De een z’n poot is de ander z’n brood. Heks is als de dood: Oplossende gewrichten en een stomp op je brood. Dreigende amputatiestrop: Kous op de kop voor geen kap op de kop…..

©Toverheks,com

©Toverheks,com

‘Mevrouw Toverheks, goedemorgen. Uw afspraak kan niet doorgaan. De mondhygiëniste is onverwacht ziek geworden. ….’ Heks zit daas in haar bed met een kopje koffie. Onverwacht. Ja, huh. Wat is dat nu weer voor’n zinsnede?

Ja, je wordt geheel volgens protocol ziek…..Je ziet het van mijlenver aankomen! En dan maak je nog snel op de valreep een afspraak om half negen ’s morgens met Heks…… Ik werd gisteren aan het eind van de middag gebeld of ik op dit onmenselijke tijdstip zou willen komen om eens grondig mijn bek te laten uitschrobben…..

Mopperig drink ik mijn koffie dan toch maar op. Slapen zit er niet meer in, daarvoor heb ik mijn ogen alweer iets te lang open.

Nu, dan ga ik maar eens een blogje produceren. Het mag wel weer eens.

Ja, wat zal ik eens schrijven? Er is genoeg te vertellen, maar weer zo’n kloteverhaal. Over een hondje met een grote open wond aan zijn knie. Een gapend gat vol schroeven en metalen plaatjes. Een bionische knie in een middeleeuws gruwelgat.

Het begon allemaal anderhalve week geleden met een grote natte plek op de buik van VikThor. Vrijdagavond natuurlijk. Heks schrikt zich een ongeluk.

Zaterdagmorgen zit ik bij de weekendarts in Rijswijk. Een spoedafspraak ook nog eens. Ik hoor de kassa rinkelen, terwijl de arts beweert niets voor me te kunnen betekenen. Ze geeft me een tube honingzalf. ‘Is de kap af geweest?’

Ja, die kap is wel eens af geweest. Heks kan niet liegen. Heel eventjes. Om een kluifje te eten bijvoorbeeld. Maar altijd onder toezicht. Likken aan de wond zit er gewoon niet in. Heks is een strenge cipier. De arts lijkt het niet te horen.

‘Er lag opeens een plas pus en bloed op zijn buik…’ herhaal ik nog maar eens hoe deze ellende begonnen is. In de door haar geproduceerde verslagen staat dat mijn hond aan zijn wond heeft gelikt. ‘Het is volgens mij van binnenuit gekomen….’ is nergens terug te vinden.

Heks weigert het pand te verlaten zonder antibiotica. De kuur is net een dag beëindigd en dat lijkt me een onverstandig moment. Met pusuitbraken uit een post operatieve wond. Het meisje belt met de chirurg. Ik krijg uiteindelijk penicilline mee.

Ik bekijk de dienstdoende dierenarts eens goed. Kleine kinderlijke vlechtjes steken uit aan weerszijden van haar volwassen hoofd. Een dot paarse verf is lukraak door iemand op haar achterhoofd gekwakt in een dolle bui.  Heks kan zich niet voorstellen, dat hier een kapper verantwoordelijk voor is.

Haar weifelende houding doet de zaak ook al geen goed. Met een tubetje zalf en wat pillen ga ik weer naar huis. Als ik met mijn bril op mijn neus de wond bestudeer zie ik dat er aan de bovenzijde een piepklein kogelrond gaatje is ontstaan. Achter het gaatje zie ik schroefjes glinsteren…..

Brrrr.

De volgende morgen is het gat vertienvoudigd. Een jaap van een centimeter gaapt me tegemoet. Heks spoed zich weer naar de dierenarts. Hopelijk heb ik nu iemand met verstand van zaken. Maar nee. Zwarte vlechtjes en paarse verf. Weifelende expertise. Er wordt telefonisch overlegd met de chirurg. Heks keert onverrichter zake weer naar huis. Niks aan te doen. Afwachten maar.

Een dag later zit ik bij de chirurg. Ik krijg op mijn flikker, omdat de hond zonder kap ongelimiteerd aan zijn wond zit te likken in Huize Heks. Dat heeft vlechtje in haar rapport geschreven. ‘De wond kan lelijk infecteren en dan lost het gewricht helemaal op. Het kan amputatie tot gevolg hebben,’ smijt de man naar mijn arme bezorgde kop.

De wond wordt gespoeld. Er komt bagger uit. Er wordt een monster genomen voor een kweek…… Dat alles had best een dag eerder mogen gebeuren…….

©Toverheks,com

©Toverheks,com

Na een paar uur springt de wond verder open. Ruim twee centimeter bloederige slijmerige narigheid. Met schroeven en moeren voor de variatie.

Midden in de nacht rijd ik weer naar Rijswijk. De weg is leeg. Het scheelt enorm veel reistijd. Geen brug open. Geen knooppunt Lammenschans. Geen langzaam rijdend of stilstand verkeer op de A4.

De waarnemend dierenarts luistert naar mijn litanie. Over hoe ik het al dagen moet uitzoeken met die hond. Over mijn gevecht om antibiotica te krijgen in een situatie waarin dit bepaald geen luxe is. ‘Een dag later hoor ik dan dat het mijn hond zijn pootje kan kosten. Krijg ik op mijn sodemieter! Maar het hele weekend kan ik het lekker uitzoeken, sta ik er voor mijn gevoel helemaal alleen voor….’

Een halve dag later zit ik weer bij de chirurg. Hij is aanmerkelijk vriendelijker. Geen enge verhalen om me de stuipen op het lijf te jagen. De wond wordt gespoeld. Er komt minder bagger uit.

Een dag later zit ik bij een andere chirurg. Deze man is niet louter een techneut. Hij bezit ook het vermogen om dingen te communiceren. Hij legt me uit, dat het nu een kwestie van afwachten is. De wond moet uit zichzelf dicht gaan.

Ja. Hoe dan? Dit gapende gat?

Vrijdag ben ik al weer bij dezelfde man op consult. In de wachtkamer zit een men met hond zonder kap. Het beest is net de week ervoor aan zijn knie geopereerd. ‘Ach, die kap doe ik niet op als ik er bij ben. Bladiebla….’ Ik denk aan de preek, die ik over me heen gekregen heb onlangs, terwijl mijn hond altijd met zijn kap om zit!

Zaterdagavond bel ik opnieuw in paniek naar de weekenddienst. Een nietje, dat de wond een beetje bij elkaar hield is nu ook nog eens losgeschoten. Help!

Uiteindelijk berust ik maar in de ellende. Ik duw grote hoeveelheden honingzalf in het gapende gat. Ik houd de wond en alles er omheen, zoals de bench en de vloer van mijn huis, heel goed schoon. Ik ben in een echt authentiek Dettolvrouwtje veranderd.

Waar ik er normaal gesproken altijd een voorstander van ben dat kids af en toe een schep zand eten, goed voor de opbouw van een gezond immuunsysteem, nu smeer ik de hele vloer in met dit stinkende goedje. Mijn huis ruikt als een eersteklas kinderziekenhuis.

Ik leg me neer bij de grootte van de wond. Niets aan te doen. Het moet langzaam helen.

Ik regel dat de vaste oppas van VikThor een dagje op hem past en ga lekker naar de Heksenschool. De eerste dag van de gevorderdenopleiding. Mijn magische zusters gaan direct aan de slag met mijn hondje hebben ze me verzekerd. Oh, wat fijn. Wat een opluchting.

Zo gaat het dus met mijn blaffende vriend. Mijn lieve schat. Geduldig laat hij zich de behandelingen welgevallen. Braaf werkt hij mee met al het gefrut aan zijn lijf. Drie/vier keer per dag sjouw ik hem de trap af, naar buiten.

Heks is intussen natuurlijk gek van de pijn in haar lijf. Ik ben niet bepaald gebouwd op gewichtheffen. Voor niemand zou ik de ellende in mijn donder overhebben. Behalve voor mijn ventje natuurlijk. Mijn trouwe vriend. Ik wil dat hij weer alles kan doen met dat pootje.

Hij loopt er overigens geweldig op. Sleurt me als het even kan de hele steeg door. Hij heeft nauwelijks pijn meer aan die poot!  ‘Mevrouw Toverheks, biotechnisch is de operatie geweldig geslaagd…..’ aldus de techneut.

©Toverheks,com

©Toverheks,com

 

Belastingdienst en huursubsidie zijn bepaald geen afrodisiacum. Vijf minuten met de belastingdienst aan de telefoon en je libido is maanden naar de Filistijnen. Buur komt me helpen met administratieve kutklusjes. Heks ruimt op. Oude verhalen, oude koeien uit vieze sloten en kilo’s oud zeer? Wil iemand het hebben? Ik hoef het niet meer.

Blonde Buurman komt me helpen met de administratie. De laatste maanden zit de klad er een beetje in, want Buur is constant op vakantie. ‘Hallo vakantieganger! Je lijkt wel een rijke pensionado,’ grapt Heks als haar oude vriend de hal in stapt. Eerst met het hele gezin op safari in Afrika en vervolgens met een bro naar St Petersburg…….

Heks is ook uiterst reislustig, maar ik reis tegenwoordig voornamelijk binnenin mijn hoofd. Of hart beter gezegd. Wel zo gemakkelijk. Goddank heb ik een rijke fantasie. Alsmede een grondige training in astraal reizen.

Vandaag gaan we aan de slag met de huursubsidie, die ik niet heb. Maar wel moet terug betalen. Van de belastingtelefoon word ik niet veel wijzer. Een ongelofelijke oen heeft daar onlangs van alles zitten roepen tegen Heks, wat nergens op sloeg.

We zoeken dus alle ontvangen bedragen op en alle terugbetaalde bedragen. Want terug betalen doe ik al jaren. Er klopt helemaal niks van. Werkelijk helemaal niets.

Dit is al aan de gang sinds ik onder bewind ben geplaatst met gekregen geld en daardoor al mijn subsidies ben kwijt geraakt. Ik ben niet onder bewind gesteld door de rechter overigens. Ik heb nog nooit schulden gemaakt of iets dergelijks. Nee, door een familielid. Door iemand, die ik zou moeten kunnen vertrouwen.

Aan de figuur die namens die verwant mijn zaken jarenlang behartigt heeft heb ik in deze niets. Die bemoeit zich overal mee, maar ik heb er louter last van……. Gelukkig is daar Buur. Hij helpt me nu al tweeënhalf jaar en sindsdien krijg ik weer langzaam grip op mijn gestoorde financiën.

De paniek van twee jaar terug is verdwenen. Hij is de dikke huid tussen een kwetsbaar heksje en het brein achter jarenlange pesterijen. Ik weet intussen, dat ik niet zonder geld in de goot ga belanden, zoals me twee jaar geleden werd voorgehouden. Een jaar lang kreeg ik dit met enige regelmaat te horen. Tot ik er niet meer van kon eten en slapen.

Volslagen paniek in de tent. Lekker als je grotendeels uitgeput in bed hangt. Niet in staat tot wat dan ook. ‘Breng je dieren maar naar het asiel,’ sommeerden de pestkoppen. Officieel zijn ze aangesteld om mijn leven gemakkelijker te maken. Financieel stabieler. Om rust in de gelederen te brengen. Helaas wordt die taak geheel anders opgevat. Kort houden en klein krijgen is hun devies.

Ik ga dus niet in de goot belanden. Sterker nog: Ik kan het nu financieel goed redden. Om dit te bewerkstelligen slik ik wel elke maand een hele grote drol door. Vooruit maar. Lekker is anders.

Eerst gaan we uitgebreid lunchen, Blonde Buur en Heks. Traditioneel draai ik een subliem maaltje in elkaar. Daar draait Heks haar hand niet voor om. Waar paperassen een verlammend effect op me hebben, raak ik steevast geïnspireerd door een beetje kokkerellen. Heks roert graag in haar magische kookpot.

Ik tover een heerlijke Dahl met een prachtige salade op tafel. ‘Jeetje, wat een kleurrijk geheel, Heks. Er zitten allemaal bloemen in de sla!’ Heks glimt. Ik heb een pluktuin ontdekt vol komkommerkruid en Chinese kers………

Nu moeten we toch echt aan de slag. De doos met ordners wordt opgevist in mijn overvolle werkkamer. We bellen nog maar eens met de belastingdienst. Deze keer krijgen we iemand met een zeker verstand van zaken aan de lijn. Toch beweert ook hij, dat al die niet kloppende getallen gewoon kloppen. Het is een oude schuld. Huh?

‘Ik heb geen oude schuld bij de belastingdienst, Buur. Ik betaal al jaren jaarlijks forse bedragen terug….. Veel meer dan ik gekregen heb, zie ik nu in mijn afschrijvingen. Ik dacht eigenlijk, dat ik mijn zorgtoeslag ook terug moest betalen. Maar zelfs als je die bedragen erbij optelt kom je nog niet aan die idioot hoge bedragen. Er klopt er geen zak van. Dus waar heeft die vent het over?’

Buur beaamt dat het verhaal rammelt als de overleden compagnon van Scroogde op kerstavond. Het hebzuchtige spook met zijn ijzeren ketens. Waarbij de belastingdienst dan voor die oude dooie vrek moet doorgaan natuurlijk.

‘Ik ga dit jaar weer een kerstboom neerzetten,’ roep ik enthousiast tegen Buur, ‘Ik heb besloten om een heleboel oud zeer los te laten. Oude troep op te ruimen. Kijk maar eens rond. Je kunt opeens de hoek van de keuken weer zien. En ook de boekenkast heeft een ware metamorfose ondergaan…..’

‘Ik wil weer leuke dingen doen. Ik wil weer pret maken!’ Heks draait een pirouette door de keuken. Buur ligt in een deuk. ‘Klinkt goed, Heks,’ hikt hij, ‘Vooral die bijna verontwaardigde toon waarop je het zegt….’

Maar ik meen het echt bloedserieus. Weg met al dat oude zeer. Ik weet het nu wel een keer. Weg met boeken, verhalen, die ik niet wil lezen. Letterlijk en figuurlijk. Weg met kreupele gekregen paarden met rotte tanden in hun opengesperde bek. Of is het mond? Ze hebben ook een hoofd en benen. Vandaar.

Het valt mezelf op, dat ik enorm loop op te ruimen in mijn huis. Het valt me op, dat ik vaak luid zit te zingen op de fiets. Zelfs na mijn val van de fiets en dagenlange buikpijngriep de afgelopen week kan ik toch al snel weer lachen. Er is iets heel vitaals vanbinnen aangeraakt met die familieopstelling op de Heksenschool.

‘Ik heb jarenlang geparkeerd gestaan,’ beweer ik tegen Buur, een gouden uitdrukking uit de wielersport, die de lading aardig dekt, ‘Maar nu is de boel weer een beetje in beweging. Het gaat mondjesmaat, maar dat is net mooi voor zo’n energiebeperkt typje als ik. Maar ik ga weer genieten, let maar op.’

Ja. Ik wil gewoon weer een beetje lekker lol maken. Pret. En misschien eens met een lekkere vent naar bed.

Die jarenlange slutshaming die ik over me heen heb gekregen nadat ik te pakken ben genomen door een griezel van een twintiger op mijn veertigste, die meende GHB of Rohypnol in mijn drankje te moeten gooien om te kunnen scoren, ik was dan ook buiten westen op het moment dat hij toesloeg, ik heb dus inderdaad geen nee gezegd zoals meneer tegen de politie heeft beweerd, ik zei zei sowieso niet zoveel, want mijn kaak lag uit de kom door een val diezelfde avond, waarschijnlijk geïnitieerd door de drugs in mijn drankje, ga ik ook maar eens achter me laten….

Geknakte bloem richt zich op. Haar mooie knop weer op haar kop. Jarenlang tegenwind en strop. Zit er op. Zit er op. Weer een wijsje in wijs kopje, in haar mond een schuine mop!

©Toverheks,com

©Toverheks,com

Aandacht is als zonneschijn. Iedereen vindt aandacht fijn. Maakt iemands grootspraak jou heel klein? Of voel je je kut als kop van Jut? Of lijd je diepe zielenpijn? Probeer aandachtig te zijn……

‘Aandacht is als zonneschijn’, schrijft Thay in het gelijknamige boek. Ja, alles wat aandacht krijgt groeit. Wat geen aandacht krijgt verpietert waar je bij staat. Zonder er aandacht aan te besteden natuurlijk. Het valt niemand op, dat verpieteren. Verpieterde zielepieten hoeven dus niet op al te veel aandacht te rekenen.

Die aandacht bewaren we voor de idioten en narcisten onder ons. Meesters in het vragen van aandacht. Opeisen beter gezegd. Kampioenen in het zichzelf in het middelpunt plaatsen. Daar hebben ze een hele lange adem in. En een onwaarschijnlijke vindingrijkheid.

Kijk, nou doe ik het weer. Ik wil iets leuks en opbeurends schrijven en ik zaag direct de poten onder mijn verhaal vandaan. Het kost me steeds meer moeite om ergens een leuk verhaal van te maken blijkt maar weer.

Overleven zonder aandacht is geen doen. Toch doet Heks het al jaren. Natuurlijk vragen mensen echt wel hoe het met me gaat zo nu en dan. Niet dat ze het dan ook echt willen weten.

Dus lieg ik wat positieve kletspraat of wat men maar wil horen bij elkaar en roep vervolgens dat het goed gaat. Om de ander niet voor het hoofd te stoten of in verlegenheid te brengen. Door schade en schande wijs geworden.

Want aandacht vragen komt me gegarandeerd op afwijzing te staan met mijn eeuwige mekker-ziekte. Of ongevraagd advies en bemoeizuchtige opmerkingen. En daar heb ik geen zin meer in. Te pijnlijk.

Maar afgelopen weekend staat Heks in het middelpunt van de belangstelling. Op de heksenschool hebben we een lesdag over voorouders. ’s Middags gaan we een opstelling doen. Hierbij worden representanten van de diverse voorouders in de ruimte geplaatst. En dan maar eens zien wat er gebeurt.

Heks ingebrachte casus dient als voorbeeld. Ik zie hoe iemand een vijandige dierbare van me representeert. Het is ongelofelijk hoe zelfs de gelaatsuitdrukking van mijn klasgenote verandert in die van een familielid van Heks. Alsof die persoon daar werkelijk staat.

Ook Heks zelf wordt door iemand gerepresenteerd. Ook die persoon wordt in het speelvlak gezet. Oh, wat spannend. Wat gaat er gebeuren? Wat is de dynamiek hier?

Er gebeurt helemaal niks. In de ruimte staan twee personen met de rug naar elkaar toe…… Ik krijg een knoop in mijn maag. ‘Ik word misselijk,’ zegt de heksenrepresentant. Herkenbaar. Heb ik ook om de haverklap.

Gelukkig is mijn juf uitermate bedreven in systemisch werk. Onze zielen worden erbij gehaald. En krachtdieren. Krachtige voormoeders vormen een brug tussen deze twee godverlaten mensen. Er komt een ietsiepietsie beweging in het geheel. Minimaal. Nauwelijks waarneembaar voor mijn betraande verschrikte ogen.

Alles wat aandacht krijgt groeit. Het is zo. Sinds de sessie van afgelopen zondag is de boel vanbinnen behoorlijk in beweging gekomen. Ik stuiter alle kanten op. Vlieg op mijn trouwe bezemsteel van wolken kolkende woede vol blinde bliksemschichten middels een regenboog regelrecht een stapel vergevingsgezinde eufore sluierwolken in. En weer terug.

Om spiritueel te groeien moet je ergens in het midden uitkomen. Het gulden midden. Daar waar geen woede is en geen euforie. Du moment dat je niet meer chronisch heen en weer wordt geslingerd tussen deze twee uitersten kun je omhoog gaan groeien. Richting het goddelijke. Een oud spiritueel groeimodel in de vorm van een driehoek. Lang geleden geleerd van een nuchtere Friese genezeres.

Na de sessie komt er een klasgenoot naar me toe. ‘Ik begrijp nu waarom jij al die kwalen en aandoeningen hebt,’ kopt ze een inzicht in mijn klep. ‘Laat de mensen, die een opstelling hebben gehad met rust,’ zei de juf nog. Het is toch zo moeilijk om niet te reageren op de ander, om er alleen maar te zijn voor de ander.

‘Die kwalen komen allemaal uit de andere tak van mijn familie,’ pareer ik het inzicht. Het is nog waar ook. Ik heb bijvoorbeeld geen suikerziekte, zoals een groot deel van de tak van de familie, waar de opstelling over gaat. Ook ben ik mijn verstand niet kwijt. Nog niet.

Als ik ’s avonds thuis in mijn stoel zijg dansen de inzichten voor mijn ogen. Mijn eigen inzichten. Vallende kwartjes. Alsof ik de hoofdprijs heb gewonnen met een fruitmachine….. Ik realiseer me opeens weer waar het om gaat in het leven. Ik zie de grote verbanden weer. Ik voel hoe het contact met mijn ziel zich herstelt……

Dat was verreweg het belangrijkste van het hele gebeuren vandaag. Het contact met de ziel. De ziel, die wil ervaren. Ook dit. Een disfunctionele familie, wantrouwen, onrecht, geweld en grensoverschrijdend gedrag.

Ik zie de draadjes, waaruit ik geweven ben. Draadjes genetisch materiaal. Draadjes incarnatie materiaal. Hoe de ziel zich verhoudt hiertoe. Mijn zielengroep. Verschillende spirituele tradities vloeien in elkaar met ieder hun eigen inzichten. Vingers die naar de maan wijzen. ‘Gooi elk inzicht ook weer overboord,’ zegt Thich Nhat Hanh altijd. Het zijn maar wijzende vingers. En niet de maan.

Vandaag denk ik even helemaal nergens aan. Ik ga naar de markt en flirt gezellig met een oude Griek, die probeert zijn excellente olijfolie aan de man te brengen. Dat lukt hem. Dan koop ik een kilo zalmbuikjes voor mijn beestjes. Vinden ze lekker.

Naast me staat een hele leuke dame. ‘Die haal je zeker door een deegje…’ likkebaardt ze als ik in een impuls een pond calamaris bestel. ‘Ja, bloem, ei, cayennepeper……’ glim ik opgewekt. ‘Ja, zo simpel. Het heeft alleen aandacht nodig om lekker te worden. Dat geldt toch eigenlijk voor al ons eten?’ lacht de vrouw verrukt.

Heks verklapt het recept van haar listige sausje bij dit gerecht. Ook al zo eenvoudig. Een paar cashewnoten en citroenen, die heel lekker worden als ze samen met wat olijfolie in het middelpunt van de belangstelling worden vermorzeld……

Ik neem me wel iets voor. Ik ga me nooit meer verdedigen en verantwoorden. Dat is nogal een dingetje tegenwoordig. Omdat ik niet meer bij voorbaat in de excuus-modus lig te dweilen, als ik niet aan iemands verwachtingen voldoe, krijg ik nogal eens een verwijt naar mijn kop achteraf. Ik word zelfs op het matje geroepen. Ja, je leest het goed.

Als een klein kind!

Heks is natuurlijk zelf debet aan dit soort toestanden. Jarenlang heb ik gezegd en gedaan wat anderen van me wilden. Ik heb eindeloos aandacht gegeven aan mensen, die gaan gapen zodra het even niet over henzelf gaat. Of mensen, die mij met het grootste gemak uitzetten als het niet uitkomt. Alsof er een aan en uit knop op me zit. Ik heb geduldig gewacht tot ze de knop weer aan zetten. Zonder morren.

Maar die knop doet het geloof ik niet meer. Hij is lam of murw.

Nu moet ik nog leren mezelf niet te haten, omdat ik bepaalde dingen niet meer kan of wil. Want daar ben ik ook achter gekomen. De diepe hekel aan de pleaser in mezelf is bijna net zo sterk als de teleurgestelde afkeer van mijn nieuwe assertieve van dik hout zaagt men planken zelf. Uiteindelijk val ik wel weer met mezelf samen. Op een goede dag.

 

 

Drummen, ratelen en zingen zijn van die echte heksendingen. Zondag mag ik weer naar de toverschool. In de klas bij mijn idool: Onze juf, uit degelijk hout gesneden, geeft bezield les. Urenlang. Heel tevreden, kapot moe en voldaan gaan we naar huis. Heks valt in slaap voor de buis. Om midden in de nacht pas wat te eten. Tromgeroffel en heksenkreten!

Zondag is het weer zover: Heksenschool! Uit het hele land snellen heksjes bepakt en bezakt naar Amsterdam. Sommige op de bezemsteel, weer anderen gewoon met de trein.

Heks gaat met de auto. Tassen vol drums, ratels en frutsels sleep ik achter me aan. Waar dit me meestal op meesmuilend commentaar komt te staan wordt mijn gesleep met spulletjes in dit gezelschap juist gewaardeerd.

Het wordt zelfs aangemoedigd om zoveel mogelijk materiaal te verzamelen. Om je drum mee te versieren of om een mooie ratel van te maken. ‘Op koningsdag kun je je slag slaan, dames,’ spoort onze juf ons aan om op pad te gaan, ‘Het is de ultieme kans om de meest fantastische troep op de kop te tikken……’

Heks gaat al jaren zo te werk. Veel van mijn magische rommeltjes heb ik op die feestdag ergens gevonden. Tussen de rotzooi. Niet bepaald gewaardeerd door mijn vrienden en bekenden, want ‘Wat moet je met die troep?’

Intussen heb ik een geweldige berg materiaal verzameld door de jaren heen. En eindelijk kom ik mensen tegen met dezelfde inslag.

Heksenschool is toch zo heerlijk voor Heks. Een hele dag verkeren tussen gelijkgestemden. Urenlang les krijgen van een echte ouderwetse toverheks met een schat aan kennis. En een goed gevoel voor humor!  En tot slot het geleerde in praktijk brengen in een veilige omgeving.

Zo gaan we zondag met onze drums en ratels aan de gang. Fantastisch. Kan ik mijn trommel eens goed leren kennen. Ontdekken wat er allemaal mogelijk is met mijn prachtige schat.

Mijn eigen manier om in trance te gaan is totaal anders dan met behulp van drum en ratels. Er zijn vele wegen, die naar Rome leiden. Mocht je daar heen willen dan. Heks niet. Ik heb niets te zoeken bij de paus.

Halverwege de dag ben ik kapot moe. Ik ben niet de enige. Een stortvloed aan informatie is over ons uitgestort. Het is dermate boeiend, de aandacht verslapt geen seconde. Goddank krijgen we een uitgebreide lunch aangeboden. Met een lekker koppie worteltjessoep op de koop toe. Daar trekt de gemiddelde heks aardig van bij……

’s Middags gaan we aan de gang met allerlei oefeningen. Een drumcirkel wordt gevormd. Alsmede een ratelcirkel. En nog een zangcirkel. Heks zit verwoed te drummen op haar mooie rooie trom. Bij een zeker ritueel raak ik lekker in trance.

Plotseling kijkt iemand me aan vanaf het trommelvel. Zie ik het nu goed? Het kleine gezichtje van de vrouw op het vel lijkt te leven. Haar koppie beweegt mee met de muziek. Er glijdt een mysterieus glimlachje over haar fijne snoetje.

De dag vliegt voorbij. En ondanks een paar flinke energie dips heb ik het weer glorieus doorstaan. Op mijn gemak tuf ik terug naar Leiden. Een glimlach om de lippen, die er de komende dagen niet af te krijgen is……

Ik haal VikThor op bij de oppas. Bel eventjes met de Don. Val in slaap voor de televisie. Eet pas om een uurtje of twee ’s nachts. Slaap meer dan het klokje rond…..

De volgende dag lig ik voor gup. Ik fiets een beetje rond met hond en dat is het dan. Ik moet bijkomen en alvast energie sparen voor woensdag. Dan moet ik er weer staan. Met frisse stembanden en een uitgerust lijf.

De hele dag verbaas ik me over mijn lamme armen. Hoe komt dat nu weer? Pas als ik ’s avonds mijn drum uit de kast pak leg ik de link met de intensieve lesdag. Al dat getrommel en geratel is een uitstekende workout. Heksen zijn bepaald geen luie wezens!

Neem nu dat vliegen op een bezemsteel. Je moet een enorm goed gevoel voor evenwicht hebben, anders hang je zo in de eerste beste beuk. Ook vraagt het met tegenwind behoorlijk wat stuurhekskunst om in de lucht te blijven. En dan moet je ook nog een enorm beroep doen op je verbeeldingskracht……

Vandaag doe ik helemaal niks. Morgen wordt weer een hele drukke dag. Een veel te lange dag. Een dag waarop mijn stem bij de les moet zijn. Maar ook een heerlijke dag! We gaan mijn favoriete muziekstuk uitvoeren, de Matthäus Passion van Bach. Over een dierbare leraar van Heks en hoe hij te grazen werd genomen door zijn medemensen.

Zo jammer dat de bijbel zo’n patriarchaal bolwerk is geworden door de eeuwen heen. Zoveel theologen, die hun plasje hebben gedaan over de verhalen. Deze geschiedenis is echter onaangetast.

Behalve de premisse dat Maria Magdalena een hoer is. Die leugen blijft me storen. ( In de loop van de geschiedenis werd zij door de gevestigde waarden soms aangezien voor een vrouw van lichte zeden, dit berustte echter niet op de Bijbel.) Beter ingelichte bronnen beweren dat ze uit een hoogstaande spirituele traditie stamde! En dat ze de vrouw van Jezus was…….

Stuk brandhout doet Heks stokstijf stilstaan. En mag dan met me mee naar huis gaan. Vervolgens kom ik los van wrok. Neem afscheid, vervel, dump kerfstok…. Een staf bloeit open in mijn hal. Al te mal? Ja, van die dingen. En weet je wat: Staf kan ook zingen!

Vannacht droom ik van mijn staf. Ik vlieg er op rond, maak allerlei avonturen mee. Het is staf voor, staf na. Toch zijn de details me ontschoten. Ik heb echter wel een ongelofelijk goed humeur als ik op sta. Alle beestjes worden uitgebreid geknuffeld. Ik verwelkom de zon met een liedje. Oh, wat ben ik vrolijk. Terug van weggeweest.

Gisterenavond na een paar uur Klezmer zingen zakt Heks volledig door haar hoeven. De man met de houten hamer deelt een keiharde tik uit. Snel doe  ik alle noodzakelijke handelingen. Hond uitlaten, tanden poetsen, ogen er af halen, pyjama aan, Snuitje medicijnen geven, zelf mijn pillen slikken…….

Ik laat alles vallen, mijn lijf wil niet meer. Ik worstel me uit mijn kleding en vervolgens wurm ik me in andere kledingstukken. Even uitrusten nu. Nee, toch maar niet. Ik wil een beetje op tijd slapen en als ik steeds tussendoor ga zitten bijkomen van een kleine handeling lig ik pas om vier of vijf uur in bed. Retteketet. Dat gaat me vandaag niet gebeuren. Morgen is een pittige dag.

Ik ervaar momenteel veel naweeën van het slangenritueel, dat we onlangs op de heksenschool hebben gedaan. 

Het afwerpen van mijn oude huid roept allerlei gevoelens op. Ik heb moeite met mijn nieuwe zelf. Ik doe dingen anders, maar sta vervolgens doodsangsten uit. Daar moet ik doorheen. Terug in mijn pleaserige apenpakkie is geen optie. 

Ik heb een nieuw pakkie an.

Ook de mening van anderen moet ik gevoeglijk naast me neerleggen. Wil het ooit nog eens iets worden met dit heksje. ‘Jij geeft heel veel aandacht aan de meningen van hele domme mensen. Dat is zo jammer, Heks. Je moet je niet meer verdedigen. Geef hen gewoon gelijk, dan ben je ervan af…..’ Peter van der Hurk zei het al. 

Gisterenavond ga ik me echter diep treurig voelen. Machteloos ook. De mening van bepaalde medemensen lijkt heel belangrijk nu. En ik kan er geen pijl op trekken. Ik ben immers zelf niet meer degene, die ik was. Niks bijzonders op zich. We zijn geen dag dezelfde. Maar ook degeen, die ik dacht te zijn bestaat niet meer.

Ik ben zo moe en leeg opeens. Goeie genade. Help!

Ik dwaal een beetje door mijn huis. Volbreng mijn avondrituelen. Dan valt mijn oog op een stok naast de voordeur. Vorige week gevonden in Het Leidse Hout. Op een miezerige motmiddag. Geen hond te bekennen behalve mijn monster. En daar midden op het grote veld dan die stok.

Ik pak em toch maar op. We moeten voor de opleiding op zoek naar een staf, maar eigenlijk heb ik al een stokstijve stok thuis. Een paar weken geleden opgeduikeld langs de Singel.

Het is nog best een heksentoer om het gevaarte mee naar huis te nemen. Ik ben op mijn vouwfiets. Rustig peddel ik door het bos. Thuisgekomen zet ik het stuk hout naast de voordeur. Het andere stuk staat in mijn woonkamer.

Na een paar dagen bloeit de staf met knalroze bloesems. Heks moet lachen. Ik heb ze er zelf op geplaatst notabene, omdat ik de bloemen niet wil vergeten mee naar beneden te nemen. Het zijn nepbloesems voor op mijn fiets.

Toch raakt het beeld iets dieps aan. Ik zie een bloeiende staf in mijn hal staan. Ik denk aan de staf van Aäron, waar zelfs vruchten aan groeiden…. De hedendaagse christenen doen zo moeilijk over een beetje tovenarij, maar de bijbel staat er vol mee!

Gisterenavond pak ik het stuk hout op. Ik inspecteer het grondig. Voor het eerst! Zondag moeten we met een goeie staf op de proppen komen en ik heb geen idee of dit exemplaar voldoet. Er zitten veel knoesten in. Het is een sterke stok. Ik tik er eens op…..

En dan: Een wonder! De staf zingt. Zachtjes trillen klanken door het holle hout. Afhankelijk van waar ik sla ontstaat er een ander geluid. Heks is perplex.

Nu onderwerp ik mijn staf aan een grondig onderzoek, want ja, dit is mijn staf! Stiekempjes heeft hij die metamorfose ondergaan. Om het feit klinkend te beslechten. De stok in mijn woonkamer is voor VikThor.

Een hele tijd snuffel ik aan mijn nieuwe staf. Bewonder de gaten. Verbaas me erover, dat dit me allemaal helemaal ontgaan is tot nu toe….

‘Je bent naar me toegekomen. Op een miezerige middag lag je zingend in het gras. Een hond heeft je gebeten, ik ga je een beetje krabbelen. En heel veel met je babbelen, lieve levende staf.’