Donderdag de twaalfde is het weer raak! Een draak van een dag vol chagrijn en tegenslag. Pas in de loop van de avond keert het tij. Gelukkig is het morgen voorbij. Vrijdag de dertiende is meer iets voor mij!

Donderdagmorgen vlieg ik mijn voordeur uit. Ik heb haast. Heks gaat naar de mondhygiëniste. Ik heb mijn heksenbekje geschrobd en geboend. Geragerd en geflost. Ik ben er helemaal klaar voor.

Voor mijn deur staan Buurman met zijn Duitse herder Carlos en Steenvrouw.  ‘Ha, daar is ze,’ roepen ze in koor. Duf kijk ik hen aan. Het is nog een beetje te vroeg voor uitbundigheid. Mijn vrienden komen op de koffie. Hoera. Helaas moet ik er accuut vandoor. Meuh.

‘Oh, wat jammer jongens,’ Heks baalt als een stekker. We zouden nu gezellig aan de keukentafel kunnen zitten met een koppie koffie. Slap ouwehoerend. Dubbel van de lach. De hondjes tevreden spelend aan onze voeten. Verdorie. Als een speer vlieg ik de straat uit nagezwaaid door mijn maatjes.

Even later lig ik met mijn bek wagenwijd open in de stoel bij de parodontologische mondhygiëniste. Met een geniepig piepend apparaatje bikt ze elke vorm van tandsteen of aanslag van mijn gebit. Sinds ik hier in behandeling ben gaat het veel beter met mijn tandvlees.

Want ook in mijn muil houdt ME zich schuil. Ook hier is er voor infecties veel vertier. Ja zelfs mijn mooie mond is niet echt gezond. Ik poets en rager me suf. En eens in de drie maanden nemen ze me hier onder handen. Zo houd ik de ellende onder controle. Een gezond gebit is belangrijk. Ook voor de rest van je lijf.

‘Het gaat prima, mevrouw, maar hier en daar en daar kan het nog beter. Kijk!’ de behandelaar houdt een handspiegel voor mijn mond. Ik zie de resten blauw verkleurde gel zitten op de plekken waar nog wat tandplak zich heeft weten te handhaven. Mijn god. Ik poets me de pestpokken en nog is het niet goed.

Vandaag is het nationale heksenpechdag. Donderdag de twaalfde. Morgen hebben we weer geluk. Maar nu! Hu!

Eerst verlies ik het hangslot van mijn fiets op weg naar huis. Dus moet ik weer helemaal terug. Ik neem mijn hondje mee voor een lekkere wandeling. We vinden het slot, maar vervolgens stranden we bij een wegversperring.

Heks wacht geduldig tot ze er langs kan, want er komen allemaal tegenliggers aan. Het duurt en duurt. Eindelijk zijn we aan de beurt. We begeven ons over rubberen matten langs de wegwerkzaamheden. Aan de andere kant staat een opgepoetst deftig mevrouwtje parmantig te wachten.

Vriendelijk glimlach ik in haar richting, maar ik kom bedrogen uit. Verontwaardigd kijkt de teef me aan. Haar kille ogen schieten vuur. ‘Jaja, wie heeft er hier nu voorrang?’ pist ze in mijn net gereinigde bek.

Ze wil nog meer onzin uitbraken, maar Heks dient haar direct van repliek. Er zit echt niks tussen. Mijn gezicht staat nog steeds vriendelijk, ik heb stomweg geen tijd om van mimiek te veranderen, zo snel gaat het, terwijl ik haar uitmaak voor lelijk oud zeikwijf. Zo.

Vervolgens ga ik een beschimmeld glutenvrij stokbroodje terug  brengen bij de Zaailing. De verkoopster kijkt op de verpakking en ziet dat het brood al drie maanden over de datum is. ‘De uiterste verkoopdatum is 7 januari, hier kan ik echt helemaal niets mee…… Ik kan hem voor u weggooien,’ besluit ze, alsof dat het probleem oplost. Meewarig kijkt het mens me aan.

‘Ja maar ik heb het hier onlangs gekocht. Ik weet het zeker, want met kerst zijn al mijn voorraden opgegaan…..’

Het wijf vertikt het om het broodje te vergoeden. Ze kijkt alsof ik gek ben. Alsof ik de sterren van de hemel lieg. Iets dat ik nooit doe. Heks is dwangmatig eerlijk. Een hopeloze eigenschap.

In het schap ligt nog een pak stokbroodjes van hetzelfde merk, maar als ik de datum wil bekijken is het opeens verdwenen. Alle andere verpakte glutenvrije broden zijn houdbaar tot juli, augustus en zelfs september.

Het is de normaalste zaak van de wereld, dat je zo’n brood nog minstens een half jaar in de kast kunt bewaren! Ik laat het zien aan de vrouw van de winkel. ‘Maar waar is nu opeens dat andere stokbroodje van Procelli gebleven? Ik wil de datum daarop zien!’

Dat heeft mevrouw stiekempjes uit het schap gehaald en snel achter haar rug weggemoffeld, want het was ook over de datum! Heks grist het uit haar handen en kijkt op het pak: Uiterste houdbaarheidsdatum 24 maart 2018! Het ligt gewoon in de verkoop! En dan beweert dat leipe mens dat ik gek ben! Dat ik uit mijn nek sta te zwammen. Dat ik lieg dat het gedrukt staat. Achterlijke idioot.

En krijg ik het broodje vergoed? Nee. Ik mag het oudbakken over de datum exemplaar meenemen. Ter compensatie. Ik ben zo overbluft door die dikke dwarsgebreide geitensok, dat ik het nog meeneem ook. Moegestreden verlaat ik het pand. Het is altijd wat in deze winkel. Bah.

Thuisgekomen stuur ik een klacht. Daar hoor ik vervolgens niets op. Helaas hebben deze mensen een monopoliepositie op glutenvrijgebied. Ik zal er toch weer heen moeten te zijner tijd. Ik krijg bijna de neiging om een stokbrood te jatten volgende keer.  Zo goedkoop zijn die dingen niet. Maar ja. Stelen doe ik al helemaal niet. Zelfs niet bij dit soort dieven van je portemonnaie.

De hele dag staat bol van dit soort irritaties. Als klap op de vuurpijl krijg ik een lekke band tijdens een enorme uitlaatronde met mijn hondje. Middenin de polder. Ik ben helemaal naar het Joppe gefietst. Op de elektrische vouwfiets, mijn verkapte scootmobiel.

Nu moet ik het hele end teruglopen. Na tien meter veranderen mijn benen in stokjes. Pijnlijke stokjes. Moeizaam kreukel ik terug naar de stad.

Onderweg kom ik een ellendig wijf tegen met een enorme Drentse Patrijs. Het klotebeest rukt zich met riem en al los om vervolgens de weg over te rennen en mijn hondje aan te vallen. Die gilt het uit. Dat doet hij nooit. Er is dus echt iets mis, het pleureskreng heeft mijn schatje te pakken! Piepend probeert Vik zich uit de voeten te maken.

De dikke bazin van het monster ligt languit op de weg naar haar denkbeeldige riem te grabbelen. Haar korte beentjes trappelen tegen het asfalt, terwijl ze machteloos naar haar hond schreeuwt. Die is echter totaal niet met haar bezig. Ze heeft werkelijk niets over het dier te zeggen.

Ik gooi mijn fiets neer en grijp de Patrijs in zijn kippennek. Ik geef hem een nijdige pets op zijn neus. ‘Nee,’ brul ik snoeihard, ‘Nee…’

Stomverbaasd kijkt de hond me aan. Zijn grote hondenkop is vlakbij mijn gezicht, dus ik kan het goed zien. Zoiets heeft hij nog nooit meegemaakt. Niemand heeft ooit nee tegen hem gezegd, vooral zijn eigen baasje, zijn eigenste mamaatje niet. Het lijkt de gemiddelde man wel!

Mijn ingreep helpt wel, maar nu krijg ik een preek van de vrouw, die haar hond niet onder appèl heeft. Ik mag mijn perfect luisterende hondje niet los laten lopen van dit stuk kynologische onbenul.

Uitgestreken antwoord ik haar dat ze eens naar een hondenopvoedingsinstituut moet gaan voordat ze anderen de schuld geeft van het feit dat haar hond zich misdraagt. Vervolgens scheld ik haar uit voor weet ik niet wat, maar dan ben ik al buiten gehoorsafstand.

Iets verderop staat een jongeman te wachten. Hij heeft het allemaal zien gebeuren en staat al klaar om Heks te helpen haar belagers het hoofd te bieden. Dat uit de kluiten gewassen onzekere vrouwmens met haar opstandige stekeltjeshaar, bijzonder slechte humeur en uitermate onopgevoede hond…..

’s Avonds zit ik uitgeteld in mijn stoel. Alles doet zeer. Ik stop mezelf vol pijnstillers, schenk een glaasje wijn in, rook wat medicinale cannabis en bel de Don.

Dan gaat de deurbel. Buurman komt alweer langs met hond Carlos. ‘Kom Heks, we gaan handhaven. Er lopen weer allemaal van die handhaafmannetjes op de Mare! En ze doen hun werk niet naar behoren, ik heb hen er al op aangesproken!’ Oh, wat is hij weer druk.

Heks begint onbedaarlijk te lachen. Dit is precies waar ik behoefte aan heb. Flauwekul uithalen en lekker lachen. De draak steken met alles en iedereen!

Snel pak ik twee politiepetten uit mijn collectie gekke hoedjes. Een groot zwart exemplaar met klep en een grijs uiterst vreemd model uit een voormalig fout Oostblok Regime…..

Even later lopen we met ‘die pet past ons allemaal’ op de kop door de buurt te wandelen met de hondjes. Alle ellende is vergeten. We eten een patatje op een terrasje. Op een ander terrasje nemen we een drankje. De hondjes rennen vrolijk achter balletjes aan. De zon gaat onder, maar op een bepaalde manier ook op. Breekt door.

Op weg naar huis handhaven we nog eventjes bij de soepwinkel op de Mare. Er staat een fiets voor het pand met een reclamebord erop. ‘Is dit voertuig van U?’ brult Buurman met zijn forse stemgeluid naar de uitbater, een oude bekende van ons. ‘Haha,’ reageert die, ‘Hallo Heks, hoe gaat het met jou?’

Zo is deze hopeloze dag gered. Deze donderdag de twaalfde. Op de valreep. Morgen is het vrijdag de dertiende. Goddank. Een Keltisch geluksgetal. Een vrouwelijk getal. Dan komt alles weer goed!

3 Oktober, Leids Ontzet: Heks viert het kort maar krachtig. Ik ga aan de rol met drie speciale heren. Drankje, dansje en hutspot met klapstuk in Huize Heks!

3 oktober, Leids Ontzet, feestende dames, lachende vrouwen, dansende vrouwen3 oktober, Leids Ontzet, feestende dames, lachende dames,

3 oktober, Leids Ontzet, feestende dames, lachende dames,

Bij het bandje staan twee dames uit Bulgarije lekker te dansen

Eigenlijk is 2 oktober de leukste avond om op stap te gaan in het kader van Leidens Ontzet. Eerst trekt er een Taptoe door de stad, waarin alle sportverenigingen en drumbands vertegenwoordigd zijn. Jong en oud trotseren regen, kou en urenlang oponthoud om naar opa’s, oma’s , kinderen, kleinkinderen en buren te kunnen zwaaien. Dit laatste geldt voor zowel het publiek als de deelnemers! Dit jaar had iedereen een makkie, want de temperatuur was nog steeds zomers.

Heks had ook allerlei plannen, maar eindigde vroegtijdig in bed met vage griepverschijnselen. Terwijl ik probeer mezelf te reanimeren, hoor ik op de achtergrond de stad op stoom komen. Eerst marcheert de fanfare weer onder mijn ramen door. De kopjes rinkelen in de kast. Vervolgens beginnen links en rechts allerlei bandjes de inderhaast opgetrokken podia te beklimmen. Luid proberen ze elkaar te overstemmen. Hetgeen redelijk lukt. Midden in die kakofonie staat het huis van deze Toverheks.

heren met bier, proost, 3 oktober, Leids ontzetheren met bier, proost, 3 oktober, Leids ontzet

heren met bier, proost, 3 oktober, Leids ontzet, gekke bek trekken

Heks maakt Cowboy en Frogs aan het lachen

Ik doe de ramen en deuren dicht. Als duidelijk wordt dat ik me te ziek voel om op stap te gaan heb ik geen lol meer in de herrie. Geen dans op het biljart dit jaar. In plaats daarvan kijk ik TV. Gelukkig staan er een paar aardige dingen geprogrammeerd . Dat scheelt.
De volgende dag ga ik voor de herkansing. Het kost me de hele dag om mezelf bij elkaar te vegen, maar tegen een uur of vijf heb ik mijn onwillige lijf in een leuk cowgirlpakje gehesen. Frogs meldt zich. We lopen de stad in.
Cowboy is intussen ook onderweg naar Leiden. Hij zal zich later bij ons voegen.
We slenteren door de binnenstad. Heks koopt een prachtige heksenjas met enorme puntmuts en een paar vilten kikkerpantoffels. Frogs gaat aan het bier. Terwijl we rondlopen piept en kraakt mijn lijf in haar voegen. Goeie hemel. Dit ga ik niet lang volhouden.
Na een tijdje belanden we bij café de WW. Hier is het heel gezellig. We komen allemaal oude bekenden tegen. Heks vist een glutenvrij biertje uit haar tas.ik nodig mjjn oude vriend Pjotr uit op de hutspot in Huize Heks. Cowboy meldt zich. Gevieren lopen we naar een andere kroeg, waar een drummer, die we kennen, optreedt met zijn band.
band, 3 oktober, Leids ontzet, Helter Shelter, band, zangerband, 3 oktober, Leids ontzet, Helter Shelter, band, drummer
band, 3 oktober, Leids ontzet, Helter Shelter, band

Helter Shelter

‘Heks, wat wil je drinken?’ klinkt het steeds als iemand een rondje haalt. Mijn speciale bier is op. Ik besluit een whisky te nemen. Hetgeen een jolige en dartele Heks oplevert!
Er zij meer groupies van het bandje op komen dagen. Ik herken de tweelingzusjes. Ze zijn niet erg veranderd in al die jaren, een beetje ouder en wijzer. Net als Heks. Zo’n vijfendertig jaar geleden maakten ze furore op de studentenvereniging, waar ook Heks lid van was. Alle jongens waren heimelijk een beetje verliefd op hen, maar zij hadden natuurlijk verkering met de allerknapsten!
heren met bier, proost, 3 oktober, Leids ontzet, proostende dame

De groupies

Na het optreden wandelen we richting hutspot. Onderweg raak ik Cowboy en Frogs kwijt in de menigte. Gelukkig kennen ze de weg….. Thuisgekomen tover ik in no time het eten op tafel. De heren vallen aan. Ze doen de maaltijd echt eer aan. Cowboy en Pjotr maken een toetje, terwijl ik met Frogs door de kamer dans. Salsa natuurlijk. Het gaat heerlijk met zo’n whisky in je klep. Mijn lichaam doet helemaal geen pijn meer en lijkt oneindig soepel….
De volgende morgen heeft dat verrukkelijk gevoel plaatsgemaakt voor een ouderwetse kater. Kreukelig zit ik aan de koffie na te genieten van een heel gezellige avond met drie speciale heren. Maar de allerliefste is natuurlijk mijn Cowboy!
heren met bier, proost, 3 oktober, Leids ontzet, proostende dames

De tweelingzusjes

Mysterieuze vondst in brievenbus, synchroniciteit ten top, gevolgd door nostalgische lunch met jeugdvrienden.

jeugdvrienden

Jeugdvrienden

Vanmorgen kijk ik op mijn weg naar buiten in de brievenbus. Eigenlijk vreemd, want op zondag krijg ik nooit post…. Maar wie schetst mijn verbazing, als ik een boekje in de bus vind. ‘De renner’, van Tim Krabbé….. ‘Nou breekt mijn klomp’, denkt Heks. Geen afzender. Ik snuffel er even aan, duidelijk tweedehands!

vriendinnen

Veertig jaar geleden

vriendinnen

Nauwelijks veranderd toch?

Nu moet je weten, dat de bange fietsenmaker me bij zijn eerste bezoek een boek over wielrennen cadeau deed bij wijze van hofmakerij. ‘Helaas hadden ze niet het boekje van Tim Krabbé’, zei hij,’ maar dat krijg je nog wel eens van me!’ Ik denk dat dat boekje net zoiets is als de waterkoker van Tank. Alle exen hebben een exemplaar in de boekenkast staan!

vriendinnen in de douche

Heks en Appeltje dertig jaar geleden tijdens een toneelweekend

mooie dames

Appeltje en de schone Helena

Even schiet het door me heen, dat hij misschien dit exemplaar in mijn bus heeft gegooid tijdens een fietsronde. Maar waarom in godsnaam? Omdat het bij al zijn veroveringen op de plank hoort? Suffig sta ik naar dit stokoude exemplaar te staren. ‘Hij zou ook nooit zo’n oud boekje geven, het is een man van nieuw, nieuw nieuw’, mijmer ik.

mannen op terras

Staart, de man van Moeders en Eerhart

Met een slaperig hoofd komt mijn buurman de trap af. Ik zwaai het boekje heen en weer voor zijn neus. ‘Kijk eens wat ik in mijn brievenbus vind…’ Als snel blijkt, dat hij net een mailtje heeft ontvangen van een vriend, dat er een boek in zijn brievenbus is gedeponeerd. In de verkeerde brievenbus dus…. Vreemde synchroniciteit weer. Maar gelukkig wordt het mysterie snel ontrafeld….

oude vrienden op terras

Eerhart en Tacitus

Aan het begin van de middag lunch ik met mijn jeugdvrienden op een zonovergoten terras in de Vlietlanden. Het is heerlijk om elkaar weer eens uitgebreid te spreken onder het genot van een hapje en een drankje.

Allereerst brengen we een toast uit op Moeders. Deze bijeenkomst heeft ze toch maar weer mooi bewerkstelligd. Wat zou ze ervan genoten hebben als ze er bij had kunnen zijn!  Ze is erbij, niet fysiek, maar in al onze harten is ze aanwezig.

man op terras

Tacitus met zijn scherpe tong

De moeder van mijn jeugdvriendin is er ook! Wat heb ik haar al lang niet meer gesproken. Ik was jarenlang kind aan huis bij hen. Door haar toedoen heb ik die diepe liefde voor Schotland opgevat. Zij is een halve Schotse. Ik ben een aantal keren met haar naar haar moederland gereisd en heb daar de beste herinneringen aan.

vrouw op terras

Kittekat, de moeder van mijn jeugdvriendin

Gedurende mijn hele middelbare schooltijd kwamen we met alle schoolvriendinnen op vrijdagmiddag bij haar op de thee. Ze leerde ons haar eigenwijze levenslessen. ‘Zorg dat je op eigen benen staat, je moet ooit in je adolescente leven het gevoel kennen, dat niemand weet waar je uithangt en wat je doet!’ Ik heb heel goed naar haar geluisterd. Zelfs nu weet meestal niemand waar ik uithang en wat ik doe…… 🙂

Er lopen allemaal kinderen rond te springen. Welk kind is van wie? Wat zijn ze al volwassen! Gelukkig is er één vriendin, die pas laat aan kinderen is begonnen. Dus er loopt ook nog wat heerlijk jong spul tussendoor.

lachende  Indische man

Staart

Het is onmogelijk om iedereen te spreken in die paar uurtjes. Veel te snel is het tijd om op te stappen. ‘We gaan dit snel weer doen!’, hoor ik links en rechts. Dat lijkt Heks wel wat. Dan is ze weer van de partij. Als ze haar niet vergeten uit te nodigen tenminste…..

Op weg naar de auto sta ik nog ruim een half uur met Appeltje te praten op een straathoek. We hebben vroeger lief en leed gedeeld, jarenlang. Ook nu vertonen onze levens een opmerkelijke paralel. We zijn allebei veel met Boeddhisme bezig. Appeltje reist zelfs regelmatig naar Japan, scheert haar hoofd kaal en vervangt dan tijdelijk de abt van een klooster in de buurt van Hiroshima.

mooie vrouw op terras

Heks geniet

Intens tevreden rijd ik naar huis. Als ik mijn auto parkeer, zie ik één van mijn vrienden aan komen peddelen op zijn fiets. Weer zo’n grappig geval van  synchroniciteit. Ik ben hem in geen twintig jaar waar dan ook tegen gekomen. En nu lunchen we met elkaar en kom ik hem een uur later op een andere plek weer tegen.

Het leven zit vol magie.

hippiestel

Staart met rood haar, geverfd en geknipt door Heks.
Een uniek kapsel, zijn moeder schrok zich dood