Ik baal! Ik baal van die Bengaal. Die KUT-Bengaal haalt dagelijks verhaal bij mijn kat. De schat wordt geterroriseerd! En bezeerd. Volstrekt verkeerd: Zo’n wilde kat hier in de stad…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Heks, Ik heb allemaal kattenspulletjes voor je,’ Schilder belt me onverwachts op. Een aantal jaar geleden alweer. Toen hij nog onder ons was. ‘Een hele chique bak, kattengrit, een zak super voer….’ Goh, ik wist niet dat hij weer een kat had. ‘Ik heb zo’n Savannah kat genomen, Heks. Een monster. Het is nog maar een kitten, maar wat voor eentje…..’

‘Hij breekt de boel compleet af hier binnen. Hij rent tegen de muren omhoog en bespringt me vervolgens. Hij slaat zijn klauwen in me! Ik ben gewoonweg bang voor die piepjonge kat. Een kitten! Nog nooit zoiets meegemaakt. Het is een prachtig beest, maar volstrekt gestoord. Niet te houden in een normaal huishouden. Ik heb hem na drie weken aanmodderen dan ook maar weer teruggebracht….’

Mijn oude vriend heeft zijn leven lang katten gehad, dus Heks is nogal verbaasd. Wat zijn dat voor’n katten, die Saharakatten? Half wild? Waarom willen mensen in godsnaam zo’n beest in huis hebben? Prestige? Algehele gekte? Wat bezield hen?

Een paar maanden geleden kom ik de voordeur uit met VikThor en Ferguut. We gaan een plasrondje wandelen door de wijk. Vanuit het niets vliegt een uit de kluiten gewassen kat door de lucht naar ons toe. Het is een schitterend dier. Vier klauwen strekken zich uit door de lucht.

Hij probeert op mijn kat te landen. Of mijn hond. Of misschien zelfs wel op Heks. Ik wacht het niet af en ga met maaiende armen op het monster af.  Schreeuwend. De katachtige draait zich om in de lucht(!) en verdwijnt in een steeg. Het is die verdomde Bengaal van de buren. Dat beest is onlangs volwassen geworden. Hormonaal geladen valt hij mij en de mijnen aan. Het is een prachtig dier. In de jungle. Niet hier. 

Maandag ben ik alweer bij de dierenarts. Met drie katten deze keer. ‘Ik neem eerst de ouwetjes mee, want ik maak me zorgen over alledrie eigenlijk. Pippi wast zich al jaren niet goed en ze hoest af en toe als een ouwe zwerver. Snuitje wast haar achterhand niet, ik vermoed artrose. En Ferguut……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Mijn dolende ridder doet enigszins vreemd. Er is iets met hem, maar ik weet niet wat. Volgens mij heeft hij vorige week twee keer op mijn bed gepiest. De tweede keer betrapte ik hem min of meer. Dus vandaar dat ik hem verdenk. En toen dacht ik natuurlijk direct aan blaasgruis. Daar ben ik wel eens bijna een kat door kwijtgeraakt. Die schrik zit er nog steeds in!

Het heeft wat voeten in de aarde om met het hele spul op het juiste tijdstip acte de présence te geven. Vooral omdat ik door een vorige week reeds verstuurde bevestigingsmail op het verkeerde been wordt gezet. ‘Vergeet uw afspraak om 13.30 niet,’ lees ik in de bewuste mail. Wel gek dat ze em drie keer sturen. Oh ja, ik heb natuurlijk ook drie afspraken. Vorige week eentje, volgende week nog eentje en vandaag…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks loopt op haar tandvlees. Ik moet nodig eens een dagje crashen, maar dat komt er niet van met mijn nieuwe bezigheden. Vanavond heb ik bijvoorbeeld cursus Klezmer zingen. Het is ook hollen of stilstaan bij Heks. Ja, vind je het gek. Na vijf maanden voornamelijk in bed wil ik zoveel mogelijk genieten van de iets meer armslag die ik heb qua energie. En de daarbijbehorende bewegingsvrijheid!

Om kwart voor 1 ga ik het spul verzamelen. Ik kan de vervoersmanden nergens vinden. Ik heb er zeker zes. Oh jee. We hebben vorig jaar de berging opgeruimd. Die dingen zijn natuurlijk grondig opgeborgen. Slechts twee exemplaren weet ik tussen de opnieuw ontstane troep vandaan te vissen. ‘Ik stop Ferguut gewoon in de vervoersbench van VikThor. Het is wel een gesjouw, maar vooruit maar…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het zit me toch niet lekker dat de afspraak om half twee is, terwijl mijn agenda piept dat het om 1 uur is. Ik heb met enige regelmaat ruzie met de agenda op mijn Iphone. Als hij niet synchroniseert met mijn computer bijvoorbeeld. Als afspraken verdwijnen en weer verschijnen, zonder dat ik snap waar het aan ligt. Wantrouwig bekijk ik nog eens de mailtjes.

Em ja, je raadt het al. Warhoofd Heks heeft weer eens lopen kloten. De drie mailtje gaan over de drie afspraken met drie katten vandaag. Voor elke kat een mail. Een geval van overbureaucratie. Verwarrend tot op het bot voor ongeorganiseerde types zoals ik. Die het moeten hebben van duidelijke informatie. Die geen mail teveel lezen.

De eerste afspraak is al om 1 uur en het is intussen vijf voor 1. Ik ga het met geen mogelijkheid redden: Katten vangen, in auto stoppen, erheen rijden, dat hele tuincentrum doorkarren met een winkelwagen voor protesterend miauwende huisgenoten…..

©Toverheks.com

©Toverheks.com©Toverheks.com

Snel bel ik de dierenarts. Leg uit wat er aan de hand is. Haast me vervolgens een slag in de rondte. Worstel met die enorme bench, hij past niet in de auto, wat gek, is dat ding opeens gegroeid? Nee, ik moet em half inklappen herontdek ik. Bijna ontsnapt de panter me. Ik kan hem nog net in zijn kladden grijpen……..

Ik win al met al 7 minuten met al dat gehaast. Maar ik raak een jaar van mijn leven kwijt. Zucht.

Gelukkig is het konijn, dat na mij gepland staat, weer gaan eten. Dus die afspraak gaat niet door. We hebben alle tijd  voor het consult.

Mijn zorgen rond Pippi en Snuitje blijken ongegrond. Beide dames zijn in prima conditie. ‘Pippi is waarschijnlijk gewoon een kat, die zichzelf iet wast,’ aldus de dierenarts. Ik had haar beter Floddertje kunnen noemen, alhoewel Pippi Langkous ook niet bepaald uitblinkt in persoonlijke hygiëne……

‘Snuitje heeft flink artrose. Kijk maar. Als ik haar hier probeer te strekken, doet dat echt zeer. Ik zie het aan haar reactie. Ik stel voor om haar op een dosis pijnstiller/ontstekingsremmer te zetten. Groot kans, dat ze er enorm van opknapt.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Verder zijn de dames zo gezond als een vis. Maar dan Ferguut. Vorige week heeft hij twee keer op mijn bed gepiest. Ik zou hem nooit hebben verdacht, als ik hem niet op heterdaad had betrapt. ‘Ik heb hem toen linea recta naar buiten gebonjourd. Maar het heeft me wel aan het denken gezet. Zou hij soms last hebben van blaasgruis?’

Ik heb geprobeerd een plasje op te vangen, maar dat is helaas mislukt. Meneer piest liever buiten. Hij heeft intussen wel een volle blaas constateert de dierendokter. Geroutineerd kijkt ze mijn panter na. Op de plek waar het laatste abces heeft gezeten steekt nu een bot uit. ‘Die spier is aangetast door dat enorme abces. Dat komt helaas niet meer goed.’

Dan kijkt ze zijn gebit na. Tot onze schrik zien we dat er een groot bloedend gat gaapt waar eerst een grote voortand zat. ‘Die is er uit geslagen door een enorme kat. Het is echt met veel geweld gebeurd……’ Een klamme hand sluit zich om mijn hart.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Kijk, katten vechten. Een rafelig oor of een winkelhaak hier of daar? Een keertje een abces? Het kan gebeuren. Maar vier keer op rij een behoorlijk ernstige verwonding binnen een half jaar? Toegebracht door een katachtige? Dat is echt niet normaal. 

Heks heeft een hoofdverdachte: De Bengaalse kat van een koppel op de Lange Mare. Het dier is afgelopen jaar volwassen geworden en dat is goed te merken. Geen enkele kat is meer veilig voor het monster, maar hij heeft het vooral voorzien op mijn zwervende boerenridder Ferguut. 

‘Geen enkele huiskat is ook maar een beetje partij voor zo’n Bengaal,’ zegt de dierenarts bij het eerste ongeluk. “Eigenlijk zouden mensen zulke katten niet moeten houden hier in Nederland. Het zijn wilde katten. Totaal niet geschikt om rond te laten lopen in een buurt vol huiskatten….’

Heks spreekt na een knakstaart en twee abcessen de bewuste buurvrouw aan op haar kat. ‘Hahaha, ja, wat wil je dat ik eraan doe? ik kan hier echt niks mee,’ het mens maakt zich bepaald niet druk om het gedrag van haar halve wilde kat. 

Ook als ik afgelopen week bij haar aan de deur sta om verhaal te halen, nadat de dierenarts heeft geconstateerd dat er met geweld een tand uit de bek van mijn kat is geslagen, is ze niet onder de indruk. Haar man gooit zelfs de deur dicht in mijn gezicht. Wat een lompe eikel. De vrouw zelf lacht me hartelijk uit.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Nadat ze eerst met een uitgestreken smoelwerk zegt dat we niet gaan schreeuwen. Heks heeft inderdaad haar stemgeluid verheven, nadat buurvrouw verbaal haar kont afveegt met mijn zorgen om mijn kat. Schreeuwen is iets anders. Ik ben niet buiten zinnen. Noch bedreig ik de vrouw.

‘Wat wil je dat ik er aan doe?’ schreeuwt de boze buurvrouw me na. Apart toch weer. Zegt ze een minuut eerder nog op betuttelende toon dat we niet gaan schreeuwen, nu doet ze het zelf. ‘Ik kom geen ruzie met je maken, ik kom je aalleen vertellen, dat ik de wijkagent en dierenpolitie op de zaak ga zetten,’ zeg ik rustig tegen de schreeuwlelijk.

‘Er bestaat in Nederland een gedoogbeleid voor dit soort katten om hen buiten te laten rondlopen. Bengaalse katten zijn verboden, maar vanaf de zoveelste generatie kruisen mogen ze wel gehouden worden. Maar naar buiten gaan is een ander verhaal. Dat valt dus onder dat gedoogbeleid…. Zondag ga ik bovendien aangifte doen van mishandeling op advies van de Dierenbescherming….’

‘Nou, ik zie die wijkagent wel verschijnen,’ teemt de buurvrouw, om schaterenlachend te vervolgen dat ze het wel zielig vindt voor mijn kat. ‘Wat wil je dat ik er aan doe?’

‘Zal ik er dan maar wat aan doen?’ ben ik geneigd te zeggen. Ik heb al dagen visioenen om dat klotebeest te vangen en uit te zetten op een waddeneiland…….

De politie komt langs om over die kat te praten. Ze kunnen niet veel doen en ook zij raden me aan om aangifte te doen. ‘Bereid het goed voor. Neem zoveel mogelijk informatie mee over wat er gebeurd is.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De dierenarts schrijft op mijn verzoek een verslag van alle verwondingen en behandelingen van het afgelopen jaar. Ook hierin gaat weer dat het niet wenselijk is om zulke dieren op straat te laten lopen. ‘Het is zoiets als wanneer ik een halve wolf hier in de wijk loslaat. Daar maak ik ook geen vrienden mee,’ zeg ik tegen Buurman. 

Hij woont naast de baasjes van de kutkat. Zij is al uitgebreid verhaal komen halen bij hem. Ja, lekker is dat.

Maar alles goed en wel. Intussen loopt die rot Bengaal nog steeds hier door de buurt te paraderen. Gisterenmorgen hoor ik een hels kabaal in de steeg. Mijn panter zit onder een vuilcontainer te wachten totdat hij naar binnen kan. De Bengaal probeert hem aan te vallen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De eigenaresse van de bloemenwinkel rent verschrikt naar buiten. Heks schreeuwt als een viswijf tegen de Bengaal. Hij gaat er als een haas vandoor. Snel ga ik naar beneden om mijn panter op te halen.

‘Zag jij ook dat die Bengaal mijn kat aanviel?’ vraag ik aan de bloemenvrouw. Ze zag het. ‘Maar dat doen toch alle katten?’ bagatelliseert ze het geziene. Ze is namelijk geen fan van Heks. Het heeft een tiental jaar geduurd voordat ik het in de gaten had, maar na de zoveelste ongenuanceerde schreeuwpartij zonder reden richting mij viel het kwartje. Het mens kan me niet uitstaan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Sinds ik dat ontdekt heb mijd ik haar zoveel mogelijk. Tegen mij wordt niet meer geschreeuwd. Ik heb dan ook helemaal niets aan deze getuige vrees ik. 

Later zie ik dat het oor van Ferguut flink is opengehaald door die kolere Bengaal. Hij bloedt als een rund. Het is nu elke week raak intussen.

Oh, wat ben ik moe van al dat gedoe met mijn beesten. De hele week ben ik al in touw met mijn dierentuin. Maak ik me zorgen om mijn panter. Ben ik druk met de verzorging van de poot van VikThor. Ik zal blij zijn als die Bengaal van het toneel verdwijnt. Als de rust weerkeert in deze buurt vol katten.

‘Ik ben vast niet de enige, die last heeft van die kat. Ik heb al links en rechts geïnformeerd bij andere kattenbezitters. Tot nu toe zonder succes. Maar ik verwacht echt meer slachtoffers te vinden, Ferguuts situatie staat vast niet op zichzelf…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

MiAUAUAUAUAUW! ME AU AU AU AU AU! De panter heeft zich weer eens in de nesten gewerkt. Het is altijd wat met de dolende ridder. Is het niet dit, dan is het weer dat. Heks heeft haar handen vol aan dit geliefde monster. Terwijl mijn bankrekening er op leegloopt!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een paar weken geleden ben ik de panter weer eens kwijt. Ik heb direct een naar gevoel en al na een dag loop ik uitgebreid te roepen in de buurt. Begrijp me goed, het beest is wel vaker op stap. Dagenlang soms. Hele weken, maanden ben ik hem kwijt geweest.

Meestal maak ik me geen zorgen, maar als er iets mis is voel ik het direct. Zo ook nu. Waar zit mijn monster?

Na een uitgebreide zoekronde ’s avonds laat zie ik hem bij thuiskomst voor de voordeur zitten. Maar als hij me in het oog krijgt kruipt hij weg. Komt weer naar me toe. Loopt weg. Komt, loopt weg, komt toch……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ha gekke ridder van me,’ zing ik hem zachtjes toe, terwijl ik hem over zijn koppie aai, ‘He, wat is dit? Je staart is raar. Hij lijkt wel gebroken….’ Terwijl ik mijn hand langs zijn hele lijf laat glijden voel ik een rare knik aan de basis van zijn lange staart. Jeetje. Die heeft ergens tussen klem gezeten. Dit heb ik nog nooit eerder gevoeld.

Ik neem mijn schat mee naar binnen, alwaar hij de gehele nacht bovenop mijn buik ligt. Hij zoekt steun, want zijn arme staart doet echt pijn. Dat is goed te merken. De volgende dag gaan we naar de dierenarts.

Die geeft ons een sterke pijnstiller mee. ‘Het is niet gebroken, maar er zit wel een werveltje helemaal scheef. Ik doe er verder niets aan. Met een paar dagen voelt hij zich veel beter.’ Geen dure röntgenfoto gelukkig. ‘Nergens voor nodig,’ zegt de man.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Nou, dat was dan je zevende leven. Of was het pas het zesde? Ik ben de tel kwijt, mafkees,’ mopper ik zachtjes tegen hem op de terugweg. Mijn avontuurlijke boerenridderkater heeft altijd wat. En ondanks het feit, dat hij toch ook een dagje ouder wordt is hij nog steeds uitermate uithuizig. De ellendeling.

Ik houd hem een paar dagen binnen. Altijd een hele heisa, want meneer wil niet binnen blijven. Hij wil de hort op. De buurt verkennen, de nachtburgemeester uithangen, achter de muizen aan!

Na vier/vijf dagen laat ik hem maar weer naar buiten. Hij is behoorlijk opgeknapt, maar de knik is een blijvertje lijkt het.

Vorige week is meneer koekepeer weer eens onvindbaar. Al dagen hebben we ruzie. Hij komt binnen, eet zijn eten op en staat dan aan 1 stuk door te schreeuwen, dat hij weer naar buiten wil. Van nog wat extra brokjes wil hij niks weten. Hij eet alleen nog maar blikvoer lijkt het!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De laatste dagen wilde hij zelfs niet meer mee naar binnen. Moest ik hem achterna rennen en vangen. Met een grote tegenstribbelende zwarte kater onder mijn arm de trap oplopen.  Hem stevig vasthouden tot we binnen waren, omdat hij em anders direct weer zou smeren. Wat heeft die kat toch?

Nu is hij dus al twee dagen pleite. Pas de derde dag zie ik hem van een muur via mijn auto, die verderop in de steeg geparkeerd staat, op straat springen. En ook nu krijg ik hem slechts met moeite mee naar binnen. Waar hij dan weer wel aanvalt op zijn eten: Hij is uitgehongerd!

‘Wat heb je toch, gekke kat?’ Heks houdt hele verhalen tegen haar schatje. Hij kijkt me serieus aan. Opnieuw valt het me op dat hij er anders uitziet. Maar waar ik er een paar dagen geleden nog niet de vinger op kon leggen, zie ik nu plotseling hoe zijn kop aan 1 kant is opgezwollen tot enorme proporties.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zijn linkeroog zit zelfs een beetje dichtgedrukt. De zwelling is pijnlijk. En plotseling heel groot geworden. ‘Waarschijnlijk een abces,’ concludeert Heks. Deze ridderkater zal wel weer een potje gevochten hebben…..

Zo zit ik zondagmorgen weer bij de dierenarts. Mijn goedkope tuincentrum-arts is helaas niet beschikbaar, dus ik zit bij een peperdure collega. De rekening is nog net niet zo erg als eentje, die ik ooit eens op een zaterdagavond laat heb opgelopen, maar het is evenzogoed een rib uit mijn lijf.

Hiervoor krijg ik wel een consult met een enorm lekker ding. Ik heb mijn ogen nog niet helemaal open, maar dit zie ik dan toch wel. ‘Het is waarschijnlijk een abces, daar gaan we de medicatie op inzetten. Helaas kan ik het niet openmaken, dat geeft namelijk vaak verlichting. Maar met een goeie dosis antibiotica en een stevige pijnstiller voelt hij zich met een paar dagen veel beter….’

Zo ligt mijn panter dan in de grote bench. Met zijn eigen kattenbak, lekker voer en een bak water. Het is de enige manier om ervoor te zorgen, dat hij em niet smeert. Ooit sprong hij met een drain in zijn lijf en een kap om zijn kop uit het slaapkamerraam op de eerste verdieping. Daar draait meneer zijn poot niet voor om.

Soms jammert hij erbarmelijk. Soms laat ik hem er een paar uur uit. Hij heeft een kuur van tien dagen en die moet hij afmaken. Twee keer per dag een pil.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Op dag drie jammert hij wel erg hard. Nog maar een keertje naar de dierenarts dan. Ik zie intussen ook een rare pek onder zijn oog verschijnen.

Zodra ik hem bij de dokter op de behandeltafel zet, springt het abces open. Bloederige stinkpus vliegt ons om de oren. De wond wordt grondig nagespoeld met een jodiumverdunning. ‘De rest geneest vanzelf. Katten hebben een geweldig vermogen om abcessen zelf te lijf te gaan,’ stelt de dierenarts me gerust.

Hij moet nog een paar dagen binnen blijven, om de antibioticakuur af te maken. Het is nog eventjes afzien voor me. Maar de schat voelt zich al veel beter!

Maar wat ben ik blij, dat hij ook dit weer overleeft. Mijn kanjer. Mijn grote zwarte schaduw. Mijn stoere panter. Mijn geliefde ridder Ferguut.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

 

Wat ben ik? Of wie? Doodmoe, kapot, uitgeteld en opgebrand. Een dweil, een gymschoen, een halve zool, een slaapkop. Op sommige dagen kun je het je beter niet afvragen als ME-patiënt. Ook in de spiegel kijken is op dergelijke dagen sterk af te raden……

Maandag ga ik een dagje plat. Heks valt om. Geheel gestrekt. Ik red het nog net om mijn hondje een flinke ronde om de Singel te geven. Hij springt bommetjes de gracht in, speelt met vriendjes en vriendinnetjes, rent als een gek door het struweel….. Hij moet het er weer uren mee doen!

Godkolere. Wat voel ik me belabberd. Ik doe vandaag lekker helemaal niks. Dat scheelt al enorm. Als ik me vandaag toch zou oppeppen had ik geheid instant een kuthumeur. In Plum heb ik nog eens heel duidelijk het verband gezien tussen fysieke uitputting en scheldneigingen: Zodra mijn energieniveau daalt stijgt mijn frustratieniveau! En als ik niet uitkijk beginnen de decibellen verbaal geweld dan al snel de pan uit te rijzen…..

Stoppen dus. Rust nemen. Eventjes helemaal niks.

 

Heks heeft het al weken druk met naar de fysiotherapeut gaan. Langzaam maar zeker raak ik weer een beetje uit de knoop. Maar vandaag is hier niets meer van te merken. Al mijn spieren doen zeer, mijn pezen zijn vannacht plotseling gemiddelden drie centimeter korter geworden en mijn zenuwbanen staan unaniem onder stroom. Bovendien wil ik mijn hoofd eraf zagen. Die pijnlijke kroon van mijn schepping kan me vandaag gestolen worden.

Ook andere lichaamssystemen geven er de brui aan. Doodstil liggen dus. Niet bewegen. Wachten tot het over gaat.

 

Ik bel de Don. Hij heeft dit soort dagen ook aan de lopende band. Tegen hem hoef ik geen stoere verhalen op te hangen. Over hoe geweldig ik toch met mijn ziekte om ga. Of hoeveel ik wel niet leer van die ellendige typhusziekte. Hoe het een subliem schuurpapiertje van het leven is. Hoe ik spiritueel word getrommeld en opgepoetst door mijn gebrek.

 

Allemaal lulkoek. Ultieme dimensiegezwets om maar niet te hoeven luisteren naar andermans ellende binnen de relatieve dimensie. Helaas krijg je deze kletskoek om de haverklap naar je oren in diverse spirituele kringen.

Ik maak me er al sinds jaar en dag druk over. Ik ageer er al eeuwen tegen. En ik blijf dat doen. Zijn ze nu helemaal betoeterd om mensen zo integraal af te schrijven op grond van wat fysiek ongemak?

Heks slaapt en slaapt. De hele middag en avond lig ik te sluimeren. Ik moet er geweldig van bijkomen. Suffig eet ik een soepje, drink ik een sapje.  Nu nog even mijn hondje de Singel rondjagen. Het van der Werfpark vermijden, want daar zijn net 2 honden vergiftigd. Een dag nadat ik er nog uitgebreid gewandeld heb met mijn monster.

 

Ze hebben het niet overleefd. De hele hondenminnende binnenstad staat op zijn kop. De dader kan maar beter verkassen als hij wordt ontmaskerd: Heks is ervan overtuigd, dat iemand hem of haar anders gebakken spons zal doen vreten!

Drie dagen lang lig ik voornamelijk te slapen. Afgewisseld met uitlaatrondes. Spierpijn, buikpijn en stampende koppijn….. Ik heb er sowieso dagelijks last van, maar er zal ook wel een vaag virusje in het spel zijn.

 

 

Primadonna Prunus versiert mijn autootje. Of is het een Primadon? Heks maalt er niet om. Ik hou van deze kanjer. Bernard hield van z’n anjer, maar geef mij maar een bosje boom! Wolken bloesem dansen door de stad. Mijn trouwe kanarie als trouwauto? Haha!!!! Dat is me wat!

Al jaren onderhoud ik een intens liefdevolle relatie met een boom hier in de steeg. Het is een oude Prunus en hij staat in een eveneens eeuwenoud hofje. Zijn kroon overspant intussen de hele steeg. Door het jaar heen zijn we trouwe kameraden. Maar in het voorjaar raken we weer verliefd.

Zodra zijn eerste knoppen zwellen slaat mijn hart op hol. Elke avond breng ik hem een kort bezoekje om te kijken hoe de zaken ervoor staan. Tot dan eindelijk de grote explosie van roze bloesem volgt. Dan sta ik avond aan avond ademloos te kijken en vooral ruiken. Dan droom ik van elfenfeestjes met vlierbloesemsiroop en mede.

‘Ga je vannacht in de Prunus logeren?’ Ferguut staat bij de deur. Hij wil per se naar buiten. Mijn panter houdt ook van deze boom. Ik verdenk hem ervan dat hij vrolijk meefeest met alle elven en kabouters hier uit de steeg. ‘Doe hen de groeten, vooral mijn vriend Pleingodje,‘ roep ik mijn monster na als hij van het dak springt.

Dinsdag ga ik naar het koor. Ik ben zoals altijd een beetje laat. Al die voorbereidingen ook. Hond uitlaten, beesten eten geven, mezelf eten geven, mezelf reanimeren, toonbaar maken ook vooral, dus mezelf insmeren met make up, omkleden of zelfs douchen……. Een hele klus. Voor een MEer.

Als ik bij mijn auto arriveer kom ik voor een verrassing te staan. Mijn kanariepiet is helemaal roze van de Prunus. Hij staat pal onder mijn geliefde boom. Gisteren lag er een bescheiden laagje op, maar nu is hij helemaal knalroze.

Ik heb geen tijd om er een foto van te maken, maar dat heb ik gelukkig gisteren wel gedaan. Toen dacht ik nog: ‘Heks, zorg dat je morgen bijtijds de deur uitgaat, want je moet eerst tienduizend bloemetjes van je auto halen…..’

Maar ja, helemaal vergeten intussen……

Ik veeg de ergste bloesempracht van mijn ruiten, zet de ruitenwissers even aan…. Maar dan moet ik toch echt gaan. Ik zie wel hoe het uitpakt.

En het pakt uit! In een wolk van roze bloesem vlieg ik de straat uit. Over de Oude Vest, de Langegracht…….Eén grote dwarrelde liefdesverklaring aan het leven. Fantastisch. Ik word er helemaal gelukkig van.

Links en rechts blijven mensen stokstijf stil staan om dit tafereeltje verrukt gade te slaan…..

De repetitie is ook al geweldig. We zijn begonnen aan een paar fantastische nieuwe stukken voor ons honderdjarig jubileum, waaronder een lekker modern werk van Vaughan Williams. Echt smullen!

Ook is de harmonie in het altenvak intussen herstelt. Iedereen is weer helemaal tevreden met haar zitplaats alsmede haar buurvrouw. Een hele verademing!

Als ik later naar mijn auto loop word ik ingehaald door een paar sopranen. ‘Oh Heks, wat is je auto mooi! Het lijkt wel een trouwauto!’ jubelen ze enthousiast. En ja, het is waar. Het knalgele wagentje met de roze versiering is een lust voor het oog. En oogt bovendien trouwlustig!

Je zou er bijna zelf trouwlustig van worden. Gelukkig ben ik gelukkig met mijzelf getrouwd. Alweer bijna negen jaar!

Er zijn meer hondjes die Fikkie heten. Dat blijkt maar weer! Maar of Heks worst lust van Fikkie………. (hij heeft ze net gebakken) Nee: Geef mijn portie maar aan Fikkie!

‘Hoi,’ groet Heks een oude vrind bij de sigarenboer op de hoek. We hebben elkaar in geen tijden gesproken. ‘Ik heb mijn nieuwe hond naar je genoemd,’ plaag ik hem vervolgens, ‘Kijk, dit is em. VikThor met zijn yin yang snor. Haha.’

Ik sta hartelijk te lachen. ‘Nou, dat is een bijster originele naam voor een hond,’ reageert mijn slachtoffer droog. Hij heeft gelijk. Van oudsher is Fikkie zo ongeveer de hondennaam.

Terwijl we staan te grappen is mijn monster achter de toonbank verdwenen. Daar vaandelt hij een lekker snoepje zoals gewoonlijk. Vandaag is er geen tijd om met de gulle gever over de vloer te rollen. De winkel staat vol klanten. Heks rekent af.

De oude vriend is ook klaar met zijn aankopen. Op de stoep spreekt hij me nog een keertje aan. ‘Ik ben niet zo aardig voor je geweest een tijdje geleden, Heks,’ piept hij met een benauwd gezicht. Ik kijk hem aan of ik water zie branden. Waar dan? En wanneer? En in welk opzicht?

‘Op Facebook,’ geeft hij direct toe. O ja. Hopeloos Facebook. Waar mensen menen alles te mogen beweren. Waar iedereen meent op alles te moeten reageren. Dit wankele podium waarop onze meest onzekere medemensen zich met enige regelmaat vergalopperen.

‘Ik kan het me totaal niet herinneren. Het zal weinig indruk hebben gemaakt,’ beledig ik hem onbedoeld direct terug, ‘Heb ik je er soms afgegooid?’ Dat is wat ik over het algemeen direct doe als mensen zich online vervelend gedragen.

‘Nee, dat heb ik gedaan. Maar nu heb ik er spijt van. Ik ga je een nieuw vriendschapsverzoek sturen……’ klinkt het opgelucht uit de mond van mijn oude vriend. Hij is dolblij, dat ik geen idee heb waar hij het over heeft.

Maar ja. Intussen is er wel degelijk een belletje gaan rinkelen bij Heks. Ja, hij deed iets vervelends. Maar wat precies? Dat ben ik vergeten. Er staat me vaag bij dat het over mijn ziekte ging. Vast weer iemand, die me uit heeft gemaakt voor zeurkous. Of aansteller.

Of misschien vond hij gewoon dat ik er überhaupt helemaal mijn kop er over moet houden. Dat gebeurt me zo vaak. Ik hou het niet meer bij.

Maar ik vind het niet OK.

Een dag later is er een nieuw vriendschapsverzoek binnen bij Heks. Het staat in de rij met verzoeken, waar ik nog eens goed over na moet denken. Niet dat ik nu zo kieskeurig ben op Facebook. De grootste kwallenjakken zitten er tussen mijn Facebookvrienden.  En mijn beste vrienden zitten vaak weer niet op dit medium.

Op zich is het een prima eigenschap om allerlei onbelangrijk gezever aan je kop zo snel mogelijk te vergeten. Maar om de deur dan maar weer open te zetten voor iemand om het nog eens te doen?

Nee. Daar begin ik niet aan.

Poep, schijt, kak, stront: Neem een hond. Met een kikker in zijn kont. Heks sprint een hele nacht door de steeg om ter plekke uiteindelijk een geweldig leuk mens te ontmoeten. En guess what: We zitten al een jaar te kletsen op de chat!

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM  Zen cirkel. Nog even oefenen……

Maandagavond in de schemer in het park van Noord kom ik Rooie tegen. Haar gezellige rolmops van een hulphond kwispelend naast haar rolstoel.

‘Hij is afgelopen week hartstikke ziek geweest! Niet meer besmettelijk hoor, Heks, de incubatietijd is ruim voorbij’ we maken natuurlijk een praatje, terwijl onze honden over elkaar heen rollen van plezier, ‘Zeker negen keer heeft hij het huis ondergekotst. En elke keer op de bank of op een kleedje. Ik bleef wasjes draaien. Goeie hemel. Waarom doen ze dat toch? Waarom kotst zo’n mafkees niet gewoon op de houten vloer?’

Ja, daar vraag je me wat. Dieren zitten nu eenmaal vol verrassingen! Mijn katten piesen ook bij voorkeur op een kleedje of hondenkussen. Hetgeen ook steevast ontaardt in eindeloos wasjes draaien!

Een dag later ligt VikThor slapjes op de bank. ‘Wat is je hondje toch stilletjes, ik ben het niet van hem gewend,’ merkt mijn hulp op. Er ontgaat haar nooit zoveel.

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM No mud, no lotus

Als ik later een rondje met hem loop sukkelt hij naast de fiets. Hij rent niet door struiken en jaagt hooguit twintig eenden de sloot in. In plaats van tweehonderd. Omdat zijn ontlasting ook niet om over naar huis te schrijven is geef ik hem preventief wat norrit en een homeopatisch middeltje bij zijn eten.

’s Avonds laat echter stort hij zich op een onder de stoel gevonden bot. Voor ik het in de gaten heb heeft hij een enorm stuk runderhuid naar binnen gewerkt. Verdorie, dat was niet de bedoeling, ik wilde hem vandaag juist een beetje strak in het voer houden.

Midden in de nacht kom ik bij uit een terugkerende droom. Nog voordat ik kan proberen me die droom te herinneren hoor ik Vikkel de Bikkel onrustig schuiven in zijn bench. Piept hij nu een beetje? Ik zit direct rechtop in mijn bed. Er was iets. Oh ja. Het heersende honden-maag/darmvirus. Een minuut later sta ik buiten met een heel gestrest hondje aan de lijn.

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM Snuitje

In mijn pyama met trui erover ren ik door de steeg naar het eerste beste stukje groen in de buurt. Daar laat ik hem los. Direct hurkt mijn ventje bij een boom. Zijn samengeknepen billetjes ontspannen en een vreselijke stank trekt over het eeuwenoude in maanlicht gedompelde pleintje. Arm kereltje. Hij is zo ziek als een hond.

Een paar uur later begint mijn monster ook te kotsen. Het feest is compleet. Diezelfde nacht trek ik nog een paar sprintjes richting park. De dag erop lig ik compleet gestrekt.

Gelukkig is mijn hondje ook niet vooruit te branden. Sneu lig hij in zijn hokje. Ik laat het hem maar uitzieken, want ik weet natuurlijk dat het een onschuldig virusje betreft. In de loop van de middag loop ik maar weer eens een rondje door de buurt.

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM De vrolijke buurman

Plotseling ik een bekend gezicht opduiken bij 1 van de vele hofjes hier in de steeg. Maar waar ken ik dat gezicht van? Opeens weet ik het! Het is de grote kattenvriend, die me vorig jaar heeft helpen zoeken naar Snuitje. ‘Hallo kattenman, hoe gaat het met je?’

De man kijkt me aan alsof hij water ziet branden. Wie is die vrouw? En wat moet ze van me?

‘Ik ben de moeder van Snuitje, we hebben vorig jaar maanden zitten app’en over die kat. Je hebt me helpen zoeken. Weet je nog?’ Ja, hij weet het nog heel goed. Direct informeert hij naar haar gezondheid. Geanimeerd praat ik hem bij.

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM De weg

Als ik na ons afscheid weg loop ziet hij de achterkant van mijn sweatshirt. ‘Wat een mooie Zencirkel staat er op je shirt. Prachtig!’ roept hij enthousiast. Ik vertel hem dat het een kalligrafie van Thich Nhat Hanh betreft. ‘Wat leuk, ik zit in een filmhupperdepupclub en we organiseren binnenkort een avond met een film over zijn leven,’ ik kijk hem stomverbaasd aan.

Hij weet gewoon over wie ik het heb. Al snel zijn we in een diep gesprek gewikkeld. Maar ik heb helemaal geen tijd nu! Over precies drie minuten staat Blonde Buurman op de stoep om me te helpen met mijn administratie.

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM Zen cirkel,

Mijn nieuwe vriend heeft zijn sporen verdiend in een andere Boeddhistische traditie. En daar wil ik natuurlijk alles over weten. We nemen afscheid met de wens nog eens verder te kletsen.

Even later krijg ik een app’je met alle informatie over de film. ‘Dank je wel. Ik heb net heerlijke kweeperenjam gemaakt en ik wil je graag een potje brengen als bedankje voor al je hulp vorig jaar,’ schrijf ik terug.

Een afspraak is snel gemaakt. Wat leuk! Zo zie je maar dat Gods wegen ondoorgrondelijk zijn. Of in dit geval Boeddha’s weg…….En elk nadeel z’n voordeel heb. Misschien kunnen we wel een speciale wijk-sangha gaan beginnen…… 😉

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM Wijk Sangha Haha

 

 

 

Eén balletje in de bek maakt nog geen circushond. Maar zodra er twee balletjes over de tong zijn volgen er waarschijnlijk meer. Sommige honden houden voornamelijk van een bos hout voor de deur…. Mijn ventje krijg je met hoog opgeworpen balletjes geheid in een goed humeur!

Hoera! Op stap met Baris! altijd een feestje!

‘Zullen we iets later afspreken, mijn medische afspraak is komen te vervallen,’ zo handig toch, dat appen. Het scheelt enorm veel telefoongesprekken, inspreken,  terugbellen…..

Zonder dit wonder der techniek had ik om 11 uur vanmorgen al acte de présence moeten geven ergens in the middle of nowhere. Nu draai ik me lekker nog een uurtje om in bed.

Een paar uur later tref ik Saar in de duinen. Er is bijna niemand, want het stormt behoorlijk. ‘Gelukkig staan hier nauwelijks bomen,’ roepen we optimistisch tegen elkaar, als we een enorme afgebroken tak op het pad zien liggen. Jeetje, wat een balk. Ik kijk naar de boom waar  hij vanaf is gewaaid. Er is weinig van over……

Dit is de vrouw. Met haar eeuwige hoedje. Niet gek toch? Je kunt het slechter treffen, geloof me. Woef!

De hondjes deert het niet. Baris loopt met zijn enorme lijf, staart omhoog, voor ons uit te galopperen. En VikThor is weer zo vrolijk. Olijk probeert hij het balletje van zijn grote vriend af te pakken. Maar hij raakt uiteindelijk zelf zijn balletje kwijt!  Zijn opponent loopt uitdagend te paraderen met maar liefst twee ballen in zijn bek. Met gemak.

In het duinpannetje van Ysbrandt strijken we even neer. Saar heeft iets verrukkelijks gebakken en Heks heeft verse muntthee meegenomen. De hondjes vermaken zich in het water. Eindeloos proberen ze elkaars balletje in te pikken. Af en toe laten we hen flink zwemmen.

De taart van Saar.

Als VikThor echter alleen nog maar kuilen wil graven houden we het voor gezien. Hij roept ter plekke een privé zandstorm over ons af, terwijl we net zo heerlijk in de luwte zaten! Wat is dat toch met honden dat ze altijd menen jou in te moeten graven?

Even later tornen we weer tegen de storm op. We wapperen het hele duingebied door. Er is bijna niemand! ‘Lekker hoor,’ roepen we blij. Hoe minder zielen hoe meer vreugd: Voor Baris dan.

Elke week feest!

Deze stoere onverschrokken herplaatser heeft bitter weinig vertrouwen in zijn medemens. Zodra er wandelaars in zicht verschijnen lijnt Saar haar dierbare bakbeest aan. Hij laat het zich graag aanleunen. Dicht tegen zijn vrouwtje aan passeert hij de onverlaten.

Behalve als hij het wel vertrouwt. Als de passerende mensen zelf wat sukkelig ogen. Of als ze hele kleine lieve hondjes bij zich hebben. Of pasgeboren puppy’s. Dan weigert hij zich simpelweg aan te laten lijnen. ‘Nergens voor nodig,’ seint hij in zo’n geval naar Saar. Raar? Maar waar! Heks ziet het met haar eigen heksenogen.

Saar en haar schaduw!

We houden het uren vol. Zo kan het gebeuren dat eenmaal thuis VikThor volledig gestrekt ligt. Dat komt bijna nooit voor. Mijn ADHD-hondje is niet of nauwelijks af te matten. Het kost me dagelijks bakken energie om hem van de zijne af te helpen. En dan ben ik bekaf en wil hij alsnog spelletjes doen als we thuiskomen.

Vandaag is meneer compleet uitgevloerd. Pas in de loop van de avond probeert hij me weer tot een spelletje te verleiden.

Baris bereidt zij grote truc voor. Ha, goed opletten nu……

Elke avond gooit Heks eindeloos balletjes op, die mijn monster dan zo uit de lucht moet opvangen. Ik begon met simpele rechttoe rechtaan balletjes, maar tegenwoordig lijkt ons spel meer op een honkbaltraining dan hondbal……..

En Heks heeft zich ontwikkeld tot een eersterangs pitcher. Moeiteloos werp ik een fastball, of een lekkere changeup of een onverwachte slider. En mijn hondje? Hij wurmt zich in de raarste bochten en produceert de meest idiote sprongen, maar de meeste balletjes vangt hij. Vooral als hij zich een tijdje op een bepaald type worp heeft toegelegd……

Heb jij nou twee ballen in je bek, Baris? Wat knap! Dat wil ik ook! Jeetje! Gompie!

De laatste weken is mijn superhondje zich op nog in een andere tak van balsport aan het bekwamen: Prop zoveel mogelijk ballen in je bek. Hij is geïnspireerd geraakt door zijn grote vriend Baris. Die loopt met enige regelmaat met een paar ballen in zijn bakkes.

‘Dat kan ik ook. Het is mogelijk, ik weet het zeker…..’ zie je mijn kleintje bijna denken. En het is hem onlangs zowaar gelukt om twee exemplaren tegelijk te vervoeren! Dolgelukkig brengt hij zijn buit bij me…..

Nee zeg, drie ballen maar liefst!

Maar oh jee, Baris heeft ook niet stilgezeten de laatste weken. Gisterenmiddag tegen het eind van de wandeling showt hij VikThor zijn nieuwste trucje: Maar liefst drie ballen balanceren plotseling in zijn gigantische megamuil!!!!!

Hier zwem ik in zee. Golven vallen erg mee. Romantisch hoor…..

VikThor loopt ’s avonds trots met zijn twee balletjes. Het is hem opnieuw gelukt. En deze keer ging het iets gemakkelijker……. Snel probeer ik er een foto van te maken voor Saar. Helaas. Tegen de tijd dat ik mijn telefoon heb gevonden heeft hij er alweer eentje laten vallen…….

Nog een beetje oefenen dus!

Met mijn grote vriendin en haar kleine hondje. Met een groot karakter. Klaas is op zijn tweede verjaardag plotseling veranderd in een oude chagrijnige man naar het schijnt.

Ha, een tijdelijke vijver in het park. spelen!!!!!!!

Een ouwe kop valt niet te vermijden met het stijgen der jaren. Geeft niks, gewoon niet in de spiegel kijken voor de lunch. En vreemde vogel verstopt zich in afwachting van een lekker maaltje: Een vage vis of stoned garnaaltje…..

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Vooral niet voor de lunch in de spiegel kijken…….

‘Mag ik er nog in?’ De assistente knikt vriendelijk. Heks is laat vandaag. Ik ben doodziek opgestaan en het duurde iets langer dan normaal om er weer wat van te maken. Het houdt nog niet echt over….

‘Ik kan maar niet in de tweede versnelling komen,’ verontschuldig ik me nog maar eens. Maar het is nergens voor nodig. De assistente is in een redelijk goed humeur. Er is wel ergernis, maar dat heeft niks met Heks te maken.

‘Het is zo warm in ons hok met dit prachtige weer. En omdat ze de gevel aan het schilderen zijn kunnen we ook niet alles open zetten, zoals gewoonlijk. Zo’n herrie! En dan dat stof!’

Snel rammelt ze de inhoud van de ampullen in de injectiespuiten. Citrus en B12. Het geprik is er een beetje bij ingeschoten de laatste paar weken, door allerlei vakantieroosters.

Heks floreert niet bij dit soort veranderingen. De helft van de tijd vergeet ik de afspraken en de andere helft van de afspraken zijn opeen op een tijdstip dat ik echt niet kan.

Met name B12 tekort geeft veel extra problemen. Zo vuren mijn zenuwbanen constant loze signalen door mijn lijf. Ik lijk onder stroom te staan. De uiteinden in mijn handen bonken pijnlijk tegen mijn vingertoppen. Prikkelingen jassen door mijn benen naar mijn voetzolen. Een afschuwelijk gevoel.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Stijl haar en een ouwe kop gaan samen hoor ik vanmorgen! Niet best voor Heks. Misschien moet ik toch maar een permanentje nemen, ik krijg er wel de leeftijd voor……

‘Wat word je haar lang, Heks,’ de doktersassistente veegt mijn paardenstaart uit mijn hals en mikt de prik in een vlezig stukje. Zelf heeft ze een korte krullebol. Iets waar Heks altijd jaloers op is. ‘Als kind wilde ik altijd een bos krullen,’ beken ik, ‘Maar om dat lang te krijgen, dan ben je wel eventjes bezig……’

We lachen vrolijk. ‘Joh, het staat me voor geen meter, lang haar. Ik krijg er een ongelofelijk ouwe kop van,’ giebelt ze, ‘Soms strijk ik het wel eens, met een stijltang. Dan is het inderdaad een stuk langer. Maar ja. Geen gezicht!’

‘Haha, nou ik hoef niet eens mijn haar te krullen of strijken om een ouwe kop te zien. ’s Morgens in de spiegel kijken volstaat!’ grap ik terug. Het is waar. Ik wacht meestal een halve dag voordag ik me daaraan waag.

Grinnikend fiets ik naar een park. Ik ga VikThor te water laten. Ik gooi zijn kip in de gracht, maar na 1 bommetje houdt hij het voor gezien. Geobsedeerd staat hij bij het riet te snuffelen. Een zekere opwinding maakt zich van hem meester. Er zit daar iets, maar wat?

Een rat?

Hij duwt zijn neus in het struweel en springt weer terug. En nog eens. En nog eens.

Plotseling zie ik een beest zitten. Van een afstandje zou het alles kunnen zijn. Een haas of konijn. Een verdwaalde kat. Alleen geen rat. Dat niet.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Het is een jonge zeemeeuw. Pientere kraaloogjes kijken me aan. Hij beweegt zich niet. Geeft geen krimp ten opzichte van mijn hondje. Die mag er overigens niet bij van mij. ‘Er is iets met dat dier,’ Heks heeft er een buurvrouw bijgehaald. Het is toch niet normaal dat hij zo stil blijft zitten?

Later bel ik de dierenambulance /vogelopvang. De dame aan de andere kant van de lijn moet lachen. ‘Hij zit op zijn moeder te wachten, die is op zoek naar voedsel. Hij heeft geleerd om zich te verstoppen……’

‘Nou, hij kan beter een ander plekje zoeken, het stikt in dat park van de honden. Het is een officieel uitrengebied!’

Ja, weet zo’n zeemeeuw veel. Dat kunnen we hem toch echt niet aan het verstand gaan peuteren. ‘Ik laat hem dan maar gewoon zitten. Op hoop van zegen.’ Het zit me niet helemaal lekker.

‘Ach, die vogel kan ook heel goed zwemmen. Dus als het hem te gortig wordt kan hij altijd nog de gracht in huppen. Hij zit toch pal aan het water?’

Ja, het dier zit in het riet. Niemand die hem ziet. Zonder zijn moeder redt hij het niet. Maar als hij te water gaat overleeft hij het wel. En hij heeft ook nog een hele scherpe snavel…..

‘Goed neusje heb je toch, VikThor,’ prijs ik mijn hondje. Je kunt je nog zo goed verstoppen: Mijn monster vindt je!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Contemplaties over woede: Het leven slaat je met een roede. Vermoorde onschuld in de pan. Als je het niet volhoudt drink je je lam. Heks geniet via haar hond: Hij rent in het rond. Als een zotteklap met zijn lekkere kontje….. Ja, een hondje maakt gezond.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, HET ONSCHULDIGE LAM MET DE BLAUWE OGEN. DON LEO WEET DAAR CULINAIR WEL RAAD MEE……

Zacht worden, weer zacht worden. Weer acht worden. Of vier. Weer kijken met de ogen van een kind. Verwonderd. Open. Bewust van alle lagen van alle werkelijkheden. Onschuldig als een lam. Met oren. Horen: Getroost worden…..

Oorlam.

Lamstraal.

‘Ik vind mensen verschrikkelijk. Vaak,’ vertrouwd Saar me toe, ‘Dat had ik al als kind.’ We maken een enorme wandeling met onze viervoeters. Mijn frivole huppelhondje en haar woeste herplaatser, een bakbeest met rugzak. Helemaal achter het Valkenburgermeertje, daar waar bijna niemand komt, haalt mijn vriendin de muilkorf van haar monster.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, HEB JE NET JE SCHAAPJES OP HET DROGE, KOMT ER ZO’N LAMSTRAAL AAN…..

Nadat hij eerst met korf bijzonder woest met mijn hondje dolt. Te woest. ‘Hij heeft zoveel opgekropte energie…. Als hij een speeltje in zijn bek kan houden gaat het beter.’

En dat is zo. Plotseling spelen onze schatjes heerlijk langs het oude rangeerplatform. Eindeloos rennen ze achter elkaar aan. VikThor pikt de bal van Baris en vice versa. Saar en Heks zitten het schaterend gade te slaan. ‘Oh, wat heerlijk. Wat zijn het toch een schatten! En wat zijn ze happy! Nu!’

Wij ook natuurlijk. Van weeromstuit. Ook wij rennen een beetje door het struweel. Ook wij krijgen wild in onze neus. Ook wij zijn er helemaal bij. Blij! En vrij!

‘Als je contact met een kristallen schedeltje wilt maken, dan moet je helemaal in je hart komen. Dus denk aan een klein kind. Of een dierbaar dier….,’ de toverheks, die me dit vertelt reist rond met een grote kristallen schedel, Synergy genaamd, ‘Volwassen mensen zijn veel te gecompliceerd voor dit doel, daar ga je het niet mee redden!’

Saar en Heks kijken elkaar aan. Ja, het is waar. Soms tref je een wijs exemplaar. Zoals ik vandaag Saar. Maar vaak is het onwijs onwijs wat de klok slaat. En als je daar tegenin gaat….

Mensen lijden en daarom doen ze zo vreselijk. Ik spreek uit ervaring. Alle keren dat ik me hopeloos heb gedragen voelde ik me bepaald niet senang.

Het is dus niet altijd een keuze om een eikel te zijn. En voor je het weet is het een ingesleten gewoonte. Gedrag, wat je vertoont, nog voor je erover hebt nagedacht. Ingesleten eikelpatronen. Vaak door generaties heen!

Het is eerder een bewuste keuze om te ont-eikelen.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, KLOK IS DOOD. HANGT SCHEEF EN IS KAPOT……

Afgelopen week heb ik een wonderbaarlijke ervaring. De klok van mijn vader staat al een tijd stil. Plotseling besluit ik em op te winden en af te stellen. Zodat hij weer loopt.

Ik voel mijn vader in mijn kielzog, terwijl ik met mijn tong tussen mijn tanden de klok waterpas hang. Als ik het uurwerk vervolgens opwind begint de klok woest te slaan. ‘Deng, deng, deng, deng,……. Eindeloos.

Ik geef het op. De klok is boos. Er is echt iets mis met het uurwerk.

‘Kun je mij vergeven dat ik een vat vol woede was?’ Mijn vader praat alsof hij naast me staat. Het is echt heel belangrijk. Kan ik dat? Ik heb dat toch al jaren geleden gedaan. Maar heb ik dat toen echt gedaan? Bij voorbaat? Ik wist niet eens waar ik het over had!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, DE KLOK IS BOOS, HIJ SLAAT EN SLAAT ZICH EEN SLAG IN DE RONDTE

Ja, dat kan ik. Natuurlijk kan ik dat! Ik hou veel van hem en ik neem het hem niet meer persoonlijk kwalijk. Ik zie de bloedlijnen met het venijn in mijn aderen. Het is niet anders. Ik ben niet de enige. Zovele familieclans vol woede. Generaties vastgeketend door zoete wraak.. Getekend voor het leven.

Of angst. ‘Mijn voorouders dragen allemaal het angst-gen in zich. Ik heb vandaag gezeten met mijn angst,’ zegt een man tegen me tijdens de retraite in Biezenmortel. Het heeft me geïnspireerd om met mijn woede te zitten. Maar ja, je ziet wat ervan komt. Het thema nijd heeft zich rap door mijn leven verspreid.

Is zichtbaar en voelbaar geworden. Ik leer woede opeens ook kennen als een kracht. Het heeft een functie, net als jaloezie. Om iets te signaleren. Om je in beweging te zetten.

De genetische woede, of angst, jaloezie, noem maar op….. Daar kun je je maar beter van bevrijden.  Dat doet Heks dan ook. Ik omarm mijn vader in gedachten. Geef de klok nog niet op. Opnieuw probeer ik em aan de praat te krijgen. ‘Ik vergeef je, ik wil dat het hier eindigt. Dat ik iets kan keren hierin…. Voor ons allemaal. Geen ‘bloed kome over ons en onze kinderen’ meer. Bloedwraak en wrok: Ga in je hok!’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, OORLAM VOOR EEN LAM LAM MET GROTE OREN….

De klok begint te lopen. En loopt  En loopt. Tiktaktiktaktiktak. Doinggg….

Ik hernieuw een vriendschap via Facebook. Mijn oude vriend woont in Kroatië. Daar doet hij al jaren allemaal hele leuke dingen met medemensen. Onder andere smeden. De man is smid.

‘Ik ga de klok van pappa repareren en wel daar. Bij mijn vriend Smid, in Kroatië,’ plan ik overmoedig. De slinger is kapot en behoeft wat degelijk smeedwerk. Mijn lijmpistool volstaat niet meer.

Zo stromen er allemaal magische rivieren door mijn universum. En opeens komen er een aantal samen. Begin ik vreemde plannetjes te beramen.

‘En houdt die woede dan ook op?’ Heks is moe van alle aanvaringen en mijn onvermogen om te sussen, door te slikken en te harmoniseren. Volgens mijn vader wel. Zijn geestesmond beweert terstond onomstotelijk maar niet bewezen: ‘Mijn schattebout, je bent genezen!’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, VRIEND SMID SMEED HET IJZER ALS HET HEET IS!

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM