Een sprookje van Anderen. Het evangelie van de boze buurtbewoner. Elke gek zijn gebrek. Hoge bomen vangen veel wind, maar rondvliegende heksen ook. Een opvallende verschijning zijn heeft zo zijn nadelen. Heks wordt aangevallen en verrot gescholden. Vanuit een zeer benepen universum hier vlak om de hoek.

Iedereen is het middelpunt van zijn of haar eigen universum. Sommige universa zijn groot en interactief met andere universa. De bewoner is communicatief en lief. Sommige bewoners gaan op onderzoek uit in hun eigen universum. Deze ontdekkingsreizigers ofwel soulsearchers proberen de wereld te verbeteren beginnend bij die van henzelf.

Andere universa zijn werelden op zich. Afgescheiden van alles wat daarbuiten ligt. De vijandige buitenwereld. Bewoners van deze universa stoppen hun energie voornamelijk in het bestrijden van de boze buitenwereld. Tot aan de tanden bewapend en op alles voorbereid staan ze je te woord. Als je ongelukkigerwijs hun pad kruist.

Het is dan zaak geen verkeerde beweging te maken. Laat staan iets te zeggen, dat deze holbewoner verkeerd kan opvatten. Je hebt een poeier te pakken voor je het weet.

De bewoner echter voelt zich vrij om elke vorm van agressie over je heen te storten. Hij voelt zich daartoe gerechtigd. Vanuit de rigide regels van zijn benepen universum.

En wat is nu zo opvallend aan dit soort confrontaties: Je hebt het altijd gedaan. Ook al heb je niets gedaan. Onderhandelen is zinloos. Een normaal gesprek zit er niet in. Boos geschreeuw is je deel. En eventueel een paar forse sancties.

Heks komt thuis van een hele leuke dag voor het goede doel. Ik ben vrolijk, geïnspireerd, blij dat er zoveel prima mensen zijn met hun hart op de goede plaats. Ik heb me met liefde kaal laten plukken, samen met vele anderen. Zodat kansarme kinderen naar school kunnen, zodat ze vervolgens een vak leren. Zodat ze een waardevol lid van hun maatschappij kunnen worden.

Opgewekt rijd ik door de buurt. Op zoek naar een parkeerplek. Helaas staat alles vol. Op dat ene plekje in een steegje om de hoek na. Waar nog steeds die plantenbak op de parkeerstrook staat. Niet langer ingemetseld midden op de strook. Maar aan het randje.

Ik rijd nog maar een rondje, want ik heb geen zin in gedoe met de bewonder van het huis tegenover die parkeerplek. De man heeft zich de plek toegeëigend. Hij vindt dat hij er zijn tuin op kan uitbreiden. En oh wie de waai degene, die het daar niet mee eens is. Die springt hij ongenadig op de nek. Als een duveltje uit een doosje.

Helaas is de plek van de gek het enige vrije plekje in de buurt. Ik draai mijn auto zorgvuldig achteruit de parkeerstrook op. Rijd een klein stukje naar achteren om nog iets dichter bij de muur te komen. En weer naar voren om mijn bolide recht op de strook neer te zetten.

Terwijl ik bezig ben komt er een vrouw uit het gewraakte pand zetten. Scheldend en tierend. Ze wijst naar haar voorhoofd. Steekt haar middenvinger op. Ja, gezellig!

Ik heb het mens nog nooit eerder gezien, maar blijkbaar is het de egaa van die idiote kerel, die hier ook woont. Vloekend staat ze me op te wachten, terwijl ik mezelf moeizaam aan de passagierskant uit de auto wurm. ‘Klotewijf, je reed expres tegen onze plantenbak aan,’ gilt ze.

Heks is met stomheid geslagen. Waar heeft dat gekke mens het over? Ik ben me van geen kwaad bewust. Ik zou toch zeker wel merken of ik tegen iets aan reed? Ik ben wel eens tegen die bak aan geknald bij het inparkeren, het ding is niet te zien in je spiegels, dus ik ken het gevoel.

Resoluut verwijs ik haar klacht naar het rijk der fabelen. ‘Ik ga hier verder niet met u over in discussie,’ draai ik haar mijn rug toe. Het wijf drukt haar amechtige lijf vervolgens zo ongeveer tegen mijn rug aan. Geen enkel respect voor mijn persoonlijke ruimte, zoveel is me wel duidelijk.

Gegil, gekrijs, geschreeuw. En het gaat maar door. ‘We hebben toestemming van de gemeente om die bak daar neer te zetten,’ beweert ze op een gegeven moment.

‘Ik heb bij de gemeente geïnformeerd en dat is pertinent niet waar,’ dien ik haar van repliek, ‘De politie heeft uw man gesommeerd de bak weg te halen. Ik heb het hem zelf horen schreeuwen tegen een buurman, toen ik toevallig hier door de straat reed….’

De vrouw wordt zo mogelijk nog kwaaier. Haar van woede vertrokken toet kleurt knalrood. Een gillende tomaat. Ik ben gek, het busje moet voorrijden, ik ben gestoord, niet goed bij mijn hoofd, ik ben lelijk, ik ben stom, ik ben dit en dat, een kutwijf, een hoer, een smerige heks……

‘Pas maar op, dat ik je niet betover,’ grinnik ik bij haar laatste beschuldiging. Om vervolgens met een zwierige zwaai van mijn lange rode jurk de aftocht te blazen. Als ik naar boven kijk, zie ik haar man voor het raam op de eerste verdieping staan. Met een van haat verwrongen gezicht.

Wat mankeert die mensen?

Heks betreedt hun universum. Hun piepkleine wereldje aan de Lange Lullige Lijsbitchsteeg. Waar ze waken over hun plantenbak. Op de door hen toegeëigende parkeerstrook. Waar ze heer en meester over zijn. Hun straat. Hun strook. Hun plantenbak. Wee je gebeente, als je alleen al naar die bak kijkt……

Als ik thuis kom, zit ik vol woede. Grote energetische haathaken geslagen in mijn zonnevlecht. Ik ga naar een prachtig concert, krijg daarvoor een vrijkaartje cadeau bij de ingang, zit naast mijn goede vriend Jip. We lachen en giebelen. Ik heb een heerlijke avond.

Maar de haathaken wroeten verder. In de pauze loop ik naar mijn auto. Voor de zekerheid haal ik mijn TomTom er maar uit. Dat was ik in de consternatie vergeten. Ik vertrouw die lui voor geen cent. Bij de vorige aanvaring dreigde de man om die hopeloze plantenbak met geweld op mijn auto te smijten…..

Zondag ga ik er rustig voor zitten. Ik zak in een diepe meditatie. Ik wrik de haathaken los uit mijn middenrif en stuur het ongewenste pakketje retour afzender. Ik stuur nog wat ongewenste pakketjes retour naar andere afzenders nu ik toch bezig ben. Ik laat mijn goede intenties bij me terugkeren. Stuur mijn eigen woede naar de planeet Scheld. Een oase van rust daalt op me neer.

Dan besluit om mijn auto te gaan wassen. Het ding is te smerig om aan te pakken, nadat de prunus uit de steeg haar bloesems er op heeft gedeponeerd. Een paar snottige regenbuien verder is deze pracht veranderd in smerige drab. De hondjes zijn nog bij de oppas. Ik heb lekker mijn handen vrij!

Als ik mijn auto probeer te starten gebeurt er niks. Raar! En gezien de vijandelijkheden en de dreigementen van gisteren: Verdacht!

©Toverheks.com

Uren later komt de ANWB. ‘Uw accu is helemaal leeg,’ constateert de monteur, ‘U heeft een licht aan laten staan.’ Heks betwijfelt dat. Toen ik de TomTom uit de auto haalde was het al aan het schemeren. Ik heb toen geen licht zien branden.

Ik heb in alle consternatie wel een raampje open laten staan gisteren bij aankomst. Aan de kant van de muur. Met een beetje moeite kun je zo precies bij het hendeltje van de verlichting!

Als ik me omdraai zie ik de vrouw, die me gisteren woedend belaagde, dansend en juichend voor haar raam staan. Haar meutige gezicht vertrokken in een duivelse grijns. Beide handen triomfantelijk in de lucht gestoken. Ik had de ANWB-man al gewaarschuwd voor dit soort taferelen, maar hij is evenzogoed verbijsterd.

Nu wordt het Heks toch al te gortig. Ik duw de plantenbak van de parkeerstrook. En nog een stuk opzij. Ik duw nogmaals en het ding valt om. Er rolt een beetje aarde op de grond.

Als een duveltje uit een doosje staan nu zowel de man als de vrouw gillend in de steeg. De vrouw wil me te lijf. Haar man probeer het te voorkomen. ‘Vieze vuile teringhoer, kankerhoer, schijthoer, pleurishoer! Je gooit telkens die bak om,’ gilt het mens.

Waar heeft ze het over? Heks weet van niks. Maar ik weet ook genoeg. Die bak wordt dus met enige regelmaat omgegooid? Ik ben blijkbaar niet de enige met wie dit echtpaar in de clinch ligt.

Dat verklaart ook dat dit vaak het enige lege plekje in de buurt is. Deze idioten voeren een waar schrikbewind. Mensen zijn doodsbang van dit stel. ‘We willen alleen maar de buurt wat gezelliger maken,’ brult het griezelechtpaar in koor.

Nou, dat lukt aardig zo, denk ik bij mezelf, terwijl ik een aanval van slappe lach onderdruk. Als ze dat willen bewerkstelligen kunnen ze beter gaan verhuizen!!!

Ik zeg echter niks meer. Ik ben uitgepraat met deze mensen. Ik heb al een klacht neergelegd bij de politie. De wijkagent gaat er werk van maken. Die mag dat varkentje wassen wat mij betreft.

Dankzij de ANWB-man kom ik er zonder kleerscheuren vanaf. Het echtpaar blijft nog een tijd voortrazen, maar uiteindelijke poetsen ze de plaat.

Mensen regerend in hun eigen universum. Met hun eigen idiote regeltjes, waar iedereen zich aan moet houden. Met hun eigen definitie van gezelligheid. Maar het zijn niet bepaald gezellen, deze medemensen. Zodra je je niet aan hun rigide gestoorde regels houdt zijn de rapen gaar. Dan krijg je een stelletje idioten over je heen.

Het was misschien niet netjes van me om de plantenbak om te kieperen, maar ik ben er erg van opgeknapt. Alle woede per direct mijn systeem uit.

Tevreden ga ik een stuk rijden met mijn autootje teneinde de accu weer op te laden. Gelukkig was het alleen de accu. Het had zoveel erger kunnen zijn. Op de terugweg was ik mijn auto. Die staat nu glanzend in de steeg. Binnenkort ga ik in gesprek met de wijkagent. Eens kijken, wat hij erover te zeggen heeft.

©Toverheks.com
©Toverheks.com

Heks gaat naar de heksenschool. Sinds Zweinstein kijkt niemand daar meer raar van op, maar daar is ook alles mee gezegd. In het echt blijft het velen vreemd. Iets voor strangers. Niets vreemds aan voor mij. Heks is blij, blij, blij.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Woensdag zit ik bij mijn homeopaat en praat. Luister naar haar wijze raad. Graaf in mezelf mezelf en praat en praat……..

‘Ik moet gewoon weer eens iets geheel nieuws ondernemen. Een uitdaging aangaan. Mensen leren kennen die bij de nieuwe Heks passen. Al zijn het er maar 1 of 2. Zo wil ik Klezmer gaan zingen in de Zonneboom. Maar eigenlijk zou ik…..’

Mijn stemgeluid sterft weg als een idee zich als een bliksemflits een weg baant door de warboel in mijn hoofd. ‘Ik weet wat ik ga doen,’ mijn stem klinkt rustig, maar ik bespeur stiekempjes een zekere opwinding. ‘Ik ga naar een heksenschool en ik weet al welke!’

Jaren geleden heb ik met bijzonder veel plezier een paar boeken gelezen van Linda Wormhoudt. Ze sprongen als het ware uit de boekenkast van de spirituele boekhandel Kailaish. Helaas alweer jaren verdwenen uit de Pieterskerk-Choorsteeg hier in de stad.

Ik ontdekte dat deze dame lekkere hekserige opleidingen en workshops geeft in Amsterdam en binnen de kortste keren had ik een jaartraining op het oog. Helaas ontbraken de financiële middelen op dat moment. Ik kreeg het plaatje niet rond.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ik weet dat haar jaartrainingen in januari starten. Misschien ben ik nog op tijd,’ roep ik blij tegen mijn homeopate. Ook al zo’n heks. ‘Wellicht is die sjamanentraining ook wel iets voor jou.’ grap ik er achter aan.

Thuisgekomen zoek ik alle informatie over de beoogde opleiding op. Het begint aanstaande zondag! Hemeltjelief. Dat is over vier dagen! Een dag later bel ik het telefoonnummer om te vragen of het door gaat. Of er nog plek is. Ik krijg geen gehoor.

Dus stuur ik een mailtje om te vragen of het nog door gaat. Of er nog plek is. Of ik er nog bij kan…… Een dag later krijg ik een mailtje terug. De opleiding zit vol.

In principe. Er is echter 1 gegadigde, die na aanmelding nergens meer op heeft gereageerd. ‘Als ik niets van haar hoor, kun je er bij.’ Ik moet dus rustig afwachten.

Een eindeloos lange dag zit ik in prettige spanning. Ik regel alvast oppas voor de hond. Ik verzeker me ervan, dat iemand het geld tijdelijk eventjes voor schiet. Zodat ik het op mijn gemak uit mijn knorrige spaarvarkentje kan peuteren. Af en toe krijg ik een zenuwtoeval, omdat ik bang ben, dat 1 dag per maand naar school misschien te hoog gegrepen is voor dit miezerige ME-muisje.

‘Je hebt het eerder gepresteerd, schat. Het gaat je vast weer lukken!’

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Diep in mijn wezen is echter rust en vrede ontstaan vanaf het moment, dat ik ja heb gezegd tegen dit heksenpad. Wat nog ontbreekt is een dikke pad. Maar die komt vast wel op mijn pad…..

‘Je kunt er bij, je bent welkom bij ons,’ lees ik zaterdag aan het eind van de ochtend. Oh, wat heerlijk! De hele middag fiets ik met VikThor door een blije vrieskoude zonnige wereld.

’s Avonds breng ik hem naar de oppas, want ik moet de volgende dag om kwart voor zeven op. Ik heb gemiddeld 2 uur nodig om uit de kreukels te komen. En ik mag daarbij niet al teveel energie verspillen…..

Zondag heb ik een heerlijke dag. Onze juf trapt af om tien uur ’s morgens. Een stortvloed aan informatie wordt over ons heen gekieperd. Een korte luxe lunch  zorgt voor een kleine onderbreking, maar de gehele verdere middag wordt er flink doorgewerkt.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Oh, wat zit Heks te genieten op haar matje. Het is altijd zo heerlijk om onder gelijkgestemden te zijn. Om nu eens niet raar te worden aangekeken om wie je bent. Om onbekommerd uit te wisselen met magische zusters.

‘Er zitten helemaal geen mannen in de groep deze keer. Dat is een zeldzaamheid, meestal komen er wel een paar op de opleiding af. We hebben zelfs wel groepen gehad, waarvan de helft man was,’ vertelt de co-docente. Heks vindt het wel lekker rustig zo tussen louter zusters. Het geeft toch een andere energie.

Aan het eind van de dag heb ik van alles meegemaakt. Tevreden rijd ik naar huis. Haal het hondje op. Bel met de Don. Eet iets. Val vervolgens helemaal om.

’s Nacht heb ik indringende magische heldere dromen. Ik word er ouderwets wakker van. Er melden zich een paar krachtdieren. Mijn wereld is weer in beweging.

‘Als je vast zit in het westen, in depressies bijvoorbeeld, dan ligt de remedie in de polaire richting, dus het oosten,’ aldus onze juf, terwijl ze het levenswiel behandelt. Ha ja! Dat is exact wat ik nu aan het doen ben. Lenteachtige invloeden:  Iets nieuws doen. Een nieuwe structuur in mijn leven aanbrengen.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Maar de echte oplossing ligt een de opvolgende richting.’ Dat is het noorden. Waar de ziel woont. En de voorouders. Het gebied van loslaten…… Nou, dat loslaten gaat vast veel gemakkelijker als ik nieuwe dingen heb om op te pakken, denk ik bij mezelf.

‘Je moet gewoon je doel verleggen, Heks,’ zei Peter van der Hurk een paar jaar geleden tegen me. De man had groot gelijk. Ik heb het eindelijk begrepen.

Heks, je bent toch zo goed bezig!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

MiAUAUAUAUAUW! ME AU AU AU AU AU! De panter heeft zich weer eens in de nesten gewerkt. Het is altijd wat met de dolende ridder. Is het niet dit, dan is het weer dat. Heks heeft haar handen vol aan dit geliefde monster. Terwijl mijn bankrekening er op leegloopt!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Een paar weken geleden ben ik de panter weer eens kwijt. Ik heb direct een naar gevoel en al na een dag loop ik uitgebreid te roepen in de buurt. Begrijp me goed, het beest is wel vaker op stap. Dagenlang soms. Hele weken, maanden ben ik hem kwijt geweest.

Meestal maak ik me geen zorgen, maar als er iets mis is voel ik het direct. Zo ook nu. Waar zit mijn monster?

Na een uitgebreide zoekronde ’s avonds laat zie ik hem bij thuiskomst voor de voordeur zitten. Maar als hij me in het oog krijgt kruipt hij weg. Komt weer naar me toe. Loopt weg. Komt, loopt weg, komt toch……

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Ha gekke ridder van me,’ zing ik hem zachtjes toe, terwijl ik hem over zijn koppie aai, ‘He, wat is dit? Je staart is raar. Hij lijkt wel gebroken….’ Terwijl ik mijn hand langs zijn hele lijf laat glijden voel ik een rare knik aan de basis van zijn lange staart. Jeetje. Die heeft ergens tussen klem gezeten. Dit heb ik nog nooit eerder gevoeld.

Ik neem mijn schat mee naar binnen, alwaar hij de gehele nacht bovenop mijn buik ligt. Hij zoekt steun, want zijn arme staart doet echt pijn. Dat is goed te merken. De volgende dag gaan we naar de dierenarts.

Die geeft ons een sterke pijnstiller mee. ‘Het is niet gebroken, maar er zit wel een werveltje helemaal scheef. Ik doe er verder niets aan. Met een paar dagen voelt hij zich veel beter.’ Geen dure röntgenfoto gelukkig. ‘Nergens voor nodig,’ zegt de man.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

‘Nou, dat was dan je zevende leven. Of was het pas het zesde? Ik ben de tel kwijt, mafkees,’ mopper ik zachtjes tegen hem op de terugweg. Mijn avontuurlijke boerenridderkater heeft altijd wat. En ondanks het feit, dat hij toch ook een dagje ouder wordt is hij nog steeds uitermate uithuizig. De ellendeling.

Ik houd hem een paar dagen binnen. Altijd een hele heisa, want meneer wil niet binnen blijven. Hij wil de hort op. De buurt verkennen, de nachtburgemeester uithangen, achter de muizen aan!

Na vier/vijf dagen laat ik hem maar weer naar buiten. Hij is behoorlijk opgeknapt, maar de knik is een blijvertje lijkt het.

Vorige week is meneer koekepeer weer eens onvindbaar. Al dagen hebben we ruzie. Hij komt binnen, eet zijn eten op en staat dan aan 1 stuk door te schreeuwen, dat hij weer naar buiten wil. Van nog wat extra brokjes wil hij niks weten. Hij eet alleen nog maar blikvoer lijkt het!

©Toverheks.com

©Toverheks.com

De laatste dagen wilde hij zelfs niet meer mee naar binnen. Moest ik hem achterna rennen en vangen. Met een grote tegenstribbelende zwarte kater onder mijn arm de trap oplopen.  Hem stevig vasthouden tot we binnen waren, omdat hij em anders direct weer zou smeren. Wat heeft die kat toch?

Nu is hij dus al twee dagen pleite. Pas de derde dag zie ik hem van een muur via mijn auto, die verderop in de steeg geparkeerd staat, op straat springen. En ook nu krijg ik hem slechts met moeite mee naar binnen. Waar hij dan weer wel aanvalt op zijn eten: Hij is uitgehongerd!

‘Wat heb je toch, gekke kat?’ Heks houdt hele verhalen tegen haar schatje. Hij kijkt me serieus aan. Opnieuw valt het me op dat hij er anders uitziet. Maar waar ik er een paar dagen geleden nog niet de vinger op kon leggen, zie ik nu plotseling hoe zijn kop aan 1 kant is opgezwollen tot enorme proporties.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Zijn linkeroog zit zelfs een beetje dichtgedrukt. De zwelling is pijnlijk. En plotseling heel groot geworden. ‘Waarschijnlijk een abces,’ concludeert Heks. Deze ridderkater zal wel weer een potje gevochten hebben…..

Zo zit ik zondagmorgen weer bij de dierenarts. Mijn goedkope tuincentrum-arts is helaas niet beschikbaar, dus ik zit bij een peperdure collega. De rekening is nog net niet zo erg als eentje, die ik ooit eens op een zaterdagavond laat heb opgelopen, maar het is evenzogoed een rib uit mijn lijf.

Hiervoor krijg ik wel een consult met een enorm lekker ding. Ik heb mijn ogen nog niet helemaal open, maar dit zie ik dan toch wel. ‘Het is waarschijnlijk een abces, daar gaan we de medicatie op inzetten. Helaas kan ik het niet openmaken, dat geeft namelijk vaak verlichting. Maar met een goeie dosis antibiotica en een stevige pijnstiller voelt hij zich met een paar dagen veel beter….’

Zo ligt mijn panter dan in de grote bench. Met zijn eigen kattenbak, lekker voer en een bak water. Het is de enige manier om ervoor te zorgen, dat hij em niet smeert. Ooit sprong hij met een drain in zijn lijf en een kap om zijn kop uit het slaapkamerraam op de eerste verdieping. Daar draait meneer zijn poot niet voor om.

Soms jammert hij erbarmelijk. Soms laat ik hem er een paar uur uit. Hij heeft een kuur van tien dagen en die moet hij afmaken. Twee keer per dag een pil.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Op dag drie jammert hij wel erg hard. Nog maar een keertje naar de dierenarts dan. Ik zie intussen ook een rare pek onder zijn oog verschijnen.

Zodra ik hem bij de dokter op de behandeltafel zet, springt het abces open. Bloederige stinkpus vliegt ons om de oren. De wond wordt grondig nagespoeld met een jodiumverdunning. ‘De rest geneest vanzelf. Katten hebben een geweldig vermogen om abcessen zelf te lijf te gaan,’ stelt de dierenarts me gerust.

Hij moet nog een paar dagen binnen blijven, om de antibioticakuur af te maken. Het is nog eventjes afzien voor me. Maar de schat voelt zich al veel beter!

Maar wat ben ik blij, dat hij ook dit weer overleeft. Mijn kanjer. Mijn grote zwarte schaduw. Mijn stoere panter. Mijn geliefde ridder Ferguut.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

 

 

 

Heks suist dagenlang in een baan om de aarde na een flinke inwendige ontploffing. Gelukkig zie ik het licht. Neem ik het weer licht. Die oplichter. Bovendien doe ik iets, dat ik veertig jaar geleden had moeten doen: Ik neem echt afstand. Dat geeft verlichting…….

Tegen het einde van mijn retraite ben ik behoorlijk ziek. Niemand merkt er iets van, behalve ikzelf natuurlijk. Plotseling ren ik weer vanouds ’s morgens non stop naar het toilet. Ik val kilo’s af. Gewrichten hangen massaal uit de kom. Mijn huid is in een maanlandschap veranderd. Jeukende bulten, belachelijke bobbels en kriebelige kraters hebben zich in mijn gezicht en op mijn armen genesteld.  

Het wordt de hoogste tijd, dat Heks naar huis gaat. Dat ik weer normaal kan eten. Dat ik niet meer door een tent hoef te kruipen met al die gewrichten uit de kom. Dat ik weer eens door een fysiotherapeut uit de knoop kan worden gehaald.

Maar ja. Heks heeft werkelijk geen zak zin om naar huis te gaan. Ik wil wel graag mijn beestjes weer zien. Ook verheug ik me op mijn eigen bedje. Maar ik weet natuurlijk best, dat eenmaal thuis de euforie van zo sterk verbonden zijn met medemensen snel voorbij is. 

In het dagelijkse leven zijn mensen niet zo mals. Ze gunnen elkaar niet zoveel. Van het asociale egocentrische gedrag van de gemiddelde mens kots ik al jaren. En na een verblijf in zo’n fijne omgeving slaat dat hopeloze gedrag je extra hard om de oren.

Als ik een dag terug ben raak ik al slaags met een geitensok in de biowinkel. Heks staat rustig appel/perensap te zoeken tussen alle appelsap, als een rare broodmagere gare gluut van een vrouw  me bruut opzij stompt en snel de laatste exemplaren onder mijn handen vandaan grist. Ze trekt ze nog net niet uit mijn vingers, maar het scheelt niet veel.

‘Jij zoekt zeker ook de appel/perensap,’ wrijft ze haar minne actie er nog maar eens eventjes in. Snel maakt ze zich met de laatste flessen uit de voeten. 

Typerend. En wie trekt er weer eens aan het kortste end?

Maar goed, ik weet dus prima wat me te wachten staat als ik weer thuis ben. Met die wildvreemde eigengereide rare geit is op zich goed te leven, maar helaas zit mijn persoonlijke cirkel ook boordevol zulke gezegende gekken. Die grabbelen, grissen en uit handen trekken. 

En als ik opnieuw mijn studieschuld zie staan op mijn belastingaangifte, terwijl ik hem al heb afgelost, zijn de rapen gaar. Dagenlang ben ik van slag. Iedereen in het gezin heeft zijn of haar opleiding betaald gekregen, behalve ik. En nu dit weer. Wat een klotefamilie heb ik toch. Ze gunnen me ook niks.

Pas een week later zie ik er de lol van in. Krijg ik oog voor het absurde van de hele situatie: Heks is waarschijnlijk de enige in de hele wijde wereld, wiens ouders verdienden aan haar studie! Enorm lachwekkend, toch?

Als jonge vrouw zat ik handenwringend bij de decaan. Ik had geen beurs, want mijn ouders verdienden veel te veel. ‘Je moet naar de rechter en verklaren, dat je ouders je ouders niet meer zijn,’ was haar advies, ‘Alleen als je officieel afstand neemt van die mensen, krijg je een beurs.’

Heks kreeg dat natuurlijk niet voor elkaar. Ze gaven me dan wel geen rooie rotcent, noch steunden ze me in mijn studentikoze bestaan, ik hield wel degelijk van die mensen. Bovendien is Heks altijd belachelijk loyaal geweest. Je moest echt jarenlang rechtstreeks in mijn bek schijten voordat ik ging protesteren……

Pas tegen het eind van mijn studie waren mijn ouders bereid een volstrekt uitgeputte Heks een minuscuul bedrag te lenen. Vlak voordat de ME me definitief tegen de vlakte sloeg.

‘Heks, maak je niet druk, het is een studieschuld van niks. Dat is dan weer het voordeel van het feit, dat ze niet van zins waren je veel te lenen. Laat staan iets te geven. Je hebt het leeuwendeel van je studie destijds zelf bij elkaar gesopt en geboend. En geserveerd….’ reageert een goede vriend laconiek. Hij heeft gelijk!

‘Wij kunnen niet tegen onrecht, dat is ons probleem,’ sombert de Don later aan de telefoon. Daar zit wat in. Heks heeft bijvoorbeeld een flinke schuld bij de sociale dienst, omdat ik al ziek was, toen mijn vader overleed. Al het geld, dat ik toen kreeg uitgekeerd, moet weer terug die sociale pot in, omdat ik plots recht op een erfenis had.

Ik kreeg die erfenis niet. Maar ik heb dus wel die schuld.

Daar zul je me echter nooit over horen. Dat geld komt een ander ooit weer goed van pas. Het is een veel groter bedrag dan die stomme studieschuld, maar het doet me helemaal niks. Sterker nog: Ik ben blij, dat ik een dergelijke schuld heb en niet eentje wegens speculeren met huizen bijvoorbeeld.

Heks heeft geen medelijden met dat soort hebberige schulden. Ik ken een heel inhalig mannetje, die heel veel geld naar zich toe heeft geharkt ten koste van anderen, wat hij er vervolgens op zo’n manier doorheen joeg. Ging hij zielig doen tegen de mensen die hij had benadeeld! Waaronder Heks…..

De werkelijke wereld is nogal een kluif. Mijn wens als kind om waarachtig te leven en ook de donkere kanten te leren kennen is echt uitgekomen. Maar intussen mag het wat mij betreft wel wat minder. 

De laatste dagen in Plum klitten de leden van mijn tijdelijke familie enorm bij elkaar. We zijn niet bij elkaar weg te slaan. Het is alsof iedereen weet, dat het weer sappelen wordt zodra je thuis bent. 

Intussen zit ik weer wekelijks dagenlang alleen te koekeloeren. Knuppel ik me met mijn afknaplijf een weg door die eenzame ruimte. Ik mis mijn tijdelijke Plumfamilie!

Het zou zo fijn zijn om elkaar eventjes te zien. Het zou zo fijn zijn om even bij elkaar te zijn……..


Heks krijgt geld van de bedeling, zodat ik een toontje lager zing. Maar ik wil niet lager zingen met de Matthäus voor de deur. Dus klaar met het gezeur. Vandaag gaan we niet spelevaren. Ik kan de klus even niet klaren. Maar niks te maren of te mieren: Buurman traint mijn lachspieren.

‘Ha schat, kunnen we op een andere dag afspreken om te gaan zwemmen? Ik krijg mezelf niet opgestart,’ bibberig zit ik aan de telefoon. Het is me niet gelukt om bijtijds uit de kreukels te komen. Sterker nog: Ik voel me vrij ziek. Pijn in mijn buik. Halfzacht. Misselijk. Alsmede de normale spierpijn in het kwadraat. Het idee om in een ijskoud bad te springen is verre van aanlokkelijk.

‘Morgen lukt niet, Heks. Ik ga dan de boodschappen doen, die ik normaal gesproken op dit tijdstip doe,’ Saar is not amused dat ik zo laat nog afzeg. Tegelijkertijd weet ze natuurlijk ook wel, dat ik niet zomaar afbel.

‘Misschien kunnen we sowieso beter op vrijdagmiddag gaan,’ stel ik voor. Dan ben ik door mijn thuiszorg en prikken noodgedwongen al uren op. Dus ontkreukeld. Maar misschien ook alweer doodmoe van deze activiteiten.

Het is nog niet zo eenvoudig om als een halvezool te leven. Om je miezerige activiteiten dusdanig in te plannen, dat je niet constant alles af moet bellen.

Terwijl we overleggen gaat de deurbel. Ik doe de deur open en hoor Buurman stommelen in het portaal. VikThor stuift de trap af. Hoera! Vriend Carlos komt op bezoek met zijn baasje.

Even later sjokt de enorme Duitse herder de trap op. Gevolgd door zijn eveneens uit de kluiten gewassen baasje. ‘Hi Heks, ik zie het al. Griep zeker? Je ziet er niet uit gewoonweg. En je loopt nog in je pyjama! Haha!’

‘Als jij nou eens mijn hondje een klein piesrondje geeft, dan zet ik even koffie en trek wat kleren aan,’ roep ik blij, terwijl ik VikThor alvast aanlijn. Zo kom ik mooi onder een uitlaatronde uit. Snel kleed ik me aan, zet koffie en swiffer een pak kattenhaar van de keukenvloer. Ik haal een was uit de machine. Borstel mijn haren in een staart……

Waar blijven ze nou? Buurman neemt de tijd! Een half uur later gaat de bel. ‘Ik was eventjes naar de drogist, Heks. Ik heb oorontsteking gehad en had nog wat medicatie nodig. Ja, heftig zo’n ontsteking. Blij dat het min of meer over is.’

Even later zitten we luidruchtig te blaten aan de keukentafel. Een normaal gesprek is er nooit bij met ons. Zoals altijd zit Buurman me verschrikkelijk aan het lachen te maken. Wat is het toch een mafkees.

Allerlei onderwerpen passeren de revue. De verkiezingen. ‘Partij voor de Dieren, Heks?’ vraagt hij naar de bekende weg. Het achterlijke referendum. We zijn allebei tegen die kutwet. ‘Toch gaat die er komen, let maar op. Het maakt echt niks uit wat wij vinden. Zolang die idioten in Den Haag er hun zinnen op hebben gezet gaat het gewoon door.’

‘En dan, waar hebben we het over. Alsof ze nu nog niet alles van ons weten. Neem nu het medische dossier. Daar wilde ik vanaf dag 1 niet aan meewerken. Ik heb dan ook altijd overal nee gezegd tegen het verspreiden van mijn medische gegevens. En toch zie ik soms opeens ergens persoonlijke informatie opduiken, die daar niet hoort te staan. Dus….’

Dus. Dus.

We gaan wandelen. Op ons gemakje kuieren we door de stad. Carlos kan niet meer zo hard tegenwoordig. Hij is bijna 11 en dat best oud voor een Duitse herder. VikThor trekt onvermoeibaar aan de riem. Zoals altijd probeer ik hem te laten volgen, maar zodra ik even niet oplet staat de lijn weer strak. Mijn lamme armen maken geen indruk.

Heks’ krachtverlies is dramatisch. Vorige week probeer ik een paar schroeven in een keukenkast te draaien. In een bestaand gat. De kattenkrabplank, die ik probeer op te hangen is al een keertje naar beneden gelazerd. Dit is dus nu een nieuwe poging.

Ik schroef en schroef met een ongeluk. Maar er gebeurt gewoonweg niets. ‘Zal ik het eens proberen?’ vraagt mijn hulp, als ze me zo ziet stumperen. En met twee slagen zitten beide schroeven muurvast. Tot mijn verbijstering.

Ik denk altijd dat ik alles nog kan, maar dat valt dus nogal tegen. Ik ben eindelijk de slappeling geworden, waar mijn vader me altijd voor uitmaakte. Hij heeft dus toch gelijk gekregen!

Gelukkig maar dat ik zo’n goed hondje heb. Uiteindelijk gaat hij het wel leren. Hij doet echt zijn best, maar ja. Voorwaartse Springer Spaniëlkrachten versus een dodelijk vermoeide baas.

Buurman en Heks drinken koffie op een terrasje. Hij vertelt over zijn nieuwe baan als financiële man bij een non-profit organisatie. ‘Hoe is het nu met jouw financiën, Heks? Nog zoveel gezeur en gezanik?’

Ik vertel hem hoe ik onlangs geld voor een paar schoenen en een jas heb gekregen van de RK Parochie Heilig Kruis Locatie Stadskanaal. ‘Die parochie bestaat, maar het is niet overgemaakt vanaf hun rekeningnummer …… Tja, wat moet je ermee? Deze armoedzaaier is in iemands optiek afhankelijk van de bedeling. En dat wordt er eventjes goed ingewreven. Die nobody zal het wel grappig vinden, neem ik aan…….’

Maar mag ik even een teiltje?

‘Mijn meisje en ik zijn onlangs getrouwd en dat is geen grapje!’ vertelt Buurman plotsklaps. Ha, wat leuk! ‘Ja, echt. Na dertig jaar samenwonen vonden we het opeens tijd worden. Dus wij met zus en zwager naar het stadhuis. We hebben het heel piepklein gehouden!’

Ach, wat een dag. Doodziek opstaan, bijtrekken om weer snel naar bed te vertrekken. Goede voornemens verdampen in zweet en spierkrampen. Bezoek van de buurman. Beetje lachen en genieten. Want dat kan ik zo goed heb ik net weer gehoord. En het is zo! Koffie en een wandeling en dan weer plat. Nog eens opstaan om naar de fysiotherapeut te gaan. Om je te laten martelen….

Ga er maar aanstaan. Zo is je leven met ME. En vandaag valt nog alles mee! Hé!

 

Hoera! Nieuw leven!

Welkom

Ha kleine jongen,

ha kleine meid.

Of zijn jullie samen?

Verzinnen al namen…

Wat zijn we blij!

Ha klein wezen,

jouw fijne handen,

voetjes gebogen,

je hebt al tanden!

Raak me aan!

Raak me aan!

Raak me aan

diep van binnen.

Laat ons leven  beginnen

Samen beramen we

een heel leven

Samen, ja!

Een heel bestaan,

een weg om te gaan,

 Levens lopen

Jouw levensloop

begint hier

Stil rust je nog.

Vruchtwater bewogen,

bezield vermogen.

Je hebt al ogen

en handen

en tanden:

Je bent al hier.

© toverheks.com

© toverheks.com 

Eén balletje in de bek maakt nog geen circushond. Maar zodra er twee balletjes over de tong zijn volgen er waarschijnlijk meer. Sommige honden houden voornamelijk van een bos hout voor de deur…. Mijn ventje krijg je met hoog opgeworpen balletjes geheid in een goed humeur!

Hoera! Op stap met Baris! altijd een feestje!

‘Zullen we iets later afspreken, mijn medische afspraak is komen te vervallen,’ zo handig toch, dat appen. Het scheelt enorm veel telefoongesprekken, inspreken,  terugbellen…..

Zonder dit wonder der techniek had ik om 11 uur vanmorgen al acte de présence moeten geven ergens in the middle of nowhere. Nu draai ik me lekker nog een uurtje om in bed.

Een paar uur later tref ik Saar in de duinen. Er is bijna niemand, want het stormt behoorlijk. ‘Gelukkig staan hier nauwelijks bomen,’ roepen we optimistisch tegen elkaar, als we een enorme afgebroken tak op het pad zien liggen. Jeetje, wat een balk. Ik kijk naar de boom waar  hij vanaf is gewaaid. Er is weinig van over……

Dit is de vrouw. Met haar eeuwige hoedje. Niet gek toch? Je kunt het slechter treffen, geloof me. Woef!

De hondjes deert het niet. Baris loopt met zijn enorme lijf, staart omhoog, voor ons uit te galopperen. En VikThor is weer zo vrolijk. Olijk probeert hij het balletje van zijn grote vriend af te pakken. Maar hij raakt uiteindelijk zelf zijn balletje kwijt!  Zijn opponent loopt uitdagend te paraderen met maar liefst twee ballen in zijn bek. Met gemak.

In het duinpannetje van Ysbrandt strijken we even neer. Saar heeft iets verrukkelijks gebakken en Heks heeft verse muntthee meegenomen. De hondjes vermaken zich in het water. Eindeloos proberen ze elkaars balletje in te pikken. Af en toe laten we hen flink zwemmen.

De taart van Saar.

Als VikThor echter alleen nog maar kuilen wil graven houden we het voor gezien. Hij roept ter plekke een privé zandstorm over ons af, terwijl we net zo heerlijk in de luwte zaten! Wat is dat toch met honden dat ze altijd menen jou in te moeten graven?

Even later tornen we weer tegen de storm op. We wapperen het hele duingebied door. Er is bijna niemand! ‘Lekker hoor,’ roepen we blij. Hoe minder zielen hoe meer vreugd: Voor Baris dan.

Elke week feest!

Deze stoere onverschrokken herplaatser heeft bitter weinig vertrouwen in zijn medemens. Zodra er wandelaars in zicht verschijnen lijnt Saar haar dierbare bakbeest aan. Hij laat het zich graag aanleunen. Dicht tegen zijn vrouwtje aan passeert hij de onverlaten.

Behalve als hij het wel vertrouwt. Als de passerende mensen zelf wat sukkelig ogen. Of als ze hele kleine lieve hondjes bij zich hebben. Of pasgeboren puppy’s. Dan weigert hij zich simpelweg aan te laten lijnen. ‘Nergens voor nodig,’ seint hij in zo’n geval naar Saar. Raar? Maar waar! Heks ziet het met haar eigen heksenogen.

Saar en haar schaduw!

We houden het uren vol. Zo kan het gebeuren dat eenmaal thuis VikThor volledig gestrekt ligt. Dat komt bijna nooit voor. Mijn ADHD-hondje is niet of nauwelijks af te matten. Het kost me dagelijks bakken energie om hem van de zijne af te helpen. En dan ben ik bekaf en wil hij alsnog spelletjes doen als we thuiskomen.

Vandaag is meneer compleet uitgevloerd. Pas in de loop van de avond probeert hij me weer tot een spelletje te verleiden.

Baris bereidt zij grote truc voor. Ha, goed opletten nu……

Elke avond gooit Heks eindeloos balletjes op, die mijn monster dan zo uit de lucht moet opvangen. Ik begon met simpele rechttoe rechtaan balletjes, maar tegenwoordig lijkt ons spel meer op een honkbaltraining dan hondbal……..

En Heks heeft zich ontwikkeld tot een eersterangs pitcher. Moeiteloos werp ik een fastball, of een lekkere changeup of een onverwachte slider. En mijn hondje? Hij wurmt zich in de raarste bochten en produceert de meest idiote sprongen, maar de meeste balletjes vangt hij. Vooral als hij zich een tijdje op een bepaald type worp heeft toegelegd……

Heb jij nou twee ballen in je bek, Baris? Wat knap! Dat wil ik ook! Jeetje! Gompie!

De laatste weken is mijn superhondje zich op nog in een andere tak van balsport aan het bekwamen: Prop zoveel mogelijk ballen in je bek. Hij is geïnspireerd geraakt door zijn grote vriend Baris. Die loopt met enige regelmaat met een paar ballen in zijn bakkes.

‘Dat kan ik ook. Het is mogelijk, ik weet het zeker…..’ zie je mijn kleintje bijna denken. En het is hem onlangs zowaar gelukt om twee exemplaren tegelijk te vervoeren! Dolgelukkig brengt hij zijn buit bij me…..

Nee zeg, drie ballen maar liefst!

Maar oh jee, Baris heeft ook niet stilgezeten de laatste weken. Gisterenmiddag tegen het eind van de wandeling showt hij VikThor zijn nieuwste trucje: Maar liefst drie ballen balanceren plotseling in zijn gigantische megamuil!!!!!

Hier zwem ik in zee. Golven vallen erg mee. Romantisch hoor…..

VikThor loopt ’s avonds trots met zijn twee balletjes. Het is hem opnieuw gelukt. En deze keer ging het iets gemakkelijker……. Snel probeer ik er een foto van te maken voor Saar. Helaas. Tegen de tijd dat ik mijn telefoon heb gevonden heeft hij er alweer eentje laten vallen…….

Nog een beetje oefenen dus!

Met mijn grote vriendin en haar kleine hondje. Met een groot karakter. Klaas is op zijn tweede verjaardag plotseling veranderd in een oude chagrijnige man naar het schijnt.

Ha, een tijdelijke vijver in het park. spelen!!!!!!!

Hieperdepiep Hypermobiel! Voorzichtig juichen, anders vliegt je arm uit de kom! Maar je hebt wel een chronische code te pakken met deze aandoening. En daar zijn sommige mensen dan toch weer heel blij mee. Alles is relatief. En bij de pakken neerzitten is contraproductief!

hoera - 4

‘Hé hallo, wat leuk om je weer eens te zien. Hoe is het met jou? En met de fibrbrbrbrbromyalgische toestanden?’ Als ik bij de dokter naar buiten loop met een paar uiterst gemene injecties in mijn klep knal ik bijna tegen de koffer op wielen van een oude bekende aan.

‘Die neem ik overal mee naar toe. Hoef ik niet te sjouwen, dat ding rijdt zichzelf…..’ verklaart ze ongevraagd haar vakantieachtige attribuut. Heks moet lachen. ‘Ik heb een heimelijke scootmobiel,’ ik wijs op mijn elektrische fiets. ‘Echt? Krijg je em vergoed?’ Even is mijn gesprekspartner in de war. Ze oogt ook doodmoe. Gaat zitten op een paaltje in de voortuin van de praktijk…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Jaren geleden kwamen we elkaar tegen bij de Sangha van Leven in Aandacht hier in Leiden. Allebei op jonge leeftijd  helemaal naar de kloten door een onzichtbare ziekte. ‘Ik begon met fibromyalgie, maar intussen heb ik ook die afschuwelijke vermoeidheid erbij gekregen….’ vertelt ze me.

Heks is begonnen met ME. Mijn immuunsysteem hield er gewoon helemaal mee op en dat resulteerde in jarenlange bedlegerigheid. Sinds ik LDN slik heb ik niet meer altijd griep. Ook heb ik sindsdien de schimmels een beetje onder controle gekregen. Maar het blijft pappen en nathouden. Ik ben nog steeds behoorlijk ziek.

‘Ik heb juist meer fibromyalgische klachten gekregen in de loop der jaren,’ ik vertel haar wat ik met matig succes doe om mijn leven leefbaar te houden. De chronische code voor fysio en hoe je daaraan komt. ‘Die krijg je toch niet voor fibromyalgie? Dat is toch niet erkend?’ roept ze uit. ‘Ik heb em gekregen van de reumatoloog, omdat ik hypermobiel ben en dat word wel erkend….’

‘Ik ben ook hypermobiel,’ roept mijn gesprekspartner blij. Hoera! We steken onze armen in de lucht! ‘Niet te hard juichen, hoor, anders vliegt er weer iets uit de kom….’ giebelen we vervolgens. ‘Ik had dat laatst inderdaad een keertje. Toen ik heel hard zwaaide, vloog mijn duim uit de kom….’ Weer lachen natuurlijk. Ja, lachen is gezond. Zelfs al is het om hele ongezonde dingen…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM, Voorzichtig juichen……. zodat er niets uit de kom vliegt!

Ik kijk eens goed naar de jonge vrouw tegenover me. Ze is prachtig. Lief, zacht. ‘Hoe is het met je liefdesleven?’ ik durf het bijna niet te vragen, want wanneer kom je nu iemand tegen als je altijd in bed ligt? Maar ze heeft een lief. ‘Sinds een paar jaar. Het is een schat, altijd begripvol. We gaan lekker op vakantie nu. Dan helpt hij me aan alle kanten….’

Heks wil zo graag een geliefde, dat ze niet eens meer naar romantische films kan kijken. Het feit dat deze dame toch iemand bereid heeft gevonden om zich in te laten met haar zieke leven is hoopgevend. Niet alle mannen zijn hetzelfde. Ik heb gewoon altijd eikels getroffen, die niet van me hielden. En daar genoegen mee genomen.

‘Ik ben bezig om met mijn beste vriendin te breken. Zij wil altijd tegen me aan praten, ze is enorme aanslag op mijn beperkte energie, gaat chronisch over mijn grenzen….. Ik heb geprobeerd er verandering in te krijgen, maar dat lukt niet.’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Nu ben ik eindelijk voor mezelf aan het kiezen. En dat wordt niet op prijs gesteld! Ze zit enorm aan me te trekken. Zo wil ze per se voor de vakantie van alles uit gaan praten. Ik wil niks uitpraten. Er valt niks uit te praten. Ik wil gewoon dat dingen veranderen. Dat ze niet meer zo aan me trekt. Dat ze me niet meer zo leeghaalt…..’

‘Had ik toch toegezegd om met haar te praten. Omdat ze zo aandrong. Voelde ik me toch helemaal leeglopen van te voren…. Ik heb het afgezegd. Zij nijdig natuurlijk, maar ik ben enorm opgelucht. Heel vreemd.’

Heks staat er geboeid naar te luisteren. Ik herken dit proces. Ik zit er middenin. Ook ik heb van sommige mensen afscheid genomen. Ook ik liep tegen dezelfde dingen aan. Ook ik voel hoe er links en rechts aan me getrokken wordt. Terwijl ik ook heel eenzaam kan zijn. Toch ben ik liever alleen, dan in voor mij verkeerd gezelschap.

Mocht ik al twijfels hebben of ik nu eigenlijk wel zo goed bezig ben, dan zijn die nu helemaal weggenomen.

‘Mediteren doe ik nog steeds. Het helpt enorm als je bewust probeert te leven. Het lost niks op, maar de kwaliteit van je leven neemt enorm toe….’ glimlacht ze aan het einde van het gesprek.

Ik vertel haar over onze Sangha voor Kneusjes. Niet om haar uit te nodigen, we vinden onze mini Sangha perfect zo. Met z’n tweetjes. Voorlopig. Voor je het weet gaat er heel veel werk in zitten. En dat kost energie. En dat hebben we niet…

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM Op je tandvlees lopen Olympische sport?

De jonge vrouw tegenover me zoekt naar woorden. Kan er niet op komen. Staat te haspelen. Ook zeer herkenbaar. Ze is gewoon doodmoe van ons gesprek. Met een heleboel tips een aanbevelingen nemen we afscheid. Daar heb je nog het meeste aan, de adviezen van mensen die in hetzelfde schuitje zitten.

Die zeggen niet de uitermate domme dingen, die ik normaal gesproken naar mijn hoofd krijg. De stompzinnige oplossingen, die nergens op slaan. Gegeven om van het gezeik af te zijn.

Maar zo gemakkelijk komen wij niet van ons gezeik af. Ik ben al dertig jaar bezig om beter te worden. Elke dag wordt er hard aan gewerkt. En het is nog steeds niet gelukt. Opgeven is echter geen optie: Ik ben geen voorstander van zelfdoding.

Zodoende slik ik weer braaf allemaal voedingssupplementen. Zit in een heftig traject bij de homeopaat. Probeer ik mijn leven om te gooien en op de rit te krijgen. Vechten tegen de bierkaai, maar je moet toch wat.

Mensen die afbreuk doen aan dit proces mijd ik tegenwoordig als de pest. En dat is wel eens anders geweest. Dat geeft de burger moed!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

Overpeinzingen van een Toverheks op haar persoonlijke brandstapel. Terwijl de fik erin gaat maakt ze wat flauwe grappen. Rake klappen. Uit een vaatje verse pijn valt best een mop te tappen!

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ik ben zwaar geblesseerd, ik heb in een concert meegezongen en zelf mijn bladzijden omgeslagen, nou ja, dat had ik beter niet kunnen doen….’ mijn fysio moet lachen. Het is al de derde die ik bezoek de afgelopen drie dagen. En allemaal gaan ze druk aan de gang om mijn lijf weer vlot te trekken. Evenzogoed kan ik niks meer met mijn rechterarm en loop ik op stelten.

‘Stokbenen noem ik het. Zoiets als een stokstaartje. Maar dan benen…….’ alweer ligt mijn fysio dubbel. Waar haalt die Heks het vandaan? ‘Het zijn overigens rare beestjes, die stokstaartjes. Ze zijn hun hele leven bezig om oorlog te voeren tegen verwante stammen. En ook onderling kunnen ze flink bakkeleien. Er is altijd een pispaal, die wordt uitgekotst en afgezeken door de rest van de groepsleden. Als de eerste beste familieclan. Zeer herkenbaar. Net mensen!’ leuterkoek ik lekker verder.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Misschien wordt je, wanneer je alleen maar ruzie maakt, bonje trapt en altijd gelijk wilt hebben, voor straf ondergebracht bij deze diersoort in je volgende leven. Helemaal onderaan de pikorde natuurlijk. Reïncarneer je als stokstaartje op je eeuwige stokpaardje…..’ blebber ik vrolijk in de ruimte.

Het beeld van stokstaartjes op stokpaardjes wordt zeer gewaardeerd. En intussen is de behandeling bijna voorbij. Mooi zo. Het is weer een ware marteling.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Ik word twee keer per week geprikt. Allebei nare ellendige injecties. De ene is een bijtend goedje tegen de eeuwige ontstekingen in mijn holtes. De andere is B12 in mijn bilspier. Ook niet echt lekker,’ kletskous ik nog even door, ‘Dus ik ben blij dat ik soms cranio sacraal therapie krijg, want dat is tenminste prettig om te ondergaan. Vroeger werd ik nog wel eens lekker gemasseerd door een fysiotherapeut. Maar tegenwoordig zijn jullie allemaal weliswaar effectief doch tevens heel gemeen geworden.’

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Om mijn woorden kracht bij te zetten porrelt mijn fysio onaangenaam tussen mijn ribben. Er schieten allerlei spieren en pezen los,  terwijl ik het uitschreeuw. ‘Nou ja,’ vervolg ik op gewone toon, ‘Zonder al die pijnlijke behandelingen was ik veranderd in een grote knoperige kwarktaart. Het is al erg genoeg dat ik een oude taart aan het worden ben, maar met mijn lactose intolerantie asjeblieft geen kwarktaart!’

Na de behandeling plannen we afspraken door tot september. Ik wil niet al teveel gaten tussen de afspraken laten vallen en dat is lastig met al die weken vakantie. Want ook al martelt deze man me een paar keer per maand grondig, zonder hem kon ik mijn armen helemaal niet meer gebruiken.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

‘Het is ook niet uit te leggen, dat je je armen blesseert door bladzijden om te slaan, mijn boek stond om die reden op een standaard en nog gaat het mis’ zeg ik later tegen Trui. Ze is gezellig bij Heks te gast. ‘Ik word altijd boos als mensen niet begrijpen hoe ernstig en invaliderend mijn ziekte is. Maar het klinkt inderdaad absurd. Idioot.’

Boos worden helpt niet. Niet boos worden is ook niet goed, want het is natuurlijk belachelijk dat er zo weinig begrip is voor ME. Dus word ik afwisselend boos en laat het dan maar weer voor wat het is. Ziek zijn went nooit. Kwalen laten je falen. En balen. Voor mij zijn het geen fabeltjes, noch verhalen, maar dagelijkse realiteit.

Gelukkig kan ik nog steeds schrijven. Daarin raak ik veel frustratie weer kwijt. En verder: Een schop onder je kont, zelf doen en vooruit met de geit.

Blijven ademhalen……

En vooral blijven lachen. Jaja. En: Als je haar maar goed zit……..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Sterven, het waanzinnige afscheid: In memoriam Ysbrandt.

Afgelopen zaterdag is Ysbrandt vredig ingeslapen. Zijn mooie hondenleven is ten einde. Hij is vertrokken naar de eeuwige jachtvelden, ideaal natuurlijk voor een jachthond.

We missen hem verschrikkelijk. Het huis is zo leeg en stil.

Toch ben ik ook blij. We hebben het samen volbracht. Zijn lijdensweg is ten einde. Hij heeft nu rust.

Rust in vrede, lief Varkentje. Je leeft voort in mijn hart.

Thich Nhat Hanh: No coming, no going….

“No coming, no going, no after, no before.
I hold you close to me. I release you to be so free.
Because I am in you and you are in me,
because I am in you and you are in me.”