Genade, genade, we gaan naar de Parade! Citroen, citroen, dat moeten we vaker doen. Alle gekheid op een stokje: Heks heeft een heerlijke dag! In een rokje.

‘Ik haat mezelf, ik haat mezelf, ik haat mezelf…. Waarom kan ik nu gewoon nooit eens op tijd zijn? Ik haat mezelf, ik haar mezelf, ik haat mezelf…..’ tiert Heks. Ze vliegt op haar logge Batavis door de stad op weg naar huis om een kortingscoupon op te halen, die ik nota bene klaar heb gelegd. Bovenop mijn tas. Toch weer vergeten……

Was ik zonet nog keurig op tijd om mijn vriendinnetje Trui en haar dochter Vlinder op perron 5b te treffen, nu is het maar de vraag of ik het allemaal red. Vloekend raas ik opnieuw naar het station. Prop mijn fiets in de berging. Ren zo hard mogelijk op sukkeldraf door de toegangspoortjes…….

Heks is op tijd, maar de trein is verlaat. Nu missen we onze aansluiting. Mijn hoofd is een chaotisch slagveld, zoals altijd als ik me heb moeten haasten. Stress is funest voor mij. Mijn door ME veroorzaakte inspanningsintolerantie verdraagt nu eenmaal geen stress.

Gelukkig heb ik zondag echt helemaal niks gedaan. Slechts rusten en energie sparen.

De trein komt er aan. We zoeken een plekje. Zo, nu eerst even een boterhammetje naar binnen werken. Ik rommel in mijn tas. Huh? Waar is nu die kortingscoupon? Niet meer te vinden……

Onderweg verloren!

‘Vlinder is haar OV-kaart vergeten, nu kan ze niet met korting reizen op jouw kaart……’ ‘Oh jee, vandaag gaat alles mis, meisjes…..’ Inderdaad. We missen onze aansluiting in Amsterdam Zuid. We hadden beter een trein later kunnen nemen. De directe boemel richting Utrecht…….

In Utrecht lopen we vervolgens finaal de verkeerde kant op. Maar uiteindelijk zijn we dan op de Parade! Heks trakteert op de toegang, zonder coupon. Gelukkig kost het allemaal geen drol hier. Trui koopt kaartjes voor de show van  Ellen Ten Damme. Daar gaan we in elk geval heen.

We dwalen over het terrein. Er is van alles te doen. Eerst maar iets drinken. We strijken neer op een terras en gaan aan de Sangria! Met Tapas!

Uiteindelijk zien we buiten de geweldige voorstelling van showbeest en podiumdier Ellen ten Damme nog een voorstelling. Vaudeville theater met Don Quichot in de rol van Thierry Baudet. Hilarisch!!!!!

De tijd vliegt voorbij. We scharrelen over het terrein, eten nog ergens een hapje. Heks staat eindeloos in de rij bij een Taco-tent. Hier kan ik iets binnen mijn dieet scoren, maar hoe kan het nu dat de sproetenvrouw achter me in de rij nu drie plaatsen voor me staat?

Pal voor me staat een geitensok met schapenhaar. Deuzelig staat ze te dagdromen. Niet op te letten. Of weet ik veel. Hierdoor stroomt er via de zijkant van kraam een groep van twintig stijf gepermanente menopauzale taarten met identieke ANWB jassen aan voor haar de rij in.  Stiekem sluipend op hun degelijke Wolky’s: Het beste en meest veilige voorbehoedsmiddel hier ter lande.

Tienerzwangerschappen zouden de wereld uit zijn, als alle pubermeisjes zich verplicht hierop zouden moeten voortbewegen. Veel effectiever dan hoofddoek of kuisheidsgordel. Maar comfortabel dat ze lopen! Heks heeft ze ook regelmatig aan haar voeten. Er is dan ook al jaren geen man in mijn buurt te bekennen.

I rest my case.

Ik geef de dame voor me een strenge blik. Ja, is ze nu gek geworden? Mij een beetje voor de kat zijn viool laten wachten. ‘Mevrouw, u laat iedereen voor gaan, ik wil ook eten bestellen….’ Gelaten blaat ze terug vanuit haar krentenbaard. En nog laat ze iedereen voor gaan. Er staan alweer tien knarren op Wolky’s klaar. Ik loop om het schaap heen naar de balie. Dring dus ook voor! Zoek het lekker uit!

Ik bestel met zekere overtuiging en bravour mijn taco eerder dan zij. Niet dat het helpt. Al die menopauzale regenjasjes hebben precies hetzelfde besteld als Heks. Sta ik weer eindeloos te wachten…… De geitensok heeft dan haar maaltje al op!

Oh, wat ben ik toch assertief tegenwoordig. Of op zijn minst niet pleaserig. Ik sta er vaak zelf van te kijken. Vroeger had ik me in duizend bochten gewrongen om de geitensok (en de kool) te sparen. Haar een goed gevoel te bezorgen. Ook al is ze niet erg aardig tegen Heks. Alles in het werk om haar niet te kwetsen…….

Na het eten lopen we een rondje over het terrein. Ik voel me heerlijk op deze plek. Tussen al die dramatische types. Kijk, daar zit er weer eentje voor een caravan. Een oude over de top opgemaakte vrouw met hoog op getoupeerd, wit geblondeerd piekhaar. In een knalgele soepjurk.

Ik kijk recht in haar ontevreden smoelwerk. Haha, wat trekt ze een kop! Ze komt me vaag bekend voor, zoals ze met haar aanplakwimpers naar me wappert. Snel lees ik op een bord wat het gekke mens te bieden heeft.

“Dag Heks,’ zegt ze opeens met een keiharde schorre doorrookte welbekende stem. Ik schrik me dood. ‘Oh, ben je het echt?’ bijt ik haar toe. Eerlijk gezegd dacht ik dat de vrouw vanuit de verte slechts sterk leek op Troela, een oude rasechte vijandin van Heks. Die ik in het verleden altijd heb geprobeerd te pleasen. Wat me regelmatig kwam te staan op een regelrechte schijtpartij recht in mijn gezicht.

Ik heb die parg al jaren niet meer gezien en dat bevalt me goed. Ik wil dan ook helemaal niet weten wat ze hier doet. Dat valt haar vies tegen. Zij wil duidelijk een praatje maken over haar succesvolle zelf. Op de Parade! Met een act! Chagrijnig en vitterig reageert ze op mijn eerdere opmerking. Die is niet goed gevallen.

Dag Troela,’ groet Heks afgemeten. Ik loop door. Laat ze maar de rambam krijgen, die zuipende helleveeg. Dat gemene secreet.

Jarenlang heeft ze in een liefdesrelatie van Heks lopen stoken. Onder mijn neus probeerde ze mijn narcistische geliefde bijvoorbeeld af te lebberen. Haar slangentong sissend buitenboord. Gefluisterde verleiding in zijn willige narcisten-oor. Het is dat hij fysiek van haar walgde, anders had ze hem mooi afgepakt……

‘Wat zou ze hier doen?’ vraagt mijn vriendin zich af. ‘Ik vermoed zingen, levensliederen, vreselijk natuurlijk. Ze zingt zo vals als een kraai…..’

‘Kom we gaan in de zweefmolen,’ roepen we vervolgens om beurten. Even later laten we ons door de enorme reus van een kerel, die de molen exploiteert, opgooien. We zwieren alle kanten op. Heerlijk. Heks vergeet alle zorgen, muizenissen waaien weg. Het restje somberheid, ontstaan tijdens onze gesprekken op de heenweg over het klimaat, smelt als sneeuw voor de zon…..

Even na negenen snellen we richting station. Mijn vriendin is ook kapot moe. Na een weekend fietsen door Nederland en een dag op de Parade is de koek echt op. ‘Ik maak nog regelmatig fouten in het managen van mijn energie,’ geeft ze toe. Zij heeft na een val van de fiets ook veel minder lepeltjes van dat broodnodige spul te besteden per dag. En dat is zo moeilijk! I know!

In een vloek en een zucht zijn we weer in Leiden. Heks moet nog een rondje fietsen met haar hondje. Ik ben dus nog eventjes bezig, voordat ik kan uitpuffen. Zoals altijd na een inspannende dag stuiter ik nog uren door het huis. Ik slaap pas om een uurtje of drie, vier.

Vandaag doe ik geen bal. Alleen de hond uitlaten. Eten koken heb ik geen puf voor. Dat komt volgende week wel weer een keer.

 

 

Spontaan dood gaan is niet voor iedereen weggelegd. Heks bezoekt het huis van Schilder, mijn goede vriend, die er zo plotseling tussenuit kneep afgelopen voorjaar. We missen hem verschrikkelijk, maar hij maakt het best goed. Is wat ik vermoed. Een lang liefdevol leven en dan lachend sterven. Dat is wat ik wil. Wie niet?

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM Spookheks

Zaterdagmiddag loop ik met een paar potten kweeperenjam bij Schilder binnen. Zijn familie heeft een afscheidstentoonstelling georganiseerd in zijn intussen vrijwel lege huis en het is alweer het laatste weekend. Vorige week ben ik ook eventjes gaan buurten, maar het was best druk en ik wilde fietsen met Vik vanwege het prachtige weer. Gelukkig is de expositie wegens succes verlengd.

‘Ik kom volgende week nog eventjes een wijntje drinken,’ beloof ik de broer van Schilder, mijn oude vriend Galeriehouder. Wat je belooft moet je doen, ook al lig je total loss in je bed. Zodoende hijs ik me in de kleren en ga op pad voor een rondje met mijn trouwe hondje. Onderweg doen we de expositie aan.

Voel jij hem hier, Heks?’  Broer kijkt me nieuwsgierig aan, ‘Jij bent daar toch supergevoelig voor?’ Ja, ik voel hem zeker. Hij heeft het prima naar zijn zin. ‘Gisteren toen ik de badkamer in liep hier rook ik hem gewoon. Alsof hij naast me stond!’ vervolgt broerlief.

Zo grappig vind ik dat. De meeste mensen vinden Heks maar een rare Tinus met die gezellige onderonsjes met haar geliefde doden. Onverwacht krijg ik zo nu en dan toch weer begrip voor mijn ijle kwaliteiten: Zodra er iemand overlijdt, die heel dichtbij staat, voelen de achterblijvers zelf ook opeens van alles. En dat vertellen ze dan weer aan mij!

Vorig jaar werd ik met enige regelmaat gebeld door het nummer van een vriend. Alleen beweerde hij bij hoog en bij laag niet degene te zijn geweest, die het nummer had gedraaid. Ook hoorde ik helemaal niks als ik de hoorn op nam. Dus belde ik maar terug naar het nummer. Kreeg de vriend, die niet het nummer had gedraaid, maar me wel had gebeld. En die behoorlijk om een praatje verlegen zat!

TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM Ik dans en dans, gekke Heks. Mijn hemelse spitzen zitten honderd keer beter dan die hopeloze martelwerktuigen die ik gewend ben……

Zijn geliefde was net overleden. Hij ging door een persoonlijke hel. Dus belde zijn engeltje Heks op. Via zijn nummer. Vraag me niet hoe het kan, maar het is een paar keer gebeurd.

Ooit -lang, lang geleden, toen ik nog in de IT werkte- kreeg ik een baan als systeembouwer bij een bedrijf, waar net 1 van de 2 bazen was verongelukt. Hij was met grote vaart tegen een boom geknald. Zeer waarschijnlijk onder de invloed van alcohol.  Het bedrijf kreeg postuum een boete vanwege die boom herinner ik me.

Het slachtoffer -van zichzelf- was een piepjonge, beeldschone, reteslimme man. Iedereen was nog in shock, toen ik mijn proeftijd begon. Vooral de secretaresse. Zij had onlangs een liefdesrelatie met de jongeman gekregen. Ze waren net terug van een romantische vakantie in Griekenland.

Iedere vrijdagmiddag werd er lustig geborreld in de vergaderzaal. Het was een leuk bedrijf met een losse sfeer. De nog in leven zijnde baas hield ook van een slok. En van zijn secretaresse. In de korte tijd dat ik werkzaam was bij het bedrijf verliet hij zijn vrouw en trok in bij zijn zakelijke rechterhand. Die in de loop van haar loopbaan heel wat minder zakelijk geworden was jegens hem. Met die rechterhand…..

Zodra we allemaal zaten met een drankje en een hapje begonnen de lichten te knipperen. Alsof de dierbare dode verontwaardigd was over onze volle glazen en zijn gebrek daaraan. Alsof hij toch eventjes in het middelpunt wilde staan. Alsof…..

Kortom: Het spookte behoorlijk daar in de Baarnse bossen. Want daar stond dat bedrijf. Daar reisde ik elke dag heen met de trein. Een mijl op zeven. Daar zat ik me urenlang de tyfus te vervelen in een zuurstofloos noodgebouw. Mijn rug gegrild door een gevelkachel. Mijn buik koud als een steen.

Ik kreeg zelf ook een collega achter me aan. Een knappe vent, maar Heks vond hem eng. Ik wist destijds niet waarom, maar ik denk achteraf dat het gewoon een narcist was.

De combinatie van dolende ziel, getraumatiseerde baas, narcistische collega en dodelijke verveling eisten al snel zijn tol. Binnen mijn proeftijd zegde ik mijn baan op. Ik had intussen iets gevonden dichterbij huis. Het betaalde ook nog eens veel beter. Heks werd gedetacheerd bij de Felicitatiedienst! Zat ik opeens tussen de Blije Dozen!

Een bizar geschenk overigens voor een net bevallen vrouw. Zit je te hannesen met je uitgescheurde doos waar je niet eens op kunt zitten, krijg je zo’n hostess op bezoek met een blije doos. Van het bedrijfsleven.  Voor straf.

It’s a mens world. En: Me too? Nee, ik heb geen kids.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM Horror de borrel elke vrijdag op zolder. De meesten vonden het kolder, dus ging het spook van pure ellende met mij mee naar huis……

Mijn leven lang heb ik met de doden gepraat. Ik heb ze gevoeld. Ben over hen gestruikeld hier in huis. Vooral als ze met geweld heen gingen. Geweld jegens zichzelf. Of door een ander. Of een vreselijk ongeluk……. Zielen, die moeilijk wegkomen kloppen altijd op de deur van mijn heksenhuisje.

Soms zitten ze wekenlang op een stoel in mijn woonkamer. In shock. Niet begrijpend dat het over en uit is hier op aarde. Daar heb ik dan mijn heksenhanden vol aan.

Dus beweer nou niet dat ik nooit iets uitvoer. Ik werk wel degelijk keihard, ik krijg er alleen niets voor betaald. Althans niet in aardse termen. In de hemel krijg ik vast een gouden bordje om van te eten.

‘Het is toch zo heerlijk om nog eens tussen al zijn schilderijen te zitten. Vorige week bedacht ik me opeens dat dit de laatste keer is dat dat kan. Vanaf nu zie ik er nooit meer zoveel bij elkaar!’ roep ik tegen de familieleden van Schilder.

Dan vertel ik hen dat hij in mijn huis ooit een enorme muurschildering heeft gemaakt. ‘Mijn werkkamer is rondom beschilderd. Abstract. Echt prachtig. Wij moesten er altijd om lachen, dat een volgende bewoner van dit huis er waarschijnlijk olifantjesbehang overheen zal plakken. Die heeft geen idee dat het een kapitaal muurtje is!’

Schilder is zo happy aan gene zijde. Dat bespeur ik steeds als ik hem voel. ‘Heks, zo mooi, van hieruit kan ik al mijn schilderijen zien, de energie. Ik zie hoe ze stralen in de huizen en gebouwen waar ze hangen. Echt prachtig!’ hoorde ik hem al snel na zijn dood enthousiast in mijn oor toeteren.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM Heks, het is hier zo mooi! En mijn schilderijen lijken wel licht te geven vanuit mijn huidige gezichtspunt! Ik zie alles als louter energie, haha! Mind over matter is er een beestje bij!

Hij is nog steeds even gedreven en begeistert. Die nieuwe wereld van licht en liefde vind hij dan ook geweldig!

‘Het is heel raar: Soms, als ik door de stad fiets, wil ik eventjes bij hem aanwippen, zoals ik voorheen zo vaak deed. Maar het kan niet meer. Daar kan ik slecht aan wennen. Hoezeer ik ook overtuigd ben dat hij gelukkig is…..’

Kijk, wij blijven natuurlijk gewoon mensen. En die houden nu eenmaal niet van verandering en afscheid. Wij zitten het liefst gezellig bij elkaar op de lip. Te liplezen. Of op zijn minst willen we de ander echt niet kwijt. Maar soms is het je tijd.

‘Niemand gaat voor zijn tijd,’ zei mijn grootvader vroeger. Zijn tijd was toen al bijna aangebroken. De man was pas 72. Schilder was nog veel jonger……

‘Ik wil lachend doodgaan,’ zegt de Don altijd. Dat is best een Boeddhistische uitspraak van dit notoire boefje. Boeddhisten schrijven hele boeken vol over dat onderwerp. Dood gaan we toch, maar de manier waarop je sterft is heel belangrijk in deze optiek.

Ik heb er een prachtig boek over in de kast staan: Het Tibetaanse boek van Leven en Sterven. Een hele inspirerende dikke pil. Werkt beter dan een pil van de dokter als je vrolijk sterven wilt.

Heks wil ook lachend doodgaan. En daarna ga ik nog heel veel pret maken. Lekker spoken bijvoorbeeld. Maar ook voordat het zover is wil ik mijn lachspieren blijven gebruiken. Dagdagelijks. Intensief! Tot ik er dood bij neerval!

TOVERHEKS.COM

TOVERHEKS.COM Ik teken ervoor!