Ex Animo voert de Matthäus Passion van Bach uit in de Pieterskerk te Leiden. Onder bezielende leiding van Wim de Ru. De kerk zit afgeladen vol. Het concert wordt zeer goed ontvangen, hoewel de recensie maar zozo is. Heks zingt weer mee. Uit volle borst. Wat heerlijk toch, dit jaarlijks terugkerend spektakel. Met mijn koor. Die geweldige Christelijke Oratoriumvereniging Ex Animo!

Woensdag is de dag. Het is weer zover. Hoera! We gaan gezamenlijk treuren in de Pieterskerk. Heks houdt dagen van tevoren haar gemak. Mijn koelkast staat vol klaargemaakt heerlijk voedsel, zodat ik daar geen omkijken naar heb. Mijn hondje logeert bij mijn hulp. Aan het eind van de ochtend haalt ze hem op. Ik heb mijn handen helemaal vrij.

Omdat er opnamen worden gemaakt voor ons jubileum volgend jaar worden we geacht om in koorkleding naar de generale te komen. Brrr. Het is ijskoud natuurlijk in die enorme grote kerk. Vanavond warmt het vanzelf redelijk op met al die enthousiaste toeschouwers, maar nu…… Heks doet een dik zwart vest over haar koorkledij.

Helemaal op tijd, haartjes gewassen, goeie kwast over de bleke kaken en in mijn lange zwarte rok arriveer ik in de kerk. Een enorme bijenkorf vol zoemende bezige bijtjes. Er worden extra stoelen klaargezet, want we zijn meer dan uitverkocht. Waxinelichtjes staan klaar om de pilaren. Het orkest zit al te stemmen en te rommelen. De zangers hollen door elkaar heen in het koorgedeelte.

We zingen kort in en daarna wordt de hele Matthäus doorgenomen. Op een incidenteel koraal na. Een behoorlijke klus. Het gaat natuurlijk niet goed, precies zoals het hoort op een generale repetitie. Noodzakelijk ook. Zodat iedereen zich een ongeluk schrikt en vanavond beter op gaat letten. Zodat de koorleden naar de dirigent gaan kijken in plaats van in hun boek…….

In de pauze ben ik mijn zangmaatje Anna kwijt. Ik vind haar terug in de kerk, waar ze stiekempjes zit te genieten van onze stamtafelgenoot, die vandaag continuo meespeelt met het orkest. Ze zijn nog steeds druk bezig. ‘Kijk hem spelen, Heks. Leuk hè?’ zucht ze vertederd. Maar als ik voorstel om hem dan maar een kopje thee te brengen steekt ze daar resoluut een stokje voor. ‘Stoor hem nu maar niet, Heks!’

Oefenen is iets geheel anders dan uitvoeren. Bij de uitvoering moet je scherp zijn. Alert. Alles moet precies samen komen. Fouten moet je kunnen opvangen. En voor ons alten geldt: Als je het niet meer weet houdt dan je mond. Er zijn genoeg alten, die het wel weten.

Achter Heks staat iemand, die juist extra hard doorbalkt als ze het niet weet. Bij ‘Der du den Tempel Gottes zerbricht’ raakt het hele vak ontregeld. Nou ja. Vanavond zal het wel loslopen…… Heks zal de stukken waar het mis ging nog eventjes heel goed doornemen, zodat ik niet meer in de war raak!

Tussen de generale en de uitvoering ga ik een uurtje plat. Bij lange na niet genoeg om  bij te trekken, maar alle beetjes helpen. Goddank woon ik een paar minuutjes fietsen bij de Pieterskerk vandaan. Ik moet er niet aan denken, dat ik die paar uur in de stad stuk zou moeten slaan…..

En dan begint het feest. Rond half acht trappen we af. Uit volle borst. Als een droom vliegt de avond voorbij en in no time is het alweer pauze. Mijn tante en nicht zijn speciaal komen kijken. Helemaal uit Dronten en de uithoek van Zeeland. Fantastisch! Heks is in de wolken.

Fiederelsje is er ook. Met zijn vieren staan we al snel te lachen. Tante vertelt over de tijd, dat zij bij Ex Animo zong, zo’n 65 jaar geleden! ‘Er zitten echt nog mensen op uit die tijd,’ verzeker ik haar. ‘Wij zongen nog niet in de Pieterskerk, hoor,’ verzucht tante, terwijl ze de prachtig verlichte oeroude kerk kijkt. Ja, we hebben mazzel met deze locatie. Afgeladen vol ook nog.

Later op de avond, na het concert, nemen we foto’s. Tante gooit voor de gelegenheid haar wandelstok weg, drie meter door de lucht, want die mag er natuurlijk niet op. Een jongeman kan nog maar net opzij springen. Dit tot grote hilariteit van ons allen. Slap van de lach maken we een heleboel kiekjes.

Een dag later krijgen we de recensie toegestuurd. Bij lange na niet zo lovend als vorig jaar, maar dat was ook niet te overtreffen. Ons gehark tijdens ‘So schlafen unsere Sünden ein’ is bepaald niet onopgemerkt gebleven. Want ja, tijdens de uitvoering ging diezelfde dame in ons vak weer snoeihard iets anders zingen. Tot grote verwarring van de rest van de alten.

Als ze later ook nog opgewekt met het andere koor meezingt, terwijl wij allemaal zwijgen, iets wat mij tijdens een repetitie wel eens is overkomen, kijkt Anna me met een uitgestreken gezicht aan vanuit haar ooghoeken. Ja. Er gaat dus genoeg mis. Maar de meeste kleine missers verdwijnen in het geheel.

Ik lig een dag volstrekt uitgeteld na deze topprestatie. En de dag erna doe ik ook geen bal. Behalve naar de Matthäus Passion kijken op telvisie. Onder leiding van Jos van Veldhoven. In de grote kerk in Naarden. Prachtig. Alleen jammer dat die kop van Rutte steeds in beeld komt. Hij detoneert enorm in deze omgeving. Je verwacht elk moment dat hij naar de camera gaat zitten lachen, terwijl hij zijn duim opsteekt.

Ademloos laat ik me weer meevoeren. Voor de zoveelste keer. En nu kan ik het intussen ook helemaal meezingen van binnen. Ik hoor veel meer dan vroeger. Ik kan de structuur beter doorgronden en nog ontdek ik steeds nieuwe dingen. Nou ja, wie niet? Ik bedoel wie niet die verzot is op deze passie? Half Nederland dus.

 

 

Schelden is niet voor helden. Toch ontkom je er soms niet aan. Waar het hart vol van is loopt de mond van over, ook in dit geval. Maak van je hart geen moordkuil, Heks! Gooi het er maar uit, die vuiligheid. Opgeruimd staat netjes! Narcistendag 2.

Zaterdagmorgen sta ik vroeg naast mijn bed. Vandaag heb ik weer een narcistendag, maar deze keer moet ik helemaal naar Gouda. Dat vraagt wat meer inspanning mijnerzijds. Om kwart voor negen zit ik in de auto, ruim op tijd. Ik gooi Ysbrandt eventjes los in een park. Hij mag mee vandaag. Ik heb geen oppas kunnen regelen.

Helaas heb ik vandaag alle stoplichten tegen. Als ik de Hoge Rijndijk afrijd gaat de brug open. Het duurt zeker tien minuten voordat alle Rijnaken en plezierjachten voorbij zijn gevaren. Meuh. Prutteldepruttel. Heks zit zich op te vreten. Intussen rijd ik op een strak schema. Als alles goed gaat ben ik toch nog even voor tienen ter plaatse.

Maar niet alles gaat goed. Als ik in Gouda arriveer stuurt mijn TomTom me via een eindeloze dijk langs de Reeuwijkse plas. Opeens kan ik niet verder. Vervelende mannetjes in oranje pakken staan bij een wegversperring te posten. Wat nu? Ik vraag advies, maar de mannetjes weten niets van de omgeving. Of het interesseert ze niet of ik ooit mijn doel bereik. Ik rijd op de bonnefooi een belendend industrieterrein op.

TomTom laat zich ook niet onbetuigd. Zeker zes keer kar ik hetzelfde rondje tussen de afgesloten loodsen en foeilelijke bedrijfspanden. Wat een blikveldvervuiling, deze architectuur van lik m’n vestje. Maar ja. Hoe kom ik hier weg? Ik bel de twee trainers van vandaag, dat ik iets te laat ga komen. Ik krijg een melding dat het ene nummer niet bereikbaar is. Het andere is niet correct, ik krijg een wildvreemde vrouw aan de lijn.

Na nog een woest rondje industrieterrein bel ik het eerste nummer nog eens. Weer onbereikbaar. De telefoon staat duidelijk uit. Ik word zo woedend. Krijg toch de kolere. De telefoons zouden tot tien uur aan staan, omdat het vaker gebeurt, dat mensen te laat komen. Door files bijvoorbeeld…. Of zoiets als dit.

Scheldend rijd ik nog maar een rondje op zoek naar de juiste route. Afschuwelijk woorden blubberen oncontroleerbaar mijn mond uit. ‘Hoerentoeters, kutlijers, mensen zijn zo slecht. Godverdegodver….. ‘ en ga zo maar door. Ik kanker en scheld op alles en iedereen. Zoals wel vaker de laatste tijd als niemand me hoort of ziet.

Ik ben behoorlijk over de zeik. Uiteindelijk rijd ik een stuk verderop langs een stuk wegversperring. Geen mannetje te zien. Mooi zo. Dat is het voordeel van zo’n klein autootje. Je kunt overal langs en tussendoor. Stukje fietspad? Geen punt indien nodig.

Zonder problemen kan ik gewoon het laatste stuk langs het water rijden. Het is me een raadsel, waarom die weg in godsnaam helemaal dicht moet, maar goed. Mannetjes hè! Die willen gewoon lekker moeilijk doen. Hun invloed doen gelden…..

Een minuut of tien te laat ben ik dan toch ter plekke. Ik mag er nog in! Een hele lieve jongedame ontvangt me en stelt me een beetje op mijn gemak. Dat valt nog niet mee. Er komt stoom uit mijn oren.

De trainers schrikken als ze ontdekken dat de telefoons onterecht uit staan. Er is als het goed is nog iemand onderweg. Die is overigens nooit meer opgedoken. De telefoons gaan aan. ‘Eindigt jouw nummer op **?’ vraagt de vrouwelijk trainster. Terwijl ze het vraagt hoor ik immens geschreeuw vanuit haar telefoon. Dat ben ik! Haar antwoordapparaat stond wel degelijk aan. En ik heb blijkbaar het gesprek niet afgebroken……. ‘Geen idee,’ draai ik erom heen.

In de pauze vertel ik haar, dat ik inderdaad die schreeuwlelijk op haar voicemail ben. Helemaal boven mijn theewater. ‘Luister het asjeblieft niet af!’ roep ik wanhopig. Ik gun het niemand om die vuiligheid over zich heen te krijgen. Nou, misschien een incidentele narcist. Maar zeker niet deze lieve dame.

‘Het komt vanuit trauma. Je hebt zoveel moeten slikken, dat komt er nu uit. Al die ellende zit in je lijf opgeslagen. Helemaal niet verbazingwekkend, dat je zo gaat schelden, zeker niet als alles tegen zit.’ ‘En je op weg bent naar een narcistendag,’ denk ik erachteraan, ‘waar je veel geld voor betaalt, terwijl de aanstichters van dit onheil nergens last van hebben…… Dat geeft inderdaad nogal wat onvrede.

Zo is de narcistendag nog niet eens begonnen en ik heb al de belangrijkste les te pakken van vandaag. Mijn gescheld mag! Het is niet nodig mezelf daar ook nog eens op af te kraken. Ik mag woedend zijn op al die gekken, die me bij de neus hebben gehad. De monsters, die me fysiek te grazen hebben genomen, alsmede alle leugenaars, bedriegers en dieven, die hier kind aan huis zijn geweest.

Ik mag kotsen op mensen, die mij hebben uitgekotst. Ik mag kwaad spreken over mensen, die me kwaad hebben gedaan. Ik mag lastig zijn voor hen die me lasteren. En ik mag iedereen stijf schelden, die mij naar het leven heeft gestaan. Figuurlijk dan. Ik ben wel geslagen, maar gelukkig nog nooit dood geslagen of verwurgd. Wel zijn er zijn mensen, die me sociaal hebben vermoord. En op hen scheld ik ook grof. Volledig terecht.

Maar goed, ik hoop wel dat het een keertje ophoudt, die vuilbekkerij. Je krijgt echt een vieze smaak in je mond door al dat gekanker. Ook schaam ik me natuurlijk toch dood als die vrouw mijn grove taalgebruik hoort. Ik dacht dat haar telefoon uit stond en de mijne het contact had verbroken. Niet dus.

Confronterend. Maar het is nu eenmaal gebeurd. Heks is gewoon enorm pissed off. Op alles en iedereen, die over mijn grens is gegaan. Recent of honderd jaar geleden. Maakt niet uit. Hoepel op van mijn terrein.

Ook ben ik er helemaal klaar mee om bruggen te bouwen naar narcistische idioten. Liever geef ik hen op hun kloten!

Ooit zal het wel overgaan. Deze rage, razernij, woede….. Op een dag zijn de scheldwoorden op en is de bal nijd verdwenen uit mijn buik. Op een goede dag. Als ook alle narcisten en psychopaten me hebben verlaten en terug zijn gekropen in hun hoeken en gaten. Of onder hun steen.

Heks gaat op vakantie:  een weekje Buitenkunst! Het heeft wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk zit ik dan toch in mijn tent!!!

  
Zaterdagmorgen staat Frogs op de stoep. Hij komt me helpen met het inladen van mijn auto. Met zijn pink….. Heks gaat een weekje op vakantie. Kamperen op Buitenkunst. ‘Heb je daar Cowboy niet ooit ontmoet?’ Ja, inderdaad. Twee jaar geleden om precies te zijn. Alleen ga ik nu naar een andere locatie. 

Terwijl Frogs vuilniszakken in de container gooit, de hond uitlaat en wat laatste boodschappen voor me haalt zoek ik me een ongeluk naar m’n brace. Waar is dat ding? Ik heb em pas gisterenavond laat afgedaan!

  

  
Het is al de zoveelste zoekpartij. M’n rijbewijs en autopapieren ben ik een hele dag kwijt geweest. Gisterenavond heb ik me nog suf gezocht naar mijn andere hulpstukken voor de diverse gewrichten. De oplader van mijn Tens apparaat is ook al verdwenen. Kortom: ik kan niets vinden…..

Uiteindelijk zit ik met al mijn teringzooi in Het Gele Gevaar. Ik prop Ysbrandt er nog bij. Die gaat een weekje bij Cowboy logeren. Later dan gepland rijd ik de stad uit. Het is prachtig weer. Het is Gaypride in onze hoofdstad. Gelukkig kan ik er redelijk doorheen komen. Om een uurtje of twee lever ik Varkentje af.

Samen met een recent aangeschafte fietskar. Ik leg mijn lief uit hoe het geval werkt. Leuk! Kunnen ze samen op stap volgende week met de voorspelde hittegolf. Uiteindelijk tuf ik richting Drenthe. Alle beesten verzorgd, mijn handen vrij, mooi weer op komst en een hele week creatief bezig zijn. Joepie!

 Edit   
Als ik op Buitenkunst arriveer krijg ik een kaart van het terrein. Hier staan gezinnen, daar staan pubers en gillende keukenmeiden. Blèrende baby’s zijn er ook. Dat moet ik zien te vermijden. Heks heeft zin in rust. Omdat de dagen vrij hectisch zijn is het prettig om je even terug te trekken…..

Op advies van de dame achter de balie rijd ik naar een kalme hoek. Ik parkeer mijn herstelde voiture en annexeer een plekje in het bos. Bij het opzetten van de tent knapt er een tentstok. Verdraaid! Ik ben een eeuwigheid bezig om de stok te repareren. Vervolgens kom ik er achter dat ik de haringen ben vergeten. Wel klaargelegd maar niet in de auto beland. Natuurlijk geef ik Frogs de schuld. Hij kan zich toch niet verdedigen….

Gelukkig ligt er een pak verse haringen in de auto. Op het laatste moment gekocht en erin gesmeten. Daar kom ik een heel end mee.

Net als de tent staat en alles er zo’n beetje in ligt komt er een juffie van de organisatie. Althans, zo doet ze zich voor. ‘U mag hier helemaal niet staan. U moet daarheen.’ Ze wijst twintig meter verderop. Of ik maar even mijn boeltje wil pakken. Nou, ik dacht het niet!

En dat vertel ik haar ook. ‘Uw collega heeft me deze plek aanbevolen, knappe jongen of meid die me ervandaan krijgt.’ Als ik moet verkassen, ga ik naar huis, denk ik bij mezelf. Het lijkt Ecolony wel. Daar liep een uiterst irritante geitensok achter me aan om me te vertellen wat ik allemaal voor’n schandaligs deed buiten de paden van hun enge regeltjes…… Zoals koffie drinken uit een soepkom. Of tandenpoetsen bij een afwasbak! De man hield daar overigens accuut mee op, toen Frogs zich meldde. Het kan dus ook een onnavolgbare versiertoer zijn geweest. Sommige vrouwen vallen wellicht op betweters…… Hoe onwaarschijnlijk ook!

Nadat ik de vrouw heb verdreven meldt een collega zich. O jee, nu gaan we het krijgen…. Maar nee. De man is uiterst vriendelijk en verontschuldigt zich voor het gedrag van de vrouw. Die heeft helemaal niets te vertellen over het terrein. Hij wel, want hij is de beheerder! De schat brengt me ook nog een zestal haringen. Zo kan ik dan alsnog mijn luifel opzetten….

  

 Als ik mijn tent in kruip ontdek ik dat het luchtbed lek is. Ik blijk een antiek exemplaar te hebben meegenomen. Bij de receptie krijg ik een rolletje Duck Tape. Ik plak het gat dicht en voor de zekerheid ook alle andere gekraakte plekken. Helaas is het ontoereikend. s’Nachts zak ik in no time naar de bodem en daar dobber ik waakslapend tot het ochtendgloren. Goddank heb ik een laagje astronautenschuim om me te redden van de bobbelige koude grond.

Zo is de eerste vakantiedag er eentje vol tegenslag. Maar het beklijft niet. Zo zie je maar weer. Een mens kan best wat hebben. Als de omgeving maar goed is. 

Die avond presenteren alle medewerksters zich in het grote theater, een berg blubber met een tribune ervoor…. We zitten allemaal met onze oortjes te klapperen. Af en toe klinkt er een lachsalvo. Na afloop is er een groot kampvuur. Heks maakt het niet meer mee. Die ligt dan al op de barre grond pogingen te doen om in te slapen……
 Edit   

Takelwagen wil trein worden. Mensen met voelsprieten versus de exemplaren met een plaat voor hun kop. En ontdek je eigen lange tenen voor het te laat is! Bij voorkeur in je eerste levensjaar……..

 

baby, voetjes ontdekken, handjes ontdekken, baby ontdekt eigen lichaam

Gisterenmorgen rijd ik met Varkentje richting Leidse Hout. In het Gele Gevaar. Het is zuur weer. Regenbuien kletteren losjes over een natte stad. In mijn hoofd strooien herinneringen andersoortige buien in de rondte. Voor mijn geestesoog verschijnt een jeugdvriendin. Een paar jaar gelden tijdens een reünie zag ik haar terug. We bleken een geheel andere herinnering te hebben aan onze vriendschap!

baby, voetjes ontdekken, handjes ontdekken, baby ontdekt eigen lichaambaby, voetjes ontdekken, handjes ontdekken, baby ontdekt eigen lichaam

Want dat laatste was het ongetwijfeld. Jarenlang waren we in elkaars leven aanwezig. Maar waar Heks zich niet gezien voelde en dientengevolge last had gehad van het ‘egocentrische’ gedrag van haar maatje, was deze juist heel enthousiast over de vriendschappelijke kwaliteiten van Heks. De ervaring van jarenlang delen van lief en leed lag mijlenver uit elkaar….

baby, voetjes ontdekken, handjes ontdekken, baby ontdekt eigen lichaambaby, voetjes ontdekken, handjes ontdekken, baby ontdekt eigen lichaam

Intussen tuf ik nog steeds door de prutstad. Bij het station wacht ik voor een stoplicht. Voor me staat een takelwagen. Een man in een enorme dikke gezinsbak steekt brutaal de neus van zijn bakbeest in het gaatje tussen mijn bolide en de vrachtwagen. Vooruit maar weer. Ik laat hem ertussen. Terwijl ik optrek zie ik voor mijn ogen een spervuur aan brandende deeltjes ontstaan. Een schrapend, knetterend geluid vult de lucht. Een vonkenregen daalt neer op de zonet ingevoegde auto……

takelwagen, vrachtwagen met takel, plaatje van takelwagen, gi

De takel van de voorste wagen schraapt grondig langs het plafond van het viaduct onder de spoorrails. Alsof de vrachtwagen plotseling aspiraties krijgt om tram te worden. Of trein….. Ook zo’n takelwagen is wel eens toe aan iets anders!

takelwagen, vrachtwagen met takel, plaatje van takelwagen, gi takelwagen, vrachtwagen met takel, plaatje van takelwagen, gi

Wat een geluk, dat die man invoegde. Anders had Heks die lading vonken over zich heen gekregen! De auto voor me scheurt gehaast om de vrachtwagen heen, terwijl de chauffeur daarvan op het dak klimt om zijn ontaarde takel tot de orde te roepen….

Een stukje verderop zie ik de gedupeerde parkeren. Gefrustreerd inspecteert hij de schade. De vrachtwagen rijdt snel langs hem heen en maakt dat hij weg komt.

Een ongeluk zit in een klein hoekje. Maar vandaag was het nu eens niet het mijne.

De wereld IS. En wij ervaren em allemaal anders. Sommigen zijn slechts op zichzelf gericht. Een belangrijke fase in onze ontwikkeling. Dit bewust worden van jezelf. Kijk naar baby’s. Urenlang kunnen ze zich bezighouden met het bestuderen van hun handjes en voetjes. Superschattig.

Bij volwassenen wordt dit gedrag al snel minder aandoenlijk….

takelwagen, vrachtwagen met takel, plaatje van takelwagen, gi

Anderen zijn alleen maar met de ander bezig. Alsof ze er zelf niet toe doen. Of als effectieve methode om zich zo min mogelijk bewust te zijn van hun eigen armetierige gedoetje. De balans is doorgeslagen naar de andere kant. In het slechtste geval levert het een enorme bemoeial op, die niks bakt van zijn of haar eigen leven.

lachen, slappe lach, plezier, hahaha, hihihi,

Zondag arriveer ik op het nippertje in de kerk. De liedbundels zijn op. Als ik in een kerkbank schuif, zie ik dat het echtpaar naast me goed voorzien is: Ze houden allebei een bundel vast. Maar ze kijken er niet in. Zingen niet mee. Ik ben benieuwd of ze mij er eentje zullen aanbieden. Heks doet een experiment. Ik wacht af. Er komt geen bundel mijn kant op. Ook mag ik niet meekijken. Wel wensen ze me vrede. Er zit geen kwaad achter……

lachen, slappe lach, plezier, hahaha, hihihi,

Na de dienst ga ik met Jip en Janneke naar de kroeg. Dat is lang geleden. We drinken wijn en eten Vlaamse frieten. We praten eens goed bij. Vervolgens lachen we tot we pijn in onze kaken krijgen. Om onszelf en al die onbeholpen medemensen. Om de zotheid van dit aards bestaan….. Heerlijk!

lachen, slappe lach, plezier, varkentjes lachen, hahaha, hihihi,

Parende Lepelaars dragen in belangrijke mate bij aan de feestvreugde van 60 jaar Blonde Buurman! Een heerlijk feestje mede dank zij de Smid en zijn vrouw en vogelwerkgroep Cronesteyn.

lepelaar, broedende lepelaar op nest, parende lepelaars

Hier zit een Lepelaar op zijn nest

lepelaar, broedende lepelaar op nest, parende lepelaarslepelaar, broedende lepelaar op nest, parende lepelaars

 

Blonde Buurman wordt zestig. Zaterdagmiddag geeft hij een feestje in ‘De tuin van de smid‘, een nieuwe horeca onderneming in Polderpark Cronensteyn. ’s Morgens is het koud en bewolkt. Cowboy gaat trimmen en neemt de hond mee, dus Heksje kan rustig opstarten.

Gelukkig maar, want ze heeft een slechte dag. Alles doet zeer en mijn hoofd doet het niet. Maar wat koffie en pijnstillers later komt er schot in de zaak. En na een listige laag make up zie je niets meer van mijn valse start. Het enige, dat ik er nog van merk, is dat ik mijn beoogde jurk niet kan vinden in mijn kledingkast. Dus kies ik foeterend voor een ander exemplaar.

lepelaar, broedende lepelaar op nest, parende lepelaars

De Lepelaar lijkt een beetje op een ooievaar, maar aan het einde van zijn snavel zit een grote Oranje schijf.

Geen slechte keuze blijkt, want de complimenten vliegen om mijn oren die middag. Op het feestje kom ik veel mensen tegen uit de tijd, zo’n dertig jaar geleden, dat ik verkering had met deze buurman.  ‘Je bent niets veranderd, Heks, zelfs niet ouder geworden, hoe doe je dat?’ vraagt een voormalig schoonzusje.

Dat is het mysterieuze bij mijn lijf: Hoe krakkemikkig ik ook in elkaar steek, je ziet er niets van. De jaren lijken ogenschijnlijk weinig vat op me te hebben, terwijl ik in feite op mijn zesentwintigste al bejaard was. Qua mogelijkheden en energie dan.

nijlganzennijlgansfuut met jongen op rugfuut met jong op rug

 

Als ik met Cowboy arriveer is het feestje al in volle gang. We worden getrakteerd op koffie en taart. Vanzelfsprekend ga ik er van uit, dat er geen gebakje binnen mijn mogelijkheden is, maar niets is minder waar. Er staan twee verrukkelijke muffins op me te wachten. Glutenvrij en lactosevrij. Fantastisch. Hier word ik toch zo blij van!

De gehele middag kun je instromen in een excursie door dit bijzondere park. Vogeltjes kijken natuurlijk, de grote passie van Blonde Buurman. Mensen van Vogelwerkgroep Cronesteyn leiden ons rond. Als eerste gaan we kijken naar de broedende Lepelaars. De ene zit op het nest en de andere houdt ons in de gaten. Wat een indrukwekkende dieren. Kijk toch eens wat een maffe snavels ze hebben. Geweldig.

Afbeelding 5FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'

mensen op feestje, vrouw met hoed

 

‘Ik heb ze zien paren’, vertelt Frogs later. Hij wel. We zijn allemaal jaloers. Blonde Buurman heeft in al die jaren observatie nog nooit de voortplanting van zijn oogappeltjes te zien gekregen. ‘Het is niet eerlijk!’ roept hij verontwaardigd…..

Na de excursie klets ik bij met mensen uit een ver verleden. Maar ook nagenoeg de gehele OB is aanwezig. En True en Trueman. Ik ontdek zelfs een huidige buurman en buurvrouw, die ik hier nooit had verwacht. Hij blijkt een verwoed vogelaar! Het is beregezellig.

Afbeelding 7FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'lachende vrouwOLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

Ontzettend leuk om de ouders van Blonde B weer te zien. En zijn broers en zusters. We hebben heel wat uitgespookt vroeger. Dat was voornamelijk in de tijd voordat ik ziek werd. Mijn laatste goeie jaren…..

De gehele middag is de hemel strakblauw. We zitten uit de wind in de zon. Na een paar uur wordt er een geweldige maaltijd geserveerd door de smid en zijn vrouw. Ik blijk hen te kennen uit mijn horecaverleden. We zijn collega’s geweest. En de broer van de smid is een vriend van Heks. De wereld is weer klein vandaag.

Als ik hen complimenteer met hun goede zorgen binnen mijn dieet, blijken ze alles te weten van dit soort ellende: Kinderen me coeliakie. Dat verklaart de hoge standaard van mijn aangepaste maaltijd.

FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'

 

De middag vliegt voorbij. Als het zonnetje achter de bomen zakt, wordt het fris. Tegen die tijd is iedereen aan het afscheid nemen van elkaar. Ik fiets met mijn knappe Koejong naar huis. ‘Wat heb jij een bruine kop gekregen!’ roep ik verrukt. Hij grijnst tevreden. Deze zonaanbidder heeft het prima naar zijn zin gehad tussen mijn vrienden. En hij heeft voor het eerst van zijn leven een Lepelaar gezien. Ik ook trouwens!

FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid'FEESTJE, mensen samen in 'De tuin van de smid', lekker eten