Oh jee, het familiediner! Heks ziet per ongeluk een halve episode. Als verlamd zit ik er naar te kijken. Een konijn in de koplampen van een vrachtwagen met oplegger. Ik heb genoeg aan mijn eigen tientonner. Dat ding is onlangs nog over me heen gedenderd. Ik kan dus wel wat hulp gebruiken. Niet van Bert van Leeuwen, brrrrr, nee. Maar van wie dan wel? Mijn zilveren hulpverleners laten me al maanden in de kou staan……

Op de televisie is een misselijkmakende uitzending van het familiediner bezig. Een moeder wil dolgraag, dat haar zoon en dochter weer met elkaar om gaan. De dochter heeft haar broer vorig jaar op alle sociale media geblokkeerd, nadat hij haar voor de zoveelste keer in de stront heeft laten zakken.

De dochter huilt tranen met tuiten, als er gevraagd wordt, waarom ze haar broer er uit heeft gesmeten. Ze komt nauwelijks uit haar woorden van verdriet. Haar broertje laat het altijd afweten, als er eens iets moet worden gedaan binnen de familie. Bovendien kon zij, toen ze enorm in de ellende zat, de vliegende rambam krijgen. Ja, dat word je zat. Ik begrijp dat.

De broer interesseert het geen moer. Onverschillig giebelt hij zijn antwoorden richting camera. De onnozelaar zit er niet mee, dat hij altijd zijn grote snor drukt. Ook vindt hij het de normaalste zaak van de wereld, dat hij zijn zus laat bakken, als ze in de problemen zit. Zo is hij nu eenmaal. Egoïstisch en narcistisch.

Die stomme Bert van Leeuwen zal dit varkentje wel eventjes wassen. Hij regelt een etentje, dat familieleden van de kemphanen overigens zelf moeten koken. Hij slijmt en slurpt bij de betreffende partijen. De limousine rijdt voor. En jawel hoor, zowel de broer als de zus komen opdagen. Toe maar.

De zus moet alweer huilen. Zij houdt van haar druiloor van een broer. Die staat stompzinnig te grinniken. Hij omhelst zijn zus overdreven voor het boze oog van de camera en hopla! Het is alweer voor elkaar. Appeltje eitje.

Heks krijgt medelijden met de zus. Ze wordt voor het oog van heel Nederland in haar gezicht genaaid. Er is helemaal niets opgelost of uitgepraat. De Grote Doofpot met Zand Er Over is uit de kast gehaald. De zus staat in feite opnieuw in de kou. Er is ingespeeld op haar verlangen naar harmonie. Ze is uitgespeeld tegen haar olijke onverschillige egocentrische broertje.

Mijn god. Ik kan dit programma gewoonweg niet uitstaan. Wat een stom concept. Wat een vreselijke presentator. Bah.

Alsof het niets is. Een beetje familievete los je niet op met een etentje op televisie. Niets zo hardnekkig als dit soort vetes in een disfunctionele clan. Je kunt beter aan jezelf werken. Jezelf niet laten bakken. Jezelf steunen, als je in de problemen zit.

Ja. Het is zo, maar leuk is anders.

Morgen heb ik een kennismakingsgesprek met een nieuwe therapeute. Heks is al een tijd in therapie, maar het schiet niet op. De enorme organisatie, waar ik dit traject tot nu toe volg, heeft me volledig in de steek gelaten. Mijn therapeut is al sinds vorige zomer burnout, maar ze bleef toch werken. Wel werden de meeste afspraken afgebeld. Of ze had bijscholing. Of ze was een paar weken op vakantie….

Ik heb vanaf de zomer misschien vijf afspraken gehad.

Tegen de tijd, dat ik aan de bel ging trekken, hielden de afspraken helemaal op. Een gekmakende periode volgde, waarin ik van het kastje naar de muur werd gestuurd. De raarste dingen heb ik meegemaakt bij deze grote organisatie, maar geholpen werd ik niet.

Zelfs een aantal brieven naar de klachtenfunctionaris hebben nul effect gesorteerd. Ik ben uiteindelijk wel een keertje gebeld door de man. ‘Excuses, excuses, we gaan er werk van maken…..’ maar sindsdien overheerst toch vooral weer de radiostilte.

Ogenschijnlijk zijn ze al weken op zoek naar een nieuwe behandelaar. Ik kreeg een tijdelijke behandelaar, maar die liet het na 2 korte online gesprekken ook volledig afweten. Zat ik weer te wachten voor nop.

Van mijn oorspronkelijke behandelaar kreeg ik opeens het bericht, dat ze 1 en ander met me wilde uitpraten. Wat uitpraten? En waarom? Ben ik nu haar therapeut geworden? 

Heks wil geholpen worden, want mijn leven staat al tijden op zijn kop. Door allemaal zaken, waar Bert van Leeuwen zijn vingers bij al zou likken. Ik wil niet heen en weer worden gejojood tussen diverse behandelaars. 

Onder dat plotselinge bericht van mijn vorige therapeute staat een heel schema met nieuwe afspraken. Doorgepland tot oktober.  Met haar en die tijdelijke behandelaar. Ze hebben me zo’n beetje tussen hun tweetjes verdeeld. Elke week een ander tijdstip. Dan drie kwartier bij de ene, dan weer drie kwartier bij de ander. Dan weer weken niks…… Precies wat ik absoluut niet wil. 

Bovendien worden de afspraken met de oude behandelaar toch weer afgebeld is mijn ervaring. En de tijdelijke heeft eerder uitgebreid aangegeven, dat ze echt geen plek voor me heeft……

‘Ik wil een nieuwe behandelaar, anderhalf uur per sessie. Een ervaren persoon. Elke week hetzelfde tijdstip. Ik wil zeker niet terug naar mijn oude behandelaar, want het vertrouwen is helemaal weg. Bovendien wordt bij haar elke afspraak afgebeld, OMDAT ZE EEN BURNOUT HEEFT,’ heb ik toch luid en duidelijk tegen de klachtenfunctionaris gezegd. Het staat ook op papier in een uitgebreide brief. 

Alsof je tegen dovemansoren spreekt. Heks kijk verbijsterd naar de lijst afspraken. ‘Haal die afspraken er maar weer uit, oude therapeut, ik kom niet bij je terug,’ beantwoord ik haar bericht. Vervolgens wens ik haar opnieuw het allerbeste. Heks is ook ooit omgevallen. Ik heb er alle begrip voor.  

Het is bijna maart en ik heb vanaf begin december geen afspraak meer gehad. Mijn oorspronkelijke behandelaar heeft ook alle afspraken met de tijdelijke behandelaar uit de agenda gehaald. Geheel tegen mijn zin. Het zijn de afspraken, die ik persoonlijk een dag eerder met die vrouw heb gemaakt. Zucht.

Morgen heb ik een kennismakingsgesprek bij iemand met een kleine praktijk. ‘Ik werk vanuit spiritualiteit, dat moet ik er wel bij zeggen. Maar niet van de zweverige signatuur…’ vertelt de therapeute aan de telefoon. Mooi zo, dat klinkt goed! Een geschenk uit de hemel……

Ik moet wel elke maand de helft van de rekening voorschieten, want ze kan pas aan het eind van het jaar de rekening bij mijn verzekeraar declareren.

Een idiote regel van die malafide verzekeraars. Moeten die therapeuten dan zo’n heel jaar van de wind leven? Geen wonder, dat je bijna nergens meer terecht kunt voor een langdurig traject….. Scheelt die boeven vast veel geld.

 

 

 

Heks valt van haar fiets. Bont en blauw spoed ik me huiswaarts om eens een lekker potje te grienen. Heks weent om bloemen in de knop gebroken. Om stilletjes naar de knoppen gaan door een onzichtbare ziekte. Telkens uit je eigen as herrijzen is niet te doen. Ik ben een Heks, niks Feniks.

Vanmorgen lazert Heks hardhandig van haar fiets. Precies op de plek, waar een paar agentjes me gisteren sommeerden om niet te fietsen. In de berm van de Singel. Ik heb me een hele dag kapot geërgerd aan hun bemoeizieke actie. Kwestie van ouwe baardige pik en piepjong blond huppeltje. Ouwe probeert indruk te maken op Huppeltje. Ten koste van Heks.

Maar misschien had die ouwe toch gelijk. Is dit niet de aangewezen plek om te fietsen. Hoewel ik hier nog nooit eerder onderuit ben gegaan. Het is de allereerste keer. Wellicht heeft het gezeik van die politieagent mijn fietsvaardigheden aangetast.

Onzekerheid is een ernstige kwaal. Het ligt aan de basis van menige val. Soms is de suggestie dat je waarschijnlijk zult vallen al genoeg om flink onderuit te gaan. Of niet? Is dit weer een pittig geval van Psychologie van de Koude Grond? Een veel bedreven vak. Vooral door psychologen.

Blauwe plekken vallen als gaten in mijn benen, een schaafwond prijkt rossig op mijn knie en zelfs mijn rug krijgt een gevoelige por van mijn stuur. Ik lig machteloos verstrengeld in onvermurwbaar staal. Tranen prikken achter mijn ogen. Een veel te grote vloed. Ik moet snel maken dat ik thuis kom.

Vanmorgen lees ik een heel verhaal over Cognitieve therapie en ME. Hoe schadelijk is dé therapie die ME/CVS-patiënten wordt aangeraden? Mijn god. Zijn ze daar nu nog over bezig? Wanneer houdt het nu eens op? Waneer gaan wetenschappers nu eens hun werk doen en ontdekken wat ME is en hoe het wordt veroorzaakt? Wanneer krijgen we nu eens medicatie tegen deze ernstig invaliderende multi-systeemziekte?

Heks kan nog geen deuk in een pakje boter slaan, maar dat komt omdat ze niet beter wil worden. Vindt men. Het feit, dat ik me van dag tot dag moeizaam door de dag ploeter interesseert bijna niemand. Elke dag opstaan met een stevige kater zonder de lol van uitgaan en lekker dronken worden. Overal pijn in je donder. Een hoofd dat het te pas en te onpas opgeeft. En moe, moe, moe. Zo moe.

‘Zou je niet eens voedingssupplementen gaan slikken?’ durft iemand onlangs te suggereren. Wagonladingen heb ik geslikt. En het helpt geen bal. Ik ben volstrekt slikmoe.

‘Ik ken een therapie, waarbij ze je anders laten omgaan met stress. Ik ben er enorm van opgeknapt!!’ maakt een ander er zich er vanaf.  Na een weekend samen mediteren, waarin Heks heeft aangegeven niet van dit soort aanbevelingen gediend te zijn. Aan dovemansoren natuurlijk!

Dit volstrekt gezond ogende mens slaapt beter na die peperdure therapie. Van drie dagen achter elkaar. Met therapeuten, die met zijn vijven op je nek springen. Ze voelt zich veel beter na al die aandacht, dus het helpt. En aangezien je tegen een ME patiënt alles maar mag zeggen word ik er weer eens mee om de oren geslagen. Niet voor het eerst.

En helaas ook niet voor het laatst.

Ik moet er werkelijk niet aan denken. Maar ik moet me dus wel verdedigen, dat ik dat niet wil. Net zoals ik me moet verdedigen, dat ik nog steeds niet beter ben. ‘Ze wil gewoon niet beter worden,’ wrijft een vroegere vriendin het er jaren geleden in. Ze praat over een andere ME patiënt, maar het gaat natuurlijk ook over mij …..

De dame in kwestie verzorgt beroepsmatig zo’n hopeloze MEer, die in een soort verpleeginstelling is beland. Het mens ligt half bewusteloos met sondevoeding in haar neus in een pot in bed te schijten. ‘Ze is strontchagrijnig, niet te kort,’ moppert de vriendin.  Ja, vind je het gek?

Het is een wijdverbreid misverstand, dat je beter wordt omdat je het wilt. Voornamelijk beweerd door mensen, die nooit wat mankeren. De maakbare mens. Geschetst door onmensen.

In die zin vind ik Maarten van der Weijden een verademing. Dit icoon van de strijd tegen kanker bestrijdt ten zeerste, dat je beter wordt omdat je je best doet. Hijzelf heeft gewoon het geluk gehad, dat de behandeling aansloeg. Terwijl hij lui in bed lag te liggen. Velen hebben dit geluk niet. Kankerpatiënten vallen nog steeds bij bosjes. En daar wil hij iets aan doen: Hij gaat 200 kilometer zwemmen.

Fantastisch natuurlijk. Heks ligt een heel weekend aan de televisie gekluisterd in bed. Ik blijf tot vier/vijf uur s nachts wakker. Wat een kerel! En dan de elfstedentocht. De Tocht der Tochten. Een afstand, die Heks zo graag eens op de schaats zou afleggen. Ik ben nog steeds lid van de vereniging. Voor het geval er een medicijn tegen ME wordt gevonden.

IK WIL DUS WEL DEGELIJK BETER WORDEN. IK WIL ZELFS DE 11-STEDENTOCHT SCHAATSEN. IK HEB DUS GEEN BEWEGINGSANGST. OF WAT DE HEREN DOKTOREN TOCH ALLEMAAL VOOR EEN ONZIN BEWEREN……

Als ik reëel ben acht ik de kans dat een ME patiënt ten bate van onderzoek naar deze ziekte de 11 Stedentocht bijvoorbeeld op zijn tandvlees gaat afleggen nihil. Actie voeren is sowieso niet aan ons besteed. Veel te vermoeiend.

Vanmorgen sta ik doodziek op. Verschrikkelijke hoofdpijn en zo misselijk als een kat. Uitzonderlijk? Niet bepaald. Maar geen mens, die het in de gaten heeft. ‘Wat zie je er goed uit,’ hoor ik iedere dag. Sommige idioten zijn zelfs jaloers op mijn looks. Bizar.

Eindeloos een niet erkende ziekte hebben holt je uit. De eenzaamheid is niet te filmen. En toch moet je vrolijk zijn tegen je medemensen, anders hou je je klachten in stand. Je moet positief zijn. Daar word je beter van. Niet dus.

Ik breng het eventjes niet op.

Het ergste is het als ik me een projectje ga voelen. Als mensen goede daden doen, door eventjes aandacht aan me te besteden. Heks moet dan wel positief reageren natuurlijk. Een beetje zeuren is er niet bij, want de projectleider wil wel een lekker gevoel over houden aan zijn of haar projectje……

Maar goed. Er gebeuren ook echt leuke dingen in mijn leven. Schelden lost niks op. Ik moet door.

Zo ben ik onlangs toch weer suikertante geworden. Mijn vriendin Joy heeft een wolk van een dochter gekregen! Heks gaat regelmatig even baby’tje knuffelen en snuffelen. Ze ruikt naar de hemel. Meiregen en engeltjes. Ze is ook zo ontzettend knap! En heeeeeeeeel lief.

Brave hondjes en vechtende baasjes: Kom niet aan m’n hond en een hoed dragen is niet gezond. De grootste tuttebel is blond. En rond. En Heks is maar een chique stuk stront. Lult die troela uit haar kont…….

Ys ren zand25

Na een paar dagen in mijn bedje ga ik gisteravond toch naar het hondenstrand in Noordwijk. Ik trek een zwierige lange jurk aan, knikker een flinke strohoed op mijn kop en gris op het laatste moment een sjaal van de kapstok. Gelukkig maar, want het is frisjes aan de  kust. Er staat een verkoelend briesje en de zon gaat grotendeels schuil achter wat vage bewolking.

De dunne katoenen sjaal laat zich helemaal uitvouwen tot een enorme omslagdoek. Als ik het strand oploop slaat een stevige frisse wind me tegemoet. Ik wapper de doek in de lucht en een windvlaag vormt em om mijn lijf. Een aantrekkelijke dame loopt me tegemoet. Verrukt wijst ze op mijn outfit: ‘Wat prachtig! Zo mooi bij elkaar gecombineerd!’ Ik geloof dat ik sjans heb van dit lekkere stuk. Ha leuk. Ik bedank haar voor het compliment.

Varkentje heeft er zin in vandaag. Enthousiast jaagt hij achter de bal aan. Als een jonge god sprint mijn bejaarde viervoetige vriend voor me uit. Snorkelend duikt hij door de branding en vist zijn prooi uit de golven. Gnuivend wordt die vervolgens weer voor mijn voeten gegooid. Een spel zonder einde. Als het aan mijn hondje ligt dan….

We zijn al een flink stuk richting Katwijk gelopen als er een kudde joggers van alle leeftijden langs zwoegt. Met rode, oranje, paarse en/of opgezwollen koppen van de inspanning sjokken ze in een sukkeldrafje door het rulle zand. Een groep vrijwilligers deelt bekers water uit.

Dubbel van de lach kijken ze naar een venijnig oud vrouwtje die de inhoud direct verwoed in haar eigen gezicht smijt. Stoom stijgt op vanuit haar permanentje, maar ze houdt stand!

Ik loop naar de duinrand en vlij tussen het helmgras. Ysbrandt rolt zijn natte magere lijfje net zo lang door het zand totdat hij op een gepaneerde slavink lijkt. ‘Goeie hemel, wat zie je er uit, varken,’ Heks moet lachen om haar gekke hondje.

Op de terugweg vraagt hij weer om een balletje. In een poging me zover te krijgen springt hij tegen mijn benen op. Au! Een grote rode kras loopt over mijn bovenbeen. Mijn monster heeft scherpe nagels! ‘Wegwezen nu,’ vermaan ik hem. Hij zigzagt voor mijn voeten. Plotseling voel ik hoe leeg mijn tank is. De wandeling heeft me uitgeput en ik moet nog helemaal terug!

Bij een strandtent strijk ik neer op het terras. Overal mensen met hondjes. Gelukkig is er nog precies 1 plekje vrij voor ons. Als ik wil gaan zitten propt een enorm dik volgevreten zwart bakbeest van een woefer zich tussen het tafeltje en mij. Hij plet me volledig en zet Ysbrandt klem. Die zit ook nog eens aan de riem: Een recept voor moeilijkheden. Als ik niet uitkijk gaat hij mij nog verdedigen tegen deze tientonner.

Ik kan geen kant op. ‘Vort, beest, ga eens weg,’ ik kijk om me heen naar de eigenaars, die zitten een tafeltje verderop. Ze geven geen sjoege. Ongeïnteresseerd zitten ze ieder voor zich naar hun mobiel te staren. ‘Kunt u uw hond alstublieft terugroepen?’ Geen reactie. Ik duw nog eens tegen het gevaarte. Geen beweging in te krijgen. Ik kan geen kant op. Ik kan niet eens gaan zitten….

Nog een keertje verzoek ik de baasjes om die functie waar te maken. Weer laten ze me kletsen. ‘Hup,’ roep ik uiteindelijk keihard tegen de hond, terwijl ik hem wegduw. Eindelijk komt er beweging in het beest. Maar ook in de eigenaars! De vrouw begint opeens tegen me te krijsen. ‘Ken je dat niet ff normaal vragen, stom mens, ik pik het niet, bladiebla, …..’ Ik kijk haar met stomheid geslagen aan.

Als ik mijn stem hervind blijf ik vriendelijk. Een bal van woede vormt zich echter in mijn maag. ‘Ik heb u twee maal beleefd gevraagd om uw hond terug te roepen,’ mijn reactie is aan dovemansoren! Het wijf schreeuwt en schreeuwt. Allerlei rare dingen, ik snap er geen kloot van. Wel ben ik intussen ook razend. Het hele terras geniet lekker mee. Het lijkt wel de climax van een Griekse Tragedie. Met een stelletje geblondeerde Hagenezen in de hoofrol.

Of ik maar ergens anders heen wil gaan, dit is een hondentent, dus honden mogen hier blijkbaar alles. Dat er een bord met een levensgroot verzoek hangt om je hond aan te lijnen geldt blijkbaar niet voor hen. Ze blèrt en blèrt dat het een lieve lust is. ‘Ga weg, ga ergens anders zitten, ophoepelen nu….’ dreigt ze. Ik peins er niet over en vertel haar dat.

‘Ja, jij denkt maar dat je overal maar kan gaan zitten met je sjieke hoed!’ Walgend blikt ze met haar zure kop naar mijn fabuleuze hoofddeksel. Het is inderdaad een prachtig exemplaar, je kunt er zo mee naar een Engelse bruiloft in de high society. Vraag maar aan mijn vriendinnetje Trui, zij heeft hem voor een dergelijk doel geleend ooit.

‘Oh, gaat het daar om,’ opeens is het me duidelijk wat hier speelt. Ouderwetse jaloezie en afgunst. Het mens kan me gewoonweg niet uitstaan: Zo’n superlang supeslank fotomodel in prachtige outfit. Dat ik een halve zachte menopauzale MEpatient ben en op mijn tandvlees loop ontgaat haar volkomen. Ze heeft haar oordeel klaar. Ik besluit er verder het zwijgen toe te doen. Dit is een hopeloos geval!

Dus draai ik hen de rug toe en ga zitten. Vanbinnen ben ik helemaal door elkaar geschud van het verbale geweld. Ik moet moeite doen om niet iets heel verschrikkelijks terug te roepen. ‘Ademhalen, Heks, ga terug naar je adem…’

Achter me hoor ik die stomme troela over me smiespelen. ‘Ze zijn allemaal veel te dik daar,’ fluister ik uit frustratie tegen mijn hond. Uit wraak vooral. ‘Vooral die hond, wat een gestopte worst!’

‘Ga maar lekker naar dat stomme wijf, hoor, van mijn mag je,’ gilt de vrouw dan weer plotseling met haar weinig chique doorrookte stemgeluid. Ze heeft zich helemaal vastgebeten in haar verhaal!

Verwoed probeert ze de goeiige vetgemeste ondefinieerbare zwartharige vuilnisbak mijn richting in te dirigeren. Misschien hoopt ze dat ik bang ben voor grote honden….. ‘Vooruit, jaag haar maar weg, met haar kapsones en haar stomme hoed.’

Enige tijd later stapt de familie Flodder op. Ik kijk hen na vanachter mijn zonnebril. Een mooie gezonde blonde matrone met man, kind en hond. Tel uw zegeningen! Ze draait zich  pontificaal om. Gemelijk kijkt ze terug. Ze gaat er helemaal voor staan. Wijdbeens en met een triomfantelijk minachtend lachje om haar ontevreden mummelmondje.

De mooie avond is bedorven. Ik voel flarden woede door me heen wolken. Ook ben ik opeens verdrietig. En het is plotseling erg koud geworden. De inderhaast verorberde bosbessen-smoothy ligt als een bevroren plas in mijn net van zomergriep herstelde maag. Het is mooi geweest. We gaan lekker naar huis…..

Thuisgekomen ben ik nog steeds uit mijn hummetje. Wat gebeurde daar nu eigenlijk? En waarom raakt het me zo?

Ik besluit te gaan mediteren. Eerst even inspiratie opdoen uit het boek van Thay, ‘Innerlijk vuur.’ Lukraak open ik het. “Als je de pijn van de ander kunt zien, kunt zien hoezeer de ander lijdt, verdwijnt je woede…. blabla.” He getsie, daar heb ik helemaal geen zin in. Het laatste wat ik wil is mededogen hebben met die blonde troela.

Ik ga in de herkansing met het boek.  Opnieuw sla ik het open. “Als je compassie kunt generen verdwijnt je woede als bij toverslag….” luidt de tweede tekst.  Vooruit dan maar, ik ontkom er niet aan…..

Stil op mijn kussentje ademend kom ik er warempel achter wat hier speelt. De vrouw doet me denken aan iemand waar ik veel van houd. Ze bezorgt me exact hetzelfde gevoel! En ik vermoed dat er precies dezelfde motivatie achter haar gescheld op Heks zit als bij die persoon: Jaloezie, afgunst, onzekerheid, zelfhaat.

Want dat is wat ik ook hoor tussen de regels door: Ze haat zichzelf, haar dikke uitgedijde lijf, haar onbeduidende gezicht van 13 in een dozijn, haar middelmatige leventje met man en kind. Dingen waar ik overigens voor zou tekenen! Maar goed.

Zelfafwijzing, die bron van alle kwaad.

We hebben er allemaal last van. Daarom ben ik extra lief voor mezelf vanavond op mijn kussentje. Ik troost mezelf voor alle keren dat mijn medezusters me uit jaloezie onderuit hebben geschopt. Vrouwen kunnen echt monsters zijn onderling, gemene klerewijven, geniepige kuttekoppen!

Ik laat mijn mededogen uitgaan naar al die formidabele dames die denken dat ze niet slank, mooi, slim of sexy genoeg zijn. Ook naar die taart, die vanavond haar laffe ongezouten mening over me heen heeft gebraakt. Opeens begrijp ik dat al die afschuwelijke dingen die ik hoorde in mijn hoofd als reactie op haar gescheld bij haar horen. Het is hoe ze over zichzelf denkt. Niet al te best.

Het dringt tot me door dat ze die mening feilloos om zich heen projecteert. Ze legde me de woorden bijna in de mond, ik kon nog net voorkomen dat ik iets heel onaardigs of verschrikkelijks terug riep naar het mens. Ze heeft van mij een superieur wezen gemaakt, dat op haar neerkijkt. Althans in haar optiek.

IMG_8799

Ik ben er eigenlijk helemaal niet aan toegekomen om me onbevangen een mening over de vrouw te vormen. Ik kom niet verder dan wat ze met haar acties bij me oproept…..

Ja, we moeten af van het meerderwaardigheidscomplex, minderwaardigheidscomplex en gelijkheidscomplex. We moeten af van het afgescheiden zelf!

Rustig adem ik tot alle emoties en floddergedachten zijn gezakt. Dit is praktiseren. Dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt: Je moet oefenen, beoefenen. Pas dan veranderen er dingen, pas dan ga je groeien.

Een hele tijd zit ik met alles wat er is. Tot het genoeg is.

Kalm en tevreden schuif ik later mijn bedje in. Ik zal vast nog wel rare jaloerse dames tegenkomen in mijn leven. Hopelijk komt het dan niet meer zo bij me binnen……