Die Jahreszeiten van Haydn klinkt behoorlijk kakofonisch tijdens de eerste repetitie met orkest. M’n oren tuten nog uren na. Maar ja. Ik zit dan ook opgevouwen tussen een klarinet en een schuiftrompet. Enigszins bedwelmd door de in het heetst van de strijd uitgestoten lichaamswalmen.

Zaterdag hebben we een oefendag met het koor. Tussen tien uur ’s morgens en een uurtje of drie ’s middags zingen we de hele Jahreszeiten door. Van achter naar voor, een persoonlijke voorkeur van onze dirigent.

Om een uurtje of tien sukkel ik de zaal in. Ik installeer me op mijn stoel met een mongoolse muts op mijn kop. En een bijpassende wollen deken om mijn schouders. Allemaal werk van de hand van Anna Rotteveel. Het staat heel apart en opvallend. Mooi. Dat leidt lekker af van mijn grafkop.

Beverig en bibberig zit ik het eerste deel uit, maar rond de lunch knap ik dan toch op. Ik krijg weer een beetje praatjes en flirt opgewekt met onze pianist. Ik frommel een broodje naar binnen en ga wandelen met VikThor. Die zit in de auto braaf op me te wachten.

Op kreukelige dagen met toch de nodige activiteiten moet ik mijn blafbeest  tussen de bedrijven door zijn broodnodige beweging geven. En dat lukt me aardig al zeg ik het zelf. Dartel rent hij voor me uit om de kerk heen. Achter de ramen zwaaien mijn vriendinnen uitbundig naar me. Alsof ik ze in geen tijden heb gezien. Haha. Ze zijn gewoon nieuwsgierig naar mijn hondje.

‘Jeetje, wat is hij groot geworden, Heks,’ verzucht Anna even later. Zij heeft hem alleen maar als pup gezien…..

download-45

Dinsdagavond oefenen we met orkest. Dat is altijd een enorme set back. Klinken we zaterdag nog overtuigend en to the point, terwijl we ons door de partituur galmen, vanavond is het opnieuw een worsteling. Om de juiste afstemming te vinden. Om te zorgen dat het 1 geheel wordt.

Zoals altijd vertrouw ik op onze onvolprezen dirigent. Hij maakt zich nooit druk. Blijft er lol in houden. Weet met een kwinkslag iedereen weer bij de les te krijgen. Houdt het absolute overzicht. Heeft een duidelijk einddoel voor ogen……

Na het inzingen loop ik naar mijn stoel. Goeie hemeltje. Ik zit ongeveer in het orkest. Weggepropt onder de oksel van de trombonist. Een dikke grove kerel met een pokdalige huid, het Chronische Slecht Humeur Syndroom en een grote bek, maar dat weet ik dan nog niet.

Vijf minuten later wel. Zodra ik me op mijn stoel heb laten glijden gaat de mafkees los. Alle alten zijn verbijsterd. ‘Wat een lomperik, Heks,’ sissen ze verontwaardigd in mijn verdrukte oren, ‘je zit wel erg in het verdomhoekje vandaag.’

Heks laat het maar voor wat het is. Ik ben moegestreden. Een gevecht met deze onbekende toeteraar staat niet bepaald op mijn to do list. Ik dien hem dan ook bot van repliek dat hij gemakkelijk dertig centimeter de andere kant op kan schuiven, waarop de lompe leiperd nog eens 10 centimeter mijn kant op komt!

Alle alten zetten grote ogen op. Ik zit het maar uit onder die stinkende oksel van zijn vettige geruite overhemd. Getsie.

Na de pauze is er opeens veel meer ruimte voor Heks. Stomverbaasd zie ik dat de botterik opeens wel die halve meter is opgeschoven. Hoe is dat nu opeens gebeurd? De man was niet van zins een duimbreed te wijken! Wie heeft dit voor elkaar gekregen?

‘Dat heb ik gedaan, Heks,’ zegt mijn maatje Anna vastberaden. Laat hij maar opkomen, die lompe kerel, schieten haar blauwe ogen vuur. Deze hoogbejaarde nachtegaal is toch maar mooi voor Heks in de bres gesprongen!

De andere alten zijn stomverbaasd als ze de metamorfose van mijn zitplaats zien. ‘Heeft Anna gedaan…..’ grijns ik. Een daverend lachsalvo is het gevolg. Haar kordate aanpak van die beer van een vent is zo komisch, het werkt op onze lachspieren. Grinnikend begin ik aan de tweede helft van de avond.

Oh, oh, wat is het toch heerlijk om hieraan mee te werken. Het is wel erg hectisch zo tegen een uitvoering aan. En ik zit nu net in een extra beroerde periode met mijn lijf.  Maar wat word ik gelukkig van het bezig zijn met zoiets moois en bijzonders.

Tijdens ‘Ach, das Ungewitter nahtkijk ik eens goed om me heen. Wat een kakofonie aan geluid! Hoe is het mogelijk dat we allemaal toch min of meer gelijk aan het einde van het stuk belanden? Wunderbar!

Dat komt door onze onvolprezen dirigent. Opgewekt schaaft hij aan overgangen. Zet puntjes op de i. Maant het orkest aan om wat zachter te spelen. Goh, nu hoor ik mezelf opeens weer.

En ja hoor, warempel. Na enige tijd begint het echt ergens op te lijken. Ik zit heerlijk te zingen op mijn stoel. Omdat ik nu weer wat ruimte heb kan ik lekker voorop mijn zetel gaan zitten, op mijn zitbotjes. Een methode overgehouden aan jarenlang boventonen zingen gezeten op een houten krukje. Mijn manier van staan tegenwoordig.

‘Ga je tijdens de uitvoering wel staan, Heks?’ vraagt een alt na afloop. Ja, normaal gesproken wel. Maar deze keer weet ik het niet zeker. Ik ben al blij als ik er bij ben, want het is maar naadje met de energie. ‘Ja hoor. Als het even kan wel,’ roep ik echter onbezorgd.

Wie dan leef, wie dan zorgt.

Nog anderhalve week en dan is het al zover. Ik moet intussen wel een beetje gaan sparen met mijn energie…..

Maar niet vandaag, Vanmiddag ga ik door de duinen wandelen met Saar. Gaan we onze hondjes weer de tijd van hun leven bezorgen.

Er zijn nog kaarten verkrijgbaar op de site van Ex Animo.

Een groot deel van de kerstdagen breng ik door in de BEDlehemkerk. Maar er wordt ook een subliem kerstdiner in elkaar geknutseld door Heks en Steenvrouw: Kalkoen à la Jamie!

‘Heks, wil je tweede kerstdag komen dineren?’ Ik wordt op het allerlaatste moment uitgenodigd bij oude vrienden van me. Ook de familie roert zich vlak voor kerst met allerlei in der ijl in elkaar geknutselde plannen. Helaas moet ik verstek laten gaan, gelukkig is er nog geen sprake van ‘wat doen we met Heks dit jaar?’: Ik heb al bezigheden! Steenvrouw en Heks gaan een kalkoen in de oven stoppen. Een megaproject.

Een paar maanden geleden zitten we al plannetjes te maken. ‘Zullen we het weer samen vieren? Met de kindertjes erbij?’ Al jarenlang komt mijn vriendin met haar grut op tweede kerstdag Chinees fonduen. Of eigenlijk Koreaans: Daarbij zit er een gloeiendhete bakplaat middenin de pan met bouillon.

‘Ik overleg het met de kids. Ze worden zo groot en hebben vaak zelf ook plannen.’ Een paar dagen later krijg ik uitsluitsel. ‘Mijn zoon vindt het superleuk als je komt, maar wil het graag een keertje thuis vieren. Dus je bent van harte uitgenodigd. Zullen we binnenkort overleggen wat we gaan koken?’

Ja, die kinderen zijn opgeschoten als kool. Ik zie Steenvrouw nog voorrijden met haar fietskar vol kleintjes. Nu fiets ik met zo’n kar. Met daarin een pup.

‘Zullen we dit jaar eens een echt kerstdiner doen? Iedereen maakt iets en we trekken ook deftige feestkleding aan?’ We zijn er snel uit. Een ouderwets kerstdiner met alles erop en eraan. Daar hoort natuurlijk een kalkoen bij!

Mijn vriendin heeft nog nooit zo’n monster in de oven gestopt. Heks heeft wel wat ervaring. Bovendien heb ik jaren het kunstje afgekeken van mijn vader: Hij was echt een geweldige kok. Dagenlang was hij met zo’n kalkoen in de weer. Een jaarlijks terugkerend fenomeen. ‘Ik heb dus ook nooit uitgedroogde plofkalkoen gegeten, zoals de halve wereld. En dat gaan we dit jaar ook niet doen!’ verzeker ik Steenvrouw.

De week voor kerst lig ik veel in bed. Ik ben toch zo slecht met mijn lijf. Een kerstboom is er niet bij dit jaar. Het idee zo’n loodzwaar onhandelbaar ding te moeten sjouwen en optuigen bezorgt me al spierpijn. Ook de andere versieringen blijven in de kast. Geen kersttafel vol engeltjes en chocolade. Geen ijsparadijs in mijn toilet. Ik koop alleen een paar plantjes en een bos amaryllissen.

Ook haal ik een wat vleeswaren, haring en wat Marokkaanse delicatessen. Daar moet ik het maar mee doen dit jaar. ‘Ha Toverheks!’ Ilias staat naar me te glimmen in zijn marktkraam. Sinds ik een keertje over hem heb geschreven, hij gaf me zo een pak geld mee toen ik mijn portemonnaie vergeten was,  zijn we dikke maatjes.

Hij strijkt met zijn hand langs zijn gezicht, trekt een uitgemergeld mummelmondje en kijkt me streng aan. Ja, ik weet het. Ik ben hartstikke mager momenteel. Het laatste jaar zijn er zomaar tien kilo’s overtollig lichaamsvet verdwenen. Nou ja, overtollig. Ze zaten me bepaald niet in de weg.

Niets ontgaat de scherpe blik van Ilias. ‘Magere vrouwen is niets gedaan. Daar doen we wat aan,’ spookt er ongetwijfeld door zijn hoofd. Hij zwiept een emmer verrukkelijke vissoep uit zijn voorraad omhoog. ‘Voor jou, Heks, kun je een beetje aansterken…..’ Hij kijkt naar mijn spierwitte bekkie. Pakt nog een emmer. En een groot Turks brood……. ‘Goed eten, lieve Toverheks.’ Hij deponeert zijn gulle gaven op mijn fietskar.

Goeie hemeltje. Ik kan de hele kerst aan de soep. Hoogstwaarschijnlijk zitten er gluten in, maar ik kan het niet over mijn hart verkrijgen om deze geschenken niet aan te nemen. Alleen het kijken naar de potten soep doet me al goed. Later waag ik me toch aan een bordje en inderdaad: Heel erg lekker.

Kerstavond lig ik in bed. Uitgeput. Ik slaap tot een uurtje of tien. Schrik wakker. Trek een kerstachtige outfit aan en spurt naar de kerk. Omdat ik laat ben zit ik helemaal achterin. Zoals altijd. Kortjakje in haar kerstpakje.

Eerste kerstdag slaap ik uit. In de loop van de middag meld ik me bij Steenvouw met een tas vol vergeten groenten. En een ijskoude fles bubbels.

De gehele week hebben we onafhankelijk van elkaar Jamie Olivers kerstrecepten bestudeerd. Ik heb hem allerlei verrukkelijke dingen zien uithalen met een kalkoen. Groenten zien roosteren. Verrassende vulling zien maken…..

Mijn vriendin heeft alle benodigde ingrediënten in huis gehaald. Spek, cranberries, rundergehakt alsmede een bakbeest van een scharrelkalkoen. Superieure kwaliteit. In haar tuin staan allerlei verse kruiden te overwinteren. Tevens heeft ze een paar grote ovens in keuken en bijkeuken. Kortom: We zijn er klaar voor.

Zo rommelen we een heerlijke vulling in elkaar. Stoppen gezamenlijk die hele pan vulling in het beest. Naaien em dicht met een takje Rozemarijn. Proppen doorgesneden clementines in zijn kont. Bekleden het geheel met spek. Leggen dit spectaculaire hoofdgerecht op een bedje van groenten in een grote ovenschaal……

Tussendoor gaan we heerlijk met het hondje wandelen. Tot slot maken we de fles bubbels soldaat. Heks zet allemaal lekkere liflafjes op tafel. En een bord vol haring. We hebben het verdiend. Morgen hoeft Steenvrouw de kalkoen alleen nog maar in de oven te zetten en een keer of driehonderd te bedruipen…….

Tevreden fiets ik aan het begin van de avond naar huis. Ik laat mijn hondje nog uitgebreid uitrennen langs de Vliet. Dan geef ik alle beesten eten en ga eventjes op bed liggen uitrusten. Strakjes ga ikzelf wel eten. Ik heb nog wat Indische afhaalchinees in de koelkast staan.

Als ik wakker schiet is het al midden in de nacht. Ik verzuim om te kijken hoe laat het precies is, maar ga eerst nog een laatste rondje met het hondje wandelen. Jeetje, wat is het stil op straat. Compleet uitgestorven.

Thuisgekomen zet ik mijn eten in de magnetron. Ik heb Ilias beloofd om beter en meer te eten, dus ik neem ook nog wat van zijn soep. Voor de televisie peuzel ik het op. Pas op dat moment krijg ik in de gaten dat het vijf uur in de morgen is. Ik zit in feite te ontbijten!

Natuurlijk kruip ik er nog een paar uur in. Ik wil graag okselfris zijn voor ons fenomenale kerstdiner!

 

 

 

 

 

Een belangrijk telefoontje en een duik in de gracht. Heks redt haar eigen pup van de verdrinkingsdood! En raakt daarbij zelf van de wal in de sloot…….

Zaterdagmorgen krijg ik mijn ogen met moeite open. De puppytraining vrijdagavond met aansluitend toch weer het aanhoren van een aantal mensen met hun probleemverhalen hebben met gevloerd. Ik kijk op mijn telefoon en zie dat het al bijna 11 uur is.

Er staan ook een flink aantal berichten op: Ik ben gebeld door een mij onbekend nummer, er is een voicemailbericht achtergelaten en ook nog een SMSje verstuurd. ‘Volgens mijn zit uw kat Snoetje momenteel in onze huiskamer.’  staat er. En iets verder ‘Snuitje bedoel ik’.

O jee, iemand heeft vast weer diezelfde Cyperse kat binnengehaald, die al diverse keren is opgepakt in de veronderstelling dat het Snuitje zou zijn. Het arme beest raakt nog eens getraumatiseerd van al die gevangenschap in vreemde huiskamers! Ik zal toch maar eventjes bellen om voor de zoveelste keer te zeggen dat dit echt mijn kat niet is……

De bel gaat.  Steenvrouw staat op de stoep. We drinken koffie, giechelen, wisselen nieuwtjes uit: ik ben die hele kat vergeten. Mijn vriendin is nog niet de deur uit of Buurman belt aan met hond Carlos. Of we gaan wandelen? Eerst nog meer koffie?

‘Ik moet allereerst maar eens eventjes over Snuitje bellen, iemand heeft haar weer gevonden, maar het zal wel weer om die uithuizige Cyper gaan hier uit de buurt….’ Ik draai het nummer. Buurman kijkt verwachtingsvol. Hij heeft goede hoop dat het om Snuitje gaat. Hij is dan ook nog niet zo vaak teleurgesteld.

Een jongeman pakt aan. Hij blijkt helemaal niet in mijn buurtje te wonen. Het gaat ook niet om de beruchte grote en jonge Cyperse buurtkat. Nee, dit poesje is klein en oud. Net als Snuitje. ‘Ze loopt hier al een paar maanden in de buurt rond.’ Ook dat klopt. ‘Ze kan geweldig schreeuwen om eten, het is echt een kletskous.’ Jee, dat klinkt als mijn Snuiterd.’ Mijn hart slaat een paar slagen over. Opeens heb ik haast om te gaan kijken.

De jongeman stuurt me een foto, waarop een minuscuul katje te zien is. Het is geen beste foto, maar toch herken ik mijn schatje direct. ‘Ze is het, 99.99999% zeker!’

Helaas kan ik niet direct komen, de jongeman zit op zijn werk. En zijn huisgenoot ligt nog te slapen. Hij blijkt een notoire nachtbraker te zijn. Nooit voor twaalven zijn bed uit. Een echte klassieke student! Om drie uur is hij klaar met sporten, dan kan je terecht!’ schrijft de onbekende kattenredder.

‘Laten we eerst maar eens de hondjes uitlaten, dan gaat de tijd ook sneller,’ Buurman sleept me mee voor een wandeling. We slenteren door een paar parkjes. De hondjes zijn door het dolle. Mijn hoofd tolt. Straks word ik misschien herenigd met mijn oudste kat. De grootmoeder van mijn hele kattenclan. Geweldig…….

Terwijl we in een parkje langs de Singel wandelen rent VikThor vrolijk voor ons uit. Op het terras van ‘De Grote Beer’ springt hij opeens over een muurtje. Om geheel te verdwijnen. ‘Plons’ horen we. Ik trek een sprintje naar de plek waar mijn hondje is verdwenen: Aan de andere kant verdwijnt de muur meters lager in de gracht. Een paniekerig hondje spartelt daar rond. En ik kan er met geen mogelijkheid bij.

Buurman rent naar de overkant van de gracht, maar ik heb me al over de muur laten zakken. Zonder ergens over na te denken plons ik in de gracht. Ik ga nog net niet kopje onder! Met een zwierige beweging zwaai ik mijn pup uit het water in de armen van een verschrikte bezoeker van het etablissement.

Mijn handtas smijt ik er achteraan. ‘Haal mijn telefoon eruit!’ commandeer ik. Dat ding moet zo snel mogelijk in veiligheid worden gebracht. Ik moet er niet aan denken dat ie het niet meer doet: Het telefoonnummer van de redders van Snuitje staat er in!

Ik schuifel langs de rand van de gracht naar een steiger verderop. Ik heb geen zin om te gaan zwemmen, mijn schouders zijn nog droog! Dat is al heel wat. Moeizaam hijs ik me op de kant. Druipend en wel.

Een serveerster uit ‘De Beer’ vraagt bezorgd of ze iets voor me kan doen. Ik zou niet weten wat. Een setje droge kleren zit er niet in op een koksmuts na dan. Hetgeen toepasselijk zou zijn gezien mijn naam en mooi zou staan op mijn heksenhoofd. Ook kan ik moeilijk in een taxi gaan zitten in mijn natte kloffie. Wel wil ik zo snel mogelijk naar huis. Het is niet al te ver lopen. Hooguit een kwartiertje…….

Buurman komt verschrikt aanrennen. Met een verholen olijke grijns op zijn snoet overigens. Die laatste verdwijnt niet meer. De hele ijskoude weg naar huis hoor ik hem heimelijk ginnegappen. Bol van de binnenpret brengt hij me tot voor mijn voordeur.

‘Ga maar snel onder een hete douche staan, Heks, zodat je geen kou vat,’ grijnst hij vriendelijk. Om er vervolgens vliegensvlug vandoor te gaan: Hij wil het verhaal graag aan zijn gade vertellen! ‘Ik hoop dat het Snuitje is!’ roept hij over zijn schouder, ‘Sterkte vanmiddag, lieve Heks!’

Hij heeft er toch niet zoveel vertrouwen in. Zo’n oude kat. Veertien weken weg. Het zal mij ook benieuwen. Onlangs zag ik een ongelofelijke Snuitje lookalike op de site van een Limburgs asiel. Zij was bij de vorige eigenaar weggehaald omdat ze veel te dik was! Er bleek achter het kleine koppie een enorm lijf schuil te gaan…….. Niet mijn kat dus. Die weegt maar een paar kilo……

Ik ga met VikThor onder de douche. Ik was het kroos uit onze oren en de bagger uit ons haar. Gelukkig is het grachtenwater niet meer wat het geweest is, anders waren we allebei doodziek geworden! Tegenwoordig is het Leidse grachtenwater van goede kwaliteit: Er worden zelfs zwemwedstrijden in gehouden!

Het kan altijd erger…….

 

 

 

Veranderen is voor anderen.Vaak delven we slechts meer van hetzelfde. Een moderne heks is maar iets geks.Toch?

Veranderen is moeilijk. Zo niet bijna onmogelijk. Vanaf het moment dat je je eerste gekrijs laat horen begint de computer in je kop allerlei patronen op te bouwen. Gelukkig maar, anders kon je niet functioneren.

Helaas is het razend lastig om zulk aangeleerd gedrag later weer af te leren. Als het je niet meer uitkomt om zo te reageren. Of wanneer je eigen gedrag tegen je werkt.

Nu ik mijn hondje zo snel zie opgroeien neem ik dit proces opnieuw waar. Mag hij de ene dag lekker trekken aan de riem, dan doet hij het de volgende dag natuurlijk ook. En als ik niet ingrijp sleurt mijn kereltje me over een klein half jaar dagelijks door de steeg……Je ziet al waar ik tegen aan loop met mijn lekkere ventje.

‘Springers zijn enorme trekkers aan de riem,’ vertelt de jachtdame me vorige week. ‘Ze willen alleen maar naar voren met alles wat in hen is. Prima voor de jacht natuurlijk, maar niet dagdagelijks tijdens het wandelen….. Het is echt iets waar je aandacht aan moet besteden. Hij zal je beslist niet uit het oog verliezen en altijd komen als je roept, maar trekken kan hij als de beste…..’

‘Laat hem zoveel mogelijk los lopen en alleen aan de riem als hij echt niet trekt. Dus kleine stukjes, zodat je het goed kunt oefenen….’

Lastig midden in de stad. Het is doodeng om zo’n baby op poten door de steeg te laten rennen. Behalve ’s nachts. Dan is er geen kip te bekennen.

Maar goed, dat is een pup. Alles ligt nog open. Moeilijker is het om gedrag te veranderen als het mezelf betreft. Mijn ingebakken please-aard zit op de schopstoel. En dat is verrekte lastig, gewend als ik ben het anderen naar de zin te maken. Begrijp me goed, ik heb het niet over compassie en dergelijke goede eigenschappen. Ik heb het over ingebakken please-gedrag.

Je bent zelf het middelpunt van het heelal. Dat geldt voor alles en iedereen. Wetenschappelijk bewezen ook nog. Alles begint en eindigt met jezelf.

We zijn echter ook niets zonder de ander. Alleen in samenhang met het geheel functioneren wij als onderdeel.

Ik bijvoorbeeld als Pleasezuster Bloedwijn. Niet fijn. Maar goed, verandering kost tijd. Het heeft heel wat voeten in de aarde. Dus voorlopig ben ik er zoet mee.

Het is zulk prachtig weer. Ik breng de dagen heel rustig door. Samen met mijn hondje en grote kattenfamilie. Het hele weekend houden we ons gemak. VikThortje heeft last van een wormenkuur en Heks ligt ook helemaal gestrekt.

Maandagavond ga ik lekker met mijn ventje op stap. Het is een zwoele zomeravond! We vlijen ons neer bij het Valkenburgermeertje. Ik bestel een zalige maaltijd tegen alle bezuinigingsmaatregelen in. Ach, ik neem het er nog maar eventjes van! Volgende maand kan het vriezen!

Ik lees een beetje in ‘De heks van Portobello’ van Paulo Coelho, een intrigerend boek. En daar vind ik een passage, die me diep treft. De hoofdpersoon Athena ontmoet een medeheks. Alleen weet Athena zelf nog niet dat ze een heks is!

Over de ontmoeting: ‘Als het geen toeval was, wat was het dan?’ (vraagt de hoofdpersoon aan de vrouw. Die denkt vervolgens:) ‘Ik had kunnen zeggen het was de Moeder. Sommige uitverkoren geesten zenden een speciaal licht uit, moeten elkaar tegenkomen. En jij bent één van die geesten, maar je moet hard werken om deze energie te kunnen aanwenden in je voordeel.’

‘Ik had haar kunnen uitleggen dat ze de klassieke weg volgde van de heks, die heel individueel en solistisch contact zoekt met de hogere en de lagere wereld, maar uiteindelijk altijd haar eigen leven verwoest: ze dient, ze geeft energie en ontvangt nooit energie terug.’

Tja. Misschien is veranderen van mijn Pleasezuster-Bloedwijn-aard te veel gevraagd. Wellicht is er weinig meer te doen aan mijn overontwikkelde zorgspier: Het hoort blijkbaar bij mijn heksennatuur.

Ik kan mezelf hooguit beter beschermen tegen volstrekte leegroof……

Suck it up, witch. Karma is a bitch…..

06e6155df2a60d1fee33c6a1fd62cc0f

watercolor_watermark

 

VikThor de Vliegende Vlek, vriend van eenhoorns en draken, redt de wereld van ‘HET KWAAD’ en andere onverkwikkelijke zaken!

dsc05104

In de gebaksschotel onder de tafel is het goed toeven…..

dsc05102

Ik ben zelf natuurlijk het lekkerste gebakje!

De hondsdagen zijn voorbij! Het waren zware weken, dus ik ben BLIJ toe! Terwijl ik gaar kook in mijn sop, maalt er van alles door mijn kop…. Ja, dat hoort er nu eenmaal bij.

Het is een rare zomer voor Heks. De hondsdagen  zijn letterlijk hondsdagen dit jaar. Daarnaast hebben we ook nog eens te maken gehad met geweldig hondenweer. Tot slot ben ik natuurlijk hondsmoe van die hondsdolle laatste periode met Ysbrandt……

Gelukkig vind ik nu niet meer alleen de hond in de pot ofwel strooibus bij wijze van urn, maar ook weer achter de voordeur! Nou ja, hond……De pup beter gezegd.

Mijn nieuwe huisgenoot begint zich al aardig thuis te voelen. Ook groeit hij als kool. Elke dag zie ik een paar nieuwe stipjes verschijnen op zijn witte vacht. Z’n vlekje is allang niet meer alleen daar op zijn kleine ruggetje: Hij eindigt waarschijnlijk als het paard van Sinterklaas. Maar dan de hondse versie daarvan!

Vandaag, donderdag, neem ik gas terug. Het plan om met Frogs op stap te gaan laat ik varen. Ik heb al drie dagen pijn in mijn arme buik. Negeren helpt niet. Het zal wel een simpel zomergriepje zijn, maar lekker is anders.

Dus lig ik lekker in mijn bedje. Vanmiddag fiets ik eventjes met VikThor naar het Bosje van Bosman. We rennen over het grasveld en zoeken een plekje halverwege. Een klein uurtje breng ik zo met mijn hondje door.

Elke avond brand ik een kaarsje voor Ysbrandt. Met wat wierook om mijn gebeden kracht bij te zetten. Ik mis Varkentje. Mijn lieve ouwe gabbertje. Daar is geen kruid tegen gewassen, zelfs geen geneeskrachtig pupgewas……

Binnenkort gaat het gewone leven weer beginnen. Vrienden komen terug van vakantie. De koorrepetities nemen weer een aanvang. Ik ga me weer met andere dingen bezig houden dan louter hondjes….

Mijn hoofd loopt nog regelmatig dezelfde gedachtengang na. Of ik dingen anders had kunnen aanpakken. Had ik Ys beter niet kunnen laten castreren dit voorjaar en die tumor maar moeten laten voor wat het was? Ben ik te laat met hartmedicatie begonnen? Het schijnt overigens zinloos te zijn om ermee te beginnen als er nog geen klachten zijn…. Had ik die uiterst zeldzame aandoening kaakmyositis niet eerder moeten ontdekken? Heb ik hem niet voortijdig de dood ingejaagd? En ga zo maar door.

Dat is de ellende als je een geliefd huisdier laat inslapen. Die beslissing is nauwelijks te nemen. Het gaat tegen al je verlangens in. Je loopt een beetje voor god te spelen, maar als je niks doet gaat je diertje door een hel! Kortom: Het houdt je nog geruime tijd bezig…

Deze zomer ben ik ook uit de depressie geraakt. Mijn verblijf in Plumvillage heeft me geen windeieren gelegd. ‘Als ik had geweten dat Yssie nog maar zo kort te leven had was ik nooit gegaan,’ zeg ik tegen Frogs. Toch is het voor mijn vertrek door me heengegaan dat zoiets zou kunnen gebeuren. Ik was er pas gerust op om te gaan toen ik wist dat Frogs de honneurs waar zou nemen.

Ach, arme Frogsie. Hij kwam wel van een hele koude kermis thuis na zijn vakantie. Goddank heeft Varkentje nog een paar weken bij hem gebivakkeerd vlak voor zijn dood. Een geluk bij een ongeluk voor mijn kikkervriend.

Je moet geen slapende honden wakker maken, dat weet iedereen. Maar dode honden bijten niet (al zien ze lelijk), ofwel van doden is geen gevaar te duchten. En: Komt men over de hond, dan komt men over de staart; als de grootste moeilijkheden overwonnen zijn, dan komt de rest vanzelf.

En tot slot een honds Leids glibberspreekwoord: Hij hep een goed hart. Ut had alleen gekookt op sun rug moete hange. Zo hoog dat de honde erbij kunne. (=Iemand is niet aardig)

Puppies! Hondjes! Jong grut! De doktersassistente is weer aan de hond. Een hond maakt gezond. Mijn trouwe vriend en leermeester wijkt alweer elf jaar niet van mijn zijde.Waflied op onze viervoetige vrienden.

Vandaag is het stralend weer. Tegen half elf sleur ik Varkentje door de stad richting dokter. Het is weer tijd voor mijn serie prikken. Twee keer per week B12, Gencydo ofwel citrus en Iscador ofwel Visca Album ofwel maretak.

Alle drie de prikken zijn loeders. Citrus prikt bijtend alsof je gestoken wordt door een megawesp. B12 is een kloterige spierprik. Vista Album heeft het in zich om een dode tot leven te wekken. Ingespoten ontstaan er een megamuggenbult, die dagenlang blijft zitten. Tegen de tijd, dat de zwelling eindelijk is verdwenen is het alweer tijd voor de volgende injectie….

Hoewel vervelend om te ondergaan is de uitwerking van deze serie fenomenaal. De citrus zorgt ervoor, dat ik verschoond blijf van bijholteontstekingen, de B12 doet wonderen voor mijn zenuwstelsel, de maretak tenslotte houdt me warm, werkt preventief tegen kanker en schroeft mijn immuniteit op. Pappen en nathouden, deze Heks.

‘Heb je al gehoord dat ik weer een hondje heb?’ De assistente kijkt me vrolijk aan. Ze heeft me al een tijdje niet geprikt, dus ik heb niets gehoord. Honden zijn voor veel mensen nu eenmaal geen onderwerp van gesprek. Behalve voor hondengekken, zoals wij.

‘Wat leuk, vertel, heb je een foto, is het een pup?’ Heks weet dat deze dame al jaren smacht naar een hondje nadat haar Jack Russel naar de eeuwige jachtvelden is vertrokken. ‘Nooit meer een Jack Russel!’ roept ze al tijden. Deze piepkleine hondjes zijn niet voor de poes. Ze hebben het karakter van een bloedhond. Niet in verhouding met hun kleine gestalte.

‘HIj is alweer vijf maanden hoor, maar wat een maanden! Het is toch zoveel werk, zo’n pup. Ongelofelijk!’ Heks herinnert het zich nog heel goed. Ik had een complete jet lag de eerste tijd met Ysbrandt. De godganse dag en nacht rende ik met een hondje onder mijn arm de trap af om hem een buiten een plasje te laten doen. Of een piepklein drolletje te laten draaien…..

Natuurlijk heeft ze foto’s. En ook een filmpje! Haar dochter van vijf staat naast haar nieuwe viervoetige vriendje. ‘Zit!’ roept moeder. De twee gaan zitten. ‘Lig!’ En hop, ze ploffen languit op de grond. ‘Buikje!’ Ze rollen allebei zijdelings een andere kant op. Wat grappig!

Mijn hondje is alweer een heer op leeftijd. ‘Loop een beetje door, oude man,’ mopper ik regelmatig als hij weer eens enorm loopt te sukkelen. Gelukkig is hij ook een beetje doof…..

Ik herinner me nog als de dag van gisteren, dat ik opeens met een hondje in een poezenmand naar huis reed. Een piepkleine pup. De eerste nachten sliep hij in mijn armen. Hij snikte als een kind om zijn moeder, broertjes en zusjes. Het is mijn beste vriend geworden. Eerst een kleuter, toen een peuter, toen een puber, jaren in de kracht van zijn leven en nu een oude man.

Ik dank godin op mijn blote knietjes dat dit ventje in mijn leven is gekomen. Elke ochtend staat hij te springen aan het voeteneind van mijn bed. ’s Avonds zit hij lekker tegen mijn knie geleund naast me. Dagelijks ben ik zielsgelukkig  als ik mijn kereltje achter een balletje zie rennen. Hij is mijn grote leermeester en mijn kleine schat. Woef!

Wandelen met mijn hondje: Landen in het nu. Zorgen lijken minuscuul. Ieniemienie Chiwawa-pup met hazenlip is groter! Kwetsbaarheid versierd met grappig neusje!

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

‘Agressieve of vervelenden mensen hebben zelf gewoon ergens last van. Die zitten niet lekker in hun vel,’ aldus mijn hondenvriendin.

Als ik laat in de avond de deur uit loop met mijn hondje lanceert de Zwarte Panter zich onder een geparkeerde vrachtwagen vandaan voor onze voeten. ‘Ha vrouw! Ik loop even gezellig mee!’ Hij geeft Ysbrandt een kopje en rent vrolijk achter ons aan. Met enige regelmaat zigzagt hij voor mijn hondje langs. Soms geeft hij hem een speelse poeier op zijn natte hondenneus……

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Dit ventje heeft een hazenlipje….

 

Terwijl ik zo loop glijden alle ergernissen van me af. Gedachten komen tot stilstand. Een diep besef, dat het zo ook kan doet zich aan me voor. Dit is dus wat er bedoeld wordt met loslaten.

Niet één of ander actief proces, waarbij je al je problemen nog eens de revue laat passeren. Ze zodoende aandacht gevend. Als water aan zaad. Nou ja, je weet wat er gebeurt als je zaadjes gaat besproeien. Dan gaat er van alles groeien….

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Met het flesje groot gebracht…

 

Maar gewoon lopen wandelen met je huisdieren, terwijl alle beslommeringen nihil worden. Alsof je er naar kijkt door een omgekeerde verrekijker!

Afgelopen weekend zie ik met Cowboy een vrouw op televisie. Een hippe hoogleraar hersenkunde. Ze legt uit, hoe je je hersenen kunt foppen met betrekking tot pijn. Als je met een vergrootglas naar een pijnplek kijkt, bijvoorbeeld een muggenbult, ervaar je die vele male pijnlijker. Als je daarentegen met een verkleinglas kijkt, verminderd je pijn.

De vrouw lacht koket in de camera. Ze heeft in elk item een nieuw outfitje aan. Ze heeft ook een goeie kleding-engel zo te zien!

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hondvrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Op het moment, dat ik het zie, erger ik me dood aan de kort door de bocht verbanden-leggerij. Met een lijf als het mijne, kan ik wel bezig blijven met dat verkleinglas. En de meeste pijnplekken zijn met het blote oog niet waarneembaar…..

Maar dat zaadjes-water-geef-verhaal draagt wel ditzelfde principe in zich…..

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Onafscheidelijk!

 

Later zien mijn lief en ik nog een programma rond de ijsman, Wim Hof. Cowboy is stiekem een fan van deze man. Het spreekt hem aan, dit ‘Wilskracht beheerst het zenuwstelsel’. 

De man is in het dagelijks leven best een stressventje. Maar zodra hij bewust gaat ademen in een grote bak ijs, in zijn zwembroek, verandert hij in een evenwichtig wezen. Hij heeft ook een leuke manier om anderen te bewegen om hetzelfde te doen. Tragiek in zijn persoonlijk leven jaagt een passie aan om zijn lijdende medemensen te helpen in balans te komen. Deze extreme manier is de zijne. Het past bij zijn karakter….

En het is nu ook wetenschappelijk bewezen, dat zijn methode werkt! Hij is er vol van.

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hondvrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Nou ja, ik zie mezelf niet in een ijsbad zitten. Maar in het nu komen lukt me wel. Met behulp van mijn have bijvoorbeeld.

Het heerlijke heilzame nu, waar leven is. Waar we weer communiceren met onze pijnappelklier, aldus Wim Hof. Waarin pijn naar de achtergrond verdwijnt. Van je afglijdt. Het nu laaft en troost. Het nu is er altijd. Het nu heeft geen einde en geen begin. Het is er gewoon. Elke dag weer.

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

Ik een rare neus?

 

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

‘Opereren is geen optie!’

 

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond

vrouw me hondje, chiwawa met hazenlip, gehandicapt puppy, pup, hazenlip, gek neusje bij hond