Het instuderen van Kinot heeft het hele koor opgetild naar een hoger niveau
–
Ons koor ‘Ex Animo’ heeft dit jaar een fantastische recensie gekregen voor onze vertolking van de Matthäus Passion in onze lokale krant: Het Leidsch Dagblad. We zongen veel beter dan vorig jaar. Ja, vind je het gek? Toen deed ik nog niet mee……. 🙂
–
Ex Animo zingt naar een opstanding toe!
–
Volgens de vriendin van onze dirigent komt onze bovengemiddelde zangprestatie voort uit het feit, dat we vorig jaar dat ongelofelijke moeilijke atonale koorwerk ‘Kinot‘ van René Samson hebben ingestudeerd. Dat heeft uitermate veel inzet en concentratie van de koorleden gevergd. Daar plukken we nu de vruchten van!
–
Tijdens de eerste repetitie na onze uitvoering worden we uitgebreid toegesproken door de dirigent. Hij is zeer in zijn nopjes met de recensie en onze prestatie. ‘Het is elk jaar weer een feestje om dit grote werk uit te voeren, maar dit jaar zijn we boven onszelf uitgestegen.’
–
–
Dezelfde avond echter beginnen we alweer aan een nieuw project. Het Leids Amateurkunst Festival. We studeren hiervoor muziek in van Finse en Deense componisten. Komend weekend krijgen we Deense les. Heks heeft vroeger een tijdje die taal bestudeerd in het talenlaboratorium van de universiteit. Ik heb dus een kleine voorsprong….. Later gaan we ook nog Fins leren uitspreken. Het hoogst haalbare, want begrijpen zit er echt niet in. Deze taal behoort tot de Oostzeefinse talen binnen de Finoegrische taalfamilie. Het is verwant aan het Hongaars. Maar voor ons is het apekool.
–
In de pauze zit ik lekker te giebelen met een paar alten. Ze plagen me met mijn aanvaring vorige week met een stelletje bitchy sopranen. Werkelijk iedereen heeft me horen schreeuwen tegen die twee taarten, maar slechts een klein clubje heeft gezien hoe ze me te lijf gingen… ‘Haha, ze wilde gewoon je muziekstandaard afpakken, maar je gaf em niet af! Hihi, die ene stond maar aan die poten te rukken….. Onder het schreeuwen van: Ik zit zelf ook in de muziek!’
–
Nou ja, mijn toetreden tot dit koor is niet onopgemerkt gebleven.
–
–
Aan het eind van de avond spreek ik de vroegere koster aan van een kerk in Leiden Zuid West. Ik gaf daar dertig jaar geleden dramalessen aan een stel geweldig leuke jonge mensen. Eén daarvan is zijn intussen natuurlijk volwassen dochter. Zij is onlangs ernstig ziek geworden. Een chemokuur heeft haar voor de poorten van de hemel weggesleept, terug dit aardse bestaan in.
–
‘Wat fijn, dat die kuur is aangeslagen, hoe is het nu met haar?’ Ik krijg een uitgebreide update van haar toestand. ‘Je hebt haar goed gekend, hè?’ Goed is overdreven, maar ik heb wel hele goede herinneringen aan die enthousiaste club jongelui.
–
Later die avond herinner ik me, dat ze ooit een keer grote moeite had met een opdracht: Ze moest op overtuigende wijze een sterfscène te spelen. Ze bakte er niet veel van. ‘Toen niet en nu gelukkig ook niet,’ denk ik bij mezelf, als ik weer thuis op de bank zit.
—
–
Zingen in een koor. Het behelst veel meer, dan je mond open doen en alle registers open zetten. Muziek instuderen en samen oefenen. Het is een sociaal gebeuren. Mensen leven intens met elkaar mee. De ouders van de vrouw met kanker hebben ongelofelijk veel lieve kaartjes en telefoontjes gehad van koorleden.
–
–
Een maatje van me, die ook pas net lid is kreeg direct iemand op ziekenbezoek, toen ze een operatie aan haar knie onderging! Dat brengen familieleden en vrienden soms niet eens op voor hun medemens.
–
Ik stort me er dan ook helemaal in. Volgende week doe ik mee met een concertje in de Pieterskerk in het kader van het afscheid van een medewerker aldaar. We krijgen een gezellige maaltijd aangeboden en zingen dan een mooi lied over Leiden. Hartstikke leuk toch?
–
Hier hebben we onze laatste twee concerten gezongen!
Vorige week krijgt Heks een berichtje op Facebook van een oude vriend: ‘Hi Heks, hope you are well. Just to say that Red Nose and myself are going to be in Amsterdam next weekend 6th March for a few days. It would be great to meet up somehow but I’m not sure if this will be possible. Let me know what you’re up to. Cheers Little Salmon.’
Little Salmon met een drakenhoed en Heks met masker
Ha! Heks springt een gat in de lucht. Wat een goed nieuws. Ik begin plannetjes te maken om elkaar eventjes te kunnen zien. Het makkelijkst is het om in de hoofdstad af te spreken. Dat komt goed uit. Ik ben toch al van plan om een paar dagen naar Cowboy te gaan. We hebben kaarten voor een mooi concert.
Zo reis ik dan zaterdagavond af naar mijn liefje. Varkentje mag natuurlijk mee. Zondagmiddag spreek ik met mijn oude vrienden af bij café Cuba op de Nieuwmarkt. We gaan muziek luisteren en lekker eten met elkaar. Als we arriveren zijn ze echter in geen velden of wegen te bekennen. Misschien kunnen ze de locatie niet vinden? Ik loop net de bar weer uit om eventjes te telefoneren, als ik opeens rare geluiden hoor vanaf het terras.
Ik kijk achterom. Nog steeds geen spoor van mijn vrienden. Wel zie ik twee ongelofelijk vreemde snuiters mijn aandacht trekken. Wat een rare koppen! Bizar gewoon! En toch komen ze me bekend voor……. Opeens zie ik, dat het wel degelijk mijn vrienden zijn. Met een masker op! Bijna identiek aan exemplaren, waarmee we ons zo’n dertig jaar geleden onsterfelijk maakten.
Wat zien ze er weer uit. Geweldig. Cowboy staat er een beetje beduusd bij te kijken, als ik hem aan deze rare snoeshanen voorstel. Maar al snel wordt hij volledig in het gezelschap opgenomen: Hij krijgt zijn eigen masker cadeau!!! Gek genoeg past het prima bij zijn gezicht, dit vierkante-kaaklijn-Mick-Jagger-exemplaar……
Zo zit ik dan met drie uitermate vreemde types op een Amsterdams terras. De kwinkslagen vliegen door de lucht. ‘Je vindt het toch niet vervelend, dat we allemaal oude herinneringen ophalen?’ vraagt Rode Neus aan mijn lief. Die zit met gloeiende oortjes te luisteren naar al die rare verhalen uit vervlogen tijden.
‘Kom, we gaan naar het muziekcafé, voordat de jamsessies voorbij zijn,’ stelt hij voor. We tronen onze vrienden mee naar dit bekende literaire café, waar elke zondagmiddag een keur aan jazzmuzikanten hun kunsten vertonen. Het blijkt een schot in de roos te zijn:
Precies het soort gelegenheid, waar mijn Schotse vrienden van houden. Maar vindt zoiets maar eens als toeristische buitenlander in een vreemde stad.
Daarna gaan we naar een Thaise snackbar aan de Zeedijk. Op een bankje voor de deur wachten we tot er een tafeltje vrij is. Aan de overkant is hun restaurant. Daar is het ook enorm druk. Cowboy en Heks hebben echter een voorkeur voor het no-nonsense piepkleine eethuisje. Hun curry’s zijn fantastisch en ze serveren een verrukkelijk potje jasmijn thee.
Gelukkig vinden mijn vrienden het ook een goede keuze. Al snel zitten we met een paar enorme borden voedsel voor onze neus. Terwijl we ons te goed doen aan al dit heerlijks, staan onze kaken ook niet stil als het om allerlei gekke verhalen gaat. We informeren naar wederzijdse kennissen. Sommigen zijn ons al ontvallen. We halen anekdotes op. Doen de groeten aan allerlei mensen, die we al in geen eeuwen hebben gezien……
‘Kom, we gaan nog een dram, borreltje, halen. One for the road,’ zegt Little Salmon. We belanden in een horecagelegenheid op een steenworp afstand van het huis van Cowboy. Ik bestel een heerlijk glas Corenwijn voor de boys. Dat kunnen ze wel waarderen. ‘Ik zal voor jou eens een hele lekkere whisky uitzoeken.’
Rode neus loopt naar de bar. Even later komt hij terug met een tevreden grijns op zijn gezicht. Er wordt een groot glas van dit godendrankje voor mijn neus neergezet. Heks moet nu gaan raden welke whisky het is……
Zet je masker op, Rode Neus
Schiet eens op, Mick Jagger is al klaar
Zo, eventjes onze nieuwe vriend omarmen
Zo, lachen naar het vogeltje
Drie kleine kleutertjes
Bij het afscheid zingen we gezamenlijk het lied over Mrs McGinty. Deze dame moest op haar sterfbed plotseling enorm poepen en deed dat toen maar uit het raam. Bovenop de helm van een politieman, die daar toevallig stond. Het is een mooi gevoelig lied, vol dramatiek. We hebben er allemaal bewegingen en maniertjes bij bedacht om de strekking kracht bij te zetten. Als we klaar zijn oogsten we een klein applaus van een paar mensen op het terras!
Wat een heerlijke middag, wat een cadeautje. Terwijl we weglopen kijken we steeds achterom om naar elkaar te zwaaien. Dag lieve vrienden, moge de Grote Zalm, Big Salmon, jullie beschermen. En hopelijk tot binnenkort.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.