Vrede op aarde! Om te beginnen hier in de buurt! Heks bepleit een beter beleid rondom het houden van reusachtige katachtigen als huisdier: Verbied het! Zoals het verboden is om wolven te houden of een grizzlybeer. Een eenvoudige Europese korthaar is geen partij voor zo’n kwaaie Bengaal. Begrijp dat nu een keer!

 ‘Mevrouw, het is niet bepaald gangbaar dat iemand aangifte komt doen tegen een kat,’ de agente kijkt me nieuwsgierig aan. Een zweem van spot dwaalt in haar blik. Bijna iedereen moet overigens lachen om mijn mishandelde kat valt me op. Het is te grappig om je voor te stellen, dat een andere kat er met matten een voortand uit mept bij mijn zwarte panter.

Iedereen behalve Heks. En Ferguut zelf natuurlijk. Het lachen is hem echt vergaan: Hij durft niet meer met zijn gemankeerde smoelwerk. Bovendien heeft hij intussen alweer een gehavend oor. Je kunt er op wachten dat die kolere Bengaal hem ook nog eens een oog kost.

Heks zit gewapend met een dierenartsrapport en een heleboel aantekeningen betreffende het houden van dit soort katten hier in Nederland op het politiebureau. Ik heb natuurlijk ook wel iets beters te doen. Ik besef maar al te goed, dat ik hier volstrekt voor lul zit. Zowel letterlijk als figuurlijk.

Want zeg nu zelf. De kans dat de politie iets doet aan een gestoorde kat is nihil. Zo lang het beest geen babies van hun fles melk berooft en hen vervolgens de ogen uitkrabt maakt geen mens zich druk. Wat kan iemand mijn ouwe trouwe ridderkater schelen?

‘De dierenbescherming raadde me aan om aangifte te doen. Volgens hun woordvoerder is er in Nederland een gedoogbeleid om deze katten buiten te laten lopen. De eerste generatie is verboden overigens. Het woord gedogen geeft al aan, dat het eigenlijk niet mag….’

‘Bovendien wordt 87% van dit soort katten binnen gehouden of in een afgesloten tuin. Slechts een klein percentage komt op straat. Er zijn meer gevallen bekend van Bengalen, die buurtkatten terroriseren. Dit geval staat niet op zich….’

De agente is heel vriendelijk. Geduldig maakt ze aantekeningen. Belt met de dierenpolitie. ‘Volgens hen is het niet verboden om dit soort katten op straat te laten komen,’ beweert ze vervolgens. ‘Maar de dierenbescherming zei…..’ pruttel ik tegen. ‘De dierenpolitie staat boven de dierenbescherming,’ beslecht ze kordaat ons geschil. 

Het is dus allemaal weer lekker vaag geregeld in onze bananenrepubliek. ‘Met honden is het geen probleem. Als die agressief gedrag vertonen moeten ze een muilkorf om. Maar rondom katten is er stomweg geen regelgeving. Ik ga derhalve de hondenbrigade er op zetten. Die gaan een onderzoek doen naar die Bengaalse kat. Waar woont het beest?’

Binnen een kwartier sta ik weer buiten. Nauwelijks een stap verder. 

Het is stralend zonnig weer. VikThor is naar het strand met de dochter van vrienden van me. Om een uurtje of 1 haalt ze hem op. Tilt hem liefdevol in haar auto. Geeft hem snel een kusje op zijn grote snoet.

Heks volgt dit tafereeltje vanachter haar keukenraam. Zo schattig. En fijn voor mij, want nu heb ik zomaar een middag wandelvrij! Alle tijd om mijn zaakjes te regelen.

Machteloosheid is een akelig gevoel. Een gevoel dat ik maar al te goed ken. Mijn nagels zijn er al op jonge leeftijd uitgetrokken. Mijn tanden om minder uit de bek gemept. Bij wijze van spreken dan. Niet letterlijk gelukkig. Dus ik bevind me op bekend terrein.

En zoals altijd sta ik alweer op de barricades. ‘Je pleegt verzet, Heks, heb je altijd gedaan. Maar je kunt beter je doel verleggen,’ kreeg ik een drietal jaren geleden te horen van een bekend paragnost. De man had gelijk.

Er zijn meer dingen waar ik me druk over maak momenteel. Niet alleen over mijn kat.

Onrecht. Zo onder mijn neus. Een weerloos wezen, dat wordt mishandeld. En ook hiervoor vind ik weinig gehoor bij instanties, als ik weer eens aan de bel trek. Ook dit gaat maar door. 

Zondag in de kerk zingen we over een rechtvaardige wereld. Waarin alles eens een keertje op zijn plek valt. Onze prachtige planeet badend in licht, liefde en vrede. De realiteit is dat zelfs een paar katten nog niet zonder conflict een buurt kunnen delen. 

Laat staan dat mensen eerlijk een land kunnen delen. We hebben nog een hele weg te gaan. Goddank zijn er genoeg mensen die willen. Er staat een hele generatie op, die zich honderd procent willen inzetten voor het behoud van onze geliefde planeet. Met alle bewoners.

Ik zie hele legers pubers protesteren op televisie. In diverse landen. Ze zijn woedend op de politiek. Ze maken zich ernstig zorgen over het klimaat. En terecht natuurlijk. Schreeuwend maken ze dat duidelijk. Daar krijg je natuurlijk honger van. Vooral als adolescent in de groei. Ze storten zich na afloop dan ook massaal op de smerige hamburgers van die hele foute keten. Hopsakee aan de CO2. 

Het is toch zo moeilijk om ook maar enigszins consequent te zijn. 

De kroon der schepping vergeet het nogal eens, maar onze planeet is er van alle bewoners. Iedereen heeft recht op zijn plekje. Behalve Bengalen dan, die mogen wat mij betreft worden afgeschoten in een speciale minimale kattenraket. Enkele reis Mars. Waar ze thuishoren.

Misschien moeten we dit middeltje maar door de buurt verspreiden. Het schijnt te werken:

FELIWAY FRIENDS  is een gebruiksvriendelijke oplossing om spanningen en conflicten tussen katten in één huishouden, zoals vechten, najagen, blokkeren en staren naar elkaar te verminderen.

Vertrouwen is een kwetsbare vogel. Eenmaal beschaamd schuilt zij schuw onder een grote steen. Maar in goed gezelschap kruipt zij uit haar schamele schulp: Heks kijkt naar ’The Undateables’. Vertederende verhalen over ontluikende liefde……

Als ik niet kan slapen kijk ik naar stompzinnige televisieprogramma’s. Momenteel heb ik een voorkeur voor moorddadige verslagen van de bizarre daden van de meest beruchte narcisten en psychopaten van de laatste decennia. Hun ‘moment of fame’ breed uitgemeten in een gedramatiseerde documentaire. Maar soms zie ik iets gezelligs. Zoals ‘The Undateables‘. Een programma waarin de kneus op relatiegebied centraal staat.

Ik kijk naar al die gemankeerde stumpers op zoek naar liefde. Want een mens kan nog zo beperkt zijn, toch wil ‘ie die ene speciale persoon in zijn of haar leven. Om het even. Nemen en geven is nu eenmaal een dagelijkse behoefte van de homo sapiens. Dat was al zo ten tijde van de homo erectus. We functioneren gewoon niet optimaal zonder onze zielsmaat. 1 + 1 = 3. Als je niet uitkijkt ook letterlijk, maar die leeftijd is Heks te boven….

‘Heks, je maakt de laatste tijd grapjes over je mislukte relatie. Het valt me op. Haha, wat een geweldige woordspelingen overigens,’ Frogs moet lachen om mijn anagrammen van de naam van een voormalige kwelgeest. Ik verzin de  één na de ander. ‘Vrouwklooi, trouwklooi, pauwprooiflikflooi…….’ De echte zijn leuker. En haarscherp.

Ja, mijn verbroken verbinding. ‘Goh, ik dacht juist dat het iemand met een warm hart was, omdat hij met jou was. Dan moet je toch wel een goed mens zijn, om met jou een relatie te hebben…’ geeft een familielid me een etiket van hier tot Tokio. Ik ben blijkbaar ook een undateable persoon, omdat ik een chronische ziekte heb. Ik moet god op mijn blote knietjes dankbaar zijn dat iemand zich er toe heeft kunnen zetten om zich überhaupt met me in te laten.

De hele wereld mag raar zijn of gek, egocentrisch, gewelddadig en gestoord, vrouwen gaan massaal relaties aan met seriemoordenaars of Jihadisten of narcistische politici …..mannen zijn dol op egocentrische golddiggers met opgeblazen neptieten en een slecht karakter, maar als je iets fysieks mankeert lig je eruit.

Zie je er redelijk uit, dan ben je wel goed voor een wip. Maar daarna is het toch echt: ‘Uit, spuit, de bocht gaat uit…’ Ik verzin dit niet. Heb het aan den lijve ondervonden. En niet door een wildvreemde kerel. Nee, een uiterst betrouwbaar persoon uit de vriendenkring van mijn clan had deze modus operandus. Een volgevreten impotente zak overigens. Hij bakte er niet al teveel van.

Maar goed, niemand heeft zich in mijn geval afgevraagd of er soms iets mis was de mannen die zo goed waren zich tot mijn hopeloze niveau te verlagen. Maar er was wel veel mis. Narcisme: Het is wat het is……. Ik drink nog liever ouwewijvenpis, dan dat ik ooit nog eens zo’n monster uit de levensvijver vis. De volgende die ik aan de haak sla trek ik grondig  na….

De onbemiddelbare mensen in het programma lijden aan allerlei uiteenlopende aandoeningen. Er is bijvoorbeeld een heerlijke jongeman met het syndroom van Down. Sommigen hebben een flinke verstandelijke beperking, zijn zo autistisch als een ui of roepen om de haverklap’schijt en motherfucker’ : Gilles de la Tourette. Dat laatste heb ik onlangs ook opgelopen geloof ik……

Anderen hebben rare bulten, missen een paar ledematen, zijn kaal alsmede vrouw, dame met baard en snor of wat dan ook. Heks past perfect in dit rijtje. Behalve mijn snor zie je dan wel niets aan de buitenkant, maar mijn lijf heeft toch echt zo zijn beperkingen.

Ik geniet van het gekke televisieprogramma. Het heeft iets ontwapenends. In onze narcistische maatschappij, waarin alleen de besten mee mogen doen is opeens plaats voor gebrek. Daarnaast is het altijd fijn om te zien hoe mensen elkaar gelukkig maken. Hoe ze iets toevoegen aan het leven van een geliefd medemens. Elkaar op de kaart zetten. Hoe op ieder potje toch weer een dekseltje past.

Behalve op dit potje dan. Dekselse narcisten hebben gepoogd dit potje te breken. Een gebroken vrouw, wie wil dat nou?

Ik zou natuurlijk een echte pot kunnen worden. Dat is me dringend geadviseerd. Geen idee waarom overigens. Volgens mij hebben mijn lesbische zusters zo hun eigen problemen. Procentueel loop je wel minder kans op een narciste, maar het scheelt maar een fractie……?Om daar nu mijn hele seksuele identiteit voor op het spel te zetten gaat me te ver….. 😉

‘No mud, no lotus’. Ik hou van die tekst van Thich Nath Hanh. Ik heb zelfs een kalligrafie van zijn hand met deze woorden er op. Het is het enige zinvolle antwoord op de modderstromen die het leven soms over je heen spoelt. Als je het al overleeft, dan biedt het vruchtbare bodem.

Het laatste half jaar heb ik heel veel geleerd. Er is een tsunami aan gevoelens over me heen gekomen. Doordat er schellen van mijn ogen vielen ten aanzien van een zekere persoonlijkheidsstoornis, ben ik opeens veel gaan begrijpen van mijn achtergrond en moeizame gang door het leven: Ik ben altijd stekeblind geweest voor dit fenomeen, terwijl mijn directe omgeving er bol van stond…..

Zo is mijn leven doorspekt geraakt met klappen incasseren en aangepast gedrag: Dansend om de hete brei de ander blijven pleasen. Narcistische woede uitbarstingen voorkomen. Over mijn grenzen gaan om harmonie te bewerkstelligen en  bewaren. Eindeloos vertrouwen houden in leugenbakken en idioten….. tegen beter weten in vaak. Narcisten nemen alleen maar, dus: Geven, geven, geven…. Tot ik er bij neerval.

‘Fijn dat je er weer om kunt lachen, Heks.’ Ja, inderdaad. Soms ontdek ik weer iets, valt er weer een kwartje over bedrog, leugens of  vreemdgaan. ‘Nu weet ik het wel,’ denk ik dan. Waarom eindeloos blijven treuren om mensen, die nergens om geven behalve hun eigen huichelachtige hachje.

Waarom in godsnaam gestoorde geesten proberen te begrijpen, die niets anders in huis hebben dan alles wat mooi en kostbaar is kapot maken? Waarom proberen te begrijpen wat iemand zonder ziel bezielt? Waarom de stumper nog zielig vinden, die rücksichtslos het mes zet in alles wat heilig en goed is in jouw wereld?

Vorige week loop ik ’s avonds met mijn hondje te wandelen. Een knappe Marokkaanse jongeman fietst voorbij. ‘Hoi jij met je hoed, wat zie je er mooi uit! Geweldig!’ De complimenten vliegen om mijn oren. ‘Dank je wel,’ het is altijd goed om voor sweettalk te bedanken. De jongen steekt schuin de straat over en fietst een gracht op. Hij blijft complimenten schreeuwen. Heks moet er om lachen. ‘Als je me je nummer geeft kom ik terug,’ is zijn enthousiaste uitsmijter…….

De hele weg naar huis moet ik er om gniffelen. Grappig toch weer. Twee dagen later ben ik weer in trek bij mijn mannelijke medemens. Dit keer loop ik in een winkel als ik word aangesproken door een oudere man. Alweer met een islamitische achtergrond. Het is een charismatische oude baas. Vrolijk staat hij met me te flirten. Als hij lacht verbergt hij een slechte tand achter zijn hand. Heel charmant!

‘Spreekt u engels?’ vraagt hij me vriendelijk. Als ik Nederlands blijkt te spreken is hij verbaasd. ‘Ik dacht dat u een Amerikaanse filmster bent….! Even later kom ik hem weer tegen. Drie gangpaden verder. ‘Wat een toeval dat ik u weer tref,’ begint de charmeur lachend. Hand voor zijn rotte tand. Ik bezorg hem de dag van zijn leven door even met hem te klessebessen: Je praat tenslotte niet elke dag met een echte Hollywoodster!

Als hij met tegenzin zijn hielen licht klampt een dame me aan. ‘Wat was dat schattig,’ reageert ze vertederd op mijn nieuwbakken aanbidder, ‘Een echte heer. Hij was helemaal weg van u. Maar u ziet er ook zo speciaal uit. Zo’n ding,’ ze wijst op mijn chique gebreide poncho, ‘vind je echt niet hier in Leiden….’ Nu moet Heks lachen. ‘Ik heb em aan de overkant van deze straat gekocht. Volgens mij hebben ze nog precies zo’n exemplaar hangen…’

Uitverkoopje natuurlijk. Ik pas altijd in kleding, die niemand wil of kan aantrekken, laat staan durft te dragen…. Heks durft wel. Met veel lef combineer ik eindeloos met gekke kledingstukken en vreemde hoofddeksels. Ik ben tenslotte hier op aarde ter decoratie. En al ben ik dan undateable volgens mijn omgeving, iemand moet wel een enorm groot hart hebben om zich met me in te laten, ik mag er toch zijn.

Zo undatable ben ik overigens niet. Ondanks mijn beperkingen heb ik in mijn vorige relatie praktisch alle honneurs waargenomen. Heks kookte het eten, zorgde voor een schoon huis, maakte het gezellig, betaalde het leeuwendeel van onze gezamenlijke kosten met mijn WAOtje, luisterde dagelijks eindeloos naar zijn geleuterkoek over het enige onderwerp dat hem interesseerde: hijzelf.

Ook op andere gebieden liet meneer het afweten. Eindeloos geduld, bakken aandacht en een rib uit mijn lijf verder bleek deze zogenaamd zeer dateable kerel de kluit volledig te belazeren. Gelukkig ben ik er achter gekomen.

Pijnlijk natuurlijk. Maar zoals televisiegoeroe Doctor Phil zou zeggen: ‘Wat is erger dan twee jaar met een volstrekt foute man samen te zijn? Twee jaar en 1 dag!’

‘Soms kom je iemand tegen, waarvan je niet begrijpt dat ie nog alleen is, een lot uit de loterij’ zei mijn vroegere thuiszorg Truus jaren geleden tegen me, naar aanleiding van mijn verbroken relatie met de Tank, ‘Na een paar maanden wordt het je dan pijnlijk duidelijk. Aha. Daarom rennen alle vrouwen gillend weg bij deze man.’

Soms duurt het iets langer. Het ligt er maar aan hoeveel gezichten iemand heeft. En of maar vooral wanneer je zijn ware gezicht te zien krijgt. Bij narcisten kan dat best eventjes duren. Zolang jij je gloeiende best doet en niet tegen hem in gaat is er niets aan de hand. Maak je hem echter kwaad dan zal hij zich wreken. Soms stiekem, zoals in mijn geval. Maar eenmaal een bepaald punt voorbij wordt je gegarandeerd openlijk aangevallen. Bij voorkeur van achteren, zodat je je niet kunt verdedigen. Niks zo lekker voor zulke helden als een mes in iemands rug….

Vertrouwen is een kwetsbare vogel. Als ze zich veilig waant zingt zij het hoogste lied. Eenmaal beschaamd verstopt ze zich in een klein donker hoekje. Of onder een koude steen. Grijpt je bij de enkels in het hoge gras. Doet je ruggelings tuimelen.

Vallen en opstaan. Het is niet anders.