Hoera, het is volop lente! Moeder natuur draagt haar schitterende bruidskleed! Heks kruipt onder haar steen vandaan om naar buiten te gaan…. Ik fiets me suf op die ouwe trouwe Batavus. Met lekker wat trapondersteuning. En fietskar……… Zo redden we het wel op en neer naar het Valkenburgermeertje, mijn kleine hondje en ik!

Zondag fiets ik aan het eind van de middag de stad uit. VikThor zit in zijn kar. In een parkje aan de Singel laat ik hem zwemmen. Het ene bommetje na het andere produceert mijn kleine stoere mannetje. Tot groot vermaak van de omstanders. Het is ook geen gezicht, zo’n vliegende hond.

Zijn laatste kunststukje is direct op de bal duiken, kopje onder gaan en vervolgens met bal in bek weer boven komen. Voorwaar geen sinecure na een vlucht door de lucht!

Vanmorgen hebben we ook al uren in dit park doorgebracht. Nu echter gaan we door. De hete stad uit. Hop, naar het Valkenburgermeertje!

Daar zit Vlinder op me te wachten op een terrasje. Met haar lief. Ze gaat hem aan me voorstellen. Aan de keuringsdienst van waarde zogezegd.

Als ik arriveer zitten ze al breed lachend op me te wachten. Vik springt een gat in de lucht. Hij heeft de diepe liefde van Ysbrandt voor Vlindertje zonder meer overgenomen. Tevreden nestelt hij zich aan haar voeten.

Na een uurtje keuren en kletsen gaan mijn vrienden er vandoor. Goedgekeurd hoor! Heks gaat ook weer fietsen. Ik besluit nog eventjes naar Wassenaar te gaan. Hemelsbreed niet eens zo ver. Prachtig door de weilanden. Langs sloten en vaarten.

VikThor springt sloot in, sloot uit. Hij is toch weer zo gelukkig! In Wassenaar kom ik een paar jongetjes tegen. Een beetje in de leeftijd van de karakters uit Southpark. Eric Cartman en Kyle zeg maar.

‘Mogen wij een keertje met dat balletje gooien?’ vraagt Cartman. Zijn ondeugende koppie kijkt me enthousiast aan. Zijn vriendje staat me ook al te observeren.

Natuurlijk mag dat. Het volgende kwartier zijn de jongetjes druk in de weer met mijn hondje. Die qua hondenjaren ongeveer even oud is. Grappig toch weer!

Als ik terug ben bij het Valkenburgermeertje raak ik aan de praat met een vrouw in een rolstoel. Met hulphond. Ze vertelt me haar halve levensverhaal. Niet zozeer over wat ze mankeert, maar over haar spirituele reis door het leven. Een geschiedenis met veel dieptepunten, tegenwerking en duistere krachten……

Ja, helaas trekt groot licht vaak ook duisternis aan. Zoals motten onweerstaanbaar worden bekoord door een gemiddelde lamp. Heks mag van geluk spreken dat ze niet zo’n licht is……

Alhoewel…. Ik heb ook een flinke dosis duistere idioten te verstouwen gekregen in mijn amoebe-leventje.

Eenmaal terug in Leiden kan ik geen pap meer zeggen. Ik val in slaap zonder te eten of me zelfs maar uit te kleden. De beesten hebben gelukkig wel te eten gekregen.

Uren later word ik wakker. Het is alweer licht. Ik laat de hond uit en eet een banaan. Laat ik maar weer naar bed toe gaan…..

Maandagavond fiets ik alweer naar het Valkenburgermeer. Opnieuw rijden we helemaal door naar Wassenaar. En alweer kom ik jongetjes uit Southpark tegen. Ze springen een gat in de lucht als ze VikThor zien! Ze zien er niet alleen Amerikaans uit,  ze praten het ook. ‘We zitten op de American School of the Hague,’  klessebest Eric opgewekt tegen me.

Ze spreken werkelijk geen woord Nederlands. Een bizar verschijnsel in dit oer Hollandse landschap. Dit landschap van mijn jeugd. Deze weilanden waar ik als kind placht rond te dwalen. Weliswaar net iets oostelijker dan deze polder. Deze kleiklontgrond waar mijn wortels liggen……

De jongetjes hebben de hele middag gevist, maar niks gevangen. ‘We hadden wel tien wormen gevonden, maar het hielp niets,’ verklaart Kyle.

Vervolgens gaan ze als een dolle met mijn hondje aan de gang. Die plonst keer op keer in de vaart. ‘Zal ik ook springen?’ gilt Cartman dan telkens. Van mij mag hij. Het joch is sowieso al kletsnat.

‘Dat komt omdat we dit doen,’ schreeuwt Kyle begeesterd, terwijl hij de emmer water, waar ook vis in had moeten zitten, omkeert boven zijn ondeugende koppie. Cartman volgt zijn voorbeeld. ‘Nou moet ik zeker in de vaart springen,’ krijst hij vrolijk.

Toch springt hij niet. Waarschijnlijk heeft zijn moeder het hem verboden. En haar verbod reikt ver! ‘Het is hier helemaal niet diep, hoor,’ Kyle heeft blijkbaar ervaring op dit gebied. Hij vertelt me een verhaal hierover dat ik niet snap. Niet vanwege de taalbarrière, maar omdat het zulke ongelofelijke kleine-jongetjes-logica is……

Op de terugweg pak ik een terrasje aan het meer. Heerlijk zit ik een uurtje te peinzen temidden van een dampende menigte uitgelaten mensen. Wat een drukte!

De molen van Molenaar!

Op mijn gemakje peddel ik terug naar de stad. Het is genoeg afgekoeld om mijn ventje te laten lopen. We fietsen nog een ommetje door de polder waar ik dan wel ben opgegroeid, de Stevenshofjespolder, langs de molen van Molenaar, maar dan is het toch echt mooi geweest.

Even later fiets ik de warme stad weer in. De terrasjes puilen uit. Het is al negen uur intussen. Thuis plof ik in mijn stoel. Zal ik eventjes gaan liggen? Eerst de beesten eten geven en dan…… Uren later word ik wakker.

Gelukkig heb ik ’s middags warm gegeten. Wijs geworden door een paar dagen overslaan. Even tanden poetsen, hond uitlaten en dan……. weer naar bed gaan.

Keiharde kinderhoofdjes, kloterige klutsknieën en klierige kotshond bezorgen Heks een ware lijdensweg tijdens de paasdagen. Gelukkig volgt er toch een soort wederopstanding. Enigszins postuum. En ook niet blijvend. Maar het is beter dan niets!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Bonggggingggg!!!!!!!!!!!!!!!!!

Met een klap kukel ik met fiets en al op de plaveien. De fietskar blijft min of meer overeind, maar mijn lijf schiet alle kanten op. Het stuur boort zich in mijn ribbenkast. Mijn schouders flapperen in hun sponningen. Mijn rechterhand vangt een deel van de klap op alsmede mijn linkerknie. Mijn slechte knie. Dat geweldige gewricht halverwege mijn been. Sowieso al een half jaar lekker dik door een val van de trap.

O jee. ‘Gaat het wel, kan ik iets voor u doen?’ een geschrokken man stapt uit zijn auto. Hij heeft van het tafereeltje kunnen genieten. Je ziet niet elke dag een toverheks crashen!

‘Laat me maar eventjes,’ roep ik zo vriendelijk als ik kan opbrengen. Gek is dat  toch, die neiging om te doen alsof er niets aan de hand is in zo’n geval. Waar ben ik nou bang voor? Om voor lul te staan met mijn gestuntel? Dat die man me uit gaat staan kafferen zoals mijn vader vroeger als ik mijn wekelijkse val van de trap maakte? Dat ik een oplawaai toe krijg?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Ik worstel me overeind en wrijf over de getroffen gebieden. Puffend hijs ik de fiets weer omhoog. Mijn god, wat zijn die e bikes toch zwaar. Ik krijg het nauwelijks voor elkaar. Ik had me toch door die wildvreemde Samaritaan moeten laten helpen…….

Even later fiets ik de hoek om. Au, au. Het gaat voor geen meter.

Als ik mijn broek opstroop zie ik dat mijn knie ontveld is. Bah. Dit wordt niks. Ik ben op weg naar de fysiotherapeut om uit de knoop te worden gehaald en nu lig ik helemaal in de kreukels. Lekker absurd.

‘Ik ben behoorlijk gevallen op weg naar je toe, zit weer thuis, bel me ff,’ Mijn fysio hangt al aan de lijn. ‘Jeetje, Heks, balen hoor,  als je wilt kun je vanmiddag om half drie nog terecht, voor een oplapsessie,’ ze offert haar pauze op.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘ik moet er eventjes niet aan denken dat er iemand aan mijn lijf zit,’ piep ik benauwd. Er zit een huilbui dwars in mijn keel. ‘Als je zo onderuit gaat doet dat iets met je. Hebben ze wetenschappelijk onderzocht, je bent dan echt eventjes helemaal van het pad,’ zal een alt later tegen me zeggen tijdens de koorrepetitie.

Maar goed, intussen loopt mijn dag volledig in de soep. Eigenlijk moet ik nu uitgebreid met mijn hondje in het bos lopen. Maar ik zit zieligjes betadine op mijn knie te sprenkelen. Dan ren ik naar de drogist. Werkelijk alle verbandmiddelen en pleisters heb ik er doorheen gejast de laatste maanden met als dat gezaag in vingers en handen. Dat vallen van fiets en trap. En dat abces niet te vergeten……

‘Verbandgaasjes, gewoon hydrofiele gaasjes,’ de vrouw van de drogist kijkt me niet begrijpend aan. Mijn god. Spreek ik soms Spaans? Uiteindelijk komt ze met iets aanzetten, wat vooral duur is. Het lijkt wel op wat ik nodig heb, maar hoe kan het nu zoveel kosten?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Doe maar,’ met de gaasjes ren ik de deur weer uit. Het blijken een soort betere plakpleisters te zijn. Helaas zijn ze veel te klein om het gehele getroffen gebeid te beslaan. Opnieuw ren ik naar de ouderwetse drogisterij. Met mijn ontvelde knie open en bloot nu: Ik heb er net een hele plas jodium op geknikkerd……

‘Ja, je vroeg toch om die verbandgaasjes,’ de vrouw van de drogist wrijft me mijn vermeende ‘fout’ in. Ondanks het feit dat ik in eerste instantie wel drie keer om hydrofiele gaasjes heb gevraagd en iets anders kreeg…… En daar toen maar genoegen mee nam, omdat mijn geschaafde knie dringend verzorging nodig heeft. Nog steeds trouwens………

Zoals altijd heb ik het weer verkeerd gedaan. Oh, wat word ik toch moe van dit soort gedoe: Een ander de schuld geven. Altijd en overal. Door alles en iedereen. En waarom in godsnaam? Wat schieten we ermee op? En nu heb ik er al helemaal geen tijd voor. Ik crepeer van de pijn. Geef me de goede gaasjes. Verdorie.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM, kotsen, braken, over je zuiger, over je nek, overgeven of spugen: lekker is anders VikThor!

Op zulke momenten mis ik een liefhebbende echtgenoot, die eventjes de honneurs waarneemt. Niet dat ik ooit zo’n exemplaar in huis heb gehad. De mannen in mijn leven lieten zich over het algemeen mijn liefdevolle verzorging lekker aanleunen, maar zelf bakten ze er vaak niet al teveel van…..

Even later heb ik de knie dan eindelijk ingepakt. Joy en haar lief komen het hondje ophalen. Vandaag neem ik vrijaf. Ik ga nog wel naar het koor, we repeteren uiteindelijk hier om de hoek. En ik blijf gewoon zitten. Dat overleef ik wel. Ik kan me stomweg niet permitteren om niet te gaan omdat ik nooit thuis oefen……

Ik moet hoognodig rustig aan doen. slapen en uitrusten.

Die nacht is mijn hondje zo ziek als een hond. Een uur lang braakt hij de sterren van de hemel. Grote plassen hondenkots dropt hij links en rechts in de woonkamer. Na een half uur spuugt hij schuim. Zijn hele koppie zit onder de kledders.

Heks loopt alles geduldig op te dweilen met haar uit elkaar gerukte lijf. Telkens als ik denk dat het voorbij is begint hij weer. Ik kijk op de klok. Half 1. Zaterdagnacht. De slechtste tijd voor een dierenarts consult!

Net als ik erover denk om toch maar iets dergelijks te gaan ondernemen, kalmeert mijn ventje onder mijn handen. Lange tijd behandel ik zijn pijnlijke buik. Ik voel mijn heksenhanden gloeien. Zelf word ik ook eventjes zo misselijk als een kat……

Na een uurtje of twee gaat mijn kereltje water drinken. Hij slobbert een halve bak leeg. Nou, als hij dat binnen houdt heeft hij zeker geen maagtorsie!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

En hij houdt het binnen.

Even later stop ik hem met zijn koeiendeken in de bench. Heel sneu ligt hij daar onder zijn dekentje. De hele nacht en volgende dag ligt hij te slapen. Heks ook. We maken een paar kleine piesrondjes door de wijk, maar veel meer kunnen we allebei niet opbrengen.

Pas zondagavond beleven we onze persoonlijke wederopstanding en gaan we eens uitgebreid aan de wandel. In het Zeevaartpark treffen we een paar speelse hondjes. Mijn pubertje rolt al snel stoeiend over het grasveld: VikThor is er weer helemaal bovenop!

Voor Heks zal het nog eventjes duren voordat ze weer is bijgetrokken. Pas dagen later is duidelijk dat er van alles van zijn plek geraakt in mijn wervelkolom. En vervolgens is alles min of meer vastgelopen……. Een stevige fysiotherapeutische sessie verder is de boel weer een beetje in beweging. ‘Het zal tijd nodig hebben, Heks.’

‘Ach, die knie valt gelukkig mee. Vorig jaar ben ik ook een keer lelijk gevallen en toen hebben de doktersassistenten het grind er met een pincet uit zitten peuteren. Weken ben ik daar zoet mee geweest voordat het een keertje dicht en korstvrij was,’ mijn fysiotherapeut moet lachen om mijn laconieke verhaal.

Wat moet je anders? Overal maar een drama van maken? Je zou het soms wel denken als je om je heen kijkt.

Die val heeft me in elk geval gedwongen om m’n gemak te houden. Maar volgende keer een minder pijnlijke wake up call graag……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

Om je dromen uit te laten komen moet je eerst wakker worden! Heks schrikt vandaag eens echt goed wakker van haar ‘worst nightmare’ zodra ze de voordeur uitloopt. Het zal me een worst wezen, want ik ben ontwaakt, dus: Mijn dromen gaan uitkomen!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vanmorgen sloom ik lekker langzaam op gang. Ik slurp mijn koffie, slemp mijn ontbijtje naar binnen, slof onder de douche door, sjacher mijn kleren bij elkaar, wurm me er in  om er dan in een slakkengangetje vandoor te gaan.

Net als ik mijn fietskar de deur uit manoeuvreer, fietst er een oude stakerige man langs het portiek. Hij ziet eruit als een eersteklas vogelverschrikker met zijn dunne vlassige haren wapperend rondom een felle adelaarskop. Met uilenkwaliteiten, want die kop draait nu hondertachtig graden mijn kant op, terwijl hij met een ruk zijn stuur omgooit. Even denk ik dat hij me omver gaat fietsen, maar dan zwenkt hij slingerend een zijstraatje in.

Vlak voor hij verdwijnt staart Catweazle me broeierig aan. Inwendig krijg ik een schok, want ik ken die vent. Helaas. Al jaren. Vroeger maakte ik zelfs altijd een praatje met die kerel. Uitgebreid. Stond ik soms wel een half uur te kletsen met een ongeduldig Varkentje naast me. Stortte hij al zijn ellende over me uit in combinatie met een update over de kwaliteit in uitvoering van alle klassieke concerten in de regio.

Soms fietste hij hele enden met me mee, al kakelend over muziek en rugby. Zijn grote passies. Alhoewel ik niet denk dat hij zelf ooit een voet op een rugbyveld heeft gezet: veel te gevaarlijk met zijn leptosome constitutie. ‘Tja,’ dacht ik altijd, ‘ Hij is wel erg raar en opdringerig, zelfs een klein beetje griezelig af en toe. Zolang hij maar niet weet waar ik woon.’

Ooit stond ik ’s morgens voor de deur van de Pieterskerk te wachten om op de valreep nog een kaartje te bemachtigen voor de Matthäus Passion. Dat is de eerste keer dat de man Heks aansprak. Hij ging zelf niet naar het concert, maar beweerde ook fan te zijn van klassieke muziek en Heks geloofde hem natuurlijk.

Ik geloofde vroeger bijna alles wat mensen me aan mijn neus probeerden te hangen. Tegen beter weten in vaak.

‘Jeetje Heks, er staat en vent heel raar naar je te staren. Echt loeren. Jasses, wat een griezel,’ Fiederelsje is er snel uit als ze de man een keertje spot tijdens de jaarlijkse nieuwjaarsborrel van de Gemeente Leiden. Pas als ik me omdraai om te zien wie het is, herken ik hem. Mijn muziekkennis. Gewoontegetrouw groet ik de man, maar ik tref een uiterst bevreemdende duistere indringende blik. Ik betrap hem er als het ware op.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Hij groet niet terug, maar verdwijnt snel in de massa. Als een duveltje zijn doosje weer in! Wat raar. Opeens ben ik helemaal klaar met die zot. Vanaf dat moment houd ik het voor gezien wat betreft de amicale gesprekken. Ik negeer hem gewoon.

Er volgt een tijd van stalkachtige acties zijnerzijds. Met enige regelmaat fietst hij me achterop en roept van alles. De vriendelijke zij het wat fanatieke en vreemde vogel waar ik ooit hele gesprekken mee voerde is totaal verdwenen. Er straalt een heel ander licht uit die te lichte blauwe kijkers. Een koud licht. Het verduistert de omgeving. Die blik slaat als een klamme hand om mijn hart.

‘Goddank weet die engerd niet waar ik woon,’ troostte ik mezelf dan maar weer, nadat ik hem ergens onderweg met moeite weer had afgeschud.

Het was nog in de tijd dat ik niets wist van narcisme. Psychopaten waren in mijn ogen onbegrepen mensen met pijn en verdriet. Heks was altijd allerliefst tegen de grootst mogelijke gekken en engbekken. Met enige regelmaat raakte ik hierdoor natuurlijk gigantisch in de problemen.

Gelukkig ben ik wat dat betreft echt wakker geworden. Best een ellendig proces, want je komt er opeens achter hoe je je hebt laten doen door allerlei lieden. Hoe je je hebt laten gebruiken.  Of afzeiken. Misbruiken. Noem maar op. Wakker worden in een boze droom.

Al enige tijd lijkt dit blog wel een scheldblog. Alle woede, die dit wakker worden met zich meebrengt moet gewoon ergens heen. Het vindt een verbale weg naar buiten.

Maar je kunt niet eeuwig kwaad blijven, Heks, doodzonde van je mooie magische leven!

‘De laatste tijd herken ik mezelf soms weer als mezelf, Heks’ de Don is ook door een kwade periode gegaan. De depressies waren bepaald niet van de lucht. ‘Dan ben ik weer heel eventjes in goede doen, zie ik de lol weer in van iets, heb ik weer leuke gesprekken met mensen….’

Herkenbaar.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Ook Heks maakt weer leuke dingen mee. Een geweldige flirt met een superleuke vent. Of een lieve attentie. Nieuwe ontluikende vriendschappen. Hulp bij allemaal kutklusjes. Na al die jaren in mijn eentje modderen!

Maandag komt mijn ex Blonde Buurman langs: Met hem had ik mijn langste relatie ooit. Een eeuwigheid geleden alweer. Wel volstrekt knipperlicht. Onze vriendschap is aanmerkelijk stabieler!

‘Heks, ik krijg meer tijd vanaf nu. Ik moet het wat rustiger aan doen, ik ben laatst gedotterd,’ ik schrik me een ongeluk als hij zijn verhaal doet, maar gelukkig is alles nu weer in orde. ‘Ik ga eerst een maandje vogeltjes kijken in Afrika, maar daarna kom ik je helpen. Zeg maar wat ik voor je kan doen,’ zijn blauwe ogen glinsteren bij het vooruitzicht drie weken door een verrekijker naar die veelkleurige kakelbonte afstammelingen van de dinosaurussen te koekeloeren.

Mooi zo. Hij wil natuurlijk het liefst mijn rommelige balkon onder handen nemen, maar mij doet hij het meest plezier met het inzetten van zijn administratieve vaardigheden. Het is een man van lijstjes, lijstjes en nog eens lijstjes. Daar kon ik me vroeger enorm over verbazen. Wie maakt er nu een lijstje met boeken, die je gelezen hebt met daarbij een codesysteem van plusjes, minnetjes en cijfertjes om te onthouden wat je er van vond. Dat onthoud je toch zo wel?

Sinds mijn whiplash piep ik wel anders. Had ik maar zulke lijstjes. Het zou nu reuze handig zijn.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘En als je financieel in de problemen mocht komen, dan kun je altijd van me lenen. Renteloos. voor onbepaalde tijd.’ Een hele prettige gedachte, zo’n vangnet. Vooral voor zo’n vrije-val-vis als Heks.

Nu ik wakker ben geworden verdwijnt de boze droom gestaag uit mijn systeem. Oude zoete verlangens sluimeren daaronder. Verlangens van het hart. Terwijl ik de ontmoeting met die nare man zo vlak voor mijn voordeur, de slechtste plek om hem te treffen, van me af schud fiets ik naar mijn fysiotherapeut. Ik moet eventjes wachten voordat ik aan de beurt ben.

In de wachtkamer valt mijn oog op de tekst ‘Om je dromen uit te laten komen moet je eerst wakker worden!’ Tijdens de behandeling komt de strekking ervan pas echt binnen. Het is niet zo erg om al die nare dingen onder ogen te zien. Je medemens te zien voor wat ie is.

Zoals je jezelf ooit onder ogen bent gekomen, heksje. In je eigen spiegel hebt gekeken. Je eigen donkere kanten hebt belicht. Het hoort bij echt wakker worden: Je kunt je ogen niet meer sluiten voor alles wat niet functioneert. Voor de pijn.  Al die ongewenste gevoelens en inzichten……

Zoals in Luigi Pirandello’s toneelstuk “Six personnages en quête d’auteur” ofwel “zes personages op zoek naar een auteur” de dochter van het disfunctionele gezin zegt: ‘En als ik mijn ogen niet meer sluit?’ Geprostitueerd door haar moeder en in die hoedanigheid bezocht IMG_0090.jpgdoor haar vader, rest haar weinig anders dan haar ogen te sluiten…….

De toneelschrijver Pirandello zelf was overigens een fascist. Over oogkleppen gesproken…..

Wakker worden.

Na de behandeling loop ik door het Leidse Hout. Overal politie. Hele stukken afgesloten. ‘Er is iemand met een mes bedreigd. Vandaar. Ze hebben zelfs een helikopter ingezet. Maar ik geloof dat ze em gevangen hebben….’ De vrouw tegenover me ziet er niet bepaald bang uit. Ze heeft dan ook zes hondjes bij zich. Dat scheelt.

‘Ben jij niet die kennis van Lampie? Weet je dat hij onlangs getrouwd is?’ Heks weet van niets. Sinds ik zelden meer in een café kom ben ik verstoken van dergelijk nieuws. ‘En had hij zijn klompen aan bij de ceremonie?’ Ik kan het niet laten, ik moet het weten…. ‘Nee, dat niet, maar hij zag er geweldig uit! Heel apart. Zijn vrouw ook. Het feest was hier in het Theehuis!’ ‘Wat leuk, met zijn jeugdliefde, haha, wie had dat twintig jaar geleden nu kunnen denken?’

Die Lamp is dus echt goed wakker geworden zo te zien: Zijn grote droom is uitgekomen!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Help! Heks hulpeloos zonder hulp! Hulp hopeloos zonder Heks! Hoe moet dat nu verder? We passen er een mooie mouw aan!

‘Heks, heeft mijn baas je al gebeld? Weet je het al?’ Mijn hulp staat hulpeloos in de deuropening. Het is vrijdag twaalf uur. Ze komt me uit de brand helpen, zoals altijd. Twee keer per week!

Ik kijk haar glazig aan. Ik weet van niets. Wat is er aan de hand? Of? Misschien? Een klamme hand slaat om mijn hart. Is haar contract niet verlengd? Raak ik haar kwijt?

Mijn bange vermoedens worden bewaarheid. Er is een gesprek geweest. Vrij plotseling. Hoewel het in de lucht hing.

‘Helaas, helaas, pindakaas, mevrouwtje. U heeft last van uw schouder gehad. En ook, maar dat zeg ik niet tegen u, wilt u niet meer uren gaan werken. U wilt dat wel, maar ik doe net of het niet zo is. Dus geen vast contract. Want dat is waarop het vast zit, maar dat zeg ik natuurlijk niet. Kom over een half jaar maar weer solliciteren……’

Shit, sapperdeflap, krijg nou wat. Heks had het niet verwacht. Tegen alle goede redenen om aan te nemen dat ze geen vast contract zou krijgen in -Niemand krijgt dat bij die club- ging ik er gewoon van uit dat dit voor eeuwig was. Mijn ideale hulp. Mijn aanstormende maatje. Mijn grote hondenvriendin!

We balen allebei. Het is altijd zo gezellig als zij er is en ook mijn thuiszorg vindt het heerlijk om hier te zijn. We delen een grote liefde voor honden en we behoren tot hetzelfde vliegende volkje: Ook zij is een heksje. Een heerlijk nuchtere toverkol. Dus je begrijpt dat er altijd heel wat wordt afgekletst tijdens het schoonmaken.

‘Je gaat er vast op vooruit qua hulp,’ troost ze me, ‘Ik voel me altijd schuldig, omdat we zoveel babbelen….’ Heks betwijfelt het. Als een witte tornado trekt ze al kwebbelend door het huis. Alles wat nodig is wordt gedaan. En indien nodig blijft ze iets langer: ‘We hebben zo lang gepraat. Ik ga toch nog even dweilen….’

‘Zullen we dan nu eindelijk eens samen met onze hondjes gaan wandelen? ‘ We roepen het bijna tegelijkertijd. Al maanden hebben we het hierover. Zowel mijn hulp als ik moesten tot onze schrik dit jaar vrij plotseling afscheid nemen van onze ouwe trouwe viervoeter. En zowel zij als ik hebben in no time een nieuw monster in huis gehaald!

We trekken onze agenda’s en spreken direct af. ‘Anders komt het er niet van en het lijkt me zo leuk als die honden het goed kunnen vinden met elkaar,’ zeggen we tegen elkaar. ‘Ik kan morgenmiddag,’ glimt mijn hulp.  ‘Ik ook,’ jubelt Heks.

Zo spreken we dan om twee uur af bij de golfbaan. De avond ervoor lig ik helemaal om. Ik ga niet naar het koor. En dat doe ik alleen als ik op sterven na dood ben. Niet best dus……. Oh jee. Ik begin te vrezen voor onze hondenwandeling! Dat wordt afbellen. Ik kan nog geen deuk in een pakje boter slaan…..

Gelukkig trek ik die nacht een beetje bij. En bovendien: Ik moet toch met mijn hondje op stap.

Tegen tweeën arriveer ik met mijn ventje in de fietskar bij het basketbalveld naast de golfbaan. In de verte zie ik iemand met een joekel van een Mechelse herder. We zwaaien. Langzaam peddel ik in haar richting. Nu wordt het spannend. Gaan deze blafbeesten vrienden worden?

Ik laat VikThor uit zijn veilige schuilplaats en zet fiets en kar op slot aan een lantarenpaal. We negeren de honden. Voorzichtig draaien ze om elkaar heen. VikThor glijdt op zijn rug. Hij laat zijn mooie stippelbuikje zien. Baris is in zijn nopjes! Een snuffelsessie verder gaan we op stap.

We lopen om het golfveld richting het eilandje in het Joppe. De honden doen het goed. Allengs wennen ze aan elkaars gezelschap en als we halverwege het eilandje zijn rennen ze al samen door het struikgewas. ‘Wat leuk,’ roepen we. En ‘Het gaat zo goed…..’

‘Zullen we ook nog de hele ronde om de golfbaan lopen?’ We hebben tijd genoeg. De hondjes zijn nog steeds op goede viervoet. Vooruit maar. We wandelen langs de gerestaureerde molen van de gekke molenaar. ‘Hij heeft hem in de fik laten vliegen door te draaien tijdens een storm……., dat heb ik gehoord van een andere molenaar.’

‘Hij heeft mij ook wel eens voor domme kut uitgescholden, die leiperd. En gedreigd mijn hond dood te schieten……’ We grinniken. De molenaar heeft een slechte naam onder vrouwelijke hondenbezitters. Het is een psychopatische mafkees met een jachtgeweer. Geen ideale combinatie. En hij heeft ongetwijfeld een klap van zijn eigen molen gehad…..

‘Hij koopt de politie regelmatig om met een paar lekkere hazen heb ik gehoord,’ mijn hulp is ook als de dood voor de schietgrage polderprins. En dat is dan weer niet zonder gevaar…… Angsthazerij wordt keihard afgestraft door die man…….

Als we bij de fietskar komen is het stralend weer geworden. Een lief zonnetje lacht ons tegemoet. ‘Jammer dat ik geen thee bij me heb,’ verzucht Heks. ‘Ga gezellig eventjes met mij mee…’ mijn hulp nodigt me spontaan uit.

Als we later aan de thee zitten, kunnen we er maar niet over uit hoe goed het is gegaan met de honden. Baris ligt voor Pampus in zijn mand en VikThor zit buiten in zijn kar.

Heks wordt verwend met heerlijkheden binnen haar dieet. Fantastisch! Zwarte chocolade met amandelen, kokossnoepjes……. Af en toe komt Baris naast me staan. Ik negeer hem volkomen. Ik heb zelf zo’n hondje gehad. Met een flinke gebruiksaanwijzing!

Dit gedrag buiten is geen probleem, dan kan ik hem gewoon aanhalen. Binnen gelden andere mores. Hier moet ik uitkijken voor mijn vingers….. Tenzij ik hem gewoon in zijn waarde laat……

‘Wat was het gezellig, dit gaan we nog eens doen….’ We hebben allerlei plannen met onze hondjes. Speuren, puzzelen voor honden en wandelen, wandelen, wandelen…….

Over een paar weken krijg ik een andere thuiszorg. Ik kijk er niet naar uit. Ik ga mijn huidige hulp enorm missen! Maar dit is ook erg leuk. Dit gaan we beslist vaker doen!

 

 

Eindelijk is het dan drie uur! We kunnen gaan kijken of de aanloopkat in de Kooij mijn wegloopkat is. Is ze werkelijk in een rechte lijn via de Haarlemmerstraat de stad uit gevlucht? Het lijkt er wel op!

 

Deze foto kreeg ik toegestuurd per sms. Of dit Snuitje is? Nauwelijks te zien, maar onmiskenbaar!

Snuitje poster

Zaterdag 22 oktober krijg ik plotseling bericht dat mijn kat Snuitje bij een paar studenten in de woonkamer zit. Aanvankelijk geloof ik mijn oren niet. Tot nu toe zijn dergelijke berichten nergens op uitgedraaid. Ook is mijn schatje al vanaf 25 juli zoek. Erg lang voor een piepklein poesje op leeftijd. Het zal wel weer loos alarm zijn. Toch ga ik achter de tip aan. Natuurlijk. Je weet maar nooit.

Het is een rare dag, die zaterdag. Eerst haal ik een nat pak, omdat mijn pup in de gracht springt. Daarna moet ik me een ongeluk haasten om droog en wel om drie uur op de stoep te staan bij de studenten.

ENORM UITVERGROOT ZIE JE HET IETS BETER……

Ik stuur een berichtje aan Joy en Boy, mijn grote kattenvrienden. ‘Snuitje is waarschijnlijk terecht. Ik ga vanmiddag kijken of zij het is!’  Dit onvolprezen liefdespaar heeft me enorm geholpen met het zoeken naar Snuitje. Toen ik zelf te druk was met mijn stervende hondje bleef dit stel onverminderd actief speuren naar mijn weglopertje. Overal in de stad hingen zij posters op. Hele straten werden geflyerd…….Ze gluurden door ramen en luiken. Gingen achter elke tip aan…..

Om half drie staan ze voor mijn neus. Ze gaan natuurlijk met me mee! VikThor wordt in de fietskar geladen. Zijn oude behuizing, een katten vervoersmand hangt schoon aan mijn stuur. Daar kan Snuitertje straks in. Als ze het is…..

“Ik ben hartstikke zenuwachtig,’ verwoordt Joy mijn gevoel. We zijn al zo vaak teleurgesteld. Bovendien: Zo’n oud katje, zo lang van huis! Niet gewend aan het buitenleven. Als ze het is, hoe zal ze er aan toe zijn?

In colonne fietsen we de stad uit. Hobeldebobbel langs de Oude Vest richting Haven. Onder de Zijlpoort door over de Singel en in een rechte lijn de Lage Rijndijk op. Tot vlak voor de Spanjaardsbrug.

Hier moeten we zijn. Ergens in deze huizen zit een kat, die verdacht veel op de mijne lijkt. Ik bekijk de gevel. Het opgegeven adres is op de eerste verdieping. Het is tegen drieën. We bellen aan.

Er gebeurt helemaal niets. De deur gaat niet open. Het huis oogt uitgestorven.

Een buurman komt aangelopen. Een oudere jongere zo te zien met wortels in de gabber sien. Hij kent dat katje wel. ‘Ze loopt hier al maanden te miauwen. Je kunt haar heel gemakkelijk over haar buikje aaien, ze gaat er helemaal voor liggen. Die student ligt vast nog in zijn bed…….’

Eindelijk thuis en dan is er die vreemde hond! En waar is Ysbrandt eigenlijk!?

Een buurvrouw voegt zich bij ons. Een vrijgezelle tante met haar op bovenlip en tanden. Ze sjouwt een grote tas boodschappen naar binnen. ‘Ja, die kat is duidelijk verdwaald. Ik heb de dierenambulance een keer gebeld. Maar die zijn niet geweest……’

Wat een verhalen toch weer. Maandenlang miauwen in een paar ienieminituintjes! Hoe is het nu mogelijk dat niemand die kat gewoon een keertje bij het asiel op een chip heeft laten checken? Of eventje heeft gekeken op de site van Amivedi of Mijn dier is zoek? Daar stond mijn schatje levensgroot als vermist geregistreerd. Met een goed lijkende foto!

‘Ik ga toch eventjes aan de achterkant kijken of ik dat gevonden katje in een tuin zie zitten. Of op het balkon bij die studenten…..’ zegt mijn vriendin. Samen met haar liefje spoeden ze zich achterom een brandgang in. Ik blijf verwoed naar de gesloten voordeur staren.

Mijn magische blik lijkt te werken, want plotseling zwaait de deur open. Een frisgewassen jongeman lacht me vriendelijk toe. ‘U bent de dame van de kat. Nou, ik hoop dat het Snuitje is, want ze moet echt  hoognodig naar haar eigen huis. Ze kan helemaal niet overweg met mijn eigen kat. Die zit uit frustratie op het balkon!’

Joy

Ik snel achter hem aan de trap op. Waarschijnlijk brabbel ik iets terug, maar ik zou niet weten wat precies. Ik wil alleen maar naar mijn kat. Als het haar is. Nu. Eindelijk!

Bovenaan de trap is een halletje. En daar komt me een piepklein poesje tegemoet lopen. Ongeveer de helft van Snuitje. Maar het is Snuitje! Echt waar. Er is alleen niet zoveel van haar over…..

Ik pak haar verrukt op, geef haar een knuffel en probeer haar in de vervoersmand te stoppen. Intussen zijn Joy en Boy ook boven gekomen. Hun teleurstelling dat de Cyperse kat op het balkon van de studenten Snuitje niet is, dat het dus weer loos alarm is, maakt plaats voor vreugde. Mijn net hervonden kat ontsnapt in de consternatie en ik moet flink achter haar aan om haar weer te pakken te krijgen.

Ondankbare monsters zijn het toch. Katten. Zo ook deze: Helemaal niet blij om me te zien. Totaal niet geïnteresseerd om naar huis te gaan……

Niet veel later fietst de karavaan weer richting binnenstad. Joy haalt onderweg een taartje voor de heren studenten en voegt zich later weer bij ons. Thuisgekomen komt dochter Pippi direct kijken. Hoera! Moeders is weer terug. Liefdevol geeft ze haar kopjes en likjes. De rest van de katten volgt. Om de beurt koekeloeren ze naar dit magere scharminkeltje. Natuurlijk herkennen ze haar. Maar ze vinden het toch raar. Echt waar.

Het heeft heel wat voeten in de aarde om mijn ouwetje er weer bovenop te krijgen. Een infuus bij de dierenarts. Speciale verrijkte voeding, want ze is eenderde van haar gewicht kwijt. Heel veel rust en speciale aandacht…….

‘Ik voer haar met een theelepeltje. Dat vindt ze fijn. De eerste dagen kreeg ik er bijna niets in. Haar darmpjes lagen helemaal stil. Er zaten een paar keiharde versteende keuteltjes in. Gelukkig is de boel nu weer op gang gekomen. Maar we zijn er nog niet. Ze is nog helemaal niet de oude,’ vertel ik Steenvrouw, als ze bij Snuitje komt kijken.

Ook Trui brengt een bezoekje. Ze was tenslotte bij de geboorte van mijn ouwe kattekop. Haar kat Loetje is namelijk de moeder van Snuit.

En gaat ze het redden? Komt ze er bovenop?

Volgens de dierenarts is ze zo gezond als een vis. Geen gekke dingen. Alleen volledig uitgedroogd en ondervoed…..

Boy

Gek toch dat mensen mijn moeilijk benaderbare panter altijd eten willen geven, terwijl hij er gezond en doorvoed uitziet. Moeiteloos scoort hij muizen en andere kleine beestjes als lunch en tussendoortje. Toch was er laatst weer een buurvrouw die hem zonder zich af te vragen of het beest daadwerkelijk een zwerver is in de kost heeft genomen. Ik heb haar moeten bezweren om ermee op te houden. Op straffe van een bezoek van de wijkagent!

Maar mijn zeer toegankelijke binnenkat Snuitje, oud en uitgemergeld, niet gewend op muizen en vogels te jagen, volledig ondervoed en uitgedroogd…. Geen mens die op het idee kwam om haar te helpen. Maandenlang moest ze zich maar zien te redden. Haar scharminkelige lijfje getuigt hiervan.

Uiteindelijk heeft ze zich permanent toegang verschaft tot het huis van de studenten. Pas zeer recent. En die hebben toen bij toeval een poster zien hangen in de stad. Opgehangen door mijn vrienden. In hun eindeloze ijver om Snuitje thuis te brengen.

Deze week zit ik in de keuken met al mijn katten. Zelfs de panter is van de partij. VikThor stuitert er vrolijk tussendoor. Ik voel Ysbrandts geestige snuit duwen tegen mijn kuiten…… Eindelijk voelt het weer compleet hier in Huize Heks!

en een hele blije Heks


 

 

 

Met je knar in een fietskar is nog niet zo eenvoudig. Heks loopt tegen allemaal praktische problemen aan. Vier fietsen en twee aanhangers verder kan ik er nog steeds niet mee ‘uit de voeten’…….

Zaterdag wil ik uitslapen. VikThor houdt me al nachten uit mijn slaap met zijn kleine plasjes en minipoepjes in de steeg. Ook de afgelopen nacht heeft hij me een aantal keren ruw gewekt uit zoete dromen. Om negen uur houd ik het voor gezien. We gaan ontbijten.

Een uurtje later liggen we alweer te pitten. Heks is moe, maar haar hondje ook! We hebben dan ook een paar intensieve dagen achter de rug. Het is tijd voor een kleine pauze. Zodat mijn ventje kan al zijn energie kan gebruiken om te groeien. Uiteindelijk is dat zijn core business op dit moment.

Al een paar dagen ben ik bezig om te zorgen dat ik met mijn prachtige hondenfietskar kan rijden. Zo heb ik de elektrische Batavis fiets van mijn mamaatje te leen. Helaas interfereert de aansluiting van de kar op de as van de fiets met het beveiligingssysteem van de fiets. ‘Je loopt de kans dat het ding blijft rijden en versnellen op momenten dat je eigenlijk stil wilt staan, levensgevaarlijk!’ aldus de fietsenmaker.

Hij weigert het klusje te klaren. De man heeft met de fabrikant van de fiets gebeld en die heeft de ingreep ten sterkste afgeraden. ‘Veiligheid voor alles, mevrouwtje!’ Hij heeft gelijk. Ik zal iets anders moeten verzinnen.

‘Kan er wel een knop achter het zadel worden bevestigd? Dan hang ik mijn antieke houten Batavis aanhangwagentje erachter. Daar past mijn hondje ook prima in.’ De fietsenmaker krabt achter zijn grote oren.

‘Dat lijkt me geen probleem. Breng de spullen maar langs, dan maak ik het in orde.’ O jee. Die zadelknop ligt nog bij mijn ex. Hij weigerde dit kleine attribuut terug te geven bij het scheiden der boedel. Mijn aan hem uitgeleende kar kreeg ik mee, maar naar de bijbehorende zadelknop kon ik fluiten.

Getreiter natuurlijk. Niet dat hij er iets aan heeft. Tenzij hij em in zijn hol stopt!

‘Misschien heb ik er nog wel ergens eentje liggen. Het is een wat verouderd systeem, dus ik weet het niet zeker. Kom vanmiddag maar eventjes informeren.’ De fietsenmaker keert zijn zolder ondersteboven en vindt geen knop. Pech. Moet hij er weer eentje bestellen. Als ze nog leverbaar zijn tenminste….

Kijk zo heb ik dus intussen vier fietsen. En twee fietskarren. Maar ik kan er nog steeds niet mee fietsen, omdat er telkens iets ontbreekt, niet kan of kapot is. Of verdwenen, ingepikt, vernacheld.

De hele zaterdag houden we rust. ’s Middags fiets ik eventjes met mijn hondje in een tas aan mijn stuur naar een park. Zoals altijd als ik met VikThor wandel zitten er gillende meisjes naar hem te zwaaien. ‘Oh, wat een schatje,’ zwijmelen ze gezamenlijk, ‘Kom maar hier, lekkertje….’ Dronkenlappen hikken vertederd naar mijn hondje. Kleine kinderen lopen in trance achter mijn piepkleine pup aan……

Een puppy brengt licht en tederheid. Vrouwen rammelen massaal met hun eierstokken als begroeting, mannen flirten vrolijk met het baasje van het beestje. Zelfs junks zijn even verlost van hun jeukende Cold Turkey en zuipschuiten vergeten tijdelijk hun drankzucht…..

Overal waar ik met mijn hondje verschijn verdwijnt chagrijn. En dat is fijn.

 

Heks gaat op vakantie:  een weekje Buitenkunst! Het heeft wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk zit ik dan toch in mijn tent!!!

  
Zaterdagmorgen staat Frogs op de stoep. Hij komt me helpen met het inladen van mijn auto. Met zijn pink….. Heks gaat een weekje op vakantie. Kamperen op Buitenkunst. ‘Heb je daar Cowboy niet ooit ontmoet?’ Ja, inderdaad. Twee jaar geleden om precies te zijn. Alleen ga ik nu naar een andere locatie. 

Terwijl Frogs vuilniszakken in de container gooit, de hond uitlaat en wat laatste boodschappen voor me haalt zoek ik me een ongeluk naar m’n brace. Waar is dat ding? Ik heb em pas gisterenavond laat afgedaan!

  

  
Het is al de zoveelste zoekpartij. M’n rijbewijs en autopapieren ben ik een hele dag kwijt geweest. Gisterenavond heb ik me nog suf gezocht naar mijn andere hulpstukken voor de diverse gewrichten. De oplader van mijn Tens apparaat is ook al verdwenen. Kortom: ik kan niets vinden…..

Uiteindelijk zit ik met al mijn teringzooi in Het Gele Gevaar. Ik prop Ysbrandt er nog bij. Die gaat een weekje bij Cowboy logeren. Later dan gepland rijd ik de stad uit. Het is prachtig weer. Het is Gaypride in onze hoofdstad. Gelukkig kan ik er redelijk doorheen komen. Om een uurtje of twee lever ik Varkentje af.

Samen met een recent aangeschafte fietskar. Ik leg mijn lief uit hoe het geval werkt. Leuk! Kunnen ze samen op stap volgende week met de voorspelde hittegolf. Uiteindelijk tuf ik richting Drenthe. Alle beesten verzorgd, mijn handen vrij, mooi weer op komst en een hele week creatief bezig zijn. Joepie!

 Edit   
Als ik op Buitenkunst arriveer krijg ik een kaart van het terrein. Hier staan gezinnen, daar staan pubers en gillende keukenmeiden. Blèrende baby’s zijn er ook. Dat moet ik zien te vermijden. Heks heeft zin in rust. Omdat de dagen vrij hectisch zijn is het prettig om je even terug te trekken…..

Op advies van de dame achter de balie rijd ik naar een kalme hoek. Ik parkeer mijn herstelde voiture en annexeer een plekje in het bos. Bij het opzetten van de tent knapt er een tentstok. Verdraaid! Ik ben een eeuwigheid bezig om de stok te repareren. Vervolgens kom ik er achter dat ik de haringen ben vergeten. Wel klaargelegd maar niet in de auto beland. Natuurlijk geef ik Frogs de schuld. Hij kan zich toch niet verdedigen….

Gelukkig ligt er een pak verse haringen in de auto. Op het laatste moment gekocht en erin gesmeten. Daar kom ik een heel end mee.

Net als de tent staat en alles er zo’n beetje in ligt komt er een juffie van de organisatie. Althans, zo doet ze zich voor. ‘U mag hier helemaal niet staan. U moet daarheen.’ Ze wijst twintig meter verderop. Of ik maar even mijn boeltje wil pakken. Nou, ik dacht het niet!

En dat vertel ik haar ook. ‘Uw collega heeft me deze plek aanbevolen, knappe jongen of meid die me ervandaan krijgt.’ Als ik moet verkassen, ga ik naar huis, denk ik bij mezelf. Het lijkt Ecolony wel. Daar liep een uiterst irritante geitensok achter me aan om me te vertellen wat ik allemaal voor’n schandaligs deed buiten de paden van hun enge regeltjes…… Zoals koffie drinken uit een soepkom. Of tandenpoetsen bij een afwasbak! De man hield daar overigens accuut mee op, toen Frogs zich meldde. Het kan dus ook een onnavolgbare versiertoer zijn geweest. Sommige vrouwen vallen wellicht op betweters…… Hoe onwaarschijnlijk ook!

Nadat ik de vrouw heb verdreven meldt een collega zich. O jee, nu gaan we het krijgen…. Maar nee. De man is uiterst vriendelijk en verontschuldigt zich voor het gedrag van de vrouw. Die heeft helemaal niets te vertellen over het terrein. Hij wel, want hij is de beheerder! De schat brengt me ook nog een zestal haringen. Zo kan ik dan alsnog mijn luifel opzetten….

  

 Als ik mijn tent in kruip ontdek ik dat het luchtbed lek is. Ik blijk een antiek exemplaar te hebben meegenomen. Bij de receptie krijg ik een rolletje Duck Tape. Ik plak het gat dicht en voor de zekerheid ook alle andere gekraakte plekken. Helaas is het ontoereikend. s’Nachts zak ik in no time naar de bodem en daar dobber ik waakslapend tot het ochtendgloren. Goddank heb ik een laagje astronautenschuim om me te redden van de bobbelige koude grond.

Zo is de eerste vakantiedag er eentje vol tegenslag. Maar het beklijft niet. Zo zie je maar weer. Een mens kan best wat hebben. Als de omgeving maar goed is. 

Die avond presenteren alle medewerksters zich in het grote theater, een berg blubber met een tribune ervoor…. We zitten allemaal met onze oortjes te klapperen. Af en toe klinkt er een lachsalvo. Na afloop is er een groot kampvuur. Heks maakt het niet meer mee. Die ligt dan al op de barre grond pogingen te doen om in te slapen……
 Edit