Hilarische verhalen: Van de wal in de sloot, de één zijn dood is de ander zijn brood, maar van een beetje water ga je niet dood. Je kunt je wel dood lachen. Heks doet een poging!

Vrijdagmiddag ga ik met mijn hondje op stap. Als ik de deur uit kom bots ik bijna op een boze buurman. Ik heb er twee. Allebei op mijn lip. Een laagbegaafde psychopaat en een doorgewinterde narcist. Goddank woont pal naast me een ongelofelijke lieve schat. Dat houdt het een beetje leefbaar hier.

De psychopaat houdt zich redelijk gedeisd, nadat ik een no tolerance beleid ben gaan voeren. Zodra hij me begint te bedreigen ren ik naar de politie. Al een paar keer gebeurd.

Ik houd hem scherp in de gaten. Hij voedt in zijn eentje een kind op. Het zou verboden moeten worden. Met enige regelmaat blèrt de kleine me door twee dikke spouwmuren en een trappenhuis heen wakker…… Omdat hij op zijn flikker krijgt? Het gegil en gekrijs raakt me tot op het bot.

De moeder, een hele lieve schat van een vrouw, is door de kinderbescherming buiten spel gezet. Lang leve de hulpverlening. De grootste engbekken werken voor dergelijke organisaties. In dit geval is er ook een draak van een vrouw verantwoordelijk voor alle ellende. Zogenaamd in het belang van het kind.

De vrouw heeft echter zo veel fouten gemaakt, dat blootlegging daarvan haar ongetwijfeld haar baan zou kosten. En misschien sancties zou opleveren. Dus liegt en bedriegt ze alles en iedereen om maar het deksel op de put te houden. Het klotewijf.

Heks ziet dit alles met lede ogen aan. Ik heb er van alles aan gedaan. Helaas heeft het niet geholpen. Weer een jong leven bij voorbaat naar de klote…..

Ik negeer die nare kerel dus en geef het kind stiekem een knipoog. Als de psychopaat dat zou zien krijg ik geheid een hengst. De ene keer beklaagt hij zich links en rechts, dat ik niks tegen zijn kleine zeg. Een dag later komt hij als een dolle stier achter me aan de berging in om me toe te schreeuwen, dat ik niet eens naar zijn kind mag kijken…….

Gekkenhuis.

Buiten staat een andere buurman juist bij Heks aan te bellen. ‘Ha, Heks, ik wilde eventjes bij je langskomen, wat jammer dat je net weg gaat….’

Ik zet mijn fiets dus maar weer binnen. Weer langs die enge, nare man. Vervolgens loop ik met Buurman en VikThor de stad in. Al snel lopen we geweldig te lachen en schreeuwen. Buurman heeft een uit de kluiten gewassen stemgeluid. Als ik ook nog iets te berde wil brengen moet ik dus enorm blèren.

Bij het eerste parkje laten we mijn ventje lekker rennen. Het is best warm, dus al snel loopt hij te hijgen. ‘Kom, we gaan naar het volgende park, daar kan hij zwemmen,’ stel ik voor. Even later springt VikThor bommetjes de gracht in. Buurman helpt hem uit het water. ‘Nergens voor nodig, Buur, hij kan er hier gemakkelijk zelf uit klimmen,’ zeg ik nog……

En dan: Plons! Voor mijn ogen zie ik buurman langzaam door zijn zwaartepunt heen vallen. Zijn gespierde buik fungeert niet bepaald als contragewicht. Volledig koppie onder gaat mijn oude vriend. Proestend komt hij weer boven drijven.

‘Hahahahahahaha,’ Heks rolt over de grond van het lachen, ‘Bijna op hetzelfde punt als ik drie jaar geleden…..’ Ook Heks heeft hier ooit in de gracht gelegen. Om haar pup te redden, toen hij op een plek in de gracht belandde, waar hij met geen mogelijkheid meer uit kon komen…… Alleen ging ik niet koppie onder…….

Ik help mijn vriend op de kant en probeer niet al te hard te lachen. Net als hij drie jaar terug, want hij was dan weer getuigen van mijn ter water lating destijds.

‘Lach maar, Heks,’ grinnikt Buurman. Druipend staat hij voor mijn neus. Hij diept zijn telefoon op uit zijn broekzak. Snel haal ik het ding uit de houder. Droog em af met mijn sjaal. Stop em in mijn droge tas…..

Evenzogoed is het ding overleden de volgende dag, hoor ik later. ‘Heb je em nog in een pak rijst gestopt? Of van die siliconen vochtvangers?’ informeer ik streng. Zo heb ik indertijd mijn toestel gered. ‘Dat had weinig zin meer, Heks, ik heb een nieuw toestel aangeschaft……’

Ja, dat is dan een prijzig staartje aan een prachtig verhaal. Een verhaal dat nog dagenlang lachgolven door mijn vriendenkring jaagt……

Waarom in de gracht plassen levensgevaarlijk kan zijn

Heks heeft vierkante ogen na een ware marathon televisie kijken afgelopen weekend. Op mijn nieuwe toestel! Zo plat als een pannenkoek! Vol fantastische mogelijkheden! Helemaal geweldig!

Afgelopen week geeft mijn televisie er de brui aan. Hij is pas vijfentwintig jaar oud, dus ik baal als een stekker. Gelukkig heb ik wat geld opzij gezet, want ik zag de bui al hangen. De laatste tijd moet ik snel een paar keer zappen als ik em aanzet, anders valt het beeld weg. Maar nu is er geen zappen meer aan. Ik hoor wel geluid, maar dat is dan ook alles.

Heks kan niet zonder TV. Vooral niet als ik in zo’n uitgeknepen citroen periode zit als nu. Dagelijks lig ik urenlang naar de meest verschrikkelijke programma’s te kijken. Op mijn groot geschapen flikkerende televisie. Met een half oog.

Vliegensvlug koop ik een ander apparaat bij de winkel om de hoek. Helaas hebben ze geen tijd om em diezelfde dag te bezorgen. Help! Moet ik een hele dag zonder. Wat erg.

Wat erg ook dat ik het erg vind. Vroeger had ik niet eens een kijkkast. Jarenlang haalde Heks haar neus op voor televisie kijken. Zonde van mijn tijd. Ik heb wel wat beters te doen.

Bovendien ervoor ik die schreeuwerige lichtbakken als zeer hinderlijk in de gemiddelde huiskamer. Ik haatte het werkelijk als ik ergens kwam en dat ding stond de hele tijd aan. Een groot zuigend boos oog midden in de huiskamer. Menig interieur werd geheel aangepast aan de centrale plek van de beeldbuis.

Een normaal gesprek kon je niet meer voeren, want iedereen ging als vanzelf als stomme schapen naar het beeld zitten staren……..

Mijn televisie staat dan ook sinds jaar en dag in de slaapkamer. Vanaf dat ik dan eindelijk ook eens een televisie kreeg. Een zwart/wit afdankertje van een vriendje, het archaïsche kleuren-exemplaar van een archaïsche tante, een enorm breedbeeld-bakbeest met nogal bruinige kleuren uit mijn ouderlijk huis en nadat laatstgenoemde ontplofte tot slot dus dit stokoude tweedehands geval.

‘U doet gewoon veel te lang met uw apparaten,’ grinnikt de man, die mijn nieuwe TV komt installeren. Geroutineerd stopt hij stekkertjes in de juiste openingen, haalt even een extra kabeltje, doet iets met de afstandsbediening, legt 1 en ander uit……

Tot slot sjouwt hij samen met zijn collega mijn oude beeldbuis de trap af. ‘Doen jullie die dingen naar de kringloop? Hij doet het namelijk nog. Ik dacht van niet, maar op het laatst moment gaf ie toch weer beeld…..’ Misschien uit medelijden, omdat ik het een dag zonder televisie moest doen. Ik had zelfs even spijt dat ik een nieuw toestel had gekocht!

De mannen schateren het uit. ‘Hahaha, nee mevrouw, er is echt niemand ter wereld, die je met dit ding nog blij kunt maken…. Hihihi.’ Gierend van de lach lopen ze de trap af. Even ben ik bang, dat ze dat ongelofelijke zware antieke bakbeest uit hun handen zullen laten glippen, zo gaan ze tekeer…..

Die avond breng ik door in bed. Vastgebakken aan mijn nieuwe beeldbuis. En wat voor 1! ‘Het is de kleinste, die we hebben,’ de verkoper in de winkel is niet onder de indruk van de afmetingen van dit apparaat. Heks wel. Het beeldscherm is minstens anderhalf keer zo groot als mijn oude bak, terwijl ie wel keurig in het gapende gat past, waarin de vorige stond.

En dan die mogelijkheden! Ik kan ermee online, youtube filmpjes kijken bijvoorbeeld. Of dingetjes opzoeken….. En ga zo maar door. Uiteindelijk ga ik Absolutely Fabulous bekijken. Vanaf de eerste aflevering. Jeetje, wat is dat toch een grappige serie.

Het hele weekend is het verschrikkelijk smerig weer. Zaterdag trotseer ik een sneeuwstorm om gezellig bij vrienden te eten. Af en toe loop ik een rondje met mijn hondje. De rest van de tijd lig ik in bed naar mijn nieuwe televisie te kijken. Heerlijk.

 

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

Magische Walvis in Katwijkse wateren. Janneke opgeslokt! Maar ook weer uitgespuwd op de boulevard. Gelukkig is ze niet bang uitgevallen. En: Ze is weer veilig thuis. Geloof jij dat dat mogelijk is? Heks wel…..

Vanmorgen glip ik weer op het nippertje de kerk in. O jee, als ik maar niet op mijn vingers wordt getikt straks! Jip en Janneke zitten naar me te glimmen. Ik schuif naast hen in de rij en zing mee met het openingslied. Ligt het nu aan mij of zingen we al weken een terts hoger dan normaal? Piepend breng ik het vers tot een goed einde. Om me heen ook niets dan gefrustreerd geknerp. Ik kom hier ook echt voor de muziek, maar de lol gaat er wel een beetje af zo.

Alweer mopperen, Heks? Welnee. Ik constateer gewoon een feit.

De preek gaat over het horen van stemmen. Een weinig populair verschijnsel, behalve in de bijbel. Het is bovendien een actueel onderwerp, gezien recente schietpartijen, waarbij de dader beweerde te handelen in opdracht van stemmen in zijn hoofd. Is hier sprake van Goddelijke leiding? Het resultaat is weinig verheffend: Een heleboel onschuldig slachtoffers……

Er worden drie verhalen uit de bijbel aangehaald. Een mij vrij onbekend verhaal over de roeping van de profeet Samuel, waarbij God midden in de nacht de arme jongen alsmaar uit zijn slaap wakker schreeuwt. Hij schrikt zich elke keer een ongeluk, maar heeft aanvankelijk volstrekt niet in de gaten dat de Schepper hem probeert wakker te schudden. Letterlijk en figuurlijk…..

Dan volgt het verhaal van Jezus in de woestijn en hoe de duivel daar dan pogingen doet om onze heiland in verleiding te brengen. Onbegonnen werk natuurlijk. Het Christusbewustzijn doorziet nu eenmaal elke list.

En tot slot Jonas in de Wallevis. Waar Jezus juist niet moet luisteren naar de stem in zijn hoofd moet Jonas het weer wel. Want Jonas hoort de stem van de Ene.

Het is dus wel zaak te onderscheiden met wie je te maken hebt. Wie heb je ‘aan de lijn’ of met wie ben je ‘online’?

Heks hoort ook altijd van alles, maar ik heb het er zelden over. In onze maatschappij krijg  je namelijk direct het predicaat psychotisch opgeplakt of je bent schizofreen. Nou, mij niet gezien. Voor je het weet word je volgestopt met enge pillen, waarna je inderdaad geen stemmen meer hoort. Je transformeert tot dikke wattendeken  en hoort vrijwel niets meer…..!

Ik weet wat ik hoor en het is zeker niet een duivel. Noch lijd ik aan de bij een psychose horende wanen en hallucinaties. Tevens heb ik geen persoonlijkheidsstoornis. Ik ben maar een eenvoudige toverheks en die horen nu eenmaal vrij veel met hun grote flapperende toveroren.

Daarnaast praat ik ook nog eens in mezelf, maar dat is te wijten aan de grote hoeveelheid tijd, die ik in mijn eentje stuksla. Ik kan nu eenmaal niet constant in Noble Silence leven al gaat het wel die kant op….

De preek heeft een beetje een abrupt einde. Je moet zelf je geweten gebruiken om die stemmen te beoordelen of iets dergelijks. Ja, dat lijkt me nogal voor de hand liggen. Maar elke gek zijn gebrek en in een psychose ben je toch goed gek. Dat is meestal niet het moment om een beroep te doen op het geweten. Alles rondom weten is dan even vergeten…..

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat diepe eenzaamheid en diep lijden leiden tot dit soort extremiteiten. Of zoals een levensgevaarlijke jongeman bij dr. Phil laatst zei: ‘Ik zou dolgraag een keertje een heleboel onschuldige mensen de dood injagen, zodat enorm lijden ontstaat. Dan kunnen die mensen tenminste eens voelen wat ik voel: Ondraaglijke pijn vanbinnen…’

Gesticht en verlicht gaan we aan de koffie. ‘Ga je strakjes nog even mee met ons?’ Janneke nodigt me uit. Eerst moet er opgeruimd worden, want zij hebben corvee vandaag. Ik help Jip om de vaat in de vaatwasser te zetten. Niet veel later fietsen we zorgeloos door de stad richting Professorenwijk. Daar passen mijn vrienden op het huis van hun dochter.

‘Ik was in Israel op het strand, toen ik een bord zag staan: Hier heeft de walvis Jonas uitgespuugd,’ grinnikt Janneke, ‘Grappig he? Mijn zus vroeg of ik dat geloofde. Maar natuurlijk geloof ik dat!’ Ze kijkt me ondeugend aan. Zo’n walvis is veel te leuk om niet in te geloven.

Kwam er maar eens zo’n Magische Walvis rondzwemmen in de buurt van het strand van Katwijk, dat christelijke bolwerk waar ze woont. Dan ging ze vast tijdens haar wekelijkse zwempartijtjes in de Noordzee een poging wagen om opgeslokt te worden….. Om op de Boulevard te worden uitgespuwd! De Katwijkers zouden het absoluut fantastisch vinden. Gelovigen genoeg daar!

‘Ik ook! Ik geloof het ook!’ roept Heks.

Het is sowieso al onmogelijk voor de vriendelijke bultrugwalvis om een mens op te eten met die baleinen in zijn mond. Hoewel…. Er doen wat gekke verhalen de ronde. Ook betwijfel ik of ze in de Middellandse Zee rondzwemmen, want daar is geen krill te vinden. Maar wie weet heeft Jonas zo’n levensgevaarlijk potvis getroffen. Of een andere tandwalvisachtige of een walvishaai, die hem uiteindelijk toch niet lust. Want misschien was Jonas wel een heel smerig mannetje. Wie zal het zeggen?

Zo zitten we lekker te lachen om van alles en nog wat.

Dan zegt mijn innerlijke stem dat het tijd is om naar huis te gaan. Ik heb helaas geen walvis bij me, die me liefdevol opslokt en hier op de Oude Vest precies op het bordes van de Schouwburg weer uitspuwt. Het zou wat zijn zeg. Een enorme aanwinst voor de stad zo’n oudtestamentische toeristische attractie!

Nee, ik fiets naar huis. Wel zo makkelijk.

Dagje Indiaas zingen met Dhrupadbitches draait uit op een verrukkelijke eindeloze privéles! Heks zingt de sterren zodanig rond van de hemel, dat ze promoveert van balkende ezel naar zangeres! Niet gek. Ik hoop dat ik ook op andere gebieden snel ezel af ben…..

‘Lieve juf, we hebben toch morgen een lesdag Indiase zang? Ik kan de mail met data niet meer vinden….’ sms ik zondagmiddag naar onze opper-Dhrupadbitch. Het duurt eventjes voordat ik antwoord krijg. Juf is niet zo multimedia minded. ‘Jazeker, maar bijna niemand kan. We zijn maar met z’n drietjes! Geeft niks. We gaan gewoon lekker zingen.’

‘Ik kom!’ schrijf ik terug. Zodoende kruip ik vroeg in mijn bed, slaap helaas slecht en schrik na een doorwaakte nacht toch wakker uit een diepe slaap… Brakjes organiseer ik mezelf de auto in. Redelijk op tijd arriveer ik in Barendrecht. Juf staat al op de uitkijk. ‘Je bent de enige vandaag!’ roept ze vrolijk, ‘Lekker he, krijg je alle aandacht!’ Snel ruimt ze de muziekkamer een beetje op. ‘Kom, dan gaan we eerst maar eens koffie drinken….’

We stommelen de trap op naar de gezellige keuken. Met dampende koffie voor onze neus wisselen we de laatste nieuwtjes uit. We hebben elkaar een half jaar niet gezien! We hebben allebei van alles meegemaakt, dus onze monden staan niet stil.

Dan dalen we weer de trap af naar die magische gewijde ruimte vol Tampoera’s en Pakhawajs. Juf begint te spelen. Onze stemmen voegen zich in het gordijn boventonen, dat zich uit de Tampoera losmaakt. ‘AAAAAAAAAaaaaaaaaa’ brommen we steeds lager. Mijn stem zakt in mijn borstkas, doet mijn hele lijf zachte vibreren. Naar nog lagere regionen volg ik de toon. Soms ontglipt ‘ie me, dan pak ik em iets hoger weer op en glijd opnieuw naar beneden. Tot de diepst haalbare klank zich ontspannen in me opent.

©Toverheks.com

De tijdloze tijd verstrijkt terwijl wij in klank verstillen. Af en toe wisselen we een blik. Glimlachen verrukt naar elkaar. Het is toch zo heerlijk om te doen! Soms zitten we minuten lang met gesloten ogen en proeven de klanken, riedels boventonen, muziek.

Aansluitend zingen we nog wat oefeningen en daarna wandelen we met Ysbrandt langs de dijk. Het is stralend weer. Lenteachtig. Je proeft de belofte van nieuw leven in de lucht. Mijn hondje vliegt enthousiast achter een bal aan.

Later kookt juf een pan verrukkelijke Dahl. We smikkelen en smullen. ‘Ik eet niet te veel hoor, want dan word ik zo slaperig,’ beweert mijn vriendin halverwege. ‘Ik ook niet,’ antwoord ik, terwijl ik nog een bordje op schep. En ook juf zit alweer met een nieuw bord van dit goddelijke voedsel voor haar neus.

Natuurlijk zijn we sloom en slaperig na dit feestmaal. Een straf bakkie koffie wekt ons weer toe leven. ’s Middags zingen we de alaap van Chandrakauns. Dat is het inleidende deel van deze compositie. Zonder enigerlei tekst van betekenis, maar met louter onzinwoordjes. Hierin verken je als het ware de muzikale mogelijkheden van de raga. Juf zingt voor en ik volg. Lekker. Ik hoef helemaal nergens aan te denken. Gewoon zingen. Rondzingen. De hele weg zingen. Overgave aan mijn stem in dit moment.

‘Heks, je bent echt heel goed aan het zingen. Ik hoor je helemaal niet meer balken als een ezel. Aan het eind merk ik wel dat je moe word. Maar je bent ongelofelijk vooruit gegaan, zelfs nu je een tijdje niet bent geweest. Zo zie je maar, dingen moeten ook indalen. Je hebt je dat rondzingen en verbinden eigen gemaakt!’

Heks zit trots te glimmen. Ik ben tot zangeres gepromoveerd en ezel af! Wat een heugelijke mededeling. Ik hoop dat deze promotie ook voor andere gebieden in mijn leven op gaat. Het feit dat ik me zo menig maal aan dezelfde narcistische steen heb gestoten, iets wat een gemiddelde ezel in het gemeen nooit zou presteren, heeft me in mijn treurige optiek helaas tot mega ezel bestempeld.

Na de alaap zingen de eerste zinnen van de compositie. Alleen die eerste zinnen. Eindeloos. Als we ophouden zegt juf: ‘Bij mijn leraar in India doe ik hier gerust een hele dag over. Alleen maar de eerste zinnetjes. Herhalen, herhalen.’ Ze grinnikt. Ik weet het: Daar kunnen wij ons niets bij voorstellen. Dat is hele andere koek…..

Later loop ik nog een grote ronde met Ysbrandt voordat ik weer naar huis rij. Wat een heerlijk dagje. We gaan dit vaker zo doen. Zingen, kletsen, beetje wandelen. Lachen en genieten. Ik heb de beste en liefste zangjuf ooit!

Grote Vriendelijke Reus bezoekt Huize Heks. Hij meet deuren en ramen met meer dan twee maten….. Maar wezenlijke zaken meet hij met het zuiverste instrument ter wereld: Zijn grote hart!

John Bauer, reuzen, trollen

Prachtige plaatjes van John Bauer

Donderdagmorgen zit ik brak in de woonkamer. Het is nog vroeg en ik heb slecht geslapen na onze fantastische muziekuitvoering de avond ervoor. Opeens zie ik een sms van mijn buurman. Oh ja, ik zou de deur open doen voor een mannetje van Portaal. Die komt bij ons beiden ramen en deuren inmeten. Geheel overbodig en tegen onze zin worden ze allemaal vervangen. Behalve de voordeur. En laat die nu net stuk zijn!

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl,

De GVR van Roald Dahl

Later die dag gaat inderdaad de bel. Een reusachtige edoch gemoedelijke kerel komt binnen. Hij moet lachen om mijn protesten tegen deze actie van mijn woningcorporatie. Al grappend en grollend begint hij bij de ramen in mijn keuken. ‘Mijn slaapkamer wordt een probleem,’ vertrouw ik hem toe. ‘Om bij het raam te komen moet je in mijn waterbed gaan staan!’ “Nee, dat doe ik niet hoor,’ roept de reus luchtig, ‘er zijn grenzen!’

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl,

Op zijn gemak neemt hij de balkondeur onder handen. Intussen legt hij me uit, wat hij allemaal aan het doen is. ‘Kijk hoeveel verschil er zit tussen de bovenkant en de onderkant. Ik kom het wel erger tegen hoor. Ook in nieuwbouwhuizen.’ Daar kijk ik van op. Je zou toch zeggen, dat met het huidige gereedschap en verfijnde rekenmethodes alles mooi haaks op elkaar zou staan. Maar nee.

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl,

In de slaapkamer klim ik dan maar in bed. Ik loop ook nog in mijn ochtendjas, het is weer een apart gebeuren. Vakkundig meet ik het raam op. Wat gek. Dit raam is veel groter dan de eerder gemeten exemplaren. Nog maar eens meten dan. ‘Je doet het goed! Je kunt zo meedraaien in ons team.’ Oh, nou, dat lijkt me wel wat! ‘We hebben nog een vacature. Kom gerust solliciteren!’

John Bauer, reuzen, trollen

Enigszins beschroomd loods ik de gigant mijn werkkamer in. Het lijkt of er een kledingbom is ontploft. Wat een bende. ‘Ik las onlangs een wetenschappelijk artikel, waarin werd beweerd, dat zo’n chaos de creativiteit bevordert. Door je spullen onorthodox neer te smijten creëer je nieuwe verbindingen in je hersens, waardoor je nieuwe oplossingen voor problemen ziet,’ grap ik listig.

John Bauer, reuzen, trollen

De man grinnikt. ‘Mooi, toch denk ik niet, dat ik er thuis mee aan moet komen….. Mijn vrouw zet me zo de deur uit!’ Haha, ik zie het voor me. ‘Mijn lief is er ook niet gek van, maar hij moet het er maar mee doen,’ antwoord ik. Arme jongen, zie ik hem denken.

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl, -dahl-2

‘Ik loop nog in mijn pyjama, omdat ik gisteren heb meegezongen in de Matthäus Passion.’ Ik vertel enthousiast over ons geweldige concert. De goedmoedige reus heeft nog nooit een Matthäus uitgezeten. ‘Ik hoef er ook niet naar toe, het verhaal zit hier,’ hij wijst op zijn hart, ‘vanbinnen, verankerd. Het interesseert me niet wat voor’n mooie kunst er over wordt gemaakt. Het levende verhaal is wat me echt boeit.’

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl,

Ik kijk in zijn grote vriendelijke blauwe ogen. Er ontspint zich een heel leuk gesprek op de valreep, in de gang. ‘Voor mij is het ook een heel wezenlijk verhaal. Maar ik ben wel een toverheks.’ Ik werp hem een blik toe. De meeste evangelische types haken dan echt af. ‘Nou en? Wat maakt het uit wat je bent? Dat is toch allemaal niet zo belangrijk. Ik hoop, dat dit verhaal ooit zo tot je zal spreken als het tot mij doet. Het heeft mijn leven veranderd!’

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl,

Wat een schat van een man. Ik zwaai hem na, als hij de trap afloopt. ThayThay schiet langs me heen. Zo zijn we dan nog eventjes bezig om die boskat weer het huis in te krijgen, de Grote Vriendelijk Reus en Heks.

Ik zie het maar als een goed omen. Volgende week komt Portaal hier een nieuwe badkamer realiseren. Ik zie er tegenop als tegen een berg. Maar misschien vallen de mannetjes deze keer reuze mee……

John Bauer, reuzen, trollen

 

GVR,GROTE VRIENDELIJK REUS, Roald Dahl, De Heksen, Roald DahlDe Heksen, Roald Dahl