Aandacht is als zonneschijn. Iedereen vindt aandacht fijn. Maakt iemands grootspraak jou heel klein? Of voel je je kut als kop van Jut? Of lijd je diepe zielenpijn? Probeer aandachtig te zijn……

‘Aandacht is als zonneschijn’, schrijft Thay in het gelijknamige boek. Ja, alles wat aandacht krijgt groeit. Wat geen aandacht krijgt verpietert waar je bij staat. Zonder er aandacht aan te besteden natuurlijk. Het valt niemand op, dat verpieteren. Verpieterde zielepieten hoeven dus niet op al te veel aandacht te rekenen.

Die aandacht bewaren we voor de idioten en narcisten onder ons. Meesters in het vragen van aandacht. Opeisen beter gezegd. Kampioenen in het zichzelf in het middelpunt plaatsen. Daar hebben ze een hele lange adem in. En een onwaarschijnlijke vindingrijkheid.

Kijk, nou doe ik het weer. Ik wil iets leuks en opbeurends schrijven en ik zaag direct de poten onder mijn verhaal vandaan. Het kost me steeds meer moeite om ergens een leuk verhaal van te maken blijkt maar weer.

Overleven zonder aandacht is geen doen. Toch doet Heks het al jaren. Natuurlijk vragen mensen echt wel hoe het met me gaat zo nu en dan. Niet dat ze het dan ook echt willen weten.

Dus lieg ik wat positieve kletspraat of wat men maar wil horen bij elkaar en roep vervolgens dat het goed gaat. Om de ander niet voor het hoofd te stoten of in verlegenheid te brengen. Door schade en schande wijs geworden.

Want aandacht vragen komt me gegarandeerd op afwijzing te staan met mijn eeuwige mekker-ziekte. Of ongevraagd advies en bemoeizuchtige opmerkingen. En daar heb ik geen zin meer in. Te pijnlijk.

Maar afgelopen weekend staat Heks in het middelpunt van de belangstelling. Op de heksenschool hebben we een lesdag over voorouders. ’s Middags gaan we een opstelling doen. Hierbij worden representanten van de diverse voorouders in de ruimte geplaatst. En dan maar eens zien wat er gebeurt.

Heks ingebrachte casus dient als voorbeeld. Ik zie hoe iemand een vijandige dierbare van me representeert. Het is ongelofelijk hoe zelfs de gelaatsuitdrukking van mijn klasgenote verandert in die van een familielid van Heks. Alsof die persoon daar werkelijk staat.

Ook Heks zelf wordt door iemand gerepresenteerd. Ook die persoon wordt in het speelvlak gezet. Oh, wat spannend. Wat gaat er gebeuren? Wat is de dynamiek hier?

Er gebeurt helemaal niks. In de ruimte staan twee personen met de rug naar elkaar toe…… Ik krijg een knoop in mijn maag. ‘Ik word misselijk,’ zegt de heksenrepresentant. Herkenbaar. Heb ik ook om de haverklap.

Gelukkig is mijn juf uitermate bedreven in systemisch werk. Onze zielen worden erbij gehaald. En krachtdieren. Krachtige voormoeders vormen een brug tussen deze twee godverlaten mensen. Er komt een ietsiepietsie beweging in het geheel. Minimaal. Nauwelijks waarneembaar voor mijn betraande verschrikte ogen.

Alles wat aandacht krijgt groeit. Het is zo. Sinds de sessie van afgelopen zondag is de boel vanbinnen behoorlijk in beweging gekomen. Ik stuiter alle kanten op. Vlieg op mijn trouwe bezemsteel van wolken kolkende woede vol blinde bliksemschichten middels een regenboog regelrecht een stapel vergevingsgezinde eufore sluierwolken in. En weer terug.

Om spiritueel te groeien moet je ergens in het midden uitkomen. Het gulden midden. Daar waar geen woede is en geen euforie. Du moment dat je niet meer chronisch heen en weer wordt geslingerd tussen deze twee uitersten kun je omhoog gaan groeien. Richting het goddelijke. Een oud spiritueel groeimodel in de vorm van een driehoek. Lang geleden geleerd van een nuchtere Friese genezeres.

Na de sessie komt er een klasgenoot naar me toe. ‘Ik begrijp nu waarom jij al die kwalen en aandoeningen hebt,’ kopt ze een inzicht in mijn klep. ‘Laat de mensen, die een opstelling hebben gehad met rust,’ zei de juf nog. Het is toch zo moeilijk om niet te reageren op de ander, om er alleen maar te zijn voor de ander.

‘Die kwalen komen allemaal uit de andere tak van mijn familie,’ pareer ik het inzicht. Het is nog waar ook. Ik heb bijvoorbeeld geen suikerziekte, zoals een groot deel van de tak van de familie, waar de opstelling over gaat. Ook ben ik mijn verstand niet kwijt. Nog niet.

Als ik ’s avonds thuis in mijn stoel zijg dansen de inzichten voor mijn ogen. Mijn eigen inzichten. Vallende kwartjes. Alsof ik de hoofdprijs heb gewonnen met een fruitmachine….. Ik realiseer me opeens weer waar het om gaat in het leven. Ik zie de grote verbanden weer. Ik voel hoe het contact met mijn ziel zich herstelt……

Dat was verreweg het belangrijkste van het hele gebeuren vandaag. Het contact met de ziel. De ziel, die wil ervaren. Ook dit. Een disfunctionele familie, wantrouwen, onrecht, geweld en grensoverschrijdend gedrag.

Ik zie de draadjes, waaruit ik geweven ben. Draadjes genetisch materiaal. Draadjes incarnatie materiaal. Hoe de ziel zich verhoudt hiertoe. Mijn zielengroep. Verschillende spirituele tradities vloeien in elkaar met ieder hun eigen inzichten. Vingers die naar de maan wijzen. ‘Gooi elk inzicht ook weer overboord,’ zegt Thich Nhat Hanh altijd. Het zijn maar wijzende vingers. En niet de maan.

Vandaag denk ik even helemaal nergens aan. Ik ga naar de markt en flirt gezellig met een oude Griek, die probeert zijn excellente olijfolie aan de man te brengen. Dat lukt hem. Dan koop ik een kilo zalmbuikjes voor mijn beestjes. Vinden ze lekker.

Naast me staat een hele leuke dame. ‘Die haal je zeker door een deegje…’ likkebaardt ze als ik in een impuls een pond calamaris bestel. ‘Ja, bloem, ei, cayennepeper……’ glim ik opgewekt. ‘Ja, zo simpel. Het heeft alleen aandacht nodig om lekker te worden. Dat geldt toch eigenlijk voor al ons eten?’ lacht de vrouw verrukt.

Heks verklapt het recept van haar listige sausje bij dit gerecht. Ook al zo eenvoudig. Een paar cashewnoten en citroenen, die heel lekker worden als ze samen met wat olijfolie in het middelpunt van de belangstelling worden vermorzeld……

Ik neem me wel iets voor. Ik ga me nooit meer verdedigen en verantwoorden. Dat is nogal een dingetje tegenwoordig. Omdat ik niet meer bij voorbaat in de excuus-modus lig te dweilen, als ik niet aan iemands verwachtingen voldoe, krijg ik nogal eens een verwijt naar mijn kop achteraf. Ik word zelfs op het matje geroepen. Ja, je leest het goed.

Als een klein kind!

Heks is natuurlijk zelf debet aan dit soort toestanden. Jarenlang heb ik gezegd en gedaan wat anderen van me wilden. Ik heb eindeloos aandacht gegeven aan mensen, die gaan gapen zodra het even niet over henzelf gaat. Of mensen, die mij met het grootste gemak uitzetten als het niet uitkomt. Alsof er een aan en uit knop op me zit. Ik heb geduldig gewacht tot ze de knop weer aan zetten. Zonder morren.

Maar die knop doet het geloof ik niet meer. Hij is lam of murw.

Nu moet ik nog leren mezelf niet te haten, omdat ik bepaalde dingen niet meer kan of wil. Want daar ben ik ook achter gekomen. De diepe hekel aan de pleaser in mezelf is bijna net zo sterk als de teleurgestelde afkeer van mijn nieuwe assertieve van dik hout zaagt men planken zelf. Uiteindelijk val ik wel weer met mezelf samen. Op een goede dag.

 

 

UNREST: Een film over mijn aandoening ME. Eindelijk! Het is ongelofelijk hard nodig dat er begrip komt voor deze conditie. Al is het alleen maar om schreeuwlelijkerds en goedbedoelende vrienden, die me bij voortduring ongevraagd advies geven of zelfs uitschelden voor aansteller, eens definitief de mond te snoeren. Maar ook artsen en behandelaars zouden er goed aan doen om eens naar die film te gaan kijken. Zodat ze ophouden ons te beschadigen met hun hopeloze behandelmethodes……….

download-41

Als maandagmorgen tegen elven de bel gaat lig ik nog vast te slapen na een uiterst brakke nacht. Ik ben anderhalve dag geleden ouderwets volledig gecrashed. Het gebeurt me om de haverklap momenteel. Gisteren kroop ik de doodziek door mijn huis. Afgewisseld met een paar hele ellendige elektrische fietstochtjes met de hond. En eindeloos bewegingsloos in bed liggen.

Met op de achtergrond ‘The Nanny’ op de televisie. Stressvrije nasale Joodse humor en geen flikkerende beelden. Nog het ouderwetse degelijke camerawerk.

Nadat ik de tweede kop koffie die morgen ook weer door mijn bed heb gekieperd met mijn zwabberarmen geef ik het op om mezelf te reanimeren tot een leefbaar niveau. Mijn arme hondje moet maar een dagje zijn gemak houden. Morgen is er weer een dag.

Dat was gisteren. Vandaag is het niet veel beter. Alleen mijn hoofdpijn is een beetje gaan liggen. Mijn buik heeft het balletje overgenomen. God kolere. Ik verrek van de pijn. Door mijn hele lijf. Behalve mijn hoofd. Die wilde ik er gisteren nog afhakken. Tel uw zegeningen.

Ik steek mijn pijnvrije zone uit mijn keukenraam. Het is een bevriende buurtbewoner met hond. Ik kwam hem gisterenavond na zo’n ellendige fietsronde tegen hier voor de deur. Hij zag mij het huis binnenkruipen en nu komt hij kijken hoe het met me is.

Brullend komt hij mijn verduisterde huis binnen. Ik moet dit en ik moet dat. Dit kan toch niet zo. Ik moet naar een dokter. Ook suggereert hij dat mijn financiële ‘Zwaard van Damocles’ een rol speelt in mijn misère. Ik heb hem in vertrouwen daarover verteld. Hetgeen me al op veel onbruikbare raadgevingen kwam te staan.

Ja, als het zo gemakkelijk op te lossen was had ik dat natuurijk al lang gedaan. En natuurlijk word ik er emotioneel van. Wie zou er geen emotionele pijn hebben in zo’n hopeloze kutsituatie? Geen mens ter wereld. Met een hart in zijn of haar donder dan. Een beetje narcist wordt er natuurlijk niet heet of koud van.

Onbegrip. Daar is het weer. Terwijl hij staat te schreeuwen wat ik allemaal moet doen heeft hij geen idee hoe doodziek ik me voel. Nog geen koffie en pijnstillers gehad om enigszins uit te deuken.

‘Luister,’ probeer ik er tussen te komen, ‘Ik ben gewoon ziek, Blafman. Ik heb een ellendige kutziekte en ik heb een bijzonder slechte dag. Bijna elke dag momenteel. Gisteren ook al, gewoon teveel gedaan. Bijna niks hoor, maar dat is alweer teveel. Wat denk je dat een dokter gaat zeggen? Daar heb ik toch al dertig jaar geen bal aan! Het heeft totaal geen zin om daar nu naartoe te gaan met mijn lamme lijf’

Mijn vriend luistert niet echt. Ik moet dit en dat. Weer suggereert hij dat praktische problemen ervoor zorgen dat ik me zo ellendig voel. ‘Ja, Blafman, natuurlijk helpt het niet mee als je vreselijke stress hebt over zoiets stoms als geld en dergelijke. Maar dit is gewoon mijn ziekte ME. Ik ben doodziek en er is niks aan te doen. Ik zit het dus maar weer uit……’

‘Maar zou je asjeblieft mijn hondje even mee kunnen nemen op je uitlaatronde? Dat arme beest heeft veel te weinig gehad gisteren!’ Heerlijk als hij dat wil doen, dan kan ik mijn bed weer in. Snel lijn ik het arme beest aan.

‘Je zit gewoon vast in een ziektebeeld, Heks,’ begint Blafman weer. Ik ontplof. Doe de voordeur open. ‘Ga weg. Laat die hond maar hier. Ik ga zelf wel, als ik mijn pijnstillers op heb. Wegwezen nu. Ik zit niet vast in een ziektebeeld, Ik ben ziek. En vandaag heb ik een hele slechte dag.’

‘Ik heb geen behoefte aan geschreeuw en oordelen. Sterker nog, dat doet letterlijk pijn aan mijn oren en aan mijn hart. Ik heb behoefte aan praktische hulp. Iemand die iets voor me doet….’ denk ik erachteraan. Mijn vriend is al de trap afgelopen. Scheldend en tierend. Verbijsterd kijk ik hem na.

Ik ben stomvervelend hoor ik hem beweren. Eigenwijs en strontvervelend. Ja. Het zal wel. Het ligt weer aan mij. Ik stel me aan, wil niet luisteren, los mijn problemen niet op en wil maar niet beter worden. Dat ik me intussen nog veel ellendiger voel door zijn geschreeuw ontgaat hem volkomen.

Het is wat mensen met ME heel vaak naar hun kop krijgen. Behandelaars, politiek, vrienden en familieleden? Ze weten het allemaal zo goed. Met enige regelmaat krijg ik weer een stom advies. Om me te laten deprogrammeren bijvoorbeeld. Zodat ik anders over mijn ziekte denk en mezelf niet wanhopig vast houd aan mijn ziektebeeld.…..

JENNIFER BREA; OMAR WASOW; UNREST

Uit onderzoek is allang gebleken dat deze aanpak contraproductief is. Maar toch houd men hardnekkig vast aan het idee dat wij niet beter willen worden. Dat ons ziektebeeld ziektewinst oplevert. Dat wij verkeerd met stress omgaan en zodoende onze klachten in stand houden……En dat dat ons iets oplevert waar we blij van worden.

Ik zou eerlijk gezegd niet weten wat. Dat vertellen deze adviseurs van lik mijn vestje er nooit bij.

‘Wat doet u allemaal om uw klachten in stand te houden,’ was ooit de eerste vraag bij een in ME gespecialiseerde gezondheidspsycholoog in het ziekenhuis. Maar het is niet alleen de medische wereld, die denkt dat wij onszelf ziek houden doordat we iets fout doen of denken.

Het is me zelfs door de beste vrienden verweten. Met de beste bedoelingen.

Onlangs kreeg ik uit die hoek nog het dringende advies om me voor een heleboel geld te laten treiteren door een stel therapeuten om mijn stressrespons te deprogrammeren…….. Ik moet me daar dan met hand en tand tegen verdedigen. Heel vermoeiend. En ik ben al zo moe.

‘Je moet je niet zo wentelen in je kwaaltjes,’ zei mijn vorige huisarts jaren geleden toen ik zo ziek als een hond op haar spreekuur zat. Ik moest toen ook nog eens het ziekenhuis in voor een ingrijpende operatie, maar thuiszorg-hulp in de huishouding wilde het stomme mens niet regelen voor me.

‘Zoek maar een Pools meisje om te stofzuigen enzo. Die zijn lekker goedkoop,’ zette ze me aan tot illegale praktijken. Huilend ben ik toen maar weer naar huis gekropen. Redelijk genezen van het idee dat iemand mijn ziekte ooit serieus zou nemen.

‘Een collega van me heeft ME gekregen. Nu weet ik dat het geen aanstellerij is,’ zei een bevriende huisarts ooit tegen me, toen ik al twintig jaar ME had. Oh, lekker is dat. Dus decennia lang heb ik me in jouw optiek lopen aanstellen…….

Vrijdag neemt Steenvrouw me mee naar de film Unrest. Gemaakt door Jennifer Brae, zelf al jaren ME-patiënt. Als je die film gezien hebt heb je mijn levensverhaal gezien. Van de afgelopen dertig jaar. Mijn ellendige zieke bestaan.

‘We mankeren allemaal wel iets,’ bagataliseert een familielid onlangs nog mijn ‘gezeik‘  als ik haar vraag hoe het met me gaat tracht te beantwoorden.

Ja. Maar niet dit. Geen invaliderende onzichtbare ernstige ziekte. Waar je dan vervolgens in je eentje voor staat. Niet gesteund door de medische wereld. Uitgekotst door je omgeving. Als aanstelster. Hysterica. Hypochonder en wat al niet meer. Afschuwelijk. Je wenst het je ergste vijand niet toe.

De grootste doodsoorzaak onder ME patiënten is suïcide. ‘Het is een dagelijks gevecht om het niet te doen en ik ben best trots dat ik nog leef,’ aldus iemand in de film. Volstrekt herkenbaar. De reden dat ik nog leef is de zorg voor mijn huisdieren. Wat zouden ze zonder me moeten? En ik zonder hen?

Evenzogoed is me door mijn financiële vinger-in-de-pap-mensen geadviseerd mijn beesten naar het asiel te brengen. Ja, wat een geweldige raad zul je zeggen. Als je haar dood wilt hebben. Die mensen hebben echt begrepen hoe jouw leven eruit ziet en wat je nodig hebt……

Om de stekker er helemaal uit te trekken!

JENNIFER BREA; OMAR WASOW; UNREST    Jennifer heeft een leuke lieve man om samen mee in bed te liggen. Ik heb mijn beesten. De leuke lieve man is nooit gekomen helaas. Mijn exen hadden over het algemeen niet zoveel op met mijn ziekte………..

‘Niet bitter worden, Heks, ik meen zoiets te bespeuren op je blog,’ krijg ik onlangs nog naar mijn hoofd. Ja, ik moet gezellig en vrolijk blijven, ook al voel ik me kut, krijg ik allemaal gezeik naar mijn kop en staat de wereld bol van het onbegrip rondom mijn aandoening. Godkolere.

Gelukkig is er nu een film waarin haarfijn wordt uitgelegd wat mijn ziekte inhoudt en wat het betekent voor je miserabele leventje als je het hebt. Ik hoop dat er zoveel mogelijk mensen naar gaan kijken. Zodat ik in plaats van beledigingen, domme opmerkingen, commentaar en ongevraagd advies eens wat vaker hulp krijg.

Facebookpagina van Unrest.nl

Kijk hier voor 6 euro de hele film op Vimeo!