Ups en downs in Huize Heks. Een lampenkap hoort om je nek. Maar niet op half zeven. Iets te lang weg gebleven: Op koor was weer van alles te beleven. En ook daarbuiten begint deze Toverkol op te leven. Maar nog steeds geen vent voor Steenvrouw en Heks. Dat is dan weer jammer. En het blijft iets geks.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Dinsdagavond ga ik weer naar het koor. ‘Oh, ben je daar weer, je bent weken niet geweest,’ confronteert Anna me direct met de feiten, ‘Was je ziek?’ Ik hoorde vorige week al van een paar zangmaatjes, dat ze hevig had zitten mopperen over mijn afwezigheid. Ha! Heks wordt gemist!

‘Het komt door mijn hondje. Hij is in de lappenmand,’ Heks zit intussen op haar tablet tekeningetjes te maken van mijn monster. Anna kijkt geïnteresseerd toe. ‘Goh, wat is hij veranderd, groot geworden ook,’ zegt ze verbaasd.

Ze heeft in eerste instantie niet in de gaten, dat dit geen foto’s zijn. Tekenen op een tablet? Al die moderne techniek is gewoon niet aan mijn maatje besteed……

Heks en Anna, de lamme leidt de blinde. Voorovergebogen, bijna dubbelgevouwen, schuifelt ze aan mijn arm richting stamtafel. Even later voegen de andere stamgasten zich bij ons. ‘Kan ik er nog bij?’ vraagt de pianist. ‘Ja,’ schreeuwen we in koor. We zijn dol op die man. Hij wordt massaal beflirt door de diverse dames.

Vandaag hebben ze het over de opvallende aspecten van zijn figuur. ‘Jullie houden me goed in de gaten!’ verweert hij zich lachend, ‘Ik dacht dat alleen mannen naar billen keken!’ Hilariteit alom onder hikkende sopranen. En een incidentele schuddebuikende alt.

Wat heerlijk om weer aanwezig te zijn. We zijn lekker de Matthäus Passion aan het instuderen. Vandaag is O Mensch, bewein dein Sünde gross’aan de beurt. Onder andere. Door de jaren heen is dit een echte favoriet van Heks geworden.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Er zitten prachtige lyrische fragmenten in voor ons alten. Mijn stem is goed bij stem vandaag. Ik laat me heerlijk mee voeren de hoogte in. Dat fantastische gedeelte, waar we boven de sopranen uit zingen….. ‘dass er für uns geopfert würd….’ doet de tranen in mijn ogen prikken.

Als ik thuis kom tref ik mijn hondje over de zeik aan. Zijn lampenkap hangt losjes om zijn kop. De bovenkant is losgeschoten. Heks schrikt zich een ongeluk. Net nu het ietsjes beter lijkt te gaan, gaat er weer iets faliekant mis!

Snel haal ik hem uit zijn bench. Op de yogamatjes in de woonkamer inspecteer ik zijn wond. Die ziet er verdacht schoon uit. Het nietje is in geen velden of wegen te bekennen. Zou hij er aan gelikt hebben? Kan hij er überhaupt met die kap op half zeven bij komen? Is zijn lies (door een schurende kap) nu verdacht rood of was dat al zo?

Vlak voor ik hem in zijn hokje stopte heb ik de wond nog grondig gereinigd. Ook heb ik zijn buik en andere aangrenzende lichaamsdelen gewassen en ontsmet. Ook heb ik een hele zwik honingzalf in het gapende gat gepropt. Zat dat nietje er toen nog in? Ik weet het niet meer.

Zo ga ik dan slapen met een hoofd vol vragen. Zorgen zoemen hun antwoorden om me heen. Ik bid tot Het Grote Bijenvolk om bescherming. ‘Laat jullie honingzalf zijn werk doen,’ smeekt een wanhopig heksje.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een klasgenoot vertelde me afgelopen weekend over het succes van dit goedje bij haar kat, toen die gewond was. ‘Het geeft niks als ze er een keertje aan likken. Dat spul werkt zo goed. Het elimineert alle bacteriën…..’ Haar woorden troosten me nu. Mocht hij er aan gelikt hebben, dan is daar gelukkig die zalf…..

Woensdagmiddag rijd ik weer naar Rijswijk. Voor de zoveelste keer. Ik ben toch zo benieuwd wat de dierenarts van de wond gaat vinden. Het gat lijkt echt kleiner te worden. Of verbeeld ik het me? Zie ik dingen, die ik graag wil zien?

‘Gezien de omstandigheden gaat het heel goed!’ de dokter inspecteert de wond zorgvuldig, ‘Er zit mooi granulaatweefsel in. Het is rood, ik noem dit de tweede fase van de wond. In de derde zit hij dicht.’

Heks was in haar hoofd al in de derde fase van wondgenezing aanbeland. Ik heb erover zitten lezen op internet. Het kan me niet snel genoeg gaan.

‘Het kan nu best heel snel gaan. Maar we blijven die antibiotica voorlopig door geven. Er is een gerede kans, dat er wat bacteriën achterblijven op het implantaat.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Over drie weken maken we een foto. Dan kunnen we zien of de ruimte rondom de Titanium kooi vol gegroeid is met bot. In dat geval kunnen de schroeven en moeren er weer uit worden gehaald. Spannend!’

‘Maar eerst die wond dicht. Het gaat de goede kant op, maar we zijn er nog niet. Ik vind 3 weken te lang duren voor een volgende controle…..’ de orthopeed aarzelt. Hij wil me niet nog meer op kosten jagen, vermoed ik.

Het is een geweldig aardige man. Ik ben blijkbaar definitief aan hem toegewezen, nadat zijn collega me onrechtmatig de oren heeft gewassen over vermeend onzorgvuldig handelen. En ik daarover heb geklaagd…..

‘Ik kom volgende week woensdag weer,’ hakt Heks de knoop door. Met een beetje geluk is dat gat dan dicht gegroeid, ‘Ik neem nog maar een flinke tube honingzalf mee…..’

Onderweg naar huis ga ik mijn monster nog even lekker uitlaten. Hij mag intussen een paar keer per dag 10 minuutjes wandelen en laten we dat dan op een leuke plek doen. Schoon droog gras vol interessante luchtjes bijvoorbeeld. Als een grote stofzuiger rent hij naast me aan de riem. Zijn kop op de grond. Diep inhalerend.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Als ik hem thuis de trap weer op sjouw ben ik aardig gaar. Ik rammel ook van de honger. Ik ben zo druk in de weer tegenwoordig, dat eten en drinken er bij in schiet als ik niet uitkijk. ‘Je vochtbalans is niet in orde, let daar op. Heks,’ sommeert mijn acupuncturist me een paar dagen geleden. Ik moet nodig lunchen. Met een lekker soepje!

Maar eerst natuurlijk mijn hondje verzorgen. Net als ik zijn pootje probeer in te smeren gaat de bel. VikThor is niet houden als hij Steenvrouw binnen ziet komen. ‘Zal ik je hondje even de trap af dragen?’

Oh, wat lief! Dat is nu helaas niet nodig. Vik moet nodig zijn hokje in. Met een flinke klodder honingzalf in zijn klep.

Even later zitten we aan de koffie. Heks eet een paar boterhammen en een soepje. We klessebessen er lustig op los. ‘Hoe is het nu met je aanbidders?’ We zijn allebei lid van dezelfde datingsite. Heks kijkt er zelden meer op, maar mijn vriendin heeft de moed nog niet opgegeven.

Een vreselijk verhaal volgt. Want op zulke sites kun je alles verwachten. Het gros van de bezoekers spoort voor geen meter. Het is zoeken naar een naald in een hooiberg wat we doen. ‘Ik kwam een keer een lievelingsneef van me tegen. Hij had me een heel leuk bericht gestuurd. “Je hebt me toch wel herkend” schreef ik hem terug. Hij beweerde van wel, hihihi.’

‘Die neef is eigenlijk perfect voor jou, dat ik daar nooit aan gedacht heb,’ vervolg ik enthousiast, ‘Een kunstenaar net als jij, hij maakt prachtige dingen. Hij ziet er heel leuk uit, een knappe vent. En hij is ook nog eens hartstikke lief! Zullen we een keertje naar een expositie van hem gaan?’

Als Steenvrouw even later haar hielen licht kruip ik in mijn bed. Het is pas een uur of 3 in de middag, maar alle vermoeidheid van de afgelopen weken lijkt er uit te komen nu. Nu het ergste gevaar geweken is.

Ik val in een comateuze slaap. Pas rond 9 uur ’s avonds kom ik weer bij mijn positieven. Ik kook een maaltje voor mezelf. Ik verzorg de beestjes. Ik wandel een lekkere ronde met Vik. Ik voer Snuitje haar tartaartje….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Als alle klusje gedaan zijn kruip ik weer in mijn mandje. Ik kijk nog een beetje TV, maar val al snel weer in slaap. Pas om een uur of tien word ik de dag er op weer wakker. Ik ga er uit, omdat het moet. De beestjes moeten worden verzorgd. Anders lag ik er nu nog in bed te dweilen.

Vandaag ga ik ook niet veel uitvoeren. Even naar de fysio. Ik probeer mijn nek te behoeden voor verdere ellende. Afgelopen week begonnen de spieren en pezen van dit gebied ontstekingsverschijnselen te vertonen en een cortisonenprik zit er voorlopig niet in. Die heb ik met kerst nog gehad. Dat kan ik voorlopig wel schudden.

Moe dus, maar in een goed humeur. Hoopvol gestemd, ondanks alle perikelen. VikThor is jong en gezond. Die gaat wel bot rond het implantaat produceren. Daar heb ik alle vertrouwen in.

En alle locale Dettolisering, honingzalf en antibiotica ten spijt is het toch weer opvallend, dat de chute kwam op het moment, dat mijn heksenzusters mijn hondje onder hun hoede namen middels prevelementen en schietgebedjes. Dank daarvoor, lieve zusters. Ik denk dat mijn ventje het gaat redden. Dat zijn pootje het gaat redden!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

De een z’n poot is de ander z’n brood. Heks is als de dood: Oplossende gewrichten en een stomp op je brood. Dreigende amputatiestrop: Kous op de kop voor geen kap op de kop…..

©Toverheks,com

©Toverheks,com

‘Mevrouw Toverheks, goedemorgen. Uw afspraak kan niet doorgaan. De mondhygiëniste is onverwacht ziek geworden. ….’ Heks zit daas in haar bed met een kopje koffie. Onverwacht. Ja, huh. Wat is dat nu weer voor’n zinsnede?

Ja, je wordt geheel volgens protocol ziek…..Je ziet het van mijlenver aankomen! En dan maak je nog snel op de valreep een afspraak om half negen ’s morgens met Heks…… Ik werd gisteren aan het eind van de middag gebeld of ik op dit onmenselijke tijdstip zou willen komen om eens grondig mijn bek te laten uitschrobben…..

Mopperig drink ik mijn koffie dan toch maar op. Slapen zit er niet meer in, daarvoor heb ik mijn ogen alweer iets te lang open.

Nu, dan ga ik maar eens een blogje produceren. Het mag wel weer eens.

Ja, wat zal ik eens schrijven? Er is genoeg te vertellen, maar weer zo’n kloteverhaal. Over een hondje met een grote open wond aan zijn knie. Een gapend gat vol schroeven en metalen plaatjes. Een bionische knie in een middeleeuws gruwelgat.

Het begon allemaal anderhalve week geleden met een grote natte plek op de buik van VikThor. Vrijdagavond natuurlijk. Heks schrikt zich een ongeluk.

Zaterdagmorgen zit ik bij de weekendarts in Rijswijk. Een spoedafspraak ook nog eens. Ik hoor de kassa rinkelen, terwijl de arts beweert niets voor me te kunnen betekenen. Ze geeft me een tube honingzalf. ‘Is de kap af geweest?’

Ja, die kap is wel eens af geweest. Heks kan niet liegen. Heel eventjes. Om een kluifje te eten bijvoorbeeld. Maar altijd onder toezicht. Likken aan de wond zit er gewoon niet in. Heks is een strenge cipier. De arts lijkt het niet te horen.

‘Er lag opeens een plas pus en bloed op zijn buik…’ herhaal ik nog maar eens hoe deze ellende begonnen is. In de door haar geproduceerde verslagen staat dat mijn hond aan zijn wond heeft gelikt. ‘Het is volgens mij van binnenuit gekomen….’ is nergens terug te vinden.

Heks weigert het pand te verlaten zonder antibiotica. De kuur is net een dag beëindigd en dat lijkt me een onverstandig moment. Met pusuitbraken uit een post operatieve wond. Het meisje belt met de chirurg. Ik krijg uiteindelijk penicilline mee.

Ik bekijk de dienstdoende dierenarts eens goed. Kleine kinderlijke vlechtjes steken uit aan weerszijden van haar volwassen hoofd. Een dot paarse verf is lukraak door iemand op haar achterhoofd gekwakt in een dolle bui.  Heks kan zich niet voorstellen, dat hier een kapper verantwoordelijk voor is.

Haar weifelende houding doet de zaak ook al geen goed. Met een tubetje zalf en wat pillen ga ik weer naar huis. Als ik met mijn bril op mijn neus de wond bestudeer zie ik dat er aan de bovenzijde een piepklein kogelrond gaatje is ontstaan. Achter het gaatje zie ik schroefjes glinsteren…..

Brrrr.

De volgende morgen is het gat vertienvoudigd. Een jaap van een centimeter gaapt me tegemoet. Heks spoed zich weer naar de dierenarts. Hopelijk heb ik nu iemand met verstand van zaken. Maar nee. Zwarte vlechtjes en paarse verf. Weifelende expertise. Er wordt telefonisch overlegd met de chirurg. Heks keert onverrichter zake weer naar huis. Niks aan te doen. Afwachten maar.

Een dag later zit ik bij de chirurg. Ik krijg op mijn flikker, omdat de hond zonder kap ongelimiteerd aan zijn wond zit te likken in Huize Heks. Dat heeft vlechtje in haar rapport geschreven. ‘De wond kan lelijk infecteren en dan lost het gewricht helemaal op. Het kan amputatie tot gevolg hebben,’ smijt de man naar mijn arme bezorgde kop.

De wond wordt gespoeld. Er komt bagger uit. Er wordt een monster genomen voor een kweek…… Dat alles had best een dag eerder mogen gebeuren…….

©Toverheks,com

©Toverheks,com

Na een paar uur springt de wond verder open. Ruim twee centimeter bloederige slijmerige narigheid. Met schroeven en moeren voor de variatie.

Midden in de nacht rijd ik weer naar Rijswijk. De weg is leeg. Het scheelt enorm veel reistijd. Geen brug open. Geen knooppunt Lammenschans. Geen langzaam rijdend of stilstand verkeer op de A4.

De waarnemend dierenarts luistert naar mijn litanie. Over hoe ik het al dagen moet uitzoeken met die hond. Over mijn gevecht om antibiotica te krijgen in een situatie waarin dit bepaald geen luxe is. ‘Een dag later hoor ik dan dat het mijn hond zijn pootje kan kosten. Krijg ik op mijn sodemieter! Maar het hele weekend kan ik het lekker uitzoeken, sta ik er voor mijn gevoel helemaal alleen voor….’

Een halve dag later zit ik weer bij de chirurg. Hij is aanmerkelijk vriendelijker. Geen enge verhalen om me de stuipen op het lijf te jagen. De wond wordt gespoeld. Er komt minder bagger uit.

Een dag later zit ik bij een andere chirurg. Deze man is niet louter een techneut. Hij bezit ook het vermogen om dingen te communiceren. Hij legt me uit, dat het nu een kwestie van afwachten is. De wond moet uit zichzelf dicht gaan.

Ja. Hoe dan? Dit gapende gat?

Vrijdag ben ik al weer bij dezelfde man op consult. In de wachtkamer zit een men met hond zonder kap. Het beest is net de week ervoor aan zijn knie geopereerd. ‘Ach, die kap doe ik niet op als ik er bij ben. Bladiebla….’ Ik denk aan de preek, die ik over me heen gekregen heb onlangs, terwijl mijn hond altijd met zijn kap om zit!

Zaterdagavond bel ik opnieuw in paniek naar de weekenddienst. Een nietje, dat de wond een beetje bij elkaar hield is nu ook nog eens losgeschoten. Help!

Uiteindelijk berust ik maar in de ellende. Ik duw grote hoeveelheden honingzalf in het gapende gat. Ik houd de wond en alles er omheen, zoals de bench en de vloer van mijn huis, heel goed schoon. Ik ben in een echt authentiek Dettolvrouwtje veranderd.

Waar ik er normaal gesproken altijd een voorstander van ben dat kids af en toe een schep zand eten, goed voor de opbouw van een gezond immuunsysteem, nu smeer ik de hele vloer in met dit stinkende goedje. Mijn huis ruikt als een eersteklas kinderziekenhuis.

Ik leg me neer bij de grootte van de wond. Niets aan te doen. Het moet langzaam helen.

Ik regel dat de vaste oppas van VikThor een dagje op hem past en ga lekker naar de Heksenschool. De eerste dag van de gevorderdenopleiding. Mijn magische zusters gaan direct aan de slag met mijn hondje hebben ze me verzekerd. Oh, wat fijn. Wat een opluchting.

Zo gaat het dus met mijn blaffende vriend. Mijn lieve schat. Geduldig laat hij zich de behandelingen welgevallen. Braaf werkt hij mee met al het gefrut aan zijn lijf. Drie/vier keer per dag sjouw ik hem de trap af, naar buiten.

Heks is intussen natuurlijk gek van de pijn in haar lijf. Ik ben niet bepaald gebouwd op gewichtheffen. Voor niemand zou ik de ellende in mijn donder overhebben. Behalve voor mijn ventje natuurlijk. Mijn trouwe vriend. Ik wil dat hij weer alles kan doen met dat pootje.

Hij loopt er overigens geweldig op. Sleurt me als het even kan de hele steeg door. Hij heeft nauwelijks pijn meer aan die poot!  ‘Mevrouw Toverheks, biotechnisch is de operatie geweldig geslaagd…..’ aldus de techneut.

©Toverheks,com

©Toverheks,com

 

Knibbel knabbel krielkip? Heks lacht zich de hik. Over goedgelovigheid en godgeklaagd flauwe grappen. Heeft God humor? Houdt de Godin van een geintje?

©Toverheks.com
©Toverheks.com

Heks heeft zichzelf toegesproken. En ze heeft zichzelf iets beloofd.

Na jaren achterstallige woede oprispen en onmachtig schelden in mijn eentje is het mooi geweest. Ik snap nu eindelijk dat ik er niet aan ontkom om al die onwelkome gevoelens te voelen. Niet als ik wil veranderen. Meer van hetzelfde is geen optie meer, want de schellen zijn van mijn ogen gevallen. In etappes. Langdurige ellendige zeewaterige etappes. Tegen de klippen op. Met tegenwind. Tegenstorm.

Zo dus.

Op televisie is het Carbonara effect bezig. Een goochelaar neemt mensen systematisch bij de neus met allerlei fantastische lulverhalen. Hij verandert bijvoorbeeld zijn vriendin in een kip. Veel heren zouden het verschil niet eens zien, maar de dame, die hij beduvelt is met stomheid geslagen.

‘Dat is je vriendin, denk ik,’ fluistert ze angstig nadat de bewuste vriendin in een creepy kraakpand vol pentagrammen, gedroogde kippenbotjes aan een koord en bloederige teksten op de muur, met mobiele telefoon en al is ontploft voor haar ogen.

Er staat opeens een bruine kip precies op dezelfde plaats. Hekserij natuurlijk. Ze gelooft het direct. Als ik beweer met overleden dierbaren te praten word ik voor gek verklaard, maar je vriendin veranderen in een krielkip is gewoon uitermate geloofwaardig.

©Toverheks.com
©Toverheks.com

Mensen zijn volledig Ver-Harry-Potterd de laatste decennia. Compleet van de pot gerukt natuurlijk.

Als je beweert dat alles energie is en begint over heilige geometrie kijken de meeste mensen je heel glazig aan. Ook het bestaan van leven buiten onze blauwe planeet vinden hele volksstammen uiterst onwaarschijnlijk. Maar idiote denkbeelden over een mannelijke god, die vindt dat seks voor het huwelijk zonde is en beffen niet halal vinden gretig aftrek.

Ook deze gekke illusionist gelooft men graag grif. Negen van de tien mensen, die hij voor het lapje houdt trapt daar helemaal in. Hoe onzinniger het verhaal, hoe dieper hun geloof!

Ik loop een laatste ronde door de wijk met mijn hondje. Het is laat. De maan staat aan de heldere hemel. Ik kijk zo het heelal in. Kijkt het heelal naar mij? Ziet het me hier lopen in die nauwe straatjes?  Op die kleine klinkertje?

Onder de klinkertjes begint nog een wereld. Wat weten we eigenlijk van wat zich allemaal in Moedertje Aarde afspeelt?

De goochelaar op televisie jaagt een jongeman de stuipen op het lijf door een aantal tuinkabouters te verplaatsen. De heren zijn samen een tuintje aan het opknappen. De goochelaar doet zich in dit item voor als hovenier.

De stenen kabouters staan plots in een kring om hen heen. Brrrrrrr……..De jongeman schrikt zich een ongeluk. Doodsbang is hij, vooral als blijkt dat 1 kabouter de autosleutels heeft afgepakt……. Ze zitten stevig vastgeklemd in zijn keramieken knuistjes.

©Toverheks.com
©Toverheks.com

Heks zit te schudden van de lach. Mensen zijn zo goedgelovig. Ik heb me ook jaren laten bedotten. Niet door dit soort onzin, maar door gewone medemensen. Vooral door de meer narcistische variant daarvan.

De kunst is om dingen te zien voor wat ze zijn. En niet verbitterd te geraken.

Geloof je dan helemaal niet in magie, Heks? Juist wel. Het hele leven is magisch als je er oog voor krijgt. Het verandert modder in lotussen. Alleen: Zolang je nog in de shit zit merk je er weinig van.

De wereld is vol magie. Alle werelden. Kabouters zijn vaste bewoners van mijn heksenhuis. Dat gedoe met sleutels ken ik ook van hen. Ze verstoppen de mijne met enige regelmaat! Gewoon voor de grap. Verder zijn het prima huisgenoten. Ook heb ik hier meermalen een geliefde in een stuk pluimvee zien veranderen. Soms een goudhaantje. Meestal haantje de voorste.

En dat terwijl veranderen toch zo ontzettend moeilijk is voor ons mensen. Uit je groef komen. Je ogen openen voor de werkelijkheid. De ander zien en vooral jezelf zien. En dan de hele mikmak vergeven.

©Toverheks.com
©Toverheks.com

Want laten we wel wezen: De mensheid klungelt maar wat aan. Zelfs de ergste narcist is in wezen niet benijdenswaardig. Het zijn misschien klootzakken en stomme mutsen, maar wel verrekt eenzame klootzakken. En godverlaten duivelse dozen.

‘God, wij zijn geschapen naar jouw beeld staat er in de bijbel. Dat zit me dwars. Want kijk naar ons mensen: Onbetrouwbaar, onbebouwbaar, wispelturig, hebberig, afgunstig, geniepig, gemeen en ga zo maar door. Iedereen heeft deze eigenschappen in mindere of meerdere mate. De huidige maatschappij speelt volledig in op die kwalijke kwaliteiten. Alles is een wedstrijd. En valsspelen wordt beloond.’

‘Kijk maar naar dat walgelijke televisieprogramma ‘Utopia’, waar mensen elkaar het licht in de ogen niet gunnen. Ik kan er gemiddeld niet langer dan een kwartier naar kijken. Dan ben ik instant depressief.’

Zijn wij naar Gods beeld geschapen? Of hebben wij God geschapen naar ons beeld? Ziet een vis een geheel andere Schepper? Of een krielkip? Mijn Boeddhistische leermeester Thay beweert het laatste.

Zijn we van nature goed of slecht? Wat gebeurt er bijvoorbeeld als je mensen aan elkaar en aan de elementen overgeleverd met een vlot de zee op stuurt?
 ©Toverheks.com
©Toverheks.com

Fred Delfgaauw speelt ‘In de wachtkamer van de liefde’ in Theater ins Blau! Heks geniet van wat ze ziet. En hoort. Deze fenomenale poppenspeler wekt zijn stoffen vrienden tot leven met zijn magische stemgeluid. Ontroerend en grappig! Een heerlijke voorstelling in een geweldig theater!

Zaterdagavond ga ik naar Theater ins Blau met Frogs. Fred Delfgaauw treedt op met zijn poppenkraam. Het is zo lang geleden, dat ik hem voor het laatst gezien heb. Ik ga gewoon veel te weinig naar het theater. Vroeger zat ik er elke week en miste ik nooit een voorstelling van deze fenomenale poppenspeler!

Het is chagrijnig rotweer. Ik heb Frogs volgestopt met Elzasser zuurkool. Nu spoeden we ons over de natte straten om op tijd te zijn. Goddank is het net eventjes droog….

Als ik ins Blau binnenstap zie ik Engel staan. Zij gaat ook kijken. ‘Ik heb vandaag drie keer de hond uitgelaten, boodschappen gedaan, fysiotherapie gehad, een enorme pan zuurkool gekookt, een blog geschreven en nu ga ik ook nog uit. Gekkenwerk natuurlijk….’ fluister ik haar toe. ‘Klinkt goed, Heks, ik herken het. Heb je een goeie dag, dan ga je over je grenzen. Je zal morgen wel voor pampus liggen….’

Gedrieën zoeken we een plekje. De deugd, Frogs, zit in het midden. ‘Ik heb nog met Fred gewerkt meer dan dertig jaar geleden, toen hij nog louter voor kinderen speelde. Ik deed de percussie,’ vertelt mijn kikkervriend aan mijn vriendin. ‘En daar ben ik toen naar gaan kijken,’ roept Heks enthousiast, ‘In Zoetermeer, de Toneelschuur? Toch?’

Frogs en Heks kennen elkaar al zo lang. Heks en Engel kennen elkaar zo mogelijk nog langer! ‘Ik heb hem nog geprogrammeerd,’ doet Engel een duit in het zakje. Zij heeft jarenlang in deze branche gewerkt. Voor de Schouwburg, Voor ins Blau….. ‘Toen ik hier werkte heb ik alles helpen opzetten. De hele administratie. Ik heb zelfs geholpen met schoonmaken. Ik heb al deze stoelen bijvoorbeeld gesopt…’ giechelt ze.

Mijn vrienden praten over een andere poppenspeler, die gek is geworden van dat beroep. ‘Hij kon een pop als geen ander tot leven brengen, maar uiteindelijk is hem dat fataal geworden. Ik heb dat vaker gezien in dit specifieke vak. Wel drie keer!’ Engel is bloedserieus.

Jeetje, ik wist niet dat het zo’n gevaarlijk beroep is. Ik ben nog goed weggekomen met mijn poppenspel vroeger. Ik had er ook een handje van, reisde ’s zomers rond met een zelfgemaakte opvouwbare poppenkast inclusief poppen in mijn rugzak, maar ik ben gelukkig bijtijds fysiek onderuit gegaan……

Even later komt Fred Delfgaauw het podium oprennen. Hij is te laat. ‘Sorry mensen, ik stond in de file,’ begint hij zich te verontschuldigen, maar dat blijkt niet de enige reden te zijn van de vertraging. ‘Ik reed automatisch naar het LAK!’ grapt hij. Het publiek ligt dubbel. Het is een inside joke en de meesten hier snappen em.

‘Nou, ik zal het maar eerlijk vertellen, ik heb er tegenwoordig een baan naast. Ja, crisis hè. Ik werk voor een relatiebemiddelingsbureau….’ Het stuk is begonnen: ‘In de wachtkamer van de liefde.’

In no time zit ik op het puntje van mijn stoel. Oh, wat kan ik hier toch van genieten. De ene na de andere pop komt tot leven. Fred doet niet aan buikspreken. Het is geen ouderwetse ventriloquist. Toch vergeet je direct dat hij de poppen bedient. Hij is een meester in het geven van een geheel eigen uniek stemgeluid aan zijn vrienden van stof en rubber.

Vergeten wij al dat deze magiër alle gesproken tekst produceert, ook de poppen vergeten het:  Eén van zijn karakters schrikt zich een ongeluk halverwege het stuk, als Fred hem opeens een vraag stelt. ‘Oh, ben jij er ook nog, man, je jaagt me de stuipen op het lijf!’ Hilarisch natuurlijk!

Een terugkerend thema in het stuk is de dood van zijn vader. De man is jong overleden, net als mijn vader. Aan een vergelijkbare aandoening staat me bij. Ik heb ooit het prachtige stuk gezien, dat hij destijds ter nagedachtenis aan zijn jong gestorven vader gemaakt heeft.

 

Hij heeft nu bijna de leeftijd bereikt, waarop zijn vader overleed. Net als Heks met haar vader….. Een heel raar idee. Op een gegeven moment ben je ouder, dan die grote volwassen heel belangrijke man in je leven ooit geworden is……

‘Het was geen gemakkelijke man en het liep niet altijd optimaal tussen ons,’ iets in die trant zegt hij over zijn dierbare vader. Vervolgens zet hij hem neer met stem en gebaar…… En gerochel…. Liefdevol. Het is muisstil. Op lachsalvo’s na, want vader was een kleurrijk mens.

Ontroerend.

‘Doorgaan of stoppen, liefhebben of haten. Hoe houd je jezelf staande in deze veranderende wereld?’ De worsteling met het prachtige mooie kutleven. Je moet diep graven om jezelf telkens te vernieuwen. Cultuur is een ondergeschoven kind tegenwoordig. Subsidies zijn verdwenen. We kweken lelijke, domme en verveelde mensen op die manier, maar ja.

Heks kent het machteloze gevoel van teleurstelling in het leven en hoe je jezelf telkens opnieuw moet uitvinden. Wat heerlijk, dat iemand zijn worsteling laat zien. Confronterend ook. ‘Oei,’ hoor ik achter me, als de acteur een Siamese tweeling uit elkaar rukt. Zich niet langer verbergt….

‘Jeetje, zucht,’ ‘Nou,nou,nou,goh,’ Er komen meer geluiden van de achterbank. Iemand zit gigantisch mee te leven. Het is ook aangrijpend. En toch lig ik voortdurend in een deuk. Een paar van de vertolkte grappen hebben een baard van hier tot Tokio. Toch schater ik het ook hierbij uit. De man kan me werkelijk om alles laten lachen!

Tussendoor wordt druk geapplaudisseerd. Heks vindt het zonde van de concentratie. Het onderbreekt en leidt af. Maar Fred Delfgaauw krijg je niet gek. Hij gaat gewoon zijn gang. Als iemands telefoon gaat reageert hij met een laconiek: ‘Zo, is ie nu uit?’

Aan het eind krijgt deze grote bescheiden man een staande ovatie. Het publiek staat als één man op. Prachtig. Wat een geweldige avond heeft hij ons bezorgd! Later in de foyer praten we met de directrice van het theater Liesbeth Huiberts. Zij en haar man directeur Kees van Leeuwen zijn de stuwende kracht achter dit initiatief. Frogs heeft natuurlijk ook met hen vroeger samengewerkt. Met Gruppo Tutto Dramatico en In Casa. En ook dat heeft Heks gezien!

Liesbeth vertelt dat ze een lesprogramma heeft opgezet om kinderen tussen de 1 en drie jaar kennis te laten maken met toneel! Wat doet dit echtpaar toch hun gloeiende best om het culturele klimaat in onze sleutelstad leefbaar te houden. Ze hebben dit theater vanaf de grond opgebouwd.

‘Vroeger was het de gymzaal van de technische school. We hebben het flink verbouwd. Daar achter liggen een aantal leslokalen. Binnenkort krijgen we boven een grote foyer erbij!’

Op een gegeven moment loopt Fred Delfgaauw de foyer in. Frogs gaat hem natuurlijk begroeten. Ook Heks schudt hem de hand. ‘Bedankt voor de fantastische voorstelling. Het was ontroerend en prachtig .’

Engel staat stralend achter de balie een handje te helpen als we het pand verlaten. Haar oude vertrouwde plek! Heks werpt haar een kushandje toe. Ze heeft nog geen bal zin om naar huis te gaan. Ook zij heeft vandaag een goede dag. En ja, dan ga je nogal eens een klein beetje over je fysieke grenzen…… 😉

We lopen over de glimmende kasseien richting Huize Heks. ‘Gek hè, Frogs, de straten zijn kletsnat, maar steeds als wij buiten lopen is het droog!’ Nou, zo’n dag was het vandaag. Soms regent het alleen maar waar jij loopt lijkt het. (Zoals mijn dode geliefde Ernst altijd zong op zulke dagen: (Travis ) Why Does It Always Rain On Me?)

 Vandaag niet. Wat een superdag!