Geniepige knijpertjes met pijnlijke grijpertjes en mopperige kloppertjes teisteren Heks. Het blijft iets geks. En nog steeds geen seks. Dat is dan weer jammer.

Vrijdagmiddag na de val van mijn fiets moet ik nog van alles doen. Ik ben dan wel weer in bed gekropen, maar niet voor lang. Ik heb zekere verplichtingen. Zo is er de afspraak met de psychologe. Die kan ik onmogelijk afzeggen. Dat kan alleen 24 uur van tevoren. Anders komt de afspraak geheel voor eigen rekening.

Zodoende sleep ik me er toch maar heen. Verslagen beantwoord ik allerlei vragen. We zijn nog bezig met de intake en misschien moet ik toch weer op zoek naar een andere praktijk. Eentje met een contract met mijn zorgverzekeraar.

‘Heks, ik heb een klein uur aan de telefoon gezeten met Nationale Nederlanden. Misschien val je onder een andere regeling, omdat je zo’n peperdure verzekering hebt,’ Rozenhart belt me ’s middags op, ze heeft haar tanden in de zaak gezet…. ‘Daar zit een restitutieclausule in. Als de praktijk aan de volgende vijf voorwaarden voldoet krijg je de behandelingen toch vergoed….’

Er volgt een waslijst eisen. Braaf schrijf ik ze op. ‘Ik ga het navragen. Anders blijf ik tot het eind van het jaar bij deze club en wissel in januari naar een ander. Zodra het weer kan binnen al die hopeloze regeltjes van de zorgeverzekering. Ik ga onder geen beding nu ophouden met therapie. Dan kost het me maar geld. Ik ben net zo blij, dat ik ergens binnen ben en dat het klikt met de psychologe….’

Gelukkig kan Heks het betalen. Ook al geef ik het natuurlijk liever uit aan iets leuks. Een luxe vakantie bijvoorbeeld.

Na de sessie ga ik even langs de kringloop. Ik heb een nieuwe ballenbak nodig voor VikThor. En ook een paar glazen vazen voor mijn orchideeën. Vraag me niet wat me bezielt om met een lamgeslagen bont en blauw lijf met spullen te gaan lopen slepen. Feit is dat ik het doe.

Blijkbaar doen de diverse pijnstillers hun werk. Ik fiets ook nog een rondje om de Singel met VikThor. Ga bij de apotheek langs voor pijnmedicatie. ‘Mevrouw, we hebben geen recept ontvangen,’ beweert de apothekersassistente. Alles gaat nu eenmaal mis vandaag.

Intussen begin ik weer erg veel pijn te krijgen. Ik moet die pillen hebben voor het weekend. ‘Maar ik slik dit al jaren dagelijks. Gisteren is er een recept naar jullie gefaxt. Ik ben er echt helemaal doorheen….’ Ik zal die krengen meekrijgen.

‘Nee, ik heb het overlegd, We mogen dat niet meegeven zonder recept,’ herhaalt de apothekersassistente zichzelf. Heks ontploft inwendig. Kleine zwarte wolkjes woede stomen uit mijn oren. Ze drijven een wig tussen mij en de assistente.

Dan zie ik de apotheker achterin de ruimte rond stommelen. ‘Mevrouw, mag ik iets vragen, ik ben van mijn fiets gevallen en helemaal bont en blauw. En nu heb ik die pijnstillers echt nodig, maar ze zijn helemaal op. Ik slik die dingen al jaren. Dat kunnen jullie zo zien in mijn status. Maar er is iets misgegaan met het faxen van het recept…..’

Ik praat als Brugman en krijg 3 pillen mee naar huis. Bij wijze van extreme uitzondering. Hoera.

Maandag maar weer achteraan bellen. Ziek zijn heb je een dagtaak aan. Het is in elk geval niet voor watjes.

Thuisgekomen zak ik neer in mijn stoel. Ik ben ellendig koud en misselijk. En bont en blauw. Langzaam stijf ik op als een kwarktaart. Na een klein uur kom ik nauwelijks nog overeind. Ik hompel door het huis. Kruip dan maar zonder eten in bed. Eet midden in de nacht toch nog wat van de rijsttafel, die ik eerder deze week heb gehaald.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Strompel met grote moeite de trap af voor een laatste uitlaatronde. Loop honderd meter door de steeg en ga dan maar weer terug…… Het is echt geen doen.

Hoe moet dat nu morgen?

De volgende ochtend komt Steenvrouw op de koffie. Ze neemt mijn Smurfje ruim een uur mee naar een park en naar de markt. ’s Avonds fiets ik dan maar weer zelf naar een stuk groen hier in de buurt.

Zondag haalt Vlinder mijn ventje op voor een uitgebreide wandeling. Ook nu fiets ik ’s avonds nog een rondje Singel. En ook vandaag komt Vlinder mijn kereltje uitlaten. Door de stromende regen komt ze helemaal uit Zoeterwoude om me te helpen!

Heks heeft er intussen nog een vage griep bij gekregen. In mijn buik knijpen allemaal kleine groene monstertjes met gemene knijpvingertjes venijnig in het gevoelige zenuwrijke weefsel van mijn dunne en dikke darm. In mijn kop kloppen andere rotzakjes met minuscule hamertjes tegen de binnenkant van mijn kaalgeslagen schedel. Mijn herseninhoud lijkt finaal verdwenen…..

Ik slaapwaak de dagen door. En opeens is het alweer maandag. De knijpertjes knijpen nog steeds geniepig in mijn ingewanden. De kloppertjes kloppen trager en vager, maar onmiskenbaar op de achtergrond tegen mijn baalkop.

De man van de scootermobiel komt langs met een stapel papieren. Oh, wat lijkt hij toch op de kattenfluisteraar van TLC! Ik teken twee exemplaren van het plan om Heks aan de mobiel te krijgen. Of beter gezegd op de mobiel. De scootmobiel.

‘Het zal nog we eventjes duren voordat het helemaal rond is, vrees ik,’ somber ik tegen de man. Ik hik er vreselijk tegenaan. ‘Misschien is dat maar goed ook. U heeft die tijd gewoon nodig om aan het idee te wennen, antwoordt de kattenfluisteraar met zijn geruststellende stem.

Hij aait alle katten en spreekt ze vriendelijk toe. Dan trekt de katten-superman zijn flitsende regencape weer aan en spoedt zich naar het stadhuis.

‘Ik heb zometeen een overleg en ga direct werk maken van uw scootermobiel,’ roept hij over zijn schouder, ‘Want het moet niet te lang meer duren. U valt niet zomaar steeds van uw fiets…..’

 

 

Kamperen zonder ontberen? Dan moet je Steenvrouw meenemen. Gepokt en gemazeld in survival schudt zij mijn tent uit haar mouw alsof het een werptent betreft….. Geen wegwerptent natuurlijk. Daar doen wij niet aan. Wij zijn pro duurzaam. Lang leve oude krakkemikkige tuinstoelen! Je buik kan lekker uithangen en ze bovendienen wonderbaarlijke doelen!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Vorige week zaterdagmorgen breng ik VikThor naar de oppas. Mijn kereltje gaat uit logeren! En Heks gaat kramperen. Ik zie er als een berg tegen op.

Ik ga met Steenvrouw naar het Wereld Muziek Concours in Kerkrade. Haar zoon speelt in Kunst & Genoegen uit Leiden; Zij gaan hun wereldtitel verdedigen!!!

Om twaalf uur belt mijn gespierde beeldhouwende vriendin aan. In mijn hal staat een enorme berg kampeerspullen. ‘Ik help je sjouwen, Heks. En ik zet je tent op. En ik wil ook graag rijden. Dus je kunt het rustig aan doen. Echt! Doen hoor!’ Streng kijkt ze me aan. Ze kent haar pappenheimer.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Zodoende sjouwt mijn vriendin alles de auto in. Daarna haalt ze haar eigen spullen op, terwijl ik nog eventjes naar de fysiotherapeute ga. ‘Tape me maar helemaal in, want ik crepeer van de pijn en ga toch lekker kamperen….’

Mijn behandelaar moet lachen. Vakkundig haalt ze armen en benen uit de knoop. Heks gilt het uit van de pret. Maar niet heus. Tot slot plakt ze me onder de kleurige stukken tape. Hoe het werkt weet niemand, maar op de één of andere manier helpt dit geknutsel tegen de pijn.

Even later rijd ik met Steenvrouw de stad uit. Mijn vriendin zit aan het stuur. We hebben Leiden nog niet achter ons gelaten of het begint te hozen van de regen. Ha. Lekker is dat.  Maar tegen de tijd dat we in Limburg arriveren is het droog. We draaien het erf van de minicamping op en de zon breekt door!

‘Geen rode auto te zien,’ gniffelt mijn maatje opgelucht. Een voormalige liefdespartner van mijn reisgenoot gaat ook naar de wereldkampioenschappen fanfare kijken. Samen met de voormalige beste vriendin! We willen onder geen beding naast hen op de camping staan! Gelukkig zijn ze in geen velden of wegen te bekennen.

De boerin troont ons mee naar ons plekje. ‘Hier kunnen jullie staan! Is het geen mooie plaats?’ vervolgt ze twijfelend als ze het gezicht van Steenvrouw ziet betrekken. Die staat wel erg bedenkelijk te kijken opeens. Maar niet naar de beoogde kampeerplek!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

De blik van mijn vriendin is gevangen door een overjarige aftandse tuinstoel. Bezorgd informeert ze naar de bewoners van de bijbehorende caravan. En oh, wat een schrik!!! Het zijn de schimmige spoken uit het verleden. Neergestreken naast onze bijna kampeerplek.

‘Ik ken die stoel. Ik heb precies dezelfde. Overgehouden uit de boedeldeling met X,’ verklaart ze later haar ingeving om eens verder te informeren. Want laten we wel wezen. Limburg is vergeven van de boerencampings. De kans dat je pal naast je ex komt te staan is nihil te noemen. Zelfs als je naar hetzelfde evenement gaat!

Voorzichtig legt Steenvrouw de situatie uit aan de boerin. ‘O jeetje, dat kan niet hoor! Moe je aan het zuurstof? Wat een toestand! Gerrrrrr!!!!!!!’ Haar man geeft acte de présence, ‘Sleep onze caravan maar weg, dan kunnen ze op die plek staan. Och jeetje, wat een ellende…..’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Doortastend banjert ze voor ons uit over het glooiende terrein. We kunnen gelukkig terecht aan de andere kant van de camping, pal voor de voortent van een seizoensklant, die dit weekend niet is komen opdagen. ‘Jullie mogen de koelkast in onze caravan gebruiken. Ik vin het toch zo erg voor je, gaat het wel? Moet je echt niet aan het zuurstof?’

Heks krijgt visioenen van een grote tank van dit goedje ergens in de paardenstal. Waar vast klanten even kunnen bijtanken als het leven even tegenvalt…..

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

De boer loopt intussen heen en weer te rennen met verlengsnoeren teneinde de koekast in de belendende caravan aan de praat te krijgen. Maar elke keer zijn de snoeren net ietsjes te kort. Of er zit ergens sluiting op. We beginnen ons bezwaard te voelen. Hij weet echter van geen ophouden. Opgeven is geen optie in Limburg! Na een klein uur zwoegen slaat het koelkastje aan.

Wij zitten lekker een glaasje wijn te drinken in de zon. Maar ook wij moeten nog aan de bak natuurlijk!

wmc2 - 2

Een uurtje later zijn we helemaal geïnstalleerd. Mijn vriendin zet de tenten op en ik hou me bezig met de maaltijd. ‘We moeten morgen vroeg op hoor, Heks. Laten we lekker op tijd gaan slapen….’

Om tien uur liggen we al op 1 oor. Nadat we nog even lesbisch over het terrein hebben gehuppeld. ‘Ik kon het niet laten, schat,’ grinnik ik ondeugend als we de schokgolf volgend op ons gedrag waarnemen, ‘Ik wil gewoon dat bepaalde mensen zich afvragen of we in dezelfde tent slapen…..’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Maar om daar achter te komen moet je over een flinke heg koekeloeren.

Achter een andere heg staat een kudde paarden. Zacht briesen ze zo’n beetje voor zich uit. Af en toe hoor je subtiel gehinnik. Ik lig op mijn ene oor en grinnik. Wat is het toch leuk, die prachtige dieren zo dichtbij.

Als we drie minuten in onze slaapzak liggen begint het te regenen. In het westen van het land is het noodweer horen we later. De voetbalwedstrijd van het EK vrouwen in Rotterdam is afgelast. Wij hebben nergens last van.

Een ietsiepietsie regen ’s nachts. Ritmisch getik om bij weg te dromen……..

Minicamping de Krekelberg is niet alleen een prachtige plek om je tentje op te zetten, de ontvangst is uitermate hartelijk. En als je ex per ongeluk naast je beoogde kampeerplek opduikt wordt je extra in de watten gelegd!!!!! Heel bijzonder!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

 

 

 

 

 

Wonderhondje in de hondenhemel gunt zijn droevige Vrouwtje een nieuwe viervoetige vriend om haar gezelschap te houden. Plotseling komt er een pup op mijn pad. Toeval? Ys lijkt daar de poot in te hebben. Varkentje heeft nog steeds een flinke hondenteen in mijn mensenpap!

Vorige week ben ik op zoek naar puppy’s op internet. Onbewust bijna. Ik betrap mezelf er als het ware op. Ik verdiep me in zowel de Engelse Springer Spaniël als de Epagneul Breton ofwel Bretoense Spaniël. Dit omdat Ysbrandt een mix was van deze twee geweldige rassen.

Ik vind van alles, onder andere genetische ellende bij de Springers. Heupdysplasie, progressieve retina atrofie en ga zo maar door. Je kunt voor een habbekrats een pup kopen, maar daar zitten dan geen papieren bij. Je hebt geen idee wat je in huis haalt. Misschien wel een heleboel genetische ellende.

 

Een paar fokkers springen er uit. Eentje heeft pups, die op het punt staan het nest te verlaten. In een opwelling schrijf ik dinsdagavond een mail met de vraag of er nog beestjes te vergeven zijn. Zodra ik de mail heb verstuurd bedenk ik me dat dit waanzin is. Ja, er komt een nieuwe pup, ooit, maar laat ik eerst even bijkomen. Op vakantie gaan bijvoorbeeld….

Ik hoor niets meer terug op de mail en maak plannen om een midweek naar Buitenkunst te gaan. Ik heb al een paar afspraken omgezet, als ik donderdagavond plotseling toch een mailtje zie van de fokker. Ze hebben nog precies 1 reutje, zwart/wit. Lief dapper ventje, overgebleven omdat anderen teefjes wilden, of de bruin/witte variant.

Vlijmscherpe tandjes

Als ik de foto’s zie smelt ik. Hij is precies wat ik zoek! De volgende ochtend bel ik op om een afspraak te maken. Ik wil dit ventje bekijken.

De rest van die vrijdag ben ik bezig met het checken van de fokker, bellen met de Raad van Toezicht, de Nederlandse ‘Engelse Springer Spaniël  Club’ enzovoorts. Kennel van de Hazelberg blijkt een uitstekende naam te hebben. ‘Het zijn gezonde en hele goeie zachte hondjes, die daar vandaan komen. Ik heb ze regelmatig gezien op Springerdagen…..’ vertelt de dame van de Nederlandse Springer vereniging.

Eind van de middag lig ik op tafel bij de fysiotherapeut. Ze haalt me grondig uit de knoop. Hierna prop ik snel een maaltijd naar binnen. Gevolgd door een straffe bak koffie.

En zo rijd ik dan aan het begin van de avond naar het wonderschone Brabant. Een pak geld in mijn tas. Voor het geval dat. Het is bijna anderhalf uur rijden. Gelukkig is de weg zo goed als leeg.

Ik voel me kalm en vastberaden. Ja, er komt een up. En misschien wel deze. Het is razendsnel, dat wel. Maar Ysbrandt is het ermee eens. Sterker nog: Hij wil dit echt graag. Het is voor mijn trouwe kameraad veel gemakkelijker om me los te laten als hij weet dat er weer een hondje in mijn leven is. Niets zo ellendig voor een honden-engel als een treurend baasje.

‘Vier mijn leven met je nieuwe hondje, Vrouw. Loop waar wij liepen, doe wat wij deden, ik ben een engeltje op zijn schouder…..’ hoor ik hem als het ware zeggen.

Tegen achten ben ik ter plaatse. Een prachtige verbouwde boerderij in the middle of nowhere. Ik word hartelijk ontvangen. We gaan direct naar de pup kijken.

VikThor zit in een ren met een nest dashonden van vier weken oud. ‘Wel zo gezellig voor hem,’ lacht de man. Zodra ik het kereltje zie ben ik verkocht. Hij loopt zo parmantig door de tuin te rennen! Ook de ouders van de pup zijn aanwezig. Schitterende honden.

Ysbrandt als pup, precies even oud toen als zijn kleine ‘broertje’ nu……

Paps vlijt zich neer in het gras en laat zich uitgebreid aanhalen. Wat een schat! Ik zou hem zo inlijven! Het ziet er goed uit! Alle dingen waar je op moet letten als je een pup aanschaft zijn hier dik in orde.

‘Wil je een kop koffie?’ We gaan aan de tuintafel zitten. Ik heb een kleine pup op schoot. Goeiig laat hij zich aaien. Even later valt hij in slaap. Daar smelt Heks natuurlijk helemaal van, dat begrijp je.

De fokker vertelt me een heleboel dingen, waarvan ik helaas ook alweer één en ander vergeten ben. Gelukkig kan ik dat altijd navragen. We vullen een formulier in, waarbij de pup van eigenaar wisselt. De koop wordt gesloten.

Ik krijg een pakket voer, een prachtige stamboom en een stapeltje paperassen mee. Het blad van de Engelse Springervereniging zit ook in het pakket. De deal is rond!

‘Ik ga natuurlijk weer jachttraining doen met hem, net zoals met mijn vorige hond,’ vertel ik de man. Ik laat hem een foto zien van Ys. ‘Oh, wat een prachtige hond, maar een kruising Springer/Epagneul? Wat bezielt mensen toch? Dat zijn toch volstrekt tegengestelde karakters? De Epagneul in de verte en de Springer dicht naast je…..’

Goh, zo leer ik postuum nog van alles over mijn geliefde Varkentje! Hij had gewoon een enorme genetisch gedicteerde tegenstrijdigheid in zijn karakter….. Zijn naam was dus inderdaad zeer goed gekozen!

‘Ik ga maar eens terug rijden, het is al over negenen.’ Heks komt overeind. De fokker neemt de pup mee en zo lopen we naar de auto. De moeder van het jong verblikt of verbloost niet. Wat haar betreft zit haar taak er op. Ze heeft geen zin meer in hondjes met scherpe tandjes hangend aan haar tepels. Als VikThor het eerder die avond nog een keertje enthousiast probeert schudt ze hem geïrriteerd af.

Ik heb een kattentas meegenomen en daar past dit piepkleine diertje met gemak in. Enigszins overdonderd zit hij te kijken. Dan rijden we weg.

‘Piep, piep,’ hoor ik naast me. Heks maakt sussende geluidjes. Als ik de snelweg opdraai steek ik mijn hand in de mand. Het kleine hondje gaat er direct op liggen. Zo rijden we het hele stuk saampjes terug. Tegen het eind van de rit poept hij van de stress. Een verschrikkelijke stallucht vult de auto. Gelukkig zijn we bijna thuis.

Als ik de mand binnen zet zitten er direct vijf katten omheen. Met grote ogen bekijken ze het monstertje. VikThor geeft geen krimp. Hij is duidelijk de aanwezigheid van allerlei beesten gewend.

Die nacht heb ik een heel klein hondje in mijn armen. Hij piept en snikt een beetje, maar hij weet al wie de Vrouw is. En dat hij bij haar veilig is. Een paar keer ren ik met hem naar buiten. Dan moet hij eventjes een poepie doen.

Om een uurtje of 2 s’nachts sms’t Frogs dat hij is geland. Ik vertel hem over VikThor. Oh, wat gek voor mijn kikkervriend. Toen hij een paar weken geleden op vakantie ging leefde Ysbrandt nog. ‘Neem maar goed afscheid van hem,’ zei Heks. Ik had een vreemd voorgevoel. En nu woont er alweer een andere viervoetige vriend in Huize Heks!

Frogsie moet nog tot de volgende morgen wachten om ons nieuwe makkertje in zijn armen te sluiten. Tegelijkertijd is er geen Ysbrandt meer bij de voordeur. Geen ‘ogen op stokjes’. Geen klein opgewonden Varkentje superblij dat zijn suikeroom weer in het land is…….

Mijn kleine hondje VikThor verzacht de pijn enorm. Als ik met hem wandel danst Ysbrandt in zijn voetspoor achter ons aan. Als ik hem knuffel geniet mijn engel-hondje mee. Ysbrandt is blij dat zijn Vrouwtje weer een hondje heeft. Ik verdenk hem er zelfs van er de hand in te hebben gehad. Of beter gezegd de poot…..

Het is toch wonderbaarlijk dat er binnen een week weer zo’n heerlijk kereltje hier woont. Heks heeft sterk de indruk dat Ysbrandt hem voor me heeft uitgezocht……..

De laatste loodjes met Ysbrandt wogen zwaar. Toch waren ook die moeilijke uren heel bijzonder, ik had ze voor geen goud willen missen!

Vorige week vrijdag ga ik met Ysbrandt en buurman op stap. Ys’ grote vriend, de enorme Duitse herder van mijn buurman laten we maar thuis, want mijn oude hondje is uiterst kwetsbaar geworden.

Vlak voordat we het huis verlaten zie ik dat mijn kanjer bloed plast. O jee, een blaasontsteking vrees ik. Niet best. Op ons gemak tuffen we naar het Valkenburgse meertje. We genieten van een heerlijk uurtje in de zon. Buurman en Heks maken voortdurend absurde grappen zoals gewoonlijk.

Ysbrandt wil een balletje. We spelen met mijn oude makker. Een man komt langs met een prachtige zwart-witte  Springer Spaniël, een jonge vitale versie van mijn hondje. De viervoetige heren snuffelen aan elkaar. Wij maken een praatje met de eigenaar.

Op de terugweg gaan we langs de dierenarts. Ysbrandt piest in de wachtkamer, een geluk bij een ongeluk: Een poepzakje om zijn piemeltje tijdens ons uitje mocht niet baten. Hij vertikte het gewoonweg om er in te plassen. Gelijk heeft ‘ie! Snel zuig ik een beetje urine op met een pipet. De dokter onderzoekt het monster en ontdekt inderdaad een blaasontsteking.

Er gaat een flink shot antibiotica in. Ik krijg een kuur mee voor een week. ‘Ik weet niet of hij dat gaat redden. Zijn buikje is zo dik en opgezet. Hij ademt zo snel en oppervlakkig de laatste dagen en nachten. Ik geef hem zoveel plaspilletjes en nog hoor ik hem reutelen…..’ Bovendien zie ik de Demodex rond zijn oogjes opkomen. Met een beetje pech wordt mijn mooie ventje ook nog kaal.

‘Ik heb dit weekend dienst, je kunt me altijd bellen,’ zegt de dierenarts, een schat van een dame. Ze ziet ook wel dat het niet meevalt voor mijn kereltje. ‘Morgen zijn we gewoon open tot 2 uur. Dan kun je altijd even langskomen…’

Eenmaal thuis geef ik de beestjes eten. Voor Ysbrandt maak ik een heerlijke bak rauw vlees met extra Carnitine, Taurine, Alpha Liponzuur en CoQ10 om zijn hartje te ondersteunen. Een beetje glucosamine en chondroitine  moet zijn spieren en gewrichten soepel houden. Tot slot gooi ik er een paar kippennekken bij.

Enthousiast staat mijn ventje zijn bak leeg te schrapen. De kippennekken sleept hij mee zijn bench in. Krakend maakt hij ze soldaat. Mijn zieke hondje eet aanmerkelijk beter dan zijn Vrouw. Ik krijg al dagen geen hap door mijn keel……

Later die avond bel ik de buurman. Ik ben een beetje in paniek. Ys eet dan nog wel goed, maar daar is alles mee gezegd. Het beestje is doodziek. Ik ben als de dood dat zijn nieren het opgeven. ‘Ik leg de telefoon naast mijn bed, Heks, als het nodig is ga ik met je mee naar de dierenarts…’

De hele nacht loop ik te spoken. Met enige regelmaat piest mijn ventje een chemisch geurend bloedspoor door het huis. Ik dweil het op en spreek hem bemoedigend toe. ‘Geeft niks, schat, kijk maar, alweer opgeruimd…’

Midden in de nacht zit ik bij hem. Ik kijk hem recht aan. ‘No coming, no going,’ fluister ik, ‘Jij zit in mijn hart en ik in het jouwe. Altijd. Dat zal niet veranderen, lieverd.’ Hij lijkt me te begrijpen. Doordringend kijkt hij terug. De schat.

IMG_8918

‘Er komt een moment dat je weet dat het zover is, Heks,’ zei mijn vriendin, de vrouw van de acupuncturist afgelopen week. Zij is ervaringsdeskundige op dit gebied. ‘Het is een hele moeilijke beslissing, maar je weet wanneer het zover is. Daar moet je op vertrouwen.’

Het is zover.

De volgende ochtend lopen we een rondje door de wijk. Mijn ventje wil perse het hele rondje lopen. Het gaat erg langzaam. Hierna eet hij zijn bak niet meer leeg. Halverwege houdt hij het voor gezien. Ook laat hij een pensstaafje liggen. Dat is nog nooit gebeurd….

Ik bel de buurman, ik bel de dierenarts. ‘Ik zal het heel cru zeggen, mevrouw Heks, u kunt beter een week te vroeg de stekker eruit trekken dan een dag te laat. Beestjes met deze indicatie sterven een vreselijke ellendige natuurlijke dood, want ze stikken. U bent heel verstandig.’

Om half twee kunnen we terecht……

Om kwart voor 1 belt buurman aan. We stoppen mijn kereltje in de auto. Onderweg laten we hem nog eventjes lopen in een park. Hij draait nog een laatste drolletje. Hij rolt nog een laatste keertje door het gras. Op weg naar de kliniek maken we zoals gewoonlijk gruwelijke grappen. Eerst verkoop buurman een hoop onzin en dan Heks.

‘Ik kwam tijdens mijn zoektocht naar een geschikt crematorium een verhaal tegen over een dierenarts die zijn vriendin vermoordde. Daarna heeft hij haar in stukken gehakt en bij verschillende dierencrematoria aangeboden…..’ We zitten enorm te lachen als we de straat in rijden. Ys kijkt vergenoegd. We zijn gelukkig allemaal ontspannen. Ondanks de dodelijke stress…..

In de wachtkamer van de dokter krijgt Varkentje nog wat ham van van der Zon. Hij vindt het heerlijk natuurlijk. Als we aan de beurt zijn geef ik hem nog een heleboel lekkertjes. Hij krijgt een prikje om rustig te worden. Nog meer lekkertjes….. Totdat hij te duf is om te kauwen.

‘Vaak zakken hondjes met deze ernstige problematiek op zo’n eerste prik al helemaal weg. Groot kans dat er verder niets nodig is…’ De dierenarts spreekt me bemoedigend toe.

Ys loopt naar de deur. Hij wil naar huis. Ik loods hem weer de spreekkamer in. De dokter geeft hem nog maar een tweede prikje. Mijn ventje blijft stokstijf voor de Vrouw staan. Niet veel later staat hij enorm te hijgen. Verdorie. Nu heeft hij het toch benauwd. Net als ik me daar enorm zorgen over maak, gaat hij eindelijk liggen. Hij zakt in slaap.

YSBRANDT13

Toch zijn er twee dodelijke giftig blauwe injecties nodig voordat hij gaat. Hij wil niet weg. Nog bijna een uur ligt hij zachtjes te ademen. Pas na de vierde prik geeft hij het op. ‘Als u hem niet geholpen had, was het waarschijnlijk echt een drama geworden. Dit hondje is zo taai. Hij zou tot de laatste snik hebben volgehouden voor de baas. U heeft een goed besluit genomen. Ik werk overigens niet mee aan zoiets als ik het er niet mee eens ben….’

Mijn mannetje ligt zo vredig te ‘slapen’. Zijn mooie zachte achter oortjes uitgewaaierd over de vloer. Zo laat ik hem achter.

In de auto brul ik het uit. Buurman zit ook te snikken. We pakken elkaar beet.

In Huize Heks nemen we een goeie borrel. ‘Weet je wat ik toch zo vreemd vond, Buurman,’ giebel ik, ‘De dierenarts ging voor elke dodelijke prik de huid van Ysbrandt desinfecteren….. Zodat hij geen infectie krijgt…..’ We liggen dubbel.

De hele middag praten we over het gebeurde. Over onze hondjes. We bellen uitgebreid met Frogs, zo ver weg in Portugal. Oh wat misen we hem vandaag! Ik steek een kaarsje aan voor mijn hondenengeltje.

YSBRANDT14

Hij heeft nu vrede. Zijn zieke lichaampje is weer gezond en mooi en jong. Hij springt weer een meter in de lucht. Hij kan zijn bek weer openen, zijn tong weer uitsteken. Weer gapen….. Hij kan weer rennen en zwemmen. Daar in de mooie hondenhemel. Waar allemaal oude vrienden hem begroeten.

Het is vreselijk ellendig dat Ysbrandt niet langer hier is, maar ik voel me gek genoeg ook opgelucht en gelukkig. En trots. Trots op ons, we hebben het samen toch maar geklaard!

Ons leven samen is 1 grote liefdesgeschiedenis. Vanaf dag 1 tot aan nu. Elke dag van elkaar gehouden. Iedere dag samen genoten. Mijn rouw om Ysbrandt wordt gekleurd door al deze gouden ervaringen samen.

We wonen altijd in elkaars hart, mijn lieve hondje en ik…..

 

 

‘Partir c’est mourir un peu’.

Afscheid nemen doet pijn. Het is een beetje sterven.

De afgelopen week gaat het bergafwaarts met mijn hondje. Mijn kat Snuitje is ook nog eens zoek. Het wordt me teveel. Ik krijg het niet voor elkaar om ’s nachts overal te gaan roepen. Ook lukt het me niet om een tweede ronde te flyeren en posters op te hangen. Goddank krijg ik hulp!

Joy en haar lief komen me helpen. Heks drukt een hele berg flyers met een subliem goeie foto van mijn schatje erop. Vorige week op dinsdagavond komen mijn vrienden alles ophalen. Ze gaan al dit materiaal de komende week door omringende wijken verspreiden.

‘Willen jullie een glaasje wijn?’ vraag ik hoopvol nadat we de koffie ophebben. Natuurlijk. Gezellig. Ik geniet van het uurtje met dit onvolprezen stel kattenvrienden. Ysbrandt krijgt een lekkertje. Het lijkt allemaal gewoon en normaal vanavond……

Een dag later besluit ik naar het strand te gaan met mijn schatje. Dit nadat ik een dag eerder met de dierenarts heb gebeld, omdat mijn beestje het zo slecht had de nacht ervoor. Vandaag is het echter heerlijk zonnig edoch koel weer. Ik stop mijn varkentje in de auto en rijd rustig en voorzichtig  naar Noordwijk.

Op ons gemak sukkelen we het strand op. Mijn ventje wil een balletje. Hij rent er een paar keer op een soort van drafje achteraan door het verkoelende water. Dan komt hij naast me zitten in het rulle zand. Samen kijken we naar de zee. Hij steekt zijn grote neus in de wind en geniet van alle geuren.

Tot slot pakken we een terrasje. Ik bestel een frietje zoals altijd. En hij mag er ook een paar natuurlijk. Eerst sabbel ik het zout er grotendeels uit. Daarna stop ik er af en toe eentje in zijn lieve bekkie. Oh lieve god, wat houd ik toch veel van mijn kereltje….

Een dag later lopen we door het Leidse Hout. Dit bos waar we zoveel tijd samen hebben doorgebracht. Het is pisweer. Het bos is verlaten. Ik heb op buienradar gekeken naar een tijdstip zonder hoosbuien, dus we lopen redelijk droog. Ys loopt nog geen halve meter van mijn knieën. Af en toe piest hij of draait een lekker drolletje. Hij eet nog goed. Halleluja!

Het lijkt wel een wandelmeditatie in de traditie van Thich Nhat Hanh. Zo langzaam hebben we nog nooit samen gelopen. Rustig kachelen we een royale ronde. Tussendoor rusten we eventjes uit op een bankje.

De trappen op en af wordt steeds moeilijker. Mijn bikkel moet steeds dieper ademhalen voor hij er überhaupt aan begint. Daarom heb ik een nieuw spelelement toegevoegd: Iets lekkers! Het blijkt zo motiverend te werken, dat hij bijna de trap aflazert in zijn haast beneden te komen. Maar goed. Het leidt af van zijn moeite om dit klusje te klaren….

Ach beesie. We zitten in ons laatste stukje samen. Spoedig ga je naar de eeuwige jachtvelden. Vol konijnen, hazen en fazanten. Daar wachten allemaal oude hondenvrienden op je. En een incidentele vijand.

Vanmorgen wandelen we door de buurt. Bij de slager halen we een stukje worst. Bij de sigarenboer een snoepje. Ik verwen mijn ventje. Voornamelijk met gezonde dingen. Maar iets slechts moet ook maar kunnen. Ik stop er nog maar een plaspilletje in ….

Vurig pleidooi voor matigen van innerlijk vuur, zodat het geen vernietigende uitslaande brand wordt. Niks mis met een vurig karakter overigens. Of een lopend vuurtje. Dit element heeft fantastische kwaliteiten. Niet voor niets heeft de mens het met moeite van de goden gestolen……

De avond na mijn minivakantie staat Nice in brand. Een gek in een vrachtwagen rijdt meer dan 80 mensen dood voor de goede zaak. Nou ja,  zijn goede zaak. IS eist de aanslag later op, maar Heks krijgt sterk de indruk dat de man andere beweegredenen heeft gehad. Hij was depressief en ellendig na een echtscheiding: Niets zo prettig als het delen van je ellende. Gedeelde smart zou als het goed is die emotie halveren…..

Helaas zit er een kronkel in die redenering. Een kronkel, die zich in menig getraumatiseerd brein heeft genesteld: Als ik pijn heb moeten anderen dat ook maar voelen. Mijn pijn zal zijn. Interzijn. Pijn doen is fijn.

Onlangs kijkt Heks naar Doctor Phil. Een moeder zit op de praatstoel. ‘Mijn zoon is een gevaar voor de samenleving. Hij is geobsedeerd door wapens en heeft al regelmatig zijn wens uitgesproken om een keertje een heleboel onschuldige mensen de dood in te jagen. Samen met hem, want hij wil niet leven. Hij haat het leven, stopt zichzelf vol drank en drugs, kortom: Ik sta niet voor mijn eigen kind in… Help!’

Ze heeft al heel wat keren de politie op haar eigen zoon afgestuurd. Tot nu toe met weinig succes, want het jong heeft nog niet met zijn beoogde killing spree huisgehouden…. Toch heeft de arm der wet het joch nu opgepakt. Net op het moment dat de ‘Good Doctor` zich met het verhaal gaat bemoeien…..

Phil heeft het kereltje toch kunnen interviewen. Wat er uit zijn mond komt is schrikbarend. Verontrustend. Schokkend. Ja, hij wil inderdaad mensen doodmaken. Hij weet nog niet precies hoe. Misschien met een bom bijvoorbeeld. Hij heeft op internet alle kennis vergaard rondom het bouwen van een effectief destructief knallend  exemplaar. Appeltje eitje.

Maar ook met een automatisch vuurwapen lekker in het wilde weg op een nietsvermoedende mensenmassa schieten lokt hem aan. Hij is een groot bewonderaar van verschillende massamoordenaars. Hij bestudeert deze mensen nauwkeurig. Weet van alles te vertellen over zijn idolen, de rotste appels op onze wereldfruitschaal. Zo wil hij ook worden. Het is zijn grote ideaal!

Als Phil doorvraagt komt er een interessante uitspraak uit de mond van dit rokende lont. Waarom hij dit wil doen? Waarom schiet hij zichzelf niet simpelweg een kogel door de kop om er vanaf te zijn? Waarom moeten er zoveel mensen met hem de dood in worden gejaagd? Wat motiveert hem?

PIJN. Hij voelt zo ongelofelijk veel pijn van binnen. Hij wil dat anderen die pijn ook voelen. Hij wil dat met name onschuldige mensen die pijn voelen. Want die zijn maar gelukkig en blij, je wordt er niet goed van. Wat weten zij nu eigenlijk helemaal van het echte leven?

Door zomaar at random medemensen weg te vagen berokken je in no time geweldig veel leed: Dan voelen ze ook eens wat er binnen in de dader leeft: Die verschrikkelijke afschuwelijke pijn.

Zo simpel is het dus. Niks geen ideologie. Gewoon diepe tragiek van een geïsoleerd mens. Een afgescheiden zelf met slechte ideeën. Een overkokende eenzame beerput.

Heks heeft zich het afgelopen jaar ook met enige regelmaat erg eenzaam en ellendig gevoeld. Ik ben door een diepe depressie gekropen. Niet dat ik de aanvechting kreeg om een moordwapen aan te schaffen…. Laat staan dat ik fantasieën heb om anderen op die manier leed te berokkenen…..

Wel heb ik intense woede ervaren naar mijn agressors. Witheet, kort lontje, schelden en tieren? Met enige regelmaat stak het de kop op. Woede is een dolle hond. Hij rent rondjes door je lijf. Ongrijpbaar maar zeer aanwezig. Woede is een vernietigende binnenbrand. Het verteert je. Woede kan ook als een uitslaande brand je hele omgeving verwoesten.

Toch kost het ons vaak moeite toe te geven hoe kwaad we zijn. We weigeren ernaar te kijken. Blind van woede, tekortgedaan, verontwaardigd en verslagen wagen we ons opnieuw op het slagveld. Om wraak te nemen. Om te vergelden. Om meer kwaad te doen. Oog om oog. Ik blind van woede? Dan jij ook. Jouw tand voor de tand van m’n tante……

Er is niets mis met innerlijk vuur, maar woede is gênant, want je verliest je verstand. Over het algemeen is het geen emotie waar we trots op zijn.

Het idee om anderen net zo te laten lijden als jijzelf ooit hebt gedaan is natuurlijk absurd. Toch doet het behoorlijk veel opgeld. Niet alleen onder terroristen. Een ouder, die z’n kind niks gunt omdat hijzelf niks had als kind? Precies hetzelfde. Kun je nagaan! Je moet wel ongeveer een heilige zijn om niet jouw emoties op een ander te verhalen. Mensen met pijn doen pijn.

Mijn geliefde leraar Thich Nhat Hanh roept zijn leerlingen op om eerst naar hun eigen woede te kijken. Om het te omarmen en te wiegen als een kind. Om ervoor te zorgen. In het klooster koop ik een mooi boekje met meditaties rondom woede, ‘Innerlijk Vuur’. Ik ben vastbesloten mijn eigen woede aan te pakken. Als ik thuis ben na mijn retraite open ik het kleinood lukraak.

Ik lees ‘Als iemand je huis in brand steekt ga je toch ook niet achter die persoon aan rennen. Beter zorg je eerst dat de brand geblust wordt’ of iets dergelijks. Het slaat in als een bom. Ik heb inderdaad als een gek achter mijn agressors aangerend. In een poging hen te stoppen of te begrijpen.

Het slaat natuurlijk helemaal nergens op. Pas tijdens mijn retraite ben ik weer goed voor mezelf gaan zorgen. Eindelijk heb ik het lijntje met mezelf weer hersteld. De relatie met mijn soulmate, mijn ziel, mijn goddelijke kern.

Ik ben geen evangelist. Het idee om allerlei gedachtengoed aan anderen op te dringen staat me tegen. Vrijheid staat hoog in mijn vaandel. Maar wat zou de wereld opknappen als iedereen zijn of haar woede zou zitten omarmen voor de verandering. Wat zou de mensheid erop vooruitgaan als we ons lijden niet meer aan anderen zouden opleggen.

Want in hoeverre is dat vrijheid? Dat dwangmatige vermeerderen van onze eigen ellende. Het ziekmakende vernietigen van alles wat mooi en heilig is…..

We zijn allemaal het centrum van het universum. Wetenschappelijk bewezen, vraag maar aan Stephen Hawking. Het middelpunt van het heelal zit op het puntje van je neus. Van daaruit dijt het uitspansel uit. Baart het nieuwe werelden. Dit prachtige lichaam van de Goddelijke Moeder, bij wie  ieder van ons in haar hart woont.

 

Kommer en kwel, tobben tot je erbij neervalt, dweilen met de kraan open: Het zit niet mee in Huize Heks. Volgens mij zit ik intussen wel op de bodem van de put. Nu kan het alleen maar beter gaan……

Afgelopen weekend is het vreselijk weer. Zondagmorgen loop ik met een onwillig hondje te wandelen. Hij is niet vooruit te branden. Sloom sukkelt hij achter Heks aan. Met een sneue snuit heft hij zijn achterpoot en piest lauw tegen een struik. Ellendig draait hij een drolletje. Halverwege geeft hij aan echt weer terug naar huis te willen.

Zuchtend geef ik gehoor aan zijn onuitgesproken wens. We maken er een beschaafde wandeling van. Er komt ook een donkere lucht aanzetten van heb ik jou daar. Varkentje heeft dan wel een regenjasje aan, maar tegen dit soort buien is geen jas gewassen……

Eenmaal thuis wil mijn ventje niet eten. Geen goed teken. Hij ziet er beroerd uit. Sneu ligt hij in zijn mandje. Heks zit hem te observeren. Wat is er aan de hand? Ik zie hem zo ongeveer met het kwartier ellendiger worden. Snel neem ik zijn temperatuur op. Boven de 39 graden. Hij heeft koorts!

Ik bel de dierenarts. We kunnen eventjes langskomen. Ome Frogs gaat mee. Als de bliksem laden we Varkentje in zijn bolide en scheuren naar de waarnemende dierenarts. Daar wordt Ysbrandt op een tafel gehesen. Een thermometer verdwijnt in zijn kleine anusje. Zijn koorts is gestegen. Oh, wat voelt hij zich beroerd.

‘Ik weet niet wat het precies is, zijn buik voelt op zich ok, maar die koorts bevalt me niets. De wond ziet er goed uit, maar misschien zit er toch een ontsteking van binnen….’ Mijn ventje wordt van top tot teen bepoteld. Hij krijgt een shot antibiotica.

Met een pak pijnstillers en een kuur amoxicilline onder mijn arm ga ik naar huis. Aan het begin van de avond begint Ysbrandt als een gek te hijgen. Alsof hij het Spaans benauwd heeft. Hij voelt zo verhit! Hij eet niet, drinkt niet……. In paniek bel ik weer naar de dierenarts. ‘Honden hebben dat soms. Je schrikt je inderdaad een ongeluk. Wacht maar even af totdat de penicilline inwerkt. Dat kan nog wel een dag duren….’

Wat later drinkt mijn monster een bak water leeg en begint zowaar iets te eten. De koorts zakt in de loop van de avond een beetje. Een onrustige nacht volgt. Ook maandag is het nog niks met hem. Die avond begint hij alarmerend te hoesten. De hele nacht word ik uit mijn slaap gehouden door een rochelende oude man. Kokhalzend probeert hij zich te ontdoen van slijm. Slijm? Waar komt dat nu weer vandaan?

Een dag later zit ik weer bij de dierenarts. Mijn eigenste deze keer. Hij maakt een paar röntgenfoto’s van Ys’ torso. Prachtig om te zien overigens. ‘Kijk, zijn hart is een beetje vergroot. Hij hoort zo groot te zijn…’ De dokter wijst aan waar het hondenhartje van mijn hartje hoort te eindigen, ‘Ook zie ik veel slijm in zijn bronchiën. Dat verklaart dat gehoest. Maar waar dat vandaan komt…’

Het zou goed kunnen, dat het hartje van Ysbrandt niet goed werkt, waardoor er wat oedeemvorming in de longen ontstaat. Later bedenk ik me, dat koorts dan natuurlijk funest is. Het hart moet dan zo hard aan de gang…. Dat verklaart misschien de enorme toename van het gehoest. Mijn kereltje rochelt al een tijdje af en toe, maar nooit zo vaak en heftig als nu……

 

Ik krijg wat codeïne mee. En het dringende advies om een echo te laten maken. Weer een rib uit mijn lijf natuurlijk….. ‘Ik mats je met de röntgenfoto’s, Heks, de tweede krijg je van mij.’ Mijn dierenarts krijgt wel een beetje medelijden met mijn portemonnaie.

Oh, oh, wat een getob. De dagen erna boks ik met moeite wat eten en medicatie in mijn ventje. Maar ook ikzelf lig opeens helemaal om. Geveld door een geniepig buikgriepje. Gevolgd door een stevige verkoudheid. Dit in combinatie met mijn zieke hondje en mijn toch al niet geringe depressie van de laatste tijd maakt dat ik het helemaal gehad heb.

Wat een kutleven. Je doet je gloeiende best, maar krijgt niets voor elkaar. In mijn dooie eentje sla ik wat ellendige dagen stuk. Meuh! Blegh! Geef mijn portie maar aan Fikkie.

Woningbouwvereniging Portaal heeft zo zijn eigen regels. Zijn verwarmingsketels normaal gesproken na 15 jaar aan vervanging toe, bij Portaal is dat 20 jaar. Gevaarlijk? Hoezo? Wel hebben ze een prijs gewonnen, De MVO AWARD 2014, voor hun voortrekkersrol om grote aantallen huurwoningen energieneutraal te maken. Vreemd. In de praktijk vallen hun inspanningen toch echt reuze tegen …..

 

Portaal, woningbouwvereniging

DE SERVICE VAN PORTAAL

 

Vanmorgen alweer Portaalperkelen. Na jaren komt er eindelijk weer eens een bedrijf naar mijn verwarmingsketel kijken. Vroeger, lang, lang geleden, werd dat ding jaarlijks gecontroleerd. Daarna werd het tweejaarlijks. Ook daar kwam na verloop van tijd de klad in. De laatste jaren heb ik niemand meer gezien of gehoord. Uiteindelijk is het bedrijf, dat deze controles uitvoerde failliet gegaan.

In hun nadagen hebben ze bij wijze van zwanenzang plotseling nog wanhopige pogingen gedaan om een afspraak te maken met Heks. Maar dat is er nooit van gekomen. Met name, doordat ze opeens op de stoep stonden, onaangekondigd. En dan was ik altijd net de deur uit. Of op vakantie…..’

Portaal, woningbouwvereniging

Uw service is KUT

 

Dus niet alleen Portaal mist het vermogen te communiceren, ook de bedrijven, die zij vervolgens inhuren, bakken er geen snars van. Aan dit gebrek aan kwaliteit hangt natuurlijk een klein prijskaartje. Cruciaal als je geld uit wilt te sparen. Zo kan die sociale woningbouwvereniging nog meer winst maken….. En vette salarissen uitbetalen aan hun bestuurders……

Ik moet weer uren paraat zitten, want niemand heeft me gisteren tijdens een telefoonronde kunnen vertellen, hoe laat de monteur zou komen. Zodoende moet ik een afspraak met de huisarts afzeggen. Enorm balen.

Om half elf komt er dan eindelijk een alleraardigste jongeman. Mijn ketel hangt al jaren op half zeven, De deur sluit niet meer en hangt er maar zo’n beetje bij. Soms slaat hij met geen mogelijkheid aan. Dan zit ik in de kou. De thermostaat laat zich met moeite uitzetten. Radiatoren worden niet meer warm.

Portaal, woningbouwvereniging

De jongen gaat aan de slag. Hij vult de verwarming bij en vervangt de thermostaat. ‘Zo, klaar,’ zegt hij. Nu al? Wat heeft hij nu helemaal gedaan?

‘Ik dacht dat ik eindelijk wel eens een nieuwe ketel zou krijgen, ‘ zeg ik verbaasd, ‘Die dingen gaan toch zo’n tien jaar mee?’ ‘Welnee,’ zegt het kereltje, ‘Ze gaan vijftien jaar mee, dus u moet er nog een tijdje mee doen, want deze is uit 2000.’

Ik kijk hem glazig aan. ‘Dan is hij dus aan vervanging toe, want het is nu 2015,’ reken ik hem voor. ‘Ja,’ hij kijkt bedenkelijk, ’Portaal heeft zo zijn eigen regels. Bij hen wordt een ketel op zijn vroegst na 18 of 20 jaar vervangen, Ik kom regelmatig in huizen waar stokoude prehistorische exemplaren hangen. Ik had er vanmorgen nog eentje uit 1991!’

Portaal, woningbouwvereniging, wilde westen

Ieder voor zich, pief, paf, poef

 

‘Is dat niet gevaarlijk?’ Het lijkt me toe, dat die dingen niet voor niets worden vervangen. ‘Het is goedkoop,’ beantwoordt de man mijn vraag. Nou ja, beantwoorden.

Goedkoop is het enige antwoord van wondingbouwkutclub Portaal. Goedkope mannetjes, goedkope oplossingen, goedkope materialen, inferieure toiletpotten bijvoorbeeld. En geen service…… Als ze de boel verprutsen geven ze niet thuis. Ik heb in het verleden de grootst mogelijke ellende meegemaakt met deze waardeloze prutvereniging.

WONINGBOUWVERENIGING PORTAAL. LEIDEN, HUIZENMARKT, VERHUREN VAN WONINGEN, PORTAAL, MEDEWERKERS,

Portaal wint een prijs voor energiebewust beleid. Hoe valt dat te rijmen met hun beleid ten opzichte van verwarmingsketels?

 

PORTAAL WINT MVO AWARD 2014, voor zijn voortrekkersrol in het project Stroomversnelling. Dat is erop gericht om grote aantallen huurwoningen energieneutraal te maken

Toen ik hier ooit kwam wonen, huurde ik van Stichting Alba. Dat waren gouden tijden.  Helaas is die sympathieke kleine stichting met huid en haar opgeslokt door deze hongerige geldwolf, deze verhuurgigant.

Natuurlijk geven ze een ander beeld van zichzelf: “Woningcorporatie Portaal werkt dagelijks aan goed en betaalbaar wonen. Onze missie is dan ook: ‘Wij bouwen aan kansrijke buurten waar je je thuis voelt’ …”

toverheks

Geldt dat ook voor heksen?

 

Kunnen die lui dan niets goed doen? Jawel. Ze zijn heel goed in huurverhogingen. Elk jaar weer. En daar zijn ze nooit te laat mee. Noch zijn ze het ooit vergeten……..

Heks is echt niet de enige met negatieve ervaringen met deze hopeloze woningbouwvereniging……: E en hoop leugens en stank ! de dreigbrieven van teamleider Chris Ernste en woningadviseur R. Huting –

Portaal, woningbouwvereniging,BriefVanC.Ernste_hennepteelt

Je kunt ook maar beter geen weefplantjes op je balkon zetten…..OPVALLEND: PORTAAL ZIET DIRECT WEER MOGELIJKHEDEN OM ER LEKKER AAN TE VERDIENEN!

 

 

Heks te moe voor woorden na zalige dagen met etentjes, cadeautjes en lots of love! Prinselijke marionet probeert indruk te maken en Zorro lacht me lief toe zonder masker…. Gelukkig ook wat tegenslag :-( , voor het evenwicht….:-)

mooie lieve mannen

Mijn tweelingbroer (rechts) met zijn tweelingziel

Vanmiddag kwam toch echt de man met de houten hamer. Wat wil je, na zo’n intensieve week. Gelukkig had ik vanavond geen dringende bezigheden. Dus een beetje dweilen en dommelen. Spelen met het kleine spul. Vooral weinig bewegen. Zometeen moet ik nog even in actie komen, het varkentje moet er nog uit. Ik zie er tegenop. Moet echt moed verzamelen.

Gisterenavond laat opende ik een alarmerend mailtje. Een klacht vanuit een zangproject over een vriendin van me, ze zou te luidruchtig en druk zijn…. Ik was geschokt. Niet zozeer vanwege het verzoek tot dimmen, maar vanwege … ja wat nu eigenlijk?

marionet en boeddha

Kijk eens wat een prachtig kereltje

Toen ik haar later sprak bleek ik er meer mee te zitten dan zij. Het zette me aan het denken. Drukke luidruchtige mensen versus stille zuigende Willys. De eerste groep roept makkelijk ergernis op: Ze zijn duidelijk zichtbaar te aanwezig, geven te veel.

De tweede groep schopt het vaak veel verder, blijft langer buiten het schot van de algemene ergernis…. Het is passiever, soms onzichtbaar gedrag. De andere kant van diezelfde médaille.  Daar heb ik nou soms last van. Mensen, die door zich heel klein te maken alle aandacht wegzuigen. Als een zwart gat. Misschien moet ik ook eens ergens gaan klagen…..

IMG_0500 IMG_0499 IMG_0498

Gisterenavond alweer een etentje bij een Italiaan. Deze keer kon ik erheen kruipen, het is hier om de hoek. Mijn tweelingbroer en zijn geliefde kwamen me om half zeven ophalen. Eerst kreeg ik een prachtig cadeau van hen, een oude marionet uit Thailand. Gedrieën liepen we naar het restaurant, met de nodige kwinkslagen en lachsalvo’s.

Binnen gingen ze tegenover me zitten, zodat ik van hen beiden volop kon genieten! Het grappige is, dat ik de geliefde van mijn tweelingbroer langer ken dan mijn broer. En ook langer, dan dat mijn broer zijn geliefde kent. Ja, rara hoe kan dat?

ringen, zelfgemaakte ringen, vriendschap, liefde, trouw

Zelfgemaakte liefdesringen

Lang geleden speelde ik een paar jaar met de geliefde in een jeugdtheatergroep van de Haagse Comedy. Het was een superleuke club mensen , we trokken intensief met elkaar op.  En we verloren elkaar later uit het oog.

marionet

En een woeste snor

Een paar jaar later ontdekten mijn broer en ik, dat we tweeling zijn tijdens een studiereis met de vakgroep Theaterwetenschap in Berlijn. Het werd veroorzaakt door een glas champagne op de vroege morgen in een enorm warenhuis gevolgd door in een roes aanschafte identieke kleding……In feite is het onze beste rol ooit. Velen vinden ons zelfs sprekend op elkaar lijken.

Alweer heel wat jaren terug kwam mijn tweelingbroer met zijn nieuwe vriend op mijn verjaardagsfeest. De man kwam me vaag bekend voor, vooral zijn stem. Opeens vroeg hij met dat mooie diepe geluid’ Zeg Heks, heb jij vroeger bij de Haagse Comedy gespeeld?’ “Menno Vossenhol’, riep ik uit, dat was zijn laatste glansrol… Zo vond ik hem na al die jaren terug binnen mijn theatrale familie!

Tijdens het diner vertelden mijn vrienden dat ze ringen hebben uitgewisseld. Zelf gemaakt (!) voor elkaar. Zomaar, omdat ze van elkaar houden.

spelend poesje, kitten, katje speelt met konijn

Poesje speelt met konijn

Ook deze dag had weer een fijne verrassing in petto. Vanmiddag kwam er een heksenvriendin op bezoek met een grote geurende roos. Ik word verwend!

man met hoed, dorpspastoor

Bicycle repairman in Zorro vermomming: