Liefde woont in het hart. En geloven? Dat komt toch van boven? Van buiten naar binnen om te beginnen! Een voet tussen de deur desnoods. Want je wilt toch niet ter helle na je dood? Van kruisiging naar paasvuren: De brandstapel zal mijn tijd wel duren…….

Woensdagmorgen word ik uit mijn bed gebeld na een zeer brakke nacht. Lang weliswaar. Ik ben echt op tijd naar bed gegaan. Om in onrustige etappes van steeds een paar uur het klokje rond te slapen…..

‘WAfwaf,’ VikThor staat bij de voordeur. Zou het Steenvrouw zijn? Ze wilde op de koffie komen, maar het komt niet uit op dit moment. Misschien heeft ze mijn app’je niet ontvangen? Ik doe de buitendeur open en wacht rustig af bovenaan de trap.

Een man komt jovialig tevoorschijn. Ik ken hem niet. Hij oogt keurigjes, maar roept instinctief weerstand bij me op. Een licht reformatorisch geurtje omfloerst zijn benige gestalte. Er straalt iets betweterigs uit zijn kille oogjes. Geroutineerd begint hij een vroom verhaal af te draaien. ‘Oh, komt u me soms bekeren op de vroege ochtend?’ roep ik nijdig.

Het is alweer de tweede keer deze maand, dat iemand me probeert een kutgevoel aan te praten middels geloofsovertuiging. ‘Nee,’ de man is zeer stellig, ‘Ik kom u uitnodigen….!’

Iemand van de buurtvereniging? Een initiatief van het museum om de hoek? Ik probeer in te schatten waar de gereformeerd walmende man thuishoort. Het evangelie sijpelt werkelijk uit zijn oksels. Zijn bekeerdrang heeft een hele lange baard. Lobby voor de EO?

Net voordat de man zijn voet tussen de voordeur kan zetten komt de aap uit mouw. Hij komt me uitnodigen voor een gesprek over God. ‘Godkolere, belt u me daarvoor wakker?’ Heks gooit de voordeur dicht. Ik ben helemaal klaar met deze gelijkhebberige vorm van geloven. Wie het ook doet en in welke godheid dan ook.

Als ik een kwartier later uit het raam kijk staat de man met zijn maat nog steeds in mijn portiek te oreren. Hoopt hij alsnog naar binnen te mogen?

Jeetje Heks, dat begint lekker. De dag dat je in de Matthäus Passion mee gaat zingen begint met een vloek. En een poging je in te lijven in de Gelederen van de Uitverkorenen van de Messias met het Ultieme Gelijk. Prutteldepruttel……

Kom mij niet meer aan met dit soort leuterkoek. Mijn hele leven lang ben ik zo ruimdenkend geweest als maar kan om andersom door de diverse spirituele tradities met het Grote Gelijk om de oren te worden geslagen. Te worden verketterd. Door ketters! Een paar eeuwen terug had ik al lang ergens op een brandstapel liggen fikken.

Hoe kleinzieliger de geest, hoe zekerder van de zaak lijkt het wel. Dat het zeer kwetsend is om te horen dat je een duivelskind bent van een evangelisch ingesteld familielid ontgaat zo’n type volkomen. Het Grote Gelijk geeft je het recht om zo te oordelen.

Dat overkwam Heks, toen ze als dertigjarige een opleiding tot paranormaal genezer volgde. ‘Het is van de duivel, dat is het,’ steunde het familielid boosaardig terwijl ze met grote boze stappen haar machtige logge door Jezus geredde lijf door de woonkamer beukte.

‘Oordeelt niet, opdat u niet geoordeeld worde…’ ja, Heks is hartstikke bijbelvast. Er staat nergens in dat grote voorleesboek dat handoplegging van de duvel is. Jezus had er zelf een handje van. Notabene! Ook veranderde hij water in wijn, vermenigvuldigde broden en vissen alsof het niets was en liep over water als hij er in in had.

Matteüs 7:1-6 NBG51

Jezus zei:’Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden. Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet? Hoe zult gij dan tot uw broeder zeggen: Laat mij de splinter uit uw oog wegdoen, terwijl, zie, de balk in uw oog is? Huichelaar, doe eerst de balk uit uw oog weg, dan zult gij scherp kunnen zien om de splinter uit het oog van uw broeder weg te doen. Geeft het heilige niet aan de honden en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij die niet vertrappen met hun poten en, zich omkerende, u verscheuren.’

Jezus hield wel van een beetje magie. Een wonder was de wereld nog niet uit wat hem betreft. Ik heb het altijd raar gevonden van calvinisten, dat in hun optiek wonderen iets zijn van vroeger. Handoplegging in de tegenwoordige tijd is verdacht.

Katholieken doen ook eindeloos moeilijk over een wondertje hier of daar. Hele commissies onderzoeken jarenlang zo’n vermeend wonder. En als ze er niet omheen kunnen wordt de wonderdoener heilig verklaard. Wonderen zijn niet voor gewone mensen. Dat het maar duidelijk is.

Als ik als kind een dode zag, mijn opa kwam regelmatig buurten, verklaarde men me direct voor gek, knettergek, maar het feit dat de discipelen Jezus zagen rondwandelen daags na zijn kruisdood vond men dan weer zeer aannemelijk.

Ik ben Moslim, Christen, Boeddhist, Atheïst, Hindoe , Nudist, ….. Ik ben dit of dat, geloof dit of dat. En dat is de waarheid. De ultieme waarheid. De absolute waarheid. Ik weet nu eenmaal alles beter en ik heb altijd gelijk.

‘Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot den Vader, dan door Mij (Johannes 14:6),’ is zo’n uitspraak van Jezus, waar hele volksstammen dat Eigen Gelijk op hebben gebaseerd.

En dan: Hoe komen we tot den Moeder? In mijn kerk, de Leidse Studenten Ecclesia, is God ook een Vrouw. Een hele verbetering. Heks denkt overigens dat het mannelijke is voortgekomen uit het vrouwelijke. Een leuke variant op het thema mens. Met een dapper slurfje voor de verspreiding van de genensoep. Niets meer en niet minder.

Heks heeft jarenlang zo gebaald van dit soort tendenzen in Christelijkgeloofland, dat ik helemaal niks meer te maken wilde hebben met deze vorm van geloven. Wat een patriarchaal geëikel. \Wat een betweterig gezeik. Al dat zeker weten stuit me tegen de borst.

Onderzoekt alles en behoudt het goede! (1 Tessalonicenzen 5:21)

Na jarenlang te zijn afgeknapt op evangelisch gezever uit mijn omgeving, waarbij de geijkte stompzinnige stokpaardjes van stal werden gehaald, homo’s zijn zondaars en dergelijke, na jarenlang distantie van het geloof van mijn voorouders, kwam ik terecht bij Alex Orbito. Een gebedsgenezer op de Filipijnen.

Een heerlijke man. Diep gelovig op een manier die me ligt. Zo is hij als kind per ongeluk in een berg beland bij kabouters. Daar heeft hij veel geleerd. Zijn moeder was een kruidenvrouwtje. Zijn grote voorbeeld. Omdat hij net als Heks geen zak zin had in het vak van genezer werd hij fotograaf.

Uiteindelijk is hij toch weer op dit pad gezet. Tegen heug en meug aanvankelijk, maar uiteindelijk vol overgave. De hele wereld heeft deze kleine man over gereisd. Talloze mensen heeft hij geopereerd, gewoon met zijn handen.

Een ongelofelijke ervaring voor ons westerlingen, maar op de Filipijnen is deze vorm van genezen heel gewoon. In de Gouden Gids staat een waslijst aan spirituele chirurgen. Ik ben bij verschillenden onder het mes geweest, maar Alex is veruit de beste. Zo zuiver als wat.

Alex werkt vanuit zijn verbinding met Jezus. “Love yourself and love God,’ liggen hem in de mond bestorven. Maar ook ‘The White Lady’ is voor hem van wezenlijk belang. In een heilige grot in het noorden van de Filipijnen werkt hij intensief met haar samen….

Tijdens een healing-seminar bij zijn piramide op de Filipijnen kwam ik een Sikh uit India tegen. Een spirituele leider met een grote tulband op zijn hoofd. Tijdens een gezamenlijke lunch vertelde hij, dat het hoegenaamd niets uitmaakt waar je in gelooft. Er zijn vele waarheden.

‘Het geloof van je jeugd ligt vaak het dichtst bij je hart. Het is als je moedertaal, die spreek je het beste. Daar kun je je het best in uitdrukken….’

Op het internationale healing-festival waren vertegenwoordigers uit alle spirituele tradities van over de gehele wereld aanwezig. Van een degelijke ouderwetse exorcist tot New Age-achtige Aura Soma dames. En alles daartussenin! Heks had de tijd van haar leven in dit kakelbonte gezelschap….

Weer een paar jaar later kwam ik er achter begin jaren ’90 intensief te hebben meegewerkt aan het herstel van het Christenrasterwerk rondom Moedertje Aarde. Vergelijkbaar met het meridiaanstelsel in ons lichaam. Belangrijke plaatsen op dit raster zijn door de eeuwen heen sterk vervuild geraakt door mensenlijk toedoen:

Misstanden in de kerk bijvoorbeeld. Dat laat energetisch sporen na. Zo zijn vele heilige plekken vervuild. Van over de gehele wereld werden lichtwerkers op pad gestuurd pakweg dertig jaar geleden. En Heks werd ook bij haar lurven gegrepen.

Voor ik het wist zat ik dagenlang in trance heiligdommen te reinigen. Voornamelijk in België en Frankrijk. En ook een paar steencirkels en een oude Thor in het uiterste noordwesten van Schotland…..

Christendom en spiritualiteit bijten elkaar niet. Het zijn de mensen, die bijten. Zich vastbijten. Verbijten. Verbeteren. Betweteren. Elkaar onverdraagzaam de les lezen. Elkaar naaien waar je bij staat. Heiligdommen verneuken. Het is de mens, geschapen naar Gods beeld, die er vaak maar weinig van bakt.

Vandaag ga ik meezingen in de Matthäus. Bekeren voor de storm heeft geen zin. Jezus woont al jaren in mijn hart. Deze grote vriend van Boeddha. Zelf ook een heksachtige, kijk maar naar zijn daden. Wekte mensen op uit de dood notabene.

Bach heeft een fantastisch kunstwerk afgeleverd over het lijden en sterven van deze bijzondere man. En wij gaan dat uitvoeren. zoals elk jaar.

Hoera!

Als eerste Bisschop in de kerkelijke top publiceerde Kardi­naal Danneels van België een duidelijk standpunt tegenover New-Age. In zijn brochure “Christus of de Waterman” (1990) gaf hij een helder beeld van de situatie binnen en buiten de Kerk rond deze zaak. En hij riep hij op om te komen tot een bewuste en consequente keuze vóór Christus.

Schelden is niet voor helden. Toch ontkom je er soms niet aan. Waar het hart vol van is loopt de mond van over, ook in dit geval. Maak van je hart geen moordkuil, Heks! Gooi het er maar uit, die vuiligheid. Opgeruimd staat netjes! Narcistendag 2.

Zaterdagmorgen sta ik vroeg naast mijn bed. Vandaag heb ik weer een narcistendag, maar deze keer moet ik helemaal naar Gouda. Dat vraagt wat meer inspanning mijnerzijds. Om kwart voor negen zit ik in de auto, ruim op tijd. Ik gooi Ysbrandt eventjes los in een park. Hij mag mee vandaag. Ik heb geen oppas kunnen regelen.

Helaas heb ik vandaag alle stoplichten tegen. Als ik de Hoge Rijndijk afrijd gaat de brug open. Het duurt zeker tien minuten voordat alle Rijnaken en plezierjachten voorbij zijn gevaren. Meuh. Prutteldepruttel. Heks zit zich op te vreten. Intussen rijd ik op een strak schema. Als alles goed gaat ben ik toch nog even voor tienen ter plaatse.

Maar niet alles gaat goed. Als ik in Gouda arriveer stuurt mijn TomTom me via een eindeloze dijk langs de Reeuwijkse plas. Opeens kan ik niet verder. Vervelende mannetjes in oranje pakken staan bij een wegversperring te posten. Wat nu? Ik vraag advies, maar de mannetjes weten niets van de omgeving. Of het interesseert ze niet of ik ooit mijn doel bereik. Ik rijd op de bonnefooi een belendend industrieterrein op.

TomTom laat zich ook niet onbetuigd. Zeker zes keer kar ik hetzelfde rondje tussen de afgesloten loodsen en foeilelijke bedrijfspanden. Wat een blikveldvervuiling, deze architectuur van lik m’n vestje. Maar ja. Hoe kom ik hier weg? Ik bel de twee trainers van vandaag, dat ik iets te laat ga komen. Ik krijg een melding dat het ene nummer niet bereikbaar is. Het andere is niet correct, ik krijg een wildvreemde vrouw aan de lijn.

Na nog een woest rondje industrieterrein bel ik het eerste nummer nog eens. Weer onbereikbaar. De telefoon staat duidelijk uit. Ik word zo woedend. Krijg toch de kolere. De telefoons zouden tot tien uur aan staan, omdat het vaker gebeurt, dat mensen te laat komen. Door files bijvoorbeeld…. Of zoiets als dit.

Scheldend rijd ik nog maar een rondje op zoek naar de juiste route. Afschuwelijk woorden blubberen oncontroleerbaar mijn mond uit. ‘Hoerentoeters, kutlijers, mensen zijn zo slecht. Godverdegodver….. ‘ en ga zo maar door. Ik kanker en scheld op alles en iedereen. Zoals wel vaker de laatste tijd als niemand me hoort of ziet.

Ik ben behoorlijk over de zeik. Uiteindelijk rijd ik een stuk verderop langs een stuk wegversperring. Geen mannetje te zien. Mooi zo. Dat is het voordeel van zo’n klein autootje. Je kunt overal langs en tussendoor. Stukje fietspad? Geen punt indien nodig.

Zonder problemen kan ik gewoon het laatste stuk langs het water rijden. Het is me een raadsel, waarom die weg in godsnaam helemaal dicht moet, maar goed. Mannetjes hè! Die willen gewoon lekker moeilijk doen. Hun invloed doen gelden…..

Een minuut of tien te laat ben ik dan toch ter plekke. Ik mag er nog in! Een hele lieve jongedame ontvangt me en stelt me een beetje op mijn gemak. Dat valt nog niet mee. Er komt stoom uit mijn oren.

De trainers schrikken als ze ontdekken dat de telefoons onterecht uit staan. Er is als het goed is nog iemand onderweg. Die is overigens nooit meer opgedoken. De telefoons gaan aan. ‘Eindigt jouw nummer op **?’ vraagt de vrouwelijk trainster. Terwijl ze het vraagt hoor ik immens geschreeuw vanuit haar telefoon. Dat ben ik! Haar antwoordapparaat stond wel degelijk aan. En ik heb blijkbaar het gesprek niet afgebroken……. ‘Geen idee,’ draai ik erom heen.

In de pauze vertel ik haar, dat ik inderdaad die schreeuwlelijk op haar voicemail ben. Helemaal boven mijn theewater. ‘Luister het asjeblieft niet af!’ roep ik wanhopig. Ik gun het niemand om die vuiligheid over zich heen te krijgen. Nou, misschien een incidentele narcist. Maar zeker niet deze lieve dame.

‘Het komt vanuit trauma. Je hebt zoveel moeten slikken, dat komt er nu uit. Al die ellende zit in je lijf opgeslagen. Helemaal niet verbazingwekkend, dat je zo gaat schelden, zeker niet als alles tegen zit.’ ‘En je op weg bent naar een narcistendag,’ denk ik erachteraan, ‘waar je veel geld voor betaalt, terwijl de aanstichters van dit onheil nergens last van hebben…… Dat geeft inderdaad nogal wat onvrede.

Zo is de narcistendag nog niet eens begonnen en ik heb al de belangrijkste les te pakken van vandaag. Mijn gescheld mag! Het is niet nodig mezelf daar ook nog eens op af te kraken. Ik mag woedend zijn op al die gekken, die me bij de neus hebben gehad. De monsters, die me fysiek te grazen hebben genomen, alsmede alle leugenaars, bedriegers en dieven, die hier kind aan huis zijn geweest.

Ik mag kotsen op mensen, die mij hebben uitgekotst. Ik mag kwaad spreken over mensen, die me kwaad hebben gedaan. Ik mag lastig zijn voor hen die me lasteren. En ik mag iedereen stijf schelden, die mij naar het leven heeft gestaan. Figuurlijk dan. Ik ben wel geslagen, maar gelukkig nog nooit dood geslagen of verwurgd. Wel zijn er zijn mensen, die me sociaal hebben vermoord. En op hen scheld ik ook grof. Volledig terecht.

Maar goed, ik hoop wel dat het een keertje ophoudt, die vuilbekkerij. Je krijgt echt een vieze smaak in je mond door al dat gekanker. Ook schaam ik me natuurlijk toch dood als die vrouw mijn grove taalgebruik hoort. Ik dacht dat haar telefoon uit stond en de mijne het contact had verbroken. Niet dus.

Confronterend. Maar het is nu eenmaal gebeurd. Heks is gewoon enorm pissed off. Op alles en iedereen, die over mijn grens is gegaan. Recent of honderd jaar geleden. Maakt niet uit. Hoepel op van mijn terrein.

Ook ben ik er helemaal klaar mee om bruggen te bouwen naar narcistische idioten. Liever geef ik hen op hun kloten!

Ooit zal het wel overgaan. Deze rage, razernij, woede….. Op een dag zijn de scheldwoorden op en is de bal nijd verdwenen uit mijn buik. Op een goede dag. Als ook alle narcisten en psychopaten me hebben verlaten en terug zijn gekropen in hun hoeken en gaten. Of onder hun steen.