Donderdag de twaalfde is het weer raak! Een draak van een dag vol chagrijn en tegenslag. Pas in de loop van de avond keert het tij. Gelukkig is het morgen voorbij. Vrijdag de dertiende is meer iets voor mij!

Donderdagmorgen vlieg ik mijn voordeur uit. Ik heb haast. Heks gaat naar de mondhygiëniste. Ik heb mijn heksenbekje geschrobd en geboend. Geragerd en geflost. Ik ben er helemaal klaar voor.

Voor mijn deur staan Buurman met zijn Duitse herder Carlos en Steenvrouw.  ‘Ha, daar is ze,’ roepen ze in koor. Duf kijk ik hen aan. Het is nog een beetje te vroeg voor uitbundigheid. Mijn vrienden komen op de koffie. Hoera. Helaas moet ik er accuut vandoor. Meuh.

‘Oh, wat jammer jongens,’ Heks baalt als een stekker. We zouden nu gezellig aan de keukentafel kunnen zitten met een koppie koffie. Slap ouwehoerend. Dubbel van de lach. De hondjes tevreden spelend aan onze voeten. Verdorie. Als een speer vlieg ik de straat uit nagezwaaid door mijn maatjes.

Even later lig ik met mijn bek wagenwijd open in de stoel bij de parodontologische mondhygiëniste. Met een geniepig piepend apparaatje bikt ze elke vorm van tandsteen of aanslag van mijn gebit. Sinds ik hier in behandeling ben gaat het veel beter met mijn tandvlees.

Want ook in mijn muil houdt ME zich schuil. Ook hier is er voor infecties veel vertier. Ja zelfs mijn mooie mond is niet echt gezond. Ik poets en rager me suf. En eens in de drie maanden nemen ze me hier onder handen. Zo houd ik de ellende onder controle. Een gezond gebit is belangrijk. Ook voor de rest van je lijf.

‘Het gaat prima, mevrouw, maar hier en daar en daar kan het nog beter. Kijk!’ de behandelaar houdt een handspiegel voor mijn mond. Ik zie de resten blauw verkleurde gel zitten op de plekken waar nog wat tandplak zich heeft weten te handhaven. Mijn god. Ik poets me de pestpokken en nog is het niet goed.

Vandaag is het nationale heksenpechdag. Donderdag de twaalfde. Morgen hebben we weer geluk. Maar nu! Hu!

Eerst verlies ik het hangslot van mijn fiets op weg naar huis. Dus moet ik weer helemaal terug. Ik neem mijn hondje mee voor een lekkere wandeling. We vinden het slot, maar vervolgens stranden we bij een wegversperring.

Heks wacht geduldig tot ze er langs kan, want er komen allemaal tegenliggers aan. Het duurt en duurt. Eindelijk zijn we aan de beurt. We begeven ons over rubberen matten langs de wegwerkzaamheden. Aan de andere kant staat een opgepoetst deftig mevrouwtje parmantig te wachten.

Vriendelijk glimlach ik in haar richting, maar ik kom bedrogen uit. Verontwaardigd kijkt de teef me aan. Haar kille ogen schieten vuur. ‘Jaja, wie heeft er hier nu voorrang?’ pist ze in mijn net gereinigde bek.

Ze wil nog meer onzin uitbraken, maar Heks dient haar direct van repliek. Er zit echt niks tussen. Mijn gezicht staat nog steeds vriendelijk, ik heb stomweg geen tijd om van mimiek te veranderen, zo snel gaat het, terwijl ik haar uitmaak voor lelijk oud zeikwijf. Zo.

Vervolgens ga ik een beschimmeld glutenvrij stokbroodje terug  brengen bij de Zaailing. De verkoopster kijkt op de verpakking en ziet dat het brood al drie maanden over de datum is. ‘De uiterste verkoopdatum is 7 januari, hier kan ik echt helemaal niets mee…… Ik kan hem voor u weggooien,’ besluit ze, alsof dat het probleem oplost. Meewarig kijkt het mens me aan.

‘Ja maar ik heb het hier onlangs gekocht. Ik weet het zeker, want met kerst zijn al mijn voorraden opgegaan…..’

Het wijf vertikt het om het broodje te vergoeden. Ze kijkt alsof ik gek ben. Alsof ik de sterren van de hemel lieg. Iets dat ik nooit doe. Heks is dwangmatig eerlijk. Een hopeloze eigenschap.

In het schap ligt nog een pak stokbroodjes van hetzelfde merk, maar als ik de datum wil bekijken is het opeens verdwenen. Alle andere verpakte glutenvrije broden zijn houdbaar tot juli, augustus en zelfs september.

Het is de normaalste zaak van de wereld, dat je zo’n brood nog minstens een half jaar in de kast kunt bewaren! Ik laat het zien aan de vrouw van de winkel. ‘Maar waar is nu opeens dat andere stokbroodje van Procelli gebleven? Ik wil de datum daarop zien!’

Dat heeft mevrouw stiekempjes uit het schap gehaald en snel achter haar rug weggemoffeld, want het was ook over de datum! Heks grist het uit haar handen en kijkt op het pak: Uiterste houdbaarheidsdatum 24 maart 2018! Het ligt gewoon in de verkoop! En dan beweert dat leipe mens dat ik gek ben! Dat ik uit mijn nek sta te zwammen. Dat ik lieg dat het gedrukt staat. Achterlijke idioot.

En krijg ik het broodje vergoed? Nee. Ik mag het oudbakken over de datum exemplaar meenemen. Ter compensatie. Ik ben zo overbluft door die dikke dwarsgebreide geitensok, dat ik het nog meeneem ook. Moegestreden verlaat ik het pand. Het is altijd wat in deze winkel. Bah.

Thuisgekomen stuur ik een klacht. Daar hoor ik vervolgens niets op. Helaas hebben deze mensen een monopoliepositie op glutenvrijgebied. Ik zal er toch weer heen moeten te zijner tijd. Ik krijg bijna de neiging om een stokbrood te jatten volgende keer.  Zo goedkoop zijn die dingen niet. Maar ja. Stelen doe ik al helemaal niet. Zelfs niet bij dit soort dieven van je portemonnaie.

De hele dag staat bol van dit soort irritaties. Als klap op de vuurpijl krijg ik een lekke band tijdens een enorme uitlaatronde met mijn hondje. Middenin de polder. Ik ben helemaal naar het Joppe gefietst. Op de elektrische vouwfiets, mijn verkapte scootmobiel.

Nu moet ik het hele end teruglopen. Na tien meter veranderen mijn benen in stokjes. Pijnlijke stokjes. Moeizaam kreukel ik terug naar de stad.

Onderweg kom ik een ellendig wijf tegen met een enorme Drentse Patrijs. Het klotebeest rukt zich met riem en al los om vervolgens de weg over te rennen en mijn hondje aan te vallen. Die gilt het uit. Dat doet hij nooit. Er is dus echt iets mis, het pleureskreng heeft mijn schatje te pakken! Piepend probeert Vik zich uit de voeten te maken.

De dikke bazin van het monster ligt languit op de weg naar haar denkbeeldige riem te grabbelen. Haar korte beentjes trappelen tegen het asfalt, terwijl ze machteloos naar haar hond schreeuwt. Die is echter totaal niet met haar bezig. Ze heeft werkelijk niets over het dier te zeggen.

Ik gooi mijn fiets neer en grijp de Patrijs in zijn kippennek. Ik geef hem een nijdige pets op zijn neus. ‘Nee,’ brul ik snoeihard, ‘Nee…’

Stomverbaasd kijkt de hond me aan. Zijn grote hondenkop is vlakbij mijn gezicht, dus ik kan het goed zien. Zoiets heeft hij nog nooit meegemaakt. Niemand heeft ooit nee tegen hem gezegd, vooral zijn eigen baasje, zijn eigenste mamaatje niet. Het lijkt de gemiddelde man wel!

Mijn ingreep helpt wel, maar nu krijg ik een preek van de vrouw, die haar hond niet onder appèl heeft. Ik mag mijn perfect luisterende hondje niet los laten lopen van dit stuk kynologische onbenul.

Uitgestreken antwoord ik haar dat ze eens naar een hondenopvoedingsinstituut moet gaan voordat ze anderen de schuld geeft van het feit dat haar hond zich misdraagt. Vervolgens scheld ik haar uit voor weet ik niet wat, maar dan ben ik al buiten gehoorsafstand.

Iets verderop staat een jongeman te wachten. Hij heeft het allemaal zien gebeuren en staat al klaar om Heks te helpen haar belagers het hoofd te bieden. Dat uit de kluiten gewassen onzekere vrouwmens met haar opstandige stekeltjeshaar, bijzonder slechte humeur en uitermate onopgevoede hond…..

’s Avonds zit ik uitgeteld in mijn stoel. Alles doet zeer. Ik stop mezelf vol pijnstillers, schenk een glaasje wijn in, rook wat medicinale cannabis en bel de Don.

Dan gaat de deurbel. Buurman komt alweer langs met hond Carlos. ‘Kom Heks, we gaan handhaven. Er lopen weer allemaal van die handhaafmannetjes op de Mare! En ze doen hun werk niet naar behoren, ik heb hen er al op aangesproken!’ Oh, wat is hij weer druk.

Heks begint onbedaarlijk te lachen. Dit is precies waar ik behoefte aan heb. Flauwekul uithalen en lekker lachen. De draak steken met alles en iedereen!

Snel pak ik twee politiepetten uit mijn collectie gekke hoedjes. Een groot zwart exemplaar met klep en een grijs uiterst vreemd model uit een voormalig fout Oostblok Regime…..

Even later lopen we met ‘die pet past ons allemaal’ op de kop door de buurt te wandelen met de hondjes. Alle ellende is vergeten. We eten een patatje op een terrasje. Op een ander terrasje nemen we een drankje. De hondjes rennen vrolijk achter balletjes aan. De zon gaat onder, maar op een bepaalde manier ook op. Breekt door.

Op weg naar huis handhaven we nog eventjes bij de soepwinkel op de Mare. Er staat een fiets voor het pand met een reclamebord erop. ‘Is dit voertuig van U?’ brult Buurman met zijn forse stemgeluid naar de uitbater, een oude bekende van ons. ‘Haha,’ reageert die, ‘Hallo Heks, hoe gaat het met jou?’

Zo is deze hopeloze dag gered. Deze donderdag de twaalfde. Op de valreep. Morgen is het vrijdag de dertiende. Goddank. Een Keltisch geluksgetal. Een vrouwelijk getal. Dan komt alles weer goed!

Brave hondjes en vechtende baasjes: Kom niet aan m’n hond en een hoed dragen is niet gezond. De grootste tuttebel is blond. En rond. En Heks is maar een chique stuk stront. Lult die troela uit haar kont…….

Ys ren zand25

Na een paar dagen in mijn bedje ga ik gisteravond toch naar het hondenstrand in Noordwijk. Ik trek een zwierige lange jurk aan, knikker een flinke strohoed op mijn kop en gris op het laatste moment een sjaal van de kapstok. Gelukkig maar, want het is frisjes aan de  kust. Er staat een verkoelend briesje en de zon gaat grotendeels schuil achter wat vage bewolking.

De dunne katoenen sjaal laat zich helemaal uitvouwen tot een enorme omslagdoek. Als ik het strand oploop slaat een stevige frisse wind me tegemoet. Ik wapper de doek in de lucht en een windvlaag vormt em om mijn lijf. Een aantrekkelijke dame loopt me tegemoet. Verrukt wijst ze op mijn outfit: ‘Wat prachtig! Zo mooi bij elkaar gecombineerd!’ Ik geloof dat ik sjans heb van dit lekkere stuk. Ha leuk. Ik bedank haar voor het compliment.

Varkentje heeft er zin in vandaag. Enthousiast jaagt hij achter de bal aan. Als een jonge god sprint mijn bejaarde viervoetige vriend voor me uit. Snorkelend duikt hij door de branding en vist zijn prooi uit de golven. Gnuivend wordt die vervolgens weer voor mijn voeten gegooid. Een spel zonder einde. Als het aan mijn hondje ligt dan….

We zijn al een flink stuk richting Katwijk gelopen als er een kudde joggers van alle leeftijden langs zwoegt. Met rode, oranje, paarse en/of opgezwollen koppen van de inspanning sjokken ze in een sukkeldrafje door het rulle zand. Een groep vrijwilligers deelt bekers water uit.

Dubbel van de lach kijken ze naar een venijnig oud vrouwtje die de inhoud direct verwoed in haar eigen gezicht smijt. Stoom stijgt op vanuit haar permanentje, maar ze houdt stand!

Ik loop naar de duinrand en vlij tussen het helmgras. Ysbrandt rolt zijn natte magere lijfje net zo lang door het zand totdat hij op een gepaneerde slavink lijkt. ‘Goeie hemel, wat zie je er uit, varken,’ Heks moet lachen om haar gekke hondje.

Op de terugweg vraagt hij weer om een balletje. In een poging me zover te krijgen springt hij tegen mijn benen op. Au! Een grote rode kras loopt over mijn bovenbeen. Mijn monster heeft scherpe nagels! ‘Wegwezen nu,’ vermaan ik hem. Hij zigzagt voor mijn voeten. Plotseling voel ik hoe leeg mijn tank is. De wandeling heeft me uitgeput en ik moet nog helemaal terug!

Bij een strandtent strijk ik neer op het terras. Overal mensen met hondjes. Gelukkig is er nog precies 1 plekje vrij voor ons. Als ik wil gaan zitten propt een enorm dik volgevreten zwart bakbeest van een woefer zich tussen het tafeltje en mij. Hij plet me volledig en zet Ysbrandt klem. Die zit ook nog eens aan de riem: Een recept voor moeilijkheden. Als ik niet uitkijk gaat hij mij nog verdedigen tegen deze tientonner.

Ik kan geen kant op. ‘Vort, beest, ga eens weg,’ ik kijk om me heen naar de eigenaars, die zitten een tafeltje verderop. Ze geven geen sjoege. Ongeïnteresseerd zitten ze ieder voor zich naar hun mobiel te staren. ‘Kunt u uw hond alstublieft terugroepen?’ Geen reactie. Ik duw nog eens tegen het gevaarte. Geen beweging in te krijgen. Ik kan geen kant op. Ik kan niet eens gaan zitten….

Nog een keertje verzoek ik de baasjes om die functie waar te maken. Weer laten ze me kletsen. ‘Hup,’ roep ik uiteindelijk keihard tegen de hond, terwijl ik hem wegduw. Eindelijk komt er beweging in het beest. Maar ook in de eigenaars! De vrouw begint opeens tegen me te krijsen. ‘Ken je dat niet ff normaal vragen, stom mens, ik pik het niet, bladiebla, …..’ Ik kijk haar met stomheid geslagen aan.

Als ik mijn stem hervind blijf ik vriendelijk. Een bal van woede vormt zich echter in mijn maag. ‘Ik heb u twee maal beleefd gevraagd om uw hond terug te roepen,’ mijn reactie is aan dovemansoren! Het wijf schreeuwt en schreeuwt. Allerlei rare dingen, ik snap er geen kloot van. Wel ben ik intussen ook razend. Het hele terras geniet lekker mee. Het lijkt wel de climax van een Griekse Tragedie. Met een stelletje geblondeerde Hagenezen in de hoofrol.

Of ik maar ergens anders heen wil gaan, dit is een hondentent, dus honden mogen hier blijkbaar alles. Dat er een bord met een levensgroot verzoek hangt om je hond aan te lijnen geldt blijkbaar niet voor hen. Ze blèrt en blèrt dat het een lieve lust is. ‘Ga weg, ga ergens anders zitten, ophoepelen nu….’ dreigt ze. Ik peins er niet over en vertel haar dat.

‘Ja, jij denkt maar dat je overal maar kan gaan zitten met je sjieke hoed!’ Walgend blikt ze met haar zure kop naar mijn fabuleuze hoofddeksel. Het is inderdaad een prachtig exemplaar, je kunt er zo mee naar een Engelse bruiloft in de high society. Vraag maar aan mijn vriendinnetje Trui, zij heeft hem voor een dergelijk doel geleend ooit.

‘Oh, gaat het daar om,’ opeens is het me duidelijk wat hier speelt. Ouderwetse jaloezie en afgunst. Het mens kan me gewoonweg niet uitstaan: Zo’n superlang supeslank fotomodel in prachtige outfit. Dat ik een halve zachte menopauzale MEpatient ben en op mijn tandvlees loop ontgaat haar volkomen. Ze heeft haar oordeel klaar. Ik besluit er verder het zwijgen toe te doen. Dit is een hopeloos geval!

Dus draai ik hen de rug toe en ga zitten. Vanbinnen ben ik helemaal door elkaar geschud van het verbale geweld. Ik moet moeite doen om niet iets heel verschrikkelijks terug te roepen. ‘Ademhalen, Heks, ga terug naar je adem…’

Achter me hoor ik die stomme troela over me smiespelen. ‘Ze zijn allemaal veel te dik daar,’ fluister ik uit frustratie tegen mijn hond. Uit wraak vooral. ‘Vooral die hond, wat een gestopte worst!’

‘Ga maar lekker naar dat stomme wijf, hoor, van mijn mag je,’ gilt de vrouw dan weer plotseling met haar weinig chique doorrookte stemgeluid. Ze heeft zich helemaal vastgebeten in haar verhaal!

Verwoed probeert ze de goeiige vetgemeste ondefinieerbare zwartharige vuilnisbak mijn richting in te dirigeren. Misschien hoopt ze dat ik bang ben voor grote honden….. ‘Vooruit, jaag haar maar weg, met haar kapsones en haar stomme hoed.’

Enige tijd later stapt de familie Flodder op. Ik kijk hen na vanachter mijn zonnebril. Een mooie gezonde blonde matrone met man, kind en hond. Tel uw zegeningen! Ze draait zich  pontificaal om. Gemelijk kijkt ze terug. Ze gaat er helemaal voor staan. Wijdbeens en met een triomfantelijk minachtend lachje om haar ontevreden mummelmondje.

De mooie avond is bedorven. Ik voel flarden woede door me heen wolken. Ook ben ik opeens verdrietig. En het is plotseling erg koud geworden. De inderhaast verorberde bosbessen-smoothy ligt als een bevroren plas in mijn net van zomergriep herstelde maag. Het is mooi geweest. We gaan lekker naar huis…..

Thuisgekomen ben ik nog steeds uit mijn hummetje. Wat gebeurde daar nu eigenlijk? En waarom raakt het me zo?

Ik besluit te gaan mediteren. Eerst even inspiratie opdoen uit het boek van Thay, ‘Innerlijk vuur.’ Lukraak open ik het. “Als je de pijn van de ander kunt zien, kunt zien hoezeer de ander lijdt, verdwijnt je woede…. blabla.” He getsie, daar heb ik helemaal geen zin in. Het laatste wat ik wil is mededogen hebben met die blonde troela.

Ik ga in de herkansing met het boek.  Opnieuw sla ik het open. “Als je compassie kunt generen verdwijnt je woede als bij toverslag….” luidt de tweede tekst.  Vooruit dan maar, ik ontkom er niet aan…..

Stil op mijn kussentje ademend kom ik er warempel achter wat hier speelt. De vrouw doet me denken aan iemand waar ik veel van houd. Ze bezorgt me exact hetzelfde gevoel! En ik vermoed dat er precies dezelfde motivatie achter haar gescheld op Heks zit als bij die persoon: Jaloezie, afgunst, onzekerheid, zelfhaat.

Want dat is wat ik ook hoor tussen de regels door: Ze haat zichzelf, haar dikke uitgedijde lijf, haar onbeduidende gezicht van 13 in een dozijn, haar middelmatige leventje met man en kind. Dingen waar ik overigens voor zou tekenen! Maar goed.

Zelfafwijzing, die bron van alle kwaad.

We hebben er allemaal last van. Daarom ben ik extra lief voor mezelf vanavond op mijn kussentje. Ik troost mezelf voor alle keren dat mijn medezusters me uit jaloezie onderuit hebben geschopt. Vrouwen kunnen echt monsters zijn onderling, gemene klerewijven, geniepige kuttekoppen!

Ik laat mijn mededogen uitgaan naar al die formidabele dames die denken dat ze niet slank, mooi, slim of sexy genoeg zijn. Ook naar die taart, die vanavond haar laffe ongezouten mening over me heen heeft gebraakt. Opeens begrijp ik dat al die afschuwelijke dingen die ik hoorde in mijn hoofd als reactie op haar gescheld bij haar horen. Het is hoe ze over zichzelf denkt. Niet al te best.

Het dringt tot me door dat ze die mening feilloos om zich heen projecteert. Ze legde me de woorden bijna in de mond, ik kon nog net voorkomen dat ik iets heel onaardigs of verschrikkelijks terug riep naar het mens. Ze heeft van mij een superieur wezen gemaakt, dat op haar neerkijkt. Althans in haar optiek.

IMG_8799

Ik ben er eigenlijk helemaal niet aan toegekomen om me onbevangen een mening over de vrouw te vormen. Ik kom niet verder dan wat ze met haar acties bij me oproept…..

Ja, we moeten af van het meerderwaardigheidscomplex, minderwaardigheidscomplex en gelijkheidscomplex. We moeten af van het afgescheiden zelf!

Rustig adem ik tot alle emoties en floddergedachten zijn gezakt. Dit is praktiseren. Dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt: Je moet oefenen, beoefenen. Pas dan veranderen er dingen, pas dan ga je groeien.

Een hele tijd zit ik met alles wat er is. Tot het genoeg is.

Kalm en tevreden schuif ik later mijn bedje in. Ik zal vast nog wel rare jaloerse dames tegenkomen in mijn leven. Hopelijk komt het dan niet meer zo bij me binnen……

 

Dikkertje Tromkoor naar Sotsji! Om een muzikaal protest ten gehore te brengen tegen het monddood maken van onze medemensen. Je weet wel, die groep met voorkeur voor eigen sekse……

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Een tijdje geleden kreeg ik een woedende reactie op een blog, dat ik had geschreven. Het verhaaltje had betrekking op gebeurtenissen in mijn leven. Maar ik had de materie zodanig aangepast, dat het niet terug te voeren was op enig bestaand persoon. Zo ben ik dan ook wel weer. Maar ja, het was natuurlijk wel een herkenbaar verhaal…..

Omdat ik geen ruzie wil heb ik betreffend verhaal verwijderd. Er volgde nog een felle discussie. Ook hierin haalde ik uiteindelijk bakzeil. En nu komt het gekke: Sindsdien zit ik inderdaad een beetje op slot met het schrijven van dit blog. Het plezier is er vanaf als je niet meer mag voelen en zeggen wat je wilt.

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Afgelopen week ontving ik post waar ik helemaal steil van achterover sloeg. Ook hierover word ik geacht niet te praten. Wat is dat toch met mensen. Ze duwen je een stuk stront door je strot en je mag niet eens protesteren. Of als je het al uit kotst, doe het dan onopvallend. En uiteindelijk moet je het toch vreten. In dit geval dan. Helaas……

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Maar er komt een dag, lieve lezers, dat niemand me meer de mond snoert. Spreken is zilver, zwijgen is goud. Maar monddood is klote. Voorlopig zal ik het wat bepaalde onderwerpen betreft moeten hebben van mijn vermogen om overal om te lachen. Afgelopen maandag krijg ik hier al een heel leuk voorproefje van, als mijn buurman en vriend, de baas van Carlos, de Duitse herder met het flapoor,  langs komt.

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Vanouds lopen we een grote ronde door de stad met onze monsters. We drinken een glas wijn op het terras van een ongelofelijk ballencafé aan het Rapenburg. Ja, inderdaad die tent waar onze koning, Prins Pils vroeger rondhing. Hier krijgen de kastelein en Heks een compleet college over de internationale ‘Worstclub‘, een project van de Zwitserse kunstenaar Fredie Beckmans. Mijn vriend is erelid, samen met zijn zwager. Regelmatig gaan ze naar manifestaties en performances rondom dit thema. Binnenkort staat er weer een uitstapje gepland naar een worstfabriek in een oostblokland…..

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Van al dat gepraat over worst hebben we trek gekregen. Gelukkig serveert dit etablissement een uitstekend ossenworstje. Iets dat zelfs binnen mijn hopeloze dieet geen kwaad kan. De hondjes genieten van een heerlijk blokje kaas…. Het is weer feest.

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Later in Huize Heks zitten we nog de meest idiote dingen te verzinnen voor ons nieuwe theaterprogramma. Al jaren zijn we van plan om terug te keren met ons oude succesconcept: ‘Het Dikkertje Tromkoor’. Dit tweemanskoor, dat eens grote successen oogstte, is al een tijdje inactief. Maar de spirit is nog steeds springlevend!

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Vandaag besluiten we om in Sotsji te gaan optreden als heteroseksueel homostel.  Allebei gay, maar toch als man en vrouw getrouwd! Een absolute minderheidsgroep! (Hoewel, het komt vaker voor dan je denkt…..) Om te protesteren tegen het beleid ten aanzien van zulke groepen in het gastland van de Olympische Winterspelen. En tevens een lans te breken voor deze monddood gemaakte medemensen. We raken goed geïnspireerd en verzinnen de ene geweldige act na de andere. Het eindigt in een geslaagde hoedensessie. Dubbel van de lach maak ik foto’s van mijn gekke vriend en buurman. Met pijn in de kaken nemen we uiteindelijk afscheid…..

Dikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddekselDikkertje Tromkoor, hoeden passen, gekke bekken, lachen met hoeden, grappen met hoed, man en vrouw met hoed, muts rare hoed, vreemd hoofddeksel

Vervoering in Vondelpark en ver voerende poëzie aan de gracht; Leven lacht eigen lied!

Poëziemanifestatie 2013 – Zwarte droom van Stichting Tegenbeeld

Vreemde Snuiters

Vanavond is Heks uit eten geweest met de knappe fietsenmaker. Het had wat voeten in de aarde om er te komen op mijn bezemsteel, vertraging door tegenwind, tussen buien door laveren, maar uiteindelijk zaten we dan in een lawaaierige drukke sfeervolle pizzatent. Opgefrommeld aan een tafeltje langs een drukbelopen gangpad. Heks heeft er weinig van meegekregen, want fietsenman en zij hadden veel te bespreken.

Na een heerlijke maaltijd met wijn en koffie zijn we gaan wandelen door een doodstil Vondelpark. Wij werden er ook iets stiller van. Veel wordt zonder woorden gedeeld. Wat is dat toch bijzonder: Je leert iemand kennen en kletst de oren van elkaars kop, maar in stilte ervaar je verbinding…

En toch is al dat geklets heel wezenlijk. Leuk ook. Al die verhalen…

Gisterenavond was de Poëziemanifestatie 2013 – Zwarte droom van Stichting Tegenbeeld.   Poëzie langs de gracht. Om acht uur haalde Fiederelsje me op en al snel hadden we een tafeltje veroverd vooraan op een bootterras. Het was wonderbaarlijk genoeg prachtig weer. Donkere wolken dreven precies om Leiden heen! Met een glas wijn tegen de optrekkende kou zongen we het toch maar mooi twee uur uit.

Poëziemanifestatie 2013 – Zwarte droom van Stichting Tegenbeeld

Man in Tutu

Russische gedichten werden in moedertaal voorgedragen. Daarna volgde een vertolking in onze vaderlandse taal. Afgewisseld met vreemde muziek en avantgardistische acts. Hoogtepunt was toch wel een zich ontkledende man. Joepie! Uiteindelijk stond hij in een wit balletpak met Tutu… Opeens liep hij naar de kop van het schip, dat als podium diende en putte een tobbe water uit de gracht. Onverschrokken goot hij het over zijn hoofd. Fiederelsje en ik lagen echt dubbel van de lach, het was zo absurd en grappig. Chapeau!

Ook mijn lieve vriend Frogs vertolkte een gedicht. Ik heb het opgenomen. Zie onderaan dit verhaal. Ik plaats ook een link naar zijn prachtige nummer’ Cheer yourself up’. Hier kun je het downloaden: Cheer yourself up!!!!

Zo ben ik maar bezig met de leuke dingen van het leven, ja, mag het even? Het is me gegund. ik voel het!

Poëziemanifestatie 2013 – Zwarte droom van Stichting Tegenbeeld

Heks zit tevreden in haar peperkoekenhuisje. Spelende kittens om haar voeten. Leven lacht haar van alle kanten toe. Ja leven, lach maar. Ik ken je andere kanten, je fratsen en mokerslagen. Maar nu je zo lief zit te lachen lach ik terug. En hou ik nog meer van je …..