Donderdag de twaalfde is het weer raak! Een draak van een dag vol chagrijn en tegenslag. Pas in de loop van de avond keert het tij. Gelukkig is het morgen voorbij. Vrijdag de dertiende is meer iets voor mij!

Donderdagmorgen vlieg ik mijn voordeur uit. Ik heb haast. Heks gaat naar de mondhygiëniste. Ik heb mijn heksenbekje geschrobd en geboend. Geragerd en geflost. Ik ben er helemaal klaar voor.

Voor mijn deur staan Buurman met zijn Duitse herder Carlos en Steenvrouw.  ‘Ha, daar is ze,’ roepen ze in koor. Duf kijk ik hen aan. Het is nog een beetje te vroeg voor uitbundigheid. Mijn vrienden komen op de koffie. Hoera. Helaas moet ik er accuut vandoor. Meuh.

‘Oh, wat jammer jongens,’ Heks baalt als een stekker. We zouden nu gezellig aan de keukentafel kunnen zitten met een koppie koffie. Slap ouwehoerend. Dubbel van de lach. De hondjes tevreden spelend aan onze voeten. Verdorie. Als een speer vlieg ik de straat uit nagezwaaid door mijn maatjes.

Even later lig ik met mijn bek wagenwijd open in de stoel bij de parodontologische mondhygiëniste. Met een geniepig piepend apparaatje bikt ze elke vorm van tandsteen of aanslag van mijn gebit. Sinds ik hier in behandeling ben gaat het veel beter met mijn tandvlees.

Want ook in mijn muil houdt ME zich schuil. Ook hier is er voor infecties veel vertier. Ja zelfs mijn mooie mond is niet echt gezond. Ik poets en rager me suf. En eens in de drie maanden nemen ze me hier onder handen. Zo houd ik de ellende onder controle. Een gezond gebit is belangrijk. Ook voor de rest van je lijf.

‘Het gaat prima, mevrouw, maar hier en daar en daar kan het nog beter. Kijk!’ de behandelaar houdt een handspiegel voor mijn mond. Ik zie de resten blauw verkleurde gel zitten op de plekken waar nog wat tandplak zich heeft weten te handhaven. Mijn god. Ik poets me de pestpokken en nog is het niet goed.

Vandaag is het nationale heksenpechdag. Donderdag de twaalfde. Morgen hebben we weer geluk. Maar nu! Hu!

Eerst verlies ik het hangslot van mijn fiets op weg naar huis. Dus moet ik weer helemaal terug. Ik neem mijn hondje mee voor een lekkere wandeling. We vinden het slot, maar vervolgens stranden we bij een wegversperring.

Heks wacht geduldig tot ze er langs kan, want er komen allemaal tegenliggers aan. Het duurt en duurt. Eindelijk zijn we aan de beurt. We begeven ons over rubberen matten langs de wegwerkzaamheden. Aan de andere kant staat een opgepoetst deftig mevrouwtje parmantig te wachten.

Vriendelijk glimlach ik in haar richting, maar ik kom bedrogen uit. Verontwaardigd kijkt de teef me aan. Haar kille ogen schieten vuur. ‘Jaja, wie heeft er hier nu voorrang?’ pist ze in mijn net gereinigde bek.

Ze wil nog meer onzin uitbraken, maar Heks dient haar direct van repliek. Er zit echt niks tussen. Mijn gezicht staat nog steeds vriendelijk, ik heb stomweg geen tijd om van mimiek te veranderen, zo snel gaat het, terwijl ik haar uitmaak voor lelijk oud zeikwijf. Zo.

Vervolgens ga ik een beschimmeld glutenvrij stokbroodje terug  brengen bij de Zaailing. De verkoopster kijkt op de verpakking en ziet dat het brood al drie maanden over de datum is. ‘De uiterste verkoopdatum is 7 januari, hier kan ik echt helemaal niets mee…… Ik kan hem voor u weggooien,’ besluit ze, alsof dat het probleem oplost. Meewarig kijkt het mens me aan.

‘Ja maar ik heb het hier onlangs gekocht. Ik weet het zeker, want met kerst zijn al mijn voorraden opgegaan…..’

Het wijf vertikt het om het broodje te vergoeden. Ze kijkt alsof ik gek ben. Alsof ik de sterren van de hemel lieg. Iets dat ik nooit doe. Heks is dwangmatig eerlijk. Een hopeloze eigenschap.

In het schap ligt nog een pak stokbroodjes van hetzelfde merk, maar als ik de datum wil bekijken is het opeens verdwenen. Alle andere verpakte glutenvrije broden zijn houdbaar tot juli, augustus en zelfs september.

Het is de normaalste zaak van de wereld, dat je zo’n brood nog minstens een half jaar in de kast kunt bewaren! Ik laat het zien aan de vrouw van de winkel. ‘Maar waar is nu opeens dat andere stokbroodje van Procelli gebleven? Ik wil de datum daarop zien!’

Dat heeft mevrouw stiekempjes uit het schap gehaald en snel achter haar rug weggemoffeld, want het was ook over de datum! Heks grist het uit haar handen en kijkt op het pak: Uiterste houdbaarheidsdatum 24 maart 2018! Het ligt gewoon in de verkoop! En dan beweert dat leipe mens dat ik gek ben! Dat ik uit mijn nek sta te zwammen. Dat ik lieg dat het gedrukt staat. Achterlijke idioot.

En krijg ik het broodje vergoed? Nee. Ik mag het oudbakken over de datum exemplaar meenemen. Ter compensatie. Ik ben zo overbluft door die dikke dwarsgebreide geitensok, dat ik het nog meeneem ook. Moegestreden verlaat ik het pand. Het is altijd wat in deze winkel. Bah.

Thuisgekomen stuur ik een klacht. Daar hoor ik vervolgens niets op. Helaas hebben deze mensen een monopoliepositie op glutenvrijgebied. Ik zal er toch weer heen moeten te zijner tijd. Ik krijg bijna de neiging om een stokbrood te jatten volgende keer.  Zo goedkoop zijn die dingen niet. Maar ja. Stelen doe ik al helemaal niet. Zelfs niet bij dit soort dieven van je portemonnaie.

De hele dag staat bol van dit soort irritaties. Als klap op de vuurpijl krijg ik een lekke band tijdens een enorme uitlaatronde met mijn hondje. Middenin de polder. Ik ben helemaal naar het Joppe gefietst. Op de elektrische vouwfiets, mijn verkapte scootmobiel.

Nu moet ik het hele end teruglopen. Na tien meter veranderen mijn benen in stokjes. Pijnlijke stokjes. Moeizaam kreukel ik terug naar de stad.

Onderweg kom ik een ellendig wijf tegen met een enorme Drentse Patrijs. Het klotebeest rukt zich met riem en al los om vervolgens de weg over te rennen en mijn hondje aan te vallen. Die gilt het uit. Dat doet hij nooit. Er is dus echt iets mis, het pleureskreng heeft mijn schatje te pakken! Piepend probeert Vik zich uit de voeten te maken.

De dikke bazin van het monster ligt languit op de weg naar haar denkbeeldige riem te grabbelen. Haar korte beentjes trappelen tegen het asfalt, terwijl ze machteloos naar haar hond schreeuwt. Die is echter totaal niet met haar bezig. Ze heeft werkelijk niets over het dier te zeggen.

Ik gooi mijn fiets neer en grijp de Patrijs in zijn kippennek. Ik geef hem een nijdige pets op zijn neus. ‘Nee,’ brul ik snoeihard, ‘Nee…’

Stomverbaasd kijkt de hond me aan. Zijn grote hondenkop is vlakbij mijn gezicht, dus ik kan het goed zien. Zoiets heeft hij nog nooit meegemaakt. Niemand heeft ooit nee tegen hem gezegd, vooral zijn eigen baasje, zijn eigenste mamaatje niet. Het lijkt de gemiddelde man wel!

Mijn ingreep helpt wel, maar nu krijg ik een preek van de vrouw, die haar hond niet onder appèl heeft. Ik mag mijn perfect luisterende hondje niet los laten lopen van dit stuk kynologische onbenul.

Uitgestreken antwoord ik haar dat ze eens naar een hondenopvoedingsinstituut moet gaan voordat ze anderen de schuld geeft van het feit dat haar hond zich misdraagt. Vervolgens scheld ik haar uit voor weet ik niet wat, maar dan ben ik al buiten gehoorsafstand.

Iets verderop staat een jongeman te wachten. Hij heeft het allemaal zien gebeuren en staat al klaar om Heks te helpen haar belagers het hoofd te bieden. Dat uit de kluiten gewassen onzekere vrouwmens met haar opstandige stekeltjeshaar, bijzonder slechte humeur en uitermate onopgevoede hond…..

’s Avonds zit ik uitgeteld in mijn stoel. Alles doet zeer. Ik stop mezelf vol pijnstillers, schenk een glaasje wijn in, rook wat medicinale cannabis en bel de Don.

Dan gaat de deurbel. Buurman komt alweer langs met hond Carlos. ‘Kom Heks, we gaan handhaven. Er lopen weer allemaal van die handhaafmannetjes op de Mare! En ze doen hun werk niet naar behoren, ik heb hen er al op aangesproken!’ Oh, wat is hij weer druk.

Heks begint onbedaarlijk te lachen. Dit is precies waar ik behoefte aan heb. Flauwekul uithalen en lekker lachen. De draak steken met alles en iedereen!

Snel pak ik twee politiepetten uit mijn collectie gekke hoedjes. Een groot zwart exemplaar met klep en een grijs uiterst vreemd model uit een voormalig fout Oostblok Regime…..

Even later lopen we met ‘die pet past ons allemaal’ op de kop door de buurt te wandelen met de hondjes. Alle ellende is vergeten. We eten een patatje op een terrasje. Op een ander terrasje nemen we een drankje. De hondjes rennen vrolijk achter balletjes aan. De zon gaat onder, maar op een bepaalde manier ook op. Breekt door.

Op weg naar huis handhaven we nog eventjes bij de soepwinkel op de Mare. Er staat een fiets voor het pand met een reclamebord erop. ‘Is dit voertuig van U?’ brult Buurman met zijn forse stemgeluid naar de uitbater, een oude bekende van ons. ‘Haha,’ reageert die, ‘Hallo Heks, hoe gaat het met jou?’

Zo is deze hopeloze dag gered. Deze donderdag de twaalfde. Op de valreep. Morgen is het vrijdag de dertiende. Goddank. Een Keltisch geluksgetal. Een vrouwelijk getal. Dan komt alles weer goed!

Goedesmorgens allemaal. Heks heeft er zin in vandaag. Eerst met Varken de bossen bij Endegeest in. Herinneringen aan mijn tijd in dit gesticht. Lekker wandelen over de markt, beetje flirten…… En de dag is nog niet eens om! Vanavond naar het theater!

images-371

Goedesmorgens gekke Ysbrandt, goedesmorgens maffe Panter, goedesmorgens rare Boskat, kom eens lekker hier Rooie Miep, Snuiterd, Bolster, Lapje en Pippi. Ik knuffel mijn katten en dol met mijn hond. Heks is in een goed humeur. Ik stap zomaar met mijn goede been uit bed! Goed onthouden wel been dat is, ik vergis me nogal eens tegenwoordig.

Als ik de woonkamer in loop spettert zonlicht door de gordijnen. Ik trek ze open: Wauw! Wat een prachtig weer! Door mijn gisteren gelapte ramen is het goed naar buiten kijken. Toch open ik de balkondeur en snuif de frisse voorjaarslucht op. Heerlijk!

Eerst maar eens een koppie koffie, pijnstillers en een broodje met Tahin. Ik check mijn statistieken. Door het plafond, alweer. Voor de zoveelste keer. Wat gek, zo vroeg op zaterdagmorgen. Iedereen ligt dan toch nog op 1 oor? In Amerika niet. En daar hebben ze verwoed zitten lezen vannacht….

Opeens is het leven niet meer zo’n opgave. Er lijkt iets verschoven te zijn vanbinnen. Tevreden stap ik onder de douche.

Even later ben ik op weg naar fysiotherapie. Mijn martelmeesteres is een weekje op vakantie geweest. Met haar zus. Naar New York. ‘Hoe was het in The Big Apple?’ Brede lach ‘Geweldig Heks! Het vloog natuurlijk voorbij. We zijn lekker naar musea geweest en vooral heel veel naar mooie muziek gaan luisteren.’

Haar zuster is jazzsaxofoniste en heeft jarenlang in New York gewoond en gewerkt. En gestudeerd natuurlijk. En opgetreden….. Wat moet het geweldig zijn om met zo’n gids op stap te gaan in de stad die nooit slaapt!

‘Gelukkig is het niet zover, in verband met het tijdsverschil. Had je last van een jetlag?’ Mijn kwelgeest schatert het uit, ‘Welnee, ik ben direct doorgegaan naar de carnaval. In Tilburg! Ik heb net zo lang gefeest totdat ik zo moe was, dat ik in één klap over die jetlag heen was.’ Oh, oh. Wat een energie! Intussen heeft ze ook nog eens al haar tentamens gehaald! Knap hoor.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Met Varkentje duik ik vervolgens de bossen rond Kasteel Endegeest in. Hier kun je heerlijk wandelen. Gek eigenlijk, die naam in combinatie met het gekkengesticht, dat hier is gevestigd. Het einde van je geest….. Het zal oorspronkelijk wel iets hebben betekent als het einde van Oegstgeest. Of het einde van de geestgronden…… Het is een prachtig landgoed. Opeens zijn we eventjes helemaal weg uit de stad.

Als kind ben ik hier ambulant behandeld bij kinderpsychiatrie. Om af te kicken van de valium. Ik bleek er niets te zoeken te hebben, met mijn koppetje was niets mis. Alleen had iemand het nodig gevonden om me valium en dergelijke voor te schrijven. Eén of andere neuroloog. Na een reeks hersenschuddingen en een kleine hersenbloeding. Littekenweefsel in mijn hersenen zou de ondraaglijke hoofdpijn veroorzaken waar ik aan leed, vandaar.

Rijksmonumentnummer 515002: IJskelder kasteel Endegeest

Ja, een jong kind jarenlang op de valium, dat kan natuurlijk niet goed gaan. Ik viel dan ook wel eens zomaar uit de ringen op gymnastiek. Of van mijn fiets: Hopla,  weer een hersenschudding!

Uiteindelijk heb ik wel iets gehad aan mijn behandeling  bij dit instituut. Niet direct. Eerst moest ik nog langs een idioot van een psychiater. ‘Masturbeer je wel eens?’ vroeg hij nieuwsgierig. Ik was piepjong en rete-naïef. Waar had die man het over? Hij liet me ontspanningsoefeningen doen op zo’n slaapbank. Ik voelde me doodongelukkig bij die kerel.

Hierna kwam ik in handen van een betweterige drilsergeant van een vrouw. Het was een kolossaal wijf en ik was een beetje bang van haar. Haar goedbedoelde opmerkingen dat ik toch een mooi en lief en slim meisje was kwamen niet over, want ze wekte bij mij sterk de indruk, dat ze zichzelf dik en lelijk vond. Ze walste over me heen!

Maar tot slot kwam er een hele tere zachte vrouw. Een geurende bloem. Zij wist mijn vertrouwen te winnen en heeft me destijds overeind geholpen en genoeg hulpmiddelen  meegegeven om te kunnen overleven in mijn leven. Ik was niet eens zelf het probleem heb ik uiteindelijk ontdekt. Zo’n twintig jaar later pas!

Vandaag lijkt mijn leven nieuw en fris. Rare herinneringen ploppen op en verdwijnen weer. Ik loop door een tuin met bloeiende krentenbomen. Hele hoge. Prachtig. Iets verder is de aarde ouderwets omgespit met een schop. Ik zie het aan de vierkantige brokken grond. Het ruikt heerlijk naar onze Grote Moeder.

Vanmiddag loop ik over de gezellige Leidse markt. Een knappe kerel loopt met me te flirten. Er hangt een beetje kwijl aan zijn kin……Toe maar! Ik doe boodschappen voor vanavond: Heks gaat lekker koken voor iemand en daarna naar het theater! Ik kom duidelijk weer enigszins tot leven!

Gisterenavond at ik bij Frogs. Na het geven van het wekelijkse gifbad aan Ys inclusief een paar enorme wandelingen met het Varken heeft hij ook nog voor me gekookt. Wat een schat!

Later die avond zet hij vuilniszakken voor me buiten. Terwijl ik ze dicht sta te knopen, trekt hij zijn jas aan. Plotseling hoor ik een nummer van Polo Montañés in mijn hoofd. ‘Oh, Frogs, ik heb zin om even lekker salsa te dansen….’ roep ik enthousiast. Perplex kijkt mijn vriend me aan. ‘Dat liep ik net te denken,’ zegt hij verbluft.

De jas gaat uit en de vuilniszakken moeten wachten. Even later zwieren we door de kamer. Frogs heeft een pittig hoedje opgezet. Trots zie ik hem voor de enorme spiegel heen en weer draaien. Ik moet erom lachen. ‘Loop je jezelf te bewonderen?’ plaag ik hem. Mijn kikkervriend grijnst me toe. ‘Natuurlijk, Heks. We zien er geweldig uit!’

 

 

 

In je blote kont om een flatgebouw rennen en je doel verplaatsen. Jezelf niet meer verdedigen door een ander gewoon gelijk te geven….. Kortom: Schijt hebben aan wie wat dan ook maar over je zegt of denkt. ‘Heks, wat in iemands kop zit kun je niet veranderen! Maar je moet wel je helende handjes laten wapperen…..’ Consult bij paragnost Peter van der Hurk deel 1!

Woensdagmorgen sta ik op tijd op. Vandaag gaat het me niet gebeuren, dat ik vertraging oploop door een kotsende hond of brakende kat! Ook files mogen geen kans krijgen om roet in het eten te gooien. Ik wil op tijd zijn voor mijn afspraak met de paragnost!

Vier minuten later dan gepland stap ik in de auto. Helemaal niet gek voor mijn doen. Ik ben ruim een half uur te vroeg vertrokken, dus op tijd zijn voor mijn afspraak moet gaan lukken. Dat staat vast. Geen twijfel mogelijk. Ik voel het op mijn klompen, aan mijn water en mijn stekende hekseneksteroog!

Als ik de Mare op draai met mijn piepkuiken bots ik bijna tegen mijn heksenvriendinnetje Fiederelsje op. Wat een toeval toch weer! Ik draai mijn raampje open: “Ik ben op weg naar Peter van der Hurk, ik ga eindelijk antwoorden krijgen op heel veel vragen!’ Mijn vriendin steekt haar eierkopje naar binnen en geeft me een zoen. ‘Heel veel plezier, lieve Heks, geniet ervan!’

Op mijn gemak rijd ik naar een dorpje van niets in het Westland. De weg is rustig. Het weer is grauw. Er waait een snijdende wind. Mijn auto schudt heen en weer door plotselinge windstoten. Varkentje ligt doodstil naast me op de grond. Hij houdt niet van autorijden. Hij gaat graag mee met de vrouw, waar dan ook naar toe. Maar hij zal nooit zijn kop uit het raam steken onderweg. Laat staan uit het raam kijken…..

Omdat ik zo vroeg ter plekke ben heb ik alle tijd om een uitgebreid rondje met Ysbrandt te lopen. Dan ga ik op zoek naar het adres. Een heel gewoon flatgebouw aan een gezellig plein. Er is markt vandaag. De kraampjes staan in rijen opgesteld. De oerhollandse geur van haring en stroopwafels slaat me in het gezicht.

Als ik aanbel bij de flat neemt een buurvrouw me mee naar binnen. Natuurlijk weet ze wie haar beroemde buurman is, ‘maar echt kennen doe ik hem niet hoor,’ besluit ze haar betoog.

Nog steeds te vroeg bel ik aan. ‘Geeft niks, kom maar binnen hoor, ‘ hoor ik een stem op de achtergrond, als zijn vrouw de deur opent. Even later zit ik tegenover deze beroemde paragnost. De zoon van de ooit minstens zo befaamde paragnost Peter Hurkos. Hij kijkt me vriendelijk aan. Zijn eega Mary brengt ons een koppie koffie. We praten eventjes over koetjes en kalfjes.

Dan vraagt hij om een foto van mezelf. Wat stom. Ik heb allerlei afbeeldingen bij me, maar geen enkele van mezelf. ‘Jawel joh, je paspoort, rijbewijs?’ Niet veel later wrijven zijn vingers over het piepkleine boeventronieachtige pasfotootje in mijn paspoort. ‘Eerst ga ik even je fysieke gezondheid na.’ In een sneltreintempo loopt hij mijn lichaam langs en maakt rake opmerkingen over hoe het met mijn lijf gesteld is.

Geen alarmerende dingen, behalve een hopeloos immuunsysteem. Gespannen nek en rug. En nog wat mankementen. Niets echt akeligs in elk geval. Daar ben ik blij om, want MEpatiënten ontwikkelen nogal eens één of andere vorm van kanker als bijverschijnsel van hun ziekte. Daar hoef ik voorlopig niet bang voor te zijn, dunkt me! Het reguliere medische circuit checkt dat nooit. Voor hen zijn wij nog steeds psychiatrisch patiënt…..

Het verhaal gaat plotseling over van de puur fysieke kant van mijn gesteldheid naar mijn mentale en emotionele welzijn. De man tegenover mij praat en praat. Hij heeft een verrukkelijk Haags accent. Zonder omhaal van woorden vertelt hij me hoe ik mijn leven lang voor anderen heb geleefd, hoe ik heb lopen zorgen en pleasen en hoe zat ik dat ben. ‘Je hebt er genoeg van, je hebt nergens zin meer in,’ beweert hij.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

Hoe is het mogelijk? Hij slaat de spijker precies op zijn kop. Er volgt een lang betoog over hoe ik me niet langer moet verdedigen tegenover allerlei lieden, die zelf te dom zijn om voor de duvel te dansen.

‘Je trekt je ook veel te veel aan van wat anderen van jou vinden. Dit uit zich door jezelf te bewijzen, maar ook door jezelf te verdedigen voor van alles en nog wat. Maar als mensen iets in hun kop hebben haal je dat er toch niet uit. Ik geef zulke types altijd direct gelijk.’

‘Stel je voor dat ik met jou op een terras wat zit te drinken. Belt zo’n figuur me op met een smoes. En dan begint ‘ ie van: “Ik heb je wel zien zitten met die langharige brunette. En het was niet je vrouw!’ “Inderdaad , zeg ik dan, je hebt helemaal gelijk, ik ben ff lekker aan het vreemdgaan.” Onzin natuurlijk, want als ik dat zou willen ga ik toch niet open en bloot op een terrasje zitten… Hahaha.’

‘Door je te verdedigen geef je heel veel macht aan zulke hele domme mensen. Want je gaat mee in de gekte in hun hoofd.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

‘Kijk, ik zal je nog een voorbeeld geven: Stel dat ik zin heb om in mijn blote kont om dit flatgebouw te rennen. Dus ik kleed me uit en ren een rondje en er zijn twee buurvrouwen die het zien. De ene moet lachen, ‘Ga je lekker Peet?’ , maar die ander belt de politie. Dus die komt. ‘Hebt u dat gedaan?’ ‘Ja’. Of ik het niet meer wil doen, want die ene vrouw heeft zich eraan geërgerd….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

Maar de volgende dag wil ik weer in mijn blote kont om de flat rennen. Dan moet ik één ding doen: Kijken of die lastige buurvrouw voor het raam staat. En zo ja? Dan verplaats ik mijn doel: Dan ren ik gewoon om dat gebouw daar in de verte heen! Jij zou dat niet doen, jij gaat in de verdediging. Moet je niet doen, Heks!’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Jij bent anders Heks, altijd al geweest. Als kind had je al vreemde ideeën. Je was een buitenbeentje in jullie gezin. Je werd niet echt begrepen. Net als ik overigens. Jij kunt ook hetzelfde als ik, alleen kan jij er ook bij genezen. Met je handen. Dat moet je gewoon gaan doen. Laat al die  mensen die altijd met hun problemen bij jou komen er maar voor gaan betalen!’

Het uur vliegt voorbij, terwijl de tijd ook stil lijkt te staan. In opperste concentratie praat mijn gespreksgenoot verder. Hij geeft me goed inzicht in hoe ik in relaties heb gefunctioneerd. Hoe ik mijn best heb gedaan om het iedereen naar de zin te maken. Hoe ik voor anderen doe wat ik niet voor mezelf zou doen. Maar ook hoe weinig mensen me echt kennen……

‘Jij wordt vaak heel verkeerd ingeschat. Je bent een prachtige vrouw met een schitterend voorkomen en een heel sprekend gezicht. Zelfs als je een jutezak aantrekt ben je nog beeldschoon! Je komt heel krachtig en evenwichtig over. En warm. Je trekt mensen aan als een magneet. Ze zoeken geborgenheid bij je. En iedereen is altijd welkom, ook de meest vreemde en rare types, je kent ze wel: Mensen die uit de poppenkast zijn gevallen.’

Ja, ik ken het. Heks sluit niemand buiten. Nooit. Iedereen is mijn partner immers…..

‘Veel mensen zeggen dat ze van je houden, maar ze lullen maar wat. Ze kunnen net zo goed zeggen dat ze van lekker eten houden. Of van een paar nieuwe schoenen. Als jij zegt dat je van iemand houdt komt dat uit je hart. Jij voelt echt liefde dan. Dat is een groot verschil. Ook in liefdesrelaties zoek jij een echte ouderwetse complete verbinding. Maar je hebt altijd gesetteld voor iets wat er niet in de buurt komt!’

‘Jij hebt ook zo je grenzen en veel pijn als mensen eroverheen gaan…. Maar als jij aangeeft dat je iets niet kunt of wilt geloven mensen je gewoon niet. Ze vinden eigenlijk dat je het gewoon allemaal maar wel moet doen. ‘Dat doet ze uiteindelijk toch wel’ denken ze dan. Ze pikken het ook niet als je niet doet wat ze willen, dan breekt de pleuris uit! Gewoon schijt hebben aan al die mensen!’

Schijt, schijt, schijt aan iedereen is het advies. Meuh! Ik hoop dat het me bevrijdt, want ik raak wel erg veel kwijt de laatste tijd……

billenfluisteraarbillenfluisteraarbillenfluisteraar

Overigens bestaat er ook een vorm toekomst voorspellen door het lezen van billen……

Heks is het zat. Ze wordt eindeloos op het verkeerde been gezet en pootje gelicht door een Liegbeest. Ze wil de waarheid en niets dan de waarheid, maar Jokkebrokken malen nu eenmaal niet om eerlijkheid. Die zijn alleen maar bezig met het redden van hun eigen leugenachtige smoelwerk van gezichtsverlies….. Dus maak ik een afspraak met een paragnost. En niet de eerste de beste: Peter van der Hurk!

Heks is een kreng en een bitch! Oeps! Sorry dat ik niet de toegewijde liefhebbende persoon ben, die jij als medemens verdient! Ik moet nog veel leren….. Wijze lessen van een ‘eenvoudige’ 😉 man: Consult bij paragnost Peter van der Hurk deel 2!