Aan het eind van het jaar maak ik altijd de balans op van het afgelopen jaar. Waarom? Geen idee. Maar ik ben niet de enige, dat weet ik wel. Tussen alle ijlende slaappartijen door heeft Cowboy toch even oog voor mij. ‘Hoe gaat het met je?’ ‘ ik voel me overhoop geharkt. Hier vanbinnen. In mijn borstkas. Al enige tijd. Alsof ik jarenlang allerlei ballen in de lucht heb gehouden en nu liggen ze op de grond. Waarschijnlijk kan ik het beter loslaten allemaal. En dat voelt dan weer heel verdrietig.’
Categorie archief: heksenverhalen
Amsterdam Light Festival trekt veel bezoekers, ook uit andere dimensies. Op bijna alle foto’s van Heks zijn Orbs te zien!
De zondag na de aftrap van het bedrijfje van Cowboy liggen we allebei onderuit. Mijn lief klapperend van de koorts. Heks heeft het gewone herstelgedoe na inspanning. Toch moet ik met het hondje op stap. Ik heb er helemaal geen zin in. Braaf doe ik een flinke ochtendronde. Gevolgd door een goeie namiddagronde. Het is vrij zacht buiten tegen die tijd. Er trekt een stroom bezoekers door het Wertheimpark. Allemaal fotograferende mensen. Al snel staat Heks tussen hen in met haar telefoon te zwaaien.
Het is lichtfestival in Amsterdam. Een deel van de route loopt door de buurt van Cowboy. Vorig jaar heb ik ook al meegenoten van dit kunstzinnige festijn. Vandaag besluit ik een klein deel van de route te fietsen. Het is heerlijk weer. Ik heb echt niks beters te doen. Cowboy ligt te ijlen in zijn bed. Varkentje en Heks maken samen een uitstapje.
Mijn hondje vindt al die lichtinstallaties maar eng. Nerveus loopt hij bij me vandaan als we een van de kunstwerken naderen. Ik moet hem in zijn kladden grijpen, want hij raakt een beetje in paniek. Al die mensen, gekke lichtflitsen. Hij heeft een beetje last van staar, dit ouwe mannetje, dus wie weet hoe het er in zijn optiek uitziet. ‘Ys!’ brul ik regelmatig. Het is aan dovemansoren. Hij hoort me niet. Uiteindelijk doe ik hem maar aan de lijn. Zo kan ik op mijn gemak een filmpje schieten, zonder mijn hondje kwijt te raken in het gedrang.
Wat is het toch een leuk initiatief, dit festival. Vanuit de hele wereld worden kunstenaars uitgenodigd om deel te nemen. Vorig jaar ben ik met één van hen Facebookvrienden geworden. Dit nadat ik een verhaaltje over hem geschreven had. Het rondje door de stad redt mijn dag. Heks knapt altijd op van Schone Kunsten. Het is voeding voor de ziel.
Daarom is het huidige regeringsbeleid ook zo triest. Alleen de geldwolven onder ons komen er goed vanaf. En juist zij zouden zouden blootstelling aan kunst heel goed kunnen gebruiken. Helaas maalt deze groep over het algemeen niet om hun zieleleven. En dat is dan weer zielig.
Bad days will pass: Alles gaat voorbij. Ook een contraproductieve dag als vandaag: Niets lukt en niets werkt mee. Morgen beter dan maar…..
Aan het eind van de middag hijs ik mijn koffertje achter op mijn vouwfiets en vertrek richting Amsterdam. Morgenochtend is de feestelijke architectuurvaartocht onder leiding van Cowboy. Het is tevens de opening van zijn bedrijfje. ’s Middags heb ik Joli aan de telefoon om de aanvoer van flessen champagne zeker te stellen. Zij importeert een uitstekende bubbel. De verdiensten gaan naar het goede doel!
Het is één van de weinige dingen, die wil lukken vandaag. De hele dag zit alles stroperig tegen. Het begint al met een uitnodiging vanuit de vriendenkring voor de jaarlijkse nieuwjaarsborrel. Die is altijd in Huize Heks. Al jaren organiseer ik dat festijn. Dus het is even slikken, als opeens iemand anders zijn deuren opent. Mijn feestje afpakt….. De wijn ligt al klaar op de boekenkast.
‘Ja Heks, zo gaan die dingen. Daar heeft hij niet eens bij nagedacht. Het is ook niet gezegd, dat je je het recht op nieuwjaarsborrel zomaar kunt toe-eigenen. Het staat iedereen vrij te borrelen wat ‘ie wil,’ pruttel ik inwendig. Maar leuk is anders.
Dan werkt de thuiszorg organisatie bepaald niet mee als ik vervanging wil voor volgende week. Sterker nog: Ik krijg een bitse grote bek van het wijf achter de telefoon. Oh, mijn god. Ze gaan daar bij Groenoord steeds meer op Activite lijken. Die monsterorganisatie waar ik ooit zo bestolen ben. Die griezelclub waar je slechts een nummer bent. Natuurlijk laat ik het er niet bij zitten. Maar het helpt niet veel. ‘Je zoekt het maar uit’ is de boodschap.
Er is ook goed nieuws. De kabel voor mijn videocamera is aangekomen op het postkantoor. Vlak voordat ik naar Amsterdam vertrek haal ik em op. Ik heb op Marktplaats een JVC Camcorder gekocht. Volgens mij ben ik in het ootje genomen, want het is een hopeloos verouderd kloteding. Er moesten nog opname bandjes komen (kun je nagaan hoe oud ‘ie is), een extra batterij en tot slot dus dit kabeltje. Zodat ik alles op mijn Mac kan zetten.
De treinreis is altijd een uitputtingsslag. Onderweg krijg ik een smsje van de buurman, dat hij niet voor mijn katten kan zorgen. Oh jee, wat een pech. Tenslotte ben ik dan bij mijn lief. Hij zit afgeknoedeld op de bank. Hij heeft zich een slag in de rondte gewerkt. ‘Volgens mij heb ik een griepje onder de leden’, klinkt het benepen. Hij lijkt ook wel drie kilo lichter.
Terwijl we lekker bijkletsen probeer ik het kabeltje uit. Het past niet. Potverdorie. Weer een zeper. Ik kan dat ellende apparaat wel uit het raam smijten intussen.
Maar dan gaan we lekker koken! Ik maak een heerlijk wortel/gembersoepje en een zalige Spaghetti Bolognese. Cowboy stort zich op het hak en snijwerk. Ik heb afgelopen week mijn hand verkloot met het snijden van een bevroren brood. Had ik beter niet kunnen doen. Maar ja, ik rammelde van de honger.
Als we een half uurtje later aan tafel zitten trekken we helemaal bij. De soep smaakt hemels, met de wortelkracht van moedertje aarde. De pasta is echt troosteten. Als kind was ik er al gek op. Op mijn verjaardag koos ik geen patat of pannenkoeken. Heksje wilde spaghetti!
Morgen wordt vast een hele leuke dag. Ik hoop op een zonnetje, eventueel slechts lokaal. Boven het IJ. Tussen 10 uur ’s morgens en 1 uur ’s middags. En niet al teveel wind.
Heks gaat dag Indiaas zingen. Hoera! Wat is het toch een leuke passie; Deze reis door muziek, waar je wel naar moet leren luisteren. Volgens Frogs dan…..
Maandagmorgen rijd ik eindelijk weer eens richting Barendrecht. Mijn geteisterde stembanden staan een dagje Indiaas zingen gelukkig weer toe. Helaas heb ik bijzonder slecht geslapen. Ik besluit me niet te haasten. Een ongeluk zit in een klein hoekje, als je vermoeid bent. Zo kom ik dan te laat aan, de dames zitten al te zingen. Ik nestel me op de bank en brom mee. Een uur lang A zo laag mogelijk. Heerlijk wakker worden…..
Vandaag beginnen we met een nieuwe Raga. Eerst gaan we de ‘toonladder’ verkennen, waarin het stuk gecomponeerd is. Ook verdiepen we ons middels allerlei oefeningen in de typische bewegingen van de Bageshri. Voor de lunch hebben we zelfs de Alaap (het beginstuk, As Long As Possible), het deel zonder Pakawaj (de trommel), waarin we alleen onzinwoordjes zingen, al voor onze kiezen gekregen.
Het is ongemerkt gemakkelijker geworden voor dit toegewijde clubje dames om ons een nieuw stuk eigen te maken. Toen we jaren geleden begonnen met deze lessen duurde het eindeloos om grip te krijgen op een Raga.
Dan steekt de man van onze juf zijn vrolijke hoofd om de deur. Brede grijns. Heerlijke etensluchten golven achter hem aan de trap af naar het souterrain, waar wij ons bevinden. Ha, het eten is klaar! Het hoogtepunt van de dag! Deze lessen zijn niet alleen uniek qua muziek, ook de inwendige mens wordt versterkt. Met een fantastische Indiase maaltijd.
We zitten in no time schandalig te schransen. ‘MMmmmmm, jammie, zucht, Mmmm’, klinkt het om me heen. Daarna komen de tongen los. Kwetterdekwetter, smak, smak, smak.
De middag besteden we aan het instuderen van het eerste deel van de compositie. Hier hebben de woorden wel degelijk betekenis. Maar welke? Onze juf vertaalt. Het is iets uit de Mahabharata, dat enorme filosofische en religieuze epos. Een soort bijbel van het Verre Oosten. Maar dan leuker, met monsters en reuzen. Het gaat over Ravana, de heerser van Shri Lanka en zijn broer Vibishana en de god Rama. ‘Ach’, zegt onze lerares, ‘Wat maakt het uit, wat kan het schelen?
Voor haar is de letterlijke inhoud van de liederen niet belangrijk. Dat vond Heks maar vreemd in het begin. Nu, jaren later is het me duidelijk geworden, dat de teksten inderdaad niet veel om het lijf hebben. Meestal gaat het over een godheid, Shiva bijvoorbeeld. Die rent dan rond in een tuin vol prachtige vrouwen. Op zich niet verkeerd. Vooral niet voor de godheid in kwestie. Dan wordt zijn schoonheid bezongen. En zijn gouden oorbelletjes……
De sfeer is per Raga echter zeer verschillend. Sommigen zijn melancholiek. Of dromerig traag. Anderen zijn opgewekt en vrolijk. Er zijn nacht-, ochtend en middag Raga’s.
Als ik later met een hoofd vol muziek naar huis rij is de weg zo goed als leeg. Geen enorme file’s rond Rotterdam. Niet stapvoets rijden tussen Den Haag en Leiden. Om even over vijven sta ik bij Frogs op de stoep om mijn hondje op te halen. Die kijkt er van op dat ik al terug ben. Hij kent die rampenroute goed, want hij werkt op de muziekschool in Spijkenisse.
‘Ga mee een wijntje drinken en een hapje eten!’ nodig ik hem uit, ‘Ik heb een CD van mijn juf speciaal voor jou. Kunnen we er uitgebreid naar luisteren’. Een half uur later wijd ik mijn vriend in in de geheimen van Dhrupad. ‘Je moet er echt naar leren luisteren,’ zegt Frogs, ‘ik snap geen bal van het ritme,’ Kun je nagaan hoe lastig die pulse is, zelfs een percussiebeest als Frogs heeft er moeite mee….
Ik leg hem de grondbeginselen uit van deze muziekvorm. Later laat ik hem nog wat andere Raga’s horen. Hier ligt het ritme iets gemakkelijker. Binnenkort gaat hij mijn juf interviewen en een recensie schrijven over haar nieuwe CD. ‘Ik wil wel eerst iets lezen over Dhrupad’, zegt mijn goede vriend. Zoals altijd verdiept hij zich grondig in de materie waarover hij schrijft. ‘Geen probleem’, zegt Heks, ‘ik heb een hele plank Indiase muziek in mijn boekenkast! Zoek maar iets uit.’
Wat is het toch heerlijk om vrienden te hebben met dezelfde passies!
Alle zeilen bijgezet; Cowboy en Heks voeren het Boeddhistische ritueel Beginning Anew uit op de Feng Sui-technisch juist geplaatste relatiebank gekleed in een Onesie: Een aanrader!!!!!
Zoals elk zichzelf respecterend stel geliefden hebben ook Cowboy en Heks af en toe woorden. Zoals dat bijna altijd het geval is gaat het nergens over en is de aanleiding uiterst triviaal. Nu kun je op heel veel manieren met meningsverschillen omgaan. Je kunt elkaar de hersens inslaan, de oren wassen, met jouw waarheid de ander om de oren slaan, elkaar de mond snoeren of monddood maken, op elkaars tenen staan, de ander voor de schenen schoppen, onder de gordel raken, op het hart trappen…..
Maar je kunt elkaar ook een hart onder de riem steken. Er bestaat een geweldig Boeddhistisch ritueel, dat zich hier uitstekend voor leent. Het heet Beginning Anew. Heks heeft het geleerd in het klooster van Thich Nhat Hanh. Het mooie van dit ritueel is, dat je de enorme valkuil vermijdt van het elkaar de schuld geven. Ook elimineert het de behoefte aan slachtofferschap. Het is heel belangrijk binnen dit ritueel, dat je naar elkaar luistert.
Zo komt mijn schatje dan het afgelopen weekend naar me toe om deze prachtige ceremonie samen met mij uit te voeren. Hij brengt heerlijke verse vis mee. Heks maakt er een hele stapel Sushi van. Heerlijk licht eten voor bij zware gesprekken.
‘Ik wil even iets gemakkelijke aantrekken,’ zegt Cowboy. Hij kijkt naar mijn zachte panterpak, een zogeheten Onesie. ‘Wil je ook zoiets aan?’ Vraag ik hoopvol. Ik heb namelijk nog een geweldig ijsberenpak in de aanbieding. De kans dat hij dat aantrekt acht ik echter nihil. Maar zoals altijd blijft mijn lief me verbazen. ‘Ja hoor, waar ligt het?’
Zo zitten we dan uiteindelijk samen in onze knuffelpakjes op de bank met Sushi en een goed glas wijn. We vertellen elkaar om beurten uitgebreid hoe blij we zijn met elkaar. En ook waar we moeite mee hebben. Dan vragen we elkaars hulp bij het laatste. Je kunt nu eenmaal niet alles alleen. Je hebt elkaar nodig.
Het is een heerlijk ritueel, ik kan het absoluut aanbevelen. Je zou bijna wensen, dat je eens wat vaker ruzie had. Maar weet je wat het mooie is? Je kunt het altijd doen, iedere week als je wilt. En met iedereen, familie, vrienden, collega’s…… Elkaar vertellen hoe blij je bent met elkaar, het zogenaamde bloemen water geven, wordt veel te weinig gedaan. En het maakt het zoveel gemakkelijker om ook bespreekbaar te krijgen, waar je moeite mee hebt. Of waarmee iemand je heeft gekwetst.
En tenslotte heb je elkaars hulp nodig. In plaats van elkaar te vuur en te zwaard te bestrijden, -oog om oog en tand om tand-, probeer je het leven voor de ander iets gemakkelijker te maken. Thay noemt het Interbeing, dit uitgaan van wat ons verbindt in plaats van wat ons scheidt.
De zoon van God, Jezus zei regelmatig: Heb je naaste lief zoals jezelf. Nu hebben heel veel mensen de pest aan zichzelf, dus dit laatste is best tricky….. De christelijk animistische Filipijnse wondergenezer Alex Orbito zegt bij iedere spirituele operatie, die hij uitvoert: ‘Love yourself and love God!’ Daar begint het mee, volgens hem.
Nou ja, waar je ook begint: van jezelf houden, van de ander houden, van god en godin houden; Zolang het hart de poort is in deze drie-eenheid komt het wel goed!
Echtpaar internationaal in de problemen door stelen van donzen dekbed. Absurd verhaal verteld door Hunkie in waterkoud stadspark…..
Het is guur en koud in het park, als ik met mijn hondje op stap ben. Niet echt weer om eindeloos te gaan klessebessen. Snel maken we een flinke ronde. Net als ik het park wil verlaten krijg ik een oude bekende in het vizier. Al jaren loopt Hunkie met twee piepkleine hondjes in zijn voetspoor zijn rondje door dit stukje groen aan de Singel. Vroeger samen met zijn vrouw. Die is echter fysiek niet meer in staat om mee te gaan. Zij heeft op vrij jonge leeftijd al ernstige hartklachten ontwikkeld.
Hunkie’s leven is er niet gemakkelijker op geworden, maar hij heeft altijd wel een geweldig verhaal te vertellen. Enthousiast begroeten we elkaar. ‘Lang niet gezien, Hunkie, hoe gaat het?’ ‘Goed hoor, Heks, wat een kou, brr, niks voor mijn. Ik blijf liever binnen. Gaan mensen ook nog op wintersport, nou daar snap ik niks van.’ Hij kijkt me ondeugend aan.
‘Ik ben wel eens op wintersport geweest in Oostenrijk, lang geleden. Hartstikke duur. En ik vond er niks an. Wel leuk om te rijden in een arrenslee. Van je Tingelingeling. (Hij doet het voor) Langlaufen is ook niet verkeerd, maar ja. Moet je toch weer bewegen, he! Ook al is het langzaam laufen,’ Hij loopt vertraagd op de plaats, met denkbeeldige skistokken in de hand….
‘Die dikke donzen dekbedden vond ik wel wat Zo dik, niet te geloven! We waren met een stel, nou die hadden de duurste skipakken. Na een week hebben ze ze nooit meer aangehad. Speciaal voor die dekbedden hadden ter plekke ze nog een paar enorme hutkoffers aangeschaft.’ Hij staat te schudden van de lach. ‘Wat?’ roep ik verbaasd, ‘Hebben ze die dingen gewoon mee naar huis genomen?’
‘Ja, nog een heel gedoe, we waren met het vliegtuig!’ Hij kijkt me leep aan. ‘Eenmaal thuis krijgen ze opeens een brief: “Wollen Zie bieten die dekbedden zuruck sturen? Dan sturen we die van jullie op. Ze hadden namelijk een paar goedkope flutdingen in plaats van die dure krengen daar op het bed gelegen. Hahaha!’ Hunkie hikt van de lach. ‘Alsof dat niet opviel!’
‘Nou, daar hebben ze niet op gereageerd. Krijgen ze een flinke rekening. Ook niet op gereageerd. Nog eentje met boete voor te laat betalen. Dan een tijdje niks. Mooi zo, dachten ze. Komt er opeens een brief van de rechtbank. De rekening was opgelopen tot duizenden euro’s. Er stond zelfs een incassofiguur aan de deur, helemaal uit Oostenrijk, maar toen hebben ze gewoon niet open gedaan. Uiteindelijk zijn ze bij verstek tot een paar weken gevangenisstraf veroordeeld!’
Nou, daar kijk ik toch weer van op. Het moeten me de dekbedden wel geweest zijn. Kwaliteit Vrouw Holle. Wellicht, dat er in Oostenrijk niet genoeg sneeuw meer valt, sinds deze superexemplaren zijn ontvreemd.
‘Krijgt de dochter van dat stel verkering met een Duitser.’ (Het blijkt een Duitssprekende Oostenrijker te zijn, maak ik op uit de rest van het verhaal.) ‘Een rechercheur! Een hoge pief bij de Oostenrijkse politie! Gaan ze trouwen in Oostenrijk!’ ‘Oh jee!’ roept Heks, ‘Ze konden het land natuurlijk niet in, want dan draaiden ze zo de bak in!’ ‘Inderdaad!’ straalt mijn hondenvriend, hij komt op stoom met zijn verhaal, ‘Zijn dochter wist helemaal niks van die geschiedenis. Uiteindelijk hebben ze het maar opgebiecht. Wordt die recherzeur toch kwaad! Hij wil gelijk niks meer met z’n schoonouders te maken hebben!’
‘Al jaren hebben ze hun kind niet meer gezien. Intussen zijn ze grootouders. Nog nooit hebben ze hun kleinkinderen in hun armen gehouden!’ Aan zijn gezicht zie ik, dat het hem raakt, ondanks alle valse hilariteit. ‘Voor een paar stomme dekbedden.’ We schudden ons hoofd. Het klinkt absurd. ‘Ze hebben die dingen nog steeds. Het is echt een geweldige kwaliteit, niet kapot te krijgen.’ ‘Nou, dat mag ook wel voor die prijs!’ Ik grijns hem toe.
Het is een heerlijk absurd verhaal. Maar er zit een kern van waarheid in. Inhaligheid leidt zelden tot iets goed, sterker nog, je kunt er heel veel door kwijtraken. Deze mensen verloren hun dochter aan een paar dekbeden. Gelukkig van hele goede kwalteit. Dat dan weer wel. En dat hebben ze ook nodig om hen toch een beetje warm te houden……….
Oude vrienden brengen eerbetoon aan dwarse roodharige: Intiem fijn afscheid ondanks zijn eeuwige vlijmscherpe cynisme…..
Woensdagavond komt Buurman langs, luidruchtig als altijd. Hij komt de details doornemen van onze afspraak de dag erop. We gaan samen naar het afscheid van Rooie. Heks luistert naar zijn opgewonden verhalen. Oh, oh, wat kan hij het toch altijd mooi vertellen. Ik lig helemaal in een deuk. Ook dit is eerder regel dan uitzondering als ik in zijn gezelschap verkeer.
Ondanks het feit, dat ik doodmoe ben slaap ik heel slecht die nacht. Donderdagmorgen heb ik dan ook helemaal geen praatjes meer. Buurman meldt zich op het afgesproken tijdstip. We drinken een bak sterke koffie en fietsen naar het uitvaartcentrum. Daar voegt Trui zich bij ons.
Het is een heel warm gebeuren. Een klein gezelschap neemt afscheid van een aartsrebel. Zelfs in zijn kist ligt er nog een opstandige trek rond zijn mond. We kijken door fotoboeken van vroeger. Er liggen gedichten van zijn hand op bierviltjes. ook blijkt Rooie onverwachte talenten te hebben gehad op het beeldende vlak. Er staan een paar prachtige sculpturen, zo te zien zijn het zelfportretten….
Mijn vriendin ziet allemaal jeugdvrienden terug na jaren. Wie zegt dat begrafenissen niet gezellig zijn? Dan spreekt de broer van Rooie ons toe. Een heel liefdevol verhaal over zijn jongere broertje. Er wordt prachtige muziek gedraaid, natuurlijk van Tom Waits. Wie wil mag iets zeggen. Trui staat op en schudt zomaar een hartverwarmend verhaal uit haar mouw. Dat had die Rooie vast nooit verwacht……
Buurman draagt het prachtige gedicht voor, dat hij speciaal voor onze oude strijdmakker heeft geschreven. ‘Zevengesternte’. Een wonderschoon eerbetoon!
Dan zwaaien we de kist uit.
Eenmaal thuis moet ik nog even op stap met mijn hond. Maar zodra dat achter de rug is kruip ik weer in mijn bedje. Ik blijk toch weer een griepje te hebben opgepikt. Rillerig en beroerd breng ik de rest van de dag zo door. Buiten is het guur en koud. Rooie heeft daar geen last meer van. ‘Die klaagt straks vast over de hitte’, grapte Buurman tegen de broer, toen de lijkwagen vertrok richting crematorium. ‘Haha’, lachte broerlief, ‘Jij weet precies de juiste toon te treffen, helemaal raak! Hij hield zo van zwarte humor! Zo moeten we ermee omgaan!’
Ook in gewelddadige relaties is sprake van evenwicht, wankel weliswaar. Maar doorgaans hardnekkig genoeg om heel lang stand te houden. Veranderen is vaak moeilijk, regelmatig noodzakelijk. En niet eens altijd onmogelijk. Vraag maar aan Dr. Phil. Als je het opbrengt voor gek te zitten in zijn show krijg je een traject naar geluk cadeau….
Doctor Phil blijft me fascineren zo op de vroege morgen. Net wakker met een straffe bak koffie bij de hand zie ik ongelofelijk leed voorbijkomen. Doorgedraaide families.Ontspoorde tieners. Echtparen, die elkaar de hersens inslaan. Phil kijkt nergens meer van op. Maar hij heeft wel bijzonder snel in de gaten, hoe de vork in de steel zit, ondanks alle leugenachtige verhalen van zijn gasten. Hij doorziet al die verdraaide waarheden.
‘I love doctor Phil’, zegt mijn Amerikaanse vriendinnetje True, als de goede man ter sprake komt, ‘Why don’t you write him on his website? HE WOULD REALLY LIKE THAT!’ Heks heeft als oerhollandse troela natuurlijk moeite met het showelement van dit programmai over andermans ellende. Ook kan ik maar niet begrijpen, dat mensen en plein publiek al hun schorriesmurrie ten toon spreiden.
Ter lering ende vermaak is natuurlijk bepaald geen nieuw begrip. Denk je dat dit al ver gaat, bedenk dan maar goed, dat mensen hier ter lande vroeger aan de schandpaal werden genageld. Andermans ellende is vaak een bron van vermaak. Onze TVgoeroe is dan lang de kwaadste niet. Hij biedt de arme deelnemers van zijn show altijd een therapeutisch traject aan, dat hen weer op de rails moet krijgen.
Vandaag zit er een echtpaar op de strafbank. De man probeert zijn vrouw regelmatig half te wurgen, terwijl hij haar uitmaakt voor dikke domme koe, vet varken en lelijke stomme trut. Het is een hele leuke vrouw, beetje zwaar zoals zovele vrouwen in de VS. De vrouw krimpt in elkaar van slachtofferschap. Ze jammert, belt de politie, klaagt steen en been over die eikel, haar eikel.
Plotseling neemt de sessie een onverwachte wending: Het blijkt dat beide echtelieden in het verleden met seksueel misbruik te maken hebben gehad. De vrouw is als reactie hierop geheel passief geworden. De man reageert via de actieve pool op dit jeugdtrauma. Hij wil alles controleren, overal bovenop zitten. Zoals op zijn vrouw bijvoorbeeld. Hij stelt idioot hoge eisen, waar zijn vrouw juist met niets genoegen neemt! Ze houden elkaar perfect in evenwicht. Een wankel evenwicht. Hoe hebben ze elkaar in godsnaam kunnen vinden?
De man heeft een enorm grote bek, hij gelooft in zijn eigen gelijk. Als Dr. Phil het beroemde traject naar genezing aanbiedt wast hij die eigenwijze kerel nog eens goed de oren. ‘Je hebt wel een heleboel praatjes, ze zullen nog een flinke dobber aan je krijgen in therapie. Maar je ziet nu toch hopelijk wel in, dat je aanpak bij je vrouw contraproductief werkt?’
‘Je houdt van je vrouw, toch?’ Suggereert Herr Doktor, ‘Als je ergens op straat de hoek om kwam en je zag een wildvreemde kerel je vrouw half wurgen en uitschelden voor puisterig vadsig nijlpaard, hoe zou je dat vinden?’ ‘Ik zou heel boos worden op die vent!’ roept de eikelman verontwaardigd.
Volgens D’r. Phil is de relatie nog bijzonder levensvatbaar! Al zou je dat niet zeggen, als je de echtelieden tegen elkaar bezig hoort. Maar ja:
Was sich liebt, das neckt sich….
Mensen vallen vaak van de trap. Een ongeluk zit in een klein hoekje. Niet iedereen komt er even goed vanaf. Zevengesternte en Harde Weners.
Als ik thuiskom van een hondenrondje hoor ik iemand mijn naam roepen. Ik zie echter niemand. Alleen een hele grote herder met een flapoor. Zijn baasje staat op een ladder levensgevaarlijke toeren uit te halen. Er zijn prachtige ouderwetse kerstlampjes in de klimhortensia aangebracht. ‘Dit is het Zevengesternte!’ Hij is degene, die me heeft geroepen. Roekeloos maakt hij aanstalten om naar beneden te komen.
‘Doe voorzichtig!’, roept Heks, ‘Iedereen valt van de trap tegenwoordig. Het hangt in de lucht!’ Als hij veilig beneden is vertel ik hem over de val van Schilder. Die heeft ongelofelijk veel geluk gehad bij een stom ongeluk. Een andere vroegere vriend van Heks was niet zo fortuinlijk. Hij is vorige week van de trap gevallen en overleden…..
Buurman schrikt van mijn verhaal. ‘Dus die Rooie is dood?’ ‘Ja, veel te jong natuurlijk.’ ‘Hij was toch al 65 jaar?’ ‘Welnee joh, hij is van de leeftijd van deze Heks.’ De ons ontvallen man is de jeugdliefde van mijn hartsvriendin. We hebben heel wat beleefd met elkaar indertijd. In een vorig leven zo ongeveer. Heks nog jong en gezond. Haar vriendin met spierwit geverfd haar. En de rooie met zijn onverbeterlijk slecht humeur.
Als geen ander kon hij sneren geven en rotopmerkingen maken. Geniaal gemeen maatschappelijk commentaar rolde over zijn lippen alsof het niets was. Binnenin huisde echter een gevoelige jongen, maar die kregen we niet zo vaak te zien helaas. De laatste jaren zag ik hem regelmatig in de stad rondlopen. Met dat gekke onrustige huppelpasje van hem. ‘Heks!’, riep hij dan, ‘Alles goed met jou?’ Om me vervolgens meewarig aan te kijken. Het leven was zwaar in zijn optiek. Een ongelofelijke rotklus, die je dan maar moest zien te klaren.
Later op de avond belt mijn vriendin. Er is toch een soort afscheid georganiseerd. We spreken af om er samen heen te gaan. Later bel ik met Buurman. Hij gaat ook mee. Hij heeft me een paar gedichten gestuurd, via de mail. ‘Ik kreeg inspiratie. Voor jou en Trui. Harde Weners zijn een soort koeken! Vond ik mooi op jullie slaan. Het andere gedicht is voor die Rooie.’ Aan hem heeft Buurman zijn lichtkunstwerk naast de voordeur opgedragen: Het zevengesternte heet het, zowel het kunstwerk als het gedicht.
Ons leven, zo kwetsbaar.
Voor Rooie zit het erop. Hij heeft die ongelofelijk zware klus geklaard. Ik hoop, dat hij er ook een beetje van heeft genoten. En dat hij eindelijk rust heeft gevonden….
Computerperikelen en familiebanden. Heks blijkt om te komen in achterneven werkzaam in de IT! Hoezee!
In de loop van de middag begeef ik me naar de computerwinkel. Het fotoprogramma van mijn Apple is vastgelopen. Telkens wanneer ik de boel bijna aan de praat heb duikt de software in een eindeloze loop. Een alleraardigste jongeman staat me te woord. Als ik mijn computer open ziet hij mijn naam. ‘Goh, misschien zijn we wel familie. Mijn moeder heeft dezelfde achternaam!’
Ik kijk naar zijn olijke kop. Zie ik iets bekends? Ik geloof het wel. ‘Hoe heet je moeder?’ Hij noemt haar naam. ‘Ha, dat is mijn nicht. Jouw opa is de broer van mijn vader!’ Kleine wereld.
In zijn gezicht zie ik trekken van mijn nicht, maar ik zou hem nooit herkend hebben. Ik heb hem slechts als klein kind gezien. Intussen stelt hij vakkundig de diagnose. Hij vindt een manier om het te verhelpen, maar als ik later thuis ben, blijkt het toch niet te werken. Er is meer aan de hand….
Dus ga ik nogmaals naar dezelfde winkel. Deze keer moet ik lang wachten op mijn achterneef, hij is druk bezig. Als hij dan eindelijk tijd heeft, stelt hij de definitieve diagnose. Mijn computertje is volgelopen met data en zo traag als een slak. Ook heeft ‘ie zich verslikt in de laatste update van het fotoprogramma. Er moet een schijf bij. En flink wat ramgeheugen. En wat blijkt?
Ik heb nog een andere achterneef in de IT. Wordt het al verwarrend? Heks was ook even in de war, want die neef heet hetzelfde als een oom van hem, mijn volle neef…. Het duurt even voor ik door heb over wie hij het heeft. Ik heb een enorme familie!
Thuisgekomen bel ik het bedrijf van mijn andere achterneef. Woensdag gaat mijn apparaat onder het mes. Dan wordt ‘ie weer zo snel als de wind. Leve de familiebanden!










































































































































Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.