‘Bad Habit, Holy Orders’ is echt leuk om naar te kijken. Als je puberaal geneuzel verdraagt tenminste. Opgedirkte alcoholverslaafde jongedames met meer sekservaring dan de gemiddelde prostituee krijgen een korte maar krachtige reset in een Kutholiek klooster. Wat kun je ervan verwachten? Met al die misstanden in dit soort instituten in je achterhoofd? Mij krijg je er in elk geval met geen stok in….. Maar nee, het valt juist mee. Geen grensoverschrijdend gegrabbel of stokslagen……… Geenszins! Het is juist OK!

Zullen ze zo naar huis komen?

Pubers zijn niet de meest invoelende bevolkingsgroep die er bestaat. Zacht uitgedrukt. Gedurende enige jaren is er een complete volksverhuizing gaande in hun hersenpannetjes.

Dat resulteert in een drastische afname van hun empatisch vermogen. Pas als de interne verhuizing rond is en alle functionaliteit herstelt valt er weer mee te praten. Tot die tijd is het afzien. Volhouden en incasseren. Blijven ademhalen.

Ik heb dit fenomeen uitgebreid kunnen bestuderen, toen de kids van mijn vrienden die gezegende leeftijd bereikten. Ook is Heks wel eens goed te grazen genomen door een puberaal nichtje. De gevolgen zijn tot op de dag van vandaag voelbaar. Buiten dat hebben haar manipulaties en gelieg me ook de nodige familiaire banden gekost.

Of sprak ze de waarheid? Heks zal er nooit achter komen.

Dus ik weet ondanks mijn kinderloze staat prima van de hoed en de rand als het om klierige pubertjes gaat.

Ik kan me de wanhoop dan ook goed voorstellen, die een aantal Britse ouders ertoe beweegt om hun opstandige dochters een maandje in een katholiek klooster te stoppen. Op te sluiten. Weg te werken.

Teneinde diezelfde dames geheel in het gareel weer thuisbezorgd te krijgen. Want dat willen ze dan toch wel, die ouders. Ze nemen niet definitief afscheid.

Ze zeggen niet: ‘Alle ellende in ons gezin, misschien zelfs in de hele wereld, ligt aan jou, vervelend kutkind. Dus we stoppen je in een kindertehuis,’ zoals ik ooit te horen kreeg op diezelfde leeftijd. Toen ik nog niets dronk of rookte, niet uit ging, niet naar jongens keek. Toen ik nog heel braaf was ende lief.

Heks valt midden in de eerste uitzending. Een stelletje spuuglelijk opgetuigde meiden lopen opstandig door het beeld te paraderen. Hoog opgetoupeerde haardossen vergeven van de extensions. Vijfentwintig lagen make up in gevecht om een eigen plekje op hun puistige smoeltjes. Een gevechtszone aan oorlogskleuren. Een smerig spergebied van smeersels.

Paarse, groene, gele bontjassen en rokjes zo kort, dat je hun heilige kruis eronder vandaan ziet koekeloeren vanachter een weerloze minuscule string. Een vetertje, meer niet. Een stuk flos geklemd tussen gretige puberale schaamlippen.

Begrijp me goed, de meisjes zijn piepjong. Ervaren, maar piep. Sommigen hebben meer sekspartners gehad in hun prille leventje, dan mijn hele promiscue vriendenkring gedurende hun ellenlange jaren ’70 seksleven bij elkaar. Inclusief ikzelf. Maar ze herinneren zich er weinig van. ‘Ik was meestal strontlazarus tijdens de seks,’ giebelt een deelneemster zorgeloos. Een hard lachsalvo volgt. Het is toch ook hilarisch?

Haar ogen lachen niet mee.

Al na een dag of twee weten een paar opgetoeterde mokkels een fles wodka naar binnen te smokkelen. Lachen man. Lekker dwars en opstandig. Heerlijk toch?

Helaas worden ze betrapt. Moeder Overste in eigen persoon gaat de confrontatie aan. En werkt het?

csm_Bad_Habits_1_Cr_c18df2f7aa

De dames op hun logeeradres.

Of het nu komt doordat ze al een paar dagen geen alcohol naar binnen hebben gekregen of door de afwezigheid van hun irritante ouwelui, de meisje zijn gevoelig voor de teleurstelling van de nonnetjes. Ze bieden hun excuus aan. De aanstichtster ligt zelfs een hele nacht wakker uit schuldgevoel. Gevoel, jawel. De dame heeft opeens haar geweten terug. Tevoorschijn gekomen vanonder al die lagen neplach en krijsbestuiving.

De serie ‘Bad Habits, Holy Orders‘ beslaat vier afleveringen. Nadat de meisjes hun gevoel en geweten terug hebben gevonden worden ze op missie gestuurd. Een aantal van hen experimenteert dan al met het niet dragen van lagen make up. ‘Ik heb helemaal niets op mijn gezicht,’ zegt een grietje vanonder haar valse aanplakwimpers. 😉

Het ligt zeker aan mij, maar ik zie nog steeds meer verf op haar bek, dan bij mezelf als ik een avond volledig opgetuigd naar de opera ga bijvoorbeeld. Maar goed. Het zijn nog altijd twintig lagen minder dan normaal……

In deel drie gaan de dames naar andere kloosters om wat levenservaring op te doen met hun zojuist hervonden geweten en gevoel. Eerst een orde waar ze van een feestje houden: De Franciscanen.

De meisjes weten niet wat hen overkomt! Overdag worden ze aan het werk gezet in kringloopwinkels en gaarkeukens. Maar ’s avonds gaat het dak eraf. Er wordt gedanst en hoe! Zonder de volgens de meisjes daarbijbehorende alcoholblur. Broodnuchter staan de overwegend donkergekleurde zusters te twerken. Tot groot vermaak van de jongedames: Het spirituele leven is zo gek nog niet!

Dan is het tijd voor het meer serieuze werk. Bij een zwijgende orde, ik meen de Karmelieten, ontdekken ze dat ze wel erg veel lopen te klessebessen. Nog geen seconde lukt het de dames om hun mond dicht te houden. Zelfs als ze dan toch per ongeluk stilvallen wordt dit direct benoemd…..

Toch dwingt het alomtegenwoordige zwijgen van de overigens weer volledig blanke zustergemeenschap respect af. En langzaam dringt die stilte dwars door de door onnozelheid verstopte poriën bij de meisjes naar binnen. ‘Ik heb ontdekt dat ik in die stilte goed kan nadenken over mijn leven….’ beweert een deelneemster zelfs bij het afscheid.

Bij the Little Sisters of the Poor worden ze echt aan het werk gezet. Deze keihard werkende orde runt een kleine ziekenboeg. De meest hopeloze gevallen worden hier liefdevol verpleegd. De meisjes lopen spitsroeden en ze vinden het leuk!

Na al deze omzwervingen keren de dames terug in het klooster, waar ze hun spirituele zoektocht een paar weken ervoor begonnen zijn. De dikke lagen make up zijn verdwenen. Een aantal meisjes hebben zelfs hun roeping gevonden: Ze willen voor zieken gaan zorgen. Of in een tweedehands kledingwinkel gaan werken.

‘Stil worden en compassie voelen heeft echt zijn werk gedaan,’ concludeert Moeder Overste grinnikend. Ze kent haar pappenheimers. ‘Ik kwam hier ooit in een ultrakort minirokje aanzetten. “Ik wil intreden”. Nou, daar keek de Deken toen ook raar van op,’ grapt ze.

Een jong meisje heeft een hele brief geschreven aan haar ouders. Jarenlang deed ze niets anders dan weglopen en comazuipen. En neuken. Maar met wie weet ze niet meer. ‘Dat is allemaal een grote blur,’ verklaart ze ongevraagd. Maar nu wil ze niets liever dan het goedmaken met haar vader. De man waar ze vroeger zo dik mee was. ‘Ik was een echt vaderskindje.’

Ook de andere dames hebben een complete transformatie ondergaan. Stil worden en compassie voelen zijn een magische combinatie als het om het verpoppen van lelijke pokdalige puberrupsjes naar prachtige kleurrijke sociale vlinders gaat. Het experiment is bijzonder geslaagd!

Heks heeft er in elk geval met veel plezier naar gekeken.

IMG_9482

Religie is niet zaligmakend. Ik ken vreselijk vervelende en tevens bekrompen mensen met spirituele praatjes tot en met. Intussen veroordelen ze homo’s, verketteren ze alles wat niet binnen hun religie valt, slaan ze hun nakroost, naaien ze hun dochters en ga zo maar door.

Hele oorlogen worden ontketend in naam van de Heer. Nou ja, daar weten we alles van. Religie staat niet garant voor goed gedrag. Laat staan liefdevolle aandacht.

Maar spirituele waarden zoals liefde, compassie en vergeving blijven wat mij betreft altijd overeind. In welke traditie je ze ook tegenkomt. Of het nu gesluierde oudbakken katholieke bruiden Gods zijn of hun meer moderne kaalgeschoren Boeddhistische zusters uit Plumvillage, die ze je bijbrengen….. Of desnoods een lekkere westerse Moslima met hoofddoek……. Het resultaat mag er zijn.

Kijk maar naar mijn.

Hier zijn er al wat laagjes af.

 

 

 

De nacht valt me hard in mijn hart. De nacht valt. In mijn hart klauwt het kruid van mijn woede naar alles wat beweegt. Dan komen de schapen, ik hoef ze niet te tellen en toch kan ik slapen!


In mijn hart groeit Berenklauw. Als kool: Als onkruid. Een prachtige plant, maar niet in deze zachte omgeving. En in deze groten getale! Ik ben de grip op dit verschijnsel al lang kwijt. Verwoed gaf ik die zaadjes water en nu heb ik spijt. Ik raak die ellendige blaarplant nooit meer kwijt!

Elke nacht ga ik naar mijn innerlijk landschap. Het gebeurt vanzelf, ik hoef er niets voor te doen. Het ligt aan de omgeving, het grote pruimenhart, waar ik mijn tenten heb opgeslagen. 

We krijgen instructie van de Abdes over Touching The Earth. Een prachtig ritueel om je met je voorouders te verbinden. Heks heeft geen zin om zich met haar voorouders te verbinden. Die halve zolige set zuipschuiten. Die narcistische clan vol familiegeheimen en grensoverschrijdend gedrag. Die hebzuchtige agressieve inhalige teringlijers. Die fibromyalgische genen. Nee.


Op het moment, dat ik geacht wordt liefde te sturen tijdens het aanraken van de aarde steek ik mijn tong uit in mijn kussen. Het is op. Ik voel geen liefde meer voor mijn clan. Het zit nog wel ergens, maar overwoekerd door die verrekte Berenklauw. 

Dus ik val in slaap. In de verte hoor ik hoe belangrijk het is om bladiebla…. Het zal wel. Ik ga onder geen beding zoals andere jaren tranen met tuiten huilend me met dat stelletje nietsnutten verbinden. Af en toe drijf ik naar de oppervlakte. Om dan weer heel diep weg te zakken. Tegen het einde kom ik weer bij. Jeetje, wat heb ik lekker liggen slapen.

‘Krijg maar de PiP, voorouders. Ik ben er klaar mee….’


’s Nachts kan ik niet slapen. De Berenklauw houdt me uit mijn slaap. De voorouders staan boos om mijn tentje. Opeens hoor ik in mijn hoofd de woorden van de Abdes. ‘Zelfs al heb je niets met je voorouders en kunnen ze je echt gestolen woorden, dan nog ben jij wel een product van hun genen. Al jouw geweldige eigenschappen heb je ook van je voorouders gekregen. Het feit dat je er bent heb je stomweg aan hen te danken…..’ Vrij vertaald.

Opeens dringt het tot me door, dat ik toch ook een heleboel geweldige en lieve voorouders moet hebben gehad. Anders was er nooit zo’n lief getalenteerd Heksje uit voortgekomen. Mijn voorouders moeten hebben gebulkt van het talent. En er moeten toch echt een paar geweldiger lekkere stukken tussen gezeten hebben. Met ellenlange benen en grote Heksenneuzen! En oh wonder: Ik voel me plotseling verbonden met die voorouders.


‘Wij sturen die liefde naar je clan wel, Heksje,’ lispelen ze in mijn slaperige oortjes. Ik zit opeens rechtop in bed. Het is waar. Ik voel opeens de liefde naar mijn dierbaren weer stromen. Wonderbaarlijk! Ik hoef het niet allemaal alleen te doen. Er zijn meer zwarte schapen in deze kudde! En ze houden van Heks.

Dan gebeurt er nog iets magisch in mijn innerlijk landschap. Er loopt plotseling een enorme kudde schapen. Met Jezus als herder. ‘Natuurlijk ben ik de herder, Heks. Dat is nu eenmaal mijn pakkie an. Kijk, Boeddha leert je dat je beter geen koeien kunt houden, want dan moet je er maar achteraan rennen….. Schapen hoeden vindt hij vast ook niks. Dat is meer iets voor mij!’ 


De schapen hebben bekende gezichten. Het zijn Sangha-schapen! Ik herken de koppies van mijn tijdelijke familie hier uit Plum. Opgewekt lopen ze te grazen. En wie schets mijn verbazing? Ze vreten de Berenklauw weg. Al die hoog opgeschoten producten van mijn woede. Op hun gemakje knabbelen ze het vurige blad aan gort. ‘Ha Hebehbehbehbehks,’ mekkeren ze enthousiast, als ze me ontwaren. Een wonder!


Zo gebeurt er van alles in de stilte van mijn hart. ’s Nachts. Als iedereen slaapt. Mijn woede wordt geëlimineerd. Nu is het zaak om niet opnieuw mijn woedezaadjes water te geven. Ook lukt het me weer om van mensen te houden, die het misschien niet verdienen. Maar ja. Wie verdient dat eigenlijk wel? Het is maar goed, dat God een god van liefde is. En dat ik het niet voor het zeggen heb in de wereld. 

‘God houdt van iedereen Heks,’ vertel ik mezelf nog maar eens een keer. Ook van psychopaten zoals Hitler en Saddam Houssein. Van machteloze ouders en geslagen kinderen. Van de hoed en de rand.