Oh, wie lieblich! Onze uitvoering van de Jahreszeiten is een groot succes! Het publiek is razend enthousiast. Volgens mijn uiterst kritische zangmaatje had het beter gekund, maar Heks is zeer tevreden: Van tevoren krijg ik precies op het juiste moment een lekkere adrenaline-stoot, ik heb het concert uitgezongen zonder mijn stem kwijt te raken en overleefd met relatief weinig schade!

Vrijdagavond om een uurtje of twaalf staan de aartsengelen voor de deur. Ze komen een paar dagen logeren. Ik ben een kwartiertje eerder langs hen neen gestoven mijn huis in. Met stoom uit mijn oren en vuur in mijn hart. De stoom is ontstaan na een kleine ontploffing in mijn berging.

Daar hangt een boze buurman plotseling stomme briefje op: Mijn fiets mag niet voor de muur van zijn berging staan. Hij schrijft deur, maar daar sta ik nooit. Dus blijkbaar is dat hele stuk gang voor zijn berging opeens van hem. Inclusief de lucht. Een geheel nieuwe vorm van landjepik.

Bovendien eentje die ik niet begrijp. Schiet me maar lek. Wat mankeert die man? Zijn fiets staat al sinds jaar en dag in de buurt van mijn berging! Ik struikel er met enige regelmaat over.

Maar goed. Gooi het over je schouder, Heks. Hij heeft blijkbaar niks beters te doen. Of het is een narcist op zoek naar een zondebok. En een stok om die hond te slaan! Toe maar. Bizar.

Mijn hart gloeit nog na van ons prachtige concert! Vanavond hebben we de sterren van de hemel gezongen in de aloude Pieterskerk. En het ging goed! Op wat minimaal gebroddel van de alten na, maar dat was niet te horen heb ik me laten vertellen. Dat is het voordeel van zo’n enorm koor. Kun je je nog eens een foutje permitteren!

’s Middags nemen we het hele stuk door met orkest en solisten. Ruim drieënhalf uur zitten we op het podium onze longen uit ons lijf te zingen om de puntjes op de i te zetten. ‘We slaan het Jagerskoor en het Wijnkoor over. Daar is geen tijd voor,’ onze dirigent ploetert onverstoorbaar door, ook al gaat er opeens van alles mis.

‘Het is de eerste keer dat we met orkest en solisten in deze geheel andere ruimte repeteren. Dan gaat er altijd wel iets niet helemaal goed. Vanavond is dat vast een ander verhaal. Dan wil ik geen serieuze gezichten meer zien, koor! Het publiek moet zien hoezeer jullie je verheugen op de jacht en de wijn!’

Achter me hoor ik een alt angstig piepen dat het toch wel heel erg uien was vanmiddag. Heks maakt zich niet te sappel. Met Wim de Ru als dirigent komt het uiteindelijk altijd goed. Die man weet gewoon wat hij doet. Ikzelf heb vanmiddag echt mijn krachten gespaard. Op aanraden van diezelfde dirigent. Vanavond gaan we knallen!

Om half acht kom ik met stoom uit mijn oren aan in de Pieterskerk. Een bijzonder achterlijk briefje van de boze buurman boven mijn nietsvermoedende fiets heeft de adrenalinestroom lekker op gang gebracht. Perfect. Had ik net nodig!

Eerst gaan we inzingen. Vervolgens stellen we ons aan weerszijden van de kerk op in nauwkeurig genummerde rijen. In ganzenpas lopen we naar onze zitplaatsen. Ik speur door de kerk naar mijn vrienden Fiedeltje en Co. Ze blijken achter een blokhoofd en een afrokapsel te zitten hoor ik in de pauze. ‘We kunnen je net zien, Heks. Wat is het overigens prachtig!’

Ja, de reacties zijn bijzonder enthousiast. Dat geeft de burger moed. Na de pauze doen we er nog een schepje bovenop. Vol overgave storten we ons op de jacht en de wijn!

Tijdens de instrumentale gedeeltes en de aria’s kijk ik eens goed om me heen. Oh, wat zit het orkest geweldig te spelen. Was het tijdens de repetities nog rommelig en te hard: Nu missen ze geen perfect geplaatst nootje. Als een geoliede machine glijden ze door de partituur. Gepassioneerd. Niet te geloven dat het allemaal amateurs zijn!

Als ze dat over ons koor ook denken hebben we het erg goed gedaan. ‘Ik ben niet tevreden,’ mijn zangmaatje Anna is heel erg kritisch naar eigen zeggen. Volgens haar kon het echt beter. ‘We zouden het eigenlijk volgende week nog eens moeten zingen, dan zou het perfect gaan!’

Het is zo. We voeren onze concerten altijd maar 1 keertje uit. We leven er anderhalf jaar naartoe, bergen worden verzet, het kost kapitalen: En dan is het na een paar uur alweer voorbij.

‘Gelukkig zingen we ook de Mattheus, Heks. Die kennen we nu wel zo ongeveer van buiten….’ troost Anna zichzelf voor al die moeite voor een enkel concert, waar hier en daar nog wat foutjes in zitten bovendien.

Heks heeft al die overwegingen niet. Ik geniet geweldig tijdens het concert. Ook al zing ik ergens een loopje, waar geen loopje gezongen hoort te worden. Merkwaardig hoe snel je dan geen volume meer geeft, zodra je het in de gaten hebt. Vrijwel direct dus. Een koor is echt een geheel. De onvolmaaktheden van de delen worden erdoor opgeslokt.

Ik ben blij dat het er opzit. Nu is het zaak met zo min mogelijk schade weer te herstellen. Tijdens de generale heb ik gezeten en tijdens de uitvoering heb ik er zorgvuldig voor gezorgd mijn armen los langs mijn lijf te laten hangen tijdens het zingen. Ontspannen.

Ik wil niet opnieuw een hele rare elleboog overhouden aan een uitvoering. Mijn rechterarm is nog steeds helemaal naar de kloten door de manier waarop ik bladzijden heb omgeslagen tijdens een Verdi concert afgelopen zomer. De daarvoor verantwoordelijke arme arm is sindsdien buiten gebruik. Op een halfzacht gegeven slap handje na af en toe.

Na het concert drink ik een glaasje met mijn vrienden. Even later zit ik thuis. Zoals altijd na zo’n avond begint het orkest het hele stuk van voor naar achter in mijn kop te spelen. Er lijkt een vrij accurate opnamestudio in mijn hersenpan te zitten. Ik heb dit concert nu twee keer gehoord met solisten en orkest en krijg een full blown uitvoering voor de vermoeide kiezen.

Zo stuiter ik nog uren op de adrenaline. Totdat ik ongeveer omval.

De aartsengelen zijn intussen gearriveerd. ‘Sorry engelen, ik ben vergeten witte bloemen te halen. Jullie moeten het eventjes met die prachtige rode rozen doen, die ik van mijn vrienden heb gekregen. En mijn wensen staan ook nog niet op papier. Ik zal ze jullie influisteren….’

Een wens voor mezelf. Eentje voor mijn familie. En dan nog eentje voor Moeder Aarde…..

Mijn wens onze Grote Goddelijke Moeder is dat dit prachtige concert van Haydn zal zingen in de harten van alle mensen vanavond. Een resonantie van deze fenomenale lofzang op de schepping over de gehele wereld. In de harten en zielen van alles was lebet und schwebet!

Unsre Stimmen hoch!

Een bijzonder mooie uitvoering van de Jahreszeiten!

‘Juh, kehjut tsien? He’k wat fan je an dan?’ Heks stijfgescholden door Leidse Moslima met een debiel in heur hoofddoek: ‘Pleurttop juh! Teer op! Tief lekka je graf in, achteleke toverlijer met je leipe bezemsteel. Ga maar lekker op je plaat in rontonde om de kerktoruh! Met die zinksnijer in je smoel! Gestoorde dakschijter!’ En hier dan weer om lachen met Don Leo. Hij is eindelijk op bezoek in Huize Heks!

‘Hoorde je me ruzie maken hier voor de deur?’ Verwachtingsvol kijk ik de Don aan. Hij komt net fris gewassen en geschoren de badkamer uit. Aan de achterkant van mijn huis. Het incident is hem dan ook ontgaan. Jammer. Het was weer een geweldig staaltje van krijg nou wat!

Een piepjonge moslima  fietst als een ongeleid projectiel door de steeg. De oorzaak van haar zwabbergang is de mobiel, die ze in haar hoofddoek heeft geklemd. Vol overgave zit ze er in te blaten. De rest van de wereld ontgaat haar. Ze mist mij en mijn hond op een haar na. Verbluft kijk ik hoe ze na deze gevaarlijke manoeuvre gewoon door blijft kletsen.

Het intermenselijk verkeer laat haar koud. Op die ene idioot aan de andere kant van de lijn na dan.

Ik vang haar blik, terwijl ze verwoed probeert controle te krijgen over haar fiets. ‘JUH, KEH JUH UT SIEN?’ blèrt ze in plat Leids. ‘Ja,’ antwoordt Heks droog, ‘Ik zag je bijna over mijn hond fietsen met die debiel aan je oor.’  Nou, ik kan een hijs voor m’n treiter krijgen. Moord en brand schreeuwend fietst deze perfect geïntegreerde allochtone schone de straat uit.

Nou ja, schone………  Zolang ze haar klep houdt dan. Zodra die muil open gaat ga je over je zuiger van wat er aan asociaal taalgebruik uit komt……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De Don moet erg lachen om het gebeurde. ‘Hahaha, Heks, geweldige tekst vanuit die hoofddoek. Wat is de werkelijkheid toch absurd. Als je dit verhaal zou verzinnen gelooft niemand het!’

Al dagen vermaken Heks en de Don zich prima met vrijwel niets. We hebben genoeg aan elkaars gezelschap. We hebben altijd maar een half woord nodig. We moeten lachen om dezelfde grappen. We hebben ongeveer hetzelfde energieniveau of gebrek aan energieniveau……

Vorige week woensdag haal ik de Don van het station. Na een bijzonder vlotte treinreis staat mijn oude vriend dan eindelijk weer eens in levende lijve voor mijn neus. Hoera!

Een grote grijze gleufhoed prijkt op zijn hoofd. En ondanks de tropische temperaturen die dag draagt mijn makker natuurlijk een driedelig pak. Met stropdas. En overjas!

Snel gooi ik zijn bagage in mijn auto en even later zitten we heerlijk op mijn balkonnetje bij te kletsen. Urenlang. Aan het eind van de middag lopen we de stad in met het hondje. In een park laten we mijn monster zwemmen en spelen. Op een terrasje klinken we op ons weerzien na al die jaren.

Don’s vorige bezoekjes dateren alweer van jaren her. En de laatste paar keer hadden we slechts een verloren uurtje om samen stuk te slaan. En ondanks het feit dat we elkaar al die tijd minstens een keer per week uitgebreid spreken wil je toch wel weer eens tegenover elkaar zitten. Wij wel in elk geval! En dat doen we dan ook: Deze keer hebben we alle tijd.

Pas om een uurtje of tien ’s avonds zijn we weer in Huize Heks. We moeten nog eten! Heks gooit snel wat lamskoteletjes in haar grillpan. De Romaanse sla gril ik ook. De Don doet even een tukje. Hij heeft er een hele lange dag opzitten!

Midden in de nacht zitten we eindelijk te smikkelen aan de keukentafel. ‘Een heerlijke souper!’ glimmen we tevreden naar elkaar. Ha! Dit is pas de eerste dag van een nu al legendarische logeerpartij.

‘Mijn zangmaatje Anna heeft me gisterenavond flink doorgezaagd over je slaapplek,’ vertel ik de Don nadat ik zijn bed heb opgemaakt, ‘Ik moest haar ervan overtuigen dat je in de logeerkamer slaapt, dit tot groot vermaak van de sopranen!’  Hikkend van de lach geven we elkaar een nachtzoen. Oh, oh, die Anna. Zo heerlijk ouderwets en degelijk. En: Ze houdt me goed in de gaten!