Ik baal! Ik baal van die Bengaal. Die KUT-Bengaal haalt dagelijks verhaal bij mijn kat. De schat wordt geterroriseerd! En bezeerd. Volstrekt verkeerd: Zo’n wilde kat hier in de stad…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Heks, Ik heb allemaal kattenspulletjes voor je,’ Schilder belt me onverwachts op. Een aantal jaar geleden alweer. Toen hij nog onder ons was. ‘Een hele chique bak, kattengrit, een zak super voer….’ Goh, ik wist niet dat hij weer een kat had. ‘Ik heb zo’n Savannah kat genomen, Heks. Een monster. Het is nog maar een kitten, maar wat voor eentje…..’

‘Hij breekt de boel compleet af hier binnen. Hij rent tegen de muren omhoog en bespringt me vervolgens. Hij slaat zijn klauwen in me! Ik ben gewoonweg bang voor die piepjonge kat. Een kitten! Nog nooit zoiets meegemaakt. Het is een prachtig beest, maar volstrekt gestoord. Niet te houden in een normaal huishouden. Ik heb hem na drie weken aanmodderen dan ook maar weer teruggebracht….’

Mijn oude vriend heeft zijn leven lang katten gehad, dus Heks is nogal verbaasd. Wat zijn dat voor’n katten, die Saharakatten? Half wild? Waarom willen mensen in godsnaam zo’n beest in huis hebben? Prestige? Algehele gekte? Wat bezield hen?

Een paar maanden geleden kom ik de voordeur uit met VikThor en Ferguut. We gaan een plasrondje wandelen door de wijk. Vanuit het niets vliegt een uit de kluiten gewassen kat door de lucht naar ons toe. Het is een schitterend dier. Vier klauwen strekken zich uit door de lucht.

Hij probeert op mijn kat te landen. Of mijn hond. Of misschien zelfs wel op Heks. Ik wacht het niet af en ga met maaiende armen op het monster af.  Schreeuwend. De katachtige draait zich om in de lucht(!) en verdwijnt in een steeg. Het is die verdomde Bengaal van de buren. Dat beest is onlangs volwassen geworden. Hormonaal geladen valt hij mij en de mijnen aan. Het is een prachtig dier. In de jungle. Niet hier. 

Maandag ben ik alweer bij de dierenarts. Met drie katten deze keer. ‘Ik neem eerst de ouwetjes mee, want ik maak me zorgen over alledrie eigenlijk. Pippi wast zich al jaren niet goed en ze hoest af en toe als een ouwe zwerver. Snuitje wast haar achterhand niet, ik vermoed artrose. En Ferguut……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Mijn dolende ridder doet enigszins vreemd. Er is iets met hem, maar ik weet niet wat. Volgens mij heeft hij vorige week twee keer op mijn bed gepiest. De tweede keer betrapte ik hem min of meer. Dus vandaar dat ik hem verdenk. En toen dacht ik natuurlijk direct aan blaasgruis. Daar ben ik wel eens bijna een kat door kwijtgeraakt. Die schrik zit er nog steeds in!

Het heeft wat voeten in de aarde om met het hele spul op het juiste tijdstip acte de présence te geven. Vooral omdat ik door een vorige week reeds verstuurde bevestigingsmail op het verkeerde been wordt gezet. ‘Vergeet uw afspraak om 13.30 niet,’ lees ik in de bewuste mail. Wel gek dat ze em drie keer sturen. Oh ja, ik heb natuurlijk ook drie afspraken. Vorige week eentje, volgende week nog eentje en vandaag…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks loopt op haar tandvlees. Ik moet nodig eens een dagje crashen, maar dat komt er niet van met mijn nieuwe bezigheden. Vanavond heb ik bijvoorbeeld cursus Klezmer zingen. Het is ook hollen of stilstaan bij Heks. Ja, vind je het gek. Na vijf maanden voornamelijk in bed wil ik zoveel mogelijk genieten van de iets meer armslag die ik heb qua energie. En de daarbijbehorende bewegingsvrijheid!

Om kwart voor 1 ga ik het spul verzamelen. Ik kan de vervoersmanden nergens vinden. Ik heb er zeker zes. Oh jee. We hebben vorig jaar de berging opgeruimd. Die dingen zijn natuurlijk grondig opgeborgen. Slechts twee exemplaren weet ik tussen de opnieuw ontstane troep vandaan te vissen. ‘Ik stop Ferguut gewoon in de vervoersbench van VikThor. Het is wel een gesjouw, maar vooruit maar…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het zit me toch niet lekker dat de afspraak om half twee is, terwijl mijn agenda piept dat het om 1 uur is. Ik heb met enige regelmaat ruzie met de agenda op mijn Iphone. Als hij niet synchroniseert met mijn computer bijvoorbeeld. Als afspraken verdwijnen en weer verschijnen, zonder dat ik snap waar het aan ligt. Wantrouwig bekijk ik nog eens de mailtjes.

Em ja, je raadt het al. Warhoofd Heks heeft weer eens lopen kloten. De drie mailtje gaan over de drie afspraken met drie katten vandaag. Voor elke kat een mail. Een geval van overbureaucratie. Verwarrend tot op het bot voor ongeorganiseerde types zoals ik. Die het moeten hebben van duidelijke informatie. Die geen mail teveel lezen.

De eerste afspraak is al om 1 uur en het is intussen vijf voor 1. Ik ga het met geen mogelijkheid redden: Katten vangen, in auto stoppen, erheen rijden, dat hele tuincentrum doorkarren met een winkelwagen voor protesterend miauwende huisgenoten…..

©Toverheks.com

©Toverheks.com©Toverheks.com

Snel bel ik de dierenarts. Leg uit wat er aan de hand is. Haast me vervolgens een slag in de rondte. Worstel met die enorme bench, hij past niet in de auto, wat gek, is dat ding opeens gegroeid? Nee, ik moet em half inklappen herontdek ik. Bijna ontsnapt de panter me. Ik kan hem nog net in zijn kladden grijpen……..

Ik win al met al 7 minuten met al dat gehaast. Maar ik raak een jaar van mijn leven kwijt. Zucht.

Gelukkig is het konijn, dat na mij gepland staat, weer gaan eten. Dus die afspraak gaat niet door. We hebben alle tijd  voor het consult.

Mijn zorgen rond Pippi en Snuitje blijken ongegrond. Beide dames zijn in prima conditie. ‘Pippi is waarschijnlijk gewoon een kat, die zichzelf iet wast,’ aldus de dierenarts. Ik had haar beter Floddertje kunnen noemen, alhoewel Pippi Langkous ook niet bepaald uitblinkt in persoonlijke hygiëne……

‘Snuitje heeft flink artrose. Kijk maar. Als ik haar hier probeer te strekken, doet dat echt zeer. Ik zie het aan haar reactie. Ik stel voor om haar op een dosis pijnstiller/ontstekingsremmer te zetten. Groot kans, dat ze er enorm van opknapt.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Verder zijn de dames zo gezond als een vis. Maar dan Ferguut. Vorige week heeft hij twee keer op mijn bed gepiest. Ik zou hem nooit hebben verdacht, als ik hem niet op heterdaad had betrapt. ‘Ik heb hem toen linea recta naar buiten gebonjourd. Maar het heeft me wel aan het denken gezet. Zou hij soms last hebben van blaasgruis?’

Ik heb geprobeerd een plasje op te vangen, maar dat is helaas mislukt. Meneer piest liever buiten. Hij heeft intussen wel een volle blaas constateert de dierendokter. Geroutineerd kijkt ze mijn panter na. Op de plek waar het laatste abces heeft gezeten steekt nu een bot uit. ‘Die spier is aangetast door dat enorme abces. Dat komt helaas niet meer goed.’

Dan kijkt ze zijn gebit na. Tot onze schrik zien we dat er een groot bloedend gat gaapt waar eerst een grote voortand zat. ‘Die is er uit geslagen door een enorme kat. Het is echt met veel geweld gebeurd……’ Een klamme hand sluit zich om mijn hart.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Kijk, katten vechten. Een rafelig oor of een winkelhaak hier of daar? Een keertje een abces? Het kan gebeuren. Maar vier keer op rij een behoorlijk ernstige verwonding binnen een half jaar? Toegebracht door een katachtige? Dat is echt niet normaal. 

Heks heeft een hoofdverdachte: De Bengaalse kat van een koppel op de Lange Mare. Het dier is afgelopen jaar volwassen geworden en dat is goed te merken. Geen enkele kat is meer veilig voor het monster, maar hij heeft het vooral voorzien op mijn zwervende boerenridder Ferguut. 

‘Geen enkele huiskat is ook maar een beetje partij voor zo’n Bengaal,’ zegt de dierenarts bij het eerste ongeluk. “Eigenlijk zouden mensen zulke katten niet moeten houden hier in Nederland. Het zijn wilde katten. Totaal niet geschikt om rond te laten lopen in een buurt vol huiskatten….’

Heks spreekt na een knakstaart en twee abcessen de bewuste buurvrouw aan op haar kat. ‘Hahaha, ja, wat wil je dat ik eraan doe? ik kan hier echt niks mee,’ het mens maakt zich bepaald niet druk om het gedrag van haar halve wilde kat. 

Ook als ik afgelopen week bij haar aan de deur sta om verhaal te halen, nadat de dierenarts heeft geconstateerd dat er met geweld een tand uit de bek van mijn kat is geslagen, is ze niet onder de indruk. Haar man gooit zelfs de deur dicht in mijn gezicht. Wat een lompe eikel. De vrouw zelf lacht me hartelijk uit.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Nadat ze eerst met een uitgestreken smoelwerk zegt dat we niet gaan schreeuwen. Heks heeft inderdaad haar stemgeluid verheven, nadat buurvrouw verbaal haar kont afveegt met mijn zorgen om mijn kat. Schreeuwen is iets anders. Ik ben niet buiten zinnen. Noch bedreig ik de vrouw.

‘Wat wil je dat ik er aan doe?’ schreeuwt de boze buurvrouw me na. Apart toch weer. Zegt ze een minuut eerder nog op betuttelende toon dat we niet gaan schreeuwen, nu doet ze het zelf. ‘Ik kom geen ruzie met je maken, ik kom je aalleen vertellen, dat ik de wijkagent en dierenpolitie op de zaak ga zetten,’ zeg ik rustig tegen de schreeuwlelijk.

‘Er bestaat in Nederland een gedoogbeleid voor dit soort katten om hen buiten te laten rondlopen. Bengaalse katten zijn verboden, maar vanaf de zoveelste generatie kruisen mogen ze wel gehouden worden. Maar naar buiten gaan is een ander verhaal. Dat valt dus onder dat gedoogbeleid…. Zondag ga ik bovendien aangifte doen van mishandeling op advies van de Dierenbescherming….’

‘Nou, ik zie die wijkagent wel verschijnen,’ teemt de buurvrouw, om schaterenlachend te vervolgen dat ze het wel zielig vindt voor mijn kat. ‘Wat wil je dat ik er aan doe?’

‘Zal ik er dan maar wat aan doen?’ ben ik geneigd te zeggen. Ik heb al dagen visioenen om dat klotebeest te vangen en uit te zetten op een waddeneiland…….

De politie komt langs om over die kat te praten. Ze kunnen niet veel doen en ook zij raden me aan om aangifte te doen. ‘Bereid het goed voor. Neem zoveel mogelijk informatie mee over wat er gebeurd is.’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De dierenarts schrijft op mijn verzoek een verslag van alle verwondingen en behandelingen van het afgelopen jaar. Ook hierin gaat weer dat het niet wenselijk is om zulke dieren op straat te laten lopen. ‘Het is zoiets als wanneer ik een halve wolf hier in de wijk loslaat. Daar maak ik ook geen vrienden mee,’ zeg ik tegen Buurman. 

Hij woont naast de baasjes van de kutkat. Zij is al uitgebreid verhaal komen halen bij hem. Ja, lekker is dat.

Maar alles goed en wel. Intussen loopt die rot Bengaal nog steeds hier door de buurt te paraderen. Gisterenmorgen hoor ik een hels kabaal in de steeg. Mijn panter zit onder een vuilcontainer te wachten totdat hij naar binnen kan. De Bengaal probeert hem aan te vallen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De eigenaresse van de bloemenwinkel rent verschrikt naar buiten. Heks schreeuwt als een viswijf tegen de Bengaal. Hij gaat er als een haas vandoor. Snel ga ik naar beneden om mijn panter op te halen.

‘Zag jij ook dat die Bengaal mijn kat aanviel?’ vraag ik aan de bloemenvrouw. Ze zag het. ‘Maar dat doen toch alle katten?’ bagatelliseert ze het geziene. Ze is namelijk geen fan van Heks. Het heeft een tiental jaar geduurd voordat ik het in de gaten had, maar na de zoveelste ongenuanceerde schreeuwpartij zonder reden richting mij viel het kwartje. Het mens kan me niet uitstaan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Sinds ik dat ontdekt heb mijd ik haar zoveel mogelijk. Tegen mij wordt niet meer geschreeuwd. Ik heb dan ook helemaal niets aan deze getuige vrees ik. 

Later zie ik dat het oor van Ferguut flink is opengehaald door die kolere Bengaal. Hij bloedt als een rund. Het is nu elke week raak intussen.

Oh, wat ben ik moe van al dat gedoe met mijn beesten. De hele week ben ik al in touw met mijn dierentuin. Maak ik me zorgen om mijn panter. Ben ik druk met de verzorging van de poot van VikThor. Ik zal blij zijn als die Bengaal van het toneel verdwijnt. Als de rust weerkeert in deze buurt vol katten.

‘Ik ben vast niet de enige, die last heeft van die kat. Ik heb al links en rechts geïnformeerd bij andere kattenbezitters. Tot nu toe zonder succes. Maar ik verwacht echt meer slachtoffers te vinden, Ferguuts situatie staat vast niet op zichzelf…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM