Ik baal! Ik baal van die Bengaal. Die KUT-Bengaal haalt dagelijks verhaal bij mijn kat. De schat wordt geterroriseerd! En bezeerd. Volstrekt verkeerd: Zo’n wilde kat hier in de stad…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Heks, Ik heb allemaal kattenspulletjes voor je,’ Schilder belt me onverwachts op. Een aantal jaar geleden alweer. Toen hij nog onder ons was. ‘Een hele chique bak, kattengrit, een zak super voer….’ Goh, ik wist niet dat hij weer een kat had. ‘Ik heb zo’n Savannah kat genomen, Heks. Een monster. Het is nog maar een kitten, maar wat voor eentje…..’

‘Hij breekt de boel compleet af hier binnen. Hij rent tegen de muren omhoog en bespringt me vervolgens. Hij slaat zijn klauwen in me! Ik ben gewoonweg bang voor die piepjonge kat. Een kitten! Nog nooit zoiets meegemaakt. Het is een prachtig beest, maar volstrekt gestoord. Niet te houden in een normaal huishouden. Ik heb hem na drie weken aanmodderen dan ook maar weer teruggebracht….’

Mijn oude vriend heeft zijn leven lang katten gehad, dus Heks is nogal verbaasd. Wat zijn dat voor’n katten, die Saharakatten? Half wild? Waarom willen mensen in godsnaam zo’n beest in huis hebben? Prestige? Algehele gekte? Wat bezield hen?

Een paar maanden geleden kom ik de voordeur uit met VikThor en Ferguut. We gaan een plasrondje wandelen door de wijk. Vanuit het niets vliegt een uit de kluiten gewassen kat door de lucht naar ons toe. Het is een schitterend dier. Vier klauwen strekken zich uit door de lucht.

Hij probeert op mijn kat te landen. Of mijn hond. Of misschien zelfs wel op Heks. Ik wacht het niet af en ga met maaiende armen op het monster af.  Schreeuwend. De katachtige draait zich om in de lucht(!) en verdwijnt in een steeg. Het is die verdomde Bengaal van de buren. Dat beest is onlangs volwassen geworden. Hormonaal geladen valt hij mij en de mijnen aan. Het is een prachtig dier. In de jungle. Niet hier. 

Maandag ben ik alweer bij de dierenarts. Met drie katten deze keer. ‘Ik neem eerst de ouwetjes mee, want ik maak me zorgen over alledrie eigenlijk. Pippi wast zich al jaren niet goed en ze hoest af en toe als een ouwe zwerver. Snuitje wast haar achterhand niet, ik vermoed artrose. En Ferguut……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Mijn dolende ridder doet enigszins vreemd. Er is iets met hem, maar ik weet niet wat. Volgens mij heeft hij vorige week twee keer op mijn bed gepiest. De tweede keer betrapte ik hem min of meer. Dus vandaar dat ik hem verdenk. En toen dacht ik natuurlijk direct aan blaasgruis. Daar ben ik wel eens bijna een kat door kwijtgeraakt. Die schrik zit er nog steeds in!

Het heeft wat voeten in de aarde om met het hele spul op het juiste tijdstip acte de présence te geven. Vooral omdat ik door een vorige week reeds verstuurde bevestigingsmail op het verkeerde been wordt gezet. ‘Vergeet uw afspraak om 13.30 niet,’ lees ik in de bewuste mail. Wel gek dat ze em drie keer sturen. Oh ja, ik heb natuurlijk ook drie afspraken. Vorige week eentje, volgende week nog eentje en vandaag…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks loopt op haar tandvlees. Ik moet nodig eens een dagje crashen, maar dat komt er niet van met mijn nieuwe bezigheden. Vanavond heb ik bijvoorbeeld cursus Klezmer zingen. Het is ook hollen of stilstaan bij Heks. Ja, vind je het gek. Na vijf maanden voornamelijk in bed wil ik zoveel mogelijk genieten van de iets meer armslag die ik heb qua energie. En de daarbijbehorende bewegingsvrijheid!

Om kwart voor 1 ga ik het spul verzamelen. Ik kan de vervoersmanden nergens vinden. Ik heb er zeker zes. Oh jee. We hebben vorig jaar de berging opgeruimd. Die dingen zijn natuurlijk grondig opgeborgen. Slechts twee exemplaren weet ik tussen de opnieuw ontstane troep vandaan te vissen. ‘Ik stop Ferguut gewoon in de vervoersbench van VikThor. Het is wel een gesjouw, maar vooruit maar…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het zit me toch niet lekker dat de afspraak om half twee is, terwijl mijn agenda piept dat het om 1 uur is. Ik heb met enige regelmaat ruzie met de agenda op mijn Iphone. Als hij niet synchroniseert met mijn computer bijvoorbeeld. Als afspraken verdwijnen en weer verschijnen, zonder dat ik snap waar het aan ligt. Wantrouwig bekijk ik nog eens de mailtjes.

Em ja, je raadt het al. Warhoofd Heks heeft weer eens lopen kloten. De drie mailtje gaan over de drie afspraken met drie katten vandaag. Voor elke kat een mail. Een geval van overbureaucratie. Verwarrend tot op het bot voor ongeorganiseerde types zoals ik. Die het moeten hebben van duidelijke informatie. Die geen mail teveel lezen.

De eerste afspraak is al om 1 uur en het is intussen vijf voor 1. Ik ga het met geen mogelijkheid redden: Katten vangen, in auto stoppen, erheen rijden, dat hele tuincentrum doorkarren met een winkelwagen voor protesterend miauwende huisgenoten…..

©Toverheks.com

©Toverheks.com©Toverheks.com

Snel bel ik de dierenarts. Leg uit wat er aan de hand is. Haast me vervolgens een slag in de rondte. Worstel met die enorme bench, hij past niet in de auto, wat gek, is dat ding opeens gegroeid? Nee, ik moet em half inklappen herontdek ik. Bijna ontsnapt de panter me. Ik kan hem nog net in zijn kladden grijpen……..

Ik win al met al 7 minuten met al dat gehaast. Maar ik raak een jaar van mijn leven kwijt. Zucht.

Gelukkig is het konijn, dat na mij gepland staat, weer gaan eten. Dus die afspraak gaat niet door. We hebben alle tijd  voor het consult.

Mijn zorgen rond Pippi en Snuitje blijken ongegrond. Beide dames zijn in prima conditie. ‘Pippi is waarschijnlijk gewoon een kat, die zichzelf iet wast,’ aldus de dierenarts. Ik had haar beter Floddertje kunnen noemen, alhoewel Pippi Langkous ook niet bepaald uitblinkt in persoonlijke hygiëne……

‘Snuitje heeft flink artrose. Kijk maar. Als ik haar hier probeer te strekken, doet dat echt zeer. Ik zie het aan haar reactie. Ik stel voor om haar op een dosis pijnstiller/ontstekingsremmer te zetten. Groot kans, dat ze er enorm van opknapt.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Verder zijn de dames zo gezond als een vis. Maar dan Ferguut. Vorige week heeft hij twee keer op mijn bed gepiest. Ik zou hem nooit hebben verdacht, als ik hem niet op heterdaad had betrapt. ‘Ik heb hem toen linea recta naar buiten gebonjourd. Maar het heeft me wel aan het denken gezet. Zou hij soms last hebben van blaasgruis?’

Ik heb geprobeerd een plasje op te vangen, maar dat is helaas mislukt. Meneer piest liever buiten. Hij heeft intussen wel een volle blaas constateert de dierendokter. Geroutineerd kijkt ze mijn panter na. Op de plek waar het laatste abces heeft gezeten steekt nu een bot uit. ‘Die spier is aangetast door dat enorme abces. Dat komt helaas niet meer goed.’

Dan kijkt ze zijn gebit na. Tot onze schrik zien we dat er een groot bloedend gat gaapt waar eerst een grote voortand zat. ‘Die is er uit geslagen door een enorme kat. Het is echt met veel geweld gebeurd……’ Een klamme hand sluit zich om mijn hart.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Kijk, katten vechten. Een rafelig oor of een winkelhaak hier of daar? Een keertje een abces? Het kan gebeuren. Maar vier keer op rij een behoorlijk ernstige verwonding binnen een half jaar? Toegebracht door een katachtige? Dat is echt niet normaal. 

Heks heeft een hoofdverdachte: De Bengaalse kat van een koppel op de Lange Mare. Het dier is afgelopen jaar volwassen geworden en dat is goed te merken. Geen enkele kat is meer veilig voor het monster, maar hij heeft het vooral voorzien op mijn zwervende boerenridder Ferguut. 

‘Geen enkele huiskat is ook maar een beetje partij voor zo’n Bengaal,’ zegt de dierenarts bij het eerste ongeluk. “Eigenlijk zouden mensen zulke katten niet moeten houden hier in Nederland. Het zijn wilde katten. Totaal niet geschikt om rond te laten lopen in een buurt vol huiskatten….’

Heks spreekt na een knakstaart en twee abcessen de bewuste buurvrouw aan op haar kat. ‘Hahaha, ja, wat wil je dat ik eraan doe? ik kan hier echt niks mee,’ het mens maakt zich bepaald niet druk om het gedrag van haar halve wilde kat. 

Ook als ik afgelopen week bij haar aan de deur sta om verhaal te halen, nadat de dierenarts heeft geconstateerd dat er met geweld een tand uit de bek van mijn kat is geslagen, is ze niet onder de indruk. Haar man gooit zelfs de deur dicht in mijn gezicht. Wat een lompe eikel. De vrouw zelf lacht me hartelijk uit.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Nadat ze eerst met een uitgestreken smoelwerk zegt dat we niet gaan schreeuwen. Heks heeft inderdaad haar stemgeluid verheven, nadat buurvrouw verbaal haar kont afveegt met mijn zorgen om mijn kat. Schreeuwen is iets anders. Ik ben niet buiten zinnen. Noch bedreig ik de vrouw.

‘Wat wil je dat ik er aan doe?’ schreeuwt de boze buurvrouw me na. Apart toch weer. Zegt ze een minuut eerder nog op betuttelende toon dat we niet gaan schreeuwen, nu doet ze het zelf. ‘Ik kom geen ruzie met je maken, ik kom je aalleen vertellen, dat ik de wijkagent en dierenpolitie op de zaak ga zetten,’ zeg ik rustig tegen de schreeuwlelijk.

‘Er bestaat in Nederland een gedoogbeleid voor dit soort katten om hen buiten te laten rondlopen. Bengaalse katten zijn verboden, maar vanaf de zoveelste generatie kruisen mogen ze wel gehouden worden. Maar naar buiten gaan is een ander verhaal. Dat valt dus onder dat gedoogbeleid…. Zondag ga ik bovendien aangifte doen van mishandeling op advies van de Dierenbescherming….’

‘Nou, ik zie die wijkagent wel verschijnen,’ teemt de buurvrouw, om schaterenlachend te vervolgen dat ze het wel zielig vindt voor mijn kat. ‘Wat wil je dat ik er aan doe?’

‘Zal ik er dan maar wat aan doen?’ ben ik geneigd te zeggen. Ik heb al dagen visioenen om dat klotebeest te vangen en uit te zetten op een waddeneiland…….

De politie komt langs om over die kat te praten. Ze kunnen niet veel doen en ook zij raden me aan om aangifte te doen. ‘Bereid het goed voor. Neem zoveel mogelijk informatie mee over wat er gebeurd is.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De dierenarts schrijft op mijn verzoek een verslag van alle verwondingen en behandelingen van het afgelopen jaar. Ook hierin gaat weer dat het niet wenselijk is om zulke dieren op straat te laten lopen. ‘Het is zoiets als wanneer ik een halve wolf hier in de wijk loslaat. Daar maak ik ook geen vrienden mee,’ zeg ik tegen Buurman. 

Hij woont naast de baasjes van de kutkat. Zij is al uitgebreid verhaal komen halen bij hem. Ja, lekker is dat.

Maar alles goed en wel. Intussen loopt die rot Bengaal nog steeds hier door de buurt te paraderen. Gisterenmorgen hoor ik een hels kabaal in de steeg. Mijn panter zit onder een vuilcontainer te wachten totdat hij naar binnen kan. De Bengaal probeert hem aan te vallen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De eigenaresse van de bloemenwinkel rent verschrikt naar buiten. Heks schreeuwt als een viswijf tegen de Bengaal. Hij gaat er als een haas vandoor. Snel ga ik naar beneden om mijn panter op te halen.

‘Zag jij ook dat die Bengaal mijn kat aanviel?’ vraag ik aan de bloemenvrouw. Ze zag het. ‘Maar dat doen toch alle katten?’ bagatelliseert ze het geziene. Ze is namelijk geen fan van Heks. Het heeft een tiental jaar geduurd voordat ik het in de gaten had, maar na de zoveelste ongenuanceerde schreeuwpartij zonder reden richting mij viel het kwartje. Het mens kan me niet uitstaan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Sinds ik dat ontdekt heb mijd ik haar zoveel mogelijk. Tegen mij wordt niet meer geschreeuwd. Ik heb dan ook helemaal niets aan deze getuige vrees ik. 

Later zie ik dat het oor van Ferguut flink is opengehaald door die kolere Bengaal. Hij bloedt als een rund. Het is nu elke week raak intussen.

Oh, wat ben ik moe van al dat gedoe met mijn beesten. De hele week ben ik al in touw met mijn dierentuin. Maak ik me zorgen om mijn panter. Ben ik druk met de verzorging van de poot van VikThor. Ik zal blij zijn als die Bengaal van het toneel verdwijnt. Als de rust weerkeert in deze buurt vol katten.

‘Ik ben vast niet de enige, die last heeft van die kat. Ik heb al links en rechts geïnformeerd bij andere kattenbezitters. Tot nu toe zonder succes. Maar ik verwacht echt meer slachtoffers te vinden, Ferguuts situatie staat vast niet op zichzelf…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

Valse hoop doet toch weer leven. Even dan. Heks gaat naar de reumatoloog. Of is het een reumatolieg? Ik ben er nog niet uit. Vooralsnog heb ik er niets aan. Nooit gehad ook. Maar ja, wat moet een psychiatrisch patiënt ook bij zo’n botte bottenboer?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dinsdagmorgen meld ik me in het ziekenhuis op de afdeling reumatologie. Na al die ontstekingen in mijn gewrichten de afgelopen winter wil ik gewoon ergens terecht kunnen, waar ze verstand van zaken hebben. Als er weer eens een cortisonenprik moet worden gezet, wil ik echt dat het goed gebeurt! Door iemand die weet wat ie doet. Die vorige was toch meer geluk dan wijsheid.

‘Als zo’n injectie verkeerd wordt ingespoten kun je er behoorlijke schade aan overhouden. Afzettingen op het bot bijvoorbeeld. Het is sowieso geen behandeling die je vaak moet toepassen. Je kraakbeen lost ervan op,’ krijg ik te horen van een alternatief behandelaar, die zijn sporen heeft verdiend in het reguliere circuit.

Tja. Medicijnen. De bijwerkingen zijn soms erger dan de kwaal die ze bestrijden. Alle reguliere medicatie heeft bijwerkingen. Vaak krijg je een stapel pillen mee om die weer te bestrijden. Zoals maagbeschermers bijvoorbeeld. Maar die veroorzaken dan ook weer allerlei ongewenste neveneffecten. Daar moet je dan ook weer iets aan doen. Zo blijf je bezig!

Het is niet de eerste keer dat ik me bij op reumatologie meld. De laatste keer had ik een verklaring nodig voor de verzekering. Heks is hypermobiel, maar die diagnose kan alleen worden gesteld door een expert op het gebied van aandoeningen aan de gewrichten: De reumatoloog. Met deze diagnose heb je recht op onbeperkte fysiotherapie, heel belangrijk voor mij.

Zo kwam ik met mijn schouders en heupen uit de kom op consult. ‘Doe uw duim eens tegen uw pols. Oh, lukt dat niet? Nou, dan bent u niet hypermobiel. De groeten en tot nooit meer ziens.’ Belachelijk natuurlijk. Alles uit de kom, behalve de polsen. En die staan nu eenmaal op een lijstje dat je moet afvinken om tot deze diagnose te komen. Heks moet praten als Brugman om toch de goede diagnose te krijgen ondanks haar stijve polsen en handen. Uiteindelijk geeft het mens toe. Met grote tegenzin.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De brief voor de verzekering laat echter maanden op zich wachten. Ik moet zeker zestien keer voor bellen. Wraak? Als er na maanden dan toch iets in die richting opduikt is het te laat. Heks moet honderdtachtig euro betalen voor behandelingen, waarvoor ze wel degelijk verzekerd is. Met de goede diagnose dan.

De brief laat ook nog te wensen over. Mijn fysiotherapeut telefoneert ook nog een keertje of vijfentwintig met de reumatoloog. Ik ben uiteindelijk bijna twee jaar bezig om deze fout recht te zetten…….

Vandaag krijg ik weer een compleet lichamelijk onderzoek. Geboeid tuurt de overigens heel vriendelijke arts in mijn onderbroek. Ze ruikt eens goed en stelt heel veel volstrekt overbodige vragen. Maar soms zit er dan toch eentje bij, die wel ergens op slaat. ‘Bent u wel eens gebeten door een teek?’

Heks is meermalen gebeten door teken, in een tijd dat niemand daar wakker van lag. Het was nog in het tijdperk voordat we gewaarschuwd werden om te letten op het verschijnen van gevaarlijke kringen rondom de beet. Lyme was een nog volstrekt onbekend fenomeen, maar het kwam wel degelijk voor. Onderzoek werd dan ook niet gedaan.  Antibiotica werd natuurlijk niet gegeven. Maar een jaar na die beten zat Heks opnieuw ziek thuis……..

‘Mijn huisarts wil het nooit onderzoeken. Maar ik zou best een Lyme kunnen hebben doorgemaakt. En als dat zo is wil ik het eigenlijk wel graag weten.’ De reumatoloog kruist de Lyme niet aan op het formulier voor bloedonderzoek. De gekste dingen worden wel getest. Voor de zoveelste keer. Zoals de reumafactor bijvoorbeeld. Die heb ik niet, nog nooit gehad, ga ik ook niet krijgen, maar telkens word het weer onderzocht.

‘Ja, waarom zou je ook willen weten of je Lyme hebt? Wat schiet je ermee op?’ is haar argument. Geen speld tussen te krijgen, zo’n onzinnige redenatie. Laat staan een injectienaald.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Uiteindelijk stemt ze vol tegenzin in met de test. Gekke wereld.

Bij het lichamelijk onderzoek stuit ook zij op mijn stijve polsen. Ze duwt tegen mijn duimen. Kijkt nog eens goed naar mijn handen. ‘U heeft gewoon behoorlijk artrose.  Daarom krijgt u die duim niet tegen uw pols gedrukt. Sowieso kunnen hypermobiele mensen op sommige plekken juist heel stijf worden, maar dit is echt artrose.  Kijk maar, hier en hier. Allemaal verdikkingen. Niets aan te doen overigens.’

Ok. Ik ga hierheen om verlichting te vinden, maar krijg er nog een diagnose bij in mijn rugzak. Lekker is dat. Artrose moet verschrikkelijk zijn. Ik hoor altijd de meest vreselijke indianenverhalen van menopauzale vriendinnen en familieleden. Nou ja, mijzelf is de kwaal nog niet echt opgevallen tot nu toe. Ik zie wel bobbeltjes en bottige verdikkingen hier en daar, maar de overlast valt toch een beetje weg tegen al mijn andere kwalen. Houden zo, Heks. Niet op letten.

Toch gek dat twee jaar geleden een andere reumatoloog me bijna gezond had verklaard op grond van diezelfde dikke stijve handen. Hebben die specialisten dan poep in hun ogen? Misschien moet ik hier inderdaad niet zijn voor vakkundige injecties. Want dat is waarom ik hier ben. Ik wil een vangnet. Ik wil niet meer zo aan mezelf en die helse pijn zijn overgeleverd als de afgelopen winter.

‘Nou, mevrouw Toverheks, dat zal toch niet gaan. U hebt dan misschien ontstoken gewrichten over uw gehele lichaam en crepeert van de pijn, maar dat boeit ons hier niet. Wij willen louter voor echte reumapatiënten zorgen hier. Dus geen fybromyalgische ellende alsjeblieft. Ik persoonlijk vind het echt heel vervelend voor u.’

Ditzelfde verhaal steekt ze een keertje of dertig af. Steeds in iets andere bewoordingen, maar de boodschap blijft hetzelfde. ‘Ik zal het in mijn team bespreken, maar ik wil u geen valse hoop geven,’ lispelt ze tot slot.

‘Ik ben officieel psychiatrisch patiënt.  Op grond van ME. Dat geldt als psychiatrische aandoening hier ter lande. Volstrekt gestoord natuurlijk. Degene die dat bedacht heeft moeten ze opsluiten. In de isoleercel. Een jaar of vijfentwintig. Krijgt ie gelijk een goede indruk hoe ME-patiënten zich voelen over het algemeen……..’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Die diagnose achtervolgt ons. Ik zag een keer een arts op televisie beweren dat ME-patiënten bewegingsfobie hebben. Waar haalt hij het vandaan? Ik beweeg dolgraag. Maar soms kan ik niet bewegen. Dan is alles ontstoken. Wat maakt het uit hoe dat komt? Of het door een reumafactor is of door ME? Ontstoken is ontstoken. En ik wil gewoon worden behandeld, net als iedereen!’

Het is aan dovemansoren. Deze vrouw is net als de rest van haar reguliere collega’s, je hebt er geen zak aan met deze aandoening. Ze roept van alles, maar je wordt niet geholpen. En dan is zij nog echt sympathiek. Ik heb in het verleden absolute druiloren meegemaakt. Dan ga je ook nog volledig over je nek tijdens zo’n consult. Nu ben ik alleen maar volstrekt verbijsterd.

Onverrichterzake sta ik na drie kwartier weer buiten. De afspraak is gigantisch uitgelopen. Deels omdat ik er zo lang over doe om me uit en aan te kleden. Eindeloos sta ik te stumperen om een jurkje over mijn hoofd te trekken. Ook mijn laarzen willen maar niet van mijn voeten loskomen. Thuis valt me dat niet zo op. Want dan staat er niemand ongeduldig te wachten tot ik eens een keertje klaar ben met die zottigheid.

Maar de lengte van het consult is niet geheel aan mijn trage lichaamsfuncties te wijten. De vrouw tegenover me is eindeloos aan het woord. Ze zegt ongeveer dertig keer hetzelfde in andere bewoordingen. Uit schuldgevoel heeft de arts echt de tijd voor me genomen, maar aan het eind zit ze me toch de deur uit te werken. Ze kan hier duidelijk helemaal niets mee.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ik ga het echt heus in mijn team bespreken. Maar ik wil u bij voorbaat geen valse hoop geven. Dus. Nogmaals. Verwacht er niet te veel van. (Dus niks) Ik vind het echt heel erg voor u. Ja.’ En hopla, ik sta weer buiten. Geen stap verder.

Een vriend van me kreeg eens een herseninfarct. Zijn vrouw vond hem binnen een kwartier. De ambulance kwam vijf minuten later. In no time lag hij in het ziekenhuis op de operatietafel. Hij werd door een dreamteam chirurgen gefikst met een titaniumplaatje op de bloeding in zijn koppie. Ingebracht via zijn lies! Na een paar dagen was hij alweer zo goed als nieuw. Buiten drie maanden stampende koppijn heeft hij er helemaal niets aan over gehouden!

‘Toen ik terugkwam bij de behandelend arts werd de rode loper uitgelegd, Heks. Iedereen kwam me feliciteren. Er was champagne en media-aandacht. De vlag ging uit. Ik werd toegezongen door de afdeling geriatrische psychische sociologie. De geneesheer directeur bood me zijn organen aan. Kortom: Ik was het succesverhaal van het jaar en dat wilden ze graag weten!’

Stumpers als Heks maken dit soort taferelen niet mee. Wij worden weggemoffeld in de krochten van de medische wereld. Aan ons is geen eer te behalen. Beter worden is er gewoon niet bij bij deze groep. De medische wereld heeft geen idee wat wij mankeren en daar schamen ze zich voor. Ze willen liever niet aan ons herinnerd worden.

Niemand wil ons als patiënt hebben, behalve de psychiatrie. Die zoeken altijd slachtoffers om op te experimenteren met hun psychopharmaca. En laten nu met name dat soort medicijnen de dood in de pot zijn voor mensen met ME. Velen komen een dergelijke behandeling niet meer te boven.

Heks houdt zich er verre van. Ik wil niet in een verpleegtehuis belanden met sondevoeding en foute medicatie, zoals sommige medepatienten. Ik word dan niet geholpen door mensen, die wel iets voor me zouden kunnen betekenen. Maar ik ben ook niet op sterven na dood door de gangbare behandeling van deze kwaal…….

Er is overigens maar 1 reumatoloog van de vijf in Leiden, die een beetje goed scoort…….  En dat is niet degene waar ik ben geweest.  Eentje scoort gemiddeld. Die ken ik ook niet. De rest is onder de maat, daar weet ik intussen alles van…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM