Eindelijk is het dan drie uur! We kunnen gaan kijken of de aanloopkat in de Kooij mijn wegloopkat is. Is ze werkelijk in een rechte lijn via de Haarlemmerstraat de stad uit gevlucht? Het lijkt er wel op!

 

Deze foto kreeg ik toegestuurd per sms. Of dit Snuitje is? Nauwelijks te zien, maar onmiskenbaar!

Snuitje poster

Zaterdag 22 oktober krijg ik plotseling bericht dat mijn kat Snuitje bij een paar studenten in de woonkamer zit. Aanvankelijk geloof ik mijn oren niet. Tot nu toe zijn dergelijke berichten nergens op uitgedraaid. Ook is mijn schatje al vanaf 25 juli zoek. Erg lang voor een piepklein poesje op leeftijd. Het zal wel weer loos alarm zijn. Toch ga ik achter de tip aan. Natuurlijk. Je weet maar nooit.

Het is een rare dag, die zaterdag. Eerst haal ik een nat pak, omdat mijn pup in de gracht springt. Daarna moet ik me een ongeluk haasten om droog en wel om drie uur op de stoep te staan bij de studenten.

ENORM UITVERGROOT ZIE JE HET IETS BETER……

Ik stuur een berichtje aan Joy en Boy, mijn grote kattenvrienden. ‘Snuitje is waarschijnlijk terecht. Ik ga vanmiddag kijken of zij het is!’  Dit onvolprezen liefdespaar heeft me enorm geholpen met het zoeken naar Snuitje. Toen ik zelf te druk was met mijn stervende hondje bleef dit stel onverminderd actief speuren naar mijn weglopertje. Overal in de stad hingen zij posters op. Hele straten werden geflyerd…….Ze gluurden door ramen en luiken. Gingen achter elke tip aan…..

Om half drie staan ze voor mijn neus. Ze gaan natuurlijk met me mee! VikThor wordt in de fietskar geladen. Zijn oude behuizing, een katten vervoersmand hangt schoon aan mijn stuur. Daar kan Snuitertje straks in. Als ze het is…..

“Ik ben hartstikke zenuwachtig,’ verwoordt Joy mijn gevoel. We zijn al zo vaak teleurgesteld. Bovendien: Zo’n oud katje, zo lang van huis! Niet gewend aan het buitenleven. Als ze het is, hoe zal ze er aan toe zijn?

In colonne fietsen we de stad uit. Hobeldebobbel langs de Oude Vest richting Haven. Onder de Zijlpoort door over de Singel en in een rechte lijn de Lage Rijndijk op. Tot vlak voor de Spanjaardsbrug.

Hier moeten we zijn. Ergens in deze huizen zit een kat, die verdacht veel op de mijne lijkt. Ik bekijk de gevel. Het opgegeven adres is op de eerste verdieping. Het is tegen drieën. We bellen aan.

Er gebeurt helemaal niets. De deur gaat niet open. Het huis oogt uitgestorven.

Een buurman komt aangelopen. Een oudere jongere zo te zien met wortels in de gabber sien. Hij kent dat katje wel. ‘Ze loopt hier al maanden te miauwen. Je kunt haar heel gemakkelijk over haar buikje aaien, ze gaat er helemaal voor liggen. Die student ligt vast nog in zijn bed…….’

Eindelijk thuis en dan is er die vreemde hond! En waar is Ysbrandt eigenlijk!?

Een buurvrouw voegt zich bij ons. Een vrijgezelle tante met haar op bovenlip en tanden. Ze sjouwt een grote tas boodschappen naar binnen. ‘Ja, die kat is duidelijk verdwaald. Ik heb de dierenambulance een keer gebeld. Maar die zijn niet geweest……’

Wat een verhalen toch weer. Maandenlang miauwen in een paar ienieminituintjes! Hoe is het nu mogelijk dat niemand die kat gewoon een keertje bij het asiel op een chip heeft laten checken? Of eventje heeft gekeken op de site van Amivedi of Mijn dier is zoek? Daar stond mijn schatje levensgroot als vermist geregistreerd. Met een goed lijkende foto!

‘Ik ga toch eventjes aan de achterkant kijken of ik dat gevonden katje in een tuin zie zitten. Of op het balkon bij die studenten…..’ zegt mijn vriendin. Samen met haar liefje spoeden ze zich achterom een brandgang in. Ik blijf verwoed naar de gesloten voordeur staren.

Mijn magische blik lijkt te werken, want plotseling zwaait de deur open. Een frisgewassen jongeman lacht me vriendelijk toe. ‘U bent de dame van de kat. Nou, ik hoop dat het Snuitje is, want ze moet echt  hoognodig naar haar eigen huis. Ze kan helemaal niet overweg met mijn eigen kat. Die zit uit frustratie op het balkon!’

Joy

Ik snel achter hem aan de trap op. Waarschijnlijk brabbel ik iets terug, maar ik zou niet weten wat precies. Ik wil alleen maar naar mijn kat. Als het haar is. Nu. Eindelijk!

Bovenaan de trap is een halletje. En daar komt me een piepklein poesje tegemoet lopen. Ongeveer de helft van Snuitje. Maar het is Snuitje! Echt waar. Er is alleen niet zoveel van haar over…..

Ik pak haar verrukt op, geef haar een knuffel en probeer haar in de vervoersmand te stoppen. Intussen zijn Joy en Boy ook boven gekomen. Hun teleurstelling dat de Cyperse kat op het balkon van de studenten Snuitje niet is, dat het dus weer loos alarm is, maakt plaats voor vreugde. Mijn net hervonden kat ontsnapt in de consternatie en ik moet flink achter haar aan om haar weer te pakken te krijgen.

Ondankbare monsters zijn het toch. Katten. Zo ook deze: Helemaal niet blij om me te zien. Totaal niet geïnteresseerd om naar huis te gaan……

Niet veel later fietst de karavaan weer richting binnenstad. Joy haalt onderweg een taartje voor de heren studenten en voegt zich later weer bij ons. Thuisgekomen komt dochter Pippi direct kijken. Hoera! Moeders is weer terug. Liefdevol geeft ze haar kopjes en likjes. De rest van de katten volgt. Om de beurt koekeloeren ze naar dit magere scharminkeltje. Natuurlijk herkennen ze haar. Maar ze vinden het toch raar. Echt waar.

Het heeft heel wat voeten in de aarde om mijn ouwetje er weer bovenop te krijgen. Een infuus bij de dierenarts. Speciale verrijkte voeding, want ze is eenderde van haar gewicht kwijt. Heel veel rust en speciale aandacht…….

‘Ik voer haar met een theelepeltje. Dat vindt ze fijn. De eerste dagen kreeg ik er bijna niets in. Haar darmpjes lagen helemaal stil. Er zaten een paar keiharde versteende keuteltjes in. Gelukkig is de boel nu weer op gang gekomen. Maar we zijn er nog niet. Ze is nog helemaal niet de oude,’ vertel ik Steenvrouw, als ze bij Snuitje komt kijken.

Ook Trui brengt een bezoekje. Ze was tenslotte bij de geboorte van mijn ouwe kattekop. Haar kat Loetje is namelijk de moeder van Snuit.

En gaat ze het redden? Komt ze er bovenop?

Volgens de dierenarts is ze zo gezond als een vis. Geen gekke dingen. Alleen volledig uitgedroogd en ondervoed…..

Boy

Gek toch dat mensen mijn moeilijk benaderbare panter altijd eten willen geven, terwijl hij er gezond en doorvoed uitziet. Moeiteloos scoort hij muizen en andere kleine beestjes als lunch en tussendoortje. Toch was er laatst weer een buurvrouw die hem zonder zich af te vragen of het beest daadwerkelijk een zwerver is in de kost heeft genomen. Ik heb haar moeten bezweren om ermee op te houden. Op straffe van een bezoek van de wijkagent!

Maar mijn zeer toegankelijke binnenkat Snuitje, oud en uitgemergeld, niet gewend op muizen en vogels te jagen, volledig ondervoed en uitgedroogd…. Geen mens die op het idee kwam om haar te helpen. Maandenlang moest ze zich maar zien te redden. Haar scharminkelige lijfje getuigt hiervan.

Uiteindelijk heeft ze zich permanent toegang verschaft tot het huis van de studenten. Pas zeer recent. En die hebben toen bij toeval een poster zien hangen in de stad. Opgehangen door mijn vrienden. In hun eindeloze ijver om Snuitje thuis te brengen.

Deze week zit ik in de keuken met al mijn katten. Zelfs de panter is van de partij. VikThor stuitert er vrolijk tussendoor. Ik voel Ysbrandts geestige snuit duwen tegen mijn kuiten…… Eindelijk voelt het weer compleet hier in Huize Heks!

en een hele blije Heks


 

 

 

Een belangrijk telefoontje en een duik in de gracht. Heks redt haar eigen pup van de verdrinkingsdood! En raakt daarbij zelf van de wal in de sloot…….

Zaterdagmorgen krijg ik mijn ogen met moeite open. De puppytraining vrijdagavond met aansluitend toch weer het aanhoren van een aantal mensen met hun probleemverhalen hebben met gevloerd. Ik kijk op mijn telefoon en zie dat het al bijna 11 uur is.

Er staan ook een flink aantal berichten op: Ik ben gebeld door een mij onbekend nummer, er is een voicemailbericht achtergelaten en ook nog een SMSje verstuurd. ‘Volgens mijn zit uw kat Snoetje momenteel in onze huiskamer.’  staat er. En iets verder ‘Snuitje bedoel ik’.

O jee, iemand heeft vast weer diezelfde Cyperse kat binnengehaald, die al diverse keren is opgepakt in de veronderstelling dat het Snuitje zou zijn. Het arme beest raakt nog eens getraumatiseerd van al die gevangenschap in vreemde huiskamers! Ik zal toch maar eventjes bellen om voor de zoveelste keer te zeggen dat dit echt mijn kat niet is……

De bel gaat.  Steenvrouw staat op de stoep. We drinken koffie, giechelen, wisselen nieuwtjes uit: ik ben die hele kat vergeten. Mijn vriendin is nog niet de deur uit of Buurman belt aan met hond Carlos. Of we gaan wandelen? Eerst nog meer koffie?

‘Ik moet allereerst maar eens eventjes over Snuitje bellen, iemand heeft haar weer gevonden, maar het zal wel weer om die uithuizige Cyper gaan hier uit de buurt….’ Ik draai het nummer. Buurman kijkt verwachtingsvol. Hij heeft goede hoop dat het om Snuitje gaat. Hij is dan ook nog niet zo vaak teleurgesteld.

Een jongeman pakt aan. Hij blijkt helemaal niet in mijn buurtje te wonen. Het gaat ook niet om de beruchte grote en jonge Cyperse buurtkat. Nee, dit poesje is klein en oud. Net als Snuitje. ‘Ze loopt hier al een paar maanden in de buurt rond.’ Ook dat klopt. ‘Ze kan geweldig schreeuwen om eten, het is echt een kletskous.’ Jee, dat klinkt als mijn Snuiterd.’ Mijn hart slaat een paar slagen over. Opeens heb ik haast om te gaan kijken.

De jongeman stuurt me een foto, waarop een minuscuul katje te zien is. Het is geen beste foto, maar toch herken ik mijn schatje direct. ‘Ze is het, 99.99999% zeker!’

Helaas kan ik niet direct komen, de jongeman zit op zijn werk. En zijn huisgenoot ligt nog te slapen. Hij blijkt een notoire nachtbraker te zijn. Nooit voor twaalven zijn bed uit. Een echte klassieke student! Om drie uur is hij klaar met sporten, dan kan je terecht!’ schrijft de onbekende kattenredder.

‘Laten we eerst maar eens de hondjes uitlaten, dan gaat de tijd ook sneller,’ Buurman sleept me mee voor een wandeling. We slenteren door een paar parkjes. De hondjes zijn door het dolle. Mijn hoofd tolt. Straks word ik misschien herenigd met mijn oudste kat. De grootmoeder van mijn hele kattenclan. Geweldig…….

Terwijl we in een parkje langs de Singel wandelen rent VikThor vrolijk voor ons uit. Op het terras van ‘De Grote Beer’ springt hij opeens over een muurtje. Om geheel te verdwijnen. ‘Plons’ horen we. Ik trek een sprintje naar de plek waar mijn hondje is verdwenen: Aan de andere kant verdwijnt de muur meters lager in de gracht. Een paniekerig hondje spartelt daar rond. En ik kan er met geen mogelijkheid bij.

Buurman rent naar de overkant van de gracht, maar ik heb me al over de muur laten zakken. Zonder ergens over na te denken plons ik in de gracht. Ik ga nog net niet kopje onder! Met een zwierige beweging zwaai ik mijn pup uit het water in de armen van een verschrikte bezoeker van het etablissement.

Mijn handtas smijt ik er achteraan. ‘Haal mijn telefoon eruit!’ commandeer ik. Dat ding moet zo snel mogelijk in veiligheid worden gebracht. Ik moet er niet aan denken dat ie het niet meer doet: Het telefoonnummer van de redders van Snuitje staat er in!

Ik schuifel langs de rand van de gracht naar een steiger verderop. Ik heb geen zin om te gaan zwemmen, mijn schouders zijn nog droog! Dat is al heel wat. Moeizaam hijs ik me op de kant. Druipend en wel.

Een serveerster uit ‘De Beer’ vraagt bezorgd of ze iets voor me kan doen. Ik zou niet weten wat. Een setje droge kleren zit er niet in op een koksmuts na dan. Hetgeen toepasselijk zou zijn gezien mijn naam en mooi zou staan op mijn heksenhoofd. Ook kan ik moeilijk in een taxi gaan zitten in mijn natte kloffie. Wel wil ik zo snel mogelijk naar huis. Het is niet al te ver lopen. Hooguit een kwartiertje…….

Buurman komt verschrikt aanrennen. Met een verholen olijke grijns op zijn snoet overigens. Die laatste verdwijnt niet meer. De hele ijskoude weg naar huis hoor ik hem heimelijk ginnegappen. Bol van de binnenpret brengt hij me tot voor mijn voordeur.

‘Ga maar snel onder een hete douche staan, Heks, zodat je geen kou vat,’ grijnst hij vriendelijk. Om er vervolgens vliegensvlug vandoor te gaan: Hij wil het verhaal graag aan zijn gade vertellen! ‘Ik hoop dat het Snuitje is!’ roept hij over zijn schouder, ‘Sterkte vanmiddag, lieve Heks!’

Hij heeft er toch niet zoveel vertrouwen in. Zo’n oude kat. Veertien weken weg. Het zal mij ook benieuwen. Onlangs zag ik een ongelofelijke Snuitje lookalike op de site van een Limburgs asiel. Zij was bij de vorige eigenaar weggehaald omdat ze veel te dik was! Er bleek achter het kleine koppie een enorm lijf schuil te gaan…….. Niet mijn kat dus. Die weegt maar een paar kilo……

Ik ga met VikThor onder de douche. Ik was het kroos uit onze oren en de bagger uit ons haar. Gelukkig is het grachtenwater niet meer wat het geweest is, anders waren we allebei doodziek geworden! Tegenwoordig is het Leidse grachtenwater van goede kwaliteit: Er worden zelfs zwemwedstrijden in gehouden!

Het kan altijd erger…….

 

 

 

Prachtig concert van Marco Beasley in de Waalse kerk te Amsterdam! Een weldaad voor het oor en balsem voor de ziel: Tegengif tegen het gemiddelde geblaat van de modale geit. Mezelf niet uitgezonderd……

Donderdag neemt Fiederelsje me mee naar een mooi concert in Amsterdam. Haar man is in de lappenmand, hij moet het helaas laten afweten. Heks krijgt echter zijn kaartje cadeau! Wat een buitenkansje! Het is een prachtig concert van de wereldberoemde tenor Marco Beasley.

Deze Italiaanse zanger heeft de wereld van de Oude Muziek op zijn kop gezet met zijn eigen manier van zingen. Geen geknepen geknerp of andersoortige artificiële smurfzangtechnieken: Nee. ‘De natuurlijke stem’ klinkt ons hier tegemoet! Ongekunsteld! Fris!

Op de heenweg banen we ons een weg door de volgepakte hoerenbuurt. Het is ongelofelijk druk op de Wallen: Je kunt over de heetgebakerde hoofden lopen. Dat is waarschijnlijk het enige waar hoofden hier voor worden worden gebruikt. Niet voor enig richtinggevoel in elk geval. Die wordt louter bepaald door achter een lager gelegen orgaan aan te lopen……. Prachtige jonge vrouwen staan voor de ramen in hun blote niksniet. Verlekkerde kerels sjouwen er in groepjes langs.

Wat een hopeloze vertoning toch weer. Wat een rare energie hangt hier toch….. Een schril contrast met het publiek van grijze permanentjes in de Waalse kerk waar het concert plaatsvindt.

©Toverheks.com

Een groter tegenstelling in sfeer met het komende concert is nauwelijks denkbaar. Gaat het hier om louter seks met een volstrekt vreemde anonieme paardenpiemel, de liederen van het concert gaan louter over de liefde. In al haar prachtige hoedanigheden.

Ook de ondeugende en frivole….. Met uitsluiting van betaalde liefde dan. Wat ook geen liefde is natuurlijk. Vandaar. Het enige anonieme aan de liederen is over het algemeen de auteur…..

Heks kletst onder het lopen een beetje over iemand in een moeilijke situatie in haar directe omgeving, waar ik het vreselijk mee te doen heb: ‘Ze zullen je zomaar je baby afpakken!’ Ik vertel over een vergelijkbaar geval in de show bij Doctor Phil wat wel goed is afgelopen.

‘Hou op, Heks, met dat ellendige verhaal. Mijn energiedepot loopt helemaal leeg van zulke narigheid!’ wuift mijn vriendin vermanend. Ze heeft gelijk. Zonde van deze avond al die ellende.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Tijdens het concert genieten we met volle teugen. Al onze batterijen worden opgeladen. Zelf die van onze debiele telefoon! We stromen vol met liefde en vreugde. Vanaf de allereerste noot ben ik helemaal in de ban van de prachtige stem van deze man! Een juweeltje werkelijk! Fantastisch!

©Toverheks.com

We kopen een CD en Marco signeert em voor ons. Het is maar een piepkleine mooie man, hij komt net tot mijn navel. Maar zijn stem is groots. Fenomenaal. ‘Dank u wel voor het schitterende concert,’ lispelen we devoot. De zanger glimlacht bescheiden en charmant. Ja, die Italiaanse mannen zijn me toch wat!

Op de terugweg scoren we een patatje. Zo lekker, jammie. Dat maakt de avond helemaal af! De hele weg terug zitten we na te genieten en te zwijmelen. ‘Hier kan ik voorlopig wel eventjes op voort,’ straalt mijn vriendin. Ik beaam dat glunderend. Wat een heerlijke avond! Balsem voor de ziel!

Later thuis zet ik de CD van het gezelschap op. Met VikThor in mijn armen luister ik naar alle nummers. Zelfs mijn hondje wordt helemaal rustig en blij van deze prachtige muziek! Ik zet mijn leesbril op en bestudeer de teksten.

Ik wil vaker zulke heerlijke avonden. Zonder zeikverhalen van mezelf. En al helemaal niet van mijn medemensen. Ik ga gewoon net als mijn vriendin zeurende mensen de mond snoeren zodra ze beginnen te mekkeren. Ze heeft me op een idee gebracht.

En eerlijk gezegd valt het reuze mee als je het ‘mond snoeren’ aan den lijve ondervindt. Het is lang niet zo kwetsend als ik altijd dacht. Wel duidelijk. En geheel legaal!

©Toverheks.com

Ik moet maar eens ophouden om mijn bestaansrecht te ontlenen aan het geven van aandacht. Ik mag paal en perk stellen aan mijn functie als praatpaal. Zelf ratel ik ook niet meer zoveel als vroeger. Want heus, ik kon er ook wat van! Het is veel stiller geworden vanbinnen. Dat wil ik graag zo houden……

Ik ga een dag of wat later direct de mist in en luister toch weer naar een sappig vreemdgangverhaal van de bovenste plank waar ik helemaal geen zin in heb. Het is een geweldig leuk persoon die het me vertelt, maar de geheel voorspelbare geschiedenis doet in mijn optiek afbreuk aan haar eigenwaarde.

©Toverheks.com

Tja. Iedereen moet zelf maar weten wat ie doet en laat: Ik heb persoonlijk een bloedhekel aan ontrouw en alles wat ermee samenhangt, maar iedereen wil die onzin altijd aan me kwijt! Maar goed, ik zie het mezelf in elk geval fout doen. Volgende keer beter.

Leuk filmpje (van 10 uur!): Bla Bla Bla van Gigi D’Agostino

 

©Toverheks.com op tekening van Gigi D’Agostino

 

Spreken is zilver, zwijgen is fout? Luister eens naar jezelf voor de verandering: Aandacht is als zonneschijn!

De afgelopen week heb ik een indringende nachtmerrie. Een wildvreemde vrouw zwaait ongeduldig met haar hand in mijn richting; wuift me als het ware weg. ‘Laat me eventjes uitpraten,’ roept ze geïrriteerd. Haar gezicht staat op storm.

Ik zit al uren naar haar te luisteren. Ik ben bijkans bewusteloos geluld. Toch mag ik niets zeggen. Laat staan reageren. Dan schrik ik wakker.

Wat een gekke droom toch weer. Er zijn wel verbanden met de werkelijkheid, maar toch is alles weer anders. Er wuift wel eens iemand met een nijdig handje naar me, terwijl er op hoge toon geroepen wordt: ‘Laat me eventjes uitpraten.’ Dat is echter geen wildvreemde. Juist iemand waar ik veel van houd!

Maar ik maak het ook vaak genoeg mee, dat er niets op boze toon wordt gezegd, maar dat iemand gewoon maar doorkletst en doorkletst. Ondanks het feit dat de toehoorder, ik dus, compleet op apengapen ligt. Ondanks mijn verwoede pogingen het gesprek te beëindigen……

Om een gesprek te beëindigen moet je er eerst tussen zien te komen…….

images-24

Ook valt het me de laatste tijd op dat mensen niet veel aanmoediging nodig hebben om al hun rotzooi te spuien. Bakken verbale diaree worden er dan over je heen gestort. Als ik zelf eens iets meemaak, mijn geliefde ouwe hond gaat bijvoorbeeld dood en mijn bejaarde kat loopt weg, dan wordt dat regelmatig door de persoon tegenover me gezien als aanleiding  om met alle dooie of halfdooie huisdieren die de persoon zelf ooit heeft gehad of verloren op de proppen te komen.

Waar ik mijn verhaal beknopt houd en ervoor waak om me niet publiekelijk te wentelen in mijn ellende, krijg ik van de andere partij alle kots, poep, pus en bloederige prutverhalen te horen.

Met mijn ‘ziek zijn’ werkt het net zo. Het feit dat Heks van alles mankeert wordt al sinds jaar en dag gezien als een open invitatie voor Jan en Alleman om de eigen kwaaltjes te bespreken. Van aambei tot klapperkloot: Heks moet het aanhoren.

Soms vraagt iemand hoe het met mij gaat om nog voordat ik iets terug kan zeggen over de eigen ellende te beginnen…..

Ikzelf praat zelden over mijn fysiek ongemak. Ik heb wel wat beters te doen. Ik vind het geen gespreksonderwerp.

Bovendien kan ik wel aan de gang blijven. Als ik al mijn mankementen wil bespreken ben ik dagen bezig….. 😉

Luisteren met compassie, door Thich Nhat Hanh  ‘Deep listening’ genoemd, is bijzonder heilzaam. ‘Aandacht is als zonneschijn,’ heet 1 van zijn prachtige boeken. Het is zo. Je ziet mensen gewoon opknappen als je eens echt naar hen luistert.

Wat Heks echter doet is een doorgeschoten versie van deze verder prima eigenschap. Ik laat iemand rustig tien jaar tegen me aan mekkeren over een verbroken relatie. Of over andere uitzichtloze problematiek. Toen ik zelf echter groot liefdesverdriet te verstouwen kreeg sommeerden exact diezelfde mensen me na twee weken om er over op te houden. Ze waren die verhalen zat!

Heks is aangewezen op een therapeut als ze wil dat er echt naar haar wordt geluisterd……

Ach ja. Ik ben er natuurlijk zelf bij. Bij al dat geluister. Het zijn mijn flappers, die zachtjes heen en weer wuiven in een poging tot begrip. Ik ben het die ruimte schept voor de ander om zijn of haar verhaal te doen. Ten koste van mijn eigen space blijkt nu!

images-26

Veranderen is zo moeilijk. Je doet het al jaren zus of zo. Je wilt de ander niet kwetsen. Je weet hoe belangrijk een beetje aandacht is: Het is als zonneschijn! Levensbrengend!

Afgelopen week zit ik in de auto. Ik geef iemand een lift. We hebben gemediteerd. Ik ben best moe. Ook moet ik rijden, dus dat vergt al mijn aandacht. Mijn passagier zit tegen me aan te kletsen. Hele verhalen, die ik maar moeizaam kan volgen, want ik ben zo gaar als boter. Dan wordt mijn mening gevraagd. Over dit, over dat. Zodat ik wel moet opletten……

Dus zeg ik iets terug. Probeer van onderwerp te veranderen.

Tot drie keer toe krijg ik te horen, dat ze toch echt haar verhaal wil afmaken. Welk verhaal? Het is een eindeloos verhaal. Maar zodra Heks iets zegt wordt ze streng terecht gewezen. ‘Ik wil wel graag eventjes dit afmaken. Bladiebladiebla, wat vind jij? Zou dat hier of daardoor kunnen komen?’ Om zonder mijn reactie af te wachten alweer aan het volgend vertelseltje te beginnen.

Er wordt wat afgeleuterd in de wereld. Tegen de tijd dat we weer in Leiden zijn ben ik een beetje dol. Mijn hoofd is rommelig en onrustig. Het effect van de meditatie is volstrekt teniet gedaan.

Volgende keer zet ik muziek op en hang mijn bordje Noble Silence om mijn nek. Vanaf nu wil ik in volstrekte stilte naar huis rijden na zo’n avond. Wie mee wil rijden moet maar zwijgen.

En als zo’n ‘monologe interieur’ type ooit nog tegen me begint dat ik hem of haar moet laten uitpraten: Dan kan die persoon direct op- of uitstappen. Ik ben het eeuwige geluister zat. Ik wil niet langer door Jan en Alleman sufgeluld worden.

Geen monologen meer, maar een dialoog. Communicatie gaat heen en weer en is geenszins éénrichtingsverkeer…..

Aandacht is als zonneschijn. Ieder mens knapt ervan op. Elk mens heeft het nodig. Je kunt dan ook niet verwachten dat iemand het alleen maar geeft.

Hoe zeg je vriendelijk tegen iemand dat diegene moet stoppen met tegen je praten als dat niet nodig is

wat is het verschil tussen praten mét en praten tégen iemand?

unknown-15

Noble Silence stilte voor de storm?Heks snoert zichzelf de mond; soms heel gezond. En wandelen met Kras: Bepaald niet in stilte!

VikThor groeit de pan uit. Als kool. Ik zie hem omhoogschieten. Ik hoor hem piepen en kraken in zijn voegen als hij slaapt. In twee maanden tijd is hij verviervoudigd….

Mijn leven draait al maandenlang om mijn hondjes. Eerst rond de verpletterende verpleging van mijn oude knarretje en nu rond de intensieve verzorging van mijn kleine pup. Tussendoor lig ik gestrekt. Er komt niet veel zinnigs uit mijn handen op een paar potten jam na. Mijn mond produceert louter geleuter. Daarom houd ik em maar zoveel mogelijk dicht.

Dat lukt niet altijd. Er zijn dagen dat ik toch maar weer zo’n beetje gezellig voor me uit loop te zwammen. Redenerend in de ruimte. Orerend tegen de wind. Als de eerste beste mafketel. Een kattenvrouwtje met gebrek aan gesprekspartners. Een zonderling zonder gezelschap.

Dinsdagavond loop ik weer eens in mezelf te kletsen. Hele verhalen houd ik ‘Ins Blaue hinein’. Goeie hemeltje. Wat zeg ik toch allemaal? Blablabla. Een monologe interieur van heb ik jou daar. Ik wil er zelf al niet naar luisteren, laat staan een ander. Zo vermoeiend…..

Ik pak mijn bordje met ‘noble silence’ van de kapstok en hang het om mijn nek. Er is geen mens in mijn buurt te bekennen, die me tot een gesprek zou kunnen verleiden. Toch acht ik deze ingreep noodzakelijk. Mijn interne geleuterkoek moet aan banden gelegd. Ik word moe van mezelf.

Er zijn ook dagen dat de stilte me te pakken heeft. Dat er rust en zachtheid heerst vanbinnen. ‘Het gaat de goede kant op,’ denk ik dan, ‘Mijn eindeloze woedende scheldpartijen zijn praktisch van de baan. Ik kan de zon weer in het water zien schijnen. Ik zie door de bomen het bos weer….’

Mijn hondje groeit tegen de klippen op. Elke dag gaan we iets leuks doen samen. Woensdag bijvoorbeeld wandelen met Kras en haar Braks: Grote vriend Lucas chagrijnig grommend als altijd en lieve Lotje met haar snoezige eigenwijze koppie.

We hobbelen rond het verlaten golfveld en baggeren het magische eilandje bij ‘Het Joppe’ over. Het is ijzig koud. Brrrr. De hondjes hebben nergens last van natuurlijk, maar voor ons is het afzien.

Mijn kleine Smurf vindt het maar wat interessant met zijn nieuwe viervoetige vrienden. En spannend! In het huis van Kras piest hij een spoor door de kamer van enthousiasme en opwinding. Hij zet zijn eigen luchtje grondig uit in dit vreemde territorium vol onbekende beesten…..

Net als we het een beetje hebben opgedweild doet hij het kunstje nog eens dunnetjes over. Gelukkig is mijn vriendin hondjes gewend. En heeft een plavuizen vloer!

We eten gezellig samen. Heks heeft alle ingrediënten voor een fantastische Frittata meegebracht. Snel knikker ik 1 en ander in een grote koekenpan. Een kwartiertje later is het al klaar. Geroosterde groenten erbij en een geroosterde kweepeer toe…….

dsc05390

‘Jeetje Heks, wat heb ik lekker gegeten, wat een goed idee van jou om samen te eten!’ glimt Kras. Zoals altijd hebben we het heel gezellig saampjes. Gespreksstof genoeg, ook vanavond.

‘Gek he, dat wij zoveel dezelfde ervaringen hebben gehad in het leven,’ zegt ze bij het afscheid. Ja, dat is inderdaad heel bijzonder. Er zijn zoveel punten van overlap, je kunt het bijna niet geloven.

Dat maakt het wel heel gemakkelijk om met elkaar te communiceren. We hebben vaak aan een half woord genoeg. En dat is ook wel eens prettig.

 

 

Zingen maakt blij. Wees niet bang voor samenzang, zet je zorgen opzij: Valt er ergens iets te zingen? Wees er als de kippen bij!

Amandel/abrikozentaart van Nigella, glutenvrij, lactosevrij, sojavrij. Heks vervangt de pistachenootjes door peccannoten en de abrikozenjam door kweeperngelei en doet er aanmerkelijk minder suiker in.

‘Kijk eens, lieverd, kweeperenjam!’ Heks diept een pot van dit gouden goedje op in haar handtas. Mijn zangmaatje kijkt stomverbaasd. ‘Waar heb ik dat aan te danken?’ glundert ze: Het heeft zo zijn voordelen om naast Heks te zitten in het koor. Je zit direct eerste rang bij haar magische kookpot.

Ook mijn achterbuurvrouw krijgt een pot. Zij heeft hem op vele manieren verdient. Ten eerste is ze enorm goedlachs. Elke gortdroge grap van Wim de dirigent beantwoordt zij met vrolijk geschater. Geweldig aanstekelijk. Ons koorhoekje is zodoende wekelijks een epicentrum van virale pretexplosies: De lachsalvo’s zijn niet van de lucht!

Naast deze geweldige aangeboren lachspierversterkende  kwaliteiten bezit deze dame ook het vermogen om ongezien veel voor anderen te doen. Onder andere voor Heks en haar naaste zangmaatje. Even een CDtje branden of wat partituren kopiëren? Ze doet het vanzelfsprekend en met veel plezier voor ons. Het geheel wordt dan ook nog mooi in plastic hoesjes afgeleverd. Fantastisch toch!

Ik weet het. Ik zit met enige regelmaat te schelden op mijn medemensen, terwijl er genoeg te genieten valt natuurlijk. Als je er maar oog voor hebt! Yep!

In de pauze zit ik met mijn vaste clubje dames te giebelen en te kletsen. ‘Waar is je hondje? Hoe gaat het met hem?’ Sommige zanglijsters vinden het wel erg jammer dat VikThor er niet bij is vanavond. Het is toch wel erg leuk zo’n jachthondje als publiek wanneer je ‘Hört das laute Getön’ ofwel ‘Het Jagerslied’ van Haydn aan het instuderen bent!

Vanavond storten we ons op het ‘Juhe, Der Wein Ist Da’: Het Wijnlied. We worden er heel vrolijk van. ‘Ik ben niet ontevreden, maar met een glaasje op zou het vast nog beter gaan…….’ grapt Wim, onze onvolprezen dirigent. Hij vertelt een anekdote over een beroemde contratenor die er zeker drie noten in de hoogte bij pakte met een borrel op. ‘Hij weigerde ooit een altpartij te zingen om die reden. Zonder borrel was er geen beginnen aan…..’

Kweebpeerjam/gelei: Kook de kweeperen met schillen en pitten. Door een roerzeef halen en nog eens koken met wat geleisuiker en een scheut kirsch. Mmmmmm…….

Wat heb ik het toch weer naar mijn zin vanavond. Na drie dagen in mijn eentje rondsmurfen is het heerlijk om weer onder de mensen te zijn. Ik geniet met volle teugen. Een heksenhand is gauw gevuld.

Later haal ik mijn kleine hondje op bij Frogs. Suikeroompje is al helemaal verkikkerd op mijn Kleutertje Luister. Lachend vertelt hij wat kleine anekdotes over VikThor. Ze hebben een lekkere wandeling gemaakt. ‘Vorige week heeft hij op weg naar huis stiekem die hele bak voer leeggevroten,’ antwoord ik. Mijn kikkervriend hikt van de lach. Oh, wat een ondeugend hondje.

Heel ondeugend, maar zo lief!

Nigella’s Amandeltaart met abrikozen, kardemon en rozenwater. Glutenvrij, lactosevrij, sojavrij. 

kweepeertjes uit de oven: Gewoon anderhalf uur op 150 graden. Heerlijk snoepgoed!

Heks viert ‘drie oktober’ samen met vrienden. Het weer laat aanvankelijk te wensen over. Toch vermaken we ons prima: De stad is van ons!

3-oktober04

Zondag regent het pijpenstelen. Tijdens mijn wandeling met VikThor begint het te hozen. Met bakken komt naar beneden. Mijn kleine hondje houdt moedig stand, maar als ik even later zijn vervoersmandje open maak klimt hij er vliegensvlug in: Ha! We gaan weer naar huis!

Een uurtje later fiets ik richting kroeg. Ik ga met vrienden naar een grappig Belgisch bandje kijken. Onderweg ploeter ik weer door een regengordijn. Het houdt maar niet op.

Bij ‘Café De Bonte Koe’ tref ik mijn dierbaren. De met plastic zeilen overkapte steeg is afgeladen vol ondanks het weer. Een aanzienlijk deel van dit gezelschap bestaat uit het vijfentwintig koppen tellende blaasorkest! En wat voor’n orkest! Ze zien er fantastisch uit.

Een paar uur genieten we van dit zotte gezelschap, waar ik achteraf nergens de naam van kan vinden. Zelfs niet in het overzicht van alle dit weekend optredende bands online! Worden onze zuiderburen nu gewoon gediscrimineerd? Oud zeer? Komt de val van Antwerpen weer boven tijden de viering van 3 oktober?

Na de zoveelste toegift en een polonaise door de steeg haasten we ons naar Huize Heks. Tot op het bot verkleumd. Snel knal ik een grote bak hutspot met klapstuk de oven  in. Dan trekken we een mega fles wijn open en storten ons op soep en stokbrood.

Wat een gezellige dag, ondanks het prutweer.

’s Avonds blijf ik lekker binnen. Overal om me heen hoor ik bandjes spelen, maar het is niet zo heftig en hard als op zaterdagavond. Ik val redelijk op tijd in slaap. Om half zeven verzamelt de fanfare alweer onder mijn raam. ‘Toet’ schettert de sousafoon opgewekt de buurt wakker. Gelukkig blijft het daarbij. Muisstil marcheren ze de straat uit…..

Even later loop ik alweer buiten met VikThor. Na zijn poepje en plasje haast ik me naar huis terug. Snel duik ik weer mijn bed in: Ik draai me nog een keertje lekker om!

’s Middags ga ik met Frogs en het hondje naar ‘Het Leidse Hout’. Mijn kleine mormel moet nodig wat energie kwijt! We laten hem lekker lopen en rennen. Daarna stop ik hem in zijn bench. Nu zijn wij aan de beurt. Samen met mijn kikkervriend loop ik de stad in. Ik heb me voor de gelegenheid fantastisch uitgedost. De Godin zelf danst in mijn gedaante. Het blijft niet onopgemerkt.

Van ‘U hebt het geluk om naast een schitterende vrouw te lopen,’ (een man tegen Frogs), tot ‘U ziet er werkelijk prachtig uit, maar zo loopt u ook’, (een vrouw tegen Heks), tot een dame van een kledingwinkel in Delft, die me aanspreekt op mijn fabeltastische kledingstijl en vervolgens met complimenten overlaadt……

Het gaat maar door!

Zo wordt mijn ego grondig is opgepept. Ook wel eens lekker.

We kijken bij een geweldig bandje, ‘The Amazing Stroopwafels’, maar het is zo verschrikkelijk druk, dat we uiteindelijk het gedrang ontvluchten. We schooieren een beetje door de stad en storten ons aan het begin van de avond op mijn onvolprezen hutspot.

‘S Avonds dansen we salsa bij de kroeg op de hoek. Ik heb intussen genoeg bier op om nauwelijks meer last te hebben van mijn knie. ‘Laten we nog eventjes over de kermis gaan,’ roep ik overmoedig.

Heks in de bocht

We schuimen over het enorme terrein op zoek naar een leuke attractie. Helaas vindt Frogs alles wat binnenstebuiten draait en op zijn kop gaat eng. Je krijgt hem er met geen stok in: Hij wordt al misselijk bij het idee. We gaan dus maar het spookhuis in. Ook eng, griezelig zelfs, maar je wordt er in elk geval niet misselijk van.

Heks houdt wel van een beetje gedraai en gekolk. Daarom laat ik me in mijn eentje nog maar even op mijn kop zetten……

Dan ontdekken we de kamelenrace: Geweldig! Een ongelofelijk melig spelletje, waar hele hordes vrienden met een bakkie op hun laatste geld aan spenderen. Ook wij wagen ons aan een paar races.

Kamelenrace

Natuurlijk krijgen we honger, dat hoort erbij op zulke dagen. Heks kan uiteraard het meeste junkfood niet eten, maar een kwalitatief goeie hamburger kan geen kwaad lijkt me. Behalve voor de koe dan. Heerlijk. Ik eet die dingen echt nooit.

Frogs smikkelt een enorm bord poffertjes weg. Met ananas en slagroom. Zo zitten we op de valreep lekker ons buikje te smeren alvorens naar huis te gaan. Het is weer mooi geweest: Leidens Ontzet hebben we grondig gevierd. Van die Spanjaarden hebben we voorlopig geen last meer.

Behalve dan van Sinterklaas natuurlijk. De hopeloze discussies rond zijn domme zwartgeschminkte hulpje laaien links en rechts alweer op. Wat is er nodig om ons daarvan te bevrijden? Het inzetten van windmolens lijkt me zinloos, Piet lijkt daar eerder al een klap van te hebben gehad……

 

VikThor ontdekt de wereld vooral met zijn mond: Met een voorkeur voor excrementen uit allerhande kont! En van de trap af rollen is niet bepaald gezond….

vikthor1

Vorige week zondag lazer ik van de trap. Ik sta net op het punt om een kek outfitje aan te trekken teneinde samen met mijn nieuwe liefde naar een wild feest in Amsterdam te vertrekken. Voordat we gaan laat ik mijn schatje nog eventjes poepen in de steeg. Ik til zijn snelgroeiende lijfje op en draag hem de trap af. Op foute schoenen.

Al bij de tweede traptrede glibbert mijn houten muiltje onder me vandaan. Om mijn droomprinsje te beschermen maak ik een rare beweging en hopla: Ik ga onderuit.

Vertraagt neem ik waar dat ik op mijn elleboog stuiter. Een grote schaafwond is daar later een stille getuige van. Tevens zie ik mijn linkerknie in een onmogelijke hoek draaien. Het gewricht maakt een scheurend geluid. Een stekende pijn vlamt de laatste slaap uit mijn ogen. Goeie hemel. Dit is foute boel!

Strompelend laat ik mijn hondje uit. Niet veel later stop ik mezelf vol pijnstillers en ga in bed liggen wachten tot ze inwerken. Het valt nog niet mee om een positie te vinden waarin  ik het gewricht ontzie. Die kloteknie. Getverderrie.

Nou ja, je begrijpt het al: Het feestje wordt afgeblazen. De hele week spoelt min of meer weg door het afvoerputje. Dagenlang ben ik niet vooruit te branden. Ik ga uiteindelijk maar uit op een goeie brace en baan me al fietsend een weg door de onrustige stad. Overal worden kermisattracties opgebouwd. En podia voor een keur aan amateur-bandjes. Hopelijk kan ik tegen 3 oktober weer een beetje uit de voeten!

Nu zijn we alweer een week verder. Nog steeds piept en kraakt mijn knie dat het een lieve lust is. ’s Nachts word ik om de haverklap wakker van felle stekende pijn als ik hardnekkig probeer op mijn rechterzij te slapen. Overdag slik ik er nog maar wat extra pijnstillertjes bij…..

De laatste vierentwintig uur ben ik ook nog eens een paar keer kleddernat geregend, terwijl ik met mijn pup liep te stumperen door een park. Ik krijg de neiging om lekker binnen te blijven. Maar ja, ik heb natuurlijk wel een hond! Ook al is hij klein en niet bepaald dol op regen.

VikThor levert zijn eigen bijdrage aan de algehele malaise vandaag in Huize Heks. Hij presteert het om vier keer een hap van een drol te nemen. Eerst kattenpoep of Chihuahua-stront hier in de steeg. Daarna ganzenblerp in het park. Iets van een hele vieze natte kledderdrol van een grote hond gaat ook nog richting zijn mond, terwijl ik schreeuwend ingrijp. En tot slot opnieuw een smeuïg ganzenpoepje toe.

Hij is net een beetje over een vervelende parasiet in zijn darmpjes heen. Dat heeft me enorm veel energie gekost: Al zijn speelgoed, kleedjes, mandjes alsmede de spullen van de katten moesten worden gewassen. Kussens en dekens, hoekjes en gaatjes heb ik uitgestoomd.

Nachtenlang heeft mijn ventje me ook uit mijn slaap gehouden met erbarmelijk gejammer: Mijn kereltje had pijn in zijn kleine babybuikje. Om de haverklap ging ik dan maar weer eventjes naar buiten met hem. Trap op, trap af met zes pakken suiker in mijn armen, want ja: Hij is intussen verdriedubbelt!

Daarnaast heb ik alle andere beesten ook volgestopt met een gruwelijk antiwormenmiddel. Het werd me niet in dank afgenomen…..

Varen met rederij Rembrandt

Mopperdemopper. Het valt weer niet mee. Behalve als je van de trap valt. Dan ben je snel benee!

Ach welnee. Het zijn maar voorbijgaande strubbelingen. Minuscule irritaties. Mijn dagelijkse gevecht tegen de chaos.

Op dagen als deze droom ik van een georganiseerd bestaan. Een administratie die op orde is. Een lege berging en een opgeruimde werkkamer. Een functionerend lichaam. Een hondje dat zichzelf opvoed en geen poep lust.

Maar ja. Dat laatste kan ik vergeten. VikThor is duidelijk in de anale fase. In combinatie met zijn maar voortdurende orale fase levert het een ware poepzoeker op! Een manke Heks met haar kleine stinkhondje, verregend tot op het bot: Voor je het weet heb je last van een kort lontje…..

Straks ga ik dan toch eindelijk eventjes de stad in. Gisteravond ben ik voortijdig in slaap gevallen en toen ik wakker werd was het al vijf uur in de ochtend. Het tijdstip van de dronken dropjes.

Vanavond komen er vrienden hutspot eten. Ik heb een gigantische pan van dit gassige goedje gekookt. En een braadslede vol klapstuk!

 

Heksen houden zonder meer van kwee-appels en kweepeer. Twee heksjes in een boom: Begerig komen ze op stoom. Wat een rijkdom: Het is een droom!

Vrijdagmorgen gaat de bel. Ik steek mijn hoofd uit het raam. Fiederelsje staat in de steeg. Mijn hulp en ik zijn net druk bezig om mijn huis op te ruimen. Het is een gigantische harige bende zo vlak voordat de stofzuiger er doorheen wordt gejaagd. Geen ideale omgeving voor iemand met een stevige kattenallergie. Toch komt mijn uiterst allergische vriendin hoestend en proestend binnen.

‘Dat is niet van de katten, hoor. Ik ben gewoon snipverkouden. Geef me maar geen zoen.’ Vervolgens deponeert ze vol flair een enorme pot pruimenjam op de keukentafel. De supervariant. Met cognac. Jammie!

‘Ja, ik ben toch jouw persoonlijke hofleverancier. Dus ik dacht er moet maar weer een potje komen. Net gisteren gemaakt.’ Kijk, dat is nu zo mooi van heksige vriendinnetjes. Die voelen precies aan wanneer de eerder geleverde potjes jam leegraken!

‘Ik heb wat kweeperen voor je,’ Heks heeft ook een verrassing in petto, ‘ik weet dat je daar gek op bent. Van True gekregen. Eigen oogst uit haar magische tuin.’ Mijn vriendin is verrukt. Kweeperen zijn bijna nergens te krijgen in ons globaliserende kikkerlandje. En het is toch zo’n mooie vrucht. Je kunt er de lekkerste gelei van maken.

‘Ik ben nog nooit in haar tuin geweest. Wel heb ik de foto’s op je blog gezien. Prachtig!’ Het is echt een tuin voor Fiederelsje met al die eetbare bloemen en weelderig struweel. Mijn oude vriendin heeft een  vergelijkbare miniversie rond haar eigen huis.

‘Ik weet nog een boom met kweeperen in een park hier vlakbij,’ ratel ik enthousiast, ‘vorig jaar zat er een man in die boom. Een buitenlander. Volgens hem weten Nederlanders helemaal niet dat je die dingen kunt eten. Hij blij natuurlijk. Kan hij lekker zijn gang gaan. Volgens mij heeft hij al geplukt dit jaar, want er zitten alleen nog vruchten boven in de boom,’ ik grinnik, ‘Het is maar een klein mannetje met korte armpjes……’

‘Zullen we morgen de rest uit die boom proberen te halen?’ kwijlt mijn vriendin begerig, ‘Ik heb wel een klein keukentrapje eventueel.’ Nu heeft Heks een flinke trap gevonden dit voorjaar. In de magische container hier in de steeg. Eigenlijk bedoeld voor het puin uit Museum Boerhaave.

Sinds dat ding er staat is er een levendige ruilhandel ontstaan in de wijk. Wat je niet meer wilt hebben gooi je erin en regelmatig komt er dan iets uit dat je wel wilt! Zo heb ik al vier flinke spiegels, een kroonluchter, twee Marokkaanse schalen en die trap gescoord…..

Vandaag gaan we dan op kweeperenpad. Nou ja, peren. Als ik vanmorgen even poolshoogte neem bij de boom zien ze er nogal appelig uit. Ik stuur Fiederelsje een app met foto. ‘Bestaat er ook zoiets als een kwee-appel?’ Mijn vriendin zoekt het op op internet en ja. Die bestaan! Tijdens mijn verkenningtocht ontdek ik nog twee bomen vol kwee-appeltjes. Wat geweldig!

Om een uurtje of twee fietsen we met een paar enorme tassen richting park. Onderweg haal ik de ladder uit mijn auto. Die staat voor het politiebureau geparkeerd in verband met ‘Leidens Ontzet’ ofwel ‘Dwie Oktobew’. De stad is vergeven van de mensen. Het laatste stuk fiets ik met de ladder. Geen gezicht volgens mijn vriendin. Maar het gaat gelukkig goed.

img_9198

In het park gaan we aan de slag. Genadeloos roven we boom na boom leeg. Nou ja, bijna leeg. We laten nog wat exemplaren hangen voor het mannetje. Mocht hij nog terugkomen….

VikThor rent om ons heen met een kwee-appel in zijn bekje. Hij is helemaal door het dolle. Wat is dit leuk! De Vrouw in een boom! Ze lijkt wel een kat!

Met overvolle fietstassen laveren we weer naar huis. Gnuivend verdelen we de buit. ‘Neem jij maar het leeuwendeel mee, Fiederelsje, ik weet dat je er dol op bent! En dat je er heel veel lekkere dingetjes van gaat maken! Ik ben van plan om er flink wat in Elzasser zuurkool te verwerken. Sinds ik dat recept heb ontdekt ben ik dol op zuurkool!’

Met een brede grijns op ons gezicht nemen we afscheid. Het was een zeer geslaagde rooftocht. Wat zijn we in onze nopjes!

Een paar uur later stuurt Fiederelsje een link met een heleboel kweepeerrecepten. Het water loop me in de mond. Ik zie allemaal interessante gerechten voorbij komen. Maar ook kweepeerlikeur en wodka. ‘Volgens mij zijn die recepten ook prima te gebruiken bij kwee-appels. Het was heerlijk om zo samen in de bomen te hangen!’ schrijft mijn vriendin.

Ja, als vanouds. We hebben al heel wat strooptochten ondernomen samen. Brandneteltjes, duindoorn, bramen  en egelantier: Ze hebben allemaal aan onze heksenketels moeten geloven.

Na de strooptocht ga ik rusten. Vanavond is het feest in de stad en we willen ergens gaan salsadansen.

 

 

Al doende leert men en een beetje heks zet de boel graag op zijn kop! De tweede dag met Sherry Whitfield en Synergy is top! Daar kan geen theorieboek tegenop!

De tweede dag met Sherry Whitfield en haar stenen vriend Synergy ligt alweer bijna twee weken achter me. Het leven dendert maar door en ik schrijf er nog maar zelden over. Ik kom er stomweg niet aan toe.

Die tweede dag gaan we aan de slag met het bouwen van kristallen grids. Een heksig klusje. Een kolfje naar mijn hand ook nog. Ik heb kilo’s kristallen meegenomen. Ook mijn collectie Pleiadische schijven heb ik van stal gehaald.

Sherry verrast ons met een kristallen veld dat hopeloos uit balans is. Ze laat ons raden waar de onbalans zich bevindt. Sommige mensen reageren geschokt. Waarom moet dat veld zo disfuctioneel zijn? Wat is daar de bedoeling van? We worden niet goed van dat gewubbel en gewobbel zo vlak voor onze neus……

Sherry trekt zich niets van ons aan en laat het veld uiteindelijk voor wat het is. Teneinde het weer te ontbinden……  Ja, een goeie heks zet de zaken graag op zijn kop!

We worden geïnstrueerd hoe we zelf een grid kunnen bouwen. Vervolgens mogen we aan de slag met onze eigen persoonlijke stenen en de bergen kristallen van de onvolprezen dames van de  organisatie: Ze hebben zich een ongeluk gesjouwd!

Heks bouwt een mooi veldje. En nog eentje. Tot slot gaan we in groepjes aan de slag. Superleuk om te doen en het resultaat mag er zijn.

Al doende leert men en Heks leert heel veel deze dag. Ik snap nu ook waarom mijn bloemwerk in het verleden altijd zo uitstekend was. Ook daarin paste ik dezelfde principes toe! Misschien moet ik maar eens velden met kristallen en bloemen gaan maken…….

‘Denk aan een jong kind of een dier als je je hart wilt openen,’ is iets wat Sherry steeds herhaalt als ze ons instrueert rondom het werken met kristallen schedeltjes, ‘Niet aan volwassenen denken! Veel te complex die relaties. Een klein kind of een geliefd dier!’

Ik denk regelmatig terug aan haar wijze woorden. Het ligt dus niet aan mij dat ik mijn medemensen niet te harden vind vaak. Volwassenen zijn gewoon hopeloos over het algemeen. Of op zijn minst erg complex. Ikzelf incluis…..

Nog steeds breng ik de meeste tijd met mijzelf door. Ik voel niet de minste behoefte aan gezelschap. Een paar uitzonderingen daargelaten. Het is me te vermoeiend. Te ingewikkeld. Te verwarrend…… Het vraagt teveel van me.

Het wordt me door sommigen niet in dank afgenomen, maar dat moet ik maar naast me neerleggen. Je kunt het nu eenmaal niet voor iedereen goed doen. En sinds ik dat niet meer probeer doe ik het in elk geval veel beter voor mezelf. En dat is ook wat waard.