Knibbel knabbel knuisje: Ieder huisje heeft zijn kruisje. Heks verlaat haar heksenhuisje…. En trekt de wijde wereld in spin, de bocht gaat in. Uit spuit.

‘Het is toch ook altijd hetzelfde. En telkens vergeet ik dat weer. Ben ik een maand in Plumvillage, een soort snelkookpan aan processen en inzichten, kom ik thuis en moet ik het allemaal nog eens dunnetjes over doen.’

‘Het hele najaar heb ik in de kreukels gezeten. Moest ik opnieuw het wiel uitvinden van verbinden met de Sangha-schapen. Opnieuw woedend op mijn voorouders geweest en eveneens opnieuw me met hen verbonden. Ook stukjes goud onder hen gevonden…..’

Heks zit bij de homeopaat. Ik praat en praat. VikThor ligt slapjes onder haar stoel. Hij is nog steeds niet helemaal de oude. Zo mager als een lat. Morgen ga ik een kuurtje voor hem halen.

Langzaam ploeter ik mezelf een weg door strontland. Ouwe shit in nieuwe vaten. Het levert vruchtbare grond op, al die modder…. dat zeker. Maar leuk is anders. Het mag wel een onsje minder wat mij betreft.

Een paar dagen later rijd ik vroeg de stad uit in mijn kanariepiet. De achterbumper wappert een beetje. Losgeraakt tijdens het inparkeren van deze of gene hier in de buurt. Die nam dat inparkeren wel erg letterlijk.

Ik zal em straks met een knalgele smiley-sticker weer aan elkaar plakken. De ervaring leert, dat het euvel dan weer een tijdje verholpen is. Op mijn gemak tuf ik naar de hoofdstad. Er is geen sterveling op de weg. Om half tien parkeer ik in de P.C.Hooftstraat.

1 voor 1 druppelen de heksjes uit alle windstreken binnen. Sommigen met een druppel aan de kromme neus na een woeste tocht op de bezemsteel. Anderen bepakt en bezakt met grote zelfgemaakte trommels van paardenhuid. Allemaal eigenzinnige dames. Eigenwijze tante Betjes.

Vandaag gaan we aan de slag met krachtdieren. Ik heb al flink liggen dromen over een krachtdier. Een hele heftige droom. Ik werd als het ware bij mijn kladden gegrepen. Door het krachtdier van iemand anders.

Is dat nu ook mijn grote vriend? Dat valt nog te bezien. ‘Krachtdieren komen je vaak besnuffelen,’ vertelt onze juf de vorige keer, ‘Met name de slang, de tijger en die en die staan daarom bekend.’

Ik word dus druk besnuffeld. Heks besluit het allemaal af te wachten. Niet teveel in te vullen. Te genieten van het proces.

De gehele zondag zijn we druk in de weer. Lekker aan het heksen. Heks gooit zich volop in de strijd. Als een slang kruip ik over de grond tussen rijen schreeuwende toverkollen door. Ze klauwen naar me. Houden me tegen. En moedigen me aan.

Om maar iets te noemen.

Dagenlang moet ik bijkomen. Zo’n dagje als een normaal mens tekeer gaan komt me op een week gekreukel te staan. Minstens. Maar ik heb het er voor over!

Tijdens het slangenritueel neem ik afscheid van een aantal zaken, die me hinderen op mijn heksenpad. Ik laat werkelijk heel wat achter me.

Wijs geworden door eerdere ervaringen realiseer ik me, dat ik wat ik verworven heb tijdens dit ritueel wel moet implementeren in mijn dagdagelijkse leventje.

Eindelijk maak ik dan een afspraak om EMDR te gaan doen op datgene wat me hindert op dit pad. Al die mensen, die ik los moet laten. Liefst in liefde. Als het eventjes kan.

Loyaliteit is een prachtige eigenschap, maar je kunt ook overdrijven. Om thuis te komen bij mezelf moet ik vooral thuis geven. Loyaal zijn aan mezelf. Om te beginnen. De rest volgt vanzelf.

 

Synchroniciteit: Heremetijd! Groene zijden soepjurk als acausaal, verbindend beginsel? Het is een feit! Heks beleeft heerlijke avonturen op de vierkante millimeter. Het kan echt niet beter!

Op de eerste dag in Plumvillage loopt Heks maar zo’n beetje rond te dazen. Nog behoorlijk in de kreukels en half gaar van de reis luister ik naar de eerste lezing. Vervolgens sjok ik opgewekt mee met de wandelmeditatie.

Langzaam bewegen we over het terrein. Een grote groep net gearriveerde retraitanten. Ik kijk eens een beetje om me heen. Honderden gezichten. Een prachtige jonge vrouw valt me direct op. Ze heeft rood haar en rode schoenen. Donkerrode Mocassins.

‘Prachtige schoenen zeg. Kijk nou,’ zoem ik inwendig. Ik observeer de vrouw op mijn gemak vanuit mijn slaperige ooghoek: Ze komt me zo bekend voor! ‘Zij is zoals ik, een heksje, ik zie het, ik zie het,’ zingt het in mijn hoofd.

Even later is ze weer tussen die honderden onbekenden verdwenen. We zijn klaar met wandelen. Het is tijd voor de lunch.

Diezelfde avond maak ik kennis met mijn familie. De roodharige jongedame zit er ook in. Wat een toeval. We hebben direct een klik.

Halverwege de retraite omhelzen we elkaar voor het een of ander. Er wordt behoorlijk wat afgeknuffeld daar in Plum. Vooral in onze onvolprezen familie. Mijn nieuwe zuster draagt een knalgroen jack.

‘Wat staat die kleur groen je goed. Je zou eigenlijk een lange zijden jurk in die teint moeten hebben,’ flap ik er spontaan uit. ‘Ik heb precies zo’n zijden jurk in de kast hangen,’ denk ik er achteraan. Maar ja. Daar heb ik nu niks aan.

De laatste avond van de retraite worden we vermaakt door de monniken en nonnetjes. Ze treden voor ons op samen met een aantal leken. We zitten op het Boeddhaveld, terwijl de avond valt. Overal branden lampionnen en kaarsjes. Het podium is schitterend versierd. Een gigantische lotus vervaardigd uit bamboe vormt het ‘achterdoek’…….

Heks zit met haar eigen Mahakatyayana familie. We leunen tegen elkaar aan en doen lekker klef. Het is onze allerlaatste avond. We gaan elkaar enorm missen. Nu kan het nog…….

Halverwege het programma haakt het grootste deel van de familie af. Ze gaan naar bed. Morgen moet iedereen aan de bak. Autorijden of eindeloos met de bus. De treinen staken helaas. Sommigen van ons zijn al een dag eerder vertrokken om hun vliegtuig te halen……

Heks en haar roodharige vriendin Meermin blijven echter wachten op de hartsoetra. Die wordt driestemmig uitgevoerd is ons beloofd. Dat willen we niet missen!

Het duurt en duurt. Ik ben doodmoe intussen. Maar vervelen doe ik me niet: Het ene geweldige optreden na het andere volgt. Net als ik op het punt sta om toch weg te gaan is het dan eindelijk zover. We worden getrakteerd op een prachtige vertolking van de hartsoetra!

Meermin en Heks zitten in lotushouding naast elkaar te luisteren. We laten we het helemaal binnenkomen. Vooral de zeker vijf minuten durende doodse stilte na afloop. Zit je daar met honderden mensen en niemand geeft een kik. Dat geeft pas een kick!

Op weg naar ons eigen klooster in mijn kanariepiet kletsen we een beetje. We zijn kapot moe en het is al behoorlijk laat. Voor deze plek dan. ‘Oh, maar ik ben met mezelf getrouwd,’ roep ik enthousiast naar aanleiding van ons onderwerp. Dat ik nu volledig kwijt ben.

‘Ik ook, ik ook,’ lacht mijn vriendin, ‘Kijk maar, ik heb ook een trouwring.’ Ze duwt haar  vinger onder mijn neus. Een prachtige gouden stersaffier schittert me tegemoet. ‘Ik ook, ik ook,’ schreeuwt Heks helemaal wakker nu. Ik laat mijn trouwring zien. Een veelkleurige edelopaal! Ongelofelijk. Ze is echt net zoals ik. Dat had ik toch maar goed gezien die eerste keer!

Afgelopen zaterdag zoekt Meermin me op. Ze is een aantal dagen in Nederland. ‘Mijn hotel is in Hugh, is dat ver bij jou vandaan?’ Nee, Den Haag ligt tegen Leiden aan!

Zo haal ik mijn roodharige zielzuster van het station. We rijden naar het hondenstand in Noordwijk met mijn hondje. Het is heerlijk weer. We wandelen en zwemmen. Drinken thee en kletsen. Gaan ergens lekker lunchen!

‘Weet je nog, dat ik het over een groene zijden jurk had, die je zo geweldig zou staan?’ Ze kan het zich herinneren. We hebben het vandaag ook al over synchroniciteit gehad. Een begrip, dat ons beiden na aan het hart ligt. ‘Ik dacht toen bij mezelf: Ik heb thuis zo’n jurk. En later realiseerde ik me, dat je naar Nederland zou komen. Een prachtige gelegenheid om eens te kijken of die jurk je past……’

Heks tovert een pakje tevoorschijn met daarin de bewuste dreamdress. ‘Het is een ongelofelijk romantisch geval. Dus je moet echt eerlijk zijn, hoor. Als je het niks vindt: Gewoon zeggen.’

‘Ook heb ik em gerepareerd. Hij is dan wel gloednieuw, de stof is zo delicaat, dat er wat stiksels los hadden gelaten……..’ Ik geef niet graag iets, dat kapot is.

‘Ja, ik zal eerlijk zijn,’ begint Meermin. Dan slaakt ze een kreet. ‘Oh, wat een prachtige jurk!’ Snel past ze em over haar zwempak heen. Heks maakt de schouderbandjes op maat. Die moeten behoorlijk worden ingekort, want ze zijn afgesteld op mijn apenarmen. Maar verder past ie perfect! De jurk zit als gegoten. Hoera!

Mijn vriendin danst over het strand in haar zeemeerminnenjurk. Ze ziet er fantastisch uit.

Heks moet inwendig gniffelen. Als ik in Plumvillage toen niet spontaan vanuit het blinde niks over een groene zijden jurk was begonnen was dit allemaal niet gebeurd. Wat is het leven toch grappig als je last krijgt van synchroniciteit!

Niet dat het altijd zo mooi uitwerkt. Sommige mensen hebben een broertje dood aan dit fenomeen. Zelfs al dansen ze plots op magische wijze om elkaar heen, begeleid door hemelse klanken, dan doen ze toch snel hun ogen en oren dicht. Of erger nog, hun hart.

Dus dit verschijnsel op zich is niet zaligmakend. Dat heb ik door schade en schande nu eindelijk wel geleerd. Sommige mensen zijn ziende blind en horen met dove oren.

Maar wat heerlijk als het wel gewoon stroomt en is. Als de wonderen de wereld niet uit zijn. Als de werkelijkheid er eentje is van warme boventonen. En frisse onderstromen. Als meer meerminnen via die verse stromen je leven binnen zwemmen. Als, als…….

Ja dat!

Pech onderweg is niet voor watjes zeg. Heks koopt op de valreep een knalgeel fluorescerend jasje en dat is maar goed ook. Mijn voornemen nu eens op tijd om Parijs heen te zijn gaat op in rook. Ik kom dan wel voor hete vuren te staan, maar ik heb de soep heus heter gegeten. Uiteindelijk is het leven een groot avontuur. En: Vandaag loopt alles goed af!

Een paar dagen voordat ik naar Plumvillage vertrek haal ik de Don van het station. Strak in het pak stapt hij bij me in de auto. De koffer met nog meer pakken en hoeden gooien we achterin. In Huize Heks hangen ook nog eens een maatpak en een colbertje klaar. Hij komt deze maand wel door!

De volgende dagen ga ik door met het voorbereiden van mijn reisje. Afgewisseld met kletskous-sessies met mijn oude vriend. Zijn aanwezigheid werkt twee kanten op. Enerzijds houdt het me rustig, zodat ik mezelf niet voorbij hol. Anderzijds leidt het me geweldig af, waardoor sommige items uiteindelijk niet in mijn bagage terecht komen…..

Ergens onderweg naar mijn tassen neergelegd en vervolgens vergeten. Zo vergeet ik mijn toetsenbord, oplaadsnoer van mijn iPod-achtige apparaatje, bodylotion en zonnebrandproducten. Nou ja. Wat kan het schelen? Uiteindelijk zit ik evenzogoed met een gigantische berg teringzooi in mijn autootje.

Twee dagen voor vertrek breng ik VikThor naar zijn logeeradres. Hij wordt met open armen ontvangen door de hyperactieve zoon des huizes. Eindelijk iemand met meer energie dan mijn hondje! Wat zal mijn ventje het geweldig hebben hier!

 

De avond voor vertrek stouwen we mijn kanariepiet alvast vol. De Don sjouwt alles naar beneden en ik prop alles vakkundig in mijn bolide. Ik gooi knalgele dekens over mijn spulletjes en parkeer mijn karretje in een steeg om de hoek. Zodoende hoef ik de volgende morgen alleen maar een kop straffe koffie naar binnen te gieten en mijn tas met belangrijke paperassen in te laden.

Zo vertrek ik dan op een voor mij ongebruikelijk vroeg tijdstip. Het zonnetje schijnt. Ik zit werkelijk voor tienen op de snelweg! Om direct bij Rotterdam in een geweldig verkeersinfarct terecht te komen. Er is een vrachtwagen met spijkers omgevallen in de bocht op de ring. Hierdoor hebben tweehonderdachtenzestig auto’s een leuke lekke band gekregen. Het verkeer staat vast van hier tot Tokio.

Goeie hemel. Op het allerlaatste moment besluit ik dan toch maar over Barendrecht te rijden. Ik ben niet de enige met dit gezegende idee, dus ook hier sta ik uren vast. In de stromende regen en storm. Want het is ongelofelijk ellendig weer geworden intussen. Met grote moeite houd ik me staande tussen al het vrachtverkeer.

Via Zeeland kom ik alsnog in België terecht. En vandaaruit uiteindelijk in Noord-Frankrijk. Daar zie ik plotseling dat ik nodig moet gaan tanken, net op het moment dat ik langs een slecht aangegeven in het struweel verborgen tankstation kom. Helaas moet ik wel eerst vier banen oversteken en dat lukt niet meer. Volgende station dan maar……

Plotseling houdt mijn karretje ermee op. Precies waar de weg zich splitst. De rechterbanen gaan naar Calais en de linkerbanen naar Parijs. Heks staat stil op de kleine strook tussen deze voortrazende verkeersaders. Wat nu? Is mijn tank gewoon leeg of is er toch iets anders aan de hand? Ik bel met de ANWB.

‘U moet wachten op de franse verkeerspolitie. Zo is de wet, we kunnen eventjes niets voor u doen. U moet dit en dat nummer bellen en uw positie doorgeven, die staat op die paaltjes langs de weg, kijk maar goed, bladiebla….’

Heks zit intussen badend in het zweet in haar kleine voiture door stapels bagage heen te gluren of ze zo’n verrekt paaltje ziet. Maar nee. Precies op dit kruispunt der wegen zijn die dingen dun gezaaid. Ik zal eropuit moeten……..

Ik trek mijn net aangeschafte lichtgevende gele vestje aan en wurm me voorzichtig uit de auto.

Met gevaar voor eigen leven ga ik op zoek naar zo’n verdraaid paaltje. Goeie hemeltje, wat rijden ze hier hard. Links en rechts suizen enorme vrachtwagens voorbij. Na zo’n vijfhonderd meter ontwaar ik een paaltje in het struikgewas aan de overkant. Ik tuur me suf en stamp de nummers in mijn kop. Nu weer terug schuifelen…..Heks is blij als ze weer in haar autootje zit.

Een klein half uur later komen er franse mannetjes met een grote auto vol wegversperringsmateriaal. Snel zetten ze de rechterbaan af. Binnen een minuut staat er een gigantisch file. ‘Voor mij,’ glim ik tevreden. Zorg ik ook eens een keertje voor oponthoud.

Wat een opluchting.

Ik begroet mijn redders enthousiast. Ik prijs hun onverschrokken heldendaden hier ter plekke. ‘Ach,’ wuiven ze mijn complimenten verlegen van de baan, ‘We zijn het gewend…..’ Ze krijgen plezier in het geval, vooral als er allemaal mannen uit de stapvoets voorbijrijdende auto’s gaan hangen. ‘Bonjour,’ schreeuwen die naar een opgelucht lachende Heks met haar cowboyhoed en dito laarzen.

Mijn spijkerjurkje valt enorm in de smaak van dit onverwachte publiek. Mijn redders staan trots te lachen naar hun concurrenten. Opgewekt instrueren ze me over wat nu komen gaat. ‘Je wordt weggesleept. We mogen geen benzine in je tank gooien. Het is bij de wet verboden. Bovendien kan het ook iets anders zijn. Hopelijk. Anders moet je die sleepwagen zelf betalen…..’

 

Ze grijnzen me opgewekt tegemoet. O jee. Nou ja, ik ben allang blij dat het allemaal meevalt. Ik heb doodsangsten uitgestaan het afgelopen uur.

Even later arriveert de sleepwagen. De wieldop wordt van mijn achterwiel gelicht en in  no time staat mijn kanariepiet op zijn enorme grote broer te kwetteren. Heks zit al voorin de gigantische cabine van de wagen. Ik ben intussen in een prima humeur. Ik heb de grootste file veroorzaakt, die je je maar kunt voorstellen. En zelf rijden we vrolijk voor de meute uit.

Met een rotvaart jakkert de chauffeur door het franse platteland, tot hij in een stadje een schier onmogelijk manoeuvre uithaalt. Achteruit steekt hij zijn gevaarte door een poort. Plotseling staan we op het binnenplaatsje van een rommelig garagebedrijf met sleepwagen en al. De eigenaar van dit zootje ongeregeld gaat helemaal glimmen als hij Heks in het vizier krijgt. Ik heb een fan!

Even later duwen ze mijn karretje de garage in. Een leger mannetjes stort zich op de motorkap. Heks staat in het aangrenzende kantoor met haar nieuwe aanbidder. We kijken door de ruit naar de kluwen monteurs, terwijl hij met de ANWB belt.

Een besmeurde monteur komt binnen stuiven met de diagnose. De baas ratelt vervolgens in het frans tegen de man van de ANWB. Smijtend met terminologie, die ik niet ken.

Intussen knipoogt hij olijk naar me. Of heeft hij een vuiltje in zijn oog? Hij knippert en knijpt er op los. Dan geeft hij me de hoorn. ‘Het is uw benzineleiding. Het slangetje is losgeschoten. Geen wonder dat u opeens stil stond….’ toetert de man van de alarmcentrale in mijn oor, ‘Ze zetten er een nieuw slangetje op en dan kunt u weer verder rijden.’

De man met het vuiltje in zijn oog kijkt me stralend aan. ‘Ik heb er ook nog maar 10 liter benzine ingegooid,’ vertrouwt hij me toe. Dat begrijp ik. ‘Wat krijgt u van me?’ Ik kijk in mijn portemonnaie en geef hem vijftig euro. ‘Welnee,’ roept de man verontwaardigd, ‘Dat is echt veel te veel. Kijk,’ hij wijst naar een tientje dat ernaast ligt. Dat is ruim voldoende……

Voor de hele meute van de door mezelf  veroorzaakte enorme file uit tuf ik naar Parijs. Daar kom ik alsnog in een nieuw verkeersinfarct terecht, met een slakkengangetjes worstel ik me over die verduivelde Boulevard Périphérique. Hier heeft mijn vader wel eens een band staan verwisselen op een brug zonder fatsoenlijke vluchtstrook. Zo koel als een kikker. Het kan dus wel degelijk erger……

Na Parijs knal ik door tot Vierzon. Daar weet ik een lief hotelletje vlak bij de snelweg. Om kwart voor 11 ’s avonds bel ik aan. De deur zit al op slot, iedereen slaapt. Behalve de beeldschone zoon van de eigenaresse. Slaperig doet hij de deur open. Hij checkt me in en een half uur later lig ik ook op 1 oor. Eten doen we morgen wel weer. Nu eerst maar eens schandalig lekker slapen.

 

 

 

 

 

Veelbewogen dag met louter tegenslag, maar ook veel mooie momenten. Emotioneel afscheid van geliefde tante. Het regent pijpenstelen, dat geeft de stemming aardig weer. Maar er is meer. Hoogtepunten zelfs!!! Heks ziet haar familie weer!

Sergei Polunin

Donderdagavond zie ik een documentaire over de danser Sergei Polunin. De balletdanser waar de zwaartekracht geen vat op lijkt te hebben. Vooral niet al hij cocaïne heeft gebruikt……

Hoe zijn hele familie kromlag om zijn studie te kunnen betalen. Zijn vader in Portugal, zijn grootmoeder in Griekenland. Zijn moeder bleef bij haar kind als zijn persoonlijke toegewijde verzorgster.

Hoe hij zijn motivatie haalde uit het voornemen om middels succes in de danswereld zijn familie weer te herenigen. En de neergang vanaf het moment, dat zijn ouders toch echt gaan scheiden…….

De familie is uiteengeslagen door de gebeurtenissen, terwijl dat juist niet de bedoeling was! En hoewel ze elkaar al jaren niet hebben gezien is de definitieve breuk tussen de ouders een enorme dreun voor de jongen. Vanaf dat moment komt hij in de problemen. Zijn drive is weg. Veelzeggend.

Zo zie je maar weer hoe belangrijk je familie is. En hoe ontregelend het kan zijn als die basis wegvalt.

Dan valt het beeld weg, storing bij Ziggo. Gelukkig maar, want ik moet gaan slapen. Morgen moet ik vroeg op. We gaan mijn tante Mar begraven. Heel plotseling is ze ertussenuit geknepen

Het regent pijpenstelen op de dag dat mijn tante naar haar laatste rustplaats wordt gebracht. Heks fietst door de gietende regen naar de dokter voor haar prikken. Dat red ik nog precies, gek eigenlijk. Ik dacht dat het niet zou lukken eerder deze week, toen ik de rouwkaart eens grondig bestudeerde.

Als ik weer naar huis wil gaan breekt mijn fietssleutel af in het slot. K.U.T. Wat nu? Het is de elektrische ebike van mijn moeder. Loodzwaar. En ik heb maar 1 sleutel. Waarvan de helft nu in het slot bivakkeert.

Paniekerig probeer ik de sleutel eruit te schudden, maar ja, schudden met een fiets van 300 kilo op zijn kant is natuurlijk niets voor een MEpatiënt. Ik vraag me af of er überhaupt mensen zijn die er bij een dergelijk sportief hoogstandje zonder kleerscheuren van af zouden komen. Heks voelt haar gewrichten piepen en kraken. Hier en daar valt er eentje uit de kom.

Dan komt de assistente op me af met een mes. Ze heeft me zien tobben en komt me te hulp. Strijdvaardig heft ze de vervaarlijke brievenopener, want dat is het, in de lucht om vervolgens het slot te lijf te gaan. Vakkundig wipt ze het restant sleutel uit zijn gevangenis. Dat is alvast iets. En iets is beter dan niets…..

Ik loop dus maar weer naar huis. Mijn hoofd tolt van de zich plotseling opstapelende problemen. Ik moet ten eerste een sleutel laten maken, maar ik ben hartstikke blut. Gelukkig kan ik poffen in de natuurwinkel. Voldoende voor een nieuw exemplaar en een paar liter benzine. Mijn tank is ook leeg……

Maar eerst ga ik naar de begrafenis van mijn tante, Heks is met deze vrouw en haar dierbaren opgegroeid. Ze woonde maar een paar huizenblokken bij ons vandaan, deze opgewekte rebbelende lakonieke dame met haar grote drukke gezin.

Ik moet nu echt opschieten. Als ik er de sokken niet in zet ben ik te laat. Snel schiet ik iets netjes aan en spurt naar mijn auto.

Dan begint er een martelgang om in Voorschoten te geraken. Hemelsbreed helemaal niet zo ver van Leiden, maar de stad is opgebroken, alsmede vol verdwaalde Duitse toeristen en trage lesauto’s. Mensen blijven stilstaan voor groene stoplichten of gewoon midden op straat. Invoegen is ook heel problematisch opeens. Heks vloekt tussen haar tanden. De minuten tikken genadeloos voorbij.

Sergei Polunin

Voorschoten is onlangs volledig op de schop gegaan, hetgeen de doorstroming van het verkeer in dit lintdorp niet ten goede komt. Zacht uitgedrukt. Ook is het marktdag. De Voorstraat, waar ik meestal parkeer, is vergeven van de kraampjes en winkelende mensen.

Het parkeerterrein erachter is volgebouwd met tenten vanwege een festivalletje. Mijn god, hier ook al? Het is een plaag dit soort activiteiten.

Alle omringende parkeerterreinen zijn zonder uitzondering stampvol. Heks rijdt intussen paniekerig van hot naar her, want het wordt steeds later. Wanhopig schiet ik een woonwijk in. En daar vind ik dan eindelijk de zo begeerde parkeerplek. Hoera!

‘Ik haat dit stomme dorp,’ ligt dan al in mijn mond bestorven. Ik ken dit oord natuurlijk goed, ik ben er opgegroeid. Sputterend sprint ik naar de kerk. Onderweg probeer ik mijn stemming om te gooien. Zo kan ik toch niet Gods huis betreden? Vloekend en scheldend?

Nu ben ik extra vroeg opgestaan om op tijd te komen. De condoleance heb ik overgeslagen, want het wordt toch al een hele lange dag. Maar de dienst wil ik toch echt bijwonen. Ik schuif twee minuten te laat naar binnen. Wat gek. Iedereen zit al. De kist staat er al. De dominee staat volop te preken……

Een vreemde gang van zaken. Maar ik ben allang blij dat ik binnen ben. Het is altijd een hele bevalling om ’s morgens ergens acte de présence te geven. Ik kom dan uit de prehistorie zetten, dit gaat bovendien gepaard met stevige spierpijn en heftige griepverschijnselen. En vandaag ben ik ook nog door het lot tegengewerkt.

Het koor gaat zingen. Prachtig! Ik heb niet al teveel gemist gelukkig. Denk ik op dat moment nog. Maar als we even later gezamenlijk een lied gaan zingen, zie ik dat de dienst al bijna voorbij is. Huh? Ik ben maar liefst een uur te laat gekomen. Hoe is dat nu mogelijk?

Bij Heks is alles mogelijk. Mijn hoofd is een leuk aangeklede vergiet. Met een hoedje erop om mijn gedachten bij elkaar te houden. En zelfs dan kan het me nog gebeuren dat ik de plank helemaal mis sla. Zoals vandaag.

Gisterenavond heb ik nog even goed gekeken op de rouwkaart. Zo laat dit en dan dat. En tot slot zus en zo. Duidelijk. Behalve dat ik mijn bril niet ophad en het behoorlijk schemerig was in mijn woonkamer. Ik heb het dan ook niet goed gezien, tijden door elkaar geklutst en dan krijg je dit!

Op dat moment vind ik het niet zo erg. Het wordt toch al een lange dag en nu is ie gelijk iets korter. ‘Je hebt wel wat gemist hoor,’ hoor ik echter later. Mijn oom heeft prachtig gesproken. Een persoonlijk In Memoriam. Heel bijzonder.

De kerk is afgeladen vol. Wat een rijk leven! En dat hoor ik steeds terug deze dag. Mijn vrolijke kwebbel van een tante had gewoon een enorm netwerk van mensen om zich heen. Met haar 87 jaren stond ze nog midden in het leven. Ze zal enorm gemist worden.

Heks krijgt een overdosis familie te verstouwen, niet mijn sterkste punt. Toch sla ik me dapper door alle gesprekken heen. Hoe het met me gaat? Daar lul ik me dan uit. In werkelijkheid heb ik geen idee. Wat heb ik nu voor’n leven? Ik ben de risee van de familie. Althans, zo ervaar ik het vaak.

Vandaag kom ik echter allemaal lieve neven en nichten tegen en ooms en tantes en een zuster, die echt enorm blij zijn om me te zien. Een fijne ervaring.

Ons eigen gezin is helemaal uit elkaar gevallen. Of ik ben eruit gevallen. Uit het nest geduveld. Een beetje geduwd misschien? Ik heb me nog een hele tijd aan de rand vastgeklampt. Heb me terug naar binnen geprobeerd te wurmen. Iets dat het bij vogels meestal goed doet.

En uiteindelijk losgelaten. Noodgedwongen. Wegens vergaand verkrampte spieren. Wat moet je ervan zeggen? Het gebeurt. Zulke dingen. Best vaak zelfs. Het is mij gebeurd.

Ik kijk naar die grote drukke familie. Luidruchtige mensen. Wat een lawaai toch altijd! Saai is het in elk geval nooit bij ons…… Mensen proosten op het rijke leven van mijn tante. Heks luistert naar alle ontroerende verhalen rondom haar dood.

Lachsalvo’s schieten links en rechts uit groepjes omhoog. Ja, lachen kunnen ze als de beste, die familieleden van Heks. Het is één van de mooie erfenissen van mijn voorouders. Naast een vat vol woede is er ook een groot potentieel aan humor doorgegeven.

Dit is de familie van vaderskant, maar de clan van mijn moeder is nog veel erger. Hun humor is bijkans dodelijk. Vraag maar aan mijn exen.

Sergei Polunin

Na een paar uur ben ik helemaal gaar. Om me heen eten mensen taartjes, soep en broodjes. Ik heb ook trek gekregen. Het is dan ook al vier uur intussen. Heks gaat naar huis.

Daar wacht me nog de ondankbare taak om een nieuwe sleutel te laten namaken van dat afgebroken exemplaar. Met de nieuwe sleutel op zak wandel ik weer met VikThor naar de dokter. Het giet bakken van de hemel. Later lees ik dat er op één dag net zoveel regen valt in Leiden en omgeving als normaal gesproken in een maand. Arme tante. Ze treft het niet haar eerste nacht buiten.

Ik stop de sleutel in het slot, maar nee. Hij past niet. Potverdorie.

Weer schelden natuurlijk, want ik ben intussen doodmoe. En helemaal doorweekt. Toch ga ik mijn auto halen. Dus weer lopen naar huis….. Met mijn halvezolige oververmoeide lijf. Ik durf die fiets daar niet de hele nacht te laten staan.

Tierend rijd ik vervolgens met mijn kanariepiet door de stad. Ik moet enorm omrijden, vanwege de idiote onlogische rijrichtingen in de binnenstad. Vik kijkt me verbaasd aan. Wat heeft de Vrouw toch?

Met een enorme kreun til ik die loodzware fiets in mijn achterklep. Ik heb het eerder gedaan, dus het kan. daar houd ik me aan vast.

Daarna rijd ik stapvoets naar huis. Af en toe moet ik stoppen om de achterklep weer omlaag te doen, want ik heb geen stuk touw bij me. Helemaal afgedraaid zit ik wat later in mijn stoel.

Ik bel de Don. Geduldig luistert hij naar mijn verslag van deze rampendag. Het duurt uren voordat ik weer een beetje mens ben. Dan ga ik eten. Eindelijk. Om vervolgens nog uren wakker te liggen. teveel prikkels, indrukken en emoties. Daar ben ik dan weer eventjes zoet mee.

Later lees ik een raar berichtje op de familie app. Zitten ze me nu te dissen? Ja, het is zo. Of niet? Of toch wel? Mijn god. Het houdt ook nooit op.

 

 

Trollen, elfen, heksen en draken: Heks gaat naar Castlefest beter bekend als Kesselfest. Een fantasy festival rondom kasteel Keukenhof. ‘Helemaal wat voor jou Heks, je zult je er thuisvoelen!’ Ik dos me flink uit, maar val totaal niet op tussen het extreme verkleedgeweld in de tuinen rondom het kasteel. Vervelen zul je je hier niet! We kijken onze ogen uit!

 

©TOVERHEKS.COM

Een week geleden zit ik met Trui aan de telefoon. ‘Laten we wat leuks gaan doen, er eens lekker op uit gaan!’ roepen we tegen elkaar. Allerlei plannetjes passeren de revue. We zijn net aangeland bij de Parade als mijn mobiel gaat. Ik neem em natuurlijk niet op. Maar als hij direct daarop nog eens rinkelt geef ik toch maar gehoor. Het is Hopla.

©TOVERHEKS.COM

‘Heks, ik ben ziek. Maar ik heb een paar kaarten voor Kesselfest. Hartstikke leuk. En nu dacht ik aan jou, jij vindt dat vast fantastisch. Heb je zin? Het is morgen al!’

Ik heb de telefoon op speaker gezet, zodat Trui mee kan luisteren. Helaas, we kunnen niet. Ik moet naar de fysio en mijn vriendin gaat haar dochter midden in de nacht naar Schiphol brengen. Maar als ik opper dat we wel in de middag zouden kunnen zijn de plannen snel gemaakt. We gaan naar een fantasy festival!

Die avond verzamel ik wat informatie over wat ons te wachten staat op internet. Het is een wild gebeuren zie ik. Iedereen gaat er verkleed heen. Laat ik vooral ook iets geks aantrekken!

De volgende dag haal ik de kaartjes op. ‘Oh, zo jammer dat we niet kunnen gaan, ik verheug  me er altijd zo op!’ Hopla staat bleekjes in de deuropening. ‘Heel veel plezier!’ ‘Dank je, lieve schat. En jij: Heel veel beterschap!’

©TOVERHEKS.COM

Om twee uur staat Trui voor mijn neus. In haar gewone kloffie. Snel plant ik een hoedje op haar hoofd. Oh, wat staat dat geinig! Zelf heb ik intussen mijn rare glinsterende zeemeerminnenjurk al aan. Op mijn hoofd staat een soort vliegende schotel. Even flink met de kwast over de kaken en klaar is Kees.

©TOVERHEKS.COM

Het leukste van ons uitje is dat VikThor mee kan. ‘Hondjes welkom, mits aangelijnd,’ staat er op de festivalsite. Ik stop wat pensstaven en een fles water in mijn tas. En allemaal lekkere dingetjes voor onszelf. Mijn maatje brengt olijven, garnalen en ansjovisjes in. Op de valreep loop ik nog terug voor een flesje ijskoude witte wijn……

©TOVERHEKS.COM

En hop, we zijn op weg. Met mijn kanariepiet. Bij de Keukenhof zet ik mijn auto ergens op het immense parkeerterrein. Overal zien we vreemd uitgedoste mensen lopen richting het park. We sluiten ons aan en kijken onze ogen uit. En we zijn nog niet eens binnen!

©TOVERHEKS.COM, VikThor is ook verkleed en hij heeft een stropdas om!

‘Mijn man en kinderen zaten me wel te pesten met het feit dat ik hierheen ga….’ maakt Trui me aan het lachen. Ik had mezelf hier ook niet zo snel gespot. Ik heb nooit iets gehad met door medemensen bedachte fantasiewerelden. Ik kon bijvoorbeeld nooit door de boeken van Tolkien komen, ik leefde in mijn eigen sprookjeswereld. En dat was meer dan genoeg!

©TOVERHEKS.COM

Eenmaal binnen maken we een grote ronde over het terrein. Goeie hemel, wat hebben mensen er een werk van gemaakt om zich bizar uit te dossen! We zijgen neer aan een picknicktafel en gapen sprakeloos om ons heen.

Heks ziet een man lopen met een dood dier op zijn schouders. Je zou denken dat hij em ergens naar toe brengt, maar het blijkt een deel van zijn outfit te zijn, dat karkas. Ik zie hem telkens weer ergens opduiken met dat kreng in zijn nek!

Ook loopt er een vrouw met een nepschaap op een kinderwagen. En een meisje met een kat als rugzak. Op die tas zit ook nog een kooitje met daarin een halve gare muis. Ik geef maar een paar voorbeelden.

Dames in prachtige droomjurken. Heel veel trolachtige wezens, mensen met puntoren, een beul met masker en levensgrote bijl, in gezelschap van zijn bloedende slachtoffer……..

©TOVERHEKS.COM

Gezinnen met kinderen, allemaal verkleed. Ik kan nog wel uren doorgaan. Maar dat doe ik niet, ik laat wel een paar foto’s zien. De meeste gemaakt toen we op weg naar huis bij de uitgang eventjes zaten uit te puffen met een kopje thee. Hele grappige foto’s ontdek ik achteraf. Vermoeide verkleedde mensen met tassen vol aankopen gedaan op de uitgebreide fantasymarkt. Voldaan. Uitgevloerd. Op weg naar huis.

©TOVERHEKS.COM

Heks kwam ook nog in de verleiding om een enorme hoge vilten heksenpuntmuts te kopen. Maar bij nader inzien heb ik besloten er zelf eentje te gaan maken van de zakken ruwe wol, die ik laatst in mijn berging heb gevonden. ‘Hoe moeilijk kan het zijn?’ denk ik overmoedig.

  

Het weer is heerlijk, ondanks de dubieuze voorspellingen. In de loop van de middag stallen we onze picknick uit op het meegebrachte kleed. Om ons heen spelen kinderen in ridderpakjes met hun vader. VikThor zit alles vol aandacht gade te slaan.

©TOVERHEKS.COM

Maar nu we  lui bij de uitgang zitten te lanterfanten slaat het weer plotseling om. Als we het terrein aflopen duikt een dreigende donkere lucht op vanachter de bomen. Aan de andere kant is de hemel nog knalblauw. ‘Daarom is iedereen op weg naar huis, ik vond het al zo gek. Hebben zeker op buienradar gekeken….’

©TOVERHEKS.COM

Vlak voor we bij de auto zijn barst het noodweer los. In een paar stappen zijn we doorweekt. Goddank hebben een we allebei een piepklein parapluutje boven ons voor boven onze hoofden. VikThor is natuurlijk echt kletsnat. Door een gordijn van water ploeteren we naar de uitgang. We hadden ons de moeite van een uitrijdkaart kunnen besparen: Ongezien verlaten we het terrein….

©TOVERHEKS.COM

‘Hoe vond je het?’ vragen Hopla en haar man me later. Fantastisch. Ik heb een heerlijke middag gehad. En mijn ogen uitgekeken. De muziek was ook heel apart. En het is echt een festival voor iedereen. Groot, klein, jong, oud, dik, dun, rijk, arm, bloedmooi, aartslelijk, wit, zwart, groen en geel…… Iedereen is even welkom en aanwezig.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

Ik hoorde ook allerlei vreemde talen om me heen, tot elfentaal aan toe! Het is best een internationaal gebeuren. En tevens een heel apart wereldje, die fantasy-wereld. Maar vooral: Superrelaxed.

Was het in het echte leven maar zo gesteld. Gebruikten al die zogenaamd normale mensen maar eens wat meer hun fantasie. Trok de mensheid maar eens vaker een raar pakje aan…….

‘Misschien ga ik volgend jaar wel een paar dagen kamperen daar,’ grap ik tegen Hopla’s man als hij me uitlaat. Wie weet. Ik mag mijn hondje meenemen: Dat is toch wel heel bijzonder!

‘Ik heb hele leuke foto’s van Kesselfest,’ beweer ik een week later tegen Trui als ik bij haar zit te eten. ‘Hihihi, Kesselfest, zo noemen mensen het echt,’ giebelt mijn vriendin opgewekt. En het is zo. In de volksmond staat dit festival ‘Castlefest‘ rondom kasteel Keukenhof zo bekend.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

          

 

 

 

Heks wordt verwend door Stichting Present met twee doortastende vrijwilligsters uit de Herengrachtkerk in Leiden. Vlijtig helpen ze me uit de brand: De hele berging weer aan kant.

Prachtige bloemstukken in de Herengrachtkerk. Echt schitterend!

Zaterdag sta ik vroeg op na een bijzonder kort nachtje superslecht slapen. Eerst een uurtje uit de knoop komen met koffie en een stevige pijnstiller cocktail. Daarna snel naar het park met mijn hondje. Vervolgens een soepje koken en salade maken….. Om half tien heb ik al meer gedaan dan normaal gesproken op een hele dag! En soms wel een week!

Om kwart voor tien gaat de bel. Een kwieke bejaarde dame komt binnen. Een waterval aan informatie begeleidt haar entree. Wat een gezellige kwebbel! Heks maakt koffie en legt de laatste hand aan een wortel/gembersoepje. ‘Ik ben al 71 hoor, maar ik ben nog steeds hartstikke actief!’ Het is haar niet aan te zien, die respectabele leeftijd!

©TOVERHEKS.COM

En een schortje voor! ©TOVERHEKS.COM

Niet veel later melden zich nog twee dames in Huize Heks. Iemand om het project te begeleiden en op te starten. En een jonge vrouw met spierballen. Al snel zitten we heerlijk te giebelen rond de keukentafel. Maar er moet ook gewerkt worden! Even later dalen we af naar mijn berging.

Een aantal weken geleden hebben een paar studenten daar al flink huis gehouden. Je kunt nu wel weer in en uit lopen, maar je kont keren blijft lastig. Heks wil weer een lege berging. Ik wil weer weten wat er in staat. En wat ik nooit gebruik moet weg.

Pasen!

De dame van de begeleiding wenst ons veel succes en gaat ervandoor. Ze gaat alweer het volgende project opstarten. Een aantal vrijwilligers gaan met iemand aan de wandel! Met dit weer!

Het is buiten stervensheet. Intensief bewegen is niet echt aan te raden. Gelukkig gaan wij met de berging aan de slag. Hier beneden is het heerlijk koel. De komende uurtjes houden we het hier wel vol.

Voortvarend sjouwen de dames alle fietsen naar de hal. ‘Jeetje, Heks, wat heb jij een hoop fietsen. Voor iedere dag eentje,’ grapt de oudere jongedame. Snel haalt ze er een doekje over. Alles krijgt vandaag een sopje van deze witte tornado. Ze heeft nog net niet Heks’ oren gewassen!

De jonge jongedame is ongelofelijk sterk. Ik vermoed dat ze elke ochtend een blik spinazie achteroverslaat. Als een rasechte amazone sjouwt ze eigenhandig de meest zware voorwerpen van hot naar her, indien nodig geassisteerd door haar bejaarde collega. In no time is de tweede helft van de berging leeggehaald.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Alles wat weg kan wordt zo lang buiten gezet. Een deel voor de kringloop, een stapel milieustraat en nog een paar zakken afval. Wat terug de berging in gaat is brandschoon. Dat kun je aan de dames overlaten!

Midden in de troep gaan we lekker lunchen. Heks heeft een wortel/gembersoepje gekookt. ‘Vies he,’ grap ik. Maar het is lekker. Mmmmmm. Ook de uitgebreide salade wordt goed ontvangen. Mijn dreamteam heeft zelf boterhammen meegenomen. Ze kennen elkaar goed blijkt.

Kerst!

‘Uit de kerk,’ vertrouwt de oudste me toe. Ze gaan allebei naar de Herengrachtkerk hier in het centrum van Leiden. ‘Wat trek jij morgen aan?’ vragen ze vervolgens aan elkaar. Heks moet lachen. ‘Ik hoor het al, het is ook een beetje een modeshow op zondagmorgen,’ plaag ik de meiden. Een schot in de roos: Iedere zondag gaan ze op hun paasbest naar de kerk.

Fantastish bloemwerk in de Herengrachtkerk!

‘Het is natuurlijk ook een feestje, ik doe ook altijd wat leuks aan naar de kerk, ik zet zelfs een hoedje op!’ beken ik tenslotte.

De Herengrachtkerk is me nooit zo opgevallen. ‘Het is ook niet een typisch kerkgebouw, het lijkt meer op een flink uit de kluiten gewassen woonhuis. We hebben wel hele mooie lampen!’ vertelt de jongste vrijwilligster me. ‘Daar zou ik wel eens een sopje over willen halen, ze zijn prachtig maar wel vies,’ roept de oudste. Tot groot vermaak van ons beiden. ‘Jammer hoor, dat ze zo hoog hangen, ik kan er met geen mogelijkheid bij…..’

Wat een gezellige kerk lijkt me dat zo te horen aan deze verhalen. Ondanks de vieze lampen.

herengrachtkerk-gereformeerde-kerk-vrijgemaakt.jpg

Herengrachtkerk

We slaan een genoeglijk half uurtje stuk, maar daarna gaan de dames weer keihard aan de slag. Alle spullen die mogen blijven worden weer de berging in gesjouwd. Wat naar de kringloop kan wordt in mijn kanariepiet gepropt. Heks rijdt erheen en de dames fietsen pal achter me aan. Met zijn drietjes laden we de auto uit. De dames nemen het leeuwendeel voor hun rekening. Een wagonlading verkoopbare troep belandt bij de gezellige rommelwinkel op de Volmolengracht.

Het project nadert zijn einde. De medewerkster van Stichting Present komt weer langs om te kijken of alles goed is gegaan. We drinken nog een kopje heerlijke muntthee met chocolade. Heks legt haar heldinnen goed in de watten…..

Wie maakt deze geweldige bloemstukken?

‘Wil je nog zien hoe het er nu uitziet?’ vraag ik aan de Presentdame. ‘Ja natuurlijk!’ Ik open de deur van de berging en laat de zee aan ruimte zien. ‘Ik vind het zo mooi, ik denk dat ik er vanavond in ga zitten. Met een glaasje wijn!’ Gierend van de lach nemen we afscheid. Ze zien het voor zich. Ja, het zou wat zijn!

Die avond zit ik niet in mijn berging, maar op mijn balkonnetje. Ook hier is het weer heerlijk toeven na de hulp via Stichting Present. Wat een geweldig initiatief. Dank jullie wel lieve dames van de Herengrachtkerk. Jullie hebben me geweldig geholpen. Stapje voor stapje wordt mijn huis weer leefbaar.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Hoera! Kanariepiet is door de keuring! Hij zal nooit vleugels krijgen, noch vliegen, het arme beest: Maar een beetje grommend scheuren alsmede flierefluitend Heks naar haar bestemming wiegen blijft voorlopig een reëel alternatief voor de bezemsteel.

Vanmorgen gaat de wekker al om 8 uur. Ik schrik me een ongeluk na een gebroken nacht. Goeie hemel. Waar is de brand? Dan sijpelt langzaam de realiteit binnen in mijn grijze massa. Het is vrijdag. Vandaag wordt mijn auto gekeurd. Daarom moet ik zo vroeg uit de veren!

Ik stommel op statige stelten van benen naar de keuken en vergrijp me aan straffe koffie. Wat pijnstillers en een boterhammetje later hijs ik mezelf in de kleren. Het is hartstikke warm. Ik trek iets luchtigs aan.

Met VikThor los rennend naast me haast ik me door de steeg. Mijn kanariepiet staat op een akelig plekje: Tegen de muur van een nauwe steeg gepropt. Ik wurm me achter het stuur en rijd naar mijn huis om mijn vouwfiets op te halen. Een kwartiertje later lever ik mijn bolide af.

‘Zijn er nog bijzonderheden?’ Ja, de achterbumper heb ik met stickers vastgeplakt. Smileys om precies te zijn. Niet dat ie echt los zit. Een klein beetje maar. Op een ongevaarlijke plek. ‘Niks bijzonders,’ zeg ik, ‘Hij ziet er niet uit. Overal deukjes en krassen en er is een laag lak afgevlogen tijdens een wasbeurt.’

Vorig jaar is er voor een godsvermogen versleuteld aan mijn karretje. We verwachten geen rare dingen. Maar je weet maar nooit. Dus wisselen we behalve sleutels ook telefoonnummers uit.

Even later fiets ik met mijn hondje terug naar de stad. Jeetje, wat is het warm. We bevinden ons gelukkig onder bomen. Op de Lage Rijndijk is het andere koek. We puffen langs het huis waar Snuitje vorig jaar maanden in de achtertuin heeft zitten creperen.

Ik steek de straat over. Aan die kant is nog een streep schaduw pal langs de huizen. Ik dirigeer VikThor de koelte in. Langzaam kachelen we richting binnenstad.

In een park aan de Singel laat ik hem zwemmen. Wat is het heerlijk buiten! En de dag begint pas!

Een kwartiertje later lig ik weer in bed. En daar blijf ik de komende uren.

Vrijdag is ook thuiszorgdag. Ik heb een geweldige hulp. Als ze binnen komt word ik al blij. Daar heb ik het opnieuw heel erg mee getroffen. Als ze weg gaat is het huis aan kant. Ik lig intussen in een schoon bed.

De afgelopen week geniet ik ook elke middag van het zonnetje. Op mijn opgeruimde balkonnetje. Ik heb nog steeds niet de puf gehad om wat gezellige plantjes neer te zetten. Ik schuif het ook een beetje voor me uit: Het is zo lekker ruim. Misschien moet ik het nog leger maken!

Ik haal de auto op. Geen vuiltje aan de lucht. Dat valt dan weer geweldig mee. Ze zijn niet gevallen over de jolige plakkertjes. Mijn voiture is weer zo goed als nieuw! Ik ga em maar eens lekker wassen binnenkort.

Vanavond tijdens de hondentraining krijgt VikThor een aanval van puberale grootheidswaanzin. Eindeloos rent hij met een speeltje in de rondte. Hij weigert het af te geven. Heks is nogal gaar vandaag en dat zal ik weten ook!

Er staat een kinderzwembad met water, waarin de hondjes kunnen afkoelen. We krijgen weer van alles te horen van onze juf. Echt een hondenvrouw. Je kunt ook goed met haar lachen. Vanavond heeft ze twee neven meegenomen. Goedmoedig geven ze commentaar op de verrichtingen van hun tante.

Het veld geurt naar bloeiend gras. Er is veel verleiding voor onze wandelende neuzen. ‘Er zijn ook heel veel loopse teefjes nu,’ vertelt de juf. Misschien is dat mijn ventje naar de kop gestegen….

Op de terugweg naar huis fiets ik eventjes langs Steenvrouw. We drinken thee in haar heerlijke achtertuin. ‘Veranderen is zo moeilijk, weet je,’ een zweem bloemengeur prikkelt mijn neus, ‘Ik wil bijvoorbeeld van mijn woede af. En er zijn wel meer dingen waar ik altijd maar mee bezig ben. Om het te veranderen….’

Ja, hoe kun je het mensen kwalijk nemen dat ze maar steeds hetzelfde doen? Toevallig leidt het gesprek tot een ongelukkige vakantiesituatie die mijn vriendin tot twee keer toe meemaakte. En beide keren met dezelfde persoon!

Heks heeft drie keer een relatie gehad met dezelfde man. En alle drie de keren liep het op dezelfde manier faliekant mis. En dan doe je het gewoon nog een keertje over met iemand anders…..

Veranderen is hartstikke moeilijk. Het is misschien niet zozeer een actief proces. Zo van: Dat ga ik nu eens heel anders doen. Misschien bewandelt het toch meer de wegen van acceptatie. Ademen met wat is.

En omdat dat lucht geeft krijgen je hersenen zuurstof. En dan doe je het vervolgens gewoon anders……

Vanzelf.

 

Hardnekkig vragen van verkeerde aandacht en lozen van allerlei afval in mijn kleine kruidentuintje drukt als een loden last op de pijnlijke schouders van Heks: Ik ben verdorie geen vuilnisvat! En ook: Nieuwe vriendin wandelt mijn leven in met haar Mechelaar!

‘Kom schatje, we gaan naar Baris,’ Ik kriebel mijn hondje achter zijn oren, ‘Baris. Baris, Baris…..’ VikThor spitst zijn flappers. Hoort hij het goed? Hij houdt zijn geinige koppie schuin en zijn ondeugende bekkie gaat open in een soort grijns. Althans, daar lijkt het op. Hoera! We gaan wandelen met mijn vroegere hulp en haar Mechelaar.

Niet veel later zit ik in de auto. Laat ik er nog maar eventjes van genieten, want het ziet ernaar uit dat ik mijn kanariepiet op termijn ga kwijtraken. Of mijn dieren. ‘Breng ze maar naar het asiel,’ zegt de financiële man tegen me, ‘Of houd eens een tijdje op met je medicatie. …’ Alsof ik dat voor mijn lol slik!

Het zal de auto wel worden vrees ik. Heks is bezig om zich financieel te beraden. Dingen zijn toch niet zo goed geregeld als ik dacht. Opeens hang ik aan allerlei touwtjes te bengelen! Ik ben ergens onderweg mijn autonomie op dit gebied volstrekt kwijtgeraakt! En als ik ergens niet tegen kan is het om mijn vrijheid op te offeren voor zoiets stoms en triviaals als geld!

Terwijl ik de stad uit rijd heb ik last van een medeweggebruiker. Hij haalt me in en gaat zo rijden dat ik er niet meer langs kan, ondanks de tweebaansweg. Hij treuzelt voor mijn neus en kijkt in zijn spiegel naar Heks. Ik neem gas terug en doe alsof ik linksaf wil slaan. Op het laatste moment ga ik echter toch naar rechts. De man is dan al in de rij voor het andere stoplicht beland. Mooi zo. Daar ben ik vanaf…..

©Toverheks.com

Maar nee. Niet veel later zit er weer zo’n klever achter me. Zou het dezelfde zijn? Ik heb helemaal niet op het type auto gelet. Noch op de bestuurder. De chauffeur plakt en plakt. Heks kan geen kant op, want voor me zit iemand te sukkelen en naast me rijden ook auto’s. Plotseling haalt de eikel me links in en schiet tussen mijn auto en een voorganger op de andere baan door om pal voor mijn neus schielijk weer in te voegen. Een levensgevaarlijke manoeuvre!

Even later gaat de man vol op zijn rem. Zomaar. Om me te pesten: Er rijdt niks vlak voor hem. Ik knal er bijna bovenop. Hij rijdt tergend langzaam totdat we bij stoplichten komen. Heks heeft geen zin in de engbek. Ik wijs op mijn voorhoofd naar de starende idioot in zijn achteruitkijkspiegel en wissel snel van baan.

Maar als ook ik voor de lichten stop hoor ik plok. Of TOK. O jee. Nu ben ik uit pure nijd tegen mijn nieuwe voorganger aangereden.

Braaf sukkel ik achter de geschonden auto aan naar een loze rijstrook. Daar bekijken we de schade. ‘Jullie zijn gered door jullie afweergeschut,’ lacht Heks opgelucht tegen het uitermate vriendelijke echtpaar dat is uitgestapt. Ik ben alleen maar tegen hun trekhaak aangekomen. En die heeft een luikje in mijn bumper opengeduwd. Niks aan de hand. Goddank!

‘Zagen jullie wat er gebeurde?’ Ze hebben het niet gezien. Hoe weer één of andere kerel aandacht wilde van Heks. Het was niet eens een lelijke vent, maar wel een griezel natuurlijk. Een ongeluk veroorzaken vind ik nu niet bepaald sexy.

‘Heks, jij bent zo’n prachtige superslimme vrouw, sommige mannen kunnen daar niet tegen. Vooral als ze zelf lelijk zijn of oliedom. Of een slecht karakter hebben. Daarom hebben ze een hekel aan je. En dan ben je daarbij ook nog eens een echte schat! ‘ Don Leo troost me als er weer eens zo’n type tegen me heeft staan schreeuwen.

©Toverheks.com

Zoals gewoonlijk was er geen enkele aanleiding is voor dit gedrag behalve mijn existentie. Soms zit iemand zelf vol met louter nijd. En dat wil ‘ie dan zo snel mogelijk kwijt……

Heks wordt dan nogal eens aangezien voor vuilnisvat. Een oude rol, die me niet meer past. Helaas heeft nog niet iedereen dat in de gaten. En sommigen kunnen dat gedrag nu eenmaal niet laten.

Heks was dus weer eens met stomheid geslagen, voor de zoveelste keer in haar leven, maar iets terug zeggen heeft meestal geen zin bij aartschagrijnen. Je kunt beter de plaats poetsen!

Deze prachtige dame rijdt op deze zonnige dag met haar geweldige hondje in haar aftandse maar zeer geliefde autootje naar het strand. Daar staan Baris en zijn vrouwtje ongeduldig op ons te wachten. ‘Ha schat, daar zijn we dan, iets verlaat, want ik werd achtervolgd door een foute kerel’ ik til VikThor uit de auto en grijns ondeugend naar mijn vriendin. We vliegen elkaar om de hals. Voorzichtigjes. Vanwege mijn gekke nek.

©Toverheks.com

Dan lopen we een heerlijk rondje door de duinen. Het stormt, maar we vinden een beschut plekje uit de wind en in de zon. Mijn maatje tovert een thermosfles met thee tevoorschijn. ‘Wil je er ook een lekker sneetje kerststol bij?’

De hondjes zijn toch zo blij. VikThor pakt de bal af van Baris en gaat uitdagend ererondes rennen om de picknicktafel. We liggen in een deuk. Baris staat goeiig te grommen. ‘Leg neer die bal…..’

Op het strand waaien we compleet uit ons hemd. De zee is een grote woeste wit schuimende watermassa. Je kunt tegen de lucht leunen! We worstelen ons een weg tegen de wind in. Helaas zijn alle standtenten gesloten. Maar we vinden nog een zonnige duinpan! Voor een laatste kopje thee.

Op het parkeerterrein bij Duinoord nemen we afscheid. Maar niet voordat we een nieuwe afspraak hebben gemaakt. Volgende week gaan we weer aan de wandel. Op alweer een andere locatie.

Op mijn gemak tuf ik terug naar Leiden. Ik rijd helemaal om, zodat ik via Voorschoten de stad in kom: Ik moet nog eventjes langs de apotheek. Het dorp van mijn jeugd is ook al bezig om zich te laten opstuwen in de vaart der volkeren. Een megalomaan bouwproject verkracht het hart van dit mooie oude plaatsje. Een kniesoor die er op let…..

Wat is het fijn om samen op stap te gaan. Om weer een vriendin erbij te hebben. Ik heb zoveel verliezen geleden de laatste jaren. De laatste tijd ook. Uit elkaar groeien houd je nu eenmaal niet tegen…..

Maar hier groeit iets. Naar elkaar toe. Mooi.

©Toverheks.com

 

 

 

 

Puppycusus! Joepie! VikThor blij, Frogs blij en ik ook! Uitstekend tegengif tegen allerlei agressieve giftige individuen, die hier maar gewoon door de steeg lopen te lanterfanten.

puppycursus03Gisterenavond aan het begin van de avond sta ik bij Frogs op de stoep. We gaan naar puppycusus.  Het is al tien voor zeven en het begint om zeven uur, dus ik toeter in de hoop dat mijn kikkervriend op de uitkijk staat. Een man loopt voorbij. Woedend kijkt hij me aan. Hij ergert zich duidelijk dood aan mijn Italiaanse rijstijl. Vooral aan het daarbijbehorende geclaxonneer. Hoe durft ze! Die rare Heks.

Intussen tikt de klok verder. Ik toeter nog maar eens. Geen Frogs. Waar kan hij zitten? Zo groot is zijn huis niet. Intussen staat de hele buurt voor het raam. Ik besluit maar uit te stappen en aan te bellen. Dat heeft gelukkig het gewenste resultaat.

‘Ik stond eventjes lekker op het balkon,’ verklaart mijn vriend zijn lakse reactie. Nou moe. Hij staat eens in de honderd jaar op zijn balkon en wel precies vandaag! ‘Ik kreeg boze reacties, Frogsie, op mijn getoeter. Maar dat is niks. Gisteren mepte een beer van een  kerel bijna mijn spiegel van mijn auto af. En dat omdat hijzelf niet opzij wilde gaan, toen ik door de steeg reed. Ik kan toch moeilijk over hem heen rijden!’

‘Ik werd zo nijdig dat ik stopte, uitstapte en hem vroeg wat dat te betekenen had. Waarop hij me te lijf wilde. Gelukkig stond hij ver genoeg van me af om snel te kunnen instappen en weg rijden….. ‘

‘”Kom maar hier, dan krijg je een pak slaag”, riep ik naar hem. Dat durfde hij toch niet aan. Weet hij veel dat ik MEpatiënt ben en nog geen deuk in een pakje boter kan slaan. Ik heb nog steeds een groot postuur en ben ook nog steeds atletisch gebouwd. Voor hetzelfde geld heb ik zwarte band kickboksen…’

Gelukkig zat er geen nieuwe deuk in mijn auto vandaag. Zo’n kanariepiet is natuurlijk gemakkelijk te traceren. En zulk soort eikels deinzen nergens voor terug……

Als we bij de kynologenvereniging arriveren stapt er net een stel uit met een baby-Chihuahua, een piepklein hompiedompie. Later blijkt hij ouder te zijn dan VikThor!

Mijn hondje is flink gegroeid. Hij is anderhalf keer zo groot als toen hij kwam drie weken geleden! Elke dag ziet hij er een beetje anders uit. Zijn pootjes worden enorm. Zijn staart is drie keer zo lang. Hij staat hoger op zijn poten…… Als iets me heeft geconfronteerd met het fenomeen impermanence dan is het wel deze snelgroeiende pup.

Ook is zijn sneeuwwitte vacht intussen bezaaid met zwarte stipjes. Het vlekje op zijn ruggetje is allang niet meer alleen. Menig Dalmatiër zou jaloers zijn op mijn ventje……

Het is alweer de tweede les van de cursus. Intussen heb ik ook een privé jachttraining met VikThor gedaan. Hij blijkt superslim te zijn! En heel leergierig!

Frogs doet mee aan een oefening om je hondje naar je toe te laten komen. Sommige honden rennen alle kanten op behalve naar de baas. ‘Hij kwam gewoon naar mij toe, Heks. Ik dacht dat hij naar jou zou rennen….’ Mijn kikkervriend is in zijn knollentuin. Die kleine Vlek weet al heel goed wie zijn suikeroompje is!

Het uur vliegt voorbij. Eenmaal thuis zijn we helemaal kapot. Ook al doe je maar weinig zo’n les, toch is het heel inspannend. Mijn hondje ligt het eerste uur helemaal om. Pas daarna heeft hij de energie om zijn bak leeg te eten.

True en Trueman komen langswaaien. Ze brengen speelgoed en een kluif die ik afgelopen week in de magische tuin van True heb laten liggen. We slaan een verrukkelijk uurtje stuk samen. En raad eens waar we het over hebben? Onze hondjes natuurlijk!

 

Vorstelijk uitstapje vol zoete traktaties en weidse vergezichten: Welkome afwisseling van verwoed navelstaren……

We zoeken elkaar regelmatig op

Ik ben nog geen week in het klooster als ik met een lid van mijn internationale familie op stap ga. Een pittige tante uit Missisippi met een heerlijk recalcitrant karakter. Heks gaat een paar boodschappen halen in een ‘Winkel Walhalla’: Een berg supermarchés op een kluitje. Ook wil ik een blogje posten. Eén van de weinige, die ik produceer tijdens mijn reis.

Het is het uitje waarbij een vogel zich doodvliegt tegen mijn auto. Dit werpt natuurlijk een smet op de gezellige middag…..

Daar staat mijn kanariepiet

Mijn nieuwe vriendin trekt regelmatig met me op. Er is sprake van grote sympathie tussen ons. ‘Heks, toen jij die eerste dag binnenkwam met je cowboylaarzen en hoed, dacht ik meteen: “Met die dame kan ik het vast goed vinden!” En kijk eens: Ik had gelijk!’ Tevreden grijnst ze me toe.

Helaas krijgt mijn maatje het na de eerste tien dagen moeilijk. Zo’n retraite duurt best lang. Er zijn dagen dat je helemaal tureluurs wordt van al dat navelstaren. Er komen allerlei emoties los waar je ook niet op zit te wachten, vaak ben je jarenlang druk bezig geweest om die ellende juist te onderdrukken!

Halverwege de rit gaan er bovendien ook nog eens een heleboel mensen naar huis. Er komen weer nieuwe deelnemers bij. Ook onze familie wordt getroffen door dat fenomeen: Een aantal leden zijn opeens weg en er komen wildvreemde mensen voor in de plaats.

Vroeger was dit niet zo, dan bleef iedereen gewoon de volle drie weken. Op een enkele uitzondering na. De opgebouwde energie bleef zodoende intact. Heel belangrijk in groepsprocessen!

Heks heeft minder last van het gebeuren, want ik heb me volledig ingesteld op het feit dat alles altijd weer anders is. Niets is blijvend. Zelfs niet in een klooster. Toch vindt ook Heks het jammer dat zovelen naar huis gaan. Van sommige mensen heb ik niet eens afscheid genomen!

Mijn maatje echter krijgt het echt te zwaar. Zozeer zelfs dat ze een tripje naar Amsterdam plant. Onbezonnen bestelt ze een ticket om vanuit Bordeaux een weekendje heen en weer te vliegen. ‘Kun je me zaterdag naar het station brengen?’ vraagt ze plotseling.

Daar ga ik natuurlijk niet aan meewerken. ‘Vraag maar aan een zuster,’ adviseer ik haar vriendelijk. Ik heb een beter idee: Het is tijd voor een kleine roadtrip met mijn nieuwe vriendinnetje. Uit ervaring weet ik dat je daar geweldig van kunt opknappen.

We besluiten em te smeren als we les hebben in een ander klooster. Na de dharmatalk gaan we ervan tussen in mijn kanariepiet. ‘Oh, wat heerlijk,’ hoor ik naast me een heel blij meisje verzuchten, ‘Ik ben nog geen seconde alleen van het terrein afgeweest, behalve die keer dat we boodschappen gingen doen…..’

Vlak bij het klooster is een klein slaperig plaatsje op een berg. Heks kent het wel. Ik heb er ooit schoenen gekocht met mijn vriendin de non. Schoenen met bloemen. Rare schoenen. Geen exemplaren die je denkt aan te treffen in zo’n suf provinciestadje van niks.

Ik sleep mijn vriendin mee naar dit schoenenparadijs. Stomverbaasd wurmt ze zich door deze volgestouwde winkel van Sinkel. Naast schoeisel verkopen ze ook speelgoed en vishengels. We passen enthousiast een aantal bizarre modellen en natuurlijk vind ik weer een perfect fijn fleurig schoenenpaar.

We halen fruit en andere boodschappen, treuzelen een tijdje in een brocante. Jeetje, wat verkopen ze in Frankrijk toch een prachtige oude spulletjes voor bijna niks. Ik scoor een prachtige koperen kaarsenstandaard vol krullen en bloemen.

Een absolute bezienswaardigheid in Duras is het kasteel. Prominent ligt het aan de rand van de stad, uitkijkend over een enorm dal. We besluiten het te bezoeken. Bij een lieve werkstudente kopen we een toegangsbewijs en een koptelefoon met rondleiding. Op ons gemak slenteren we het hele kasteel rond, van de kelder tot het dak. Daar aanbeland krijgen we als bonus een oogverblindend uitzicht! Een verpletterend panorama. Ademloos laten we het landschap op ons inwerken.

Verder hebben we veel lol samen. Zo’n kasteel spreekt natuurlijk tot de verbeelding. We stellen ons van alles voor, daarin gestimuleerd door de rare verhalen uit onze koptelefoon. Mijn god, wat een idioten hebben hier gewoond. Zoals altijd verbaast Heks zich weer over extreme decadentie en misbruik van macht. De wereld staat er bol van. Nu, vroeger en naar ik vrees ook de toekomst.

Amerika heeft een uitstekend voorbeeld van dit verschijnsel in de race voor de functie van president. De dubieuze Troefkaart van de republikeinen. (Trump betekent troef. Wat mij betreft betekent het Snoef…..)  Een narcist als presidentskandidaat. Idioterie ten top natuurlijk: Een gestoorde gek aan de top……

Jammer dat Trump geen genoegen neemt met een positie als kasteelheer op het franse platteland. Daar kan hij beduidend minder kwaad dan in Washington.

De nieuwe Trumptower?

Als we het hele bouwwerk hebben verkend is het tijd voor een ijsje. In het stadje is een geweldige ijssalon. Wel tachtig soorten liggen uitgestald in een vitrine, ook een flink aantal smaken geschikt voor consumptie door Heks met haar achterlijke dieet. We bestellen een paar enorme bollen en een kopje koffie. Verrukt smikkelen we van het zalige goedje.

‘Ik neem er nog eentje,’ verzaligd likt mijn tafelgenoot langs haar lippen. Zonder problemen werkt ze nog een bol naar binnen. Ik lig intussen al een beetje om van al die suiker, dus ik laat het hierbij. Heks is allang blij dat ze een keertje mee kan doen. Meestal kijk ik de andere kant op als mensen zich te buiten gaan aan zalige zoetigheid zoals taart, toetjes en ijsjes.

Er zit altijd wel iets in dat ik niet mag en bovendien verdraag ik suiker niet goed. Zoals iedereen overigens, maar de meeste mensen hebben dat totaal niet in de gaten….. Die denken dat ze ergens anders zo moe van worden. Of schimmelig. Of dik……

Suf van de suiker en eufoor van ons geweldige uitje rijden we terug naar Lower Hamlet. ‘Dank je wel voor deze heerlijke middag,’ zeggen we tegen elkaar. Mijn vriendinnetje is weer helemaal bijgetrokken. De dag volgend op onze trip is ze druk bezig om haar vlucht naar Amsterdam te cancelen. Ze hoeft niet meer te vluchten.

Ze is net als ik: Arrived. Home!

Duras22