Hilarische verhalen: Van de wal in de sloot, de één zijn dood is de ander zijn brood, maar van een beetje water ga je niet dood. Je kunt je wel dood lachen. Heks doet een poging!

Vrijdagmiddag ga ik met mijn hondje op stap. Als ik de deur uit kom bots ik bijna op een boze buurman. Ik heb er twee. Allebei op mijn lip. Een laagbegaafde psychopaat en een doorgewinterde narcist. Goddank woont pal naast me een ongelofelijke lieve schat. Dat houdt het een beetje leefbaar hier.

De psychopaat houdt zich redelijk gedeisd, nadat ik een no tolerance beleid ben gaan voeren. Zodra hij me begint te bedreigen ren ik naar de politie. Al een paar keer gebeurd.

Ik houd hem scherp in de gaten. Hij voedt in zijn eentje een kind op. Het zou verboden moeten worden. Met enige regelmaat blèrt de kleine me door twee dikke spouwmuren en een trappenhuis heen wakker…… Omdat hij op zijn flikker krijgt? Het gegil en gekrijs raakt me tot op het bot.

De moeder, een hele lieve schat van een vrouw, is door de kinderbescherming buiten spel gezet. Lang leve de hulpverlening. De grootste engbekken werken voor dergelijke organisaties. In dit geval is er ook een draak van een vrouw verantwoordelijk voor alle ellende. Zogenaamd in het belang van het kind.

De vrouw heeft echter zo veel fouten gemaakt, dat blootlegging daarvan haar ongetwijfeld haar baan zou kosten. En misschien sancties zou opleveren. Dus liegt en bedriegt ze alles en iedereen om maar het deksel op de put te houden. Het klotewijf.

Heks ziet dit alles met lede ogen aan. Ik heb er van alles aan gedaan. Helaas heeft het niet geholpen. Weer een jong leven bij voorbaat naar de klote…..

Ik negeer die nare kerel dus en geef het kind stiekem een knipoog. Als de psychopaat dat zou zien krijg ik geheid een hengst. De ene keer beklaagt hij zich links en rechts, dat ik niks tegen zijn kleine zeg. Een dag later komt hij als een dolle stier achter me aan de berging in om me toe te schreeuwen, dat ik niet eens naar zijn kind mag kijken…….

Gekkenhuis.

Buiten staat een andere buurman juist bij Heks aan te bellen. ‘Ha, Heks, ik wilde eventjes bij je langskomen, wat jammer dat je net weg gaat….’

Ik zet mijn fiets dus maar weer binnen. Weer langs die enge, nare man. Vervolgens loop ik met Buurman en VikThor de stad in. Al snel lopen we geweldig te lachen en schreeuwen. Buurman heeft een uit de kluiten gewassen stemgeluid. Als ik ook nog iets te berde wil brengen moet ik dus enorm blèren.

Bij het eerste parkje laten we mijn ventje lekker rennen. Het is best warm, dus al snel loopt hij te hijgen. ‘Kom, we gaan naar het volgende park, daar kan hij zwemmen,’ stel ik voor. Even later springt VikThor bommetjes de gracht in. Buurman helpt hem uit het water. ‘Nergens voor nodig, Buur, hij kan er hier gemakkelijk zelf uit klimmen,’ zeg ik nog……

En dan: Plons! Voor mijn ogen zie ik buurman langzaam door zijn zwaartepunt heen vallen. Zijn gespierde buik fungeert niet bepaald als contragewicht. Volledig koppie onder gaat mijn oude vriend. Proestend komt hij weer boven drijven.

‘Hahahahahahaha,’ Heks rolt over de grond van het lachen, ‘Bijna op hetzelfde punt als ik drie jaar geleden…..’ Ook Heks heeft hier ooit in de gracht gelegen. Om haar pup te redden, toen hij op een plek in de gracht belandde, waar hij met geen mogelijkheid meer uit kon komen…… Alleen ging ik niet koppie onder…….

Ik help mijn vriend op de kant en probeer niet al te hard te lachen. Net als hij drie jaar terug, want hij was dan weer getuigen van mijn ter water lating destijds.

‘Lach maar, Heks,’ grinnikt Buurman. Druipend staat hij voor mijn neus. Hij diept zijn telefoon op uit zijn broekzak. Snel haal ik het ding uit de houder. Droog em af met mijn sjaal. Stop em in mijn droge tas…..

Evenzogoed is het ding overleden de volgende dag, hoor ik later. ‘Heb je em nog in een pak rijst gestopt? Of van die siliconen vochtvangers?’ informeer ik streng. Zo heb ik indertijd mijn toestel gered. ‘Dat had weinig zin meer, Heks, ik heb een nieuw toestel aangeschaft……’

Ja, dat is dan een prijzig staartje aan een prachtig verhaal. Een verhaal dat nog dagenlang lachgolven door mijn vriendenkring jaagt……

Waarom in de gracht plassen levensgevaarlijk kan zijn

Roeien met de theelepeltjes, die je hebt. Oost, West, krijg de pest. De pest er in heeft geen zin, Heks. Dus kom je tot niets, stap dan op je fiets. Die geweldige snelle elektrische fiets.

Heks zit weer in een lekkere periode van roeien zonder riemen, omdat je ze niet hebt. Heks heeft theelepeltjes tot haar beschikking. Om de drie dagen. De tussenliggende periode lig ik hoegenaamd stil.

Behalve als ik elektrisch rondfiets. Met mijn hondje, mijn zenmeester, mijn viervoetige vriend.

Idioot heet is het de afgelopen weken. Met tropische uitschieters en zwoele nachten. Heks ligt ’s middags in bed te wachten tot het een beetje afkoelt. Soms is het pas tegen zevenen enigszins te harden. Dan hang ik Vik’s kar achter mijn fiets. Stop mijn monster er in en hopla: Op naar het eerste beste parkje.

Daar laat ik mijn ventje zwemmen, totdat hij genoeg is afgekoeld om veilig de stad uit te komen. Op de warme geasfalteerde stukken zit mijn prinsje op zijn erwt in de hondenkar. Schaduwrijke stukken laat ik hem lekker rennen naast de fiets.

Bij het Valkenburgermeertje is het een drukte van belang. Dikke schommelende dames staan heupwiegend balletjes te gooien voor minuscule ratachtige hondjes. Een bolle lelijke kerel geeft me een grote bek, omdat zijn hond de bal niet uit het water wil halen. En mijn hondje wel. Ook het balletje van zijn hond.

Ik geef die afgekloven tennisbal dus maar weer terug aan dat stuk chagrijn. Met tegenzin. En een opmerking. Zijn vrouw glimlacht vergoelijkend, zoals een echte narcistenpartner betaamd. Snel maak ik me uit de voeten. Ik voel een scheldaanval  opkomen, zoals altijd tegenwoordig na een confrontatie met een rasnarcist.

Vlak voordat ik ervandoor ga schrik ik me een hoedje. In de verte komt een dame aanlopen met een grote hond. Ik denk eventjes dat het een oude vriendin betreft, die om onduidelijke redenen van de ene op de andere dag is afgehaakt. Maar nee. Het is een mij onbekende vrouw.

Als ik heel veel later op de terugweg weer langs het hondenstandje kom, staat de vrouw er nog steeds. We raken aan de praat, terwijl we eindeloos balletjes gooien voor onze honden.

En wat blijkt? We hebben op dezelfde lagere school gezeten. We kennen dezelfde mensen. Ze vertelt hoe ze haar hond van een jager heeft gekregen. ‘Hij was niet zo geschikt voor de jacht. Beet veel te hard in de aangeschoten dieren. Was bezitterig op zijn prooi. Toen ik hem kreeg was hij zo vals als wat. Altijd op zijn flikker gekregen. Echt heel zielig. Hij sliep in een schuur. Totaal niet gesocialiseerd….’

Ongelofelijk. Ik zie een prima gesocialiseerde hond, die uitstekend luistert en heel hard wil werken voor de baas……Dat heeft ze in no time voor elkaar gekregen! Slechts een paar jaar. ‘Het is een ouwe kerel, hoor. Hij is ruim negen.’

De dame naast me krijgt regelmatig afgeschoten wild van bevriende jagers. Het wordt op de juiste wijze geschoten. ‘Die jager van wie ik vaak iets krijg gaat rustig twintig keer terug om een bepaald dier te schieten. Hij moet hem goed op de korrel krijgen, zodat hij hem met 1 schot kan doden. Direct in de longen of het hart…..’

Zij slacht vervolgens die dieren. ‘Ik eet er zelf van en geef soms wat aan vrienden. Of ik nodig mensen op het eten…..’ ‘Wat doe je met de huiden?’ ‘Die gooi ik weg….’

Zo wisselen we dan adressen uit. Heks mag de huiden komen halen om trommels van te maken. Nou ja, een trommel. Dat is wat ik wil. Eentje voorlopig. Maar eens zien of dat lukt.

Op de valreep kom ik er achter, dat we nog een passie delen. Stenen! ‘Ik ben net terug uit de Sahara. Daar heb ik gezocht naar halfedelstenen. Er zijn allemaal oude mijnen, door de Fransen leeggeroofd en achtergelaten, waar lokale mensen met gevaar voor eigen leven in gaan. Ik doe dat niet , hoor. Dus ik vind ook niet de mooiste stenen…..’

‘Op een gegeven moment kwam ik in contact met een vader met zijn zoontje. Zij hadden allemaal halfedelstenen te koop. Maar hun prijs was belachelijk laag. Ze vroegen 500 dinar. Dus heb ik mijn gids gezegd te doen of hij hen niet begreep…..’

‘Dat vind die vrouw veel te duur, 5000 dinar. Ze wil er hooguit 4000 voor geven….. Hahahaha….’

Tevreden fiets ik naar huis. Wat een leuke ontmoeting. Wat een bijzonder medemens. En wie weet maak ik binnenkort wel zelf een prachtige drum. ‘Ik heb een ree voor je, maar hij ligt al een paar dagen in de warmte, dus hij stinkt wel heel erg….’ appt ze me later.

Nou, de volgende keer beter. Dit valt me nog een beetje rauw op mijn dak. Eerst maar eens zorgen, dat ik een heks vindt, die hier wat meer ervaring mee heeft. Zodat we lekker samen aan de gang kunnen met die huiden.