Spreken is zilver, zwijgen is fout? Luister eens naar jezelf voor de verandering: Aandacht is als zonneschijn!

De afgelopen week heb ik een indringende nachtmerrie. Een wildvreemde vrouw zwaait ongeduldig met haar hand in mijn richting; wuift me als het ware weg. ‘Laat me eventjes uitpraten,’ roept ze geïrriteerd. Haar gezicht staat op storm.

Ik zit al uren naar haar te luisteren. Ik ben bijkans bewusteloos geluld. Toch mag ik niets zeggen. Laat staan reageren. Dan schrik ik wakker.

Wat een gekke droom toch weer. Er zijn wel verbanden met de werkelijkheid, maar toch is alles weer anders. Er wuift wel eens iemand met een nijdig handje naar me, terwijl er op hoge toon geroepen wordt: ‘Laat me eventjes uitpraten.’ Dat is echter geen wildvreemde. Juist iemand waar ik veel van houd!

Maar ik maak het ook vaak genoeg mee, dat er niets op boze toon wordt gezegd, maar dat iemand gewoon maar doorkletst en doorkletst. Ondanks het feit dat de toehoorder, ik dus, compleet op apengapen ligt. Ondanks mijn verwoede pogingen het gesprek te beëindigen……

Om een gesprek te beëindigen moet je er eerst tussen zien te komen…….

images-24

Ook valt het me de laatste tijd op dat mensen niet veel aanmoediging nodig hebben om al hun rotzooi te spuien. Bakken verbale diaree worden er dan over je heen gestort. Als ik zelf eens iets meemaak, mijn geliefde ouwe hond gaat bijvoorbeeld dood en mijn bejaarde kat loopt weg, dan wordt dat regelmatig door de persoon tegenover me gezien als aanleiding  om met alle dooie of halfdooie huisdieren die de persoon zelf ooit heeft gehad of verloren op de proppen te komen.

Waar ik mijn verhaal beknopt houd en ervoor waak om me niet publiekelijk te wentelen in mijn ellende, krijg ik van de andere partij alle kots, poep, pus en bloederige prutverhalen te horen.

Met mijn ‘ziek zijn’ werkt het net zo. Het feit dat Heks van alles mankeert wordt al sinds jaar en dag gezien als een open invitatie voor Jan en Alleman om de eigen kwaaltjes te bespreken. Van aambei tot klapperkloot: Heks moet het aanhoren.

Soms vraagt iemand hoe het met mij gaat om nog voordat ik iets terug kan zeggen over de eigen ellende te beginnen…..

Ikzelf praat zelden over mijn fysiek ongemak. Ik heb wel wat beters te doen. Ik vind het geen gespreksonderwerp.

Bovendien kan ik wel aan de gang blijven. Als ik al mijn mankementen wil bespreken ben ik dagen bezig….. 😉

Luisteren met compassie, door Thich Nhat Hanh  ‘Deep listening’ genoemd, is bijzonder heilzaam. ‘Aandacht is als zonneschijn,’ heet 1 van zijn prachtige boeken. Het is zo. Je ziet mensen gewoon opknappen als je eens echt naar hen luistert.

Wat Heks echter doet is een doorgeschoten versie van deze verder prima eigenschap. Ik laat iemand rustig tien jaar tegen me aan mekkeren over een verbroken relatie. Of over andere uitzichtloze problematiek. Toen ik zelf echter groot liefdesverdriet te verstouwen kreeg sommeerden exact diezelfde mensen me na twee weken om er over op te houden. Ze waren die verhalen zat!

Heks is aangewezen op een therapeut als ze wil dat er echt naar haar wordt geluisterd……

Ach ja. Ik ben er natuurlijk zelf bij. Bij al dat geluister. Het zijn mijn flappers, die zachtjes heen en weer wuiven in een poging tot begrip. Ik ben het die ruimte schept voor de ander om zijn of haar verhaal te doen. Ten koste van mijn eigen space blijkt nu!

images-26

Veranderen is zo moeilijk. Je doet het al jaren zus of zo. Je wilt de ander niet kwetsen. Je weet hoe belangrijk een beetje aandacht is: Het is als zonneschijn! Levensbrengend!

Afgelopen week zit ik in de auto. Ik geef iemand een lift. We hebben gemediteerd. Ik ben best moe. Ook moet ik rijden, dus dat vergt al mijn aandacht. Mijn passagier zit tegen me aan te kletsen. Hele verhalen, die ik maar moeizaam kan volgen, want ik ben zo gaar als boter. Dan wordt mijn mening gevraagd. Over dit, over dat. Zodat ik wel moet opletten……

Dus zeg ik iets terug. Probeer van onderwerp te veranderen.

Tot drie keer toe krijg ik te horen, dat ze toch echt haar verhaal wil afmaken. Welk verhaal? Het is een eindeloos verhaal. Maar zodra Heks iets zegt wordt ze streng terecht gewezen. ‘Ik wil wel graag eventjes dit afmaken. Bladiebladiebla, wat vind jij? Zou dat hier of daardoor kunnen komen?’ Om zonder mijn reactie af te wachten alweer aan het volgend vertelseltje te beginnen.

Er wordt wat afgeleuterd in de wereld. Tegen de tijd dat we weer in Leiden zijn ben ik een beetje dol. Mijn hoofd is rommelig en onrustig. Het effect van de meditatie is volstrekt teniet gedaan.

Volgende keer zet ik muziek op en hang mijn bordje Noble Silence om mijn nek. Vanaf nu wil ik in volstrekte stilte naar huis rijden na zo’n avond. Wie mee wil rijden moet maar zwijgen.

En als zo’n ‘monologe interieur’ type ooit nog tegen me begint dat ik hem of haar moet laten uitpraten: Dan kan die persoon direct op- of uitstappen. Ik ben het eeuwige geluister zat. Ik wil niet langer door Jan en Alleman sufgeluld worden.

Geen monologen meer, maar een dialoog. Communicatie gaat heen en weer en is geenszins éénrichtingsverkeer…..

Aandacht is als zonneschijn. Ieder mens knapt ervan op. Elk mens heeft het nodig. Je kunt dan ook niet verwachten dat iemand het alleen maar geeft.

Hoe zeg je vriendelijk tegen iemand dat diegene moet stoppen met tegen je praten als dat niet nodig is

wat is het verschil tussen praten mét en praten tégen iemand?

unknown-15

Heks is blij met hoe het is voor mij. Mijn amoebebestaan. Met hondje en Cowboy, onder andere…..Huisdieren en chronisch vermoeide medemensen. Een gouden combinatie….

Vrijdagavond laat, heel laat, haal ik Y van het station. Hij schrikt als hij mijn krijtwitte gezicht ziet oplichten onder het beeld van Jan Wolkers.’ Wat ben je bleek’ roept hij uit. Hand in hand wandelen we door de nattige stad. Ysbrandt loopt kwispelend naast ons. We laten hem los in een parkje. Even later zitten we aan de beeldschone lentetafel in de keuken van Heks.

man met hondje op strand, Ysbrandt en Cowboy, Wassenaarseslag, strand zee, hond , mens, mooi licht op water, ondergaande zon

We drinken wijn en stemmen af. Dat is soms lastig. Nu bijvoorbeeld. Y staat strak van de adrenaline, hij heeft net een paar uur intensief gesport. Een volleybaltoernooi. Heks daarentegen heeft weer een weekje voornamelijk in bed doorgebracht. Het zoveelste virusje was op bezoek. En ter voorbereiding van het weekend heeft ze dan toch haar huis opgeruimd en wat boodschappen gedaan. En een pan soep gekookt.

man met hondje op strand, Ysbrandt en Cowboy, Wassenaarseslag, strand zee, hond , mens, mooi licht op water, ondergaande zonman met hondje op strand, Ysbrandt en Cowboy, Wassenaarseslag, strand zee, hond , mens, mooi licht op water, ondergaande zonman met hondje op strand, Ysbrandt en Cowboy, Wassenaarseslag, strand zee, hond , mens, mooi licht op water, ondergaande zonman met hondje op strand, Ysbrandt en Cowboy, Wassenaarseslag, strand zee, hond , mens, mooi licht op water, ondergaande zon

‘Wil je wat soep?’ vraag ik. Maar Y heeft geen trek. ‘Hoe kom je nu toch weer zo ziek, afgelopen week?’ vraagt hij verwonderd. ‘Oh, een paar jaar geleden was ik altijd zo. Het valt echt reuze mee, ik knap toch wel wat sneller op, volgens mij.’ Terwijl ik hem informeer over bijeffecten van zo’n griepje op mijn nek, grapt hij langs zijn neus weg, dat ik niet moet gaan zeuren.

Ik kijk hem berustend aan. ‘Ik zeur nooit’, zeg ik, ‘Daar schiet je niks mee op. Maar je vroeg hoe mijn week was….’ ‘Je hebt gelijk,’ zegt hij bedachtzaam, ‘Je zeurt inderdaad nooit!’ Je hebt geen idee, denk ik bij mezelf. Hoe kun je nu zo’n amoebe-bestaan uitleggen?

Een paar dagen later zie ik op televisie een programma over mensen en hun huisdieren. Het item gaat over de enorm gestegen dierenartsentarieven, zo’n 40% de afgelopen acht jaar. Mensen met een klein inkomen gaan daarom niet of te laat met hun beestjes naar de dokter. Er is een initiatief ergens om minima hierin te ondersteunen. Er komen allerlei mensen aan het woord.

Een prachtige jonge vrouw zit in haar woonkamer. Een slang en een reptiel resideren op de achtergrond in enorme terraria. Ze heeft ook nog een hond en een kat, een man, drie jonge kinderen en het Chronisch VermoeidheidsSyndroom. Een andere benaming van ME. ‘Ik ben vaak ziek en lig veel op bed. Dan komen mijn dieren bij me liggen. Ik heb er veel aanspraak aan. Ze zijn superbelangrijk voor me.’ Heks begrijpt dat. Herkent het.

‘Mijn man heeft ook CVS’, vervolgt ze haar verhaal, ‘Gelukkig maar, (Huh? Het lijkt mij een ramp, eerlijk gezegd) ik zou met niemand anders kunnen samenleven, het is niet uit te leggen zo’n bestaan. Wij begrijpen elkaar volkomen hierin.’

Ach, helemaal begrijpen zal Y het nooit. Geen enkel gezond mens overigens. Ik kan het zelf soms nauwelijks begrijpen en ik leef er al bijna dertig jaar mee!

Je lichaam laat je in de steek en je bouwt een leven op binnen de mogelijkheden, die er wel zijn. En zorgt zo goed mogelijk voor dat arme lijf. Zo doe ik het. Ik ben blij, dat ik katten heb en geen jonge kinderen. Ik ben blij, dat Y gezond is. En dat hij zijn gloeiende best doet om het te begrijpen! Heks is blij met hoe het is voor mij!