Synchroniciteit: Heremetijd! Groene zijden soepjurk als acausaal, verbindend beginsel? Het is een feit! Heks beleeft heerlijke avonturen op de vierkante millimeter. Het kan echt niet beter!

Op de eerste dag in Plumvillage loopt Heks maar zo’n beetje rond te dazen. Nog behoorlijk in de kreukels en half gaar van de reis luister ik naar de eerste lezing. Vervolgens sjok ik opgewekt mee met de wandelmeditatie.

Langzaam bewegen we over het terrein. Een grote groep net gearriveerde retraitanten. Ik kijk eens een beetje om me heen. Honderden gezichten. Een prachtige jonge vrouw valt me direct op. Ze heeft rood haar en rode schoenen. Donkerrode Mocassins.

‘Prachtige schoenen zeg. Kijk nou,’ zoem ik inwendig. Ik observeer de vrouw op mijn gemak vanuit mijn slaperige ooghoek: Ze komt me zo bekend voor! ‘Zij is zoals ik, een heksje, ik zie het, ik zie het,’ zingt het in mijn hoofd.

Even later is ze weer tussen die honderden onbekenden verdwenen. We zijn klaar met wandelen. Het is tijd voor de lunch.

Diezelfde avond maak ik kennis met mijn familie. De roodharige jongedame zit er ook in. Wat een toeval. We hebben direct een klik.

Halverwege de retraite omhelzen we elkaar voor het een of ander. Er wordt behoorlijk wat afgeknuffeld daar in Plum. Vooral in onze onvolprezen familie. Mijn nieuwe zuster draagt een knalgroen jack.

‘Wat staat die kleur groen je goed. Je zou eigenlijk een lange zijden jurk in die teint moeten hebben,’ flap ik er spontaan uit. ‘Ik heb precies zo’n zijden jurk in de kast hangen,’ denk ik er achteraan. Maar ja. Daar heb ik nu niks aan.

De laatste avond van de retraite worden we vermaakt door de monniken en nonnetjes. Ze treden voor ons op samen met een aantal leken. We zitten op het Boeddhaveld, terwijl de avond valt. Overal branden lampionnen en kaarsjes. Het podium is schitterend versierd. Een gigantische lotus vervaardigd uit bamboe vormt het ‘achterdoek’…….

Heks zit met haar eigen Mahakatyayana familie. We leunen tegen elkaar aan en doen lekker klef. Het is onze allerlaatste avond. We gaan elkaar enorm missen. Nu kan het nog…….

Halverwege het programma haakt het grootste deel van de familie af. Ze gaan naar bed. Morgen moet iedereen aan de bak. Autorijden of eindeloos met de bus. De treinen staken helaas. Sommigen van ons zijn al een dag eerder vertrokken om hun vliegtuig te halen……

Heks en haar roodharige vriendin Meermin blijven echter wachten op de hartsoetra. Die wordt driestemmig uitgevoerd is ons beloofd. Dat willen we niet missen!

Het duurt en duurt. Ik ben doodmoe intussen. Maar vervelen doe ik me niet: Het ene geweldige optreden na het andere volgt. Net als ik op het punt sta om toch weg te gaan is het dan eindelijk zover. We worden getrakteerd op een prachtige vertolking van de hartsoetra!

Meermin en Heks zitten in lotushouding naast elkaar te luisteren. We laten we het helemaal binnenkomen. Vooral de zeker vijf minuten durende doodse stilte na afloop. Zit je daar met honderden mensen en niemand geeft een kik. Dat geeft pas een kick!

Op weg naar ons eigen klooster in mijn kanariepiet kletsen we een beetje. We zijn kapot moe en het is al behoorlijk laat. Voor deze plek dan. ‘Oh, maar ik ben met mezelf getrouwd,’ roep ik enthousiast naar aanleiding van ons onderwerp. Dat ik nu volledig kwijt ben.

‘Ik ook, ik ook,’ lacht mijn vriendin, ‘Kijk maar, ik heb ook een trouwring.’ Ze duwt haar  vinger onder mijn neus. Een prachtige gouden stersaffier schittert me tegemoet. ‘Ik ook, ik ook,’ schreeuwt Heks helemaal wakker nu. Ik laat mijn trouwring zien. Een veelkleurige edelopaal! Ongelofelijk. Ze is echt net zoals ik. Dat had ik toch maar goed gezien die eerste keer!

Afgelopen zaterdag zoekt Meermin me op. Ze is een aantal dagen in Nederland. ‘Mijn hotel is in Hugh, is dat ver bij jou vandaan?’ Nee, Den Haag ligt tegen Leiden aan!

Zo haal ik mijn roodharige zielzuster van het station. We rijden naar het hondenstand in Noordwijk met mijn hondje. Het is heerlijk weer. We wandelen en zwemmen. Drinken thee en kletsen. Gaan ergens lekker lunchen!

‘Weet je nog, dat ik het over een groene zijden jurk had, die je zo geweldig zou staan?’ Ze kan het zich herinneren. We hebben het vandaag ook al over synchroniciteit gehad. Een begrip, dat ons beiden na aan het hart ligt. ‘Ik dacht toen bij mezelf: Ik heb thuis zo’n jurk. En later realiseerde ik me, dat je naar Nederland zou komen. Een prachtige gelegenheid om eens te kijken of die jurk je past……’

Heks tovert een pakje tevoorschijn met daarin de bewuste dreamdress. ‘Het is een ongelofelijk romantisch geval. Dus je moet echt eerlijk zijn, hoor. Als je het niks vindt: Gewoon zeggen.’

‘Ook heb ik em gerepareerd. Hij is dan wel gloednieuw, de stof is zo delicaat, dat er wat stiksels los hadden gelaten……..’ Ik geef niet graag iets, dat kapot is.

‘Ja, ik zal eerlijk zijn,’ begint Meermin. Dan slaakt ze een kreet. ‘Oh, wat een prachtige jurk!’ Snel past ze em over haar zwempak heen. Heks maakt de schouderbandjes op maat. Die moeten behoorlijk worden ingekort, want ze zijn afgesteld op mijn apenarmen. Maar verder past ie perfect! De jurk zit als gegoten. Hoera!

Mijn vriendin danst over het strand in haar zeemeerminnenjurk. Ze ziet er fantastisch uit.

Heks moet inwendig gniffelen. Als ik in Plumvillage toen niet spontaan vanuit het blinde niks over een groene zijden jurk was begonnen was dit allemaal niet gebeurd. Wat is het leven toch grappig als je last krijgt van synchroniciteit!

Niet dat het altijd zo mooi uitwerkt. Sommige mensen hebben een broertje dood aan dit fenomeen. Zelfs al dansen ze plots op magische wijze om elkaar heen, begeleid door hemelse klanken, dan doen ze toch snel hun ogen en oren dicht. Of erger nog, hun hart.

Dus dit verschijnsel op zich is niet zaligmakend. Dat heb ik door schade en schande nu eindelijk wel geleerd. Sommige mensen zijn ziende blind en horen met dove oren.

Maar wat heerlijk als het wel gewoon stroomt en is. Als de wonderen de wereld niet uit zijn. Als de werkelijkheid er eentje is van warme boventonen. En frisse onderstromen. Als meer meerminnen via die verse stromen je leven binnen zwemmen. Als, als…….

Ja dat!

Zichtbaar zijn of onzichtbaar. Dat is de vraag vandaag. Doe ik mijn magische Harry Pottermantel aan? Geen idee natuurlijk of het me leuk zal staan. Je veld inkrimpen of uitbreiden? Het is zo oud als de weg naar Kralingen. Het is van alle tijden…….

‘Heks, ik zag je vanmorgen door de eetzaal glijden: Je was min of meer onzichtbaar. Hoe doe je dat?’ Mijn Joodse familielid de dharmateacher kijkt me verwachtingsvol aan. Haar ogen twinkelen. Ze heeft haar vesica piscis bepaald niet in haar achterhoofd zitten.

‘Ik trek mijn veld in,’ mijn antwoord is simpel, ‘In de ochtend voel ik me altijd super belabberd. Dus dan ben ik liever onzichtbaar.’ We grijnzen naar elkaar. ‘Volgens mij weet jij ook heel goed hoe je je veld moet uitbreiden,’ grapt ze vrolijk terug.

Het is zo. Als ik goeie zin heb vult mijn veld met het grootste gemak een voetbalstadion. Mijn veld is geenszins anders daarin dan jouw veld. Of het veld van Sinterklaas.

Daarom is de ene Klaas de andere niet. Niet iedereen is bedreven in het manipuleren van zijn energetische veld. Een grijze muis met een mijter is niet genoeg voor een geslaagde intocht.

Oh jee. Nu ben ik over Sinterklaas begonnen. Een heikel onderwerp. Snel vergeten maar weer.

Andere familieleden zijn om ons heen komen staan. Dit vinden ze toch wel een interessant praatje. ‘Het werkt een beetje zoals die onzichtbaarheidsmantel van Harry Potter,’ ginnegap ik opgewekt. Dat gaat erin als koek. En het is niet eens gelogen!

‘Ik zal je uitleggen hoe je altijd beeldschoon kunt zijn als je er zin in hebt,’ zegt Heks jaren geleden tegen een logerend nichtje. Ze is overigens al een plaatje. Maar enorm onzeker helaas.

Het meisje is reuze benieuwd, maar het antwoord valt haar dan weer tegen. Heks heeft het over velden en de Godin in je laten dansen. Het beste schoonheidsmiddeltje dat er bestaat!

‘Jij bent gewoon mooi als je er zin in hebt,’ de foute Algerijn is het ook opgevallen. Dit wanproduct van mijn liefdesleven heeft me dan toch een prachtig compliment gegeven! Want het is zo. Ik kan eruit zien als een ouwe gymschoen en tien minuten later oog ik als een model met mijn veranderde veld.

De Don kan het ook heel goed. Het aanbrengen van lagen parfum en het uitdijen van zijn energieveld gaan hand in hand. Een mooi pak erbij om het af te maken. Zijden stropdas als focuspunt……

Als wij samen op stap gaan hebben we dan ook veel bekijks. Vorige zomer liepen we langs de artiestenuitgang van de Schouwburg. Een medewerker kwam naar buiten en viel bijna flauw van verbazing op het plaveisel.

‘Ik heb toch echt veel voorbij zien komen, echt wel. En ik ben dus wat gewend. En om die artiesten met hun enorme ego kijk je bepaald niet heen. Dus. Maar wat heb ik nu aan mijn fiets hangen? Wat is dit? De koning en de koningin van Sheba soms? Nog nooit zoiets gezien hier in de straat…….’

Ik fiets dagelijks langs hetzelfde punt, maar met ingetrokken veld. De man herkent me dus niet eens.

‘Ik herkende je niet, Heks,’ hoor ik dan ook regelmatig als ik incognito mijn hond uitlaat, ‘Zeker omdat je geen hoed ophebt…’ of iets dergelijks volgt er dan. ‘Ja, dat zal het zijn,’ laat ik iedereen in de waan: Ik heb gewoon mijn veld verkleind……

Kletspraat over velden is maar aan weinigen besteed. Aan mijn familielid uit Jeruzalem bijvoorbeeld. Van wie ik vermoed, dat zij dat kunstje ook prima kan……..

Pech onderweg is niet voor watjes zeg. Heks koopt op de valreep een knalgeel fluorescerend jasje en dat is maar goed ook. Mijn voornemen nu eens op tijd om Parijs heen te zijn gaat op in rook. Ik kom dan wel voor hete vuren te staan, maar ik heb de soep heus heter gegeten. Uiteindelijk is het leven een groot avontuur. En: Vandaag loopt alles goed af!

Een paar dagen voordat ik naar Plumvillage vertrek haal ik de Don van het station. Strak in het pak stapt hij bij me in de auto. De koffer met nog meer pakken en hoeden gooien we achterin. In Huize Heks hangen ook nog eens een maatpak en een colbertje klaar. Hij komt deze maand wel door!

De volgende dagen ga ik door met het voorbereiden van mijn reisje. Afgewisseld met kletskous-sessies met mijn oude vriend. Zijn aanwezigheid werkt twee kanten op. Enerzijds houdt het me rustig, zodat ik mezelf niet voorbij hol. Anderzijds leidt het me geweldig af, waardoor sommige items uiteindelijk niet in mijn bagage terecht komen…..

Ergens onderweg naar mijn tassen neergelegd en vervolgens vergeten. Zo vergeet ik mijn toetsenbord, oplaadsnoer van mijn iPod-achtige apparaatje, bodylotion en zonnebrandproducten. Nou ja. Wat kan het schelen? Uiteindelijk zit ik evenzogoed met een gigantische berg teringzooi in mijn autootje.

Twee dagen voor vertrek breng ik VikThor naar zijn logeeradres. Hij wordt met open armen ontvangen door de hyperactieve zoon des huizes. Eindelijk iemand met meer energie dan mijn hondje! Wat zal mijn ventje het geweldig hebben hier!

 

De avond voor vertrek stouwen we mijn kanariepiet alvast vol. De Don sjouwt alles naar beneden en ik prop alles vakkundig in mijn bolide. Ik gooi knalgele dekens over mijn spulletjes en parkeer mijn karretje in een steeg om de hoek. Zodoende hoef ik de volgende morgen alleen maar een kop straffe koffie naar binnen te gieten en mijn tas met belangrijke paperassen in te laden.

Zo vertrek ik dan op een voor mij ongebruikelijk vroeg tijdstip. Het zonnetje schijnt. Ik zit werkelijk voor tienen op de snelweg! Om direct bij Rotterdam in een geweldig verkeersinfarct terecht te komen. Er is een vrachtwagen met spijkers omgevallen in de bocht op de ring. Hierdoor hebben tweehonderdachtenzestig auto’s een leuke lekke band gekregen. Het verkeer staat vast van hier tot Tokio.

Goeie hemel. Op het allerlaatste moment besluit ik dan toch maar over Barendrecht te rijden. Ik ben niet de enige met dit gezegende idee, dus ook hier sta ik uren vast. In de stromende regen en storm. Want het is ongelofelijk ellendig weer geworden intussen. Met grote moeite houd ik me staande tussen al het vrachtverkeer.

Via Zeeland kom ik alsnog in België terecht. En vandaaruit uiteindelijk in Noord-Frankrijk. Daar zie ik plotseling dat ik nodig moet gaan tanken, net op het moment dat ik langs een slecht aangegeven in het struweel verborgen tankstation kom. Helaas moet ik wel eerst vier banen oversteken en dat lukt niet meer. Volgende station dan maar……

Plotseling houdt mijn karretje ermee op. Precies waar de weg zich splitst. De rechterbanen gaan naar Calais en de linkerbanen naar Parijs. Heks staat stil op de kleine strook tussen deze voortrazende verkeersaders. Wat nu? Is mijn tank gewoon leeg of is er toch iets anders aan de hand? Ik bel met de ANWB.

‘U moet wachten op de franse verkeerspolitie. Zo is de wet, we kunnen eventjes niets voor u doen. U moet dit en dat nummer bellen en uw positie doorgeven, die staat op die paaltjes langs de weg, kijk maar goed, bladiebla….’

Heks zit intussen badend in het zweet in haar kleine voiture door stapels bagage heen te gluren of ze zo’n verrekt paaltje ziet. Maar nee. Precies op dit kruispunt der wegen zijn die dingen dun gezaaid. Ik zal eropuit moeten……..

Ik trek mijn net aangeschafte lichtgevende gele vestje aan en wurm me voorzichtig uit de auto.

Met gevaar voor eigen leven ga ik op zoek naar zo’n verdraaid paaltje. Goeie hemeltje, wat rijden ze hier hard. Links en rechts suizen enorme vrachtwagens voorbij. Na zo’n vijfhonderd meter ontwaar ik een paaltje in het struikgewas aan de overkant. Ik tuur me suf en stamp de nummers in mijn kop. Nu weer terug schuifelen…..Heks is blij als ze weer in haar autootje zit.

Een klein half uur later komen er franse mannetjes met een grote auto vol wegversperringsmateriaal. Snel zetten ze de rechterbaan af. Binnen een minuut staat er een gigantisch file. ‘Voor mij,’ glim ik tevreden. Zorg ik ook eens een keertje voor oponthoud.

Wat een opluchting.

Ik begroet mijn redders enthousiast. Ik prijs hun onverschrokken heldendaden hier ter plekke. ‘Ach,’ wuiven ze mijn complimenten verlegen van de baan, ‘We zijn het gewend…..’ Ze krijgen plezier in het geval, vooral als er allemaal mannen uit de stapvoets voorbijrijdende auto’s gaan hangen. ‘Bonjour,’ schreeuwen die naar een opgelucht lachende Heks met haar cowboyhoed en dito laarzen.

Mijn spijkerjurkje valt enorm in de smaak van dit onverwachte publiek. Mijn redders staan trots te lachen naar hun concurrenten. Opgewekt instrueren ze me over wat nu komen gaat. ‘Je wordt weggesleept. We mogen geen benzine in je tank gooien. Het is bij de wet verboden. Bovendien kan het ook iets anders zijn. Hopelijk. Anders moet je die sleepwagen zelf betalen…..’

 

Ze grijnzen me opgewekt tegemoet. O jee. Nou ja, ik ben allang blij dat het allemaal meevalt. Ik heb doodsangsten uitgestaan het afgelopen uur.

Even later arriveert de sleepwagen. De wieldop wordt van mijn achterwiel gelicht en in  no time staat mijn kanariepiet op zijn enorme grote broer te kwetteren. Heks zit al voorin de gigantische cabine van de wagen. Ik ben intussen in een prima humeur. Ik heb de grootste file veroorzaakt, die je je maar kunt voorstellen. En zelf rijden we vrolijk voor de meute uit.

Met een rotvaart jakkert de chauffeur door het franse platteland, tot hij in een stadje een schier onmogelijk manoeuvre uithaalt. Achteruit steekt hij zijn gevaarte door een poort. Plotseling staan we op het binnenplaatsje van een rommelig garagebedrijf met sleepwagen en al. De eigenaar van dit zootje ongeregeld gaat helemaal glimmen als hij Heks in het vizier krijgt. Ik heb een fan!

Even later duwen ze mijn karretje de garage in. Een leger mannetjes stort zich op de motorkap. Heks staat in het aangrenzende kantoor met haar nieuwe aanbidder. We kijken door de ruit naar de kluwen monteurs, terwijl hij met de ANWB belt.

Een besmeurde monteur komt binnen stuiven met de diagnose. De baas ratelt vervolgens in het frans tegen de man van de ANWB. Smijtend met terminologie, die ik niet ken.

Intussen knipoogt hij olijk naar me. Of heeft hij een vuiltje in zijn oog? Hij knippert en knijpt er op los. Dan geeft hij me de hoorn. ‘Het is uw benzineleiding. Het slangetje is losgeschoten. Geen wonder dat u opeens stil stond….’ toetert de man van de alarmcentrale in mijn oor, ‘Ze zetten er een nieuw slangetje op en dan kunt u weer verder rijden.’

De man met het vuiltje in zijn oog kijkt me stralend aan. ‘Ik heb er ook nog maar 10 liter benzine ingegooid,’ vertrouwt hij me toe. Dat begrijp ik. ‘Wat krijgt u van me?’ Ik kijk in mijn portemonnaie en geef hem vijftig euro. ‘Welnee,’ roept de man verontwaardigd, ‘Dat is echt veel te veel. Kijk,’ hij wijst naar een tientje dat ernaast ligt. Dat is ruim voldoende……

Voor de hele meute van de door mezelf  veroorzaakte enorme file uit tuf ik naar Parijs. Daar kom ik alsnog in een nieuw verkeersinfarct terecht, met een slakkengangetjes worstel ik me over die verduivelde Boulevard Périphérique. Hier heeft mijn vader wel eens een band staan verwisselen op een brug zonder fatsoenlijke vluchtstrook. Zo koel als een kikker. Het kan dus wel degelijk erger……

Na Parijs knal ik door tot Vierzon. Daar weet ik een lief hotelletje vlak bij de snelweg. Om kwart voor 11 ’s avonds bel ik aan. De deur zit al op slot, iedereen slaapt. Behalve de beeldschone zoon van de eigenaresse. Slaperig doet hij de deur open. Hij checkt me in en een half uur later lig ik ook op 1 oor. Eten doen we morgen wel weer. Nu eerst maar eens schandalig lekker slapen.

 

 

 

 

 

Heks en haar nieuwe zesennegentigjarige vriend ontmoeten elkaar alweer. Deze keer hangt meneer zijn mondharmonica in de wilgen. En trekt hij vervolgens een berk omver. Zeventien keer om precies te zijn. Ik doe het hem niet na.

Hawk-Eye!’ schreeuwt Heks vorige week zondag door het Leidse Hout naar de oude man met de rijst met krentenhond in de verte. Het is m’n nieuwbakken hondenuitlaatvriend. Vorige week werd hij 96, maar Heks was te laat op zijn feestje. ‘Ik had mijn thuiszorg tot drie uur, ik kon pas daarna. En toen was jij alweer gevlogen…..’ ik zoen hem op beide wangen en diep een cadeautje op uit mijn fietstas. 

‘Oh, eh, wat leuk,’ verbouwereerd pakt Hawk het pakje aan, ‘Het was niet echt druk hoor, een paar vrienden, meer niet. Jammer dat je het net gemist hebt…’ We wandelen door het prachtige edoch blubberige winterbos. Opgewekt keuvelt Hawk over zijn feestje.

De honden rennen achter elkaar aan. Ze kunnen het prima met elkaar vinden. We kuieren langs het grote veld. ‘Ik ben je naam vergeten, ‘ bekent mijn nieuwe vriend. Hij baalt er overduidelijk van, ‘Ik loop al de hele weg te prakkiseren wat het ook alweer was….’ Snel fris ik zijn geheugen op.

‘Heks, kom mee, ik ga je iets laten zien,’ Hawk beent voor me uit naar een uithoek van het Hout. ‘Ik doe altijd oefeningen hier, eerst trek ik dit boompje omver,’ Hij gaat met zijn volle gewicht aan een jonge berk hangen. Met ijzeren discipline vouwt hij de onwillige stam in een bocht richting grond. Ondertussen telt hij zijn verrichtingen. ‘1,2,3,4…… ik doe er altijd zeventien,’ snel kijkt hij opzij of ik het allemaal wel volg, ‘en 15, 16, 17.’

‘Zo, dan ga ik me nu opdrukken,’ opgewekt schuifelt Hawk naar het metalen toegangshek aan de kant van Oegstgeest. Het geval is slechts een meter hoog. Een soort sluis bedoeld om fietsers te ontmoedigen om het park in te gaan. Mijn bejaarde maatje zet zijn handen op de ijzeren reling en laat zijn lijf richting hek dalen.

‘1,2,3…’ snel checkt hij of ik nog bewonderend toekijk, ‘6, 7, … hier doe ik er ook zeventien, 13,14,15,’ hij puft niet eens. Zo. Zeventien. Zijn dagelijkse oefening zit er weer op. We wandelen een stukje verder tot het punt waar onze wegen scheiden.

rollatorrace

‘Kom een keertje koffie bij me drinken,’ stelt hij tenslotte voor, ‘Ik woon vlak bij het Groene Kerkje, ken je dat?’ Heks kent het. Een prachtig lief huisje Gods helemaal aan de rand van Oegstgeest. Ik zet zijn telefoonnummer in mijn mobiel en Hawk leert mijn telefoonnummer uit zijn hoofd.

Dezelfde avond belt hij me om te checken of hij het goed heeft onthouden. Ik ben helaas te moe om te praten. ‘Laten we aan het eind van de week iets afspreken. Ik kan mijn week nog niet overzien, we bellen nog, OK?’

Donderdagavond overleggen we telefonisch. ‘Ik zou morgenmiddag kunnen, maar wel pas om een uurtje of half 4,’ zeg ik. ‘Als ik me haast red ik het wel, ik moet in Noordwijkerhout competitie spelen,’ Hawk tennist nog steeds. Ongelofelijk toch? ‘Zaterdag kan ook. Ik moet dan eerst naar de fysiotherapeut. Maar daarna heb ik alle tijd…..’

We besluiten af te spreken in het Theehuis van het Leidse Hout. Dan kunnen we direct de hondjes uitlaten. Heks heeft zin in haar afspraakje. Hawk is gewoon een geweldig leuke man. Hij heeft al mondharmonica voor me gespeeld en voor me gezongen. Ook heeft hij zich al behoorlijk uitgesloofd met zich opdrukken en bomen omver trekken. Waar vind je dat nog, zo’n superman? Het is niet van deze tijd!

Honderdjarige pakt goud op de sprint….

Winter in ons landje, jongens wat een mop: Alle hoge bomen hebben hoedjes op! Wit de hoge daken! En de zwarte spreeuw lijkt wel tien keer zwarter in de witte sneeuw…… Vrij naar een jeugdliedje.

toverheks.com

toverheks.com

Zondagmorgen kijk ik uit het raam naar een andere wereld. Een witte deken ligt over de stad. Een eindeloze stroom grote vlokken vliegt langs mijn raam. Snel schiet ik wat kleren aan. Ik moet nodig naar buiten met mijn hondje. Wat zal hij verrast zijn! Hij heeft nauwelijks sneeuw meegemaakt in zijn prille leventje. Je kunt in feite spreken van een primeur.

toverheks.com

toverheks.com

Als ik de deur uit stap lig ik direct op mijn plaat. Het is spekglad. Voorzichtig schuifel ik door de glibberige steeg. Val nog eens bijna. Getver. Mijn lijf is niet meer berekend op dit soort omstandigheden. Als ik niet uitkijk vliegt er van alles uit de kom. En ik moet absoluut niets breken! De ellende zou niet te overzien zijn…..

toverheks.com

toverheks.com

VikThor gaat helemaal uit zijn bol. Vrolijk dartelt hij door de steeg. Er is geen verkeer, dus hij loopt lekker los. Alle honden lopen los vandaag! En ze zijn allemaal door het dolle. Met enige regelmaat ligt mijn ventje enthousiast te rollebollen met een soortgenoot.

toverheks.com

toverheks.com

Heks is intussen helemaal doorweekt. Natte sneeuw kleddert om mijn oren. Een uurtje later vluchten we het huis weer in. IJzige neerslag vliegt intussen horizontaal mijn capuchon in. Mijn kop lijkt wel die van een sneeuwpop!

toverheks.com

v

Aan het eind van de middag wordt het eindelijk droog. Een dik pak poedersuiker ligt over onze verdorven wereld. Duistere gedachten worden weggemoffeld onder die laag bevroren onschuld. Dit hemelse glazuur smaakt rauwe bonen zoet.

Heks raakt in een superhumeur. Opgewekt schuifel ik door mijn geliefde Leidse glibberstad met z’n fraaie besneeuwde trapgeveltjes. Heks is niet de enige met een hoedje op haar kop vandaag! Huizen, bomen en medemensen: allemaal hebben ze een mutsje op!

toverheks.com - 4 (10)

Ik ploeg door de besneeuwde berm langs de Singel. Fotografeer alle sneeuwpoppen in het Van Der Werfpark, terwijl VikThor er een plasje tegen aan gooit…….

Maandagmiddag ben ik alweer op pad. Eerst worstel ik tegen een bescheiden sneeuwstorm in. Daarna laat ik me weer naar huis blazen.

toverheks.com

toverheks.com

Onderweg kom ik een moeder met zoon tegen. Het jong heeft een fabeltastisch  sneeuwballenapparaat paraat. Binnen een halve minuut krijg ik vijfentwintig exemplaren in mijn nek. Het ventje is te jong om hem verbaal op zijn donder te geven, maar oud genoeg om te begrijpen dat dit natuurlijk niet kan. Een oude weerloze taart genadeloos en eindeloos bekogelen…..

‘Gooi ze maar voor mijn hondje, die doe je er echt een plezier mee,’ leid ik de aandacht af van zijn jeugdig bevlogen edoch strontvervelende sneeuwballen-offensief richting Heks. Zijn moeder haalt opgelucht adem, want haar dierbare zoontje is onder haar ouderlijk appel vandaan geglipt. ‘Goed idee,’ grinnikt ze, ‘en het werkt nog ook!’

toverheks.com

toverheks.com

Eindeloos gooit het kereltje zijn perfect gevormde sneeuwballen door de lucht. VikThor rent erachteraan en stort zich met overgave in die witte deken in een poging de uiteenspattende ballen te traceren. ‘Kan ik je zoon niet af en toe lenen?’ grap ik tegen de moeder. ‘Ja, roep maar wanneer,’ giebelt ze terug. Intussen staan we dit wonderschone tafereeltje allebei verwoed te filmen.

Een leuke moslima heeft zich bij ons gevoegd. Een geweldige kletskous. ‘Ik ben dol op de sneeuw, tja, ik ben een Berber, ik ben wel wat gewend’ verklaart ze haar aanwezigheid in dit oerhollandse landschap, ‘Ik loop al uren te wandelen. Ik maak foto’s en filmpjes, geweldig toch, dit weer!’

Pas als we alledrie ongeveer in een ijspegel zijn veranderd nemen we afscheid. VikThor en zijn nieuwe beste vriend hebben nergens last van. Wat is dat toch met jonge wezens? Dat ze het nooit koud hebben? Heks lag als kind hele dagen in het buitenbad van Zwembad de Vliet. Weer of geen weer. Het maakte me niets uit.

Tevreden sukkelen we even later weer terug naar de binnenstad. Ik kan nauwelijks meer op mijn benen staan. Wat een geweldige middag weer. Mijn lijf houdt er niet meer van, maar oh, wat hou ik toch van de winter. Sneeuw en ijs: Instant geluk!

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

toverheks.com

Wie was er eerst? Kip of ei? Vikthor is er als de kippen bij! ‘Kip, ik heb je!’ bezorgt me de schrik van mijn leven. En waar is die kip vervolgens gebleven? En wat doet Heks? Zit zij op stok? Nee ze bevrijdt al zingend haar inner cock! Hoeft die haan nooit meer voor het zingen de kerk uit!

toverheks.com

Zondagmorgen vroeg gaat de wekker. Verschrikt schiet ik overeind. Voor ik het weet zit ik slaapdronken op de rand van mijn bed. Waar is de brand? Wie is er dood? Waar ben ik?

Langzaam sijpelt de grauwe werkelijkheid mijn bewustzijn binnen. Hoewel grauw? Vandaag geenszins! Ik ga namelijk lekker Indiaas zingen. Daarom ben ik zo godvergeten vroeg uit de veren.

Zorgvuldig zie ik erop toe, dat ik met mijn goede been uit bed stap. Vandaag zet Heks haar beste beentje voor. Maar eerst: Koffie! Het liefst een hele sloot. Anders heb ik sowieso geen poot om op te staan.

toverheks.com

Na die overdosis opwekkende toverdrank met pijnstillers zie ik er geen been in om mezelf  onder de douche door te gooien. Het is bedoeld om mezelf nog eens extra wakker te schudden.

Het effect is echter totaal anders: Eigenlijk vind ik het nu al mooi geweest, maar de dag begint pas. Eventjes doorpakken dus. Kleren aan, boterhammetje in mijn klep duwen, kwast over de bleke kaken, dieren verzorgen…….

Even later zit ik in mijn kanariepiet op de snelweg. Het is heerlijk rustig op dit tijdstip. Als een speer zoef ik richting Rotjeknor. Onder aan de ring hangt een vergeten lintdorpje. Opgeslokt door de nieuwbouwwijken van de Maasstad. Heks is op weg naar een klein dijkhuisje aan dat lint. Even over tienen parkeer ik voor de deur. Het feest gaat beginnen.

toverheks.com - 3 (12)

Als ik het souterrain binnen kom zitten er al een paar mij bekende en onbekende dames op de grond te zingen. Hun stemmen afgedaald tot het laagste register. Ik laat me op een kussen zakken en begin mee te zoemen. ‘AaAaaaaaaaaaaAAaaaaaaaaaaaAaaaaa,’ vloeit mijn geluid in het geheel.

Onze stemmen vullen de ruimte. De Tanpura riedelt ritsen boventonen. Een gordijn aan klank daalt op ons neer. Een hele tijd zitten we zo te zingen. Stemmen we ons af op onszelf, op elkaar….. ‘Zouden meer mensen moeten doen,’ schiet er door me heen, ‘De wereld zou een betere plek worden!’

Vandaag beginnen we opeens aan een nieuwe compositie. Of eigenlijk gaan we door na een weekend? Huh? Oh ja. De dames zijn een weekendje weg geweest onlangs. Heks laat zulke dingen aan zich voorbij gaan, veel te  vermoeiend allemaal. Maar toen zijn ze dus aan dit stuk begonnen.

toverheks.com

Release your inner COCK!!!!!!!!

‘Je kent het wel, Heks, we hebben deze raga lang geleden al een keertje gedaan,’ aldus mijn juf. Maar ik weet van niks. Al klinkt de outline me vaag bekend in de oren met de verlaagde re en dha.  Die je alleen heel kort zingt als de melodie daalt. In stijgende lijnen kom je die twee helemaal niet tegen……

Hoewel het dus allemaal nieuw voor me is zit ik geweldig lekker te zingen. Rond en vrij. Joechei. Het maakt me blij.

toverheks.com - 1 (23)

Als we gaan improviseren ga ik lekker los. De bitches moeten enorm lachen. Vooral mijn aloude zangmaatje Meiske. ‘Je inspireert ons Heks, door jou durf ik ook steeds meer. Ik riep laatst in dat weekend tijdens een improvisatie oefening, dat ik mijn innerlijke ‘Heks’ ging bevrijden, to release my inner cock, bij wijze van spreken dan. Maar dat klinkt natuurlijk wel heel raar, had ik even niet aan gedacht! Hahaha!’

‘Hihihi, dhrupadbitch bevrijdt haar innerlijke penis, heheheh, hahaha, giebeldegiebel…..’ zitten we eindeloos te lachen. ‘Haha,’ hikt mijn juf, ‘Je had dat gezicht van Meiske moeten zien, toen ze dat zei waar al die mensen bij zaten, die jou en je gekke voornaam niet eens kennen! Zo serieus, totdat ze zich realiseerde wat ze nu eigenlijk echt zei!’

Al lachend gaan we naar boven, waar ons een heerlijke Indiase maaltijd wacht. De hele tafel staat vol met loeihete pickles, een grote pan Dahl, een rijke salade en natuurlijk ook nog witte rijst.

toverheks.com - 3 (11)

We zijn met een behoorlijk gezelschap vandaag. De leraar van de man van mijn juf is er ook met zijn vrouw. Overgekomen uit Zwitserland! Hij gaat ons vanmiddag lesgeven in die complexe ritmes en begeleiden op de Pakhawaj.

Het ritme van vandaag is niet al te ingewikkeld blijkt. Ik ben erger gewend. Klap open, klap open klap klap klap, tiete gatte gadie gana. De middag vliegt voorbij. Aan het einde doen we nog eventje de compositie Demaruh Harre Karre. Ha, die kan ik me wel herinneren: Het was de eerste raga, die ik ooit heb geleerd.

‘Je hond heeft een kip gepakt,’ als ik weer boven kom krijg ik de schrik van mijn leven. Mijn makkelijke en zeer gehoorzame hondje is zomaar onder het appèl van de dochter van de juf uit gefloept. Achter een kip aan!

De schat is helemaal ontdaan. Zij is stapeldol op mijn hondje. En vice versa. Zodra ik mijn neus laat zien in Barendrecht gaat ze met hem aan de wandel. Tot wederzijds genoegen. ‘Normaal gesproken staat hij direct naast me als ik hem roep, maar nu liet hij me mooi kletsen!’

toverheks.com - 1 (24)

‘Ik kon hem totaal niet meer bereiken, Heks, hij werd echt helemaal wild. Die kippen liepen los in een tuin hier verderop. Opeens had hij er echt eentje te pakken. Overal witte veren…..’ Gelukkig waren de eigenaren wonderbaarlijk relaxed. Toch gaan we even navragen hoe het met de kip is. Of die kolerekip nog onder ons is…….

‘Oh, het gebeurt wel vaker, hoor,’ lacht de kippenvrouw opgewekt als ze de voordeur opendoet, ‘dat is het risico als je ze lekker los laat lopen. Met enige regelmaat stormt er een hond hier de tuin in! Die kip zit alweer in een boom te tateren.’

toverheks.com - 2 (12)

Ook haar man is totaal niet onder de indruk van mijn monster. ‘Dus er is echt niets aan de hand?’ Nee, ook bij nadere inspectie was er geen bloed of andere schade te bekennen op die paar verloren veren na. Gelukkig maar.

Opgelucht rijd ik wat later weer richting Leiden. In no time ben ik thuis, het grote voordeel van rijden op zondag. Op een paar zondagsrijders na (!) is er niemand op de weg. Ideaal!

toverheks.com

 

 

Die Jahreszeiten van Haydn klinkt behoorlijk kakofonisch tijdens de eerste repetitie met orkest. M’n oren tuten nog uren na. Maar ja. Ik zit dan ook opgevouwen tussen een klarinet en een schuiftrompet. Enigszins bedwelmd door de in het heetst van de strijd uitgestoten lichaamswalmen.

Zaterdag hebben we een oefendag met het koor. Tussen tien uur ’s morgens en een uurtje of drie ’s middags zingen we de hele Jahreszeiten door. Van achter naar voor, een persoonlijke voorkeur van onze dirigent.

Om een uurtje of tien sukkel ik de zaal in. Ik installeer me op mijn stoel met een mongoolse muts op mijn kop. En een bijpassende wollen deken om mijn schouders. Allemaal werk van de hand van Anna Rotteveel. Het staat heel apart en opvallend. Mooi. Dat leidt lekker af van mijn grafkop.

Beverig en bibberig zit ik het eerste deel uit, maar rond de lunch knap ik dan toch op. Ik krijg weer een beetje praatjes en flirt opgewekt met onze pianist. Ik frommel een broodje naar binnen en ga wandelen met VikThor. Die zit in de auto braaf op me te wachten.

Op kreukelige dagen met toch de nodige activiteiten moet ik mijn blafbeest  tussen de bedrijven door zijn broodnodige beweging geven. En dat lukt me aardig al zeg ik het zelf. Dartel rent hij voor me uit om de kerk heen. Achter de ramen zwaaien mijn vriendinnen uitbundig naar me. Alsof ik ze in geen tijden heb gezien. Haha. Ze zijn gewoon nieuwsgierig naar mijn hondje.

‘Jeetje, wat is hij groot geworden, Heks,’ verzucht Anna even later. Zij heeft hem alleen maar als pup gezien…..

download-45

Dinsdagavond oefenen we met orkest. Dat is altijd een enorme set back. Klinken we zaterdag nog overtuigend en to the point, terwijl we ons door de partituur galmen, vanavond is het opnieuw een worsteling. Om de juiste afstemming te vinden. Om te zorgen dat het 1 geheel wordt.

Zoals altijd vertrouw ik op onze onvolprezen dirigent. Hij maakt zich nooit druk. Blijft er lol in houden. Weet met een kwinkslag iedereen weer bij de les te krijgen. Houdt het absolute overzicht. Heeft een duidelijk einddoel voor ogen……

Na het inzingen loop ik naar mijn stoel. Goeie hemeltje. Ik zit ongeveer in het orkest. Weggepropt onder de oksel van de trombonist. Een dikke grove kerel met een pokdalige huid, het Chronische Slecht Humeur Syndroom en een grote bek, maar dat weet ik dan nog niet.

Vijf minuten later wel. Zodra ik me op mijn stoel heb laten glijden gaat de mafkees los. Alle alten zijn verbijsterd. ‘Wat een lomperik, Heks,’ sissen ze verontwaardigd in mijn verdrukte oren, ‘je zit wel erg in het verdomhoekje vandaag.’

Heks laat het maar voor wat het is. Ik ben moegestreden. Een gevecht met deze onbekende toeteraar staat niet bepaald op mijn to do list. Ik dien hem dan ook bot van repliek dat hij gemakkelijk dertig centimeter de andere kant op kan schuiven, waarop de lompe leiperd nog eens 10 centimeter mijn kant op komt!

Alle alten zetten grote ogen op. Ik zit het maar uit onder die stinkende oksel van zijn vettige geruite overhemd. Getsie.

Na de pauze is er opeens veel meer ruimte voor Heks. Stomverbaasd zie ik dat de botterik opeens wel die halve meter is opgeschoven. Hoe is dat nu opeens gebeurd? De man was niet van zins een duimbreed te wijken! Wie heeft dit voor elkaar gekregen?

‘Dat heb ik gedaan, Heks,’ zegt mijn maatje Anna vastberaden. Laat hij maar opkomen, die lompe kerel, schieten haar blauwe ogen vuur. Deze hoogbejaarde nachtegaal is toch maar mooi voor Heks in de bres gesprongen!

De andere alten zijn stomverbaasd als ze de metamorfose van mijn zitplaats zien. ‘Heeft Anna gedaan…..’ grijns ik. Een daverend lachsalvo is het gevolg. Haar kordate aanpak van die beer van een vent is zo komisch, het werkt op onze lachspieren. Grinnikend begin ik aan de tweede helft van de avond.

Oh, oh, wat is het toch heerlijk om hieraan mee te werken. Het is wel erg hectisch zo tegen een uitvoering aan. En ik zit nu net in een extra beroerde periode met mijn lijf.  Maar wat word ik gelukkig van het bezig zijn met zoiets moois en bijzonders.

Tijdens ‘Ach, das Ungewitter nahtkijk ik eens goed om me heen. Wat een kakofonie aan geluid! Hoe is het mogelijk dat we allemaal toch min of meer gelijk aan het einde van het stuk belanden? Wunderbar!

Dat komt door onze onvolprezen dirigent. Opgewekt schaaft hij aan overgangen. Zet puntjes op de i. Maant het orkest aan om wat zachter te spelen. Goh, nu hoor ik mezelf opeens weer.

En ja hoor, warempel. Na enige tijd begint het echt ergens op te lijken. Ik zit heerlijk te zingen op mijn stoel. Omdat ik nu weer wat ruimte heb kan ik lekker voorop mijn zetel gaan zitten, op mijn zitbotjes. Een methode overgehouden aan jarenlang boventonen zingen gezeten op een houten krukje. Mijn manier van staan tegenwoordig.

‘Ga je tijdens de uitvoering wel staan, Heks?’ vraagt een alt na afloop. Ja, normaal gesproken wel. Maar deze keer weet ik het niet zeker. Ik ben al blij als ik er bij ben, want het is maar naadje met de energie. ‘Ja hoor. Als het even kan wel,’ roep ik echter onbezorgd.

Wie dan leef, wie dan zorgt.

Nog anderhalve week en dan is het al zover. Ik moet intussen wel een beetje gaan sparen met mijn energie…..

Maar niet vandaag, Vanmiddag ga ik door de duinen wandelen met Saar. Gaan we onze hondjes weer de tijd van hun leven bezorgen.

Er zijn nog kaarten verkrijgbaar op de site van Ex Animo.

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

‘Ben je boos, pluk een roos, zet em op je hoed, dan ben je morgen weer goed,’ is prima advies voor diegenen onder ons, die wel eens een hoofddekseltje op hun kwaaie kop planten. Heks boft maar met die hobby. Ontmoeting met pisnijdige boze fee: Alsof ik in de spiegel naar mijn toekomst kijk! Best even schrikken!

Vrijdagmiddag ga ik mijn glutenvrije broodje halen in de natuurwinkel. Bij binnenkomst struikel ik bijna over een mij bekend hondenvrouwtje. Oh jee. Het is een beste meid, maar als ze eenmaal tegen me begint te praten houdt ze nooit meer op. Ook vandaag begint ze een waar offensief, zodra ik haar begroet heb.

‘Oh, ben jij het, ik had je niet herkend, ben je soms afgevallen?’ Dit gebeurt me wel vaker als ik onder al mijn jassen, mutsen en dassen vandaan kruip: Opeens blijft er weinig Heks over! Het volgende onderwerp wordt al door de winkel gesmeten. Alles wat ze zegt heeft een verontwaardigde ondertoon. Ook vind ze heel veel dingen die ik doe, zo niet alles, maar niks.

Mijn geliefde hondenfluisteraars in de Ardennen? Zuipschuiten volgens haar. Mijn oude jachttrainer? Te erg voor woorden. De club waar ik nu train? Volstrekt waardeloos.

‘Ik ben nog wel op zoek naar een leuke jachttraining, ik was ergens begonnen, maar die vrouw wilde alleen privélessen aan me slijten. A raison van 50 euro per 45 minuten. Ze deed het voorkomen alsof ik daarna in een groepje kon instromen, maar dat was slechts een worstje voor mijn neus……….,’ wil ik vertellen. Ik kom niet verder dan de eerste paar woorden.

‘Jij bent toch veganist!’ roept ze verontwaardigd, ‘Jij gaat toch zeker niet jagen?’ Het wordt doodstil in de natuurwinkel. De shop waar nog geen garnaaltje dood gevonden wordt. ‘Ik ben helemaal geen veganist. Zelfs geen vegetariër. Ik eet gewoon vlees…..’ klinkt mijn heldere stemgeluid opgewekt tussen de schappen met soja en linzen.

Een gewaagde uitspraak in deze contreien.

‘Zal ik je eens een ongevraagd advies geven?’ stiert de hondendame er opnieuw ongevraagd  tussen door, ‘Je moet naar Huppeldepup voor jachttraining, want die is zo goed en wel hierom en daarom,’ streng kijkt ze me aan. Haar kwaaie fanatieke gezicht in opperste concentratie. Ze herhaalt de naam nadrukkelijk, een keer of tien, maar toch ben ik em intussen alweer straalvergeten.

In het kader van mijn pogingen om mijn woede te lijf te gaan is dit een zeer interessante ontmoeting. Telkens al ik deze vrouw tegenkom zuigt ze zich aan me vast met allemaal vreselijke verhalen en bozige aantijgingen. Ik kom nauwelijks van haar af. Om die reden loop ik echt wel eens een flink stuk om als ik haar in de verte spot.

‘Ik wil geen verzuurde oude kankerpit worden, daarom moet ik echt iets met die in mij brandende woede doen,’ vertel ik mijn tijdelijke familie tijdens mijn verblijf in Biezenmortel. En hier staat dan zo’n zure doos voor me. Al kankerend op alles en iedereen.

Het zijn geen zaadjes van woede meer in haar, die een beetje water hebben gekregen en daardoor zijn opgekomen: Nee! Ze is de levende razernij zelve! Haar tuin is overwoekerd door venijn. Nergens meer een beetje zoete vreugde of de zon, die in het water schijnt. Geen water bij haar wijn.

Wijn is sowieso natuurlijk not done. Daar word je maar een zotte zuiplap van: Niemand kan iets goed doen in haar ogen. Iedereen krijgt bij voortduring de wind van voren!

Toch ben ik de mening toegedaan dat dit in feite een bovenstebest medemens is. Verstrikt in haar eigen verzuring. Vertrapt door haar niet aflatende woede. Opstandig tot op het bot. Haar hele gezicht staat in een stand van chronische verontwaardiging. Haar stem klinkt hard en verongelijkt uit een boze streep mond.

Heks kijkt in de spiegel van wat zou kunnen komen, als ik niet ga zorgen voor mijn nijd. Dan word ik ook zo’n zure meid. Dus vooruit met de geit. Ik wil mijn medemensen niet kwijt! Als ik mijn last niet verlicht krijg ik spijt!

‘AND YOU ARE CLOSER TO ME THAN EVER, BECAUSE I LOVE MYSELF MORE….’ Zingt een nonnetje uit Plumvillage op de achtergrond. Liefde moet ons redden van onszelf.  Liefde moet onszelf redden.

Een wensdoos is eigenlijk een noodzakelijk stuk huisraad als je het goed bekijkt: Je stopt je wens er in en hij komt altijd uit! In elk geval uit de doos. Een schot in de roos is de speciaal voor Kras vervaardigde tarottige versie van dit beproefde heksenconcept. Lang leve de fröbelfee. Die brengt altijd veel vreugde mee!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

‘Heks, kom je morgen eten?’ schettert Kras opgewekt in mijn oor, ‘Ik ben lekker aan het koken.’ Nog voor ik kan antwoorden ratelt ze enthousiast verder. ‘Ik ben ook aan het fröbelen geslagen naar aanleiding van jouw wensdoos. Haha, zeer inspirerend. Ik ben aan een juwelendoosje begonnen voor de kleine prinses!’

Oh, de Afrikaanse koningsdochter. Dat heerlijke verrukkelijke zalige juweel van een kind. Die ken ik wel! Ha. ‘Zal ik wat fröbelspulletjes meenemen? Dan ga ik ook aan de slag.’ ‘Ik heb van alles hoor, ik heb de Action leeg gekocht…. Maar wat voor’n lijm gebruik jij? Ik heb super leuk gekleurd plaktape, maar het blijft voor geen meter zitten…..’

‘Oh, nou, ik heb hobbylijm, maar ook boekbinderslijm. Tevens iets wat het midden houdt tussen lijm en vernis. Daar kun je superleuke dingen mee doen. Dan is er nog mijn lijmpistool. Hij is een beetje op zijn retour na 25 jaar trouwe dienst, maar een nieuw exemplaar van die superieure kwaliteit kan er eventjes niet af. Voor sommige klussen echter is hij de aangewezen kleefmeester!’

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Heks is gepokt en gemazeld in allerlei knutselpraktijken. Jarenlang heb ik het beroepsmatig gedaan. De meest saaie klusjes vaak met interessante uitschieters waar ik dan mijn creatieve ei in kwijt kon. Maar ook in mijn frivole theatertijd draaide ik mijn hand niet om voor het bouwen van decors of het maken van attributen.

Moest er een paard komen, waar je met 2 man in kon rondspringen? Binnen een dag? Zonder budget? Heks kreeg het voor elkaar…….. De kont van het paard is me nog steeds dankbaar. Ik zie haar nog wel eens op feestjes en partijtjes…. De kop heeft me nog jaren aangestaard in mijn keuken. Met een grote roze tong bengelend tussen enorme gele tanden.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Wat haar ogen zien kunnen haar handen maken is zeker op mij van toepassing geweest. Nu niet meer. Nachten doorhalen is er niet meer bij.

De laatste tijd ben ik echter weer bezig met het maken van heerlijke onnodige en overbodige onontbeerlijke fröbelwerkjes. Samen met Saar heb ik eerst een moodboard gemaakt. Daarna vond ik een hele kist met geprepareerde doosjes in mijn werkkamer. Klaar om te worden onder gekliederd. Zodoende zijn we daarmee aan de slag gegaan.

In mijn boekenkast vond ik vervolgens een heel boek met cadeaupapier. En wat voor’n cadeaupapier! Allerlei verschillende tarotkaarten worden erop afgebeeld! ‘Oh, eigenlijk moet ik dit boekje aan Kras geven,’ roep ik direct uit. Zij verzamelt Tarot decks. Ze heeft er al zeker 60! Dan krijg ik een beter idee. Ik maak een wensdoos voor mijn vriendin.

Na weken fröbelen is ie dan eindelijk klaar. Vorige week geef ik em aan haar. ‘Wat prachtig, Heks, zo mooi. Het is een deck van de Viscontifamilie, uit de 16e eeuw, dat weet ik zeker. Kijk, het staat fout in jouw boek! Ik probeer al jaren een replica te pakken te krijgen. Die zijn verschrikkelijk duur…….’ Een schot in de roos dus.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Nu gaan we dan saampjes aan de slag. Zaterdagmiddag tegen half zes kom ik eindelijk eens op de proppen met een tas vol lijm en mooi papier. En een nieuw te beplakken doosje. Kras is druk aan het kokkerellen. Even later voegt ze zich bij me. Uren zijn we bezig voordat we met de hondjes gaan wandelen. Het is al hartstikke laat als we eindelijk eens gaan eten…….

‘Ik ben zo blij dat je gekomen bent, Heks, weet je dat het de eerste keer is sinds anderhalf jaar dat ik weer kook. Hier. In mijn eigen keuken!’ Mijn maatje kookt elke week voor haar oude tantetje in de hofstad, maar in haar eigen huis kost het nog steeds veel moeite sinds de dood van haar geliefde. ‘Voor mezelf koken is echt een stap in de goede richting, maar ik moet wel een enorme hobbel nemen….’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Wat fijn om zo bezig te zijn. Ik heb dan niet veel spierballen meer en nauwelijks uithoudingsvermogen. Mijn probleemoplossende vermogens grenzen echter onaangetast aan het onwaarschijnlijke. En laat dat nu zijn wat je nodig hebt om leuk en uniek fröbelwerk af te leveren!

‘Ik ben altijd blij als er dingen mis gaan, want dat betekent dat ik iets moet verzinnen om het op te lossen. En dat levert altijd de meest verrassende resultaten op!’ vertrouw ik mijn fröbelvriendinnetje  toe als we met onze tong tussen onze tanden zitten te frutselen.

Zou het goddelijke daarom de wereld zo geschapen hebben als ie deed? Zou het onvolmaakte onze Grote Moeder inspireren tot de meest fantastische creaties in haar eindeloos mooie schepping?

Ik denk het.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Het heilige helende onvolmaakte. Willem Wilmink heeft hij een mooi liedje over geschreven. Joost Prinsen heeft het op de plaat gezet. Lang geleden alweer. Maar nog steeds up to date……

Heks mag het graag zingen. Net als al die andere leuke liedjes van dit gouden duo.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Willem Wilmink

Ik wou dat ik genieten kon
Zoals andere mensen doen
Van een wandeling in de zomerzon
Van een bank in het plantsoen
Maar van zo’n bankje krijg ik jicht
En wandelen maakt me stijf
En ik zoek in ieder vergezicht
Naar een horecabedrijf

Ik wou dat ik een boodschap had
Aan wat mooi is en volmaakt
Maar ik hou veel meer van alles wat
In onbruik is geraakt
Van een vervallen boerenschuur
Van rails met onkruid overgroeid
Daar hou ik van, maar puur natuur
Vermoeit

En ik weet niet hoe ‘k dit rijmen kan
Met wat me gisteren overkwam:
Was ik langs een school gelopen
Stonden daar de ramen open
Hoorde ik de kinderen zingen
Kon mijn tranen 
Lang vergeten tranen
Niet bedwingen