Jaap van Dissel is een eikel. Zijn zemelige gezever houdt me wakker. ‘Bijen, bescherm ons de komende tijd. Geef ons weerstand en vlijt. Hoedt ons voor nijd en baardige apen, die er voor zorgen, dat ik niet kan slapen….. Bevrijd ons van draken en lastige zaken. Van inhalige mensen met de klem in hun kaken. Ik zal een mooi bijenaltaartje maken. Voor jullie, lief volkje. Heremetijd!’

Ja, je moet ook niet net voor het slapen gaan naar Jaap van Dissel kijken. Groot kans, dat je de hele nacht wakker ligt. Het overkomt Heks afgelopen maandag. Per ongeluk krijg ik de man in beeld, als hij wordt geïnterviewd over wie er nu toch verantwoordelijk is voor de ellende in de verpleeghuizen het afgelopen voorjaar. 

Toen onze kwetsbare bejaarden bij bosjes vielen. Het dorre hout geveld door dat imaginaire virus. Ook onder het personeel, op zijn aanraden niet gehinderd door mondkapjes of beschermende kleding, vielen de nodige slachtoffers. 

‘Ja,’ zegt van Dissel, vrij vertaald, ‘De mensen, die in dat soort instellingen werken zijn absoluut oliedom, hun opleidingsniveau is abominabel, daardoor zijn er zoveel onnodige slachtoffers gevallen.’

Hij zei het net iets anders, maar ik kon het niet opbrengen nogmaals naar die onaangename kerel te kijken. Wat een kwast. Met zijn kwastige kin-kwab. Wat een oliedomme oliebol.

Heks is geen fan van van Dissel, dat moge duidelijk zijn. Ik zit me al vanaf het begin van de pandemie aan die man te ergeren. Het lijkt wel een Wappie, met zijn queeste tegen de mondkapjes. Wat denkt hij wel? Dat je beter een baard kunt laten staan? 

Echt Jaap, zo’n baard helpt niet tegen het virus. Misschien jouw morsige stinkmodel wel. Wellicht maakt het virus bij jou snel een grote omtrekkende beweging. Maar om nu allemaal met zo’n schaambaard te gaan lopen….. Ik moet er als vrouw niet aan denken.

Bovendien: Het is helemaal niet wetenschappelijk bewezen, dat zo’n geitensik het virus tegenhoudt……

De wetenschapper van Dissel. Heks kan maar niet begrijpen, hoe die idioot zijn diploma ooit heeft gehaald. Als er iemand oliedomme praatjes uitslaat is het wel onze Jaap de Baardaap. Vanaf dag 1 is hij pertinent tegen de mondkapjes. Ook als ze verplicht worden, doet de man zeer dubieuze uitspraken. Gewoon op televisie.

Hij zaait verdeeldheid. En hij zit er ook nog eens helemaal naast. 

En om nu het personeel van verpleeghuizen de schuld te geven, van iets, waar zij helemaal niks aan kunnen doen….. Waar hijzelf als hoofd van de RVM iets aan had moeten doen….. Te gek voor woorden. 

Waarom zit die man überhaupt nog op die plek? Waarom is hij intussen niet de laan uitgestuurd? Is het omdat hij onder 1 hoedje speelt met Ruttekutte? Moet er een stinkende beerput worden afgedekt? Wat is er aan de hand??  Heks kan er met haar puntmuts niet bij. 

Nee, bah. Weg met Jaap. Geef mij maar zijn voorganger bij de RIVM! Roel Coutinho, Dat lijkt me nu een hele verstandige man. Hij spreekt nu bijvoorbeeld weer schande van ons vaccinatiebeleid. Geheel terecht. Hij heeft een punt! Heks wil heel graag zo’n prik. Maar met het vaccinatietempo, dat onze overheid in gedachten heeft, zit ik nog wel een jaartje binnen te koekeloeren…….

Maar goed. Jaap is nog steeds hoofd van de RIVM. En Jaap Baardaap deelt weer eens een gemene tik uit. De zorg direct op zijn achterste  benen. De uitgeklede zorg. De zorg, die het met een kutbonus moet doen. Ze moeten niet zeuren, toch? Want ze krijgen van Jaap nog een extraatje: Ze krijgen de schuld, dikke bult.

Heks kent wat mensen, die het ene diploma na de andere halen, zodat ze kunnen werken als verzorgende. Jarenlang ploeteren en stage lopen voor een habbekrats-salaris. Liefdewerk en oud papier. En dan krijgen ze als klap op de vuurpijl dit soort verdachtmakingen naar hun kop!!!!

Jaap van Dissel is natuurlijk een malloot. Een idioot ook. Een gevaarlijke gek zelfs, in mijn optiek, want hij zaait verdeeldheid. Hij neemt zijn verantwoording niet. Zo heb ik hem toch luid en duidelijk horen zeggen aan het begin van de pandemie, dat wel het virus maar zijn goddelijke gang moesten laten gaan. De groepsimmuniteit zou dan de rest doen.

Ja, dat zei die achterlijke oen.

Maar hijzelf is het intussen vergeten. Nee, het zijn die stomme verzorgenden in zorginstellingen, door hen is het mis gegaan. Lekker makkelijk, hoor, om dit op hen af te schuiven. Laf. Gewetenloos. De man zou zo de politiek in kunnen!

In de politiek gebeuren immers ook de raarste dingen momenteel. 

Zo ziet Heks onlangs met lede ogen, dat Rutte totaal niet zijn vet krijgt. De man, die hoofdverantwoordelijke is voor de toeslagen-affaire, het is onder zijn auspiciën gebeurd, ontspringt weer lekker de dans. Eindeloos populair is de lolbroek, die er voor gezorgd heeft, dat de zorg en het onderwijs zijn kaalgeplukt. Een probleem waar we nu keihard tegenaan lopen.

Maar wat zeggen mijn medemensen? Ruttekutte heeft ervoor gezorgd, dat de schatkust zo lekker gevuld is. Bladiebla. Ja. Gevuld met onze eigen centen. Niet de zijne. Hij en zijn trawanten worden alsmaar rijker. Nederland kent onder zijn bezielende leiding voor het eerst in decennia weer armoede!

Dakloze gezinnen? Het was vroeger ondenkbaar. Sowieso waren er twintig jaar geleden nauwelijks daklozen. Nu struikel je erover. Terwijl de rijken in Nederland steeds rijker worden. 

Waar ook grote klonten boter grossieren op domme hoofden is in het koningshuis. Wat ik daar allemaal over hoor, is genoeg om me accuut republikein te maken. Ook hier is weer een foute baard bij betrokken, maar daar gaat het me niet om.

Wat een vertoning, om in deze ellendige tijden peperdure spullen aan te schaffen. Zoals een speedbootje van een paar miljoen. Een miljoenentoelage zus en zo voor een kind. En dan hebben we het nog niet eens gehad over hun super-de-luxe snoepreisje met privé jet, toen het volk aan banden lag. Flikker toch op. Gedraag je een beetje!

We leven in een raar land. Ik ken iemand, die al jaren bij haar narcistische ex op zolder woont. De kinderen hebben hierdoor enorm geleden. En de dame in kwestie natuurlijk ook. De enige manier om toch woonruimte te krijgen, was om met drie koters bij de daklozenopvang te gaan bivakkeren. Niet drie dagen, maar drie maanden.

De KLM wordt direct gespekt met enorme bedragen. Wat het niet kost om dat idiote bedrijf in de lucht te houden!!! Maar Jan met de pet moet het zelf uitzoeken. Die wordt niet in de lucht gehouden. Die ligt on no time in de goot. 

Vanavond loop ik in een doodstil bos te wandelen met mijn hondjes. De ergernis glijdt van me af. Waar maak ik me druk over? Ik ben zelf ook geen heilige. Echt niet. En eikels zijn van alle tijden. Macht corrumpeert. Narcisten geven altijd een ander de schuld. En de wereld zit vol meneertjes en mevrouwtje ‘Nooit Genoeg’.

Ik ben blij, dat ik geen macht heb. Dat ik niet stervensrijk ben. Ik ben blij met mij.

En dan vind ik een bij. Op mijn eigen bankje in Het Leidse Hout zit zij. Parmantig kijkt ze me aan en zegt, dat ze met me mee naar huis wil gaan….

Heks is zo blij met haar bij!

Bijen zijn heilig voor mij. Dit was voor mij het jaar van de bij. Het bijenvolk heeft geholpen mijn hondje te genezen. Hun gezegende zalf heeft zijn poot gered. Ook ben ik afgelopen zomer op een plek hier in Nederland geweest, waar bijenvolkmensen in korven zijn begraven. Ik heb de magische energie gevoeld en gezien. Ik heb duidelijk een klik gevoeld. Een klik met dit volkje…..

Dus ik ben blij met die bij. Van plastic in de vorm van een toilettasje. 

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Bijen, bescherm ons de komende tijd. Geef ons weerstand en vlijt. Hoedt ons voor nijd en baardige apen, die er voor zorgen, dat ik niet kan slapen….. Bevrijd ons van draken en lastige zaken. Van inhalige mensen met de klem in hun kaken. Ik zal een mooi bijenaltaartje maken. Voor jullie, lief volkje. Heremetijd!’

M. NIJHOFF (1894-1953)

HET LIED DER DWAZE BIJEN

Een geur van hooger honing
verbitterde de bloemen,
een geur van hooger honing
verdreef ons uit de woning.

Die geur en een zacht zoemen
in het azuur bevrozen,
die geur en een zacht zoemen,
een steeds herhaald niet-noemen,

ried ons, ach roekeloozen,
de tuinen op te geven,
riep ons, ach roekeloozen
naar raadselige rozen.

Ver van ons volk en leven
zijn wij naar avonturen
ver van ons volk en leven
jubelend voortgedreven.

Niemand kan van nature
zijn hartstocht onderbreken,
niemand kan van nature
in lijve den dood verduren.

Steeds heviger bezweken,
steeds helderder doorschenen,
steeds heviger bezweken
naar het ontwijkend teeken,

stegen wij en verdwenen,
ontvoerd, ontlijfd, ontzworven,
stegen wij en verdwenen
als glinsteringen henen. —

Het sneeuwt, wij zijn gestorven,
wij dwarrelen naar beneden.
Het sneeuwt, wij zijn gestorven,
het sneeuwt tusschen de korven.

 

Hier en nu, kukeleku! Momenten van genade. Heks slaat zichzelf gade. Tussen de fossielen. Wat doet me dankbaar knielen? Mijn levende hart. Kloppend. Bonzend. Waarin geen leugen woont. Wel woede, maar daar wordt aan gewerkt….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Vandaag is vandaag. Ik ben niet van gisteren. Vandaag is de vraag: Wat voor’n dag is het vandaag? Een goede dag of een kwaaie? Ik zal er niet omheen draaien.

Vandaag is goed. Omdat het van me moet.

Gisterenmiddag fiets ik met mijn hondje. Ik blijf in de stad met mijn ventje, want hij is gewond. Zondagavond knipt Heks een stuk van zijn oor af. Alles onder het bloed. Verbluft kijk ik naar het piepkleine verbandschaartje in mijn hand. Heb ik daar nu gewoon mee in dat oor zitten knippen?

En waarom piepte mijn kereltje niet? Waarom trok hij zijn koppie niet weg? Waarom gaf hij helemaal geen sjoege? Ja, nu. Nu ik aan zijn gewonde oor zit. Nu vindt hij het niet meer leuk!

Ik check de afgeknipte klitten op vleesresten en bloed. Niets te vinden. Zowel het afgeknipte haar als het schaartje zijn brandschoon. Ik kijk nog eens naar VikThors’ grote flapoor.

Ja, er zit een rauw open randje precies op de plek van de kleine vouw in het oor. Een kaarsrechte rand. Als afgeknipt met een reuzenschaar.

Ik dep het bloed zo goed en kwaad als het gaat. Daarna volgt de magische honingzalf. Ik hang de bijendoek op zijn bench…..

De volgende morgen knip ik nog wat kleverige klitjes weg van de rand. Er komt nog een stukje rauwe open huid vrij. Weer een bloedbad.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Geen vleesresten of andere tekenen, die erop duiden, dat ik stukken van mijn hond af knip. Intussen ben ik er achter, dat er al een verwonding moet hebben gezeten. Het moet recent gebeurd zijn, wat ik heb onlangs zijn oren nog helemaal nagelopen.

Om dat wondje is haar gaan klitten. Door al het zwemmen is de ontstane infectie wellicht verergerd. De boel is binnenin die klit gaan broeien.

Dat heb je met klitten. Voor je het weet gaan ze een eigen leven leiden. Ik mag nog blij zijn, dat het oor niet zwanger is geworden…..

Vandaag wordt er niet gezwommen. Heks blijft dus in de stad. Sinds ik onlangs ben onder geniest door een studente, heb ik mijn heilig voornemen om geen Corona op te lopen laten varen. Het is niet te doen.

Fiets ik overal volledig bemondkapt rond en word ik bijvoorbeeld besmet in mijn eigen straat. Als ik mijn hoofd uit het raam steek om mijn kat te roepen of iets dergelijks. Zal je zien en beleven.

Heks fietst dus weer af en toe zonder die kap. Als het echt rustig is buiten bijvoorbeeld. Zodra er gevaar dreigt zet ik dat ding weer op. Gunstig bijverschijnsel is, dat mensen niet meer expres in mijn anderhalvemetercirkel komen. Om te provoceren. Ook het gehoest richting Heks is aanmerkelijk minder. Al een paar dagen niet voor hoer uitgescholden.

Mondkapjes maken mensen agressief. Hier in Nederland dan. In andere landen hebben mensen er veel profijt van. Maar hier ben je een asociale gek, als je zo’n ding op je kop zet. En dat zal je weten ook!

Dit alles ondersteund door de adviezen van de deskundigen van de RIVM. Die alleen maar zeggen, dat het dragen ervan niet helpt en dat het zelfs gevaarlijk is, ja echt, omdat er een chronisch tekort aan die lullige lapjes is. Wat ik dan weer niet begrijp.

Als je zoveel ingewikkelde complexe beademingsapparatuur kunt regelen, er zijn zelfs studenten op gezet hier ter lande, die in een paar weken een geheel nieuw ontwerp hebben afgeleverd, moeten een paar miljoen supersimpele mondkapjes toch ook wel lukken? Zet daar eens een paar studenten op. Of een stelletje handige ZZPers, die dolgraag een opdracht willen.

Maar nee, hier worden je landgenoten dus kwaad als je met zo’n ding de straat op gaat.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Bij ons op de universiteit is op een gegeven moment een schrijven rond gegaan,’ een vriendin vertelt, dat de Aziatische studenten op het Erasmus ook tegen dit soort asociaal gedrag aanlopen, als ze hun mondkapjes dragen. ‘Echt heel vreemd, Heks, maar het gebeurt hier ook. Men heeft toen verzocht om op te houden die mensen hierop af te rekenen.’

Ach, mondkapje is mijn nieuwe stokpaardje. Een narcist met een mondkapje! Twee stokpaardjes in 1. Of een stokpaardje op een stokpaardje.

Terwijl ik zo fiets ontdek ik een heerlijk plekje uit de wind, in de zon, aan het water. Niemand in de buurt, want het is bij een universiteitsgebouw. En die zijn allemaal dicht.

‘Ontdek je plekje,’ hum ik in mezelf. Denkend aan klitten. In oren weliswaar. Maar toch.

Dan verdwijnt de zon achter de Universiteit Bibliotheek. Dat grote gebouw vol fossielen. Naast eeuwenoude manuscripten ook levende  menselijke, bibliofiele exemplaren. En natuurlijk de eindeloze hoeveelheden millennia oude kleine slakkenhuizen in het overvloedige marmer door het hele gebouw.

Ik ben intussen helemaal in het nu aanbeland. Rustig peddel ik verder langs de Singel. We komen bij het Plantsoen. Daar woonde vroeger een tante van me. Met haar dochter, een nakomertje met Down. Heks was gek op dat meisje. We speelden samen tijdens familiefeestjes.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

We gooiden eindeloos over met een bal. Of we maakten samen een mooie puzzel. Jeetje, wat lang geleden. Ik ben die tak van de familie volledig uit het oog verloren.

Ik ben opgehouden om naar allerlei ellendeprogramma’s te kijken. Ik kijk zelfs niet naar de persconferentie. Dat gaat dan weer wat ver. Ik zie nog wel eens iets. Over de olie bijvoorbeeld. Dat je in de Verenigde Staten fors geld toe krijgt als je een vat koopt.

Dus de oliemarkt stort in. De fossiele brandstof, waar de Noordpool voor moet wijken. De smeltende kap, waaronder nog meer olie verstopt zit. Is het erg? Ja, voor een heleboel rijke oliestinkers is dit een ramp. Maar voor Moedertje Aarde is het een kans.

Er zijn al jaren alternatieven voor dit kleffe goedje. Gewoon water bijvoorbeeld. Ik hoorde twintig jaar geleden verhalen over een man op de Filipijnen, die zijn auto op water liet rijden. Hij heeft zijn uitvinding niet overleefd. Niet dat de auto ontploft is. Welnee. De man is op raadselachtige wijze aan zijn eind gekomen. Of verdwenen.

Broodje aap? Wie weet.

Feit is, dat de olie industrie niet op dit soort alternatieven zit te wachten. Als olie niet meer gewenst is zijn hun bronnen niets meer waard. Ook de hele industrie eromheen is dan niet meer nodig. De aandeelhouders krijgen geen woekerwinsten meer. Kortom: Net als de woekerhandel in tulpenbollen in de 17e eeuw loopt deze industrie kans in no time te verdwijnen.

Oh, zit ik toch weer iets ergens van te vinden. Had me nog zo voorgenomen dat vandaag nu eens niet te doen.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de Trump Foundation, die hulp wil van Trump.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik fiets verder. Helemaal hier en nu nu. Ja nu. Een zeemeeuw valt VikThor aan. Hij zal wel een nest hebben in de buurt. Mijn witte hondje wordt vaak aangezien voor een soortgenoot van hen, lijkt het. Ik kan me niet herinneren, dat Ysbrandt vroeger ooit door een meeuw is aangevallen. Met VikThor vliegen ze hele enden mee. Schreeuwend en krijsend.

Ik strijk neer in de berm. Hier is nog zeker een uur zon. Ik heb een flesje ‘coconut juice’ bij me. Geen melk, maar echt het sap uit de klapper. Terwijl ik lekker zit te tekenen, scharrelt VikThor om me heen. Soms komt er een hondje langs en dan spelen ze eventjes.

Een Labradoedel raakt helemaal verliefd op mijn ventje. Ze spelen en spelen. Het baasje kijkt vertederd. Later komt hij speciaal nog eventjes terug met zijn hondje. Is het voor zijn beest? Of heb ik nu ouderwets sjans? ‘Ze vindt hem helemaal leuk!’ glimt de man. De leuke man.

Hier en nu. Me niet gek laten maken. Voorzichtig blijven, dat wel. Maar ook………

LEVEN.

©Toverheks.com

©Toverheks.com