Een ouwe kop valt niet te vermijden met het stijgen der jaren. Geeft niks, gewoon niet in de spiegel kijken voor de lunch. En vreemde vogel verstopt zich in afwachting van een lekker maaltje: Een vage vis of stoned garnaaltje…..

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Vooral niet voor de lunch in de spiegel kijken…….

‘Mag ik er nog in?’ De assistente knikt vriendelijk. Heks is laat vandaag. Ik ben doodziek opgestaan en het duurde iets langer dan normaal om er weer wat van te maken. Het houdt nog niet echt over….

‘Ik kan maar niet in de tweede versnelling komen,’ verontschuldig ik me nog maar eens. Maar het is nergens voor nodig. De assistente is in een redelijk goed humeur. Er is wel ergernis, maar dat heeft niks met Heks te maken.

‘Het is zo warm in ons hok met dit prachtige weer. En omdat ze de gevel aan het schilderen zijn kunnen we ook niet alles open zetten, zoals gewoonlijk. Zo’n herrie! En dan dat stof!’

Snel rammelt ze de inhoud van de ampullen in de injectiespuiten. Citrus en B12. Het geprik is er een beetje bij ingeschoten de laatste paar weken, door allerlei vakantieroosters.

Heks floreert niet bij dit soort veranderingen. De helft van de tijd vergeet ik de afspraken en de andere helft van de afspraken zijn opeen op een tijdstip dat ik echt niet kan.

Met name B12 tekort geeft veel extra problemen. Zo vuren mijn zenuwbanen constant loze signalen door mijn lijf. Ik lijk onder stroom te staan. De uiteinden in mijn handen bonken pijnlijk tegen mijn vingertoppen. Prikkelingen jassen door mijn benen naar mijn voetzolen. Een afschuwelijk gevoel.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Stijl haar en een ouwe kop gaan samen hoor ik vanmorgen! Niet best voor Heks. Misschien moet ik toch maar een permanentje nemen, ik krijg er wel de leeftijd voor……

‘Wat word je haar lang, Heks,’ de doktersassistente veegt mijn paardenstaart uit mijn hals en mikt de prik in een vlezig stukje. Zelf heeft ze een korte krullebol. Iets waar Heks altijd jaloers op is. ‘Als kind wilde ik altijd een bos krullen,’ beken ik, ‘Maar om dat lang te krijgen, dan ben je wel eventjes bezig……’

We lachen vrolijk. ‘Joh, het staat me voor geen meter, lang haar. Ik krijg er een ongelofelijk ouwe kop van,’ giebelt ze, ‘Soms strijk ik het wel eens, met een stijltang. Dan is het inderdaad een stuk langer. Maar ja. Geen gezicht!’

‘Haha, nou ik hoef niet eens mijn haar te krullen of strijken om een ouwe kop te zien. ’s Morgens in de spiegel kijken volstaat!’ grap ik terug. Het is waar. Ik wacht meestal een halve dag voordag ik me daaraan waag.

Grinnikend fiets ik naar een park. Ik ga VikThor te water laten. Ik gooi zijn kip in de gracht, maar na 1 bommetje houdt hij het voor gezien. Geobsedeerd staat hij bij het riet te snuffelen. Een zekere opwinding maakt zich van hem meester. Er zit daar iets, maar wat?

Een rat?

Hij duwt zijn neus in het struweel en springt weer terug. En nog eens. En nog eens.

Plotseling zie ik een beest zitten. Van een afstandje zou het alles kunnen zijn. Een haas of konijn. Een verdwaalde kat. Alleen geen rat. Dat niet.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Het is een jonge zeemeeuw. Pientere kraaloogjes kijken me aan. Hij beweegt zich niet. Geeft geen krimp ten opzichte van mijn hondje. Die mag er overigens niet bij van mij. ‘Er is iets met dat dier,’ Heks heeft er een buurvrouw bijgehaald. Het is toch niet normaal dat hij zo stil blijft zitten?

Later bel ik de dierenambulance /vogelopvang. De dame aan de andere kant van de lijn moet lachen. ‘Hij zit op zijn moeder te wachten, die is op zoek naar voedsel. Hij heeft geleerd om zich te verstoppen……’

‘Nou, hij kan beter een ander plekje zoeken, het stikt in dat park van de honden. Het is een officieel uitrengebied!’

Ja, weet zo’n zeemeeuw veel. Dat kunnen we hem toch echt niet aan het verstand gaan peuteren. ‘Ik laat hem dan maar gewoon zitten. Op hoop van zegen.’ Het zit me niet helemaal lekker.

‘Ach, die vogel kan ook heel goed zwemmen. Dus als het hem te gortig wordt kan hij altijd nog de gracht in huppen. Hij zit toch pal aan het water?’

Ja, het dier zit in het riet. Niemand die hem ziet. Zonder zijn moeder redt hij het niet. Maar als hij te water gaat overleeft hij het wel. En hij heeft ook nog een hele scherpe snavel…..

‘Goed neusje heb je toch, VikThor,’ prijs ik mijn hondje. Je kunt je nog zo goed verstoppen: Mijn monster vindt je!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

De laatste loodjes met Ysbrandt wogen zwaar. Toch waren ook die moeilijke uren heel bijzonder, ik had ze voor geen goud willen missen!

Vorige week vrijdag ga ik met Ysbrandt en buurman op stap. Ys’ grote vriend, de enorme Duitse herder van mijn buurman laten we maar thuis, want mijn oude hondje is uiterst kwetsbaar geworden.

Vlak voordat we het huis verlaten zie ik dat mijn kanjer bloed plast. O jee, een blaasontsteking vrees ik. Niet best. Op ons gemak tuffen we naar het Valkenburgse meertje. We genieten van een heerlijk uurtje in de zon. Buurman en Heks maken voortdurend absurde grappen zoals gewoonlijk.

Ysbrandt wil een balletje. We spelen met mijn oude makker. Een man komt langs met een prachtige zwart-witte  Springer Spaniël, een jonge vitale versie van mijn hondje. De viervoetige heren snuffelen aan elkaar. Wij maken een praatje met de eigenaar.

Op de terugweg gaan we langs de dierenarts. Ysbrandt piest in de wachtkamer, een geluk bij een ongeluk: Een poepzakje om zijn piemeltje tijdens ons uitje mocht niet baten. Hij vertikte het gewoonweg om er in te plassen. Gelijk heeft ‘ie! Snel zuig ik een beetje urine op met een pipet. De dokter onderzoekt het monster en ontdekt inderdaad een blaasontsteking.

Er gaat een flink shot antibiotica in. Ik krijg een kuur mee voor een week. ‘Ik weet niet of hij dat gaat redden. Zijn buikje is zo dik en opgezet. Hij ademt zo snel en oppervlakkig de laatste dagen en nachten. Ik geef hem zoveel plaspilletjes en nog hoor ik hem reutelen…..’ Bovendien zie ik de Demodex rond zijn oogjes opkomen. Met een beetje pech wordt mijn mooie ventje ook nog kaal.

‘Ik heb dit weekend dienst, je kunt me altijd bellen,’ zegt de dierenarts, een schat van een dame. Ze ziet ook wel dat het niet meevalt voor mijn kereltje. ‘Morgen zijn we gewoon open tot 2 uur. Dan kun je altijd even langskomen…’

Eenmaal thuis geef ik de beestjes eten. Voor Ysbrandt maak ik een heerlijke bak rauw vlees met extra Carnitine, Taurine, Alpha Liponzuur en CoQ10 om zijn hartje te ondersteunen. Een beetje glucosamine en chondroitine  moet zijn spieren en gewrichten soepel houden. Tot slot gooi ik er een paar kippennekken bij.

Enthousiast staat mijn ventje zijn bak leeg te schrapen. De kippennekken sleept hij mee zijn bench in. Krakend maakt hij ze soldaat. Mijn zieke hondje eet aanmerkelijk beter dan zijn Vrouw. Ik krijg al dagen geen hap door mijn keel……

Later die avond bel ik de buurman. Ik ben een beetje in paniek. Ys eet dan nog wel goed, maar daar is alles mee gezegd. Het beestje is doodziek. Ik ben als de dood dat zijn nieren het opgeven. ‘Ik leg de telefoon naast mijn bed, Heks, als het nodig is ga ik met je mee naar de dierenarts…’

De hele nacht loop ik te spoken. Met enige regelmaat piest mijn ventje een chemisch geurend bloedspoor door het huis. Ik dweil het op en spreek hem bemoedigend toe. ‘Geeft niks, schat, kijk maar, alweer opgeruimd…’

Midden in de nacht zit ik bij hem. Ik kijk hem recht aan. ‘No coming, no going,’ fluister ik, ‘Jij zit in mijn hart en ik in het jouwe. Altijd. Dat zal niet veranderen, lieverd.’ Hij lijkt me te begrijpen. Doordringend kijkt hij terug. De schat.

IMG_8918

‘Er komt een moment dat je weet dat het zover is, Heks,’ zei mijn vriendin, de vrouw van de acupuncturist afgelopen week. Zij is ervaringsdeskundige op dit gebied. ‘Het is een hele moeilijke beslissing, maar je weet wanneer het zover is. Daar moet je op vertrouwen.’

Het is zover.

De volgende ochtend lopen we een rondje door de wijk. Mijn ventje wil perse het hele rondje lopen. Het gaat erg langzaam. Hierna eet hij zijn bak niet meer leeg. Halverwege houdt hij het voor gezien. Ook laat hij een pensstaafje liggen. Dat is nog nooit gebeurd….

Ik bel de buurman, ik bel de dierenarts. ‘Ik zal het heel cru zeggen, mevrouw Heks, u kunt beter een week te vroeg de stekker eruit trekken dan een dag te laat. Beestjes met deze indicatie sterven een vreselijke ellendige natuurlijke dood, want ze stikken. U bent heel verstandig.’

Om half twee kunnen we terecht……

Om kwart voor 1 belt buurman aan. We stoppen mijn kereltje in de auto. Onderweg laten we hem nog eventjes lopen in een park. Hij draait nog een laatste drolletje. Hij rolt nog een laatste keertje door het gras. Op weg naar de kliniek maken we zoals gewoonlijk gruwelijke grappen. Eerst verkoop buurman een hoop onzin en dan Heks.

‘Ik kwam tijdens mijn zoektocht naar een geschikt crematorium een verhaal tegen over een dierenarts die zijn vriendin vermoordde. Daarna heeft hij haar in stukken gehakt en bij verschillende dierencrematoria aangeboden…..’ We zitten enorm te lachen als we de straat in rijden. Ys kijkt vergenoegd. We zijn gelukkig allemaal ontspannen. Ondanks de dodelijke stress…..

In de wachtkamer van de dokter krijgt Varkentje nog wat ham van van der Zon. Hij vindt het heerlijk natuurlijk. Als we aan de beurt zijn geef ik hem nog een heleboel lekkertjes. Hij krijgt een prikje om rustig te worden. Nog meer lekkertjes….. Totdat hij te duf is om te kauwen.

‘Vaak zakken hondjes met deze ernstige problematiek op zo’n eerste prik al helemaal weg. Groot kans dat er verder niets nodig is…’ De dierenarts spreekt me bemoedigend toe.

Ys loopt naar de deur. Hij wil naar huis. Ik loods hem weer de spreekkamer in. De dokter geeft hem nog maar een tweede prikje. Mijn ventje blijft stokstijf voor de Vrouw staan. Niet veel later staat hij enorm te hijgen. Verdorie. Nu heeft hij het toch benauwd. Net als ik me daar enorm zorgen over maak, gaat hij eindelijk liggen. Hij zakt in slaap.

YSBRANDT13

Toch zijn er twee dodelijke giftig blauwe injecties nodig voordat hij gaat. Hij wil niet weg. Nog bijna een uur ligt hij zachtjes te ademen. Pas na de vierde prik geeft hij het op. ‘Als u hem niet geholpen had, was het waarschijnlijk echt een drama geworden. Dit hondje is zo taai. Hij zou tot de laatste snik hebben volgehouden voor de baas. U heeft een goed besluit genomen. Ik werk overigens niet mee aan zoiets als ik het er niet mee eens ben….’

Mijn mannetje ligt zo vredig te ‘slapen’. Zijn mooie zachte achter oortjes uitgewaaierd over de vloer. Zo laat ik hem achter.

In de auto brul ik het uit. Buurman zit ook te snikken. We pakken elkaar beet.

In Huize Heks nemen we een goeie borrel. ‘Weet je wat ik toch zo vreemd vond, Buurman,’ giebel ik, ‘De dierenarts ging voor elke dodelijke prik de huid van Ysbrandt desinfecteren….. Zodat hij geen infectie krijgt…..’ We liggen dubbel.

De hele middag praten we over het gebeurde. Over onze hondjes. We bellen uitgebreid met Frogs, zo ver weg in Portugal. Oh wat misen we hem vandaag! Ik steek een kaarsje aan voor mijn hondenengeltje.

YSBRANDT14

Hij heeft nu vrede. Zijn zieke lichaampje is weer gezond en mooi en jong. Hij springt weer een meter in de lucht. Hij kan zijn bek weer openen, zijn tong weer uitsteken. Weer gapen….. Hij kan weer rennen en zwemmen. Daar in de mooie hondenhemel. Waar allemaal oude vrienden hem begroeten.

Het is vreselijk ellendig dat Ysbrandt niet langer hier is, maar ik voel me gek genoeg ook opgelucht en gelukkig. En trots. Trots op ons, we hebben het samen toch maar geklaard!

Ons leven samen is 1 grote liefdesgeschiedenis. Vanaf dag 1 tot aan nu. Elke dag van elkaar gehouden. Iedere dag samen genoten. Mijn rouw om Ysbrandt wordt gekleurd door al deze gouden ervaringen samen.

We wonen altijd in elkaars hart, mijn lieve hondje en ik…..