Zich misdragende honden: De honden lusten er geen brood van. Een lekker kippetje soldaat maken of een woest potje ‘Zwaan kleef aan’ is nog niets vergeleken bij het vileine geblaf van mijn buurman: Hij heeft deze fladderende Toverheks in het vizier. Wat wil hij bereiken? Dat is onduidelijk. Wellicht zoekt hij een pispaal, louter voor zijn plezier!

‘Oh, dat stelt niks voor!’ lacht de vrouw met hond waarmee ik een praatje maak, ‘Een hond hier uit de wijk heeft laatst voor de verbijsterde ogen van een hele schoolklas kleine kinderen een kip te grazen genomen…’ Heks heeft haar zojuist verteld, dat mijn lieve kleine hondje onlangs een kip had gevangen. Gelukkig kwam die er zonder kleerscheuren vanaf.

‘Nou, dat arme dier op de educatieve boerderij hier in de wijk had minder geluk,’ vervolgt de vrouw, ‘Die hond heeft hem echt aan flarden gescheurd. Die kids kunnen allemaal in therapie…… Niks leuk en lief beestjes aaien op Kinderboerderij Merenwijk!’

Als ik verder fiets zie ik alweer een hond zich misdragen. Hij rent dwars door een weiland langs een sloot waar een jonge zwaan zich probeert uit de voeten te maken. Nou ja, uit de zwemvliezen. Het beest is nog geen jaar oud en duidelijk niet in staat dit blaffende monster het gevederde hoofd te bieden.

Het succes van zijn vermetele actie stijgt de tevens jonge hond naar het hoofd. Als een dolleman gaat hij tekeer. Op het fietspad staat een man het met lede ogen aan te zien. In de verte klinkt de ijle roep van s’honds baasje. Een vrouw met nog een hond en een kind in de kinderwagen probeert wanhopig haar ontaarde viervoeter weer onder appel te krijgen. Onbegonnen werk. Al helemaal vanaf die afstand.

Heks stapt van haar fiets en maakt zich drie keer zo groot. ‘Blijf,’ brul ik tegen VikThor. Er is geen tijd om hem aan te lijnen en op zich lust hij natuurlijk ook wel een zwaantje. Met rasse schreden banjer ik door het hoge gras naar de slootkant. Ondertussen op barse toon sprekend en gebarend naar de hond. Het voelt alsof ik hopla over de sloot kan springen en die hond zo bij kop en kont kan pakken……

Als een haas gaat het stomme dier er vandoor. Het is in een oogwenk gefikst. De zwaan haalt opgelucht adem. De baas in verte ook. ‘Goh,’ zegt de onthutste man op het fietspad met een zweem van bewondering in zijn stem, ‘Dat had je snel voor elkaar!’

Heks heeft net een uurtje naar Cesar Milan zitten kijken. ‘Zo’n hond ziet energie,’ beweert de man, nadat hij weer een ongelofelijk staaltje van zijn specialiteit heeft laten zien: Een onmogelijke gevaarlijke draak van een hond aanlijnen en er vervolgens mee wandelen alsof  het een puppy betreft.

‘Mensen zien ook energie,’ denkt Heks bij zichzelf, ‘Onbewust. Ze weten direct of ze over je heen kunnen walsen of tegen je aan kunnen zeiken is mijn ervaring. Ik kan mezelf in zulke situaties beter ook eens wat meer opblazen. En van me af blaffen en bijten…..’

Ik ben nogal van het harmoniemodel. Ik vermijd conflicten en probeer Jan en Alleman te vriend te houden door middel van pleasen. Vandaar dat ze over me heen piesen. Het is namelijk een volstrekt contraproductieve houding, dat pleasen. Tenzij je dat gepies lekker vindt……

Een week later krijg ik de kans. Als ik de buurman aanspreek op zijn stomvervelende briefjes. Helaas kom ik van een koude kermis thuis. Hij blijft bij hoog en bij laag beweren, dat er een verschil is tussen zijn al jaren in de gang van de berging geparkeerde fiets en de mijne, die er tijdelijk staat. Er is geen redeneren aan.

Wel stelt hij vragen als: Waarom heb je eigenlijk vier fietsen? Alsof dat iets ter zake doet. Al had ik er tien. Zolang ik ze niet allemaal in de gang zet is er niet aan de hand. Hij mag er wat mij betreft zestig hebben. Of tweehonderd.

Zodra we er echter eentje in de gang zetten zijn we in overtreding. Allebei. Hij heeft het echter over gedogen van mijn misbruik van openbare ruimte.  Heel apart. Alsof ik niet al jaren hetzelfde van hem gedoog!

Waar ken ik dit gevoel toch van? Dat iemand je in het vizier heeft om het bloed onder je nagels vandaan te treiteren? Dat iemand er gestoorde redeneringen op na houdt, maar jou ervan beschuldigt. Dat iemand vindt dat er voor voor hemzelf andere regels gelden dan voor de gemene mens…….

‘Psychopaat!’ schreeuwt de boze buurman, ‘Als je nog 1 keer zo doet bel ik de woningbouwvereniging en dan word je er zo uitgezet!’ Nu moet ik toch echt lachen. Ondanks alle woede. Hoe denkt hij dat voor elkaar te krijgen?

Hijzelf draait met enige regelmaat keiharde muziek, zijn vrienden kotsen op mijn deurmat, bellen ’s nachts met hun dronken hoofd aan bij Heks. Niet elke nacht. Maar het gebeurt.

‘Jouw kat heeft een keer in de gang gescheten!’ gilt de buurman. De gang, die ik met mijn pijnlijke lijf als enige af en toe stofzuig en dweil. Heks is intussen ook gaan schreeuwen, ook al had ik me nog zo voorgenomen om het niet te doen.

Een bovenbuurvrouw mengt zich in het gekrakeel. Zij had ooit dergelijke problemen met de vorige bewoner van hetzelfde pand. Zou er een vloek rusten op die woning?

‘Als ik mijn fiets niet voor de buitenmuur van jouw berging mag zetten, omdat die lucht blijkbaar van jou is, lijkt het me logisch, dat jij niet meer parkeert met je vaders auto voor mijn keukenraam,’ sneer ik tenslotte, ‘En waarom heb je eigenlijk geen eigen auto?’ voeg ik er dan ook maar een stompzinnige edoch geniepige vraag aan toe. Het ontgaat de eikel volkomen…..

maxresdefault-1

Egel eet kip….

Uiteindelijk trek ik de voordeur met een klap dicht. Ik kan die gestoorde gelijkhebberige rotkop van mijn naaste buur niet meer zien. Eerst maar eens een heel eind fietsen met mijn hondje. De natuur in. Herademen.

Doodmoe kom ik een uurtje later thuis. Ik heb er spijt van dat ik mijn bovenbuurman op zijn gedrag heb aangesproken. Ik dacht dat mijn stevige energie er, net als bij die andere hond in dat weiland afgelopen week, voor zou zorgen, dat hij zijn doel zou verleggen. Een ander slachtoffer voor zijn zieke geobsedeerde gedoe zou zoeken.

Ik had hem beter kunnen negeren, zoals ik al jaren doe. Af en toe beetje pleasen met een vriendelijk nietszeggend woord of compliment en verder de boot afhouden. Ik dacht door duidelijk mijn grens aan te geven iets te winnen.

Ik had er eventjes geen rekening mee gehouden, dat ik misschien te maken zou hebben met iemand met een persoonlijkheidsstoornis. Ja, weet ik veel. Dat zie je niet aan iemands neus. Al had ik het uit een bijzonder onverkwikkelijk gesprek afgelopen zomer wel kunnen destilleren…….

Maar dat bedenk je altijd achteraf.

Jezelf groot maken. Duidelijk in beeld je zegje doen. Je grenzen aangeven. Zulke grappen moet je niet uithalen met een narcist. Die medemensen mijd je beter als de pest.

Hoewel. Als je toch al op hun radar staat kun je hen maar beter goed afschrikken.

Hond gered uit handen zwaan……

Wonderhondje in de hondenhemel gunt zijn droevige Vrouwtje een nieuwe viervoetige vriend om haar gezelschap te houden. Plotseling komt er een pup op mijn pad. Toeval? Ys lijkt daar de poot in te hebben. Varkentje heeft nog steeds een flinke hondenteen in mijn mensenpap!

Vorige week ben ik op zoek naar puppy’s op internet. Onbewust bijna. Ik betrap mezelf er als het ware op. Ik verdiep me in zowel de Engelse Springer Spaniël als de Epagneul Breton ofwel Bretoense Spaniël. Dit omdat Ysbrandt een mix was van deze twee geweldige rassen.

Ik vind van alles, onder andere genetische ellende bij de Springers. Heupdysplasie, progressieve retina atrofie en ga zo maar door. Je kunt voor een habbekrats een pup kopen, maar daar zitten dan geen papieren bij. Je hebt geen idee wat je in huis haalt. Misschien wel een heleboel genetische ellende.

 

Een paar fokkers springen er uit. Eentje heeft pups, die op het punt staan het nest te verlaten. In een opwelling schrijf ik dinsdagavond een mail met de vraag of er nog beestjes te vergeven zijn. Zodra ik de mail heb verstuurd bedenk ik me dat dit waanzin is. Ja, er komt een nieuwe pup, ooit, maar laat ik eerst even bijkomen. Op vakantie gaan bijvoorbeeld….

Ik hoor niets meer terug op de mail en maak plannen om een midweek naar Buitenkunst te gaan. Ik heb al een paar afspraken omgezet, als ik donderdagavond plotseling toch een mailtje zie van de fokker. Ze hebben nog precies 1 reutje, zwart/wit. Lief dapper ventje, overgebleven omdat anderen teefjes wilden, of de bruin/witte variant.

Vlijmscherpe tandjes

Als ik de foto’s zie smelt ik. Hij is precies wat ik zoek! De volgende ochtend bel ik op om een afspraak te maken. Ik wil dit ventje bekijken.

De rest van die vrijdag ben ik bezig met het checken van de fokker, bellen met de Raad van Toezicht, de Nederlandse ‘Engelse Springer Spaniël  Club’ enzovoorts. Kennel van de Hazelberg blijkt een uitstekende naam te hebben. ‘Het zijn gezonde en hele goeie zachte hondjes, die daar vandaan komen. Ik heb ze regelmatig gezien op Springerdagen…..’ vertelt de dame van de Nederlandse Springer vereniging.

Eind van de middag lig ik op tafel bij de fysiotherapeut. Ze haalt me grondig uit de knoop. Hierna prop ik snel een maaltijd naar binnen. Gevolgd door een straffe bak koffie.

En zo rijd ik dan aan het begin van de avond naar het wonderschone Brabant. Een pak geld in mijn tas. Voor het geval dat. Het is bijna anderhalf uur rijden. Gelukkig is de weg zo goed als leeg.

Ik voel me kalm en vastberaden. Ja, er komt een up. En misschien wel deze. Het is razendsnel, dat wel. Maar Ysbrandt is het ermee eens. Sterker nog: Hij wil dit echt graag. Het is voor mijn trouwe kameraad veel gemakkelijker om me los te laten als hij weet dat er weer een hondje in mijn leven is. Niets zo ellendig voor een honden-engel als een treurend baasje.

‘Vier mijn leven met je nieuwe hondje, Vrouw. Loop waar wij liepen, doe wat wij deden, ik ben een engeltje op zijn schouder…..’ hoor ik hem als het ware zeggen.

Tegen achten ben ik ter plaatse. Een prachtige verbouwde boerderij in the middle of nowhere. Ik word hartelijk ontvangen. We gaan direct naar de pup kijken.

VikThor zit in een ren met een nest dashonden van vier weken oud. ‘Wel zo gezellig voor hem,’ lacht de man. Zodra ik het kereltje zie ben ik verkocht. Hij loopt zo parmantig door de tuin te rennen! Ook de ouders van de pup zijn aanwezig. Schitterende honden.

Ysbrandt als pup, precies even oud toen als zijn kleine ‘broertje’ nu……

Paps vlijt zich neer in het gras en laat zich uitgebreid aanhalen. Wat een schat! Ik zou hem zo inlijven! Het ziet er goed uit! Alle dingen waar je op moet letten als je een pup aanschaft zijn hier dik in orde.

‘Wil je een kop koffie?’ We gaan aan de tuintafel zitten. Ik heb een kleine pup op schoot. Goeiig laat hij zich aaien. Even later valt hij in slaap. Daar smelt Heks natuurlijk helemaal van, dat begrijp je.

De fokker vertelt me een heleboel dingen, waarvan ik helaas ook alweer één en ander vergeten ben. Gelukkig kan ik dat altijd navragen. We vullen een formulier in, waarbij de pup van eigenaar wisselt. De koop wordt gesloten.

Ik krijg een pakket voer, een prachtige stamboom en een stapeltje paperassen mee. Het blad van de Engelse Springervereniging zit ook in het pakket. De deal is rond!

‘Ik ga natuurlijk weer jachttraining doen met hem, net zoals met mijn vorige hond,’ vertel ik de man. Ik laat hem een foto zien van Ys. ‘Oh, wat een prachtige hond, maar een kruising Springer/Epagneul? Wat bezielt mensen toch? Dat zijn toch volstrekt tegengestelde karakters? De Epagneul in de verte en de Springer dicht naast je…..’

Goh, zo leer ik postuum nog van alles over mijn geliefde Varkentje! Hij had gewoon een enorme genetisch gedicteerde tegenstrijdigheid in zijn karakter….. Zijn naam was dus inderdaad zeer goed gekozen!

‘Ik ga maar eens terug rijden, het is al over negenen.’ Heks komt overeind. De fokker neemt de pup mee en zo lopen we naar de auto. De moeder van het jong verblikt of verbloost niet. Wat haar betreft zit haar taak er op. Ze heeft geen zin meer in hondjes met scherpe tandjes hangend aan haar tepels. Als VikThor het eerder die avond nog een keertje enthousiast probeert schudt ze hem geïrriteerd af.

Ik heb een kattentas meegenomen en daar past dit piepkleine diertje met gemak in. Enigszins overdonderd zit hij te kijken. Dan rijden we weg.

‘Piep, piep,’ hoor ik naast me. Heks maakt sussende geluidjes. Als ik de snelweg opdraai steek ik mijn hand in de mand. Het kleine hondje gaat er direct op liggen. Zo rijden we het hele stuk saampjes terug. Tegen het eind van de rit poept hij van de stress. Een verschrikkelijke stallucht vult de auto. Gelukkig zijn we bijna thuis.

Als ik de mand binnen zet zitten er direct vijf katten omheen. Met grote ogen bekijken ze het monstertje. VikThor geeft geen krimp. Hij is duidelijk de aanwezigheid van allerlei beesten gewend.

Die nacht heb ik een heel klein hondje in mijn armen. Hij piept en snikt een beetje, maar hij weet al wie de Vrouw is. En dat hij bij haar veilig is. Een paar keer ren ik met hem naar buiten. Dan moet hij eventjes een poepie doen.

Om een uurtje of 2 s’nachts sms’t Frogs dat hij is geland. Ik vertel hem over VikThor. Oh, wat gek voor mijn kikkervriend. Toen hij een paar weken geleden op vakantie ging leefde Ysbrandt nog. ‘Neem maar goed afscheid van hem,’ zei Heks. Ik had een vreemd voorgevoel. En nu woont er alweer een andere viervoetige vriend in Huize Heks!

Frogsie moet nog tot de volgende morgen wachten om ons nieuwe makkertje in zijn armen te sluiten. Tegelijkertijd is er geen Ysbrandt meer bij de voordeur. Geen ‘ogen op stokjes’. Geen klein opgewonden Varkentje superblij dat zijn suikeroom weer in het land is…….

Mijn kleine hondje VikThor verzacht de pijn enorm. Als ik met hem wandel danst Ysbrandt in zijn voetspoor achter ons aan. Als ik hem knuffel geniet mijn engel-hondje mee. Ysbrandt is blij dat zijn Vrouwtje weer een hondje heeft. Ik verdenk hem er zelfs van er de hand in te hebben gehad. Of beter gezegd de poot…..

Het is toch wonderbaarlijk dat er binnen een week weer zo’n heerlijk kereltje hier woont. Heks heeft sterk de indruk dat Ysbrandt hem voor me heeft uitgezocht……..