Driemaal is scheepsrecht en voor niets gaat de zon op. Heks gaat een hele dag naar de dierenarts op en neer. Met steeds een ander dier. Het eind is nog niet in zicht. Het is mijn plicht als baasje. Heks is vandaag het haasje…..

Dinsdagavond doet de panter weer vreemd. Hij wil niet eten, maar gelijk na binnenkomst weer naar buiten. Onrustig tijgert hij door het huis. Eet dan toch zijn bak leeg. Er is iets met mijn schat. In een opwelling kijk ik in zijn bek. En ja hoor, er is weer een tand uitgeslagen door die kloterige Bengaalse wilde kat van mijn hopeloze asociale buren.

Mijn grote zwarte kater mist nu zijn rechterhoektand boven en zijn linkerhoektand onder. Hij crepeert van de pijn. Ik geef hem een pijnstiller. Morgen maar eens de dierenarts bellen. Ik neem hem bij me in bed en streel zijn gekwelde koppie.

Pas vrijdagmorgen kan ik terecht. Het is dan ook geen echt spoedgeval. Die tand is er vrijdag ook nog wel uit. Ze hebben nog wel een plekje op donderdagmorgen, maar Heks heeft dan geen auto. Die staat bij de garage voor de jaarlijkse keuring.

Vrijdagmorgen ben ik al vroeg bij de dierendokter. Een piepjonge arts staat me te woord. ‘Dat restant tand en bot moet er waarschijnlijk wel uit worden gehaald,’ ze kijkt me verontschuldigend aan, ‘Anders kan het wel eens flink gaan ontsteken. Ik overleg het nog eventjes met een collega, die iets meer thuis is in gebitten….’

Op weg naar huis valt het me op dat VikThor zo raar doet. Hij doet de hele ochtend al vreemd. Schrikt zich een ongeluk van niks. Stopt zijn staart helemaal tussen zijn poten door tegen zijn buik. Wil niet in de auto springen, zodat ik hem er in moet tillen. Wat heeft hij nu weer?

Samen met mijn  hulp inspecteren we zijn staart. We zien dat zijn anaalklieren nogal vol zitten, zou hij daar zo’n last van hebben? Ook heeft hij zich afgelopen week meermalen versprongen. Is er iets mis in zijn bewegingsapparaat en krijgt hij steeds na inspanning last?

Mijn hondje gaat zo snel achteruit, dat ik rond het middaguur alweer bij de dierenarts zit. Een mij bekende jongeman. Die knijpt de anaalklieren leeg. Een smerige putlucht trekt door zijn spreekkamer.

Vervolgens onderzoekt hij zijn pootjes en heupjes. Strekt en rekt mijn ventje alle kanten op. Niets bijzonders te vinden. Ik krijg een stapel pijnstillers mee. ‘Hou hem maar een paar dagen rustig. Wat het ook is, rust doet altijd goed.’

Intussen heb ik hem ook over Snuitje gesproken. Ik heb volgende week een afspraak voor haar gemaakt, want ik vertrouw het functioneren van haar niertjes voor geen cent. En of de duvel ermee speelt lijkt Snuitje ook precies op vrijdag flink achteruit te gaan. Ze staat alsmaar te drinken uit de waterbak van VikThor.

Ook loopt ze ongelofelijk slecht opeens. En ze lijkt zo slapjes…..

Zo zit ik dan vrijdagavond alweer bij de dierenarts. Een grote naald verdwijnt eerst in Snuitjes nekje en daarna in een pootje. Ze weet nog maar 2.3 kilo. In januari was ze nog 2.6!

Ook heb ik thuis een plasje opgevangen. Alles wordt grondig onderzocht. En ja hoor, het zijn haar niertjes. ‘Geen suiker, schildklier is ook goed, maar haar nierfunctie is ernstig beperkt. Het is nog niet in de acute fase, maar ze moet wel per direct op dieet…..’

Zaterdag slapen we allemaal de hele dag. Tussendoor kijk ik naar een travestieten-talentenjacht. Geweldig programma. Heks heeft er als vrouwelijke travestiet erg van genoten.

Vandaag ontdek ik dat ik mijn prachtige elektrische vouwfiets kwijt ben. Geen idee wat ik ermee gedaan heb, maar hij staat niet meer in de berging. Paniekerig begin ik door de buurt te rennen. Vind em terug bij de slager voor de deur.

Als ik zo moe ben als ik nu ben doe ik dit soort stomme dingen. Hoewel niet met een ketting ergens aan vast heb ik de fiets gelukkig wel op slot gezet. Dat vergeet ik ook nogal eens onder zulke omstandigheden.

En goddank staat mijn peperdure fietsje er nog na een woeste uitgaansnacht in de drukke Haarlemmerstraat.

Dinsdag gaat de panter onder het mes. Dan worden de restanten tand en bot verwijderd, zodat de boel mooi geneest. Altijd spannend. Narcose is geen kattenpis.

Volgend weekend ga ik op koorreis. De helft van mijn beesten zitten in de lappenmand.  Pleegzuster Bloedwijn krijgt last van slijtageverschijnselen. Dat gaat nog wat worden. Op mijn tandvlees op vakantie……

MISSCHIEN EEN KLAPPERTJE VOOR DE PANTER?

 

MiAUAUAUAUAUW! ME AU AU AU AU AU! De panter heeft zich weer eens in de nesten gewerkt. Het is altijd wat met de dolende ridder. Is het niet dit, dan is het weer dat. Heks heeft haar handen vol aan dit geliefde monster. Terwijl mijn bankrekening er op leegloopt!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een paar weken geleden ben ik de panter weer eens kwijt. Ik heb direct een naar gevoel en al na een dag loop ik uitgebreid te roepen in de buurt. Begrijp me goed, het beest is wel vaker op stap. Dagenlang soms. Hele weken, maanden ben ik hem kwijt geweest.

Meestal maak ik me geen zorgen, maar als er iets mis is voel ik het direct. Zo ook nu. Waar zit mijn monster?

Na een uitgebreide zoekronde ’s avonds laat zie ik hem bij thuiskomst voor de voordeur zitten. Maar als hij me in het oog krijgt kruipt hij weg. Komt weer naar me toe. Loopt weg. Komt, loopt weg, komt toch……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ha gekke ridder van me,’ zing ik hem zachtjes toe, terwijl ik hem over zijn koppie aai, ‘He, wat is dit? Je staart is raar. Hij lijkt wel gebroken….’ Terwijl ik mijn hand langs zijn hele lijf laat glijden voel ik een rare knik aan de basis van zijn lange staart. Jeetje. Die heeft ergens tussen klem gezeten. Dit heb ik nog nooit eerder gevoeld.

Ik neem mijn schat mee naar binnen, alwaar hij de gehele nacht bovenop mijn buik ligt. Hij zoekt steun, want zijn arme staart doet echt pijn. Dat is goed te merken. De volgende dag gaan we naar de dierenarts.

Die geeft ons een sterke pijnstiller mee. ‘Het is niet gebroken, maar er zit wel een werveltje helemaal scheef. Ik doe er verder niets aan. Met een paar dagen voelt hij zich veel beter.’ Geen dure röntgenfoto gelukkig. ‘Nergens voor nodig,’ zegt de man.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Nou, dat was dan je zevende leven. Of was het pas het zesde? Ik ben de tel kwijt, mafkees,’ mopper ik zachtjes tegen hem op de terugweg. Mijn avontuurlijke boerenridderkater heeft altijd wat. En ondanks het feit, dat hij toch ook een dagje ouder wordt is hij nog steeds uitermate uithuizig. De ellendeling.

Ik houd hem een paar dagen binnen. Altijd een hele heisa, want meneer wil niet binnen blijven. Hij wil de hort op. De buurt verkennen, de nachtburgemeester uithangen, achter de muizen aan!

Na vier/vijf dagen laat ik hem maar weer naar buiten. Hij is behoorlijk opgeknapt, maar de knik is een blijvertje lijkt het.

Vorige week is meneer koekepeer weer eens onvindbaar. Al dagen hebben we ruzie. Hij komt binnen, eet zijn eten op en staat dan aan 1 stuk door te schreeuwen, dat hij weer naar buiten wil. Van nog wat extra brokjes wil hij niks weten. Hij eet alleen nog maar blikvoer lijkt het!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De laatste dagen wilde hij zelfs niet meer mee naar binnen. Moest ik hem achterna rennen en vangen. Met een grote tegenstribbelende zwarte kater onder mijn arm de trap oplopen.  Hem stevig vasthouden tot we binnen waren, omdat hij em anders direct weer zou smeren. Wat heeft die kat toch?

Nu is hij dus al twee dagen pleite. Pas de derde dag zie ik hem van een muur via mijn auto, die verderop in de steeg geparkeerd staat, op straat springen. En ook nu krijg ik hem slechts met moeite mee naar binnen. Waar hij dan weer wel aanvalt op zijn eten: Hij is uitgehongerd!

‘Wat heb je toch, gekke kat?’ Heks houdt hele verhalen tegen haar schatje. Hij kijkt me serieus aan. Opnieuw valt het me op dat hij er anders uitziet. Maar waar ik er een paar dagen geleden nog niet de vinger op kon leggen, zie ik nu plotseling hoe zijn kop aan 1 kant is opgezwollen tot enorme proporties.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zijn linkeroog zit zelfs een beetje dichtgedrukt. De zwelling is pijnlijk. En plotseling heel groot geworden. ‘Waarschijnlijk een abces,’ concludeert Heks. Deze ridderkater zal wel weer een potje gevochten hebben…..

Zo zit ik zondagmorgen weer bij de dierenarts. Mijn goedkope tuincentrum-arts is helaas niet beschikbaar, dus ik zit bij een peperdure collega. De rekening is nog net niet zo erg als eentje, die ik ooit eens op een zaterdagavond laat heb opgelopen, maar het is evenzogoed een rib uit mijn lijf.

Hiervoor krijg ik wel een consult met een enorm lekker ding. Ik heb mijn ogen nog niet helemaal open, maar dit zie ik dan toch wel. ‘Het is waarschijnlijk een abces, daar gaan we de medicatie op inzetten. Helaas kan ik het niet openmaken, dat geeft namelijk vaak verlichting. Maar met een goeie dosis antibiotica en een stevige pijnstiller voelt hij zich met een paar dagen veel beter….’

Zo ligt mijn panter dan in de grote bench. Met zijn eigen kattenbak, lekker voer en een bak water. Het is de enige manier om ervoor te zorgen, dat hij em niet smeert. Ooit sprong hij met een drain in zijn lijf en een kap om zijn kop uit het slaapkamerraam op de eerste verdieping. Daar draait meneer zijn poot niet voor om.

Soms jammert hij erbarmelijk. Soms laat ik hem er een paar uur uit. Hij heeft een kuur van tien dagen en die moet hij afmaken. Twee keer per dag een pil.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Op dag drie jammert hij wel erg hard. Nog maar een keertje naar de dierenarts dan. Ik zie intussen ook een rare pek onder zijn oog verschijnen.

Zodra ik hem bij de dokter op de behandeltafel zet, springt het abces open. Bloederige stinkpus vliegt ons om de oren. De wond wordt grondig nagespoeld met een jodiumverdunning. ‘De rest geneest vanzelf. Katten hebben een geweldig vermogen om abcessen zelf te lijf te gaan,’ stelt de dierenarts me gerust.

Hij moet nog een paar dagen binnen blijven, om de antibioticakuur af te maken. Het is nog eventjes afzien voor me. Maar de schat voelt zich al veel beter!

Maar wat ben ik blij, dat hij ook dit weer overleeft. Mijn kanjer. Mijn grote zwarte schaduw. Mijn stoere panter. Mijn geliefde ridder Ferguut.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

 

Primadonna Prunus versiert mijn autootje. Of is het een Primadon? Heks maalt er niet om. Ik hou van deze kanjer. Bernard hield van z’n anjer, maar geef mij maar een bosje boom! Wolken bloesem dansen door de stad. Mijn trouwe kanarie als trouwauto? Haha!!!! Dat is me wat!

Al jaren onderhoud ik een intens liefdevolle relatie met een boom hier in de steeg. Het is een oude Prunus en hij staat in een eveneens eeuwenoud hofje. Zijn kroon overspant intussen de hele steeg. Door het jaar heen zijn we trouwe kameraden. Maar in het voorjaar raken we weer verliefd.

Zodra zijn eerste knoppen zwellen slaat mijn hart op hol. Elke avond breng ik hem een kort bezoekje om te kijken hoe de zaken ervoor staan. Tot dan eindelijk de grote explosie van roze bloesem volgt. Dan sta ik avond aan avond ademloos te kijken en vooral ruiken. Dan droom ik van elfenfeestjes met vlierbloesemsiroop en mede.

‘Ga je vannacht in de Prunus logeren?’ Ferguut staat bij de deur. Hij wil per se naar buiten. Mijn panter houdt ook van deze boom. Ik verdenk hem ervan dat hij vrolijk meefeest met alle elven en kabouters hier uit de steeg. ‘Doe hen de groeten, vooral mijn vriend Pleingodje,‘ roep ik mijn monster na als hij van het dak springt.

Dinsdag ga ik naar het koor. Ik ben zoals altijd een beetje laat. Al die voorbereidingen ook. Hond uitlaten, beesten eten geven, mezelf eten geven, mezelf reanimeren, toonbaar maken ook vooral, dus mezelf insmeren met make up, omkleden of zelfs douchen……. Een hele klus. Voor een MEer.

Als ik bij mijn auto arriveer kom ik voor een verrassing te staan. Mijn kanariepiet is helemaal roze van de Prunus. Hij staat pal onder mijn geliefde boom. Gisteren lag er een bescheiden laagje op, maar nu is hij helemaal knalroze.

Ik heb geen tijd om er een foto van te maken, maar dat heb ik gelukkig gisteren wel gedaan. Toen dacht ik nog: ‘Heks, zorg dat je morgen bijtijds de deur uitgaat, want je moet eerst tienduizend bloemetjes van je auto halen…..’

Maar ja, helemaal vergeten intussen……

Ik veeg de ergste bloesempracht van mijn ruiten, zet de ruitenwissers even aan…. Maar dan moet ik toch echt gaan. Ik zie wel hoe het uitpakt.

En het pakt uit! In een wolk van roze bloesem vlieg ik de straat uit. Over de Oude Vest, de Langegracht…….Eén grote dwarrelde liefdesverklaring aan het leven. Fantastisch. Ik word er helemaal gelukkig van.

Links en rechts blijven mensen stokstijf stil staan om dit tafereeltje verrukt gade te slaan…..

De repetitie is ook al geweldig. We zijn begonnen aan een paar fantastische nieuwe stukken voor ons honderdjarig jubileum, waaronder een lekker modern werk van Vaughan Williams. Echt smullen!

Ook is de harmonie in het altenvak intussen herstelt. Iedereen is weer helemaal tevreden met haar zitplaats alsmede haar buurvrouw. Een hele verademing!

Als ik later naar mijn auto loop word ik ingehaald door een paar sopranen. ‘Oh Heks, wat is je auto mooi! Het lijkt wel een trouwauto!’ jubelen ze enthousiast. En ja, het is waar. Het knalgele wagentje met de roze versiering is een lust voor het oog. En oogt bovendien trouwlustig!

Je zou er bijna zelf trouwlustig van worden. Gelukkig ben ik gelukkig met mijzelf getrouwd. Alweer bijna negen jaar!

Sapperdeflap. Hier zit een hele ouwe lap. In de lappenmand getrapt. Dweilen met de kraan open, omdat mijn neus is gaan lopen. Lekker buiten met mijn hond. Dat is dan toch weer gezond. Kont, blond, honderd pond……. Dr Phil heeft weer een een gek. Poppenstront en kleuterseks. :-( En: Meligheid troef in Huize Heks.

© toverheks.com

© toverheks.com

Vandaag doe ik niks. Nou ja, het hondje moet wel naar buiten natuurlijk. Dat zal ik er evenzogoed uit moeten persen. En dientengevolge zal ik me toch aan moeten kleden. Een hels karwei met schouders uit de kom. ’s Morgens vroeg. Zonder medicinale cannabis in mijn klep. Als de pijnstillers nog niet zijn ingewerkt.

Heks ligt moed te verzamelen voor de grote metamorfose van nachtdier naar mens. Het is intussen al middag. Ik moet echt uit bed komen nu. Mijn hondje moet naar buiten. Ik heb dan wel vanmorgen heel vroeg nog een rondje gewandeld. In de vrieskoude nacht met panter en VikThor. Hij klapt dus nog niet uit elkaar.

Eerst nog maar eens een bakkie troost. Koffie doet wonderen, het is de beste drug ever. Met op de achtergrond Dr. Phil aan het woord tegen een hopeloos disfunctioneel gezin giet ik een gloeiend hete bak in mijn loden pijp. Ha. Lekker.

© toverheks.com

© toverheks.com

‘Je liegt, je liegt,’ schreeuwen de dochters op televisie tegen hun narcistische stiefvader. De man heeft hen alledrie betast en misbruikt. Geschopt en geslagen. Gekleineerd en vernederd. De moeder wist zogenaamd nergens van. Ondanks het feit dat de dames het haar meermalen hebben gemeld. Ondanks het feit dat ze regelmatig getuige was van alweer het zoveelste pak slaag.

Heeft ze hen ook uitgeleverd aan haar man? Bij thuiskomst even melden wat haar kinderen hebben misdaan die dag? Zodat hij hen een stevig pak rammel kan geven? Het komt voor, zulke praktijken. Het betere narcistische teamwork zogezegd.

© toverheks.com

© toverheks.com

De biologische dochter van de man komt erbij. Hij hangt eerst een melodramatisch verhaal op, hoe zij altijd wel in zijn onschuld heeft geloofd. Hoe zij na jaren weer contact met hem opnam. Hoe hij haar mocht weggeven op haar huwelijk.

Zodra ze op haar stoel zit ontkracht ze dat verhaal. ‘Gemene leugenaar, er klopt niets van jouw gezever. Ik heb nooit contact me jou opgenomen. Jij belde mij! En ik geloof helemaal niet in jouw onschuld. Je sloeg ons met enige regelmaat helemaal lens. Ook mij. En je hebt ons allemaal seksueel misbruikt. Op m’n zevende was je me al aan het tongzoenen. Ik kwam er eigenlijk nog het beste vanaf. Omdat ik je eigen vlees en bloed ben…..’

© toverheks.com

© toverheks.com, fallische bezemsteel…..

De man heft ontzet zijn armen in de lucht. ‘Oh, oh, oh,’ zegt de door een rechter veroordeelde crimineel, ‘Ze weten niet wat ze zeggen. Ik was gewoon onschuldig aan het stoeien. Bladiebla.’

Ja, lekker stoeien met je tong in de mond van je dierbare kleuter en je handen in haar gebloemde broekje. Wat een acteur is het, die man. Heks heeft er genoeg van. Ik ga de afloop niet afwachten. De ellendeling lijkt mij persoonlijk een monster. En die moeder een eersteklas loeder. De wereld zit er vol mee.

© toverheks.com

© toverheks.com

Eenmaal in de kleren ga ik naar buiten. Jemigdepemig, wat doet mijn lijf zeer vandaag. Ik moet nodig beweren dat mijn linkerarm zo is opgeknapt. Vannacht om de haverklap wakker geworden van de pijn. Hij hangt weer ouderwets uit de kom en de rechter ook. Dus ik heb eventjes geen goede arm over om in de strijd te werpen. Ik ben letterlijk onthand.

In het eerste park tref ik Sib en zijn bazinnetje. VikThor springt een gat in de lucht. Terwijl de hondjes zich uitleven kletsen de baasjes een beetje bij. ‘Vorige week is Storm aangevallen door een enorme Deen. Ken je die hond? Een heel dominant geval. En de baas laat het gewoon gaan…..’

© toverheks.com

© toverheks.com

Heks kent geen grijze Deen. Ik loop blijkbaar op andere tijdstippen in dit park. ‘Kijk maar uit voor die hond. Volgens zijn baasje is hij heel lief thuis, maar hij wandelt om 4 uur ’s nachts omdat zijn hond dat wil. Komt hij zijn bed voor uit!!!!!! Kun je nagaan hoeveel overwicht hij op het bakbeest heeft…..’

‘Ik loop ook vaak om vier uur ’s nachts. Vannacht nog. Ik val vaak met kleren aan in slaap voor de televisie en moet dan nog eventjes naar buiten…..’ grijns ik. Ik durf niet te bekennen dat dit pas mijn eerste uitlaatronde van de dag is.

© toverheks.com

© toverheks.com

‘Het is pas mijn eerste rondje,’ bekent Sib’s vrouwtje, ‘Ik kan gewoon niet in slaap vallen door een posttraumatische stressstoornis. En dan loop ik dus ook vaak heel laat nog eventjes. Zodat ik kan uitslapen als ik een slaappil neem…’

Wat heerlijk dat ik niet de enige ben, die er zulke praktijken op na houdt. Heks schaamt zich soms dood over haar rare levensritme. Gebrek aan ritme beter gezegd. ‘VikThor past zich gewoon aan. Hij is helemaal gewend aan mijn gekke schema. Als hij maar genoeg beweging krijgt op een dag is het goed. En daar zorg ik dan weer wel heel consequent voor…..’

© toverheks.com

© toverheks.com

Op mijn gemak fiets ik de hele Singel rond. Het is prachtig weer. Echt genieten. Eigenlijk zou ik nu met Saar in de duinen lopen, maar we zijn allebei enorm gammel. Ik ga een hele dag rust houden. Er zit een virusje te kwarren onder mijn leden. Hopelijk trekt mijn lijf dan een beetje bij. Kan ik er dit weekend weer lekker tegenaan.

© toverheks.com

© toverheks.com

Echte liefde vergt veel moed, want je verplicht je om pijn weg te nemen en welzijn te bewerkstelligen…… Hmmm. En als dat nu niet lukt? Als je poging meer weg heeft van water naar de zee dragen? Heks is het zat om gevoelde nattigheid naar die grote plas te sjouwen. Ook het dweilen met de kraan open kan me niet langer bekoren……

‘True love takes a lot of courage, because it is a commitment to help remove suffering and offer well-being….’ leest Kras voor. Het is weer ‘Sangha voor Kneusjes’ avond. Vorige week hebben het een keertje overgeslagen, omdat ik perse naar het strand wilde. Het was toen tenslotte meer dan dertig graden!

Ik heb er geen spijt van: Het was ongelofelijk zwoel en heerlijk aan zee. Heks heeft er een fantastische avond stukgeslagen met haar lekkere hondje!

Remove suffering and offer well being. Maar tot welke prijs? En als het een eenzijdig gebeuren is, moet je er dan wel mee doorgaan? Gedachten tollen door mijn hoofd, terwijl ik naar de bel luister. Ik beoefen de adem soetra, maar halverwege zit ik weer te tobben. Ik kom niet verder dan lichaam en emoties. Mijn alles behalve lege geest spuit onstuitbaar ideeën door mijn kop.

Ik keer terug naar mijn adem. Telkens opnieuw. Koppig. Volhardend. Gesterkt door de naast mij ademende Kras.

Langzaam dwarrelen de gedachtes voor mijn voeten. Vormen een tapijt van onbegrip om me heen. Voorzichtig loop ik over mijn onvermogen. Sta er op. Erken mijn beperkingen. Stel eindelijk mijn grens.

Op weg naar huis springt VikThor net niet in een moddersloot. Het scheelt een haar. Vanmiddag lag hij wel in diezelfde baggersloot te spartelen. Heerlijk vond ie het. Zijn grote vriend Baris stond weer verbaasd naar mijn pikzwarte monster te kijken.

Vandaag zet ik een streep onder mijn poging iemand te helpen. Het lukt niet. Natuurlijk weet ik ook wel dat ik weer in mijn zelfde groef ben geschoten: Iemand die ik op dat moment niet of nauwelijks ken staat op mijn stoep met een heleboel problemen.

Heks vindt het zo erg dat ze het niet over haar hart kan verkrijgen om die persoon weg te sturen. Langzaam word ik opgegeten door andermans problematiek. Het trekt een zware wissel. Ook zit ik weer eindeloos te luisteren. En niet naar de meest gezellige verhalen.

In dit geval heb ik ook nog geweldig mijn nek uitgestoken. Zonder resultaat. De wereld zit vol ellendelingen en hun slachtoffers. Ik heb er weinig invloed op. Zacht uitgedrukt.

Mijn acties zijn niet zonder gevaar. De malloot waar mijn protégé last van heeft is zeer goed in staat om Heks het leven zuur te maken. Vooral omdat hij hier in de buurt woont. En geen last heeft van scrupules als het gaat om dierenmishandeling en andere narigheid……

Na opnieuw een zeer lange adem bij al deze problematiek treft het inzicht me dat ik echt niet goed bezig ben. Vorig jaar heb ik een aantal mensen de wacht aangezegd, die eindeloos tegen me aan zaten te kwaken over hun ellende. Iets dat ikzelf niet doe. Ik sta het mezelf niet toe! Het is gewoon weinig verheffend om chronisch te mekkeren. Ik heb genoeg te zeuren, dat wel, maar ik wil het niet.

Waarom lukt het me dan niet om anderen de mond te snoeren als ze me doorzagen met hun gehuilebalk? Waarom laat ik volstrekt gezonde mensen met een geweldig leuk leven zo parasiteren op mijn beperkte energie?

Gisterenavond realiseer ik me weer dat ik er geen last van heb als ik in mijn heksengedaante sta. Als de Godin in me doorschemert is er niets aan de hand, die bron is eindeloos. Pas als ik op persoonlijke titel willekeurige getroebleerde mensen ga lopen steunen gaat het mis……

Dus als je aan mijn kop wilt komen zaniken over je ellende: Maak een afspraak voor een  ouderwetse paranormale behandeling! Je moet daar wel voor betalen, zo schiet ik er zelf ook nog wat mee op. Bovendien werkt zo’n behandeling beter als er voor wordt geschokt heb ik lang geleden al ontdekt…….

‘Kom maar hier, panter,’ zeg ik wat later tegen mijn boerenridder. Ee Zwarte heeft zich tegen mijn heksenhanden genesteld. Sinds zijn avontuur in het museum heeft hij last van zijn buik. Het gaat wel steeds beter, maar het rommelt nog steeds. Daarom zoekt hij elke avond mijn gouden handjes.

‘Godin, geeft die jongen je gulden liefde,’ terwijl ik het in mezelf reciteer voel ik mijn handen kloppen. Ikzelf stroom ook vol met haar geweldige oerkracht….

De Vader heeft de wereld dan misschien geschapen, maar de Godin heeft haar gebaard. We zijn allemaal uit haar voortgekomen. Pas als het vrouwelijke weer wordt gerespecteerd is er hoop voor de wereld. Voorlopig proberen we echter onze grote Moeder te vernietigen.

Grappig eigenlijk, want dat is onmogelijk. De kans is veel groter, dat wij, miezemuizige mensenkinderen, eraan gaan! Zelfs al explodeert de aarde: Het heelal blijft nog wel even bestaan!

Remove pain an offer well-being? Ja graag. Vanuit mijn goddelijke bron. Mijn hart.

edf24c238eb4f956965fd39a750b07f1

 

Heks en Joy gaan samen op stap. Met zeven katten naar de dierenarts: Een hele uitdaging! En een leuk uitje bovendien! Volgende keer gaan we een dagje naar het strand……..

Vrijdagavond vlak voor Sinterklaas begin ik me toch een beetje zorgen te maken. De buurvrouw is ziek en we zouden samen naar de dierenarts gaan. ‘Ik ga morgen met ALLE katten naar Ranzijn voor vaccinatie, zin om mee te gaan?’ sms ik mijn grote kattenvriendin Joy.

Misschien heeft ze tijd. Het is natuurlijk een raar weekend. Half Nederland zit met zijn handen in de papier maché of kledderige ontbijtkoek in een poging een dierbare goed te grazen te nemen. Of te verrassen. Met een  listige surprise…….

Binnen een paar minuten krijg ik uitsluitsel. Mijn maatje gaat graag mee! ‘Ik ben om kwart voor 11 bij je,’ schrijft ze, ‘en ik neem een extra vervoersmand mee!’ Hoera! Alle problemen opgelost.

Dinsdagavond zie ik een item op televisie voorbij komen, waarin wordt gewaarschuwd voor kattenziekte. Er is een grote uitbraak in Alphen aan de Rijn en nog een paar Nederlandse gemeenten. Help! Alphen is vrij dichtbij! ‘Het is superbesmettelijk en in bijna alle gevallen dodelijk,’ de presentatrice kijkt omfloerst de camera in, ‘dus als je katten niet zijn ingeënt lopen ze direct gevaar. Ook binnenkatten….’

Ik heb mijn katten al zeker twee jaar niet laten vaccineren. Na vijfentwintig jaar nutteloos geprik. De kosten zijn zo gigantisch hoog geworden de laatste jaren. Minimaal zo rond de vijftig euro per kat bij de lokale en regionale dierenartsen….. Ook is mijn kattengezin nogal uitgedijd. Alles bij elkaar is het niet meer op te hoesten.

Vorig jaar ontdekte ik echter dat je bij tuincentrum ‘Ranzijn’ voor veel minder geld terecht kunt. Alleen moest ik dan wel helmaal naar Aalsmeer met de hele beestenbende. In Leiderdorp hadden ze die service nog niet. ‘Komend najaar komt er hier ook een dierenarts,’ vertelde een medewerkster van het volledig in renovatie zijnde bedrijf me dit voorjaar, ‘Nog eventjes geduld!’

Zodoende zit Heks donderdagmorgen op internet te kijken of de dierendokter zich al heeft gevestigd op deze groene locatie. En wat een toeval! Laten ze nu juist vandaag open gaan! Ik bel hen op en maak direct een afspraak. Misschien ben ik wel de eerste klant!

Zaterdagochtend meldt mijn vriendin zich bijtijds. We drinken koffie en gaan daarna direct aan de slag. Alle katten moeten in de diverse manden. ‘Hoe had je het gedacht Heks?’ Joy kijkt me vragend aan. Ik zet mijn plan uiteen.

‘Snuitje in de kleine plastic box, Leonoor in de rieten mand en Ferguut in die grote stoffen tas. Zij moeten alledrie bij voorkeur in hun eentje worden vervoerd. De boskat kan met zusje Aafje in die grote kattenbench van de buurvrouw. En Bolster kan met zijn moeder in de bench van Ys. Eh VikThor.’

We vangen kat na kat en stoppen ze in de juiste mand. Alleen Bolster is nergens te bekennen. Op zijn vaste verstopplekjes is hij niet te vinden. Ook houdt hij zich muisstil. Hij voelt nattigheid.

Na een goed kwartier ontdek ik hem in een piepklein hoekje achter de bank en de gordijnen. Snel grijp ik hem in zijn nekvel. ‘Jij ontsnapt me niet meer, kleine puntneus,’ mopper ik op de Benjamin van het gezelschap. Ik laat hem in de bench zakken. Zo. Klaar. Inladen en wegwezen!

We sjouwen een paar keer de trap op en af. VikThor staat bovenaan in de aanslag om mee te gaan. ‘Kunnen we hem niet beter thuislaten?’ pleit Joy, ‘Het lijkt me nogal onhandig als hij ons voor de voeten gaat lopen.’ Tja, ze heeft gelijk, maar ik neem hem toch liever mee. ‘Zo onhandig!’ roept Joy, ‘En hij heeft er toch niet veel aan. We hebben geen tijd om te wandelen of spelen.’

‘Ja, maar hij wordt wel geestelijk afgebeuld. En dat is ook belangrijk,’ ik kijk mijn vriendin aan, ‘anders moet ik direct weer aan de bak met hem als we terugkomen van de dierenarts. En dan ben ik helemaal af en klaar. Dan moet ik eigenlijk een paar uur plat.’

Ik heb het nog niet gezegd of Joy belt haar vent. ‘Heb je zin om op VikThor te passen?’ Vijf minuten later gooien we mijn hondje bij hem naar binnen. Hij gaat lekker met hem wandelen!

‘Miauw, miauw,’ klinkt het in de achterbak van mijn piepkuiken, ‘Maauwwwww, mrwwaauuuwww’. Bolster voert het hoogste woord, maar ook de boskat laat zich gelden. De enige die we helemaal niet horen is de Zwarte Panter. Hij houdt zich gedeisd.

‘Ik reed een keer op een mooie zomerse dag met zo’n vier katten en Ysbrandt richting dierenarts. M’n monsters zaten te miauwen als gekken en mijn raampje stond open, dus mensen op straat hoorden dat kabaal. Maar als ze keken zagen ze die lieve hondenkop van Ys boven de achterbank uitsteken. Veel verbaasde gezichten, joh’. We giechelen.

We hobbelen rustig de stad uit. Oh wat is het toch altijd gezellig met Joy. Vanaf dag 1 is dat zo geweest. En ook vandaag is geen uitzondering.

Bij het tuincentrum laden we alle manden op een paar winkelwagens. In karavaan gaan we op zoek naar de net geopende dierenartsenpraktijk. Het is druk in het net verbouwde bedrijf. Je kunt over de hoofden lopen, ware het niet dat ze zich allemaal verbaasd omdraaien om naar deze miauwende optocht te kijken.  Alsof de zon doorbreekt vormt zich een lach op menig gezicht: Wat leuk, poesjes!

We moeten het halve bedrijf door, policy om aan zoveel mogelijk begeerlijke producten te worden blootgesteld: Heks is min of meer opgegroeid in een dergelijk bedrijf, ik ken de sneaky methoden om klanten tot kopen te verleiden van haver tot gort! We kijken nergens naar. Heks is hartstikke blut. Ze kan nog net het komende consult ophoesten!

‘Het ziet er wel mooi uit, Joy. Jeetje wat is het hier opgeknapt! Moet je kijken hoe hoog de kassen zijn! Wat een ruimte……. Echt prachtig!’

Bij de dierenarts worden we vriendelijk verwelkomt. Alle katten worden ingevoerd in het systeem. Een charmante jonge vrouw neemt ons mee naar een spiksplinternieuwe praktijkruimte. Enigszins moeizaam staat ze ons te woord. Haar Nederlands is gebrekkig, ze is overduidelijk een importarts. Later ontdek ik dat er vier  dierenartsen tegelijkertijd werkzaam zijn. Ook Nederlandse.

Zodra ze echter de dieren in haar handen krijgt is er geen gebrekkigheid meer te bekennen. Geroutineerd wordt dier na dier onderzocht. ‘Hopla’, vakkundig prikt ze een stevige cocktail antistoffen bij mijn schatjes naar binnen. Niesziekte en kattenziekte zijn vanaf nu weer kansloos in Huize Heks. Wat een opluchting!

Intussen kwebbelt Heks over de familiaire verhoudingen in haar kattengezin. ‘Ze zijn allemaal familie van elkaar,’ Joy grijnst me toe, haar kat Siep is ook familie van al mijn beestjes!

‘Kijk, dit is Bolster,’ we beginnen met de Benjamin, ‘Hij is de kleinzoon van Snuitje en Ferguut, de zoon van Pippi en de boskat en die lap en die rooie zijn zijn tantes…..’

Na Bolster volgt Pippi. Dan Snuitje, Ferguut en de lap. Ze laten zich gemakkelijk pakken en bepotelen. Bij het onderzoek echter knorren ze zo hard dat de arts het hartje niet kan horen. We moeten erom lachen. Gekke beesten. Zien ze het soms als een leuk uitje?

Katten snorren ook in stresssituaties. Zo gek is hun gedrag dus niet. Maar grappig blijft het.

Tot slot halen we ThayThay en Aafje uit de bench. De grote boskat blijkt toch slechts 5.5 kilo te wegen. Heks wist het wel, maar het blijft vreemd, gezien zijn omvang. Deze enorme haarbal is ook al zo gezond als een vis. ‘Mijn eerste kat woog ruim negen kilo. En dan was hij echt niet dik, ik hield hem strak in het voer. Nadat ik een aantal maanden op wereldreis was geweest had hij een heel klein hoofd gekregen……’

Verbaasde blik van de dierenarts. Misschien begrijpt ze geen jota van het verhaal. Toch klets ik vrolijk verder.’Bleek de buurman hem zoveel eten te hebben gegeven als hij maar wilde: Kat Koe woog opeens ruim twaalf kilo! Een grote berg witte kat met een stippelkopje erop. Hilarisch, maar niet gezond. Hahaha….’ Ik moet nog lachen als ik eraan terug denk. Koe was toch zo’n fantastisch bakbeest. Elke nacht sliep hij boven op mijn hoofd. 18 jaar lang. Ik mis hem nog steeds.

Na een klein uur zijn alle katten gewogen, gecheckt en gevaccineerd. We kunnen weer naar huis!

Opnieuw loopt de kattenkaravaan door het tot spiksplinternieuw verbouwde tuincentrum te paraderen. ‘Ik moet nog een nepplant scoren, lieve Heks, hebben we daar tijd voor?’ We hebben helemaal geen haast, dus we kachelen richting zijdebloemen. Wat een leuk uitje! Op stap met alle katten! ‘Miauw, miauw, mrauwwwwww…..’, zingen onze reisgenoten in koor.

Twee kleine tekkeltjes komen aangestormd. De kleinste in een rolstoel. Vol verbazing observeren ze mijn monsters. Ze draaien aan alle kanten om de hete brei, volledig gefascineerd. Mijn kleine katachtigen zijn niet onder de indruk, gewend als ze zijn aan een blafbeest om zich heen. De eigenaresse van de tekkels ligt dubbel, wat een vertoning!

De zijdeplanten zijn ruk. Joy kan geen geschikt cadeautje vinden. ‘Ik heb jarenlang in de zijdebloemen gezeten. Mijn afdeling was wel tien keer zo groot als deze. Met veel meer keus!’ Postuum is Heks nog trots op haar uitgelezen afdeling namaakgroen van dertig jaar geleden. Zelfs al houdt ze zelf totaal niet van kunstbloemen en -planten. Zo lelijk!

We wurmen ons langs de kassa. Nog niet zo gemakkelijk met zoveel bagage. Alle katten worden weer in de auto geladen. Al miauwend rijden we de stad weer in. VikThor wordt opgehaald. Die heeft ruim twee uur lopen rennen en spelen. Ideaal.

Eenmaal thuis kruipen alle katten snel op een lekker warm veilig plekje. Behalve de panter. Die smeert hem direct. Eerst eventjes door de buurt paraderen met z’n mooie nieuwe vaccinaties……

Heks kruipt in haar bed.

Een paar uur lig ik bewegingsloos uit te puffen. Mijn lijf is toch zo slecht. Ik dwing mezelf tot bewegen. Projecten zoals vandaag zijn eigenlijk helemaal niet haalbaar. Lig ik weer uren te creperen van de pijn. Goddank is Joy mee geweest. Zo gezellig! En zo is het toch allemaal goed verlopen!

’s Avonds zit ik met al mijn beesten in de woonkamer. Ik voel me opgelucht. Het idee al mijn diertjes te verliezen aan zoiets ellendigs als kattenziekte is te afschuwelijk: Daar hoef ik me voorlopig geen zorgen om te maken. Mijn kattenbende is safe!

 

 

 

Kattenperikelen: Een panter in het nauw maakt rare sprongen! Gelukkig in een volstrekt LEEG museum. Je moet er niet aan denken dat de collectie van dit instituut, tenen op sterk water bijvoorbeeld, s’nachts tot leven zou komen…..

Katten! Teringlijers zijn het. Als ze ergens de pest over inhebben smeren ze em zonder met hun grote groene ogen te knipperen. Dagen- weken-, soms maandenlang laten ze je lijden doordat je hen nergens kunt vinden. En als ze dan opduiken zijn ze alles behalve dankbaar. Moet je weer op je knieën om hun affectie binnen te vissen…….

Snuitje is nog maar net een beetje bijgetrokken van haar avonturen of de panter is alweer zoek. Ik probeer mijn zwerver weer een beetje te domesticeren. Dus met enige regelmaat zorg ik dat hij binnen slaapt. Thuis wel te verstaan. In Huize Heks.

Het liefst ligt hij dan gezellig in mijn heksenbed. Maar de laatste weken bonjour ik hem eruit. Snuitje heeft het rijk alleen, want zij moet aansterken. Een grote bak voer staat permanent naast haar kleine uitgemergelde kattenkopje en gedurende de nacht peuzelt ze zo’n hele bak weg! Niet echter als de panter ons bed deelt, binnen vijf minuten maakt hij die hele bak vreten soldaat.

Dus slaapt de dolende ridder op de vensterbank in de keuken. Lekker boven de verwarming. Maar ook: Temidden van andere katten. Dat laatste vindt hij dan weer beduidend minder. Hoewel ze hem volledig met rust laten. Hij is een enorme loner. Het liefst in zijn uppie. Buiten. Of met Heks.

Waar is mijn zwarte bakbeest? Heks loopt alweer dagen te zoeken.

‘Ik heb hem woensdag nog gezien,’ beweert mijn buurvrouw, ‘Hij zat in de hal en liep met mij mee naar buiten.’ Heks heeft hem dinsdagmorgen voor het laatst gezien. Op zich niet dramatisch lang geleden, panter is wel eens vaker enige dagen op stap. In de lente. Als het lekker weer is. Als de rudimentaire restanten van zijn gecastreerde klokkenspel opspelen. De castratie heeft in zijn geval nauwelijks effect gehad. Hij is nog steeds zeer uithuizig.

Maar met dit weer, die afschuwelijke regen en kou? Zit hij soms ergens in een keldertje opgesloten? Hij ruikt soms wat schimmelig als hij een nachtje is weggebleven. Wie weet waar hij schuilt?

Zoals altijd als Ferguut in de problemen raakt voel ik het op mijn klompen. Vanaf het eerste moment. Alsof hij een noodoproep doet! Zodoende loop ik al dagen door de buurt te struinen en te roepen. Ik blèr langdurig onder het raam van de vrouw die zich hem afgelopen zomer had toegeëigend. Ik gil door het hofje waar haar bejaarde moedertje woont. Verschrikte hoofden voor ramen, maar geen zwart monster…..

Zondagmorgen loop ik door de buurt met VikThor. Het eerste piesrondje. Ik wil graag naar de kerk, dus ik ben wat gehaast. ‘Ferguut’ roep ik door de steeg om de hoek. Belachelijk denk ik nog bij mezelf. Waar zou het beestje zich hier moeten verbergen? Achter een vuurdoorn? In die afvalbak? Zinloos gezoek. Hopeloos geroep.

©Toverheks.com

Plotseling hoor ik een tijger grauwen, een leeuw brullen, een panter miauwen. Geen twijfel mogelijk. Dit verbale geweld is afkomstig van mijn schatje, ik weet het zeker. Maar waar zit hij in godsnaam. Onrustig spurt ik door de steeg. VikThor verwoed snuffelend naast me. Die heeft zijn neus helemaal ontdekt!

Waar zit Ferguut? Ik kan hem nergens vinden…..

Na een paar sprintjes ontdek ik zijn verstopplek. Hij zit in het museum! Stevig opgesloten achter een dikke tijdelijke deur: Het museum wordt al sinds jaar en dag verbouwd. Afgelopen week waren ze weer bezig een gat in de muur te slaan om allerlei buizen door naar binnen te duwen. Vervolgens werd het gat vol water gepompt. Of de buizen. Een grote kraan tilde troep over het dak naar de binnenplaats……

Kortom: Levensgrote gevaren voor ondernemende katten, want een kat in het nauw maakt vreemde sprongen. Sinds woensdag schreeuw ik al in die ellendige bouwput hier in de steeg. Ik ben afgelopen zomer door het gebouw gedwaald, zonder toestemming overigens, volledig op eigen risico, op zoek naar Snuitje: Alle vloeren liggen open, muren worden verplaatst of gesloopt, overal elektriciteitsdraden……

In mijn kop spelen zich de meest vreselijke taferelen af: Mijn kat ingemetseld in een eeuwenoude muur of opgesloten in het riool. Of geëlektrocuteerd door een loshangende draadje……… Geen medewerker van het museum die er wakker van ligt.

‘Wij hebben dag en nacht bewaking, als uw kat hier zit hadden wij hem allang gezien,’ zeiden ze afgelopen zomer toen ik Snuitje liep te zoeken, ‘Hier zit ze echt niet….’

Mooi zo. Ze hebben bewaking. Ook in het weekend. Heks belt het noodnummer, dat op de deur staat. Ook zoekt ze online naar het betreffende bedrijf. Die nemen de telefoon niet op en het noodnummer blijkt van iemand te zijn die nog nooit in het museum is geweest. Hij kent wel iemand die er werkt, een opzichter of iets dergelijks, dus die belt hij op. ‘Zoek het maar uit,’ adviseert die, ‘Morgen ben je de eerste.’

Ook de politie en dierenambulance hebben weinig interesse in een opgesloten kat. Mijn buurvrouw is ook aan het bellen geslagen, groot dierenvriend als ze is. ‘Ze komen niet hoor, Heks,’ verontwaardigd kijkt ze me aan. Heks heeft intussen het gebouw aan een grondig onderzoek onderworpen.

©Toverheks.com

Plotseling klinkt er een akelig geschater door de steeg. De zon verduistert. De hemel wordt zwart als de nacht……

Een fladderende gedaante vliegt door de lucht op een bezemsteel. Na een ijzingwekkende looping rondom de kerktoren ploft er een hoop vodden op de stoep. Een grote neus prikt onder een enorme zwarte heksenhoed vandaan. We staan we aan de grond genageld. Verstijfd van schrik……

‘Wat staan jullie nu stom te kijken? Nog nooit een echte toverheks gezien? Ik weet dat ik moeders mooiste niet ben, maar ach. In de nacht zijn alle katjes grauw, dus waar hebben we het over?’

Met een stevige tik breekt een klein ruitje in de ruimte naast de voordeur in duizend stukjes. Wie heeft daar nu een klap met een koevoet tegenaan gegeven? Welke engel staat daar met een bakje voer te zwaaien totdat er een roofridder tussen de scherven door naar buiten sluipt? Geen idee. Het is een groot wonder en bepaald niet voor de kat zijn kont gedaan!

Zit je nu als een kat om de hete brij te draaien? Maak dat toch de kat wijs, Heks!

De flodderige figuur veegt het glas weg met haar bezem en roetsjjjj….. ze is er alweer vandoor! Met een grote zwarte kater achterop haar vervoersmiddel. Krijsend verdwijnt ze aan de einder!

Zo is de panter veilig thuis. Je moet het breekijzer smeden als het heet is, dat is wel duidelijk.

Als bedankje poept hij in mijn bed. De teringlijer. Een dikke drol wacht me op als ik terug kom van een wandeling met mijn hondje en Fiederelsje. De lucht slaat me al tegemoet in het portaal.

Een dag later is het ruitje alweer gerepareerd, alsof er nooit een kat in dit vreemde pakhuis heeft gezeten…… Hopelijk houdt het raampje nu een tijdje en is het geen kat in de zak. En hopelijk komt niemand verhaal halen , want daar komt de zwarte kat in….. 

Night at the MuseumNight at the Museum

Eindelijk is het dan drie uur! We kunnen gaan kijken of de aanloopkat in de Kooij mijn wegloopkat is. Is ze werkelijk in een rechte lijn via de Haarlemmerstraat de stad uit gevlucht? Het lijkt er wel op!

 

Deze foto kreeg ik toegestuurd per sms. Of dit Snuitje is? Nauwelijks te zien, maar onmiskenbaar!

Snuitje poster

Zaterdag 22 oktober krijg ik plotseling bericht dat mijn kat Snuitje bij een paar studenten in de woonkamer zit. Aanvankelijk geloof ik mijn oren niet. Tot nu toe zijn dergelijke berichten nergens op uitgedraaid. Ook is mijn schatje al vanaf 25 juli zoek. Erg lang voor een piepklein poesje op leeftijd. Het zal wel weer loos alarm zijn. Toch ga ik achter de tip aan. Natuurlijk. Je weet maar nooit.

Het is een rare dag, die zaterdag. Eerst haal ik een nat pak, omdat mijn pup in de gracht springt. Daarna moet ik me een ongeluk haasten om droog en wel om drie uur op de stoep te staan bij de studenten.

ENORM UITVERGROOT ZIE JE HET IETS BETER……

Ik stuur een berichtje aan Joy en Boy, mijn grote kattenvrienden. ‘Snuitje is waarschijnlijk terecht. Ik ga vanmiddag kijken of zij het is!’  Dit onvolprezen liefdespaar heeft me enorm geholpen met het zoeken naar Snuitje. Toen ik zelf te druk was met mijn stervende hondje bleef dit stel onverminderd actief speuren naar mijn weglopertje. Overal in de stad hingen zij posters op. Hele straten werden geflyerd…….Ze gluurden door ramen en luiken. Gingen achter elke tip aan…..

Om half drie staan ze voor mijn neus. Ze gaan natuurlijk met me mee! VikThor wordt in de fietskar geladen. Zijn oude behuizing, een katten vervoersmand hangt schoon aan mijn stuur. Daar kan Snuitertje straks in. Als ze het is…..

“Ik ben hartstikke zenuwachtig,’ verwoordt Joy mijn gevoel. We zijn al zo vaak teleurgesteld. Bovendien: Zo’n oud katje, zo lang van huis! Niet gewend aan het buitenleven. Als ze het is, hoe zal ze er aan toe zijn?

In colonne fietsen we de stad uit. Hobeldebobbel langs de Oude Vest richting Haven. Onder de Zijlpoort door over de Singel en in een rechte lijn de Lage Rijndijk op. Tot vlak voor de Spanjaardsbrug.

Hier moeten we zijn. Ergens in deze huizen zit een kat, die verdacht veel op de mijne lijkt. Ik bekijk de gevel. Het opgegeven adres is op de eerste verdieping. Het is tegen drieën. We bellen aan.

Er gebeurt helemaal niets. De deur gaat niet open. Het huis oogt uitgestorven.

Een buurman komt aangelopen. Een oudere jongere zo te zien met wortels in de gabber sien. Hij kent dat katje wel. ‘Ze loopt hier al maanden te miauwen. Je kunt haar heel gemakkelijk over haar buikje aaien, ze gaat er helemaal voor liggen. Die student ligt vast nog in zijn bed…….’

Eindelijk thuis en dan is er die vreemde hond! En waar is Ysbrandt eigenlijk!?

Een buurvrouw voegt zich bij ons. Een vrijgezelle tante met haar op bovenlip en tanden. Ze sjouwt een grote tas boodschappen naar binnen. ‘Ja, die kat is duidelijk verdwaald. Ik heb de dierenambulance een keer gebeld. Maar die zijn niet geweest……’

Wat een verhalen toch weer. Maandenlang miauwen in een paar ienieminituintjes! Hoe is het nu mogelijk dat niemand die kat gewoon een keertje bij het asiel op een chip heeft laten checken? Of eventje heeft gekeken op de site van Amivedi of Mijn dier is zoek? Daar stond mijn schatje levensgroot als vermist geregistreerd. Met een goed lijkende foto!

‘Ik ga toch eventjes aan de achterkant kijken of ik dat gevonden katje in een tuin zie zitten. Of op het balkon bij die studenten…..’ zegt mijn vriendin. Samen met haar liefje spoeden ze zich achterom een brandgang in. Ik blijf verwoed naar de gesloten voordeur staren.

Mijn magische blik lijkt te werken, want plotseling zwaait de deur open. Een frisgewassen jongeman lacht me vriendelijk toe. ‘U bent de dame van de kat. Nou, ik hoop dat het Snuitje is, want ze moet echt  hoognodig naar haar eigen huis. Ze kan helemaal niet overweg met mijn eigen kat. Die zit uit frustratie op het balkon!’

Joy

Ik snel achter hem aan de trap op. Waarschijnlijk brabbel ik iets terug, maar ik zou niet weten wat precies. Ik wil alleen maar naar mijn kat. Als het haar is. Nu. Eindelijk!

Bovenaan de trap is een halletje. En daar komt me een piepklein poesje tegemoet lopen. Ongeveer de helft van Snuitje. Maar het is Snuitje! Echt waar. Er is alleen niet zoveel van haar over…..

Ik pak haar verrukt op, geef haar een knuffel en probeer haar in de vervoersmand te stoppen. Intussen zijn Joy en Boy ook boven gekomen. Hun teleurstelling dat de Cyperse kat op het balkon van de studenten Snuitje niet is, dat het dus weer loos alarm is, maakt plaats voor vreugde. Mijn net hervonden kat ontsnapt in de consternatie en ik moet flink achter haar aan om haar weer te pakken te krijgen.

Ondankbare monsters zijn het toch. Katten. Zo ook deze: Helemaal niet blij om me te zien. Totaal niet geïnteresseerd om naar huis te gaan……

Niet veel later fietst de karavaan weer richting binnenstad. Joy haalt onderweg een taartje voor de heren studenten en voegt zich later weer bij ons. Thuisgekomen komt dochter Pippi direct kijken. Hoera! Moeders is weer terug. Liefdevol geeft ze haar kopjes en likjes. De rest van de katten volgt. Om de beurt koekeloeren ze naar dit magere scharminkeltje. Natuurlijk herkennen ze haar. Maar ze vinden het toch raar. Echt waar.

Het heeft heel wat voeten in de aarde om mijn ouwetje er weer bovenop te krijgen. Een infuus bij de dierenarts. Speciale verrijkte voeding, want ze is eenderde van haar gewicht kwijt. Heel veel rust en speciale aandacht…….

‘Ik voer haar met een theelepeltje. Dat vindt ze fijn. De eerste dagen kreeg ik er bijna niets in. Haar darmpjes lagen helemaal stil. Er zaten een paar keiharde versteende keuteltjes in. Gelukkig is de boel nu weer op gang gekomen. Maar we zijn er nog niet. Ze is nog helemaal niet de oude,’ vertel ik Steenvrouw, als ze bij Snuitje komt kijken.

Ook Trui brengt een bezoekje. Ze was tenslotte bij de geboorte van mijn ouwe kattekop. Haar kat Loetje is namelijk de moeder van Snuit.

En gaat ze het redden? Komt ze er bovenop?

Volgens de dierenarts is ze zo gezond als een vis. Geen gekke dingen. Alleen volledig uitgedroogd en ondervoed…..

Boy

Gek toch dat mensen mijn moeilijk benaderbare panter altijd eten willen geven, terwijl hij er gezond en doorvoed uitziet. Moeiteloos scoort hij muizen en andere kleine beestjes als lunch en tussendoortje. Toch was er laatst weer een buurvrouw die hem zonder zich af te vragen of het beest daadwerkelijk een zwerver is in de kost heeft genomen. Ik heb haar moeten bezweren om ermee op te houden. Op straffe van een bezoek van de wijkagent!

Maar mijn zeer toegankelijke binnenkat Snuitje, oud en uitgemergeld, niet gewend op muizen en vogels te jagen, volledig ondervoed en uitgedroogd…. Geen mens die op het idee kwam om haar te helpen. Maandenlang moest ze zich maar zien te redden. Haar scharminkelige lijfje getuigt hiervan.

Uiteindelijk heeft ze zich permanent toegang verschaft tot het huis van de studenten. Pas zeer recent. En die hebben toen bij toeval een poster zien hangen in de stad. Opgehangen door mijn vrienden. In hun eindeloze ijver om Snuitje thuis te brengen.

Deze week zit ik in de keuken met al mijn katten. Zelfs de panter is van de partij. VikThor stuitert er vrolijk tussendoor. Ik voel Ysbrandts geestige snuit duwen tegen mijn kuiten…… Eindelijk voelt het weer compleet hier in Huize Heks!

en een hele blije Heks


 

 

 

Een SCHREEUW om aandacht: De stuwende factor achter de meeste leugens en manipulaties. Dr.Phil heeft weer een hele klus aan het confronteren van zo’n pathologisch leugenaar. Leven in het teken van verkrijgen van aandacht is iets heel anders dan leven in aandacht….

Vanmorgen word ik vroeger wakker dan gewenst. Ik wil uitslapen! Helaas denkt mijn bioritme er anders over. Gelaten ga ik koffie zetten en een smerig glutenvrij broodje roosteren. Laatste verbrandt omdat ik niet op sta te letten. Oh jee. Weer zo’n dag dag dat alles mis gaat? Al dagenlang heb ik extreem veel last van de zwaartekracht. Alles valt bij voortduring op de grond, inclusief ikzelf.

Ook de fijne motoriek laat te wensen en over. Als ik probeer te koken snijd ik bijkans mijn duimen eraf. Eerst de rechter en een paar dagen later de linker. Zodoende zitten intussen beide exemplaren stevig ingepakt in een laag pleisters.

Slaapdronken knuffel ik met mijn beesten. Goedemorgen allemaal! Zoals altijd zijn ze blij dat ik weer wakker ben. Vooral mijn kleine Varkentje! Ik loop rammelend met een pak brokjes naar de hal. Overal springen katachtigen tevoorschijn. Boskat geeft zoals altijd eerst Panter een oplawaai. Die is niet onder de indruk. Die ouwe zwerver is dan ook ongeveer twee keer zo groot, drie keer zo sterk en honderd keer zo wereldwijs…….

Met een kopje koffie nestel ik me voor de televisie. Eerst maar eens rustig wakker worden met Dr.Phil op de achtergrond. Tegelijkertijd check ik mijn mail, Facebookaccount en de statistieken van dit blog. Ze vliegen de pan uit de laatste tijd! Weer veel lezers uit de Verenigde Staten. Mysterieus….

Onze TV-goeroe heeft een vrouw te gast, die het wereldnieuws heeft gehaald door kanker te faken. Ze wilde aandacht! Veertien hele maanden heeft ze iedereen een rad voor ogen gedraaid. Wat mij in vijfentwintig jaar niet is gelukt kreeg zij in no time voor elkaar: Er werd geld ingezameld, een website voor haar gestart, vriendinnen schoren massaal uit solidariteit hun kop kaal…… De dames lieten zelfs een tatoeage zetten ter ere van hun stervende maatje!

Kortom: Ze werd bedolven onder aandacht, liefde, geld en compassie. Totdat de leugen uitkwam. Toen kreeg ze nog steeds veel aandacht, dus in dat opzicht ging ze er niet op achteruit. Alleen was het niet meer het soort aandacht waar ze op zat te wachten.

Phil praat geduldig met de vrouw. Het is weer shocking om te zien hoezeer deze verknipte persoon zich nauwelijks bewust is van wat ze heeft aangericht. Ze baalt natuurlijk wel dat ze betrapt is en schaamt zich voor het gebeurde, maar ik mis in haar verhaal ook maar enige empathie met de mensen, die ze heeft gekwetst.

Dat valt de onze televisietherapeut ook op. Hij zaagt haar grondig door over dit gebrek. Mondjesmaat dringt er iets van zijn betoog door tot haar reptielenbrein. Maar zelfs als haar vroegere boezemvriendin erbij wordt gehaald blijven de spijtbetuigingen magertjes.

De hartsvriendin is een prachtige warme vrouw met een stralende lach. Ze haat haar leugenachtige gewezen vriendin niet eens. Ze heeft mededogen: ‘Hoe eenzaam moet je zijn om zoiets overhoop te halen?’

Heks is ook wel eens bijzonder eenzaam. (En ik ben wel degelijk ziek.) Ik denk dan ook niet dat het hieraan ligt dat iemand zoiets doet. Het is anders. Er zijn mensen wiens leven in het teken staat van aandacht trekken. Ze zullen gewoonweg alles doen om het te krijgen.

Het zijn de mensen, die met droge ogen hun partner bedriegen. Of stiekem met de man van hun beste vriendin naar bed gaan. Een dodelijke ziekte veinzen is natuurlijk extreem. Maar het is niet wezenlijk anders dan allerlei andere domme leugens waaraan mensen zich bezoedelen om te krijgen wat ze willen.

Aandacht is toch zoiets raars.

Ooit was ik samen met Trueman en True op het filmfestival in Cannes pogend kunst te verkopen aan de filmindustrie. Het festival is een gigantische poppenkast met een absolute overdosis aan narcistische persoonlijkheden.

Op een avond stond ik te kijken naar al die beroemde acteurs en actrices, die heupwiegend over de rode loper een hoge trap afdaalden, terwijl ze massaal werden gefotografeerd en gefilmd.

Ook Trueman had zich helemaal naar voren gevochten met zijn enorme camera! Hij stond op de beste plek en dat was maar goed ook, want zijn vrouw True liep in een schitterende outfit tussen al die beroemdheden te paraderen! Zij had een kaartje voor een premiere gescoord! Het publiek dacht dat zij ook een filmster was….. Zo grappig!

Terwijl ik bijna onder de voet werd gelopen door drommen andere toeschouwers overviel mij het idee, dat al die zogenaamde filmsterren alleen maar konden stralen door de aandacht van ons, het gepeupel op de tribune…… Door ons applaus konden ze buigen. Door ons geschreeuw sloeg het ergens op om te wuiven….. Zonder ons zouden ze finaal voor lul lopen daar op die trappen!

Mensen doen alles voor aandacht. Ze verkopen hun ziel aan de duivel, als die maar onder hun kinnetje wil kietelen. Ze liegen en bedriegen voor aandacht. Ze gaan over lijken voor aandacht. Alles opgeofferd om maar bevestigd te krijgen door een ander dat je bestaat!

Leven in aandacht‘ zoals Thich Nhat Hanh het voorstaat gaat over een heel ander soort omgaan met het fenomeen aandacht. Niet het aandacht vragen, trekken, afdwingen, maar het geven van aandacht bevestigt je in het bestaan. Aandachtig in het hier en nu leven en aandachtig luisteren kan je leven veranderen.

Als je in aandacht liefde en compassie kunt generen is iedereen je partner. Hetgeen betekent, dat je empathie hebt met je medemens: Je zult hen zeker niet kwetsen met allerlei leugens……

De vrouw bij Phil is daar nog ver van verwijderd. Ze kan maar nauwelijks toegeven wat ze heeft aangericht. Ze schijnt vaker pathologisch te liegen, aldus de vriendin. Een hele nare eigenschap. Liegen en aandacht tekort lijken vaak hand in hand te gaan.

‘Je hebt het toch niet verzonnen? Het is toch wel echt waar?’ vroeg de vriendin dan ook, toen ze het verschrikkelijke nieuws van de vrouw hoorde. ‘Oh, wat kwets je me daarmee. Hoe durf je te denken dat ik over zoiets vreselijks zou liegen….!’ aldus de bedriegster…..

Heks heeft een broertje dood aan gelieg. Ik ben juist dwangmatig eerlijk. Ik ben dan ook geen partij voor bedriegers. Helaas heeft mijn onvermogen om te liegen me gevoelig gemaakt voor pathologische leugenaars: Het heeft zo lang geduurd voordat het überhaupt tot me door drong dat mensen zo kunnen liegen! En dat ze het doen!

Toch is liegen iets dat de meeste mensen bij voortduring doen. Mannen beduidend meer dan vrouwen. Ook liegen mannen over heel andere dingen dan vrouwen. Het lijkt me dodelijk vermoeiend om heel veel te liegen. Je moet het tenslotte ook allemaal onthouden!

Een tijdje geleden heb ik me verdiept in het ontmaskeren van leugenaars. Nog niet zo gemakkelijk! Toch valt uit verbale en non-verbale informatie wel degelijk één en ander af te lezen . Zo heb ik iemand eens betrapt op vreemdgaan. De verdediging bestond uit een aanval, waarbij de betrokken derde werd geobjectiveerd. ‘Ik heb dat mens nooit meer gezien, schreeuw, schreeuw, schreeuw…’ Kijk, dan weet je al hoe laat het is. Denk aan Bill Clintons ‘I did not have sexual relations with that woman.’

Ach ja, mensen liegen. De één heel wat meer dan de ander. Sommigen weten niet beter. Slecht een klein percentage van de mensen beweert nooit te liegen. Ik hoor daar niet bij ontdek ik net. Ik lieg namelijk net als zovele vrouwen over hoe ik me voel: Altijd prima, zelfs als het water me aan de lippen staat!

De Zwarte Klauw vergrijpt zich bijna aan Vredesduifje. Heks kan nog net voorkomen, dat we duivensoep eten vandaag. Op zich best lekker. En goed tegen de griep. Toch zie ik liever tien duiven in de lucht dan eentje in mijn heksenketel.

heks , kat, hond, wandelen, maan  ©Toverheks.com

Heks wandelt met Panter en Varkentje ©Toverheks.com

Gisterenavond loopt Heks zoals gebruikelijk een laatste rondje met Varkentje en Panter. De Zwarte Schaduw sluipt onder auto’s door en schiet als een schicht de steeg over. Hij rent door perkjes en klimt in bomen. ‘Kijk mij eens!’ mauwt hij uitdagend tegen die domme viervoeter, die daar niets van bakt. Dan zigzagt hij vlak voor mijn voeten langs. Plagerig tikt hij Ysbrandt tegen zijn grote hondenneus.

Op een gegeven moment sla ik een hoek om en ben hem kwijt. Dat gebeurt wel vaker. De Dolende Ridder doet nu eenmaal waar hij zin in heeft. De dagen dat hij met een kap op zijn kop aan de lijn liep zijn goddank voorbij. Het monster is weer zo vrij als een vogeltje!

Toch loop ik even terug en gluur de straat in. Fladderdefladder. Een duif doet pogingen op te stijgen, maar het lukt niet. Hij wordt achtervolgd door de Boerenridder. Hij heeft zijn grote zwarte klauwen al uitgestrekt. De duif weet weg te komen, maar er is duidelijk iets mis met het diertje…..

vogel aangevallen door een kat, bange vogel, help

Wat krijgen we nu> ©Toverheks.com

Ik trek een sprintje en weet Ferguut bij mijn vogelvriend weg te jagen. Gekwetst kijkt hij me aan met zijn grote groene zoeklampen. Ysbrandt is helemaal door het dolle. ‘Ik help je wel Ferguut!’ blaft hij enthousiast. Ik heb er mijn handen vol aan om mijn dierbaren in bedwang te houden. Ik grijp de Zwarte in zijn kraag en draag hem mee naar huis.

‘Sorry Duif. Ik kan even niets voor je betekenen. Thuis zitten nog zes van die griezels. Daar wil je vast niet mee naar toe…’

Eenmaal in mijn heksenhuisje op de bank bel ik de dierenambulance. Mijn telefoon doet raar. Ik kan de persoon aan de andere kant nauwelijks verstaan. Na een paar keer te zijn doorverbonden weet ik toch duidelijk te maken dat er een duif in nood verkeert. ‘Redden jullie ook duifjes?’

vogel aangevallen door een kat, bange vogel, help

Help, help, help!!!! ©Toverheks.com

De vrouw vertelt me dat ze dat op zich wel doen, maar alleen als ik hem vang en in een doos stop. Tja. Ook een manier om levens te redden. Gelukkig dat zoiets niet geldt voor ons mensen. Nog niet althans.

Ik weet de vrouw te overtuigen, dat een duif binnenhalen in Huize Heks geen goed idee is. Ik ben al blij, dat ik de Panter bijtijds bij het stomme dier heb weggesleurd. ‘Als er een medewerker toevallig in de buurt is gaan ze wel eventjes kijken,’ schuttert ze door. Dat is blijkbaar het hoogst haalbare, we moeten het er maar mee doen. Vannacht blijft Ferguut binnen in elk geval. Ik geef hem extra brokjes, zodat er geen vogel meer bij kan.

De natuur zijn gang laten gaan. Een duif meer of minder maakt toch niet uit? Eventueel het dier zelf de nek omdraaien. Een daad van genade…. Heks is er niet voor in de wieg gelegd. Natuurlijk is het hypocriet en belachelijk. Toch ben ik blij dat ik mijn kat niet zijn goddelijke gang heb laten gaan. Ik hoop dat dit arme vogelbeest het gered heeft!

zwarte kat, gevaarlijke kat,

HEHEHEh ©Toverheks.com