Belastingdienst en huursubsidie zijn bepaald geen afrodisiacum. Vijf minuten met de belastingdienst aan de telefoon en je libido is maanden naar de Filistijnen. Buur komt me helpen met administratieve kutklusjes. Heks ruimt op. Oude verhalen, oude koeien uit vieze sloten en kilo’s oud zeer? Wil iemand het hebben? Ik hoef het niet meer.

Blonde Buurman komt me helpen met de administratie. De laatste maanden zit de klad er een beetje in, want Buur is constant op vakantie. ‘Hallo vakantieganger! Je lijkt wel een rijke pensionado,’ grapt Heks als haar oude vriend de hal in stapt. Eerst met het hele gezin op safari in Afrika en vervolgens met een bro naar St Petersburg…….

Heks is ook uiterst reislustig, maar ik reis tegenwoordig voornamelijk binnenin mijn hoofd. Of hart beter gezegd. Wel zo gemakkelijk. Goddank heb ik een rijke fantasie. Alsmede een grondige training in astraal reizen.

Vandaag gaan we aan de slag met de huursubsidie, die ik niet heb. Maar wel moet terug betalen. Van de belastingtelefoon word ik niet veel wijzer. Een ongelofelijke oen heeft daar onlangs van alles zitten roepen tegen Heks, wat nergens op sloeg.

We zoeken dus alle ontvangen bedragen op en alle terugbetaalde bedragen. Want terug betalen doe ik al jaren. Er klopt helemaal niks van. Werkelijk helemaal niets.

Dit is al aan de gang sinds ik onder bewind ben geplaatst met gekregen geld en daardoor al mijn subsidies ben kwijt geraakt. Ik ben niet onder bewind gesteld door de rechter overigens. Ik heb nog nooit schulden gemaakt of iets dergelijks. Nee, door een familielid. Door iemand, die ik zou moeten kunnen vertrouwen.

Aan de figuur die namens die verwant mijn zaken jarenlang behartigt heeft heb ik in deze niets. Die bemoeit zich overal mee, maar ik heb er louter last van……. Gelukkig is daar Buur. Hij helpt me nu al tweeënhalf jaar en sindsdien krijg ik weer langzaam grip op mijn gestoorde financiën.

De paniek van twee jaar terug is verdwenen. Hij is de dikke huid tussen een kwetsbaar heksje en het brein achter jarenlange pesterijen. Ik weet intussen, dat ik niet zonder geld in de goot ga belanden, zoals me twee jaar geleden werd voorgehouden. Een jaar lang kreeg ik dit met enige regelmaat te horen. Tot ik er niet meer van kon eten en slapen.

Volslagen paniek in de tent. Lekker als je grotendeels uitgeput in bed hangt. Niet in staat tot wat dan ook. ‘Breng je dieren maar naar het asiel,’ sommeerden de pestkoppen. Officieel zijn ze aangesteld om mijn leven gemakkelijker te maken. Financieel stabieler. Om rust in de gelederen te brengen. Helaas wordt die taak geheel anders opgevat. Kort houden en klein krijgen is hun devies.

Ik ga dus niet in de goot belanden. Sterker nog: Ik kan het nu financieel goed redden. Om dit te bewerkstelligen slik ik wel elke maand een hele grote drol door. Vooruit maar. Lekker is anders.

Eerst gaan we uitgebreid lunchen, Blonde Buur en Heks. Traditioneel draai ik een subliem maaltje in elkaar. Daar draait Heks haar hand niet voor om. Waar paperassen een verlammend effect op me hebben, raak ik steevast geïnspireerd door een beetje kokkerellen. Heks roert graag in haar magische kookpot.

Ik tover een heerlijke Dahl met een prachtige salade op tafel. ‘Jeetje, wat een kleurrijk geheel, Heks. Er zitten allemaal bloemen in de sla!’ Heks glimt. Ik heb een pluktuin ontdekt vol komkommerkruid en Chinese kers………

Nu moeten we toch echt aan de slag. De doos met ordners wordt opgevist in mijn overvolle werkkamer. We bellen nog maar eens met de belastingdienst. Deze keer krijgen we iemand met een zeker verstand van zaken aan de lijn. Toch beweert ook hij, dat al die niet kloppende getallen gewoon kloppen. Het is een oude schuld. Huh?

‘Ik heb geen oude schuld bij de belastingdienst, Buur. Ik betaal al jaren jaarlijks forse bedragen terug….. Veel meer dan ik gekregen heb, zie ik nu in mijn afschrijvingen. Ik dacht eigenlijk, dat ik mijn zorgtoeslag ook terug moest betalen. Maar zelfs als je die bedragen erbij optelt kom je nog niet aan die idioot hoge bedragen. Er klopt er geen zak van. Dus waar heeft die vent het over?’

Buur beaamt dat het verhaal rammelt als de overleden compagnon van Scroogde op kerstavond. Het hebzuchtige spook met zijn ijzeren ketens. Waarbij de belastingdienst dan voor die oude dooie vrek moet doorgaan natuurlijk.

‘Ik ga dit jaar weer een kerstboom neerzetten,’ roep ik enthousiast tegen Buur, ‘Ik heb besloten om een heleboel oud zeer los te laten. Oude troep op te ruimen. Kijk maar eens rond. Je kunt opeens de hoek van de keuken weer zien. En ook de boekenkast heeft een ware metamorfose ondergaan…..’

‘Ik wil weer leuke dingen doen. Ik wil weer pret maken!’ Heks draait een pirouette door de keuken. Buur ligt in een deuk. ‘Klinkt goed, Heks,’ hikt hij, ‘Vooral die bijna verontwaardigde toon waarop je het zegt….’

Maar ik meen het echt bloedserieus. Weg met al dat oude zeer. Ik weet het nu wel een keer. Weg met boeken, verhalen, die ik niet wil lezen. Letterlijk en figuurlijk. Weg met kreupele gekregen paarden met rotte tanden in hun opengesperde bek. Of is het mond? Ze hebben ook een hoofd en benen. Vandaar.

Het valt mezelf op, dat ik enorm loop op te ruimen in mijn huis. Het valt me op, dat ik vaak luid zit te zingen op de fiets. Zelfs na mijn val van de fiets en dagenlange buikpijngriep de afgelopen week kan ik toch al snel weer lachen. Er is iets heel vitaals vanbinnen aangeraakt met die familieopstelling op de Heksenschool.

‘Ik heb jarenlang geparkeerd gestaan,’ beweer ik tegen Buur, een gouden uitdrukking uit de wielersport, die de lading aardig dekt, ‘Maar nu is de boel weer een beetje in beweging. Het gaat mondjesmaat, maar dat is net mooi voor zo’n energiebeperkt typje als ik. Maar ik ga weer genieten, let maar op.’

Ja. Ik wil gewoon weer een beetje lekker lol maken. Pret. En misschien eens met een lekkere vent naar bed.

Die jarenlange slutshaming die ik over me heen heb gekregen nadat ik te pakken ben genomen door een griezel van een twintiger op mijn veertigste, die meende GHB of Rohypnol in mijn drankje te moeten gooien om te kunnen scoren, ik was dan ook buiten westen op het moment dat hij toesloeg, ik heb dus inderdaad geen nee gezegd zoals meneer tegen de politie heeft beweerd, ik zei zei sowieso niet zoveel, want mijn kaak lag uit de kom door een val diezelfde avond, waarschijnlijk geïnitieerd door de drugs in mijn drankje, ga ik ook maar eens achter me laten….

Geknakte bloem richt zich op. Haar mooie knop weer op haar kop. Jarenlang tegenwind en strop. Zit er op. Zit er op. Weer een wijsje in wijs kopje, in haar mond een schuine mop!

©Toverheks,com

©Toverheks,com

Kattenkopje krabbelt kinderhoofdjes! Heel zachtjes met harige poezenvoetjes….. Om even later lekker menselijk rond te stampen met een panter in de armen. Poezennieuws of kattenleed? Voor jou een vraag, voor mij een weet….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Vrijdagnacht sluip ik door de buurt op kousenvoetjes. Eerst loop ik gewoon rond te stampen op regenlaarzen. Voor me uit huppelt een vrolijk hondje door de steeg. De zwarte panter tijgert gezellig achter me aan. Ik pas mijn tempo aan hem aan. Verbind me met zijn energie. ‘Mijn oude kat Koe leerde me lang geleden om door het huis lopen als kat,’ mijmer ik, ‘Degelijke ouderwetse shapeshifting…..’

‘Leuk vond ik dat! En zo onverwacht apart. Je ziet de wereld vanuit een geheel ander perspectief. Ook kijken katten totaal anders, ze nemen volstrekt anders waar…….’

Ik denk er aan en voel mijn voeten veranderen in harige sluipvoetjes. Pluizige pantoffeltjes. Zachtjes zweef ik over de klinkertjes. Ha leuk! De panter vindt het ook leuk. Enthousiast begint hij voor mijn kattenvoetjes heen en weer te kruisen. Begint zich enorm uit te sloven. Rent de ruïne van de Vrouwenkerk op. VikThor sprint er uitgelaten achter aan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Daar zitten ze dan, mijn gekke huisdieren. Bovenop de kerkmuur. Langzaam kom ik weer in mensenland. Als Ferguut eindelijk naar beneden komt grijp ik hem listig in zijn kladden. ‘Kom, poezenbeest, we gaan naar huis. Ik heb nog een lekker hapje voor je klaar staan. Een stukje haring gaat er wel in, toch?’

Met de ‘Zwarte Klauw’ in mijn armen stamp ik de laatste meters door een steegje naar huis op mijn royale mensenvoeten.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zo. We zijn weer binnen.

Ik geef de panter zijn eten. Snuitje begint direct te schreeuwen, dat ze ook wat wil. Mijn zielige zieke katje is aan de beterende hand. Sinds ik er elke dag een half tartaartje tegen aan gooi is ze enorm opgeknapt. De dagelijkse pil tegen de misselijkheid is overbodig geworden. Ze is van 2.2 kilo naar 2.8 kilo gegroeid…….. Van vel over been naar een bescheiden vetlaagje…..

Hoera!

Ik pak een kwart tartaartje uit de koelkast en roer er wat Ipakitine door. Een fosfaatbinder. Opgeduikeld via internet. Werkt perfect! Nog wat Isogel erbij, een natuurlijk product op basis van Ispaghula, goed voor de darmwerking. Snuitje staat al luidkeels te miauwen. Begerig rukt ze de stukken tartaar uit mijn vingers. 

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Tartaar als geheim wapen. Koe heb ik ooit door zijn nierfalen heengekeken met meloen. Daar was hij stapelgek op. Zo gek, dat ik geen meloen kon laten slingeren in de keuken, of hij viel em aan. Vond ik geheid een volstrekt aangevreten exemplaar ergens onder een kast terug.

De dierenarts had hem na een weekje infuus en medicatie opgegeven. ‘Neem hem maar mee naar huis, ik kan niets meer voor hem doen.’ Maar Koekebeest heeft door het inzetten van meloen nog ruim vier jaar geleefd na zijn bijna fatale nierfalen!

Later zit ik met alle katten en mijn blafbeest om me heen lekker in bed televisie te kijken. De zwarte vlijt zich naast mijn hoofdkussen. Snuitje parkeert zichzelf op haar vaste stek op mijn schoot. De boskat gaat op veilige afstand naar de panter liggen staren. Die is overigens totaal niet onder de indruk. Rooie Aafje knerpt dat ze ook op schoot wil. Ze vindt een plekje aan mijn andere kant.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Lapje zit verstopt achter de klamboe mee te genieten. De Puntneus kruipt tegen zijn vader de boskat aan….

Lichtgewicht Pippi ligt tegenwoordig boven mijn hoofd op een kussen te slapen. Net als Koe vroeger. Die lag het liefst tegen mijn kruin geplakt te pitten. Alleen woog hij ruim negen kilo, een zwaargewicht dus. Hij kon zich maar net door een kattenluik wurmen. En dan hield ik hem strak in het voer. Toen Heks een keer een paar maanden op reis was, gaf de oppas hem zoveel te eten als hij maar wilde.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De eerste avond, dat Heks weer thuis was, zat Koe straalverliefd naar me te kijken met een wel heel klein hoofd. In vergelijking met zijn lijf dan. Zijn koppie zat als een rozenknopje op een enorme berg kat. Hij woog opeens dik twaalf kilo! Net zoveel als een middelgrote hond…….

De panter gaat ook wat beter na een jaar ellende met de Bengaalse kat van de buren. Het ondier heb ik al in geen tijden hier in de straat gezien. Misschien overreden? Ook heb ik de indruk, dat Ferguut een ander territorium heeft gekozen. Door schade en schande wijs geworden. Vooral schade.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

Maakbaarheid of braak-baar-schijt. Vooruit met de geit, gekke meid. Heks wars van wauwse dwarsverbanden…… Merkbaar meandert mijn mottig humeur door zompig moerassig niet maakbaar laagland. Geen man overboord, ik zeg niks. Of toch: No mud, no lotus.

Jajaja. Yep. Yes. Doch……. Oui!

Ik probeer het maar weer eens: Ja zeggen. Nee ligt me alweer jarenlang in de mond bestorven. En dat is vast niet best. Heks heeft een boek in de kast met de titel: De kracht van ja. Geschreven door John Kalse, een spirituele leraar van Heks van lang geleden.

Op televisie tettert de 2Doc documentaire ‘Nu verandert er langzaam iets.’ Hoe toepasselijk. Over het maakbare bestaan. Jezelf verbeteren tot op het bot. Heks doet al ruim een halve eeuw pogingen hiertoe. En nog steeds ben ik niet tevreden met het resultaat. Met mezelf. Verre van……

Een aantal jaar ging het een stuk beter. Oogkleppen op en schellen niet van de ogen gevallen helpt enorm. Ik deed altijd enorm mijn best om een goed mens te zijn, zonder dat het overigens erg werd gewaardeerd door deze en gene. Maar in elk geval wel door mezelf!

Heks had oog voor haar bescheiden pogingen om er iets van te maken in haar amoebe-bestaan. Ook vielen mijn periodieke inspanningen om er iets van te maken voor bepaalde medemensen me met enige regelmaat op.

Mijn bovenmenselijke krachtsinspanningen om een gekwetst medemens eventjes op te tillen. Een stukje te dragen zelfs. Ik was me bewust van mijn niet aflatende inzet om geliefden te verbinden. Mijn vermogen om ruimte te scheppen voor anderen om er te zijn. Samen te zijn.

Maar goed. De klad is er een beetje in gekomen. En terecht. Wie denk ik wel dat ik ben om een ander te willen helpen? Om de wereld te willen verbeteren? Om van mezelf een goed mens te maken? Lulkoek.

Heks kent mensen, die net als zijzelf graag goede werken willen doen. Die ervan dromen heilig te worden verklaard. Of ze hebben last van hun enorme geweten, als een grote eeuwenoude windstille binnenzee rustend in hun borstkas, waar werkelijk de hele wereld in wordt weerspiegeld.

Sommige van deze mensen hebben mijn persoontje wel eens tot hun projectje gebombardeerd. Hun goede werken betroffen dan opeens Heks in hoogsteigen persoon. Ongevraagd werd er aan me gewerkt. Allerlei ongevraagde adviezen en aanbevelingen werden er dan plots in mijn strot geduwd.

Helaas ben ik wars van dit soort geneuzel. En tevens een hopeloos project natuurlijk. Geen eer aan te behalen. En ik ben ook nog niet eens dankbaar.

Het is dus niet zo erg, dat ik zelf met dit soort strontvervelende acties ben gestaakt. Ik bedoel hiermee niet het onbaatzuchtig iets voor een ander doen. Vooral als het aan ons gevraagd wordt. Nee, de ongevraagde betweterige toewijding is wat ons nekt. De wereld staat er bol van.

We hebben behoefte aan het doen van goede werken en duwen ze ongegeneerd bij de eerste beste kneus door de strot. Zonder te vragen wat nodig is. Of er iets nodig is. Misschien wil iemand alleen maar een keer zijn verhaal kwijt? Zonder direct een oplossing geserveerd te krijgen?

Op televisie wordt een soundtrack gedaan in een enorme evenementenhal. De zaal is nog leeg. Een man met een gezwollen stemgeluid begint te oreren ‘Vandaag gaan we het hebben over persoonlijke kracht. Persoonlijke kracht bestaat uit je energieniveau, je communicatievaardigheid en je mindset. Het gaat er om dat je goeie vragen stelt……..’

  

‘Als je namelijk GOEDE vragen stelt dan krijg je helderheid. Helderheid leidt tot inzicht. En als je inzicht hebt, als je het ineens anders gaat zien, verdwijnen angst en onzekerheid. En als je geen angst en onzekerheid hebt, ben je zelfverzekerd. En als je zelfverzekerd bent, durf je te kiezen, durf je beslissingen te nemen. En elke beslissing die je neemt bepaalt de koers van je leven.’

‘What you imagine, you become!’

‘Goed he?’ schalt een vrouwenstem direct hierna door de ruimte, Staat het er goed op? Marc, contact, goed zo? OK!’

Heks wordt een beetje draaierig en misselijk van het gezever. Bah. Hoe durven mensen toch voor veel geld ons deze onzin te verkopen? Bah en nog eens bah.

Tijdens mijn cursus ‘Creëren vanuit je bron’ bij John Kalse indertijd deed Heks ook verwoede pogingen om haar eigen leven opnieuw te creëren. Voor de zoveelste keer. Ook ik ben altijd zeer bevattelijk geweest voor het verbetervirus. Dat nare ziekmakende betweterige wezentje, dat altijd overal de kop op steekt. Vooral ook in spirituele kringen.

Zo trachtte ik nog een leuk gezinsleven voor mezelf te creëren op de valreep. Ik geef toe, het is alweer eventjes geleden, dat ik bij de man in de leer was. Een paar kinderen creëerde ik en een lekkere vent.

Maar wat gebeurde er? Er werd het mes gezet in mijn vermogen om kinderen te krijgen. Letterlijk. Slechts een paar jaar later.

Oh ja, ik was intussen natuurlijk ook volledig genezen van mijn ziekte in mijn zelf gecreëerde leventje. (In werkelijkheid was ik precies op dat moment bezig om weer terug bij af te geraken door een ziekmakende airco in een vervuild gebouw waar ik werkte. Het onding was een paar weken voor mijn reisje geïnstalleerd. Na de vakantie en de cursus bij John kwam ik terug in een soort schimmelkot.)

Tot slot was ik zeer succesvol in mijn werk. Werk, dat ik leuk vond. Mijn talenten werden volop benut. Een happy Heks……. En? Is dat dan nog gelukt?

Nee, ik had juist de meest vreselijke baan ooit, computersystemen bouwen met behulp van Oracle. Zo afschuwelijk saai! Een jaar later zat ik definitief thuis. Volledig afgekeurd. Min lijf had het helemaal op gegeven……

Nu zou je kunnen zeggen vanuit spiritueel opzicht, dat ik niet zo goed ben in het creëren van mijn eigen leven. Mensen, die zweren bij boeken als ‘The Secret’ roepen dit soort dingen om de haverklap. Het zou dus betekenen, dat ik echt ontzettend dom ben, dat ik zoiets simpels en eenvoudigs niet voor elkaar krijg. Na al die jaren. Al die pogingen. Al dat werken aan mezelf…..

Of is het misschien zo, dat dat maakbare leven een wassen neus is? Uitgevonden door mensen, die zich graag met anderen bemoeien. Die hun eigen leventje maar niks vinden en hun heil zoeken in het verbeteren van andermans bestaan?

En vervolgens beweren dat ze daarvoor in de wieg zijn gelegd? En er ook een lekkere boterham mee verdienen. Dus roepen dat andermans leven voor verbetering vatbaar is loont. Voor de toesnellende hulpverlener dan……

‘Jouw ziekte is een schuurpapiertje van het leven,’ aan het woord een heksenvriendinnetje van een paar jaar terug. Heks zat net in een dramatisch slechte periode en ik wist werkelijk niet waar ik het zoeken moest. Mijn relatie met een narcist was net uit. ‘Dan word je toch gewoon lesbisch, Heks?’ was de oplossing voor dit probleem door dezelfde bevriende heks.

Ja, laten we dat dan maar eens proberen. Een bef-lapje naast dat schuurpapiertje.

Maakbaar bestaan. Overal is een verklaring of oplossing voor. ‘Ik ben onlangs toch gebeten door een teek,’ een klasgenootje op de heksenschool springt enthousiast op en neer voor mijn neus. ‘En weet je wat het betekent? Dat iemand je zit leeg te zuigen….’ vervolgt ze enthousiast.

Heks heeft hier allemaal geen geduld voor. Ik weet allang niet meer wat wat betekent. Wat die ziekte betekent. Wat het betekent, dat ik altijd alles en iedereen kwijt raak. ‘Oh, nou, daar heb ik helemaal niks mee, al dat geverklaar…’ reageer ik geprikkeld.

Of iets dergelijks. Ik weet niet meer wat ik precies riep, om haar de mond te snoeren. Wat ik wel weet, is dat ze me verschrikt aan keek. Ze bedoelde er niks kwaads mee. De halve wereld hangt aan elkaar van dit soort verbanden. En verklaringen. Ze wilde het alleen maar delen…..

Heks is toch ook een rare heks. Heel veel spirituele praat vind ik lulkoek. Ik ben wars van zo is het en blablabla. Voor mij is dit pad een moeizame zoektocht. Met veel valse profeten, die je moet mijden. En een paar regelrechte pareltjes op je weg.

Op de televisie worden nu varkens geknuffeld. Een gewilde techniek om tot jezelf te komen. Mits je niet Islamitisch bent. Dan is tot jezelf komen middels een varken vragen om moeilijkheden natuurlijk. Volstrekt niet halal in elk geval.

Het maakbare leven. De meeste mensen hebben geen zak in te brengen in wat hen overkomt. ‘Kijk, dit partje is wat je overkomt, het is maar een piepklein stukje van de taart. Slechts 10 procent…’ Aan het woord is een juf van een lagere school. Ze geeft een les over geluk aan kinderen van een jaar of 11.

‘Geluk, gevoelens van blijheid tevredenheid en welzijn gekoppeld aan het gevoel, dat het leven zinvol en de moeite waard is..’ leest een leerling de definitie van geluk aan de rest voor.

‘Ja, hele lange zin. Hoe zat het ook alweer? Als je jullie geluksgevoel in stukken verdeelt, zoals bij een pizza of taart, dan staat bovenaan 50% aanleg. Dat is hoe je geboren bent. Optimist of pessimist… En dan dus dat hele kleine stukje van wat je overkomt, maar 10%. Waar je woont, hoe oud je bent, heb je veel vrienden of weinig….’

‘En dat is 40% bewust gedrag. En bewust gedrag dat is waar je zelf invloed op hebt. Keuze’s die je zelf maakt. Hoe je zelf ergens naar kijkt. Hoe je zelf in het leven staat.’

Ongelofelijk toch dat dit soort idioterie op de basisschool mag worden onderwezen? Want het is niet zo. Mensen hebben niet veel invloed. Mensen zijn niet bewust. De gemiddelde bewoner van deze aardkloot op twee benen loopt de godganse dag te slaapwandelen. Dit hele verhaal is een lulverhaal. Je kunt echt veel beter met die kids gaan mediteren……..

  

Zoals altijd ben ik toch weer zo verbaasd over het gemak, waarmee we al dit soort onzin als zoete koek vreten. Hoe we ons ongelukkig voelen door dit soort wartaal en flutredeneringen. Hoe we ons laten beledigen door allerhande therapeuten, die beweren dat je leven maakbaar is…..

Zoals men mij ooit vroeg, bij aanvang van de enige behandeling, die je als ME patiënt door je strot geduwd krijgt hier ter lande, die vreselijke stompzinnige contraproductieve cognitieve therapie, ‘Wat doet u allemaal om uw klachten in stand te houden?’

Somber verhaaltje toch weer, Heks…..

Nee! Niet somber!

Er is genoeg om je aan vast te houden in het leven: Bewust ademhalen, bewust er zijn.

Het programma is nog lang niet af gelopen, maar ik ben het zat om naar allerlei vage therapiegroepjes te kijken. Heks kijkt liever naar de Tour.

 

2Doc; Waar komt onze zoektocht naar zelfverbetering vandaan? Zijn we ooit goed genoeg? ‘Nu verandert er langzaam iets’ is een uitgesproken en visuele verbeelding van de hedendaagse coaching- en trainingscultuur.

 

Lente hangt in de lucht! Ergens! Maar waar? VikThor ruikt em al. Verwoed snuffelend gaat hij op zoek. Heks loopt door haar geliefde duinen. Dit magische landschap vol godjes en elfjes. In elke duinpan borrelt een nieuw wonder!

Deze boom kan je de mooiste verhalen vertellen……

Oh wat is het koud en guur. Heks loopt dagelijks in de natuur te tureluren, vergezeld door haar viervoetige vriend. Of vergezel ik hem? Momenteel is het inderdaad zo, dat ik voor mijn monster naar buiten ga. Zelf blijf ik liever binnen. Waar het warm is en droog. Buiten het bereik van de gesel van hagelbuien en woeste windvlagen. Ja, maart roert haar staart.

VikThor denkt hier allemaal inderdaad heel anders over. Hij maalt niet om een beetje kou en nattigheid. Uitgelaten rent hij naast de fiets, zodra we dan eindelijk eens op stap zijn. Binnen vijf minuten is zijn buik zo zwart als een tor. Het kan hem niet schelen. Enthousiast springt hij in de eerste beste sloot op onze route: ‘Even lekker zwemmen. Oh, wat heb ik het warm!’

Ysbrandt in zijn gloriejaren!

Heks met haar pijnlijf kan steeds slechter tegen kou. Ik hou zielsveel van de winter, maar mijn fysiek denkt er anders over tegenwoordig. Toch dwing ik mezelf om de deur uit te gaan. Veel kleren aan. Een schop onder mijn kont.  Het moet, het moet.

Eenmaal buiten valt het vaak mee. Behalve deze week. Als ik de deur uit stap voel ik de eerste druppels alweer om mijn oren slaan. Zodra ik in een parkje arriveer begint het geheid te plenzen van de regen.

Vrijdagmiddag is het dan eindelijk eens eventjes droog. ‘Wat zullen we eens gaan doen?’ klets ik tegen mijn hondje, ‘Zullen we eens eventjes naar Ysbrandts meertje gaan?’

Samenwerking tussen diverse dimensies is bepaald geen uitzondering in heksenland.

Het is de laatste dag dat we de duinen in mogen met een loslopende hond. Ik check het nog eventjes voor de zekerheid online. ‘Tussen Wassenaar en Katwijk ligt hondenlosloopgebied Berkheide. Tussen 15 augustus en 15 maart mogen honden bijna overal loslopen, mits ze onder appel staan en op de paden blijven.’ staat er. Mooi zo. Het mag nog deze dag.

Heks moet hartelijk lachen om de tekst. Mits ze op de paden blijven. Hihi. Nog nooit een loslopende hond gezien, die zich daaraan hield. De meesten staan ook nog eens niet of nauwelijks onder appel. Want stronteigenwijze genen. Of straathond geweest. Of een slappehap baas. Niet zelden zijn mensen aangenaam verrast door mijn gehoorzaam geboren hondje. Zoiets hebben ze nog nooit gezien!

Als ik de stad uit rijd klaart het lekker op. Aan de horizon ontstaat een strook blauwe lucht, maar het asfalt glimt nog van recente regen. Ik parkeer op de Cantinaweg, pal tegen het duin. Ik ben de enige, maar terwijl ik mijn spulletjes pak stopt er nog een auto. Een Spaanse windhond met baas gaan ook nog eventjes de duinen onveilig maken.

Narrig kijkt de baas me aan. Ik moet het vooral niet in mijn hoofd halen om haar te groeten. Of erger nog: Een praatje aan te knopen! ‘Ik bijt je kop er af!’ seinen haar boze ogen. Ze komt ongetwijfeld uitwaaien en haar gedachten op een rijtje zetten. Misschien heeft ze wel een verontrustende brief gekregen, waar ze mee zit te worstelen. Wie zal het zeggen? Ik laat het arme mens met rust. Uiteraard.

‘Je moet je hond aanlijnen,’ een opgewekte man komt net het duin uit met een roedeltje keurig aangelijnde monsters, ‘Kijk, ze hebben dat bord gisteren neergezet.’ Hij wijst op een splinternieuw bordje, waarop inderdaad staat dat je vanaf vandaag het duin niet meer in mag. Meuh.

Net leren kennen, echt een schat!

‘Online mag het nog wel. Ik heb het net nog nagekeken. Ik heb wel eens eerder met dit bijltje gehakt. Op de oude bordjes stond het weer net even anders. Nou ja. Ik ga lekker een rondje om en als ik een bon krijg laat ik het voorkomen….’ bluf ik opgewekt tegen de man. Er is geen sterveling te bekennen op de route, die ik loop. Laat staan een boswachter.

Bij Ysbrandts meertje strijken we eventjes neer. VikThor zwemt achter een balletje en Heks zit op Ys’ boom. Een grote omgevallen berk. Horizontaal groeit de reus al jaren vrolijk verder. Op die manier is er een natuurlijke bank gevormd. ‘Het water staat erg hoog. En er is heel veel struikgewas verwijderd,’ inventariseer ik de stand van zaken rondom dit magische vennetje.

Komende zondag gaan we werken met landgoden en landenergie bij de Sjamanistische Jaaropleiding. De magische krachten verbonden met dit soort bijzondere plekken. Heks heeft er zoveel zin in.

Oude vriend in het Leidse Hout

Maar je hoeft echt niet speciaal naar afgelegen meertjes om dit soort energieën te ervaren. Bij mij in de straat woont een pleingodje. Elke avond zie ik hem zitten in zijn boom. Op een grote dwarstak. Vroeger zat hij op een andere tak, met beter zicht, maar die is door de gemeente gesnoeid in verband met het plaatsen van ondergrondse afvalcontainers. Kwaad dat ‘ie was!

Als ik een kat kwijt ben prik ik een brief op zijn boom. ‘Wil je een beetje rondkijken voor me? Het is dat zwarte mormel weer.’ Ook rondom de Bengaal doe ik een beroep op hem. Ik groet hem altijd, behalve als ik half slapend de hond uitlaat. Midden in de nacht. Dan vergeet ik het wel eens…….

Hij vindt het leuk om op mijn nek te springen, maar dat wil ik niet. Dus zorg ik altijd een hoedje op te hebben. Dat scheelt enorm!

Onzin? Grote fantasie? Geen idee. Ik weet het niet. Ik weet alleen, dat het voor mij zo is.

Ik heb vrienden onder de bomen. Ik voer soms een gesprek met een bloem. Ik herinner me een boeiende conversatie met een Amaryllis. Vanuit een kerstuk sprak ze me plotsklaps toe. Geen lullig gesprek ook nog. Nee, pittige materie! Aanschouwelijk onderwijs zou je het kunnen noemen: De bloem legde haar eigen structuur als het ware uit! Heilige Geometrie is niet voor watjes.

Orbs verlaten het pand!

Andere dimensies zijn dichterbij dan je denkt. In je en om je heen.

Heks is altijd verbaasd over de sprookjes, waar de godganse mensheid moeiteloos in gelooft. Dat geld gelukkig maakt bijvoorbeeld. En dat je vrienden hebt als je wint.

Mijn magische plekje in de duinen is vandaag geheel aan zichzelf teruggegeven. Geen wandelaars buiten Heks en Vik. Met een zucht neem ik afscheid. Voorlopig komen we hier niet terug. Pas half augustus mogen de honden weer los…..

We lopen een grote ronde via de Friese Wei met op de achtergrond de Soefitempel. Ook al zo’n heerlijke plek. VikThor gaat helemaal uit zijn dak. Overal konijnenkeutels, vossensporen en een incidentele vleug ree. Met enorme slagen verkent hij het terrein. Snuffelt zich een slag in de rondte. Dronken van de eerste lentegeuren.

Op de terugweg komen we een vrouw tegen in een scootmobiel. Drie hondjes keurig aan de lijn naast haar. Chagrijnig snauwt ze me toe, dat de hond moeten worden aangelijnd. Opnieuw antwoord ik, dat het volgens mijn pas vanaf morgen geldt.

Dat bevalt haar helemaal niks, dat ik dat beweer. Nijdig laat ze me weten, dat ik het dan maar zelf moet weten! Met stoom uit haar oren tornt ze verder tegen de wind op. Wat een hoop kwaaie mensen op mijn pad vandaag!

Ik gooi een balletje voor Vik het laatste stuk. Sinds de cortisonenprik behoort dit weer tot de mogelijkheden. In feite is mijn blafbeest nu aangelijnd. Hij zit aan me vast middels de bal!

Mijn vriend Uil!

Wat houd ik toch van de duinen. Vooral op dagen als vandaag. Wanneer het miezerige weer de meeste mensen weg houdt. Al die schakeringen in vergrijsde winterkleuren. De stilte…….

Op weg naar huis raak ik overmoedig. Ik besluit mijn auto te wassen. Ook iets, waarvoor je je armen nodig hebt. Ik rijd alweer geruime tijd in een absolute toddebak. Niet veel later ben ik mijn kanariepet grondig aan het uitmesten.

Misschien heb ik het te gek gemaakt. Eenmaal thuis ben ik te moe om te eten. Ik bel een uurtje met de Don en val vervolgens in slaap. Pas om half 1 ’s nachts ben ik voldoende bijgetrokken om dat laatste programmaonderdeel af te werken.

En dan is het alweer tijd voor de allerlaatste hondenronde hier door de wijk!

‘Hallo Heks met je gekke hoedje,’ lispelt de pleingod. Zondag ga ik meer leren over de omgang met deze energieën. Dus als je binnenkort een altaar onder een boom hier in de straat ziet staan, dan weet je: Komt vast bij Heks vandaan…….

Plumvillage: Een landschap vol magie!

 

Zalig kerstfeest lieve lezers. Heks zit heel alleen kerstfeest te vieren. Maar van eenzaamheid is goddank geen sprake! Ik vermaak me eigenlijk best.

Kerstavond reanimeer ik mezelf richting kerk. Gloeiendhete douche, bak sterke koffie en een hap pijnstillers doen wonderen. Flinke kwast over de kaken en ik lijk net een mens. In plaats van een lijk. Helemaal niet gek gedaan, Heks!

Kortjakje plof neer op een plekje achterin de kerk. Naast me schuiven twee dames aan. Een moeder en dochter? Het lijkt erop. De overigens volwassen dochter zoekt verwoed in de liturgie naar het liedje, dat de goegemeente aan het zingen is. We zingen altijd een vol halfuur voorafgaand aan de dienst. Ouderwetse kerstliedjes.

‘Hier,’ ik wijs het betreffende liedje aan. ‘Ik ga toch echt niet meezingen, hoor,’ grijnst de jongedame ondeugend. ‘Ik wel,’ grijns ik terug. Vandaag heb ik weer eens geen stem. De hoge regionen kan ik alleen bereiken als ik er op een bepaalde manier naartoe beweeg met mijn stem.

En daar leent het gemiddelde kerstliedje zich niet voor. Zo rommel ik maar zo’n beetje tussen de octaven. Zing sommige passages heel zachtjes, hoog en zuiver, om schor neer te storten in woest gebrom rommelend in mijn borstregister. Mijn hele lijf resoneert dan mee met het grote orgel. En dat vind ik dan toch wel weer erg leuk.

Tijdens de eucharistie klets ik met mijn buurvrouw. Een ongelofelijk leuk wijf met pit. De kerk is onbekend terrein voor haar. Met kerst als sneeuw naar binnen gedwarreld. Met moeders mee waarschijnlijk.

‘Ik kwam vroeger ook wel eens bij Shambala,’ roept ze enthousiast als mijn Boeddhistische neigingen ter sprake komen. Ik vertel haar over onze Sangha in de traditie van Thich Nhat Hanh, ‘De lachende Boeddha’. Zit ik zowaar tijdens de kerstnachtmis zieltjes te winnen voor de concurrent……

Zo zit ik dus moederziel alleen en toch samen met anderen in de kerk. Mooi. Ik heb namelijk helemaal niks geregeld qua gezellig gezelschap de komende dagen.

‘Je bent altijd welkom bij het kerstdiner op eerste kerstdag, hoor,’ roept Steenvrouw al maanden. Maar Heks is te gammel om toe te zeggen. Ik weet niet of ik het ga redden allemaal. En als mensen rekening houden met een ingewikkeld dieet en je komt niet opdagen? Dat kun je natuurlijk niet maken.

‘Mag je dit of dat eten?’ appt Steenvrouw me met enige regelmaat. Ze kent mijn dieetvoorschriften grotendeels uit haar kop, maar af en toe slaat de twijfel toe. Wil ze het zeker weten. Waarom?

‘Volgens mijn accepteert ze geen nee,’ grapt de Don, als ik hem over deze ontwikkelingen rondom het kerstdiner vertel. We moeten er allebei enorm om lachen, maar stiekempjes ben ik blij met mijn koppige wijze vriendin. Vanavond vier ik eerste kerstdag met haar en haar gezin!

Mijn kerstboom heb ik dit jaar heel snel opgezet. Het is namelijk geen boom, maar een paspop. Die heb ik vliegensvlug een mooie kerstachtige jurk aangetrokken. Wat snoeimateriaal onder de rokken vandaan en een snoer lichtjes om haar ranke middel en de Godin staat in al haar glorie te stralen in mijn woonkamer.

Dit feest van geboorte is natuurlijk ook en vooral een feest van de Grote Moeder. Hoe zij bevallig beviel in een stal. Als een enorme Heilige Koe. Het is het feest der vruchtbaarheid. Hoe in het diepst van de nacht het licht weerkeert. Zich via het goddelijke geboortekanaal een weg naar buiten baant……

’s Nachts loop ik nog een hele grote ronde met VikThor. Voor hem is het tenslotte ook kerst. Het is al over tweeën. De stad is bevolkt met dronken droppies. Uitgebraakt door cafés, die ook wel eens dicht willen. Naar buiten geveegd door eigenaren, die ook wel eens naar bed willen.

Vanuit het Zeemanspark zie ik een man staan op de brug over de Singel. Hij houdt zich vast alsof hij zich op woeste baren bevindt. Alsof de Zeevaartschool een groot schip is geworden, dat in rap tempo op hem toe stoomt.

Een stukje verderop loopt een klein bozig vrouwtjes stampend over het Noordeinde. Ze kijkt achterom naar de zwabberende man. ‘Kom nou Joop, loop nou eens door, verdorie,’ snijdt haar nijdige stem door de nacht. Ze komt langs de ingang van het terrein en slaat plotseling impulsief af het park in.

Ze loopt zeker tegen de zeventig zie ik van dichtbij. Gemelijk beent ze richting de school. Ze kijkt niet op of om.

Joop is ook weer in beweging gekomen. Met zijn handen klauwend langs het hekwerk rondom het parkje voor houvast maakt hij plots flink vorderingen. Loopt de ingang van het park straal voorbij. Raakt ter hoogte van de bloemenstal finaal de kluts kwijt, want waar is zijn narrige partner? Verdwaasd blikt hij om zich heen. Valt daardoor bijna om…….

Heks besluit de man uit zijn lijden te verlossen en tevens de vrouw te helpen, die intussen weer is begonnen met machteloos schreeuwen. Snel loop ik naar de ingang van het park.

‘Uw vrouw is hier, meneer Joop,’ wuif ik hem in de juiste richting. Opgelucht draait hij zich om. Een enorm charmante man met vermoedelijk een drankprobleem. Waar zijn vrouw zat van is……..

Hij glimlacht me vluchtig toe. ‘Je bent elkaar kwijt voor je het weet,’ grijns ik als hij me voorbij valloopt. Steeds als ik denk dat hij op zijn plaat zal gaan komt hij toch weer op zijn pootjes terecht. Tenminste, zolang hij het hekwerk als steun kan gebruiken.

De rest wacht ik niet af. Ik steek de straat over. Ik zal niet zien hoe hij van zijn geliefde op zijn kop krijgt. Of hoe hij zonder de ondersteuning van gemeentelijke hekwerken verder naar huis zal moeten kruipen….

Op de terugweg ga ik langs het huis van Tanneke. Haar dode hand glijdt in de mijne. Oh, wat mis ik dat kleine toverheksje toch nog steeds. Tegenwoordig wordt haar magische huisje bewoond door een saaie huismus. De kale woonkamer zonder enige vorm van kerstversiering is gelukkig niet zichtbaar, omdat de lelijke luxaflex naar beneden zijn……

Heks heeft ook niet veel gedaan aan haar huisje dit jaar. Niet zoals andere jaren. Ik had gewoonweg niet de puf om al die kerstspullen naar boven te halen. En later weer op te bergen.

Mijn onvolprezen hulp doet me een idee aan de hand. Zijzelf heeft een paspop als kerstboom. De rok gaat over in takken. Het ziet er geweldig leuk uit, zie ik op een foto.

Zo knutsel ik op kerstmiddag snel zo’n paspopboom in elkaar hier in Huize Heks. Het is echt een plaatje en ik ben er in tien minuten mee klaar. Alle takken zelf gevonden, gekregen of gesnoeid. Appeltje eitje.

 

Synchroniciteit: Heremetijd! Groene zijden soepjurk als acausaal, verbindend beginsel? Het is een feit! Heks beleeft heerlijke avonturen op de vierkante millimeter. Het kan echt niet beter!

Op de eerste dag in Plumvillage loopt Heks maar zo’n beetje rond te dazen. Nog behoorlijk in de kreukels en half gaar van de reis luister ik naar de eerste lezing. Vervolgens sjok ik opgewekt mee met de wandelmeditatie.

Langzaam bewegen we over het terrein. Een grote groep net gearriveerde retraitanten. Ik kijk eens een beetje om me heen. Honderden gezichten. Een prachtige jonge vrouw valt me direct op. Ze heeft rood haar en rode schoenen. Donkerrode Mocassins.

‘Prachtige schoenen zeg. Kijk nou,’ zoem ik inwendig. Ik observeer de vrouw op mijn gemak vanuit mijn slaperige ooghoek: Ze komt me zo bekend voor! ‘Zij is zoals ik, een heksje, ik zie het, ik zie het,’ zingt het in mijn hoofd.

Even later is ze weer tussen die honderden onbekenden verdwenen. We zijn klaar met wandelen. Het is tijd voor de lunch.

Diezelfde avond maak ik kennis met mijn familie. De roodharige jongedame zit er ook in. Wat een toeval. We hebben direct een klik.

Halverwege de retraite omhelzen we elkaar voor het een of ander. Er wordt behoorlijk wat afgeknuffeld daar in Plum. Vooral in onze onvolprezen familie. Mijn nieuwe zuster draagt een knalgroen jack.

‘Wat staat die kleur groen je goed. Je zou eigenlijk een lange zijden jurk in die teint moeten hebben,’ flap ik er spontaan uit. ‘Ik heb precies zo’n zijden jurk in de kast hangen,’ denk ik er achteraan. Maar ja. Daar heb ik nu niks aan.

De laatste avond van de retraite worden we vermaakt door de monniken en nonnetjes. Ze treden voor ons op samen met een aantal leken. We zitten op het Boeddhaveld, terwijl de avond valt. Overal branden lampionnen en kaarsjes. Het podium is schitterend versierd. Een gigantische lotus vervaardigd uit bamboe vormt het ‘achterdoek’…….

Heks zit met haar eigen Mahakatyayana familie. We leunen tegen elkaar aan en doen lekker klef. Het is onze allerlaatste avond. We gaan elkaar enorm missen. Nu kan het nog…….

Halverwege het programma haakt het grootste deel van de familie af. Ze gaan naar bed. Morgen moet iedereen aan de bak. Autorijden of eindeloos met de bus. De treinen staken helaas. Sommigen van ons zijn al een dag eerder vertrokken om hun vliegtuig te halen……

Heks en haar roodharige vriendin Meermin blijven echter wachten op de hartsoetra. Die wordt driestemmig uitgevoerd is ons beloofd. Dat willen we niet missen!

Het duurt en duurt. Ik ben doodmoe intussen. Maar vervelen doe ik me niet: Het ene geweldige optreden na het andere volgt. Net als ik op het punt sta om toch weg te gaan is het dan eindelijk zover. We worden getrakteerd op een prachtige vertolking van de hartsoetra!

Meermin en Heks zitten in lotushouding naast elkaar te luisteren. We laten we het helemaal binnenkomen. Vooral de zeker vijf minuten durende doodse stilte na afloop. Zit je daar met honderden mensen en niemand geeft een kik. Dat geeft pas een kick!

Op weg naar ons eigen klooster in mijn kanariepiet kletsen we een beetje. We zijn kapot moe en het is al behoorlijk laat. Voor deze plek dan. ‘Oh, maar ik ben met mezelf getrouwd,’ roep ik enthousiast naar aanleiding van ons onderwerp. Dat ik nu volledig kwijt ben.

‘Ik ook, ik ook,’ lacht mijn vriendin, ‘Kijk maar, ik heb ook een trouwring.’ Ze duwt haar  vinger onder mijn neus. Een prachtige gouden stersaffier schittert me tegemoet. ‘Ik ook, ik ook,’ schreeuwt Heks helemaal wakker nu. Ik laat mijn trouwring zien. Een veelkleurige edelopaal! Ongelofelijk. Ze is echt net zoals ik. Dat had ik toch maar goed gezien die eerste keer!

Afgelopen zaterdag zoekt Meermin me op. Ze is een aantal dagen in Nederland. ‘Mijn hotel is in Hugh, is dat ver bij jou vandaan?’ Nee, Den Haag ligt tegen Leiden aan!

Zo haal ik mijn roodharige zielzuster van het station. We rijden naar het hondenstand in Noordwijk met mijn hondje. Het is heerlijk weer. We wandelen en zwemmen. Drinken thee en kletsen. Gaan ergens lekker lunchen!

‘Weet je nog, dat ik het over een groene zijden jurk had, die je zo geweldig zou staan?’ Ze kan het zich herinneren. We hebben het vandaag ook al over synchroniciteit gehad. Een begrip, dat ons beiden na aan het hart ligt. ‘Ik dacht toen bij mezelf: Ik heb thuis zo’n jurk. En later realiseerde ik me, dat je naar Nederland zou komen. Een prachtige gelegenheid om eens te kijken of die jurk je past……’

Heks tovert een pakje tevoorschijn met daarin de bewuste dreamdress. ‘Het is een ongelofelijk romantisch geval. Dus je moet echt eerlijk zijn, hoor. Als je het niks vindt: Gewoon zeggen.’

‘Ook heb ik em gerepareerd. Hij is dan wel gloednieuw, de stof is zo delicaat, dat er wat stiksels los hadden gelaten……..’ Ik geef niet graag iets, dat kapot is.

‘Ja, ik zal eerlijk zijn,’ begint Meermin. Dan slaakt ze een kreet. ‘Oh, wat een prachtige jurk!’ Snel past ze em over haar zwempak heen. Heks maakt de schouderbandjes op maat. Die moeten behoorlijk worden ingekort, want ze zijn afgesteld op mijn apenarmen. Maar verder past ie perfect! De jurk zit als gegoten. Hoera!

Mijn vriendin danst over het strand in haar zeemeerminnenjurk. Ze ziet er fantastisch uit.

Heks moet inwendig gniffelen. Als ik in Plumvillage toen niet spontaan vanuit het blinde niks over een groene zijden jurk was begonnen was dit allemaal niet gebeurd. Wat is het leven toch grappig als je last krijgt van synchroniciteit!

Niet dat het altijd zo mooi uitwerkt. Sommige mensen hebben een broertje dood aan dit fenomeen. Zelfs al dansen ze plots op magische wijze om elkaar heen, begeleid door hemelse klanken, dan doen ze toch snel hun ogen en oren dicht. Of erger nog, hun hart.

Dus dit verschijnsel op zich is niet zaligmakend. Dat heb ik door schade en schande nu eindelijk wel geleerd. Sommige mensen zijn ziende blind en horen met dove oren.

Maar wat heerlijk als het wel gewoon stroomt en is. Als de wonderen de wereld niet uit zijn. Als de werkelijkheid er eentje is van warme boventonen. En frisse onderstromen. Als meer meerminnen via die verse stromen je leven binnen zwemmen. Als, als…….

Ja dat!

Verliefd op de verkeerde man, waar begin je an? Dat zouden we ons eens wat vaker moeten afvragen dunkt me. Heks is er redelijk van genezen in elk geval. Tegenwoordig kijk ik eindeloos de narcist uit de boom: En word gewoon helemaal niet meer verliefd! Wat een saaie boel. Het wordt tijd voor een narcistloos tijdperk.

‘Hoe is het nu in de liefde, Heks? Is het nog iets geworden met 1 van je aanbidders?’ Steenvrouw zit ondeugend te lachen. Ze is ook wel een beetje nieuwsgierig. En er is absoluut sprake van een grote gun-factor. Heks moet ook lachen. Al is het maar om haar guitige snoetje. ‘Nee schat. Ik ben nog immer vrij gezellig.’

Het afgelopen jaar heeft me op liefdesgebied nog eens extra getrakteerd op een paar rasnarcisten. Aan beide kanten van het spectrum. Zo heb ik een keertje koffie gedronken met zo’n flamboyante fantast. Licht kwijlend zat hij Heks te observeren. Intussen sloeg hij de gekste dingen uit. Zoals hoe ongelukkig hij de vrouw had gemaakt, die ooit zoveel van hem hield, dat ze hem kinderen schonk.

‘Ja, ze wilde te graag huisje, boompje, beestje,’ verkondigt hij dit feit alsof het iets onbetamelijks betreft, ‘En ik had veel geld. Eh…. Heb…’ verbetert hij zichzelf snel.

Een idiote poging om op die manier zowel zijn minachting uit te spreken naar zijn ex, omdat ze op zijn centen uit zou zijn geweest, alsmede Heks een dikke bankrekening voor haar geestesoog te toveren. Om me binnen te vissen vermoed ik. Ja, duh.

Nou ja. Na twee cappuccino’s houd ik het voor gezien. Het woord narcisme is dan al gevallen. ‘Dat zeggen mensen altijd over mij!’ roept hij enthousiast, alsof het een compliment betreft. Heks weet genoeg.

Op de valreep begint hij over zijn vriendin. Vanuit het niets tovert hij het arme kind op tafel. Een piepjonge verpleegster. Nu hij het versierspelletje niet kan winnen moet hij me nog eventjes om de oren slaan. Narcist eigen. Helaas voor hem interesseert het me geen biet.

‘Fijn voor je, dat er iemand zo gek is om je te verzorgen. Voor jou waarschijnlijk  het hoogst haalbare op relatiegebied,’ roep ik over mijn schouder, terwijl ik me uit de voeten maak.

Mijn ex Staartje schrijft me vervolgens een waarschuwingsmailtje. ‘Kijk uit met die vent, waar je het laatst over had. Hij heeft achter een vriendin van me aangezeten. Ze kreeg er de grootst mogelijke ellende mee. Zijn bijnaam is de Neuker van Naaldwijk. Hij stroopt de Hollandse stranden af op zoek naar vrouwelijk schoon. Zo is zij ook aan hem gekomen: Toen ze halfnaakt lag te zonnen! Dus dan weet je het wel.’

Ja, Heks weet het nu wel. Zou je zo zeggen.

Helaas kun je deze persoonlijkheidsstoornis niet aan iemands neus zien. De flamboyante types vis je er nog wel uit. Met hun groteske gelieg en openlijke bedrog. Juist de thin skinned narcisten willen nog wel eens op verlegen aardige kerels lijken. Veel moeilijker te doorgronden. Vooral niet als je er stekeblind voor bent, zoals ik.

Tot mijn grote spijt heb ik een absolute aantrekkingskracht op dit volkje. Heks is een te lekker hapje om klein te krijgen. Een beetje narcist ziet mij als de ultieme uitdaging. Ik kan de keren niet tellen, dat zo’n type vanuit het blinde niets boven op me sprong.

En dan ben ik tot overmaat van ramp ook nog eens altijd erg lief geweest voor de dunne huidtypes met hun eeuwige moeite met vrouwen en hun impotentie-problematiek. Soms zie ik nog hun zielige zuigende gezichtjes voorbij komen in een akelige droom. Als ik zwaar getafeld heb.

‘Ja schat,’ mijmer ik tegen Steenvrouw, terwijl we heerlijk zitten te dineren aan mijn keukentafel, ‘Zo’n dunne-huid-narcist slaat haken in je buik. Daarna gaat hij daaraan zitten trekken. Heel stiekempjes…..’

‘Maar als je te dichtbij komt duwt hij je weer weg. Of hij levert je een streek. Gaat vreemd bijvoorbeeld…… Of hij draait zelf weg. Hoe dan ook. Het schiet niet op. Niet zolang ik niet enorm mijn best doe. Want narcisten laten altijd jou al het werk doen in een relatie, zelf werken ze uitsluitend tegen. En dat doe ik dus niet meer. Gelukkig maar!’

Mijn vriendin kijkt me verbaasd aan. Haken in buik? ‘Ja, energetische haken. Met daaraan lange lijnen. Een heel naar gevoel, als iemand dat bij je doet: Je krijgt er buikpijn van!’

‘Die flamboyante narcist pakte me in. Energetisch. Ik voelde hoe hij zijn flauwekulverhalen als een deken om me heen sloeg. Strik eromheen! Voetstuk eronder: En zo ben je voor je het weet helemaal door iemand ingeduffeld! Daarom luisteren de dames niet meer naar wat hij nu eigenlijk zegt. Ze horen slechts wat ze willen horen…..’

Voor we het in de gaten hebben zitten we over energie te praten. Over het licht dat we allemaal in ons dragen. ‘Drunvalo Melchizedek zei nog eens tijdens een seminar dat alles licht is. Werkelijk alles. Maar als het zich van ons af beweegt nemen we het waar als donker……..’

‘Ja schat, wij zijn zelf een heelal. Vanbinnen. Ik ben wel eens met mijn bewustzijn mijn lijf in gevallen en wat ik zag was wonderbaarlijk. We lijken sprekend op het grote universum om ons heen. En ook in ons lijf zit voornamelijk veel ruimte….’

‘Misschien zijn narcisten de zwarte gaten van ons universum. Hihi. Ze willen hun licht niet delen. Zo snel als ze kunnen bewegen ze van alles en iedereen af….. Ze zuigen je naar zichzelf toe en eten je op. Je kunt dus echt maar beter bij hen uit de buurt blijven!’

Zo zitten we als toetje smakelijk te lachen om serieuze zaken. Ach, de liefde. Heks moet blijkbaar eerst nog langs een paar narcisten. Pas als ik alle mogelijke narcistische modellen het hoofd heb geboden, zonder in de zwarte gaten waar gewoonlijk ogen zitten te storten, is er ruimte voor licht. Naar elkaar toe te bewegen. Te verbinden.

Verliefd op de foute man.

Is hij meer geïnteresseerd in zichzelf dan in jou? 1 Hij geeft niets om jouw gevoelens, gedachtes of ideeën. 2 Alles draait altijd om hem. 3 Hij leeft naar zijn eigen regels. 4 Hij heeft niet zo veel zin in jouw issues. 5 Wanneer jullie ruzie hebben is het altijd jouw schuld. 6 Wanneer hij boos is is het jouw schuld.

Babyspecial speciaal voor mij. Midden in de nacht maken ze me blij: Louise en Rosanna en hun pasgeboren zoontje Mikai. Maar ook een vriendinnetje van Heks is in blijde verwachting. Hiep Hoi! De nieuwe generatie maakt zijn opwachting!

© toverheks.com

© toverheks.com en handjes

Vorige week kijk ik naar de babyspecial van Louise en Rosanna. Dit gouden transgenderkoppel heeft een kindje gekregen! Hoera! Een wonder, zoals altijd. Want laten we wel wezen, het is toch niet te geloven dat je een zaadje bij dat eitje in de oven stopt en negen maanden later komt er een schreeuwende koter uit. Compleet met alles erop en eraan.

Nu maar hopen dat de juiste onderdelen erop en eraan zitten, anders moet dat later weer worden rechtgezet. Zoals bij beide ouders. Louisa is al operatief in haar meer passende vorm gegoten. Rosanna gaat na de geboorte van hun kindje onder het mes. Als ze al die vrouwelijke hormonen een beetje te boven is.

© toverheks.com

© toverheks.com Hoera zwanger! Je lichaam verandert nogal…….

De zwangerschap heeft een wagonlading van dat goedje haar lijf ingespoten. Geen prettige ervaring als je je eigenlijk man voelt. Een vent bent. Maar ook goed en geweldig, want zo kunnen die twee toch maar mooi een baby krijgen. Ik vraag me af of dat op een andere manier ooit gelukt was.

Het is voor homo’s al lastig om een kind te adopteren, of een alleenstaande Toverheks. Laat staan voor een transgenderstel. Maar wellicht ben ik abuis. Is er de laatste jaren veel veranderd op dit gebied. Zijn we lichtjaren verwijderd van die paar jaar geleden…..

Heks heeft een groot zwak voor Louisa en Rosanna. Al enige tijd kijk ik trouw naar de afleveringen over hun leven samen. Het zijn toch zulke schatjes. Allebei op hun eigen manier.

© toverheks.com

© toverheks.com Mikai

Rosanna met haar grote stoere lijf en lieve nuchtere koppie. Haar relativerende stamppothumor. Haar ongelofelijke ontroerende eerlijkheid. Ook over deze zwangerschap.

Ze realiseert zich heel goed wat een mazzel ze heeft dat ze überhaupt zwanger is geworden. Niet iedereen heeft dat voorrecht. ‘Veel vrouwen hebben niet het geluk om in verwachting te geraken, ik geniet dus maar van die bijkomende hormonen voor zover het gaat…..’

De glamoureuze Louisa met haar lange zwarte zigeunerharen en lagen glinsterende make up.

© toverheks.com

© toverheks.com Louise en Rosanna en hun beeldschone zoontje Mikai

En enorme opgespoten lippen niet te vergeten. Iets teveel naar mijn smaak, maar ja, Heks heeft al jaren problemen met de vaginale mode op dit  plastisch chirurgische gebied. De schaamlippen lachen je tegemoet in glamourland. Overal waar je kijkt opgespoten lippen. Vlezige schaamlappen in door botox verstilde kaken. Zelfs de president van de VS heeft zo’n kutkop, dan moet het wel goed zijn toch?

Midden in de nacht, ik kan niet slapen, kijk ik naar de babyspecial. Het moment dat het kindje dan eindelijk geboren wordt. Wat prachtig. Nog een keer kijken, want dat kan tegenwoordig. Verschillende malen zie ik de baby geboren worden. De ontroerde ouders. Trillende opgespoten lippen en het nuchtere engelachtige gezicht van Rosanna in opperste aanbidding met haar kleine prinsje aan de platte borst.

© toverheks.com

© toverheks.com Ik heb al tandjes……

De volgende dag komt mijn vriendinnetje X eten. Ze is zwanger! In november zat ik haar al te plagen met vragen of ze soms misselijk was in de ochtenduren. Met nieuwjaar wenste ik haar en haar partner een bijzonder VRUCHTBAAR hihihi jaar toe. En al die tijd zat dit kleine wonderwezen al in haar te groeien! Ja, dat heb je met heksen. Die hebben daar een haakneus voor!

Enthousiast praten we over alle veranderingen in haar lichaam. Bekijken de foto’s van de echo. ‘Hij heeft zijn handjes voor de oren…… Of zij. Ik denk een hij, wat denk jij? Kijk maar……’ Heks denkt het ook, maar pin me er niet op vast. Ik heb nog nooit bewezen dat ik daar kaas van gegeten heb.

© toverheks.com

© toverheks.com Hoera!

Wat is het toch bijzonder, een zwangere vriendin. Ik weet het, het gehele leven is ingericht op voortplanting. Voortbestaan van de soort. Elk levend wezen is daar mee bezig. Vaak louter en uitsluitend. Wij mensen beweren wel dat er allerlei andere dingen belangrijk zijn op aarde, maar in de praktijk zijn we in hoofdzaak hormonaal aangestuurde ongeleide projectielen…..

Toch is elk nieuw leven een wonder. Een delende cel is al iets ongelofelijks. Nieuw leven dat binnenin je eigen lijf groeit is misschien wel het meest bijzondere dat een mens kan meemaken. Man of vrouw. Overwegend vrouw. Met af en toe een aanstaande man om ons er eens extra op te wijzen hoezeer wij dames met onze ingebouwde broedmachine geboft hebben!

© toverheks.com

© toverheks.com Er is altijd een zeker risico op meerlingen

 

Hoera! De repetities met mijn koor van de Matthäus Passion van Johan Sebastian Bach zijn weer begonnen. Ex Animo geeft elk jaar een sublieme uitvoering van dit fenomenale muziekstuk. In de pauze vermaken we ons ook best. Vooral als we gasten aan onze stamtafel krijgen…… met een goed poep en piesverhaal!!!!!

Dinsdagavond is het alweer de derde keer dat we aan de Matthäus Passion van Johan Sebastian Bach sleutelen. Ons koor is enorm uitgedijd voor de gelegenheid. Met name de alten zijn oververtegenwoordigd. Rijen dik staan we boven alles uit te galmen. Heks kent het hele stuk intussen uit haar hoofd. Het is dan ook alweer de vierde keer dat ik meezing. Mijn boek kan ik bijna thuislaten….

Zoals altijd schuif ik op het nippertje op mijn plek. Zodoende vermijd ik allerlei geklets en gezwets met koorgenoten voorafgaand aan de repetitie. Heel leuk en gezellig natuurlijk, maar waardeloos voor het energiebeleid. Heks moet uitkijken niet van te voren al haar kruid te verschieten. Ons bin zuunig als het om gezelligheid kent geen tijd gaat.

Tijdens het inzingen doen we allerlei oefeningen teneinde ook tijdens de subtiele koralen mooi op toon te blijven. Het gebeurt nogal eens dat ingetogen zingen synoniem is voor vals knerpen. Pufloos piepen. Amechtig miepen. En dat willen we niet tijdens ons concert. We gaan weer voor een sublieme voorstelling.

Het zal moeilijk zo niet onmogelijk worden om de recensie van vorig jaar te overtreffen. Maar de uitvoering verbeteren moet lukken!

Tijdens de pauze sprint ik om het hardst met Anna naar onze stamtafel. Sinds jaar en dag zitten we daar met een vast clubje alten en sopranen. Helaas zijn er onlangs twee leden afgevallen. Sindsdien krijgen we soms een gast aan tafel. Vorige week was dat een bas. Hij maakt ons verschrikkelijk aan het lachen met een heerlijk poep en piesverhaal. Naar aanleiding van verhalen over mijn hondje.

‘Honden zijn zeker leuk, maar ze moeten niet bij me op de stoep poepen. In onze buurt woont zo’n exemplaar. Een bakbeest van een kalf. Draait dikke stinkende drollen van gigantische afmetingen. En de baas laat het gewoon liggen. Nu weet ik toevallig waar dat baasje woont. Het leek me dan ook gepast om eigenhandig een drol bij die mensen op de stoep te draaien.’

Heks krijgt een visioen van de man, zijn dikke buik tussen de knieën geklemd, zijn billen open en bloot uit de broek gestoken, hangend boven zo’n oerhollands brandschoon geveegd stoepje, knedend op minstens zo’n grote bolus als de uitschijtsels van de daar wonende hond.

Een schijterige schok van ontzetting waart door de toehoorders. ‘Helaas, ik mocht het niet van mijn vrouw,’ zijn guitige koppie kijkt ons ondeugend aan, ‘Ik heb het plan dus maar laten varen.’ Ik schiet onbedaarlijk in de lach. Wat een heerlijke mafkees, deze olijke bas!

Deze week hebben we onze pianist te gast. Enthousiast praten we over van alles en nog wat. De dames kakelen om het hardst. Heks kijkt naar zijn magische handen. ‘Heb je die nu eigenlijk verzekerd?’ Ik weet dat het niet te betalen is zoiets, maar ja, je zult maar afhankelijk zijn van de uiterst kwetsbare uiteinden van je extremiteiten.

‘Dit jaar speelt hij ook op het orgel bij de uitvoering,’ hoor ik zondag in de kerk van een sopraan. De vaste organist is er vorig jaar mee opgehouden en onze repetitor neem zijn plek in. Wat leuk! ‘Zal onze dirigent ook fijn vinden, want het zijn dikke vrienden,’ klessebest diezelfde sopraan.

OP JE PANTOFFELS SPEEL JE GEWOON BETER

Wat heerlijk dat we weer begonnen zijn met repeteren. Dat het alweer bijna zover is. Dat ik het hele stuk uit m’n kop ken. Wat geweldig dat ik op dit koor zit. Samen muziek maken is zo fijn. Het verbindt ons mensen.

Geen wonder dat ze in de hemel allemaal engelenkoren hebben. Dat is natuurlijk de plek van samenzijn en dus samenzang. Ons aards gejammer is daar maar een slap aftreksel van.

Aftreksel of niet: Dat interesseert me echt geen biet. Zolang ik maar kan zingen.