Bloemen houden van mensen. Is dat zo? Hoe komen we daarbij? Weten we dat wel zeker? Heks houdt van bloemen. En van lekker eten. Ik eet niet graag van de vloer, maar nood breekt wet.

Pech, pech, pech. Soms heb je gewoon pech. Heks kookt de sterren van de hemel. Daarna ligt ze een paar uur uit te rusten, want ik ben te moe om te eten. En ik wil natuurlijk genieten van mijn godenmaal. Zo is het ook nog eens een keertje.

Ik geef het vee voer. Op de keukentafel eten Aafje, Pippi, Bolster en Leonoor een maaltje vis met garnalen. In de badkamer zit de boskat. ThayThay krijgt speciaal blaasgruisdieet. Mijn plaskatertje vindt bijna niks lekker qua dieetvoer. Ik heb maar 1 smaak in dit spectrum kunnen vinden, waar hij mondjesmaat van eet. Goddank eet hij wel goed van zijn speciale brokjes.

In de slaapkamer zit boerenridder Ferguut te dineren. Hij krijgt gewoon normaal voer, maar ik moet wel zorgen, dat mijn stokoude piespoesje Snuitje er niet bij kan. Zij heeft een streng nierdieet. Meestal eet ze in haar bench. Daar slaapt ze ook sinds een klein half jaar. Nadat ze me met enige regelmaat midden in de nacht onder heeft gepiest. Ook ben ik wel wakker geworden met een stinkdrol naast mijn oor.

Oh, wat je niet over hebt voor je beestjes. Het is wonderbaarlijk.

De hondjes eten in de keuken. Ze hebben allebei een eigen bak, maar standaard likken ze bij wijze van toetje elkaars bak ook nog even grondig uit.

Nu is Heks aan de beurt. Ik rammel van de honger. Het eten ruikt zo heerlijk! Ik heb echt mijn best gedaan. Snel laad ik mijn dienblad vol. Ik ga lekker voor de televisie eten. Een slechte gewoonte, waar ik van mijn lang zal ze leven niet meer vanaf kom, vrees ik.

Op mijn gemak wandel ik met mijn kostbare vrachtje door mijn heksenhuis. Sublieme geuren kringelen mijn haakneus in. Het water loopt me in de mond. Met mijn elleboog duw ik op de klink van de slaapkamerdeur. Op hetzelfde moment valt mijn gehele maaltijd op de grond. ‘Krak,’ zegt het grote aardewerken bord, als het de houten vloer raakt.

Mijn feestmaaltje ligt over de vloer verspreid. Heks staat er beteuterd naar te kijken. In mijn handen houd ik het frame van het dienblad nog steeds stevig vast. De bodem van het  dienblad ligt ook op de grond, net als mijn maaltje. Een heleboel kleine venijnige spijkertjes steken langs de rand van het blad parmantig de lucht in……

Pech, pech, pech. Soms heb je gewoon pech……

Het doet me denken aan hoe de bodem ooit uit mijn heksenleventje viel. Hoe de levensmaaltijd, die het lot voor mij persoonlijk in petto had, op de grond onder mijn voeten terecht kwam. Hoe vervolgens de bodem onder mijn bestaan uit sloeg. Hoe ik het gevoel kreeg in een vrije val terecht te zijn gekomen. Jarenlang.

Net als in de terugkerende nachtmerrie, die ik had als vierjarig kind. Waarbij ik in een diepe put viel, zonder ooit de bodem te bereiken. Steeds als ik dacht, dat ik er bijna was bleek de put nog dieper te zijn. Viel ik opnieuw, steeds opnieuw. Steeds dieper de put in …….

Naast de put stond mijn poppenkast in de vorm van een grote paddenstoel. Rood met witte stippen. Heks was toen al uit de poppenkast gevallen……….

Nijdig ga ik op zoek naar iets om de troep op te ruimen. ‘Krijg de tering,’ pruttel ik kwaad voor me uit, ‘Ik eet het gewoon op, toevallig heb ik net nog een stofzuiger door de hal gehaald….’

Ik denk maar even niet na over alle beesten met vieze poten, die dagelijks door de gang lopen te paraderen. Ik denk even niet na over enge bacteriën aan smerige schoenen. ‘Ik zet het gewoon net zo lang in de magnetron, tot alle leven eruit is gejaagd,’ mopper ik chagrijnig. Ja, duh. Ik heb honger. Ik heb er lang genoeg op gewacht.

Zo eet ik een kleine tien minuten later alsnog mijn gevallen maaltijd op. Wat kan het schelen? Ik moet toch wat. Een nieuwe maaltijd bereiden zit er echt niet in. Goddank heb ik geen smetvrees. Ik was wel de hele dag mijn handen. maar ik eet dan weer net zo gemakkelijk van de grond……

Soms heb je pech, soms heb je geluk. Soms geluk bij een ongeluk. Nog voor ik de laatste hap naar binnen heb gewerkt gaat de bel. De voorzitster van de atletiekvereniging staat na een halve week toch opeens voor de deur met het beloofde bloemetje. Ik had haar niet meer verwacht. 

©Toverheks.com

©Toverheks.com Het bloemetje!!!!!!

‘Ik heb het wel bij handhaving neergelegd….’ waarschuw ik haar bij het afscheid. Zodat ze het maar uit hun kop laten om me weer bijna de sloot in te drijven, die fanatieke onsterfelijke leden van haar geliefde Olympische vereniging. 

 

In mijn hart zingt een vogel. De gehele dag door. Alle andere dingen zijn niet belangrijk. Kwetsende mensen zijn niet belangrijk. Mijn eigen kwetsbaarheid is niet belangrijk. Alleen de zang van de merel. Zij zong speciaal voor mij.

Vannacht maakt mijn pup me om een uur of zes wakker. Ik ben heel diep in slaap. Midden in een droom. Mijlenver weg. Vanuit het diepste van de dromenzee kom ik bovendrijven. Dobber nog een tijdje verdwaasd tussen brokstukken droom. Hoor opnieuw het geluid, dat me wekte: Freya. Zenuwachtig zit ze te piepen en te hijgen in de bench. Hoge nood waarschijnlijk.

Heks sleept zich naar het voeteneind van haar bed. Gammel zit ik te mopperen op de rand, terwijl ik probeer mezelf te bewegen wat kleren aan te trekken. Ik zal toch echt naar buiten moeten. Opnieuw. Gisteren liep ik ook om half zes door de buurt te wandelen met een hieperdepieperhondje.

Wat gek. Twee nachten op een rij na maanden rust op dit gebied!

Even later ga ik de deur uit. Ik voel me zo verschrikkelijk beroerd, kan nauwelijks uit mijn ogen kijken. Godkolere, wat mankeert dat beest. Draaierig hobbel ik door de steeg naar het eerste beste perk met een ongeduldige Freya rukkend aan de riem. Op het plein van het Elizabeth-Gasthuishof laat ik haar los. Als een bezetene gaat ze ervandoor. Ja, inderdaad: Hoge nood.

Potjandrie. Ik ben instant chagrijnig. Dat is weer een dag naar de klote, want het duurt waarschijnlijk weer uren, voordat ik opnieuw inslaap. Hevig balend sjok ik over een pleintje tussen huizen. Freya sprint als een gestoorde door de perken. Tot ze een plekje vindt dat zich uitstekend leent voor een dikke drol. Zo, dat is ook weer gepiept.

   

Als ik me omdraai om weer naar huis te stiefelen barst ergens een vogel uit in gezang. Ik speur net zo lang totdat ik de zanger spot. Op de nok van een dak verwelkomt een merel de nieuwe dag.

Even kijkt de vogel nieuwsgierig terug naar Heks. Haar piepkleine koppie een beetje scheef. Vervolgens slingert ze haar magische lied opnieuw het ochtendgloren in. Een blok verder wordt haar lokroep beantwoord door een leuk gevleugeld kereltje.

Als aan de grond genageld sta ik te luisteren. De vogel zingt regelecht mijn hart in. Mijn hele wezen vult zich met geluk. Het gemopper en de boze bui zijn vergeten. Ik wandel een magisch landschap in. Een andere dimensie. Traag en tevreden wandel ik door de morgenstond. Vanuit mijn hart vloeit gouden licht door mijn hele lijf. Alles is goed.

Vergeten de frustraties en verdrietigheden, waar ik al tijden mee kamp. Geen sprankje woede te bekennen in mijn gloeiende lijf. Wat heerlijk, dit moment van genade. Wat ontzettend fijn om in het nu te zijn. Waar geen lijden is en geen verwarring. Alleen het gezang van mijn gevederde vrienden.

Geluk is slechts een ademtocht van je verwijderd. Altijd. Waarom vergeet ik dat toch steeds?

Vanmorgen ben ik toch enorm brak. Halfzacht tuf ik met de scootmobiel naar een parkje. De stad is afgeladen vol mensen. Ze letten helemaal nergens op.

Op de terugweg loopt er een hardloper voor me uit door de steeg te huppelen. De man heeft totaal geen techniek en elke stap is anders. Ook zwalkt hij lichtelijk van links naar rechts, alsof hij een flinke neut heeft gedronken van tevoren.

Heks blijft flink achter, zodat ik hem niet hoef te passeren. Vandaag wil ik alle problemen vermijden. Maar wat een schrik, het kereltje draait zich plotseling om net als ik een in de smalle steeg geparkeerde vrachtwagen passeer. Hij komt regelrecht op me af gezwalkt!

‘Kun je asjeblieft een straatje omlopen, ik ben expres achter gebleven om contact met je te vermijden. Het is hier erg smal en je kunt onmogelijk anderhalve meter afstand bewaren….’ roept Heks paniekerig. Ik zet mijn scootmobiel in zijn achteruit in een poging contact te vermijden met die gek.

De jongeman steekt nog net niet zijn middelvinger in de lucht. Vervolgens rent hij rakelings langs een verschrikte Heks. Hevig hijgend. Wat een eikel.

De dag begint weer goed.

Als ik even later de scootmobiel in de berging parkeer schiet het onding weer met een noodvaart naar achter. Ondanks herhaaldelijk verzoek iets te doen aan de zogenaamde slakkenstand van dit apparaat, rijdt het ding nog steeds keihard in zijn achteruit. Ik knal met een rotvaart tegen mijn fietskar aan. 

‘Krak,’ zegt de behuizing van de scootmobiel. En voor de tweede keer in een paar maanden heb ik flink schade aan mijn invalidenwagentje. 

Denk nu niet, dat Heks niet kan manoeuvreren met dat ding. Ook een medewerker van het verhuurbedrijf had laatst de grooste moeite om ditzelfde apparaat in mijn berging te parkeren. Dat ging toen maar net goed.

Ik plak de achterkant weer in elkaar met ducktape. Ik ga em niet meer laten repareren, de kans dat ik weer schade rijd is gewoon te groot. Het is overigens elke keer iets met dit apparaat. Bijna wekelijks komt er een mannetje van het verhuurbedrijf een wiel vastzetten, of het stuur bijstellen……

Misschien moet ik me toch eens beraden op een ander vervoermiddel. Een elektrische bakfiets bijvoorbeeld. Die vallen ook niet zo snel om. 

Bovendien kunnen mijn hondjes dan gewoon voorin zitten. Het zal me ook al dat gezeik schelen van wildvreemde mensen, die me de ene keer zien fietsen of lopen en de volgende keer in een invalidenwagen zien rondcrossen.

‘Ik zag u vorige week in een scootmobiel en nu loopt u gewoon!!!!!’ roept een oud dametjes onlangs beschuldigend, als ik door het Leidse Hout wandel. Ze is hier niet van gediend. Wat zijn dit voor’n praktijken?

In mijn hart zingt een vogel. De gehele dag door. Alle andere dingen zijn niet belangrijk. Kwetsende mensen zijn niet belangrijk. Mijn eigen kwetsbaarheid is niet belangrijk. Alleen de zang van de merel. Zij zong speciaal voor mij.

 

 

Vreemde vogels en ijsvogels. Het magische getal 69. Gesprekken met Jan en Alleman. En Allevrouw. Heksje, mijn gekje, ik hou van jou.

Wat is er toch aan de hand met Heks? De hele wereld kletskoust tegen me aan deze week. Normaal gesproken leuter ik al heel wat af in de Leidse parken, maar de afgelopen week spant qua verbale interactie met mijn mede-Leidenaars de kroon.

Zo kom ik een leuke vent tegen met een hele dikke buik, die net als Heks al een eeuwigheid met ME dealt. De raarste dingen heeft hij meegemaakt. Zo is hij meermalen op de intensif care beland met hartritmestoornissen na het gebruiken antidepressiva.

Medicatie waar ik me dus geheel terecht altijd met hand en tand tegen verzet. ME patiënten hebben vaak een afwijking aan hun hart, waardoor ze bijvoorbeeld niet lang overeind kunnen blijven staan. Heks haat het ook om lang stil te staan.

Neem nu douchen. Jarenlang was dat voor mij een enorm gevecht. Uren zat ik moed te verzamelen voor zo’n opfrisbeurt en vaak sloeg ik het maar helemaal over. Maar sinds ik een douchestoel heb ga ik weer dagelijks lekker badderen.

Ook kom ik een vrouw tegen met een lastige hond. Hij rijdt op alles wat beweegt en blaft. Als hij de kans krijgt tenminste. De vrouw wordt er helemaal gek van. ‘Het is al mijn negende hond, dus ik ben niet bepaald onervaren…..’ vertelt ze me wanhopig. We praten een hele tijd, ze is zo blij als een kind, dat Heks de tijd voor haar neemt. Haar gesloten gezicht gaat helemaal open.

Vanmorgen ontmoet ik een oude dame in een klein park hier om de hoek. Ze loopt met een wandelstok, die ze woest in de lucht prikt als mensen niet genoeg afstand houden. Het is een geweldig pittige tante.

Het gesprek gaat alle kanten op, de vrouw heeft echt geleefd. En ze is superslim. ‘Ik heb jaren in de bezette gebieden gewoond tussen de Palestijnen. Stiekem. Ik had behoefte aan verandering, vandaar. Die mensen hebben vast nog geen vaccinatie gehad,’ vertelt ze naar aanleiding van mijn opmerking, dat in Israël bijna iedereen is gevaccineerd.

Als ze me verteld, dat ze 85 jaar oud is val ik bijna om van verbazing. Ongelofelijk! Ze maakt een beduidend jongere indruk.

Ik scheur me los van het gesprek, omdat ik op tijd thuis moet zijn voor de thuiszorg. Een vliegensvlug jong meisje komt mijn huis aan kant maken.

Vanmiddag fiets ik met kar door het Park van Noord. Een man zit op een elektrische gitaar met piepkleine versterker in het zonnetje op het vlonder van het theehuis heerlijk muziek te maken. ‘Klinkt lekker,’ roept Heks. En hopla: Weer een speciaal gesprek.

‘ik heb een tuinhuisje hier in het volkstuincomplex. Ik was in de Pyreneeën me dit of me dat aan het doen en toen dacht ik: Ik wil naar huis. Ik wil naar het Westen. Want daarvoor woonde ik met me zus en me zo in het Oosten van het land. Dus ik riep tegen de kosmos: Ik wil dat!’

‘Word ik gebeld, dat mijn vader is overleden. Krijg ik dat tuinhuisje. Heb ik opeens een plekje in het Westen. Het staat vol instrumenten. Kom eens langs! Ik ben Boeddhist. Me zus en me zo.’ De man vertelt er lustig op los. Echt luisteren, als ik iets terug zeg is er niet bij. Hij heeft stomweg teveel te vertellen.

‘Mijn huisje is nummer 69.’ Heks schiet in de lach. De man heeft me net enorm staat uitlachen om mijn vreemdsoortige naam. Nu is het mijn beurt. ‘Dat onthoud ik wel. Soixante neuf.’

‘Haha,’ lacht ook de man, hij heet Ar(t)Jan, ‘Ik ben niet libidood, maar deze tempel -hij wijst op zijn lichaam- komt alleen in actie als ik er echt helemaal achter sta….’

Wat een heerlijke kerel. ‘Ik heb laatst in de krant gestaan, zo’n artikel -hij spreidt zijn armen- omdat ik ijsvogeltjes red. Zoek het maar op op internet.’ En dat doe ik. Ik weet, dat er ijsvogeltjes zitten in het park van Noord. Wat fijn, dat hij ze voor een wisse dood heeft behoed tijdens de heftige vorstperiode onlangs.

Heks is blij met al deze positieve interactie. Mijn leventje is zo klein en alenig tegenwoordig. Ellendige incidenten, zoals afgelopen week met die gestoorde hardlopers, kunnen me dan enorm parten spelen. Maar hier kikker ik van op. Hop.

Ja Heks, gewoon doorgaan. Houd je kop er bovenop!

Aanslag op Heks. Nietsontziende groep hardlopers zeer vermoedelijk van de lokale atletiekvereniging wil dat ik de sloot in spring. Om mezelf te redden van hun gehijg. Mijn humeur is al niet te best na een overdosis Ruttekutte op televisie. Hun regelrechte aanval nekt me. Heks is dagen van slag. En nu maar weer zien of ik niks heb overgehouden aan de over me heen gesproeide aerosolen van mijn sportieve medemens. Het Olympisch gedachtengoed is in elk geval ver te zoeken bij deze asociale sportievelingen.

Heks vermijdt nieuwsprogramma’s en talkshows. Al dat geklets over de geweldige overwinning van Rutte stuit me tegen de borst. Dat die man nog steeds zijn gezicht durft te vertonen na de toeslagenaffaire is me een raadsel. Het moet dus wel een narcist zijn. Kan gewoon niet anders. Niet van het flamboyante type, want er weinig flamboyants te ontdekken aan die saaie drol. Ik gok op een thin skinned narcist.

‘Hij heeft er geen nacht minder om geslapen. Hij noemt het een smet op zijn regeerperiode. Een smet! Rettektet! “Hij manoeuvreert zo goed door alles heen”, zegt een oud mannetje in een wervingsreclame. Ja! Zo glad als een aal! Een huid als een olifant! Hij geeft altijd de schuld aan anderen en neemt nergens verantwoording voor. Ook liegt hij dat het gedrukt staat. Met zijn onnozele lachebekje… Bah!’ moppert Heks tegen haar vrienden.

Natuurlijk ben ik gaan stemmen. ‘Als je niet stemt geef je je stem aan de tegenpartij,’ riep mijn opa altijd. Hij zat tot aan zijn oren in de gemeentepolitiek. Je kon hem niet nijdiger maken dan door niet te gaan stemmen. En de man had gelijk. Het is een enorm voorrecht. Wij vrouwen hebben er lang genoeg voor moeten strijden.

Helaas zijn er hele volksstammen, die hun stem zomaar weggeven. Voornamelijk in het minder bedeelde segment van de samenleving. Ja, zo komen we natuurlijk nooit van die Rutte af…….

Maar goed, Heks zag de bui al maanden hangen. Hoe die mafkees zo populair kan blijven is me een raadsel. Zo goed doen we het nu ook weer niet met de Coronacrisis. Er zijn na drie maanden bijvoorbeeld pas 400.000 mensen volledig gevaccineerd. Te gek voor woorden natuurlijk. Enorme bedragen worden in de luchtvaart gepompt. Hadden ze beter in wat extra vaccins kunnen investeren.

Woensdag loop ik een rondje in het Leidse Hout. Ik probeer regelmatig een wandeling te maken, om mijn lijf een beetje op peil te houden. De ene week lukt het beter dan de andere. Het ligt een beetje aan de staat van mijn gewrichten. Of ze min of meer in de kom zitten. Dat loopt zoveel gemakkelijker.

Op een klein smal pad met aan weerszijden een sloot komt een grote groep hardlopers vanuit het niets tevoorschijn. Heks kan geen kant op. ‘Afstand houden, ga terug en neem een andere route,’ roep ik verschrikt. Vervolgens dendert de groep over me heen. Hevig hijgend. ‘Spring maar in de sloot,’ roept er eentje. Hilariteit alom, behalve bij Heks. Ik ben in  paniek. Ik kan echt geen kant op.

Ik bel de politie. ‘Leg het bij handhaving neer, dit is inderdaad niet de bedoeling..’ een hele aardige agente staat me te woord. Echt een schat. Ze weet me te kalmeren, maar helaas kan ze op dat moment weinig voor me doen. ‘Schrijf handhaving een brief, dan gaan ze op grond van uw klacht extra patrouilleren in dat park. U kunt dit doen via de site van de gemeente….’

De hele avond ben ik van slag. Onder de voet gelopen door leden van de lokale atletiekvereniging. Ik weet bijna zeker, dat die groep daar vandaan kwam, omdat ik al eerder problemen heb ondervonden met de leden van dit Olympische clubje. Zeer regelmatig zelfs. Hoe vaak ik me niet uit de voeten heb gemaakt, omdat er een club fanatiekelingen me op een smal pad tegemoet denderde!

Afgelopen week ben ik al een keertje op stel en sprong de bosjes in gedoken, omdat er een grote groep pubers vanuit bet blinde niks rakelings langs me heen galoppeerde. Op een smal pad. Even later ziet Heks hen linea recta terug rennen naar de baan van Leiden Atletiek.

‘Het mag, omdat het kinderen zijn,’ schreeuwt 1 van de begeleiders hevig hijgend in antwoord op mijn protest. Er liepen ook genoeg volwassenen tussen voor een besmetting. En kinderen kunnen het virus toch gewoon overdragen of ben ik nu gek?

Heks is als de dood om op de valreep toch nog Corona te krijgen. Mensen letten helemaal nergens meer op. Afgelopen week stuit ik bijvoorbeeld op een grote bijeenkomst rondom ons nationale kleutertje Baudet. Hij legt blijkbaar bloemen bij Molen de Valk. In een laatste poging nog wat kiezers binnen te harken. Geen idee of het gelukt is, want ik mijd het nieuws al een paar dagen.

Het plein wemelt van de mensen en agenten. Mondkapjes? Nooit van gehoord. Ik kan mijn ogen niet geloven. Gelukkig zit ik in mijn auto. Je zult er maar per ongeluk in verzeild raken!

Gisteren schrijf ik een mail naar de atletiekvereniging. Een ultieme poging om wat verstand in die nietsontziende sporters te krijgen. En ik krijg zowaar een goede reactie! De voorzitster van de vereniging stuurt een uitgebreid excuus. Ze gaat uitzoeken welke groep zich niet aan de Coronaregels houdt. Ook zegt ze toe actie te ondernemen. Tot slot wil ze een bloemetje komen bezorgen….. Goedmakertje voor de schrik.

Ik zou liever zien, dat de atletiekverening gewoon zou hardlopen op hun prachtige atletiekbaan. Aerosolen vliegen met gemak 8 meter door de lucht, dus veilig sporten op die smalle paadjes van het Leidse Hout is gewoonweg onmogelijk. Met zingen heb je hetzelfde probleem. Mijn koor zingt al een jaar online. Geen bal aan natuurlijk, maar we moeten nu eenmaal allemaal inleveren in deze ellendige tijd……

 

 

 

Yes, yes, yes, Heks gaat op reis met de Oriënt Express. Reken maar van Yes. Als de Grote Verdoving voorbij is. Als we door een vaccin wakkergekust, geheel ontwaakt, naakt voor de goden staan. Valt er dan wat te kiezen?

‘Wat ga jij stemmen? Mag ik dat vragen?’ informeert de man met hond tegenover me. In een Leids park. Op een suffe donderdag. Mijn gesprekspartner is een Wappie. Ik vergeet steeds, dat zijn charmante warhoofd vol complottheorieën zit. Een normaal gesprek valt eigenlijk niet met hem te voeren, leert de ervaring.

Sowieso lijkt een verbale poging tot uitwisseling met hem totaal niet op een gesprek. Hij begint al snel allerlei kretologische onzin te debiteren. Op een licht schreeuwerig geluidsniveau. Heks houdt het nooit lang uit met hem. Ook vandaag probeer ik te ontsnappen, maar er is geen ontkomen aan.

‘Ik mag niet stemmen, omdat ik geen Nederlands paspoort heb,’ blaat hij opgewonden verder, ‘maar als ik zou kunnen stemmen, werd het Forum voor Democratie!’ Daar staat Heks dan toch weer van te kijken. Serieus? Meen je dat nu? Ik heb nog nooit zo’n zotte Forum stemmer in het wild ontmoet…..

‘Thierry Baudet is toch zo geweldig, bladiebla,’ ratelt Wappie recht in mijn gezicht. Ik heb mijn scootmobiel al drie keer verplaatst, maar de man blijft mijn veilige cirkel met voeten treden. Ik rijd maar weer een stuk naar achter.

‘Ik ben echt blij, dat je niet mag stemmen,’ geef ik hem streng zijn vet, ‘Baudet is een ongelofelijke idioot. Ik ben lid van de Facebookgroep Baudet legt ergens bloemen. Kunnen we nog een beetje lachten met zijn allen om die kwezel. Is hij toch nog ergens goed voor.’

‘Niet dat hij iets klaar gaat maken, hoor, met de verkiezingen. De zotteklap heeft zichzelf zo oneindig belachelijk gemaakt de afgelopen winter. Geen weldenkend mens gaat nog op die gek stemmen….’

Ja, de verkiezingen. Heks baalt ervan als een stekker. Weer jarenlang die KutRutte voor de boeg. Bovenaan in de peilingen. Schaamteloos zit hij leuk te doen in koffietijd en andere suffe televisieprogramma’s. Die domme dozen van koffietijd gaan gewoon mee in zijn frivole geëikel. Leuk voor al die slachtoffers van de toeslagenaffaire.

Meestal vrouwen, omdat zij, zo is uit onderzoek gebleken, de toeslagen regelden en ervoor tekenden. Waardoor ze onterecht als fraudeur werden bestempeld. Komt die Ruttekutte in hun televisieprogramma ook nog eens de lolbroek uithangen…..

Heks kijkt nooit naar Koffietijd. Ik verneem in een ander programma over de praktijken van Quinty en Loretta. Brrr.

Rutte moet oprotten. Rutte moet weg. Geen VVD meer. Geen asociale zakkenvullers meer. Geen regenten meer aan onze centen. Geen VOCpraktijken meer, waarvoor de gehele Nederlandse bevolking zich dan eeuwen later naar Jan en Alleman moet verontschuldigen……..

Heks gaat haar laatste levensfase in en dat is maar goed ook. Mijn eeuwige idealisme is gesmolten als sneeuw voor de zon de afgelopen jaren. Ik zie de mens nu voor wat hij of zij is. Dom. Inhalig. De plaag van deze blauwe planeet. Onze Grote Moeder. Die we verachten en verkrachten…..

Maar goed, je kunt er natuurlijk ook om lachen. Om al dat gekonkel de laatste weken rondom de Coronaregels. Nog eventjes snel punten scoren bij de ongeduldige bevolking met versoepelingen links en rechts, ook al lopen de cijfers gezellig op.

Heks zit dan ook vaak te lachen voor de televisie tijdens het journaal. Ook bescheur ik me met enige regelmaat om de idiote berichten in de krant. Echt. Uit lijfsbehoud.

Ach, ik ben al te lang niet eens een keertje lekker beetgepakt. Ik zie zelden iemand. Op zondag wandel ik vaak met Annabel. Gelukkig. Dat wel. Dus ik spreek niet alleen maar Wappies met honden, die me achtervolgen met hun complottheorieën.

Ook laat Steenvrouw zich met enige regelmaat testen op Corona. Niet dat ze klachten heeft. Ze doet dit, zodat ze mondkaperij bij me op de kopie kan komen. Heks vindt haar dubieuze praktijken hilarisch. Daar zijn die testjes vast niet voor bedoeld! Maar wat is het gezellig om weer eens onbezorgd kletspraatje maken aan de keukentafel……

Ook heb deze week een mooie aquarel gekregen van mijn buurvrouwen. Een paar lieve studentes, bij wie ik sinds kort mijn krant in de bus gooi, als ik em uit heb. Vaak na louter kruiselings lezen….

En ik ben weer een leuke vent tegen gekomen van 95. Een oude schoolmeester. Hij is zeer kwiek, fietst nog vrolijk in de rondte. Het is een bezig baasje. Zo organiseert hij bijvoorbeeld speelgoedtentoonstellingen in oude kastelen.

Heks heeft een mooie tekening van hem gekregen. Zomaar spontaan. Midden op straat. Van de Oriënt Express.

Magiër plant dromen in mijn hoofd. Wat wordt me beloofd? En wat geloof ik?

Daar zou ik nog wel eens een keertje mee naar Wladiwostok willen reizen. Het zit er voorlopig niet in, maar wie weet ooit!

Als de verdoving is uitgewerkt. De mondiale Coronaverdoving.

Heks gaat schaatsen, ijs en weder dienende. Zwart spiegelglad zingend ijs…. Heks krijgt de hoofdprijs! Ze betaalt ook een prijs. Vandaag en de komende weken. Maar daar wordt niet over gezeken!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Aan het eind van de middag schuifel ik door een snottig bos. Overal halfbevroren hompen sneeuw, de paden een aangestampte glijbaan, grote plassen water op het hondenuitlaatveld, de bosgrond nog bedekt met een dikke laag smurfsneeuw…….. Heks moet goed uitkijken, dat ze niet onderuit gaat.

De hondjes hebben er geen last van. Frank en vrij rennen ze door het bos. De paden vermijden ze, zie ik. Glibberen is niks voor hondenpootjes. Ze hebben liever vaste grond onder de voeten.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Heks beweegt traag als een slak op haar gemak. Een grote ronde weet ik er uit te persen. De koek is namelijk enorm op na een paar dagen schaatsen. Jawel, je leest het goed: Heks heeft geschaatst. Elke dag een uurtje.

Donderdag ga ik op aanraden van mijn oude schaatsmaat eens kijken in een natuurgebied aan de andere kant van de A4. In feite ligt het gebied pal tegen deze snelweg aan. Nu ligt natuurlijk elk natuurgebied in Nederland min of meer tegen een snelweg aan….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik vind een grote brede plas water met bobbelig ijs, waar intussen een aantal mensen aan het rondkrabbelen is. Er is een houten vlonder, waar ik mijn schaatsen aan kan trekken. Eerst doe ik een flinterdun sokje aan. Dan wurm ik me in mijn te kleine schaatsen, een flinke maat te klein, zo zitten ze als aan mijn voet gegoten…….

En dan nu maar eens kijken of ik het nog kan. Met mijn halvezolige lijf. Gaat het me nog lukken? Ik heb uren moed zitten verzamelen. Gaat die me in de schoenen zinken nu? Of beter gezegd in de schaatsen?

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zodra ik het ijs op stap is er niks meer aan de hand. Ik sta zoals altijd mooi recht op mijn hoge noren. Mijn enkels zijn nog steeds van beton. Geen gezwik of gekreupel. Rustig steek ik van wal. Glij over het bobbelige ijs naar de andere kant van de plas. De hondjes rennen mee in het aangrenzende weiland. ‘Wat is ze nu weer aan het doen?’ zie je VikThor denken.

Het is heerlijk weer. Het zonnetje schijnt. De wereld is van glas. Het ijs kraakt en zingt. Heks is gelukkig.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

In de verte het Alrijne ziekenhuis vol Covid patiënten. Een andere wereld. Een wereld, waar ik niet wil belanden. Afstand houden dus. Met een grote boog om iedereen heen zwieren. Prima te doen.

Met elke slag kom ik meer in mijn slag. Ik voel mijn benen ritmisch onder me bewegen. Ik zit niet meer zo diep als vroeger. Ik maak niet meer zulke klappers. Maar ik rijd technisch nog steeds goed. Het gevoel groeit. Na een uurtje gaat het echt heel lekker, ondanks de bobbels.

Vrijdag ga ik met de Blonde op stap. Ik haal hem op met de kanariepiet. Hij zit achterin met net als Heks een mondkapje op. De ramen staan wagenwijd open. ‘Zo lopen we geen gevaar, het is ook maar een klein stukje…..’ We rijden de Hollandse polder in.

Bij Hoogmade zien we mensen schaatsen op de Does. Het brede water is spiegelglad opgevroren. Pikzwart ijs. Dat ziet er prima uit! Ik rijd het dorp in, langs de uitgebrande kerk, richting het cafe, waar we altijd inschrijven voor molentochten. Een stukje verder parkeer ik mijn ieniemini-autootje op het enige overgebleven piepkleine plekje aan het water.

©Toverheks.com

©Toverheks.com Schaatsen met pleisters…….

Het zonnetje schijnt, maar er staat een straffe noordoostenwind. Met die wind in de rug vlieg je over het ijs. Maar terug is het moeizaam harken. Als we wind mee hebben, hebben we de zon tegen. Genadeloos verblindt het witte licht elk zicht op de her en der aanwezige scheuren. De Blonde gaat meermalen op zijn plaat. Heks niet. Zij heeft een zonnebril op haar kop.

De wind is zo koud, dat mijn neus er bijna af vriest als ik em tegen heb. Maar toch: Oh, wat heerlijk!!!! We genieten. Een aantal keer schaatsen we heen en weer. Ik kan het nog steeds, ondanks alle fysieke ellende.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik schaats gemakkelijker, dan dat ik loop,’ vertrouw ik de Blonde toe, ‘Misschien ga ik toch weer elke week een keertje op de ijsbaan rijden volgende winter. Ga ik er gewoon op de scootmobiel heen…. Wat kan mij het schelen, wat iemand ervan denkt…..’

Zaterdag rijd ik de stad uit richting polder. Op de brug bij de Zijl werp ik een blik opzij en zie tot mijn verbazing, dat er flink op wordt geschaatst. Ha! Ik draai direct met een grote bocht richting Zijldijk. Daar parkeer ik mijn kanariepietje pal achter een paar salonboten. De hondjes moeten een uurtje wachten, want de vrouw gaat opnieuw het ijs op!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een geweldig uur schaats ik heen en weer. Mijn lijf voelt heel behoorlijk, ik heb dan ook enorm lang geslapen na een bad met magnesiumzout. De boel is aardig ontspannen. Een stelletje jongens op hockeyschaatsen doen een wedstrijdje. Ze gaan zo hard als ze kunnen. Heks zoeft er ontspannen langs….. Als vanouds!

Helaas ga ik aan het eind op mijn toeter. Er steekt iets uit het ijs waar mijn schaats in haakt en BAM! Ik lig gestrekt. Misselijkmakende pijn in knie en heup. Hopelijk geen blijvende schade…..

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik schaats nog een keertje op en neer, om de pijn te negeren. En ook om te zorgen, dat ik niet bang word om in de toekomst het ijs op te gaan. Ik wil afscheid nemen met een goed gevoel.

Zondag schaats ik nog een keertje op de Zijl. Helaas is mijn lijf er wel klaar mee. Zo ontspannen als mijn ruggetje gisteren voelde, zo’n overspannen opgedraaide veer is mijn rug deze keer. Hoe ik ook als een balletje boven mijn schaatsen ga hangen, de pijn komt toch steeds om de hoek kijken. Toch lekker, ondanks de pijn.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Pijn kan ik altijd goed wegzetten. Ik heb het meeste moeite met mijn gebrek aan energie…..’ zeg ik altijd tegen Jan en Alleman. En het is waar.

De koek is dus op en het gaat direct dooien. Nou, mooi toch? Zit ik me in elk geval niet te verbijten, dat er overal fantastisch ijs ligt en ik de puf niet heb om er van te genieten….

Buiten het schaatsen doe ik niets. Behalve de hondjes uitlaten. Dat moet natuurlijk toch gebeuren. Zondag ga ik nog een uurtje met Kras op stap. Ik heb de auto bij haar huis geparkeerd, ze woont namelijk naast de Zijl.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik had vroeger houten noren, die bond ik dan onder mijn orthopedische schoenen! Op die manier heb ik toch echt molentochten van 40 kilometer gereden. Hartstikke leuk!’ Kijk, nog iemand, die zich niet laat tegenhouden door fysieke beperkingen. Voor wie die beperkingen een uitdaging zijn……

©Blonde Buurman

©Blonde Buurman

Maar oh, wat is de koek op. Buiten het schaatsen doe ik niets. En ook vandaag komt er weinig uit qua activiteit. Een snotronde door een snotbos. Met hele drukke wilde hondjes. En verder lekker in bed liggen liggen. Bijtrekken, bijtrekken. Wachten tot alle spieren weer uit de knoop zijn. De blauwe plekken een beetje vervaagd. Mijn knie weer aanraakbaar.

Op de plaats rust.

 

©Blonde Buurman

©Blonde Buurman

 

©Toverheks.com

©Toverheks.com

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Nieuwe trailer Heksenketelmovies. Hondjes zijn gek op sneeuwballen!!!! Komt dat zien!!!!!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

Heks is een mevrouw. Maar wel een typisch type. Ik wil niet zitten miepen. Of zeuren, mekkeren, griepen. Ik val nu eenmaal op met mijn lange lijf en heksenkop. Maar wil ik op TV? Nou, nee.

‘Mevrouw, mag ik u iets vragen?’ Heks loopt gehaast door de Haarlemmerstraat. Een kilometer koopplezier, maar nu even niet. Al maanden niet. Desondanks is het er meestal best druk. Vandaag niet. Het regent de halve dag al pijpenstelen. Het knapt een beetje op nu. Maar lekker is anders.

Ik loop gehuld in mijn waxjas met twee hondjes aan de riem. Een pak rauwe cashewnoten onder mijn arm. Ik ben bezig met een listig veganistisch tomatensoepje. Mijn hoofd is bij dat soepje. ‘Ik ga eerst even naar de duinen met mijn blaffers, dan maak ik die soep daarna wel af..’ 

Nog eens: ‘Mevrouw, mevrouw…’ Ik draai me om. Ik ben natuurlijk die mevrouw, ook al voel ik me een jongedame. Voor me staat zo’n jongedame. Een echte. Een leuk fris gezicht. ‘Mag ik u iets vragen?’

Natuurlijk. Vragen staat vrij. Maar het weigeren erbij…….

‘Wij maken een televisieprogramma en ik wil graag dat u mee doet,’ begint ze een heel verhaal af te steken. ‘Nee, nee,’ roept Heks direct. Ik moet er echt niet aan denken.

Een groot voornemen van me is om nooit op TV te komen in mijn leventje. Maar zie dat maar eens voor elkaar te krijgen. Dat valt nog niet mee. Ik heb al eerder medewerking aan een programma geweigerd. Dat was een volstrekt idioot concept rondom een rare weddenschap. Maar zoals vermeld: Geweigerd.

Ik raak aan de praat met de dame tegenover me. Wat een leuke meid! Enthousiast vertelt ze me op verzoek, waar het programma over gaat. ‘Het heet Typisch. Het wordt uitgezonden op NPO2. We gaan nu mensen met honden volgen rondom de avondklok. Ik zag u voorbij komen met uw hondjes, dus ik dacht….’

Ze kijkt een beetje teleurgesteld. Ja, zo’n rare Heks met bontmuts en grote waxjas doet het vast goed op televisie. Maar ik laat me niet verbakken. Wel maak ik een uitgebreid praatje met haar. ‘Hoe heet je?’ vraagt ze me bij het afscheid. Als ik mijn naam zeg, kijkt ze me verbouwereerd aan. 

‘Iemand, een vrouw, die een blog schrijft over winkelend Leiden (Meen ik me te herinneren, het kan ook iets anders zijn) noemde uw naam. Voornaam en achternaam. Ja, echt.’ Nu kijkt Heks verbouwereerd. Wie kan dat nu weer geweest zijn?

‘Ja, u schrijft dat blog, dat vertelde ze er ook bij. Volgens haar moest ik u hebben voor dit programma. Maar als u er geen zin in hebt, dan moet u het echt niet doen, hoor.’

Heks heeft er geen zin in. De ervaring leert, dat zulke dingen je jaren kunnen achtervolgen. Ik heb er ook de energie niet voor. ‘Ik moet altijd kiezen, waar ik mijn energie aan besteed, want ik heb maar heel weinig,’ zeg ik tot slot.

Een kwartier later loop ik in de duinen. Het is er uitgestorven, heerlijk! Ik word helemaal gek van die overbevolkte natuurgebieden. Maar zie: Een beetje regen doet wonderen. Wat mij betreft krijgen we een kletsnat voorjaar.

Als ik in de buurt van de boom van Ysbrandt kom zie ik allemaal graafmachines staan. Een groot stuk duin is afgegraven. Je kijkt opeens vanaf het pad zo op het vennetje. Uitgerukte struiken en omgezaagde bomen liggen op een hoop.

Zo te zien wordt het duin heringericht. Een bezopen concept alleen van toepassing op wat wij hier in Nederland natuur noemen.  Alles wat groen is wordt aangeharkt en bijgeknipt. Een scheve tak aan een boom? Afzagen die hap. Heks krijgt er de rambam van.

Ik maak me zorgen om de boom van Ysbrandt. Daaronder rust zijn as. Wat er nog van over is. De rest zit in de boom. Maar wat voor’n boom! Omgevallen en toch doorgegroeid. Een horizontale stam, waar Heks altijd met een kopje thee op zit te klessebessen met haar spookhondje.

Echt zo’n boom, waar die enge herinrichters een broertje dood aan hebben. Ik vrees voor de boom. Snel loop ik door richting vennetje. Goddank! De boom staat, of beter gezegd ligt er nog. Wel ziet alles er helemaal anders uit. Het waterpeil in het vennetje is drastisch gedaald. De inhoud is nog niet de helft van wat het geweest is.

Lang leve de herinrichting van natuurgebieden……

Ik zwerf anderhalf uur door de duinen. Freya rent als een zot in de rondte. Af en toe lijn ik haar aan, om haar een beetje te kalmeren. VikThor heeft het ook zwaar naar zijn zin. Het laatste stuk hangt alles bij Heks uit de kom. M’n heup, m’n schouders. Mijn rug meldt zich ook op pijnlijke wijze. 

Met twee zanderige hondjes arriveer ik uitgeput bij mijn kanariepiet. ‘Oh ja, ik ben gevraagd voor dat programma,’ schiet er door me heen, als ik de stad weer in rijd, ‘Helemaal vergeten.’

Dat is wat dat gewandel met je doet. Een reset van de kop. Alle muizenissen waaien weg. De rust keert weer.

Vanmorgen zie ik een herhaling van ‘Typisch’ op televisie. Het is me nog nooit opgevallen, dat programma en nu kom ik het natuurlijk toevallig tegen…. Zul je altijd zien.

Typisch!

De kater komt later? Ik heb al een kater of drie. Er eentje missen wil ik niet. Boskat is officieel een plaskater nu. De zeikerd heeft blaasgruis, een dodelijke aandoening, die hij ternauwernood overleeft!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Hou nu eens op, vervelende boskat,’ moppert Heks. Het is midden in de nacht. Mijn monster zit bij de voordeur te krijsen, dat hij de gang op wil. Waarschijnlijk zit zijn rivaal, de Panter, in het trappenhuis te wachten, tot hij naar binnen mag. Ik probeer mijn voordeur dan ook open te maken. Zonder dat ThayThay ontsnapt. Niet te doen!!!!

Nijdig duw ik mijn kleine reus richting woonkamer. Open de voordeur: Geen Ferguut! Dat is vreemd. Waarom zit die boskat zo moeilijk te doen? Wat is er met hem aan de hand? Hij wilde ook al geen brokjes daarnet. En was hij eigenlijk bij het avondeten? Lag hij toen niet ongeïnteresseerd in de vensterbank toe te kijken?

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik neem mijn monster op schoot. Grote heldere groene kattenogen kijken me aan. Ik kan hem overal aanraken. ‘Wat is er met je gekke gozer?’ Ik heb wel een enorme haarbal gevonden in de woonkamer een uur eerder. Die zou best wel eens van dit harige ventje kunnen zijn.

‘Ik hou je in de gaten, kleintje,’ fluister ik in zijn boskattenoortjes. Mijn eeuwige poezenbaby. Ik heb hem gevonden, toen hij nog geen drie weken oud was…….

De volgende ochtend kan ik meneer niet vinden. Ik loop door het hele huis. Hij heeft zich verstopt en reageert nergens op. Wat gek. Gisterenavond deed hij hetzelfde. Toen was hij het balkon op geglipt, waar hij zich tussen lege kartonnen dozen en verpakkingsmateriaal had ingegraven. Toen kwam hij ook niet tevoorschijn, toen ik hem riep.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Uiteindelijk ontdek ik hem in de gangkast. Hij heeft een plekje gevonden tussen de yogamatten en dekens. Ik pak hem op en neem hem mee naar de keuken. ‘Kijk, brokjes. Wil je echt helemaal niks eten?’

Even later zit ik met Rozenhart te beeldbellen. Onze wekelijkse afspraak, zodat allerlei kutklusjes worden gedaan. ‘Ik bel eerst de dierenarts. Ik ben bezorgd om mijn boskat, er is iets met hem. Maar ik kan slecht ontdekken wat. Hij voelt zich helemaal niet lekker in elk geval… Ik wil, dat de dierenarts even naar hem kijkt. Gewoon voor de zekerheid. Beter een keertje teveel gaan, dan iets missen, mijns inziens…..’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ik kan rond vier uur ’s middags terecht. Nog een paar uur wachten. Intussen ligt Thay ellendig uitgestrekt op vreemde plekken maar zo’n beetje te liggen. Rond drie uur kotst hij slijm en maagsappen uit onder de stoel bij de piano. Hij voelt zich echt klote.

Rond half vier pak stop ik hem in mijn vervoersmand. Zijn zusje Aafje gaat ook mee. Zij heeft een hardnekkige ontsteking aan het bindvlies van haar oogje. Ik ben al tien dagen aan het zalven, maar het is nog steeds niet helemaal weg. De dierenarts gaat er opnieuw naar kijken.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zo rijd ik, met twee miauwende katten naast me voorin de auto en twee ondeugende hondjes in de kattenbak, richting dierenarts. Af en toe kroel over de kop van Thay. Hij vindt het maar helemaal niks, al die actie. ‘Rustig maar, gozer, het komt goed,’ bezweer ik mijn onderbuikgevoel. Ik heb eerder een dikke kater gehad, die opeens heel ziek werd.

Mijn enorme geliefde Koe trof ik na een opleidingstag in de IT ellendig aan in de keuken. Het is een jaar of 25 geleden, maar ik herinner me die dag als de dag van gisteren. De dag, dat Koe de dood in de ogen keek. Hij was pas vierenhalf.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Lamlendig, niet eten, kotsen….. Koe zakte groggy door zijn poten op een bepaald moment. Het was nog in de beginfase van internet. Voordat je alles met zoekmachines kon vinden. Ik belde alle dierenartsen in de stad, maar niemand wilde naar mijn kat kijken. ‘Morgenochtend bent u de eerste….’

Tot ik de meest chagrijnige dierenarts van Leiden en omstreken aan de lijn kreeg. Een pittige dame met een hopeloos humeur. En waarschijnlijk een drankprobleem, schat ik zo in, gezien haar eeuwige kater.

Zou ik ook last van hebben, als ik met haar man was getrouwd. Een vreselijke kerel, narcistisch als de pest. Maar die vrouw was goud. Een enorm ruwe bolster, dat wel.

‘Kom maar even langs, ik ben nog aan het opereren. Dan kijk ik even naar hem,’ zei de dame met het hart van goud strontchagrijnig. Heks liet het zich geen twee keer zeggen. Een kwartiertje later zat ik ongeduldig in de wachtkamer.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik ga hem direct opereren, want zijn blaas zit helemaal vol. Ik bel u straks op, hoe het gegaan is,’ ze maakt weinig woorden vuil aan de diagnose. Haast als ze heeft om mijn monster te helpen. Te redden is een betere benaming.

‘Blaasgruis, u was net op tijd,’ haar bozige stem klinkt bijna vriendelijk later aan de telefoon, ‘Echt, als u tot morgenochtend had gewacht, was zijn blaas geklapt. Een vreselijk dood……’

‘Hij ligt nu met een infuus, want zijn bloedwaarden zijn waardeloos. Zijn kaliumgehalte was veel te hoog, daarom was hij zo ontzettend beroerd. Het heeft echt weinig gescheeld….. Het blijft ook nog een dag heel spannend. Ik trof zo’n bloedbad aan in zijn blaas, geen idee of dat goed gaat komen. Ik weet echt niet of hij het gaat halen….’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zo belt Heks de volgend ochtend vanaf haar opleiding nog een keertje zenuwachtig, hoe het met mijn poezenbakbeest is. ‘Hij leeft nog,’ dat wil ik horen. Koe heeft nog 14 jaar geleefd met blaasgruis. Altijd op dieet.

‘Ik heb een spoedgeval, dus u moet even wachten,’ Heks zit een hele tijd in de wachtkamer met haar miauwende gezelschap. Een echtpaar met een stokoude poes gaat voor. De poes heeft vage klachten en er is niets aan de hand. Op ouderdom na dan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Eindelijk mag mijn kater met zijn zusje naar binnen. Heks moet buiten wachten. Ik hoor allemaal heftige geluiden. Zie het licht aan en uit flitsen. Het duurt en duurt….

‘Aafjes oogje is nog niet helemaal genezen, ik geef een ander zalfje mee, een week mee behandelen, dan moet het over zijn… Maar over ThayThay heb ik niet zulk goed nieuws. Zijn blaas zit helemaal vol en zijn bloedwaarden zijn extreem slecht….’

‘Ik ga hem nu direct onder narcose brengen, om de blaas aan te prikken, maar ik maak me zorgen, dat hij de narcose niet gaat overleven…’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een koude klamme hand slaat om mijn hart. Hij is zo ziek als een hond. Veel zieker, dan ik dacht. Ik had het sterke gevoel, dat er iets mis was, maar dat het zo ontzettend mis zou zijn…..

Even later zit ik brullend in mijn auto. Als een gewond dier. Tranen stromen over mijn wangen, regen slaat tegen de voorruit. Mijn gezicht verwringt in een rare grimas. Kapot ben ik ervan. Ik. De vrouw met nauwelijks nog waarneembare reflexen bij berichten over bepaalde medemensen. Maar mijn zieke kat maakt me gek.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik ben dus nog steeds menselijk,’ schiet er gek genoeg door me heen. Het stelt me gerust. Of niet. Mijn gevoelsleven is een flipperkast.

Een paar spannende uurtjes volgen. Tot het bevrijdende telefoontje van de dierenarts eindelijk komt. ThayThay heeft de operatie overleefd. Nipt. Hij ligt met een infuus en een katheter bij te komen van de operatie. Later komt er nog een sonde in zijn kleine neusje bij voor voeding.

Het blijft nog anderhalve dag spannend. Pas als hij weer zelfstandig gaat eten weten we, dat hij het gaat redden. De schat. Mijn lekkere kogelronde katertje. Mijn dikzakje. Mijn boskat.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zaterdag gaan we bij ThayThay op bezoek. Heks en haar hondjes. Kan de dierenarts gelijk even in het opnieuw ontstoken oor van Vikthor kijken.

De boskat is zo blij om me te zien. Hij rolt zijn dikke lijf door bakjes met eten en water. Overal slangetjes, maar de sondevoeding is verwijderd. Knorrend duwt hij zijn kopje tegen mijn liefkozende handen. Kruipt helemaal in mijn geopende vuisten. Doet pogingen zijn hok te verlaten. Wil mee naar huis……

Zondag haal ik mijn schatje dan eindelijk op. Onderweg laat ik de hondjes uit, zodat ik straks alle tijd heb voor mijn patiënt.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De hele week blijft het nog tobben met ThayThay. Dinsdag zitten we opnieuw bij de dierenarts, maar het is loos alarm. ‘Zijn blaas zit niet verstopt, Heks. Er komt gewoon plas uit. Maar de boel is natuurlijk nog flink geïrriteerd. Dus vandaar, dat hij er steeds aan likt. En vaak onverrichterzake op de bak gaat. Hij zal nog wel eventjes last houden…’

Ach, mijn boskatje. Al zijn medicatie, de antibiotica, de ontstekingsremmer/pijnstiller, de plasbuisontspanners……… Een paar keer per dag knikker ik pillen achter in zijn keelgat. Als hij me aan ziet komen, gaat hij er snel vandoor. Maar ik ben hem doorgaans voor.

Hij leeft nog. Hopelijk wordt hij minstens 18, net als Koe. Hij lijkt wel een beetje op Koe. Ook zo’n baasje Krentenbrood, die de dood in de ogen heeft gekeken. Meermalen. Toen ik ThayThay als kitten van nog geen 3 weken zonder moeder vond, was hij al ten dode opgeschreven. Maar hij leeft nog!

Boskat, we kunnen echt niet zonder je.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Het is zaterdag, Heks. Tover de mondkapjes tevoorschijn. Pak een vers met citroen en zeep geïmpregneerd exemplaar uit de kast. Bedek je smoelwerk volledig. Want het is zaterdag, dus alle Wappies uit Leiden en omstreken trekken naar de binnenstad. Niet om te relschoppen, nee, om te winkelen…….

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zaterdag. Het is zaterdag, Heks. Tover de mondkapjes tevoorschijn. Pak een vers met citroen en zeep geïmpregneerd exemplaar uit de kast. Bedek je smoelwerk volledig. Want het is zaterdag.

Alle Wappies uit Leiden en omstreken trekken dan naar de binnenstad. Niet gehinderd door enig besef, wat dat teweeg brengt aan besmettingen. Nee, we moeten winkelen, ook al zijn de winkels dicht.

Als we niet in de stad gaan winkelen, dan gaan we de Singelwandeling maken met zijn allen. Dicht naast elkaar keuvelend over niks of op een keurig netjes rijtje met de hele familie al klessebessend. Zo drommen we en masse door het hondenuitlaatparkje.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Of we stoffen de hardloopschoenen af en rukken een overjarige campingsmoking uit de kast. Om vervolgens zwaar hijgend ons door de mensenmassa in de binnenstad te wringen. Vermoeid om ons heen sproeiend met onze lichaamssappen. Dusdanig geproduceerde aerosolen springen met gemak 8 meter in de rondte.

Of zullen we dan ook maar die Singelwandeling gaan maken? Hardlopend weliswaar. Onze lichaamssappen neerdalend op nietsvermoedende wandelaars. Een koude douche voor onze medemensen. Zowel letterlijk als figuurlijk. Afgewisseld met af en toe een klodder spuug op de stoep.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Ja, echt lachen met die Leienaars. Het weekend is al tijden tricky in de stad. Maar nu wordt het ook door de week spannend. Want dan dreigen er weer groepen jongelui te gaan rellen. Lekker de boel op stelten zetten.

Volgestopt met drank en drugs schat ik zo in, als ik zie, waar de groepen zich in andere steden allemaal schuldig aan maken tijdens hun gerel……

‘Ja, dan hopen we dat de jongelui niet denken “Kom we gaan relschoppen”,’ zegt een man een hele tijd geleden op televisie. Na de toestanden op het Utrechtse kanaleneiland. Er is van overheidswege van alles georganiseerd om herhaling te voorkomen en de man geeft droog commentaar. Met een sterk accent. Fries? Achterhoeks? Brabants? Of toch gewoon Achterlijke Gladiools? Heks weet het niet meer.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Wel herinner ik me, dat ik hartelijk moest lachen. En dat ik het zinnetje op schreef. ‘Kom, we gaan relschoppen…’ Hilarisch vond ik het.

Niet meer zo grappig intussen. Goeie hemeltje, wat een puinhoop hebben we er met zijn allen van gemaakt. Al die frustratie, al die woede.

‘Heks, ik ben zo blij om eventjes met iemand te praten, die er net zo over denkt als ik,’ de Wilde Boerenzoon belt me op om zijn hart te luchten. Iedereen maakt hem uit voor gek, omdat hij zich aan de Coronaregels houdt. Met zijn slechte bloedvaten en in de risicoleeftijd. Hij zou wel gek zijn om zich er niet aan te houden natuurlijk, maar in ons land der blinden heeft ook eenoog weinig visie.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik krijg de gekste dingen naar mijn hoofd, van mensen, die ik al mijn leven lang ken. Dat ik een bangeschijterd ben, dat ik me laat regeren door die angst, dat ik…..’ een lijst met een lange baard volgt. Allemaal argumenten om voorzichtige mensen belachelijk te maken. Opgesteld door de onsterfelijken van onze maatschappij.

‘Ik ben rationeel, Heks. Ik hanteer uitsluitend rationele argumenten in deze. Ik houd me aan de adviezen van de overheid. Op rationale gronden…..’

‘Bij mij in de kerk is ook de pleuris uitgebroken,’ vertel ik mijn oude vriend, ‘Daar heeft iemand zich kritisch uitgelaten, ik geloof op de website van de kerk, over het dragen van mondmaskers…..’

‘Vervolgens heeft iemand dat bericht over de onzinnigheid van mondkapjes weggehaald van de site en daarna brak dus de pleuris uit! Ook dit antimondkapjes-Wappie had de mond vol over het foute fenomeen, dat we ons laten regeren door onze angst. Hij heeft ons er achteraf allemaal een uitgebreide brief over gestuurd. De mafkees.’

‘Die man zelf heeft natuurlijk nooit iets, hij is zo gezond als een vis. Hij is voorzitter van de vereniging. Maar nu is hij zo beledigd, omdat men zijn mening niet deelt en niet waardeert, dat hij zijn voorzitterschap per direct heeft opgezegd…..’

Zucht. Vast een narcist.

In de periferie van mijn vriendenkring wordt ook lustig gewappied heb ik ontdekt. Via een omweg. Verhalen van anderen. Heks waagt zich persoonlijk niet aan discussies met dit nieuwe menstype. Ik word al moe bij voorbaat. Toch zal communicatie ons moeten redden. Verder polariseren leidt tot niets dan ellende.

Deep listening. Zonder oordeel. Ja, ga er maar aan staan.

Heks begrijpt persoonlijk niets van het frustratiegehalte van al die relschoppers. Denk je dat ik niet gefrustreerd ben? Na een jaar in mijn eentje koekeloeren? Na 35 jaar een onbegrepen ziekte in mijn lijf tekeer zien gaan? Na maatschappelijk uitgekotst te zijn? Meermalen? Stammend uit een teleurstellende familie, zacht uitgedrukt? Beschadigd tot op het bot?

Ik ga toch ook niet de boel kort en klein slaan?

Alhoewel: Rumi beveelt dat laatste aan. Niet zozeer om het zelf te gaan doen, maar om het fenomeen te omarmen.  Ik hou van Rumi. Hij zegt geen mooie dingen om er zelf beter en verstandiger op te staan. Zijn wijsheid is overigens niet geschikt voor de maakbare samenleving. Het is wel iets voor de ontdane mens. Om weer te leren dealen met wat ons pijn doet.

Want die relschoppers staan niet op zich. Ze zijn een onderdeel van het geheel. Zoals mijn ziekte niet geïsoleerd bestaat. Nee, het is een aandoening van de gehele mensheid. Alleen bij Heks manifesteert het zich bij voortduring…..

Rumi

De herberg

Dit mens-zijn is een soort herberg
Elke ochtend weer nieuw bezoek.

Een vreugde, een depressie, een benauwdheid,
een flits van inzicht komt
als een onverwachte gast.

Verwelkom ze; ontvang ze allemaal gastvrij
zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt
die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.

Behandel dan toch elke gast met eerbied.
Misschien komt hij de boel ontruimen
om plaats te maken voor extase…….

De donkere gedachte, schaamte, het venijn,
ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns
en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt
de hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd
om jou als raadgever te dienen.

Vorige week sta ik voor de keukenkast. Ik pak mijn medicatie voor de nacht, als een inzicht me treft als een bliksemschicht. ‘Dus dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt met double grasping..’ schiet er door me heen, als ik me realiseer, dat we allemaal meningen hebben over.

Over een object. Een mening gaat altijd ergens over. Het zegt niks over de werkelijkheid zelf. Ook mijn eigenste, oh, zo belangrijke mening. Gaat ergens over. Het gaat nergens over.

Begrijpen is een begrijpelijke misvatting, begrip is mooi, maar het gaat om verstaan.

©Toverheks.com

©Toverheks.com