Scootmobiel in de sloot!!!!!! Een nieuwe lente en een nieuw geluid, maar dit liedje klinkt niet als gefluit, dat ik eens hoorde op een zomernacht. Nee: Heks raakt te water. Het bezorgt haar een grote kater.

Een aantal weken terug rijd ik mijmerend door het Leidse Hout. Het is er uitgestorven. Op mijn gemakje kar ik mijn rondje. Ik denk aan mijn blog, dat ik nooit meer schrijf. Dan waaien die gedachten weer uit mijn hoofd.

Het bos is schitterend mooi. Daslook ligt als wit fluweel gedrapeerd langs de bospaden. Bosanemoontjes en wilde hyacint bloeien er lustig op los. Vogeltjes kwinkeleren in het struweel……..

De hondjes draven vrolijk naast me. Freya tettert haar schelle blaf om mijn oren. Niet om aan te horen. Knettergek kun je ervan worden…..

Dan gaan we zwemmen, nou ja, de hondjes dan. In hun favoriete sloot. Heks gooit balletjes en de hondjes springen bommetjes. Het ene bommetje na het andere. VikThor fabriceert steeds een mooie boog, maar Freya prefereert de snoekduik.

God, wat heerlijk, zo eventjes in het bos met mijn woefies. Na een tijdje is het mooi geweest. Ik zet mijn scoot in zijn achteruit en draai het bospad weer op.

Mijn scoot is oud en ruim over de houdbaarheidsdatum. Hij heeft ruim 20.000 kilometer gelopen en krijgt een beetje kuren.

Zo schiet hij tegenwoordig met een noodvaart naar achteren. Heks schrikt zich dood. Ik sta opeens aan de rand van de sloot.

1 achterwiel staat op het bruggetje, 1 achterwiel staat naast het pad op de bosgrond en het voorwiel staat op midden op het bospad. Ik zet het apparaat weer in zijn vooruit en geef gas.

Mijn scooterdetoeter heeft nog een rare afwijking gekregen op zijn oude dag. Als ik gas naar voren geef, neemt hij eerst een sprongetje naar achteren. Niet elke keer, maar met enige regelmaat. Ongeveer op de manier, waarop VikThor in een sloot springt.

En ja hoor: Mijn scootmobiel springt naar achteren. Het wiel, dat op de bosgrond stond, komt boven het water te hangen. Even twijfelt het instabiele driewielige apparaat. Dan duikelt het overtuigend in slow motion zijdelings de sloot in. Met Heks en al!!!!!!

De hondjes blaffen enthousiast. De vrouw gaat ook een balletje halen! Wat leuk!

Ik zink als een baksteen met scoot en al. Zodra ik het water raak giert de adrenaline door mijn lijf.

Heks worstelt zich vliegensvlug uit haar trouwe karretje. In een reflex gooi ik alles, wat omhoog komt samen met het losgeschoten mandje, op de kant. Het mandje zinkt vervolgens en wordt definitief opgeslobberd door de modder. Goddank heb ik mijn sleutelbos er uit gered!

Ik klauter op de kant. Daar sta ik dan, druipend en wel in een godverlaten bos. De scoot rust op de bodem van de sloot. Duidelijk zichtbaar, want alle lampen zijn gaan branden. Het lijkt wel een buitenaards ruimteschip.

Ongetwijfeld vanwege de veiligheid. Zo ben je nog te vinden, als je met je apparaat in de gracht beland bijvoorbeeld…..

Ik ben doorweekt en modderig, maar mijn petje is nog droog. En mijn telefoon doet het nog! Dankzij mijn onvolprezen aftandse leren tasje. Goddank. Ik besluit het leasebedrijf te bellen. Die hebben een noodnummer.

‘Oh, wat vervelend voor u,’ zegt de monteur,’ maar ik krijg die scootmobiel nooit in mijn eentje uit die sloot. Bel maar met 112… De brandweer moet komen!’

Heks staat rillend en blubberig en druipend midden op het bospad. Het is koud. Ik ben nat. De scootmobiel ligt met alarmlampen aan in de sloot te seinen. 2 dames komen aansukkelen in keurige joggingpakjes. Hun haar en make up perfect op zijn plek. Ze lopen rakelings langs me heen en negeren me volkomen.

Ik ben perplex. Hoe is dat nu weer mogelijk?

Dan krijg ik de brandweer aan de telefoon. Ze komen er aan. ‘Loopt u maar naar de uitgang, zodat we u kunnen vinden….’

Het heeft nog wat voeten in de aarde, voordat de brandweermannen Heks in het vizier hebben. Maar dan lopen we in ganzenpas terug naar de rampsloot. 8 brandweermannen en een druipende Heks. Laatstgenoemde intussen voorzien van een laag warmhoudfolie.

‘U begrijpt toch wel, dat dit heel anders had kunnen aflopen,’ zegt de hoofbrandweerman tegen Heks. Hij lijkt erger geschrokken dan ik. ‘Als u anders terecht was gekomen, met dat apparaat op uw kop….’

8 man brandweer takelt mijn overleden scootje weer op de wal. Vervolgens rijden ze het apparaat naar de ingang. Daar zal het worden opgehaald door de leasemaatschappij.

‘Hoe gaat u naar huis?’ De opperbrandweerman kijkt me doordringend aan. Heks weet het niet. ‘Heeft u geen familie, die u kunt bellen?’ De vraag ontregelt me. Heks heeft geen familie. Althans niet van het soort, dat je komt helpen.

En mijn vrienden rijden doorgaans geen auto. Of ze wonen ver weg. Oh, ik kan het aan Joy vragen! Snel draai ik haar nummer.

‘Ik moet even wat kinderen gaan verzamelen, want die lopen buiten te spelen. Dan kan ik naar je toe komen,’ stelt ze me gerust. Maar het is al niet meer nodig. De opperbrandweerman heeft geregeld, dat ik word thuisgebracht door de politie. In een boevenbus!

Zo rijd ik dan stinkend en modderig mee met oom agent. Mijn hondjes zijn ook heel smerig. Ze hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om nat in de modder te gaan rollen. Pogingen van Heks om daar nog iets aan te doen zijn volledig mislukt….

Eenmaal thuis gaat alles uit en de wasmachine in. Ik poets de honden een beetje schoon. Heks zelf verdwijnt onder de douche. Zwarte stralen water verdwijnen in het putje.

‘Jeetje Heks, dat is toch niet slim van je om met zo’n defecte scootmobiel te blijven rijden,’ zegt iemand later tegen me, ‘Dat is ook een manier om voor jezelf te zorgen, daar iets aan doen…’

Ja, maar hij reed verder nog prima.

‘Ik heb precies hetzelfde gehad met de scootmobiel van mijn vrouw, ook een Trophy, net als de jouwe,’ vertelt mijn bloemenman me een aantal weken later, ‘Ik had het apparaat op de laadplank van mijn vrachtwagen gereden en de plank een paar meter omhoog laten gaan.’

‘Vervolgens wilde ik em mijn vrachtwagen inrijden, maar het onding ging met een sprong naar achteren. Ben ik ruggelings ruim anderhalve meter naar beneden gekukeld. Zo van die laadplank af. Op de stoep! Levensgevaarlijk!’

‘Oh, dat is inderdaad een bekend defect bij oudere apparaten. Dat gespring naar achteren. Dan moet het hele motorblok vervangen worden, dat is de enige oplossing..’ vertelt de monteur, die mijn nieuwe scoot komt afleveren.

Een hopeloos en stokoud kloteding overigens. Met allerlei kuren. Hij veert slecht, dus ik maak enorme klappers bij elke bobbel in de weg. Waardoor er dan weer gewrichten uit hun hypermobile kom schudden.

Hij wil vaak niet starten. Hij gaat moeizaam en zwaar de bochten door. Hij heeft een afwijking naar links. En…….. hij springt naar achteren, als ik een bruggetje op wil rijden.

Na weken gedoe en nog meer gedoe komt er nu toch een betere vervanging binnenkort. Ik kijk er enorm naar uit!

Het komt overigens best vaak voor, een scootmobiel te water. Kras heeft het ook meegemaakt. Als als ik het een keertje online opzoek sta ik echt te kijken van de hoeveelheden verzopen scootmobielen. Wauw!

Een nieuwe lente en nog steeds hetzelfde liedje. Niks geen gefluit, dat ik vaak hoorde voor een zomernacht in een oud stadje aan een watergracht……Heks is haar lange leven begonnen als Smurfin. In spin. Direct de bocht uit gevlogen.

Een nieuwe lente en nog steeds hetzelfde kutliedje. Zing eens iets anders, lief heksengrietje. Desnoods een toontje lager….. Voor het zingen de kerk uit eventueel, ook altijd een goed idee….. Ja. het leven valt niet mee, nee.

Vanmiddag heb ik dan de eerste sessie met mijn nieuwe behandelaar. De intake. De vrouw is een verademing. Ze hoort me en ziet me. Ze luistert en verstaat. Als ze dingen samenvat herken ik mezelf. Ook denk ik niet steeds ‘Ja, zal wel,’ omdat iemand stellig beweert iets te begrijpen, dat ik zelf niet eens snap….

‘Je probeert steeds dingen te begrijpen, daar merk ik aan, dat de trauma’s nog heel actueel zijn…’ zegt ze bijvoorbeeld in plaats van te beweren zelf alles helemaal in de smiezen te hebben.

Of ‘Je mag gewoon kwaad zijn, daar rust altijd zo’n taboe op. God, godin of goden vinden dat echt geen probleem, die woede. Het is zelfs zo, dat je veel beter contact krijgt met ‘boven’, als je je woede kunt voelen. Als het weer gaat stromen….. En je verdriet…. er zit ook heel veel verdriet….’

Gompie.

Een nieuwe lente en ik wil zo graag een nieuw geluid. Ik wil een lied, dat klinkt als gefluit in een zomernacht. In mijn oud stadje aan de watergracht. Ik wil zo graag!

Dan blies een jongen als een orgelpijp,
De klanken schudden in de lucht zo rijp
Als jonge kersen, wen een lentewind
In ’t bosje opgaat en zijn reis begint.

Maar elke keer val ik in mijn oude droeve groef. Eindeloos dreunt hetzelfde doffe deuntje in mijn houten heksenhersenpan. Schunnige scheldwoorden rollen als vette fluimen uit mijn meutige mond. Ik strooi mijn schele hoerenscheldlied in het rond. Terstond. Ik praat met mijn kont. Iedereen zijn vet. Het volle pond.

Zo dus.

Ja, zo.

Het kan ook anders, ik weet het. En ik heb nu eindelijk de hulp, die ik nodig heb. Van iemand, die mijn taal spreekt. ‘Ja, als je je navelstreng om je nek hebt bij geboorte, dan heb je er niet echt zin in. Je krijgt dan vanuit een andere dimensie nog een klein zetje het leven in….’ zegt ze naar aanleiding van het verhaal over mijn moeizame geboorte. Een keizersnee. Olé!

Heks had vier keer de navelstreng om haar nek. Volgens de tante, die bij mijn geboorte aanwezig was, ze was verpleegster, zelfs een keer of zeven. Maar dat is waarschijnlijk overdreven. Zo blauw als een balletje werd ik geboren. Geen Heks, nee, Smurfin. Ik zag de bui blijkbaar al hangen….

Hoe kom je af van een wagonlading woede? Hoe, hoe, hoe? Ik ben er zo moe van, zo moe!

Mijn nieuwe behandelaar heeft allemaal ideeën. Ze komt direct met een behandelplan. ‘Die woede en dat verdriet, daar kunnen we snel grote stappen in zetten. Je gebrek aan eigenwaarde zal meer tijd is beslag nemen leert de ervaring….’

‘Het heeft gewoon veel tijd nodig om in te slijten, een positief zelfbeeld. Je hebt zo lang louter negatieve feedback gekregen. Maar ook hierin kunnen we echt verschil gaan maken…’

Ja, de complimenten van mijn moeder, de meesten heb ik verdrongen, maar sommigen herinner ik me nog goed. ‘Je krijgt een dikke kont,’ lag haar in de mond bestorven bijvoorbeeld. Toen ik superslank was. En piepjong. Een pubertje. Heel onzeker over mijn uiterlijk natuurijk. Maar beeldschoon, heb ik later ontdekt.

Of bijvoorbeeld dit verkapte ‘compliment’ ‘Wat ik zo knap vind van jou, is dat je altijd toch weer verliefd wordt, nadat je weer zo’n hopeloze relatie hebt gehad….’ Heks heeft altijd hopeloze relaties naar het schijnt.

Ook moest ze erg lachen om dingen, die voor mij niet bepaald grappig zijn. Zoals toen ik op mijn dertigste werd aangerand door een kerel van ruim zestig. Ze kende de man. ‘Hahaha, ik dacht al dat hij dat zou gaan doen… Hik, hik, hik.’ Tranen met tuiten. Slappe lach.

Humor! Ja, bij ons thuis werd altijd enorm gelachen.

Tel je zegeningen, Heks. Lach als een boer met kiespijn! Pijnlijke kiezen op elkaar! Het eind is in zicht. Het komt goed. Ooit.

ZONDAG IN STIL STADJE AAN EEN WATERGRACHT en HEKS FLUIT LIEDJE

laatste lichtstralen

LEIDEN IN SCHEMER

HELAAS IS HET NOG LANG GEEN MEI

Hoewel de griep mij licht in greep heeft heb ik een megagoed humeur. Gelukkig ben je niet je kwalen, zo’n griepje is slechts tijdelijke gast. En ongenood ook nog. Het is me gewoon gelukt om de hond uit te laten en ik ben ook nog naast de kerk geweest. Er werd prachtig gesproken en gezongen en er stond zelfs een moslima op de preekstoel op een zeker moment… Daar moeten we heen met religie! Alles in die heksenketel, drie keer opkoken en doorroeren.

met hele wezen

DRINK DE KLEUREN IN

Na de dienst koffie met Jip en Janneke, mijn goede geloofsvrienden. Soms gaan we naar de kroeg en drinken een glas wijn. Vandaag hielden we het beschaafd. Jip is in dezelfde buurt en tijd opgegroeid als mijn vader. Hij herkent de verhalen over hem en had indertijd een oogje op mijn tante…. En ik heb redenen om aan te nemen dat het wederzijds was! Nu is hij alweer jaren met zijn Janneke. Een heerlijke tegendraadse dame. Laatst heeft hij haar verrast met een reisje naar de zon. De charmeur….

Ik schijn een dubbelgangster te hebben op Lanzarote! Een leuke (!) dame werkend in een lokale Ierse Pub, hoe tegenstrijdig dat ook klinkt… Compleet met heksenhaakneus. Aldus mijn vrienden. Ik denk, dat ze me echt gemist hebben en gewoon overal grote kromme neuzen zagen. Of zou mijn mysterieuze dubbel biertjes tappen in een oord waar toeristen eeuwig vakantie vieren?

poppenhuis op schaal 1/1

DIT VIND IK ZO’N MOOI HUIS

Afgelopen week was ik nogal bont en blauw van mijn valpartij. Twee fysiotherapeuten hadden hun handen vol om alle ledematen weer op hun plek te duwen en mijn lichaam te ontstrijkplanken. Mijn zangmaatje en goede vriendin Roosje is ook gevallen met haar fiets. Een vergelijkbare val. Alleen zijn haar botten wat brozer, ze heeft haar linkerpols en rechterschouder gebroken! Dan ben je met recht onthand. Verschrikkelijk.

kleur door plantsoen

FIJNE TAKKEN WAAIEREN

Opeens vind ik mijn blauwe bultknie en pijnlijke ellenboog niet meer zo erg. Wat een pech voor mijn vriendin. Vorig jaar haar heup en nu dit. Het leven smijt soms van alles op je bordje. Woensdag ga ik haar bezoeken, mits de griep haar greep verzwakt.

subtiele groet

GROTE BOOM WUIFT VLAMMEND

Morgen komen mannetjes mijn toilet repareren. Of eigenlijk volledig slopen en dan helemaal opnieuw installeren. Dat is de enige optie na een volledig mislukte verbouwing. Ik krijg een chemisch toilet in de badkamer. Het project gaat negen dagen in beslag nemen…. Help!

aan een watergracht

IK HOU VAN MIJN STILLE STADJE