Hoera, het is volop lente! Moeder natuur draagt haar schitterende bruidskleed! Heks kruipt onder haar steen vandaan om naar buiten te gaan…. Ik fiets me suf op die ouwe trouwe Batavus. Met lekker wat trapondersteuning. En fietskar……… Zo redden we het wel op en neer naar het Valkenburgermeertje, mijn kleine hondje en ik!

Zondag fiets ik aan het eind van de middag de stad uit. VikThor zit in zijn kar. In een parkje aan de Singel laat ik hem zwemmen. Het ene bommetje na het andere produceert mijn kleine stoere mannetje. Tot groot vermaak van de omstanders. Het is ook geen gezicht, zo’n vliegende hond.

Zijn laatste kunststukje is direct op de bal duiken, kopje onder gaan en vervolgens met bal in bek weer boven komen. Voorwaar geen sinecure na een vlucht door de lucht!

Vanmorgen hebben we ook al uren in dit park doorgebracht. Nu echter gaan we door. De hete stad uit. Hop, naar het Valkenburgermeertje!

Daar zit Vlinder op me te wachten op een terrasje. Met haar lief. Ze gaat hem aan me voorstellen. Aan de keuringsdienst van waarde zogezegd.

Als ik arriveer zitten ze al breed lachend op me te wachten. Vik springt een gat in de lucht. Hij heeft de diepe liefde van Ysbrandt voor Vlindertje zonder meer overgenomen. Tevreden nestelt hij zich aan haar voeten.

Na een uurtje keuren en kletsen gaan mijn vrienden er vandoor. Goedgekeurd hoor! Heks gaat ook weer fietsen. Ik besluit nog eventjes naar Wassenaar te gaan. Hemelsbreed niet eens zo ver. Prachtig door de weilanden. Langs sloten en vaarten.

VikThor springt sloot in, sloot uit. Hij is toch weer zo gelukkig! In Wassenaar kom ik een paar jongetjes tegen. Een beetje in de leeftijd van de karakters uit Southpark. Eric Cartman en Kyle zeg maar.

‘Mogen wij een keertje met dat balletje gooien?’ vraagt Cartman. Zijn ondeugende koppie kijkt me enthousiast aan. Zijn vriendje staat me ook al te observeren.

Natuurlijk mag dat. Het volgende kwartier zijn de jongetjes druk in de weer met mijn hondje. Die qua hondenjaren ongeveer even oud is. Grappig toch weer!

Als ik terug ben bij het Valkenburgermeertje raak ik aan de praat met een vrouw in een rolstoel. Met hulphond. Ze vertelt me haar halve levensverhaal. Niet zozeer over wat ze mankeert, maar over haar spirituele reis door het leven. Een geschiedenis met veel dieptepunten, tegenwerking en duistere krachten……

Ja, helaas trekt groot licht vaak ook duisternis aan. Zoals motten onweerstaanbaar worden bekoord door een gemiddelde lamp. Heks mag van geluk spreken dat ze niet zo’n licht is……

Alhoewel…. Ik heb ook een flinke dosis duistere idioten te verstouwen gekregen in mijn amoebe-leventje.

Eenmaal terug in Leiden kan ik geen pap meer zeggen. Ik val in slaap zonder te eten of me zelfs maar uit te kleden. De beesten hebben gelukkig wel te eten gekregen.

Uren later word ik wakker. Het is alweer licht. Ik laat de hond uit en eet een banaan. Laat ik maar weer naar bed toe gaan…..

Maandagavond fiets ik alweer naar het Valkenburgermeer. Opnieuw rijden we helemaal door naar Wassenaar. En alweer kom ik jongetjes uit Southpark tegen. Ze springen een gat in de lucht als ze VikThor zien! Ze zien er niet alleen Amerikaans uit,  ze praten het ook. ‘We zitten op de American School of the Hague,’  klessebest Eric opgewekt tegen me.

Ze spreken werkelijk geen woord Nederlands. Een bizar verschijnsel in dit oer Hollandse landschap. Dit landschap van mijn jeugd. Deze weilanden waar ik als kind placht rond te dwalen. Weliswaar net iets oostelijker dan deze polder. Deze kleiklontgrond waar mijn wortels liggen……

De jongetjes hebben de hele middag gevist, maar niks gevangen. ‘We hadden wel tien wormen gevonden, maar het hielp niets,’ verklaart Kyle.

Vervolgens gaan ze als een dolle met mijn hondje aan de gang. Die plonst keer op keer in de vaart. ‘Zal ik ook springen?’ gilt Cartman dan telkens. Van mij mag hij. Het joch is sowieso al kletsnat.

‘Dat komt omdat we dit doen,’ schreeuwt Kyle begeesterd, terwijl hij de emmer water, waar ook vis in had moeten zitten, omkeert boven zijn ondeugende koppie. Cartman volgt zijn voorbeeld. ‘Nou moet ik zeker in de vaart springen,’ krijst hij vrolijk.

Toch springt hij niet. Waarschijnlijk heeft zijn moeder het hem verboden. En haar verbod reikt ver! ‘Het is hier helemaal niet diep, hoor,’ Kyle heeft blijkbaar ervaring op dit gebied. Hij vertelt me een verhaal hierover dat ik niet snap. Niet vanwege de taalbarrière, maar omdat het zulke ongelofelijke kleine-jongetjes-logica is……

Op de terugweg pak ik een terrasje aan het meer. Heerlijk zit ik een uurtje te peinzen temidden van een dampende menigte uitgelaten mensen. Wat een drukte!

De molen van Molenaar!

Op mijn gemakje peddel ik terug naar de stad. Het is genoeg afgekoeld om mijn ventje te laten lopen. We fietsen nog een ommetje door de polder waar ik dan wel ben opgegroeid, de Stevenshofjespolder, langs de molen van Molenaar, maar dan is het toch echt mooi geweest.

Even later fiets ik de warme stad weer in. De terrasjes puilen uit. Het is al negen uur intussen. Thuis plof ik in mijn stoel. Zal ik eventjes gaan liggen? Eerst de beesten eten geven en dan…… Uren later word ik wakker.

Gelukkig heb ik ’s middags warm gegeten. Wijs geworden door een paar dagen overslaan. Even tanden poetsen, hond uitlaten en dan……. weer naar bed gaan.

Heks gaat op bezoek bij een oude vriend en wordt zwaar in verleiding gebracht! Kittens! Boskatjes! Goddank hebben ze een hele goede moeder. En: ik blijk een betere kattenfluisteraar dan ik zelf in de gaten heb……..

20140609-163406-59646476.jpg

Afgelopen week ga ik eventjes bij de boer langs, waar ik ThayThay en Aafje ooit vond. Met nog een derde katje, dat helaas al snel overleed. Heks was ontroostbaar. Maar ze kreeg een Boeddhistische begrafenis hier op het terrein van het klooster. In een heel mooi versierd doosje. Begeleidt door een vrouw, die begrafenisondernemer is in haar dagelijkse leven…..

De boer kijkt raar op, als ik uit mijn knalgele autootje spring. Alsof hij water ziet branden.

>

20140609-165023-60623168.jpg

‘Wat ziet hij er goed uit’, denk ik bij mezelf als hij me breed lachend meetroont naar iets, dat ik MOET zien. ‘Viens voir!’ roept hij, alweer met een stralende lach. Dan zie ik het. Hij heeft een nieuw gebit. Nee, sterker nog: Hij heeft nu een gebit. Vorige keer zaten er niet veel tanden in zijn mond, hetgeen hem jaren ouder maakte. Wat fijn voor hem.

‘Misschien is hij ook wel verliefd’, denk ik bij mezelf, ‘Net als ik en Cowboy…’

20140609-163603-59763167.jpg

We lopen naar de boerderij, Vlak voor de deur volgt de tweede verrassing. KITTENS. Wel zes exemplaren. Prachtige witte boskatjes. Goddank met een moeder deze keer. Wat een schatjes!

‘Ik neem er geen mee naar huis, hoor!’ roep ik uit, alweer in verleiding gebracht. ‘Ik heb het mijn vrienden moeten beloven!’ En Ferguut, de zwarte panter. Als ik weer met een exemplaar aankom gaat hij echt ergens anders wonen, vrees ik. Nou, ik weet het eigenlijk wel zeker.

20140609-163909-59949756.jpg

‘Ik kom nog een keertje langs, dan drinken we iets en gaan we weer over spirituele boeken praten’, beloof ik. Deze man leest alles wat los en vast zit op dat gebied. Vorige keer heeft hij me zijn gehele boekenkast laten zien. Ik was diep onder de indruk. ‘Doe de groeten aan je broer!’ Zo nemen we afscheid. Intussen heb ik al heel wat gegadigden om poesjes te gaan knuffelen. onder andere de non, die net als Heks ook zoveel van katten houdt.

20140609-163957-59997008.jpg

‘Zou je me kunnen helpen met een kat hier in het klooster? vraagt ze, als ze erachter komt, dat ik met katten kan praten. ‘Natuurlijk, wat is het probleem?’ Het blijkt om een jong katertje te gaan, Winston. Sinds enige tijd bijt hij. Venijnig! We bespreken het geval en Heks geeft advies. Volgens mij is Winston boos, omdat zijn moeder, de poezennon, een tijdje op reis is geweest.

20140609-164045-60045648.jpg

De volgende dag steekt hij vlak voor mijn auto de weg over. Ik zie alleen zijn achterkant in de bosjes verdwijnen. maar wat blijkt? Vanaf dat moment bijt hij niet meer! De non is dolblij. later komt zelfs Moeder Overste me bedanken, het nieuws heeft snel de ronde gedaan.

Nou ja, hoe het dan ook gekomen is, belangrijkste is, dat ie niet meer bijt. Ik verdenk mijn gevederde vrienden van zekere interventie. Of misschien ben ik wel een betere kattenfluisteraar dan ik zelf in de gaten heb. Wie zal het zeggen.

Mijn panter is in elk geval al een week niet gesignaleerd door de oppas. Dus daar moet ik ook maar eens grondig mee gaan fluisteren…..

20140609-164115-60075894.jpg