Thor, Thor, bokkige Thor. Ik lief je en ik ga er voor. Eenzame Heks is perplex. De dondergod brult in mijn oor: ‘Pak je trom, ontsteek het licht!’ En weg zijn we! Zie zijn gezicht……lichtflits……. Loodzwaar ontladen…en dan? Vederlicht. Licht in mijn hoofd. Overal licht. Mijn zwaargewicht in licht gedicht.

‘Ik zit hier heel alleen kerstfeest te vieren,’ zingt het in mijn hoofd. Nou ja, waar komt dat nu weer vandaan? Mijn hersenpannetje kookt toch maar de raarste brouwseltje op. OK, het ruikt een beetje herfstig de afgelopen dagen. Mijn vingers zijn pimpelpaars van het bramen plukken. Maar om nu maar direct door te stomen naar de feestdagen?

Krankzinnig.

‘Zinnig, krankzinnig, zing es wat zinnigs….’ humt mijn hoofd vervolgens. Mijn opgewekte hoofd. Na dagenlangs slaags te zijn geweest met mezelf heb ik een diep inzicht gekregen. Ja, echt gekregen. En niet van mezelf.

‘Verwarring schept lijden,’ zegt mijn leermeester Thich Nhat Hanh altijd. En Heks was in de war. Ze zat haar mooie heksenhoofdje te breken op een oud, mysterieus en door mij niet op te lossen raadsel.

‘Het is niet jouw raadsel. Het gaat niet over jou. Het lijkt er op, dat dit of dat met die persoon aan de hand is geweest. Destijds. En daar kan jij niks aan doen. Dat probleem kon jij niet oplossen. Toen niet en nu niet….’

Oh, zo heerlijk om uit de knoop te geraken. Zo fijn om eenvoudig te zijn. De kreukels glad te strijken. Voor zo lang het duurt natuurlijk. Bij tobbertjes als Heks kun je niet teveel verwachten. Hoog sensitief en een geheugen als een olifant? Grenzenloos en veel te lang nooit eens gezond boos?

Nou, maak je borst maar nat.

Afgelopen week zit ik lekker onderuitgezakt in mijn stoel een hele stapel stripboeken door te lezen. De een na de ander. Chick Bill van Tibet. Mijn favoriete reeks. Die boekjes fungeren als troostvoer. Zodra ik me rot voel of ziekjes, pak ik de hele stapel uit de kast. Niets zo heerlijk als lachen om Kid Ordin, de antiheld van de serie.

Thor zit op de bank tegenover me. ‘We gaan op reis,’ verklaart hij ongevraagd, ‘Pak je trommel en doe alle lichten aan.’ Zo dus. Heks trekt haar wenkbrauwen op. Lichten aan? Ik wil juist graag weinig licht als ik astraal reis. En waarom trommelen? Vorige keer hoefde er toch ook geen trommel mee?

Thor is echter luid en duidelijk. Dus Heks doet alle lichten aan. Dan pak ik mijn drum. ‘Laat de ramen open staan,’ dus laat ik de ramen open. In de steeg zitten een stel gasten te klessebessen. Het gaat nergens over. Zachtjes begin ik te trommelen. Thor trekt me op zijn wagen. We gaan de lucht in. Vliegen rakelings langs de kerktoren. Hatsjekidee.

Mijn grote godenvriend gooit met zijn hamer. Lichtflitsen schieten om ons heen. Dan volgt de donder. ‘Nu jij,’ maant hij me. Ik heb geen hamer bij de hand. Maar wel een trommel! Mijn stok roffelt over het vel. Los vanuit de pols. Het rommelt en dondert. Thor en ik donderen om het hardst. Heks krijgt er lol in!

Keer op keer vliegt een flits licht door mijn zenuwbanen. Gevolgd door gerommel en geknal. Eindeloos spelen we dit spelletje. Dan tilt Thor me op en zet me op de wolkenvlakte. Samen dansen we in dit zich ontladende landschap.

Tot we moe zijn. Tot we naar zijn paleis gaan. Het huis van mijn goddelijke vriend. Daar rusten we uit.

Heks wist de tranen van haar wangen. Wat zo lollig begon heeft me diep aangegrepen. Intens diepe pijn is aangeraakt. Ik kijk met andere ogen naar deze dondergod. Eindelijk snap ik waarom hij wordt geassocieerd met herstellen van orde. Iets, dat je niet direct in verband brengt met zoiets ongeregelds als onweer.

Het is de ontlading, die de orde herstelt. Ontlading is nodig om tot een nieuw evenwicht te komen. Ik snuif de lucht op, vol negatieve ionen. Zo heerlijk. Zo fris.

‘Kom,’ zegt Thor, ‘we gaan er weer vandoor.’

En dan laat hij zich zien. In al zijn kracht en grootheid. Deze god van emoties. Heks moet zo verschrikkelijk huilen, ik kan niet meer stoppen. Vanuit diep, diep wellen de tranen op.

‘Zo laat ik je niet naar huis gaan,’ zegt Thor na een tijdje. Hij tilt me op en dompelt me in een frisse bron. Licht als een veertje kom ik weer boven. Oud zeer weggewassen, opgeladen, schoongespoeld.

Dan wiegt hij me in zijn gouden armen. En leert me over zijn godenwereld. Ik zie waarom ik dit beleef. Bij het afscheid krijg ik een geschenk.

In mijn landschap hangt nu een hangmat, zijn hangmat. Wiegend in een hoge boom. ‘Zo zal je vast beter slapen….’ Ja, ik hoop het.

De nachten er op slaap ik als een roos. Uitzonderlijk in mijn geval. Dat overkomt me een paar keer per jaar.

Wat ben ik de dondergod gaan waarderen. En wat kan ik nog veel van hem leren! Thor Thor, Thor. Ik lief je en ga er voor!

Zo neem ik afscheid van Vanaheim, zo neem ik afscheid van Vanaheim, bij maneschijn en ochtenddauw…..Nee, nee, ik wil geen afscheid nemen van mijn veilige vrijer. Mijn vrije Freyr! Zijn goud gemarmerde armen altijd om me heen!

FREYR

Groot Geschapen FREYR

Een astrale reis, die in mijn geheugen gegrift staat, is mijn reis naar Vanaheim. Of beter gezegd, mijn serie reisjes naar het land der Wanen. De oeroude vruchtbaarheidsgoden. Ik voel me er zo thuis! Ik ben vanouds zo verbonden met deze wereld! Ik heb de Grote Vruchtbare Barende Moeder al zovele levens gediend.

Ik heb er zelfs vaak herinneringen aan gehad in dit leven. Dwars door al het kwaadaardige Calvinistische geleuter over zondige seks van mijn christelijke opvoeding heen. Mijn ouders vielen overigens enorm mee. Die hielden wel van een gezond potje vrijen. Maar die vreselijke dubbele seksuele moraal van tegenwoordig heeft me vaak genekt.

Seksualiteit is voor mij altijd heilig geweest. Een manier om het goddelijke te vieren in je lijf.

Ja, ik ben helaas ook vaak volkomen verkeerd begrepen door geliefden en vrienden. De hele maatschappij eigenlijk. Mijn ideeën staan ver af van wat tegenwoordig gangbaar is op seksueel gebied.

FREYR

Zeer groot geschapen FREYR

Slutshaming is mijn deel geweest, omdat ik open en eerlijk over mijn eigen lijf heb willen beschikken. Ik ben ook gepakt, besprongen en genaaid door figuren, die deze houding stomweg niet pikten. Mannen zowel als vrouwen. Letterlijk en figuurlijk.

Erg gelukkig ben ik niet geweest in de liefde. Foute kerels lopen als een rode draad door mijn bestaan. Zelfs de goede kerels gedroegen zich bij Heks regelmatig abominabel. En fijne seks is ook alweer zo lang geleden.

Heilige geilige seks. Ik heb het wel degenlijk meegemaakt! Goddank. Ik weet hoe het voelt. Voor minder doe ik het gewoon niet.

Dus sexy Vanaheim knalde enorm naar binnen bij me. De Godin Freya en haar lekkere broer. In Vanaheim ben je als vrouw nooit een hoer. Welnee, hier zijn wij geilige dames nog priesteressen. En we geven levenslessen. Sekslessen ook.

FREYR

FREYR

Seksualiteit is een heilig gebeuren. En een feestje. Geen zonde, waarvoor je linea recta naar de hel gaat. Geen enkele reden om de kat in het donker te knijpen in Vanaheim. Nee, seksualiteit mag hier zijn, volledig vrij zijn.

Maar het begon allemaal niet zo gemakkelijk. Bij mijn eerste bezoek zag ik Freyr en Freya. En direct werd een diep verdriet in me aangeraakt. Onwaardig om hier te komen, in dit land van vruchtbaarheid. Van lekkere gezellige seks. Twee thema’s in mijn leven, waarop ik enorm onderuit ben gegaan. 

Pas een paar dagen later lukt het me om terug te gaan.

FREYR

FREYR

Ik ontmoet Freyer. Oh, wat ben ik verliefd op hem. Hij voelt zo heerlijk! Heks gloeit ervan:

‘Vanmiddag kwam Freyr. Ik was al gewaarschuwd. Lonkende mannen overal op straat. Een wildvreemde aanbidder, onlangs, gewoon in een parkje. Gebronst en bronstig. Met een leuke hond.

Veilige Freyr. Geilige Freyr. Krijg ik weer een vrijer? Net nu ik uitbehandeld ben? Je zult het altijd zien!

Freyr komt op bezoek in mijn boomhutje met puntmuts. Hij past er niet in. Ik zit zachtjes te trommelen. Rustig en regelmatig wandelt geluid over vel. In mijn hart, in de boom, in Vanaheim. Freyr groot en overweldigend en aanwezig. Zeer aanwezig. Boomhut barst bijna uit voegen. Mijn drum hapert en klopt. Slaat slag over. Op hol. Probeer ritme te vinden, gaat alle kanten op.

Dan lopen we door velden. Ik zie ons gaan, terwijl de drum vertelt hoe en wat. Door bossen zwerven we nu. Op weg naar een heilige plek. 

FREYR

FREYR

Freyr aan mijn zijde. Hij neemt behapbare proporties aan. Ik voel zijn veld in me doordringen. Mijn hersenspinsels ’Mag dat allemaal wel? Stoor ik niemand voor het hoofd? Strookt dit met mijn strenge ethische principes?’ komt me op hilariteit alom te staan. Heel Vanaheim lacht. Schudt van de pret. Een God in je bed. Ja, daar moet je bij de gemiddelde Christen niet mee aankomen. Blijk ik toch nog naweeën te hebben van mijn Calvinistische opvoeding….

Vlak voordat ik voor het eerst naar Vanaheim afreis, begeeft de thermostaat van mijn waterbed het. Dagenlang lig ik in een ijskoud en vochtig bed te creperen, voordat ik doorheb wat er loos is. Dan arriveert de nieuwe thermostaat. Ik zet em extra hoog, ondanks het mooie weer. Zo binnen, zo buiten, zo boven, zo onder: Mijn bed is niet meer koud en kil. En ik mag voelen wat ik wil.

Yggdrasill

Yggdrasill

De laatste dagen in Vanaheim leer ik de andere kant van Freya kennen. Haar broer, haar keerzijde, haar tegenpool. Langzaam komt vertrouwen terug in tegendeel, in geheel; Dit bestaat niet zonder dat…. 

Vanaheim daalt in mijn innerlijk landschap. Doordrenkt mijn gebied met haar energie. In het landschap van mijn hart verrijst een eenvoudige vruchtbaarheidstempel en een fallische poort.  

‘Freyr zag 1 van zijn dochters terugkeren….’ schrijft mijn juf me, naar aanleiding van mijn avonturen. Ja, zo voelde het. Thuiskomen bij de Godin. Bij haar grote broer ook vooral. Heerlijk, heerlijk.

Freyr is in mijn hart komen wonen. Ik voel regelmatig hoe zijn goud gemarmerde armen om me heen worden geslagen. Zijn zoete adem stokt in mijn hals. Vredig. Veilig. En toch niet saai. Never. Nooit.

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Mijn manen wapperend

paardengedraaf

Door velden

bossen

 

Draven gestaag

 

Eenhoorn?

Check!

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Ik zit in boomhut

boomhoed

Heksendekselse

droomhut

 

Tommelderommel

Roffelt de trommel

de rommel

de oude zooi

 

Wijd weg

 

Trommelt tot leven

iets nieuws

 

Even

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Herinneringen

Herinnerdingen

 

Tempel en altaar

Ik was daar

 

Godin op troon

Heel gewoon

 

Vlegelvriend en heiligdom

Ik maalde er om

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Heilige Freyr

Veilige, geilige

stellige, steevaste,

vrijende vrijer

 

Je zegt geen nee

tegen een God.

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Groene vrouw

Godin

Levensstroom

Huis en haard

in heiligdom

 

Rusten

 

Keer weer

Keer weer

 

Intussen:

Al vele malen weergekeerd

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Groen neemt me mee naar de kust en

 

Daar is diep

daar is diep

 

Dan door de velden

loop ik naar huis

 

Velden en velen

Schelden en schelen

 

Mijn scheve blik

Net naast de werkelijkheid

Daar waar jij woont

In takken van bomen

 

Waar waant de wereld zich

een weg…..

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

 

Zo neem ik afscheid bij manenschijn,

bij avondrood en ochtenddauw

 

Telkens opnieuw

Telkens opnieuw

 

Zo neem ik afscheid van Vanaheim

Zo neem ik afscheid van Vanahei

 

Vanaheim

hou van jou….

 

 

Wijs, grijs en op reis. Thor loeit in mijn oor. Donder en bliksemse reuzenslang. Heks is niet bang. Vandaag niet. Ik ben sowieso meestal banger voor mensen dan voor goden……

©Toverheks.com

VikThor ©Toverheks.com

Het is zo lang geleden, dat ik nog eens heb geschreven. Ik schrijf voor geen meter het afgelopen half jaar. Het kost me moeite om zo openbaar een persoonlijk verhaal te vertellen. En ook wil ik mijn medemens niet kwetsen. Niet dat ik ook maar ergens over lieg. Dat is aan mij niet besteed. Dat laat ik graag aan narcisten en psychopaten over. Die zijn daar echt oneindig veel beter in dan deze heks! 

En ze hebben er nooit last van. Gewetenloosheid heeft zo zijn voordelen.

Maar ja, de lol gaat er wel een beetje af zo.

Een hele foute ex van me zei altijd ‘Je suis une bactérie,’ daarbij verleidelijk glimlachend om zijn uitspraak af te zwakken. Te verdonkeremanen. Een sausje van vriendelijkheid over de naakte waarheid. De ellendige waarheid van een grote naaktslak.. En hij sprak de waarheid, de psychopathische slijmjurk. Voor 1 keertje dan.

Mijn foute ex is bepaald niet de enige bacterie.

Dus ik moet me er een beetje toe zetten om weer eens wat te schrijven. Ik heb wel geschreven. Hele verhalen over spannende toverheksreisjes naar andere werelden. Voor mijn medeheksjes. Helaas is de opleiding alweer voorbij. Een dagje hunebedden hoppen in Drente met alle toverkollen om het af te sluiten. Zo heerlijk……

Maar het reizen is niet helemaal voorbij. Vorige week zit de God Thor hier op de bank in de woonkamer. Eerst vond ik zijn hamer al midden op straat. Vervolgens werd ik er bij voortduring aan herinnerd hoe ik mijn hondje heb genoemd. En nu zit hij hier in mijn huis met zijn enorme lijf. Om me mee te nemen naar zijn wereld. Mee te sleuren beter gezegd……. 

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Reis met Thor……..

Thor grijpt me bij de keel, zijn hand rust in mijn nek, zacht edoch stevig reikt hij naar de achterkant van mijn hals. Strijkt langs de onderkant van mijn kaak naar voren. 

‘Focus je, Heks, focus je nu eens….’

Ik heb geen zak zin om me te focussen. Ik wil slapen, onderuit voor de televisie hangen. Bijkomen van een fietstocht door de polder met VikThor. Ik wil rust, het is bloedheet, godbetert. Ik wil rustig puffen met een paffertje.

Ik steek een jointje op, medicinale cannabis. Een poging mijn verknoopte spieren uit te nodigen om te ontspannen. Verweesde pezen doen genezen. De dag loslaten. Ontspannen, niet inspannen dus…..

Katten maken ruzie, ze gaan elkaar te lijf vanuit het blinde niks. Ik draai met mijn hoofd om het gevecht te volgen. ‘Au!’ Schiet de pijn in mijn nek. Thor legt zijn hand op de zere plek. Trekt zijn goddelijke hand langs mijn kaak naar mijn kin. 

‘Focus!!!!!!’

Nu wil ik wel focussen, maar het lukt me maar niet. Ik doe opnieuw een poging. 

Thor trekt me mee omhoog de lucht in. Over zwarte donderwolken vliegen we. Bliksemschichten schieten me links en recht om de oren. Fantastisch, Heks houdt van onweer.

Overdonderd probeer ik om me heen te kijken. Thor gooit zijn hamer in de lucht.  We razen als een gek voort op zijn goudgloeiende strijdwagen. Hij lacht en kijkt opzij. Ik voel zijn hand in mijn hand, ik hou me stevig vast.

‘Nou, jij bent ook niet snel bang te krijgen…..,’ grijnst hij opgetogen.

Dan landen we voor zijn paleis. Even bijkomen, even op adem komen. Hij trekt me een grote zaal in. ‘Blijf focussen, Heks,’ maant hij me streng. Maar ik ben nog steeds maar half in de reis gedoken. Mijn hoofd zit nog dwars. Mijn slaperige vermoeide hoofdje. Op mijn knaknek. Kraknek. Mijn dodelijk vermoeide hoofd op mijn gammele streknekje.

Plotseling staat er een gigantische bij voor me, de Grote Koninginnenbij. Ze is mega, echt enorm, Heks slaat steil achterover. Grote opwinding maakt zich van me meester, krijg nou wat! Ik heb wel duizend vragen voor haar, maar sta met mijn mond vol tanden. 

Dan luistert ze naar mijn woordeloos gebrabbel en vertelt, zoemend en snorrend. En nodigt me uit voor een dans, een driekwartsmaat. Zo walsen we in de rondte, ik raak de tijd kwijt. Wel denk ik aan een zekere voetdeskundige, die beweert, dat we op blote voeten moeten lopen vanwege het ritme, de driekwartsmaat in plaats van de door schoeisel afgedwongen hoempa, hoempa.  1 , 2, 1, 2………..

Het zou helend zijn, dat ritme. Het brengt je in het nu, in plaats van van A naar B. Het heeft een positief effect op het immuunsysteem, het specialisme van alle bijenvolkjes…….

Thor staat te schateren, ja, hij lacht me uit. ‘Zo, nu ben je gefocust,‘ hikt hij blij. De sneak. Hier was het hem om te doen.

Ik laat me niet kennen en blijf geconcentreerd op mijn bijenkoningin. Ik kijk naar haar prachtige gezicht. Een bij, maar ook een bloedmooie vrouw. In bijeengedaante. Haar fijne gezichtje met de grote ogen. Haar zuigsnoet. Ik moet echt enorm focussen om alle details waar te nemen. Ja, Thor heeft me BIJ de neus.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Hierna ben ik helemaal aangekomen in mijn reis. In Thor’s prachtige paleis. En we gaan direct weer op pad. ‘Ik wil je iets laten zien…’ zegt mijn reisgenoot.

Opnieuw vliegen we door donderwolken met zijn strijdwagen. Thor strooit lustig met bliksemschichten. Om me aan het lachen te maken. ‘Gekke Heks, jij bent voor de duvel niet bang…’

‘Niet op mijn huis bliksemen, hoor. En ook niet op mooie oude bomen…..’ verzucht ik, een kerktoren vind ik dan weer niet zo erg, gek genoeg…. die hebben bovendien allemaal een goeie bliksemafleiders tegenwoordig!

We vliegen linea recta naar Midgaard. Ik zie onze prachtige paradijselijke leeflaag liggen in de wereldboom. Ik zie de slang, Loki’s monsterlijke zoon Jormungandr, er omheen gedrapeerd. Jeetje, wat is hij groot. Eindeloos kronkelt zijn zijn machtige lijf om onze realiteit. 

Ik krijg ook de 3D versie te zien. Naast de platte pannenkoekvariant. Ik krijg inzichten aangereikt. De slang. Zoon van ‘De Listige’. Het paradijs. Waar ken ik het van?

Dan komen we bij de kop van het beest. Het hoofd van deze godenzoon, die de mensheid beschermt. De enorme angstaanjagende slangenkop. ‘Kom, we gaan naar binnen,’ suggereert Thor doodleuk. Via de lange trillende sistong lopen we naar boven, de opengesperde bek in. Giftanden als machtige zuilen, de tong trekt ons ertussendoor. 

Ik sta in een hal van vlees en denk aan de enorme slang, die ik ooit om mijn nek gedrapeerd kreeg, tijdens en trip door het oerwoud van Thailand. Zo zacht en warm, haar fluwelen vel. Haar glanzende reptielenkop alert. Hoe Slang me aankeek. Hoe fijn ik het vond, hoe bijzonder. 

‘Niks om je druk om te maken, je zit in de kop van de wereldslang,’ stel ik mezelf gerust. En Thor is bij me, de god met de hamer, dus wat kan me gebeuren. ‘Kijk dus maar eens goed rond,’ maan ik mezelf. 

©Toverheks.com

©Toverheks.com

We worden inderdaad niet opgegeten. Na een tijdje verlaten we middels de sissende tong Slang’s enorme muil. Zijn onderkaak ligt ontkoppeld van de bovenkaak op de grond geklapt , als de achterkant van een vrachtvliegtuig. 

‘Ze is niet bepaald bang,’ Slang constateert het droog. Maar ik ben wel degelijk onder de indruk. ‘Maar niet bepaald bang,’ beaamt Thor.

De wereldslang laat me zien, hoe onze laag door hem wordt beschermd. Al vanaf het vroegste begin, toen Midgaard nog paradijs was. Ik zie onze aardbol, ons heelal, onze werkelijkheid….. omgeven door Slang.

Aan alle goede dingen komt een eind, helaas. Ons bezoekje is afgelopen, we nemen afscheid. Opgetogen zit ik naast Thor in zijn strijdwagen. Links en rechts smijt hij zijn hamer door de lucht, hij heeft er zin in. Ik geniet van de ontlading. Heerlijk, heerlijk…. 

We komen terug in zijn paleis. Daar rust ik uit. 

Thor brengt me hoogstpersoonlijk terug naar mijn woonkamer, waar mijn lijf geduldig wacht. ‘Er vliegt al de hele tijd een Griffioen achter ons aan, heb je het gezien?’

Ja, ik heb het gezien. Griffioen hoort tot mijn vaste entourage sinds enige tijd. Mijn magic posse. Hartstikke leuk, toch? Soms vlieg ik op zijn rug van hot naar haar!

Maar als je met mij reist, kom je lekker in mijn wagen zitten, hoor Heks, ‘ zegt Thor enigszins knorrig. Ik moet er om lachen. God heeft ons naar zijn beeld geschapen, staat er in de bijbel. Ook in deze godenwereld hebben de goden herkenbare trekjes. Het is ook overal hetzelfde……

©Toverheks.com

Thor ©Toverheks.com

Met zo’n lockdown hoef je bij heksen niet aan te komen. Dit opstandige fladderende volkje hou je niet aan de grond genageld. Een beetje bezemsteel is al gauw anderhalve meter, dus waar hebben we het over? Heks gaat heerlijk op reis in eigen hart. Ik klim in bomen, zaag mijn eigen wortels door, spit en grasduin tussen gebladerte en in boomkruin…… Voel me thuis in den vreemde. Ontvang wilde wildvreemden in mijn heksenhuis.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De laatste maanden ben ik regelmatig lekker op reis. Een hele zwerm toverheksen vliegt dan over mijn heksenstulpje en als vanzelf sluit dit heksje zich bij hen aan. Op magnetische wijze tot hen aangetrokken. Als een trekvogel tot een vlucht soortgenoten. Op weg naar het zuiden, noorden, oosten, westen. Alle kanten van het wiel krijgen een beurt.

Maar vooral reis ik naar mijn centrum, het hart van mijn hart. Daar staat een enorme boom in de gouden vallei tussen boezems en kamers. Grotten en botten. Bronnen en zonnen. Bergen en kraters.

De wortels groeien dwars door mijn landschap, slaan zichzelf beschermend om de bodem van mijn bestaan. De kroon steekt ver de hemel in. Verder dan ik kan kijken. Bovenin zit een grote haan te kukelen. Onder de boom weven de drie Nornen ons levenslot. Mijn lot in hun handen. Een draadje verdriet, een draadje geluk. Van alles wat. Dan heb je ook wat. Anders weet je niet wat je hebt.

Wat niet weet, wat niet deert. Maar we willen nu eenmaal van de boom der kennis eten. Daar horen ook bittere hapjes bij. Of mondjesmaat zuur kieskauwen. Of ondervinden, dat je het nog nooit zo zout gegeten hebt! Naast de volle zoete vredige vruchten.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik zit trommelend in de kruin van de levensboom. Mijn benen bengelend langs een tak. Afgelopen week reis ik naar de Planeet Scheld. Althans, zo heb ik die plek vaak genoemd.

Muspelheim. Het land van de vuurreuzen, vertoont opmerkelijk veel overeenkomst met de plek, waar ik al jaren mijn scheldkanonades heen stuur. De plek, waar mijn vlammende verzet op prijs wordt gesteld. Waar vlijmscherp gescheld verrukkelijk smaakt op de vuurtongen van de reusachtige bewoners.

Wat wonderlijk weer, deze mij onbekende wereld, die zich opent. Visioenen van het begin van alles, de geboorte van Iets uit het gapende duizelingwekkende Niets. Uit vuur en stoom. Alchemie van het universum.

Het is intensief, deze heksentripjes. Vandaag ben ik toch zo moe. Mede ook door mijn onafgebroken fietstochten met VikThor naar het Valkenburgermeertje. Waar mijn hondje met zijn vrienden speelt. Waar ik eindeloos een dummy voor hem het water in lanceer.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik ben ernstig over mijn grens gegaan in mijn enthousiasme om van dit fijne jaargetijde te genieten.

Het heerlijke weer, de lange avonden, de geurige bloeiende lindebomen op de Rijndijk, wolken geluk, terwijl ik met een happy hondje dravend naast me loom naar huis peddel….. Heks kan er geen genoeg van krijgen.

Dinsdag lig ik gecrasht in bed. Belabberd, maar tevreden. Ik hoef niets meer, want Vik wordt straks opgehaald door een speciaal vriendinnetje van hem. Deze jongedame gaat met hem naar het strand!

En wie weet, reis ik vannacht nog een keer af naar die droomboom vol visioenen. Eerst een paar uur lekker plat. Zo is dat.

Dan later:

Midden in de nacht trommelwandel ik door zwartgeblakerd zand. Sinmara, Sinmara, je neemt me bij de hand. Water, aarde, lucht  mengt zich in dit vuur. Mijn ingewand slaat vlammen uit, de pijn voelt rauw en puur.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een reuzenvrouw legt kruidenwikkels rondom op mijn getergde buik. Er groeit een slang uit, ellenlang. Zo groot als een anaconda…….Ik schrik ervan.

Dan kronkelt slang de aarde in, de grond onder mijn voeten. Ik voel haar onder me bewegen, kruipen, sluipen, wroeten.

Onder mijn stuit rust Slang uit. De woede, die me vanbinnen verteerde gebundeld op haar plek. Niet gek.

Sinmara legt een sintel in mijn hand, daar in dit dromenland: Er groeit een reus uit. Wat een verrassing! Een heuse reuzenreus voor mij!

Mijn reuzenvriend gaat mee naar huis. Gloeiende beschermheer. Hij draagt mijn woede.

Ik voel me verlicht.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

Zonnige zondag met veel wind. Heks vindt een kind. In haar eentje. Ik draag eendje in Haar handen. Voorzichtig door een moddersloot. Blijft hij leven? Gaat hij dood? Ik zal jou geschenken geven, watergodin. Laat hem in leven…..

Zondag eind van de middag fietst Heks de stad uit. Haar kleine hondje draaft naast haar. Kletsnat van een lekker bad in de Singel. Er staat een fris windje. De zon schijnt stralend, maar toch weerhoudt dit verplaatsen van lucht mensen om massaal de natuur in te gaan.  Ook de doodlopers en wielerfreaks zijn op 1 hand te tellen. Heerlijk!

Het is zo rustig, dat ik mijn mondkapje aan de wilgen hang. Bij het Valkenburgermeertje laat ik mijn varkentje lekker zwemmen. Hij stort zich keer op keer met overgave het water in. Op zoek naar dat balletje. Dat geweldige fantastische balletje……

Na een tijdje heb ik wel zin om weer naar huis te gaan. De energie is minimaal. Ik moet dat hele end nog terug. Ik kijk mijn monster aan. Lok-oogjes. Verleidersblik. Speels smeken…. Liedje van verlangen. ‘Nog eventjes, Vrouw, nog even stukje de polder in……?!’

Ik kan zijn smeekbede niet weerstaan. Even later zijn we weer onderweg. Naar ons bankje. Midden op een groot stuk weiland. Links en rechts sloten, bossages, eilandjes, het meertje op de achtergrond…..

Het is geweldig rustig. Heks gaat lekker zitten tekenen. Ik heb mijn tablet bij me. Al snel ben ik verdiept in mijn werk.

Ik zit al een hele tijd rustig te tekenen, mijn hondje scharrelend om me heen, als er plotseling enorm tumult ontstaat op een twintigtal meters afstand. Een eend zit geweldig te krijsen. Ik kijk op. Vikthor ook. Een paar kleine eendjes scharrelen verschrikt door het hoge gras. De moeder luid snaterend op een afstandje…. Wat is er gebeurd?

Dan een uit de kluiten gewassen herder en een klein fel kuttenlikkertje. Ze storten zich -opnieuw- op de eendjes. Heks krijst nu ook. VikTHor zit inmiddels aangelijnd toe te kijken hoe zijn Vrouw achter de honden aanjaagt.

De eigenaresse is een grote ongeïnteresseerde griet. Gehuld in een massief huispak van Roy Donders. Haar honden terug roepen? Ho maar. ‘Houd je honden even bij je, er lopen hier allemaal kleine eendjes…’ alsof Heks Spaans spreekt.

Dan, terwijl ze passeert, alle ontredderde eendjes liggen intussen alweer in de sloot met moeders, ‘Daar zit er ook nog ergens eentje tussen de spoorrails.’

Paniekerig begin ik langs de rail van de oude stoomtrein te rennen. Op zoek naar dat kleintje. Een heel stuk verderop vind ik het schatje. Suffig zit hij tegen een rail aangedrukt. Op een veld, waar menig hond loopt rond te jakkeren op dit tijdstip. Hem laten zitten is geen optie.

Zo loop ik dan met mijn kleine schat naar de sloot. Ik zet het beestje tussen de andere eendjes. Opgelost!

Maar, oh jee.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De nog immer paniekerig moeder gaat er snel van door met de rest van het grut. Mijn kleintje belandt aan de overkant van de sloot in het riet. Aan de kant van een eilandje. Bibberend. Alleen.

Heks jaagt langs de sloot om te zorgen dat de moeders, ik zie meerdere vrouwtjeseenden nu, allemaal luid snaterend, langs het eenzame kleintje gaan zwemmen. Hopelijk sluit hij zich vanzelf weer aan.

Maar nee. Ze zwemmen hem zo voorbij. Het kleintje verroert zich niet. Kut.

Ik begin het nu toch benauwd te krijgen. Die kleine moet weg daar uit dat donkere stuk riet. Ik probeer met een lange stok het diertje naar me toe te harken. Lukt niet. Nog een langere stok, een boomstam eigenlijk….., werkt ook niet. Alle andere eenden zijn intussen foetsie. Zelfs geen kleintje meer te bekennen ook. Behalve mijn schatje.

Op een afstandje volgt VikThor mijn verrichtingen met grote belangstelling. Wat is ze toch allemaal aan het doen, de Vrouw? Waarom trekt ze in godsnaam haar broek uit?

Heks springt in haar onderbroek in de moddersloot. Hij is veel dieper dan ik dacht. Ik waad door de zachte blubber naar de overkant. De onderkant van mijn spijkerhemd en spinnentrui worden ook nat nu. Ik vis het eenzame eendje uit het riet. Behoedzaam waad ik terug. Stap met een paar pikzwarte benen weer op het droge. Met mijn schat voorzichtig tegen me aan.

Terwijl ik het eendje in een fietstas parkeer, poets ik mijn benen een beetje schoon. Ik kleed me weer aan. Jeetje, wat een actie. Maar wat nu? Ik heb beloofd dit beestje te redden. Ik overweeg al om hem mee naar huis te nemen. Naar 7 monsters van katten……

Ik haal het eendje weer tevoorschijn en houdt het een hele tijd in mijn zachte handen.  Subtiele energie stroomt rondom het diertje en omhult het met een veld van liefde en veiligheid. De rust keert weer in zijn kleine lijfje. Na een tijd kijkt het beestje me gis aan. Zijn snaveltje tikt tegen mijn hand.

Dan plotseling: De eend met kroost zit weer in de sloot, waar het allemaal begon! Met de andere kleintjes. Ik sluip met mijn schat dichterbij. Ik ga nog 1 keertje proberen om het dier bij zijn moeder terug te plaatsen. Daar is hij toch veel beter af, dan bij mij.

Ik zet hem in het water. Snel peddelt hij weer terug naar de oever. Richting Heks! De moeder blijft op afstand. Ze heeft hoegenaamd geen interesse voor de kleine en moet al helemaal niks hebben van mensen…..

Heks trekt zich terug van de sloot. Nu is het een kwestie van afwachten. Komt het nog goed met dit eendje en zijn familie? Of is hij verstoten? Of is het eigenlijk een jong van een hele andere moedereend?

De moeder vliegt op en voegt zich bij de andere kleintjes, die intussen en heel end verderop  ronddobberen. Mijn kleine vriend zie ik niet meer. Hij lijkt spoorloos verdwenen te zijn. Een hele tijd draal ik nog op de plaats, waar ik hem liet gaan. Hij laat zich niet meer zien……

‘Ha Heks, wat leuk, dat je voor mijn verjaardag belt,’ Blonde Buurman belt me die avond terug, nadat ik hem ’s middags in paniek heb gebeld met allemaal eendenvragen. Hij is expert op het gebied van vogels en met name ook eenden. De achtertuin van zijn ouderlijk huis zat altijd helemaal vol met die beestjes.

‘We hebben ook weleens een geredde zwaan in huis gehad,’ vertelt hij me op een goede dag, ‘Maar die werd wel erg groot. En hij vertrouwde mensen en honden en dat laatste is hem uiteindelijk fataal geworden….’

‘Oh, ben je jarig? Gefeliciteerd!’ Heks zingt direct een paar liedjes voor haar oude vriend. Wat een geluk, dat ik hem op zijn verjaardag bel. Niet dat ik er aan gedacht had. Heks ia heel slecht in verjaardagen. Ik kan alleen die van mezelf onthouden.. …..

Dan vertel ik hem over Bertje, het kleine eendje, dat misschien ergens in een sloot zit te verpieteren in zijn eentje. ‘Jeetje, Buurman, had ik hem net toch mee naar huis moeten nemen?’

‘Die moedereenden zorgen heel slecht voor hun kroost. Ze tellen echt niet of ze allemaal aanwezig zijn. Er worden er ook regelmatig een paar opgegeten door een grote snoek. Ze houdt het niet bij. De eendjes zelf moeten zorgen, dat ze in haar buurt blijven…..’

‘Ze sprokkelen ook al vanaf dag 1 hun eten bij elkaar. Dus hij kan wat dat betreft voor zichzelf zorgen. En wat ook nog wel eens gebeurt, is dat ze gewoon achter een andere moeder gaan aanzwemmen…..’

‘Wat die kleintjes ook doen, is onder water duiken als er gevaar is. Ze verstoppen zich in het riet en steken dan alleen hun snaveltje als een soort snorkeltje boven het water uit. Ze kunnen dat een hele tijd volhouden…..’

Heks begrijpt nu eindelijk, waar dat kleine eendje gebleven is, nadat ik hem de laatste keer in het water heb gezet. Daarom kon ik hem niet meer vinden….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

’s Avonds draag ik de kleine in Haar handen. We waden door de nachtelijke sloot. Huiswaarts. Richting moeder, broertjes en zusjes. Op de hoek een Snoek. Hoofd groot en vervaarlijk. Een watergodin trekt aan mijn benen, waarom dit hapje laten gaan?

Omdat ik haar draag in Haar handen. Omdat ik het die kleine heb beloofd. Tegen het snoekenhoofd. Tegen de lange sliertige haren. Om mijn benen geslagen. Verstrikt. Vertraagd. Nauwelijks vooruit nu, de bocht om, we zijn er bijna…..

‘Ik zing voor je, ik breng je een geschenk. Morgen of overmorgen, maar zeker deze week. Een munt, een blinkende munt, laat mijn kleintje gaan. Een glanzende echte munt voor jou. KOMT ER AAN…’

Dan voel ik ontspanning. Verandering in de lucht. Mijn benen weer losgeraakt uit wuivende groene haren. Ik draag een eendje in Haar handen. Voorzichtig door een moddersloot. Blijft hij leven? Gaat hij dood? Ik zal jou geschenken geven, watergodin. Laat hem in leven…..

Heks ontwaakt met een kater in haar snater. IJzeren pin steekt binnenin een krater in haar tater. Maar de echte flater komt later. Het is geen gewone ouderwetse alcoholvrije ME kater…. Nee. Ik heb raar gedroomd. En: Voorouderaltaartje krijgt gezellig staartje.

‘Hoe laat hadden we ook alweer afgesproken? Er staan twee tijdstippen in mijn agenda, 11 uur en 12 uur….’ beantwoord ik de app van mijn homeopaat. Ze maakt me attent op de defecte lift in het gebouw, waar haar praktijk gevestigd is. Is dat bezwaarlijk? Nee, we komen die spekgladde houten wenteltrap wel op. Er weer af wordt moeilijker. Vooral voor VikThor.

We besluiten het te houden op half 12. Fijn. Hoef ik me niet zo te haasten. Ik ben niet vooruit te branden vandaag. Word wakker vanuit een rare kleverig trage droom, waarin ik bij voortduring kotsmisselijk ben. Met een wee gevoel in de maag strompel ik naar de keuken.

Ik voel me echt niet lekker. Bovenop de dagdagelijkse ME kater. Onwel. Onpasselijk. Waarover heb ik in godsnaam liggen dromen?

Ik kom er niet achter, maar heb een vaag vermoeden. Het zal mijn misselijkmakende familie wel zijn. Misschien moet ik er wat van die opgeblazen boeren uitlaten. Opboeren. Burpend zet ik koffie. O jee. Nu krijg ik ook nog de hik…….

Een luchtig begin van de dag in elk geval.

Ik hijs me in mijn kleren, maar ze vechten terug. Worstelend en stoempend werk ik me in een leuk jurkje. Op zich een goed teken, dat ik iets leuks aan trek, ook al vraagt aankleden veel van mijn schouders en ellebogen. Ik loop al weken in mijn praktische muizenpak. Grijs, grijs, grijs. En wijd. Vandaag ben ik echter een ranke aubergine.

Oh, nu moet ik toch nog opschieten. Mijn vage plan om op de fiets te gaan valt in duigen. Snel schiet ik een jas aan. Ook al aubergine van kleur. Nu nog een baret in hetzelfde palet en Heks is er klaar voor. Mijn kleine viervoetige vriend staat al naast me te springen. Hoera. We gaan op stap. Altijd heerlijk volgens mijn hondje.

Onderweg knikker ik mijn blafbeest nog eventjes een bos in. Vrolijk draait hij een drolletje. Uitgelaten scheurt hij door het vlammende struweel. Wat is het bos mooi. Al die kleuren. Herfst! Favoriet bij Heks!

Niet veel later klimmen we de massieve houten wenteltrap op naar de praktijk van mijn homeopaat. Ze staat ons al in de deuropening op te wachten. VikThor is door het dolle. Hij komt zo graag in deze prachtige oranje ruimte vol licht, lucht en liefde. Hij is dol op mijn behandelaar. Ik ook. Ik zoen haar op beide wangen.

We pakken elkaar even lekker beet. Het is al een hele tijd geleden, dat ze praktijk hield. Een sabbatical en een daaropvolgende periode met fysieke problemen hebben wat dat betreft roet in het eten gegooid. ‘Fijn, dat je er weer bent,’ zeggen we tegen elkaar. En ‘Wat ben je mooi roze,’ versus ‘Wat ben je mooi aubergine….’

Vervolgens kletsen we een hele tijd. Langzaam gaat dit over in de behandeling. Ik vertel de laatste ontwikkelingen in mijn persoonlijke proces en mijn homeopaat zoekt daar dan een passend middel bij. Om het proces te ondersteunen of te bespoedigen.

Ik vertel haar over de moeite, die ik heb met mijn eigen persoontje. ‘Ik heb mezelf echt wel eens leuker gevonden in het verleden. Zelfs als ik iets goeds voor iemand doe, iemand een hart onder de riem steek bijvoorbeeld, voel ik me vreselijk achteraf. Alsof ik door de mand kan vallen, alsof het niet waar is, terwijl het dat wel is, alsof……’ ik zoek naar de juiste woorden, maar vind ze niet.

Ik doe nog een poging, ‘Omdat het me niet meer lukt om eindeloos loyaal van bepaalde mensen te houden….. voel ik me schuldig of minstens slecht……. kan ik niet goed met mezelf door een deur….’

‘Die hekel aan jezelf en die zelfhaat,’ mijn therapeute schrijft intussen dingetjes op,’ het is eigenlijk wel bijzonder, dat je het zo goed kunt voelen. Iedereen heeft in mindere of meerdere mate last van zulke gevoelens, maar ze zijn meestal diep weggestopt….’

Heks weet het. Die weggestopte gevoelens zijn echter wel een vruchtbare voedingsbodem geweest van mijn walgelijke pleasegedrag. Open en bloot zorgen deze gevoelens misschien voor schaamte en nog meer zelfhaat, maar alles is beter dan tot in lengte van dagen je dagen doorbrengen als deurmat, voetveeg of in het beste geval rode loper.

Er gebeuren ook hele goede dingen. Ik vertel haar over de familieopstelling op de heksenschool, waar mijn casus werd behandeld. Hoe dat de boel aardig in beweging heeft gezet. Hoe ik eindelijk korte metten begin te maken met mijn volgens de paragnost Peter van der Hurk ‘achterlijke loyaliteit naar Jan en Alleman’.

‘Ik kreeg een hele leuke reactie op mijn blog. Nu krijg ik zelden reacties. En als iemand dan al eens reageert is het meestal in de trant van ‘Goed verhaal, grappig, leuk geschreven’ of iets dergelijks. Maar deze reactie was anders….’ Ik diep mijn telefoon op uit mijn tasje. Snel zoek ik het geschrevene op. ‘Luister…’

©Toverheks.com

‘Dankjewel heks voor je altijd prachtig geschreven verhalen over je worstelingen. Weer eens wat anders dan al die prietpraat van merendeels in een veilige omgeving afgestudeerde ‘deskundigen’ psychopathie. Ik lees je verhalen altijd met een brede grijns. Wraak! dank zij jou op mijn familie vol zieke of karakterloze idioten. Dankjewel!’

‘Zo leuk. Pas later viel het kwartje over dat woord wraak. Ik verwoord dingen ook voor haar, zij moet vergelijkbare ervaringen hebben….. ‘ ik zoek alweer de juiste woorden, ‘En mijn schrijfsels doen haar goed. Mijn ‘de draak steken’ met mijn rariteitenkabinet is tevens een soort zoete wraak op haar kwelgeesten…….’

‘Die blogjes schrijven kost me overigens al enige tijd de grootste moeite. Het voelt ook echt als een worsteling.’

‘Maar toch wil ik het doen. Ook al zijn het niet meer de overwegend gezellige opbeurende blogjes van voorheen. Mijn vrienden en familie lezen het allang niet meer….’ ik lach, Heks heeft liever een onbekend publiek, ‘Ik heb altijd gezegd, dat ik al blij ben als er 1 mens iets aan heeft……’

Maar het doet me vooral goed, dat ik deze dame flink aan het lachen maak. Lachen is het beste medicijn, dat er bestaat. Het helpt mij door de meest zwarte periodes heen. Al je spieren ontspannen als je lacht. Behalve je lachspieren. De maar doordenderende trein van het harde bestaan loopt even uit de rails…….

Het is een tijd van grote kosmische veranderingen volgens mijn behandelaar. Ik ben niet de enige, die met grote thema’s worstelt.

‘Ik ben bezig met het maken van een voorouderaltaar van kiezelsteentjes, van mijn toverjuf geleerd,’ vertel ik tot slot, ‘Ik denk, dat ik eerst een klap op die steentjes ga geven. Dat heb ik dan weer van een Duitse architect, die een pyramide heeft gebouwd op de Filipijnen. Ik was daar met hem voor een healingfestival….’

‘Om de pyramide lag een breed pad van grote kiezelstenen. De stratenmakers moesten van die architect op elke steen een klap geven met een hamer, om de stenen in de juiste trilling te brengen. Maar zodra de goede man niet keek, gaven de werklui daar de brui aan. Wat een flauwekul’ moeten ze hebben gedacht. De bouwkundige kon echter precies aanwijzen, waar ze met die steentjes in de fout waren gegaan…….’

En dan moesten ze er alsnog een klap op geven……

Ja, mijn voorouderaltaar. Ik ben bezig een plek vrij te maken hiervoor in mijn boekenkast. De steentjes liggen klaar in een grote schaal. ‘Je kunt dan zo’n steentje, dat een bepaalde voorouder representeert oppakken, eventjes koesteren of een beetje zachtheid geven. Je kunt zelfs met je hand over het veld bewegen en voelen waar de stagnatie zit. Of de kracht….’

Er is nog een oefening, die steeds voor mijn geestesoog zweeft de laatste tijd. ‘Touching the earth’ in de traditie van Thich Nhat Hanh. Ik heb em geleerd van Sister Chan Khong, die ijzersterke representante van onze Grote Moeder.

‘Stel je je ouders voor, niet zoals ze nu zijn of zoals ze geworden zijn, boos of bitter, teleurgesteld, gebroken….. Stel je je ouders voor zoals ze waren, toen ze jong waren. Nog maar net volwassen. Je moeder als een jong meisje met stralende ogen, vol idealen. Je vader als jonge man, fris en met zijn eigen idealen….’

Tegen die tijd stonden al haar leerlingen te snotteren. Heks incluis. ‘Touch the earth’, klonk dan haar zangerige stem, waarop de hele goegemeente op de knieën ging om met het voorhoofd onze Grote Moeder aan te raken. ‘Oh moeder, ik geef de aarde al uw woede en manipulaties….. Oh vader, ik geef de aarde uw slaag en vernedering…….’

Een geweldige oefening. Veel uitgebreider dan hierboven beschreven. Zo verbind je je ook met je geboortegrond ofwel de voorouders van je land en tot slot met je spirituele voorouders….. Volgens Sister Chan Khong ben je na drie weken dagelijks dit ritueel doen in no time van al je ellende met voorouders af……..

Aardewijsheid: Altaar, kleuren en symbolen.

 

 

 

 

Is de Wet van Murphy in werking als ik zondagnacht noodgedwongen de hulp van mijn beste vrienden inschakel? We schelden vaak op deze medemensen, vooral als ze ons op de bon slingeren, maar Heks is blij dat er politie is! Vooral in het holst van de nacht. Tijdens het spookuurtje. Als ik mijn huis niet in kan…….

Zondagmorgen vliegt Heks op haar ouwe trouwe bezemsteel naar de hoofdstad. Uit alle windstreken komen mijn zusters aangesneld. Sommigen met openbaar vervoer, anderen net als Heks op een eigen bezemsteel. Rond kwart voor tien is iedereen geland. Kwekkend en kwakend slaan we nog snel wat koffie naar binnen. Dan is het echt tijd: De Heksenschool begint weer.

Een hele dag werken we met het dodenwiel. We leren de godinnen van het westen kennen. Tijdens de uitgebreide lunch vliegen de magische verhalen je om de oren. De dag vliegt ook al voorbij. Om vijf uur tuf ik richting Leiden. De weg is hoegenaamd leeg. Alle stoplichten springen op groen. Binnen een goed uur heb ik zelfs mijn hondje opgehaald bij de oppas. Uitgekacheld zijg ik neer in mijn leunstoel.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Goeie genade. Heks is op. Het was al niet veel om te beginnen vanmorgen. Na een slechte week moesten alle zeilen worden bijgezet, om de opleidingsdag te volbrengen. En hoewel het heerlijk was om iedereen weer te zien, ben ik blij, dat ik in mijn stoel zit. Uitgeteld. Opgesoupeerd.

Om een uurtje of half vier ’s nachts schrik ik klam van het zweet wakker uit een vreemde droom. Ik lig aangekleed op bed. Televisie aan, lichten aan….. VikThor op het voeteneind. Alle katten om me heen of bovenop me. Heb ik al gegeten? Ik geloof het wel. En daarna in slaap gevallen voor de beeldbuis…….

Ik trek een jas aan, plant een parmantig hoedje op mijn duffe hoofd. Mijn nog slapende voeten glijden in een paar enorme regenlaarzen. ‘Drakenlaarzen, Heks. Goh, wat zijn ze mooi!’ aldus een medeheksje vandaag op de opleiding.

Even later sukkel ik door de steeg. Beetje raar tijdstip voor een uitlaatronde, maar niet uitzonderlijk in geval van Heks. Ik kom wel vaker energie te kort voor de avondronde. Hoe vaak val ik niet voor de televisie in slaap na het eten? Het gebeurt me dan ook regelmatig, dat ik op dit uur aan de wandel ben. Met enige regelmaat in pyjama……

Als ik bijna thuis ben, haal ik mijn sleutelbos tevoorschijn. Mijn oog valt op de voordeursleutel. Wat ziet het ding er vreemd uit, helemaal verbogen. Raar. Het slot van de voordeur gaat al tijden heel erg zwaar. Het lijkt wel of de deur is uitgezet door de hitte. Mijn lamme armen hebben hun handen vol om de deur open te maken tegenwoordig.

‘Ik moet voorzichtig te werk gaan met die kromme sleutel,’ denk ik nog. Dan breekt het onding af in het slot. Ik heb nog niet eens geprobeerd om em om te draaien…….

Daar sta ik dan midden in de nacht. Buitengesloten. Helaas heb ik de balkondeur dicht gedaan, dus een klimpartij via het schuurdak gaat zeker niks opleveren. Zal ik mijn buurman wakker bellen? Hij heeft een reservesleutel. Maar die kan toch niet in het slot worden gestopt. Daar zit immers dat afgebroken stuk…..

Mijn telefoon ligt binnen, mijn bezemsteel staat binnen…….

Goddank woont Heks midden in de stad vlakbij het politiebureau. Daar wandel ik dan ook maar heen. ‘Help,’ roep ik door de interkom, ‘Ik zit in een lastig pakket, ik liep de hond uit die laten…..’ De agent achter in het bureau zet grote ogen op. Hij trekt een gezicht naar zijn collega.

Heks kan dat allemaal niet zien natuurlijk. Ik sta op een doodstille gracht tegen een muur te praten voor een uitgestorven hermetisch gesloten politiebureau. Dan hoor ik helemaal niks meer. Vervolgens zie ik een kaal hoofdje achter in het pand over de balie gluren, of Heks en haar hondje daar echt staan. Ze worden toch niet in de maling genomen?

‘Loopt u maar naar uw huis, mijn collega’s komen er aan. Met een ladder. U weet echt zeker, dat uw keukenaam open staat?’

Heks holt op een sukkeldrafje naar huis. Intussen ben ik weer aardig wakker. Mijn duffe sprint jaagt de laatste slaap uit mijn ogen. Met bonkend hart, zweterig en verhit scheur ik mijn steeg in. Voor me uit rijdt een politiebusje. Ze rijden flink door, vandaar mijn gejakker.

Niet veel later ben ik omgeven door agenten. Uit het busje komt een solide ladder. De dienstkloppers schuiven het ding uit, tot het juiste formaat om mijn keukenraam te bereiken. Er komt een tweede politieauto bij. Politiemannen en een incidentele vrouw bevolken de steeg. Er wordt flink overlegd. ‘Heks, klim jij maar naar binnen…..’

Even kijk ik verbaasd op. Ik wil best die ladder opklimmen, maar ik ben er niet echt op gekleed, met mijn lange jurk en rubberlaarzen. Ook ben ik uitermate wiebelig van vermoeidheid. Ik had eigenlijk begrepen, dat een agent dat zou doen, dat klimmen op een gammele ladder. Want hoe stevig de ladder ook is van zichzelf, leunend tegen een vensterbank op vier meter hoogte is het toch een heel ander verhaal…….

En hoe komen ze eigenlijk bij mijn voornaam?

Maar de agent heet Heks, net als Heks. Het is ook een mannennaam namelijk, mijn rare en zeldzame voornaam. Wat toevallig toch weer. Eenvoudig doch complex. Heks is perplex van dit Yin/Yang effect binnen de queeste van haar nachtelijke buitensluiting.

Dus terwijl Heks perplex staat te kijken klimt Heks nummer 2 door haar keukenraam naar binnen. ‘Waar vind ik een reservesleutel?’ roept hij naar beneden. Ademloos kijkt Heks toe. Het is een ongelofelijk lekker ding.

‘De sleutelbos met een smiley er aan,’ roept zijn collega, nadat ze die informatie uit een zwaar afgeleide Heks heeft gekregen. Binnen een paar minuten staat de agent weer buiten met sleutelbos. ‘Ik heb de deur opgelaten, want die afgebroken sleutel zit er nog in. U moet morgen direct een slotenmaker laten komen…..’

Zo zit Heks om half vijf weer lekker in haar huis. God, wat ben ik blij. Gek ook, dat die sleutel precies op zo’n ongelukkig tijdstip afbreekt. Bizar als je bedenkt hoe vaak ik op de meest normale tijdstippen die deur gebruik…..

De volgende dag ga ik op zoek naar een slotenmaker. Ik vraag een offerte op, wil al afspreken met Beun de Haas en Co, als ik me bedenk, dat ik ooit vreselijk de mist in ben gegaan met een malafide slotenmaker, die ik had opgeduikeld in de Gouden Gids. Het is alweer eventjes geleden.

De man zette een nieuwe cilinder in het slot van mijn bergingsdeur. Toen ik later de deur open deed, viel hij op mijn hoofd. Bleek de man de scharnieren te hebben gemold, om de deur uit de sponning te kunnen lichten.

De klungel had geen enkel expertise met het repareren van sloten. Hij had echter wel een flink bedrag gerekend. Toen ik telefonisch verhaal ging halen, werd ik door zijn doorrookte medewerkster (zijn vrouw? ) bedreigd. Ik heb ook nooit kunnen achterhalen, waar het ‘bedrijf’ was gevestigd…….. (waarschijnlijk in het vervallen busje, waarin de man rond reed)

Ik bel de woningbouwvereniging. Ik heb uiteindelijk een duur onderhoudscontract met hen, waar ik nooit gebruik van maak. ‘Vervangen van cilinders in sloten valt niet onder het onderhoudspakket, maar we kunnen het wel voor u doen…’ Vooruit maar. Laat maar een mannetje komen. Ik vraag direct nog een paar reparaties aan bij de vrouw. Als ik de hoorn op de haak leg, gaat de bel.

‘Wat ongelofelijk snel,’ de slotenmaker staat al voor de deur. In no time heeft hij de cilinder vervangen. Op mijn verzoek kijkt hij het slot nog even na. ‘Het gaat zo zwaar, al een tijdje. En met de nieuwe cilinder voel ik eigenlijk geen verschil….’

‘Mevrouw Heks, u heeft geluk. Het hele slot is kapot. Ik zal er een geheel nieuw exemplaar in zetten en die rekening is uiteraard voor Portaal. U kunt hier namelijk niets aan doen. De sleutel is afgebroken, omdat het hele slot niet deugt! Het ding is oud en versleten. De deur sluit hierdoor niet meer goed…..’

Even later zit het gloednieuwe slot in de deur. De man vijlt net zo lang aan de diverse  onderdelen, tot het geheel moeiteloos sluit. Heks zit gezellig op de dekenkist te klessebessen met de man. Het is een hondenman met sterke verhalen. Ijzersterk…….

‘Mijn nichtje heeft zus en zo jachthonden. Een stuk of acht. Werd ze een keertje tijdens een wandeling aangerand, heeft ze die honden om die vent heen gezet. ‘Niet bewegen, meneer, want dan bent u er geweest,’ liet ze hem doodsbang achter in het bos met die honden. Kortom: De politie erbij gehaald en die vent opgepakt. Bleek hij al een heleboel dames te pakken te hebben gehad…..’

‘Stond een vent in te breken in mijn huis, politie gebeld….. Wilden niet komen, omdat de man nog niet binnen was. Gekkenhuis natuurlijk…… Ik heb een vrouw en kleine kinderen, wat denken ze wel? Later bleek het om een bende van zeker vijf man te gaan!

Heb ik tegen die agenten gezegd, ik ben die en die. Waren ze zo ter plekke. Ik heb namelijk een wapenvergunning, dus wapens in huis….. En dat kunnen ze zo in hun systeem zien, ik sta geregistreerd. Ik laat die inbrekers hier echt niet binnen komen, natuurlijk……. Dat weten zij ook wel, vandaar…..’

Wapens in huis. Brrrr.

Hoewel: Heks heeft een stuk metaal achter de voordeur staan. Hier kom je ook niet zo maar binnen. Ik heb ook eens iemand betrapt op inbreken in mijn huis. Heel creepy. Ik weet ook nog wie het geweest is. Een hele enge stalker, die zijn spooky oogje had laten vallen op die aardige barvrouw in de kroeg waar hij altijd kwam.

Na Heks heeft hij iemand gestalkt, die Heks niet geloofde indertijd. Deze zuipschuit vond mijn verhaal maar onzin. Hij ging onder 1 hoedje spelen met de naarling, alleen maar om Heks te pesten. Waarschijnlijk omdat ze weinig oog had voor de armzalige versierpogingen van deze ontaarde huisvader met vrouw en kind.

Die ongelovige reactie speelde de engerd als het ware in de kaart. Nou, dat heeft Zuipschuit geweten. Aanvankelijk was er niets aan de hand. Toen Heks echter haar baan aan de wilgen hing vanwege deze ontwikkelingen en van het toneel verdween, raakte de man geobsedeerd door deze handlanger.

Opeens stond de man bij hem in de straat te posten, liep hij hem in de supermarkt voor de voeten, probeerde hij ’s nachts bij hem in te breken…… Vervelend voor de drinkenbroer, maar ik was er van af…….

Het klinkt misschien een beetje leip, Heks in de ban van vogel Grijp. Veel getrommel en gerommel, duimendraaiend magisch gestommel….. Maar dan heb je ook wat: Een heel huis! ‘Piep,’ zei de muis, ‘Hier is het pluis!’

‘Heks, we hebben zo’n leuk huis gezien. Moet je kijken….’ mijn vriendinnetje Joy stuurt me foto’s van een gezellige gezinswoning op steenworp afstand van de snelweg. ‘Er is heel veel belangstelling voor. Het huis van de buren is onlangs verkocht en alle mensen, die daar naast grepen proberen nu dit huis te annexeren!

‘Wil je voor ons duimen? Please?’

Heks gaat flink duimen. Met haar duimen op haar trommel. Zachtjes trommel ik mezelf naar binnen. Zoek naar het huis, fluister het adres. Zing een liedje van verlangen. Een loflied op de aanstaande bewoners: Mijn vrienden….

Dagenlang hoor ik niets. Dan volgt een kleine update. ‘We zijn gaan kijken. Mooi joh! Echt een heel leuk huis.’ Een aantal foto’s verder ben ik het helemaal met haar eens. Ja, het is inderdaad fantastisch. ‘Vanmorgen ben ik zelfs om 6 uur opgestaan en ter plekke gaan luisteren hoeveel geluid die snelweg nu eigenlijk maakt. Dat valt op zich erg mee….’

‘We gaan een bod uitbrengen, maar we weten niet of het genoeg is….’ Mijn vrienden hebben als voordeel, dat ze er binnen een maand in kunnen indien nodig. Of over een half jaar pas, mocht dat beter uit komen.

‘Volgende week horen we of ons bod is geaccepteerd.’

Het blijft weer eventjes stil, maar de dinsdagmiddag er op zie ik opeens een bericht staan op de app. Een ingesproken bericht. Een enorm lang verhaal. Heks luistert een deel af midden in de polder, waar ik met VikThor aan de zwier ben. Hebben ze dat huis nu of niet?

Er komt geen eind aan het verhaal en ik heb voorlopig geen gelegenheid om het af te luisteren, dus stuur ik een app: ‘Hoe loopt het af?’

Maar nee, mijn vriendin verklapt niks. Pas een dag later kom ik toe aan de rest van de boodschap. En wie schets mijn verbazing? Hun bod is geaccepteerd!

Onder voorwaarde dat er geen bouwkundig onderzoek zal komen. ‘De eigenaar heeft dat drie jaar geleden nog laten doen. Zo’n onderzoek is vrij kostbaar en het is voor zijn rekening, dus als we daarvan af zien is het huis voor ons.’

Goh.

‘Maar we doen het niet, Heks. Na lang twijfelen hebben we de knoop doorgehakt. We weten nu in elk geval, dat het binnen ons bereik ligt, maar zo’n bouwkundige inspectie overslaan voelt nogal tricky.’

‘Maar nu heb ik ons vandaag ingeschreven voor een huurwoning in dezelfde wijk, maar niet pal naast de snelweg. Hiervoor zijn ook veel gegadigden. Er worden er drie ingeloot en daaruit wordt dan de nieuwe bewoner geselecteerd. Wil je voor ons duimen?’

Heks pakt haar trommel uit de kast en duimt er lustig op los. Mijn eigen huidige woning heb ik aan een dergelijk proces te danken meer dan dertig jaar geleden. Tegen alle verwachtingen in gekregen. Buiten proportioneel groot en mooi voor een dame alleen. Midden in de binnenstad.

Gisteren komt mijn vriendin langs met haar wolk van een baby. Ze komt me helpen met het uitzoeken van kleding voor tweedehands winkeltjes. En natuurlijk om nog eens in geuren en kleuren te vertellen hoe het is afgelopen met het huis……

‘We hebben het, Heks. Tegen alle verwachtingen in. Het is heel raar gegaan. Helemaal niet volgens de regels. We zijn bijvoorbeeld nooit ingeloot. Eerlijk gezegd hoorden we helemaal niks na onze inschrijving. Dus heb ik nog maar eens een mailtje gestuurd. En heeft mijn man nog maar eens een keertje gebeld…..’

‘Hij kreeg te horen, dat we het huis mochten komen bezichtigen. Samen met een super saai ander stel. Ik heb natuurlijk steeds geroepen hoe perfect de tuin is voor onze kleine en dergelijke…’

‘Maar weet je wat nu het gekke is? De straat heet Fabeldier, jouw achternaam! Vind je dat nu niet bizar? Jij zit te duimen voor ons. Nou ja, te trommelen. Het koophuis, waar we veel minder op konden bieden dan de andere gegadigden, konden we krijgen. En dit huurhuis, een veel betere optie voor ons momenteel, is ook gelukt. Ondanks het feit, dat we helemaal niet volgens protocol zijn ingeloot. In een straat met jouw achternaam…..’

Knibbel knabbel knuisje, wie krabbelt er aan mijn huisje? Wie krabbelt er in? Een spin? Wie zit er op mijn driezitsbank? Een zeekoe of een muisje?

Gisterenavond pak ik mijn trommel. Ik begin te roffelen. Eerst rustig in het tempo van onze Grote Moeder. Daarna sneller. Ik kijk naar het gezichtje van de vrouw op de drum. Ze kijkt terug. Zo grappig. Haar fijne trekken komen tot leven. Alsmede de trom.

Als ik uitgetrommeld ben zit er iemand op mijn bank. Net achter de plek waar ik zonet zat. Wie is het? En wat doet ie daar? VikThor zit met gespitte oren te luisteren, zijn blik onafgebroken gefocust op mijn nieuwe huisgenoot. Waarvan ik niet weet wie het is.

Het lijkt een groot wezen te zijn. De halve bank wordt in beslag genomen. De boskat staart naar de drum. Daar is ook van alles te beleven voor een katachtige. Voorzichtig loopt hij er naar toe. Blijft op gepaste afstand staan…..

Heks wil graag weten die haar krachtdieren zijn. Helaas ben ik ergens in het proces totaal geblokkeerd geraakt. Er zijn vele dieren, waar ik een diepe band mee voel.  Dus aan mijn eigen voorkeur heb ik niks.

De nacht na de eerste opleidingsdag greep Raaf me bij mijn lurven, maar met Raaf heb ik helemaal niks. Nou ja, we hadden vroeger een tamme kauw genaamd ‘Gerrit’. Een ongelofelijk leuk en slim beest.

Mijn moeder haatte hem, vanwege de ongelofelijke vogelschijttroep op haar pas geboende straatje. Het was echt de vogel van mijn vader. Hij had een sterke band met het dier.

Ook voel ik soms Beer als een duffelse jas om mijn schouders. Hem ken ik goed uit mijn prille jeugd. Onafscheidelijk waren we.

Een huis vol kikkers geeft ook te denken. Waarom zoveel? Omdat iedereen me altijd kikkers geeft…… Al bijna een halve eeuw. En: Heks houdt ook veel van haar kwakende vrienden.

Een energetisch hert in de woonkamer en overal hertenbeeldjes. Een draak in mijn hart. Spinnen op de kast. Als puber had ik al een rubberen spin voor de grap genaamd Joris. Maakte ik klasgenoten mee aan het schrikken…..

Als ik de deur uit ga struikel ik over de zwanen. En ga zo maar door.

Nu lukt het me aardig om er niet te veel mee bezig te zijn. Om er op die vertrouwen dat mijn helpers zich te zijner tijd wel zullen manifesteren. Uiteindelijk is het niet aan mij om te kiezen. Je wordt gekozen….

En daar zit natuurlijk een enorme voetangel. Ofwel kraaienpoot. Een oude pijnplek. Want wat als je nu niet wordt gekozen? Wat als je achter het net vist? Buiten de berenboot valt? Wat als er geen krachtdier te vinden is, die jou wil helpen? En vice versa. Wat als je weer eens aan de zijlijn komt te staan?

En het is onhandig, dat ik het niet weet. We worden aangemoedigd om spulletjes te verzamelen en verlanglijstjes aan te leggen voor het maken van magische ratels en dergelijke. Ik heb geen idee wat ik er op moet zetten. En opeens zie ik dat anderen het voor me invullen. Heks heeft als krachtdier kikker…..

 

‘Ik had een keer iemand op les, die een muis als krachtdier had. Maar zelf wilde hij er niet aan. Hij werd zo kwaad op mij, omdat het geen stoere beer of sexy panter was, dat hij de les verliet. “Ik ga dit grondig uitzoeken, dit klopt voor geen meter,” piepte hij tot slot. Typisch een eigenschap van muis, dat grondige en precieze……’ vertelt de juf ter lering ende vermaak.

Misschien is mijn krachtdier wel een muis. Ik had tenslotte een nest in mijn berging, precies toen we de krachtdierlesdag hadden. Eerlijk gezegd kan het me geen bal schelen intussen, wie mijn krachtdier is. Al is het een mollige Talpa Europea. Het zal me een worst zijn.

Als ik het maar een beetje kan vinden met mijn helpers. Als we het maar een beetje leuk hebben saampjes.

Vannacht een drietal programma’s bekeken op RTL Z, Wild Animal Reunions. Hier keren verzorgers en opvoeders van wilde wees-beesten terug naar hun volwassen schatjes, die intussen in de vrije natuur leven. Ontroerend om te zien hoeveel liefde en vertrouwen er is tussen deze bijzondere mensen en hun troeteldier.

Of het nu een Neushoorn, een Hert, een kudde Olifanten, een troep wolven, een groep chimpansees, een Chita, een Schubdier of een Mammon betreft: Er is sprake van herkenning, grote liefde en diep vertrouwen tussen deze mensen en hun dierlijke vrienden.

Olifanten hebben een fascinatie voor de dood. Dat vond ik nu ook weer treffend. De man met wie zij een speciale band hadden opgebouwd overleed op 4 maart een aantal jaren terug. De hele troep dook voor zijn huis op om hem eer te betuigen! Elk jaar op 4 maart staan ze er weer! Ongelofelijk toch……

 

Drummen, ratelen en zingen zijn van die echte heksendingen. Zondag mag ik weer naar de toverschool. In de klas bij mijn idool: Onze juf, uit degelijk hout gesneden, geeft bezield les. Urenlang. Heel tevreden, kapot moe en voldaan gaan we naar huis. Heks valt in slaap voor de buis. Om midden in de nacht pas wat te eten. Tromgeroffel en heksenkreten!

Zondag is het weer zover: Heksenschool! Uit het hele land snellen heksjes bepakt en bezakt naar Amsterdam. Sommige op de bezemsteel, weer anderen gewoon met de trein.

Heks gaat met de auto. Tassen vol drums, ratels en frutsels sleep ik achter me aan. Waar dit me meestal op meesmuilend commentaar komt te staan wordt mijn gesleep met spulletjes in dit gezelschap juist gewaardeerd.

Het wordt zelfs aangemoedigd om zoveel mogelijk materiaal te verzamelen. Om je drum mee te versieren of om een mooie ratel van te maken. ‘Op koningsdag kun je je slag slaan, dames,’ spoort onze juf ons aan om op pad te gaan, ‘Het is de ultieme kans om de meest fantastische troep op de kop te tikken……’

Heks gaat al jaren zo te werk. Veel van mijn magische rommeltjes heb ik op die feestdag ergens gevonden. Tussen de rotzooi. Niet bepaald gewaardeerd door mijn vrienden en bekenden, want ‘Wat moet je met die troep?’

Intussen heb ik een geweldige berg materiaal verzameld door de jaren heen. En eindelijk kom ik mensen tegen met dezelfde inslag.

Heksenschool is toch zo heerlijk voor Heks. Een hele dag verkeren tussen gelijkgestemden. Urenlang les krijgen van een echte ouderwetse toverheks met een schat aan kennis. En een goed gevoel voor humor!  En tot slot het geleerde in praktijk brengen in een veilige omgeving.

Zo gaan we zondag met onze drums en ratels aan de gang. Fantastisch. Kan ik mijn trommel eens goed leren kennen. Ontdekken wat er allemaal mogelijk is met mijn prachtige schat.

Mijn eigen manier om in trance te gaan is totaal anders dan met behulp van drum en ratels. Er zijn vele wegen, die naar Rome leiden. Mocht je daar heen willen dan. Heks niet. Ik heb niets te zoeken bij de paus.

Halverwege de dag ben ik kapot moe. Ik ben niet de enige. Een stortvloed aan informatie is over ons uitgestort. Het is dermate boeiend, de aandacht verslapt geen seconde. Goddank krijgen we een uitgebreide lunch aangeboden. Met een lekker koppie worteltjessoep op de koop toe. Daar trekt de gemiddelde heks aardig van bij……

’s Middags gaan we aan de gang met allerlei oefeningen. Een drumcirkel wordt gevormd. Alsmede een ratelcirkel. En nog een zangcirkel. Heks zit verwoed te drummen op haar mooie rooie trom. Bij een zeker ritueel raak ik lekker in trance.

Plotseling kijkt iemand me aan vanaf het trommelvel. Zie ik het nu goed? Het kleine gezichtje van de vrouw op het vel lijkt te leven. Haar koppie beweegt mee met de muziek. Er glijdt een mysterieus glimlachje over haar fijne snoetje.

De dag vliegt voorbij. En ondanks een paar flinke energie dips heb ik het weer glorieus doorstaan. Op mijn gemak tuf ik terug naar Leiden. Een glimlach om de lippen, die er de komende dagen niet af te krijgen is……

Ik haal VikThor op bij de oppas. Bel eventjes met de Don. Val in slaap voor de televisie. Eet pas om een uurtje of twee ’s nachts. Slaap meer dan het klokje rond…..

De volgende dag lig ik voor gup. Ik fiets een beetje rond met hond en dat is het dan. Ik moet bijkomen en alvast energie sparen voor woensdag. Dan moet ik er weer staan. Met frisse stembanden en een uitgerust lijf.

De hele dag verbaas ik me over mijn lamme armen. Hoe komt dat nu weer? Pas als ik ’s avonds mijn drum uit de kast pak leg ik de link met de intensieve lesdag. Al dat getrommel en geratel is een uitstekende workout. Heksen zijn bepaald geen luie wezens!

Neem nu dat vliegen op een bezemsteel. Je moet een enorm goed gevoel voor evenwicht hebben, anders hang je zo in de eerste beste beuk. Ook vraagt het met tegenwind behoorlijk wat stuurhekskunst om in de lucht te blijven. En dan moet je ook nog een enorm beroep doen op je verbeeldingskracht……

Vandaag doe ik helemaal niks. Morgen wordt weer een hele drukke dag. Een veel te lange dag. Een dag waarop mijn stem bij de les moet zijn. Maar ook een heerlijke dag! We gaan mijn favoriete muziekstuk uitvoeren, de Matthäus Passion van Bach. Over een dierbare leraar van Heks en hoe hij te grazen werd genomen door zijn medemensen.

Zo jammer dat de bijbel zo’n patriarchaal bolwerk is geworden door de eeuwen heen. Zoveel theologen, die hun plasje hebben gedaan over de verhalen. Deze geschiedenis is echter onaangetast.

Behalve de premisse dat Maria Magdalena een hoer is. Die leugen blijft me storen. ( In de loop van de geschiedenis werd zij door de gevestigde waarden soms aangezien voor een vrouw van lichte zeden, dit berustte echter niet op de Bijbel.) Beter ingelichte bronnen beweren dat ze uit een hoogstaande spirituele traditie stamde! En dat ze de vrouw van Jezus was…….