Complottheorieën en snot voor je kiezen. Je hebt niks te kiezen, kiezen of delen? Heks zit zich te vervelen en gaat op pad. Lacht zich te barsten om sluwe snuiter, stout oud mannetje! Het is altijd wat!

Wat een pisweer. Het hele weekend regent het pijpenstelen. Heks is doorweekt tot op het bot na een uitlaatronde met de hondjes. Chagrijnig prop ik de kletsnatte fietskar in mijn berging. Om hem een paar uur later weer tevoorschijn te halen. Voor een nieuwe kledderige kwelronde.

Heks voelt zich ook helemaal niet lekker. een aanval van HPDP (Hier Pijn Daar Pijn) houdt me aan bed gekluisterd, tussen de uitlaatrondes in. De hondjes liggen te stoeien aan het voeteneind. Ik kijk met 1 oog naar de zoveelste trage detective. Af en toe zak ik in slaap. Lang leve de ME, ik doe het er maar mee.

Zondagmiddag knapt het op. Een zonnetje piept tevoorschijn door het grijze wolkendek. De wereld ziet er direct een stuk gezelliger uit. Heks maakt zich op voor een echte ronde op de fiets. ‘We gaan naar het eilandje,’ verklap ik ons einddoel aan VikThor. Het eilandje in het Joppe. Waar egeltjes huizen en fazanten. Een stukje aan zichzelf overgeleverd niemandsland. Vol geurtjes en sporen. Een waar hondenparadijs.

Ik sleep mijn fiets naar buiten. Hang de kar er weer achter. Freya gaat met mand en al in de fietskar. VikThor echter draaft naast mijn bolide, hij moet zijn energie kwijt. Niet veel later tuft de karavaan de Marebrug over. Op de Singel zwenken we af richting Noord. Langs een nieuwbakken grachtje gaat het verder. Bij een hondenuitlaatstrook laat ik mijn viervoeters los.

Een stoer mannetje in een scootmobiel komt me tegemoet. Leren cowboyhoed op zijn snoet. Border Collie aan zijn voet. Ik ken hem wel. Al jaren maken we een praatje met elkaar, maar meestal in een ander park. De man is goed van de tongriem gesneden. Eindeloze verhalen, waar ik me met moeite van los ruk. Doorgaans.

Ook vandaag begint hij te vertellen. Een andere bekende van Heks komt erbij staan. Ook een man met een hondje. Ook hij klets altijd eindeloos tegen me aan. Alleen kan ik met zijn verhalen doorgaans geen bal. Doorspekt als ze zijn met diverse vormen van ‘conspiracy theory’. Iedereen is gek, niemand denkt na. En de hele wereld me dit, me dat. Hij echter heeft alles wel goed in de peiling….

Ik kijk nog eens goed naar laatstgenoemde. Een Amerikaan volgens mij. Het is een hele knappe man geweest in zijn jonge jaren, dat kun je nog goed zien. Maar er is een verslaving overheen gegaan. Substantieel misbruik van het één of ander. Schat ik zo in.

Samen luisteren we naar de oude baas. Hoe hij is klemgezet door een paar BOA’s, omdat zijn gehoorzame hondje los op de treeplank van zijn scootmobiel zat. ‘Twee vrouwen waren het. Er stond er eentje voor mijn scootmobiel en eentje aan de achterkant. Dat was een hele dikke…’ het mannetje gniffelt, als hij er aan terug denkt, ‘Het regende bakken van de hemel, maar ik had  mijn regenpak aan…’

‘Gnehgnehgneh, zij niet,’ vervolgt hij ‘Ze hebben me een half uur klem gezet, omdat ik mij niet wilde legitimeren, ja, ik ben af en toe een beetje stout…’ ondeugend kijkt hij ons aan. De verlopen Amerikaan en Heks zijn geschokt. Een half uur een stokoud mannetje klem zetten in de gietende regen? Hoe durven die BOA-dames het?

‘Toen heb ik wat dingen tegen die dames gezegd, waar ze niet zo blij mee waren.’ Hij vertelt, hoe hij de arme vrouwen er op heeft gewezen, dat iemand een paar jaar geleden op het idee kwam om langdurig werklozen dit soort werk te gaan laten doen.

Ook heeft hij Confucius aangehaald, de grote filosoof. ‘Hebben jullie wel eens een boek gelezen? Kennen jullie Confucius? Nee? Op pagina 243 van dat en dat boek van hem staat, ik citeer ‘Al draagt een aap een uniform, het is en blijft een aap….. Hahahaha,’ hikt hij.

Heks moet ook lachen. Wat een baasje is het toch. Die arme dames hebben vast spijt gekregen van hun actie. Dat kan niet anders. Hij heeft ze goed hun vet gegeven. Oude mannetjes klem zetten in de stromende regen. Toe maar.

Intussen wil ik eigenlijk wel passeren, maar de Amerikaan staat pontificaal midden op het pad. Hij begint een heel verhaal over Corona, de regering, complottheorie hier, complottheorie daar….. Het duizelt me.

‘Je moet goed vitamine D nemen, dus elke dag naar buiten. En C,’ roept hij gezaghebbend, ‘Gewoon je immuunsysteem sterk houden…. Het gaat vooral om je mind. Ja, ik ben nooit ziek. Maar ik had SARS, toen ik in een laboratorium bladiebla, maar ik had gewoon mijn mindset, en toen was ik zo genezen, door mezelf, zo sterk ben ik,  je moet het bestrijden met je mind. Niks aan de hand….’ zemelt hij vrolijk verder.

Even gooi ik wat protesten in de lucht, tegen zoveel stompzinnigheid, maar dat is koren op zijn molen natuurlijk. Ik moet vooral zo snel mogelijk wegwezen…. De oude baas gaat er als een haas vandoor. Blijft hij met mij altijd eindeloos babbelen, met dit heerschap is hij heel snel klaar, valt me op.

Heks maakt zich ook snel uit de voeten, nadat ze nog wat zeer beledigend gedachtengoed naar haar kop heeft gekregen. Over ziekte en jezelf eventjes hupsakee genezen… Wat kunnen mensen toch ongelofelijk dom en bot zijn. Terwijl ze zichzelf juist zo geniaal vinden!

‘Wat een kwibus, VikThor,’ mijmer ik tegen mijn dravende hondje. Ik peddel de stad uit. Langs de Zijl. Langs het Joppe. Tot we bij de brug naar het eilandje zijn. Een klein uur zwerven we over dit geliefde stukje natuur. Helaas recentelijk aangeharkt door natuurbeheerders. Een stel idioten heeft al het struikgewas van het middengedeelte verwijderd, bizar gewoonweg.

Maar er is nog genoeg moois over, gelukkig.

Iedereen mag denken en vinden wat hij of zij wil. Dat is een waarheid als een koe. Democratie betekent niet, dat je maar kunt doen waar je in in hebt. Nog een loeiende waarheid. Het valt me op, dat met deze dingen nogal wordt gesjoemeld de laatste tijd.

Mensen zijn boos op elkaar, omdat ze anders over de Coronaproblematiek denken. Ze krijgen slaande ruzie, omdat ze vanuit een ander standpunt redeneren. Maar je hebt altijd een ander standpunt. Daar ontkom je niet aan. Het gaat om luisteren, om verstaan.

Mensen denken, dat het democratisch is, om iedereen maar zo’n beetje te laten doen waar ze zin in hebben rondom Corona. Wil je bijvoorbeeld met je zieke kop de straat op? Omdat je behoefte hebt aan een frisse neus? Moet kunnen in een democratie!

Ook vind ik het raar dat Ruttekutte zo hamert op onze eigen verantwoordelijkheid en redelijkheid wat betreft handen wassen en afstand houden, maar dat we te stom worden geacht om op een fatsoenlijke en veilige manier een mondkapje voor te doen. Dat is te moeilijk voor de gemiddelde Nederlander….. En daarom zijn mondkapjes gevaarlijk.

Oh ja, ze zorgen ook nog eens voor schijnveiligheid, beweert men dan schijnheilig.

Huh?

Mondkapjes zouden voor mij veel verschil maken. Als iedereen ze zou dragen. Als iedereen dus zijn eigen snot, kwijl en aerosolen bij zich zou houden. Het zou mijn isolement aanmerkelijk verminderen. Ik zou niet meer zo met angst en beven over straat gaan. Dat is mijn standpunt.

©Toverheks.com

©Toverheks.com HUH?

 

 

 

 

Het leven is hard voor het hart van de wolfshond! Oedipus, brievenbus, lantarenpaal. Overal schuilt wel een verhaal. Heks heeft haar hart lief. Ze houdt van dit hart. Harten van goud bestaan echt. Je krijgt ze echter niet cadeau. Nee, het is keihard incasseren….

Zondag ga ik bij Chris langs om het restant wijn van mijn feestje terug te brengen. Ik heb het onlangs van haar cadeau gekregen. ‘Het is over van mijn feest en ik doe er niks mee,’ wimpelde ze een financiële vergoeding af. Maar nu heb ik weer van alles over.

Ik breng het dus maar weer terug. ‘Voordat ik het zelf op drink,’ wil ik grappen bij het afgeven. Maar ze is er niet. Geen hondengejoel uit de woonkamer. Haar huis is in diepe rust.

Ik stop de drank in een grote bloempot naast de voordeur en klap het transportkrat dicht. Dan frommel ik een kerstboom op een haarband door de brievenbus. Er zitten minuscule lampjes in. ‘Misschien kunnen die wijn met kerst soldaat maken,’ knipperen de lichtjes, als je de kerstboom op een bepaalde manier indrukt. Nou ja. Niet echt. Bij wijze van spreken dan.

De boom past precies door de borstelige sleuf. Een wonder!

Wat zijn brievenbussen eigenlijk oedipale objecten. Vooral als er bij wijze van clitoris een bel bovenop is gemonteerd. Ja, de wereld zit vol vruchtbaarheidssymboliek. Verwijzen de diverse fallussymbolen vaak naar oorlog en geweld, denk maar aan de obelisken, het vrouwelijk geslachtsdeel staat vanouds borg voor communicatie!

Ik draai me om. Mijn hondje is aan de beurt, we gaan lekker een rondje om het golfveld. Een grote grijze wolf rent over het plein. Als hij me ziet maakt hij rare bokkensprongen van enthousiasme. ‘Hallo,’ roep ik naar zijn baasje, ‘Zullen we een stukje samen oplopen?’

‘Ze kijkt me treurig aan. ‘Kiliam is heel erg ziek, hij kan elk moment dood neervallen….’ Verbijsterd kijk ik naar haar enorme bakbeest. Hij rent vrolijk achter VikThor aan. Het zijn oude kameraadjes. Als pup hebben ze eindeloos met elkaar gespeeld. Ze zijn precies even oud!

Mijn arme hondenvriend heeft een ernstige hartkwaal. Het is pas net ontdekt, maar als ik de verhalen hoor doet het me sterk aan de laatste weken van Ysbrandt denken. Vocht in de longen, een fladderhart…. ‘Het is waarschijnlijk aangeboren. Maar tot een maand geleden had hij nergens last van. De afgelopen zomer met al die hitte heeft hij prima doorstaan.’

We wandelen het eilandje op. Dit kleine stukje ruige natuur ingeklemd tussen schapenweitjes, poldersloten en een heus strandje aan het Joppe is uitermate favoriet bij onze viervoeters. Het rizzelt er van de fazanten, egeltjes en ander interessant ruikende vreemde vogels.

Het is zo’n landje, dat iedere avond aan zichzelf wordt teruggegeven. Onlangs raakte ik VikThor er zelfs op kwijt in de schemering. Opeens was ik in vergeten wildernis. Ver van de bewoonde wereld. Mijn hondje kon wel overal zijn. Opgegeten door een Loe. Een kruising tussen verwilderde huiskat en koe.

Heks was erg blij, toen ze haar monstertje na een kwartier zag opduiken uit het struweel. Ik gaf hem een uitbrander van jewelste, want dit soort geintjes mag hij natuurlijk niet herhalen. Maar waar zeur ik over? De brakken van Chris komen volstrekt niet terug in een vergelijkbare situatie. Ik spreek uit ervaring. We hebben wel eens 2,5 uur zitten wachten op die joelende gekken. Een kwartiertje is niks.

Behalve als je alleen op zo’n godverlaten plek bent. Dan duurt een kwartier een eeuwigheid.

‘Ze hebben op dat eilandje onlangs een hele kolonie illegalen opgepakt. Ze woonden op bootjes in het riet……’ hoor ik onlangs van een vriend. Het is inderdaad een soort niemandsland, zodra het gaat schemeren.

Vandaag lopen we bij daglicht en dan is het een verrukkelijke plek. De hondjes draven vrolijk voor ons uit. ‘Ik heb Kiliam in geen weken zo zien rennen. De medicatie doet hem toch goed.’ We genieten van onze schatjes. Het is bitterzoet. Misschien is het wel de laatste keer, dat ze zo samen lopen te dollen.

Bij het afscheid noteer ik het telefoonnummer van mijn hondenvriendin. Ik heb nog dozen met hartpillen van Ysbrandt liggen. Die dingen zijn werkelijk peperduur. Daarom heb ik ze bewaard. Waarschijnlijk zijn het precies dezelfde, die de Ierse wolfshond voorgeschreven krijgt. ‘Alleen zal de dosering anders zijn….’ Kiliam is reusachtig. Daar past mijn oude hondje drie keer in.

Aangeslagen ga ik weer naar huis. Want het is toch zo verdrietig als je je hondje verliest. ‘Gelukkig hadden we net een Galgo uit Spanje gereserveerd. Als maatje voor Kiliam. We dachten aanvankelijk dat hij gedeprimeerd was. Eenzaam. Maar het bleek dus die hartkwaal te zijn.’

Nu zijn de baasjes van deze geweldige hond blij dat er toch weer een hondje komt. Dat ze daar niet over na hoeven te denken. Het is al beslist. Ik snap het. Toen Ysbrandt de pijp uit ging zat er ook binnen een week een pup hier in huis…..

’s Avonds filosofeer ik over het hart. Over een hart van goud.

Ooit zag ik een programma over het periodiek systeem op National Geografic. In een paar uur werd de logica van dit systeem tot op het bot uitgebeend. Heks snapte het zowaar helemaal. Het was dan ook een heerlijk abstract verhaal, mijn favoriete manier om dit soort onderwerpen te benaderen.

Het gaat om verval. Hoe langzamer het verval in een element, hoe edeler het is. Een stenen hart of een hart van staal zal je niet gelukkig maken. Een instabiel hart kan niet lang liefhebben. Het vervalt tot gruis of roest. Tenzij je een roestvrijstalen exemplaar hebt weten te bemachtigen.

Ik denk over mijn eigen gouden hart. De laatste tijd schiet de berenklauw weer op in mijn innerlijk landschap. Maar een stabiel hart kan dat wel hebben. Een gouden hart gaat echt niet haten. ‘Je hebt een goed hart, Heksje. Dus vergeef allerlei gekken nu maar hun gebreken. Je hebt er net nog een preek over gehoord in de kerk….’

In de Ecclesia ging het inderdaad over het hart, compassie en vergeving. En bidden. Iets dat ik de hele dag doe tegenwoordig. Pruttelend en scheldend vaak. Achterstevoren. Maar ik hou mijn gouden hart open. En het werkt nog steeds goed. Liefde genoeg. Uit die oneindige bron. Goddank is er de Godin.

Dan komen mijn gedachten weer bij de wolfshond. Mijn grote grijze vriend. Oh, wat verdrietig. En zo onrechtvaardig. De grootst mogelijke probleemhonden met de meest hopeloos moeilijke karakters leven moeiteloos voort tot ze oud en tandeloos zijn. En deze vriendelijk reus legt het loodje.

Het leven is niet eerlijk. God straft zo willekeurig. Of is het dan toch gewoon stomme pech, ziek zijn? En kun je iemand er niet om veroordelen?

‘Niemand zegt tegen die hond, dat hij niet kwaad moet zijn, omdat dat slecht is voor zijn hart. Of dat hij die kwaal gekregen heeft door onverwerkte trauma’s. Of dat hij bewegingsangst heeft, nu hij zo weinig energie heeft…… Of dat hij niet beter wil worden……’ verzucht ik een dag later tegen mijn fysiotherapeut. Dingen waar Heks bij voortduring mee om de oren wordt geslagen.

I