Zalig kerstfeest lieve lezers. Heks zit heel alleen kerstfeest te vieren. Maar van eenzaamheid is goddank geen sprake! Ik vermaak me eigenlijk best.

Kerstavond reanimeer ik mezelf richting kerk. Gloeiendhete douche, bak sterke koffie en een hap pijnstillers doen wonderen. Flinke kwast over de kaken en ik lijk net een mens. In plaats van een lijk. Helemaal niet gek gedaan, Heks!

Kortjakje plof neer op een plekje achterin de kerk. Naast me schuiven twee dames aan. Een moeder en dochter? Het lijkt erop. De overigens volwassen dochter zoekt verwoed in de liturgie naar het liedje, dat de goegemeente aan het zingen is. We zingen altijd een vol halfuur voorafgaand aan de dienst. Ouderwetse kerstliedjes.

‘Hier,’ ik wijs het betreffende liedje aan. ‘Ik ga toch echt niet meezingen, hoor,’ grijnst de jongedame ondeugend. ‘Ik wel,’ grijns ik terug. Vandaag heb ik weer eens geen stem. De hoge regionen kan ik alleen bereiken als ik er op een bepaalde manier naartoe beweeg met mijn stem.

En daar leent het gemiddelde kerstliedje zich niet voor. Zo rommel ik maar zo’n beetje tussen de octaven. Zing sommige passages heel zachtjes, hoog en zuiver, om schor neer te storten in woest gebrom rommelend in mijn borstregister. Mijn hele lijf resoneert dan mee met het grote orgel. En dat vind ik dan toch wel weer erg leuk.

Tijdens de eucharistie klets ik met mijn buurvrouw. Een ongelofelijk leuk wijf met pit. De kerk is onbekend terrein voor haar. Met kerst als sneeuw naar binnen gedwarreld. Met moeders mee waarschijnlijk.

‘Ik kwam vroeger ook wel eens bij Shambala,’ roept ze enthousiast als mijn Boeddhistische neigingen ter sprake komen. Ik vertel haar over onze Sangha in de traditie van Thich Nhat Hanh, ‘De lachende Boeddha’. Zit ik zowaar tijdens de kerstnachtmis zieltjes te winnen voor de concurrent……

Zo zit ik dus moederziel alleen en toch samen met anderen in de kerk. Mooi. Ik heb namelijk helemaal niks geregeld qua gezellig gezelschap de komende dagen.

‘Je bent altijd welkom bij het kerstdiner op eerste kerstdag, hoor,’ roept Steenvrouw al maanden. Maar Heks is te gammel om toe te zeggen. Ik weet niet of ik het ga redden allemaal. En als mensen rekening houden met een ingewikkeld dieet en je komt niet opdagen? Dat kun je natuurlijk niet maken.

‘Mag je dit of dat eten?’ appt Steenvrouw me met enige regelmaat. Ze kent mijn dieetvoorschriften grotendeels uit haar kop, maar af en toe slaat de twijfel toe. Wil ze het zeker weten. Waarom?

‘Volgens mijn accepteert ze geen nee,’ grapt de Don, als ik hem over deze ontwikkelingen rondom het kerstdiner vertel. We moeten er allebei enorm om lachen, maar stiekempjes ben ik blij met mijn koppige wijze vriendin. Vanavond vier ik eerste kerstdag met haar en haar gezin!

Mijn kerstboom heb ik dit jaar heel snel opgezet. Het is namelijk geen boom, maar een paspop. Die heb ik vliegensvlug een mooie kerstachtige jurk aangetrokken. Wat snoeimateriaal onder de rokken vandaan en een snoer lichtjes om haar ranke middel en de Godin staat in al haar glorie te stralen in mijn woonkamer.

Dit feest van geboorte is natuurlijk ook en vooral een feest van de Grote Moeder. Hoe zij bevallig beviel in een stal. Als een enorme Heilige Koe. Het is het feest der vruchtbaarheid. Hoe in het diepst van de nacht het licht weerkeert. Zich via het goddelijke geboortekanaal een weg naar buiten baant……

’s Nachts loop ik nog een hele grote ronde met VikThor. Voor hem is het tenslotte ook kerst. Het is al over tweeën. De stad is bevolkt met dronken droppies. Uitgebraakt door cafés, die ook wel eens dicht willen. Naar buiten geveegd door eigenaren, die ook wel eens naar bed willen.

Vanuit het Zeemanspark zie ik een man staan op de brug over de Singel. Hij houdt zich vast alsof hij zich op woeste baren bevindt. Alsof de Zeevaartschool een groot schip is geworden, dat in rap tempo op hem toe stoomt.

Een stukje verderop loopt een klein bozig vrouwtjes stampend over het Noordeinde. Ze kijkt achterom naar de zwabberende man. ‘Kom nou Joop, loop nou eens door, verdorie,’ snijdt haar nijdige stem door de nacht. Ze komt langs de ingang van het terrein en slaat plotseling impulsief af het park in.

Ze loopt zeker tegen de zeventig zie ik van dichtbij. Gemelijk beent ze richting de school. Ze kijkt niet op of om.

Joop is ook weer in beweging gekomen. Met zijn handen klauwend langs het hekwerk rondom het parkje voor houvast maakt hij plots flink vorderingen. Loopt de ingang van het park straal voorbij. Raakt ter hoogte van de bloemenstal finaal de kluts kwijt, want waar is zijn narrige partner? Verdwaasd blikt hij om zich heen. Valt daardoor bijna om…….

Heks besluit de man uit zijn lijden te verlossen en tevens de vrouw te helpen, die intussen weer is begonnen met machteloos schreeuwen. Snel loop ik naar de ingang van het park.

‘Uw vrouw is hier, meneer Joop,’ wuif ik hem in de juiste richting. Opgelucht draait hij zich om. Een enorm charmante man met vermoedelijk een drankprobleem. Waar zijn vrouw zat van is……..

Hij glimlacht me vluchtig toe. ‘Je bent elkaar kwijt voor je het weet,’ grijns ik als hij me voorbij valloopt. Steeds als ik denk dat hij op zijn plaat zal gaan komt hij toch weer op zijn pootjes terecht. Tenminste, zolang hij het hekwerk als steun kan gebruiken.

De rest wacht ik niet af. Ik steek de straat over. Ik zal niet zien hoe hij van zijn geliefde op zijn kop krijgt. Of hoe hij zonder de ondersteuning van gemeentelijke hekwerken verder naar huis zal moeten kruipen….

Op de terugweg ga ik langs het huis van Tanneke. Haar dode hand glijdt in de mijne. Oh, wat mis ik dat kleine toverheksje toch nog steeds. Tegenwoordig wordt haar magische huisje bewoond door een saaie huismus. De kale woonkamer zonder enige vorm van kerstversiering is gelukkig niet zichtbaar, omdat de lelijke luxaflex naar beneden zijn……

Heks heeft ook niet veel gedaan aan haar huisje dit jaar. Niet zoals andere jaren. Ik had gewoonweg niet de puf om al die kerstspullen naar boven te halen. En later weer op te bergen.

Mijn onvolprezen hulp doet me een idee aan de hand. Zijzelf heeft een paspop als kerstboom. De rok gaat over in takken. Het ziet er geweldig leuk uit, zie ik op een foto.

Zo knutsel ik op kerstmiddag snel zo’n paspopboom in elkaar hier in Huize Heks. Het is echt een plaatje en ik ben er in tien minuten mee klaar. Alle takken zelf gevonden, gekregen of gesnoeid. Appeltje eitje.

 

Wat zijn we rijk, in onze warme huizen. Er valt genoeg te klagen, zoals altijd. Ellende van anderen: We houden het liever op afstand. Pleidooi voor iedereen je partner met gezonde afstand.

joy joy

Maandag aan het eind van de ochtend wandel ik uitgebreid met varkentje door het Leidse Hout. Na een kwartiertje komen we mijn goede vriend, buurman en Dikkertje Tromkoorgenoot tegen met zijn hond Carlos, de Duitse herder met flapoor. Een hele grote vriend van Ysbrandt. Hij loopt me bijna ondersteboven van enthousiasme. Ysbrandt raakt ook door het dolle en gezamenlijk lopen we verder.

Zoals altijd zijn mijn vriend en ik in no time de vreemdste gesprekken aan het voeren. Voor anderen is dit gezelschap nauwelijks te harden, maar wij vermaken ons altijd prima samen. Vandaag vertelt hij over zijn werk als financiële man bij vluchtelingenwerk. Hoe ze momenteel mensen in caravans proppen in Duinrell. ‘Soms wel drie mensen in 1 kleine ruimte. Echt Heks, loop je daar met iemand naar binnen, zo van: “Hier gaat u dan wonen.” Heftig hoor. Soms stoppen ze mensen bij elkaar, die elkaar de kop wel kunnen inslaan.’

pain pain

Dat laatste heb ik ook wel eens voorbij zien komen bij een vluchtelingvriendinnetje van me. Als Hutsi zat ze met een stel Tutsies opgescheept in een huis hier om de hoek. Of andersom, het is maar vanuit welk perspectief je het bekijkt…..

‘Ach, die mensen bij vluchtelingenwerk doen enorm hun best. Er gebeurt heel veel vrijwillig en soms krijgen die vrijwilligers ook helemaal niet de aansturing en waardering, die broodnodig is. De verwachtingen zijn vaak ook nog eens huizenhoog.’ Ook dat heb ik wel eens aan den lijve ondervonden.

Je doet iets voor iemand in die situatie en voor je het weet word je overspoeld met allerlei verzoeken, variërend van het opknappen van een tuin, tot fungeren als privé taxi….. Absurd natuurlijk in geval van Heks. Die heeft genoeg aan haar eigen praktische sores. Mensen met vreselijke ervaringen en verhalen opvangen valt om de dooie dood niet mee. Een vriend van me heeft zich er jarenlang intensief mee bezig gehouden. Hij heeft daar zelfs een secondair emotioneel trauma aan over gehouden.

pain pain

Huh? Ja, dat bestaat. Als je maar genoeg rauwe ellende van mensen over je heen krijgt, kun je daar zelf post traumatische stressverschijnselen aan over houden. Misschien is dat wel de belangrijkste reden, dat velen zich afzijdig houden van andermans ellende. Bang om ermee besmet te raken. Slechts weinigen durven die last werkelijk te dragen. Thay heeft het in dat kader over ‘my joy and pain are one’ in dat prachtige gedicht van hem:

joypain

My joy is like Spring, so warm 
it makes flowers bloom all over the Earth. 
My pain is like a river of tears, 
so vast it fills the four oceans.

Please call me by my true names, 
so I can hear all my cries and my laughter at once, 
so I can see that my joy and pain are one.

Please call me by my true names, 
so I can wake up, 
and so the door of my heart 
can be left open

joy pain

Door dat allebei te voelen, toe te laten, kan je hart open blijven. En als je hart open is, is elk mens je partner, je medemens. Je kunt om geen enkel mens meer heen. Zelfs eikels en idioten kun je niet meer zomaar afserveren. Al mag je ze best een beetje op afstand houden, heb ik ontdekt.

joy

Zondag in de kerk ging ik helemaal achterin zitten, in een rij met lege stoelen. Voor me was ook een vrij lege rij. Een man schoof, zodra hij me in het oog kreeg, zo’n vijf plaatsen opzij om schuin voor me te gaan zitten. Met zijn hoofd half omgedraaid zat hij me in de gaten te houden. Aandacht te trekken. Na de eucharistie kwam hij naast me zitten. Bovenop mijn hoed. Gelukkig had ik de stoel naast me vol tas en jas liggen. Kijk, die meneer mag Heks best op afstand houden. Beleefd en vriendelijk en met een open oog voor de eenzaamheid en frustratie, die uit zijn poriën ademt. Maar desalniettemin: Gezonde afstand. Heerlijk.

speaking_of_joy_by_marielliott