Narrige Hofnar, narcistische narigheid, knorrige heksjes, knokige kniezers, kniezende kleuters? God houdt van iedereen. Ook van mij! Heks kan er met haar pet niet bij. Zelfs niet met mijn toverhoed. Maar het geeft moed, dit inzicht. Moed aan wanhopigen!

‘Heks, het valt toch wel mee dat chronisch slechte humeur van jou?’ Steenvrouw kijkt me nieuwsgierig aan. We zitten gezellig te dineren in mijn kleurige maar verre van keurige heksenkeukentje ergens in de laatste weken van het oude jaar.

Het gesprek gaat over al die woede, waar ik mee te dealen heb gehad de laatste jaren. We liggen dubbel van de lach, omdat ik het niet kan laten er de draak mee te steken.

Mijn machteloze eenzame scheldkanonnades richting vervelende voorouders, voormalige vermeende vrienden, stomme toevallige voorbijgangers en tegenwerkende trage voorwerpen hebben al bewezen weinig nut te hebben. En volgens sommige medemensen word ik daar nou zo ontzettend moe van. Niet van de ME.

‘Je hebt gelijk, lieve schat, ik bedacht me ook laatst, dat ik van nature helemaal geen kwaad wijf ben. Ik betrap mezelf praktisch elke dag op een goed humeur. Zit ik weer met een stralend gezicht op mijn vouwfiets. Geniet ik enorm van mijn gekke hondje. Moet ik schaterlachen om medemensen. Maak ik met iedereen een opgeruimd praatje. Raak ik vertederd door een klein kind. Of een donzige pup….’

Goddank.

‘Ik realiseer me ook maar regelmatig dat het goddelijke van alles en iedereen houdt. Zelfs van iemand als Adolf Hitler. Zag laatst een documentaire over die griezel: Zijn modus operandi indertijd is overigens identiek aan wat Trump nu uithaalt in de VS…..  Fake news, minderheidsgroepen verketteren en ga zo maar door. Allebei narcisten natuurlijk. Enorm interessant programma!’

‘Dus God houdt ook van dat grote dwarse lelijke kind dat de Verenigde Staten bestuurt. Koning, nar en narcist tegelijk. Van mij houden zal dan ook wel lukken….’

Het dringt langzamerhand tot me door, dat ik helemaal niet zo’n razende troela ben als ik steeds beweer. De grondtoon van mijn leven is nog altijd zacht. Ik spring alleen sinds een jaar of vijf uit mijn vel in bepaalde situaties. In plaats van datzelfde huidje duur te verkopen. Aan de eerste beste charlatan.

Na een leven lang slikken en pikken ben ik begonnen met het stellen van grenzen. Aanvankelijk op een manier van ik gooi iemand door de voordeur naar buiten en met een zielig gezichtje komt dezelfde figuur door de achterdeur weer naar binnen geslopen. Maar sinds een jaar of drie lukt het me beter om ongewenste entiteiten echt buiten mijn heksendeur te houden.

Helaas voel ik me er helemaal niet beter door. ‘Als je toegeeft en het iemand toch weer naar de zin maakt, ook al gaat dat ten koste van jezelf, ben je in elk geval een toffe peer. Of een goed mens. Of een echte lieverd……’ beweer ik tegen de Don afgelopen weekend. Ja, het is zo.

Mensen teleurstellen levert weinig positiefs op in eerste instantie. Pas na een hele tijd blijkt het toch wel fijn te zijn als bepaalde mensen niet meer bovenop je lip zitten te zuigen. Ze blijken ook gewoon door te leven zonder jouw niet aflatende aandacht. Tevens is jouw plek in dat leven intussen met het grootste gemak opgevuld door iemand anders met vergelijkbare kwaliteiten. Geen mens is nu eenmaal onmisbaar.

‘Het allermoeilijkste is om jezelf te zien. Dat laatste tijd lukt het me eindelijk om mijn kant van het verhaal in beeld te krijgen. Hoe het niet stellen van grenzen zeer uitnodigend werkt op allerlei lieden, die graag grensoverschrijdend opereren. Hoe  jarenlang mijn mond houden als ik me gekwetst voelde in de hand heeft gewerkt dat mensen geen rekening met me houden. Hoe…., hoe…….’

Mijn geklaag is mosterd na een moeizame maaltijd. Sommige klaagzangen liggen me gestaag al zo’n vijfenvijftig jaar zwaar op de maag. Of vijfendertig. Of vijftien. Of vijf…… Maar nooit kort. Ik dien mijn publiek zelden direct van repliek. Als ik het al eens doe is het hooguit een morsige meevaller.

Dus Heks ziet eindelijk zichzelf. Het is zover. Na jarenlang de ander begrijp ik nu eindelijk iets van mijn eigen aandeel in het geheel. Een geheel zonder winnaars en verliezers. Dat hele idee, dat we moeten winnen en de beste moeten zijn is echt volledig achterhaald.

En zoals altijd loopt de werkelijkheid achter de feiten aan. Je kunt geen TV programma zien of iemand moet weer iets winnen. Of de beste zijn. Liefst allebei. Zelfs het opzetten van een ideale samenleving voltrekt zich middels een uiterst competitief traject. Treurig.

Maar goed, dat is misschien een beetje een stokpaardje van me aan het worden.

Heks heeft natuurlijk veel te veel tijd om na te denken. Ik sla hele dagen stuk in mijn eentje. En dat al jarenlang. Ik heb een hoofd, dat geneigd is te denken. Filosoferen is 1 van mijn overlevingsstrategieën. De Don heeft er ook last van. Samen kunnen we urenlang reflecteren op ons bestaan.

‘We zijn toch ook wel een soort moderne hofnar,’ grapt de Don. Heks hoopt het. De ouderwetse nar mocht echt alles zeggen aan het hof. Dingen waar bij ieder ander de doodstraf op stond kraamde zo’n nar zonder enig gevaar voor eigen leven uit. Luidkeels. Het was bij de wet verboden om hem ervoor te straffen….

Misschien was ik alleen maar een beetje te narrig de laatste jaren. De keerzijde van mijn vrolijke noot. De laatste weken heb ik om de haverklap weer de leukste ontmoetingen en gesprekken. Zomaar uit het blinde niets. Zoals in de tijd toen iedereen mijn partner was. Voordat ik  me bewust werd van narcisten en psychopaten. Voordat ik hen hiervan begon uit te sluiten.

Het goddelijke sluit niemand buiten. Het goddelijke omvat alles. Goed en kwaad betekenen niet meer dan slechts links en rechts in die eeuwige optiek. De gulden middenweg bewandelen is de kunst. Ik mag misschien wel in mijn handjes knijpen, dat ik mijn keerzijde heb leren kennen. Me ermee heb vereenzelvigd.

Wellicht ben ik tegenwoordig veel beter te nassen dan in mijn jaren als heilige boon. En zoals je weet: Heilig boontje, loont niet, maar komt om zijn loontje.

‘Heksiedroppie, lieve zotteklapperke,’ noemde mijn dode verloofde me indertijd. Toen hij nog onder ons was. Ja: Een zot zijn. Swiebertje. Malle Mietje. Het is me een eer en genoegen. En het is ook de moeite waard: Een dag niet gelachen…….

Heks is veel liever een nar, dan een narcist!

Een nar of hofnar is de officiële grappenmaker aan het hof van een vorst of bij een rederijkerskamer. Vooral in de Middeleeuwen was de hofnar populair, maar in de loop van de 18e eeuw verdween deze aan de meeste hoven.

Een nar was soms iemand die door afwijkende geestelijke of lichamelijke eigenschappen (mismaakt; ‘geestelijk beperkt’) onbewust de spotlust opwekte, soms een intellectueel die bewust spotte en politieke invloed had. Sommige talen onderscheiden beide figuren, zoals in het Engels (buffoon versus jester).

De nar kleedde zich vaak in een voor hem gemaakt pak, voorzien van zogenaamde narrenbellen. Soms droeg hij een staf, narrestok, zotskolf of Marot. De nar had een bijzondere sociale positie. Enerzijds wekte hij de indruk onderaan de sociale ladder te staan, anderzijds was hij in de positie leden en gasten van het hof te doorgronden en hen voor de gek te houden. Hij kon ingaan tegen de heersende opvattingen, zonder dat hij ervoor gestraft werd. In die zin had hij juist een hoge sociale status.

In de Orde van de Dwazen was de geborduurde nar op de kleding een herkenningsteken.

Tegenwoordig speelt de nar in Nederland nog een rol tijdens carnaval, hij staat dan Prins Carnaval bij.

O jee. Wee je gebeente!!! Wat een hitte! Puffen zonder enige wee valt al niet mee. Maar in deze weersomstandigheden een ingeslikte skippybal rondsjouwen? En bevallig bevallen? Niet te doen. Nee. Professor Grunschnabel moet ons redden!

©Toverheks.com

Zucht, zucht, zucht. En: Puf, puf, puf…. Je hoeft niet eens bevallig hoogzwanger te zijn om puffend en zuchtend door het leven te gaan. Wat is het toch warm. Heerlijk. Maar wel bloedheet.

Via een schaduwroute loop ik ’s morgens naar het dichtstbijzijnde park met VikThor puffend naast me. We gaan lekker zwemmen. Nou ja, hij. Verwoed springt hij het ene bommetje na het andere.

Een uurtje later fiets ik naar de dokter voor een lekkere cortisonenprik. Met bijbehorende zware pijnstiller. Mmmmmm. Mijn nek en elleboog zijn aan de beurt. Hoera. Een paar dagen pijnvrij in die gebieden. Dat is een groot goed.

©Toverheks.com Bommetje!

Dan ga ik langs bij mijn vriendinnetje Joy. Ze loopt op alledag. Een grote skippybal heeft zich in haar ranke figuurtje genesteld. Puffend doet ze de deur open. ‘Kom je nog wel buiten?’ vraag ik nieuwsgierig, nadat ik mijn deelneming met haar benauwde toestand heb betuigd. Ja, gelukkig lukt een klein stukje wandelen nog wel.

‘Maar het mag nu wel komen. hoor, ik ben het behoorlijk zat,’ we zitten aan tafel haar nieuwste aanwinsten te bewonderen. Een paar spuugmooie spuuglappen, een lekker zacht dekentje, nog een kwijlebabbellap met poesjes erop……

De mussen vallen van het dak en mijn vriendin valt bijna om. Wat een zomer. Heel Nederland is roestbruin van de droogte. Nederland! Tig meter onder de zeespiegel!!!!

De gehele bevolking heeft een lekker kleurtje, hetgeen de integratie van mensen met van nature zo’n kleurtje vast ten goed komt. Het is sowieseo te warm om je druk te maken over geneuzel betreffende de diverse kleurtjes van deze of gene.

’s Avonds fiets ik naar het Valkenburgermeertje. VikThor zit in zijn kar. Hij moet eerst een compleet bombardement uitvoeren in de ondanks de hitte opmerkelijk schone Singel om een beetje af te koelen. Daarna spoeden we ons  de hete stad uit.

Heks zit te zingen op de fiets. Ik voel met fantastisch na die prikken van vanmorgen. Ik kan mijn hoofd weer bewegen. Omdraaien zelfs! Geweldig! Ook lukt het me om zonder pijn balletjes door de lucht te gooien. Ook alweer zo’n piekervaring. Wat een dag!

©Toverhkes.com Je zult maar zo’n bal per ongeluk inslikken….. Dan beweeg je niet meer zo snel!!!!!

Op de terugweg is het iets koeler. Een kletsnatte VikThor draaft het eerste stuk naast de fiets. Maar zodra de lauwwarme stad in zicht komt moet hij weer zijn kar in. Ik ben als de dood, dat het arme beest oververhit raakt.

Die nacht hoor ik hem licht hijgen in zijn hok. Het is bloedheet in huis, ondanks het feit, dat alle ramen open staan. Ik ga nog maar eens met een ijskoude natte doek langs de pootjes van het arme dier. Ook gooi ik een vochtige koelmat in zijn hok. Maar dat vindt hij dan weer niks. Pas als ik er een badstof handdoek overheen drapeer is het goed.

©Toverheks.com

De volgende dag haal ik op aanraden van Kras een koelende gelmat. Een wonder der techniek. Door de druk van een oververhit hondenlichaam koelt de gel af. Aan de zijkanten echter wordt het spulletje warmer. Zo raakt mijn hondje zijn overtollige warmte wel kwijt.

Ook haal ik zijn speciale verkoelende halsband weer tevoorschijn. Zo houd ik mijn ventje wel fris en fruitig! Nu ikzelf nog:

Bij de AHahaha zijn alle ijssoorten in de aanbieding. Heks kijkt al jaren niet meer naar zulk soort aanbiedingen, er zit altijd wel iets in wat ik niet mag! Kras heeft echter een soort ontdekt, die ik wel kan eten. Op haar verjaardagsfeestje verrast ze me onlangs met wel drie verschillende smaken!

Nu koop ik wel zes verschillende smaken. Koffie met Cardamon bijvoorbeeld. En karamel met zeezout……. Het veganistische ijs van Professor Grunschnabel is fenomenaal lekker.

Straks ga ik weer eventjes bij de hoogzwangere Joy langs. De arme schat is intussen dagen overtijd. Met dit weer! Ik neem zo’n lekker koud pak ijs mee. Therapeutisch en lekker!

©Toverheks.com

 

 

Magische Metta Meditatie maakt korte metten met miezerig geknor van knorrige Heks. Het verandert niet zozeer die moeilijke ander….. Helaas! Maar als je zelf verandert oogt niets of niemand meer hetzelfde: Een hele frisse blik en de wereld als nieuw!

Donderdagavond gaan we met de Sangha massaal aan de metta meditatie. Het is alweer eventjes geleden, dat ik me daar bewust mee bezig heb gehouden. Zo heb ik jarenlang liefde gestuurd naar mijn psychopathische buurman, om er vervolgens achter te komen dat hij als tegenprestatie mijn hond geestelijk mishandelde. Niet erg inspirerend.

Ook heb ik eindeloos liefde gestuurd naar figuren in mijn clan, die dat zonder meer als zwaktebod interpreteerden: Zo kun je iemand wel heel gemakkelijk in de overgave drukken. Het heeft de verhoudingen dan ook geen goed gedaan.

Ook mijn pogingen om liefde te sturen naar een seksueel roofdier, dat zijn tanden helaas ook wel eens in mij heeft gezet, heeft de man louter de energie gegeven om nog meer slachtoffers te maken naar het schijnt.

Metta is dus niet zaligmakend.

Maar als ik in mijn vorige blog een pleidooi houdt voor castratie van eenieder, die zijn toverstafje grensoverschrijdend en ongevraagd en eventueel met geweld ergens in steekt , schrik ik toch wel een beetje van mezelf. Wat is er met dat zachte liefdevolle heksje gebeurd, die op veertienjarige leeftijd verwoed discussieerde over de doodstraf met de grootouders van mijn zwager?

Ik was natuurlijk tegen. Niet zozeer omdat er fouten worden gemaakt en mensen onschuldig op de elektrische stoel belanden. Heks was sowieso tegen het doden van mensen als straf. Straffeloos straffen was niets voor mij. Ik had allerlei wilde theorieën over vreedzame alternatieve oplossingen. En nu moet er dan maar worden gecastreerd?

Thich Nhat Hanh kreeg ooit een Vietnamese vrouw naar zich toe, een bootvluchtelinge, die zich wanhopig afvroeg wat te doen met haar haat en woede jegens piraten, die haar hadden beroofd en verkracht nadat ze voorafgaand haar familieleden ook nog eens hadden vermoord. Waaronder haar kinderen……

Thay liep uren rond, waarbij hij zich probeerde te verplaatsen in het leven van de piraten. Arme vissers zonder enig perspectief. Geen rooie rotcent en veel monden om te voeden. Dan komen er plotseling bootvluchtelingen voorbijvaren. Behangen met al hun kostbaarheden. 1 keertje over de schreef gaan bij die wildvreemde rare mensen en je bent binnen!

‘Als ik in hun positie was geweest had ik het ook gedaan,’ was Thays conclusie.

Heks betwijfelt dat, ik kan me niets voorstellen bij een agressieve en gemene Thay. Maar hij heeft wel gelijk. Zoals mijn vorige hond uitermate bijterig is geworden door het getreiter van mijn voormalige psychopathische boze buurman, zo kunnen de meest lieve en zachte karakters door uiterlijke factoren worden verwoest.

Kijk maar naar Heks. Ik was een kind van liefde. Elke avond lag ik urenlang te bidden voor Jan en Alleman. Zielige kindjes in verre landen. Zieke en nooddruftige mensen.

Mijn grote vermogen om lief te hebben heeft me gered. Het heeft me gedurende mijn moeizame jeugdjaren overeind gehouden. Ik hield van mijn agressors. Ik droeg hen op handen. Heel lang hield ik dit vol. Tegen de klippen op. Mijn eigenwaarde had hier ernstig onder te lijden.

Rumi: Liefde fluistert me in het oor: ‘Je kunt beter een prooi zijn dan een jager. Wees mijn dwaas – verzaak de hoge staat van de zon en word een stofje! Kom, hang rond bij Mijn deur en word dakloos. Doe niet net of je een kaars bent, wees een mot, opdat je de smaak van het leven mag proeven en mag zien dat er gezag schuilt in dienstbaarheid.’ (Juwelen)

Nu ben ik al jaren kwaad. Intens nijdig op al die gemene en inhalige medemensen. De armzalige karakters. Hun armoedige manier om van mij te houden. Hun respectloze manier. Hun pijnlijke manier. Ik ben boos geworden en streng. Afkappen die hap. Weg met al die gekken. Ga van mijn nek, tiet en huid. Laat me met rust.

Maar zaligmakend is deze levenshouding niet.

‘Je kunt geen stappen overslaan,’ vertel ik den Belg in Plum. We zitten voor mijn tent te klessebessen, deze kleine man met gouden handen en Heks. ‘Ik ben jarenlang woest geweest over tal van zaken, maar het was wel nodig. Over je heen laten lopen is voor niemand goed….’

Je kunt pas goed zijn voor anderen als je het ook bent voor jezelf. De basis van Metta meditatie!

‘Ik ben intensief bezig om te ontdekken wat ik nu eigenlijk wil in het leven. En in de liefde. In relaties vooral. Dat loopt nogal eens mis,’ vertelt hij me op zijn beurt. Om nieuwsgierig te vervolgen,  ‘Altijd eigenlijk. Tot nu toe. Heb jij een relatie?’

Heks is getrouwd met zichzelf. Al bijna negen jaar. Maar ik heb wel een flinke relatiecrisis achter de rug de laatste jaren…..

‘Iemand zei tegen mij, dat ik eerst een goede relatie met mezelf moet hebben, daarna met de hele wereld en dan pas met een leuke vrouw,’ pareert mijn gesprekspartner. Grappig. Ik ben met mezelf getrouwd en oefen al jarenlang dat iedereen mijn partner is. In beiden relaties heb ik een fiks dieptepunt doorgemaakt, maar ik begin er aardig doorheen te geraken.

Metta meditatie. Liefdevolle vriendelijkheid. De tijd is er rijp voor.

Gewapend met de tekst zit ik ’s avonds op mijn kussentje. Eerst ga ik mezelf alle goeds toewensen. Ik ga mezelf in mijn hart dragen. En op handen.

Mettameditatie door Jan Geurtz!

Daarna kan de wereld er weer bij. Dan is het hopelijk afgelopen met mijn knorrige oordelende rechtspraak en voorkeur voor extreem strenge aanpak van allerhande hopeloze zondaars.

Zaterdagavond zit ik op mijn kussentje te oefenen. Dan gebeurt het wonder weer. Ik ben totaal in de heilige ruimte van mijn hart. Mijn familieleden uit Plum zitten naast me op hun kussentje. Overal zie ik bekende gezichten uit mijn meditatieverleden. We zitten in stilte te ademen. Volledig verbonden. Een veld van liefde.

We houden van onszelf en van elkaar. Het helpt ons om van iedereen en alles te houden. Het helpt mij om weer van alles en iedereen te houden!

Ik stuur zachtheid en liefde naar mijn kwelgeesten. Naar de eikels, idioten en hopeloze figuren. Ik stel me voor hoe het moet zijn om als narcist geboren te worden bijvoorbeeld. Of laagbegaafde psychopaat. Voorwaar geen pretje.

Zo wordt mijn hart weer een instrument van liefde. Zo kan het weer de hele wereld bevatten. Zo is mijn hart weer de poort naar het hele universum. Zo is mijn hart weer ‘the place to be’.

Aan het eind van de meditatie buigen we naar elkaar. Ik kijk de kring rond, die gewijde cirkel van aandacht. Ik zie mijn spirituele familieleden bijna tastbaar voor me zitten in dat heilige hart van mijn hart, die gezegende ruimte daarbinnen in mijn borstkas. Die goddelijke plek,  die magische poort naar de kosmos.

Metta lost misschien niks op. Medemensen worden er niet per definitie beter door te pruimen. Maar voor je eigen hartje is het Haarlemmerolie! En een geheeld gouden hart is balsem voor de ziel..

Sutta Nipāta 1:08 — Metta Sutta: Liefdevolle Vriendelijkheid

Heks sombert zichzelf richting jaarwisseling. Mijn pogingen om weer gezond te worden falen genadeloos. ‘Heb je soms last van slaap apneu?’ bagatelliseert een kennis mijn situatie volkomen. Gevolgd door een nauwkeurig verslag van zijn eigen kwalen: Een aambei en een klutsknie.

‘Ja, er is inderdaad een reactie op Lyme, maar ik heb geen idee wat het betekent, Heks,’ mijn huisarts bestudeert de uitslagen van het laboratorium. Eerder dit jaar heeft de reumatoloog ook al dezelfde ontdekking gedaan, maar die uitslagen hebben mijn huisarts nooit bereikt. Heel vreemd.

‘Ja, heel vreemd,’ beaamt de dokter het verdwijnen van die onderzoeksgegevens. Hij krabt zich achter de oren. Strijkt eens langs zijn neus. ‘Het lijkt Wicky de Viking wel,’ schiet er door me heen, ‘Zou hij nu net zoals die kleine held opeens een lumineus idee krijgen?’ denk ik er verwachtingsvol achteraan.

‘Ik moet dat eens met een parasitoloog overleggen, want als je een actieve Lyme in je bloed hebt……..’ Hij kijkt me somber aan. Mijn god, de ellende zou niet te overzien zijn. Dat weet mijn huisarts ook. Eindeloos aan de antibiotica is gewoon niet te doen met mijn gestel. Ik ben van een week die troep slikken al maanden van de leg.

‘Je schildklier is ook niet goed. Tja, tja. Ik zou je natuurijk naar de endocrinoloog kunnen doorverwijzen. Tja…..’ Je kunt wel aan de gang blijven bij die vrouw, zie je hem denken. Maar Heks vindt het geen overbodige luxe, zo’n bezoekje aan zo’n klierpil. Als je klieren eindeloos klieren is dat echt iets wat je wilt……

‘Jeetje Heks, dat is nou toch ook wat. Eerst ME, dan komt daar Fibromyalgie bij, vervolgens krijg je flink RSI tijdens je laatste baan en daarna parkeert er iemand een BMW in je nek. Die auto is total loss verklaard, maar jij moet maar zien met je nauwelijks erkende whiplash. En nu dan ook nog Lyme? Je krijgt inderdaad geen kans om iets van je leven te maken….’ verzucht mijn homeopaat.

Zelfs zij zit intussen met haar handen in het haar. Wat is dit voor’n leven? Wat moet je hier nu over zeggen? Welk middel kun je hiervoor inzetten? Het is dweilen met de kraan open. Het schiet gewoon niet op.

En Heks is vooral doodmoe. Misselijk van moeheid. Ik dwing mezelf om op te staan, de hond uit te laten, ergens heen te gaan. Maar zodra het kan lig ik gestrekt in bed. Uitgeput. Kapot. Uitgevloerd. Opgebrand.

‘Ik zit gewoon ver onder de streep. Ik word er gek van. Alles doet zeer. Mijn leven is een hel,’ somber ik voor me uit, terwijl mijn behandelaarster toch weer wat middelen uit de kast trekt. ‘Test dit een uit, Heks,’ ze legt drie kleine buisjes voor mijn neus. Drie verwante middelen tegen extreme vermoeidheid.

Twee ervan geven geen enkele reactie als ik er mijn pendel overheen laat glijden. Bij de derde echter is het raak. Het kristal snort in de rondte. Nieuwsgierig kijk ik naar wat er op het buisje staat.

‘Het is het middel tegen lichamelijke uitputting. Ik vroeg me af of je misschien moe was door alle emoties van de laatste tijd. Maar nee, jouw uitputting is echt puur fysiek…..’

Met een paar nieuwe remedies op zak ga ik weer naar huis. Op mijn ene schouder zit een duveltje en op de ander een engel. Al een hele tijd. En nu heb ik ook daar iets voor gekregen. Zou dit het einde betekenen van mijn dagelijkse aanvallen van Gilles de la Tourette? Zal het eindelijk eens afgelopen zijn met mijn niet aflatende gevloek?

Kan ik eindelijk weer leven vanuit mijn hart zonder dat ik eerst alles en iedereen stijf wil schelden?

Pruttelend rijd ik weer terug naar Leiden. Wat heb ik toch een hekel gekregen aan sommige mensen. ‘Je hebt jarenlang alles maar geslikt en toegelaten van Jan en Alleman. Geen wonder dat je zo razend bent. Je hebt een heel laag zelfbeeld, Heks. Dat valt me steeds op….’

Shit, shit, shit. Waarom is dat nog steeds zo? Ik zit al vijfentwintig jaar aan dat belabberde zelfbeeld te werken en nog steeds zie ik in de spiegel een pispaal. ‘Daarom heb je ook steeds mensen om je heen verzameld, die je als een stuk stront behandelen, Heks. Maar dat gaat echt veranderen. Je hebt er al heel wat mensen uitgekieperd….’

Ik weet het allemaal zo net nog niet. Al jaren probeer ik van mezelf te houden. Ik dacht dat het me aardig gelukt was. De hele wereld en mezelf in mijn grote hart. En dan blijk je opeens de pest te hebben aan allerlei lieden. Omdat ze op dat grote hart zijn gaan staan. Erop hebben getrapt. Systematisch.

Omdat ze je te grazen hebben genomen. Of de mond hebben gesnoerd. ‘Laat me uitpraten, Heks,’ zodra ik ook eens iets zeg.

En is het zo belangrijk om van mezelf te houden? Gaat dat me uiteindelijk beter maken? Welnee. Ik ken legio mensen, die zichzelf niet eens kennen, laat staan dat ze van zichzelf houden, die wolf in schaapskleren. Maar intussen zijn ze zo gezond als een vis!

Een verfrissend geluid in dit opzicht is de mening van Karin Spaink.

Karin Spaink, schrijfster, gelooft niet dat in lijden een zin schuilt

Bruid in een deuk: Oh, oh, wat leuk. Behalve als jij die bruid bent. Pleidooi voor kipfilet in je lingerie. En een onderzoek naar anticiperend creperen. Van vermoeidheid!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

‘Steek je tong eens uit,’ commandeert mijn acupuncturist, ‘Nou, dat valt me reuze mee. Ik heb het wel erger gezien bij jou.’ Mooi zo. Ik voel me slechter dan het met me gaat. Vooruit dan maar. Ik lig elke dag uren bewegingsloos op bed en heb de grootste moeite om aan mijn hondenuitlaat quotum te komen. Maar het kan erger.  Ook al erger ik me suf aan mijn gebrek aan energie: Ik kan er veel erger aan toe zijn. Een schrale troost.

Momenteel krijg ik nog geen deuk in een pakje boter geslagen. Lijkt me overigens leuk. Zo’n deuk slaan. En dan daarna in een deuk liggen. Deuk is sowieso een leuk woord. Behalve als er zo’n deuk in je BH zit. Op je trouwdag. Twee deuken naast elkaar. Erwten op een plankje verstopt in een loze bustier. Daar was laatst een bruidje loos……

Vandaag gaat mijn vriendinnetje Joy haar trouwjurk uitzoeken. Vandaar deze vreemde associaties. Gisterenavond kwam ze even langswaaien met allemaal opgewonden bruidsverhalen. Ze liet me foto’s zien van haar favoriete jurken. En van de noodzaak om goede lingerie onder je droomjurk te dragen.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

‘Kijk maar, er zitten gewoon twee flinke deuken in haar borsten,’ ze wijst op haar telefoontje naar de betreffende trouwlustige in een bruidsblad, ‘Alsof er een iemand met een reuzenvinger in heeft zitten prikken. Op haar trouwdag! Het is overigens werkelijk een prachtige jurk. En een schitterende bruid. Zonde toch?’

Heks moet lachen. Hoe is het mogelijk? ‘Heeft dan niemand haar gewezen op het nut van een paar goeie kipfilets in je decolleté? Elke vrouw moet toch een setje in haar lingerielade hebben liggen….’ We ginnegappen nog een tijdje over wat je allemaal in je BH kunt stoppen om dit soort rampen te voorkomen. Ja, het leven van een platte vrouw gaat niet over rozen…..

‘Wie gaan er allemaal mee naar de bruidsboetiek?’ Heks is best nieuwsgierig. Hoewel zelf niet erg trouwlustig. Een eindeloze opsomming volgt. Alle betrokken oma’s, een paar moeders, een pittige schoonzuster en een lekkere authentieke relnicht…….. ‘Mijn beste vriend!’

Wat een uitgelezen gezelschap. ‘Hoe meer mensen je meeneemt, hoe moeilijker de keuze volgens de vrouw van de bruidswinkel,’ Joy lacht stralend. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd wat haar betreft, ‘Oh Heks, het is toch zo spannend. Ik doe geen oog dicht vannacht, dat weet ik nu al.’

Heks doet al nachten geen oog dicht. Mijn lijf wil maar niet slapen. Behalve op momenten dat het niet uitkomt. Aan het begin van de avond of ’s morgens na negen uur. ‘Ik ben toch zo moe, schat, en dat went nooit.’

‘Nou, Heks, bij het idee dat ik morgen vrij ben voel ik me heerlijk fit. Normaal lig ik op dit tijdstip al uitgeteld op 1 oor. Dan kan ik om negen uur ’s avonds al geen pap meer zeggen….. Maar nu ben ik super energiek! Grappig toch?’

‘Ha, dat fenomeen ken ik, daar heb ik toevallig net over na zitten denken. Ik zou laatst met iemand op stap gaan, maar bij het vooruitzicht liep ik leeg als een ballonnetje. Ik kreeg echt mijn ene been niet meer voor het andere en werd daarbij ook nog eens strontchagrijnig.’

‘Die persoon heeft heel veel problemen en die krijg ik dan een paar uur onverdund over me heen gestort. Diegene kan er zelf niets aan doen. Het wordt hem aangedaan. Het leven is gewoon met enige regelmaat heel unfair…..’

‘Onlangs heb ik twee dagen finaal onderuit gelegen na een overigens heel gezellig gezamenlijk uitje. Ik kwam toen echt ziek van moeheid thuis! Deze keer echter lag ik van te voren al helemaal om. Echt ziek, zwak en misselijk. Met het bijbehorende slechte humeur. Ik werd als het ware anticiperend moe. Zodra ik de afspraak cancelde voelde ik me weer kiplekker. Bizar toch?’

‘Nou, inderdaad. Haha, wat zeg je dat mooi, anticiperend moe,’ mijn vriendin kauwt als het ware op de woorden. Zorgvuldig proeft ze ze nog eens,’ Anticiperend moe. Hihihi. Echt heel grappig.’

Ja het klinkt geinig, maar het verschijnsel op zich is niet bepaald leuk. Heks is vaak anticiperend moe. Bij voorbaat put iets me al helemaal uit. Het idee vind ik al teveel. Goddank krijg ik van sommige dingen juist weer energie. Zoals van zingen.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Elke week zit ik scheldend in de auto op weg naar mijn koor. ‘Rijd eens door, idioot,’ sis ik tegen een buitenlandse toerist, die de weg kwijt is,  ‘Hoepel op voor mijn neus vandaan. Kun je eigenlijk wel autorijden, halve zool. Kijk nou toch wat een stumper achter het stuur.’ En ga zo maar door.

Na een uurtje zingen trek ik helemaal bij. Op de terugweg zit ik te jubelen in mijn kanariepiet. Indiase zang resulteert in iets dergelijks, maar dan in het kwadraat. Zingen is een wondermiddel voor mijn humeur. Het schijnt ook je cortisolniveau te verlagen, een probaat middel tegen stress en uitputting en ook nog eens goed voor je weerstand!

Heks voelt zich wel schuldig dat ze bepaalde dingen niet meer opbrengt. Zoals eindeloos naar de ellende van anderen luisteren en die ander steunen in diens problematiek. Er voor de ander zijn. De ander opbeuren……

Kortom: Grensoverschrijdend gedrag omdat je die ander graag mag.

Goed voor een ander zorgen betekent soms slecht voor jezelf zorgen. En daarin is iets aan het veranderen bij Heks. Het voelt nog wel heel gek. Koos ik vroeger zonder morren moeiteloos voor de ander: Nu zorg ik eerst maar eens goed voor mezelf. Althans, dat is de bedoeling. Daar zet ik op in. Dat ben ik aan het proberen en aan het leren. Ook al is de weg bezaaid met zielige leeuwen en trieste beren……

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

 

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Staartklokken, domkoppen en eierdoppen: Geluk is met de dommen, maar dan wel AUTONOME domkoppen, die in VERBINDING met anderen hun EI kwijt kunnen: De drie voorwaarden voor een vervuld bestaan!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Anderhalve maand geleden vliegt Heks op haar bezemsteel naar een familiereünie. Het is een bijeenkomst van de broers, zussen, neven en nichten van mijn grootmoeder aan vaderszijde. Wat er nog van over is. Een paar jaar geleden was er inderdaad nog een zuster van mijn oma bij. Het absolute nakomertje. De hekkensluiter van een eindeloze reeks kindertjes na evenzovele levensgevaarlijke bevallingen.

Een veelvoorkomend verschijnsel in die generatie. Tegenwoordig krijgen veel vrouwen pas hun eerste kind boven de veertig….

Nu zie ik niet zoveel familie over het algemeen, hoewel ik uit een enorm geslacht stam. Deze rare heksenappel is echter zover van de boom gerold: Hij wordt door de andere brave appels nauwelijks nog herkend als zijnde afkomstig van dezelfde stam.

Ach ja, brave appels. Het zal me wat. De braafste appels doen soms de raarste dingen. Ze gaan chronisch vreemd of slaan hun kinderen. Dat zul je mij niet zien doen. Vooral ook omdat ik geen kinderen heb. Laat staan een partner. Ik behoor dus tot de beste stuurlui als het op relaties en opvoeden aankomt. Dat je het maar weet!

Mijn hond sla ik ook niet. Noch mijn katten. Ik zie niet veel heil in lijfstraffen. Ze schieten hun doel voorbij en kweken alleen maar agressie. Voor je het weet heb je al je eigen woede vrolijk weer doorgegeven aan de volgende generatie.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Op de reünie zie ik allemaal mensen die ik nauwelijks ken. Of herken. Met deze tak van de familie heb ik als kind weinig te maken gehad op de één of andere manier. Maar sommigen herinner ik me goed van een paar jaar geleden, toen ik ook bij een dergelijke gelegenheid aanwezig was.

Tevens zijn er een paar volle nichten van me aanwezig. Ze zijn wat ouder dan Heks, hetgeen op jeugdige leeftijd heel veel uitmaakt. We hadden dus niet zoveel contact toen. Toch herinner ik me een magische middag met één van die meiden. Ze nam me mee voor een bezoek aan een oudtante.

‘We liepen eerst de hele Leidseweg af. Best een end voor mijn doen toen. Het huis van je tante op de Krimkade had een enorme wat duistere achtertuin met een heuse boomgaard. Binnen was het donker en stil op het getik van een paar duizend klokken na. Overal stonden van die Friese staartklokken herinner ik me. Ze gingen ook allemaal slaan op een gegeven moment….’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Mijn nicht moet lachen. ‘Dat je dat nog weet! Die tante had inderdaad een heleboel klokken in huis: Ze verzamelde ze. Die uurwerken liepen ook allemaal. Vandaar al die herrie. Om het kabaal een beetje te beperken liepen ze allemaal ongelijk!’

Op de terugweg vonden we een doos met oude spelletjes langs de weg. Bedoeld voor het grof vuil vermoed ik nu, maar voor ons was het een schat. We hebben ons de rest van de middag met al die kapotte troep vermaakt. Er zat een prehistorische paardenracebaan bij! Een gouden herinnering.

Even later heb ik een heel aangenaam gesprek met haar man. Wat een leuke vent! Ik heb hem eigenlijk nog nooit echt gesproken. Hij blijkt een echt mensenmens te zijn. Werkt met jongeren, die in de problemen zitten. Als hij zijn CV samenvat is dat de rode draad. Bijzonder.

‘Er zijn drie voorwaarden voor menselijk geluk heb ik ontdekt. Als er aan één van die drie vereisten niet wordt voldaan worden mensen ongelukkig.’ Heks wordt wel erg nieuwsgierig naar die drie magische condities. Wat zijn ze? En beantwoordt mijn bestaan hieraan?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ten eerste heeft elk mens behoefte aan autonomie. In hoeverre men daar behoefte aan heeft is per mens verschillend. Sommigen willen volstrekt beschikken over hun eigen leven, anderen vinden het prima als ze enigszins afhankelijk zijn. Het is vooral belangrijk dat je behoefte aan autonomie klopt bij de mate van autonomie, die je in je leven ervaart.’

Oh. Ik snap nu eindelijk waarom ik knettergek wordt van mijn leven. Ik hang aan allemaal touwtjes, terwijl ik juist een enorme behoefte heb aan autonomie. Door mijn ziekte heb ik natuurlijk geen werk. Goddank heb ik een WAO uitkering en geen bijstand.

Met de Sociale Dienst heb ik in een duister verleden ook te maken gehad. Toen al een ramp vond ik: Ze grabbelden als het ware in je onderbroek. En dat was nog in de tijd van de Zorgzame Samenleving! Dat moet nu nog veel erger zijn.

Ik heb er in elk geval een geweldige schuld aan over gehouden: Omdat ik recht heb op een erfenis moet ik elke netto ontvangen cent bruto terug betalen te zijner tijd. Op zich niet erg, maar ik heb wel destijds al dat gegrabbel moeten doorstaan…..

Met mijn huidige uitkering is dus wel te leven, maar leuk is anders. Je eigen geld verdienen heeft gewoon een andere kwaliteit. Helaas ben ik door de jaren heen ook van andere potjes afhankelijk geworden.

Wat begon als goed bedoelde humane hulp om te zorgen dat ik mijn autootje kon blijven rijden en mijn medicijnen kon blijven betalen is ontaard in totale afhankelijkheid van de gulle gever. En dat voelt dus niet goed. En nu weet ik waarom: Het past niet bij mijn persoonlijke behoefte aan autonomie.

Ik realiseer me echter heel goed, dat ik zonder die ondersteuning echt niets meer kan doen. Geen retraites meer in Plumvillage. Geen zangles meer in Barendrecht. Geen knalgele auto. Geen projectkoor. Geen biologisch groentenpakket.

Het roer zal dus echt om moeten!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘De tweede voorwaarde voor geluk is verbinding. Je hebt dat nodig om je senang te voelen,’ de man ziet mijn verschrikte gezicht, ‘Het kan ook verbinding in spiritueel opzicht zijn, Heks…..’ Gelukkig maar. Dan is er nog hoop. Want verbinding is niet mijn sterkste kant. Uitgekotst door familie en bepaalde vrienden voel ik me vaak een cel buiten het goddelijk lichaam.

Maar met de natuur, mijn dieren en die paar goede vrienden voel ik me wel degelijk verbonden. En met mijn kerk en Thay’s  sangha. Met het goddelijke…… Goddank.

‘Dan moet je tot slot nog je ei kwijt in de wereld. Heel belangrijk voor de mens. Dat je het gevoel hebt bij te dragen, echt te doen waarvoor je bent geschapen. Dat je je kunt uitdrukken…’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Heks doet al jaren voor spek en bonen mee. Het lukt me nauwelijks om overal op te draven, laat staan dat ik iets bijdraag. Mijn ei zit vaak halverwege mijn eileider weg te kwijnen. Ik heb de puf niet om em eruit te puffen. Geen idee ook waar ik dit kwetsbare stuk van mezelf moet leggen. En eerlijk gezegd zit er niemand  op mijn halvezolige zieke ei te wachten natuurlijk….

Maar Heks, dit blog is toch een beetje jouw ei? Moet je eens kijken hoeveel mensen dit dagelijks zitten te lezen? Over de hele wereld! Dat doen ze toch ook niet voor de kat zijn kut? En hoe vaak krijg je niet hartstikke leuke reacties op je schrijfseltjes? Zit jezelf niet zo af te kraken!

Dat is ook zo. Net als de meeste mensen waardeer ik niet waar ik goed in ben, wat me gemakkelijk afgaat, maar streef ik naar het onmogelijke. Een recept voor mislukking.

Wat een leuk gesprek heb ik met de man van mijn nicht! Het zal me nog dagen bezig houden. Weken zelfs. Maar het is wel plotseling afgelopen als oudoom Piraat van der Fluit bijna bij me op schoot springt.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Hij is een enorme charmeur. Vol overgave begint hij met me te flirten. Hij vraagt me het hemd van het lijf en vertelt zelf ook honderduit. Dit alles gelardeerd met allerlei complimenten. ‘Hoe is het toch mogelijk dat jij geen verkering hebt? Je bent zo’n mooie meid!’ roept hij tot besluit verbijsterd. Hij kan er niet over uit.

Zijn eigen hoogbejaarde vrouw mag er ook zijn overigens. Prachtig in de kleertjes, mooi in de make up staat ze een sigaretje te roken bij de voordeur. ‘We doen ons best, Heks, altijd zorgen dat je er goed bijloopt, hoor!’ glimt ze als ik haar een compliment maak bij het afscheid.

Ja, dat doet Heks. Dat is ook iets wat ik goed kan. Als een filmster rond paraderen bij tijd en wijle.

Maar vandaag ben ik een toddebak. Ik zit een beetje in de lappenmand en de piepzak. En dan krijg je dat.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Bach is niet dood! Hij leeft. In dit lichaam! Ex Animo! Ik zing me een hoedje! Of twee! Dat is beter dan schrikken. Of je verslikken: Koorrepetitie met franje.

Vanavond staan we weer lekker in te zingen met mijn koor. Ik ben op het nippertje naar binnen geschoven. Als we klaar zijn komt één van mijn maatjes naar me toe. ‘Ik heb ze meegebracht, Heks, hier voor jou!’ Ze overhandigt me een plastic zak. Er zitten twee prachtige hoedjes in!

‘Ik heb mijn kast opgeruimd en vond twee oude hoeden, iets voor jou? Ik heb ze nog gedragen op de bruiloft van mijn vriendin, 40 jaar geleden!’ vroeg ze me vorige week. ‘Natuurlijk, kom maar op met die eierdopjes!’ Heks hoeft er niet over na te denken. En nu is het dan zo ver: Nieuwsgierig gluur ik in de zak.

Oh, wat mooi! Een roze flaphoed en een prachtig rieten hoofddeksel! Heks is verguld. Snel zet ik er eentje op mijn kop. Ik kan bijna niet kiezen, ik wil ze allebei op!

 

Maar dat kan niet. We gaan direct beginnen met het openingskoor uit de Matthäus Passion. Vol overgave blèr ik mee. De hoedjes zitten in mijn kop in plaats van er op. Ze gooien vrolijke fratsen door mijn gedachtengoed. Mijn innerlijke wereldburger vat moed. En buiten dat: Ze staan me goed! Denk ik. Ik moet nog tot de pauze wachten voordat ik dat kan verifiëren…..

Mijn andere zangmaatje is jarig. We zingen haar toe uit volle borst. Verlegen zit ze te glimmen. Niets zo leuk als toegezongen worden door Ex Animo ter ere van je verjaardag!

In de pauze eten we kersenbonbons. Ik zoen mijn zangmaatje op beide wangen en geef haar een lekker verwencadeautje. De andere dames aan tafel besnuffelen het geschenk van voor naar achter. ‘Het is fair trade!’ roept de ene. ‘Wat is het eigenlijk?’ vraagt een ander. ‘Ik heb wel eens zoiets gezien,’ zegt een derde. Het is geurig magisch toverschuim. Voor onder de douche.

Ook mijn nieuw verworven hoedjes worden grondig geïnspecteerd en uitbundig bewonderd. ‘Ik heb ook nog een paar prachtige exemplaren in de kast liggen. Van vijftig jaar geleden,’ zegt een sopraan. Even bekruipt me een gevoel van euforie: Gaat ze vragen of ik die soms ook zou willen hebben? Misschien heb ik wel een enorme antieke hoedenbron aangeboord hier bij mijn koor!

Maar nee, ze vertelt met glinsterende ogen over haar schatten en wanneer ze ze heeft gedragen. Want hoedjes draag je niet zomaar. Behalve als je Heks heet. Vroeger was het wel veel gangbaarder voor dames om een hoed op hun kop te zetten. ‘Met een paar glacés en een bijpassende tas!’

We knikken en lachen. Ja, die goeie ouwe tijd. ‘Ik heb nog een paar prachtige hoeden van mijn moeder. Zij droeg ze ook, net als ik. Ze stonden haar prachtig!’

Vanavond zingen we een groot deel van de Matthäus. We beginnen vooraan en komen een behoorlijk end. Ik ben niet goed bij stem, dus ik knerp de hoge d er met moeite uit. Mijn maatjes schieten in de lach. Maar de rest gaat prima. Na een tijdje is mijn stem opgewarmd. Mijn hoofd staat goed door al dat gehoed. En mijn hart zingt sowieso vanavond.

Terwijl we bezig zijn kijk ik rond. Al die mensen, zo verschillend. Met sommigen zou ik normaal gesproken nooit zo lang in één ruimte verkeren. Ik zie al die monden open gaan. Geluid geven. Zingen. Ik zie gezichten bewegen rond woorden en klanken. Emoties trekken als wolkenflarden over iemands gelaat. Hier en daar. Een ander tuurt verwoed in zijn partituur. Ik zie een gezamenlijk doel. Inzet. Betrokkenheid.

Als Koos, onze supertenor, ‘Ich will bei meinen jesu wachen’ zingt en wij antwoorden met ‘So schlafen unsre Sünden ein’ bekruipt mij zo’n overweldigend gevoel van ontroering. Wat kan die man prachtig zingen. Hij is gewoon koorlid, maar gezegend met een fabeltastische stem.

Onze kleine dirigent zwaait zijn baton met flair. We zijn één zingend lichaam, mijn koor: Ex Animo. Bach is niet dood! Hij leeft. In dit lichaam!

Bach hield het bij een puike pruik……

 

Heks wordt uit bed gebeld door een knappe politieagent! Mannetjes slaan een enorm gat in Museum Boerhaave om ’s werelds op één na grootste elektromagneet te verkassen. Het is prachtig weer. De week begint weer goed!

Vandaag lees ik de laatste bladzijden in mijn mysterieuze boekje ‘Mooie Mensen‘: Het wonderbaarlijke boekwerkje over het ontstaan van auto immuunziekten. Hè, jammer dat ik het uit heb. Het is dan ook maar een klein boekje, maar zeer inspirerend.

Sinds ik me bewust ben geworden van het fenomeen narcisme staat mijn wereld op zijn kop. Zodra ik het geweldige boek van Iris KoopsHet verdwenen Zelf‘ had doorgelezen wist ik dat er een enorm verband moest bestaan tussen alle vormen van narcistische mishandeling waar ik in mijn leven mee te maken heb gehad en de ondraaglijke pijnen die ik lijd.

Je hoeft hier niet eens diep over na te denken of ver voor te zoeken: Chronische stress geeft een scala aan klachten. Dat weet intussen iedereen. De stress, die een gemiddelde narcist je oplevert is genoeg om in no time fysiek het loodje te leggen. Of zelfs letterlijk het loodje te willen leggen…… Jarenlange blootstelling aan dit soort stress heeft me uiteindelijk genekt. Op vrij jonge leeftijd. De meeste slachtoffers zijn ouder, ergens tussen de dertig en veertig, als dit gebeurt.

Vanmorgen word ik wakker gebeld door oom agent. Gelukkig niet dezelfde, die door mijn hondje in zijn ballen is gebeten. Dat zou ook een primeur zijn, want Brigadier wijkagent Gehaktbal durft hier al jaren niet meer aan de deur te komen! Het is dan ook niet zijn smurfengeluid, dat ik hoor als ik mijn hoofd uit het keukenraam steek en roep wie daar is. Nee, het is de knappe verkeersagent! Ik zie dit geüniformeerde snoepje regelmatig door de wijk lopen met zijn bonnenboek.

‘Oh, het gaat zeker om mijn auto,’ Heks ziet een enorme vrachtwagen staan verderop in de steeg. Mijn kanariepiet staat er vlak achter geparkeerd. Al dagen zijn ze weet ik wat aan het doen in die steeg, ik vermoed dat mijn bolide in de weg staat.

En inderdaad. Of ik em maar eventjes wil weghalen. Niet veel later gord ik Varkentje aan de riem en ga naar buiten. In de steeg lopen allemaal Mannetjes druk te doen. Ze zijn blij als ze me zien, vooral als ik ook nog eens die verdraaide auto kom weghalen. Er staat een mega vrachtwagen te ronken. In de achtermuur van het Boerhaavemuseum is een enorm gat geslagen.

‘Komt er een nieuwe ingang hier?’ grapt Heks nieuwsgierig tegen een boom van een kerel in een groot knaloranje pak. De man kijkt me glazig aan. Het blijkt om de verhuizing van een enorme Elektromagneet te gaan, de op één na grootste ter wereld! De befaamde Leidse natuurkundige Kamerlingh Onnes is er wereldberoemd mee geworden, toen hij met behulp van dit gevaarte het absolute nulpunt tot op en fractie wist te benaderen!!

Dat ontdek ik allemaal later. Als ik door het gapende gat het museum in kijk lijkt het me gewoonweg gekkenwerk. Je gaat toch geen prachtig oud gebouw afbreken om één of ander stom overjarig instrument naar buiten te takelen? Gestoord gewoon. Zijn die Mannetjes wel capabel? Of lezen we later in de krant dat één of andere leiperd foutief een middeleeuw gebouw heeft gesloopt?

 

Of is het een actie van een narcistische projectontwikkelaar om dit museum in te doen storten, zodat er een lelijk kantoorpand voor in de plaats kan worden gebouwd? Helemaal niet vergezocht. Vorig jaar is nog een historisch monument ‘per ongeluk’ gesloopt door een dergelijke doorgestoken kaart …… Het ‘Van Der Klauwlaboratorium’. Schandalig natuurlijk!

Even later loop ik in Het Leidse Hout. Het is verrukkelijk weer. Alles bloeit door elkaar. Sneeuwklokjes, narcissen, krokussen…. Ook zie ik het fluitenkruid al boven de grond staan. Zelfs de daslook loopt al uit. Ruim drie maanden te vroeg!

Dus ik woon al jaren naast de op één na grootste elektromagneet ter wereld? Zou dat wel gezond zijn? Doet dat ding het alleen als je em aanzet of heb ik jarenlang in een raar magnetisch veld gezeten? Zou dat hebben gemaakt dat ik steeds zieker ben geworden? En ik maar denken dat dit zo’n goeie plek is om te wonen, omdat er onder de Schouwburg een bron ontspringt…..

Volgens het boekje ‘Mooie Mensen’ is mijn medemens de oorzaak van mijn ellende. Zoals de meeste mensen met een auto immuunziekte heb ik last van Darwinmensen. Die ijskoude harteloze overlevers ten koste van anderen. Hun kenmerken vertonen een verbluffende overeenkomst met de gemiddelde narcist. Volgens de anonieme schrijfster hebben alle lijders aan auto immuunziekten één ding gemeen: Het zijn gevoelsmensen.

Gevoelsmensen gaan vaak relaties aan met Darwinmensen en vice versa vanuit het principe: Opposites attract. Helaas ontwikkelen al dit soort relaties zich ten koste van de gevoelsmens. Die blijft met lege handen achter, terwijl de Darwinmens als winnaar uit de strijd komt. Daar weet ik alles van. Dat is me al zo vaak gebeurd! En echt niet alleen in liefdesrelaties…….

Het boekje raakt me. Het confronteert me met wie ik eigenlijk ben: Een mooi mens. De laatste tijd wordt het me steeds duidelijker hoe ik in elkaar steek. Ook zie ik in dat ik me regelmatig met verkeerde mensen in laat. Mensen, die helemaal niet bij mij passen. Medemensen, waar ik last van heb. Een oude gewoonte.

Doordat ik altijd omgeven ben geweest met Darwinmensen weet ik gewoon niet beter. Ik ben in mijn oude groef blijven hangen. Ik produceer nog steeds hetzelfde gedrag om me tussen hen te handhaven: Pleasen, me uitsloven, op eieren lopen, met niets tevreden zijn en geven, geven, geven. En als het dan echt niet meer gaat trek ik me terug…….

‘Ik doe helemaal geen concessies meer,’ zei een vriendinnetje van Ras en Heks onlangs hierover, ‘Dat betekent dat ik nog maar een paar vrienden heb.’ Ik vrees dat het bij mij ook die kant op gaat.  Als ik geen concessies meer doe blijft er weinig over: Een hele kleine basis om op te bouwen. Tja. Vooruit maar.

Klein, maar stevig als een rots!

Goedesmorgens allemaal. Heks heeft er zin in vandaag. Eerst met Varken de bossen bij Endegeest in. Herinneringen aan mijn tijd in dit gesticht. Lekker wandelen over de markt, beetje flirten…… En de dag is nog niet eens om! Vanavond naar het theater!

images-371

Goedesmorgens gekke Ysbrandt, goedesmorgens maffe Panter, goedesmorgens rare Boskat, kom eens lekker hier Rooie Miep, Snuiterd, Bolster, Lapje en Pippi. Ik knuffel mijn katten en dol met mijn hond. Heks is in een goed humeur. Ik stap zomaar met mijn goede been uit bed! Goed onthouden wel been dat is, ik vergis me nogal eens tegenwoordig.

Als ik de woonkamer in loop spettert zonlicht door de gordijnen. Ik trek ze open: Wauw! Wat een prachtig weer! Door mijn gisteren gelapte ramen is het goed naar buiten kijken. Toch open ik de balkondeur en snuif de frisse voorjaarslucht op. Heerlijk!

Eerst maar eens een koppie koffie, pijnstillers en een broodje met Tahin. Ik check mijn statistieken. Door het plafond, alweer. Voor de zoveelste keer. Wat gek, zo vroeg op zaterdagmorgen. Iedereen ligt dan toch nog op 1 oor? In Amerika niet. En daar hebben ze verwoed zitten lezen vannacht….

Opeens is het leven niet meer zo’n opgave. Er lijkt iets verschoven te zijn vanbinnen. Tevreden stap ik onder de douche.

Even later ben ik op weg naar fysiotherapie. Mijn martelmeesteres is een weekje op vakantie geweest. Met haar zus. Naar New York. ‘Hoe was het in The Big Apple?’ Brede lach ‘Geweldig Heks! Het vloog natuurlijk voorbij. We zijn lekker naar musea geweest en vooral heel veel naar mooie muziek gaan luisteren.’

Haar zuster is jazzsaxofoniste en heeft jarenlang in New York gewoond en gewerkt. En gestudeerd natuurlijk. En opgetreden….. Wat moet het geweldig zijn om met zo’n gids op stap te gaan in de stad die nooit slaapt!

‘Gelukkig is het niet zover, in verband met het tijdsverschil. Had je last van een jetlag?’ Mijn kwelgeest schatert het uit, ‘Welnee, ik ben direct doorgegaan naar de carnaval. In Tilburg! Ik heb net zo lang gefeest totdat ik zo moe was, dat ik in één klap over die jetlag heen was.’ Oh, oh. Wat een energie! Intussen heeft ze ook nog eens al haar tentamens gehaald! Knap hoor.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Met Varkentje duik ik vervolgens de bossen rond Kasteel Endegeest in. Hier kun je heerlijk wandelen. Gek eigenlijk, die naam in combinatie met het gekkengesticht, dat hier is gevestigd. Het einde van je geest….. Het zal oorspronkelijk wel iets hebben betekent als het einde van Oegstgeest. Of het einde van de geestgronden…… Het is een prachtig landgoed. Opeens zijn we eventjes helemaal weg uit de stad.

Als kind ben ik hier ambulant behandeld bij kinderpsychiatrie. Om af te kicken van de valium. Ik bleek er niets te zoeken te hebben, met mijn koppetje was niets mis. Alleen had iemand het nodig gevonden om me valium en dergelijke voor te schrijven. Eén of andere neuroloog. Na een reeks hersenschuddingen en een kleine hersenbloeding. Littekenweefsel in mijn hersenen zou de ondraaglijke hoofdpijn veroorzaken waar ik aan leed, vandaar.

Rijksmonumentnummer 515002: IJskelder kasteel Endegeest

Ja, een jong kind jarenlang op de valium, dat kan natuurlijk niet goed gaan. Ik viel dan ook wel eens zomaar uit de ringen op gymnastiek. Of van mijn fiets: Hopla,  weer een hersenschudding!

Uiteindelijk heb ik wel iets gehad aan mijn behandeling  bij dit instituut. Niet direct. Eerst moest ik nog langs een idioot van een psychiater. ‘Masturbeer je wel eens?’ vroeg hij nieuwsgierig. Ik was piepjong en rete-naïef. Waar had die man het over? Hij liet me ontspanningsoefeningen doen op zo’n slaapbank. Ik voelde me doodongelukkig bij die kerel.

Hierna kwam ik in handen van een betweterige drilsergeant van een vrouw. Het was een kolossaal wijf en ik was een beetje bang van haar. Haar goedbedoelde opmerkingen dat ik toch een mooi en lief en slim meisje was kwamen niet over, want ze wekte bij mij sterk de indruk, dat ze zichzelf dik en lelijk vond. Ze walste over me heen!

Maar tot slot kwam er een hele tere zachte vrouw. Een geurende bloem. Zij wist mijn vertrouwen te winnen en heeft me destijds overeind geholpen en genoeg hulpmiddelen  meegegeven om te kunnen overleven in mijn leven. Ik was niet eens zelf het probleem heb ik uiteindelijk ontdekt. Zo’n twintig jaar later pas!

Vandaag lijkt mijn leven nieuw en fris. Rare herinneringen ploppen op en verdwijnen weer. Ik loop door een tuin met bloeiende krentenbomen. Hele hoge. Prachtig. Iets verder is de aarde ouderwets omgespit met een schop. Ik zie het aan de vierkantige brokken grond. Het ruikt heerlijk naar onze Grote Moeder.

Vanmiddag loop ik over de gezellige Leidse markt. Een knappe kerel loopt met me te flirten. Er hangt een beetje kwijl aan zijn kin……Toe maar! Ik doe boodschappen voor vanavond: Heks gaat lekker koken voor iemand en daarna naar het theater! Ik kom duidelijk weer enigszins tot leven!

Gisterenavond at ik bij Frogs. Na het geven van het wekelijkse gifbad aan Ys inclusief een paar enorme wandelingen met het Varken heeft hij ook nog voor me gekookt. Wat een schat!

Later die avond zet hij vuilniszakken voor me buiten. Terwijl ik ze dicht sta te knopen, trekt hij zijn jas aan. Plotseling hoor ik een nummer van Polo Montañés in mijn hoofd. ‘Oh, Frogs, ik heb zin om even lekker salsa te dansen….’ roep ik enthousiast. Perplex kijkt mijn vriend me aan. ‘Dat liep ik net te denken,’ zegt hij verbluft.

De jas gaat uit en de vuilniszakken moeten wachten. Even later zwieren we door de kamer. Frogs heeft een pittig hoedje opgezet. Trots zie ik hem voor de enorme spiegel heen en weer draaien. Ik moet erom lachen. ‘Loop je jezelf te bewonderen?’ plaag ik hem. Mijn kikkervriend grijnst me toe. ‘Natuurlijk, Heks. We zien er geweldig uit!’