Liefde inspireert, motiveert en amuseert me dit weekend: Er wordt flink getrouwd! Dat doe je als je van iemand houdt. Tegenwoordig. ‘Het huwelijk is een uitvinding van de katholieke kerk stammend uit de veertiende eeuw, om volgelingen onder de duim te houden…..’ fluistert mijn buurman tijdens de kerkdienst. Het kan hem intussen gestolen worden. ‘Ik zou het nooit meer doen,’ lispelt hij ondeugend. Laat zijn vrouw het maar niet horen!

Zaterdagavond kijkt Heks naar het huwelijk van Harry en Meghan. Hoe deze bi-raciale bruid wordt verwelkomt in het Britse koningshuis. Een sprookjeshuwelijk. Iedereen aan de buis gekluisterd.

Ik kijk van A tot Z naar deze fenomenale poppenkast. Ik luister naar het gezemel van een speciaal ingevlogen enige echte Nederlandse ‘Britse Royalty Kenner’. ‘Meuh, meuh, meuh….’ kwebbelt ze over de moeder van Meghan, ‘Duh, duh, duh…..’ De vader is aan de beurt. Een hele disfunctionele familie, vooral die vader. Ze verzwijgt voor het gemak, dat de man half Nederlands is! Geen eer aan te behalen natuurlijk.

‘Nou ja,’ geeft ze ruiterlijk toe, ‘Het Britse koningshuis blinkt nu ook niet uit qua functionele familie. Alle kinderen van de Queen zijn intussen gescheiden. Meuterdemeut. Maar dan de moeder van Meghan….!’

Iedereen steekt de loftrompet over deze vrouw. Een vrouw, die mij eigenlijk ook wel een heel leuk mens lijkt met haar sociale inslag, neusring en yogastudio. Alleen dat rasta haar is niet aan mij besteed.

Een vooroordeel: Heks heeft nog nooit een frisse kop dreadlocks  gezien of geroken in levende lijve. Hier ter lande kweken oer Hollandse kaaskoppen zulke kapsels door hun lokken gewoonweg niet meer te wassen en vervolgens tegendraads te kammen heb ik ontdekt. Krijg je een ranzige klitterige kaaskop. Geen gezicht natuurlijk en vooral: Geen lucht.

Maar goed. Het Britse koningshuis is enorm opgelucht, dat er nu eindelijk eens een niet-blanke toetreedt in de gelederen. Het is overigens totaal niet te zien, dat het hier een niet-blanke betreft. Tenzij je alleen ouderwets melkflesachtige medemensen als zodanig betiteld. Een type, waar Groot Brittannië van vergeven is meen ik me te herinneren.

Vergeven was. Ook in dit ouderwetse traditionele koninkrijk is een keur aan huidskleur te bekennen tegenwoordig.

‘Het koningshuis is nu een veel betere afspiegeling van de Britse maatschappij. Bladiebla….’ klinkt het verguld uit de mond van de vrouw met al het stomme commentaar, ‘De koningin schijnt ook enorm opgelucht te zijn,’ blaat ze vrolijk verder, ‘De monarchie in 1 klap gemoderniseerd…..’

Heks kan het niet laten zich af te vragen wat er zou zijn gebeurd als die arme Harry eerste in lijn van troonsopvolging zou zijn. Zouden de leden van de koninklijke familie nog zo enthousiast reageren? Een gescheiden bi-raciale vrouw met een grote bek? Want dat schijnt de nieuwbakken lieftallige bruid ook te hebben: Een ongezouten eigen mening.

Ik vermaak me kostelijk met het feeërieke schouwspel. Ik lig dubbel om alle idiote verhalen eromheen. Soms geloof ik mijn ogen bijna niet. Bijvoorbeeld tijdens de preek van de Amerikaanse bisschop Michael Bruce Curry.

De man staat bevlogen te oreren over de liefde. Geheel in Amerikaanse televisiedominee-achtige stijl. Het klinkt een beetje als vloeken in de kerk na al het stijve harkerige Britse geneuzel. Bovendien gaat hij maar door en door. De man is graag aan het woord en nu heeft hij lekker de kans.

‘Ik hou ermee op,’ zegt hij na een klein kwartier, ‘Er moet tenslotte getrouwd worden…’ Iedereen kijkt opgelucht. Maar nee, de man gaat nog zeker tien minuten door over de liefde. Iets, waar je niet genoeg aandacht aan kunt besteden lijkt me op een dag als deze.

De camera richt zich voor de zoveelste keer op de kop van Camilla, verscholen onder haar enorme zalmkleurige vliegende schotel. Zie ik het nu goed? Schampert ze tegen de naast haar gezeten Kate Middleton? Ik speel de gewraakte opname een paar keer af. Ja, het lijkt erop. Haar gemene gezichtje gluurt eventjes vals onder de schotel vandaan.

Kate reageert met een volstrekt uitgestreken gezicht. Ze schiet niet in de lach ofzo. Misschien vergis ik me.

Ach, wat kan het me ook schelen?

Zondagmorgen zit ikzelf midden in een huwelijksdienst. Onze dirigent trouwt met zijn lief. De kerk zit stampvol afgeladen. Het is een eenvoudige ceremonie voorafgegaan door een prachtige preek over de liefde.

Die belangrijke en enige drijfveer, die de mensheid bij elkaar houdt. Dit tegengif tegen woede en haat. Dit kostbare goddelijke geschenk, dat we moeten koesteren met zijn allen!

Na de dienst help ik Jip en Janneke met koffie schenken, zoals ik heb beloofd. Oh, wat leuk om weer eens iets te doen! Ik negeer mijn rug, die volstrekt verkrampt na het derde ingeschonken bakkie.

Wel realiseer ik me dat mijn plannetje om als vrijwilliger koffie te gaan schenken voor gedetineerden misschien iets te hoog gegrepen is. Er was een dame, die een oproep deed aan het eind van de dienst. En je wilt wel eens iets bijdragen als halve zool.

  1. 1 Korinthiërs 13
  2. 1 Al ware het, dat ik de talen der mensen en der engelen sprak, en de liefde niet had, zo ware ik een klinkend metaal, of luidende schel geworden.

    2 En al ware het dat ik de gave der profetie had, en wist al de verborgenheden en al de wetenschap; en al ware het, dat ik al het geloof had, zodat ik bergen verzette, en de liefde niet had, zo ware ik niets.

    3 En al ware het, dat ik al mijn goederen tot onderhoud der armen uitdeelde, en al ware het, dat ik mijn lichaam overgaf, opdat ik verbrand zou worden, en had de liefde niet, zo zou het mij geen nuttigheid geven.

    4 De liefde is lankmoedig, zij is goedertieren; de liefde is niet afgunstig; de liefde handelt niet lichtvaardiglijk, zij is niet opgeblazen;

    5 Zij handelt niet ongeschiktelijk, zij zoekt zichzelve niet, zij wordt niet verbitterd, zij denkt geen kwaad;

    6 Zij verblijdt zich niet in de ongerechtigheid, maar zij verblijdt zich in de waarheid;

    7 Zij bedekt alle dingen, zij gelooft alle dingen, zij hoopt alle dingen, zij verdraagt alle dingen.

    8 De liefde vergaat nimmermeer; maar hetzij profetieën, zij zullen te niet gedaan worden; hetzij talen, zij zullen ophouden; hetzij kennis, zij zal te niet gedaan worden.

    9 Want wij kennen ten dele, en wij profeteren ten dele;

    10 Doch wanneer het volmaakte zal gekomen zijn, dan zal hetgeen ten dele is, te niet gedaan worden.

    11 Toen ik een kind was, sprak ik als een kind, was ik gezind als een kind, overlegde ik als een kind; maar wanneer ik een man geworden ben, zo heb ik te niet gedaan hetgeen eens kinds was.

    12 Want wij zien nu door een spiegel in een duistere rede, maar alsdan zullen wij zien aangezicht tot aangezicht; nu ken ik ten dele, maar alsdan zal ik kennen, gelijk ook ik gekend ben.

    13 En nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; doch de meeste van deze is de liefde.

Mijn viervoetige vriend is zo ziek als een hond en hondsberoerd. Zelfs in dit hondenweer heeft hij nog last van de hitte. Heks maakt slapende hond wakker en gaat naar dierenarts.

Vorige week woensdag tijdens een laatste avondlijke zoekronde naar Snuitje is Ysbrandt niet vooruit te branden. Al dagen loopt hij extreem te puffen en te sukkelen: Het arme beest heeft last van de warmte. Nu is het echter goed afgekoeld. Ook miezert het een beetje. Ideaal voor oude hondjes!

Bezorgd neem ik waar dat hij alleen maar terug naar huis wil. Iedere stap is hem teveel. Eenmaal thuis zit hij zo te hijgen, dat ik er niet goed van word. Angstig kijkt hij me aan. Het arme beest krijgt nauwelijks lucht! Zijn bek houdt hij gek genoeg dicht. Ploffend beweegt hij met zijn opgetrokken wangetjes. Ook al zo’n vreemde ontwikkeling.

Mijn hondje is echt in paniek nu. Ik heb het idee, dat hij er gewoon in kan blijven! Het is zaak om hem kalm te krijgen. Terwijl ik hem voorzichtig neerleg en behandel met mijn gouden handjes voel ik hem rustiger worden. ‘Het komt goed schatje, morgen gaan we naar de dierenarts en ik ga niet weg zonder plaspillen.’

Al maanden heb ik het idee dat Ys last heeft van een lekkende hartklep. Hij heeft al jaren een hartruisje en ook is zijn gulle hondenhart een beetje vergroot. Daarnaast heeft hij vocht in de longen en een rare rochelhoest. ‘Het kan ook bronchitis zijn,’ aldus mijn dierenart, ‘Maak eerst maar eens een echo.’

De echo moest wachten, want de beoogde maker lag in het ziekenhuis. Daarna ben ik naar Frankrijk vertrokken. Daarna had ik geen geld meer. Mijn hondje ging weer helemaal goed. Misschien waren al die problemen gewoon naweeën van zijn castratie…..

Tot vorige week. Mijn schat lijkt er in te blijven. Heks schrikt zich een ongeluk. De volgende dag zit ik bij een invaller. Mijn eigen dierenarts is op vakantie. Al snel is ze het met me eens, dat hier sprake is van hartfalen: Volle longen, vergoot hart, dikke opgezette buik en een stevige hartruis…..

‘We weten pas precies wat het is na een echo. Maar je hebt gelijk, 999 van de 1000 keer gaat het om hartfalen met een lekkende klep. Het ligt er in dit geval dik bovenop. Laten we direct de behandeling inzetten, want het dier voelt zich hondsberoerd…. Je kunt die echo altijd nog maken…’

Ik krijg een doos plastabletten mee.

‘Volgens mij is er nog meer aan de hand,’ vertel ik de vrouw, ‘Ik heb op internet zitten zoeken naar problemen met de kaak bij de hond en ben me rot geschrokken. Al enige tijd heeft Ysbrandt last van zijn kaak. Uw collega kon niets vinden, het gebit is goed. Ik dacht eigenlijk dat het in het gewricht zat, maar wat ik gevonden heb is veel ernstiger!’

‘Volgens mij lijdt mijn hondje aan Kaakmyositis. een progressieve ziekte van de kauwspieren, ze sterven geleidelijk af. Of accuut, maar dit lijkt me de chronische vorm te zijn. Werkelijk alles wat ik bij Ysbrandt waarneem aan symptomen, zie ik in dit ziektebeeld terug. Zoals het feit dat hij zijn bek niet meer kan openen. En zijn veranderde gezichtsuitdrukking. Hij heeft inderdaad een vossenkoppie gekregen.’

Toevallig heeft deze dierenarts in haar leven een keer eerder met deze zeer zeldzame aandoening te maken gehad. Ze herkent dan ook de symptomen. Die hond heeft overigens maar twee maanden geleefd na het stellen van de diagnose…… ‘Bij die hond kreeg ik de bek helemaal niet meer open, maar bij Ysbrandt ook maar nauwelijks. En de kop is ingevallen… Je weet het pas zeker na een biopt van de kauwspier. Die sturen we dan op voor onderzoek….’

‘Ja, maar het lijkt me toch duidelijk dat het die aandoening is. Dus waarom eerst weer weken onderzoek doen. Hij heeft misschien nog maar een paar maanden…… Ik wil gewoon behandelen. Het enige dat werkt zijn cortisonen. Dus daar wil ik op inzetten….’

Helaas betekent het toedienen van cortisonen ook weer dat die verdraaide Demodex ofwel pupyschurft een nieuwe kans krijgt om mijn hondje kaal te maken… Het immuunsysteem moet plat om de resterende kaakspieren te redden, maar eenmaal plat krijgt die ellendige parasiet weer een kans! ‘Zou je hem niet gewoon chronisch behandelen met Tactilgifbaden en Ivomec?’ vraagt de dierenarts. Oh jee. Wat een gedoe.

Ysbrandt is gigantisch opgeknapt van al dat plassen. Hij rochelt en hoest niet meer, want het ventje krijgt weer lucht. Intussen hebben we ook nog een hartpilletje ingezet en mijn acupuncturist heeft me nog wat alternatieve medicijnen meegegeven. Mijn dagen bestaan uit hondje uitlaten en nog eens hondje uitlaten en alweer hondje uitlaten.

Ontelbaar veel kleine piesrondjes door de steeg. Net zoals toen hij nog een puppy was.

 

Daarnaast probeer ik een ritme te vinden om al die medicijnen op het juiste tijdstip bij hem naar binnen te krijgen. De smakelijke kauwtabletten voor het hart vindt hij bijvoorbeeld smerig. ‘Wat nu smakelijk? Maak dat de kat wijs!’ zie je hem denken. Die peperdure pillen moeten echter nuchter gegeven worden. dus door zijn eten mengen is geen optie…..

Met veel kabaal staat hij daarna hele bakken water weg te slobberen. Van al die cortisonen en plaspillen krijg je maar dorst! Ook aast hij weer op broodkorsten en kippenpootjes in de Leidse parken. Ook door de cortisonen. Met enig regelmaat pakt hij stiekem iets van de grond. Schijnheilig probeert hij het dan ongezien naar binnen te werken voordat ik het in de gaten heb. Maar de baas heeft altijd alles in de gaten!

Balend laat hij het beoogde stuk voedsel dan maar weer vallen. Behalve de kreeftenpoot, die hij afgelopen week scoorde. Die rook toch zo lekker! Halsstarrig houdt hij hem in zijn bek. Geen gezicht natuurlijk.

Pas na drie keer streng ‘los’ roepen laat hij de poot vallen. Je hoeft geen medelijden met hem te hebben hoor. Mijn Varkentje wordt gruwelijk verwend!

Waar ik erg aan moet wennen, is dat ik mijn stoere onverslijtbare hondje zo moet ontzien. Ik ben zo gewend veel van hem te vragen. En geloof me, als ik dat nu nog doe probeert hij het ook nog te geven. Omdat het nu eenmaal het beste hondje van de hele wereld is!

Na een onrustige week met een lamlendig hondje ga ik gisteren samen met hem de auto wassen. Op een kussen in de schaduw ligt hij me te observeren. Er waait een verkoelend windje. De vrouw wast haar kanariepiet. Ook wordt al het vakantiestof eruit gezogen. Tot slot strooi ik wat lavendelolie door mijn karretje.

Daarna gaan we naar het Valkenburgermeertje. Op ons gemak kuieren we langs het strandje. Mijn Varkentje vraagt om de bal. Met beleid gooi ik dan toch maar weer een balletje voor hem. Ik zorg dat hij zich goed afkoelt in het water. Ook mag hij niet te lang achter elkaar spelen.

Als een jonge god rent hij achter zijn balletje. Het is heerlijk weer. We hebben het weer overleefd!

Die avond zit Ysbrandt eindeloos bij me te knuffelen. Oh, vrouw, wat was het gezellig vanmiddag. Wat hebben we genoten saampjes. Heerlijk! Waf!