Inspiratie: Eerst je kop laten afbijten door een akelige alt, vervolgens je hart laten raken door een geheimzinnige sopraan en tot slot in een baan om de aarde geraken door de heilige dans van een muzikale olifant. En dat alles in bijzonder goed gezelschap!

Zaterdag heb ik een drukke dag. Om 11 uur ’s morgens meld ik me voor een martelsessie bij de fysiotherapeut. Hardhandig haalt ze me uit de knoop. Oh, wat is ze toch gemeen geworden door de jaren heen. Bijna net zo geniepig als de orthopedische fysio. Alleen lacht ze niet smakelijk om mijn gejammer, zoals laatstgenoemde……

Lachen om je pijn is fijn. Om je eigen pijn wel te verstaan. Het is het enige prettige aan pijn. Lachen is het beste medicijn. Anders krijgt die verrekte pijn je klein….

Na de sessie snel ik richting Leidse Hout. Ik laat mijn hondje flink rennen: Vanmiddag moet hij een paar uur in zijn hok. Heks gaat zingen in een Leids Koorproject. Stipt om twee uur schuif ik op mijn plaats. Althans, dat probeer ik. Er zit echter een dame op mijn plek en ze is niet van plan om te gaan wieberen. Sterker nog: Tot mijn verbijstering heeft ze mijn plaats ingepikt. Iets dat ik absoluut haat!

Een horde dames stort zich op Heks. Ik moet niet zeuren. Ik moet er maar naast gaan zitten, in het hoekje achter een pilaar. Of op de bank er achter. Er voor. Links, rechts…… Noem maar op. Iedereen vindt blijkbaar maar dat ik loop te zeiken, maar ik wil gewoon op mijn eigen plek zitten. En met reden: Daar heb ik geen muziekstandaard nodig, kan ik blijven zitten en toch de dirigent zien, kan ik mijn spullen kwijt….. Mijn gedisloceerde schouders kwijt. Ook niet onbelangrijk!

©TOVERHEKS.COM

Het woeste wijf weet van geen wijken. Haar royale matrasachtige lijf neemt de halve bank in beslag. Mezelf in het hoekje ernaast proppen is geen optie. Per gratie Gods mag ik aan de andere kant van de kerkbank zitten.

Eerst komt dan haar vriendin. Waar Heks al jaren naast zit. Maar waar zij nu opeens zonodig naast moet zitten…….. Begrijpelijk, maar overleg het eerst even! Daarnaast een verschrikte vriendelijke dame, waar ik al jaren mee zing. Zij kan hier ook niks aan doen.

Wat een gedoe. Ik ben helemaal van slag en beland uiteindelijk dus op een geweldige kutplek. Ik zit helemaal opgepropt. Er toeteren alten van een andere partij in mijn oor en naast me zit een venijnig oud vrouwtje onophoudelijk in zichzelf en tegen Heks te mopperen.

In de pauze probeer ik het met de alt in kwestie te bespreken. Het ontaardt in een bijzonder onaangename schreeuwpartij. Het mens weet van wanten, ze wil niet wijken. Na een scene vol menopauzaal chagrijn ben ik nog geen stap verder. Ik moet de rest van de middag maar uitzitten op die ellendige plek met mijn schouders in mijn nek.

Wat zijn wij vrouwen toch een hopeloze wezens bij tijd en wijlen. Vooral  als we verzuren tot oude pruimen met nukkige gezichten en verroestte lachspieren…. Dat moet je ten alle tijden zien te voorkomen!

De tenoren troosten me in de pauze. ‘Kom lekker bij ons zitten, Heks, laat die alten toch de rambam krijgen. Ik ben er ook gillend weggelopen vorig jaar. Ook vanwege geruzie rondom een plek. Wat een hopeloze dames zitten daar tussen. Ik snap je frustratie,’ aldus een bijzonder leuke en vlotte vrouwelijke tenor. Ik ben blijkbaar niet de enige met dit soort ervaringen…..

Het gedoe heeft me aangegrepen. Ik lijk wel onzichtbaar. Onbetekenend. Ik doe er helemaal niet toe! De hele wereld wandelt over me heen. Om me vervolgens te vergeten. De pispaal. De zondebok. Een heel arsenaal oude pijn wordt opengetrokken door dit stupide stoomwals-incident. En ik ben weer eens totaal verbijsterd door het totale gebrek aan empathie en inlevingsvermogen van sommige medemensen. Botterikken tot op het bot zijn het.

Zo snel als ik kan ga ik na de repetitie weer met mijn hondje wandelen. Ik probeer hem uit te putten, want vanavond ga ik alweer uit. Het is niet te geloven! Fiederelsje heeft me uitgenodigd voor een experimenteel jazz concert. Jazzclub Hot House heeft weer eens iets georganiseerd. Op een nieuwe locatie. Gelukkig maar, want hun oude locatie is een no go area voor Heks. Teveel traumatische herinneringen.

Aan alles komt een einde: Als je maar lang genoeg wacht. Sociëteit de Burcht is verleden tijd. Alcoholistisch Leiden moet ergens anders gaan doorzakken. De betrokken zuipschuiten zijn dood of op sterven na dood. Of ze liggen in de goot. Einde van een hopeloos tijdperk!

©TOVERHEKS.COM

Lekkere verhalen, Heks. Beetje gefrustreerd? Daar zit toch niemand op te wachten? Inderdaad. Vooral niet als je denkt dat dit verhaaltje over inspirerende zaken gaat!

’s Avonds trek ik mooie kleren aan. Ik haal een verfkwast over mijn bleke kaken. Ik laat alle ergernissen van me afglijden. De wereld is gestoord, maar daarom hoef je jezelf niet gek te laten maken! Vol goede moed fiets ik richting muziekcentrum Quibus aan de Middelstegracht. Als ik binnen kom vliegt mijn vriendin me om de hals.

‘Niets,’ wuift ze als ik vraag wat ze van me krijgt voor het kaartje. ‘Maar je hebt geen knoop.’ wordt afgedaan met ‘Jij ook niet.’ Ze stelt me voor aan haar gezelschap: Twee beeldschone jongedames uit Indonesië. Hoewel ze maar tot mijn middel komen qua lengte steken ze met kop en schouders boven het maaiveld uit als het aankomt op hetgeen ze bereikt hebben in het leven! Beide vrouwen zijn bezig met hun promotieonderzoek en bijna klaar…….

Ik glijd op een stoel naast de ene dame en hoor haar uit over haar onderzoek. Dan ontdekken we van elkaar dat we ons intensief bezig houden met zang. Zij met traditionele Indonesische muziek, ik natuurlijk met Dhrupad en mijn oratoriumkoor.

De andere jongedame gaat binnenkort promoveren op Javaanse Hiphop…..

Wat een leuk en inspirerend gezelschap! Wat een mooie slimme meiden! Wat een passie en wat een drive om zo je dierbaren achter te laten om in een suf Hollands studentenstadje te komen promoveren!

We hebben ruim op tijd afgesproken, dus er is genoeg rijd om te klessebessen. Langzaam druppelt de zaal vol. ‘Ik zie dat er duizenden mensen op het concert zijn afgekomen!’ roept de man van Hot House enthousiast als hij de band aankondigt. Een kleine verwijzing naar Trump. Die krijgt sowieso een flinke veeg uit de pan. Een klein maar uiterst vermakelijk politiek college verder komen de muzikanten het podium op. Het gaat beginnen! Eindelijk!

©TOVERHEKS.COM

Het concert is geweldig. Slechts vier mensen staan er op het podium, maar ze tellen voor tien! Een operazangeres, Claron McFadden, die jazz zingt. Wat een bereik heeft deze vrouw! Ze schuwt het experiment bepaald niet! Heerlijk.

Dan is er nog een stevig gebouwde acrobaat op een Sousafoon: Michel Massot. Het instrument lijkt met hem vergroeid te zijn. Als hij op een gegeven moment circulair ademend over het podium springt wordt het publiek helemaal wild. Boventonen vliegen om je oren. Olifanten duiken op uit de coulissen en Heks ziet zelfs een heuse neushoorn over het podium stampen!

Een frisse jongedame op cello, Marine Horbaczewsk, en een virtuoze Vlaming, Tuur Florizoone, op de accordeon complementeren het gezelschap. De muzikanten zijn zonder uitzondering zeer begaafd. Het is echt smullen voor het verwende oude knarrenpubliek van Hot House.

Het programma is theatraal en intrigerend. Gedurende enige tijd heeft de band geheimen verzameld. Voornamelijk van oudere mensen. Hier zijn de composities op gebaseerd.

Heks is bij het eerste nummer al in tranen. Het is verschrikkelijk en herkenbaar dit lied over zelfdoding door een geliefde. ‘We grijpen het publiek direct bij de lurven met dit eerste lied…..’

‘Mensen zijn helemaal ontroerd als ze horen dat hun geheim gezongen wordt,’ vertelt de zangeres achteraf. We staan al zeker drie kwartier met haar te praten. Mijn gezelschap wil alles weten over haar zangtechniek en de opzet van de voorstelling. De zangeres op haar beurt is zeer geïnteresseerd in wat wij allemaal uitspoken in het dagelijkse leven.

©TOVERHEKS.COM

Ik loop intussen met mijn net aangeschafte CD te zwaaien op zoek naar handtekeningen. Vooral die van de Sousafonist wil ik hebben. Dat is toch zo’n grappige man. Zijn spel heeft me helemaal opgetild. Zijn bijdrage heeft mijn muizenissen rondom het gekrakeel van afgelopen middag spontaan de deur uit gejaagd. Weggeblazen door deze muzikale elegant dansende olifant!

‘Thank you so very much,’ probeer ik als ik ontdek dat hij geen Nederlands spreekt. Ik steek een heel verhaal in het engels af, maar de man kijkt of hij water ziet branden. Hij spreekt uitsluitend frans. Gelukkig is dat geen probleem voor Heks.

De zangeres spreekt alle drie deze talen werkelijk perfect. Zonder accent. Bizar!  We verbazen ons er achteraf over. Zelf kunnen we ook wel een redelijk woordje over de grens brabbelen, maar dit grenst aan het onwaarschijnlijke. Wat een bijzonder getalenteerde vrouw!

Zo heeft Heks een heerlijke avond. Enigszins zwevend verlaat ik het pand: Ik ben in de zevende hemel! Het is al tegen twaalven als ik eindelijk het laatste rondje met VikThor loop. Dank je wel Fiederelsje voor deze superdate. Het was fantastisch!

Hier kun je alles lezen rondom deze voorstelling en de makers ervan: Secrets met Claron McFadden en het jazztrio Massot-Florizoone-Horbaczewski. 

©TOVERHEKS.COM

Bonte Avond bij Ex Animo: Heks zingt ook een moppie mee! Solo welteverstaan: Chandrakauns, Alaap en Compositie!

 

Een paar weken geleden geef ik me op om mee te zingen met een cantate van Bach op de Bonte Avond van mijn koor. Hoewel ik me zo snel mogelijk aanmeld beland ik toch linea recta op de reservelijst. Het lot van vele alten en sopranen overal ter wereld……

Na een paar dagen krijg ik bericht over de oefendata. Goeie hemel. Ik word geacht zeker twee, drie keer op te draven. Alleen maar om op de reservebank te zitten. Ik zou een slecht voetballer zijn, want ik gooi direct de handdoek in de ring. ‘Ik ga wel een stukje Indiaas zingen,’ roep ik in een dolle bui.

Hoe moeilijk kan het zijn? Ik studeer tenslotte al zo’n tien jaar op die materie…..

Een week later heb ik al spijt. Ik zit in een hele slechte periode met mijn lijf en stik sterf crepeer van de pijn. Dan krijg ik er nog die enorme huidinfectie bovenop. Met drain. Getver. Griep, verkoudheden en bronchitis teisteren me zonder ophouden. Ik puf snuf en snotter de pan uit. En dan lig ik ook nog met de halve wereld in de clinch, inclusief mezelf, omdat ik geen Pleegzuster Bloedwijn meer wil zijn.

Net als ik denk dat ik het maar moet afzeggen krijg ik grip op de materie. Privé een dagje zingen met mijn juf doet wonderen. We knutselen een kleine opvoering in elkaar en zetten alle stembewegingen vast tot op de millimeter. Verwoed zit ik daarna op een paar zinnetjes Alaap en het eerste deel compositie van Chandrakauns te studeren. Oh, oh, wat is het toch moeilijk om dit goed te doen.

Maar het lukt! Na jaren heb ik me de kunst van het rondzingen uiteindelijk eigen gemaakt. Niet langer balk ik als een ezel in een poging Indiaas te klinken. Ik zwiep niet meer van de ene naar de andere toon, maar ik zing de hele weg. En dat is te horen!

Alleen kan ik nog steeds geen enkele raga zomaar zingen. ‘Laat eens iets horen,’ zeggen mensen soms tegen me als ze ontdekken waar ik me mee bezig houd. Ik moet hen dan teleurstellen. Tot nu toe dan. Want er gaat verandering in komen!

Nadat ik een hele week heb zitten ploeteren op die paar zinnetjes ga ik zondag een dag zingen met de Dhrupad Bitches, het vaste groepje vrouwen waarmee ik al jaren deze zangstijl bestudeer.

Ik moet vroeg op, iets waar ik totaal niet tegen kan. Het kost me altijd uren om een beetje uit de kreukels te komen. Daar is natuurlijk geen tijd voor.

Hondsberoerd, onder de pijnstillers en met mijn Tensapparaat in de hoogste stand sta ik om even over negenen achter het station. Een klasgenootje rijdt met me mee naar Barendrecht.

Ik heb maar kort geslapen, want zaterdagavond heb ik met mijn koor meegezongen met de kerstviering van het kinderkoor en jeugdkoor in de Hooglandse kerk. Heel gezellig. Glühwein toe. Keurig om tien uur thuis, maar nog onontkoombaar doorgestuiterd tot twee uur ’s nachts: Mijn lijf heeft de grootst mogelijke moeite om aan iets te beginnen, maar ook om te stoppen!

Ik vertel mijn zangmaatje over de problemen rond mijn optreden komende dinsdag. ‘Mijn Tampoera moet nog in ma gestemd worden. Hij is sowieso erg ontstemd. Ook klinkt het voor geen meter als ik mezelf begeleid. Ik zit maar zo’n beetje over die snaren te harken als ik tegelijkertijd zing. Vooral bij de compositie. Vanwege het daarin aanwezige ritme denk ik…..’

‘Laat nog een Tampoera meespelen via je telefoon, je hebt daar uitstekende appjes voor…’ is haar eerste tip. Er volgen er nog meer. Ook biedt mijn maatje aan om aan het eind van de dag mijn Tampoera voor me te stemmen. ‘Heb je een stemapparaat?’ Ik beaam het. Ik kan er alleen niet mee overweg……

De gehele zondag zing ik Chandrakauns met de Bitches. Onder de middag krijgen we een heerlijk bordje Dahl, zoals altijd! Ik krijg zelfs een grote pot mee naar huis!

Op de terugweg heb ik goede moed, dat het optreden ergens op zal gaan lijken. Er zitten uiteindelijk zeker honderd mensen in die zaal. Dan moet je wel een beetje goed voor de dag komen natuurlijk.

Mijn zangmaatje gaat nog even met me mee naar huis en stemt mijn Tampoera. ‘Mooi geluid zit erin, Heks. Het is echt een hele goeie!’ Ik weet het. Mijn juf heeft ooit een prachtexemplaar voor mee meegenomen uit India.

Maandag houd ik de gehele dag mijn mond. Ik ben schor van al het zingen, de keel is de grote zwakke plek van MEpatienten. Ik heb altijd keelpijn. Elke dag. En ik ben regelmatig mijn stem kwijt. Vooral als ik erg moe ben. Ik heb om die reden wel eens vijf jaar achter elkaar niet kunnen zingen. Vreselijk!

Als ik die stomme ziekte niet had, was ik misschien wel operazangeres intussen. In mijn zieke keelgat zit een juweeltje van een stem. Een stem als een klok. Een orgelpijp. Een scheepstoeter!

Nu heb ik toch mooi dinsdag weer wat bereik. Het dagje zwijgen heeft geholpen. Wel loop ik ’s middags enorm te niezen.  Grote snotklodders vliegen in de rondte. Zul je net zien. Word ik op het nippertje weer snipverkouden!

Ik gooi mezelf vol met paracetamol, ibuprofen, PeaPure, neusdruppels en dropjes. Dat helpt. Het niezen houdt op. De snotgolven bedaren, de rochelstorm gaat liggen. Er komt weer wat lucht in mijn holtes. Wel zo prettig voor de resonantie. Ik neem nog een straf bakkie koffie toe. Ik ben er helemaal klaar voor!

Dan stop ik Tampoera, Harman Cardonbox en mezelf in de auto. Het is zover. Ik ga optreden met Indiase zang.

Mijn Tampoera is opnieuw zwaar ontstemd, omdat hij is omgevallen toen ik de deur op slot deed. Gelukkig is ie nog helemaal heel, maar erop spelen is geen optie. Heks vindt het niet zo erg. Ik kan nu eenmaal veel mooier zingen als ik niet word afgeleid door het bespelen van dit instrument.

‘Ik heb de Tampoera louter ter decoratie bij me,’ vertel ik mijn publiek dan ook. Ik zing voor hen met op de achtergrond elektronische tampoerageluiden van de app. Omdat de Harman Cardonbox zo goed van kwaliteit is, klinkt het best aardig. ‘Hij stond te hard, Heks, ik kon je niet goed horen,’ zegt de een achteraf. ‘Perfect geluid erbij, je was prima te verstaan,’ aldus een ander.

Uiteindelijk zit ik heerlijk te zingen. Ik heb even moeite om het begin te vinden. Door de zenuwen natuurlijk. Maar ik laat me niet gek maken en zoek het rustig op. Dan begin ik ook werkelijk. ‘AHAHAHAHA’, jammer ik. De opening is schrijnend. Een hele akelig lijdende NI houdt het publiek in zijn greep. Hij lost op naar de SA.

Mijn stem kronkelt omlaag. Mijn ogen zakken dicht. Ik ga helemaal op in de muziek. En ik geniet ervan! Het is leuk om te doen. Als ik af en toe mijn ogen open doe zie ik verraste gezichten. Maar geen verveelde gezichten. Ook zitten er geen mensen met hun vingers in de oren. So far, so good!

In een mum van tijd is de Alaap doorgezongen. Normaal gesproken doe je daar zo’n klein uur over, maar ik ben binnen twee minuten klaar. Het is slechts een tipje van de Indiase sluier, die ik hier oplicht. Ik begin aan de compositie.

Ook dit gedeelte verloopt goed. Een klein foutje daargelaten dan. Ach, het leven is nu eenmaal niet volmaakt. Als de laatste tonen versterven zit iedereen een beetje verbaasd naar me te kijken. Nu al voorbij? Ja. Ik wilde slechts een kleine indruk geven  van deze muziekstijl.

En dat is gelukt! Na het concert komen veel koorgenoten naar me toe om me te complimenteren. Het varieert van ‘Ik weet niet of ik het mooi vind, maar het is wel bijzonder,’ tot ‘Wat prachtig gezongen, Heks, echt heel bijzonder,’ en alles wat daartussen zit.

‘Ik vond altijd al, dat je iets bijzonders hebt,’ een lange man staat schaamteloos met me te flirten. Wat gek. Zit hij ook op het koor? Naast hem staat een bas om het hardst mee te flirten. Heks heeft over aandacht niet te klagen vanavond…..

Als ik later thuis nog uren door de kamer stuiter geeft ik mezelf ook een compliment. ‘Dat heb je toch maar weer mooi geflikt, Toverheks, je moet het toch maar durven en vervolgens toch ook maar weer doen….’ Maar laat ik het nu ook heel leuk vinden om die doen. Ik heb performen altijd leuk gevonden. Of het nu het bespelen van een dwarsfluit is of theater maken of Indiaas zingen: Ik heb er altijd van genoten!