Lopen op water, water zien branden, luchtige looping met vliegende schotel, of ogen als schoteltjes, ogen op stokjes: Wonderbaarlijke zaken die kant noch wal raken……. Het grootste wonder ontgaat ons vaak: Op ons geliefde Moedertje Aarde lopen.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Woensdagavond bel ik aan bij Kras. Het is alweer de derde bijeenkomst van de Sangha voor Kneusjes en deze keer hebben we elkaar niet eens gebeld of het wel door zou gaan. Hetgeen een goed teken is: Het gaat gewoon elke week door.

Het duurt nog even voordat we ook daadwerkelijk gaan zitten. Eerst drinken we thee en kletsen we bij. Ik haal mijn klankschaal tevoorschijn en nodig de bel voorzichtig uit. Vervolgens geef ik er een flinke ram op. Doinggggg. We beginnen.

Kras leest een tekst van Thay voor: Het wonder is niet dat we op water kunnen lopen, of door de lucht. Het wonder is lopen op moeder aarde!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Prachtig. Maar laat mijn medechristenen het maar niet horen, want daar geldt lopen op water toch echt als een wonder. Een dierbaar wonder en zelfs een wonder dat gelinkt is aan het Ware Geloof. Jezus liep natuurlijk moeiteloos over water, maar voor zijn discipelen was het niet zo vanzelfsprekend. Petrus waagde een geslaagd gokje, maar zodra hij begon te twijfelen verzoop hij bijna……..

Heks vindt de tekst geweldig. Want het is zo. We lopen dagelijks als blinde vinken rond te stampen en het wonder ontgaat ons. Maar overal om ons heen ademt leven. Elke straat bevat tal van avonturen. Als je wakker wordt…..

We zitten stil samen te ademen. Mijn kop tolt echter van de gedachten. Allerlei lieden komen voorbij gewandeld in mijn innerlijk landschap. Op zich ook alweer een wonder, dat lopen op op de bodem van mijn hart.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Er spoken ook frommelige gedachtes door mijn hoofd. Gelukkig mediteer ik samen met Kras. Dat scheelt enorm. Eén en één is dan echt minstens drie in het kwadraad. In de bijbel wordt dit fenomeen als volgt beschreven: ‘Want waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn Naam, daar ben Ik in het midden van hen.……. 

We zitten en halen adem. Roken de spoken uit met geduld. En aandachtig ademhalen. Na een half uur zit ik alleen nog maar te ademen. Verder is er niets. Vogeltjes fluiten buiten. Mijn telefoon blaft: Het is alweer tijd. Ik nodig de kleine bel uit. We buigen naar elkaar.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Nog eventjes darmen delen?’ Het is gek, maar als we Dharma delen vertellen we elkaar andere dingen dan rond de keukentafel. Deze vorm van communicatie heeft een geheel eigen kwaliteit. Je weet dat de ander naar je zal luisteren zonder reactie te geven. En daarin zit het grote geschenk van deze vorm van delen. Je wordt gehoord, maar dat oor geeft geen deel terug………

Ik herontdek momenteel iets heel wezenlijks in mijn leven. Mensen manipuleren met een zielig gezicht. Het is wereldwijd het meest effectieve middel om de zaken naar je hand te zetten volgens wetenschappelijk onderzoek.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Iemand doet heel sneu en krijgt daardoor veel aandacht. Heks verdomt het om zo’n kop te trekken en krijgt die aandacht dus niet. Maar ik heb gedurende mijn heksige bestaan wel heel veel treurige types aan de boezem gedrukt. En wat denk je dat er gebeurd als je dat niet langer wilt of kunt doen? Dan heb je het gedaan.

Regelmatig word ik op het matje geroepen, omdat ik weiger nog langer in de geefkramp te staan. Oh, wat ben ik toch een gemeen wijf geworden, dat ik me niet langer laat uitzuigen of leegtrekken. Het feit dat ik ook verlies heb geleden ontgaat mijn medemensen vaak volkomen. Weer is de zielige Piet een hele Piet. En Heks? De kwaaie Pier natuurlijk.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Als je je niet langer laat gebruiken worden gebruikers meestal kwaad. Ik ben ook kwaad. Op mezelf vooral. Waarom heb ik niet lang geleden de koe bij de horens gevat en mensen indien nodig nul op het request gegeven? Waarom stel ik voor het gemak doorgaans ieders belang boven het mijne?

Hoe is het mogelijk dat ik zo lang pogingen heb gedaan om wat onveranderlijk voort wil bestaan open te breken? Om eenzijdig de situatie proberen te verbeteren. En waar komt dat gevoel van morele verplichting vandaan om alle ellende, die mensen op mijn stoepje deponeren zonder morren op me te nemen?

Het wonder is dat je op moedertje aarde kunt lopen. Altijd. In aandacht.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM©TOVERHEKS.COM

Zo loop ik een dag later op mijn gemak het laatste rondje met mijn hondje. Het is al over twaalven. VikThor sprint voor me uit. Op het pleintje voor het Elizabeth Gasthuishof  staat een boom van een kerel. Lang haar, woeste baard, onverzorgd……

Langzaam draait hij zich om in mijn richting. Eventjes schrik ik. De straat is compleet uitgestorven. Ik maak me echter zorgen om niets. De grote grove kop van de man is vertederd door de aanblik van mijn spelende hondje. ‘Wat is het voor’n hond? Een Stabij? Oh, wij hadden vroeger thuis ook zo’n soort hond, een Duitse Staande Draadhaar……’ Hij rommelt in zijn vettige broekzak. Een zak weed valt op de stoep. Dan frummelt hij in een plastic zakje.

‘Kijk, dit is de moeder en vader en dat zijn de kinderen,’ hij geeft me een piepklein stokoud fotootje. Ik kan niet zien wat er op staat, dus posteer ik mezelf onder een lantarenpaal. Vier hondenkoppen staren me aan. ’s Mans dikke vingers wijzen wie wie is. ‘Met deze hebben we een prijs gewonnen en met die bijna. Als het een reu was geweest was ze kampioen geworden, maar ze was te groot voor een teef….’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Ja, grote teven zijn niks gedaan natuurlijk. Net als kleine mannetjes. De beer naast me kletst vrolijk verder. Als ik later verder wandel bedenk ik me dat ik alweer heb staan luisteren en aandacht heb staan geven. Ik kan het gewoonweg niet laten. Het kost niets en doet zoveel goed. Die zwerver fleurde compleet op tijdens ons gesprek. De herinneringen aan de trouwe viervoetige vrienden uit zijn jeugd waren hartverwarmend. Er is ook niets mis met lui luisteren, zolang het binnen de perken blijft.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Zolang niet alles en iedereen mijn huis binnen komt. Zolang het niet vrienden betreft, die louter éénrichting tegen me aan blaten. Zolang er ook mensen zijn die naar mij willen luisteren. Zolang mensen niet boos worden als je een keertje geen aandacht voor hen hebt. Zolang ik er niet mijn bestaansrecht aan ontleen.

Er zitten veel haken en ogen aan sociaal verkeer en ik ben nog steeds teveel met anderen in de weer. Maar er zit verandering in. Morgen komen medemensen mij weer helpen. Stichting Present stuurt weer een paar vrijwilligers. Hoera.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

Overpeinzingen van een Toverheks op haar persoonlijke brandstapel. Terwijl de fik erin gaat maakt ze wat flauwe grappen. Rake klappen. Uit een vaatje verse pijn valt best een mop te tappen!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ik ben zwaar geblesseerd, ik heb in een concert meegezongen en zelf mijn bladzijden omgeslagen, nou ja, dat had ik beter niet kunnen doen….’ mijn fysio moet lachen. Het is al de derde die ik bezoek de afgelopen drie dagen. En allemaal gaan ze druk aan de gang om mijn lijf weer vlot te trekken. Evenzogoed kan ik niks meer met mijn rechterarm en loop ik op stelten.

‘Stokbenen noem ik het. Zoiets als een stokstaartje. Maar dan benen…….’ alweer ligt mijn fysio dubbel. Waar haalt die Heks het vandaan? ‘Het zijn overigens rare beestjes, die stokstaartjes. Ze zijn hun hele leven bezig om oorlog te voeren tegen verwante stammen. En ook onderling kunnen ze flink bakkeleien. Er is altijd een pispaal, die wordt uitgekotst en afgezeken door de rest van de groepsleden. Als de eerste beste familieclan. Zeer herkenbaar. Net mensen!’ leuterkoek ik lekker verder.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Misschien wordt je, wanneer je alleen maar ruzie maakt, bonje trapt en altijd gelijk wilt hebben, voor straf ondergebracht bij deze diersoort in je volgende leven. Helemaal onderaan de pikorde natuurlijk. Reïncarneer je als stokstaartje op je eeuwige stokpaardje…..’ blebber ik vrolijk in de ruimte.

Het beeld van stokstaartjes op stokpaardjes wordt zeer gewaardeerd. En intussen is de behandeling bijna voorbij. Mooi zo. Het is weer een ware marteling.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ik word twee keer per week geprikt. Allebei nare ellendige injecties. De ene is een bijtend goedje tegen de eeuwige ontstekingen in mijn holtes. De andere is B12 in mijn bilspier. Ook niet echt lekker,’ kletskous ik nog even door, ‘Dus ik ben blij dat ik soms cranio sacraal therapie krijg, want dat is tenminste prettig om te ondergaan. Vroeger werd ik nog wel eens lekker gemasseerd door een fysiotherapeut. Maar tegenwoordig zijn jullie allemaal weliswaar effectief doch tevens heel gemeen geworden.’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Om mijn woorden kracht bij te zetten porrelt mijn fysio onaangenaam tussen mijn ribben. Er schieten allerlei spieren en pezen los,  terwijl ik het uitschreeuw. ‘Nou ja,’ vervolg ik op gewone toon, ‘Zonder al die pijnlijke behandelingen was ik veranderd in een grote knoperige kwarktaart. Het is al erg genoeg dat ik een oude taart aan het worden ben, maar met mijn lactose intolerantie asjeblieft geen kwarktaart!’

Na de behandeling plannen we afspraken door tot september. Ik wil niet al teveel gaten tussen de afspraken laten vallen en dat is lastig met al die weken vakantie. Want ook al martelt deze man me een paar keer per maand grondig, zonder hem kon ik mijn armen helemaal niet meer gebruiken.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Het is ook niet uit te leggen, dat je je armen blesseert door bladzijden om te slaan, mijn boek stond om die reden op een standaard en nog gaat het mis’ zeg ik later tegen Trui. Ze is gezellig bij Heks te gast. ‘Ik word altijd boos als mensen niet begrijpen hoe ernstig en invaliderend mijn ziekte is. Maar het klinkt inderdaad absurd. Idioot.’

Boos worden helpt niet. Niet boos worden is ook niet goed, want het is natuurlijk belachelijk dat er zo weinig begrip is voor ME. Dus word ik afwisselend boos en laat het dan maar weer voor wat het is. Ziek zijn went nooit. Kwalen laten je falen. En balen. Voor mij zijn het geen fabeltjes, noch verhalen, maar dagelijkse realiteit.

Gelukkig kan ik nog steeds schrijven. Daarin raak ik veel frustratie weer kwijt. En verder: Een schop onder je kont, zelf doen en vooruit met de geit.

Blijven ademhalen……

En vooral blijven lachen. Jaja. En: Als je haar maar goed zit……..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

Kiezen of delen? Heks houdt van delen, maar ontkomt niet aan kiezen als iemand het flink voor de kiezen krijgt. En dan weer delen: Heerlijk concert met uitmuntend publiek. Vooral die vent met die Borsalino zit lekker mee te deinen. Staat em goed, trouwens, die hoed!

Het kiezen van een zijde tijdens een conflict doet niets voor het oplossen ervan….. of zoiets. Kras leest de tekst in het engels voor tijdens onze bijeenkomst van de Sangha voor Kneusjes. Ik kan em niet meer reproduceren, maar de strekking ervan ken ik wel degelijk; Als je links weg haalt wordt de linkerkant van rechts links. Het idee dat we afgescheiden wezens zijn is een illusie. Het heeft totaal geen zin om partij te kiezen als je op vrede uit bent…….

Al tijdens het lezen van de tekst springt mijn innerlijke kikker alle kanten op. Ja, lekker is dat. Ik ben al enige tijd volledig tegen mijn zin ergens in verzeild geraakt waar je met dit beginsel geen kant op kunt. Als iemand willens en wetens compleet kapot wordt gemaakt heeft het weinig zin om naar de leugens van de opponent te gaan zitten luisteren.

Vooral niet als die tegenstander een niet al te slimme maar wel uiterst geslepen psychopaat is. Te dom om dit soort dingen te begrijpen, maar sluw genoeg om iemand te mishandelen zonder gepakt te worden. Om dieren te mishandelen desnoods. Vergezocht? Nee hoor, ik heb al eens zo’n buurman gehad. Een drama was dat.

Zodoende steiger ik bij het lezen van de tekst. Ik weet dat ik het er eigenlijk mee eens ben, maar ik breng het niet op. Al die Boeddhistische wijsheden houden geen rekening met de narcisten, psychopaten en sociopaten.

‘Het zijn allemaal mensen,’ is de gevleugelde uitspraak van de moeder van Don Leo. ‘Iedereen is mijn partner,’ krijg ik niet meer uit mijn bek bij sommige ellendelingen. En ik weet wel dat ik vroeger zei dat ik genoeg hele lastige en moeilijke partners had, maar dat ik gewoon om niemand heen kon.

Tegenwoordig ga ik met een grote boog om een aantal mensen heen. Ik wil echt niks met hen te maken hebben. Maar het zijn wel gewoon ook maar mensen. Sociopaten bijvoorbeeld: Hopeloze types, maar wel van vlees en bloed. Maar niet over de vloer hier in Huize Heks. Dank je de koekoek.

Ook ben ik met sommige partners gekapt omdat de relatie volstrekt scheef was. Nemen en geven niet in balans. Eindeloze tiethangpartijen om aandacht bijvoorbeeld. Of voortdurend grensoverschrijdend gedrag. Verhalen vertellen die ik niet kan aanhoren is ook een goeie afknapper.

Sommige partners willen mij niet zien, ook heel pijnlijk. Maar ik heb me erbij neergelegd. Ik ren nergens meer achteraan. Ik ga op mijn kussentje zitten en adem met mijn pijn. Als het lukt. Soms lukt het dagenlang niet.

De week met Don Leo heeft me duidelijk gemaakt dat er niets zo fijn is als samenzijn met je vrienden. Dat je weinig nodig hebt. Dat je enorm opknapt als je ophoudt met investeren in hopeloze toestanden.

Zaterdagavond komt mijn oude vriend naar mijn concert kijken. Al dagen leven we naar dit evenement toe. De dag ervoor houd ik me rustig. De Don doet mijn hondje op zaterdagmiddag en zondagmorgen. We eten afhaal-Indische rijsttafel. Lekker makkelijk.

Een paar uur van tevoren gaan we ons prepareren. De eerste lagen parfum worden gelegd. Om een uur of zeven verlaten we het pand gehuld in prachtige kleding, verrukkelijke geuren, deze illusie afgetopt met een mooie hoed.

Als ik later midden in het koor op het podium over het orkest heen zit te kijken of ik mijn vrienden zie, kost het me weinig moeite om het hoofddeksel van de Don te ontdekken tussen de vlinderdasjes en opgespoten permanentjes. Gedurende het gehele concert zie ik zijn hoed zachtjes heen en weer deinen. ‘Ik kon em lekker op houden, want ik zat precies voor een pilaar,’ verklaart mijn vriend later dit fenomeen.

Soms ben je dan misschien niet zo goed bezig met de wereldvrede, omdat je partij kiest in een conflict. Je besluit iemand door dik en dun te steunen, omdat niemand anders het doet. Of omdat iemand onrechtmatig het onderspit dreigt te delven. Of omdat de tegenpartij uitermate narcistisch, sociopatisch of psychopatisch in de weer is.

Ik ben dus niet zo goed bezig met het grote geheel, maar ik heb wel iemand een hele leuke avond bezorgd. Naast de Don zit een hele lieve dame. Zij heeft het al geruime tijd flink voor de kiezen gekregen en vanavond gaat ze er eens lekker uit.

En aan wiens arm kun je nu beter zo’n concertzaal binnenschrijden dan aan die van mijn vriend in zijn driedelig pak? Wiens lagen parfum kunnen je nu beter tegen de boze buitenwereld beschermen dan de lagen van de Don? Wiens conversatie kan tippen aan die van mijn welbespraakte logé?

Na het concert lopen we met elkaar naar huis. We hebben alledrie een heerlijke avond gehad. Het concert is boven verwachting goed gegaan, de generale was namelijk vreselijk……

De wereldvrede moet nog eventjes wachten. Maar Heks voelt zich vredig genoeg…..

 

‘Juh, kehjut tsien? He’k wat fan je an dan?’ Heks stijfgescholden door Leidse Moslima met een debiel in heur hoofddoek: ‘Pleurttop juh! Teer op! Tief lekka je graf in, achteleke toverlijer met je leipe bezemsteel. Ga maar lekker op je plaat in rontonde om de kerktoruh! Met die zinksnijer in je smoel! Gestoorde dakschijter!’ En hier dan weer om lachen met Don Leo. Hij is eindelijk op bezoek in Huize Heks!

‘Hoorde je me ruzie maken hier voor de deur?’ Verwachtingsvol kijk ik de Don aan. Hij komt net fris gewassen en geschoren de badkamer uit. Aan de achterkant van mijn huis. Het incident is hem dan ook ontgaan. Jammer. Het was weer een geweldig staaltje van krijg nou wat!

Een piepjonge moslima  fietst als een ongeleid projectiel door de steeg. De oorzaak van haar zwabbergang is de mobiel, die ze in haar hoofddoek heeft geklemd. Vol overgave zit ze er in te blaten. De rest van de wereld ontgaat haar. Ze mist mij en mijn hond op een haar na. Verbluft kijk ik hoe ze na deze gevaarlijke manoeuvre gewoon door blijft kletsen.

Het intermenselijk verkeer laat haar koud. Op die ene idioot aan de andere kant van de lijn na dan.

Ik vang haar blik, terwijl ze verwoed probeert controle te krijgen over haar fiets. ‘JUH, KEH JUH UT SIEN?’ blèrt ze in plat Leids. ‘Ja,’ antwoordt Heks droog, ‘Ik zag je bijna over mijn hond fietsen met die debiel aan je oor.’  Nou, ik kan een hijs voor m’n treiter krijgen. Moord en brand schreeuwend fietst deze perfect geïntegreerde allochtone schone de straat uit.

Nou ja, schone………  Zolang ze haar klep houdt dan. Zodra die muil open gaat ga je over je zuiger van wat er aan asociaal taalgebruik uit komt……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De Don moet erg lachen om het gebeurde. ‘Hahaha, Heks, geweldige tekst vanuit die hoofddoek. Wat is de werkelijkheid toch absurd. Als je dit verhaal zou verzinnen gelooft niemand het!’

Al dagen vermaken Heks en de Don zich prima met vrijwel niets. We hebben genoeg aan elkaars gezelschap. We hebben altijd maar een half woord nodig. We moeten lachen om dezelfde grappen. We hebben ongeveer hetzelfde energieniveau of gebrek aan energieniveau……

Vorige week woensdag haal ik de Don van het station. Na een bijzonder vlotte treinreis staat mijn oude vriend dan eindelijk weer eens in levende lijve voor mijn neus. Hoera!

Een grote grijze gleufhoed prijkt op zijn hoofd. En ondanks de tropische temperaturen die dag draagt mijn makker natuurlijk een driedelig pak. Met stropdas. En overjas!

Snel gooi ik zijn bagage in mijn auto en even later zitten we heerlijk op mijn balkonnetje bij te kletsen. Urenlang. Aan het eind van de middag lopen we de stad in met het hondje. In een park laten we mijn monster zwemmen en spelen. Op een terrasje klinken we op ons weerzien na al die jaren.

Don’s vorige bezoekjes dateren alweer van jaren her. En de laatste paar keer hadden we slechts een verloren uurtje om samen stuk te slaan. En ondanks het feit dat we elkaar al die tijd minstens een keer per week uitgebreid spreken wil je toch wel weer eens tegenover elkaar zitten. Wij wel in elk geval! En dat doen we dan ook: Deze keer hebben we alle tijd.

Pas om een uurtje of tien ’s avonds zijn we weer in Huize Heks. We moeten nog eten! Heks gooit snel wat lamskoteletjes in haar grillpan. De Romaanse sla gril ik ook. De Don doet even een tukje. Hij heeft er een hele lange dag opzitten!

Midden in de nacht zitten we eindelijk te smikkelen aan de keukentafel. ‘Een heerlijke souper!’ glimmen we tevreden naar elkaar. Ha! Dit is pas de eerste dag van een nu al legendarische logeerpartij.

‘Mijn zangmaatje Anna heeft me gisterenavond flink doorgezaagd over je slaapplek,’ vertel ik de Don nadat ik zijn bed heb opgemaakt, ‘Ik moest haar ervan overtuigen dat je in de logeerkamer slaapt, dit tot groot vermaak van de sopranen!’  Hikkend van de lach geven we elkaar een nachtzoen. Oh, oh, die Anna. Zo heerlijk ouderwets en degelijk. En: Ze houdt me goed in de gaten!

 

Mijn adem is niet lang genoeg en ik kan geen ijzer met handen breken. En: Wie schrijft blijft, maar soms schrijf je juist om uit te wissen. Om een nieuw geluid, oorverdovend gefluit, de lente in te blazen. Zodat je de oude liedjes niet meer hoort. De vertrouwde deuntjes. Die stomme liedjes van verlangen……

©TOVERHEKS.COM, ei, nest met ei

©TOVERHEKS.COM

M’n eigen blogs achtervolgen me momenteel. Telkens als ik er eentje heb gepost wil ik em eigenlijk weer verwijderen. Of preciezer gezegd: uitwissen. En als ik er eentje herlees val ik over mijn eigen woede en verongelijktheid.

Misschien komt het omdat het thema me bezig houdt. Maar waarschijnlijker is het dat veel van mijn schrijfsels doordrenkt zijn van venijn. Of een flinke scheut nijd. Of op zijn minst een scherpe toon.

-Gek genoeg schrijf ik opeens blogjes bij de vleet. Alsof de duvel me op de hielen zit. Het ene schrijfsel roept het andere op. Net zoals voorheen het ene zwijgen zich posteerde voor het andere….-

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘is het echt zo?’ is de vraag die door een beetje Boeddhist gesteld wordt als ie zich verliest in zijn eigen verhaal. Is er soms sprake van wrong view? Heks vraagt het zich ook vaak af. Vooral sinds ik geen idee meer heb hoe ik dingen moet aanpakken. M’n oude manier werkt echt niet. Het produceert slechts meer van dezelfde problematiek.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Maar voor ik het weet zit ik weer als een kip zonder kop te kletsen op één van mijn vertrouwde stokpaardjes. Of te krijsen als een speenvarken over een net uit de sloot geviste oude koe. Ik weet gewoon van geen ophouden.

‘Stoppen’. Dat is ook een begrip in het Boeddhisme. Makkelijker gezegd dan gedaan, hoor. Gewend als we zijn om maar door te denderen. Gewend als ik ben om maar door te sukkelen. Mijn versie van de sokken er in zetten! Of is dat ook een verkeerde perceptie? Ben ik uiteindelijk toch helemaal gehospitaliseerd met mijn ziekte?

Wat is er gebeurd met ‘Ik heb een ziekte, maar ik ben het niet!’?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De laatste tijd denk ik vaak ‘wat is er gebeurd?’ Wat is er gebeurd met ‘Iedereen is mijn partner?’ bijvoorbeeld. Dat prachtige inzicht dat me verlichting bracht! We moeten het levenswiel steeds opnieuw uitvinden. En telkens weer moeten we het levensvuur op de goden veroveren……

‘Je bent goed bezig, Heks,’ zei Kras onlangs tegen me. Ik hoop het. Het is een slagveld geweest de laatste jaren. Ik had het aanvankelijk niet in de gaten. Pas toen ik tussen de rokende puinhopen zat drong er van alles tot me door. Een niet aflatende stroom van inzichten. Pijnlijk vaak.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De fundamentele goedheid van de mens is bijvoorbeeld geheel door de mand gevallen. Er zijn mensen in mijn leven voorbijgekomen waarbij ik van die vermeende eigenschap echt niets heb teruggevonden. En reken maar dat ik heb lopen zoeken, overtuigd als ik was van het bestaan van dit fundament.

Bestaat er soms zoiets als de fundamentele slechtheid van de mens? En moeten we die neigingen elke dag bevechten?

En is dat allemaal waar? Of is mijn roze bril intussen zo grijs gekleurd dat ik mijn medemens vertekend waarneem? Neem ik ook goede bedoelingen nu maar met een korrel zout? Sta ik bij voorbaat al op mijn achterste benen te steigeren? Gooi ik mijn kont gewoon voor het gemak tegen elke krib? Zelfs als er een onschuldig kindeke in ligt?

Ja, dat moet je je dan ook weer afvragen…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Gelukkig maar dat ik elke week ga zingen. Met mijn koor studeren we nu de Jahreszeiten van Haydn in. Vanavond hebben we ons stukgebeten op het fugale slotlied.

Zaterdag zing ik mee in een concert: Verdi en Rossini. Vanavond laat zit ik nog te struikelen over de teksten. De muziek zit er goed in, maar die vloed Italiaanse woorden heb ik tot nu toe maar zo’n beetje meegebrabbeld. Nu moeten de puntjes op de i. Nou ja, het gaat vast lukken. Na ‘Kinot’ in het Hebreeuws een paar jaar geleden ben ik echt nergens meer bang voor.

Het klinkt overigens verrukkelijk, dat Italiaans. Ik ga de Don er morgen mee verrassen! Hij kan het vast waarderen!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

Veelzitters zijn geen paalzitters. En ook geen tweezitters. Heks is er één, ook een veelligger overigens, maar geen tegenligger. En een dwarsligger? Dat dan weer wel.

Ben u veelzitter en ervaart u problemen bij uw hobby? Ga dan naar Kontkrab interieuradvies!’ Een oude dame kreupelt door het beeld richting een enorme leunstoel, waar ze even later volledig in verdwijnt. Ze zou prima in onze Sangha voor kneusjes passen. En: Ze is duidelijk een veelzitter!

Oh, oh, wat zie je toch een hoop onzin voorbij komen zodra je de televisie aan zet. Zodra je de telefoon oppakt. Of zodra je uit het raam kijkt. Dingen die veelzitters nogal eens doen.

Gelukkig is Heks naast veelzitter ook veelwandelaar. En veelfietsster. Dat krijg je met een ADHDhondje.

Naast al deze interessante hobby’s ben ik ook nog een veelprikker. Ook vandaag spoed ik me na de eerste dosis koffie en pijnstillers naar de huisarts. Ik ben te laat en krijg een preek van de assistente. Vooruit maar, dat kan er ook nog wel bij vandaag: Ik mag toch nog naar binnen.

Als de eerste prik erin gaat schreeuw ik het uit. Al dagen heb ik last van een hopeloos lijf. Stijf als een overjarige kwarktaart. ‘Waarschijnlijk door de hitte,’ beweert de fysiotherapeut. Nou ja! En ik maar denken dat warmte goed is voor de spieren!

Ook de tweede prik doet ongelofelijk veel pijn. De assistente krijgt medelijden, absoluut ziektewinst in dit geval: Ze is haar nijd over mijn te late verschijning direct kwijt. Ja, als je zoals Heks in elkaar steekt is het geen wonder, dat je niet vooruit te branden bent!

Toch zit ik op de fiets naar huis te huilen. Wat een verdriet. Dit klotelijf went nooit.

‘Heb je een chronische ziekte?’ vraagt een vriendin onlangs verbaasd, ‘Maar wat heb je dan eigenlijk? Ik dacht dat je een whiplash had…..’ Heks staat hier toch even van te kijken. Hoe is het mogelijk dat het haar is ontgaan hoe ziek ik eigenlijk ben? Het verklaart wel de vreemde opmerkingen, die ze soms maakt over mijn gekwakkel……. En ik me maar druk maken over die opmerkingen!

Ja, die whiplash heb ik ook. Al zo’n jaar of zes. Alsmede ruim zeventien jaar RSI. Te danken aan mijn kortstondige carrière in de automatisering: Lang leve de Millenniumbug! Maar ik heb ook al 30 jaar ME. Met toenemende fibromyalgische bijverschijnselen. Ik ben zelfs de eerste officieel erkende patiënt hier ter lande!

De eerste vijf jaar heb ik wezenloos in bed gelegen. De eerste vijfentwintig jaar heb ik de halve dag op de WC gezeten. Ook een vorm van veelzitten. En veelpoepen natuurlijk…. Door LDN en een straf dieet houd ik mezelf intussen redelijk in de lucht. Eigenlijk zou ik nu wel zo’n beetje in een verzorgingstehuis moeten liggen met een flatus uit m’n reet en sondevoeding door m’n strot.

Dat schijnt het lot te zijn van de ergste gevallen van ME heb ik gehoord van iemand die zulke mensen verzorgt. Over het algemeen zijn dat de braverikken, die doen wat de artsen zeggen. Hetgeen betekent: Antidepressiva nemen en cognitieve therapie volgen. Beiden dodelijk voor deze groep patiënten.

‘Ze willen ook niet beter worden, hoor,’ vertrouwde de vrouw, die hen verzorgt me toe, eventjes vergetend dat ook Heks lijdt aan diezelfde kwaal. Wat een lastpakken! Ziek zijn en blijven. Tjonge jonge. Je hoort toch beter te worden. Of desnoods het loodje te leggen. Maar doe iets! ‘Kankerpatiënten gaan tenminste nog dood! Maar die verrekte MEers blijven maar leven…….’

Je zal maar zo verschrikkelijk ziek zijn en worden verpleegd door mensen, die je zien als een eersteklas aansteller. Brrrr.

Heks staat regelmatig vreemd te kijken van de totale onwetendheid omtrent haar ziekte bij mensen, die me intussen wel allerlei ongevraagd advies geven over hoe ik beter kan worden! Of hoe ik met mijn ziekte moet omgaan……Gek toch eigenlijk! Of ben ik nou gek?

Het varieert van een goedmoedig ‘Je ziekte is gewoon een schuurpapiertje van het leven, het helpt je om een beter mens te worden’ tot ‘hier heb je het adres van een therapie, die je echt moet volgen. Ik heb dan wel geen idee wat je mankeert, maar ikzelf heb baat gehad bij deze extreem dure grap, waarbij een stuk of zes therapeuten bovenop je nek springen om de reactie van je stresssysteem te veranderen.’

Helaas is er hier in Nederland nog steeds geen afdoende behandeling tegen ME. In Noorwegen wel. Daar krijgen deze patiënten chemotherapie: 70% geneest. Dus je kunt maar niet blijven beweren dat het tussen de oren zit of dat het een verkeerde reactie van je stresssysteem is.

Als je er niets van af weet, hou dan gewoon je mond!

Morgen komt de Don logeren. Hij heeft ook een kreukellijf, net als Heks. We hebben elkaar de laatste zes jaar maar 2 uur gezien om die reden. Het is gewoon een behoorlijke onderneming om elkaar op te zoeken met die 250 kilometer ertussen. We spreken elkaar wel wekelijks. Urenlang zelfs. De Don hoef ik over mijn lijf niks uit te leggen……

Vandaag probeer ik mijn huis een beetje opgeruimd te krijgen. Door het veelzitten en veelliggen van de laatste tijd is het hier een beetje achterstallig. En als de Don komt wil ik dat het netjes is! Zodat het niet al teveel afsteekt bij zijn driedelig pak!

Vanmorgen heb ik op de terugweg van de dokter ook een paar gezellige plantjes gehaald voor op mijn balkon. Van bloemen vrolijk ik altijd op. Ik ga ze snel in de grond stoppen!

 

Krijg nou de kolere! Gooi ik zakken vol kleding de voordeur uit, sluipen er weer allemaal fantastische kledingstukken door de achterdeur naar binnen! Ja, zo raakt het hier nooit opgeruimd! En ontmoeting met mijn soulmate!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Zondag gaat de telefoon. Het is Hopla. ‘Heks, ik ben mijn kledingkast aan het opruimen en ik vond nog wat dingetjes, die jij wel leuk zult vinden. Kom je eventjes kijken?’ Tien minuten later en een douchebeurt verder later zit ik op de fiets. Het is hooguit 2 minuten trappen: De Kippenbrug over en ik ben er.

In haar gezellige woonkamer drinken we verrukkelijke limonade. Een eigengemaakt brouwsel met sterrenmunt en limoen. ‘Kijk, ik heb een jurk voor jou meegenomen,’ Heks diept een rode feestjapon op uit haar tas. Hij valt bijzonder in de smaak. ‘Alvast een prima aanwinst voor het kerstdiner! Haha, dank je schat.’

‘Ik ga niet al teveel van je spulletjes overnemen hoor,’ begin ik verstandig, ‘Ik ben namelijk ook mijn kast aan het opruimen. Ik heb net een paar zakken weggedaan en weggegeven. En het is nog steeds propvol in mijn walk in closet!’ Ik pak het eerste jurkje van de stapel. Jeetje wat een leuk ding!

Enthousiast prijst mijn vriendin de verschillende kledingstukken aan. Op zich echt niet nodig, want werkelijk alles oogt fantastisch. En hoewel we een geheel verschillend figuur hebben pas ik overal lekker in. De stapel mee te nemen kleding wordt hoger en hoger. Uiteindelijk heb ik een hele vuilniszak vol nieuwe spulletjes!

‘Ik ben toch zo’n prachtig boek aan het lezen,’ vertel ik mijn maatje, ‘ik lees me sowieso suf momenteel. Zoals altijd in tijden van verandering en transformatie. Dit boek heet ‘Mindfulness as medicine, van Sister Dang Nghiem.’

‘Je weet natuurlijk dat ik een bloedhekel heb aan allerlei boeken, die claimen je te kunnen genezen. Of vage cursussen,  vreemde vogels en ander gespuis, die hetzelfde beweren. Kortom alles en iedereen die zelf beter probeert te worden van andermans ellende.’

Heks moet daar echt niets van hebben. Niet op die manier. Ik vind het badinerend naar het lijden van degene die het krijgt opgedrongen. Want zulke geneeswijzen en methoden krijg je altijd opgedrongen! Door de mensen die er beter van worden…..

De dingen die wel werken hoeft niemand je door de strot te duwen, die verkopen zichzelf. Door mond op mond reclame.

‘Dit boek leest zo heerlijk weg. De non, die het heeft geschreven heeft zelf de ziekte van Lyme. Ik ben nog maar in het begin. Misschien ga ik me nog suf ergeren. Wellicht volgen er toch nog rare uitspraken, maar voorlopig inspireert het me enorm, dit persoonlijke verhaal!’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Mijn maatje leest zich ook een slag in de rondte momenteel. ‘Maar ik doe het heel lui, Heks, ik laat me voorlezen….!’  Even later showt ze me haar nieuwe app.  Je kunt er elk boek inzetten en dan leest iemand je voor. Geweldig toch. Die ga ik ook aanschaffen!

M’n fiets beladen met een geheel nieuwe garderobe peddel ik weer naar huis. Ik pak alle kleren uit en hang ze op een knaapje. Nou Heks, dat schiet weer lekker op met dat opruimen van jou. Je gooit je kleding door de voordeur naar buiten en het komt via de achterdeur weer naar binnen……

Maar ja, wat wil je. Spulletjes uit de kledingkast van Hopla! Die heerlijke kleurrijke creatieve toverheks! Prachtige materialen en originele designs! Dat is natuurlijk te mooi om waar te zijn.

Een lege kledingkast zal ik nooit krijgen. Maar een saaie doos zal ik in elk geval nooit worden. En misschien blijf ik ook wel levenslang licht ontvlambaar……. Ik zal het er echt mee moeten doen.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Sister Dang schrijft in een hoofdstuk over haar afspraakje met haar zielsverwant. Ze gaat dan zitten op haar matje en doet haar ogen dicht. Ook de andere zintuigen blijven verstoken van prikkels. Doodgewone ouderwetse zitmeditatie dus. ‘In sitting meditation, we are actually making an appointment with ourselves…’ 

Dan oefenen we de eerste mantra: ‘Darling, I am here for you,’ voor alles wat in ons is. ‘Come back. Come back to the breath, come back to the body, I am here for you, my love.’

Het raakt me hoe liefdevol ze met zichzelf praat. Van jezelf houden is essentieel. Het is de alpha en de omega. Krijg je moeite met jezelf, zoals Heks de laatste paar jaar, dan wordt het erg lastig om gelukkig te zijn. Ik zal weer dol moeten worden op deze toverkol. Het begint met liefdevol zijn. Compassie hebben.

Ik woon dan wel in een rommelig huis, mijn voertuig is chronisch ziek, zwak en misselijk, ik ben de laatste tijd een vat vol woede en teleurstelling, maar ik ben ook hartstikke lief. En de moeite waard. M’n eigen moeite!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

‘Ben je boos, pluk een roos, zet em op je hoed, dan ben je morgen weer goed,’ is prima advies voor diegenen onder ons, die wel eens een hoofddekseltje op hun kwaaie kop planten. Heks boft maar met die hobby. Ontmoeting met pisnijdige boze fee: Alsof ik in de spiegel naar mijn toekomst kijk! Best even schrikken!

Vrijdagmiddag ga ik mijn glutenvrije broodje halen in de natuurwinkel. Bij binnenkomst struikel ik bijna over een mij bekend hondenvrouwtje. Oh jee. Het is een beste meid, maar als ze eenmaal tegen me begint te praten houdt ze nooit meer op. Ook vandaag begint ze een waar offensief, zodra ik haar begroet heb.

‘Oh, ben jij het, ik had je niet herkend, ben je soms afgevallen?’ Dit gebeurt me wel vaker als ik onder al mijn jassen, mutsen en dassen vandaan kruip: Opeens blijft er weinig Heks over! Het volgende onderwerp wordt al door de winkel gesmeten. Alles wat ze zegt heeft een verontwaardigde ondertoon. Ook vind ze heel veel dingen die ik doe, zo niet alles, maar niks.

Mijn geliefde hondenfluisteraars in de Ardennen? Zuipschuiten volgens haar. Mijn oude jachttrainer? Te erg voor woorden. De club waar ik nu train? Volstrekt waardeloos.

‘Ik ben nog wel op zoek naar een leuke jachttraining, ik was ergens begonnen, maar die vrouw wilde alleen privélessen aan me slijten. A raison van 50 euro per 45 minuten. Ze deed het voorkomen alsof ik daarna in een groepje kon instromen, maar dat was slechts een worstje voor mijn neus……….,’ wil ik vertellen. Ik kom niet verder dan de eerste paar woorden.

‘Jij bent toch veganist!’ roept ze verontwaardigd, ‘Jij gaat toch zeker niet jagen?’ Het wordt doodstil in de natuurwinkel. De shop waar nog geen garnaaltje dood gevonden wordt. ‘Ik ben helemaal geen veganist. Zelfs geen vegetariër. Ik eet gewoon vlees…..’ klinkt mijn heldere stemgeluid opgewekt tussen de schappen met soja en linzen.

Een gewaagde uitspraak in deze contreien.

‘Zal ik je eens een ongevraagd advies geven?’ stiert de hondendame er opnieuw ongevraagd  tussen door, ‘Je moet naar Huppeldepup voor jachttraining, want die is zo goed en wel hierom en daarom,’ streng kijkt ze me aan. Haar kwaaie fanatieke gezicht in opperste concentratie. Ze herhaalt de naam nadrukkelijk, een keer of tien, maar toch ben ik em intussen alweer straalvergeten.

In het kader van mijn pogingen om mijn woede te lijf te gaan is dit een zeer interessante ontmoeting. Telkens al ik deze vrouw tegenkom zuigt ze zich aan me vast met allemaal vreselijke verhalen en bozige aantijgingen. Ik kom nauwelijks van haar af. Om die reden loop ik echt wel eens een flink stuk om als ik haar in de verte spot.

‘Ik wil geen verzuurde oude kankerpit worden, daarom moet ik echt iets met die in mij brandende woede doen,’ vertel ik mijn tijdelijke familie tijdens mijn verblijf in Biezenmortel. En hier staat dan zo’n zure doos voor me. Al kankerend op alles en iedereen.

Het zijn geen zaadjes van woede meer in haar, die een beetje water hebben gekregen en daardoor zijn opgekomen: Nee! Ze is de levende razernij zelve! Haar tuin is overwoekerd door venijn. Nergens meer een beetje zoete vreugde of de zon, die in het water schijnt. Geen water bij haar wijn.

Wijn is sowieso natuurlijk not done. Daar word je maar een zotte zuiplap van: Niemand kan iets goed doen in haar ogen. Iedereen krijgt bij voortduring de wind van voren!

Toch ben ik de mening toegedaan dat dit in feite een bovenstebest medemens is. Verstrikt in haar eigen verzuring. Vertrapt door haar niet aflatende woede. Opstandig tot op het bot. Haar hele gezicht staat in een stand van chronische verontwaardiging. Haar stem klinkt hard en verongelijkt uit een boze streep mond.

Heks kijkt in de spiegel van wat zou kunnen komen, als ik niet ga zorgen voor mijn nijd. Dan word ik ook zo’n zure meid. Dus vooruit met de geit. Ik wil mijn medemensen niet kwijt! Als ik mijn last niet verlicht krijg ik spijt!

‘AND YOU ARE CLOSER TO ME THAN EVER, BECAUSE I LOVE MYSELF MORE….’ Zingt een nonnetje uit Plumvillage op de achtergrond. Liefde moet ons redden van onszelf.  Liefde moet onszelf redden.

Hoera! Kanariepiet is door de keuring! Hij zal nooit vleugels krijgen, noch vliegen, het arme beest: Maar een beetje grommend scheuren alsmede flierefluitend Heks naar haar bestemming wiegen blijft voorlopig een reëel alternatief voor de bezemsteel.

Vanmorgen gaat de wekker al om 8 uur. Ik schrik me een ongeluk na een gebroken nacht. Goeie hemel. Waar is de brand? Dan sijpelt langzaam de realiteit binnen in mijn grijze massa. Het is vrijdag. Vandaag wordt mijn auto gekeurd. Daarom moet ik zo vroeg uit de veren!

Ik stommel op statige stelten van benen naar de keuken en vergrijp me aan straffe koffie. Wat pijnstillers en een boterhammetje later hijs ik mezelf in de kleren. Het is hartstikke warm. Ik trek iets luchtigs aan.

Met VikThor los rennend naast me haast ik me door de steeg. Mijn kanariepiet staat op een akelig plekje: Tegen de muur van een nauwe steeg gepropt. Ik wurm me achter het stuur en rijd naar mijn huis om mijn vouwfiets op te halen. Een kwartiertje later lever ik mijn bolide af.

‘Zijn er nog bijzonderheden?’ Ja, de achterbumper heb ik met stickers vastgeplakt. Smileys om precies te zijn. Niet dat ie echt los zit. Een klein beetje maar. Op een ongevaarlijke plek. ‘Niks bijzonders,’ zeg ik, ‘Hij ziet er niet uit. Overal deukjes en krassen en er is een laag lak afgevlogen tijdens een wasbeurt.’

Vorig jaar is er voor een godsvermogen versleuteld aan mijn karretje. We verwachten geen rare dingen. Maar je weet maar nooit. Dus wisselen we behalve sleutels ook telefoonnummers uit.

Even later fiets ik met mijn hondje terug naar de stad. Jeetje, wat is het warm. We bevinden ons gelukkig onder bomen. Op de Lage Rijndijk is het andere koek. We puffen langs het huis waar Snuitje vorig jaar maanden in de achtertuin heeft zitten creperen.

Ik steek de straat over. Aan die kant is nog een streep schaduw pal langs de huizen. Ik dirigeer VikThor de koelte in. Langzaam kachelen we richting binnenstad.

In een park aan de Singel laat ik hem zwemmen. Wat is het heerlijk buiten! En de dag begint pas!

Een kwartiertje later lig ik weer in bed. En daar blijf ik de komende uren.

Vrijdag is ook thuiszorgdag. Ik heb een geweldige hulp. Als ze binnen komt word ik al blij. Daar heb ik het opnieuw heel erg mee getroffen. Als ze weg gaat is het huis aan kant. Ik lig intussen in een schoon bed.

De afgelopen week geniet ik ook elke middag van het zonnetje. Op mijn opgeruimde balkonnetje. Ik heb nog steeds niet de puf gehad om wat gezellige plantjes neer te zetten. Ik schuif het ook een beetje voor me uit: Het is zo lekker ruim. Misschien moet ik het nog leger maken!

Ik haal de auto op. Geen vuiltje aan de lucht. Dat valt dan weer geweldig mee. Ze zijn niet gevallen over de jolige plakkertjes. Mijn voiture is weer zo goed als nieuw! Ik ga em maar eens lekker wassen binnenkort.

Vanavond tijdens de hondentraining krijgt VikThor een aanval van puberale grootheidswaanzin. Eindeloos rent hij met een speeltje in de rondte. Hij weigert het af te geven. Heks is nogal gaar vandaag en dat zal ik weten ook!

Er staat een kinderzwembad met water, waarin de hondjes kunnen afkoelen. We krijgen weer van alles te horen van onze juf. Echt een hondenvrouw. Je kunt ook goed met haar lachen. Vanavond heeft ze twee neven meegenomen. Goedmoedig geven ze commentaar op de verrichtingen van hun tante.

Het veld geurt naar bloeiend gras. Er is veel verleiding voor onze wandelende neuzen. ‘Er zijn ook heel veel loopse teefjes nu,’ vertelt de juf. Misschien is dat mijn ventje naar de kop gestegen….

Op de terugweg naar huis fiets ik eventjes langs Steenvrouw. We drinken thee in haar heerlijke achtertuin. ‘Veranderen is zo moeilijk, weet je,’ een zweem bloemengeur prikkelt mijn neus, ‘Ik wil bijvoorbeeld van mijn woede af. En er zijn wel meer dingen waar ik altijd maar mee bezig ben. Om het te veranderen….’

Ja, hoe kun je het mensen kwalijk nemen dat ze maar steeds hetzelfde doen? Toevallig leidt het gesprek tot een ongelukkige vakantiesituatie die mijn vriendin tot twee keer toe meemaakte. En beide keren met dezelfde persoon!

Heks heeft drie keer een relatie gehad met dezelfde man. En alle drie de keren liep het op dezelfde manier faliekant mis. En dan doe je het gewoon nog een keertje over met iemand anders…..

Veranderen is hartstikke moeilijk. Het is misschien niet zozeer een actief proces. Zo van: Dat ga ik nu eens heel anders doen. Misschien bewandelt het toch meer de wegen van acceptatie. Ademen met wat is.

En omdat dat lucht geeft krijgen je hersenen zuurstof. En dan doe je het vervolgens gewoon anders……

Vanzelf.