Narrige Hofnar, narcistische narigheid, knorrige heksjes, knokige kniezers, kniezende kleuters? God houdt van iedereen. Ook van mij! Heks kan er met haar pet niet bij. Zelfs niet met mijn toverhoed. Maar het geeft moed, dit inzicht. Moed aan wanhopigen!

‘Heks, het valt toch wel mee dat chronisch slechte humeur van jou?’ Steenvrouw kijkt me nieuwsgierig aan. We zitten gezellig te dineren in mijn kleurige maar verre van keurige heksenkeukentje ergens in de laatste weken van het oude jaar.

Het gesprek gaat over al die woede, waar ik mee te dealen heb gehad de laatste jaren. We liggen dubbel van de lach, omdat ik het niet kan laten er de draak mee te steken.

Mijn machteloze eenzame scheldkanonnades richting vervelende voorouders, voormalige vermeende vrienden, stomme toevallige voorbijgangers en tegenwerkende trage voorwerpen hebben al bewezen weinig nut te hebben. En volgens sommige medemensen word ik daar nou zo ontzettend moe van. Niet van de ME.

‘Je hebt gelijk, lieve schat, ik bedacht me ook laatst, dat ik van nature helemaal geen kwaad wijf ben. Ik betrap mezelf praktisch elke dag op een goed humeur. Zit ik weer met een stralend gezicht op mijn vouwfiets. Geniet ik enorm van mijn gekke hondje. Moet ik schaterlachen om medemensen. Maak ik met iedereen een opgeruimd praatje. Raak ik vertederd door een klein kind. Of een donzige pup….’

Goddank.

‘Ik realiseer me ook maar regelmatig dat het goddelijke van alles en iedereen houdt. Zelfs van iemand als Adolf Hitler. Zag laatst een documentaire over die griezel: Zijn modus operandi indertijd is overigens identiek aan wat Trump nu uithaalt in de VS…..  Fake news, minderheidsgroepen verketteren en ga zo maar door. Allebei narcisten natuurlijk. Enorm interessant programma!’

‘Dus God houdt ook van dat grote dwarse lelijke kind dat de Verenigde Staten bestuurt. Koning, nar en narcist tegelijk. Van mij houden zal dan ook wel lukken….’

Het dringt langzamerhand tot me door, dat ik helemaal niet zo’n razende troela ben als ik steeds beweer. De grondtoon van mijn leven is nog altijd zacht. Ik spring alleen sinds een jaar of vijf uit mijn vel in bepaalde situaties. In plaats van datzelfde huidje duur te verkopen. Aan de eerste beste charlatan.

Na een leven lang slikken en pikken ben ik begonnen met het stellen van grenzen. Aanvankelijk op een manier van ik gooi iemand door de voordeur naar buiten en met een zielig gezichtje komt dezelfde figuur door de achterdeur weer naar binnen geslopen. Maar sinds een jaar of drie lukt het me beter om ongewenste entiteiten echt buiten mijn heksendeur te houden.

Helaas voel ik me er helemaal niet beter door. ‘Als je toegeeft en het iemand toch weer naar de zin maakt, ook al gaat dat ten koste van jezelf, ben je in elk geval een toffe peer. Of een goed mens. Of een echte lieverd……’ beweer ik tegen de Don afgelopen weekend. Ja, het is zo.

Mensen teleurstellen levert weinig positiefs op in eerste instantie. Pas na een hele tijd blijkt het toch wel fijn te zijn als bepaalde mensen niet meer bovenop je lip zitten te zuigen. Ze blijken ook gewoon door te leven zonder jouw niet aflatende aandacht. Tevens is jouw plek in dat leven intussen met het grootste gemak opgevuld door iemand anders met vergelijkbare kwaliteiten. Geen mens is nu eenmaal onmisbaar.

‘Het allermoeilijkste is om jezelf te zien. Dat laatste tijd lukt het me eindelijk om mijn kant van het verhaal in beeld te krijgen. Hoe het niet stellen van grenzen zeer uitnodigend werkt op allerlei lieden, die graag grensoverschrijdend opereren. Hoe  jarenlang mijn mond houden als ik me gekwetst voelde in de hand heeft gewerkt dat mensen geen rekening met me houden. Hoe…., hoe…….’

Mijn geklaag is mosterd na een moeizame maaltijd. Sommige klaagzangen liggen me gestaag al zo’n vijfenvijftig jaar zwaar op de maag. Of vijfendertig. Of vijftien. Of vijf…… Maar nooit kort. Ik dien mijn publiek zelden direct van repliek. Als ik het al eens doe is het hooguit een morsige meevaller.

Dus Heks ziet eindelijk zichzelf. Het is zover. Na jarenlang de ander begrijp ik nu eindelijk iets van mijn eigen aandeel in het geheel. Een geheel zonder winnaars en verliezers. Dat hele idee, dat we moeten winnen en de beste moeten zijn is echt volledig achterhaald.

En zoals altijd loopt de werkelijkheid achter de feiten aan. Je kunt geen TV programma zien of iemand moet weer iets winnen. Of de beste zijn. Liefst allebei. Zelfs het opzetten van een ideale samenleving voltrekt zich middels een uiterst competitief traject. Treurig.

Maar goed, dat is misschien een beetje een stokpaardje van me aan het worden.

Heks heeft natuurlijk veel te veel tijd om na te denken. Ik sla hele dagen stuk in mijn eentje. En dat al jarenlang. Ik heb een hoofd, dat geneigd is te denken. Filosoferen is 1 van mijn overlevingsstrategieën. De Don heeft er ook last van. Samen kunnen we urenlang reflecteren op ons bestaan.

‘We zijn toch ook wel een soort moderne hofnar,’ grapt de Don. Heks hoopt het. De ouderwetse nar mocht echt alles zeggen aan het hof. Dingen waar bij ieder ander de doodstraf op stond kraamde zo’n nar zonder enig gevaar voor eigen leven uit. Luidkeels. Het was bij de wet verboden om hem ervoor te straffen….

Misschien was ik alleen maar een beetje te narrig de laatste jaren. De keerzijde van mijn vrolijke noot. De laatste weken heb ik om de haverklap weer de leukste ontmoetingen en gesprekken. Zomaar uit het blinde niets. Zoals in de tijd toen iedereen mijn partner was. Voordat ik  me bewust werd van narcisten en psychopaten. Voordat ik hen hiervan begon uit te sluiten.

Het goddelijke sluit niemand buiten. Het goddelijke omvat alles. Goed en kwaad betekenen niet meer dan slechts links en rechts in die eeuwige optiek. De gulden middenweg bewandelen is de kunst. Ik mag misschien wel in mijn handjes knijpen, dat ik mijn keerzijde heb leren kennen. Me ermee heb vereenzelvigd.

Wellicht ben ik tegenwoordig veel beter te nassen dan in mijn jaren als heilige boon. En zoals je weet: Heilig boontje, loont niet, maar komt om zijn loontje.

‘Heksiedroppie, lieve zotteklapperke,’ noemde mijn dode verloofde me indertijd. Toen hij nog onder ons was. Ja: Een zot zijn. Swiebertje. Malle Mietje. Het is me een eer en genoegen. En het is ook de moeite waard: Een dag niet gelachen…….

Heks is veel liever een nar, dan een narcist!

Een nar of hofnar is de officiële grappenmaker aan het hof van een vorst of bij een rederijkerskamer. Vooral in de Middeleeuwen was de hofnar populair, maar in de loop van de 18e eeuw verdween deze aan de meeste hoven.

Een nar was soms iemand die door afwijkende geestelijke of lichamelijke eigenschappen (mismaakt; ‘geestelijk beperkt’) onbewust de spotlust opwekte, soms een intellectueel die bewust spotte en politieke invloed had. Sommige talen onderscheiden beide figuren, zoals in het Engels (buffoon versus jester).

De nar kleedde zich vaak in een voor hem gemaakt pak, voorzien van zogenaamde narrenbellen. Soms droeg hij een staf, narrestok, zotskolf of Marot. De nar had een bijzondere sociale positie. Enerzijds wekte hij de indruk onderaan de sociale ladder te staan, anderzijds was hij in de positie leden en gasten van het hof te doorgronden en hen voor de gek te houden. Hij kon ingaan tegen de heersende opvattingen, zonder dat hij ervoor gestraft werd. In die zin had hij juist een hoge sociale status.

In de Orde van de Dwazen was de geborduurde nar op de kleding een herkenningsteken.

Tegenwoordig speelt de nar in Nederland nog een rol tijdens carnaval, hij staat dan Prins Carnaval bij.

Moord is gestoord. Doodslag helpt veel goeds om zeep….. Van een bloedbad knapt niemand op en je handen in onschuld wassen is dan allang geen optie meer. Heb je bloed aan je handen? Dat wast het water van de zee niet meer af. Waarom gaan mensen niet weg? Waarom laten ze niet los? Waarom wraak? Respectloos iemands leven nemen? Heks kijkt naar de verkeerde televisieprogramma’s. Ze zit echt teveel alleen.

 

Vannacht kijk ik ouderwets naar allemaal enge programma’s op ID. Maanden heb ik deze griezelzender links laten liggen, maar opeens stop ik mijn bewustzijn weer vol met verhalen over hoe mensen elkaar letterlijk het licht in de ogen niet gunnen.

De ene enge moord na de andere komt voorbij. Geld, macht, seks….. De motieven vallen zonder uitzondering binnen dit spectrum. De dader is heel vaak een bekende. Meestal een partner of familielid.

Het is sowieso niet ongebruikelijk dat een iemand zijn of haar hele clan uitmoordt. Of dat broers en zusters een pact aangaan om een zwart schaap of rijke suikertante uit de weg te ruimen. Of hun onuitstaanbare stiefvader.

En dan die levensverzekeringen…… Ook hier ter lande worden er regelmatig mensen om die reden door hun partner of tante Truus om zeep geholpen. Neem nooit zo’n verzekering! Je bent je leven niet meer zeker!

Heks kan al niet slapen en deze beelden helpen nu niet bepaald mee. ‘Rare mensen toch, om iemand in te huren om hun ex af te knallen.’ verzucht ik in mezelf. Het zijn meestal de bullies die dit doen. De pestkopen. De treiterbakken. De mensen, die zich in de relatie al meermalen misdragen hebben.

Het vereist blijkbaar een bepaalde persoonlijkheid of beter gezegd persoonlijkheidsstoornis om tot deze daden te komen. En Heks weet intussen als geen ander hoe die stoornissen heten.

Maar dat vliegertje gaat niet altijd op. Het zijn niet zonder uitzondering de narcisten en psychopaten, die toeslaan. Soms doen mensen plotseling iets gewelddadigs, omdat ze knappen. Omdat er iets kapot is gegaan vanbinnen.

Omdat ze niet meer zijn, die ze eigenlijk zijn. Murw geslagen door hun ex. Geplet in het geweld van een disfunctioneel gezin. Geknakt door het leven. Kapot gemaakt door een psychopaat.

‘Waarom nemen ze geen afstand? Waarom gaat iemand niet weg?’ Heks schudt haar hoofd. Ja, waarom?

Ook het verschil in strafmaat blijft me verbazen. Soms is iemand na een paar jaar alweer op vrije voeten, nadat hij hoogstpersoonlijk meerdere vrouwen heeft ontvoerd, verkracht en vermoord. Maar een ander zit decennia in de bak, omdat hij niet direct de politie heeft gebeld, toen zijn broer zijn schoonfamilie elimineerde.

Ze waren allebei strontlazarus, maar de ene was aan het moorden geslagen, omdat hij zin had in seks met het minderjarige zusje van zijn ex en de ander zat gewoon in de auto te suffen.

‘Kijk niet naar die ellendige zender, Heks,’ maan ik mezelf. Wat is dat toch? Steeds als ik de hik krijg van mijn eigen achtergrond ga ik kijken naar dit soort afschuwelijke televisieprogramma’s. Alsof ik iets of iemand wil bezweren. Maar wat of wie?

Of probeer ik mezelf ervan te doordringen, dat dit soort dingen bestaat. Dat mensen voor wat geld, macht of slechte seks over lijken gaan. Dat ik blij mag zijn, dat niemand in mijn omgeving dat ooit heeft gedaan.

Of zoek ik een verklaring voor de gebeurtenissen in mijn leven, waar ik geen vat op heb? Probeer ik de vinger te leggen op gedrag, dat ik niet begrijp? Dat me in wezen vreemd is? Probeer ik te achterhalen, wat mensen bezield om ten koste van anderen te leven? Probeer ik het onmogelijke? Verklaren wat mensen drijft tot dit soort wandaden?

Ik moet echt zorgen meer onder de mensen te zijn. Heks zit alweer sinds woensdagmorgen alleen. Met een flinke knuppel in mijn hoenderhok. Heks heeft enorm veel behoefte aan aandacht. Krijgen wel te verstaan. Ik wil mijn verhaal kwijt.

Ik heb sinds woensdagmorgen een piepjong meisje van de thuiszorg gesproken, ze heeft een paar uur lopen stofzuigen, dus een goed gesprek was het niet.

Ik heb met de doktersassistente gebabbeld, terwijl ze een paar injecties mijn kont in joeg. Ik heb mijn fysiotherapeut uitgewisseld, terwijl ze me systematisch martelde. Dit levert natuurlijk geen geweldige gesprekken op allemaal.

En ik heb de Don aan de lijn gehad, maar die belde ’s morgens vroeg. Toen ik nog helemaal in de kreukels zat. Stijf als een plank. Toen ik nog niet kon bewegen, laat staan praten. Want: Stampende hoofdpijn. Misselijk.

Ik moet hier iets op verzinnen. Maar wat? Ik probeer dit probleem al dertig jaar op te lossen. Helaas heb ik gewoonweg de energie niet om erop uit te gaan. Vaak heb ik niet eens de energie om iemand te bellen. Het gebrek aan energie breekt me dagelijks op. Het went nooit.

Maar mijn uitputting heeft ook positieve kanten:

Heks is ook echt te moe om wie dan ook te vermoorden. Laat staan een moord te beramen. Ik heb er echt de kracht niet voor. En dat is natuurlijk goed nieuws.

VADER VERMOORDT ZOONTJE (1) OM LEVENSVERZEKERING OP TE STRIJKEN

 

 

 

 

Inspiratie! Mensen, die schilderen vanuit opperste concentratie. Of een wonderlijke textiele creatie. En van de kaart raken door iets op de kaart te zetten. Je eigen landkaart wel te verstaan! De kaarten zijn geschud. Ik leg ze op tafel!

Zondag is een heerlijke dag. Eerst gaat Kortjakje naar de kerk. Mijn kerk waar god goddank ook een vrouw is. Dat is me al in geen weken gelukt! We krijgen een preek over die inhalige tollenaar Zacheüs voor de kiezen. Een huisjesmelker avant la lettre. Een genadeloze afperser, belastinginner en incassobureau in één. Je snapt dat zijn stadsgenoten de pest aan hem hadden.

Maar goed, de man is gegrepen door de verhalen die over Jezus de ronde doen en hij klimt in een boom. Hij is namelijk echt piepklein, het is onmogelijk voor hem om over de enorme menigte heen te kijken die de Heiland achtervolgt. Hij wil echter per se die man zien, waar iedereen het over heeft.

Op een gegeven moment ziet de redder der mensheid hem zitten tussen de bladeren. En dan nodigt Jezus zichzelf uit in zijn huis! Ha! De man is helemaal in zijn nopjes.

De rest van de stad snapt er geen snars van. Waarom ga je in godsnaam eten bij zo’n creep in een huis waar je nog niet dood gevonden wilt worden?

Zo zie je maar weer. Voor god telt iedereen. Zelfs een stelende thuiszorg of een malafide leider of een knettergek familielid. Narcisten en psychopaten? Het goddelijke houdt van alles en iedereen. Zonder aanziens des persoons. Onuitstaanbaar natuurlijk voor diegenen onder ons, die enorm hun best doen om goed te zijn. De uitverkorenen die weten hoe het heurt. Zit zo’n zondaar op de eerste rij! Alweer. De koekepeer.

Ik drink koffie met Jip en Janneke. Oh, wat gezellig toch weer. Janneke laat me een oude foto zien van haar en Jip tijdens een dagje uit. ‘Kijk, ik rook een sigaretje…. Grappig he, al jaren niet meer gedaan.’ Tot mijn verbazing heeft Jip zwart haar in zijn jonge jaren. ‘Ik dacht altijd dat hij blond was.’

‘Nee, Heks, hij had ravenzwart haar, het was een knapperd hoor!’ Ze zijn allebei heel erg knap, wat leuk om te zien!

Voor de kerk staan een paar straatmuzikanten te spelen. Vandaag wordt het Gouden Pet festival gehouden. Een vast onderdeel van de Leidse Lakenfeesten. Heks heeft jaren geleden wel eens meegedaan samen met Buurman en ons Dikkertje Tromkoor. Mijn goede vriend in Lederhose en ik in een echte originele Dirndljurk.

Met een enorm decolleté dankzij de opgevulde oude voedingsBH gekregen van mijn oma. Compleet met geit, bakfiets, wringer, zeepsop en de kanten gordijnen van mijn grootmoeder……

Vandaag doe ik niet mee. Ik ga lekker een beetje met VikThor door de stad wandelen vanmiddag. En genieten.

Het is heerlijk weer, niet te warm. De stad loopt vol vrolijke mensen en iedereen is aardig vandaag! Wat een feest. In een tijdelijke winkel in de Haarlemmerstraat koop ik een heleboel schoenen voor een habbekrats. Geweldige zwarte rubberlaarzen. Fantastische pumps, die precies bij een hoed van me passen. Warme winterlaarsjes die ik zonder sok moet passen, ik stop mijn dunne katoenen sjaal dus maar in die schoen, bijna niet te doen. Korte roze regenlaarsjes……

Omdat ik opeens met twee tassen loop te sjouwen breng ik alles eerst naar huis. Opnieuw loop ik de stad in, maar nu laat ik alle winkels links liggen. Ik wil nog eventjes kijken op de kunstmarkt. Terwijl ik onderweg ben hoor ik de klok vijf keer slaan. Hmmm. Misschien is alles nu wel voorbij. En inderdaad. Op de Hooglandse Kerkgracht wordt flink opgeruimd. Diverse kraampjes zijn al helemaal leeg.

Een hele lieve dame is bezig om prachtig keramiek in te pakken. We krijgen een superleuk gesprek over de geschiedenis van de diverse motieven. Sinds ik in een indrukwekkend Frans keramiekmuseum ben geweest twee jaar geleden heb ik meer oog gekregen voor deze kunstvorm. ‘Oh, dit stelt allemaal niks voor,’ roept de dame bescheiden, ‘Het is gewoon een uit de hand gelopen hobby….’

Wat verder raak ik aan de praat met een vrouw, Tineke Jacobs, die met zwarte inkt hele mooie tekeningen maakt op zwaar geschept papier. Een soort kalligrafie zonder letters. ‘Het vraagt opperste concentratie. Elke streek moet raak zijn!’ vertelt ze me.

Ook drukt ze foto’s af op metaal en gaat daar dan weer in zitten frasen…. In dezelfde kraam hangt prachtig werk van een andere kunstenaar,Gerard Schoenmaker. Hij maakt driedimensionale ‘schilderijen’ met textiel. Ongelofelijk mooi.

Als ik het kaartje zie van de kunstenares ben ik blij verrast. Al jaren zie ik links en rechts haar werk voorbij komen, maar ik wist nooit welk gezicht erbij hoort. Ze is ook altijd heel actief met allerlei projecten hier in de stad. Ik noem er een paar op. ‘Oh, wat leuk dat je dat nog weet, dat is al twintig, dertig jaar geleden….’

We staan elkaar aan te kijken en roepen tegelijkertijd ‘Je komt me toch zo bekend voor.’ Ongetwijfeld hebben we elkaar vaak gezien in de kunstzinnige Leidse wandelgangen.

Een andere kunstenaar, Martijn Kessler, voegt zich bij ons. Het is een lange vent, die hoeft niet in een boom te klimmen om over de menigte heen te kijken. Vrolijk begint hij met me te flirten, ‘Oh, je schrijft als toverheks? Wat erotisch!’ We schateren het uit. Hij is beslist niet bang uitgevallen, de meeste mannen zijn als de dood voor heksen!

De man heeft een geweldig leuk bedrijf. Ze maken fantasielandkaarten. Associatieve cartografie. Kaarten van niet bestaande landen. Nou ja, niet bestaand…. Dat weet je maar nooit. Misschien zitten mensen wel de contouren een parallelle werkelijkheid in beeld te brengen. Wie al het zeggen?

Zo dans ik blij door de stad. Al dagen maak ik weer de leukste dingen mee, hetgeen maar weer bevestigt hoe relatief de werkelijkheid is. Stik je van opgekropte woede, dan reageren mensen heel anders, dan wanneer je vloeit en stroomt.

images (1)

’s Avonds krijg ik een geweldig idee. Ik wil ook een landkaart maken. Van mijn innerlijke landschap. Dat landschap, dat ik zo goed ken, waar ik regelmatig in rondwandel. De heuvels en bergen, grot met de vuurspuwende draak, bronnen, enorme rivier, het lieflijke dal met de zwarte madonna……. Wat lijkt me dat leuk!

En dan al die onbekende gebieden, de delen waar ik nog nooit geweest ben. De omringende zeeën, oceanen. Het onherbergzame hooggebergte. De vuurspuwende kraters. IJzige kou.

Vandaag sjouw ik een enorm doek de trap op. Ik pak mijn ezel uit de werkkamer en installeer me in de woonkamer. Naast de open balkondeur. Bijna buiten.

Het valt nog niet mee om zo’n landkaart te maken, ontdek ik al snel als ik met een stuk houtskool wat contouren teken. Gelukkig krijg ik diezelfde middag een uitnodiging om een keertje te komen brainstormen van de expert. Ha. Misschien ga ik dit doek gewoon volgooien met een hoop verf. Vanuit het idee. En dan maar kijken wat er uit komt.

 

Wat doen mensen toch leuke dingen met hun leven. Wat wordt er toch altijd weer prachtige kunst gemaakt. Heks is heerlijk geïnspireerd geraakt om zelf weer aan de gang te gaan. Hoera!

Wat is associatieve cartografie?

Gewoontepatronen laten zich niet gemakkelijk doorbreken. Je kunt ze maar beter vervangen door iets nieuws. Heks worstelt met haar neiging elke keer in dezelfde groef terecht te komen. Misschien is het tijd voor een nieuwe bezem: Die vegen tenminste schoon!

Sinds ik terug ben van mijn retraite is het zaak om niet direct in mijn oude patronen te vervallen. ‘Gewoonte energie’ noemen ze dat in Bhoeddhistische kringen. We hebben er allemaal last van: Je wilt wel anders, beter leven, maar je zit vast in je groef. Van je groef in je graf als je niet uitkijkt. Bewust zijn, jezelf her inneren: Het is een hele klus.

Toch zit em hier wel de kneep.

Ik ga het klooster in met een brandende vraag. Hoe kun je het nog hebben over de fundamentele goedheid van de mens als je met narcisten en psychopaten te maken hebt? Dit kwaadaardige volkje dat alleen om zichzelf geeft en verder louter neemt. Deze liegende en bedriegende medemensen. De wolven in schaapskleren. Die machtswellustige en seksueel gefrustreerde egoïsten……

Waar blijf je met al je goede bedoelingen oog in oog met deze onmenselijke persoonlijkheidsstoornis?

Ik krijg er geen antwoord op. De meeste mensen hebben geen idee wat narcisten nu eigenlijk voor’n wezenloze wezens zijn. Net als ik een tijdje geleden. De neiging bestaat om compassie te hebben met deze meedogenloze agressors. Ik ken die neiging.

Dan hoor ik tijdens een Dharmatalk door een sprankelende non opeens het verlossende woord. Haar verhaal gaat niet over narcisten, noch over psychopaten. Hier in Plumvillage zijn alle mensen gewoon medemensen.

‘Soms zie je iemand lijden, maar ze willen het niet toegeven. Of je ziet iemand, die heel boos is, maar ze beweren van niet. Sterker nog: Ze zeggen rustig dat jij boos bent en dat jij lijdt. Maar ook voor hen geldt: Zolang je niet toegeeft dat je lijdt verandert er niets. Je zit er in vast. Je kunt overigens zowel in lijden als geluk blijven steken….’

‘Wees geen slachtoffer,’ zegt Thay altijd. Hij is er zelf het levende voorbeeld van. Zelfs in zijn huidige positie, na het herseninfarct. ‘Wie weet hoe hij moet lijden kan er zijn voordeel mee doen. No mud, no lotus.’

In de loop van de retraite verdwijnt de noodzaak om een antwoord te krijgen op mijn vraag. Ik ben stomweg helemaal niet meer bezig met het thema narcisme. Evenmin denk ik aan de narcisten in mijn leven. Het is me om het even. Leven en laten leven. Ze zoeken het maar uit. Zolang zijzelf hun lijden niet erkennen is er weinig aan te doen. En als er iemand al iets aan moet doen dan zijn ze het toch echt zelf……

Wel dringt het tot me door dat ik beter voor mezelf moet zorgen. Ik neem iedereen in bescherming behalve mezelf. Ik spring voor Jan en Alleman in de bres, maar mezelf laat ik creperen. Ik stel niet of nauwelijks grenzen en die worden dan nog met voeten getreden en zwaar overschreden. En dat vergeef ik dan weer grif.

Ook moet ik ophouden met alleen maar te luisteren naar anderen. Ik mag zelf ook delen wat er in me omgaat. Zeker bij vrienden! Na mijn relatiebreuk is het me met enige regelmaat gebeurd dat mensen waar ik altijd eindeloos naar zit te luisteren me na een paar weken de mond snoerden. Of ik kon ophouden met die verhalen, ze wisten het nu wel!

Thuisgekomen zit ik elke dag op mijn kussentje te mediteren. In de stilte luister ik naar mezelf. Ik ben mijn eigen soulmate. Daarnaast zie ik maar weinig mensen en dat voelt prima. Ik ben op zoek naar nieuwe patronen en daar horen nieuwe gewoontes en nieuw gedrag bij. Maar o jee, ik schiet als ik niet uitkijk zo weer in mijn oude groef.

Het leven test me door iemand op mijn pad te sturen, die een zwaar beroep op me doet. Soms kun je er gewoon met je petje niet bij hoe onrechtvaardig mensen door hun dierbaren behandeld worden. Als dan ook de omgeving een duit in het zakje doet en de maatschappij er nog een schepje bovenop doet en het rechtssysteem faalt……

Heks voelt natuurlijk compassie opwellen in haar hart en voor ik het weet spring ik in de bres. Ik luister, schrijf brieven, help uit de brand, bid en brand kaarsjes. Niks mis mee.

Toch moet ik ook in deze situatie heel goed mijn grenzen bewaken, want als ik niet uitkijk vreet het me op. Ik realiseer me dat ik in een mij zeer bekend patroon ben beland:

Een wildvreemde of vage bekende zit zwaar in de shit en staat bij me op de stoep. Ik bied de helpende hand en een luisterend oor. Een scheve ‘vriendschap’ ontstaat, waarbij ik luister en geef. Dit gaat geruime tijd goed. Dan verandert er iets: De andere partij haalt me onderuit, gaat op mijn nek zitten of probeert me de les lezen. Ellendig einde verhaal.

Vorige week in de kerk zette iemand nog op die manier haar nagels in me! Ook die dame heeft regelmatig haar hart bij me gelucht toen ze in de problemen zat bedacht ik me later. Ik ben daar uiterst discreet mee omgegaan natuurlijk, maar toch vindt ze het nodig me op mijn nummer te zetten! MEUH!

Kort samengevat: Eerst zet iemand je op een voetstuk, omdat ie je nodig heeft. Dan beland je in een zogenaamde vriendschap die mank gaat. En tot slot stampt zo’n medemens je dan de grond in, omdat je tegenvalt in het gebruik.  Een simpele formule op zich. Dat wel.

Tijdens de retraite lukt het me prima om mijn grenzen te bewaken.  Tevens luisteren mijn sangha-familieleden ook naar hetgeen ik te vertellen hebt en wat mij bezig houdt of pijn doet tijdens de dharmadiscussies. In deze veilige omgeving oefen ik verwoed op het mezelf handhaven tussen mijn medemensen. En het lukt!

Thuisgekomen is dat een ander  verhaal. In mijn gewone dagdagelijkse omgeving wankelt mijn besluit om mijn ruimte in te nemen. Het is ontzettend moeilijk om zaken anders aan te pakken. Grenzen trekken is niet echt mijn ding. Ook kost het me moeite om niet aardig te zijn. Ik ben een hopeloze pleaser… Ik geef al iets weg voordat ik er over heb nagedacht. En elke keer doe ik het weer.

Daarom zit ik nu stil op mijn kussen te ademen voordat ik iets doe of toezeg. Ik trek wel een grens, doe soms de deur niet open. Ik leg niet uit waarom en hoe, maar bescherm mezelf tegen mensen die me leegtrekken. Er is namelijk een groot verschil tussen energie geven en leeggetrokken worden. In het eerste geval komt het uit de ‘Oneindige Bron’. Dat gebeurt als ik mensen instraal bijvoorbeeld. Dat is heerlijk, ook voor mezelf.

Helaas pluggen er regelmatig mensen stiekem in. Ze verorberen mijn persoonlijke energie, zoals een vampier het bloed van zijn gastheer… En ik heb al zo weinig energie: Ik wil het nu wel eens voor mezelf gebruiken. Al was het alleen maar om mijn huis op te ruimen! Maar ook tekenen en schilderen, lezen en muziek maken schieten er al jaren bij in.

‘You have to take care of yourself before you can take care of others,’ zegt televisiegoeroe Phil op de achtergrond van mijn geschrijf tegen de dochters van een ontaarde alcoholiste. Zij houden van hun moeder, maar diens hersenen zijn zo vergiftigd door drank en pillen, dat ze die liefde op een bizarre manier retourneert. Ik zie ongelofelijke voorbeelden voorbij komen. Tenenkrommend. Wat een keihard wijf!

Phil vervolgt ‘Als jouw moeder ontkent dat jij bent misbruikt door haar partner en de relatie met die man gewoon nog 12 jaar doorzet: Stop er geen energie meer in. Jij moet nu echt voor jezelf gaan zorgen. Je bent ernstig getraumatiseerd en jouw moeder ontkent dat. Erken het in elk geval zelf en zorg voor dat geschonden kind in je, zodat je kunt helen. Eerder kun je niets voor wie dan ook betekenen!’

Wat zegt Thich Nhat Hanh ook alweer? ‘We rennen vaak zonder erbij na te denken achter de brandstichters aan, als ons huis in de fik vliegt.’ Je hebt er niets aan. Het is ook gewoonte-energie. En ook ‘Als je niet thuis bent bij jezelf kan iedereen met het grootste gemak inbreken en de boel leeghalen‘.

Ik ben bezig om voor mijn eigen woning te zorgen, mijn ruimte te beschermen. Ik hoop daar een goede gewoonte van te maken…..