Verveling. Een vervelend onderwerp? Geenszins. Er is bijvoorbeeld een duidelijk verband tussen patriarchaat en verveling. Alle nieuwe technologie met in zijn kielzog de social media maken dat we ons dood vervelen. Is er iets aan te doen? Jazeker! Een lobotomie is bijvoorbeeld een goed begin. En een goed begin is het halve werk tenslotte: Dus laat ook gelijk je linkerhersenhelft verwijderen……

Op een avond zit ik me stierlijk te vervelen. Ik ben te moe om iets te doen. Om de verveling te verdrijven zet ik de televisie aan. Met een paar kussens in mijn rug vlij ik me op bed. Zo. Kom maar op met een leuk programma. Er moet toch iets verteerbaars te vinden zijn tussen al die rotzooi.

Op Z Doc is een documentaire over verveling, ‘De kracht van verveling‘. Nou moe. Komt dat even mooi uit. Met een half oor luister ik naar het vervelende verhaal. Met een half oog open kijk ik naar de oersaaie beelden…..

Een man verliest zijn mobiele telefoon. Heel vervelend natuurlijk. Hij is direct onthand. Zoekt constant in zijn jaszak en broekzak. Voelt zich ongemakkelijk. Weet zich met zijn houding geen raad. Verveeld zich binnen de kortste keren de tyfus.

Hij raakt geïntrigeerd door zijn eigen verveling. Geboeid zelfs. Dan is je verveling verdreven zou je zo zeggen. Je probleem is opgelost. Dan kun je je met zinvolle dingen bezig gaan houden. Want verveling is niet bepaald iets waar we ons mee bezig willen houden. Het is een strontvervelend onderwerp.

Dat blijkt weer uit het feit, dat er niet of nauwelijks wetenschappelijk onderzoek naar is gedaan. Bij toeval is ooit, bij een grootschalig opgezet onderzoek naar iets geheel anders, ontdekt dat er een direct verband is tussen verveling en jong overlijden. Je kunt je dus letterlijk dood vervelen. Gompie!

Maar niemand die op het idee komt om daar dan eens iets mee te gaan doen. Niemand? Nou, een enkeling.

Zo is er een man, Alan Caruba, die het ‘Boring Institute heeft opgericht. Aanvankelijk gewoon bedoeld als een geintje, maar later toch uitgegroeid tot iets. Weliswaar iets vaags. In een heus gebouw. Gerund door de man, die het voor de grap begonnen is.

Hij weet veel van het onderwerp af. Hij houdt er een paar eigenzinnige ideeën op na. Maar gedegen wetenschappelijk onderzoek ontbreekt.

Ben je al afgehaakt? Zit je je al stierlijk te vervelen?

Heks begrijpt nu eindelijk waarom de halve wereld meent te moeten bellen en smsen op de fiets, in de auto, desnoods tijdens seks: Men is verveeld. Het is niet omdat men constant contact wil hebben met de medemens. Het komt niet voort uit ons verlangen naar verbinding. Nee, het is louter stompzinnige verveling.

‘Verveling huist in de linkerhersenhelft. Het analytische deel,’  de Yang kant van ons brein dus. Ofwel het mannelijke deel. Onterecht overgewaardeerd in het al eeuwen aanhoudende patriarchaat, ‘Een vrouw, die bij een operatie die helft is kwijtgeraakt verveelt zich nooit naar eigen zeggen……’ beweert een wetenschapper.

‘In je rechterhersenhelft woont je vermogen om louter te zijn,’ voegt de gehalveerde vrouw daaraan toe. Ze kan iedereen de operatie aanraden. Je knapt er volgens haar geweldig van op.

Het is wat in het Boeddhisme ook wordt gepropageerd. Maak je los van de ratrace. Wees aanwezig in het hier en nu. Concentreer je op je ademhaling. Je hersengolven veranderen dan: Je bent er. Hier en nu. En dat is nooit saai.

 

Een jeugdvriend van me verveelde zich bij alles. Hij deed een paar studies op zijn sloffen en nog was het niet genoeg. Als hij zat te eten las hij de etiketten op flessen ketchup, potten pindakaas, pakken melk en hagelslag….. Tijdens het fietsen las hij onderweg alles wat los of vast zat aan verkeersborden, reclamezuilen en ga zo maar door……

De vader van een andere jeugdvriend liep altijd al lezend te wandelen. Met zijn neus in een dik boek. Een beledigde vrouw naast zich, want dat is dan lekker tijdens een zondagse wandeling met je modelgezinnetje: Loopt je vent er zo bij!

Maar goed, de man verveelde zich blijkbaar. Het is ook een beetje een gewoonte om altijd een object van je aandacht te willen hebben. Afleiding. Iets om achter aan te rennen.

‘Scholen zijn barbaarse instituten, waar verveling hoogtij viert,’ beweert iemand anders. ‘Als je naar de belangrijkste en meest bepalende factoren rond verveling kijkt zijn ze allemaal aanwezig in een klaslokaal…..’

‘Bijvoorbeeld urenlang stil zitten op een stoeltje. En dan de leerstof: Oersaai. En het wordt aangeleerd door herhaling, terwijl uit onderzoek is gebleken, dat herhaling dodelijk is voor de concentratie. De geest wil dat niet, telkens dezelfde ouwe koek.’

Een hele rij redenen om kinderen vooral niet in klaslokalen te gaan zitten vervelen met je hopeloze lesstof passeren de revue. Heks snapt nu eindelijk waarom ik nooit het onderwijs in heb gewild. Ik vind onze lesmethoden barbaars. Een vorm van kindermishandeling zelfs.

‘Klaslokalen zijn saai, scholen zijn saai. Men probeert zo min mogelijk prikkels aan te brengen. Lesstof is saai….’ Dan volgen er twee voorbeelden van kinderen die van school werden gestuurd omdat ze een opstel of spreekbeurt over verveling hadden gemaakt! Toe maar! Een gevoelig onderwerp dus.

Je mag kinderen dus zonder meer suf vervelen, maar als ze er iets van zeggen is dat taboe. Boe! Schandalig toch weer.

Heks is postuum blij dat ze nooit heeft meegewerkt aan deze misdadige praktijken. Kinderen dood vervelen. Vreselijk.

‘Je zou zo’n leuke juf zijn, het is zonde, dat je dat niet gaat doen,’ mijn moeder was er altijd voorstander van, dat ik voor de klas zou gaan staan. Maar zelf wilde ze er als jonge vrouw ook niet aan.

De man, die zijn telefoon kwijt is ontdekt de charme van er gewoon zijn. Om je heen kijken. Adem in, adem uit. Hij voelt zich gered. Bevrijd van zijn eigen verveling. ‘Juist door die telefoon raak ik extra verveeld. Juist dat constante aanbod aan prikkels maakt dat je meer wilt…… Verveling en sociale media gaan hand in hand…

‘Weg met de linker hersenhelft dus. Laten we massaal zo’n operatie ondergaan, dan leven we langer. En er zullen minder rellen zijn, die komen nu eenmaal heel vaak voort uit louter verveling.

Maar ook terrorisme heeft die vervelende component. Jonge mensen, die zich de kolere vervelen vinden hierin een geweldige uitlaatklep voor hun frustraties. Ooit heel goed verwoord  door Doris Lessing in het boek: ‘De barmhartige terroriste’. Eigenlijk verplichte literatuur voor de middelbare school.

Tegenwoordig vervelen Moslimjongeren zich het meest, maar dat is niet altijd zo geweest. De Rote Armee Fraktion bestond uit blanke rijkeluiskinderen. Die zich stierlijk verveelden.

‘Verveel jij je wel eens Heks?’ Niet eens zo vaak. Zelfs al lig ik vaak dagen in bed te dweilen. Maar ik woon dan ook ongeveer in mijn rechterhersenhelft. De linker raadpleeg ik louter voor feiten en analyses…..

Terwijl ik dit schrijf kom ik een andere documentaire over verveling tegen. ‘Bloody mondays & strawberry pies’ Een onderzoek naar het vermogen van mensen om niets te doen. een andere invalshoek dus.

Alles is dus nog niet gezegd over dit strontvervelende onderwerp……

Oh ja, tijd gaat echt langzamer als je je verveelt. Althans dat lijkt zo. Dat komt omdat je hersens dan gek genoeg sneller gaan werken…….

ER IS NOG HOOP! CHECK VERVEELJENIET

Een nieuwe lente en een nieuw geluid? Ik ben blij dat er weer eens iemand naar me fluit! Heks wandelt met Varkentje door bloeiende Leidse Hout. Kippenpootjes en vreemde studies. Kinderlijke verwondering en je bent nooit te oud om iets te leren.

Vanavond wandel ik met Ysbrandt door het Leidse Hout. Het is verrukkelijk weer. Zacht en zwoel. Het bos staat in bloei. Moedertje Natuur in haar bruidskleed. De daslook, het fluitenkruid, verschillende bomen en heesters: Een witte bloemenvloed. Varkentje loopt er decoratief doorheen te snuffelen.

Traag treuzel ik langs de paden. Ik heb mijn fototoestel bij me en zet de telelens erop. Het begint al een beetje te schemeren, maar daar is mijn camera op berekend: Schemerstand uit de losse hand. Het is rustig in het bos, maar niet verlaten. Hier en daar lopen mensen te wandelen. De bankjes zijn zonder uitzondering bezet. Zelfs de elfenbankjes.

‘Wat een heerlijk weer, hè,’ ik begin een praatje met een olijke man. Hij staat de lege schaapskooi te bestuderen. Binnen de kortste keren hebben we een heel leuk gesprek over fotografie en camera’s. Zijn dochter heeft deze hobby. En de vader zit in het drukkersvak. Wat grappig toch weer, zo’n ontmoeting. Het lijkt op de tijd dat iedereen mijn partner was.  Die tijd voor de ontdekking van het fenomeen narcisme.

Als ik doorloop kom ik een man tegen met een klein wit hondje. Hij draagt het in zijn armen. ‘Ze heeft het warm,’ verklaart hij, ‘Ik wilde eigenlijk naar het strand gaan, maar het was al wat laat. Nou, als ik in de auto was gestapt was ik er al lang geweest.’ Hij lacht. ‘Maar hier is het ook niet verkeerd, ik heb net een gebraden kippenpootje gehad van die jongemannen daar. Ze hebben over, jij krijgt er vast ook eentje!’

Hout28

Iets verderop staat een picknicktafel volgeladen met etenswaren en drankjes. Er zitten vier jongens omheen. Ze lachen en praten. ‘Zal ik een foto van jullie maken?’ Dat mag. Maar dan moet ik wel een paar kippenpoten opeten.

‘Kom er bij zitten, wil je iets drinken?’ Een grappige gast met een hoge kuif is duidelijk de gangmaker. Hij maakt grapjes op het flirterige af: Een rascharmeur! Maar ook de andere jongens laten zich niet onbetuigd. Er vliegen wat vragen over en weer. De knapperd naast me studeert politieke geografie. Huh? Nog nooit van gehoord. Weer iets geleerd vandaag. Een heel interessant vakgebied volgens mij!

‘Wilt u ook een sigaret?’ Welja, waarom niet. Tevreden lurk ik aan een zware Marlboro. Zwabberig sta ik op. Helemaal licht in het hoofd. Het lijkt wel een toversigaretje.

Bij de pomp was ik mijn handen. Ze zitten helemaal onder de kippenkluivensmurrie. Ysbrandt heeft meegenoten van het diner. Hij is vooral gek op stukjes kraakbeen…

‘Veel plezier!’ roep ik naar mijn gastheren, ‘Bedankt voor de gastvrijheid!’ ‘We gaan je blog lezen, Heks, is dit em?’ Ik staar op het display van een telefoon. ‘Recepten van de Toverheks’ staat er. Ja. Verrek. Ze hebben em in de gauwigheid alweer gevonden. Midden in het bos.

Zo loop ik licht in mijn hoofd het laatste stuk richting uitgang. Het Hout is vergeven van de zoete bloesemgeuren. Ik begin weer lekker in mijn vel te zitten. Dat merk ik aan de enthousiaste reacties van al mijn partners. Ja, want narcisten en psychopaten ten spijt ga ik toch terug naar mijn oude overtuiging.

Dat als je liefde en compassie kunt genereren iedereen je partner is. Je hoeft er niet mee bevriend te zijn. En al zeker niet iedereen in huis te halen. En in die hele moeilijke gevallen van narcisme of psychopathie is veel afstand het beste. Misschien zelfs een straatverbod……

Maar je kunt om niemand heen. Uiteindelijk.

Interbeing noemt Thich Nath Hanh dat. We zijn niets zonder de ander. Of zoals ze het in het Taoïsme zeggen: De vogel wordt gevlogen (IPV de vogel is gevlogen…. 🙂 of de vogel vliegt), de vis wordt gezwommen. ….

Poes Pippi gaat een nachtje logeren bij haar beoogde minnaar Kokeshi. Vinden ze elkaar leuk? Gaat het lukken om deze knappe Cypertjes te koppelen? Kunnen we al een kruisje op de kalender zetten?

 

NEUKENDE leeuwen, VRIJDENDE leeuwen

Twee dagen na de plannenmakerij hebben we een dekkater voor mijn poes Pippi gevonden. De keus is gevallen op Kokeshi, ‘Japans voor lief, maar ook voor geil,’ aldus het baasje van deze stalion.

Gisterenavond is mijn krolse slettebakje nog druk aan het droogoefenen met haar vorige minnaar ThayThay, de boskat. Tevens vader van Bolster en Siep. Urenlang doet hij verwoede pogingen haar te bestijgen, terwijl zij knorrende geluidjes maakt.  Maar ja. Hij is een je-weet-wel-kater intussen. Hij kan de klus niet klaren. Wel heeft hij zijn vriendinnetje lekker opgewarmd voor haar grote avontuur…..

Kokeshi heeft gisteren ook geoefend. Op een keukenrol. Hij is overduidelijk geslachtsrijp. In feite krijgt hij de kans van zijn leven op een lekkere wip, want hierna is het knip knip: zijn balletjes eraf.

NEUKENDE katten, VRIJDENDE katten NEUKENDE katten, VRIJDENDE katten

Vanmiddag om kwart voor vijf stop ik Pippi in een vervoersmand. Ze is volstrekt overrompeld. Luid miauwend draait ze rond in haar mandje naast me in de auto. Af en toe geeft ze een kopje tegen mijn hand. Ysbrandt zit er beteuterd bij. Waar is de vrouw nu weer mee bezig?

NEUKENDE katten, VRIJDENDE katten

Het kleine huis van de bovenbuurman van Joy staat volgepakt met computers, geheugensystemen en meubilair. Een oer-Hollandse student sociologie met heel lang rastataar ontvangt ons allerhartelijkst. Hij is een echte kattenman, binnen de kortste keren zit hij Pippi te aaien. Ik heb haar op mijn schoot en voel haar hartje tegen mijn hand tekeer gaan. Maar terwijl ik haar aai, wordt ze snel rustiger.

NEUKENDE egeltjes, VRIJDENDE egeltjes

Joy is er ook. De katten van de bovenbuurman komen om beurten even kijken. Geen vechtpartijen. Klein beetje geblaas van Kokeshi. Lang niet verkeerd. We drinken thee en praten over van alles en nog wat. Maar vooral over katten natuurlijk.

NEUKENDE tapir, VRIJDENDE tapir

Dan laat ik Pippi los. Ze kruipt onder de bank. Klaaglijk mauwt ze over haar benarde situatie. Maar wie schets mijn verbazing, als ze na een kwartiertje haar koppie boven de bank uitsteekt. Kokeshi houdt vanuit een hoek van de kamer alles in de gaten.

NEUKENDE panda, VRIJDENDE panda

Na een uur wandel ik met Ysbrandt naar huis. De buurman belooft goed op te letten, dat mijn schatje niet stiekem de deur uit piept. Als er problemen zijn belt hij me. Ik kan binnen een kwartier ter plekke zijn. Vijf minuten als het moet. Tot nu toe heb ik nog geen bericht ontvangen. Geen idee of het al aan is tussen Pippi en haar beoogde minnaar. Ik wacht in spanning af……

NEUKENDE katten, VRIJDENDE katten

NEUKENDE PAARDEN, VRIJDENDE PAARDEN

 

NEUKENDE hondjes, VRIJDENDE hondjes

 

PARENDE,NEUKENDE TIJGERS, VRIJDENDE TIJGRS PARENDE,NEUKENDE SCHILDPAD, VRIJDENDE SCHILDPAD PARENDE,NEUKENDE STRUISVOGELS, VRIJDENDE STRUISVOGELS PARENDE,NEUKENDE NEUSHOORNS, VRIJDENDENEUSHOORNS PARENDE,NEUKENDE STRUISHYENA'S, VRIJDENDE HYENA PARENDE,NEUKENDE PAD, VRIJDENDE PADDEN