heleboel rotstreken heeft geleverd alvorens in haar dementie te verdwijnen. Ik loop dagelijks tegen de gevolgen aan en het gekke mens wil me ook nog eens niet meer zien! Alsof ik iets verkeerd heb gedaan……

Als ik haar op zoek rent ze van me weg als was ik de duvel. Onverdraaglijk.

Mijn ziekte maakt het er allemaal niet gemakkelijker op. Ik zie soms wekenlang bijna niemand. En als ik dan mensen zie, wil ik niet gaan zitten zemelen over mijn mislukte leventje. Anderen ook niet overigens. Mensen praten liever over zichzelf tegen Heks. Nog steeds.

Dus iemand om de boel mee op een rijtje te krijgen is echt geen luxe. Maar het lukt niet. Wel sta ik drie maanden op de wachtlijst bij een vent, die me op de ochtend van de afspraak afbelt. Hij heeft de vragenlijsten, waar ik een middag bloedig op heb geploeterd om ze in te vullen, net ingekeken. Vijf minuten voor de afspraak.

‘Ik doe geen lange trajecten. Dus u kunt niet komen,’ blaat hij vanuit zijn schapenbaard in de hoorn. Mijn reactie ‘Dus u stuurt me ook weer weg, ik word altijd overal weggestuurd,’ maakt hem razend. Te vuur en te zwaard bestrijdt hij mijn inzicht. maar ik mag toch niet komen.

Uiteindelijk krijg ik de tip van Transparant. Een alternatief voor Rivierduinen. De doorzichtige club heeft zich afgescheiden van de reguliere Rivierduinen, omdat ze niet goed werden van het protocol daar. Maar zelf zijn ze geen haar beter. Ik word lullig te woord gestaan. Ze slaan me met hun protocol om de oren. En mag niet komen.

‘Ik ben al vanaf november op zoek naar hulp. Ik spring tegen de muren op en roep elke dag als eerste dat ik dood wil,’ klap ik uit de school. Het is niet gelogen. Elke dag baal ik van mijn leven, van mijn pijnlijke lijf, mijn gebrek aan energie, van mijn afwezige familie, van mijn gebrek aan geliefden, van mijn uitdunnende vriendenclub…….

Ik vecht, maar verlies terrein. Elk jaar weer. En overal word ik weggestuurd. Al jaren. Ik ben al dertig jaar mijn eigen behandelaar.

Alleen het alternatieve circuit wil me hebben. Dankzij hen ben ik nog in de lucht. Helaas hebben zij ook geen afdoende oplossing voor ME. Pappen en nathouden.

Vanmiddag zit ik bij de reumatoloog in het Alrijne ziekenhuis. Ze moet ontzettend lachten als ze mijn status ziet. ‘Hahaha,’ hikt ze als ik haar vraag wat er zo lachwekkend is,’ u mankeert van alles en denkt dan toch dat er nog dingen kunnen worden uitgezocht. Hahaha….’

Geweldige binnenkomer toch weer. Ik ben eventjes helemaal overbluft. Ik ben wel eens onthaald met de tekst ‘Wat doet u allemaal om uw klachten in stand te houden?’, maar dit is ook apart…..

Dan blijkt ze gewoon een reumatoloog uit het LUMC te zijn, de club waar ik gillend ben weg gelopen, nadat ze me steeds met een verpleegkundige opzadelden in plaats van een arts…….

Toch weet ze me nog wat interessante dingen te melden. Nadat ze uitgelachen is.

‘Uw lichaam doet verschrikkelijk zijn best, om het goed te doen. Te goed eigenlijk…’ Een heel verhaal volgt. Mijn hoofd wil niet luisteren, maar het moet. Haar verhaal komt er op neer, dat je bij heel veel van patiënten met fibromyalgie sprake is van aanleg, maar ook iets dat het triggert.

En laat nu datgene wat het triggert vaak traumatische ervaringen in je jeugd te zijn. ‘Zoals zware lijfstraffen bijvoorbeeld?’ Ja, dat is een uitstekend voorbeeld.

‘Uw lichaam heeft geprobeerd die stress op te vangen, maar te goed. Intussen loopt u daardoor ook nog steeds rond. Jullie ervaren het vaak als last hebben van je lichaam, het wil niks meer. Maar in feite doet uw lijf geweldig zijn best….’

‘Ja,’ denk ik later, ‘lekker is dat. Kun je ook van kanker zeggen: Uw doodzieke lichaam doet geweldig zijn best om allemaal celletjes te splitsen. Maar te goed. Te veel. Je hebt er misschien last van, maar het is eigenlijk een geweldige actie van je lijf…..’

Natuurlijk zegt niemand dat tegen een kankerpatiënt. Dat zou zeer onkies zijn. Je kunt het ook moeilijk verkopen, dat je lijf geweldig zijn best voor je doet, terwijl je daar tegelijkertijd dood aan gaat, Wij ME-patienten gaan niet dood aan onze ziekte, we veranderen doorgaans in een levend lijk, tegen ons kun je gewoon alles zeggen. Blijkbaar.

Tel je zegeningen!

Zo word ik dan weer weggestuurd bij de zoveelste behandelaar. Kan het ze iets schelen? Nee. In het huidige hopeloze medische bestel zit iedereen op zijn of haar eilandjes te prutselen. Na hun de zondvloed. En ME-ers zijn vervelende zeurkousen. Zo. Klaar. Volgende patiënt.

Maar Maarten is binnen!!!!!!!! Klokslag half acht……

 

 

 

 

 

 

Amoebe, die freule, gravin van moddersloot, bouwt waterkastelen, is in haar kleinheid groot. Heks ontdekt de Minions. Eencelligen net als zijzelf. Er zijn wel meer overeenkomsten tussen mij en dit vrolijke volkje…… Zoek de verschillen!


Heks ziet een rare film op televisie. Lamlendig lig ik weer eens een griepje uit voor de beeldbuis, als ik midden in een mij onbekende animatiefilm terecht kom. Het gaat over gekke gele mannetjes. Minions geheten. Ik blijf kijken, omdat ik toch niks beters te doen heb. En na enige tijd ben ik verkocht. Wat een grappige figuurtjes. Wat een idioot gedoe.

Ik ontdek bovendien veel overeenkomsten tussen dit eencellige volkje en deze amoebe. Moi.

Minions zijn van nature vrolijk en goedlachs. Net als Heks. En ze hebben de onweerstaanbare neiging om de groots mogelijke etterbak uit te kiezen als heer en meester. Nog een overeenkomst. Ze keren zichzelf binnenstebuiten om het de snoodaard naar de zin te maken. Ook al herkenbaar. En ze bakken daar geen zak van: Het is nooit goed. I rest my case.

Minions liggen dubbel van de lach als iemand een klap voor zijn kop krijgt. Of uitglijdt over een bananenschil. Ook als ze zelf de dupe worden van deze of gene lijkt het hen niet erg te deren.  Ze doen me denken aan de Heilige Clown ‘Coyote‘. Mijn totemdier.

Ze zijn weergaloos grappig, zoals ze er lustig op los brabbelen in hun onverstaanbare jabbertalktaaltje. Onderbroken door constant gegiechel.

Ik ben niet de enige mens, die weg is van dit volkje. Ooit begonnen als bijfiguren in een andere film hebben ze nu wegens groot succes een eigen film gekregen. Ze zijn mateloos populair, deze domme goedgemutste idioten, die geen onderscheid lijken te maken tussen goed en kwaad……

Zoals ook bijna de gehele mensheid lopen ze achter de eerste beste schurk aan te prossen. Een groot verschil met de homo sapiens is dat ze niet echt op iets voor zichzelf uit zijn. Ze willen slechts een roedelleider. Met een slechte inborst.

Als 1 van de mannetjes per ongeluk koning van Engeland  wordt interesseert het hem geen bal. Hij geeft zijn net verworven kroon zonder probleem aan een enorm vilein manwijf. Een schurkig schatje. Een powerteef.

Het is een idiote film zonder meutige moraal. Maar wel vol humor. En dat bevalt me prima. Het leidt me een beetje af van allerlei rampzalige ontwikkelingen in mijn persoonlijke leventje. Heks heeft ook last van schurkige invloeden. Er zijn padden, die dit kikkertje als een pionnetjes heen en weer schuiven in haar moddersloot. En me daarbij alle hoeken van mijn amoebige zuchkasteel laten zien.

Neem ik me vlak voor de jaarwisseling ten stelligste voor om allerlei dingen los te laten, ben ik binnen een week terug bij af. Door externe invloeden. Door bizarre ingrepen van buitenaf. Door bemoeizuchtig geroer in mijn heksenketel. Door nog meer van hetzelfde. Machteloos gemaakt. Monddood.

Heks voelt al geruime tijd niet meer de minste behoefte om slechteriken ter wille te zijn. Ik heb afgeleerd te geloven dat een doorgewinterde narcist nog kan veranderen. Het is een zure conclusie, maar wel een terechte.

Gisteren komt er een maatschappelijk werkster over de vloer. We zijn bezig om meer hulp te regelen voor dit heksje. In hopeloze fysieke periodes, zoals de laatste vijf maanden bijvoorbeeld, als het me nauwelijks lukt om te koken en te eten, als de hond uitlaten ongeveer het hoogst haalbare is, mis ik een vangnet.

Heks heeft geen familie, die eens iets voor me doet. Ik heb wel familie. Heel veel zelfs. Maar ze komen hier niet over de vloer.

Mijn vrienden leiden hun eigen drukke leventjes. Of ze mankeren zelf van alles. Ik word echt wel eens door hen geholpen, maar het blijft een druppel op een gloeiende plaat.

‘Bij mijn administratie heb ik nu geweldige hulp. Blonde Buurman komt eens in de 2 weken orde op zaken stellen. Dus dat loopt goed. Maar allerlei praktische zaken blijven liggen. Ik heb er gewoonweg de energie niet voor…..’ vetel ik haar als een eventuele buddy ter sprake komt.

Het heeft nogal wat voeten in de aarde om die vorm van hulp  te realiseren. Ik ben er al een tijdje mee bezig.

‘Met een vrijwillige buddy kom je er niet, Heks. Daar moet altijd iets tegenover staan en dat lukt je eenvoudigweg niet meer,’ zegt de praktijkbegeleidster van het Antroposofisch Therapeuticum onlangs.

Heks heeft hulp nodig. De tijd dat ik louter aan het geven was is voorbij. De koek is zelfs al jaren enigszins op!

‘Je bent een hele warme vrouw, maar die mensen hebben je koud gemaakt, Heks,’ zei een paragnost een aantal jaren geleden tegen mij over dierbaren waar ik jarenlang dienstbaar achteraan holde, ‘Dat vind ik heel jammer. Ze hebben je helemaal leeggehaald. je hebt altijd enorm je best gedaan, maar nu is het op. Je kunt echt niet meer…’

En ook:’ Nooit meer jezelf verdedigen, Heks. Geef al die idioten maar gelijk. Zolang jij jezelf blijft verdedigen geef je ongelofelijk veel macht aan allerlei mafkezen. Laat ze maar kletsen……’

‘En hou op met die achterlijke loyaliteit van je. Jij blijft loyaal tot op het bot aan mensen, die het totaal niet verdienen. Nergens voor nodig. Zet jezelf nu maar eens voorop. En als mensen weer met allerlei problemen op de stoep staan, laat je ze maar betalen, als je ze toch weer helpt. Jij hebt genezende handen en bent zo paranormaal als een ui. Net als ik.’

Jammer dat Minions niets hebben met gewone mensen. Ze houden louter van echte slechteriken. Ik zou best een legertje van die grappige kletskousjes om me heen willen hebben. Het is waar, dat hun hulp je doorgaans gestolen kan worden. De snoodaards, die ze trachten te dienen raken zonder uitzondering in de problemen door toedoen van dit kleine gele volkje. Dus voor de taak van buddy zijn ze niet geschikt. Maar ze zijn wel super grappig!

Ex Animo viert feest! Onze dirigent is vandaag precies veertig jaar verbonden aan ons koor! Het dak gaat er af tijdens het optreden van onze tenor! Maar ook alle andere bijdragen mogen er zijn! Wat is het toch fijn om lid van deze zangvereniging te zijn!

Een kleine week na ons concert viert Ex Animo feest. Al maanden gonst het in het koor van de stiekeme voorbereidingen. Het is namelijk een verrassingsfeestje voor onze onvolprezen dirigent; HIJ IS VANDAAG PRECIES 40 JAAR IN DEZE FUNCTIE VERBONDEN AAN ONZE ZANGVERENIGING!

Hij weet van niets, bepaald geen sinecure in een koor, waarin nieuws galmend rondzingt nog voordat het je mond verlaten heeft.

Heks zelf durft het onderwerp nauwelijks aan te roeren. Doodsbang dat zij degene zal zijn die de boel verklapt. Ik hoef er ook niet over te praten, want ik werk niet mee aan de voorbereidingen. Ik moet eerst ons concert overleven en ervan bijkomen. Daar heb ik mijn handen meer dan vol aan.

De rest van het koor is in rep en roer. Er worden liedjes in elkaar geflanst en  ingestudeerd door allerlei subgroepjes. Er is een dreamteam belast met het voorbereiden van een buffet. Cadeautjes worden gekocht. De zaal wordt versierd……..

De avond zelf is een groot succes. Iedereen is gekomen. Met een glas champagne in de hand kijken we op een groot scherm hoe onze dirigent wordt opgehaald door ons erelid. Stomverbaasd staat hij te stamelen dat hij die avond helaas moet repeteren. Volstrekt overrompeld! Haha.

Nog nooit hebben we hem sprakeloos gezien, maar nu staat onze muzikale leidsman met zijn mond vol tanden. Ook uren nadat hij in zijn kloffie op het feest is gearriveerd hangt er nog een waas van verbijstering om hem heen. Hij heeft echt niets in de gaten gehad.

Wij zitten er allemaal op ons paasbest bij. De stemming zit er geweldig in. De avond vliegt voorbij met als hoogtepunt toch wel het optreden van onze tenor. Hij zingt een fenomenale ‘Parelvissers’ samen met een bevriende bas. Maar ook het lied ‘Hoe wonderbaarlijk is toch Wims agenda’ scoort hoog. Met de Matthäus vers in ons geheugen zingt het koor vierstemmig mee met deze vrije bewerking van ‘Wie Wunderbarhlich ist doch diese Straffe’.

Helaas gaat het optreden van mijn zangmaatje Anna niet door door een communicatiestoornis. ‘De voorzitter had beloofd dat er een pianist zou zijn,’ moppert ze zachtjes voor zich uit met een teleurgesteld snoetje. Ik vind het ook enorm jammer. Ze kan zo prachtig zingen!

Heks is verkleed als snoepje van de week. Eindelijk hangt er lente in de lucht, hetgeen resulteert in een knalroze jurk met bijpassend hoedje. Op de terugweg regent het echter pijpenstelen. Kletsnat arriveer ik weer in Huize Heks.

Wat is het toch een heerlijk koor, de Christelijke Oratoriumvereniging Ex Animo. Met weer vijf nieuwe vaste leden erbij! We groeien gestaag.

Aan het begin van de avond kijkt onze dirigent terug op ons recente concert. En de tegenvallende recensie.

‘Ach ja, die recensie. Vorig jaar Himmelhoch jauchzend. Om dan dit jaar onze prestatie te gaan vergelijken met dat concert vind ik niet erg professioneel. Ook mis ik muzikale criteria, waarop de recensie is gebaseerd. Je kunt natuurlijk altijd iets ergens van vinden zonder dat het waar dan ook op gebaseerd is, maar zet dat dan niet in de krant. Ik trek me hier dan ook niet al teveel van aan.’

 

‘Jullie hebben prachtig gezongen. Onze sessies stemvorming met Margot Kalse hebben absoluut vruchten afgeworpen. Ik ben dan ook zeer tevreden. Er gaat natuurlijk altijd wel ergens iets mis. Kortom: Het is leuk als je een geweldige recensie krijgt en heel jammer als het niet zo is, maar jullie hebben echt goed gepresteerd!’

Volgend jaar bestaan we honderd jaar. Om het met het hele gezelschap te vieren gaan we op koorreis. Met z’n allen in een bus naar het buitenland! Heks gaat zeker mee. Ik zit stiekem al liedjes te verzamelen voor in de bus. Klassieke canons en gekke versjes. Het wordt een geweldige reis. Ik voel het aan mijn zingende eksteroog.

Oh, wie lieblich! Onze uitvoering van de Jahreszeiten is een groot succes! Het publiek is razend enthousiast. Volgens mijn uiterst kritische zangmaatje had het beter gekund, maar Heks is zeer tevreden: Van tevoren krijg ik precies op het juiste moment een lekkere adrenaline-stoot, ik heb het concert uitgezongen zonder mijn stem kwijt te raken en overleefd met relatief weinig schade!

Vrijdagavond om een uurtje of twaalf staan de aartsengelen voor de deur. Ze komen een paar dagen logeren. Ik ben een kwartiertje eerder langs hen neen gestoven mijn huis in. Met stoom uit mijn oren en vuur in mijn hart. De stoom is ontstaan na een kleine ontploffing in mijn berging.

Daar hangt een boze buurman plotseling stomme briefje op: Mijn fiets mag niet voor de muur van zijn berging staan. Hij schrijft deur, maar daar sta ik nooit. Dus blijkbaar is dat hele stuk gang voor zijn berging opeens van hem. Inclusief de lucht. Een geheel nieuwe vorm van landjepik.

Bovendien eentje die ik niet begrijp. Schiet me maar lek. Wat mankeert die man? Zijn fiets staat al sinds jaar en dag in de buurt van mijn berging! Ik struikel er met enige regelmaat over.

Maar goed. Gooi het over je schouder, Heks. Hij heeft blijkbaar niks beters te doen. Of het is een narcist op zoek naar een zondebok. En een stok om die hond te slaan! Toe maar. Bizar.

Mijn hart gloeit nog na van ons prachtige concert! Vanavond hebben we de sterren van de hemel gezongen in de aloude Pieterskerk. En het ging goed! Op wat minimaal gebroddel van de alten na, maar dat was niet te horen heb ik me laten vertellen. Dat is het voordeel van zo’n enorm koor. Kun je je nog eens een foutje permitteren!

’s Middags nemen we het hele stuk door met orkest en solisten. Ruim drieënhalf uur zitten we op het podium onze longen uit ons lijf te zingen om de puntjes op de i te zetten. ‘We slaan het Jagerskoor en het Wijnkoor over. Daar is geen tijd voor,’ onze dirigent ploetert onverstoorbaar door, ook al gaat er opeens van alles mis.

‘Het is de eerste keer dat we met orkest en solisten in deze geheel andere ruimte repeteren. Dan gaat er altijd wel iets niet helemaal goed. Vanavond is dat vast een ander verhaal. Dan wil ik geen serieuze gezichten meer zien, koor! Het publiek moet zien hoezeer jullie je verheugen op de jacht en de wijn!’

Achter me hoor ik een alt angstig piepen dat het toch wel heel erg uien was vanmiddag. Heks maakt zich niet te sappel. Met Wim de Ru als dirigent komt het uiteindelijk altijd goed. Die man weet gewoon wat hij doet. Ikzelf heb vanmiddag echt mijn krachten gespaard. Op aanraden van diezelfde dirigent. Vanavond gaan we knallen!

Om half acht kom ik met stoom uit mijn oren aan in de Pieterskerk. Een bijzonder achterlijk briefje van de boze buurman boven mijn nietsvermoedende fiets heeft de adrenalinestroom lekker op gang gebracht. Perfect. Had ik net nodig!

Eerst gaan we inzingen. Vervolgens stellen we ons aan weerszijden van de kerk op in nauwkeurig genummerde rijen. In ganzenpas lopen we naar onze zitplaatsen. Ik speur door de kerk naar mijn vrienden Fiedeltje en Co. Ze blijken achter een blokhoofd en een afrokapsel te zitten hoor ik in de pauze. ‘We kunnen je net zien, Heks. Wat is het overigens prachtig!’

Ja, de reacties zijn bijzonder enthousiast. Dat geeft de burger moed. Na de pauze doen we er nog een schepje bovenop. Vol overgave storten we ons op de jacht en de wijn!

Tijdens de instrumentale gedeeltes en de aria’s kijk ik eens goed om me heen. Oh, wat zit het orkest geweldig te spelen. Was het tijdens de repetities nog rommelig en te hard: Nu missen ze geen perfect geplaatst nootje. Als een geoliede machine glijden ze door de partituur. Gepassioneerd. Niet te geloven dat het allemaal amateurs zijn!

Als ze dat over ons koor ook denken hebben we het erg goed gedaan. ‘Ik ben niet tevreden,’ mijn zangmaatje Anna is heel erg kritisch naar eigen zeggen. Volgens haar kon het echt beter. ‘We zouden het eigenlijk volgende week nog eens moeten zingen, dan zou het perfect gaan!’

Het is zo. We voeren onze concerten altijd maar 1 keertje uit. We leven er anderhalf jaar naartoe, bergen worden verzet, het kost kapitalen: En dan is het na een paar uur alweer voorbij.

‘Gelukkig zingen we ook de Mattheus, Heks. Die kennen we nu wel zo ongeveer van buiten….’ troost Anna zichzelf voor al die moeite voor een enkel concert, waar hier en daar nog wat foutjes in zitten bovendien.

Heks heeft al die overwegingen niet. Ik geniet geweldig tijdens het concert. Ook al zing ik ergens een loopje, waar geen loopje gezongen hoort te worden. Merkwaardig hoe snel je dan geen volume meer geeft, zodra je het in de gaten hebt. Vrijwel direct dus. Een koor is echt een geheel. De onvolmaaktheden van de delen worden erdoor opgeslokt.

Ik ben blij dat het er opzit. Nu is het zaak met zo min mogelijk schade weer te herstellen. Tijdens de generale heb ik gezeten en tijdens de uitvoering heb ik er zorgvuldig voor gezorgd mijn armen los langs mijn lijf te laten hangen tijdens het zingen. Ontspannen.

Ik wil niet opnieuw een hele rare elleboog overhouden aan een uitvoering. Mijn rechterarm is nog steeds helemaal naar de kloten door de manier waarop ik bladzijden heb omgeslagen tijdens een Verdi concert afgelopen zomer. De daarvoor verantwoordelijke arme arm is sindsdien buiten gebruik. Op een halfzacht gegeven slap handje na af en toe.

Na het concert drink ik een glaasje met mijn vrienden. Even later zit ik thuis. Zoals altijd na zo’n avond begint het orkest het hele stuk van voor naar achter in mijn kop te spelen. Er lijkt een vrij accurate opnamestudio in mijn hersenpan te zitten. Ik heb dit concert nu twee keer gehoord met solisten en orkest en krijg een full blown uitvoering voor de vermoeide kiezen.

Zo stuiter ik nog uren op de adrenaline. Totdat ik ongeveer omval.

De aartsengelen zijn intussen gearriveerd. ‘Sorry engelen, ik ben vergeten witte bloemen te halen. Jullie moeten het eventjes met die prachtige rode rozen doen, die ik van mijn vrienden heb gekregen. En mijn wensen staan ook nog niet op papier. Ik zal ze jullie influisteren….’

Een wens voor mezelf. Eentje voor mijn familie. En dan nog eentje voor Moeder Aarde…..

Mijn wens onze Grote Goddelijke Moeder is dat dit prachtige concert van Haydn zal zingen in de harten van alle mensen vanavond. Een resonantie van deze fenomenale lofzang op de schepping over de gehele wereld. In de harten en zielen van alles was lebet und schwebet!

Unsre Stimmen hoch!

Een bijzonder mooie uitvoering van de Jahreszeiten!